CConstaterende datMiddelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Bomenplan 2026-2035

Gemeenteraad 12 maart 2026, gemeente MiddelburgBij agendapunt: Bomenplan 2026-2035 (26-026 RM)27.003 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Inhoud 1. Inleiding ....................................................................................................................................................... 2 2. Analyse van het bomenbestand .................................................................................................................. 3 2.1 Huidig areaal en beheer ........................................................................................................................ 3 2.2 Risico’s voor het bomenbestand ........................................................................................................... 6 2.3 De bijdrage van bomen ....................................................................................................................... 10 2.4 Vigerend beleid.................................................................................................................................... 11 2.5 Participatie ........................................................................................................................................... 14 2.6 Conclusie ............................................................................................................................................. 15 3. Visie en uitgangspunten ............................................................................................................................

17 3.1 Visie op bomen in Middelburg ............................................................................................................. 17 3.2 Sturingsprincipes: kwaliteit, diversiteit en kwantiteit ............................................................................ 18 3.3 Algemene uitgangspunten ................................................................................................................... 19 4. Hoe bereiken we dat .................................................................................................................................. 20 4.1 Hoofdgroenstructuur ............................................................................................................................ 20 4.2 Binnenstad en wijken........................................................................................................................... 22 4.3 Uitbreiding van het bomenbestand ...................................................................................................... 24 4.4 Participatie en communicatie .............................................................................................................. 25 4.5 Beheer ................................................................................................................................................. 26 5.

Financieel .................................................................................................................................................. 28 5.1 Ambitieniveau +: Een nog groenere gemeente ................................................................................... 28 5.2 Ambitieniveau ++: De groende droom ................................................................................................. 30 Bibliografie ..................................................................................................................................................... 32 Bijlagen .............................................................................................................................................................. 1.

Raadsbesluit .........................................................................................................................................

2.

Factsheet Europese natuurherstelverordening en gemeenten .............................................................

3.

Beleidsnotitie bescherming bomen in Middelburg.................................................................................

4.

Moties....................................................................................................................................................

5.

Memo Beweegbaar bos ........................................................................................................................

6.

Resultaten enquête ...............................................................................................................................

7.

Verslag raadsinformatiebijeenkomst .....................................................................................................

8.

Advies assortiment van bomen en struiken door de SLZ ......................................................................

9.

Kansenkaart biodiversiteit .....................................................................................................................

10.

Pachtgronden ........................................................................................................................................

11.

Bomenposter .........................................................................................................................................

1. Inleiding Aanleiding De kwaliteit en vitaliteit van een deel van het bomenbestand in Middelburg staat onder druk door veroudering, beperkte groeiruimte en toenemende ziekten. Tegelijkertijd wordt het belang van bomen voor klimaatadaptatie en het versterken van biodiversiteit steeds meer benadrukt. Onder andere in actuele beleidsambities en nieuwe wettelijke verplichtingen. Sinds 18 augustus 2024 is de Europese natuurherstelverordening van kracht en stelt dat vanaf 2031 er een toenemende trend gerealiseerd moet worden in elk ecosysteemgebied en in de stedelijke boomkroonbedekking. In de omgevingsvisie Middelburg 2050 is één van de leidende ontwerpprincipes ‘Een groene stad’, dit is onder andere vertaald naar de ambitie 3-30-300. Iedereen moet vanuit huis 3 bomen kunnen zien, 30% van de oppervlakte van een buurt wordt gedekt met boomkroonvolume en op maximaal 300 meter lopen is er een park of natuurgebied. De gemeenteraad heeft de afgelopen vijf jaar haar ambities voor meer bomen kenbaar gemaakt via de volgende moties: •

•

•

2020 Motie dubbele herplantplicht; o De gemeenteraad verzoekt het college om voor elke gekapte boom, twee bomen terug te planten. 2023 Motie uitbreiding dubbele herplantplicht; o De gemeenteraad verzoekt het college om dubbele herplantplicht uit te breiden bij kap vanwege dunning of ziekte. 2025 Motie beweegbaar bos in Middelburg o De gemeenteraad verzoekt het college te onderzoeken of een Beweegbaar Bos in Middelburg waarde kan toevoegen.

Doel en functie van dit plan Het bomenplan richt zich op:

• • • • •

Het versterken van het bestaande bomenbestand; Het bijdragen aan opgaven op het gebied van klimaatadaptatie, biodiversiteit en leefbaarheid; Het anticiperen op de Europese natuurherstelverordening; Het vertalen van ambities naar uitvoeringsmaatregelen; Het doordacht beheren, onderhouden en planmatig vervangen van bomen.

Het plan vormt daarmee een uitwerking van bestaande ambities en richt zich op de vertaling van uitdagingen, opgaven en ambitie naar de praktijk. Proces Voor het opstellen van het plan is eerst een kwaliteitsopname van het bomenbestand uitgevoerd. Daarna volgden ambtelijke werksessies met tuinlieden, beheerders en beleidsmedewerkers. Vervolgens werd een raadsinformatiebijeenkomst georganiseerd. Tot slot zijn inwoners geraadpleegd via een enquête. Leeswijzer Hoofdstuk 2 bevat een analyse van de huidige situatie van het bomenbestand; Hoofdstuk 3 beschrijft de visie op bomen en de uitgangspunten voor de uitvoering; Hoofdstuk 4 worden maatregelen toegelicht; Hoofdstuk 5 zijn verschillende scenario’s financieel uitwerkt.

2. Analyse van het bomenbestand Dit hoofdstuk beschrijft de kwantitatieve en kwalitatieve kenmerken van het bomenbestand, inclusief de belangrijkste risico’s, opgaven en kansen.

2.1 Huidig areaal en beheer Kwantitatieve gegevens De gemeente Middelburg beheert een omvangrijk en gevarieerd bomenbestand van bijna 26.000 bomen. De grafiek hieronder toont de tien meest voorkomende boomsoorten. De es is veruit het meest vertegenwoordigd en beslaat ongeveer 17% van het totale bestand. Daarna volgen de linde, populier, esdoorn en wilg.

Top 10 boomsoorten Wilg

7%;

Sierkers

3%;

Populier

10%;

Plataan

5%;

Linde

12%;

Iep

4%;

Haagbeuk

2%;

Esdoorn

10%;

Es

17%;

Els

4%;

Eik

6%; 0

500

1000

1500

2000

2500

3000

3500

4000

4500

5000

Hoewel sommige soorten, zoals populier en wilg, een relatief korte levensduur hebben, kunnen linde, haagbeuk en eik uitgroeien tot monumentale bomen. In Middelburg staan bijna 26.000 bomen. Daarvan zijn er in de afgelopen 25 jaar ruim 10.000 geplant. Het bomenbestand is daardoor relatief jong. Binnen het gemeentelijke bomenbestand wordt onderscheid gemaakt tussen drie statussen: Boomstatus 1. Basis boom 2. Waardevolle boom 3. Monumentale boom

Leeftijd <50 50-80 80+

% bomen 72% 25% 3%

Beheer en onderhoud In het groenbeleidsplan is onderscheid aangebracht in de kwaliteit van het groenonderhoud. Er zijn vijf niveaus: A+, A, B, C en D. Niveau D staat voor slechte, c.q. achterblijvende kwaliteit en wordt daarom niet gebruikt als streefkwaliteit. Hoewel alle bomen onder dezelfde beheercategorie vallen, wordt in de werkpakketten voor boomonderhoud dit onderscheid eveneens gemaakt. De niveaus worden hieronder kort toegelicht. • • •

Niveau A+ (Uitstekend/Zeer goed): Een nagenoeg ongeschonden en perfecte situatie; Niveau A (Goed): Zeer verzorgd, minimale sporen van gebruik of veroudering; Niveau B (Voldoende): Het landelijke gemiddelde niveau;

• •

Niveau C (Matig): Achterstallig onderhoud is zichtbaar; Niveau D (Slecht): Verwaarloosde situatie.

Sinds 2023 worden de bomen onderhouden op niveau B, dat houdt in dat alle bomen 1x per 4 jaar worden geïnspecteerd en gesnoeid. Tussen 2012 en 2022 werd het bestand onderhouden op C-kwaliteit (1x per 6 jaar regulier onderhoud) mede als gevolg van bezuinigingsopgaven. De verschillen tussen de onderhoudsniveaus zijn in hoofdlijn vertaald naar frequentie en in de tabel hieronder weergegeven. Kwaliteitsniveau Lage takken verwijderen Bemesting Onkruidbestrijding boomspiegel Onderhoud snoei 1x per

A Intensief 1 1 10 3

B Basis 1 1 8 4

C Laag 1 1 6 6

per jaar per jaar per jaar jaar

Het onderhouden van de boomspiegel is vooral vanuit esthetisch oogpunt, maar de periode tussen snoeibeurten beïnvloedt de ontwikkeling van een boom. Hoe langer deze periode duurt, hoe ingrijpender de maatregelen soms zijn. Dit kan leiden tot grotere snoeiwonden, waardoor de kans op infecties stijgt. Ook neemt de kans op calamiteiten en tussentijdse interventies toe. Als tijdens een onderhoudsronde blijkt dat geen snoeimaatregelen nodig zijn, worden deze niet uitgevoerd. Voornamelijk tijdens reguliere snoeironde van volwassen bomen is niet altijd snoei nodig. Voor de jonge bomen is maatwerk nodig, door verschil in groeitempo verschilt dit sterk per soort en locatie. Jonge bomen worden daarom elke twee jaar beoordeeld. Langs wegen worden bomen opgekroond zodat verkeer onder de takken door kan. In parken en grotere groene gebieden mag de originele vorm van de boom behouden blijven. Dit beperkt betreding van de grond onder de kroonprojectie en draagt daarmee positief bij aan de groeiomstandigheden van de boom. Bij beheer en onderhoud wordt onderscheid gemaakt tussen: Beheergroep Jonge bomen tot 10 jaar Bomen in verharding Bomen in gras Bomen in berm/ruw gras Bomen in beplanting Knot & kandelaber bomen Lei en vorm bomen

Aanvullende maatregelen Begeleiding snoei Extra bemesting en opkronen

Worden minimaal 1 x per 3 jaar gesnoeid Worden jaarlijks gesnoeid

Wanneer tijdens een reguliere onderhoudsronde blijkt dat bomen op korte termijn mogelijk risicodragend worden, worden deze opgenomen op de lijst met risicobomen. De bomen op deze lijst worden jaarlijks visueel beoordeeld. Indien nodig worden aanvullende maatregelen getroffen om gevaarlijke situaties te voorkomen. Op dit moment staan 587 bomen op deze lijst.

In de tabel hieronder is een overzicht van de aantallen bomen per beheergroep: Beheergroep

Kwaliteitniveau

Bomen in beplanting tot 10 jaar Bomen in beplanting vanaf 10 jaar Bomen in berm/ruw gras tot 10 jaar Bomen in berm/ruw gras vanaf 10 jaar Bomen in gazon tot 10 jaar Bomen in gazon vanaf 10 jaar Bomen in verharding tot 10 jaar Bomen in verharding vanaf 10 jaar Bomen Kandelaar-Beheer Bomen Knot-beheer Bomen Lei-beheer tot 10 jaar Bomen Lei-beheer vanaf 10 jaar Totaal

Hoeveelheid

B B B B B B B B B B B B

950 9.801 633 3.712 625 5.743 157 2.572 183 1.116 1 196 25.689

Kwaliteitsopname areaal Om kansen en knelpunten in het bestaande bomenbestand in beeld te brengen is een kwaliteitsopname uitgevoerd. In deze opname is de kwaliteit van bomen beoordeeld en zijn kansen en risico’s vastgelegd. Hieronder is een overzicht per wijk wat waarschijnlijk binnen nu en 10 jaar uitgevoerd kan en moet worden. Bij de kolom ‘rooien en herplant’ is sprake van noodzaak, de kolommen ‘nieuwe boom’ en ‘omvormen verharding naar groen’ zijn kansen. Rooien en herplant*

Nieuwe boom**

Omvormen verharding naar groen in m2**

ARNEMUIDEN

7

60

282

BINNENSTAD DAUWENDAELE GRIFFIOEN KLARENBEEK-VEERSEPOORT ZUID MORTIERE NIEUW EN SINT JOOSLAND NIEUW MIDDELBURG SINT LAURENS STROMENWIJK - 't ZAND - RITTENBURG BEDRIJVENTERREIN MORTIERE ARNESTEIN RAMSBURG

51 122 99 30 137 11 4 0 0 23 15 190 0

65 121 14 143 152 0 5 0 25 63 50 126 50

2446 1182 2268 545 906 0 0 476 749 1186 0 0 0

Totaal

687

873

10040

* Noodzakelijke maatregel ** Kans

Bij uitvoering van de maatregel rooien en herplant zal niet overal herplant kunnen worden gerealiseerd. Een deel van de bestaande bomen uit deze lijst staat op kabels en leidingen. In principe worden nieuwe bomen niet meer op kabels en leidingen geplant. In de inventarisatie zijn projectlocaties zoals in de Edelstenenbuurt, Essenvelt en Cleene Hooge buiten beschouwing gelaten.

Historische context De ontwikkeling van het bomenbestand is beïnvloed door uiteenlopende gebeurtenissen en perspectieven in verschillende tijdsperioden. Het geringe aantal oude bomen in Middelburg hangt bijvoorbeeld samen met de inundatie van Walcheren in 1944. Het zoute water vernietigde veel vegetatie, waardoor bomen massaal uitvielen. Hieronder volgt een korte tijdlijn die deels de huidige inrichting van de openbare ruimte en de staat van bomen verklaart. Monumentale bomen (vóór 1945) Middelburg heeft een rijke bomenhistorie. Vanaf de 17e eeuw werden via internationale handel exotische soorten aangeplant, zoals vleugelnoot, Japanse notenboom en Moerascipres. Deze (particuliere)bomen zijn nu nog terug te vinden op hoger gelegen delen in de Binnenstad en vaak opgenomen in de monumentale bomenlijst vanwege hun leeftijd, cultuurhistorische en ecologische waarde. Herstel en wederopbouw (1945–1970) Na de tweede wereldoorlog lag de focus op snelle vergroening. De soortkeuze was vaak eenzijdig en vooral functioneel, met soorten zoals populier, wilg, esdoorn, iep, linde en es. In 1948 zijn bomen op grote schaal aangeplant. De exemplaren die nog in leven zijn, bereiken in 2028 een leeftijd van tachtig jaar. Daarmee verschuiven zij van de status ‘waardevolle boom’ naar ‘monumentale boom’.

Functionele inrichting (1970–2000) In deze periode werd de openbare ruimte vooral functioneel ingericht. Bomen waren vooral onderdeel van een strak straatbeeld, waarbij onderhoudsgemak en uiterlijk belangrijk waren. Onderhoud van verharding met chemische middelen was goedkoper en sneller dan mechanisch groenonderhoud. Daardoor ontstond een versteende inrichting met kleine boomspiegels. Groene omslag (vanaf 2010) Sinds 2010 is er meer aandacht voor grotere boomspiegels en doorwortelbare ruimte. Na 2020 is de focus op inheems en natuurlijk plantmateriaal verder toegenomen. Deze omslag komt door het besef dat gezonde groeiplaatsen belangrijk zijn voor de levensduur en vitaliteit van bomen. Ook spelen nieuwe inzichten over klimaatadaptatie, waterbeheer en stedelijke biodiversiteit een rol.

2.2 Risico’s voor het bomenbestand Bomen zijn een belangrijk goed, maar er zijn verschillende factoren die invloed hebben op de kwaliteit en veerkracht van het bomenbestand. Deze uitdagingen worden in deze paragraaf nader uitgewerkt. Uniformiteit In het verleden zijn veel bomen van dezelfde soort bij elkaar aangeplant, vaak in lange lijnstructuren zoals lanen en langs wegen. Om uniformiteit en specifieke eigenschappen te garanderen, worden bomen op kwekerijen vegetatief vermeerderd (gekloond). Door deze genetisch identieke bomen vervolgens naast elkaar te planten, ontstaan rijen met bomen die exact dezelfde kenmerken hebben. Dit zorgt voor een eenduidig straatbeeld, maar ook voor kwetsbaarheid. Wanneer ouderdom of ziekte een bepaalde soort treft, zijn de effecten op de bomen in een rij vergelijkbaar. Dit effect heeft hiermee grote impact op het bomenbestand en straatbeeld. Een bekend voorbeeld is de iepziekte, die zich onder andere via wortelcontact tussen bomen en via kevers verspreidt. Hierdoor vielen hele rijen met iepen tegelijkertijd uit, en gezonde volwassen iepen zijn tegenwoordig nog maar beperkt aanwezig. Een vergelijkbaar probleem doet zich nu voor bij de es. Essentaksterfte leidt tot een sterke achteruitgang in vitaliteit. Op termijn zullen veel essen verdwijnen.

In het algemeen geldt voor ouderdom en ziekten dat het aftakelingsproces wordt versneld wanneer andere stressfactoren meespelen, zoals:

• • •

een versteende omgeving; bodemverdichting; en/ of wortel en bast schade door werkzaamheden.

Ouderdom en ziekte Net als veel andere gemeenten heeft Middelburg te maken met ziektes en aantastingen binnen het bomenbestand: •

Essentaksterfte wordt veroorzaakt door een schimmel en blijft een structurele zorg. Vrijwel alle essen zijn in meer of mindere mate aangetast. De ziekte zorgt ervoor dat takken afsterven en kunnen uitbreken. Bij sterk aangetaste bomen lijkt de reguliere snoeicyclus van 4 jaar niet

•

•

•

•

•

•

voldoende, na 2-3 jaar zit in veel gevallen weer veel (gevaarlijk) doodhout in de essen. Dit betekent dat de laatste jaren steeds vaker buiten de reguliere snoeicyclus ingegrepen moet worden om veiligheid onder de bomen te kunnen garanderen. Roetschorsziekte is een aantasting die wordt veroorzaakt door een schimmel en treedt vooral op Figuur 1 Vraatgangen van iepenspintkever, de verspreider van bij esdoorns die stress ervaren, iepziekte. bijvoorbeeld door droogte of hitte. Het komt vooral voor op de gewone esdoorn en komt incidenteel voor in Middelburg. Kastanjebloedingsziekte wordt veroorzaakt door een bacterie, het aantal gevallen is de laatste jaren afgenomen, mede doordat veel kastanjes zijn vervangen. Er zijn nog verschillende kastanjes die zijn aangetast maar niet uitgevallen, bijvoorbeeld op locaties zoals de Koepoortlaan, Torenweg en Blauwedijk. Deze bomen worden gemonitord. Iepziekte wordt veroorzaakt door een schimmel en verspreidt zich onder andere via wortelcontact en de iepenspintkever (zie figuur 1). De ziekte heeft in het verleden geleid tot forse uitval, waardoor iepen nu nog maar op enkele locaties voorkomen. Tegenwoordig worden opnieuw iepen aangeplant, waarbij wordt gekozen voor resistente soorten. Eikenprocessierups: is te vinden op eiken.

Voor de boom is de rups niet schadelijk, maar de haren van de rups kunnen zorgen voor irritatie aan de huid of luchtwegen van mensen en dieren. De rups komt in Middelburg slechts bij een beperkt aantal bomen voor (+/-8 per jaar). Lokale monitoring blijft noodzakelijk. Watermerkziekte wordt veroorzaakt door een bacterie en is een ernstige aantasting die vooral bij wilgen voorkomt. De sapstroom in de boom wordt verstoord, waardoor takken en bladeren verwelken en de boom uiteindelijk kan afsterven. In Middelburg doet de ziekte zich slechts sporadisch voor, maar het blijft van belang om bomen hierop te monitoren. Massaria is een aantasting die voorkomt bij de boomsoort plataan. De sporen van de schimmel verspreiden zich via wind, vogels en insecten. De schimmel verzwakt takken boven in de kroon, wat kan leiden tot spontane takbreuk.

Bomen in aftakelende fase Naast ziekten speelt ook veroudering en schade een belangrijke rol bij uitval van volwassen bomen. Omdat veel bomen van dezelfde soort onder vergelijkbare omstandigheden zijn aangeplant, doorlopen zij gelijktijdig dezelfde levensfasen. Dit betekent dat binnen een relatief korte periode meerdere bomen vervangen moeten worden. Dit kan leiden tot visuele kaalslag in het straatbeeld en een plotseling verlies van natuurwaarden op die locaties. Ziekten en beschadigingen kunnen de levensduur van bomen drastisch verkorten. Hierdoor bereiken zij eerder de aftakelende fase. Een voorbeeld van een boom die door werkzaamheden uit het verleden in deze fase is terechtgekomen, is de eik bij het Molenwater (figuur 2). De natuurlijke aanvang van de aftakelende fase is sterk afhankelijk van de boomsoort, snelgroeiende “pionier soorten”, als wilgen, populieren en berken soorten bereiken dit stadium na enkele decennia, terwijl langzaam groeiende “climax soorten” als eiken, beuken en lindes honderden jaren oud kunnen worden. Bomen die dit eindstadium van het natuurlijk leven hebben bereikt noemen we veteranenbomen.

Figuur 2 Eik in aftakelende fase in het Molenwaterpark.

Populieren in het bijzonder vragen aandacht, deze soort beslaat ongeveer 10% van het bomenbestand. Na circa 40 jaar neemt de kans op spontane takbreuk en wortelopdruk bij populieren toe, wat veiligheidsrisico’s en lokale schade veroorzaakt. Vanwege de grote hoeveelheid populieren van deze leeftijd (bijna 1.400) is eerder een vervangingsstrategie opgesteld. Het populierenplan is vanaf 2018 gefaseerd in uitvoering gebracht en wordt overgenomen in dit plan. Hoewel veteranenbomen risico’s kunnen opleveren, hebben zij ook een belangrijke ecologische waarde. Dode takken, holtes en schimmels bieden leefruimte of voedsel voor insecten, vogels en vleermuizen. Met maatregelen zoals het terugnemen van kroondelen kunnen deze veteranenbomen behouden blijven. Omdat de ontwikkeling van bomen langzaam gaat, kunnen jonge bomen deze eigenschappen niet snel vervangen. Het behoud van aftakelende bomen vormt daarom een essentieel onderdeel van een toekomstbestendig stedelijk ecosysteem en voorkomt in sommige gevallen het overtreden van natuurwetgeving. Daar waar door bewuste ingrepen bomen behouden kunnen blijven, blijven de beschermde functies als vleermuisverblijfplaatsen en vogelnesten behouden. Groeiplaats en ruimte In bestaand bebouwd gebied is de ruimte beperkt. Wanneer gekozen moet worden tussen een fietspad, parkeerplaats of groen, valt de keuze niet altijd in het voordeel van groen.

Dit beperkt de mogelijkheden om een goede groeiplaats voor bomen te creëren, vooral in dichtbebouwde wijken en de historische binnenstad van Middelburg. Beperkte groeiplaatsen in versteende omgeving Bomen in versteende omgevingen zoals in figuur 3 hebben ondergronds vaak onvoldoende toegang tot lucht, water, voedingsstoffen en doorwortelbare ruimte. Hierdoor kunnen ze zich niet volledig ontwikkelen en leveren ze in op kwaliteit. In veel gevallen blijkt dat bomen in deze omstandigheden na circa 40 jaar vervangen moeten worden. Als een boom weinig ondergrondse ruimte heeft om te groeien heeft deze ook minder voeding en vocht tot haar beschikking. Soms komt de groei tot stilstand of gaat een boom zoeken naar voedsel en water op plekken waar dit niet gewenst is en veroorzaakt schade aan bijvoorbeeld verharding. Ongeveer 10% van de bomen in Middelburg staat in verharding.

Figuur 3 Plataan van behoorlijke omvang, met te kleine boomspiegel.

Kabels en leidingen In de afgelopen jaren is op veel plekken in de gemeente gegraven, onder andere voor de aanleg van glasvezel en de verzwaring van het elektriciteitsnet. Daarbij komt het regelmatig voor dat werkzaamheden plaatsvinden op locaties waar boomwortels groeien. Hoewel er toezicht wordt gehouden om schade te beperken, is het risico op wortelbeschadiging reëel en gaat het in de praktijk regelmatig fout ten koste van de boom. Dit kan de vitaliteit en stabiliteit van bomen aantasten. Op veel plekken zien we één of twee jaar na de werkzaamheden volwassen bomen stagneren in de groei danwel aftakelen. Verdichting van de bodem Bomen in grasvelden of bermen lijken op het eerste gezicht een goede groeiplaats te hebben, dit beeld kan misleidend zijn. Zelfs één zware betreding van een voertuig, zoals een maaimachine of opslag van bouwmateriaal kan leiden tot bodemverdichting. Een verdichte bodem leidt tot minder wortelgroei en een lager

Figuur 4 Door minder te maaien rond boomspiegels wordt bodemverdichting voorkomen, en krijgen wilde kruiden een kans.

zuurstofgehalte. Hierdoor verslechtert de waterinfiltratie en neemt de opname van voedingsstoffen af. Ook vermindert het bodemleven, wat bomen gevoeliger maakt voor ziekten. Uiteindelijk heeft dit een negatieve invloed op de vitaliteit en levensduur van bomen. Zoals weergegeven in figuur 5, is uit de beheerdata af te lezen dat ongeveer 70% van de bomen op een relatief gunstige groeiplaats staat, zoals in plantsoenen of gazons. 10% van de bomen staat in verharding, deze bomen zouden meer boven en ondergrondse ruimte moeten krijgen om toekomstbestendiger te worden.

Figuur 5 Overzicht groeiplek bomen

Klimaat en verzilting Naast beperkte groeiruimte kan ook het klimaat stress veroorzaken bij bomen. Hitte, droogte en extreem weer leiden steeds vaker tot uitval, zowel bij jonge aanplant als bij volwassen bomen. Tijdens langdurige periodes zonder regen kunnen bomen verdrogen, vooral op locaties met veel verharding, een slechte bodemkwaliteit of beperkte doorwortelbare ruimte. Daarnaast nemen bladverbranding en hittestress toe tijdens lange warme perioden. Figuur 6 laat zien dat hittestress in met name het bebouwd gebied van de stad en kernen voorkomt.

Figuur 6 Hittestresskaart uit de klimaatatlas Middelburg, rood en oranje geven hitte stres locaties aan

Daarnaast vormt verzilting een groeiend risico voor bomen en ander groen in Middelburg. Door zeespiegelstijging, langere droge periodes en verminderde aanvoer van zoet water neemt de druk op het bodem- en watersysteem toe. In veel delen van Zeeland ligt een zoetwaterlens boven het zoute grondwater. Tijdens droogte daalt deze lens door verdamping, waardoor zout water dichter bij het wortelbereik van vegetatie komt. Dit kan perioden van stress veroorzaken bij bomen.

2.3 De bijdrage van bomen Bomen hebben een belangrijke rol in het toekomstbestendig maken van steden. Onder andere door bijdrage aan opgaven zoals hittestress, wateroverlast en afnemende biodiversiteit. Verkoeling Uit hittestresskaarten, zoals weergegeven in figuur 6, blijkt dat in vrijwel het gehele bebouwde gebied sprake is van het stedelijk hitte‑eilandeffect. Bomen dragen bij aan het verlagen van de temperatuur door schaduwwerking en verdamping. Tijdens warme perioden kan de gevoelstemperatuur hierdoor met meerdere graden dalen. Door nu bomen te planten, kunnen over 20 tot 30 jaar volwassen exemplaren zorgen voor verkoeling. Daarmee leveren zij een belangrijke bijdrage aan een klimaatbestendige stad, zoals bijvoorbeeld in figuur 7.

Figuur 7 Bomen bieden schaduw en verkoeling, waardoor de omgeving een prettigere plek wordt.

Waterbuffering Klimaatverandering leidt vaker tot extremere neerslagpieken en langere droge periodes. Bomen en groen spelen een belangrijke rol in het opvangen en vasthouden van regenwater. Infiltratie in groenstructuren, wadi’s en groenstroken in combinatie met bomen zorgt ervoor dat water beter in de bodem wordt vastgehouden. Dit ontlast het rioolstelsel, vermindert de kans op wateroverlast bij piekbuien en vergroot de veerkracht van de bodem in droge tijden. Daarnaast beperken groene bodembedekking en hogere vegetatie de verdamping uit de bodem, wat uitdroging tegengaat en bijdraagt aan een stabiel stedelijk microklimaat. Leefbaarheid Naast klimaatadaptatie hebben bomen een positieve invloed op de leefbaarheid van de stad. Bomen verfraaien het straatbeeld en zicht op groen bevordert rust, welzijn en verblijfskwaliteit. Schaduwrijke en groene plekken nodigen uit tot gebruik van de openbare ruimte en maken deze ook tijdens warme dagen aantrekkelijk en toegankelijk.

Biodiversiteit De afname van biodiversiteit maakt ecosystemen kwetsbaarder voor ziekten, plagen en invasieve soorten. Bomen vervullen een essentiële ecologische functie door het bieden van leefgebied voor insecten, vogels en kleine zoogdieren. Zij ondersteunen bestuiving, verbeteren de bodemkwaliteit en versterken ecologische netwerken. Daarmee dragen bomen bij aan de veerkracht en stabiliteit van het stedelijk ecosysteem. Omdat bomen pas na tientallen jaren hun volledige bijdrage leveren aan leefbaarheid, klimaatadaptatie en biodiversiteit, is tijdige aanplant noodzakelijk. Door nu te planten, ontstaat het volwassen groen dat over 20 tot 30 jaar nodig is.

Figuur 8 Een oud ekster nest in plataan

Particulier groen In de binnenstad is de openbare ruimte sterk versteend. Toch laten luchtfoto’s zien dat er relatief veel groen aanwezig is. Dit betreft grotendeels particulier groen, zoals tuinen en bomen op privéterrein. Dit groen draagt aanzienlijk bij aan klimaatadaptatie en natuurwaarde, en daarmee de leefbaarheid en toekomstbestendigheid van de stad. Hetzelfde fenomeen is ook zichtbaar in wijken en dorpen. Het beschermen en uitbreiden van bestaande particuliere bomen heeft een positieve bijdrage aan de klimaatopgaven en het versterken van biodiversiteit. Het is waardevol om in dit kader het particulieren bomenbestand te beschermen en uitbreiding te stimuleren.

2.4 Vigerend beleid Vigerend beleid en wetgeving Het bomenbeleid van de gemeente Middelburg bouwt voort op nationaal, provinciaal en lokaal beleid en wetgeving. Nationaal en provinciaal wordt voorgesorteerd op de natuurherstelverordening, bossenstrategie en omgevingswet. Europese Natuurherstelverordening Sinds 18 augustus 2024 is de Europese natuurherstelverordening van kracht. Deze verordening verplicht lidstaten om natuur en ecosystemen actief te herstellen en legt nadruk op behouden en uitbreiden van groen en bomen in stedelijke gebieden. Voor stedelijk groen geldt dat er tot eind 2030 geen nettoverlies mag optreden in groene oppervlakte of boomkroonbedekking. Vanaf 2031 moet dit zelfs in elke gemeente toenemen. Dit betekent dat gemeenten zoals Middelburg bomenbeleid niet alleen lokaal maar ook in lijn met Europese verplichtingen vormgeven. Bijlage 2 bevat een factsheet van de VNG1 over de gevolgen van de verordening voor gemeenten. Bossenstrategie Op nationaalniveau sluit het beleid aan bij de Bossenstrategie 2020–2030 van Rijk en Provincies. Deze strategie zet in op uitbreiding van het bomenareaal, versterking van de kwaliteit van bossen en het realiseren van landschappelijke elementen, waarmee ook een bijdrage wordt geleverd aan klimaatadaptatie en biodiversiteit. De Provincie Zeeland heeft hiervoor een bosvisie opgesteld.

De zoekgebieden uit deze visie zijn overgenomen in de Omgevingsvisie Middelburg 2050. Omgevingswet Het bomenbeleid staat niet op zichzelf maar is ingebed in bredere regelgeving en beleidskaders. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet (2024) wordt integraal gestuurd op een gezonde en veilige fysieke leefomgeving. Onder de Omgevingswet zijn relevante onderdelen voor bomen onder meer: de algemene zorgplicht voor een veilige en gezonde leefomgeving, de beleidsmatige verankering van klimaatadaptatie en biodiversiteit en de uitwerking in de Omgevingsvisie Middelburg 2050. Daarbij is Nederlandse (voorheen Wet natuurbescherming van 2017 tot 2023) en Europese natuurwetgeving (vogelrichtlijn en habitatrichtlijn) opgenomen in de omgevingswet. Hierin wordt beschreven welke ecologische functies wettelijk beschermd 1

(VNG, 2025)

zijn. Het gaat hier in het geval van bomen vaak om verblijfplaatsen van vogels en vleermuizen. Met als doel het zoveel mogelijk voorkomen van verlies van deze functies. Het bomenplan volgt deze visie. Lokaal zijn er bestaande beleidsdocumenten die richting geven aan de bescherming, uitbreiding en ecologische versterking van het bomenbestand. De volgende documenten vormen de basis van dit bomenplan: • • • •

Omgevingsvisie Middelburg 2050; Groenbeleidsplan 2016–2026; Notitie Kansenkaart biodiversiteit bij beheer en ontwikkeling; Beleidsnotitie bescherming bomen in Middelburg;

Omgevingsvisie Middelburg 2050 In de omgevingsvisie is één van de leidende ontwerpprincipes ‘Een groene stad’, dit is onder andere vertaald naar de ambitie 3-30-300. Iedereen moet vanuit huis 3 bomen kunnen zien, 30% van de oppervlakte van een buurt wordt gedekt met kroonvolume van een boom en op maximaal 300 meter lopen is er een park of natuurgebied. Deze ambitie wordt gedreven door de positieve bijdrage van bomen aan de leefomgeving en de rol in klimaatadaptatie. Bomen verkoelen, vangen fijnstof en CO2 af en helpen om water vast te houden. Bomen hebben tevens een belangrijke plek in het ecosysteem en dragen bij aan biodiversiteit. Letterlijk staat in de visie: ‘Middelburg wordt groener. Er worden meer bomen geplant. Bomen zijn onze beste beschermers tegen hitte, dragen bij aan een groene beleving van de stad en versterken de lokale biodiversiteit. We planten met name inheemse soorten en sluiten aan op het karakter van het Zeeuwse landschap.’2 Groenbeleidsplan Het Groenbeleidsplan 2016-20263 geeft een aantal heel concrete uitgangspunten mee over bomen. De meest relevante uitgangspunten zijn hieronder opgesomd: • • • •

• • • • • • • • • • • • • • •

2 3

Bomen van de 1e grootte worden toegepast langs of in de nabijheid van de primaire wegen. Bomen van de 2e grootte worden toegepast langs of in de nabijheid van de secundaire wegen. Bomen van de 3e grootte worden toegepast langs of in de nabijheid van de tertiaire wegen. Bij aanplant van nieuwe bomen, wordt gekozen voor andere (inheemse) boomsoorten tot een maximum van 10% van het totale bomenbestand. Het toepassen van verschillende soorten in één straat behoort ook tot de mogelijkheden. Het rooien van (waardevolle) bomen minimaliseren. Te rooien bomen in de hoofdgroenstructuur compenseren. Maximaal 10% van dezelfde boomsoorten toepassen om ziekte tegen te gaan. Geen ziektegevoelige soorten toepassen. Ondergrondse doorwortelbare ruimte afstemmen op de groeiruimte die de boomsoort nodig heeft. Streven om verharding in de directe nabijheid van bomen te voorkomen en de plaats van de boom zo natuurlijk mogelijk in te richten. Toepassen van gevarieerde beplantingen en waar mogelijk inheemse soorten. Geen bomen toepassen met een oppervlakkig wortelstelsel en aanleg tot wortelopslag. De volwassen grootte van de boom moet passen bij de locatie. Bomen in verharding zoveel mogelijk voorkomen. Afstand tussen stam en kabels en leidingen minimaal 1,50 m. Bij bomen van de 1e grootte minimaal 10 m en bij voorkeur 20 m afstand tot de gevel bewaren.

In de hoofdroute bomen van bij voorkeur 1e grootte toepassen. In woonwijken bomen van de 2e of 3e grootte toepassen, met een minimale afstand tot de gevel van 4 m voor bomen van de 3e grootte. Jaarlijks wordt een kwaliteitsinspectie (VTA) uitgevoerd bij risicovolle bomen;

(Omgevingsvisie Middelburg 2050, 2024) (Gemeente Middelburg, 2016)

Notitie kansenkaart biodiversiteit in Middelburg In de notitie kansenkaart biodiversiteit in Middelburg4 zijn kansen en uitgangspunten voor beheer en ontwikkeling opgenomen voor ecologie en biodiversiteit. Hieronder zijn de meest relevante uitgangspunten opgesomd: • • • • •

Het doorbreken van monocultuur voortzetten; Bomen gefaseerd snoeien, per straatkant, zigzag of gegroepeerd; Uit faseren van uitheemse soorten; Grotere boomspiegels met begroeiing; Dunnen in plaats van knotten.

Beleidsnotitie Bescherming bomen in Middelburg In 2020 is de beleidsnotitie Bescherming bomen in Middelburg opgesteld. Hierin zijn voorwaarden vastgelegd voor de bescherming van bomen op zowel particulier als openbaar terrein. De regels uit deze notitie zijn opgenomen in het omgevingsplan en verwerkt in het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). De volledige beleidsnotitie is opgenomen in bijlage 3. Hieronder volgt een korte toelichting. Particuliere bomen Kap van particuliere bomen binnen de bebouwde kom is in principe vrij van vergunningsplicht, tenzij bomen op de lijst met particulier waardevolle bomen Middelburg staan. Deze lijst met bomen is opgesteld in 20032004 en voor het laatst herzien in 2019. De lijst is bijgevoegd in bijlage 3. Een particuliere boom die ouder is dan 50 jaar komt in aanmerking om op de lijst monumentale en waardevolle bomen geplaatst te worden mits deze niet verkerend in een onomkeerbare staat en bovendien voldoet aan minimaal één van de volgend aanvullende criteria: -

Een voor de soort karakteristieke habitus; Cultuurhistorische waarde; Bijzondere groei of snoeivorm; Bijzondere of zeldzame soort; Zeldzaam door omvang/ hoogte; Wordt algemeen ervaren als bijzonder zeldzaam en mooi en/ of Biedt huisvesting aan zeldzame dieren of planten.

Bomen in openbare ruimte Voor het vellen van openbare bomen heeft gemeente zelf geen vergunning nodig indien er een gelijktijdige of nagenoeg gelijktijdige vervanging plaatsvindt. Vervanging hoeft niet persé een vervanging te zijn door eenzelfde aantal op dezelfde plaats of door dezelfde soort, maar gedacht kan worden aan gedeeltelijke vervanging in de omgeving en door een andere soort. Uitgangspunt is dat niet een exacte vervanging is vereist maar een zodanige vervanging dat aanwezige waarden (op termijn) worden hersteld. Onder nagenoeg gelijktijdige vervanging wordt verstaan vervanging uiterlijk binnen het plantseizoen c.q. het eerstvolgende plantseizoen waarin de bomen ter vervanging waarvoor zij dienen worden geveld. Dit uitgangspunt wordt aangevuld door de dubbele herplantplicht. Dubbele herplantplicht Bij vaststelling van de beleidsnotitie heeft de gemeenteraad het college verzocht om een dubbele herplantplicht in te voeren bij de kap van openbare bomen door de gemeente. Op 30 september 2020 stemde de gemeenteraad in met de uitwerking van deze verplichting. In de uitwerking zijn enkele uitzonderingen opgenomen, namelijk bij: • • •

4

Dunning: bij het verwijderen van bomen om andere bomen de kans te geven om uit te groeien. Inboet: bij uitval van nieuwe aanplant. Bij kap vanwege risico of ziekte is besloten dat één verwijderde boom wordt vervangen door één nieuwe boom.

(Notitie Kansenkaart biodiversiteit bij beheer en ontwikkeling, 2023)

De volledige motie en uitwerking zijn bijgevoegd bij de Beleidsnotitie: Bescherming bomen in Middelburg in bijlage 3. Op 9 maart 2023 heeft de gemeenteraad een motie aangenomen waarin het college wordt verzocht ook bij dunning en bij ziekte iedere gerooide boom door twee exemplaren te laten vervangen (zie bijlage 4). Met de kanttekening dat niet altijd op dezelfde locatie hoeft te worden terug geplant. Voor dit bomenplan zijn deze locaties in beeld gebracht. Beweegbaar Bos in Middelburg? In december 2024 heeft de gemeenteraad het college middels een motie verzocht: Te onderzoeken of een Beweegbaar Bos in Middelburg waarde kan toevoegen en te realiseren is. Hoe werkt het, wat kost het, op welke plekken? En de resultaten aan de raad te rapporteren. In bijlage 5 is dit onderzoek bijgevoegd. Hier volgt een samenvatting. Beweegbaar bos of groen heeft vooral een sociale meerwaarde: het bevorderen betrokkenheid, bewustwording en cohesie in versteende omgevingen. De ecologische en klimaatadaptieve bijdrage is beperkt door het tijdelijke karakter en de geringe omvang van de bomen. Realisatie is technisch mogelijk, maar vraagt structureel beheer en brengt aanzienlijke kosten met zich mee (circa €44.000 eenmalig en €21.600 jaarlijks voor 20 bakken).

Vanuit groen- en ecologisch perspectief zijn beweegbare bossen niet geschikt als structurele maatregel, maar kunnen projectmatig en tijdelijk worden ingezet, bijvoorbeeld om locaties tijdelijk te vergroenen.

2.5 Participatie Ter aanvulling op de analyse van het bomenbestand is via een enquête de inbreng van inwoners verzameld. Daarnaast zijn de belangrijkste dilemma’s besproken met raadsleden tijdens een raadsinformatiebijeenkomst Enquête Voor dit bomenplan is een enquête uitgezet onder de inwoners. Het doel van de enquête was een beeld vormen van wat inwoners belangrijk vinden en in hoeverre ze op de hoogte zijn van zaken m.b.t. bomen in Middelburg. Totaal vulden 505 respondenten de enquête in. In bijlage 6 zijn alle resultaten bijgevoegd. Respondenten geven gemiddeld een 9 op de vraag: Hoe belangrijk vindt u bomen in uw omgeving? Geef een cijfer van 1(helemaal niet belangrijk) tot 10 (heel belangrijk). Respondenten geven ook aan dat zij redelijk tot zeer goed op de hoogte zijn van voordelen van groen zoals verkoeling bij hitte, CO₂-opslag, biodiversiteit en waterafvoer. Antwoord op de vraag wat men het belangrijkste eigenschappen vindt is hieronder in de grafiek in figuur 9 weergegeven. Verkoeling en het bieden van leefruimte voor dieren worden met een score van meer dan 80% als meest belangrijke eigenschappen gezien. Veel respondenten die het antwoord ‘anders namelijk’ hebben gekozen geven aan dat zij het rustgevende effect van bomen en groen als meest belangrijk ervaren.

Figuur 9 Welke voordelen vinden inwoners belangrijk

Meer dan 90% van de respondenten geeft aan dat zij meer bomen willen in de gemeente. Op de vraag hoe de verhouding groen en verharding is in de gemeente liggen de antwoorden meer uit een. Zoals te zien in figuur 10 vindt een meerderheid dat er te weinig groen is ten opzichte van verharding.

Figuur 10 Wat vinden inwoners van de verhouding groen en verharding

Het beschermen van waardevolle bomen vindt meer dan 90% van de respondenten belangrijk tot zeer belangrijk. Het kappen van particulier waardevolle bomen vinden respondenten over het algemeen redelijk bij gevaar of als een boom schade veroorzaakt. Op de openvraag naar suggesties, wensen of opmerkingen wordt meermaals het belang van onderhoud benoemd. Raadsinformatiebijeenkomst Aansluitend op een regenachtige fietstocht over de Overloper het Parelplein zijn tijdens een raadsinformatiebijeenkomst uitdagingen voor het bomenbestand in Middelburg besproken. Dit gesprek werd gevoerd aan de hand van drie stellingen. In bijlage 7 is het volledige verslag bijgevoegd. Hieronder volgen de stellingen met daaronder opgesomd de belangrijkste reacties. Wanneer gaan we vervangen? • • • •

Werk het voorstel uit en geef aan wat de financiële gevolgen zijn. Bomen in zone C (parken en groengebieden) zo lang mogelijk behouden. Zorg op tijd voor nieuwe aanplant. Zorg bij vervanging voor meer diversiteit en inheemse soorten.

Willen we concessies doen in de ideale groeiplaats van een boom? • • • • • •

Creëer ruimte voor groen in de leefomgeving en plant meer bomen. Planmatig vervangen is gewenst. Vergroot en verbeter groeiplaatsen in bestaande situaties waar het kan. Groen in de binnenstad is belangrijk en mag ook wat kosten, werk het voorstel verder uit en breng de kosten in beeld. Bereid groeiplaatsen voor bomen in zone A (binnenstad) en B (wijken) goed voor, zodat bomen kunnen uitgroeien. Plant heesters als aanvulling of in plaats van bomen wanneer er geen ruimte is.

Kwantiteit, kwaliteit of allebei? • • •

Positief tegenover het wijker-blijver principe in zone C (parken en groengebieden), bij toepassing van dit principe is dubbele herplantplicht niet nodig. Positief tegenover het idee om snel biomassa te creëren met kwetterbosjes en bosplantsoen. Werk de lange termijnambitie uit de omgevingsvisie verder uit om bos aan te leggen in Middelburg.

2.6 Conclusie De hoofdgroenstructuur en het bomenbestand van Middelburg biedt een goede basis voor een aangename groene leefomgeving. Er zijn echter uitdagingen. Veel dezelfde boomsoorten bij elkaar maken het bomenbestand lokaal kwetsbaar voor grootschalige uitval. Bijvoorbeeld door ziekten of ouderdom. Op dit moment vormen essentaksterfte en veroudering van bomen het grootste risico. Dit vraagt om een planmatige vervangingsstrategie.

Beperkte groeiruimte zorgt op veel plekken voor beperkte groei of vroegtijdige uitval. Daarnaast zorgen klimaatverandering, hitte, droogte en verzilting voor extra stress bij bomen, vooral op locaties met beperkte groeiruimte en versteende omgeving. Om kwaliteit van bomen te verbeteren en te borgen in de toekomst moet geïnvesteerd worden in groeiplekken van bestaande bomen en voldoende ruimte worden gereserveerd bij nieuwe aanplant. Voldoende groeiplek zorgt ervoor dat bomen uit kunnen groeien tot volwassen bomen. Volwassen bomen leggen meer CO2 vast, houden water langer vast, dragen bij aan biodiversiteit en zorgen voor verkoeling. Tegelijkertijd zijn er wettelijke en beleidsmatige verplichtingen. De Europese natuurherstelverordening schrijft voor dat stedelijke vergroening behouden en uitgebreid moet worden. In de omgevingsvisie is één van de leidende ontwerpprincipes ‘Een groene stad’, dit is onder andere vertaald naar het 3-30-300 principe. Daarnaast geeft dubbele herplantplicht de opdracht om het bestaande aantal bomen toe te laten nemen. Om aan deze verplichtingen en ambities te voldoen en de stedelijke leefomgeving toekomstbestendig te maken, zijn richtinggevende doelen geformuleerd: 1.

Vergroot kwantiteit Vergroot aantal bomen en het boomkroonvolume.

2.

Vergroot diversiteit Zorg voor afwisseling in boomsoorten, grootte, leeftijd en eigenschappen.

3.

Versterk kwaliteit Zorg voor veerkracht door goede groeiomstandigheden, onderhoud en planmatige vervanging.

3. Visie en uitgangspunten 3.1 Visie op bomen in Middelburg Bomen zijn onmisbaar voor de gemeente Middelburg. Ze bepalen het karakter van stad, dorp en vergroten de leefbaarheid. Daarnaast dragen ze bij aan klimaatadaptatie en biodiversiteit. Daarmee zorgen bomen voor een gezonde leefomgeving en zijn zij essentieel voor een toekomstbestendige gemeente. Leefbaarheid Bomen ondersteunen het monumentale karakter, dragen bij aan een aangename verblijfsomgeving en landschappelijke overgangen. De hoofdgroenstructuur brengt samenhang in het stedelijk en landelijk groen en fungeert als de groene longen van de gemeente. De gemeente streeft naar behoud en versterking van deze structuur, met zorgvuldig beheer dat past bij de ruimtelijke context. De bijdrage van bomen aan de leefkwaliteit is veelzijdig en zorgen voor een aangename openbare ruimte. Bomen zuiveren de lucht, dempen geluid en bieden verkoeling. Bomen hebben een positief effect op mentale gezondheid, rust en nodigen uit tot bewegen en ontmoeten. Klimaat Tegelijkertijd vraagt de klimaatverandering om een andere, meer strategische kijk op bomen. Met name hittestress vormt een toenemend risico in versteende gebieden zoals de binnenstad wijken en dorpen. Bomen zijn hierin onmisbare klimaatpartners: ze bieden verkoeling, houden regenwater vast en verbeteren het microklimaat.

De inrichting van groeiplaatsen, de keuze van soorten en het vergroten van kroonvolume zijn bepalend voor het vermogen van het bomenbestand om bij te dragen aan klimaatadaptatie. Middelburg ziet vergroening daarom als structurele maatregel en investeert actief in klimaatbestendig groen. Biodiversiteit Bomen zijn daarnaast onmisbare schakels in het ecologische netwerk. Ze vormen leefgebied voor bijvoorbeeld: vogels, insecten, vleermuizen en bodemleven. De gemeente zet in op een ecologisch waardevol bomenbestand, met nadruk op inheemse soorten, het behoud van veterane bomen en het toelaten van natuurlijke processen zoals verjonging, verruiging en dood hout. Daarbij wordt aangesloten bij het principe van Basiskwaliteit Natuur5: ‘algemene soorten moeten kunnen overleven in onze leefomgeving’ Om dat te bereiken moet inrichting en beheer inspelen op ecologische samenhang. Bomen leveren een belangrijke bijdrage aan de opbouw van biomassa: hoe groter de kroon en ouder de boom, hoe meer koolstof wordt vastgelegd, hoe meer diersoorten er gebruik van maken, en hoe meer ecosysteemdiensten6 worden geleverd. Daarom wordt gericht ingezet op het vergroten van de totale biomassa, zowel op korte als op lange termijn. Koester wat je hebt Het behoud van bestaande bomen is het uitgangspunt. Bomen groeien langzaam en hun waarde neemt toe naarmate ze ouder worden.

Herplant levert pas op langere termijn een vergelijkbaar effect op. Daarom wordt gestreefd naar het zo lang mogelijk behouden van bomen.

Kennisdocument Basiskwaliteit Natuur | Rapport | Rijksoverheid.nl Ecosysteemdiensten zijn de voordelen die mensen krijgen van de natuur, zoals voedsel, schoon water, klimaatregulatie en recreatie. 5 6

3.2 Sturingsprincipes: kwaliteit, diversiteit en kwantiteit Om de visie op bomen in Middelburg te realiseren, wordt gestuurd op kwaliteit, diversiteit en kwantiteit. Kwaliteit van het bomenbestand Een kwalitatief bomenbestand bestaat uit gezonde, veerkrachtige bomen en een toekomstbestendige structuur. Dit betekent dat bomen voldoende ruimte krijgen om oud te worden en dat aandacht wordt besteed aan alle levensfasen: van jonge bomen tot veterane exemplaren. Oudere bomen hebben een grote ecologische en cultuurhistorische waarde en dragen bij aan biodiversiteit en klimaatadaptatie. Bomen maken van nature deel uit van een ecosysteem in bossen. De stedelijke omgeving is onnatuurlijk voor bomen. Daarom is extra zorg nodig om ze gezond te houden. Voor een goede groei is een geschikte standplaats essentieel, met voldoende ruimte boven én onder de grond. De bodem moet water, zuurstof en voedingsstoffen bevatten. Hoe beter deze omstandigheden, hoe sterker en stressbestendiger een boom is. In bebouwd gebied is het vaak lastig om bomen oud te laten worden. De beschikbare groeiruimte is beperkt en bomen en groeiplaatsen raken snel beschadigd door werkzaamheden of verkeer. Bodemverdichting en het verwijderen van bladresten maken de bodem armer en minder toegankelijk voor water en voeding. Dit leidt tot verminderde groei, kleinere kronen en een hogere kans op ziekten.

Een kwalitatief bomenbestand vraagt daarom om zorgvuldig beheer en een gevarieerd sortiment. Dit betekent investeren in goede groeiomstandigheden en voldoende ruimte. Zo ontstaat een robuust en veerkrachtig bomenbestand dat bijdraagt aan een bio diverse, gezonde en klimaatbestendige stad. Diversiteit in het bomenbestand Diversiteit betekent variatie in boomsoorten, leeftijden, grootte, groeisnelheid en verspreiding. Ook verschillen in bloeitijd en het moment van vruchtvorming horen daarbij. Een gevarieerd bomenbestand verkleint de kans op ziekten en plagen, maakt het bestand klimaatbestendiger en verhoogt de ecologische waarde. Bomen zijn een essentieel onderdeel van het ecosysteem. Voornamelijk inheemse bomen dragen bij aan biodiversiteit doordat deze aansluiten bij lokale dieren. Door bomen te kiezen die op verschillende momenten bloeien, ontstaat voedsel voor insecten en vogels gedurende het jaar. In de notitie Kansenkaart biodiversiteit Middelburg worden vijf condities voor biodiversiteit benoemd.

Bomen in combinatie met struiken en een kruidenlaag dragen sterk bij aan deze condities en bieden ruimte voor de vijf V’s. Kwantiteit en boomkroonvolume Met kwantiteit wordt de hoeveelheid bedoeld. Dit betekent de hoeveelheid bomen, biomassa en boomkroonvolume. Een groot boomkroonvolume zorgt voor schaduw, verkoeling en waterberging, CO₂opslag en biedt schuilplekken voor dieren. Hoe ouder en groter een boom, hoe meer deze functies vervult. De gemeente hanteert het 3-30-300 principe uit de omgevingsvisie en streeft naar: • • •

Vanuit elk huis zijn minimaal 3 bomen zichtbaar. Elke wijk heeft minimaal 30% boomkroonbedekking. Binnen 300 meter is een groene verblijfsplek bereikbaar.

Om meer boomkroonvolume te bereiken moeten er niet alleen meer bomen komen, maar ook meer uitgegroeide volwassen bomen. Volwassen bomen hebben meer kroon en biomassa. Dit vraagt om voldoende ruimte boven- en ondergronds zodat bomen kunnen uitgroeien. Ruimte voor bomen is en wordt soms beperkt. Bijvoorbeeld door kabels, leidingen of parkeerplaatsen. Ondanks het belang om nu te investeren in ruimte voor bomen voor de toekomst, wordt er soms een

andere keuze gemaakt. In deze gevallen biedt een compromis uitkomst. Bij voorkeur gebeurt dit door het toepassen van alternatief groen, zoals heesters of bosplantsoen. Los uitgegroeide hagen of kwetterbosjes vormen in dat geval een waardevolle toevoeging.

3.3 Algemene uitgangspunten -

-

Bij vervanging van bomen wordt per locatie gezocht naar een optimale verhouding tussen uitvoering, natuurwaarde en beeldkwaliteit. Bij aanplant van meer dan drie bomen worden minimaal twee boomsoorten afwisselend toegepast om het risico op grootschalige uitval door ziekten of ouderdom te beperken. Om het boomkroonvolume op korte én lange termijn te realiseren, worden zowel snel- als langzaam groeiende bomen toegepast. Waar mogelijk wordt verharding in de buurt van bomen omgevormd naar groen, met oog voor andere functies, zodat bomen meer ruimte krijgen. Voor nieuwe bomen wordt zowel boven- als ondergronds voldoende ruimte gereserveerd. Bij lijnvormige structuren, zoals wegen, gaat de voorkeur uit naar één robuuste groenstructuur in plaats van meerdere smalle groenstroken. Bomen behouden waar mogelijk en vervangen waar nodig. Bomen groeien langzaam. Variatie verlaagt het risico op grootschalige uitval en vergroot de biodiversiteit. Daarom wordt gestuurd op variatie in soorten, leeftijden en structuren. Inheemse soorten waar het kan7, cultuursoorten waar het moet. Hierbij wordt een afweging gemaakt tussen inheemse soorten met ecologische meerwaarde en klimaat robuuste uitheemse of cultivarsoorten die zijn geteeld voor beeldkwaliteit en weerbaarheid tegen hitte, droogte en plagen. Er is plek voor veterane bomen.

Bomen in de aftakelende fase zijn vaak karakteristiek en ecologisch waardevol. Alleen bij beperkte ruimte wordt gezocht naar alternatieve vergroening of civieltechnische ondergrondse oplossingen. Dit is een compromis. Liever één groter stuk groen dan meerdere kleine stukken. Dit vergroot de veerkracht en de baten van groen.

In bijlage 8 is een adviesdocument van SLZ voor assortiment van bomen en struiken door de toegevoegd. (Stichting landschapsbeheer Zeeland, 2023) 7

4. Hoe bereiken we dat 4.1 Hoofdgroenstructuur Hoofdgroenstructuur De hoofdgroenstructuur (HGS) bestaat uit belangrijke groene gebieden in de stad. De basis van de structuur is vastgelegd in het groenbeleidsplan 20216-2026. In de omgevingsvisie Middelburg 2050 is de hoofgroenstructuur overgenomen met de opdracht om een ecologische hoofstructuur te maken. In de notitie kansen kaart biodiversiteit is die uitgewerkt. In bijlage 9 staat een kaart weergave van de HGS aangevuld met (potentieel) ecologische verbindingszones en knelpunten. De HGS is opgebouwd op basis van het landschap, de natuur en de stedenbouwkundige indeling van de stad. Tot de HGS van Middelburg en de dorpskernen horen in ieder geval: • • • • • •

Groene longen; Stadsparken; Grote groengebieden in wijken en dorpen. Boomlinten langs hoofdwegen, belangrijke straten en waterlopen; Begraafplaatsen; Sportvelden en sportparken;

Figuur 11 Uitgangspunt 'Omgevingsvisie Middelburg 2050'

De hoofdgroenstructuur vormt een sterke groene basis in de gemeente. De hoofdgroenstructuur wordt versterkt door aanplant bij uitbreiding, hierbij wordt gezocht naar aansluiting tussen groenstructuren. Beheer en onderhoud borgen en verbeteren de kwaliteit. Parken en grotere groenstructuren Parken en grotere groenstructuren vallen onder natuurlijkbeheer. In parken en grotere groenstructuren wordt gestreefd naar robuuste, veerkrachtige groengebieden. De focus ligt op ecologie en multifunctioneel gebruik. Dit betekent over het algemeen vooral het toepassen van inheemse en lokale beplanting. Daarnaast wordt ruimte geboden voor de volledige levenscyclus van bomen. Waar mogelijk behouden bomen ook in hun aftakelende fase een plek. Bomen worden gecombineerd met landschapselementen zoals hagen, bosplantsoen, ravotbosjes en kwetterbosjes. Park Toorenvliedt De kwaliteit van een deel van de volwassen bomen gaat achteruit. Dit vraagt om nader onderzoek. Het Meiveld In het Meiveld staan een aantal populieren op leeftijd en essen van matige kwaliteit. Deze moeten worden vervangen.

Figuur 12 Uitgevallen abelen in het meiveld verwerkt op locatie, omringt door aftakelende soortgenoten.

Het Vogelpark Het Vogelpark heeft een open karakter en wordt gekenmerkt door strakke lijnen. Op deze lijnen ligt volop kans om meer bomen te planten. De Overloper Dit park is nog vrij recent heringericht, hier staan ongeveer 75 volwassen essen. Deze essen zijn in meer of mindere mate aangetast door essentaksterfte en takelen af. In het plantseizoen 2024/2025 zijn anticiperend al ruim honderd bomen toegevoegd. Naar verwachting verdwijnen binnen tien jaar ongeveer veertig volwassen bomen. Het Molenwaterpark Het Molenwaterpark is relatief jong in zijn huidige vorm. De ondergrond biedt slechte groeiomstandigheden voor bomen wat regelmatig zorgt voor uitval van jonge bomen. Met groeiplaatsverbetering worden nieuwe bomen hier op gang geholpen. De ontwikkeling van jonge bomen wordt nauwlettend gevolgd. De kastanjes langs de Koepoortlaan zijn aangetast door de kastanje bloedingsziekte en in slechte conditie. Ze worden langzaam uit gefaseerd en vervangen door een afwisseling van linde en iep.

Figuur 13 Aftakelende Paardenkastanjes aan de Koepoortlaan.

Lanen, boomlinten en wegbeplanting Groene boomlinten zijn opvallende elementen in het landschap en vormen belangrijke routes voor dieren, zoals vogels en vleermuizen. Veel van deze structuren bestaan uit essen of populieren. Door essentaksterfte neemt de kwaliteit van veel essen snel af, en ook populierenrijen die 40 tot 60 jaar geleden zijn aangeplant, gaan in kwaliteit achteruit.

Figuur 14 Populierenlaan met kruidenmengsel aan de Quarleshavenstraat, Nieuw- en Sint Joosland.

Boomlinten worden zoveel mogelijk intact gelaten. Risicobomen worden veiliggesteld door snoei of kap. Bij kap gebeurt dit in principe gefaseerd: het streven is om maximaal een derde van de bomen tegelijkertijd te

vervangen, zodat nieuwe aanplant kan groeien en volwassen groen behouden blijft. Elke locatie vraagt om maatwerk. Voorbeelden zijn de populierenrij langs het Arnekanaal bij de Waldammeweg en de essen langs de Oude Vlissingseweg, het Laurens Stommespad en de Prooijenseweg. Deze bomen zijn aangetast en moeten binnen tien jaar waarschijnlijk worden vervangen. Per project wordt beoordeeld of een natuurtoets nodig is. Waar mogelijk vindt compensatie vooraf plaats door nieuwe bomen te planten. Lukt dat niet, dan volgt herplant na kap. Bij herplant ligt de nadruk op diversiteit: verschillende boomsoorten en waar mogelijk aanvulling met Zeeuwse haag om lijnstructuren en natuurwaarden te versterken.

4.2 Binnenstad en wijken Binnenstad Bomen dragen bij aan een aantrekkelijke en groene verblijfplaats in de binnenstad. Hun functie als bron van verkoeling wordt steeds belangrijker, vooral in de sterk versteende omgeving. Dit benadrukt het belang van het beschermen en goed onderhouden van bestaande bomen. Deze noodzaak wordt versterkt door de beperkte beschikbare ruimte: bij uitval is herplant op dezelfde locatie of in de directe omgeving vaak niet mogelijk. Soortkeuze De voorkeur gaat uit naar inheemse boomsoorten. Lokale omstandigheden in de stad, zoals verharding, het hitte-eilandeffect, beperkte groeiruimte en activiteiten in de omgeving, maken echter dat de soortkeuze hierop moet worden afgestemd. Hoewel inheemse soorten de voorkeur hebben, staat voorop dat de gekozen boom geschikt is voor de specifieke omstandigheden. Beheer Voor vitale bomen wordt onderhoud afgestemd op de omstandigheden, inclusief bemesting en water geven indien nodig. Waar mogelijk worden boomspiegels vergroot om bestaande bomen betere groeikansen te geven. Kansrijke locaties zijn onder andere de Dam en Meestoof. Op enkele plekken, zoals Koepoortlaan, Damplein en Heerengracht worden bomen vervangen. In totaal zullen ongeveer 50 bomen in de binnenstad moeten worden vervangen. In het Molenwaterpark en aan de randen van de binnenstad zijn circa 60 kans locaties voor nieuwe aanplant in kaart gebracht.

Verplaatsbaar groen Bij het aanplanten van bomen en ander groen gaat de voorkeur uit naar aanplant in volle grond. De beschikbare ruimte kan echter worden beperkt door activiteiten, voorzieningen en functies voor bijvoorbeeld: bevoorrading, afvalinzameling en parkeren. In uitzonderlijke gevallen kan verplaatsbaar groen een oplossing bieden om op locaties met beperkte ruimte toch groen toe te voegen. De meerwaarde hiervan lijkt vooral esthetisch, een eerste verkenning laat zien dat de bijdrage aan natuur en klimaat minimaal is (zie bijlage 5). Binnen het project Cool Neighbourhoods wordt een proef uitgevoerd met verplaatsbaar groen in de binnenstad. Hierbij worden kosten en baten gemonitord. Verplaatsbaar groen kan mogelijk worden ingezet bij het autoluw maken van de stad. Inzet van verplaatsbaar groen maakt het mogelijk om parkeerplaatsen tijdelijk/ snel te vergroenen. Wijken Bomen in woonwijken worden beheerd als standaardgroen. Dit betekent dat waar mogelijk ruimte wordt geboden aan natuur, terwijl de inrichting praktisch beheersbaar blijft en is afgestemd op de functies in de omgeving zoals groeiruimte, verkeer en afvalinzameling. Hoewel inheemse soorten de voorkeur hebben, is het belangrijk dat de gekozen boom geschikt is voor de specifieke omstandigheden. Cultivars en exoten worden zoveel mogelijk uit gefaseerd en vervangen door inheemse bomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16561909/1