24-105 Bijlage 1a. Gewijzigd vast te stellen bestemmingsplan
Tekst van het document
5.4.3 Bouwhoogte bijbehorende bouwwerken a. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij een omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in artikel 5.2.3, sub a, onder 2, om een hogere bouwhoogte toe te kunnen staan; b. Aan de afwijkingsbevoegdheid als bedoeld in artikel 5.4.3 sub a wordt slechts toepassing gegeven indien: 1. het samenhangend straat- en bebouwingsbeeld en de (verkeers)veiligheid niet worden aangetast;
10
bestemmingsplan 'Schotelweg 2, 6, 8 en ongenummerd te Middelburg'
2. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken. 5.4.4 Bouwhoogte overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde a. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij een omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in artikel 5.2.3, sub a, onder 5, tot een hoogte van maximaal 10 meter; b. Aan de afwijkingsbevoegdheid als bedoeld in artikel 5.4.4 sub a wordt slechts toepassing gegeven indien: 1. het samenhangend straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheid niet onevenredig worden aangetast; 2. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken. 5.5
Specifieke gebruiksregels 5.5.1 Aan huis gebonden beroeps- of bedrijfsactiviteiten Uitoefening van aan huis gebonden beroeps- of bedrijfsactiviteiten in of bij een woning is toegestaan met inachtneming van de volgende regels: a. De woonfunctie blijft in overwegende mate behouden; b. Het gebruik de woonfunctie ondersteunt, dat wil zeggen dat degene die de activiteiten in of bij de woning uitvoert, tevens gebruiker en bewoner is van de woning; c. Het betreffen geen zodanig verkeersaantrekkende activiteiten dat deze kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte; d. De uitoefening van detailhandel, anders dan als ondergeschikte nevenactiviteit in verband met de beroeps- of bedrijfsmatige activiteit, is niet toegestaan; e. Ten hoogste 30% van de netto vloeroppervlakte van de woning en bijbehorende bouwwerken gezamenlijk, met een maximum van 50m2, mag ten behoeve van beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten in gebruik zijn; f. De gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken worden niet onevenredig aangetast. 5.5.2 Bewoning van vrijstaande bijbehorende bouwwerken Bewoning van vrijstaande bijbehorende bouwwerken is niet toegestaan.
11
bestemmingsplan 'Schotelweg 2, 6, 8 en ongenummerd te Middelburg'
Artikel 6
Waarde - Archeologie - 3
6.1
Bestemmingsomschrijving De voor 'Waarde - Archeologie - 3' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere aldaar geldende bestemming(en), mede bestemd voor bescherming en veiligstelling van archeologische verwachtingswaarden.
6.2
Bouwregels 6.2.1 Toelaatbaarheid van bouwwerken Voor het bouwen van bouwwerken gelden de volgende regels: a. op deze gronden mogen ten behoeve van de in artikel 6.1 genoemde bestemming uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd met een bouwhoogte van ten hoogste 2 m; b. ten behoeve van andere, voor deze gronden geldende bestemming(en) mag – met inachtneming van de voor de betrokken bestemming geldende (bouw)regels – uitsluitend worden gebouwd, indien: 1. het bevoegd gezag beschikt over een verklaring van de archeologische deskundige waaruit blijkt dat het opstellen van een rapport met daarin een beschrijving van de archeologische waarden van de betrokken locatie niet nodig is; 2. niet is voldaan aan het bepaalde onder 1: a. de aanvrager van de omgevingsvergunning voor het bouwen een rapport heeft verlegd waarin de archeologische waarde van de betrokken locatie naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld; b. de betrokken archeologische waarden, gelet op het onder a genoemde rapport, door de bouwactiviteiten niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning voor het bouwen regels te verbinden, gericht op het behoud van de archeologische resten in de bodem, het doen van opgravingen dan wel het begeleiden van de bouwactiviteiten door de archeologische deskundige; c.
het bepaalde in sub b is niet van toepassing, indien het bouwplan betrekking heeft op één of meer van de volgende activiteiten of bouwwerken: 1. vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering; 2. een bouwwerk met een oppervlakte van ten hoogste 500 m²; 3. een bouwwerk dat niet dieper wordt gebouwd dan 40 cm beneden het peil; 4. een bouwwerk dat zonder graafwerkzaamheden dieper dan 40 cm beneden het peil kan worden geplaatst; 5. een bouwwerk dat zonder heiwerkzaamheden kan worden geplaatst.
6.3
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden 6.3.1 Verbod voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden zonder vergunning Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van burgemeester en wethouders de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het uitvoeren van grondbewerkingen op een grotere diepte dan 40 cm beneden het peil, waartoe worden gerekend het afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren en ontginnen; b. het ophogen van gronden met een hoogte van ten minste 2 m; c. het verlagen of verhogen van het waterpeil; d. het planten of rooien van bomen waarbij de stobben worden verwijderd; e. het aanbrengen van ondergrondse kabels en leidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur.
12
bestemmingsplan 'Schotelweg 2, 6, 8 en ongenummerd te Middelburg'
6.3.2 Uitzondering op het verbod voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden Het verbod van artikel 6.3.1 is niet van toepassing, indien: a. de werken en werkzaamheden noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarbij artikel 6.2 in acht is genomen; b. de werken of werkzaamheden op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan reeds in uitvoering zijn; c. de werken en werkzaamheden ten dienste van archeologisch onderzoek worden uitgevoerd; d. de werken en werkzaamheden betrekking hebben op het uitvoeren van grondbewerkingen met een oppervlakte van ten hoogste 500 m²; e. de werken en werkzaamheden betrekking hebben op het uitvoeren van grondbewerkingen met een diepte van ten hoogste 40 cm onder het peil; f. het bevoegd gezag beschikt over een verklaring van de archeologische deskundige dat ten behoeve van de werken en werkzaamheden geen omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden als bedoeld in lid 6.3.1 nodig is. 6.3.3 Voorwaarden voor omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden De werken en werkzaamheden, zoals in artikel 6.3.1 bedoeld, zijn slechts toelaatbaar, indien: a.
de aanvrager van de omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden een rapport heeft overlegd waarin wordt aangetoond dat de archeologische waarde van de betrokken locatie naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld; b. de betrokken archeologische waarden, gelet op dit rapport, door de activiteiten niet worden geschaad of mogelijke schade wordt voorkomen door aan de omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden regels te verbinden, gericht op: 1. het behoud van archeologische resten in de bodem; 2. het doen van opgravingen; 3. begeleiding van de activiteiten door de archeologisch deskundige. 6.4
Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk 6.4.1 Verbod voor het slopen van een bouwwerk Het is verboden op of in de gronden met de bestemming 'Waarde - Archeologie - 3' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van burgemeester en wethouders , bouwwerken te slopen. 6.4.2 Uitzondering op het verbod voor het slopen van een bouwwerk Het verbod als bedoeld in artikel 6.4.1 is niet van toepassing indien: a. de sloopwerkzaamheden noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarbij het bepaalde in artikel 6.2 in acht is genomen; b. de sloopwerkzaamheden reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan; c. de diepte waar bodemverstoringen door de sloopwerkzaamheden plaatsvinden ten hoogste 40 cm beneden het peil bedraagt; d. de oppervlakte waar bodemverstoringen door de sloopwerkzaamheden plaatsvinden ten hoogste 500 m² bedraagt; e. het bevoegd gezag beschikt over een verklaring van de archeologisch deskundige dat ten behoeve van de werken en werkzaamheden geen omgevingsvergunning voor het slopen als bedoeld in lid 6.4.1 nodig is. 6.4.3 Voorwaarden voor omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk Een omgevingsvergunning voor slopen, zoals in artikel 6.4.1 bedoeld, kan slechts worden verleend indien: a.
de aanvrager van de omgevingsvergunning voor slopen van een bouwwerk een rapport heeft overlegd waarin wordt aangetoond dat de archeologische waarde van de betrokken locatie naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld;
13
bestemmingsplan 'Schotelweg 2, 6, 8 en ongenummerd te Middelburg'
b. de betrokken archeologische waarden, gelet op dit rapport, door de activiteiten niet worden geschaad of mogelijke schade wordt voorkomen door aan de omgevingsvergunning voor het slopen regels te verbinden, gericht op: 1. het behoud van archeologische resten in de bodem; 2. begeleiding van de activiteiten door de archeologisch deskundige. 6.5
Wijzigingsbevoegdheid 6.5.1 Geheel of gedeeltelijk verwijderen van archeologische bestemming Burgemeester en wethouders kunnen het bestemmingsvlak verwijderen, met inachtneming van de volgende regels: a. uit archeologisch onderzoek is gebleken dat ter plaatse geen archeologische waarden aanwezig zijn; b. op grond van archeologisch onderzoek wordt het niet meer noodzakelijk geacht dat het bestemmingsplan ter plaatse in bescherming en veiligstelling van archeologische waarden voorziet; c. alvorens omtrent de vaststelling van een wijziging te beslissen, winnen burgemeester en wethouders schriftelijk advies in bij de archeologisch deskundige. 6.5.2 Wijziging vorm bestemmingsvlak Burgemeester en wethouders kunnen de vorm van het bestemmingsvlak veranderen, met inachtneming van de volgende regels: a. wijziging is op grond van archeologisch onderzoek noodzakelijk of gewenst met het oog op de bescherming of de veiligstelling van de ter plaatse aanwezige archeologische waarden; b. er wordt geen onevenredige afbreuk gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken; c. alvorens omtrent de vaststelling van een wijziging te beslissen, winnen burgemeester en wethouders schriftelijk advies in bij de archeologisch deskundige.
14
bestemmingsplan 'Schotelweg 2, 6, 8 en ongenummerd te Middelburg'
Artikel 7
Waarde - Beschermd Stadsgezicht
7.1
Waarde - Beschermd Stadsgezicht De voor 'Waarde - Beschermd Stadsgezicht' aangewezen gronden zijn – bij wijze van dubbelbestemming – mede bestemd voor beschermd stadsgezicht en daarmee voor het behoud en/of herstel van de ter plaatse aanwezige cultuurhistorische, (historische-)stedenbouwkundige en (historisch-)architectonische waarden in verband met de ligging binnen het beschermd stadsgezicht Noordweg (zoals bedoeld in de Erfgoedwet).
7.2
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden 7.2.1 Verbod voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden zonder vergunning Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van burgemeester en wethouders de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het aanleggen of verharden van wegen, paden, banen of parkeergelegenheid en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; het wegnemen of veranderen van stoepen, alsmede het wijzigen van de wegindeling; b. het ontginnen, bodemverlagen, afgraven, ophogen of egaliseren van de bodem; c. het dempen van aanwezige waterlopen; d. het slopen van bouwwerken anders dan ter uitvoering van een bouwplan waarvoor een omgevingsvergunning voor bouwen is verleend; e. het beplanten van gronden met houtgewassen, ter plaatse waar de gronden op het tijdstip van het van kracht worden van het plan niet reeds met houtgewassen waren beplant; f. het verwijderen, kappen of rooien of beschadigen van bomen of andere opgaande beplanting. 7.2.2 Uitzondering op het verbod voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden Het verbod, zoals in artikel 7.2.1 bedoeld is niet van toepassing op: a. normale onderhoudswerkzaamheden; b. bij het van toepassing zijn van de Erfgoedwet; c.
voor het aanbrengen van maximaal 20 m 2 verharding per bouwperceel op gronden zonder bouwvlak en op gronden met de bestemming Tuin. 7.2.3 Voorwaarde omgevingsvergunning De werken of werkzaamheden, zoals in artikel 7.2.1 bedoeld, zijn slechts toelaatbaar indien daardoor geen onevenredige schade wordt toegebracht aan dan wel herstel is verzekerd van het historisch en ruimtelijk karakter van het beschermd stadsgezicht en nadat de monumentencommissie om advies is gevraagd.
15
bestemmingsplan 'Schotelweg 2, 6, 8 en ongenummerd te Middelburg'
Hoofdstuk 3
Algemene regels
Artikel 8 Anti-dubbeltelbepaling Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
16
bestemmingsplan 'Schotelweg 2, 6, 8 en ongenummerd te Middelburg'
Artikel 9
Algemene bouwregels
9.1
Overschrijding bouwgrenzen De bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, mogen in afwijking van aanduidingen, aanduidingsgrenzen en regels uitsluitend worden overschreden door: a. tot gebouwen behorende stoepen, stoeptreden, trappen(huizen), galerijen, hellingbanen, funderingen, balkons, entreeportalen, veranda's en afdaken, alsmede andere ondergeschikte onderdelen van gebouwen, mits de overschrijding niet meer dan 1,5 m bedraagt; b. de bouw van andere bouwwerken ten dienste van nutsvoorzieningen, mits deze voorzieningen van geringe horizontale en verticale afmetingen zijn en de bouwhoogte in ieder geval niet meer dan 10 m; in afwijking van het in vorige zin bepaalde bedraagt de bouwhoogte van voorzieningen voor telecommunicatie ten behoeve van privégebruik maximaal 15 m en voor gemeenschappelijk gebruik maximaal 30 m; c. voor de bouw van kleine niet voor bewoning bestemde gebouwtjes ten dienste van nutsvoorzieningen; de inhoud van deze gebouwtjes bedraagt ten hoogste 50 m³ en de bouwhoogte ten hoogste 3 m.
9.2
Bestaande maten a. De bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen die meer bedragen dan in hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen als ten hoogste toelaatbaar worden aangehouden; b. De bestaande afstands-, hoogte-, inhouds- en oppervlaktematen die minder bedragen dan in hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen als ten minste toelaatbaar worden aangehouden; c. In geval van herbouw is het bepaalde onder a en b uitsluitend van toepassing, indien de herbouw op dezelfde plaats plaatsvindt.
9.3
Parkeren 9.3.1 algemeen Bij de uitoefening van de bevoegdheid tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit geldt de regel dat voldoende parkeergelegenheid voor auto's wordt gerealiseerd, met dien verstande dat: a. aan de hand van de parkeerkencijfers van het CROW (publicatie 381 dan wel de vervanger daarvan) wordt bepaald of er sprake is van voldoende parkeergelegenheid. Daarbij wordt het gemiddelde van de bandbreedte aangehouden; b. parkeergelegenheid op eigen terrein wordt gerealiseerd en in stand wordt gehouden. 9.3.2 Afwijken Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij een omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in artikel 9.3.1, indien: a. het voldoen aan de parkeernormen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; b. op een andere wijze in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien. 9.3.3 Voorwaarden Aan de afwijkingsbevoegdheid als bedoeld in artikel 9.3.1 wordt slechts toepassing gegeven indien: a. het samenhangend straat- en bebouwingsbeeld en de (verkeers)veiligheid niet worden aangetast; b. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.
17
bestemmingsplan 'Schotelweg 2, 6, 8 en ongenummerd te Middelburg'
Artikel 10
Algemene gebruiksregels
10.1
Strijdig gebruik Het is verboden de in de dit plan begrepen gronden en bouwwerken te gebruiken, te doen of te laten gebruiken op een wijze of tot een doel strijdig met de aan de grond gegeven bestemming. Tot het verboden gebruik wordt in ieder geval gerekend: a. recreatieve verhuur van (delen van) woningen en/of vrijstaande bijbehorende bouwwerken; b. het gebruiken, te doen of te laten gebruiken van gronden voor de exploitatie van een seksinrichting, een escortbedrijf en raam- en straatprostitutie; c. het gebruiken of laten gebruiken van onbebouwde gronden: 1. als opslagplaats voor bagger, grondspecie en slib; 2. als opslagplaats voor vaten, kisten, al dan niet voor gebruik geschikte werktuigen en machines of onderdelen daarvan, oude en nieuwe (bouw)materialen, afval, puin, grind of brandstoffen.
10.2
Parkeren 10.2.1 Algemeen De gronden zoals aangewezen in de bestemmingen mogen slechts worden gebruikt onder de voorwaarden dat voldoende parkeergelegenheid voor auto's wordt gerealiseerd, met dien verstande dat: a. aan de hand van de parkeerkencijfers van het CROW (publicatie 381 dan wel de vervanger daarvan) wordt bepaald of er sprake is van voldoende parkeergelegenheid. Daarbij wordt het gemiddelde van de bandbreedte aangehouden; b. parkeergelegenheid op eigen terrein wordt gerealiseerd en in stand wordt gehouden. 10.2.2 Afwijken Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij een omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in artikel 10.2.1, indien: a. het voldoen aan de parkeernormen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; b. op een andere wijze in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien. 10.2.3 Voorwaarden Aan de afwijkingsbevoegdheid als bedoeld in artikel 10.2.2 wordt slechts toepassing gegeven indien: a. het samenhangend straat- en bebouwingsbeeld en de (verkeers)veiligheid niet worden aangetast; b. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.
18
bestemmingsplan 'Schotelweg 2, 6, 8 en ongenummerd te Middelburg'
Artikel 11 Algemene afwijkingsregels a. Het bevoegd gezag kan – tenzij op grond van hoofdstuk 2 reeds afwijking mogelijk is – bij een omgevingsvergunning afwijken van de regels in dit plan voor: 1. overschrijdingen van maten (waaronder percentages) met ten hoogste 10%; 2. overschrijding van bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, voor zover zulks van belang is voor een technisch betere realisering van bouwwerken dan wel voor zover zulks noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein; de overschrijdingen mogen echter niet meer dan 3 m bedragen en het bouwvlak mag met niet meer dan 10% worden vergroot; b. De bevoegdheid tot afwijken wordt niet gebruikt, indien daardoor onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.
19
bestemmingsplan 'Schotelweg 2, 6, 8 en ongenummerd te Middelburg'
Artikel 12 12.1
Algemene wijzigingsregels
Overschrijding bestemmingsgrenzen Burgemeester en wethouders kunnen de in het plan opgenomen bestemmingen wijzigen ten behoeve van overschrijding van bestemmingsgrenzen, voor zover zulks van belang is voor een technisch betere realisering van bestemmingen of bouwwerken dan wel voor zover zulks noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein. De overschrijdingen bedragen echter niet meer dan 3 m en het bestemmingsvlak wordt met niet meer dan 10% vergroot.
20
bestemmingsplan 'Schotelweg 2, 6, 8 en ongenummerd te Middelburg'
Artikel 13 13.1
Overige regels
Werking wettelijke regeling De wettelijke regelingen waarnaar in de regels wordt verwezen, gelden zoals deze luiden op het moment van vaststelling van het plan.
21
bestemmingsplan 'Schotelweg 2, 6, 8 en ongenummerd te Middelburg'
Hoofdstuk 4 Artikel 14
Overgangs- en slotregels
Overgangsregels
14.1
Overgangsrecht bouwwerken a. een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan; b. burgemeester en wethouders kunnen eenmalig afwijken van het bepaalde onder a. voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder a. met maximaal 10%; c. het bepaalde onder a. is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
14.2
Overgangsrecht gebruik a. het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; b. het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld onder a. te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; c. indien het gebruik, bedoeld onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; d. het bepaalde onder a. is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
22
bestemmingsplan 'Schotelweg 2, 6, 8 en ongenummerd te Middelburg'
Artikel 15 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: 'Regels van het bestemmingsplan Schotelweg 2, 6, 8 en ongenummerd te Middelburg'.
23