CConstaterende datMiddelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

25-113 Bijlage 1. Beleidskader Jeugd Middelburg Opvoeden en Opgroeien met vallen, opstaan en weer doorgaan 2025 tot en met 2028

Gemeenteraad 25 september 2025, gemeente MiddelburgBij agendapunt: Beleidskader Jeugd Middelburg 2025-2028 (25-113 MZ)17.726 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Opvoeden en opgroeien met vallen, opstaan en weer doorgaan Beleidskader Jeugd Middelburg 2025 tot en met 2028

augustus 2025

Voorwoord ´Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst´ Een beetje cliché, ik weet het, maar wel met een grote kern van waarheid. Met een heel groot deel van onze jeugd gaat het prima. Dat willen we zo houden. Een deel van onze jeugd heeft het lastig. Voor hen willen we graag met elkaar kijken wat we kunnen doen. Het liefste op zo´n manier dat kinderen en jongeren ervaren dat ze niet de enige zijn bij wie het even niet lekker gaat. Dat kinderen en jongeren begrip hebben voor elkaar en dat ze van elkaar kunnen leren. Samen met de volwassenen die om hen heen staan. Zo bouwen we aan een inclusieve samenleving, voor nu en later. Een klein deel van onze jeugd heeft het echt moeilijk. We hebben als gemeente de taak om de zorg voor hen goed te organiseren. We werken daar in Zeeland voor samen, zodat we voldoende goede hulp, zo dichtbij mogelijk, kunnen bieden. Jeugdigen groeien op in gezinnen, zitten op school en zijn vaak onderdeel van een vereniging. Daarom is dit beleidskader niet alleen voor Middelburgse jeugdigen, maar ook voor al die mensen die te maken hebben met de Middelburgse jeugd. Ik wil graag investeren in gezinnen en bouwen aan bredere gemeenschappen.

´It takes a village, to raise a child´ Onze rol als lokale overheid wisselt: we stimuleren, faciliteren, organiseren en initiëren. Maar wel altijd samen met andere mensen en organisaties. Ontmoeting en naar elkaar omzien zijn hierin cruciaal. Alle partijen in onze samenleving hebben een rol. Van de scouting tot de voetbalclub, van de school tot de kerk. Ieder vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid, gericht op het doel; onze jeugd die gezond en veilig kan opgroeien. Een kind groeit het beste met de kracht van vele handen.

‘Zie het goede van elkaar en blijf samen werken om het goede te doen’ We hebben onze inwoners en partners betrokken bij het opstellen van dit beleidskader jeugd. Ik spreek veel dank uit aan de personen die ons hun verhaal hebben verteld en ons scherp hebben gehouden. In het bijzonder Het Zeeuws-Brabantse netwerk voor Jongeren en Ouderperspectief (JOP), de jeugdigen en ouders die de enquête op Middelburg Ontmoet hebben ingevuld, de vele aanwezigen tijdens de netwerkbijeenkomst, de besturen van opvang, onderwijs en de Adviesraad Sociaal Domein. Onze ambitie is hoog: alle kinderen en jongeren in Middelburg groeien gezond, kansrijk en veilig op. Tegelijk willen we beleid wat uitvoerbaar en realistisch is. Daarom ook de nuchtere titel: Opgroeien en opvoeden met vallen, opstaan en weer doorgaan. Komende periode zullen er naar verwachting landelijk en ook regionaal belangrijke hervormingen doorgevoerd worden. Daarom vinden we het belangrijk dat dit beleidskader een richting geeft en tegelijk flexibel genoeg is opgezet om de lokale aanpassingen die de hervormingen te zijner tijd van ons vragen door te kunnen voeren. Middelburg, 26 augustus 2025 Wethouder Willemien Treurniet

2

Inhoudsopgave Voorwoord ....................................................................................................................................................... 2 Inhoudsopgave ................................................................................................................................................ 3 1. Wat willen we bereiken? .............................................................................................................................. 4 Visie ............................................................................................................................................................. 4 Ambitie......................................................................................................................................................... 5 Beleidsdoelen .............................................................................................................................................. 5 1. Normaliseren ....................................................................................................................................... 5 2. Preventie ............................................................................................................................................. 6 3.

Kwaliteit ............................................................................................................................................... 6 Leeswijzer.................................................................................................................................................... 7 2. Aanleiding .................................................................................................................................................... 8 3. Wat gaan we daarvoor doen? .................................................................................................................... 11 Stuurdoelen ............................................................................................................................................... 11 1) Beleidsdoel normaliseren .................................................................................................................. 11 2) Beleidsdoel preventie ........................................................................................................................ 11 3) Beleidsdoel kwaliteit .......................................................................................................................... 11 3.1 Sociaal pedagogische basis ................................................................................................................

12 3.2 Sociale basiszorg ................................................................................................................................ 13 3.3 Aanvullende zorg ................................................................................................................................. 18 Weergave beleidsdoelen, stuurdoelen en acties ....................................................................................... 20 Bijlage 1) Landelijke ontwikkelingen .............................................................................................................. 22 Bijlage 2) Lokale cijfers .................................................................................................................................. 25 Bijlage 3) Verschillende wetten toegelicht ..................................................................................................... 27 Bijlage 4) Resultaten GGD monitor ............................................................................................................... 30 Bijlage 5) Interview ervaringsdeskundigen .................................................................................................... 32 Bijlage 6) Enquête Middelburg Ontmoet ........................................................................................................

33 Bijlage 7) Uitwerking netwerkbijeenkomst professionals ............................................................................... 35 Bijlage 8) Ontwikkelingen onderwijs en opvang ............................................................................................ 38 Bijlage 9) Voorkomen uitval op school ........................................................................................................... 40 Bijlage 10) Conclusie OOGO opvang en onderwijs ....................................................................................... 41 Bijlage 11) Veilig opgroeien in Middelburg ..................................................................................................... 42

3

1. Wat willen we bereiken? Visie We gunnen alle kinderen een veilige en stimulerende thuisomgeving, waar zij kind kunnen zijn en waar er ruimte is voor zowel hun talenten als hun kwetsbaarheden. Een thuis waar er voor je gezorgd wordt, naar je geluisterd wordt, met je gelachen en gespeeld wordt. Waar je leert hoe je op een respectvolle manier met anderen en met grenzen omgaat. Waar je geholpen wordt als het tegenzit en waar je getroost en gesteund wordt bij verdriet. Opgroeien en opvoeden met vallen, opstaan en weer doorgaan. Het gezin waarin kinderen opgroeien, staat daarin centraal. Een gezin kent vele verschijningsvormen. Alle vormen zijn goed zo lang er voldoende veiligheid geboden wordt aan kinderen, zo lang het kind zichzelf kan zijn en zich beschermd en geliefd weet. Juist in gezinnen, in voor- en tegenspoed, kunnen kinderen opgroeien tot veerkrachtige volwassenen. Opvoeden en opgroeien doen ouders en kinderen niet alleen, maar in een bredere sociaal maatschappelijke omgeving. Deze sociaal pedagogische basis1 bestaat uit alle contacten, sociale relaties en leefomgevingen die bijdragen aan het opgroeien van kinderen. Bijvoorbeeld buren, vrienden, leerkrachten, medewerkers van de opvang en sporttrainers. Het hebben van vragen over opgroeien en opvoeden is normaal. Ook vragen over wie je bent, wie je wilt zijn en erbij willen horen.

Deze vragen en het vinden van antwoorden erop binnen de sociaal pedagogische basis, dragen bij aan veerkrachtig ouderschap en veerkrachtige kinderen en jongeren. Binnen deze bredere context ervaren ouders bijvoorbeeld steun door het delen van alledaagse ervaringen en doen kinderen ervaringen op die hen helpen bij het ontwikkelen van een eigen identiteit. De gemeente kan als lokale overheid ontmoeting bevorderen om bij te dragen aan een sterke sociaal pedagogische basis. Daar waar ouders en kinderen meer nodig hebben dan de context van de sociaal pedagogische basis om hun opvoed- of opgroeivragen op te lossen, bieden we in Middelburg sociale basiszorg. Deze hulp en ondersteuning is vrij toegankelijk, is zo veel als mogelijk beschikbaar en vindbaar op plekken waar kinderen, jongeren en ouders komen en wordt zo veel als mogelijk collectief geboden. Het sociaal team Middelburg (en het te ontwikkelen Stevig Lokaal Team) vormt de spil in de Middelburgse sociale basiszorg. In de sociale basiszorg wordt gekeken met een brede, integrale blik. Dat betekent onder andere dat we van onze partners in de sociale basiszorg verwachten dat zij samenwerken om kind en gezin de best passende oplossing te bieden. Deze oplossingen moeten veel vaker dan nu gezocht worden buiten de jeugdhulp.

De oplossing voor gezinnen kan ook liggen op terreinen als wonen, werk en inkomen, samenleven, of volksgezondheid. Vanuit de sociale basiszorg wordt nauw samengewerkt met de sociaal pedagogische basis en met partners uit andere domeinen zoals de huisartsenzorg, partners van veiligheid en uit het onderwijs. Wanneer er meer specialistische, niet vrij toegankelijke jeugdhulp nodig is kunnen kinderen en hun ouders aanvullende zorg krijgen. Deze aanvullende zorg wordt regionaal ingekocht. Aanvullende zorg is in principe tijdelijk van aard en wordt zo veel als mogelijk in de thuissituatie geboden. Als kinderen niet in het gezin kunnen blijven, dan vinden we het belangrijk dat kinderen ‘zo thuis mogelijk’ opgroeien. Een plek die zo veel als mogelijk op een gezin lijkt zoals een pleeggezin of gezinshuis. Aanvullende zorg moet beschikbaar blijven voor hen die het echt nodig hebben, nu en in de toekomst. Deze drie onderdelen, de sociaal pedagogische basis, sociale basiszorg en aanvullende zorg, vormen samen het Middelburgs Model voor zorg en ondersteuning wat op 7 juli 2021 is vastgesteld door de

1 Pedagogische basis | Nederlands Jeugdinstituut

4

gemeenteraad van Middelburg. Door middel van de hierin beschreven transformatie wil de gemeente passende zorg en ondersteuning voor haar inwoners, nu en in de toekomst, waarborgen.

Ambitie De gemeente Middelburg wil dat kinderen en jongeren in Middelburg gezond, kansrijk en veilig kunnen opgroeien. Opgroeien op zo’n manier dat zij zich kunnen ontwikkelen tot veerkrachtige, zelfstandige volwassenen. Gezond gaat verder dan ‘afwezigheid van ziekte'. We bedoelen met gezond: -

Lichamelijk: gezonde lichaamsfuncties door voldoende gezonde voeding en voldoende beweging; Emotioneel: mentaal welbevinden met voldoende psychische gezondheid; Sociaal: zingeving met voldoende zelfontplooiing, identiteitsvorming, ontmoeting en mee kunnen doen.

Kansrijk betekent dat iedereen een stevige basis heeft om nu te kunnen opgroeien en later zijn of haar mogelijkheden kan benutten. Voorbeelden zijn goed onderwijs, veilige speelplekken, kans op een baan, financiële zekerheid, een dak boven je hoofd en een steunend sociaal netwerk. Veilig en veiligheid. Daaronder verstaan we zowel het gevoel van veiligheid als het daadwerkelijk in een veilige omgeving zijn. Gezond, kansrijk en veilig zijn fundamentele behoeften die cruciaal zijn voor het welzijn en de ontwikkeling van individuen en gemeenschappen. Niet alleen dit beleidskader jeugd draagt bij aan deze brede gemeentelijke ambitie. Ook ander beleid ondersteunt deze ambitie. •

• • • • • • •

Het bieden van passende zorg en ondersteuning aan kinderen en gezinnen. Nu en in de toekomst (beleidskader Middelburgs Model voor zorg en ondersteuning en beleidsplan sociaal domein). Het versterken van de bestaanszekerheid van gezinnen (beleidskader bestaanszekerheid). Het bestrijden van onderwijsachterstanden en het bieden van voorschoolse educatie (onderwijsachterstandenbeleid). Het makkelijker maken van gezonde keuzes en gezond gedrag stimuleren (Middelburgse plan van aanpak brede SPUK – GALA). Het stimuleren van talentontwikkeling (sport en cultuurbeleid). Het bevorderen van de volksgezondheid bij jeugdigen (jeugdgezondheidszorg Wpg). Het realiseren van een (verdere) afname van overlast en criminaliteit én het vergroten van het veiligheidsgevoel van onze inwoners (integraal veiligheidsbeleid). Mensenrechtenbeleid (wordt uitgewerkt).

Beleidsdoelen In alle drie de onderdelen van het Middelburgs Model voor zorg en ondersteuning werken we aan de beleidsdoelen normaliseren, preventie en kwaliteit van zorg- en dienstverlening. Dit zijn ook de centrale beleidsdoelen voor dit beleidskader Jeugd.

1. Normaliseren We gaan meer normaliseren, de-medicaliseren en accepteren dat in het gewone leven niet alles van een leien dakje gaat.

5

Het stimuleren van oplossen in het gewone leven. Iedereen kent onderweg in het leven tegenslag. Veel mensen ervaren wel eens gevoelens van niet mee kunnen komen, er niet bij horen of niet kunnen tippen aan het perfecte plaatje zoals ons dat bijvoorbeeld via social media wordt voorgespiegeld. Ook ziekte en verlies horen helaas bij het leven. We hebben teveel afgeleerd om het hier met onze directe omgeving over te hebben. Juist door hier samen op school, op het werk of met onze vrienden over te praten, ontdekken we dat we hierin niet alleen staan en zien we dat gevoelens van kwetsbaarheid en onzekerheid bij het normale leven horen. Veel vragen kunnen worden opgelost in het gewone leven en hoeven niet opgelost te worden met een zorg- of ondersteuningsaanbod van de gemeente. De sociaal pedagogische basis speelt hierin een belangrijke rol. Het versterken van zelfredzaamheid staat centraal, maar de bescherming van de veiligheid en gezondheid van jongeren blijft voorop staan. Het Nederlands Jeugdinstituut (NJi) hanteert negen perspectieven waar vanuit er naar ‘normaliseren’ gekeken kan worden2. Deze perspectieven moedigen aan om met elkaar in gesprek te gaan over wat we in Middelburg accepteren als ‘normaal’ en wanneer we besluiten hulp in te zetten. De gemeente kan als lokale overheid dit gesprek over normaliseren bevorderen.

2. Preventie Voorkomen is beter dan genezen, zeker als het gaat om gelukkig en veilig opgroeien van onze jeugd. Het voorkomen van (zwaardere) zorg of ondersteuningsvragen. Door preventief te werken bevorderen we het welzijn en welbevinden van onze inwoners en voorkomen we (zwaardere) zorg of ondersteuningsvragen. Door problemen sneller te signaleren en daar op in te spelen, een goed toegankelijke sociale infrastructuur en laagdrempelige (welzijns)voorzieningen werken we aan het realiseren van onze ambitie. Het gaat niet om wat iemand niet meer kan, maar juist om wat iemand wel kan, belangrijk vindt en eventueel wil veranderen. We gaan in Middelburg beter aansluiten bij de krachten en talenten van jeugdigen en hun netwerk. We gaan minder probleemgericht kijken en ons minder richten op kwetsbaarheden. We gaan meer zorg en ondersteuning realiseren vanuit de voorzieningen die voor iedereen nabij en toegankelijk zijn (zonder beschikking). Preventie en vroegsignalering krijgen een essentiële plek.

3. Kwaliteit We zetten in Middelburg in op kwaliteit. Het bieden van kwalitatief goede zorg en ondersteuning. Elke inwoner met een zorg- of ondersteuningsvraag is anders en brengt eigen vragen en oplossingsrichtingen mee. De kwaliteit van zorg of ondersteuning hangt, zo geloven wij, in de eerste plaats af van een goede vraagverheldering, samen met de inwoner. Het gaat om zo goed mogelijk aan te sluiten bij zijn of haar leefwereld. Juist door daarbij ook te kijken naar wat wel kan en wat voor de inwoner belangrijk is, in plaats van wat niet meer kan (positieve gezondheid) kan weer perspectief ontstaan op meer welbevinden, veerkracht en zingeving. Als er zorg of ondersteuning is vanuit meerdere disciplines of aanbieders is het organiseren van samenhang en coördinatie van belang om vermindering van eigen regie bij de inwoner te voorkomen en ervoor te zorgen dat ingezette interventies elkaar versterken en niet tegenwerken. Dat vraagt om een integrale aanpak. We behouden wat goed werkt en verbeteren wat beter kan. We willen kwalitatief goede zorg en ondersteuning aan ouders en jeugdigen bieden. Daarom moeten we goed weten welke hulp daadwerkelijk helpt onder welke omstandigheden. Als lokale overheid zijn we verantwoordelijk voor de zorg en 2 Wat is normaliseren? 9 perspectieven | Nederlands Jeugdinstituut

6

professionele ondersteuning die vanuit de gemeente geboden wordt en kunnen we eisen stellen aan de ondersteuning die wordt geboden door aanbieders. We werken samen met gezinnen en al onze partners. Reikwijdte Dit beleidskader gaat over alle kinderen, jongeren en hun gezinnen in de gemeente Middelburg (of die volgens het woonplaatsbeginsel3 van de jeugdwet vallen onder de gemeente Middelburg). Jeugdzorg is een overkoepelende term die alle vormen van hulp en ondersteuning voor jeugdigen omvat, inclusief jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering. Jeugdhulp is een onderdeel van jeugdzorg en richt zich op het bieden van ondersteuning aan kinderen, jongeren en hun ouders bij opvoedings- en ontwikkelingsvraagstukken. Dit betreft zowel preventief vrij toegankelijk aanbod als specialistische jeugdhulp. Tegenwoordig wordt vooral de term jeugdhulp gebruikt in lijn met de wettelijke context van de jeugdwet. Zo ook in dit beleidskader. We focussen ons primair op de doelgroep zoals de jeugdwet omschrijft namelijk jeugdigen tot 18 jaar. Wanneer het gaat om normaliseren, preventie en kwaliteit kunnen we ons nooit enkel houden aan deze leeftijdsgebonden afbakening. Het gaat in de kern om kinderen en jongeren vanaf – 9 maanden tot aan jongvolwassenheid, dus ook jongeren die de leeftijd van 18 jaar al hebben bereikt.

Daarom staan er in dit beleidskader ook zaken benoemd die jongeren ouder dan 18 jaar aangaan.

Leeswijzer In dit eerste hoofdstuk staan onze visie, ambitie en beleidsdoelen beschreven. Dat wat we willen bereiken voor onze jeugd en waarom we dat belangrijk vinden. In hoofdstuk 2 staat de aanleiding van dit beleidskader jeugd uitgelegd. Hoofdstuk 3 omschrijft wat we al doen en wat we de komende periode gaan doen om onze doelen te bereiken. In dit hoofdstuk werken we onze beleidsdoelen verder uit in stuurdoelen en activiteiten. Hiermee hebben we getracht het brede jeugddomein vanuit onze rol als lokale overheid gericht weer te geven. Wanneer het gaat om jeugdigen is er veel toe te lichten. We hebben veel informatiebronnen geraadpleegd en benut voor dit beleidskader. Er zijn daarom 11 bijlagen met verdiepende informatie.

3 Woonplaatsbeginsel jeugdhulp | VNG

7

2. Aanleiding Het jeugdhulplandschap is sterk in beweging. Er liggen grote opgaven voor gemeenten. Hieronder staan de belangrijkste ontwikkelingen. In bijlage 1 staat een verdere opsomming van ontwikkelingen die ook relevant zijn. Decentralisatie Vanaf 2015 is de jeugdwet gedecentraliseerd naar gemeenten. Dit houdt in dat gemeenten vanaf 2015 verantwoordelijk zijn voor ondersteuning, hulp en zorg aan kinderen, jongeren en opvoeders. In de praktijk kunnen gezinnen gebruik maken van verschillende onderdelen van verschillende wetten. Voor gezinnen met kinderen kunnen de jeugdwet, de wet passend onderwijs, de leerplichtwet, de wet publieke gezondheid, de wet langdurige zorg, de zorgverzekeringswet, de Wmo 2015 en de participatiewet van belang zijn. Al deze wetten kunnen de grondslag zijn voor (een deel van de) ondersteuning die een gezin krijgt. In bijlage 2 staat een uitwerking van de verschillende wetten. Onhoudbaar stelsel Nu, tien jaar na dato, is het voor iedereen duidelijk dat de belofte van de decentralisatie voor de jeugdhulp niet waargemaakt is. De gedachte was dat de hulp sneller, efficiënter en dichter bij het kind georganiseerd zou worden. Maar in de praktijk worstelt het merendeel van de Nederlandse gemeenten met geldgebrek en nam het aantal kinderen met jeugdhulp alleen maar verder toe.

Het lukt niet om het goede te doen voor de meest kwetsbare jeugdigen met schrijnende situaties tot gevolg zoals ernstige vormen van kindermishandeling, kinderen die strafbare feiten plegen en kinderen met een suïcide wens. De conclusie was daarom dat grote hervormingen nodig zijn om het jeugdhulpstelsel vlot te trekken. Dit leidde tot de Hervormingsagenda Jeugd 2023-2028; een omvangrijk pakket afspraken gemaakt door cliëntenorganisaties (MIND en Ieder(in)), professionals (Samenwerkende Beroepsverenigingen Jeugd), aanbieders (Branches Gespecialiseerde Zorg voor Jeugd), de gemeenten (VNG) en het Rijk met als doel de jeugdhulp te verbeteren en financieel gezond te maken. Hervormingsagenda jeugd4 Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft op 20 juni 2023 de Hervormingsagenda Jeugd 2023-2028 aangeboden aan de Tweede Kamer. De agenda geeft de koers aan die het ministerie met de samenwerkingspartners wil varen voor de periode 2023-2028. Voor het Rijk, gemeenten en partners liggen er de volgende opgaven: •

• • • • •

Fundamenteel gesprek over opvoeden en opgroeien: Het voeren van een breed maatschappelijk gesprek over de verwachtingen en verantwoordelijkheden rondom opvoeding en opgroeien, met als doel het verminderen van de druk op de jeugdhulp. Stevige Lokale Teams: Versterken van lokale teams zodat jeugdigen en hun ouders laagdrempelig en dicht bij huis terecht kunnen voor jeugdhulp. Inzetten op het voorkomen van verblijf van jeugdigen in begeleidingsgroepen of behandelgroepen, zodat kinderen en jongeren zo thuis mogelijk kunnen opgroeien. Kwaliteit en blijvend leren: Investeren in de kwaliteit van jeugdhulp en het continu leren en ontwikkelen van professionals binnen het veld. Verbinding met aanpalende domeinen: Jeugdhulp steviger verbinden aan andere domeinen zoals onderwijs, volwassenen-ggz en bestaanszekerheid om integrale ondersteuning te bieden. Reikwijdte jeugdhulpplicht voor de meest kwetsbare jeugdigen en gezinnen: Duidelijk afbakenen en verduidelijken wat jeugdhulp is, met speciale aandacht voor de meest kwetsbare jeugdigen en gezinnen.

4 Hervormingsagenda Jeugd 2023 - 2028 | Rapport | Rijksoverheid.nl

8

• • • •

Regionalisering, standaardisatie en verbeteren inkoopstelsel: Verbeteren van de organisatie en inkoop van specialistische jeugdhulp door middel van regionalisering en standaardisatie. Data en monitoring: Ontwikkelen van een centrale en integrale data-infrastructuur om inzicht te krijgen in het functioneren van het jeugdstelsel en de effectiviteit van de geboden hulp. Nieuwe financieringssystematiek: Invoeren van een nieuwe financieringssystematiek die bijdraagt aan een houdbaar stelsel, zowel op het gebied van arbeidsmarkt als financieel. Eenvoudigere uitvoering en inkoop, minder administratieve lasten en aanpak negatieve effecten marktwerking.

Commissie van Ark De commissie van Ark is een deskundigencommissie die de opdracht heeft gekregen om een onafhankelijk zwaarwegend advies uit te brengen over de uitvoering van de maatregelen en de gepleegde inspanningen uit de Hervormingsagenda Jeugd, mede in relatie tot de uitgavenontwikkeling. De Commissie Van Ark heeft in haar rapport Groeipijn5 van 30 januari 2025 geconcludeerd dat de huidige Hervormingsagenda Jeugd noodzakelijk is, maar onvoldoende om de problemen in de jeugdzorg effectief aan te pakken. De commissie benadrukt dat de agenda te veel gericht is op het reorganiseren van de jeugdzorg zelf, terwijl de oorzaken van de hoge instroom vaak buiten de jeugdzorg liggen, zoals in het gezin, op school en in de samenleving. De belangrijkste conclusies en aanbevelingen van deze commissie zijn: •

•

•

•

Brede aanpak noodzakelijk: De commissie pleit voor een bredere benadering die zich richt op het versterken van lokale steunstructuren en het aanpakken van factoren zoals armoede, huisvesting en onderwijs, die bijdragen aan de instroom in de jeugdhulp. Financiële herziening: Er is een herijking van de financiële afspraken tussen het Rijk en gemeenten nodig. De commissie constateert dat gemeenten onvoldoende middelen ontvangen om hun wettelijke taken adequaat uit te voeren, wat leidt tot financiële tekorten en bezuinigingen die de kwaliteit van de jeugdzorg onder druk zetten. Verbetering van sturing en uitvoering: De uitvoering van de Hervormingsagenda verloopt langzamer dan verwacht. De commissie adviseert om duidelijke prestatie-indicatoren op te stellen en de governance te versterken om de uitvoering te versnellen en de effectiviteit te vergroten. Realistische besparingsdoelstellingen: De commissie waarschuwt dat de geplande besparingen van €1 miljard per jaar vanaf 2026 niet realistisch zijn zonder de kwaliteit van de jeugdzorg in gevaar te brengen. Er is onvoldoende cijfermatig inzicht om vast te stellen of deze besparingen haalbaar zijn.

Grote opgave voor gemeenten Landelijk worden besluiten voorbereid die impact hebben op gemeenten zoals de Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg, het convenant Stevige Lokale Teams van de VNG en de Wet van School naar Duurzaam werk. Dit heeft direct invloed op taken van gemeenten in relatie tot jongeren. Het stelsel wringt, net als voor alle gemeenten, ook in Middelburg. De kosten nemen toe en het aantal kinderen in jeugdhulp blijft stijgen. Het stelsel moet financieel houdbaar blijven en ook moeten we voldoende professionals hebben die het werk kunnen uitvoeren. Het vraagt om efficiëntie, slimme samenwerking en het maken van keuzes. Dit is essentieel om de zorg toegankelijk te houden voor juist die kinderen, jongeren en ouders die de hulp het hardste nodig hebben. In Zeeland werken we samen als het gaat om onze Zeeuwse jeugd. Er is door de 13 Zeeuwse gemeenten een Regiovisie Jeugdhulp Zeeland 2023 – 20286 vastgesteld. De ontwikkeldoelen die in deze visie staan omschreven, gelden ook voor Middelburg, namelijk 5 Groeipijn - advies Deskundigencommissie Hervormingsagenda Jeugd | Rapport | Rijksoverheid.nl 6 Regiovisie Jeugdhulp Zeeland 2023 - 2028

9

• • • • • •

Een sterke basis Stevige Lokale Teams Integraal en dekkend aanbod, efficiënt georganiseerd (Hoog-complexe) zorg zo thuis nabij mogelijk Kinderopvang, onderwijs en jeugdhulp verbonden Samen leren en doen wat werkt

De kernwaarden die het fundament van de regiovisie jeugdhulp vormen zijn: • • • • •

Eigen regie Lokale kracht Passende hulp Kwaliteit Samenwerken.

Jeugdhulp wordt regionaal ingekocht en contractbeheer is belegd bij de uitvoeringsorganisatie Inkoop Jeugdhulp Zeeland. Op basis van de doorgevoerde maatregelen uit de Hervormingsagenda is in de landelijke voorjaarsnota 2025 een besparingspotentieel van 1,5 miljard euro opgenomen. Voor Middelburg komt dit neer op een besparingspotentieel van bijna 5 miljoen euro. Volgens landelijke inschattingen is hiervan 3,1 miljoen euro als haalbaar en realistisch aangemerkt. De inkoop van jeugdhulp zal op termijn belegd worden bij een nieuwe gemeenschappelijke regeling, samen met de inkoop van beschermd wonen en maatschappelijk opvang. In Zeeland bundelen we onze kennis en kunde om (regionale) taken goed uit te kunnen voeren met als doel goede en betaalbare zorg te (blijven) bieden, die aansluit bij de behoeften van jeugdigen en gezinnen.

10

3. Wat gaan we daarvoor doen? In hoofdstuk 1 formuleerden we onze centrale beleidsdoelen voor dit beleidskader; preventie, normaliseren en kwaliteit. Deze drie beleidsdoelen operationaliseren we in dit hoofdstuk verder in acht stuurdoelen. Deze stuurdoelen helpen om gerichte sturing te geven aan het bereiken van de beleidsdoelen. Vervolgens staat beschreven wat we al doen op de drie niveaus van het Middelburgs model, de sociaal pedagogische basis, sociale basiszorg en aanvullende zorg, en hebben we enkele acties geformuleerd wat we komende vier jaar gaan doen om aan deze stuurdoelen te werken.

Stuurdoelen De stuurdoelen hebben we bepaald aan de hand van vragen als: − − −

Waar ligt onze (wettelijke) verantwoordelijkheid en waar ligt (bestuurlijke) prioriteit? Waar is de grootste verandering nodig? Waar verwachten we de grootste impact te kunnen hebben?

1) Beleidsdoel normaliseren Lokaal ligt de prioriteit op een samenleving waar we naar elkaar omkijken, elkaar opvangen en er voor elkaar zijn. Jeugdigen moeten veilig kunnen opgroeien, met vallen en opstaan, en dat doen ze over het algemeen het liefste met hun eigen familie en vrienden, in hun eigen omgeving. De maatschappelijk discussie over het grijze gebied tussen wanneer de ontwikkeling van een jeugdige nog voldoende goed verloopt en wanneer we jeugdigen en hun ouders verwijzen naar jeugdhulp omdat er zorgen zijn, moeten we niet uit de weg gaan. Stuurdoel: −

We bevorderen veerkracht in het dagelijks leven

2) Beleidsdoel preventie Als lokale overheid maken we de meeste impact door de komende jaren hulp te bieden die gemakkelijk te bereiken is voor inwoners en waar zij gebruik van willen maken (aantrekkelijk aanbod wat past bij de behoefte van inwoners). Die hulp moet gericht zijn op het versterken van dat wat inwoners zelf kunnen, aangevuld met lichte adviezen of ondersteuning. We benutten de kansen hiervoor binnen opvang en onderwijs optimaal. Daarmee denken we meer recht te doen aan kinderen, jongeren en hun opvoeders die ondersteuning vragen. Stuurdoelen: − − −

We bieden informatie, advies en ondersteuning die voor iedereen toegankelijk is in de leefwereld van gezinnen We maken meedoen aan het dagelijks leven mogelijk We verminderen risicofactoren

3) Beleidsdoel kwaliteit Vanuit de Jeugdwet hebben gemeenten een jeugdhulpplicht. Die plicht houdt in dat de gemeente verantwoordelijk is voor kwantitatief en kwalitatief toereikend aanbod van jeugdhulp, dit kan zowel lokaal preventief vrij toegankelijke jeugdhulp als regionaal gecontracteerde specialistische jeugdhulp zijn. Het gaat erom dat de hulp passend is voor de vraag die gesteld wordt. Bestuurders willen dat het stelsel beheersbaar blijft. Dat meer kinderen in het normale leven geholpen kunnen worden en er dus minder kinderen instromen in de gespecialiseerde jeugdhulp. Dat we gespecialiseerde jeugdhulp betaalbaar en daarmee toegankelijk kunnen houden voor kinderen en gezinnen die dit echt nodig hebben. 11

Regionaal ligt daarom de prioriteit bij veranderingsgerichte inkoopcontracten met zorgaanbieders die specialistische jeugdhulp bieden. Deze contracten ondersteunen de noodzakelijke hervorming binnen het jeugddomein. Een harde voorwaarde is dat de lokale vrij toegankelijke zorg op orde is. In termen van het Middelburgs Model: minder instroom in de aanvullende zorg, door optimale sociale basiszorg met een gezonde focus op de sociaal pedagogische basis. Stuurdoelen: − − − −

We zetten in één keer de juiste ondersteuning in We werken integraal en contextueel samen met gezinnen en professionals. We stellen veiligheid als prioriteit We zorgen ervoor dat de meest kwetsbaren de juiste hulp krijgen.

3.1 Sociaal pedagogische basis De pedagogische basis is wat we vaak 'het gewone' of 'het alledaagse' noemen. De leefomgeving, relaties en ontmoeting zijn woorden die we gebruiken wanneer het gaat over het versterken van de pedagogische basis7. De gemeente heeft als lokale overheid maar een beperkte invloed op deze basis, terwijl we het wel heel belangrijk vinden dat de sociaal pedagogische basis wordt versterkt. Dat kunnen we als gemeente niet alleen en daar moeten we het gesprek over blijven voeren met partners uit de opvang, het onderwijs, huisartsen, enz. We willen namelijk veerkrachtige inwoners, een beheersbaar stelsel en beschikbare hulp voor hen die het echt nodig hebben. Om de sociaal pedagogische basis te versterken zetten we in op de volgende stuurdoelen.

A. We bevorderen veerkracht in het dagelijks leven (beleidsdoel normaliseren) Om bij te dragen aan de veerkracht van inwoners faciliteren we laagdrempelige ontmoeting. Juist in wijken met een lagere sociaaleconomische status is het bieden van laagdrempelige ondersteuning dichtbij de inwoners van belang. We maken dit op verschillende manieren mogelijk. Mamacafés die georganiseerd worden zijn hier een voorbeeld van. Maar ook initiatieven als het Pennywafelhuis, de jongerencentra en de projecten Hart van Dauwendaele en Hart van Griffioen, waarbij we plekken creëren waar allerlei vragen over opvoeden en opgroeien beantwoord kunnen worden. We onderzoeken op welke wijze we ontmoeting de komende jaren verder kunnen versterken.

B. We maken meedoen aan het dagelijks leven mogelijk (beleidsdoel preventie) Uit onderzoek blijkt dat mee kunnen doen aan vrije tijd, sport, kunst en ander verenigingsleven een beschermende factor is8. Voor een groot aantal inwoners in de gemeente Middelburg vormen verenigingen en de (kerk)gemeenschap waar zij toe behoren een plek waar zij samen kunnen komen. Een (dorps)huis of (inloop)voorziening waar je terecht kan en waar er zo nodig troost of steun is. Als gemeente maken we meedoen (mede) mogelijk, juist voor die kinderen en gezinnen voor wie dat minder vanzelfsprekend is. Participatie aan sport en cultuur valt hier onder en daarom nemen we als gemeente Middelburg al sinds 2008 deel aan het Jeugdfonds sport en cultuur Zeeland. Hiermee betalen we de contributie voor kinderen en jongeren uit gezinnen waar te weinig geld is voor een sportclub, muziek – of dansles, schilderen, theaterschool of een andere creatieve cursus. In 2024 hebben we de deelname uitgebreid met een Volwassenfonds Sport en Cultuur. In 2024 waren er goedgekeurde aanvragen voor 481 jeugdigen en 98 volwassenen.

7 De pedagogische basis in het kort | Nederlands Jeugdinstituut 8 Top-tien-positieve-ontwikkeling-jeugd_0.pdf

12

Meedoen aan onderwijs vinden we voor alle kinderen en jeugdigen van groot belang. Onderwijs heeft meerdere essentiële functies voor opgroeiende kinderen: kwalificatie, socialisatie en personificatie. Kwalificatie gaat over leren lezen, leren schrijven, leren rekenen en het behalen van een diploma of een startkwalificatie. Socialisatie gaat over het functioneren in een groep en het voorbereiden op het goed functioneren in de maatschappij. Personificatie gaat over het jezelf als persoon leren kennen en je daarin ontwikkelen. School geeft structuur aan de dag. En de school is een goede plek om van daaruit ondersteuning voor jeugdigen en gezinnen te organiseren. Het hebben van een startkwalificatie vergroot de kans op een baan en participatie in de samenleving op latere leeftijd. We zijn als gemeente bij een zeer breed scala aan acties betrokken om kansengelijkheid in het onderwijs vorm te geven. Sinds begin 2024 is een samenwerking tussen de gemeente, kinderopvang en onderwijs met uitgangspunten vastgesteld, voor een optimale ontwikkeling van alle Middelburgse leerlingen, onder de naam ‘Samen voor het Kind - Lokaal Educatieve Agenda’ (LEA). In bijlage 8 staan verschillende ontwikkelingen met betrekking tot onderwijs en opvang, zoals de peuterconsulent en de zomerschool.

In bijlage 9 staat een overzicht van gemeentelijke taken ten aanzien van voorkomen van schooluitval en hoe we dit in Middelburg doen, onder andere met behulp van doorstroomcoaches. We maken komende periode verdere bestuurlijke afspraken in de lokaal educatieve agenda, dat wil zeggen met besturen van onderwijs, kinderopvang en samenwerkingsverbanden onderwijs, hoe we samen zorgen voor goede zorg en ondersteuning in de kinderopvang en het onderwijs.

C. We bieden vrij toegankelijke informatie, advies en ondersteuning in de leefwereld van gezinnen (beleidsdoel preventie) Preventie is onder andere mogelijk door inwoners van informatie te voorzien, bijvoorbeeld over ontwikkeling en opgroeien maar ook over waar welke vragen gesteld kunnen worden. We geven (digitale) informatie bijvoorbeeld via het platform Middelburg Ontmoet9 en bieden online cursussen zoals Ouders INC. Er is aandacht voor de jeugdigen zelf, voor volwassenen die voor jeugdigen zorgen en voor jeugdigen die als mantelzorger voor een dierbare zorgen, de zogenaamde jonge mantelzorgers. We hebben specifieke aandacht voor de overgang van 18- naar 18+, omdat we weten dat er dan veel zaken geregeld moeten worden, die niet voor iedereen vanzelfsprekend zijn. Wanneer jongeren bijna 18 jaar worden, informeert de gemeente hen daarom actief. We hebben ook een app, genaamd Kwikstart10, die jongeren kunnen gebruiken. Zowel uit de netwerkbijeenkomst als uit de enquête blijkt dat relatief veel ouders vragen hebben over de online leefwereld. Ook jongeren geven dit aan en benoemen bijvoorbeeld vragen over online pesten. We onderzoeken komende periode samen met partners hoe en waar we informatie en advies over de online leefwereld aanbieden.

Met een subsidie van ZonMW gaat Positief Gezond Innoveren11, een project van de Zeeuwse Zorg Coalitie, onderzoeken hoe de samenwerking tussen professionals en informele netwerken (vrijwilligers en naasten) op gang komt en hoe de voorliggende voorzieningen optimaal gebruikt gaan worden.

3.2 Sociale basiszorg Sociale basiszorg gaat over alle vormen van ondersteuning die voor alle jeugdigen en hun opvoeders toegankelijk zijn, zonder indicatie. We laten kinderen en hun gezin niet aan hun lot over. Zo voorkomen we dat specialistische jeugdhulp nodig is of dat kinderen in het uiterste geval met hun gezin op straat komen te 9 Sociale kaart op Middelburg Ontmoet 10 Kwikstart op Middelburg Ontmoet 11 https://www.zeeuwsezorgcoalitie.nl/projecten/positief-gezond-innoveren/

13

staan of uit huis worden geplaatst. Gedurende de looptijd van dit beleidskader zien we het richten en inrichten van de sociale basiszorg als onze belangrijkste lokale taak. Hier ligt onze wettelijke verantwoordelijkheid en dit vraagt de komende jaren van ons en onze partners nog een flinke verandering. We investeren daarom de komende beleidsperiode in de sociale basiszorg om de hervormingen een impuls te kunnen geven. Hieronder geven we aan hoe we hier komende periode op in willen zetten. We noemen allereerst dé grote en centrale opgave waar we in de looptijd van dit beleidskader aan werken; We ontwikkelen een Stevig Lokaal Team (SLT) Middelburg. Alle stuurdoelen van dit beleidskader komen terug in het ontwikkelen van het SLT. Deze vrij toegankelijke voorziening moet voor ons de spil in het lokale speelveld zijn voor, onder meer, het bieden van opvoed- en opgroeiondersteuning aan Middelburgse gezinnen en jongeren. Het gaat hier om een opgave uit de Hervormingsagenda Jeugd, die niet vrijblijvend is. Gemeenten moeten hun SLT met ingang van 2028 gerealiseerd hebben. Het SLT heeft een rol te spelen in de verbinding met zowel de sociale pedagogische basis als de aanvullende zorg. Het SLT werkt samen met inwoners, opvang, scholen, zorgpartners, veiligheidsinstanties en moet voldoende mandaat hebben om door te verwijzen naar aanvullende zorg.

De ontwikkeling van het SLT is niet alleen een opgave vanuit de Hervormingsagenda, maar sluit ook direct aan bij het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming12. In dit scenario staan het versterken van de normale leefwereld van zowel gezinnen met kinderen als huishoudens zonder kinderen, het tijdig en vrijwillig bieden van passende ondersteuning en het terugdringen van gedwongen hulp centraal. Het gaat om inwoners van –9 maanden tot 100+ jaar. Het SLT speelt hierin een sleutelrol door dichtbij gezinnen actief te zijn, veiligheid te versterken zonder te juridiseren en te zorgen voor één plan en één regisseur per gezin. Bij sociale onveiligheid is nauwe samenwerking vereist met instanties zoals Veilig Thuis, jeugdbescherming en politie. Om van een Stevig Lokaal Team te kunnen spreken, moeten bepaalde kenmerken op orde zijn. Deze kenmerken dragen eraan bij dat gemeenten vorm kunnen geven aan ontwikkelingen in het sociaal domein en tegemoet kunnen komen aan de bijbehorende verwachtingen. Deze kenmerken gaan over de betekenis en functionaliteit van lokale teams voor inwoners. De zeven kenmerken13 voor SLT’s zijn: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Omvang en expertise die past bij de vraag; Zichtbaar aanwezig (in de wijk); Samenwerking met de sociale basis; Aansluiting bij huishoudens en gezinnen; Zelf hulp bieden (ook bij onveiligheid); Breed kijken en handelen; Expertise erbij halen.

Als het gaat om de ontwikkeling van het SLT Middelburg, beginnen we niet vanaf nul. Verschillende organisaties waaronder Vizita, Orionis Walcheren, de GGD, aanbieders van jeugdhulp en de gemeentelijke Toegang in Middelburg bieden allen functionaliteiten aan inwoners, die passen bij bovenstaande kenmerken van het SLT. Op dit moment kan er in Middelburg echter nog niet gesproken worden van een SLT zoals afgesproken in de Hervormingsagenda. Hier willen we in de komende paar jaar naar toewerken, samen met partijen in onze gemeente en regio. We werken samen met onze partners zodat we optimaal gebruik kunnen maken van hun kennis uit de uitvoeringspraktijk. Samen brengen we de maatschappelijke opgave in beeld: Wat speelt er lokaal en waar lopen gezinnen en huishoudens in onze gemeente tegenaan? Om vervolgens samen vorm te geven aan onze lokale visie. 12 Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming | voor Jeugd & Gezin 13 Stap voor stap het omgevingsplan ontwerpen

14

De contacten met ervaringsdeskundigen en de enquête die we voor dit beleidskader hebben uitgezet geven al belangrijke aanknopingspunten voor het SLT. Er is behoefte aan ondersteuning dichtbij, het liefst binnen het eigen netwerk, maar als er meer nodig is dan in samenwerking met professionals met wie kinderen, jongeren en ouders een vertrouwensband kunnen opbouwen. Het SLT is laagdrempelig en toegankelijk in de leefwereld van gezinnen en jongeren aanwezig. Dit kan online zijn, op school, bij de huisarts in het gezondheidscentrum of het jongerencentrum in de buurt. De vorming van het SLT zal leiden tot veranderingen in de wijze waarop de gemeente Middelburg het sociaal domein inricht. Het belang om er te zijn voor onze inwoners, is het eerste en meest belangrijke uitgangspunt voor ons handelen. Dit kan gevolgen hebben voor de opdracht(en) aan uitvoerende organisaties zoals Vizita, de GGD en Orionis, maar ook voor onze toegang. Op dit moment is er nog geen plan over de organisatievorm of juridische entiteit voor het SLT Middelburg. Of er straks sprake moet zijn van één lokaal team of van meerdere teams of organisaties die deelopdrachten uitvoeren, onderzoeken we samen met partners. De uiteindelijke keuze hiervoor ligt bij de gemeente als opdrachtgever voor het Stevig Lokaal Team.

Het SLT is ook een belangrijke randvoorwaarde om de instroom in de geïndiceerde jeugdhulp terug te dringen. Stevige voorliggende voorzieningen zijn nodig om een alternatief te bieden aan kinderen en ouders. En om structureel de mogelijkheden van de sociaal pedagogische basis te benutten.

A. We bieden vrij toegankelijke informatie, advies en ondersteuning in de leefwereld van gezinnen (beleidsdoel preventie) Als gemeente bieden we veel verschillende vormen van vrij toegankelijke opvoed- en opgroeiondersteuning aan gezinnen en jongeren. Over het algemeen doen we dit door het verlenen van subsidie aan organisaties die deze ondersteuning bieden. Die ondersteuning kan geboden worden door vrijwilligers, zoals Homestart, of door betaalde krachten, zoals het consultatiebureau. Het kan gaan om lichte vormen van ondersteuning of hulp, denk aan een gesprek met een jongerenwerker op het schoolplein, maar ook om meer intensieve begeleiding, bijvoorbeeld de begeleiding van een gezin waar meerdere problemen tegelijk spelen door het sociaal team. Soms is de hulp gericht op het individu of het gezin, bijvoorbeeld een sociaal raadslid van Vizita dat een gezin ondersteunt bij geldzorgen. En soms gaat het om collectief aanbod zoals een weerbaarheidstraining op school gegeven door het preventief jeugdteam of de interventie Centering Zwangerschap. Ook de adviesfunctie van Veilig Thuis waar inwoners terecht kunnen voor advies bij sociale onveiligheid valt hieronder. Kortom, het bieden van vrij toegankelijke opvoed- en opgroeiondersteuning doen we al volop en kent vele vormen. We gaan door op de reeds ingezette beweging naar voren.

Dat wil zeggen dat we kijken waar en op welke manier we onze vrij toegankelijke voorzieningen kunnen versterken om zwaardere zorg te voorkomen. We onderzoeken of we de succesvolle interventie Thuisbegeleiding Zonder Indicatie ook toegankelijk kunnen maken voor gezinnen met opvoed- en opgroeiproblematiek. We onderkennen de nadelige effecten van (v)echtscheidingen op het welzijn en de ontwikkeling van de kinderen in het gezin. We investeren daarom in het vroegtijdig signaleren van eventuele problemen en het inzetten van vrij toegankelijke hulp en zo nodig specialistische hulp wanneer ouders uit elkaar gaan. In Zeeland zetten we Kind in scheiding Zeeland (KisZ) in. KisZ biedt bijvoorbeeld training voor ouders. De rechter kan gezinnen rechtstreeks verwijzen naar KisZ wanneer er sprake is van complexe echtscheidingen. KisZ werkt samen met Villa Pinedo. Bij Villa Pinedo kunnen kinderen terecht met allerlei vragen. Kinderen kunnen in contact komen met een buddy en er staan veel tips op de site van Villa Pinedo voor kinderen door kinderen van gescheiden ouders. KisZ en Villa Pinedo zien we daarom als belangrijke 15

voorliggende voorzieningen. Wanneer ouders met problemen omtrent scheiden een aanvraag doen bij de toegang worden ouders op deze voorzieningen gewezen voordat geïndiceerde zorg wordt ingezet. Overstijgend doel is om te komen tot duurzaam ouderschap, ook wanneer ouders niet meer samen zijn. We gaan door op de ingezette beweging om zo veel mogelijk in de leefwereld van jeugdigen ondersteuning te bieden. Een belangrijke vindplaats is het onderwijs. We werken nauw samen met het onderwijsveld om de juiste ondersteuning in school te bieden. Gemeenten en het onderwijs hebben hier beiden een verantwoordelijkheid in. Deze gedeelde verantwoordelijkheid en hoe we hier zo effectief mogelijk in samenwerken ten behoeve van jeugdigen, is een belangrijk onderwerp voor de LEA. We gaan door op de ingezette lijn om de samenwerking tussen het medisch en sociaal domein te versterken. Op dit moment werken onze toegangsmedewerkers al samen met huisartsen in een aantal Middelburgse praktijken. Samen met huisartsen verkennen we welke mogelijkheden er zijn om jeugdprofessionals die zelf hulp bieden als schakel tussen het sociaal domein en de huisartsenpraktijk te laten functioneren. Het doel is om direct tot oplossingen te komen, daar waar de hulpvraag gesteld wordt, om problematiek tijdig te signaleren en daarmee toeleiding naar zwaardere zorg te voorkomen.

B. We verminderen risicofactoren (beleidsdoel preventie) Binnen de gemeente Middelburg zijn er afgelopen jaren veel acties uitgezet wat betreft veiligheid voor jeugd. De gemeente Middelburg participeert bijvoorbeeld in het programma preventie met gezag. Doel van deze landelijke aanpak is het voorkomen dat jongeren afglijden in de (drugs)criminaliteit of daarin doorgroeien. Een ander voorbeeld is de persoonsgerichte aanpak. In dat kader zijn er in Middelburg twee jeugdBOA's aangesteld die zich specifiek richten op jongeren. Er is outreachend loopvermogen vanuit jongerencoaches. Er wordt gewerkt met positieve rolmodellen onder de noemer Youchoose. In bijlage 11 staat een verdere uitwerking beschreven. Er is steeds meer te doen over de online wereld waar kinderen en jeugdigen zich in bevinden. Daartoe is de richtlijn gezond en verantwoord scherm- en sociale mediagebruik14 opgemaakt. Jeugdigen leven niet deels in de fysieke wereld en deels in de onlinewereld, maar de onlinewereld is een constant aanwezig gegeven. Deze onlinewereld kan niet niet meegenomen worden, willen we veerkracht van gezinnen vergroten. In de netwerkbijeenkomst met professionals kwam dit meermaals naar boven. Er werd gesproken over een ‘digitale kloof’ tussen jongeren en professionals. Naast de risico's zien we ook kansen in het benutten van digitale instrumenten en AI.

We zetten in op vergroting van kennis over de online leefwereld in de sociale basiszorg, zowel over de risico's van de online leefwereld zoals social media als de kansen zoals e-health programma's.

C. We werken integraal en contextueel samen (beleidsdoel kwaliteit) In een SLT wordt er integraal en contextueel samengewerkt. Integraal houdt in dat er gekeken wordt naar alle leefdomeinen. Om de ondersteuningsvragen en zeker ook de positieve factoren op alle leefgebieden zoals bestaanszekerheid, daginvulling en relaties boven te krijgen. Contextueel houdt in dat naar het hele netwerk wordt gekeken. In eerste instantie betreft dit het gezin, maar ook wordt er gekeken naar familie, buren of vrienden die een steunende bijdrage kunnen hebben, op welk gebied dan ook. Om integraal en

14 Mediaopvoeding | Nederlands Jeugdinstituut

16

contextueel samen te werken moeten professionals buiten de kaders van hun eigen vakgebied kijken. Hiertoe is al veel landelijk uitgewerkt15, zoals handvatten hoe om te gaan met AVG wetgeving16.

D. We stellen veiligheid als prioriteit (beleidsdoel kwaliteit) Gemeente Middelburg hecht er groot belang aan dat we naast onze kwetsbare jeugdigen staan. Die kinderen die niet vanzelfsprekend in veiligheid op kunnen groeien willen we in beeld hebben, willen we aanhoren en willen we helpen. Dat kunnen we als gemeente niet alleen. Daarom werken we samen in de jeugdbeschermingsketen, met partijen als politie, Veilig Thuis, jeugdbescherming, en de raad voor de kinderbescherming. Dat deze keten landelijk niet effectief loopt, wat leidt tot langdurige situaties van onveiligheid17, is bekend. Middelburg vormt hier geen uitzondering op. Het SLT speelt door dichtbij gezinnen aanwezig te zijn een belangrijke rol in het versterken van de veiligheid en kan vanuit contact met gezinnen gemakkelijker veiligheidsissues bespreken. Dat de open vraag gesteld kan worden: ’Wat kan jou helpen?'. Dit is een maatschappelijke omslag voor de komende jaren. Het is noodzakelijk omdat we weten dat gedwongen hulpverlening en uithuisplaatsingen niet bijdragen aan jeugdigen die zich beter ontwikkelen of jongeren die beter in hun vel zitten18 terwijl het wel zorgt voor een hoge toestroom in specialistische jeugdhulp en leidt tot hoge kosten. Het moet dus anders.

Het doel is om minder beschermingsmaatregelen op te leggen, meer toe te komen aan het beantwoorden van hulpvragen van inwoners waar zij baat bij hebben en kinderen veilig kunnen opgroeien. Dat verstaan we onder veiligheid als prioriteit. Wanneer kinderen in een onveilige situatie zitten moet er gehandeld worden. Er zullen situaties blijven bestaan waarin gedwongen hulpverlening gevraagd wordt aan de kinderrechter. Deze moeten ingezet worden in die situaties waarin het echt niet anders kan. Komende jaren ontwikkelen we samen met onze partners een werkwijze waarin we veiligheid als prioriteit verder uitwerken.

E. We zorgen dat de meest kwetsbaren de juiste hulp krijgen (beleidsdoel kwaliteit) Om ervoor te zorgen dat we de meest kwetsbare kinderen en gezinnen kunnen (blijven) helpen moeten we zorgen dat de juiste hulp beschikbaar is en beschikbaar blijft. Dat vraagt iets van onze lokale voorzieningen zoals het SLT, maar vooral ook van de regionaal ingekochte aanvullende hulp. Lokaal betekent dit dat er voldoende expertise moet zijn om laagdrempelig en in de leefwereld van gezinnen de juiste analyse te maken van de vraag en waar mogelijk direct hulp in te zetten. In de regionale context vraagt dit om de inkoop van effectieve zorg; zorg waarvan we weten dat deze daadwerkelijk werkt. Het betekent wellicht dat we scherpere keuzes moeten gaan maken want normaliseren betekent ook dat we niet langer alles willen oplossen met jeugdhulp. Door scherper te kijken, willen we als gemeente de (financiële) ruimte behouden om juist die meest kwetsbare kinderen en gezinnen te kunnen blijven helpen. Normaliseren is een belangrijk uitgangspunt in het voorliggend veld. Het is logisch dat wanneer er meer ingezet wordt op preventie, we meer inwoners zien met vragen. Het is niet de bedoeling dat al deze inwoners toegeleid worden naar specialistische jeugdhulp. Naast het feit dat dit een onhoudbare situatie is, geloven we ook dat veel jeugdigen hier niet mee geholpen zijn.

De professionals in de basiszorg moeten daarom goed begrijpen waarom het zo belangrijk is dat zij de gezinnen versterken in de eigen omgeving. We investeren in het gesprek over normaliseren met de organisaties die vrij toegankelijke basiszorg bieden.

15 stevige-lokale-teams-werkpakketten.pdf 16 Informatie dossiervorming en gegevensuitwisseling | Publicatie | voor Jeugd & Gezin 17 https://www.nji.nl/jeugdbescherming/wat-speelt-er-rond-jeugdbescherming 18 Position paper Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming

17

3.3 Aanvullende zorg De aanvullende zorg wordt regionaal ingekocht. Hier is een indicatie, oftewel een beschikking, voor nodig die een wettelijke verwijzer opmaakt19. Onze toegang heeft als wettelijke verwijzer veel invloed op welke vorm van jeugdhulp een jeugdige en zijn gezin mag gaan gebruiken en voor welke periode.

A. We zetten in één keer juiste ondersteuning in (stuurdoel kwaliteit) Wanneer er problemen zijn waar aanvullende zorg voor nodig is, willen we snel de juiste hulp inzetten. Met juist bedoelen we hulp waar gezinnen zich door geholpen voelen. En hulp die passend is bij de (oorzaken) van de problemen. We willen gezinnen niet van hulpverlener naar hulpverlener laten gaan maar direct de juiste ondersteuner op de juiste plek bieden. Ervaringsdeskundigen gaven aan dat iemand die de tijd neemt om zich oprecht te verdiepen in de hulpvrager, diens verhaal en diens wensen, maakt dat de ondersteuning passend is. Doel is dat gezinnen na (tijdelijke) aanvullende zorg zo zelfstandig mogelijk en veilig kunnen deelnemen aan de samenleving. Goede kwaliteit leidt tot effectiviteit. Om te beginnen bij onze eigen toegang. Alle toegangsmedewerkers hebben een registratie als jeugdhulpprofessional. Een dergelijke SKJ registratie laat zien dat een jeugdprofessional goed is opgeleid, volgens de regels werkt en zichzelf blijft ontwikkelen. De processen binnen de toegang zijn goed uitgedacht. Een juridische medewerker kijkt mee of we zorgvuldig en volgens wet- en regelgeving handelen. Omdat jeugdhulp regionaal wordt ingekocht is het efficiënt om regionaal dezelfde taal te spreken. Dit geeft duidelijkheid voor aanbieders en voorkomt onnodige bureaucratie.

Dit draagt bij aan het inzetten van de juiste hulp. We nemen daarom deel aan het regionale project harmonisatie van de toegang en instrumenten met als hoofddoel één gezin, één plan, één regisseur. In de verordening jeugdhulp20 staat beschreven hoe de toegang te werk gaat, wanneer welke beschikking toegekend wordt en wat inwoners kunnen doen als ze het hier niet mee eens zijn. De verordening wordt aangepast. Hiermee creëren we ruimte om na professionele afweging specialistische jeugdhulp goed onderbouwd af te wijzen en een ander vrij toegankelijk jeugdhulpaanbod aan te bieden. We passen de verordening aan waarbij we de reikwijdte van de jeugdhulp specifieker weergeven.

B. We werken integraal en contextueel samen met gezinnen en professionals (stuurdoel kwaliteit) Een kind en zijn ouders zijn nooit ‘enkel de jeugdhulpvraag'. Onze toegang benadert alle vragen vanuit een goede hulpvraaganalyse. Hierin wordt naar alle leefgebieden gekeken, zoals wonen, bestaanszekerheid, problematiek van ouders, enz. De commissie van Ark adviseert niet voor niets dat een brede aanpak, inclusief factoren als armoede, huisvesting en onderwijs, noodzakelijk is. Wanneer er problemen zijn in een gezin waardoor de vaste lasten niet meer kunnen worden betaald, dan zorgen we ervoor dat kinderen niet op straat belanden. Het nog meer contextgericht kijken, naar de behoefte van alle gezinsleden op alle leefgebieden wordt verankerd in de werkwijze van het SLT. Er verandert veel voor jongeren vanuit wet- en regelgeving als ze 18 jaar worden. Daarom hebben we hier specifiek aandacht voor. Het streven is om doorgaande lijnen voor hulp en ondersteuning te bieden aan jongeren en hun gezin, los van de financiering. Bij de overgang van de Jeugdwet naar de Wmo moet dit

19 Enkele aanvullende zorg voorzieningen zijn zonder beschikking toegankelijk 20 https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2023-520455.html

18

voor een jongere niet uitmaken. Wanneer jongeren jeugdhulp krijgen, maken we een plan voor het moment waarop ze 18 jaar worden. Wanneer jongeren behandeling krijgen vanuit Jeugd-GGZ dan betaalt de zorgverzekeraar deze behandeling als de jongere 18 is geworden door, voor de maximale duur van één jaar. We maken gebruik van enkele zorgaanbieders die zowel een contract vanuit de Jeugdwet als de Zorgverzekeringswet hebben, waardoor behandeling vóór en na de 18de verjaardag in die doorgaande lijn aangeboden kan worden. Een dak boven je hoofd hebben is een voorwaarde om goed te kunnen ontwikkelen. We bieden jongerenhuisvesting voor jongeren vanaf 18 jaar die (dreigend) dakloos zijn. Dit is bedoeld voor jongeren die in gemiddeld twee jaar voldoende vaardigheden kunnen leren om zelfstandig te participeren in de samenleving (eventueel met enige begeleiding). Ook zijn we onderdeel van het ‘Weer Thuis op Walcheren convenant’ wat bedoeld is voor onder andere jongeren die uit een verblijfsvoorziening komen. Dit convenant maakt mogelijk dat zij versnelt een huurwoning krijgen na uitstroom uit de verblijfsvoorziening. Voldoende inkomen hebben is eveneens een voorwaarde om te kunnen ontwikkelen. Er lopen momenteel twee pilots als het gaat om jongeren en bestaanszekerheid.

Eén vanuit taken gerelateerd aan de Wmo 2015, in samenhang met taken vanuit de Participatiewet (Orionis) en hoe de samenwerking kan verbeteren. Daarnaast een pilot vanuit de gemeentelijke taak gericht op leerplicht en het behalen van een startkwalificatie, wat is belegd bij het RBL, in samenhang met de taken vanuit de Participatiewet. Er wordt in deze tweede pilot onderzocht of de opzet van een gezamenlijk jongerenloket mogelijk is. Landelijk is de JIM aanpak ontstaan. JIM staat voor Jouw Ingebrachte Mentor. Bij deze aanpak worden jongeren gevraagd om binnen de groep mensen die ze al kennen en vertrouwen, iemand te vragen als hun mentor. Iemand die hen inspireert, energie geeft en dingen leert. Met als doel gezamenlijk te werken aan een stabiele groei voor de jongere. Uitgangspunt van de JIM aanpak is: ‘met je eigen wortels groei je het mooist’. De mening van de mentor is zwaarwegend bij alle keuzes die vanuit zorg en welzijn samen met jeugdigen en hun ouders gemaakt worden. Een JIM aanpak kunnen we als gemeente niet zelfstandig implementeren. Alle instanties rondom een jongere moeten immers de JIM op waarde schatten, wil het succesvol kunnen zijn. We onderzoeken of we in Middelburg kunnen gaan werken met een JIM aanpak.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15905204/2