23-085 Bijlage 1. Ingekomen stukken MZ
Tekst van het document
Schatkistbankieren Schatkistbankieren houdt in dat alle overtollige geldmiddelen boven een bepaalde drempel verplicht bij het Rijk moeten worden uitgezet. Dit wordt dagelijks getoetst. Het drempelbedrag is 2% van het begrotingstotaal, € 2.122.000. Deze drempel wordt dagelijks getoetst. Financiering van de investeringsuitgaven Ten behoeve van de huisvesting zijn langlopende leningen aangetrokken. De uitstaande positie ultimo jaar is € 11,6 miljoen. De looptijden zijn 20, 25 en 30 jaar. De rentepercentages liggen tussen 1,9% en 4,9%, deels lineair en deels annuïtair. Ten behoeve van de overige investeringen zijn langlopende leningen aangetrokken. Deze hebben een looptijd van 10 of 20 jaar. De totale uitstaande positie bedraagt € 0,3 miljoen per ultimo jaar. De rente op deze leningen is 0,53% resp. 3,51%, lineair. Renterisiconorm Het doel van de renterisiconorm is het beheersen van de renterisico’s op de vaste schuld (schuld met een rentetypische looptijd vanaf één jaar). Het renterisico op de vaste schuld mag de zogenaamde renterisiconorm niet overschrijden. De renterisiconorm bedraagt 20% van het begrotingstotaal, € 21,22 miljoen. Uit de onderstaande gegevens blijkt dat het renterisico op de vaste schuld ruim onder deze grens ligt.
43
Renteherzieningen (A) Nieuw uitgezette leningen (B) Vervroegde aflossing Reguliere aflossingen (C) Renterisico op vaste schuld (A + laagste B, C)
€ 0 € 0 € 0 € 896.500 € 896.500
Toerekening van rente De totale rentelasten bedragen in deze begroting € 474.700 (bij ongewijzigd rentepercentage). Deze zijn als volgt toegerekend: Jaarbedrag Reden Toegerekend aan 2024 € 239.800 Betreft rente op leningen voor Programma Werk, nieuwbouw werkleerbedrijf onderdeel werkinfrastructuur € 230.300 Betreft rente op leningen voor Programma Bedrijfsvoering nieuwbouw kantoor (overhead) € 4.600 Overige rente, ter financiering van het Programma Bedrijfsvoering benodigde werkkapitaal (overhead) Aan eigen vermogen en voorzieningen wordt geen rente toegerekend. De gemiddelde rentevoet bedraagt 3,15%. Paragraaf verbonden partijen Orionis heeft geen verbonden partijen. Paragraaf bedrijfsvoering Informatievoorziening De planning&control cyclus voorziet in een periodiek dashboard met betrekking tot de belangrijkste financiële cijfers en de afgesproken doelstellingen. Tweemaandelijks wordt dit dashboard verstrekt aan de Raden van de deelnemende gemeenten waarin de voortgang zichtbaar is en wordt toegelicht. Ook wordt gemonitord op de uitvoering van het Implementatieplan Werkleerbedrijf. Hieruit kunnen eventueel begrotingswijzigingen voortkomen. Begrotingswijzigingen worden ter zienswijze voorgelegd aan de Raden. Externe informatieverstrekking vindt plaats via de website en het jaarverslag.
Informatiebeveiliging We beschikken over informatiebeveiligingsbeleid en een informatiebeveiligingsplan 2022, dat in 2023 wordt geactualiseerd. Beide zijn gebaseerd op de richtlijn Baseline Informatiebeveiliging Overheden (BIO). Het vastgestelde interne controleplan Suwinet wordt jaarlijks uitgevoerd, ook worden jaarlijks externe audits gehouden m.b.t. DigiD en Suwinet. Dienstverlening Klantenparticipatie vindt plaats door de Sociale Cliëntenraad Walcheren. Met de cliëntenraad wordt periodiek overleg gevoerd. Voor klachtenafhandeling is een klachtencoördinator aangesteld. 44
Orionis heeft een eigen bezwarencommissie ten behoeve van de Participatiewet, die conform de vastgestelde verordening opereert. Orionis is aangesloten bij de nationale Ombudsman. Paragraaf Wet open overheid De introductie van een landelijke website waarin Woo informatie geplaatst kan worden is voor onbekende duur uitgesteld. Orionis Walcheren gaat in afwachting van die landelijke oplossing op de eigen website de al bestaande Woo pagina aanpassen. Deze noodoplossing is in lijn met andere gemeenten en overheidsinstellingen. Dit levert een kwetsbaarheid op voor de status van onze website in het kader van digitale toegankelijkheid. Niet alle documenten zullen bijvoorbeeld voorleesbaar zijn. Vereiste informatie wordt ontsloten vanaf de Woo pagina om de vindbaarheid te vergroten. Dit vullen we aan met een geanonimiseerd overzicht van gedane verzoeken en antwoorden. Optionele informatie die opgenomen kan worden onder de Woo brengen we dit jaar in kaart en kan na afstemming met het bestuur worden vastgesteld. In 2022 waren er meer dan 70.000 unieke bezoekers aan onze website, daarvan waren er slechts 2 op zoek naar de Woo. Als de website is aangepast besteden we er via externe communicatie aandacht aan. Zodra de landelijke website operationeel is, linken we daar naar. Daarmee vervalt de ontstane kwetsbaarheid voor de status van de website ten aanzien van digitoegankelijkheid.
45
FINANCIËN
46
BALANS BALANSPOSITIE Immateriële vaste activa
eind 2022 eind 2023 eind 2024 0
0
0
eind 2025 eind 2026 eind 2027 0
0
0
Materiële vaste activa Stand begin jaar Investeringen economisch nut
18.633.000 17.820.000 17.266.481 543.284
561.756
Afschrijvingen
-1.083.000 -1.096.802
-1.115.274
Stand ultimo jaar
17.820.000 17.266.481 16.712.963
Financiële vaste activa Totaal Vaste Activa
270.000
581.000
681.000
748.000
18.401.000 17.947.481 17.460.963
16.712.963 16.159.444 15.605.926 580.855
600.604
621.025
-1.134.374 -1.154.123
-1.174.543
16.159.444 15.605.926 15.052.407 781.333
781.333
781.333
16.940.777 16.387.259 15.833.740
Voorraden
216.000
216.000
216.000
216.000
216.000
216.000
Debiteuren
9.252.000
9.159.480
9.067.885
8.977.206
8.887.434
8.798.560
Liquide middelen
368.000
11.746
99.819
243.805
75.868
17.196
Overlopende activa
1.545.000
1.545.000
1.545.000
1.545.000
1.545.000
1.545.000
Totaal Vlottende Activa
11.381.000 10.932.226 10.928.704
10.982.011 10.724.302 10.576.756
Totaal Activa
29.782.000 28.879.707 28.389.667
27.922.788 27.111.561 26.410.497
Reserves / Eigen vermogen
-1.287.000
174.000
114.000
54.000
0
0
1.026.000
1.192.000
882.130
920.862
498.815
478.218
dotaties
282.000
-232.030
99.734
-375.889
-597
55.566
onttrekkingen
-116.000
-77.840
-61.001
-46.158
-20.000
-20.000
Stand ultimo jaar
1.192.000
882.130
920.862
498.815
478.218
513.784
Vaste schulden
15.941.000 15.187.578 14.418.805
13.633.973 12.897.343 12.160.713
Totaal Vaste Passiva
15.846.000 16.243.707 15.453.667
14.186.788 13.375.561 12.674.497
Vlottende schulden
5.466.000
7.466.000
7.766.000
8.566.000
8.566.000
8.566.000
Overlopende passiva
8.470.000
5.170.000
5.170.000
5.170.000
5.170.000
5.170.000
Totaal Vlottende Passiva
13.936.000 12.636.000 12.936.000
13.736.000 13.736.000 13.736.000
Totaal Passiva
29.782.000 28.879.707 28.389.667
27.922.788 27.111.561 26.410.497
Voorzieningen Stand begin jaar
47
TOTAALOVERZICHT VAN LASTEN EN BATEN
Totaal (bedragen * € 1.000)
realisatie 2022 lasten baten
begroting 2023 lasten baten
1e wijziging lasten baten
begroting 2023-1 lasten baten
Re-integratie Werkleerbedrijf Inkomen
7.294 21.093 66.746
6.730 18.612 63.273
7.117 20.040 56.049
6.177 19.391 52.895
653 1.442 16.735
653 276 16.130
7.770 21.482 72.785
6.830 19.667 69.024
Schuldhulpverlening Overhead Heffing VPB Onvoorzien Alg.dekkingsmiddelen
1.215 11.137 0 0 0
44 1.986
94 985
15.390
1.230 10.434 0 0 0
15.268
0 1.947 0 0 0
-50 751 0 0 3.018
1.230 12.381 0 0 0
44 1.736 0 0 18.286
Totaal
107.485 106.034
94.870
94.810
20.777
20.777
115.647 115.587
-1.451 30
0
-60 60
0
0 0
Saldo Reserveringen
0
-60 60
Saldo na reservering
-1.421
Totaal (bedragen * € 1.000)
begroting 2024 lasten baten
raming 2025 lasten baten
raming 2026 lasten baten
raming 2027 lasten baten
Re-integratie Werkleerbedrijf Inkomen Schuldhulpverlening Overhead
7.216 21.067 64.865 1.456 11.570
6.498 19.996 60.630 44 666
7.411 20.483 66.701 1.505 11.909
6.669 20.274 61.989 45 668
7.621 20.018 68.626 1.557 12.392
6.854 20.385 63.565 47 691
7.863 19.716 70.583 1.609 12.819
7.070 20.140 65.249 48 714
Heffing VPB Onvoorzien Alg.dekkingsmiddelen
0 0 0
0 0 18.281
0 0 0
0 0 18.305
0 0 0
0 0 18.617
0 0 0
0 0 19.369
Totaal Reserveringen Saldo na reservering
0
0
0
0
106.174 106.114 0 60
108.010 107.950 0 60
110.214 110.159 0 54
112.590 112.590 0 0
0
0
0
0
De belangrijkste mutaties ten opzichte van de vorige meerjarenraming (uit de primaire begroting 2023) zijn in onderstaande tabel opgenomen.
48
Bedragen * € 1.000 (+ = nadelig, - = voordelig) Programma Arbeidsmarkt Geen mutaties Programma Werkleerbedrijf Bedrijfsvoering WSW Programma Inkomen mutatie BUIG resultaat Programma Schuldhulpverlening Vermindering bijdragen derden/klanten Programma Overhead Extra personeelskosten Oekraïne, Energietoeslag, extra vroegsignalering Mid/Veere, toeslagaffaire Mid/Veere 1 fte extra bijz. bijst/min i.v.m. toegenomen bereik
2023
2024
2025
2026
0
0
0
0
1.166 0
652 147
328 12
12 -187
595
800
1152
1372
50
50
50
50
Budgettair neutraal, omdat hier specifieke gemeentelijke vergoedingen tegenover staan 70 70 70 70
Reiskosten woon/werk verkeer Huisvesting, energielasten Meerjarenraming I&A Samenwerking Vrijval reserve
88 268 182
231 135 178
231
231
253 -30
328
Totaal mutaties
2.419
2.263
2.066
1.876
In bovenstaande tabel zijn de effecten van VZG indexering, zowel aan de kostenkant als in de exploitatievergoeding, niet meegenomen. Deze vallen immers ongeveer tegen elkaar weg.
Programma Arbeidsmarkt Re-integratie (bedragen * € 1.000)
realisatie 2022 lasten baten
begroting 2023 lasten baten
Doorb. pers. en werkinfra extra personele inzet Loonkosten WiW/BsW Plaatsingsvergoedingen Overige instrumenten Bijdrage gemeenten Subtotaal Directe apparaatskosten Totaal product
4.262 968 390 220 524
4.300 511 490 465 411
Saldo
6.363 932 7.294
712 144 57 5.817 6.730 0 6.730
6.177 940 7.117
-565
287
5.891 6.177 0 6.177 -940
49
1e wijziging lasten baten 123 882 -202 -165 15 653 0 653
653
0 653 0 653 0
begroting 2023-1 lasten baten 4.423 1.392 288 300 426 6.830 940 7.770
939
5.891 6.830 0 6.830 -940
Re-integratie (bedragen * € 1.000)
begroting 2024 lasten baten
raming 2025 lasten baten
raming 2026 lasten baten
raming 2027 lasten baten
Doorb. pers. en werkinfra extra personele inzet Loonkosten WiW/BsW Plaatsingsvergoedingen Overige instrumenten Bijdrage gemeenten Subtotaal Directe apparaatskosten Totaal product
4.569 985 309 310 323
4.720 1.019 329 321 281
4.877 1.054 339 332 253
5.038 1.089 375 343 224
6.498 718 7.216
Saldo
500
5.998 6.498 0 6.498
6.669 742 7.411
-718
500
6.169 6.669 0 6.669
6.854 767 7.621
-742
500
6.354 6.854 0 6.854
7.070 793 7.863
500
6.570 7.070 0 7.070
-767
-793
1e wijziging lasten baten
begroting 2023-1 lasten baten
Programma Werkleerbedrijf Werkleerbedrijf (bedragen * € 1.000)
realisatie 2022 lasten baten
Personeelslasten Huisvesting Productiemiddelen Overig Taakstelling Groen Netto omzet Wsw-doelgroep Doorbel. re-int. WI
15.788 -1.123
Doorbel. Re-int. Wsw
-421
Subtotaal Directe apparaatskst. Totaal product Saldo
3.709 1.077 1.097 508
begroting 2023 lasten baten
12 4.999 13.600
3.558 1.042 1.095 680
14.759 -1.133
11 6.202 13.177
-425
354 336 28 -12 0 736 0
0 63 -523 736
0
3.913 1.379 1.123 668 0 15.495 -1.133
11 63 5.679 13.913
-425
20.635
18.612
19.577
19.391
1.442
276
21.020
19.667
459
0
463
0
0
0
463
0
21.093
18.612
20.040
19.391
1.442
276
21.482
19.667
-2.481
-649
50
-1.166
-1.816
Werkleerbedrijf (bedragen * € 1.000)
begroting 2024 lasten baten
raming 2025 lasten baten
raming 2026 lasten baten
raming 2027 lasten baten
Personeelslasten Huisvesting
3.884 1.320
3.840 1.279
3.700 1.229
3.629 1.179
Productiemiddelen
1.062
1.010
1.010
1.010
Overig Taakstelling Groen Taakstelling Techniek Netto omzet Wsw-doelgroep Doorbel. re-int. WI Doorbel. Re-int. Wsw
620
15.116 -1.172 -439
Subtotaal Directe apparaatskst.
20.390 677
19.996 0
19.783 700
20.274 0
19.294 724
20.385 0
18.968 748
20.140 0
Totaal product
21.067
19.996
20.483
20.274
20.018
20.385
19.716
20.140
12 125 125 6.063 13.671
Saldo
579
14.741 -1.211 -454
12 188 250 6.242 13.582
565
12 250 250 6.323 13.550
14.513 -1.253 -470
551
14.381 -1.295 -486
368
12 250 250 6.223 13.405
-1.071
-209
424
Bijstandsverstrekking
realisatie 2022
begroting 2023
(bedragen * € 1.000)
lasten
baten
lasten
baten
lasten
baten
lasten
baten
Inkomensvoorziening Buig
46.525
907
46.408
882
5.785
-9
52.193
873
Programma Inkomen
Rijksvergoeding Buig
45.527
Onderzoekskosten BBZ
40
0
Tozo-regeling
428
Energietoeslag
1e wijziging
45.839
51.037
0
100
0
428
350
350
350
350
9.271
9.271
9.400
9.400
9.400
9.400
Leefgeld Oekraïne
1.245
1.245
1.200
1.200
1.200
1.200
Bijzondere bijstand
3.791
109
3.695
133
200
0
3.895
133
Minimabeleid
2.103
40
2.469
81
-200
-41
2.269
40
Overig
5.745
0
5.198 0
Bijdr. gemeenten bb/min
100
begroting 2023-1
5.951
40
5.991
24
0
29
9
0
-9
29
0
Subtotaal
63.427
63.273
52.701
52.895
16.735
16.130
69.436
69.024
Directe apparaatskosten
3.318
0
3.348
0
0
0
3.348
0
Totaal product
66.746
63.273
56.049
52.895
16.735
16.130
72.785
69.024
Saldo
-3.473
-3.155
51
-606
-3.760
Bijstandsverstrekking
begroting 2024
(bedragen * € 1.000)
lasten
baten
lasten
baten
lasten
baten
lasten
baten
Inkomensvoorziening Buig
54.393
907
55.888
926
57.510
949
59.103
971
Rijksvergoeding Buig
raming 2025
52.999
raming 2026
54.122
55.503
Onderzoekskosten BBZ
100
0
100
0
100
Tozo-regeling
350
350
350
350
300
Energietoeslag / leefgeld
raming 2027
56.931 100
300
300
300
0
0
0
0
0
0
0
0
Bijzondere bijstand
4.027
138
4.164
142
4.306
147
4.452
152
Minimabeleid
2.346
41
2.426
42
2.508
44
2.593
45
Bijdr. gemeenten bb/min Overig
6.195
6.405
6.623
6.848
30
0
31
0
33
0
34
0
Subtotaal
61.246
60.630
62.959
61.989
64.756
63.565
66.582
65.249
Directe apparaatskosten
3.619
0
3.742
0
3.870
0
4.001
0
Totaal product
64.865
60.630
66.701
61.989
68.626
63.565
70.583
65.249
Saldo
-4.235
-4.713
-5.061
-5.334
Programma Schuldhulpverlening Schuldhulpverlening
realisatie 2022
begroting 2023
(bedragen * € 1.000)
lasten
lasten
Advieskosten
baten
11
1e wijziging
baten
lasten
15
begroting 2023-1
baten
lasten
0
baten
15
Bijdragen klanten
17
41
-24
17
Bijdragen derden
27
53
-26
27
Subtotaal
11
44
15
94
0
-50
15
44
Directe apparaatskosten
1.204
0
1.215
0
0
0
1.215
0
Totaal product
1.215
44
1.230
94
0
-50
1.230
44
Saldo
-1.171
-1.136
52
-50
-1.186
Schuldhulpverlening (bedragen * € 1.000)
begroting 2024 lasten baten
Advieskosten Bijdragen klanten Bijdragen derden
raming 2025 lasten baten
16
16
raming 2026 lasten baten
raming 2027 lasten baten
17
18 26
17
18 27
19 28
19 29
Subtotaal Directe apparaatskosten
16 1.440
44 0
16 1.489
45 0
17 1.540
47 0
17 1.592
48 0
Totaal product
1.456
44
1.505
45
1.557
47
1.609
48
Saldo
-1.412
-1.460
-1.510
-1.561
Programma Overhead Overhead
realisatie 2022
begroting 2023
(bedragen * € 1.000)
lasten
lasten
Personeelskosten
14.801
14.151
1.547
15.698
Huisvesting
1.680
1.707
268
1.975
ICT
2.618
2.655
182
2.837
Inventaris en vervoer
100
43
57
100
Overig
669
Onvoorzien Doorbel. re-integr.
baten
1.166
1e wijziging
baten
586
lasten
642
begroting 2023-1
baten
16
lasten
751
baten
602
0
0
0
0
-2.718
-2.743
-123
-2.866
Steun/herstelpakket
820
343
0
1.393
343
Subtotaal
17.150
1.986
16.399
985
1.947
751
18.346
1.736
Directe apparaatskst.
-5.913
0
-5.966
0
0
0
-5.966
0
Totaal product
11.237
1.986
10.434
985
1.947
751
12.381
1.736
Saldo Reserveringen Saldo na reservering
0
-9.251
-9.448
-1.196
-10.644
30
60
0
60
-9.221
-9.388
-1.196
-10.584
53
Overhead (bedragen * € 1.000)
begroting 2024 lasten baten
raming 2025 lasten baten
raming 2026 lasten baten
raming 2027 lasten baten
Personeelskosten Huisvesting ICT Inventaris en vervoer Overig Onvoorzien Doorbel. re-integr.
15.477 1.909 2.929 46 623 0 -2.959
16.003 1.839 3.104 48 644 0 -3.056
16.547 1.902 3.284 50 666 0 -3.155
17.109 1.966 3.396 51 688 0 -3.259
666
668
691
714
Regeerakkoordgelden Subtotaal Directe apparaatskst.
18.024 -6.454
666 0
18.582 -6.673
668 0
19.293 -6.901
691 0
19.953 -7.134
714 0
Totaal product
11.570
666
11.909
668
12.392
691
12.819
714
0
-10.904 60
-11.241 60
-11.701 54
-12.104 0
-10.844
-11.181
-11.647
-12.104
Alg. dekkingsmiddelen
realisatie 2022
begroting 2023
1e wijziging
begroting 2023-1
(bedragen * € 1.000)
lasten
lasten
Saldo Reserveringen Saldo na reservering
Algemene Dekkingsmiddelen
Extra bijdrage gemeenten Exploitatiebijdrage gemeenten
0 15.597
VZG verhoging 26/3/23 4,5% (Reductie) gemeentelijke bijdr. Totaal alg dekkingsmiddelen
Alg. dekkingsmiddelen (bedragen * € 1.000) Extra bijdrage gemeenten Exploitatiebijdrage gemeenten Index VZG (3,4% ipv 2,7%) VZG verhoging 26/3/23 4,5% (Reductie) gemeentelijke bijdr. Totaal alg dekkingsmiddelen
baten
-207 0
15.390
0
baten
lasten
baten
lasten
baten
0 16.267
0 544
0 16.811
-999
713 1.761
713 762
15.268
0
3.018
0
18.286
begroting 2024 lasten baten
raming 2025 lasten baten
raming 2026 lasten baten
raming 2027 lasten baten
0 17.342 111 737 91 18.281
0 17.707 223 762 -387 18.305
0 18.175 336 788 -682 18.617
0 18.644 450 815 -540 19.369
0
0
54
0
0
Overzicht van incidentele baten en lasten/Onvoorzien Lasten Programma Arbeidsmarkt Inkomen
Overhead
Omschrijving
2023
2023-1
2024
Flexinzet t.l.v. subsidies afwikkeling tozo-leningen leefgeld Oekraïne energietoeslag extra inzet afwikkeling Tozo leningen extra inzet uit steun en herstelpakket extra inzet e-toeslag, Oekraine en KOT
0 0 0 0 60.000 0 0 60.000
439.000 350.000 1.200.000 9.400.000 60.000 343.000 690.000 12.482.000
0 350.000 0 0 60.000 0 0 410.000
Diverse subsidies afwikkeling tozo-leningen leefgeld Oekraïne energietoeslag Steun en herstelpakket vergoeding e-toeslag, Oekraine en KOT Onttrekkingen reserves
0 0 0 0 0 0 60.000
439.000 350.000 1.200.000 9.400.000 343.000 690.000 60.000
0 350.000 0 0 0 0 60.000
60.000
12.482.000
410.000
2023-1 0 -554 -310 0
2024 0 -554 39 0
2025 0 -554 -422 0
2026 0 -554 -21 0
2027 0 -554 36 0
0
0
0
0
0
244
592
131
533
589
Baten Arbeidsmarkt Inkomen
Overhead Reservemutaties
Er is geen begrote post voor Onvoorzien.
EMU saldo EMU saldo (Bedragen * € 1.000) 1 exploitatiesaldo excl. reserveringen 2 Mutatie (im)materiële vaste activa 3 Mutatie voorzieningen 4 Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) Verwachte boekwinst bij verkoop effecten en 5 (im)materiële vaste activa Berekend EMU saldo (1-2+3-4+5)
55
Bijlage 1: Kerncijfers
Klantenaantal P-wet
2023-1
2024
Per begin jaar
2789
2759
Per einde jaar
2759
2865
Gewogen gemiddelde
2782
2786
€ 17.254
€ 17.254
Prijs Uitkering
P-wet (excl terugv+verhaal) en excl. Loonkostensubsidie
Klantenaantal overig
Per begin jaar
133
121
Per einde jaar
121
109
Gewogen gemiddelde
127
115
Per begin jaar
523
486
Procentuele daling in het jaar
5,1 %
6,0 %
Aantal Wsw-medewerkers
Bijlage 2: Financiële bijdragen van gemeenten Verwachte gemeentelijke bijdragen in 2023 en verder Extra bijdrage / reductie
2022
2023
2023-1
2024
2025
2026
2027
Vlissingen
-109.800
-528.700
407.500
48.700
-205.800
-361.900
-286.400
Middelburg
-84.600
-413.600
311.800
35.900
-162.400
-285.400
-226.300
Veere
-12.300
-56.500
42.900
6.500
-18.900
-34.800
-27.500
Walcheren
-206.700
-998.800
762.200
91.100
-387.100
-682.100
-540.200
2022
2023
2023-1
2024
2025
2026
2027
Vlissingen
8.285.400
8.623.900
9.357.700
9.731.200 10.030.600 10.381.400 10.695.000
Middelburg
6.395.100
6.697.900
7.149.400
7.401.500
7.574.600
7.801.300
8.076.500
916.100
945.200
1.016.700
1.057.500
1.086.900
1.116.200
1.137.200
15.596.600
16.267.000
2022
2023
Exploitatiebijdrage
Veere Walcheren Specifieke bijdragen
17.523.800 18.190.200 18.692.100 19.298.900 19.908.700 2023-1
2024
2026
2027
0
0
0
Vlissingen
252.846
Middelburg
457.960
170.700
535.289
195.700
202.354
209.234
216.348
Veere
85.394
66.600
119.961
76.600
79.204
81.897
84.682
Walcheren
796.200
237.300
962.300
272.300
281.558
291.131
301.030
2022
2023
2023-1
2024
2025
2026
2027
Vlissingen
2.949.408
3.106.918
3.127.801
3.234.306
3.343.944
3.457.758
3.575.227
Middelburg
2.439.397
2.470.165
2.486.768
2.571.445
2.658.613
2.749.101
2.842.495
355.729
373.917
376.430
389.248
402.443
416.140
430.278
5.744.534
5.951.000
5.991.000
6.195.000
6.405.000
6.623.000
6.848.000
Bijz. bijst/minimabeleid
Veere Walcheren
307.050
2025
56
Tozo regeling
2022
2023
2023-1
2024
2025
Vlissingen
-136.375
0
-111.358
-111.358
-111.358
-95.449
-95.449
Middelburg
-200.117
0
-163.407
-163.407
-163.407
-140.063
-140.063
Veere
-92.138
0
-75.236
-75.236
-75.236
-64.488
-64.488
Walcheren
-428.630
0
-350.000
-350.000
-350.000
-300.000
-300.000
2022
2023
2023-1
2024
2025
2026
2027
Vlissingen
4.231.700
0
4.290.396
0
0
0
0
Middelburg
4.183.200
0
4.241.224
0
0
0
0
856.500
0
868.380
0
0
0
0
9.271.400
0
9.400.000
0
0
0
0
2022
2023
2023-1
2024
2025
2026
2027
Vlissingen
459.298
0
442.554
0
0
0
0
Middelburg
322.975
0
311.200
0
0
0
0
Veere
463.130
0
446.246
0
0
0
0
1.245.403
0
1.200.000
0
0
0
0
2022
2023
2023-1
2024
2025
2026
2027
40.128
80.597
39.597
40.944
42.336
43.775
45.263
2023-1
2024
2025
2026
2027
Energietoeslag / leefgeld
Veere Walcheren Energietoeslag / leefgeld
Walcheren SMI Kinderopvang Middelburg
2026
2027
Verwachte rijksvergoedingen in 2023 en verder Buig incl. SH
2022
2023
Vlissingen
24.083.942 24.249.032 27.306.987 28.356.683 28.957.510 29.696.121 30.460.505
Middelburg
18.900.038 19.029.594 20.914.258 21.718.214 22.178.383 22.744.081 23.329.519
Veere
2.542.999
Walcheren
45.526.979 45.839.057 51.037.404 52.999.311 54.122.270 55.502.752 56.931.404
P-budget Re-integratie
2.560.431
2.816.159
2.924.414
2.986.377
3.062.549
3.141.380
2022
2023
2023-1
2024
2025
2026
2027
Vlissingen
3.329.186
3.367.217
3.367.217
3.424.676
3.519.644
3.622.316
3.745.475
Middelburg
2.353.985
2.385.624
2.385.624
2.429.990
2.500.421
2.576.220
2.663.811
133.532
138.233
138.233
143.074
149.329
155.731
161.026
5.816.703
5.891.074
5.891.074
5.997.740
6.169.394
6.354.267
6.570.312
2022
2023
2023-1
2024
2025
2026
2027
Vlissingen
6.907.660
6.749.274
7.086.470
7.027.152
7.100.553
7.182.329
7.047.848
Middelburg
5.414.743
5.275.654
5.549.649
5.369.409
5.208.393
5.114.701
5.160.314
Veere
1.092.310
1.067.841
1.148.323
1.149.718
1.152.704
1.136.286
1.084.237
Walcheren
13.414.713 13.092.769 13.784.441 13.546.279 13.461.649 13.433.317 13.292.399
Veere Walcheren P-budget Wsw
57
Steun en herstelpakket
2022
2023
2023-1
2024
2025
2026
2027
Vlissingen
466.334
195.064
195.064
0
0
0
0
Middelburg
336.659
140.822
140.822
0
0
0
0
Veere
17.007
7.114
7.114
0
0
0
0
Walcheren
820.000
343.000
343.000
0
0
0
0
2022
2023
2023-1
2024
2025
2026
2027
0
0
0
0
2024
2025
2026
2027
gelden Regeerakkoord Vlissingen Middelburg Veere Walcheren TOTALE BIJDRAGE
0 2022
2023
2023-1
Vlissingen
50.719.599 45.762.706 55.777.381 51.711.360 52.635.093 53.882.574 55.142.206
Middelburg
40.559.468 35.837.456 43.902.225 39.599.695 40.039.293 40.812.950 41.967.887
Veere
6.358.263
Walcheren
97.637.330 86.702.997 106.584.816 96.982.873 98.437.207 100.565.041 103.056.908
Verdeelsleutel expl.bijdrage
5.102.835
6.905.211
5.671.818
5.762.821
5.869.517
5.946.815
2022
2023
2023-1
2024
2025
2026
2027
Vlissingen
53,12%
53,01%
53,40%
53,50%
53,66%
53,79%
53,72%
Middelburg
41,00%
41,18%
40,80%
40,69%
40,52%
40,42%
40,57%
Veere
5,87%
5,81%
5,80%
5,81%
5,81%
5,78%
5,71%
Verdeelsleutel extra bijdrage
2022
2023
2023-1
2024
2025
2026
2026
Vlissingen
53,12%
52,90%
53,50%
53,50%
53,50%
53,50%
53,50%
Middelburg
41,28%
41,51%
40,98%
40,98%
40,98%
40,98%
40,98%
Veere
5,59%
5,59%
5,52%
5,52%
5,52%
5,52%
5,52%
58
Bijlage 3: Lijst van afkortingen ANW
Algemene Nabestaanden wet
aok
Arbeidsovereenkomst
AVG
Algemene Verordening Gegevensbescherming
BBR
Budgetbeheer
BBZ
Besluit bijstandsverlening Zelfstandigen
BIO
Baseline Informatiebeveiliging Overheden
BUIG
wet Bundeling van Uitkeringen Inkomensvoorziening aan Gemeenten
BsW
Beschut Werken
BW
Begeleid Werken
CPB
Centraal Planbureau
Divosa
Belangenvereniging van Sociale Diensten
IOAW
Inkomensregeling voor Oudere en gedeeltelijk Arbeidsongeschikte Werknemers
IOAZ
Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
KPI
Key Performance Indicator (kritische succesfactor)
LKS
Loonkostensubsidie
LVB
Laag Verstandelijke Beperking
MSNP
Minnelijke Schuldsanering Natuurlijke Personen
MVO
Maatschappelijk verantwoord ondernemen
NUG / NUGger
Niet Uitkeringsgerechtigde
NVVK
Vereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren
OW
Orionis Walcheren
P-budget
Participatiebudget
PW
Participatiewet
PL
Persoonlijke Lening
RBL
Regionaal Bureau Leerplicht
RI
Re-integratie
RVU
Regeling Vervroegd Uittreden (voor Wsw-ers)
SE
Subsidie eenheid (Wsw)
SK
Saneringskrediet
SROI
Social Return on Investment
Tozo
Tijdelijke Ondersteuning Zelfstandig Ondernemers
VNG
Vereniging Nederlandse Gemeenten
WIW
Wet Inschakeling Werkzoekenden
WLB
Werkleerbedrijf
WNT
Wet normering topinkomens
Woo
Wet Open Overheid
WSNP
Wettelijke Schuldsanering Natuurlijke Personen
Wsw / SW
Wet Sociale Werkvoorziening 59
60
136. Ontwerpbrief GS werkwijze interbestuurlijk toezicht huisvesting statushouders (ondertekend)
Het bestand 136. Ontwerpbrief GS werkwijze interbestuurlijk toezicht huisvesting statushouders (ondertekend) kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://middelburg.raadsinformatie.nl/document/13011357/1/136_+Ontwerpbrief+GS+werkwijze+interbestuurli jk+toezicht+huisvesting+statushouders+%28ondertekend%29
Beleidskader
interbestuurlijk toezicht huisvesting vergunninghouders
Provincie Zeeland
Vastgesteld door Gedeputeerde Staten van Zeeland in de vergadering van 28 juni 2016
1
Beleidskader interbestuurlijk toezicht huisvesting vergunninghouders Provincie Zeeland De provincies hebben op grond van de gemeentewet de wettelijke taak om toezicht te houden op de gemeenten wat betreft de huisvesting van vergunninghouders. Deze taak is één van de onderdelen van het interbestuurlijk toezicht door de Provincie en wordt uitgevoerd door Gedeputeerde Staten. De huisvesting van vergunninghouders is een wettelijke taak van de gemeenten. Op grond van de Huisvestingswet 2014 (artikel 28) dragen burgemeesters en wethouders zorg voor het voorzien in de huisvesting van vergunninghouders overeenkomstig de voor de gemeente geldende taakstelling. De Gemeentewet (artikel 124) bepaalt in het eerste lid dat “wanneer (…) het college (…) een bij of krachtens een andere dan deze wet gevorderd resultaat niet, niet tijdig of niet naar behoren tot stand brengt, besluiten gedeputeerde staten (…) daarin namens (…) het college (…) te voorzien ten laste van de gemeente”. Dit beleidskader maakt inzichtelijk op welke wijze Gedeputeerde Staten invulling zullen geven aan het bepaalde in artikel 124 van de gemeentewet ten aanzien van het door de huisvestingswet gevorderde resultaat, namelijk het voorzien in de huisvesting van verblijfsgerechtigden. Hiermee ontstaat transparantie en eenduidigheid voor de onder toezicht gestelde(n).
Informatie, toetsing en taakverwaarlozing In deze paragraaf worden de volgende drie vragen beantwoord: hoe beoordeelt de Provincie Zeeland als toezichthouder of een gemeente de taak op het terrein van de huisvesting van verblijfsgerechtigden goed uitoefent? welke informatie heeft de Provincie Zeeland daarvoor als toezichthouder nodig? hoe en wanneer grijpt de Provincie Zeeland in? Hoe beoordeelt de Provincie Zeeland als toezichthouder of een gemeente de taak op het terrein van de huisvesting van verblijfsgerechtigden goed uitoefent? De Provincie beoordeelt of een gemeente zijn taak op het terrein van de huisvesting van verblijfsgerechtigden goed invult, namelijk het al dan niet realiseren van de gemeentelijke taakstelling, inclusief voorsprong/achterstand. Per halfjaar krijgt de gemeente een taakstelling om een aantal verblijfsgerechtigden te huisvesten. Welke informatie heeft de Provincie Zeeland als toezichthouder nodig? De Provincie Zeeland maakt als toezichthouder zo veel mogelijk gebruik van informatie die reeds beschikbaar is. Dit voorkomt dat de gemeenten en de provincie allerlei informatiesystemen moeten gaan bijhouden. De informatie die in principe nodig is voor het uitoefenen van de toezichtstaak: De taakstelling zoals die door het Rijk bekend wordt gemaakt (maximaal aantal te huisvesten verblijfsgerechtigden per half jaar).
De gemeente moet de taakstelling voor het eerste halfjaar op 1 juli van dat jaar hebben gerealiseerd en de taakstelling voor het tweede halfjaar op 1 januari. De maandelijkse realisatiecijfers zoals die door het COA bekend worden gemaakt. Deze realisatiecijfers hebben betrekking op het aantal gehuisveste verblijfsgerechtigden in de betreffende maand. De registraties op de COA-site.
2
Deze informatie is voor de toezichthoudende taak van de provincie voldoende om besluitvorming op te baseren. Hoe en wanneer grijpt de Provincie Zeeland in? In principe gaat de Provincie in de nieuwe toezichtsituatie uit van vertrouwen in de uitvoering door de gemeenten en in de werking van de horizontale verantwoording bij gemeenten. Dit betekent dat de gemeenteraad eerstverantwoordelijke is in het toezicht op de gemeente en het behalen van de taakstelling. De Provincie is met interbestuurlijk toezicht in principe volgend op de gemeenteraad. Mocht echter blijken, dat een gemeente toch niet aan het bepaalde met betrekking tot de huisvesting van verblijfsgerechtigden in de Huisvestingswet voldoet, dan heeft de Provincie een beginselplicht om in te grijpen met behulp van het middel: in de plaats treden bij taakverwaarlozing van een overheid. De Provincie Zeeland zal in principe telkens als een gemeente haar taakstelling niet of niet tijdig realiseert invulling geven aan deze beginselplicht. Daarbij zal de Provincie zorgvuldig te werk gaan en wel door gebruik te maken van de interventieladder. Het gebruik van de interventieladder waarborgt een zorgvuldige procedure om tot een eventueel besluit te komen om indeplaats te treden. Wanneer voldoet een gemeente (niet) aan de taakstelling: Voldoet
Voldoet gedeeltelijk
Voldoet niet
Criteria De gemeente realiseert op de wettelijke peildatum 100% of meer van zijn taakstelling en er is geen sprake van achterstanden. De gemeente heeft één maand na de wettelijke peildatum zijn taakstelling gehaald. De gemeente heeft één maand na de wettelijke peildatum zijn taakstelling niet gehaald.
Toezichtintensiteit Wij spreken onze waardering uit over het resultaat.
Ambtelijk contact over de tekortkomingen, inclusief brief met oproep komende periode tijdig te halen. Ambtelijk en eventueel bestuurlijk contact over de tekortkomingen
De interventieladder In de plaats treding bij taakverwaarlozing Wanneer blijkt dat er (mogelijk) sprake is van taakverwaarlozing, moet de provincie ingrijpen. De provincie gebruikt daarvoor de interventieladder. Uitgangspunt bij elke interventie is steeds dat de in gebreke blijvende gemeente de kans krijgt de gebreken te herstellen en de uiteindelijke interventie pas plaatsvindt nadat ambtelijk en/of bestuurlijk overleg niet tot het gewenste resultaat heeft geleid. De interventieladder bestaat uit de volgende treden: 1. Signaleren 2. Informatie opvragen en valideren 3. Afspraken over acties en termijnen 4. Vooraankondiging juridische interventie, waarschuwing 5. Besluit tot indeplaatsstelling (met beroepsmogelijkheid) 6. Sanctie 3
Fase 1 Signaleren De Provincie Zeeland kan, naast de informatie die beschikbaar is voor het uitoefenen van de toezichtstaak, ook op basis van klachten of reacties van derden (zoals de regievoerder van het COA, Vluchtelingenwerk, bestuurders van de betrokken corporaties of woningbouwvereniging, de betreffende regio, de omliggende gemeenten of de pers) signaleren dat een gemeente zijn wettelijke taak om verblijfsgerechtigden te huisvesten mogelijk niet volledig (aantal volgens de taakstelling) uitvoert. Op basis van de voor de toezichtstaak beschikbare informatie signaleert de Provincie Zeeland of een gemeente na afloop van het halfjaar zijn wettelijke taak heeft vervuld. Als blijkt dat een gemeente na halfjaar x (= op 1 juli of 1 januari ) niet het aantal verblijfsgerechtigden volgens de taakstelling voor dat halfjaar heeft gehuisvest, dan zal de provincie de volgende stap op de interventieladder zetten (informatie opvragen en valideren).
4
Als de provincie een klacht of reactie van een derde ontvangt met betrekking tot de huisvesting van verblijfsgerechtigden, dan zal worden overwogen of de klacht of reactie zwaarwegend genoeg is om de eerstvolgende stap op de interventieladder te zetten (informatie opvragen en valideren). De betrokken derde zal uiteraard daarvan en van eventuele vervolgstappen in kennis worden gesteld. Fase 2 Informatie opvragen en valideren Als de provincie op basis van de stap “signaleren” informatie wil hebben, dan zal die informatie in principe aan zowel de gemeente als aan de regievoerder van het COA worden gevraagd. Beide moeten immers nauw samenwerken om de gemeentelijke taakstelling tijdig te realiseren. De informatie zal in eerste instantie ambtelijk worden opgevraagd en gevalideerd. Bij deze vraag om informatie wordt gebruik gemaakt van een checklist (zie bijlage). Door dit schema te doorlopen wordt duidelijk of alle stappen (waaronder de registratie door het COA) tijdig zijn gezet. Eventueel kan in een latere fase ook nog informatie worden gevraagd aan de overige ketenpartners, zoals de betrokken corporaties en Vluchtelingenwerk. Op basis van de verkregen informatie wordt een afweging gemaakt om wel of geen bestuurlijk overleg met de gemeente te voeren.
Fase 3 Afspraken over acties en termijnen Als de provincie op 1 januari of 1 juli na halfjaar x constateert dat een gemeente zijn taakstelling voor halfjaar x niet volledig heeft gerealiseerd, wordt in principe de betrokken gemeente alsnog de gelegenheid gegeven om in halfjaar x+1 de achterstand in te lopen. De provincie stuurt daartoe een brief aan de betrokken gemeenten en gemeenteraden (start voorbereidingsprocedure), waarin, voor zover van toepassing, de volgende onderwerpen worden opgenomen: de geconstateerde omvang van de achterstand in het aantal te huisvesten verblijfsgerechtigden in halfjaar x, de omvang van de taakstelling in halfjaar x+1, en het aantal verblijfsgerechtigden dat de gemeente in halfjaar x+1 moet huisvesten om de achterstand weg te werken. (Let wel: volgens de Richtlijn in de brief van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, kenmerk BZK 2011057736, van 22 december 2011, wordt een achterstand in het aantal te huisvesten verblijfsgerechtigden pas weggewerkt als een gemeente meer verblijfsgerechtigden huisvest dan de taakstelling voor halfjaar x+1).
Concreet betekent dit, dat als een gemeente in halfjaar x+1 een taakstelling heeft van 5 te huisvesten verblijfsgerechtigden en een achterstand in het halfjaar x van 3, de gemeente pas na het huisvesten van 5 verblijfsgerechtigden begint aan het wegwerken van de achterstand; de verplichting voor de gemeente om op korte termijn het proces om verblijfsgerechtigden te huisvesten structureel te verbeteren. Daarbij valt te denken aan het verbeteren van de afspraken met de regievoerder van het COA, met de corporatie (prestatieafspraken), met maatschappelijke organisaties en eventueel met omliggende gemeenten en aan het verbeteren van de interne organisatie. De gemeente dient de provincie voor 1 april of 1 oktober in halfjaar x+1 door middel van een plan van aanpak te rapporteren over de genomen maatregelen om het proces om verblijfsgerechtigden te huisvesten structureel te verbeteren. Deze rapportage dient tevens een stand van zaken te bevatten met betrekking tot de gerealiseerde en in voorbereiding zijnde huisvestingen. Fase 4 Vooraankondiging juridische interventie, waarschuwing Als op 1 januari of 1 juli na afloop van halfjaar x+2 blijkt dat de betrokken gemeente de achterstand niet heeft ingelopen, dan zal de provincie de gemeente een vooraankondiging van een mogelijk juridische interventie (waarschuwing) doen toekomen. 5
In deze vooraankondiging geeft de Provincie aan dat de gemeente haar wettelijke taak om verblijfsgerechtigden te huisvesten niet volledig heeft uitgevoerd, waarom tot juridische interventie wordt overgegaan en wordt uitgelegd wat de consequenties zijn van een besluit tot indeplaatsstelling. In de vooraankondiging neemt de provincie de verplichting voor de gemeente op om op korte termijn het proces om verblijfsgerechtigden te huisvesten structureel te verbeteren. Daarbij valt te denken aan het verbeteren van de afspraken met de regievoerder van het COA, met de corporatie (prestatieafspraken), met maatschappelijke organisaties en eventueel met omliggende gemeenten en aan het verbeteren van de interne organisatie. De gemeente dient de provincie voor 1 april of 1 oktober in halfjaar x+3 te rapporteren over de genomen maatregelen om het proces om verblijfsgerechtigden te huisvesten structureel te verbeteren. Deze rapportage dient tevens informatie te geven over de gerealiseerde en de in voorbereiding zijnde huisvestingen. Een afschrift van dit besluit (voornemen tot in de plaats treden) wordt aan de gemeenteraad gestuurd. Het voornemen wordt ook gepubliceerd in een breed verspreide publicatie (krant of huisaan-huisblad) en in het Provinciaal Blad. Het betrekken van de gemeenteraad geeft dit orgaan de gelegenheid zijn rol in het kader van de horizontale verantwoording te nemen.
De bekendmaking van het voornemen tot interventie kan tevens bijdragen aan een publiek debat over de betreffende aangelegenheid. Dat publieke debat kan weer bijdragen aan versterking van het proces van horizontale verantwoording. Fase 5 Besluit tot indeplaatsstelling (met beroepsmogelijkheid) Als op 1 januari / 1 juli na afloop van halfjaar x+3 blijkt dat de betrokken gemeente de achterstand nog niet heeft ingelopen, dan neemt de provincie een besluit tot in de plaats treding. Het besluit wordt geformuleerd als een last: wanneer de gemeente niet binnen de gestelde termijn (begunstigingstermijn) de voorgeschreven maatregelen heeft genomen om de wettelijke taak volledig en tijdig uit te voeren, zal de provincie die maatregelen nemen op kosten van de betrokken gemeente. De provincie zal daarbij – zeer bijzondere gevallen uitgezonderd – een begunstigingstermijn van 3 maanden hanteren. De Wet revitalisering generiek toezicht bevat vormvereisten voor het besluit (zie bijlage). Tegen het besluit tot indeplaatsstelling kan de betreffende gemeente beroep instellen bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Fase 6 Sanctie Wanneer de gemeente niet binnen de begunstigingstermijn aan de opdracht heeft voldaan zal de provincie in beginsel overgaan tot feitelijke indeplaatsstelling. Dat houdt in dat de provincie alle noodzakelijke maatregelen neemt op kosten van de gemeente.
De toezichthouder hoeft ten aanzien van de feitelijke in de plaats treding geen apart besluit te nemen. Beëindiging De provincie trekt het besluit tot indeplaatsstelling in zodra daar aanleiding toe is (in principe wanneer de betrokken gemeente de achterstand heeft ingelopen).
6
Voorbeeld interventieladder bij niet halen taakstelling 2e helft 2016 met indeplaatstreding als gevolg Fase Fase 1
Fase 2
Fase 3
Fase 4
Wanneer 01-01-2017 (na afloop halfjaar x) 01-01-2017
Fase 6
Ambtelijk informatie opvragen bij gemeente en COA. Reactietermijn voor gemeente is 5 werkdagen.
Na bestuurlijk overleg
Bestuurlijk overleg Provincie stuurt brief naar gemeente (start voorbereidingsprocedure) met verzoek om plan van aanpak
1 april 2017 1 januari 2018 (x+2)
Uiterste inzenddatum plan van aanpak door gemeente Vooraankondiging van een mogelijk juridische interventie door Provincie
1 april 2018 Fase 5
Wat Vergelijken realisatie met taakstelling en constateren achterstand
1 juli 2018 (x+3) 1 oktober 2018
Rapportage van gemeente over de genomen maatregelen om het proces om verblijfsgerechtigden te huisvesten structureel te verbeteren Provincie neemt besluit tot in de plaats treding Provincie gaat over tot feitelijke in de plaats treding
7
Bijlage Inhoud van een besluit tot indeplaatstreding Een besluit tot indeplaatsstelling bevat – zo blijkt uit de memorie van toelichting bij het Wetsvoorstel Wrgt – in ieder geval: 1. informatie over de bevoegdheid en verantwoordelijkheid van de toezichthouder; 2. informatie over de onder toezicht gestelde; 3. informatie over de wettelijke taak die verwaarloosd is, het maatschappelijk resultaat dat moet worden bereikt en (in hoofdlijnen aangegeven) de concrete gevolgen van dat resultaat; 4. een omschrijving van het met de uitvoering van de wettelijke taak te bereiken resultaat; 5. informatieverstrekking over de uitvoering van het besluit tot indeplaatsstelling; 6. een verantwoording over het bestuurlijk voortraject, het horen van direct belanghebbenden en de overlegbereidheid van de onder toezicht gestelde gedurende de waarschuwingstermijn; 7. de termijn waarbinnen de onder toezicht gestelde de kans heeft zelf zijn taak uit te voeren en welke handelingen in die termijn moeten zijn verricht om feitelijke indeplaatsstelling te voorkomen; 8. informatie over de wijze waarop de interventie wordt beëindigd; 9. informatie over de kosten die ten laste van de onder toezicht gestelde provincie of gemeente komen; 10. informatie over de wijze waarop openbaarmaking van het besluit tot indeplaatsstelling zal plaatsvinden en welke bestuursorganen hierover worden geïnformeerd; 11.
een beroepsclausule (de onder toezicht gestelde kan in deze fase tegen het besluit tot indeplaatsstelling beroep instellen bij de ABRvS. Het beroep moet worden ingesteld binnen zes weken na bekendmaking van het besluit tot indeplaatsstelling. Het instellen van beroep heeft geen schorsende werking. Daartoe zal een voorlopige voorziening moeten worden gevraagd). Bijlage checklist 1. Nagaan hoeveel aanbiedingen (van vergunninghouders) de regievoerder aan de betreffende gemeente heeft gedaan? 2. Nagaan wat de samenstelling is van het aanbod aan vergunninghouders geweest: hoeveel alleenstaanden, hoeveel meerpersoonshuishoudens e.d. ? 3. Nagaan hoeveel personen de gemeente heeft afgenomen? 4. Nagaan tot hoeveel huisvestingen dit heeft geleid? 5. Nagaan hoe lang de termijn is geweest tussen aanbod door de regievoerder, de koppeling door de gemeente en de daadwerkelijke huisvesting 6. Nagaan hoeveel huisvestingen al formeel zijn geregeld maar nog niet bij COA zijn geregistreerd 7. Nagaan welke maatregelen de corporatie/gemeente heeft genomen om het aanbod van woningen aan te passen aan de vraag vanuit de vergunninghouders? 8. Nagaan of de gemeente samenwerking heeft gezocht met andere gemeenten in de regio om gezamenlijk de problematiek op te lossen? 9.
Nagaan of de gemeente de taakstelling heeft gehaald; Zo nee, dan nagaan of er sprake is van verschoonbare/niet verschoonbare redenen; 10. Nagaan of de gemeente voldoende passende woningen heeft aangeboden (aantal, type woningen en huurprijs); 11. Nagaan of de gemeente alle opties geprobeerd heeft om voor voldoende passende woonruimte te zorgen (bv. tijdelijke huisvesting in containers of in leegstaande kantoren, etc.); 12. Nagaan of de gemeente woningen heeft aangeboden die qua locatie en kwaliteit acceptabel zijn voor de doelgroep (in grotere kern, nabij OV, voorzieningen, scholing vrijwilligers etc.); 8
13. Nagaan of de gemeente in de prestatieafspraken met corporaties afspraken heeft gemaakt over de huisvesting van vergunninghouders; 14. Nagaan of de gemeente bij vergunninghouders heeft geïnformeerd naar gezinshereniging; 15. Nagaan of de gemeente de coördinatie van de diverse relevante beleidsvelden (wonen, welzijn, leerplicht, inburgering, werk & inkomen) en externe partijen (Vluchtelingenwerk, corporaties) goed heeft geregeld; 16. Nagaan of de gemeente steekhoudende argumenten heeft dat zij op volkshuisvestelijke of ruimtelijke redenen (tijdelijk), niet (volledig) de taakstelling kan realiseren.
Bijlage verschoonbare redenen (niet limitatief) Reden Geen woningen voor alleenstaanden Onvoldoende koppeling (per 1 april en 1 oktober) Grootschalige herstructurering Lage mutatiegraad corporatie ontkoppelen en doorkoppelen van COA Geen bsn Geen alternatieve huisvesting Nakomen geaccordeerd plan van aanpak GS en toch niet halen Onvoldoende betaalbare woningen Niet capabele medewerker Ziekte medewerker Vertraging inwilliging gezinshereniging Gemeentelijke herindeling Leefbaarheid Tussentijdse extra taakstelling Hervestigers Woningbouw komt afspraken niet na Azc in gemeente Te weinig vrijwilligers Pasjes IND registratie
Verschoonbaar
Niet verschoonbaar X
X X
X X X X X X X X X X X X
X X X X X X
9
135. Stand van de uitvoering gemeenten actieagenda uitvoeringspraktijk gemeenten VNG
Het bestand 135. Stand van de uitvoering gemeenten actieagenda uitvoeringspraktijk gemeenten VNG kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://middelburg.raadsinformatie.nl/document/13009062/1/135_+Stand+van+de+uitvoering+gemeenten+act ieagenda+uitvoeringspraktijk+gemeenten+VNG
129. Aanbiedingsbrief GGD Jaarstukken 2022 Burap 2023 5e begrotingswijziging 2023 (getekend)
Het bestand 129. Aanbiedingsbrief GGD Jaarstukken 2022 Burap 2023 5e begrotingswijziging 2023 (getekend) kon niet correct worden ingeladen, het is mogelijk corrupt of beschadigd. Het originele bestand kunt u hier vinden: https://middelburg.raadsinformatie.nl/document/13001770/1/129_+Aanbiedingsbrief+GGD+Jaarstukken+202 2+Burap+2023+5e+begrotingswijziging+2023+%28getekend%29
n o t i t i e AB Kenmerk
Van
J. Gaemers
Datum Onderwerp
5e Begrotingswijziging 2023
Ter besluitvorming na zienswijzen raden
Datum AB-overleg
13/10/2023
bijlage
Deze begrotingswijzigingen zijn een gevolg van de bestuursrapportage 2023, reeds in uw bezit en daarom niet als bijlage opgenomen.
Begrotingswijziging 2023 – 5A n.a.v. BURAP 1. Voorstel aan het AB Deze begrotingswijziging GGD Zeeland voor het toepassen van de aangepaste VZG richtlijn aan de raden voor te leggen voor een zienswijze omdat het een verandering in de gemeentelijke bijdragen tot gevolg heeft. Deze wijziging betreft alleen 2023: 2024 en verder is in de programmabegroting 2024-2027 al verwerkt. 2. Toelichting op het voorstel Aanleiding, nut en noodzaak staan beschreven in de bestuursrapportage 2023, paragraaf 1.1.5 en 2.1.1 3. Financiële consequenties Verhoging gemeentelijke bijdrage Omschrijving
2023 structureel
2023 incidenteel
2023 totaal
Toepassen aangepaste VZG richtlijn 2023
905.231
10.689
915.920
·1·