CConstaterende datMiddelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Jaarstukken 2023 VRZ

Commissie Algemeen Bestuur 17 september 2024, gemeente MiddelburgBij agendapunt: Actieve informatieplicht25.274 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Realisatie 2022 59.426

Begroting 2023

16.683

0

5.000

5.523

0

605.880

115.000

35.912

76.109

687.280

226.400

152.611

81.400

Begroting 2023 na Realisatie 2023 wijziging 106.400 111.176

Investeringsplan* Aanpassingen Segeerssingel 10 Totaal

* Investeringen in de huisvesting volgen op besluitvorming op het onderzoek naar de samenwerking GGD, RUD en VRZ.

22

We hebben vijf kantoorlocaties: Middelburg (Segeerssingel en Stromenweg), Goes (Oranjeweg), Borssele (Quistenburg) en Terneuzen (Koegors). Op een aantal kleinere posten zijn werkruimtes. Onderhoud en vervanging brandweerposten Het eigendom van de brandweerposten en het beheer daarvan is bij de vorming van de Veiligheidsregio in 2013 niet aan ons overgedragen. Voor alle brandweerposten is een verdeling van de verantwoordelijkheid voor het onderhoud afgesproken. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen onderhoudskosten voor rekening van de gemeenten en onderhoudskosten voor rekening van ons. Op het (gebruikers)onderhoud voor VRZ is een tekort zichtbaar. In 2024 wordt een nulmeting gedaan op de staat van onderhoud van deze gebouwen om zo beter inzicht te krijgen in de toekomstige onderhoudskosten. Onderhoudskosten brandweerposten (exclusief kosten eigen onderhoudspersoneel) Realisatie 2022 230.579

Begroting 2023

Eigenaarsonderhoud Stadsgewest VlissingenMiddelburg1 Investeringsplan

72.583

70.700

70.700

79.841

Vervanging inventaris brandweerposten

25.000

225.000

106.750

40.581

Totaal

328.162

427.400

347.125

394.566

Gebruikersonderhoud brandweerposten

131.700

Begroting 2023 na Realisatie 2023 wijziging 169.675 274.144

2.2 Bedrijfsvoering Onze visie is samen zorgen voor een veilig Zeeland. Deze visie is uitgewerkt in het meerjarenbeleidsplan 2022-2025 aan de hand van vier speerpunten. Deze speerpunten waren ook in 2023 leidend en zijn voor bedrijfsvoering uitgewerkt in deze paragraaf. Personeel Strategisch personeelsbeleid Door het opstellen van strategisch personeelsbeleid kijken we of we aan de opgave van onze organisatie kunnen (blijven) voldoen en wat hiervoor nu en in de toekomst nodig is aan kwaliteiten en kwantiteiten. Twee teams zijn hiermee gestart met een try-out. In het cyclische proces ronden we op dit moment bij één team de try-out in februari af. Het andere team heeft een intake doorlopen en kan in het tweede kwartaal van 2024 starten met de tryout. Werving en selectie In 2023 hebben we voor 43 reguliere functies een vacature opengesteld. Zestien collega’s zijn intern doorgestroomd naar een andere functie. Vijf vacatures hebben een langere periode opengestaan door krapte op de arbeidsmarkt. De vacatures zijn verbeterd door ze te voorzien van foto's van collega's die de functie in de praktijk uitoefenen. Hierdoor laten we zien dat we trots zijn op de betrokkenheid van onze mensen. De deelname aan de netwerkbeurs Contacta heeft drie kandidaten opgeleverd die zijn ingestroomd op één van onze vacatures.

23

Medewerkersbelevingsonderzoek In september heeft een medewerkersbelevingsonderzoek uitgestaan met als doel inzicht verkrijgen in ervaringen van medewerkers, om zo een aantrekkelijke werkgever te zijn en blijven. Het onderzoek is uitgezet bij de kantoormedewerkers en 188 medewerkers (82% van de 228 medewerkers) hebben het onderzoek ingevuld. In 2024 gaan de teams aan de slag met de resultaten en werken dit uit in een teamverbeterplan. Ziekteverzuim In 2023 was het ziekteverzuimcijfer gemiddeld 5,0%, dit is een stijgend percentage ten opzichte van eerdere jaren. Landelijk was het gemiddelde verzuimpercentage tot en met het derde kwartaal van 2023 4,6% (CBS).

Kalenderjaar

2020

2021

2022

2023

Verzuim% VRZ

3,25%

3,16%

4,36%

5,0%

VRZ heeft sinds 2022 meerdere gevallen van langdurig verzuim (werk- en/of privé-gerelateerde factoren). Eens per kwartaal vindt een sociaal medisch overleg en wordt de voortgang per verzuimcasus besproken. Daarnaast wordt stilgestaan bij hoe wij verzuim kunnen voorkomen, dit is vaak maatwerk. Formatie Per 31 december 2023 hebben we een formatiebegroting van 239,72 fte. De werkelijke bezetting per die datum is 221,3 fte (exclusief stagiairs, piketfunctionarissen en externen). Er is een verschil van –18,42 fte. Daar waar er sprake is van een lagere bezetting, staan nog vacatures open of wordt de formatie (nog) niet ingevuld en staat als reserveformatie bij een team op de begroting. Arbobeleidsplan Een nieuw arbobeleidsplan is opgesteld voor de periode 2024 t/m 2026. Dit arbobeleidsplan wordt in maart 2024 vastgesteld door het Dagelijks Bestuur. Belangrijkste wijzigingen zijn een nieuwe aanpak voor het preventief voorkomen van ziekteverzuim, meer aandacht voor veiligheidsbewustzijn en verder professionaliseren van preventiemedewerkers. Individueel keuzebudget Sinds 2023 kunnen medewerkers verduurzaming uitruilen vanuit hun individueel keuzebudget. Deze mogelijkheid bieden we aan voor de inrichting van de thuiswerkplek. HR21 We zitten in een transitie naar een geactualiseerd functiehuis (HR21).

In 2023 zijn de eerste stappen gezet ter voorbereiding op dit nieuwe functiewaarderingssysteem. Doelstelling is HR21 in het derde kwartaal van 2024 geïmplementeerd te hebben. HRM dashboard Per 1 september hebben managers en leidinggevenden beschikking over een HR-Dashboard. Het dashboard haalt organisatie-informatie uit AFAS. Deze data en de trends en voorspellingen die we hieruit afleiden worden gepresenteerd in een overzichtelijk dashboard. De data die wordt getoond in het dashboard betreft verzuim, verlof en formatie en bezetting. Ontwikkelingen cao CAR (-UWO) Veiligheidsregio's Sinds dit jaar hebben veiligheidsregio’s een eigen cao. De cao heeft een looptijd van 2 januari 2023 tot 1 mei 2024. De effecten van de nieuwe cao zijn begin 2023 verwerkt in de begrotingswijziging 2023 en in de begroting 2024. In 2023 is vanuit de werkgeversvereniging toegewerkt naar een centrale regeling voor dienstongevallen bij repressie, die per 1 januari 2024 geldt. Deze en andere wijzigingen worden vanuit de werkgeversvereniging via circulaires

24

vanuit het Landelijk Overleg Arbeidsvoorwaarden (LOAV-circulaires) gedeeld en door het dagelijks bestuur vastgesteld. Project piketten Alle regelingen van toepassing op onze piketorganisatie zijn in beeld gebracht. Daarbij zijn rechtspositionele vragen die vanuit de operatie leven, beantwoord en voorzien van uitleg. Vrijwilligershandboek Het vrijwilligershandboek is geactualiseerd. Daarnaast is een bijlage toegevoegd, waarin is omschreven welke vergoedingen en afspraken er gelden in bepaalde situaties. Informatievoorziening en automatisering Informatievoorziening en automatisering is verdeeld in de volgende onderdelen: • Beheer: het in stand houden van de ICT infrastructuur en het uitvoeren van de ICT dienstverlening • Ontwikkeling: Programma informatievoorziening & informatie gestuurde organisatie • Informatieveiligheid: realisatie en doorontwikkeling informatieveiligheid conform Baseline Informatieveiligheid Overheden (BIO) Beheer In 2023 zijn verbeteringen doorgevoerd in het procesmatig werken. Waar mogelijk zijn processen vereenvoudigd om de ICT dienstverlening te verbeteren. Daarnaast zijn er diverse technische beheerprocessen geautomatiseerd.

Informatiegestuurde organisatie Het realiseren van een sterke informatievoorziening is essentieel voor groei- en ontwikkeling van de organisatie. Dit geldt voor de primaire processen maar zeker ook voor de besturende- en ondersteunende processen van de organisatie. De toenemende informatiebehoefte en de technische mogelijkheden die hierin voorzien, zorgen ervoor dat de regio steeds afhankelijker wordt van informatie en maakt informatievoorziening een belangrijk ontwikkelspoor voor de komende jaren. Om de samenhang en de regie op deze ontwikkelingen goed te borgen is in juni het programma informatievoorziening opgestart. Het programma is een doorvertaling van het Meerjarenbeleidsplan en bestaat uit zes belangrijke ontwikkellijnen waarin afgelopen periode verschillende projecten succesvol zijn afgerond.

•

Ontwikkeling van een betrouwbare data- georiënteerde basisvoorziening In 2023 is ons informatie- en applicatielandschap verder doorontwikkeld door de implementatie van een

25

nieuw zaaksysteem, is er een kwaliteitsslag gemaakt op preventief- en correctief onderhoud van assets door de inrichting van een materieelbeheersysteem en is de vrijwilligersorganisatie volledig over op het Microsoft365 platform.

•

Ontwikkeling van stuur- en verantwoordingsinformatie (BI) In 2023 is een stap gezet in het verbeteren van de datakwaliteit en zijn alle bedrijfsapplicaties succesvol ontsloten naar een centraal datawarehouse. Hiermee zijn we in staat de informatie van de organisatie te effectief ordenen, te verreiken en te gebruiken voor analyse en prognose. Daarnaast zijn binnen het programma verschillende rapportages ontwikkeld zoals inzicht in de operationele prestaties, HRM en servicemanagement.

•

Implementatie van Informatiegestuurde veiligheid In 2023 is samen met de andere veiligheidsregio’s gewerkt aan de doorvertaling van de contourennota inclusief een best-practice voor informatiegestuurde veiligheid en de verdere ontwikkeling van het Knooppunt Coördinatie Regio’s en Rijk (KCR2). Daarnaast is een 3D omgevings- en dreigingsanalyse ontwikkeld waardoor we als VRZ in staat zijn de risico’s en dreigingen van een gebied beter inzichtelijk te maken.

•

Wettelijke compliance In 2023 is de Omgevingswet geïmplementeerd en is een start gemaakt met de verdere implementatie van de Wet open overheid en de Wet toegankelijkheid. Tot slot zijn met betrekking tot de AVG onze informatiesystemen voorzien van een data impact analyse (DPIA) en zijn er waar nodig verwerkingsovereenkomsten afgesloten.

•

Cyberveiligheid en toetreding vitale infrastructuur In 2023 zijn de normen uit Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) verder geïmplementeerd en verschillende projecten succesvol uitgevoerd zoals de implementatie van indentity -en accesmanagement en verschillende beveiligingsmaatregelen. Tot slot is doormiddel van de week van de veiligheid gewerkt aan awareness onder medewerkers en is een start gemaakt met de ontwikkeling van Business continuïteitsbeheer. Versterken van de informatieorganisatie In 2023 is ingezet op het verbeteren van de digitale vaardigheden van medewerkers en heeft VRZ haar informatieorganisatie op een aantal posities formatief versterkt met o.a. een Chief Information Security Officer (CISO) en een data-analist.

•

Duurzaamheid Wij zijn ons bewust van de opgave op het gebied van duurzaamheid voor de komende periode en de inspanning die dat van onze organisatie gaat vragen. Echter, dit onderwerp heeft niet de aandacht gekregen die wij wilden geven in 2023 vanwege uitval en capaciteitsgebrek binnen het initiërende team. Het voornemen is om het onderwerp duurzaamheid in 2024 opnieuw op te pakken en een projectgroep hiervoor op te starten. Ontwikkelingen nieuwbouwposten huisvesting • De nieuwbouwpost Kloosterzande zit in de ontwerpfase. Verwachte oplevering is 2025. • Voor nieuwbouwpost Goes-West is een definitief ontwerp gemaakt. Verwachte oplevering is 2025. • De nieuwbouwpost Heinkenszand is opgeleverd en wordt vanaf week 6 2024 in gebruik genomen. • Voor nieuwbouwpost Zierikzee is de grond aangekocht en wordt gestart met een ontwerp. • Gemeente Terneuzen heeft budget beschikbaar gesteld voor een nieuwbouw brandweerpost in Sas van Gent. Momenteel wordt verder onderzoek gedaan naar geschikte locatie en realisatie wordt gepland voor 2025. •

26

Stichting waarborgfonds verzekeringen is vastgesteld Op 7 juli is heeft het Algemeen Bestuur, na een zienswijzeperiode, ingestemd met de oprichting van een stichting waarborgfonds veiligheidsregio’s. Per 1 januari 2024 zijn de veiligheidsregio’s niet meer individueel verzekerd via ongevallenverzekering, maar gezamenlijk via de stichting. Daarmee kunnen ook niet verzekerbare risico’s worden gedekt. Samenwerking GGD/RUD/VRZ en verkenning gezamenlijke huisvesting In 2022 zijn we begonnen met de uitwerking van diverse thema’s zoals het stroomlijnen van begrotings-, verantwoordings- en besluitvormingsprocessen en samenwerking met de Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD) en de Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) op bedrijfsvoering en de samenwerking op het gebied van de omgevingswet. In de bestuursvergaderingen van december 2023 is hierover een terugkoppeling gegeven en aangegeven dat dit traject wordt geïntegreerd in de nieuwe (vervolg)opdrachten. Nieuwe (vervolg)opdracht In april 2022 gaven de algemeen besturen opdracht tot het uitvoeren van een verkenning naar draagvlak en aanvaarbaarheid van een gezamenlijke aanpak van de huisvestingsvraagstukken van GGD, RUD en VRZ én het geven van een advies over de aanpak hiervan. Voor deze verkenning zijn gesprekken gevoerd met diverse stakeholders (ambtelijk, directie en bestuurlijk) en de afzonderlijke algemeen besturen.

In september 2023 heeft dit geleid tot een vervolgopdracht. De dagelijks besturen hebben de directeuren de opdracht gegeven om: • een gezamenlijke gebiedsverkenning voor huisvesting in Goes-West uit te voeren. • een inhoudelijke samenwerkingsagenda (voor de toekomst, van circa 5 jaar) én een agenda voor de gemeenschappelijke bedrijfsvoering(staken) op te stellen. • de beschikbare ruimte in het pand van VRZ in Middelburg (Segeerssingel 10) in te richten als (tijdelijke) gemeenschappelijke ontmoetings-/werk-/overlegruimte. Om de organisaties te ondersteunen bij de uitvoering van deze opdrachten is een projectleider aangesteld. Hij heeft zich verdiept in wat er in het verleden is onderzocht en op papier is gezet aan visies, onderzoeken en besluiten. Deze documenten zijn opnieuw beoordeeld en geactualiseerd. Daarnaast hebben verschillende bijeenkomsten plaatsgevonden met de ondernemingsraden en de ambtelijke en bestuurlijke vertegenwoordigers van de Zeeuwse gemeenten en provincie Zeeland. De drie opdrachten dienen in april 2024 op hoofdlijnen gereed te zijn voor een eerste bespreking in de drie algemeen besturen. Voor de zomer van 2024 worden de gebiedsverkenning en de samenwerkingsagenda's definitief opgeleverd aan de algemeen besturen, waarbij een besluit wordt gevraagd.

Afhankelijk van de uitkomst en besluitvorming in de algemeen besturen volgt nog een (besluitvormings)traject richting de colleges van B&W, het college van Gedeputeerde Staten, de gemeenteraden en provinciale staten. Rechtmatigheid Vanaf 2023 is het Dagelijks Bestuur (DB) wettelijk verplicht een rechtmatigheidsverantwoording af te geven in de jaarrekening. Voorheen beoordeelde de accountant de financiële rechtmatigheid. Rechtmatig handelen is handelen conform wet- en regelgeving. Om het DB in staat te stellen de verantwoording af te geven zijn vanaf het begin van 2023 extra maatregelen genomen op het gebied van interne beheersing en met name inrichting en toetsing hiervan. In het jaar zijn hiertoe de financiële verordening en controleverordening geactualiseerd. Tevens heeft het Dagelijks Bestuur het strategisch intern controleplan voor de jaren 2023-2025, het toetsingskader en het intern controlejaarplan 2023 vastgesteld. In verband met capaciteitsgebrek hebben we vanaf september tot en met december 2023 een externe ingehuurd gespecialiseerd in het uitvoeren van verbijzonderde interne controlewerkzaamheden.

27

In de financiële verordening VRZ 2023 heeft het AB de verantwoordingsgrens voor de financiële rechtmatigheidstoetsing vastgesteld op 3% van het lastentotaal inclusief dotaties aan reserves als het gaat om reguliere afwijkingen. Naast de verantwoordingsgrens van 3% is ook een grens van 1% vastgesteld indien een afwijking een bestuurlijk relevant onderwerp betreft. Het gaat hierbij om afwijkingen in de vorm van posten die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen en posten waarbij voor de organisatie onduidelijkheid bestaat over de rechtmatigheid. Fouten en onduidelijkheden worden afzonderlijk verantwoord en niet bij elkaar opgeteld. De rapporteringsgrens is op dezelfde percentages vastgesteld als de verantwoordingsgrens. De rapporteringsgrens bepaalt boven welk bedrag de geconstateerde afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) in de jaarrekening nader moeten worden toegelicht, evenals de maatregelen om afwijkingen in de toekomst te voorkomen. Op basis van het in 2023 gerealiseerde lastentotaal inclusief dotaties aan de reserves bedraagt de verantwoordingsgrens voor reguliere afwijkingen € 1.286.497 en voor afwijkingen bestuurlijk relevante onderwerpen € 428.830. Het totaal van de geconstateerde afwijkingen in de over 2023 uitgevoerde (verbijzonderde) interne controles blijft ruimschoots onder de vastgestelde verantwoordings- en rapporteringsgrens.

De belangrijkste geconstateerde afwijkingen met betrekking tot de financiële rechtmatigheid en de genomen maatregelen ter verbetering betreffen: Proces

Afwijking

Criterium

Aantal afwijkingen

Aanbestedingen

Afwijking EUrichtlijnen voor overheidsopdrachten c.q. onjuiste aanbestedingsprocedure toegepast Ten tijde van aangaan van de verplichting was er onvoldoende budget aanwezig

Voorwaarden

1

Bedrag in euro’s 82.042 *

Begroting

3

22.200

Uitbetaling van onjuist tarief / ten onrechte uitbetaalde vergoeding Uitbetaling aan onjuist persoon

Voorwaarden

3

558

Voorwaarden

2

144

Opleidingen

Vrijwilligersvergoedingen

Vrijwilligersvergoedingen

Verbetermaatregelen

Kennis vergroten / actualiseren van aanbestedingsregels “afname van (semi) overheidsinstellingen” bij inkopende afdelingen en interne inkoopprocedures hierop actualiseren. Frequenter contact tussen budgethouder en de Adviseur Financiën over de besteding van het budget. Bij het aangaan van niet-begrote opleidingen specifiek contact tussen budgethouder en adviseur Financiën. De betreffende budgetoverschrijding is gecorrigeerd door een goedgekeurde begrotingswijziging in 2023 en over geheel 2023 bezien niet meer onrechtmatig. Actualisatie van de procesbeschrijving vrijwilligersvergoedingen. Vrijwilligersadministratie geeft extra aandacht aan het beoordelen van uitzonderingen en de voorwaarden of een vergoeding conform het vrijwilligershandboek plaatsvindt. De foutieve uitbetalingen zijn gecorrigeerd in 2023 en zijn over geheel 2023 bezien niet meer onrechtmatig.

28

*Dit betreffen de in de jaarrekening 2023 opgenomen uitgaven van het contract, de totale (meerjarige) contractwaarde is hoger dan het drempelbedrag van € 215.000 voor het Europees aanbesteden van diensten.

Alle in de voorgaande tabel genoemde afwijkingen betreffen fouten, er zijn geen onduidelijkheden in de controle van de financiële rechtmatigheid geconstateerd. Alle afwijkingen van de begroting over het boekjaar 2023 betreffen bestaand beleid en zijn bij de betreffende programma's nader toegelicht. De afwijkingen op investeringsbudgetten worden middels de jaarrekening afgerond of doorgeschoven naar het boekjaar 2024. Derhalve zijn er geen afwijkingen van toepassing die in het kader van het begrotingscriterium na opmaak van de jaarrekening 2023 als financieel onrechtmatig beoordeeld worden. Voor een overzicht van welke investeringsbudgetten worden afgerond en welke worden doorgeschoven wordt verwezen naar bijlage 1. Verder zijn er voor diverse processen aanbevelingen gedaan ter verbetering en actualisatie van werkprocesbeschrijvingen om de kans op toekomstige afwijkingen met betrekking tot de financiële rechtmatigheid te minimaliseren. Klachten en data-lekken In 2023 zijn geen klachten ontvangen die moesten worden afgehandeld via de formele procedure, zoals omschreven in de klachtenregeling. In 2023 was er in VRZ geen sprake van een datalek zoals bedoeld in de AVG. Inhuur en advieskosten De inhuur van derden laat in 2023 een duidelijk dalende lijn zien ten opzichte van 2022. Naar verwachting dalen de lasten de komende jaren weer.

Een deel van deze kosten inhuur derden is gedekt uit een onderbesteding op de salariskosten.

2.3 Financiering De financieringsparagraaf is samen met het treasurystatuut voorgeschreven in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet Fido). In de Wet Fido zijn kaders opgenomen ter beperking van het renterisico op de netto vlottende schuld en het renterisico op de vaste schuld (renterisiconorm). In de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo) zijn kaders opgenomen ter beperking van de risico’s bij het hanteren van financiële derivaten en het uitzetten van overtollige middelen. Renterisico Het renterisico wordt direct gerelateerd aan het budgettaire risico. De renterisiconorm heeft als doel om het renterisico bij herfinanciering te beheersen. De renterisiconorm is vastgelegd in de Uitvoeringregeling financiering decentrale overheden (Ufdo) en houdt in dat de jaarlijks verplichte aflossing en de renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal.

29

Berekening renterisiconorm

2023

Begrotingstotaal

€ 38.629.087

Percentage regeling

20%

Renterisiconorm

€ 7.725.817 2023

Renterisiconorm vaste schuld

Budget

Renteherziening op vaste schuld o/g

-

Aflossingen

€ 1.833.803,92

Renterisico

€ 1.833.803,92

Renterisiconorm

€ 7.725.817

Ruimte onder renterisiconorm

€ 5.892.013

Overschrijding renterisiconorm

€-

In 2023 hebben we de renterisiconorm niet overschreden. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is vastgelegd in de Uitvoeringregeling financiering decentrale overheden (Ufdo) en bedraagt voor gemeenschappelijke regelingen 8,2% van het begrotingstotaal. Onze limiet voor de netto vlottende schuld bedraagt circa € 3.168.000. Kasgeldlimiet per kwartaal 2023 (x € 1.000) 1e kwartaal 2e kwartaal 3e kwartaal 4e kwartaal Omvang begroting per 1 januari 2023 1)

2)

3)

4)

Toegestane kasgeldlimiet - in procenten - in bedrag Omvang vlottende korte schuld - opgenomen gelden korter dan 1 jaar - schuld in rekening-courant - gestorte gelden door derden korter dan 1 jaar - overige geldleningen niet zijnde vaste schuld Vlottende middelen - contante gelden in kas - tegoeden in rekening-courant - overige uitstaande gelden korter dan 1 jaar Toets kasgeldlimiet Totaal netto vlottende schuld (2-3) Toegestane kasgeldlimiet (1) Ruimte (+)/overschrijding (-); (1-4)

38.629

38.629

38.629

38.629

8,20% 3.168

8,20% 3.168

8,20% 3.168

8,20% 3.168

0 0

0 0

0

0 0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0 0

0 0

0 0

0 0

0

0

0

0

0

0

0

0

0 3.168 3.168

0 3.168 3.168

0 3.168 3.168

0 3.168 3.168

In 2023 hebben we de kasgeldlimiet niet overschreden. Uitzettingen In de Ruddo is vastgelegd dat openbare lichamen alleen overtollige middelen, voor een periode langer dan drie

30

maanden, mogen uitzetten bij financiële ondernemingen die zijn gevestigd in een EU-lidstaat en die ten minste beschikken over een AA-rating, afgegeven door ten minste twee ratingbureaus. In 2023 zijn geen uitzettingen van gelden geweest bij banken. Het eventuele positieve saldo op de bank wordt dagelijks afgeroomd door het Ministerie van Financiën in het kader van het Schatkistbankieren.

2.4 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Risicomanagement is een onderdeel van goed bestuur (Good Governance) en een belangrijk middel om de continuïteit van de organisatie te waarborgen. In de vergadering van het Algemeen Bestuur van 19 december 2013 is de ‘Notitie Risicomanagement en weerstandsvermogen’ vastgesteld. De notitie is ook in 2023 nog steeds actueel. In deze notitie worden de termen risico’s, weerstandscapaciteit en weerstandsvermogen als volgt gedefinieerd: • Het weerstandsvermogen geeft aan in welke mate VRZ in staat is om omvangrijke tegenvallers op te vangen, zonder dat het beleid aanzienlijk moet worden aangepast. • Risico’s moeten in dit verband worden gezien als reële, maar niet altijd te meten, bedreigingen die, ook nadat alles in het werk gesteld is om het optreden ervan te voorkomen, of de gevolgen ervan te verminderen, kunnen leiden tot uitgaven die niet begroot zijn. Naast de interne behoefte om risico’s in beeld te hebben en te beheersen is er ook vanuit het Rijk wetgeving opgelegd omtrent risico’s. In het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) wordt in artikelen 9 en 26 gesteld dat in ieder geval in de begroting en de jaarrekening een paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt opgenomen.

In deze paragraaf worden ten minste opgenomen: • een inventarisatie van de weerstandscapaciteit; • een inventarisatie van de risico's; • het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico's. Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit is in artikel 11 BBV omschreven als “de middelen en mogelijkheden waarover een organisatie beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken”. Volgens de ‘Notitie weerstandsvermogen en risicomanagement’ wordt de beschikbare weerstandscapaciteit bepaald aan de hand van de post onvoorzien, de algemene reserve en het onbestemde deel van de bestemmingsreserves. Voor de beoordeling van een dergelijke ratio kan gebruik worden gemaakt van de onderstaande waarderingstabel, welke door het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement in samenwerking met de Universiteit van Twente is samengesteld.

A B C D E F

Waardering weerstandcapaciteit Waarderingscijfer Betekenis x≥ 2,0 Uitstekend 1,4 ≤ x < 2,0 Ruim Voldoende 1,0 ≤ x < 1,4 Voldoende 0,8 ≤ x < 1,0 Matig 0,6 ≤ x < 0,8 Onvoldoende x < 0,6 Ruim onvoldoende

Benodigde weerstandscapaciteit Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen moet de beschikbare weerstandscapaciteit afgezet worden tegen de benodigde weerstandscapaciteit. De risico’s die VRZ loopt zijn bepalend voor de hoogte van de benodigde

31

weerstandscapaciteit. Om de hoogte van de benodigde weerstandscapaciteit te bepalen is het noodzakelijk de risico’s te voorzien van een kwantificering van zowel kans als financiële gevolgen. Door de maximale gevolgen van de individuele risico’s bij elkaar op te tellen ontstaat een te negatief oordeel over het weerstandsvermogen. Het is immers vrijwel zeker dat niet alle risico’s zich tegelijkertijd voor zullen doen. Daarnaast zal niet ieder risico zich daadwerkelijk in de maximale omvang voordoen. Een aantal risico’s is qua omvang en waarschijnlijkheid niet in te schatten. Voor de kans dat een risico optreedt, wordt gewerkt met kans-klassen van 10% tot 90%.

Kwantiteit Referentiebeelden Kansklasse Toelichting kansklasse 10 %

0 of 1 keer per 10 jaar

1

Deze klasse wordt gehanteerd voor risico’s waarvan het onwaarschijnlijk is dat deze zich in de komende jaren voordoen.

30 %

1 keer per 5 – 10 jaar

2

Deze klasse wordt gehanteerd voor risico’s waarvan het niet waarschijnlijk is dat deze zich in het komende jaar voordoen.

50 %

1 keer per 2 – 5 jaar

3

70 %

1 keer per 1 – 2 jaar

4

90 %

1 keer per jaar of meer

5

Deze klasse wordt gehanteerd voor risico’s die zich in het komende jaar wel maar ook niet voor kunnen doen. Deze klasse wordt gehanteerd voor risico’s waarvan het waarschijnlijk is dat deze zich in het komende jaar zullen voordoen. Deze klasse wordt gehanteerd voor risico’s waarvan het zeer waarschijnlijk is dat deze zich in het komende jaar gaan voordoen.

De onderstaande tien grootste risico’s zijn geïnventariseerd:

Tien belangrijkste financiële risico’s Veiligheidsregio Zeeland Nr. Risico Maatregel/omschrijving

Klasse

Financieel gevolg

1

4

€ 210.000

Toetreding tot de vitale infrastructuur

Het ministerie van J&V heeft een voorgenomen besluit genomen om de Veiligheidsregio onderdeel te maken van de vitale infrastructuur. Met de toetreding tot de vitale infrastructuur is het organiseren van 24/7 monitoring (Security Operations Centre, SOC) en incidentrespons (Cyber Emergency Response Team, CERT) om de continuïteit van incidentbestrijding en crisisbeheersing te kunnen waarborgen noodzakelijk. Landelijk wordt vanuit het NIPV een

32

2

Loonstijging door nieuwe cao

3

Prijsstijgingen door inflatie

4

Personele ontwikkelingen meldkamer

5

Onderhoud brandweerkazernes

sectorale SOC/CERT vormgegeven waarbij de regio’s naar verwachting vanaf 2025 kunnen aansluiten. De jaarlijkse kosten per regio worden geschat op circa € 300.000. Over de dekking vindt nog landelijk overleg plaats. In de begroting 2025 is uitgegaan van een loonkostenstijging van 4,9 %. De werkelijke loonkostenstijging vanaf 1 mei 2024 of een wijziging in de pensioenpremies kan hiervan afwijken. Een nadelig verschil nacalculatorisch van 1% is meegenomen als risico. In de begroting 2024 en 2025 is uitgegaan van een prijsstijging van respectievelijk 5,9% en 2,4% (VZGnorm). De werkelijke prijsstijging in 2024 en 2025 kan hiervan afwijken. Een nadelig verschil nacalculatorisch van 1,5% is meegenomen als risico. De ontwikkelingen op de meldkamer met betrekking tot het hoge ziekteverzuim , de structureel benodigde formatie en de mogelijke beperking voor de inzetbaarheid voor 55+ medewerkers in de nachtdiensten, maken dat er mogelijk een uitbreiding van de het structurele budget nodig is. Voor wat betreft het aandeel van de VRZ in de meerkosten geldt een percentage van 26%. Onze gebouwen zijn verouderd en zorgen voor ons als gebruiker voor veel onderhoudskosten. Daarnaast voldoen ze niet aan een veilige en schone werkomgeving conform arboeisen. Om een beter in beeld te krijgen laten we onderzoek uitvoeren. Hierna bepalen we met het bestuur het ambitieniveau van het onderhoud.

Daarna wordt duidelijk wat dit betekent voor de onderhoudskosten.

5

€ 247.500

5

€ 200.000

5

€ 108.000

4

€ 140.000

33

6

Aanval op ICT infrastructuur

7

Prijsstijging op investeringen

8

Extra opleidingen in verband met hogere uitstroom brandweervrijwilligers

9

Hoge onderhoudskosten materieel

Ransomware of andere externe aanval op ICT infrastructuur met financiële schade tot gevolg Het meerjarig investeringsplan is opgesteld in prijzen 2025. De investeringsbegroting is in 2024 bijgesteld met 20% en in 2025 met 2%. Door extra prijsstijgingen is het mogelijk dat de geraamde investeringsbudgetten niet voldoende zullen blijken te zijn. Voor sommige vervangingsinvesteringen lijkt 35% meer reëel. De toekomstige kapitaallasten kunnen hierdoor verder oplopen dan nu berekend. Het vergroten van de beschikbaarheid van vrijwilligers vormt een belangrijk aandachtspunt de komende jaren. Het risico op uitstroom van brandweervrijwilligers mede als gevolg van vergrijzing, groter dan de instroom, brengt extra kosten voor wervingscampagnes en opleidingen mee om de posten op sterkte te houden. Impact is gebaseerd op de inkoop van een extra opleiding Manschap A voor 12 personen ( € 250.000). In de praktijk kunnen dit ook individuele (dag)opleidingen zijn. Vanaf de begroting 2024 zijn al extra leergangen opgenomen. Het onderhoudsbudget staat onder druk; dit hangt o.a. samen met de ouderdom van de activa. Het investeringsplan voorziet in de vervanging van veel activa, waardoor de onderhoudskosten mogelijk kunnen dalen. Vervanging van een groot aantal tankautospuiten staat gepland vanaf 2026. De vraag is echter of een daling ook daadwerkelijk gaat plaatsvinden.

Naast de ouderdom zijn de complexiteit van materieel (complexe voertuigelektronica) en de prijsontwikkeling van onderdelen en

2

€ 300.000

4

€ 175.000

4

€ 175.000

4

€ 280.000

34

arbeid van invloed op de onderhoudskosten. 10

Schadeclaims PFAS

Risico op juridische procedures en schadeclaims als gevolg van het gebruik van PFAS houdend blusschuim in het verleden. Als gevolg van het gebruik van PFAS houdend blusschuim kan VRZ aansprakelijk gesteld worden voor mogelijke hieruit voortvloeiende schade . Totaal van top tien risico’s

5

€ 500.000

€ 2.335.500

Het bovenstaande overzicht toont risico’s waarvan de kans het grootst is dat een risico in één van de komende jaren daadwerkelijk optreedt en die incidenteel schade op kunnen leveren, met daarbij het maximale financiële gevolg, rekening houdend met de kans van optreden. Beoordeling weerstandsvermogen Onze algemene reserve heeft begin 2023 een saldo van € 1.016.583. De jaarrekening 2023 laat een negatief resultaat zien van € 475.894. In de notitie ‘Risicomanagement en weerstandsvermogen’ is een maximum bepaald aan het aan te houden weerstandsvermogen. In de VZG richtlijn ‘afspraken over samenwerken met gemeenschappelijke regelingen in Zeeland’ (§ 3.5) is opgenomen: “reservevorming uit batige saldi is beperkt toegestaan, waarbij uitgegaan wordt van de norm van 5% van alle baten van de desbetreffende gemeenschappelijke regeling”. Dat betekent voor 2023 een maximale reserve van 5% van € 38.629.087 = € 1.931.454. Het bestuur wordt voorgesteld om het negatief resultaat 2023 van € 475.894 te onttrekken aan de algemene reserve. De beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt daarmee naar verwachting: • • • • • •

Algemene reserve Onttrekking 2023 Resultaat 2023 Onttrekking 2024 Post onvoorzien Totaal

€ 1.016.583 € 116.864 € 475.894 € 200.000 € 50.000 + € 273.825

Voor een verloopoverzicht van de algemene reserve wordt verwezen naar paragraaf 8.2.1. Op basis van de financieel berekende risico’s is de ratio weerstandsvermogen: Beschikbare weerstandscapaciteit = € 273.825 = 0,12 (ruim onvoldoende) Benodigde weerstandscapaciteit = € 2.335.500 Op basis van de gehanteerde normeringsystematiek door VRZ wordt het weerstandsvermogen van als “ruim onvoldoende” geclassificeerd. Indien risico’s daadwerkelijk (cumulatief) optreden, kan dit mogelijk leiden tot een negatief resultaat en negatief vermogen. Voor de berekening van het weerstandsvermogen is alleen rekening gehouden met de tien grootste risico’s voor VRZ omdat de kans van optreden en het financiële effect voor die risico’s het grootst is.

35

Kengetallen

Jaarrekening 2023 Kengetallen: Netto schuldquote (NSQ) NSQ gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte Grondexploitatie Belastingcapaciteit

Verloop van de kengetallen 2022 2023 Jaarrekening Begroting 53,79% 70,23% 53,79% 70,23% 8,93% -2,33% Nvt Nvt

6,16% 0,00% Nvt Nvt

2023 Jaarrekening 45,20% 45,20% 5,56% 1,04% Nvt Nvt

Netto schuldquote

A B C

D E F G H

Gecorrigeerde NSQ (bedragen x € 1.-) Vaste schulden (cf art 46 BBV) Netto vlottende schuld (cf art 48 BBV) Overlopende Passiva (cf art 49 BBV) Financiele vaste activa Verstrekte leningen Financiele activa (cf art 36 lid b,c,d,e, en f) Uitzettingen <1jaar (cf art 39 BBV) Liquide middelen (cf art 40 BBV) Overlopende Activa (cf art 40a BBV) Totale Baten (exclusief mutaties res) (cf art 17 lid C)

2022 Jaarrekening 23.774.118 4.206.556 732.953 0 0 0 7.927.587 11.049 536.778 37.627.560

2023 Begroting 21.940.314 6.759.638 68.950 0 0 0 1.471.195 21.247 352.687 38.338.187

2023 Jaarrekening 21.940.314 4.316.899 1.444.891 0 0 0 8.358.517 10.387 525.810 41.606.346

53,79%

70,23%

45,20%

De netto schuld weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van VRZ ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven. De netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen is voor VRZ gelijk aan de netto schuldquote (zie bovenstaande tabel). Solvabiliteitsratio Solvabiliteitsratio (bedragen x € 1.-) A Eigen vermogen (cf art 42 BBV) B Balanstotaal

2022 Jaarrekening 2.847.941 31.898.880 8,93%

2023 Begroting 1.887.462 30.656.364 6,16%

2023 Jaarrekening 1.708.841 30.740.674 5,56%

De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin VRZ in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen

36

vermogen van VRZ bestaat uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserves) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. Structurele exploitatieruimte Vaststelling kengetal structurele exploitatieruimte in %. Berekening: ((B-A)+(DC))/(E) x 100% Voor het jaarverslag: A

Structurele lasten = € 41.803.738

B

Structurele baten = € 42.234.404

C

Het totaal van de structurele toevoegingen aan de reserves voor het overzicht = € 0 Het totaal van de structurele onttrekkingen aan de reserves voor het overzicht = € 0 Het gerealiseerde totaal saldo van de baten ex. Mutatie reserves = € 41.606.346 1,04%

D E

De structurele exploitatieruimte geeft aan of de structurele lasten gedekt worden door structurele baten en de exploitatie hiermee in evenwicht is. Dit wordt beoordeeld door de structurele lasten, inclusief de structurele toevoegingen aan reserves, af te zetten tegen de structurele baten, inclusief de structurele onttrekkingen aan reserves.

2.5 Verbonden partijen Een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de provincie onderscheidenlijk gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft (artikel 1b, besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten). We kennen geen verbonden partijen conform deze definitie.

2.6 Wet open overheid De Wet openbaarheid van bestuur (Wob) is op 1 mei 2022 komen te vervallen door de gedeeltelijke inwerkingtreding van de Wet open overheid (Woo). De Woo dient 2 doelen: - bevorderen van een transparante overheid; - op orde brengen van de informatiehuishouding. Voor de implementatie van de Woo is een projectgroep opgericht, met als doel ervoor te zorgen dat we gaan voldoen aan het basisniveau van de Woo. De inwerkingtreding van de Woo vindt plaats in fases. Over enkele jaren zal de Woo zodoende in zijn totaliteit van kracht worden. De projectgroep volgt zoveel mogelijk de adviezen van de VNG en zal onder meer aan de slag gaan met een communicatiestrategie. Ook wordt aandacht besteed aan een goede informatiehuishouding, documentaire informatievoorziening, relevante informatie en automatiseringsaspecten en de inrichting van een vraagbaakfunctie voor burgers. De Woo is ten dele identiek aan de Wob, maar de Woo kent ook een aantal nieuwe elementen. Het opvallendste aspect is de toekomstige verplichte actieve digitale openbaarmaking van Woo-documenten, zodat iedere burger deze documenten gemakkelijk 24/7 kan vinden en raadplegen. In de toekomst moet dat gaan plaatsvinden via de nieuwe landelijke Woo-index. Voorlopig kiest VRZ er voor om de Woo-documenten op de VRZ-website te plaatsen.

Daarnaast worden deze documenten ook extern elektronisch gepubliceerd, via een overeenkomst met Daadkracht te Nijmegen.

37

3. Specifieke verantwoordingsinstructies 3.1 Opvang ontheemden Oekraïne Activiteiten De organisatie van de opvang van vluchtelingen geschiedt in principe door de gezamenlijke gemeenten. Hiervoor is een projectorganisatie 'opvang Oekraïense vluchtelingen' ingesteld. Er is een Regionaal beleidsteam Oekraïne/vluchtelingen voor de Zeeuwse afstemming en ondersteuning van de voorzitter als lid van het Veiligheidsberaad. Het Team Gemeenten Oekraïne (TGO) en het Overleg Noodopvang Vluchtelingen Oekraine (ONVO) hield regionaal de vraag naar en het aanbod van opvangplekken bij. Het Regionaal Coördinatiecentrum Vluchtelingenspreiding (RCVS) stemde vraag en aanbod op elkaar af. Financieel De verantwoording van de meerkosten is opgesteld conform de “verantwoordingsinstructie 2022 meerkosten Opvang Oekraïners versie 0.3” welke is vastgesteld in juni 2022 en op basis van de berichtgeving in de IBI nieuwsbrief nr. 114 met datum 4 april 2023. Kostensoort Opgave kosten Veiligheidsregio Zeeland Meerkosten coördinerende gemeente Borsele, Tholen en Terneuzen € 151.051 Hotels/centra Overige specifieke meerkosten Overige Meerkosten Brandweerzorg repressie/incidentbestrijding Meldkamer ROC (opleidingen) GHOR Preventie Crisisbeheersing & rampenbestrijding Risicobeheersing Bevolkingszorg Bedrijfsvoering Overige taken/activiteiten Totale kosten 2023

€ 151.051

Overige meerkosten In 2023 heeft VRZ geen meerkosten gemaakt voor opvang ontheemden Oekraïne. De bovengenoemde coördinerende gemeenten hebben deze taak op zich genomen. VRZ heeft alleen als aangewezen partij declaraties ingediend bij het Ministerie van V&J en de doorbetaling verzorgt aan de gemeenten.

38

Hoofdstuk 2: Jaarrekening

39

4. Overzicht van baten en lasten Overzicht per economische categorie:

Saldo van baten en lasten

Primitieve begroting 2023

Begroting na wijziging 2023

Rekening 2023

Saldo

V/N

525.400

1.450.900

1.139.099

-311.801

V

93.624

N

Lasten 110 Salarissen en sociale lasten

23.603.600

24.991.266

25.084.890

210 Belastingen

150.900

170.000

168.145

-1.855

V

351 Ingeleend personeel

275.400

447.400

432.506

-14.894

V

380 Overige goederen en diensten

9.981.291

13.127.744

11.342.990

-1.784.754

V

433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen

720.500

1.001.865

885.820

-116.045

V

436 Inkomensoverdrachten - overige overheden

410.800

404.489

399.302

-5.187

V

442 Kapitaaloverdrachten - gemeenten

97.500

0

0

0

510 Rente

280.800

264.200

260.890

-3.310

V

0

372.400

992.417

620.017

N

3.230.086

3.194.391

3.178.486

-15.905

V

-17.700

-37.400

-82.419

-45.019

V

0

-500

-500

0

720 Mutaties voorzieningen 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 360 Huren 380 Overige goederen en diensten

-269.700

-437.455

-427.555

9.900

N

431 Inkomensoverdrachten - Rijk

-6.799.561

-8.810.406

-7.564.091

1.246.315

N

432 Inkomensoverdrachten - gemeenten

-30.862.516

-32.967.094

-32.967.094

0

436 Inkomensoverdrachten - overige overheden

-276.000

-270.000

-270.000

0

510 Rente

0 -525.400

0 -1.169.238

-294.687 -663.205

-294.687 506.033

0

137.800

137.800

0

-525.400

-1.307.038

-801.005

506.033

N

0

281.662

475.894

194.232

N

Mutaties Reserves

V N

Lasten 710 Mutaties reserves Baten 710 Mutaties reserves Eindtotaal

40

Overzicht per economische categorie en per programma: Primitieve begroting 2023 Programma toekomstbestedinge brandweerzorg Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 210 Belastingen 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 442 Kapitaaloverdrachten - gemeenten 510 Rente 720 Mutaties voorzieningen 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 360 Huren 380 Overige goederen en diensten 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden Programma Voorbereide crisisorganisatie Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 510 Rente 720 Mutaties voorzieningen 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 431 Inkomensoverdrachten - Rijk 432 Inkomensoverdrachten - gemeenten 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden Programma overhead / bedrijfsvoering Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 210 Belastingen 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen 436 Inkomensoverdrachten - overige

overheden 510 Rente 720 Mutaties voorzieningen 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 510 Rente Programma algemene dekkingsmiddelen Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 380 Overige goederen en diensten

Begroting na wijziging 2023

Rekening 2023

Saldo

V/N

25.224.923 25.770.623 14.733.500 141.500 239.300 6.429.841 720.500 206.600 97.500 250.600 0 2.951.282 -545.700 0 0 -269.700 0 -276.000

27.966.488 28.490.843 15.672.916 160.600 103.900 8.317.788 735.465 87.027 0 236.000 263.400 2.913.747 -524.355 -12.500 -500 -436.355 0 -75.000

28.497.219 29.033.835 16.029.492 158.409 92.732 8.037.443 618.892 86.727 0 235.869 876.524 2.897.747 -536.616 -48.969 -500 -412.148 0 -75.000

530.731 542.992 356.576 -2.191 -11.168 -280.345 -116.573 -300 0 -131 613.124 -16.000 -12.261 -36.469 0 24.207 0 0

N N N V V V V V

3.962.563 3.980.263 2.954.400 31.100 803.000 0 167.300 800 0 23.663 -17.700 -17.700 0 0 0 0

5.466.588 5.679.988 3.009.350 85.300 2.147.106 231.400 157.850 800 23.200 24.982 -213.400 -18.400 0 0 0 -195.000

5.154.139 4.132.826 2.859.974 84.683 754.382 232.365 149.014 648 26.778 24.982 1.021.313 -16.808 -13.194 1.246.315 0 -195.000

-312.449 -1.547.162 -149.376 -617 -1.392.724 965 -8.836 -152 3.578 0 1.234.713 1.592 -13.194 1.246.315 0 0

V V V V V N V V N

9.139.991 9.139.991 6.055.700 9.400 5.000 2.748.450 0 36.900 29.400 0 255.141 0 0 0 0

9.815.324 9.822.924 6.329.000 9.400 258.200 2.662.850 35.000 159.612 27.400 85.800 255.662 -7.600 -6.500 -1.100 0

9.265.242 9.578.784 6.195.425 9.736 255.092 2.551.164 34.562 163.561 24.373 89.115 255.757 -313.543 -16.643 -2.213 -294.687

-550.082 -244.140 -133.575 336 -3.108 -111.686 -438 3.949 -3.027 3.315 95 -305.943 -10.143 -1.113 -294.687

-37.852.077 -190.000 -140.000 -50.000

-41.797.500 -20.000 -20.000 0

-41.777.500 0 0 0

V N V V V N

N N V N

V V V N V V V N V N N V V V V

20.000 N 20.000 N 20.000 N 0

41

Baten 431 Inkomensoverdrachten - Rijk 432 Inkomensoverdrachten - gemeenten Programma onvoorzien Saldo van baten en lasten Lasten 380 Overige goederen en diensten Baten Mutaties Reserves Programma toekomstbestedinge brandweerzorg Baten 710 Mutaties reserves Programma overhead / bedrijfsvoering Baten 710 Mutaties reserves Programma algemene dekkingsmiddelen Lasten 710 Mutaties reserves Baten 710 Mutaties reserves Eindtotaal

Primitieve Begroting begroting na wijziging 2023 2023 -37.662.077 -41.777.500 -6.799.561 -8.810.406 -30.862.516 -32.967.094

Rekening 2023

Saldo

V/N

-41.777.500 -8.810.406 -32.967.094

0 0 0

50.000 50.000 50.000 0 -525.400 -390.400

0 0 0 0 -1.169.238 -1.099.403

0 0 0 0 -663.205 -593.370

0 0 0 0 506.033 N 506.033 N

-390.400 -135.000

-1.099.403 0

-593.370 0

506.033 N 0

-135.000 0

0 -69.835

0 -69.835

0 0 V

0

137.800

137.800

0

0 0

-207.635 281.662

-207.635 475.894

0 V 194.232 N

Resultaat op hoofdlijnen Het nadelig resultaat over 2023 bedraagt € 475.894. In de 3e begrotingswijziging 2023 werd een nadelig resultaat van € 281.662 verwacht, een verschil van € 194.232. In de 3e begrotingswijziging 2023 is de post onvoorzien vrijgevallen ter dekking van het toen verwachte negatieve resultaat. Als gevolg van het gebruik van PFAS-houdend blusschuim is VRZ aansprakelijk gesteld voor mogelijke hieruit voortvloeiende schade. Hiervoor is in de jaarrekening 2023 een voorziening gevormd van € 575.000. In de 3 e begrotingswijziging 2023 was er nog onvoldoende informatie beschikbaar om een voorziening te kunnen vormen. De afwijkingen in 2023 ten opzichte van de begroting na wijziging 2023 per programma zijn als volgt:

Programma Toekomstbestendige brandweerzorg

Primitieve Begroting Rekening begroting na wijziging 2023 2023 2023 25.224.923 27.966.488 28.497.219

Programma Voorbereide crisisorganisatie

3.962.563

5.466.588

Programma Overhead / bedrijfsvoering

9.139.991

9.815.324

Algemene dekkingsmiddelen Onvoorzien Mutaties Reserves Eindtotaal

Saldo

V/N

530.731 N

5.154.139

-312.449 V

9.265.242 -37.852.077 -41.797.500 -41.777.500

-550.082 V 20.000 N

50.000

0

0

0 N

-525.400

-1.169.238

-663.205

0

281.662

475.894

506.033 N 194.232 N

42

5. Toelichting per programma 5.1 Toekomstbestendige brandweerzorg Primitieve begroting 2023 Programma Toekomstbestendige brandweerzorg Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 210 Belastingen 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 442 Kapitaaloverdrachten - gemeenten 510 Rente 720 Mutaties voorzieningen 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 360 Huren 380 Overige goederen en diensten 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden Mutaties Reserves Baten 710 Mutaties reserves Eindtotaal

Begroting na wijziging 2023

Rekening 2023

Saldo

V/N

25.224.923 25.770.623 14.733.500 141.500 239.300 6.429.841 720.500 206.600 97.500 250.600 0 2.951.282 -545.700 0 0 -269.700 0 -276.000 -390.400

27.966.488 28.490.843 15.672.916 160.600 103.900 8.317.788 735.465 87.027 0 236.000 263.400 2.913.747 -524.355 -12.500 -500 -436.355 0 -75.000 -1.099.403

28.497.219 29.033.835 16.029.492 158.409 92.732 8.037.443 618.892 86.727 0 235.869 876.524 2.897.747 -536.616 -48.969 -500 -412.148 0 -75.000 -593.370

530.731 N 542.992 N 356.576 N -2.191 V -11.168 V -280.345 V -116.573 V -300 V 0 -131 V 613.124 N -16.000 V -12.261 V -36.469 V 0 24.207 N 0 0 506.033 N

-390.400

-1.099.403

-593.370

506.033 N

24.834.523

26.867.085

27.903.849

1.036.764 N

Toelichting Het resultaat in 2023 op het programma ‘Toekomstbestendige brandweerzorg’ is €1.036.764 Nadelig. Verschillen van meer dan € 25.000 of significante afwijkingen t.o.v. het budget worden toegelicht. Lasten 110 Salarissen en sociale lasten (lasten)

€ 356.576 N

Realisatie projecten ten laste van de reserves (incidenteel, neutraal) € 31.300 N Het betreft de loonkosten voor de beide deelnemers aan de voltijdsofficiersopleidingen, die worden gedekt uit de reserve impulsgelden operationele leiding brandweer. Zie mutatie reserves voor een toelichting. Vrijwilligersvergoedingen incidentbestrijding (incidenteel/structureel) € 429.915 N Op de vrijwilligersvergoedingen voor incidentbestrijding is er in 2023 een klein voordeel ten opzichte van de begroting. Deze kosten zijn de afgelopen jaren redelijk stabiel. Tegenover dit voordeel staan nadelen bij de vrijwilligersvergoedingen die samenhangen met het opleidingsprogramma brandweer en het oefenprogramma brandweer. De stijgende trend van de afgelopen jaren houdt ook in 2023 aan. Per saldo zijn de kosten in 2023 € 429.915 hoger dan begroot.

43

NB: Een geleidelijk stijgende (trend)lijn is logisch als gevolg van de jaarlijkse loonindexaties.

Saldo aan- en verkoopkoop verlofuren 2023 (incidenteel) € 122.862 V Dit voordeel wordt veroorzaakt de aankoop van verlofuren (IKB) gedurende 2023. Deze opbrengsten zijn gerelateerd aan de toevoeging aan de voorziening verlof sparen. Piketkosten en inzetkosten (structureel) € 31.000 N Er is sprake van hogere piketkosten en hogere inzetkosten voor piketfunctionarissen. Deze kosten zijn naar verwachting structureel en hiermee zal rekening worden bij het opstellen van de begroting 2025. Loonkosten ambtenaren 2023 (incidenteel) -Dit voordeel wordt veroorzaakt door personeelswisselingen gedurende 2023.

€ 12.777 V

380 Overige goederen en diensten (lasten)

€ 280.345 V

Realisatie projecten ten laste van de reserves (incidenteel, neutraal) Het betreft de volgende projecten:

€ 421.758 V

Brandweer 2030 Uitfasering PFAS-houdend blusschuim Dienstkleding / operationeel uniform brandweer Kwaliteitsslag risicobeheersing / omgevingsvergunning Voltijdsofficiersopleidingen Extra kosten hoofdstructuur brandweer Maritieme veiligheid

€ 5.136 V € 126.699 V € 58.776 V € 23.974 V € 80.761 V € 14.774 V € 80.338 V

Zie mutatie reserves voor een toelichting. Onderhoud brandweermaterieel en -materiaal (incidenteel/structureel) Voor een toelichting wordt verwezen naar 2.1 Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen.

€ 187.123 N

Gebruikersonderhoud brandweerkazernes (incidenteel/structureel) Voor een toelichting wordt verwezen naar 2.1 Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen.

€ 114.000 N

Gas en elektriciteit brandweerkazernes (incidenteel) € 80.000 V De afrekeningen 2023 zijn nog niet ontvangen. Op basis van de geldende tarieven en ramingen voor het verbruik op basis van het verleden wordt er in 2023 een voordeel verwacht van € 80.000 ten opzichte van de begroting. Realistisch oefenprogramma manschappen (incidenteel) € 80.000 V

44

Het realistisch oefenprogramma voor manschappen kent een (nieuwe) uitvoeringsperiode van 1,5 jaar en is gestart na de zomer. Oefeningen die niet in 2023 zijn uitgevoerd worden in 2024 uitgevoerd. Gedurende 2023 is hiervoor een begrotingscorrectie uitgevoerd op het budget van € 110.000 van 2023 naar 2024. Toch is er nu in 2023 alsnog een voordeel ontstaan van € 80.000. In 2024 zal worden bezien of het budget nog voldoende is voor de uitvoering van het programma. Opleidingsprogramma brandweer (incidenteel) € 62.500 V Het opleidingsprogramma laat een voordeel zien ten opzichte van de gewijzigde begroting. Gedurende 2023 is het budget met € 532.000 verhoogd tot € 1.400.400 om extra opleidingen te kunnen aanbieden. Het budget voor manschappen, chauffeurs, voertuig-/pompbedieners en instructeurs/oefenleiders is volledig besteed. Een paar opleidingsplaatsen voor bevelvoerders zijn niet ingevuld en het budget voor opleidingen voor specialismen laat nog een klein voordeel zien. Brandstofkosten (incidenteel) € 36.000 N De brandstofprijzen waren hoog in 2023. De (structurele) raming van € 386.800 is in de loop van 2023 op basis van extrapolatie incidenteel naar beneden bijgesteld met € 25.000 naar € 361.800. De realisatie bedraagt nu uiteindelijk ca. € 398.000, een incidenteel nadeel van € 36.000.

Schoonmaak brandweerkazernes € 26.500 V Doordat niet is voldaan aan de vooraf afgesproken kwaliteit zijn niet alle diensten doorbelast. Tevens is er geen gebruik gemaakt van eventuele extra af te nemen diensten. Dit levert een incidenteel voordeel op van € 26.500. Overig Het betreft een optelsom van meerdere, kleinere voor- en nadelen.

€ 53.290 N

533 Inkomensoverdrachten gemeenschappelijke regelingen (lasten)

€ 116.573 V

Realisatie projecten ten laste van de reserves (incidenteel, neutraal) € 116.573 V Het betreft de extra geraamde bijdrage aan VRMWB voor het Operationeel Centrum Brandweer Zeeland – MiddenWest-Brabant (OCB) voor kwaliteitsverbeteringen, die wordt gedekt uit de reserve meldkamer. Een deel zal in volgende jaren worden besteed. Zie mutatie reserves voor een toelichting. 720 Mutaties voorzieningen (lasten)

€ 613.124 N

Voorziening aansprakelijkheid schadeclaims € 575.000 N Als gevolg van het gebruik van PFAS houdend blusschuim tijdens oefeningen en trainingen is VRZ aansprakelijk gesteld voor mogelijke hieruit voortvloeiende schade. Hiervoor is een voorziening gevormd. Voorziening verlof sparen € 38.124 N Er is meer verlof gespaard dan verwacht (IKB). De toevoeging aan de voorziening verlofsparen is daardoor hoger. 730 Afschrijvingen (lasten) € 16.000 N De verwachting was dat er in 2023 nog een aantal brandweervoertuigen zouden worden afgestoten. De begrote afschrijvingen hebben betrekking op het afboeken van de restwaarden. Dit zal in 2024 plaatsvinden. Baten 352 Uitgeleend personeel (baten) € 36.469 V De extra opbrengsten hebben betrekking op vergoedingen van het UWV voor zwangerschapsverlof van een aantal medewerkers.

45

380 Overige goederen en diensten (baten)

€ 24.207 N

Inruilopbrengst brandweermaterieel en -materiaal (incidenteel) € 21.500 N De verwachting was dat er in 2023 nog een aantal brandweervoertuigen zouden worden afgestoten. Dit zal in 2024 plaatsvinden. De inruilopbrengst komt ten gunste van 2024. Er is een aanbestedingsprocedure doorlopen voor vervanging van de gasdetectiemeters. Gunning heeft in 2023 plaatsgevonden. Levering zal niet meer in 2023 maar in 2024 plaatsvinden. Voor de oude gasdetectiemeters is een inruilopbrengst van € 15.000 overeen gekomen. De inruilopbrengst komt ten gunste van 2024. Mutaties reserves 710 Mutaties reserves (baten) € 506.033 N De volgende onttrekkingen aan de reserves zijn begroot en gerealiseerd. De verschillen zijn neutraal voor de exploitatie, tegenover lagere lasten (V) staat een lagere onttrekking aan de reserves (N). De middelen blijven dan in de reserves op de balans. Projecten ten laste van de algemene reserve Programma-management brandweer 2030 € 5.136 N Voor het programma brandweer 2030 is in de begroting 2023 na wijziging € 122.000 opgenomen. De werkelijke kosten van het programma brandweer 2030 zijn € 116.864. Projecten ten laste van de reserve meldkamer Meerjarige kwaliteitsslag Meldkamer (incidenteel, neutraal) € 116.573 N Voor de meerjarige kwaliteitsslag meldkamer (OCB) was € 135.000 begroot. De werkelijke kosten in 2023 hiervoor bedragen € 18.427.

In de 1e begrotingswijziging 2024 wordt voorgesteld het budget door te schuiven naar 2024. Projecten ten laste van de reserve uitgestelde activiteiten Uitfasering PFAS-houdend blusschuim (incidenteel, neutraal) € 126.699 N De regelgeving rondom blusschuim met fluorhoudende stoffen erin (poly- en perfluoralkylstoffen, PFAS) wordt strenger en is zodanig dat VRZ het nu al voor bepaalde branden en binnen een paar jaar waarschijnlijk in het geheel niet meer mag gebruiken. Brandweer Zeeland maakt op dit moment gebruik diverse soorten schuim. Projectmatig werkt VRZ aan uitfasering en vervanging van deze schuimsoorten in drie fasen: Basisbrandweerzorg volledig voorzien van fluorvrij schuim Inventarisatie en realisatie van gebruik van schuim bij verhoogd risico-objecten Onderzoek naar impact gebruik en behoefte schuim op grootschalig brandweeroptreden en industriële blussing Voor dit project was nog € 152.054 begroot. De werkelijke kosten in 2023 hiervoor bedragen € 25.355. Verdere uitvoering zal in 2024 plaatsvinden. In de 1e begrotingswijziging 2024 wordt voorgesteld het restant-budget door te schuiven naar 2024. • • •

Dienstkleding / operationeel uniform (incidenteel, neutraal) € 58.776 N e In 2022 is € 154.000 toegevoegd aan de bestemmingsreserve uitgestelde activiteiten. In 2023 is het 1 deel van het

46

nieuwe operationeel uniform aangeschaft (NIPV) voor een bedrag van € 95.223. De uitrol van het operationeel uniform gaat verder in 2025 en 2026. In de 1e begrotingswijziging 2024 wordt voorgesteld het budget door te schuiven naar 2024. Kwaliteitsslag risicobeheersing / omgevingsvergunning (incidenteel, neutraal) € 23.974 N Ontwikkelingen als de energietransitie, de invoering van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen vragen een heroriëntatie binnen het domein risicobeheersing. We maken de transitie van advisering naar meer voorlichting, controle en toezicht. De woningnood en het feit dan mensen steeds langer in hun woning blijven wonen vraagt om meer aandacht voor de categorie woongebouwen. Dit is terug te zien in onze nieuwe systematiek voor de meerjaren- controleplanning en een nieuwe aanpak zoals werken met een brandweerman in de wijk. In de 1e begrotingswijziging 2024 wordt voorgesteld het budget door te schuiven naar 2024. Projecten ten laste van de reserve impulsgelden operationele leiding brandweer Voltijdsofficiersopleidingen (incidenteel, neutraal) € 80.761 N Er zijn 2 kandidaten gestart met de opleiding. Een opleiding duurt ongeveer 2 jaar. Voor dit project was € 276.820 begroot. De werkelijke kosten in 2023 hiervoor bedragen € 196.059.

Er is sprake van een nadeel op de personeelslasten van € 31.300 en een voordeel van € 112.061 op de opleidingskosten. Per saldo leidt dat tot een lagere onttrekking van € 80.761. Verdere uitvoering zal in 2024 plaatsvinden. In de 1e begrotingswijziging 2024 wordt voorgesteld het restant-budget door te schuiven naar 2024. Extra kosten hoofdstructuur brandweer (incidenteel, neutraal) € 14.774 N In de begrotingen zijn geen structurele middelen opgenomen voor opleidingen ten behoeve van de hoofdstructuur brandweer. Omdat de behoefte aan deze opleidingen moeilijk planbaar is, is er geen structureel budget opgenomen en worden de kosten die zich voordoen uit de reserve ‘impulsgelden operationele leiding brandweer’ gedekt. In de 1e begrotingswijziging 2024 wordt voorgesteld het restant-budget door te schuiven naar 2024. Projecten ten laste van de reserve maritieme veiligheid Maritieme veiligheid (incidenteel, neutraal) De reserve maritieme veiligheid is bedoeld voor:

€ 80.338 N

a. Het herijken van de positie van VRZ binnen het domein Maritieme Veiligheid Zeeland, waarbij onderzoek gedaan wordt naar de ontwikkelingen in de maritieme sector, met name op de Westerschelde en welke rol een Veiligheidsregio hierin heeft. b. Het inhalen van achterstand in opleidingen. c. Het verbeteren van kwaliteit om te voldoen aan (inter)nationale standaarden zowel op het gebied van planvorming als op het gebied van vakbekwaamheid. In de 1e begrotingswijziging 2024 wordt voorgesteld het restant-budget door te schuiven naar 2026.

47

5.2 Voorbereide crisisorganisatie Primitieve begroting 2023

Begroting na wijziging 2023

Rekening 2023

Saldo

V/N

V V V V V N V V N

Programma Voorbereide crisisorganisatie Saldo van baten en lasten Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 510 Rente 720 Mutaties voorzieningen 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 431 Inkomensoverdrachten - Rijk 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden

3.962.563 3.980.263 2.954.400 31.100 803.000 0 167.300 800 0 23.663 -17.700 -17.700 0 0 0

5.466.588 5.679.988 3.009.350 85.300 2.147.106 231.400 157.850 800 23.200 24.982 -213.400 -18.400 0 0 -195.000

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14481876/1