CConstaterende datMiddelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

24-002 Bijlage 1. Middelburgse woon- zorg- en welzijnsvisie tot 2040

Gemeenteraad 1 februari 2024, gemeente MiddelburgBij agendapunt: Middelburgse woon-zorg en welzijnsvisie tot 2040 (24-002 MZ)11.383 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Middelburgse Visie op wonen, zorg en welzijn tot 2040 Voor u ligt de visie op wonen, zorg en welzijn. Deze visie geeft een beeld van de organisatie van wonen, zorg en welzijn tot 2040. Het geeft inzicht in de kansen en bedreigingen, wensen en ideeën van inwoners. En mogelijke keuzes om deze opgaven voor onze inwoners voor de toekomst zo goed mogelijk te organiseren. De visie is een start om te komen tot nadere prestatieafspraken met de woningcorporaties. Ook leidt de woon-, zorg- en welzijnsvisie tot afspraken met de zorgaanbieders en welzijnsorganisaties. In de afspraken worden de financiële gevolgen van keuzes nader toegelicht. Gekoppeld aan deze afspraken volgt een uitvoeringsagenda. Hierin staat concreet wat we wanneer waar gaan doen. De uitvoeringsagenda wordt per periode van 5 jaar opgemaakt. De woon-, zorg- en welzijnsvisie, de (prestatie)afspraken en de uitvoeringsagenda zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Deze visie is tot stand gekomen door een brede samenwerking met de organisaties die in Middelburg betrokken zijn bij deze opgaven. Door stakeholdersbijeenkomsten, verdiepende interviews en door gerichte vragen te stellen over de inzet van personeel, preventie en kansen en bedreigingen is een gezamenlijk beeld tot stand gekomen. Een aantal stakeholders heeft de conceptversie van dit document gelezen en van feedback voorzien.

Naast de interactie met stakeholders hebben we voor deze visie gebruik gemaakt van de informatie uit het Burgerberaad Zeeuwse Zorgcoalitie. In dit Burgerberaad kwamen eveneens de onderwerpen wonen en zorg aan bod. We hebben ook twee Middelburgse participatiebijeenkomsten gehad. De eerste met de groep inwoners tussen 55-60 jaar oud. Zij zijn namelijk de ouderen van de toekomst. De tweede was met cliëntenvertegenwoordigers van inwoners met een licht verstandelijke beperking, GGZ problematiek, een hulpvraag op het gebied van beschermd wonen of mensen die (dreigend) dakloos zijn. De informatie uit het burgerberaad en uit de beide participatiebijeenkomsten hebben waardevolle informatie opgeleverd over de vraag welke wensen en ideeën inwoners hebben over wonen, zorg en welzijn in 2040. De integrale aanpak is intern geborgd door een brede verbinding tussen de beleidsafdelingen van Samenleving en Leefomgeving en de uitvoering van TIM. Op onderdelen zijn ook andere afdelingen betrokken geweest. Tot slot Door deze aanpak, inclusief de participatie, hebben we er vertrouwen in u met deze visie op wonen, zorg en welzijn tot 2040 een gedegen basis voor de keuzes voor de komende jaren aan te bieden. Wethouders Willemien Treurniet Rutger Schonis

Middelburgse woon-, zorg-, en welzijnsvisie 2024 – 2040 Wonen, zorg en welzijn in Middelburg

Leeswijzer In hoofdstuk 1. wordt de noodzaak tot de opstelling van een visie op wonen, zorg en welzijn toegelicht. In hoofdstuk 2. komen de doelgroepen aan bod die wel of niet onderdeel uitmaken van deze woon-, zorg- en welzijnsvisie. En is aangegeven waarom deze keuzes zijn gemaakt. Hoofstuk 3. behandelt de algemene uitgangspunten en de kaders die bepalend zijn voor de visie. Hoofstuk 4. geeft een verdiepend beeld van de doelgroepen van deze woon-, zorg-, en welzijnsvisie. De omvang en ontwikkeling van de doelgroep en de betekenis daarvan voor de opgaven. Hoofdstuk 5. beschrijft het vervolgproces ten aanzien van de (prestatie)afspraken en de uitvoeringsagenda. Ook wordt hier de toekomstige regionale samenwerking toegelicht. Hoofdstuk 6. geeft een weergave van puntsgewijze visiepunten die samengevat zijn terug te lezen in dit laatste hoofdstuk, in een logische volgorde. Door het hele document zijn een aantal stukjes overgenomen van interviews en quotes. Deze staan in het blauw.

Inhoud Hoofdstuk 1 Waarom een woon-, zorg-, en welzijnsvisie .................................................................. 4 1.1 Aanleiding en doel ................................................................................................................... 4 1.2 Samenwerking en participatie .................................................................................................. 5 1.3 Relatie bestaand beleid ........................................................................................................... 6 Hoofdstuk 2 De doelgroepen van deze woon-, zorg-, en welzijnsvisie ............................................. 8 2.2 De doelgroepen die wel onderdeel uitmaken van deze woon-, zorg-, en welzijnsvisie ........... 8 2.3 De doelgroepen die geen onderdeel uitmaken van deze woon-, zorg-, en welzijnsvisie ........ 9 2.4. Voorrang bij huisvesting ....................................................................................................... 10 Hoofdstuk 3 Algemene uitgangspunten .......................................................................................... 11 3.1 Introductie .............................................................................................................................. 11 3.2 Langer en weer zelfstandig thuis ...........................................................................................

11 3.3 Personele inzet en krapte op de arbeidsmarkt ...................................................................... 12 3.4 Preventie ................................................................................................................................ 13 3.5 Domotica en e-haelth ............................................................................................................. 14 3.6 De rol van de gemeente ........................................................................................................ 15 3.7 Financiën ............................................................................................................................... 16 Hoofdstuk 4 Uitwerking doelgroepen .............................................................................................. 18 4.1 Ouderen ................................................................................................................................. 18 4.2 Inwoners die uitstromen uit Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang ...................... 20 4.3 Inwoners die uitstromen uit de jeugdzorg (18+)..................................................................... 22 Hoofdstuk 5 Vervolgproces .............................................................................................................

23 5.1 Prestatieafspraken woningcorporaties ................................................................................... 23 5.2 Afspraken zorg- en welzijnsaanbieders ................................................................................. 23 5.3 Uitvoeringsagenda ................................................................................................................. 24 5.4 Regionale samenwerking ...................................................................................................... 24 Hoofdstuk 6 De 8 visiepunten ......................................................................................................... 25

3

Hoofdstuk 1 Waarom een woon-, zorg-, en welzijnsvisie 1.1 Aanleiding en doel Onze inwoners worden ouder, de samenleving vergrijst. Een groot deel van de ouderen wonen langer zelfstandig. Daarnaast wonen meer inwoners in de samenleving die voorheen in een instelling woonden. Dit noemen we de decentralisatie en ambulantisering van de zorg en ondersteuning. Daarmee wordt bedoeld dat mensen zo veel als mogelijk in de eigen buurt leven waarbij ze thuis of dichtbij huis ondersteuning krijgen. Ook komen meer mensen van buitenaf, zoals vluchtelingen uit oorlogsgebied, die tijdelijk verblijven in onze gemeente.

Door de vergrijzing, decentralisatie en door de wijzigingen in de wetgeving veranderen het aanbieden van ondersteuning en de kijk op (geschikte) huisvesting. De kosten voor grote instellingen waar mensen met alle zorg en ondersteuning onder één dak ook verblijven, zijn in de toekomst onbetaalbaar. Die zorg heet de intramurale zorg. De extramuralisering van de zorg, dus de zorg naar de inwoners in plaats van de inwoners naar de zorg, is al jaren ingezet. Het Rijk wil ook naar het ‘scheiden van wonen en zorg’. Dat betekent dat mensen zelf een huurcontract hebben voor het wonen en dat deze niet per definitie gekoppeld is aan een zorgaanbieder. In Middelburg kennen we al verschillende complexen in die lijn. Complexen waar ouderen of mensen met een hulpvraag gezamenlijk wonen en zelf huur betalen. Ook het personeelstekort in de zorg neemt de komende jaren toe, net als in alle sectoren. In heel het land geldt de uitdaging om voor de ontwikkelingen van de dubbele vergrijzing (meer ouderen die gemiddeld ouder worden) decentralisaties, extramuralisering én het personeelstekort, passende oplossingen te bedenken. “Een hoop mensen in Beschermd Wonen zouden met goede begeleiding zelfstandig kunnen wonen.” (Persoon met ervaring, E.V.)

De keuzes die gemaakt worden op het gebied van wonen en zorg hebben gevolgen voor de inrichting van de fysieke ruimte én voor de houdbaarheid van zorg. Fysiek gaat het om woonvoorzieningen. Deze variëren van de hotelmatige intramurale instellingen waar mensen niet zelfstandig huren, tot zelfstandige woningen waar mensen thuis ondersteuning krijgen én alle mogelijke vormen daar tussen in. Bij zorg bedoelen we alle vormen van ondersteuning. Dus van mantelzorg tot professionele individuele begeleiding en van welzijn tot medische zorg. De gemeente streeft naar het welzijn van alle inwoners. Welzijn staat voor “zich welbevinden” en dat kan voor iedere persoon anders zijn. Welzijn gaat verder dan alleen de lichamelijke en geestelijke gezondheid. Ook respect, verbondenheid en zelfbeschikking behoren tot welzijn Al deze opgaven en ontwikkelingen zijn aanleiding om een integrale langetermijnvisie op wonen, zorg en welzijn te ontwikkelen. Naar verwachting wordt het in 2026 wettelijke verplicht om een woonzorgvisie te hebben. We zien de urgentie van de gevolgen van bovengenoemde 4

ontwikkelingen echter nu al in, onafhankelijk van eventuele wetgeving. Dat is de reden dat de gemeente Middelburg nu al ervoor kiest om deze visie op te stellen. De gemeente Middelburg neemt verantwoordelijkheid, passend binnen de taken en grenzen die een gemeentebestuur heeft. Bewust wordt er voor gekozen om het onderwerp welzijn van begin af aan mee te nemen en even serieus te nemen als de factor zorg. Factoren als ‘kwaliteit van samenleven’, ‘de samenredzaamheid’ en ‘in verbinding staan met elkaar’ waren, zijn en blijven voor ons zeer belangrijk. “In feite zijn we allemaal vrijwilliger van elkaar.” (Welzijn, Mariska Burger)

Doel Het doel van deze woon-, zorg-, en welzijnsvisie is om voor de periode tot 2040 planmatig vorm te geven aan passende zorg en ondersteuning voor inwoners, waarbij het welzijn zo goed mogelijk geborgd is. In combinatie met het juiste woningaanbod. Zo weten betrokken partners op het gebied van wonen, zorg en welzijn waarom we wat doen en wanneer. Ook voor onszelf geeft het richting en houvast. Met alle toekomstige besluiten zal de gemeente rekening moeten houden met deze woon-, zorg-, en welzijnsvisie. Deze onderwerpen raken namelijk alle gebieden. Ook voor onze inwoners geeft het aan waar we komende jaren mee aan de slag willen en moeten. Soms tastbaar door bouw of verbouw in wijken, soms minder tastbaar als het bijvoorbeeld gaat om afspraken tussen zorgaanbieders en de gemeente. Deze woon-, zorg-, en welzijnsvisie draagt bij aan: • • • • • •

Een toekomstbestendige, gezonde gemeente voor de inwoners; De afstemming tussen sectoren en organisaties die actief zijn op het gebied van wonen; zorg en welzijn en de onderlinge relatie; De aansluiting van vraag en aanbod op de woningmarkt; Het bieden van een kader om tot onderlinge prestatieafspraken en een uitvoeringsagenda te komen; Het bieden van een kader om lokale initiatieven te toetsen; Helderheid en transparantie voor iedereen over de vraag wat de gemeente Middelburg komende jaren wil bereiken ten aanzien van wonen, zorg en welzijn.

Aanvullend op deze woon-, zorg-, en welzijnsvisie wordt de uitvoeringsagenda en worden de intentie- en prestatieafspraken gemaakt. Deze drie documenten te samen, de woon-, zorg-, en welzijnsvisie, de uitvoeringsagenda en de intentie- en prestatieafspraken vormen de Middelburgse woonzorgopgaven van 2024 – 2040. Gedurende de looptijd tot 2040 zijn meerdere evaluatiemomenten voorzien. De resultaten van de evaluaties kunnen aanleiding zijn om de visie, de afspraken en/of de uitvoeringsagenda aan te passen. Het spreekt voor zich dat het hele vraagstuk in de samenleving omtrent wonen, welzijn en zorg over de periode tot 2040 een dynamisch proces is. 1.2 Samenwerking en participatie De gemeente is de opsteller van deze visie. Het opstellen van de visie kunnen en willen we niet alleen doen en daarom is in afstemming met ketenpartners en stakeholders het beeld van de toekomst uitgewerkt. Het schetst het beeld op de vraag hoe wonen, zorg en welzijn ook op de lange termijn eruitzien. Vragen en thema’s die hierbij aan bod zijn gekomen zijn onder meer: ‘Delen we de uitgangspunten?’ ‘Hoe houden we het betaalbaar?’ ‘Hoe is ondersteuning echt toegankelijk?, Hoe inclusief is ons aanbod?’, ‘Hoe denken we over maatwerk?’, ‘Hoe gaan we om met personeelstekort?’ en ‘Hoe denken we over preventie?’

5

Bij diverse bijeenkomsten en verdiepende interviews is een beeld gevormd over wat en hoe ketenpartners en stakeholders, ieder op hun gebied, wonen, zorg en/of welzijn ervaren en welke kansen en bedreigingen zij voor de toekomst zien. Daarbij is uitgebreid gesproken over de samenwerking tussen de gemeente en deze organisaties. Een aantal stakeholders is bij de totstandkoming van deze visie betrokken, onder andere door de beantwoording van concrete vragen en door delen van de concept woon-, zorg-, en welzijnsvisie te lezen en van nadere input te voorzien. Naast de samenwerking en afstemming met ketenpartners en stakeholders, zijn ook de inwoners zelf betrokken. Aan inwoners van 55 tot 60 jaar is gevraagd om mee te denken en hun ideeën, meningen en wensen aan te geven hoe zij over 20 jaar willen wonen. Dit is eveneens gebeurd met clientvertegenwoordigers van beschermd wonen en opvang.

1.3 Relatie bestaand beleid De gemeente heeft in eerdere beleidsnotities al het e.e.a. vastgesteld dat raakt aan wonen, zorg en welzijn. Dat betekent dat al veel beleid wordt uitgevoerd op deze gebieden. In de integrale woon-, zorg- en welzijnsvisie komen veel van deze onderwerpen bij elkaar en wordt verder gewerkt op basis van de eerdere beleidsnotities. De woon-, zorg-, en welzijnsvisie bouwt voort op de Middelburgse woonvisie, de visie op het sociaal domein, de welzijnsvisie, de Omgevingsvisie Middelburg 2050 en de regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Woonvisie Middelburg De woonvisie, aangevuld met de woonagenda, gaat over het wonen in de gemeente. Grondslag voor de woonvisie is het STEC-rapport waarin de prognose van de groei van huishoudens in Middelburg tot 2042 en de daaruit volgende woningmarktopgaven is weergegeven (zie tabel 1). Na de zomer van 2023 is er een inwonerberaad gehouden. De deelnemers van dit beraad hebben zich gebogen over de vraag op welke plekken de gemeente de woningbouwopgave voor de toekomst kan realiseren. Tot 2040 bouwt Middelburg naar verwachting nog zo’n 3.200 woningen. Voor bijna twee-derde deel daarvan is bekend waar die gebouwd kunnen worden. We zoeken nog plekken voor 900 tot 1.200 woningen.

Grotendeels voor de wat langere termijn, maar voor locaties voor sociale huurwoningen worden voor de korte termijn nog locaties gezocht. Besluitvorming door de gemeenteraad over nieuwe woonlocaties wordt in 2024 verwacht. Visie op het sociaal domein Het Middelburgs model gaat uit van een sterke sociale basis en de introductie van het sociaal team. Het gaat hierbij om makkelijk vindbare ondersteuning voor iedereen. Welzijnsvisie Het centrale uitgangspunt in deze visie is dat ontmoeting, vitale wijken en inclusie bijdragen aan het welzijn van alle inwoners. Relaties zijn gelegd met o.a. positieve gezondheid, sport en bewegen, inclusieve wijken, wijkgericht werken en de inrichting van de gebouwde omgeving. Omgevingsvisie Middelburg 2050 In deze visie staat de koers met betrekking tot de leefomgeving van Middelburg tot 2050. Het gaat daarbij om een gezonde stad, een compacte stad en tot slot een circulaire en groene stad. De omgevingsvisie bestaat uit verschillende bouwstenen. Denk aan bouwstenen die bijdragen aan het sociale domein en aan het domein van wonen, bijvoorbeeld de inclusieve wijk. Regiovisie t.a.v de beroepsbevolking In de Regiovisie Walcheren wordt nader ingegaan op het inzetten van de juiste maatregelen en verbetering van bestaande maatregelen om voldoende personeel voor alle beroepssectoren op Walcheren aan te trekken.

6

Regiovisie Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang 2022 – 2025 Deze visie is opgesteld in overeenstemming met de visie van de commissie Dannenberg; van beschermd wonen naar beschermd thuis. Dit was een eerste stap in de transformatie van beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Het gaat over het onderzoeksresultaat dat mensen niet (beter) herstellen in een groot gebouw samen met andere mensen die dezelfde problematiek hebben, en waar taken worden overgenomen zoals boodschappen doen, koken en schoonmaken. Herstel gaat beter in de wijk, in de eigen woning en samen met anderen. Een belangrijk onderdeel is de decentralisatie wat betekent dat iedere gemeente verantwoordelijk is voor de zorg en ondersteuning aan alle inwoners van die gemeente met een psychische kwetsbaarheid. Waar voorheen een inwoner mogelijk naar een grote instelling ver weg verhuisde, blijft die inwoner nu vaker in de eigen gemeente.

7

Hoofdstuk 2 De doelgroepen van deze woon-, zorg-, en welzijnsvisie 2.1. Inleiding

Het Rijk heeft richtlijnen opgesteld waar alle gemeenten aan moeten voldoen als het gaat om huisvesting en ondersteuning. Aansluitend op de verwachte verplichting van de woonzorgvisie in 2026, waarin specifieke aandachtsgroepen zijn geformuleerd, sluit deze woon-, zorg- en welzijnsvisie aan op deze door het Rijk geformuleerde doelgroepen. De landelijke programma’s ‘De Nationale Woon- en Bouwagenda’. ‘Een Thuis voor Iedereen”, en ‘Wonen en Zorg voor Ouderen’ zijn van toepassing. 2.2 De doelgroepen die wel onderdeel uitmaken van deze woon-, zorg-, en welzijnsvisie -

Ouderen

De definitie van de groep ouderen is afhankelijk van de context. In sommige informatieve stukken en bij de woonruimteverdeling geldt de grens van 55+, soms wordt met de term ‘ouderen’ mensen van een hogere leeftijd bedoeld, bijvoorbeeld boven de 80 jaar. Voor deze woon-, zorg- en welzijnsvisie sluiten we aan bij de grens van het Stec-rapport (zie tabel 1 blz 4). Hierin is de bevolking ingedeeld in leeftijdsfasen onder de 35 jaar, tussen de 35 en de 65 jaar en de groep inwoners boven de 65 jaar. Wanneer er in deze woon-, zorg- en welzijnsvisie wordt gesproken over ouderen, bedoelen we 65-plussers. -

Inwoners die uitstromen uit beschermd wonen en de maatschappelijke opvang

Beschermd wonen is een vorm van begeleid wonen voor volwassenen met psychische problemen. Deze volwassenen hebben soms naast de psychische problemen een licht verstandelijke beperking. Daarbij kan sprake zijn van een verslaving. Wanneer het binnen de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) over beschermd wonen gaat, worden verschillende vormen bedoeld. Dit zijn de intramurale hotelmatige instellingen waar mensen in een woonvoorziening van een aanbieder verblijven en geen eigen huur betalen. Ook de geclusterde beschermd wonen woonvoorzieningen waar mensen zelf huur betalen (scheiden wonen en zorg) vallen hieronder. Tot slot ook de ambulante ondersteuning Beschermd Thuis, en dagbesteding specifiek voor mensen uit deze doelgroep. Beschermd wonen is zowel mogelijk vanuit de WMO, waar de gemeente verantwoordelijk voor is, als vanuit de Wet Langdurige Zorg (Wlz). De verantwoordelijkheid en financiering van de Wlz ligt niet bij de gemeente. Aangezien inwoners die gebruik maken van beschermd wonen vanuit de Wlz ook onderdeel zijn van de samenleving, kunnen zij gebruik maken van de voorzieningen die voor alle inwoners toegankelijk zijn. Zeker nu de Wlz ook steeds meer toewerkt naar een situatie waarin de begeleiding intensief thuis vorm krijgt. In plaats van in een instelling, wonen meer mensen die met psychische problematiek te maken hebben, in de wijken en buurten.

Maatschappelijke opvang is een vorm van opvang voor volwassenen die dakloos zijn. Soms is sprake van een enkelvoudig probleem, bijvoorbeeld enkel een probleem met de financiële persoonlijke situatie en kan iemand zijn vaste (woon-)lasten niet meer betalen. Vaker spelen meer problemen een rol. Psychosociale problemen beïnvloeden gevoelens en gedachten en/of problemen in het contact met andere mensen. Die problemen zijn zo groot dat ze het dagelijks functioneren belemmeren. Ook kan sprake zijn van verslavingsproblematiek. Soms gaat het om onveilige situaties bijvoorbeeld wanneer iemand slachtoffer is van huiselijk geweld. In dat geval betreft het de ‘veilige opvang’. Met maatschappelijke opvang worden de opvang in intramurale hotelmatige woonvoorzieningen bedoeld maar ook de vormen van opvang waarbij mensen zelf huur betalen (sociale pensions). Daarnaast valt de ambulante ondersteuning vanuit de maatschappelijke opvang, dus de hulp bij mensen thuis, hieronder. Deze ambulante ondersteuning is ter voorkoming van dakloosheid als

8

dat dreigt te ontstaan maar ook de begeleiding na de opvang wanneer iemand weer zelfstandig een woning huurt, met als doel een terugval te voorkomen. Met uitstromers worden in alle gevallen die inwoners bedoeld die uit een intramurale of geclusterde woonvoorziening komen.

-

Inwoners die uitstromen uit de jeugdzorg (18+)

Kinderen en jongeren die niet thuis kunnen opgroeien worden zo mogelijk tijdelijk in een pleeggezin geplaatst. Wanneer sprake is van complex gedrag gaan ze meestal naar een gezinshuis. In een aantal situaties is het voor een kind of jongere passender om (tijdelijk) geplaatst te worden in een groep van een jeugdzorginstelling. Bijvoorbeeld wanneer wonen bij pleegouders te confronterend is of wanneer jongeren toe zijn aan een stap naar zelfstandigheid. Wanneer we het hier hebben over uitstromers uit de jeugdzorg dan bedoelen we inwoners die (net) volwassen zijn en die uit een (behandel)groep van een jeugdinstelling komen.

2.3 De doelgroepen die geen onderdeel uitmaken van deze woon-, zorg-, en welzijnsvisie -

Statushouders

De huisvesting van statushouders is een verplichting die het Rijk gemeenten halfjaarlijks oplegt. In de prestatieafspraken met de woningcorporaties is vastgelegd dat zij verantwoordelijkheid nemen om aan de huisvesting van statushouders mee te werken. De provincie houdt hier interbestuurlijk toezicht op. De afgelopen jaren is de gemeente er steeds in geslaagd om aan de opgaven te voldoen. Voor de inburgering en begeleiding zijn Vluchtelingenwerk en nu nog Welzijn Middelburg ingezet. Orionis draagt zorg voor werk en inkomen. -

Studenten

Middelburg is een studentenstad. In de beleidsnota studentenhuisvesting wordt, naast de afstemming van vraag en aanbod, de vraag beantwoord of Middelburg met extra aanbod van kamers kan sturen op de aantrekkelijkheid als studentenstad. We verwachten een groei de komende vijf jaar in het aantal studenten. In deze nota staan uitgangspunten ten aanzien van studentenhuisvesting in relatie tot de gehele woningmarkt en potentiële bouwlocaties. -

Arbeidsmigranten

Vrijwel in alle sectoren is onvoldoende personeel en arbeidsmigranten zijn welkom. Middelburg wenst passende en kwalitatieve huisvesting voor deze arbeidsmigranten te bieden. Beleidsregels zijn opgesteld over huisvesting van arbeidsmigranten in woonwijken. Met deze beleidsregels faciliteren we een passende en kwalitatieve huisvesting voor arbeidsmigranten en verwachten we een goed woon- en leefklimaat voor de omgeving te waarborgen. -

Woonwagenbewoners

Middelburg kent vijf locaties met woonwagens. Het is vastgelegd dat iedere gemeente een inventarisatie maakt van de wensen van deze bewoners over het aantal benodigde plaatsen voor woonwagens. In 2024 wordt deze inventarisatie uitgevoerd.

9

2.4. Voorrang bij huisvesting In het programma “een thuis voor iedereen” stelt het Ministerie dat zij aan gemeenten kan opleggen om in de huisvestingsverordening een urgentieregeling op te nemen. Die geldt in het voorstel voor alle doelgroepen. De omvang van al deze doelgroepen is groot. In welke vorm deze maatregel ook doorgaat, het vraagt hoe dan ook een enorme inspanning van de woningcorporaties. De positie van de regulier woningzoekenden om aan een betaalbare huurwoning te komen, wordt daarmee erg moeilijk. Het risico bestaat dat iedereen een urgentieverklaring probeert te bemachtigen. Zolang het Rijk deze urgentiebepaling niet eist, voert de gemeente Middelburg deze maatregel niet in.

10

Hoofdstuk 3 Algemene uitgangspunten

3.1 Introductie In dit hoofdstuk wordt een aantal algemene uitgangspunten weergegeven die voor alle doelgroepen in deze woon-, zorg-, en welzijnsvisie gelden. 3.2 Langer en weer zelfstandig thuis Mensen wonen langer thuis. Mensen wonen langer zelfstandig. Dit is het gevolg van de financiële (on)mogelijkheden want intramurale hotelmatige woonvoorzieningen zijn duur. Door de groeiende groep ouderen hebben meer mensen een hulpvraag en opname in een intramurale instelling (verpleeghuis) is op de langere termijn niet meer betaalbaar. Het welzijn van de inwoners die langer of weer thuis wonen, wordt daarom nog belangrijker dan het al was. Als een opname noodzakelijk is, is het streven om deze zo kort mogelijk te houden. Het herstel van mensen (jong en oud), blijkt beter te gaan wanneer zij in de eigen omgeving daaraan kunnen werken. Daarbij geeft het behoud van de woning bij een tijdelijke opname in een instelling rust en voorkomt dit dakloosheid. Gemeente Middelburg wil graag dat verschillende inwoners, met verschillende leeftijden, achtergronden en hulpvragen in elkaars nabijheid wonen. Zo kan ieder van meerwaarde zijn en ontstaat wederkerigheid. Een belangrijke voorwaarde hierbij is dat er voldoende veiligheid is voor de inwoner zelf en voor de omgeving. “Mensen hebben elkaar, als je ze een duwtje in de goede richting geeft, zoveel te bieden.

En dan doet leeftijd er niet toe.” (Tabadila, Roos Antheunisse)

Bestaanszekerheid Om langer en zelfstandig thuis te wonen is het essentieel dat inwoners voldoende financiële middelen hebben. Dit geldt zowel voor inwoners die werk hebben, als voor inwoners die geen betaald werk (meer) hebben. Gemeente Middelburg heeft ondersteuning op het gebied van werk, inkomen en schulden belegd bij Orionis. Verschillende regelingen waar inwoners gebruik van kunnen maken, hebben het bieden van bestaanszekerheid als doel. Daaronder wordt verstaan dat mensen tenminste een dak boven hun hoofd hebben en dat zij basisvoorzieningen hebben. Basisvoorzieningen zijn bijvoorbeeld eten, drinken, gas, water en licht. Het is belangrijk dat de verschillende partijen die betrokken zijn bij wonen, zorg en welzijn de weg weten in de mogelijkheden die bij Orionis beschikbaar zijn en in het belang van de klant en samen met de klant het contact met Orionis leggen. Gezamenlijk, wanneer we ieders kennis en kunde benutten, kunnen we tot oplossingen komen voor de uitdagingen waar onze hele samenleving mee te maken krijgt. Woningen Het Rijk stelt dat in heel Nederland tot en met 2030 in totaal 900.000 woningen extra nodig zijn. In de provincie Zeeland moeten 16.500 woningen worden gerealiseerd. De regio zet zich, in samenwerking met corporaties en marktpartijen, in voor de realisatie hiervan. Het aandeel van de gemeente Middelburg bedraagt 2.282 extra woningen.

In de Woondeal is daarnaast afgesproken dat iedere gemeente 30% sociale huurwoningen heeft. Momenteel is dat percentage van woningcorporaties voor Middelburg 26%. Voor alle sociale huurwoningen (inclusief de huur anders dan vanuit de woningcorporaties) is dit percentage net iets meer dan 30% . Hiermee lijken we te voldoen aan de landelijke norm, echter moet rekening worden gehouden met de sloop van woningen en de opgave om meer mensen van een sociale huurwoning te voorzien. In de prestatieafspraken met Woongoed Middelburg is de nieuwbouw van 750 huurwoningen vastgelegd.

11

Uit de participatie is gebleken dat de (toekomstige) ouderen van Middelburg ook behoefte hebben aan hoogwaardige appartementen, die normaliter in een hoger huursegment vallen dan sociale huur. Over deze opgave zal de gemeente met de woningcorporaties in gesprek gaan. Ook in Middelburg zijn gebouwen die (deels) leegstaan. De wijziging om gebouwen geschikt te maken voor woonruimte is door wet- en regelgeving complex en dit is vaak een langdurig proces. Mede daardoor loont het lang niet altijd om gebouwen te verbouwen. De ruimte waar het gebouw staat moet ook qua omgeving en voorzieningen geschikt zijn voor bewoning. Wel gaat de gemeente Middelburg kritisch kijken naar leegstand om de potentiële woonruimte die beschikbaar is te benutten.

3.3 Personele inzet en krapte op de arbeidsmarkt Personeel De zorg kent grote uitdagingen door de vergrijzing. Het aantal chronisch zieken neemt toe en daar tegenover staat een tekort aan verzorgend, verplegend en medisch personeel. Niet alleen binnen de zorg is het personeelstekort een (toekomstig) probleem. In alle sectoren is er sprake van personeelstekort en door de vergrijzing zal dat steeds meer voelbaar worden. Het is belangrijk voor alle organisaties om zich bewust te zijn van de vraag hoe zij personeel kunnen aantrekken én kunnen behouden. Medio 2023 maken in Middelburg meer dan 1000 inwoners gebruik van de Participatiewet (volledig of aanvullend). Het is zinvol te onderzoeken op welke manier deze inwoners, passend bij hun persoonlijke situatie, een bijdrage kunnen leveren aan het verminderen van het personeelstekort. Die bijdrage kan veel breder liggen dan het uitvoeren van betaald werk. Met elkaar kunnen we een omslag maken in het denken in mogelijkheden. Dit geldt overigens voor alle inwoners van Middelburg, zoals de vitale gepensioneerden of studenten. Belangrijk is om aan te sluiten bij de behoeftes en interesses van de inwoners en om alle inwoners te bereiken. Denk aan het werken met rolmodellen, de inzet van Sociale Media en meer filmpjes in plaats van geschreven tekst.

Mantelzorg Ook wordt steeds meer een beroep gedaan op mantelzorgers. Mantelzorgers moeten omgaan met de vragen en behoefte van een gezinslid, familielid of buur die zorg of ondersteuning nodig heeft. Soms nu al (en waarschijnlijk nog vaker in de toekomst) zal deze zorg en ondersteuning door professionals onvoldoende of onvoldoende snel geboden kunnen worden. ‘Het worden van mantelzorger is geen keuze, het overkomt je’, is tijdens de participatie en de interviews meerdere keren vermeld. Mantelzorg zal meer en meer de hoeksteen van ons zorgsysteem worden, het element waar alles en iedereen afhankelijk van is. Tegelijk weten we dat het aantal mantelzorgers afneemt. Mantelzorg is één van de grote maatschappelijke vraagstukken van deze tijd. “Nu zijn er 10 mantelzorgers per hulpvrager, over 10 jaar zijn dat 4 mantelzorgers per hulpvrager.” (Manteling, Mira Weber)

Als een mantelzorger hulp probeert te vinden, komt deze in de onoverzichtelijke jungle van het zorgsysteem terecht. Binnen één hulpvraag kan de vergoeding onder verschillende financiële potjes vallen. Dit kan de WMO zijn maar ook de WLZ of de zorgverzekeraar . Mantelzorgers zijn niet thuis in het systeem en dit levert ze naast de zorg veel stress op.

De samenwerking tussen zorgverlener, mantelzorger en cliënt vraagt van de zorgverlener een andere rol. Hier liggen uitdagingen en verbeterkansen. Stichting Manteling is in Middelburg de partner om de belangen van de mantelzorgers te behartigen en hen te ondersteunen. “Lukt het jou wel om je grenzen aan te geven?” Eigenlijk wordt de hoeveelheid zorg die ik graag wil dragen voor mijn naasten gezien als een zwakte van mij, omdat ik mijn grenzen niet kan aangeven. Ik steek mijn hand uit om ondersteuning te krijgen, maar ik krijg juist meer op mijn bordje. Want ik moet ineens aan mijzelf gaan werken. En zo’n gesprek is geen unieke ervaring. Wat ik nodig heb is een gesprek dat uitgaat van begrip, met het besef dat het moeilijk is. Het praktische zorgen zélf is niet te zwaar, ik heb op andere terreinen misschien verlichting nodig en daar wil ik hulp bij.” (Mantelzorger Zorg en Welzijn Congres Samenwerken met de Mantelzorger)

12

We vinden het belangrijk om het voor de mantelzorgers zo gemakkelijk mogelijk te maken. Ook stimuleren we dat de mantelzorger evenwaardig is aan de zorgverlener of ondersteuner. We nemen dat op in de intentie- of prestatieafspraken zodat we de zware taak die mantelzorgers hebben, en nog meer gaan krijgen, zo veel mogelijk verlichten. Verlichting kan ook geboden worden door een regeling die het mogelijk maakt om een mantelzorgvrager en mantelzorgverlener (dichter) bij elkaar te laten wonen, o.a. door het vereenvoudigen van de criteria voor een mantelzorgwoning en door de (gecontracteerde) zorgpartijen en (gesubsidieerde) welzijnspartijen te stimuleren nauwer samen te werken met de mantelzorgers. De wens en mening van de mantelzorger is even belangrijk als die van de professional. De professional is immers niet altijd beschikbaar, terwijl de mantelzorger doorgaans continu aanwezig is of opdraaft en handelt wanneer de nood aan de man is. Samenredzaamheid Naast de rol van mantelzorgers is het nodig dat alle inwoners naar elkaar omkijken en de samenredzaamheid bevordert. Dat geldt voor iedereen, vroeg of laat, voor zichzelf of voor een dierbare. We maken ons hard om een gemeente met een hoge tolerantie, een hoge mate van respect naar elkaar en een hoge mate van hulpvaardigheid naar elkaar te zijn. Die basishouding kan van jongs af aan aangeleerd worden.

Daarmee bouwen we een sterke gemeenschap voor de toekomst. “Eigenlijk ga je terug naar wat ‘vroeger’ in de samenleving vanzelfsprekend was; verschillende generaties ‘zorgen’ voor elkaar.” (Zorgstroom, Annet Tramper)

3.4 Preventie Zowel in het Rijks- als het gemeentelijk beleid, is veel aandacht voor preventie. Daar verstaan we onder het voorkomen of zo lang mogelijk uitstellen van een zorgvraag. In de Welzijnsvisie worden de primaire doelen ontmoeting, inclusie en vitale wijken vastgesteld. Ook zijn relaties gelegd naar preventie door positieve gezondheid, sport en bewegen, wijkgericht werken en de inrichting van de gebouwde omgeving. “Houd bij nieuwe woningen en in de omgeving rekening met hittestress. De zomers in Nederland worden immers steeds zonniger en warmer.” (gem. Middelburg, Carolyn Jonkers)

Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (hierna te noemen ministerie van VWS) heeft voor preventieve taken beleid en geld ingezet, namelijk het Integraal Zorgakkoord (hierna te noemen IZA) en het Gezond Leven Akkoord (hierna te noemen GALA). Het IZA bevat algemene uitgangspunten over de druk op de toegankelijkheid en kwaliteit van zorg. Het doel is als volgt geformuleerd: ‘In 2040 draagt de zorg optimaal bij aan het gezond (samen)leven van alle mensen in Nederland, in het besef dat daarvoor niet meer mensen en middelen beschikbaar zijn dan nu en dat dit gepaard moet gaan met de laagst mogelijke impact op klimaat en milieu.’ In het GALA worden de uitgangspunten van IZA geconcretiseerd in acties. IZA en GALA vormen mede het fundament voor ‘de beweging naar de voorkant’. Dus inzet gericht op voorkomen in plaats van inzet gericht op genezen en medische behandeling. De inzet van alle betrokken partijen is gericht op de gezonde generatie in 2040 met focus op de jeugd door sport, voeding en bewegen. Er is specifieke aandacht voor het verminderen van vermijdbare gezondheidsachterstanden. Een belangrijke landelijk programma is Kansrijke Start, die inzet op de eerste 1000 dagen van een kind. Behoud van vitaliteit voor volwassenen en ouderen komt in meerdere programma’s terug. Ook de inclusie van GGZ problematiek is hier onderdeel van.

Middelburg hecht veel waarde aan preventie. We richten ons op een goede gezondheid voor alle inwoners, zowel lichamelijk als geestelijk. En op een stevige sociale basis waar inwoners naar elkaar omkijken en elkaar helpen. “Bij grote life events ontstaat vaak eenzaamheid. Om dit te voorkomen is dit juist het moment om hier aandacht voor te hebben.” (Manteling, Mira Weber)

13

3.5 Domotica en e-haelth Verlichting van de personeelstekorten kunnen mede gevonden worden in domotica en e-health. Het begrip domotica komt van “domus” (huis) en “informatica”. Hieronder vallen alle geautomatiseerde systemen in, op of aan een woning, zowel bij mensen in een woonvoorziening als voor mensen die zelfstandig wonen. Doel hiervan is de inwoner, de mantelzorger of de zorgmedewerker te ontlasten en het (zelfstandig) wonen beter en veiliger te maken. Voorbeelden zijn valmatten gelinkt aan een alarm, bewegingssensoren bij afdelingsdeuren of buitendeuren, geautomatiseerde gordijnen en verlichting, toegangscontroles door middel van deurdrangers en een tagreader, met een camera kunnen zien wie er aan de deur is, automatisch de deur open kunnen doen en een robotstofzuiger. Bij nieuwbouw is het raadzaam om voldoende voorzieningen te treffen om domotica te realiseren en bij woningen voor ouderen een aantal toepassingen in het programma van eisen op te nemen. “Bij het bouwen van een sociale huurwoning bestaat al een flinke onrendabele top. Meer eisen verhogen de kosten. Welke rol heeft de gemeente hierin?” (Woongoed Middelburg, H. van Zoest)

Met e-health wordt het gebruik van informatie- en communicatietechnologie in de zorg bedoeld, zowel bij mensen in een woonvoorziening als voor mensen die zelfstandig wonen. Voorbeelden hiervan zijn afspraken met huisartsen via videobellen en gezondheidsapps voor patiënten. Ook telemonitoring waarbij mensen op afstand gezondheidswaarden, zoals hun bloedsuikerspiegel, kunnen delen met zorgverleners valt onder e-health. Als uitganspunt geldt hier; hulp op afstand als het kan, maar dichtbij als het moet.

14

3.6 De rol van de gemeente De gemeente Middelburg voert verschillende taken uit die bijdragen aan de doelen van de woon-, zorg- en welzijnsvisie. Het Middelburgs Model De gemeente Middelburg zet met het Middelburgs Model de stappen op weg naar transformatie en het effectief en efficiënt inrichten van de ondersteuning- en zorgstructuur. De transformatie richt zich op het maken van de zogenaamde ‘beweging naar voren’. De gemeente hanteert drie sporen: een sterke sociale basis, sociale basiszorg en aanvullende specialistische zorg. Een sterke sociale basis draagt eraan bij dat bewoners prettig samenleven en dat iedereen mee kan doen. Ook de bewoners met een (tijdelijke) kwetsbaarheid. Bewoners zijn daar in eerste instantie zelf verantwoordelijk voor. Daarnaast is het normaal om elkaar daarbij te helpen en te ondersteunen indien dat nodig is. Met een sterke sociale basis ondersteunen de gemeente en haar samenwerkingspartners het zelf organiserend vermogen van inwoners met een dekkend aanbod van algemene- en preventieve voorzieningen. Deze voorzieningen zijn in principe voor iedereen toegankelijk en zoveel mogelijk in de wijk zelf aanwezig. Het sociaal team Voorheen Maatschappelijk Werk Walcheren (MWW) en Welzijn Middelburg (WM) vormen inmiddels samen het sociaal team. Zij zijn vindbaar in de wijken.

Zij zijn laagdrempelig benaderbaar, pakken signalen over zorgen vroeg op en schakelen tussen formele (professionals) en informele (niet professionals) zorg. Inwoners kunnen bij het sociaal team terecht met vragen over zorg en welzijn, gezondheid, opvoeden en opgroeien, inkomen of schulden. Door in te zetten op preventie en vroeg signalering wordt voorkomen dat kleine problemen grote problemen worden Algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen WMO Algemene voorzieningen zijn voorzieningen waar iedereen gebruik van kan maken. Bijvoorbeeld activiteiten bij Tabadila of ondersteuning vanuit HerstelTalent waar ervaringsdeskundigen werken. De gemeente investeert in algemene voorzieningen, zoals indicatieloze dagbesteding. Een maatwerkvoorziening is persoonlijk. Wanneer een maatwerkvoorziening nodig is, kan een medewerker van de Toegang in Middelburg een inwoner helpen. De medewerker bespreekt de vraag met de inwoner en verstrekt een indicatie bijvoorbeeld voor een scootmobiel of huishoudelijke hulp. Subsidiebeleid Het subsidiebeleid is in de afgelopen jaren herzien. Het doel is om inwoners langer zelfstandig te laten zijn, maatschappelijk te laten participeren, zelfredzaam en samen-redzaam te laten zijn. Samenwerking zorg en welzijn De samenwerking en afstemming tussen de huisartsenzorg en zorg- en welzijnspartijen wordt geïntensiveerd.

Welzijn op Recept is een bestaand voorbeeld van een product tussen huisartsen en Welzijn Middelburg , de organisatie die opgaat in het sociaal team. Een ander voorbeeld is Kunst op Recept. Doel hiervan is creativiteit aanwakkeren, met anderen in contact komen, een beweging in gang zetten en het geluksgevoel verhogen. Kunst kan veel betekenen in de zorg. Als de huisarts ziet dat verbondenheid met anderen een probleem is, kan de huisarts verwijzen naar een vast contactpersoon. In de nabije toekomst wordt onderzocht welke samenwerking met andere partijen mogelijk is. Eenzaamheid Eenzaamheid is een groot maatschappelijk probleem en betreft alle leeftijdsgroepen. In het actieprogramma Eén tegen eenzaamheid van het ministerie van VWS, zijn verschillende partijen aangesloten om eenzaamheid in Nederland te verminderen. Het gevoel ‘erbij te horen’ en ‘ertoe te doen’ is voor ieder mens een basisbehoefte. Echter voelen steeds meer mensen, van jong tot oud, zich eenzaam. Eenzaamheid is een naar gevoel. Het leidt tot gezondheidsrisico’s en minder meedoen in de samenleving. De gemeente Middelburg neemt deel aan het netwerk.

15

Meedenkers Een meedenker helpt inwoners bij het helder krijgen van vragen en wensen. Een meedenker kan helpen gesprekken voor te bereiden, afspraken te maken en/of een meedenker kan advies geven als een inwoner er niet uitkomt met een organisatie. Een meedenker voert onafhankelijke cliëntondersteuning uit. Deze ondersteuning is gratis. Het recht op onafhankelijke cliëntondersteuning is in de wet vastgelegd. Dementievriendelijke Gemeente Middelburg als dementievriendelijke gemeente stimuleert en faciliteert burgers, bedrijven en organisaties om zich actief in te zetten voor een dementievriendelijke samenleving. Zo ontstaat een gemeenschap waarin iedereen dementie accepteert: van bakker en buurman tot sportclub en wijkagent. Waarin mensen met dementie gewoon boodschappen doen, hun bankzaken regelen, naar hun vereniging gaan of de bibliotheek of een museum bezoeken. En waarin de gemeenschap hen een handje toesteekt wanneer zij het even niet meer weten. Gemeente Middelburg zet in op passende woningen, ontmoetingsplekken met activiteiten, inwoners en organisaties kennis bijbrengen over dementie, steun aan mantelzorgers (Stichting Manteling) en gemeente Middelburg neemt deel aan het regionale dementienetwerk.

GGZ vriendelijke gemeente Gemeente Middelburg participeert in het Zeeuwse programma ‘een GGZ vriendelijke gemeente’. Dit gaat over de onhoudbaarheid van het huidige stelsel, het niet behalen van beoogde doelen binnen de geestelijke gezondheidszorg (GGZ) en de hoge kosten die dit met zich meebrengt. Een andere kijk op de samenleving is nodig. Kwetsbare mensen vinden moeilijk aansluiting in de wijk, naasten worden niet betrokken en de sociale verbinding is zoekgeraakt. Om ervoor te zorgen dat mensen met een psychiatrische achtergrond de aansluiting met de samenleving niet verliezen, is dit landelijke netwerk opgericht. 3.7 Financiën Het is nagenoeg onmogelijk om een berekening te maken wat de uitvoering van deze visie tot 2040 zal kosten. Een groot aantal onzekere factoren dragen daaraan bij. -

Het is nog niet bekend welke besluiten de regering zal gaan nemen en hoeveel financiën zij hiervoor vrijspeelt. Door de demissionaire status van het huidige kabinet is dit zelfs voor de korte termijn onduidelijk. Voor de gehele periode tot 2040 is dit onmogelijk te overzien.

-

Het is inmiddels duidelijk dat de provincie een explicietere rol gaat vervullen in de volkshuisvesting. Hoe die rol precies eruit komt te zien, wie wat exact moet gaan doen en hoe de financiële verdeling eruit gaat zien is onbekend.

-

Samen met de woningcorporaties moeten nog afspraken gemaakt worden over wat, waar, wanneer gebouwd gaat worden. De vraag naar geclusterde tussenvoorzieningen voor verschillende doelgroepen en wooncomplexen met een welzijnsvoorziening zullen in het woningprogramma moeten worden opgenomen en hun plek krijgen in het toekomstige Omgevingsplan.

-

Zorgaanbieders en welzijnsorganisaties zijn zelf verantwoordelijk voor de interne bedrijfsvoering. Gemeenten verzorgen de contractering en subsidiering van organisaties. Welke tarieven marktconform zijn richting 2040 is niet te overzien.

-

De opgaven gaan veel verder dan de invloed van de gemeente reikt. We hebben te maken met meerdere wettelijke kaders zoals de Wlz en de Zorgverzekeringswet (ZvW). Het één beïnvloedt het ander. Het is niet mogelijk hier op dit moment een prognose van te maken, zeker niet tot 2040. Ook moeten we rekening houden met particuliere initiatieven waar de gemeente minimale zeggenschap over heeft.

16

-

Het complexe landelijke financieringssysteem van alle verschillende vormen van zorg en ondersteuning maakt dat veel partijen betrokken zijn bij de geldstromen. Zo ontvangt de gemeente een bijdrage van het Rijk voor de WMO en betaalt het Rijk voor de Wlz de bijdrage aan de zorgkantoren. Deze zijn verdeeld per regio en zijn gekoppeld aan de zorgverzekeringen. Voor de WMO beschermd wonen en maatschappelijk opvang betaalt het Rijk aan centrumgemeenten per regio. Voor alle Zeeuwse gemeenten is dit centrumgemeente Vlissingen. De bedoeling is dat voor dit laatste een objectief verdeelmodel komt over alle gemeenten, echter is dit al tweemaal uitgesteld door het Rijk.

Wat we wel weten is dat van 2020 tot rond 2040 een groei plaatsvindt van ongeveer 4700 huishoudens dat wil zeggen een groei van 10%. Het aantal ouderen 75+ groeit van 5.400 in 2022 naar 8.700 in 2040, een groei van circa 60%. Alzheimer Nederland geeft aan dat de kans om dementie te krijgen 1 op 5 is waarbij de kans daarop bij vrouwen groter is dan voor mannen. In 2040 is sprake van verdubbeling van het aantal mensen met dementie verwacht. We kunnen door deze cijfers met zekerheid stellen dat de kosten voor de gemeente Middelburg voor zorg en welzijn zullen toenemen. We weten ook dat factoren als preventie, positieve gezondheid en samenredzaamheid niet alleen bijdragen tot het welzijn van inwoners maar ook bijdragen aan lagere kosten. Het is belangrijk om komende jaren periodiek te ‘meten’ of we zinvol bezig zijn, of we de gestelde doelen halen en of we financieel gezond zijn en blijven.

17

Hoofdstuk 4 Uitwerking doelgroepen 4.1 Ouderen Inleiding De groep ouderen stijgt fors. Wanneer we naar de verschillende aandachtsgroepen kijken waar we deze visie voor maken, dan zijn de ouderen verreweg de grootste groep. Dit komt doordat het aantal ouderen groter wordt en die ouderen worden ook nog eens steeds ouder. Dit wordt dubbele vergrijzing genoemd. Daarnaast is het beleid vanuit het Rijk erop gericht om de groei van verpleeghuisplekken minder groot te laten zijn dan de verwachte groei van het aantal ouderen. De kosten voor verpleeghuizen zijn namelijk nu en zeker in de toekomst onbetaalbaar. Voorgaande betekent dat er én meer ouderen zijn én meer ouderen in de wijken wonen in plaats van in een instelling. Vanuit het Rijk wordt aangestuurd op langer thuis (zelf als het kan, thuis als het kan, digitaal als het kan). In Nederland zijn momenteel drie Zorgwetten relevant voor de ouderenzorg thuis; de ZvW, de Wlz en de WMO. Verpleging en verzorging thuis vallen onder de ZvW. De Wlz richt zich op zorg voor mensen die chronische zorg nodig hebben, thuis of in een zorginstelling. Om voor deze zorg in aanmerking te komen moet er dus sprake zijn van een langdurige zorgbehoefte. Thuiszorg vanuit de WMO is een taak van gemeenten voor mensen met een ziekte of beperking en ouderen. De WMO biedt ondersteuning met als doel om zo lang mogelijk thuis te kunnen blijven wonen.

Deze verscheidenheid aan wetgeving maakt het zorglandschap voor ouderen complex en vraagt om samenwerking. Langer thuis en doorstroming De meeste ouderen blijven het liefst zo lang mogelijk in hun eigen huis en vertrouwde buurt wonen. Wanneer zij met toenemende beperkingen te maken krijgen, gaat traplopen, naar vrienden of winkels gaan of de tuin bijhouden steeds moeizamer. Deze problemen zijn op te lossen door de woning aan te passen of hulp van mantelzorgers, vrijwilligers of professionals in te schakelen. Verhuizing naar een geschikte, gelijkvloerse woning kan in bepaalde gevallen wenselijk of zelfs noodzakelijk zijn. Uit onderzoek is gebleken dat mensen na hun 75ste minder bereid zijn te verhuizen. Zij blijven vanaf het 75ste jaar meestal in hun woning tot het moment dat het echt niet meer gaat. Het gevolg is dat ouderen in grote woningen wonen en veel hulp maar ook woningaanpassingen nodig hebben. Daarnaast is het zo dat, wanneer woningen niet passend zijn, de zorg vaak groter wordt. De hulp van anderen is dan (meer) nodig voor dagelijkse activiteiten. In de afspraken met Woongoed Middelburg is opgenomen om met een doorstroomcoach te werken die mensen bevraagt op hun woonwens en eventuele belemmeringen om naar een geschikte woning te verhuizen samen op te lossen. De grotere woningen komen dan weer vrij voor gezinnen of voor mensen die samen willen wonen.

In de koopsector is de kennis die een doorstroomcoach moet hebben anders. Kennis van financiële mogelijkheden, verhuizen van koop naar koop en welke belemmeringen daar bestaan zijn anders dan in de sociale huursector. Momenteel bestaan nog geen plannen om een dergelijke doorstroomcoach aan te trekken. Wel kunnen mensen met een koopwoning gebruik maken van de gunstige leenvoorwaarden van de zogenaamde Blijverslening Woningaanpassingen worden onder bepaalde voorwaarden door de WMO bekostigd. Inwoners kiezen voor de WMO omdat dit financieel voor hen gunstiger is. Een deel van de groep ouderen vindt het geen probleem om te verhuizen naar een andere (zelfstandige) woning die meer veiligheid, comfort of gezelligheid geeft en waar zorg en ondersteuning dichtbij zijn. De behoefte aan ‘het oude bejaardentehuis in een nieuw jasje’ is meerdere keren genoemd tijdens de inventarisatie van wensen van inwoners, waarbij inwoners zelf huur betalen en zij nabijheid, veiligheid en gezamenlijk kunnen ervaren. Eigen regie en keuzevrijheid (waar doe ik aan mee, waar ga ik heen) vindt men heel belangrijk. “Als je je laat leiden door de simpele vraag: wat heeft deze persoon nodig” (Tabadila, Roos Antheunissen)

18

Geclusterd wonen De woonserviceszones in Middelburg zijn 20 jaar geleden ingericht om ouderen geclusterd te laten wonen in een gebouw met een welzijnsruimte in, of direct in de buurt, van het gebouw. Van dit soort gebouwencomplexen zijn meerde verspreid door de stad en op Nieuw- en St. Joosland. De activiteiten in deze wooncomplexen werden in eerste instantie verzorgd door de zorgaanbieder. Door de verandering van de zorginfrastructuur hebben deze zich daaruit teruggetrokken en zorgen bewoners steeds vaker zelf voor de activiteiten. Ook de zorgaanbieders bieden woningen voor ouderen aan. Daarnaast is een aantal particuliere initiatieven voor ouderen waar ouderen zelfstandig huren en daarnaast zorg ontvangen in meer of mindere mate georganiseerd door die particuliere aanbieder. De gebouwen die reeds bestaan zullen komende decennia onderhouden moeten worden en soms zullen verbouwingen noodzakelijk zijn. De focus ligt dus niet enkel op nieuwbouw maar ook op ‘dat wat we al hebben goed onderhouden’ . Wanneer ouderen samen wonen zal er op die plekken meer zorgpersoneel nodig zijn. Tegelijkertijd zorgt een wooncomplex met veel ouderen voor minder verkeersbewegingen door het zorgpersoneel. “Er is een tekort aan huisartsen. Kleinschalige woonvormen hebben vaak geen specialist ouderengeneeskunde waardoor de regie bij de huisarts ligt.” (Huisarts in Middelburg, M. Buijs)

De particuliere geclusterde woonvormen voor ouderen doen voor complexe hulpvragen een steeds groter beroep op de huisarts, ook voor de regiefunctie bij toenemende dementie. Huisartsen geven aan dat door spreiding van dergelijke initiatieven én ervoor te zorgdragen dat er een intensieve samenwerking is tussen deze kleinschalige initiatieven en een zorgaanbieder met een specialist ouderengeneeskunde, de druk niet bij de huisarts ligt. Soms is het overdag nog op te vangen maar in de avond, nacht en weekenden geeft dit op de huisartsenpost problemen. Huisartsen pleiten ervoor om, voordat er wordt begonnen met nieuwbouw van een dergelijke woonvorm, eerst af te stemmen met de huisartsen, zodat zij niet plots voor een voldongen feit staan. Keuzevrijheid Keuzevrijheid is een recht. De zorgaanbieders, welzijnsorganisaties en medici zoals huisartsen hebben hier zelf een rol en verantwoordelijkheid in, bijvoorbeeld door op slimme manieren samen te werken. De gemeente Middelburg heeft geen gemeentelijke taak om dit op te leggen maar zal waar kan, wel stimuleren. Wanneer binnen wooncomplexen gevraagd zou worden om van een bepaalde zorgaanbieder of bepaalde huisarts gebruik te maken, vinden de inwoners met wie is gesproken dit geen probleem. Bovendien zal meer gebouwd moeten worden voor ouderen.

De nieuwbouw van nultredenappartementen staan bij voorkeur in een buurt waar huisarts en winkels om de hoek zijn. De inwoners van Middelburg met wie is gesproken geven duidelijk aan dat ze het huis waar ze gewend zijn alleen willen opgeven als dit een verbetering oplevert. Dit betekent ook dat er vraag is naar appartementen die stijlvol eruitzien en over een aparte slaapkamer beschikken.

19

Tijdens de participatiebijeenkomst van senioren werd duidelijk dat zij zich ervan bewust zijn dat de verwachte groei van het aantal huishoudens tot 2042, zoals uit de provinciale prognose Zeeland (zie tabel 1) blijkt, een hele wijk betreft. Zij lijken zich minder bewust van het feit dat het niet alleen een grote groei betekent, maar ook een demografische verandering. De leeftijd van inwoners verschuift immers de komende jaren. Verder komt naar voren in de participatie dat een hoge mate van tolerantie en bereidwilligheid is. Samen wonen in gebouwen waar mensen met een andere hulpvraag wonen, wordt positief benaderd. Die hulpvraag kan ook ontstaan zijn omdat zij de Nederlandse taal niet spreken of omdat ze ondersteuning nodig hebben bij werk of daginvulling. Ook een welzijnsvoorziening waar iedereen in de straat of wijk gebruik van kan maken, wordt omarmd. Inwoners willen zelf de regie houden en de wensen die zij over hun woonsituatie hebben. Wanneer gedrag van inwoners problematisch wordt, verwacht men dat de gemeente hier iets aan doet. Rol gemeente Wanneer bepaalde voorzieningen of bepaalde aanbieders een goed werkend concept hebben, zal de gemeente inzetten om dit te verbreden naar andere instanties en aanbieders. Aanbieders hebben hier zelf ook een verantwoordelijkheid in.

Gemeente Middelburg participeert in een samenwerking vanuit Zorg in Balans1, gericht op ouderen met als doel een (sub)regionale aanpak uit te werken. Zorg in Balans is de titel van de regionale uitvoeringsagenda die twaalf Zeeuwse VVT-instellingen in samenwerking met het Zorgkantoor hebben opgesteld en tot uitvoering brengen.

4.2 Inwoners die uitstromen uit Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang Weer Thuis op Walcheren Het actieprogramma Weer Thuis! is een opdracht aan gemeenten, woningcorporaties en opvangen -zorginstellingen om te zorgen voor de uitstroom uit woonvoorzieningen voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen, waaronder de groep uit de jeugdzorginstellingen (18-/18+). De reden hiervan is dat mensen die de potentie hebben om zelfstandig te gaan wonen hier erg lang op moeten wachten. Daardoor zijn de woonvoorzieningen van maatschappelijke opvang en beschermd wonen vol en blijven ze vol. De gemeente Middelburg maakt samen met de gemeenten Vlissingen en Veere een samenwerkingsconvenant ‘Weer Thuis op Walcheren’. Dit zijn samenwerkingsafspraken tussen zorgorganisaties, woningcorporaties en gemeenten om samen te zorgen voor uitstroom uit deze woonvoorzieningen. Inzet van ervaringsdeskundigen is hier onderdeel van. Ervaringsdeskundigen hebben zelf in een vergelijkbare situatie gezeten en kunnen met afstand tot de eigen problematiek anderen op weg helpen. Bij ‘Weer Thuis’ gaat het om mensen die instemmen met hulpverlening waardoor ze voorrang krijgen voor een huurwoning Bij het landelijke programma ‘Een Thuis voor Iedereen’ (onderdeel van de Nationale Woon- en bouwagenda) gaat het om het recht op woonruimte van een groot aantal doelgroepen, ook als iemand geen hulpvraag heeft.

Na de afstemming van bovengenoemd samenwerkingsconvenant zal de gemeente Middelburg ook een verdere ontwikkeling inzetten zodat iedereen, ongeacht het wel of niet hebben van zorg van een professional, woonruimte heeft. Met name voor de woningcorporaties is dit een enorme opgave. De veelheid aan aandachtsgroepen, de toegenomen vraag naar een huurwoning en de veranderende wet- en regelgeving rondom huisvesting, maken dat de woningcorporaties niet een eenvoudig antwoord op dit vraagstuk hebben. De woningcorporaties vragen aan gemeenten om duidelijkheid over de verwachtingen en de rollen/verantwoordelijkheden. ‘Bijna iedereen die in een beschermd wonen voorziening verblijft, heeft de ultieme droom om ooit gewoon ergens zelfstandig te wonen en te leven. Alleen heb je de gedachte dat jij daar niet goed genoeg voor bent’ (Hersteltalent, Irene van de Giessen) 1

Consortium Zorg in Balans is een vervolg op het Netwerk Zorg, dat ontstond naar aanleiding van de invoering van het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg en het programma Thuis in het Verpleeghuis (2019-2021).

20

Skaeve Huse Een tweede traject op Walcheren, waar de gemeente Middelburg aan deelneemt, is bedoeld voor een kleine groep inwoners die zich niet in een gewone woonomgeving of in een reguliere woonvoorziening kunnen aanpassen. Zij ervaren vaak een slechte kwaliteit van leven en hebben vaak ruzie met andere inwoners of instanties. Ze zijn vaak niet welkom in wijken of in reguliere opvangvoorzieningen. Een oplossing hiervoor is een zogenaamd Skaeve Huse. In een Skaeve Huse worden wonen, zorg en veiligheid aan elkaar gekoppeld in een rustige omgeving waar weinig prikkels van buitenaf zijn. Het gaat uit van eenvoudige eenpersoonswooneenheden zoals tiny houses, prefab woningen in studioformaat of containerwoningen. Deze woningen staan op enige afstand van wijken, maar nog dichtbij genoeg om bij voorzieningen als een supermarkt te komen. Deze plekken verbeteren de kwaliteit van leven voor deze inwoners aanzienlijk, terwijl de overlast voor omwonenden in de wijk afneemt; een win-win situatie. De gemeenten Vlissingen, Veere en Middelburg werken samen in het vraagstuk waar Skaeve Huse op Walcheren gerealiseerd kan/ kunnen worden. Fasehuis beschermd wonen voor jongeren Een derde ontwikkeling waar de gemeente Middelburg aan deelneemt is een Zeeuwse beschermd wonen voorziening in te richten specifiek voor jongeren.

Het bereiken van de 18-jarige leeftijd maakt een jongere voor de wet volwassen. Voor velen is het niet vanzelfsprekend om dat ook te zijn. Er is vrijwel altijd nog ruimte om te leren en te ontwikkelen. Dat is niet anders voor jongeren die met psychische problematiek te maken hebben. Zij hebben nog baat bij een pedagogische aanpak en zij hebben over het algemeen een grotere kans op een toekomst waarin ze zelfstandig kunnen wonen en participeren dan iemand met dezelfde problematiek van middelbare leeftijd. Het voorstel ligt er om een fasehuis te creëren. In een fasehuis kunnen deze jongeren in stappen toewerken naar een zo hoog mogelijke mate van zelfstandigheid. De veelheid aan problemen is kenmerkend voor deze doelgroep en betreft niet alleen een psychische problematiek. Vaak is er ook sprake van een lichtverstandelijke beperking en/of verslavingsproblematiek. Binnen het fasehuis gaat het om een integrale aanpak voor jongeren en wordt voorkomen dat deze jongeren van aanbieder naar aanbieder worden verwezen en de problemen zich verder opstapelen. Nu gebeurt dit vaak wel omdat verschillende aanbieders verschillende expertise hebben en ook omdat de financieringsvormen verschillend zijn. Tot de leeftijd van 18 jaar krijgen jongeren behandeling vanuit de Jeugdwet, die is belegd bij gemeenten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13651192/2