CConstaterende datMiddelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

24-031. Bijlage 2. Toelichting

Gemeenteraad 14 maart 2024, gemeente MiddelburgBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan 'Koudekerkseweg 135 Middelburg (Toorenvliedt) (24-031 RM)13.025 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

In de Nota van Toelichting bij de Beleidsvisie Externe Veiligheid is aangesloten bij het beleid van de provincie Zuid-Holland. Hierin staat beschreven dat de populatie op grote afstand van de bron nauwelijks invloed heeft op de grootte van het groepsrisico. Het bevoegd gezag wordt geadviseerd om de Veiligheidsregio Zeeland in de gelegenheid te stellen advies uit te brengen over hulpverlening en zelfredzaamheid indien er sprake is van invloedsgebieden van risicobronnen die op een grotere afstand dan 1.500 meter aanwezig zijn en er binnen het plangebied nieuwe of bestaande objecten of functies van meer dan 250 personen bevinden. Het plangebied ligt op een veel grotere afstand dan 1.500 meter van bovengenoemd bedrijf. Deze ontwikkeling gelegen in een stedelijke reeds druk bewoonde woonomgeving, zal in combinatie met de zodanig grote afstand tot de risicobron, niet zorgen voor een significante toename van het groepsrisico. Plaatsgebonden risico Het plaatsgebonden risico van Verbrugge ligt niet over het plangebied. Uit de QRA blijkt dat bij de inrichting de PR 10-6 buiten de inrichtingsgrens ligt. De PR 10-6 reikt niet verder dan 600 meter. Kerncentrale Borssele Aan de Zeedijk 32 in Borssele is een kerncentrale gesitueerd, waar productie en distributie van elektriciteit, aardgas, stoom en warm water plaatsvindt.

De afstand van het plangebied tot de kerncentrale bedraagt circa 10,8 kilometer. Voor de kerncentrale van Borssele zijn veiligheidsmaatregelen getroffen mocht zich onverhoopt een ongeval voordoen. Het gebied om de plaats van het ongeval is in drie zones ingedeeld. Elke zone heeft een eigen maatregel. Dit betekent bijvoorbeeld voor de kerncentrale in Borssele: evacuatie tot op 5 kilometer van de kerncentrale, slikken van jodiumtabletten tot op 10 kilometer en schuilen tot op 20 kilometer. Omdat de afstand van het plangebied tot de kerncentrale meer dan 10 kilometer bedraagt, is het plangebied gelegen binnen de zone waarin wordt geadviseerd te schuilen, mocht zich onverhoopt een ongeval voordoen. Het aspect 'externe veiligheid' vormt geen belemmering voor het planologisch mogelijk maken van de voorgenomen ontwikkeling.

Juust

29

Koudekerkseweg 135 Middelburg (Toorenvliedt)

4.7

Geluid

Geluid kan hinderlijk en schadelijk voor de gezondheid zijn. Zo kunnen hoge geluidsniveaus het gehoor beschadigen. Maar ook verstoring van de slaap kan op de lange duur slecht zijn voor de gezondheid. In Nederland zijn afspraken gemaakt over wat acceptabele geluidsniveaus zijn en wat niet (de geluidsnormen). Bij ruimtelijke plannen kan akoestisch onderzoek nodig zijn om geluidhinder bij geluidgevoelige objecten (scholen, woningen, etc.) te voorkomen. De Wet geluidhinder (Wgh) bevat geluidnormen en richtlijnen over de toelaatbaarheid van geluidniveaus als gevolg van rail- en wegverkeerslawaai, industrielawaai en luchtvaartlawaai. Een akoestisch onderzoek moet worden uitgevoerd als een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling een geluidgevoelig object mogelijk maakt binnen een geluidzone van een bestaande geluidbron of indien het plan een nieuwe geluidbron mogelijk maakt. Op 18 februari 2022 is door Kraaij Akoestisch Adviesbureau een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar wegverkeerslawaai (zie Bijlage 6). In dit onderzoek is de bestaande bedrijfswoning niet meegenomen. De Wet geluidhinder kent het begrip bedrijfswoning niet. Een bedrijfswoning is gewoon een woning, waarvoor het mogelijk is een hogere waarde (als nodig) te verlenen.

In dit geval gaat het om een bestaande en vergunde bedrijfswoning waar op basis van het geldende bestemmingsplan het al mogelijk is om een bedrijfswoning te realiseren. Om die reden hoeft geen (nieuwe) hogere waarden te worden vastgesteld. Op basis van art. 76 lid 3 Wgh hoeft de geluidsbelasting van een aanwezige weg op bestaande woningen niet getoetst te worden aan de grenswaarden. De Koudekerkseweg ten oosten van de aansluiting met de Laan der Verenigde Naties wordt ingericht als een 30 km/uur weg. Omdat dit besluit is genomen, wordt in voorliggend akoestisch onderzoek de Koudekerkseweg ten oosten van de aansluiting met de Laan der Verenigde Naties als 30 km/ uur weg beschouwd. Dergelijke wegen hebben volgens de Wgh geen geluidzone en formeel dus ook geen toetsingsplicht aan de Wgh. Gelet op de korte afstand van dit weggedeelte tot het plan en de te verwachten relatief hoge verkeersintensiteit is dit weggedeelte, in het kader van een goede ruimtelijke ordening, in de beoordeling van het woon- en leefklimaat meegenomen. De Koudekerkseweg ten westen van de aansluiting met de Laan der Verenigde Naties blijft wel een snelheidsregime van 50 km/ uur houden en heeft dus een geluidzone. In het onderzoek worden dit deel van de Koudekerkseweg en de Laan der Verenigde Naties als één weg beschouwd.

De geluidbelasting vanwege de Laan der Verenigde Naties bedraagt de geluidbelasting ten hoogste 37 dB, waarmee wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Het treffen van maatregelen ter verlaging van de geluidbelasting is niet noodzakelijk. Ook het vaststellen van een hogere waarde en toetsing aan het gemeentelijk beleid wordt niet noodzakelijk geacht. De geluidbelasting vanwege de Koudekerkseweg ten oosten van de aansluiting met de Laan der Verenigde Naties bedraagt ten hoogste 46 dB. Hiermee wordt voldaan aan de richtwaarde van 48 dB, in lijn met de Wet geluidhinder. Dit deel van de Koudekerkseweg is daarom niet relevant voor de planlocatie. Het treffen van maatregelen ter verlaging van de geluidbelasting is niet noodzakelijk. De gecumuleerde geluidbelasting bedraagt ten hoogste 52 dB op de noordgevel van het noordelijk bouwblok. Het woon- en leefklimaat wordt voor de noordgevel gekwalificeerd als “goed” op de begane grond en “redelijk” op de eerste en tweede verdieping. Op de overige geveldelen van het noordelijk bouwblok is het woon- en leefklimaat “zeer goed” tot “goed”. Op het zuidelijk bouwblok is het woon- en leefklimaat “zeer goed”.

4.8

Kabels en leidingen

In het bestemmingsplan worden uitsluitend kabels en leidingen (gas, water, elektra, rioolpersleidingen) opgenomen die ruimtelijke relevantie hebben, of van belang zijn in het kader van externe veiligheid, beheer of gezondheidsrisico. Voor deze kabels en leidingen geldt een waarborgzone omdat deze wellicht een risico met zich meebrengen. Het gaat hier met name om een verhoogd risico als ze bij werkzaamheden worden geraakt. In of in de nabijheid van het plangebied liggen geen planologisch relevante kabels en/of leidingen.

Juust

30

Koudekerkseweg 135 Middelburg (Toorenvliedt)

4.9

Luchtkwaliteit

In het kader van een goede ruimtelijke ordening dient rekening te worden gehouden met luchtkwaliteit. Als het een ruimtelijk project of (te vergunnen) activiteit betreft, waarvan de bijdrage aan de luchtverontreiniging klein is, is geen toetsing aan de grenswaarden luchtkwaliteit nodig. Beoordeeld moet worden of de ontwikkeling 'Niet In Betekende Mate' (NIBM) bijdraagt aan de concentraties van diverse verontreinigende stoffen, waaronder stikstofdioxide (NO2) en fijn stof (PM10) in de buitenlucht. Als een project tot een toename voor NO2 en PM10 leidt die lager is dan de NIBM grens van 1,2 µg/m3 hoeft het project niet getoetst te worden aan de grenswaarden. Vanzelfsprekend moet er wel sprake zijn van een goede ruimtelijke ordening. In de regeling NIBM is aangegeven, dat een woningbouwlocatie met maximaal 1.500 woningen en één ontsluitingsweg is aan te merken als een ontwikkeling die NIBM bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. In het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn de jaargemiddelde concentraties NO2 , PM10 en PM2,5 in de omgeving van het plangebied, aan de hand van Grootschalige Concentratie- en Depositiekaarten Nederland (GCN en GDN), inzichtelijk gemaakt. Voor stikstofdioxide (NO2) ligt het jaargemiddelde tussen de 10 en 15 µg/m³. Voor fijn stof (PM10) ligt het jaargemiddelde tussen de 14 en 16 µg/m³ (peiljaar 2022).

Voor fijn stof (PM2,5) ligt het jaargemiddelde tussen de 6 en 8 µg/m³. De jaargemiddelde grenswaarden voor NO2, PM10 (beide 40 µg/m3) en PM2,5 (25 µg/m3) worden niet overschreden. De huidige luchtkwaliteitssituatie vormt geen belemmering voor de uitvoering van de gewenste ontwikkeling. De toename aan NO2 en PM10 is inzichtelijk gemaakt aan de hand van de NIBM tool. In paragraaf 4.12 Verkeer en parkeren is de verkeersgeneratie van het project inzichtelijk gemaakt. Deze wordt geschat op gemiddeld 101 motorvoertuigen per etmaal. In de huidige situatie wordt de verkeersgeneratie, in theorie, geschat op 200 motorvoertuigen per etmaal. Hierdoor is in de toekomstige situatie sprake van een halvering van de huidige verkeersbewegingen te verwachten. Als worst-case scenario is de 101 motorvoertuigbewegingen per etmaal doorgerekend. De NIBM tool laat zien dat deze verkeersgeneratie niet in betekende mate bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Er is geen vervolgonderzoek nodig en het aspect 'luchtkwaliteit' vormt geen belemmering voor de gewenste woningbouwontwikkeling.

Afbeelding 12 | NIBM-tool (bron: Infomil)

4.10

Natuur

De Wet natuurbescherming zorgt voor bescherming van gebieden, diersoorten, plantensoorten en bossen. De beschermde flora en fauna mag niet worden verstoord, verjaagd of worden gedood. Voorafgaand aan een ontwikkeling moet worden onderzocht of er beschermde dieren- of plantensoorten in het plangebied leven.

Juust

31

Koudekerkseweg 135 Middelburg (Toorenvliedt)

Gebiedsbescherming Het plangebied is geen onderdeel van het Natuurnetwerk Zeeland. In de omgeving van het plangebied zijn diverse Natura 2000-gebieden gelegen. Het dichtstbij gelegen Natura 2000-gebieden betreft het Natura 2000-gebied 'Westerschelde & Saeftinghe' op een afstand van 5,5 kilometer tot het plangebied. Naar aanleiding van de uitspraak van de Raad van State van 29 mei 2019 over de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) en de AERIUS Calculator moet en kan voor dit plan de uitstoot van stikstof en de neerslag daarvan op Natura 2000-gebieden worden berekend. Voor de realisatiefase en gebruiksfase is een AERIUS-berekening uitgevoerd (zie Bijlage 7). De uitkomst is dat er geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j zijn. Het project heeft daarmee geen negatief effect op de instandhoudingsdoelstellingen van de Natura 2000-gebieden. Er is geen vergunning op grond van de Wet natuurbescherming nodig, er geldt ook geen 'aanhaakplicht' in het kader van het verlenen van een omgevingsvergunning. Soortenbescherming Nieuwe ontwikkelingen kunnen effect hebben op beschermde gebieden en beschermde soorten. Een quickscan flora en fauna is nodig om te achterhalen of in het plangebied beschermde dieren en planten aanwezig zijn en of de ontwikkeling effect heeft op beschermde natuurgebieden in of bij het plangebied.

In januari 2022 is door Natuur-Wetenschappelijk Centrum een quickscan flora en fauna uitgevoerd (zie Bijlage 8). Uit onderzoek blijkt dat de aanwezigheid van vaste verblijfplaatsen van boombewonende vleermuizen met zekerheid uitgesloten kan worden. Verblijfplaatsen van gebouwbewonende vleermuizen kunnen niet met zekerheid uitgesloten worden voor het pand op perceel 2818. Echter blijft dit pand behouden. Daarnaast zullen vleermuizen het plangebied mogelijk wel gebruiken om te foerageren maar betreft het geen essentieel foerageergebied. Waarschijnlijk zullen de vleermuizen met name in de bosrijke omgeving ten zuiden en ten noordwesten van het plangebied foerageren of langs het Kanaal door Walcheren. Er zijn geen nesten van kraaiachtigen of verblijfplaatsen van vogels met een vaste verblijfplaats aangetroffen in het plangebied. Er zijn wel verblijfsmogelijkheden voor de Huismus (Passer domesticus) onder de dakpannen van de woning, naast perceel 2818, aan de Koudekerkseweg maar deze woning blijft behouden. De bebouwing binnen het plangebied is niet geschikt als verblijfplaats voor marterachtigen. De dieren zullen het plangebied ook niet gebruiken als jachtgebied of als schuilmogelijkheid, er is weinig beschutting aanwezig. Binnen het plangebied worden geen individuen van de rugstreeppad of de levendbarende hagedis verwacht.

Deze soorten bevinden zich op te grote afstand en het plangebied is marginaal geschikt. Vanuit de Wet natuurbescherming gelden op basis van het bovenstaande geen andere verplichtingen dan de zorgplicht. Bij de sloop van de kassen zal echter wel eerst het anti worteldoek verwijderd moeten worden om te controleren of deze vrij zijn van amfibieën. Waar nodig kan er gebruik gemaakt worden van ecologische begeleiding tijdens de werkzaamheden. Verder is noemenswaardig dat met de gewenste ontwikkeling juist groen wordt toegevoegd in de vorm van inheemse soorten. Het zuidoostelijke deel van het plangebied blijft onbebouwd en wordt ruimtelijk toegevoegd aan het park Toorenvliedt. Hiermee is het project van toegevoegde waarde op het gebied van ecologie. Het aspect natuur staat de ontwikkeling niet in de weg.

4.11

Niet gesprongen explosieven

In de Tweede Wereldoorlog is in Zeeland veel gevochten. Doordat tijdens de gevechten niet alle munitie is ontploft zijn er tot op de dag van vandaag blindgangers in de bodem te vinden. De Provincie Zeeland heeft een kaart ontwikkeld waar op te zien is waar gevochten is en waar een grote kans is om blindgangers in de bodem aan te treffen. Het plangebied ligt niet in een risicogebied voor 'niet gesprongen explosieven'. Dit aspect heeft geen invloed op de voorgenomen ontwikkeling.

Juust

32

Koudekerkseweg 135 Middelburg (Toorenvliedt)

4.12

Verkeer en parkeren

Een goede ontsluiting en voldoende parkeerfaciliteiten zijn belangrijk voor een goed functionerende ontwikkeling. In deze paragraaf wordt aandacht besteed aan de gevolgen van het plan op de verkeerssituatie in de omgeving, de verkeersgeneratie, de ontsluiting en de wijze waarop voldoende parkeergelegenheid in het plan is gewaarborgd. De gemeenteraad van Middelburg heeft een gemeentelijk verkeers- en vervoersplan (GVVP 2030) vastgesteld. Binnen het gemeentelijk parkeerbeleid wordt gestreefd naar het voldoen aan de parkeernormering bij nieuwe ontwikkelingen, inbreiding, herontwikkeling, et cetera. Van belang is dat de parkeerbalans in evenwicht blijft. Dit houdt in dat er voldoende parkeerplaatsen bij voorzieningen in een gebied worden gerealiseerd, uiteraard afgestemd op de parkeervraag. Uitgegaan wordt van de parkeernormen in de meest recente CROW-publicatie (381, Toekomstbestendig parkeren). Bij het toetsen van deze ontwikkelingen geldt als uitgangspunt dat de benodigde parkeerplaatsen in het plangebied worden gerealiseerd. Parkeren Op basis van de CROW-publicatie 381 'Toekomstbestendig parkeren' is het parkeerkencijfer bepaald. Er is uitgegaan van de stedelijkheidsgraad 'sterk stedelijk' en het gebiedstype 'rest bebouwde kom'. Voor koopappartementen (midden) geldt een parkeernorm van minimaal 1,3 en maximaal 2,1 parkeerplaatsen per appartement.

Dit betekent dat er gemiddeld 31 parkeerplaatsen benodigd zijn. Hiervan zijn 6 parkeerplaatsen bedoeld voor bezoekers. De twee appartementengebouwen hebben beide een half verdiepte parkeergarage waarin 12 parkeerplaatsen worden gerealiseerd. Dit betekent een totaal van 24 verdiepte parkeerplaatsen. De overige 7 parkeerplaatsen worden op maaiveld gerealiseerd bij Huize Toorenvliedt. Hier is al een parkeervoorziening gerealiseerd (zie afbeelding 13). Het is de bedoeling om deze voorziening qua inrichting te verbeteren en te ontsluiten via het nieuwe plan. Het plan kan dan gebruik maken van restcapaciteit parkeerplaatsen voor bezoekers parkeren die aldaar aanwezig zijn. Hierdoor wordt voorzien in de parkeerbehoefte.

Juust

33

Koudekerkseweg 135 Middelburg (Toorenvliedt)

Afbeelding 13 | Luchtfoto huidige parkeerterrein Huis Toorenvliedt (bron: PDOK, bewerking Juust) Verkeersgeneratie en ontsluiting Op basis van de CROW-publicatie 381 'Toekomstbestendig parkeren' is ook de verkeersgeneratie bepaald. Per appartement is de minimale verkeersgeneratie 5,2 en maximaal 6,0 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Uitgaande van het gemiddelde betekent dit een verkeersgeneratie van afgerond 101 motorvoertuigbewegingen per etmaal (gemiddelde weekdag). Het plangebied is ontsloten op de Koudekerkseweg. De verkeersgeneratie is goed af te wikkelen op de omliggende wegen. De verkeersgeneratie van het tuincentrum komt immers volledig te vervallen. Dit zijn in theorie gemiddeld 200 verkeersbewegingen op basis van een bedrijfsvloeroppervlakte van 1.350 m² (gemiddeld 14,75 motorvoertuigbewegingen per etmaal per 100 m² bvo). Hierdoor worden de verkeersbewegingen in de toekomstige situatie gehalveerd ten opzichte van de huidige situatie. Het aspect verkeer en parkeren vormt geen belemmering voor de gewenste ontwikkeling.

4.13

Water

Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) stelt een watertoets in ruimtelijke plannen verplicht. Beschreven moet worden op welke wijze in het plangebied met water en watergerelateerde aspecten wordt omgegaan. Voorkomen moet worden dat ontwikkelingen in het ruimtegebruik ongewenste effecten hebben op de waterhuishouding. Een goede afstemming tussen beiden is derhalve noodzakelijk om problemen, zoals bijvoorbeeld wateroverlast, slechte waterkwaliteit, verdroging, etc., te voorkomen. Thema en water(beheer)doelstelling Uitwerking Veiligheid waterkeringen Het plangebied lig niet in en in de nabijheid van een Waarborgen van het veiligheidsniveau en rekening waterkering. houden met de daarvoor benodigde ruimte.

Juust

34

Koudekerkseweg 135 Middelburg (Toorenvliedt)

Voorkomen overlast door oppervlaktewater Het plan biedt voldoende ruimte voor het vasthouden, bergen en afvoeren van water. Waarborgen van voldoende bouwpeil om overstroming vanuit oppervlaktewater in maatgevende situaties te voorkomen. Rekening houden met de gevolgen van klimaatverandering en de kans op extreme weersituaties.

In de huidige situatie is het dakoppervlak 1.446 m². Dit bestaat uit de woning (70 m²), bijgebouw (86 m²) en het tuincentrum (780 + 510 m²). In de nieuwe situatie vervalt het tuincentrum en komen er twee appartementengebouwen van elk 520 m² bij. In totaal een oppervlakte van 1.196 m². De dichte bodemverharding in de huidige situatie is ongeveer 600 m². In de toekomstige situatie wordt ongeveer een gelijke oppervlakte verwacht. Door een afname van 250 m² in verhard oppervlak ten opzichte van de bestaande situatie is er geen extra waterberging benodigd. De openbare ruimte rondom de appartementengebouwen wordt betrokken bij het park Toorenvliedt. De groene inrichting en huidige watergangen rondom het plangebied zorgen ervoor dat het plan voldoende ruimte biedt voor het vasthouden, bergen en afvoeren van water. Voorkomen overlast door hemel- en afvalwater Het hemelwater op het dak wordt met een Waarborgen optimale werking van de zuiveringen/ hemelwaterafvoer afgevoerd naar het maaiveld. Hier RWZI's en van de (gemeentelijke) rioleringen. wordt het hemelwater zoveel mogelijk geïnfiltreerd in Afkoppelen van (schone) verharde oppervlakken in de bodem en afgevoerd naar de huidige watergangen verband met de reductie van hydraulische belasting van rondom het plangebied. de RWZI, het transportsysteem en het beperken van overstorten.

Het huishoudelijk afvalwater wordt gescheiden van het hemelwater via het bestaande gemeentelijke rioolstelsel en aangeboden voor zuivering. De mogelijkheden om aan te sluiten op het gemeentelijke rioolstelsel dient nader met de gemeente (en het waterschap RWZI) te worden afgestemd. Grondwaterkwantiteit en verdroging De ontwikkeling voorziet niet in het onttrekken van Voorkomen en tegengaan van grondwateroverlast grondwater. Er wordt eventuele grondwateroverlast en -tekort. Rekening houdend met de gevolgen voorkomen door zoveel mogelijk groen toe te passen. van klimaatverandering. Beschermen van infiltratiegebieden en –mogelijkheden. Grondwaterkwaliteit De grondwaterkwaliteit zal als gevolg van de Behoud of realisatie van een goede ontwikkeling niet verslechteren. Er worden duurzame, grondwaterkwaliteit. Denk aan niet uitloogbare materialen toegepast. grondwaterbeschermingsgebieden.

Juust

35

Koudekerkseweg 135 Middelburg (Toorenvliedt)

Oppervlaktewaterkwaliteit Het regenwater wordt gescheiden getransporteerd Behoud of realisatie van goede naar het oppervlaktewater (oppervlakkig of via een oppervlaktewaterkwaliteit. Vergroten van de veerkracht regenwaterriool). Er zal geen gebruik worden gemaakt van het watersysteem. Toepassing van de trits van uitloogbare materialen. schoonhouden, scheiden, zuiveren. Volksgezondheid Waar redelijkerwijs mogelijk, worden langs waterlopen Minimaliseren risico watergerelateerde ziekten en flauwe (en natuurvriendelijke) oevers aangelegd. plagen. Voorkomen van verdrinkingsgevaar/-risico's via o.a. de daarvoor benodigde ruimte. Bodemdaling Het hemelwater voert waar mogelijk oppervlakkig af Voorkomen van maatregelen die (extra) naar de bermen, waar het kan infiltreren in de bodem. maaiveldsdalingen in zettinggevoelige gebieden Voor meer hevige regenbuien kunnen er drains en kunnen veroorzaken. kolken worden aangebracht. Natte natuur Met de gewenste ontwikkeling worden waardevolle Ontwikkeling/bescherming van een rijke gevarieerde en wateren en natte natuur niet aangetast. natuurlijk karakteristieke aquatische natuur. Onderhoud oppervlaktewater Aan de oost- west en zuidkant bevinden zich Oppervlaktewater moet adequaat onderhouden secundaire waterlopen. Allen met een worden. Rekening houden met obstakelvrije beschermingszone van 7 meter.

De beschermingszone onderhoudsstroken vrij van bebouwing en opgaande geldt aan weerszijden van de leggerwateren. Aan de (hout)beplanting. planzijde dienen deze als onderhoudsstrook van de waterlopen.

Afbeelding: Legger Oppervlaktewaterlichamen Binnen de onderhoudsstroken van 7 meter langs de secundaire watergangen worden geen gebouwen geprojecteerd, behalve het zuidelijk gelegen gebouw aan de oostkant. Hier wordt bijna 6 meter gehaald waardoor het onderhoud van de watergang niet hoeft te worden belemmerd. Anderer belangen waterbeheer Relatie met eigendom waterbeheerder Ruimtelijke ontwikkelingen mogen de werking van objecten (terreinen, milieuzonering) van de waterbeheerder niet belemmeren. Wegen in beheer bij het waterschap (alleen invullen voor zover van toepassing)

Juust

In het plangebied zijn geen gronden en objecten van het waterschap gelegen.

Niet van toepassing.

36

Koudekerkseweg 135 Middelburg (Toorenvliedt)

4.14

Milieu Effect Rapportage

In onderdeel D van de bijlage van het Besluit m.e.r. zijn diverse activiteiten opgenomen waarvoor een m.e.r.-beoordelingsplicht geldt. Hierbij moet beoordeeld worden of er sprake is van (mogelijke) belangrijke nadelige milieugevolgen. Als deze niet uitgesloten kunnen worden geldt een m.e.r.-plicht. In onderdeel D is per activiteit de drempelwaarde benoemd. Als een activiteit voorkomt in onderdeel D en boven de drempelwaarde komt, geldt voor het te nemen besluit een m.e.r.-beoordelingsplicht. Indien er activiteiten plaatsvinden die in onderdeel D zijn opgenomen, maar onder de drempelwaarde blijven, dient er nagegaan te worden of het project grote milieugevolgen heeft. Deze toets dient plaats te vinden aan de hand van de criteria uit bijlage III van de Europese richtlijn m.e.r.. De hoofdcriteria waaraan getoetst moet worden zijn: kenmerken van het project, plaats van het project en kenmerken van het potentiële effect. Het bevoegd gezag dient vervolgens voor de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan een besluit te nemen of er een MER moet worden opgesteld. De grondslag hiervoor is een vormvrije m.e.r.-beoordeling. In onderdeel D van het Besluit m.e.r. is de activiteit (11.2) "De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen." opgenomen.

Een 'formele' besluit-m.e.r.-beoordeling is dan vereist, indien sprake is van een van de aangewezen besluiten in kolom 4 van de bijlage bij het Besluit m.e.r en indien sprake is van een geval zoals opgenomen in kolom 2. Voor categorie D.11.2 is sprake van een dergelijk geval indien de activiteit betrekking heeft op (1) een oppervlakte van 100 hectare of meer, (2) een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat, of (3) een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m² of meer betreft. Onderhavige ontwikkeling betreft een stedelijk ontwikkelingsproject als bedoeld in bovengenoemde activiteit. De ontwikkeling ligt ruim onder de drempelwaarde. Een vormvrije m.e.r-beoordeling is dan noodzakelijk. Hiervoor is aanmeldnotitie opgesteld (zie bijlage Bijlage 9). Uit de vormvrije m.e.r.-beoordeling (en voorgaande paragrafen) blijkt dat de ontwikkeling niet leidt tot belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu.

4.15

Conclusie

Omgevingsaspecten zijn onderzocht en vormen geen belemmering voor de ontwikkeling. Planologische medewerking aan het initiatief ligt dan ook in de rede.

Juust

37

Koudekerkseweg 135 Middelburg (Toorenvliedt)

Hoofdstuk 5 5.1

Uitvoerbaarheid

Financiële uitvoerbaarheid

Voor bouwplannen zoals die zijn aangewezen in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is het uitgangspunt dat de gemeenteraad een exploitatieplan vaststelt. Van de verplichting een exploitatieplan vast te stellen kan onder andere worden afgeweken als het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd, bijvoorbeeld door een anterieure overeenkomst of doordat de verplicht te verhalen kosten zijn verdisconteerd in de grondprijs. Dit plan voorziet in de bouw van 18 appartementen. Dit betreft een bouwplan, zoals dat hierboven is benoemd. De gemeente Middelburg sluit met de initiatiefnemer een (anterieure) overeenkomst waarin onder andere het kostenverhaal is geregeld. De kosten die gemaakt worden bij de uitvoering van de ontwikkeling zijn voor rekening van de initiatiefnemer. Ook eventuele planschade wordt op de initiatiefnemer verhaald. De ontwikkeling heeft voor de gemeente geen negatieve financiële gevolgen. Voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning zullen de gebruikelijke leges in rekening worden gebracht.

5.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Participatie Initiatiefnemer heeft samen met de gemeente contact gezocht met eigenaren van direct aangrenzende percelen, de direct omwonenden, het wijkteam en andere belanghebbenden om het voornemen van dit plan toe te lichten en om af te tasten of er misschien gevoeligheden zijn, wensen zijn, vragen zijn, waar in de verdere planvorming rekening mee gehouden moet of kan worden. In december 2020 heeft een eerste ronde van gespreken plaats gevonden en is gesproken met direct omwonenden, met een afvaardiging van de Club Jeu de Boules Middelburg, met de voorzitter van de Mikke, met de wijkmanager en voorzitter van het wijkteam. In februari 2023 zijn opnieuw gesprekken gevoerd met omwonenden en belanghebbenden. Dit voorafgaande aan de openbare inloopavond. Openbare inloopavond Op 22 februari 2023 heeft een openbare in loopavond plaats gevonden. Tijdens deze avond waren de stedenbouwkundige en juridisch adviseur RO namens de gemeente, de architect, landschapsarchitect en de initiatiefnemer aanwezig. Tijdens deze avond zijn 15 á 20 mensen ontvangen. Een deel van de bezoekers heeft de contactgegevens genoteerd. Tijdens deze avond zijn er geen op- en of aanmerkingen ontvangen die verwerkt moeten worden in de plannen. Voor het volledige participatieverslag wordt verwezen naar Bijlage 11. Vooroverleg Vooroverleg zoals bedoeld in artikel 3.1.1.

van het Besluit ruimtelijke ordening is voor dit plan van toepassing. In het kader van dit bestuurlijke vooroverleg is het plan in ieder geval toegezonden aan de provincie, het waterschap en de veiligheidsregio. Zij zijn akkoord met de ontwikkeling en het bestemmingsplan. De Provincie Zeeland heeft tijdens de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan een reactie gegeven (geen zienswijze). Een samenvatting van deze reactie is hieronder weergegeven: Archeologie: Het archeologisch onderzoeksrapport moet nog door de WAD, als adviseur archeologie van de bevoegde overheid, worden goedgekeurd. Er wordt aangegeven dat bodem verstorende activiteiten beperkt blijven tot de locatie van de twee appartementencomplexen. Paragraaf 4.2 Archeologie en cultuurhistorie is hierop aangevuld. Cultuurhistorie: De voorgenomen ontwikkeling is ten opzichte van het huidige een kwalitatieve toevoeging.De oplossing om de auto-entree te verplaatsen is positief evenals de groene omlijsting. Het plan laat echter geen onderbouwing zien waarom de ontwikkeling wel/geen afbreuk doet aan de cultuurhistorische waarden van het naastgelegen monumentale ensemble. De provincie ziet graag een

Juust

38

Koudekerkseweg 135 Middelburg (Toorenvliedt)

onderbouwing. Paragraaf 4.2 Archeologie en cultuurhistorie is hierop aangevuld. Wonen: Het plan is niet opgenomen in de planmonitor en de ladderonderbouwing is twijfelachtig. Paragraaf 3.1 Rijksbeleid is hierop aangevuld. Ter inzage legging ontwerpbestemmingsplan Gelet op het bepaalde in artikel 3.8 Wro in combinatie met afdeling 3.4 Awb wordt een ontwerpbestemmingsplan, na voorafgaande bekendmaking, gedurende een periode van zes weken ter inzage gelegd. Een ieder is dan in de gelegenheid zijn of haar zienswijze mondeling of schriftelijk kenbaar te maken bij de gemeenteraad. Vaststelling van het bestemmingsplan, al dan niet in gewijzigde vorm, gebeurt met inachtneming van de ingediende zienswijzen. Het ontwerpbestemmingsplan heeft ter inzage gelegen van 6 juli tot en met 16 augustus 2023. Gedurende deze termijn zijn geen zienswijzen ingediend.

Juust

39

Koudekerkseweg 135 Middelburg (Toorenvliedt)

Juust

40

Koudekerkseweg 135 Middelburg (Toorenvliedt)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13798220/1