22-072 Bijlage 1. Jaarstukken 2021 Orionis Walcheren
Tekst van het document
Jaarstukken 2021
14 april 2022
Inhoudsopgave Managementsamenvatting
3
JAARVERSLAG Programma Arbeidsmarkt Programma Werkleerbedrijf Programma Inkomen Programma Schuldhulpverlening Programma Overhead Algemene Dekkingsmiddelen
6 8 11 17 21 24 27
Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen Paragraaf financiering Paragraaf verbonden partijen Paragraaf bedrijfsvoering Beleidsindicatoren bestuur en organisatie
28 30 30 31 32 33
JAARREKENING Waarderingsgrondslagen Balans Toelichting op de balans Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen Gebeurtenissen na balansdatum Totaaloverzicht van baten en lasten met toelichting Programma Arbeidsmarkt Programma Werkleerbedrijf Programma Inkomen Programma Schuldhulpverlening Programma Overhead Algemene Dekkingsmiddelen
35 36 38 39 43 44 45 46 47 49 51 51 53
BIJLAGEN 1: Kerncijfers 2: Overzicht van incidentele baten en lasten/onvoorzien 3: Taakvelden 4: Financiële bijdragen van gemeenten 5: Gegevens Wet normering topinkomens 6: SISA 7: Lijst van afkortingen
Vaststelling van de jaarrekening Controleverklaring
55 55 55 57 59 61 64 65 66
-2-
Managementsamenvatting Deze jaarstukken bevatten het jaarverslag en de jaarrekening. Hierin wordt verantwoording afgelegd over het gevoerde beleid, de bereikte prestaties en de middelen die daarvoor nodig waren. Het jaar 2021 werd – net als 2020 – gekenmerkt door de coronacrisis. Werden we daar vorig jaar door overvallen, in 2021 is het meer onderdeel van de werkelijkheid geworden. Op- en afschalen aan de hand van de overheidsadviezen is vrij soepel verlopen. En de grote bandbreedte in verwachtingen van resultaten kon gedurende het jaar veel verder verkleind worden. In begrotingswijzigingen konden betere resultaten worden opgenomen die uiteindelijk ook zijn gehaald. We zijn met elkaar trots op wat hebben kunnen bereiken, ondanks beperkende omstandigheden. De doelstellingen 2021 zijn samen te vatten in 2 hoofddoelstellingen: vermindering van het klantenbestand (en daarmee de tekorten op de Rijksvergoeding) en verbetering van het rendement van het Werkleerbedrijf. Beide doelstellingen zijn ook gehaald. Het Buig-tekort, wat in de afgelopen jaren al fors is teruggebracht, is voor het eerst weer een overschot. En binnen het Werkleerbedrijf is een eerste forse rendementsverbetering gerealiseerd. Daarbij zijn wij nog eens bevestigd in een extern onderzoek dat de door ons ingeslagen weg de juiste is.
Tegelijkertijd beseffen we meer en meer dat het niet alleen om de cijfers gaat maar ook over de kwaliteit achter de cijfers. Over hoe wij de klant en onze doelgroep zo goed mogelijk kunnen bedienen. Over hoe wij ons in kunnen leven in de situatie van de klant. Over wat voor verschil wij kunnen maken voor de kwetsbare burger op Walcheren. Dit alles vanuit onze eind 2020 vastgestelde missie en visie. Dat we ook hiermee bij Orionis Walcheren op de goede weg zijn wordt bevestigd door onze Sociale Cliëntenraad die aangeeft dat klanten steeds beter geholpen worden en steeds meer tevreden zijn over onze dienstverlening. Dit uit zich ook in een sterke afname van de ingediende bezwaarschriften en eveneens een sterke afname van het aantal klachten. Over geheel 2021 zijn er slechts 20 gegronde klachten te melden in een jaar wat voor onze uitvoering niet gemakkelijk was. Ondernemers De hulpverlening aan ondernemers is in 2021 gecontinueerd. De Tozo-regeling is periodiek verlengd tot oktober, daarnaast hebben we voor de gemeenten de Tonk-regeling uitgevoerd. Beide regelingen zijn ter ondersteuning van ondernemers die door de coronacrisis getroffen zijn. Klantenbestand In het begin van het jaar was de ontwikkeling van het klantenaantal nog erg onzeker. We hebben daarbij verschillende scenario’s laten zien.
Gedurende het jaar bleken de effecten van de coronacrisis op het klantenaantal beperkter dan verwacht. De economie herstelde zich sterk en de vraag vanuit werkgevers nam toe. Hierdoor hebben we 35 klanten meer kunnen plaatsen dan begroot. Tegelijkertijd nam het aantal nieuwe aanvragen voor levensonderhoud af. Hierdoor werd de bandbreedte van de scenario’s verder verkleind. Uiteindelijk is het klantenbestand 79 lager uitgekomen dan begroot. Daarbij realiseren we voor het eerst in 10 jaar een positief saldo op de uitkeringsgelden, waardoor we geld terug kunnen geven aan de gemeenten!
-3-
In 2021 is de ontwikkeling bij Orionis 60 klanten nadeliger dan het gemiddelde van de benchmark grote gemeenten. Het jaar ervoor was dit juist andersom: 96 klanten voordeliger. Een verklaring kan zijn dat de gevolgen van de coronacrisis regionaal verschillend zijn, in omvang én in tijd. Door de lockdowns worden verschillende soorten van de economie juist in meerdere of mindere mate geraakt. Als we de ontwikkeling over de hele coronaperiode bekijken (2020+2021) is de ontwikkeling bij Orionis totaal 36 klanten voordeliger. Overigens was de doelstelling vanuit het Plan van Aanpak 2016 om het over deze periode 2020/2021 93 klanten beter te doen, die doelstelling is dus maar deels gehaald, maar binnen de context van Corona nog steeds een mooi resultaat. Werkleerbedrijf Het rendement op het Werkleerbedrijf is tweeledig: een sociaal rendement en een financieel rendement. Het sociaal rendement omvat de ontwikkeling van de SW/BsW-medewerkers en het, middels een werkleertraject, aanbieden van een werkervaring waarmee bijstandsgerechtigden een betere uitgangspositie op de arbeidsmarkt verkrijgen. De bezettingsgraad van de werkleertrajecten heeft te lijden gehad door de Corona-crisis. Voor ontwikkeling van medewerkers is het enthousiasme groot, er zijn veel aanmeldingen. Het resultaat blijft nog achter door ondercapaciteit.
Eind 2020 hebben we een programma in gang gezet dat het financiële rendement van het Werkleerbedrijf in meerdere jaren fors moet verbeteren. Voor 2021 een eerste resultaatsverbetering van € 0,56 miljoen op jaarbasis. Deze plannen hebben we in het voorjaar laten toetsen door het onderzoeksbureau KplusV. Dit bureau constateerde toen dat we hiermee op de goede weg zaten. In het afgelopen jaar hebben we laten zien dat het niet bij plannen blijft: we hebben in 2021 de resultaatsverbetering ook gerealiseerd. Financiën Het financiële resultaat over 2021 is € 295.000 positief (voor alle bedragen geldt: voordelig of nadelig ten opzichte van de laatst gewijzigde begroting). Belangrijkste component van dit voordeel is het voordeel wat ontstaat op de uitkeringslasten en BBZ: ruim € 450.000 meer voordeel dan begroot. Dit vooral door meevallende klantontwikkeling aan het einde van het jaar. Vanuit het steun- en herstelpakket wat door het Rijk aan gemeenten beschikbaar is gesteld is ruim de helft definitief niet benut door Orionis. Dit is een keuze geweest van de gemeenten. Daarmee blijft incidenteel een bedrag van € 761.000 als extra inkomsten bij de gemeenten. Gemeentelijke bijdragen Zowel de reguliere exploitatiebijdrage (€ 14,5 miljoen) als de extra gemeentelijke bijdrage (€ 0,5 miljoen) is opgenomen conform het begrote bedrag. Vergoeding en besteding (* € 1.000)
realisatie
Gemeentelijke exploitatiebijdrage
€ 14.532
Extra gemeentelijke bijdrage
€ 502
Totaal bijdrage gemeenten
€ 15.033
-4-
Re-integratie
-€ 862
Werkleerbedrijf excl. Wsw
-€ 130
WSW-lonen/rijksvergoeding
-€ 1.698
Inkomen
-€ 2.081
Schuldhulpverlening
-€ 1.101
Overhead
-€ 9.049
reserveringen Totaal besteding
€ 183 -€ 14.738
Saldo
€ 295
Concluderend Orionis Walcheren is er ook het afgelopen coronajaar wederom in geslaagd om een sterke verbetering te laten zien in de resultaten. Niet alleen financieel maar ook kwalitatief. Dit is gebeurd met een sterkere focus op de doelstellingen die bijdragen aan de missie en kernwaarden die in 2020 geformuleerd zijn. Tevens is er veel geïnvesteerd in de kwaliteit van ons management en een cultuurverandering die gebaseerd is op onze kernwaarden. Burgers en ondernemers waarderen meer en meer onze dienstverlening en onze medewerkers zijn weer trots om te mogen werken bij Orionis Walcheren. Met deze gedachte gaan we met veel vertrouwen de toekomst tegemoet.
Vlissingen, 14 april 2022 Sem Stroosnijder, voorzitter Henk Guise, algemeen directeur
-5-
JAARVERSLAG
-7-
Programma Arbeidsmarkt Het programma Arbeidsmarkt bevat alle re-integratie activiteiten voor bijstandsgerechtigden en gerelateerde groepen. We richten ons op uitstroom naar werk en als dat (nog) niet mogelijk is op participatie. Werk of participatie is om veel redenen waardevol voor inwoners. Daarom heeft iedere bijstandsgerechtigde recht op perspectief. De vraag van de arbeidsmarkt is leidend in re-integratie. Alleen met dit uitgangspunt zijn structurele oplossingen mogelijk voor de huidige mismatch tussen enerzijds de vraag naar arbeid en anderzijds inwoners die aan de kant staan. Activerend re-integratiebeleid is onmisbaar voor iedere bijstandsgerechtigde. Iedere investering hierin heeft altijd een positieve opbrengst. Landelijke onderzoeken wijzen uit dat de re-integratiebudgetten slechts voldoende zijn voor actieve bemiddeling van een derde van alle bijstandsgerechtigden. Desondanks heeft Orionis de ambitie om ook met de overige twee derde van het bijstandsbestand actief binnen re-integratie aan de slag te zijn. Dit willen we bereiken door een innovatieve dienstverlening, inzet van het Werkleerbedrijf als re-integratie instrument en arrangementen met werkgevers en branches. Hiermee willen we komende jaren de positieve uitstroomresultaten continueren, waardoor de bijstandsuitgaven passen binnen de Rijksmiddelen. Wat hebben we bereikt Product re-integratie
Realisatie 2020
Begroot 2021
Begroot 2021-2
Realisatie 2021
Volledige uitstroom naar werk
280
340
317-350
385
Opbrengsten uit deeltijdwerk
€ 2,20 mln
€ 2,50 mln
€ 2,0 - € 2,1 mln
€ 2,15 miljoen
92%
75%
75%
91%
Duurzaamheid uitstroom werk (% na 6 maanden nog uit de uitkering)
Wat hebben we daarvoor gedaan Terugkijkend naar 2021 zijn de resultaten hoger uitgepakt dan verwacht. Het aantal volledige plaatsingen op werk is uitgekomen op 113% van het van meest gunstig begrote aantal van 350. Ook het aantal nieuwe deeltijdwerkers is iets gunstiger dan begroot. Vooral in de periode april tot en met augustus lag het aantal nieuwe plaatsingen hoger dan begroot. Waar we er rekening mee hadden gehouden dat corona het grootste deel van 2021 nog veel effect zou hebben op de arbeidsmarkt en werkgelegenheid, is dit effect beperkt gebleven. Ook landelijk was rekening gehouden met een stijging in werkloosheid. De economie heeft zich echter in brede zin sneller hersteld dan verwacht. Dit komt mede door steunmaatregelen waar bedrijven ook in 2021 nog aanspraak op konden maken, maar ook door hoge consumptie en een hoge vraag naar goederen. Vooral in de sector productie hebben we boven verwachting veel mensen kunnen helpen aan een baan. Door een goede acquisitie bij werkgevers hebben we veel grote wervingen kunnen doen. Ook in de horeca hebben we door het drukke seizoen veel mensen kunnen plaatsen. Werkleertrajecten en trainingen zijn georganiseerd binnen de beperkende maatregelen door corona. Zo hebben we altijd gezorgd dat we veilig of op afstand klanten ontwikkeling konden bieden via een werkleertraject. Trainingen zijn in beperkte omvang doorgegaan.
Het spreken van klanten hebben we waar dat mogelijk was fysiek door laten gaan. Dit was noodzakelijk om vanuit verbinding met een klant stappen te kunnen zetten in de ontwikkeling naar werk of participatie. Door de gunstige arbeidsmarkt zien we dat klanten die zijn aangewezen op een uitkering een steeds groter wordende afstand hebben tot werk. Klanten die zich bij ons aanmelden voor een uitkering hebben steeds vaker problematiek op verschillende leefgebieden en zijn ook kwetsbaar, bijvoorbeeld door een licht verstandelijke beperking. Daarnaast zien we dat van ons bestaande klantenbestand nagenoeg alle klanten die snel klaar zijn voor werk al zijn uitgestroomd naar werk. Om ook vanaf 2022 resultaten te kunnen blijven boeken zijn we half 2021 gestart met planvorming om ook klanten met een grotere afstand tot werk te kunnen ontwikkelen en begeleiden naar uiteindelijk een betaalde baan. Zo zijn we in 2021 gestart met de GO! Training, een training die zich richt op het stellen van leerdoelen in plaats van prestatiedoelen. Ook hebben we een eerste groep jongeren deel laten nemen aan het traject “de Harde Leerschool”. Dit is een traject voor jongvolwassenen met ernstige (psychische) problematiek wat zich richt op bewegen, en aanstuurt op zelfinzicht, zelfvertrouwen en zelfredzaamheid.
Naast deze voorbeelden ontwikkelen we zelf nieuwe dienstverlening en interventies en haken we externe (sociale) partners aan waar dat meerwaarde heeft. De werktitel waaronder we dit doen is “Werken naar Vermogen”. Deze ontwikkelingen krijgen in 2022 een vervolg. Wat heeft het gekost Re-integratie
realisatie 2020
begroting 2021
begroting 2021-2
realisatie 2021
(bedragen * € 1.000)
lasten
baten
lasten
baten
lasten
baten
lasten
baten
Doorbelast pers. en werkinfra
4.571
201
4.756
161
5.000
583
5.028
576
loonkosten WiW/BW
274
overige re-integratie
529
341 0
891
-9-
0
421
312
651
730
Rijksvergoedingen Subtotaal Directe apparaatskosten Totaal product Saldo
5.585
5.648
5.488
5.555
5.374
5.786
5.987
5.809
6.071
6.071
6.070
6.131
445
0
455
0
923
0
923
0
5.820
5.786
6.442
5.809
6.995
6.071
6.993
6.131
-34
-634
-924
Doorbelastingen personeel en werkinfrastructuur Eind januari 2022 is een nieuw cao-akkoord afgesloten voor de periode 2021/2022. Daaruit vloeit een kostenstijging voort (€ 15.000) die met terugwerkende kracht is opgenomen in de jaarstukken 2021. Loonkosten doelgroep Per saldo zijn de loonkosten € 109.000 lager dan begroot. De loonkosten Beschut Werk zijn afhankelijk van het daadwerkelijk aantal plaatsingen. De lagere loonkosten zijn te danken aan een lagere bezitting van 6,1 fte dan de taakstelling. Vanwege corona en de daarbij behorende druk op maximale bezetting WLB is er terughoudend met plaatsing omgegaan. Daarnaast kent beschut Werk een hoog ziekteverzuim. Deze medewerkers vallen onder de no-risk polis. Kosten van ziekteverzuim worden door het UWV vergoed, deze opbrengsten van het UWV zijn in 2021 hoger a.g.v. een hoger verzuim. Overige re-integratie Ondanks de coronamaatregelen is het toch mogelijk gebleken meer trajecten in te zetten en kandidaten te plaatsen. Dit leidt dan ook tot hogere uitgaven dan begroot € 79.000. Rijksvergoedingen Opgenomen is de Rijksvergoeding zoals deze in de septembercirculaire definitief is geworden. De begroting was nog gebaseerd op de meicirculaire. Het voordeel is € 67.000. Alle overheadkosten zijn opgenomen in programma Overhead. Alle kosten die direct toerekenbaar zijn aan een programma worden vervolgens naar dat programma doorbelast.
- 10 -
-862
Programma Werkleerbedrijf Wij zorgen voor passend beschut en beschermd rendabel werk voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt binnen het Werkleerbedrijf en bij externe klanten. Door werk te bieden zorgen we ervoor dat deze groep maatschappelijk participeert. Het Werkleerbedrijf ziet het ontwikkelen van haar SW-medewerkers en bijstandsgerechtigden als één van haar hoofdtaken. Dat betekent dat we niet alleen steeds in gesprek zijn met onze medewerkers over ontwikkeling, maar hier ook invulling aan geven door het zoeken naar passend werk. Wij richten ons niet op één werksoort, maar op een ruim palet aan werksoorten zodat de SW-medewerkers intern zich kunnen ontwikkelen. Daarbij kan dit ook extern zijn in de vorm van Begeleid Werken of een detachering. Bijstandsgerechtigden stromen in op een passend werkleertraject binnen het Werkleerbedrijf en kunnen daarna via de route trajectbegeleiding en matching worden uitgeplaatst op de arbeidsmarkt. Het Werkleerbedrijf kan meerdere doelgroepen gaan bedienen, zoals arbeidsmatige dagbesteding of bijstandsgerechtigden in een tijdelijke baan. Een belangrijk financieel doel is rendementsverbetering. We werken toe naar een financieel gezond Werkleerbedrijf. De eerste stap is om gelijk te komen met de landelijke benchmark, uiterlijk medio 2023.
En daarna een verdere verbetering, totdat Orionis behoort tot de top-10 van financieel best renderende bedrijven. Het omslagpunt is het jaar 2021. Wat hebben we bereikt Product Werkleerbedrijf (WLB) Uitstroom naar werk (full- of parttime) op ingezette werkleerplekken in WLB
Realisatie 2020
Begroot 2021
Begroot 2021-2
Realisatie 2021
23 %
50 %
50 %
32 %
- 11 -
Saldo Wsw-lonen en Rijksvergoedingen Rendementsverbetering (productie en detacheringen) Afstand tot de Cedris benchmark (in € per persoon)
€ 2,53 mln negatief
€ 2,79 mln negatief
€ 2,24 mln negatief
€ 2,11 mln negatief
verslechtering € 52.000
€ volgt
€ 556.000
€ 564.000
€ 4.036
€ volgt
€ 2.418
€ 2.882 (prognose)
Wat hebben we daarvoor gedaan Sociaal Rendement Het sociaal rendement omvat de ontwikkeling van de SW/BsW-medewerkers en het, middels een werkleertraject, aanbieden van een werkervaring waarmee bijstandsgerechtigden een betere uitgangspositie op de arbeidsmarkt verkrijgen. Ontwikkeling medewerkers In 2021 hebben we een programma in gang gezet gericht op het ontwikkelen van onze medewerkers. We hebben gekozen voor een aanpak waarbij onze medewerkers dezelfde interventiemogelijkheden krijgen aangeboden als bijstandsgerechtigden. Voor deze aanpak is een intensieve samenwerking tussen de afdeling Werk en het Werkleerbedrijf nodig. Hoe gaat dit in zijn werk? Een medewerker geeft aan bij zijn werkbegeleider dat hij klaar is voor een volgende stap in zijn ontwikkeling. Tijdens een driegesprek met de jobcoach wordt besproken of de “go-training” of een andere interventie passend is en of de medewerker zich gaat ontwikkelen in de eigen functie (vakinhoudelijk of persoonlijke vaardigheden), dan wel een stap wil maken binnen het Werkleerbedrijf naar een andere werksoort of zelfs een stap naar “buiten” in de vorm van een detachering. Alles gebeurd op basis van vrijwilligheid. Aan het einde van deze trainingsperiode volgt wederom een driegesprek en wordt vastgesteld of de medewerker nog aanvullende training of begeleiding nodig heeft om zijn ontwikkelwens te realiseren.
In het geval van een detachering gaat een jobhunter actief aan de slag om een passende detachering te vinden en wordt de medewerker tijdens zijn detachering begeleid door de jobcoach. De ervaringen met dit programma waren dusdanig dat we besloten hebben om er een vaste activiteit van te maken. Helaas hebben we te maken gehad met forse tegenslag door een gebrek aan trainingscapaciteit en personele wisselingen. Hierdoor is er vanaf de zomer weinig voortgang; de maatregelen om het weer vlot te trekken zijn in gang gezet. Er hebben zich inmiddels zo’n 70-tal medewerkers enthousiast aangemeld voor het traject, 4 medewerkers hebben een andere baan gevonden binnen het Werkleerbedrijf en we hebben 5 medewerkers extra kunnen detacheren. Werkleertrajecten Het Werkleerbedrijf heeft doorlopend 75 werkleertrajecten beschikbaar voor de afdeling Werk om bijstandsgerechtigden werkervaring op te laten doen. Deze trajecten zijn verdeeld over het Praktijkcentrum en de werksoorten. We hebben op dit moment mogelijkheden voor het monteren van zonnepanelen, schoonmaak, horeca, het project Wonen & Werken en in de buitendienst. In het Praktijkcentrum begeleiden we kandidaten die een grote achterstand tot de arbeidsmarkt hebben; waarvoor het naar het werk komen, het op tijd zijn of een hele dag of week werken al een flinke uitdaging vormen.
Na hun traject in het Praktijkcentrum stromen de kandidaten door naar een regulier werkleertraject of meteen naar de arbeidsmarkt. Door de anderhalve-meter-maatregelen als gevolg van corona hebben we niet alle plaatsen kunnen - 12 -
invullen. Bovendien merken we dat de instroom opdroogt door het succes van de afdeling Werk. Zij hebben immers veel mensen aan een baan geholpen in het afgelopen jaar, waardoor de vijver ver is leeg gevist. Het kost een aanzienlijk grotere inspanning om de mensen die over blijven duurzaam te mobiliseren naar een werkleertraject. Dit veroorzaakt ook een hogere uitval op de werkleertrajecten. Na de zomer hebben we weten op te schalen naar een bezettingsgraad van 100% om vervolgens terug te zakken naar 90% toen de gedeeltelijke lockdown ingesteld werd. Samen met de afdeling Werk hebben we de ambitie om het aantal Werkleertraject-plekken te verdubbelen en meer werksoorten geschikt (lees: extra begeleidingscapaciteit nodig) te maken voor de begeleiding van kandidaten. Financieel rendement Eind 2020 hebben we een programma in gang gezet dat het financiële resultaat van het Werkleerbedrijf in drie jaar tijd naar het gemiddelde van de branche moet brengen, een resultaatsverbetering van € 1,7 miljoen op jaarbasis. Ondertussen rijkt onze ambitie verder: we willen in vijf jaar tijd toe naar break even, een resultaatsverbetering van € 3,8 miljoen op jaarbasis1. Globaal gezien willen we dit op de volgende manieren bereiken: Samen met onze opdrachtgevers willen we steeds slimmer en handiger werken. En, waar mogelijk, automatiseren waarmee een mooie mix van mens en machine ontstaat.
Hiermee ontstaat consensus over de productietijden: uitgangspunt is dat we elk uur ook ‘eerlijk’ betaald gaan krijgen. In het verleden is jarenlang gestuurd op het voorkomen van leegloop, nu stellen we ondernemerschap centraal. Dat is een enorme verandering, die niet voor iedereen even evident is. Wij nemen alleen nog opdrachten aan waarbij de opbrengsten de kosten dekken of een bescheiden winst genereren. Met uitzondering van Verpakken en in mindere mate bij Monteren. Daar mikken we op het binnenhalen van nieuwe opdrachtgevers waarmee we op termijn kostendekkend kunnen werken; dit vereist een langdurig wederzijds commitment. In dat geval zetten we in op automatisering, innovatie en een cultuur van continue verbeteren. Als we “de basis op orde hebben” gaan we afscheid nemen van opdrachtgevers die slechts ver onder onze kostprijs zaken met ons willen doen. Flankerend beleid: magazijn- en vervoerskosten worden doorberekend. In sommige gevallen hebben we nog een overgangsregeling. De bankwerkerij hebben we in het voorjaar 2021 overgedragen aan Zeeuws Werk, onze medewerkers zijn gedetacheerd naar deze ondernemer tegen een bescheiden tarief. Per saldo heeft dit een goede bijdrage aan het bedrijfsresultaat opgeleverd. In de loop van 2022 worden de tarieven van deze groepsdetachering naar boven bijgesteld.
Detachering van medewerkers: het hiervoor bij sociaal rendement omschreven ontwikkelprogramma zal uiteindelijk tot een hoger aantal gedetacheerden leiden en daarmee een positieve bijdrage leveren aan het rendement. Het is evident dat detacheren altijd op basis van vrijwilligheid is. Daarnaast werken we aan het verhogen van de detacheringstarieven
1 Disclaimer: hierbij gaan we uit dat de subsidiestroom onveranderd blijft ondanks dat het aantal medewerkers
afneemt (de instroom van BsW-medewerkers is onvoldoende om het dalend aantal SW-medewerkers op te vangen)
- 13 -
van de individuele medewerker; dit aspect was in het verleden minder relevant en heeft daarom geleid tot relatief lage tarieven. Risico: zoals bekend is er geen instroom meer van SW-medewerkers. Alleen mensen met een BsW-indicatie komen in aanmerking voor een dienstverband. Inmiddels is wel duidelijk dat Beschut Werkers, eenmaal binnen op contract, een opvallend hoog ziekteverzuim hebben en meer begeleiding vragen. Zowel langdurig als frequent. Dat zet onze plannen om het WLB rendabel te krijgen onder druk. Samenwerkingsovereenkomst en achterliggende dienstverleningsovereenkomsten met de drie gemeenten en de Buitendienst van Orionis. Bij deze samenwerking gaan we er van uit dat het sociale domein van de gemeente het exploitatietekort van de Groenbedrijven van de eigen gemeente afdekt. Zolang dit nog niet per gemeente is ingeregeld komt de samenwerkingsovereenkomst niet van de grond en kunnen we de beoogde resultaatsverbetering bij de Buitendienst van Orionis Walcheren niet verzilveren.
Bovenstaande plannen hebben we in het voorjaar laten toetsen door het onderzoeksbureau KplusV. Dit bureau constateerde toen dat we hiermee op de goede weg zaten. In het afgelopen jaar hebben we laten zien dat het niet bij plannen blijft: we hebben in 2021 een resultaatsverbetering gerealiseerd van € 564.000. Het effect van de plannen komt geleidelijk vrij. Daarnaast verwachten wij dat we de komende jaren steeds nieuwe verbetermogelijkheden zullen gaan ontdekken. Zo hebben we onlangs het programma “Grip op inkoop” gelanceerd, omdat we zagen dat in de Buitendienst het afstoten van de locatie Poortersweg niet de beoogde resultaatsverbetering bracht. Dit programma wordt ingezet voor het hele Werkleerbedrijf. Ook gaan we de kosten van het wagenpark opnieuw tegen het licht houden, ondanks dat dit wagenpark recent vernieuwd en ook ingekrompen is. Eind 2022 willen we uit komen op een resultaatsverbetering van minimaal € 1,2 miljoen (conform de doelstelling van het implementatieplan). Wat heeft het gekost
Werkleerbedrijf
realisatie 2020
begroting 2021
begroting 2021-2
realisatie 2021
(bedragen * € 1.000)
lasten
baten
lasten
baten
lasten
baten
lasten
baten
Werkinfrastructuur
5.566
5.203
5.883
5.230
6.119
5.485
5.980
5.191
Wsw-doelgroep
16.787 14.054
16.004
13.211
16.102
13.859
16.024
13.909
Doorbel. re-integr.
-1.493
-1.530
Subtotaal
20.860 19.257
20.357
18.441
20.691
19.344
20.474
19.101
0
328
0
454
0
454
0
21.181 19.257
20.685
18.441
21.146
19.344
20.928
19.101
Directe apparaatskst. Totaal product Saldo
321
-1.924
-1.530
-2.244
- 14 -
-1.530
-1.802
-1.828
Werkinfrastructuur Ten opzichte van de begroting ontstaat hier een nadelig resultaat € 154.000. Dit nadelig resultaat wordt grotendeels veroorzaakt door de tegenvallende netto-omzet die lager is dan begroot. Een deel wordt door het Rijk gecompenseerd (€ 348.000 over januari t/m september), maar niet alles. Begin 2021 is de Bankwerkerij verkocht aan Zeeuws Werk Metaal. In het najaar hebben we nog een eenmalige correctie moeten betalen van € 100.000 wegens de ook voor Zeeuws Werk Metaal tegenvallende omzet door de coronacrisis en bijgestelde inkooplasten. Per saldo ontstaat een nadelig resultaat op de netto-omzet van € 282.000. De overige kostenontwikkeling binnen werkinfrastructuur leidt tot een voordeel van € 128.000 en is als volgt te verklaren: Personeelslasten; € 101.000 voordelig door niet ingevulde formatie, wat te maken heeft met wisseling van personeel en daarmee (tijdelijke) vacatures. In 2021 is het meerjarenonderhoudsplan voor gebouw en installaties geactualiseerd. Dit leidt tot een extra dotatie van € 34.000 (nadeel). De jaarlijkse dotatie aan dit plan wordt bepaald op basis van de verwachte uitgaven voor de komende 20 jaar. De dotatie komt op basis van dit nieuwe plan uit op € 66.000 (was begroot op basis van het vorige plan uit 2016 op € 32.000) De stijging komt omdat het plan 5 jaar opschuift in tijd.
Daardoor vervallen de eerste, relatief goedkope jaren en komen er aan het eind relatief duurdere jaren bij. Dit werkt door in het jaarlijks gemiddelde. Het nadelig resultaat op Productiemiddelen van € 58.000 wordt enerzijds veroorzaakt door een voordeel op afschrijving en onderhoud machines/gereedschappen 30.000 V. En anderzijds door een nadeel op vervoerkosten 89.000 N. Door corona is er € 82.000 (voordeel) minder besteed aan opleidingen. Daarnaast zijn er meerkosten voor woon/werkverkeer (eigen vervoer) van € 46.000 nadelig. De voorziening voor dubieuze debiteuren wordt jaarlijks beoordeeld en indien nodig aangevuld. Was vorig jaar nog een aanvulling nodig, nu kan er juist een bedrag vrijvallen. Een verschil ten opzichte van de begroting van € 45.000 voordelig. Daarnaast diverse kleine voordelen en nadelen die grotendeels tegen elkaar wegvallen. WSW-doelgroep Er is een positief resultaat bij de WSW-doelgroep van € 128.000. Onder de lasten is een aanvullende dotatie voor de voorziening spaarverlof opgenomen voor de in 2021 gespaarde uren, € 51.000 (nadeel). De werkelijke salariskosten komen iets lager uit dan begroot, € 122.000 voordeel. Dit als gevolg van een bijstelling van de ww-premie per augustus en een hogere daling van het aantal wsw-ers. Alle in 2021 en voorgaand jaar uitbetaalde transitievergoedingen zijn afgerekend met het UWV.
Er was geen 100% opbrengst begroot. Uiteindelijk zijn er nauwelijks verrekeningen en komt de opbrengst € 36.000 voordeliger uit. Net als vorig jaar heeft het Rijk een vergoeding verstrekt om de financiële gevolgen van de coronacrisis op te vangen. Deze vergoeding is gebaseerd op onderzoek naar de gemiddelde schadelast in de SW-sector over de periode januari t/m september 2021. Voor Orionis is deze vergoeding
- 15 -
€ 348.000. Deze vergoeding is toegerekend aan de omzet, omdat daar ook de nadelen a.g.v. de coronacrisis zichtbaar worden. Het aantal fte WSW bedraagt 459,3 ultimo 2021 (554 personen). Hiervan werkt 13,5 fte in een dienstverband Begeleid Werken bij een externe werkgever. Daarnaast is 29,2 fte Beschut Werk (40 personen) in dienst per ultimo 2021. Alle overheadkosten zijn opgenomen in programma Overhead. Alle kosten die direct toerekenbaar zijn aan een programma worden vervolgens naar dat programma doorbelast.
- 16 -
Programma Inkomen Het programma inkomen bevat de inkomensvoorziening voor bijstandsgerechtigden en de verstrekking van bijzondere bijstand en minimaregelingen. Daarnaast voert het programma Inkomen de tijdelijke regelingen vanuit de coronasteun-maatregelen van het Rijk uit. Deelnemen aan de Maatschappij door Werk staat centraal, maar een toereikend leefbudget is een voorwaarde en daarom is een inkomen in de vorm van een uitkering soms (tijdelijk) nodig. Deze uitkeringsverstrekking moet rechtvaardig en rechtmatig: vanuit vertrouwen en maatwerk, maar tegelijkertijd het juiste gebruik van (armoede)regelingen actief stimuleren. De financiële problematiek van de burger kan niet los gezien worden van problematiek op andere leefgebieden. Een natuurlijke en soepel lopende samenwerking met de gemeentelijke toegangen voor het sociaal domein en aanpalende organisaties is daarvoor nodig. Door volop te blijven inzetten op re-integratie bereiken we in 2021 een uitkeringsbestand waarvan de kosten passen binnen de Rijksvergoeding die daarvoor staat. Vanaf 2022 blijft dit een positief saldo. Wat hebben we bereikt Product Inkomen
Realisatie 2020
Begroot 2021
Begroot 2021-2
Realisatie 2021
De ontwikkeling van het klantenaantal is positiever dan landelijke cijfers
96
33
33
60 nadelig
Het klantenbestand Participatiewet per ultimo jaar
2935
2902
2937 -3030
2858
€ 0,50 mln negatief
€ 0,98 mln negatief
€ 0,30 mln positief
€ 0,74 mln positief
Van aanvraag tot afhandeling: aanvragen zijn binnen 4 weken afgehandeld en betaalbaar gesteld (wettelijk: 8 weken)
85 %
90 %
90 %
90 %
Handhaving: % onderzoeken wat leidt tot wijziging uitkering
nvt
nvt
20-30%
23 %
Saldo uitkeringslasten en Rijksvergoedingen
- 17 -
Wat hebben we daarvoor gedaan De ontwikkeling van het klantenbestand in 2021 is als volgt:
klantenbestand 2021 PW
3070
3030
3030 2990 2950
2937
2935 2910 2870
2858
2830
2798
2790 1 jan
jan
feb mrt apr realisatie prognose juli basis
mei
juni
jul
aug sept okt nov benchmark grote gemeenten prognose juli verzwaard
dec
Klantenbestand P-wet
2021
2020
2019
Stand 1-1
2935
2902
3073
Instroom
944
947
906
Uitstroom – door werk
- 385
- 280
- 401
Uitstroom – overig
- 636
- 634
- 676
Stand 31-12
2858
2935
2902
In 2021 is de ontwikkeling bij Orionis 60 klanten nadeliger dan het gemiddelde van de benchmark grote gemeenten. Het jaar ervoor was dit juist andersom: 96 klanten voordeliger. Een verklaring kan zijn dat de gevolgen van de coronacrisis regionaal verschillend zijn, in omvang én in tijd. Door de lockdowns worden verschillende soorten van de economie juist in meerdere of mindere mate geraakt. Als we de ontwikkeling over de hele coronaperiode bekijken (2021+2021) is de ontwikkeling bij Orionis totaal 36 klanten voordeliger. Overigens was de doelstelling vanuit het Plan van Aanpak 2016 om het over deze periode 2020/2021 93 klanten beter te doen, die doelstelling is dus maar deels gehaald. In 2021 heeft de afdeling Inkomen voortvarend de diverse steunmaatregelen van de overheid uit weten te voeren: Tozo 3, Tozo 4, Tozo 5, TONK en Bbz-tijdelijk waren zeer snel beschikbaar voor de ondernemers in nood. Ook is een support-programma voor de ondernemers opgezet met een multidisciplinair team: schuldhulpverlening, bedrijfsbeëindiging, re-integratie naar een baan in loondienst of een coachingstraject zijn beschikbaar gemaakt. Ruim 100 ondernemers hebben hiervan gebruik gemaakt en kunnen dat in 2022 blijven doen.
- 18 -
Handhaving ter toetsing van rechtmatigheid maakte plaats voor “stimuleren Naleving”. Een aspect van het stimuleren van naleving is het regelmatig onderhouden van contact met de klant. Zo wordt iedere uitkeringsgerechtigde die in de uitkering komt na een half jaar nog een keer gesproken. En worden bij specifieke situaties extra contactmomenten ingezet. Dit is een gelegenheid om de inwoner te informeren en zo nodig bij te sturen op het nakomen van de plichten die aan de uitkering verbonden zijn. Natuurlijk blijft eventuele fraude aangepakt. Dat leidt dan tot terugvordering van de verstrekte bijstand. De wet verplicht dan ook om een boete of een formele waarschuwing op te leggen. In 23% van bovenstaande contactmomenten heeft dit geleid tot aanpassing of zelfs beëindiging van de uitkering. Wat heeft het gekost Inkomen
realisatie 2020
begroting 2021
begroting 2021-2
realisatie 2021
(bedragen * € 1.000)
lasten
baten
lasten
baten
lasten
baten
lasten
baten
Inkomensvoorziening Buig
46.939
46.889
47.361
46.385
47.818
48.142
47.584
48.322
0
0
100
0
100
0
45
0
Tozo-regeling
13.166
14.260
0
0
5.100
5.560
4.641
5.125
Bijz.bijstand/minimareg.
5.888
5.888
5.619
5.620
6.779
6.822
6.333
6.376
83
0
28
9
28
9
22
10
60.532
58.625
59.833
Onderzoekskosten BBZ
overig Taakstelling Subtotaal
-244 66.077
67.037
52.863
0 52.013
59.824
Directe apparaatskosten
4.471
0
4.583
0
3.289
0
3.289
0
Totaal product
70.548
67.037
57.446
52.013
63.113
60.532
61.914
59.833
Saldo
-3.511
-5.434
-2.581
-2.081
Inkomensvoorziening Buig en Vangnetuitkering De uiteindelijke lasten komen € 285.000 lager uit dan begroot. Dit is al zichtbaar in de grafiek klantenaantal: in de laatste periode van het jaar komt dit fors lager uit dan begroot. De per 1 oktober ingevoerde BBZ-light bleef in eerste instantie achter maar heeft uiteindelijk toch meer aanvragen opgeleverd dan begroot, € 51.000 nadelig. Voor deze regeling kon met terugwerkende kracht een aanvraag worden ingediend. Daarnaast zijn er meer opbrengsten vanuit terugvordering en verhaal en omzettingen BBZ dan begroot: € 180.000 voordelig. Dit is inclusief een aanvullende dotatie aan de voorziening debiteuren. Ook is hieronder een bate van € 46.000 opgenomen. Dit betreft een oude vordering van het Rijk i.v.m. BBZ-verrekeningen n.a.v. een rechterlijke uitspraak uit 2010. Deze is nooit geïnd door het Rijk en is inmiddels verjaard. Per saldo ontstaat er een resultaat van € 414.000 voordelig ten opzichte van de begroting.
- 19 -
Het eindsaldo op de BUIG komt voor Walcheren uit op € 738.000 positief. Een eventuele Vangnetuitkering is dan ook niet van toepassing. Tozo-regeling Gedurende de periode januari t/m september konden ondernemers een Tozo-regeling aanvragen. De uiteindelijke aanvragen komen in aantal 52 hoger uit dan begroot, totaal zijn er 1035 nieuwe aanvragen gedaan. Voor de uitvoering van de Tozo-regeling is in 2021 ook een Rijksvergoeding ontvangen voor uitvoeringskosten. Deze komt € 24.300 hoger uit dan begroot, door de hogere aantallen Tozo. Ondernemers die een lening Bedrijfskrediet hebben ontvangen tijdens de periode dat de Tozo liep, zouden per 1 januari 2022 moeten beginnen met het in maandelijkse termijnen terugbetalen van deze lening. In december is door het kabinet bekend gemaakt dat deze terugbetalingsplicht is uitgesteld tot 1 juli 2022. Ook is de looptijd van de lening verlengd, van 5 naar 6 jaar. Binnen het programma Overhead is vanuit de Tozo-rijksvergoeding voor uitvoeringskosten een reserve gevormd voor de toekomstige personele inzet en accountantskosten die hiermee gepaard gaan. Het totaal uitgekeerde bedrag aan Tozo-vergoedingen, zowel voor levensonderhoud als voor bedrijfsleningen, komt – rekening houdend met terugbetalingen van klanten - € 205.000 lager uit dan begroot. De Rijksvergoeding voor dit onderdeel volgt de netto-lasten, dus komt eveneens € 205.000 lager uit.
Voor Orionis is dit daarmee neutraal. Wat eind 2021 aan Tozo resteert zijn de uitstaande leningen: 246 ondernemers met een uitstaand bedrag van € 2,16 miljoen. De terugbetalingsplicht start op 1 juli 2022 en loopt 6 jaar. Bijzondere bijstand / minimabeleid De feitelijke uitgaven worden in rekening gebracht bij de deelnemende gemeenten op grond van de werkelijke betalingen op toegekende aanvragen. Vanwege de verwachte stijgende werkloosheid en bijstandsaantallen zijn de kosten van bijzondere bijstand en minimabeleid in de begroting met € 750.000 verhoogd. De meevallende werkloosheids- en bijstandscijfers zien we ook hierin terug, uiteindelijk komt de realisatie € 446.000 lager uit dan de begroting. Daardoor daalt ook de gemeentelijke bijdrage voor deze posten. Opbrengsten komen € 42.000 lager uit, de gemeentelijke bijdrage kan dan met € 404.000 verlaagd worden. Overig Hieronder vallen o.a. de kosten gemaakt voor inning van terugvorderingen (incassokosten), kosten van de bezwarencommissie en onderzoeken voor de BBZ regeling. In 2021 zijn vanwege de coronacrisis minder reguliere BBZ-aanvragen ontvangen en daardoor minder onderzoeken uitgevoerd. Alle overheadkosten zijn opgenomen in programma Overhead. Alle kosten die direct toerekenbaar zijn aan een programma worden vervolgens naar dat programma doorbelast.
- 20 -
Programma Schuldhulpverlening De afgelopen jaren is de aandacht voor het onderwerp schuldhulpverlening gegroeid. Erkend wordt dat de problematiek groot is. Inwoners met problematische schulden zoeken in veel gevallen pas laat hulp. Met als gevolg dat de problematiek nog groter wordt of verborgen blijft. Terwijl een schuldenvrij bestaan een solide basis vormt om volwaardig mee te doen in de maatschappij. Het programma Schuldhulpverlening bevat alle (preventieve) interventies voor inwoners van Walcheren met financiële zorgen. Met als doel schuldenproblematiek zoveel mogelijk te voorkomen en dat mensen met schuldproblematiek zich als vanzelf tot de juiste instantie wenden. Hierbij moeten ze kunnen rekenen op een rechtvaardige, begripvolle en duurzame oplossing die hen weer perspectief biedt. Daarnaast moeten we onze ambitie in de context van de coronapandemie plaatsen; met name (kleine) ondernemers en zzp’ers worden grotendeels overeind gehouden door de steunmaatregelen vanuit de centrale overheid en coulance van leveranciers. Wij verwachten in 2022 alsnog een deel van deze populatie te moeten ondersteunen met inkomen, BBZ leningen, re-integratie, maar zeker ook schuldhulpverlening. Ook constateren wij een toename van schulden onder jeugdige inwoners; zij verdienen in 2022 extra aandacht. Wat hebben we bereikt Realisatie 2020
Begroot 2021
Begroot 2021-2
Vroegsignalering: % inwoners waar we contact mee hebben gemaakt is positief geholpen
---
---
80 %
Maximaal 7 werkdagen tussen de melding en een gesprek met de schuldhulpverlener
95%
90%
90%
96%
Percentage geslaagde schuldregelingen
86%
Aantal 200
80%
91%
Aantal extra interventies schuldhulp-verlening vanuit Werk en Inkomen
50
125
125
72
- 21 -
Realisatie 2021
Wat hebben we daarvoor gedaan In 2021 hebben we met ruim 60 woningcorporaties, energiebedrijven en zorgverzekeraars convenanten afgesloten om betalingsachterstanden i.h.k.v. vroegsignalering op te sporen en de inwoners een helpende hand te bieden. Nog niet iedere aangesloten organisatie levert achterstandssignalen aan, dit wordt in 2022 verder uitgebreid. Er is een ICT-oplossing voor geïmplementeerd, waaruit in het komende jaar nuttige informatie over resultaten is te onttrekken.
109
111
OKT
NOV
22
38
44
55
68
75
79
87
99
107
AANTAL SIGNALEN PER MAAND
JAN
FEB
MRT
APR
MEI
JUN
JUL
AUG
SEP
DEC
Grafiek: Aantal signalen betalingsachterstanden per maand
Diagram: resultaten van de aanpak achterstandssignalen 4e kwartaal 2021
Het aantal schuldhulpvragen die met behulp van een saneringskrediet zijn opgelost in plaats van een schuldbemiddeling zijn gestegen; dat betekent eerder schuldenrust voor inwoners van Walcheren. Extra interventies zijn onder meer via een enthousiast bezocht spreekuur gepleegd. Door corona is het spreekuur niet altijd beschikbaar geweest waardoor het aantal interventies onder het begrote aantal is gebleven.
- 22 -
Wat heeft het gekost Schuldhulpverlening (bedragen * € 1.000)
realisatie 2020 lasten baten
Overige kosten Bijdragen klanten/derden Bijdrage gemeenten
begroting 2021 lasten baten
begroting 2021-2 lasten baten 15
83 49
94 66
realisatie 2021 lasten baten 14
94 66
75 31
Subtotaal Directe apparaatskosten
0 0
132 0
0 0
160 0
15 1.193
160 0
14 1.193
106 0
Totaal product
0
132
0
160
1.208
160
1.207
106
Saldo
132
160
-1.048
Het saldo van dit programma komt € 53.000 nadeliger uit dan begroot. Dit komt door lagere bijdragen dan begroot vanuit klanten en gemeenten. Ten opzichte van de realisatie van 2020 was de begroting 2021 ook vrij hoog vastgesteld. De dalende aantallen van 2020 zijn in 2021 niet omgebogen in een stijging, maar eerder gestabiliseerd of verder gedaald. Ook wordt het instrument van saneringskrediet meer ingezet in 2021 in het traject van minnelijke schuldregeling, hier staan geen bijdragen tegenover. Alle overheadkosten zijn opgenomen in programma Overhead. Alle kosten die direct toerekenbaar zijn aan een programma worden vervolgens naar dat programma doorbelast.
- 23 -
-1.101
Programma Overhead Het programma Overhead betreft de uitvoering van de hiervoor genoemde programma’s. Alle overheadkosten zijn opgenomen in dit programma. De kosten die direct toerekenbaar zijn aan een programma worden vervolgens naar dat programma doorbelast. Wat hebben we bereikt Een efficiënte en effectieve uitvoering van de hiervoor genoemde programma’s binnen de kaders en budgetten die vastgesteld zijn. Wat hebben we gedaan Ondanks de voortdurende coronapandemie hebben we onze bedrijfsactiviteiten in 2021 grotendeels voort kunnen zetten. Niet meer in een crisismodus zoals 2020, maar uiteraard wel aangepast aan de – regelmatig veranderende – omstandigheden. Waarbij we gezorgd hebben voor een zo veilig mogelijke werkomgeving voor ons personeel en voor onze klanten door de adviezen van het RIVM door te vertalen naar onze werkomgeving en deze daarop aan te passen. Daarbij is opnieuw de flexibiliteit van onze medewerkers gebleken. Klanttevredenheidsonderzoek Van klanten kunnen we leren hoe we onze dienstverlening kunnen verbeteren. Er zijn gegevens beschikbaar vanuit signalen van de Sociale Cliëntenraad, de uitkomsten van een klantreisonderzoek en zaken die we kunnen leren vanuit de bezwaarprocedures en klachten. We hebben ook een proces voor klanttevredenheidsonderzoek opgestart. Er is bepaald wat we willen meten, de onderzoeksvraag.
De doelgroep binnen Orionis Walcheren is bepaald en daarbij kijken we breed: inkomen, werk en schuldhulpverlening. Eind 2021 is een onderzoeksplan opgesteld en een leverancier gekozen om ons te helpen bij een continue meting van de klanttevredenheid. In 2022 voeren we uit. We starten met opstellen van vragen. We klankborden met diverse disciplines, waaronder sociale cliëntenraad Walcheren. Vervolgens houden we een aantal telefonische interviews met klanten om zeker te weten dat we alle vragen op de juiste manier stellen. Stap 2 is de nulmeting. Daarna gaan we
- 24 -
direct na het eerste contact een 6-tal eenvoudige vragen stellen en vervolgens halfjaarlijks ca. 12 vragen die verdeeld zijn over de volgende categorieën: Toegankelijkheid Begrijpelijkheid Bejegening Resultaat Wat heeft het gekost Overhead
realisatie 2020
begroting 2021
begroting 2021-2
realisatie 2021
(bedragen * € 1.000)
lasten
lasten
lasten
lasten
Personeelskosten
12.470
0
12.547
Overig
4.170
553
4.698
Doorbel. re-integr.
-2.646
Steun/herstelpakket
baten
baten
384
-2.694 0
baten
baten
13.761
0
13.968
0
4.709
624
4.635
593
-2.694 0
-2.694 407
407
Subtotaal
13.994
553
14.551
384
15.776
1.031
15.909
1.000
Directe apparaatskst.
-5.237
0
-5.368
0
-5.860
0
-5.860
0
Totaal product
8.757
553
9.183
384
9.916
1.031
10.049
1.000
Saldo Reserveringen Saldo na reservering
-8.205 0
0
-8.799 0
-8.205
0 -8.799
-8.885 142
349
-9.049 142
-8.678
Personeelskosten komen € 207.000 hoger uit dan begroot. De belangrijkste zaken die dit verklaren zijn: - Eind januari 2022 is een nieuw cao-akkoord afgesloten voor de periode 2021/2022. Daaruit vloeit een kostenstijging voort (€ 43.000 boven het hiervoor in de begroting opgenomen geschatte bedrag) die met terugwerkende kracht is opgenomen in de jaarstukken 2021. - Meerkosten als gevolg van een groeiend verlofsaldo, € 47.400. Als gevolg van coronabeperkingen wordt minder verlof opgenomen, de kosten van het niet opgenomen verlof worden extra t.l.v. 2021 gebracht. - In de tweede begrotingswijziging zijn de opleidingskosten met € 106.000 naar beneden bijgesteld. In het najaar is het mogelijk gebleken om alsnog collectieve trainingen te doen. Daardoor zijn groepsgewijze trainingen op het gebied van praktisch leidinggeven en gesprekstechnieken doorgegaan, wat alsnog leidt tot € 65.000 hogere opleidingskosten. De overige kosten en opbrengsten komen per saldo € 43.000 voordeliger uit dan begroot. Dit is een optelsom van diverse onderschrijdingen en overschrijdingen. De belangrijkste daarvan zijn: ICT € 114.000 voordelig. Belangrijkste post hierin is een vermindering vanuit het I&A Samenwerkingsverband van € 106.000 over 2021.
- 25 -
325 -8.866
Huisvestingskosten € 127.000 voordeel op de kosten van catering personeel / bedrijfsrestaurant. Daar staan (bij overige opbrengsten) ook € 32.000 minder bijdragen tegenover. In 2021 is het meerjarenonderhoudsplan voor gebouw en installaties geactualiseerd. De jaarlijkse dotatie aan dit plan wordt bepaald op basis van de verwachte uitgaven voor de komende 20 jaar. De dotatie komt op basis van dit nieuwe plan uit op € 61.600 (was begroot op basis van het vorige plan uit 2016 op € 16.800, dus € 44.800 nadelig). De stijging komt omdat het plan 5 jaar opschuift in tijd. Daardoor vervallen de eerste, relatief goedkope jaren en komen er aan het eind relatief duurdere jaren bij. Dit werkt door in het jaarlijks gemiddelde. Ook zijn in 2021 voor schilderwerk kantoor 3320 uren besteed. Dit wordt met eigen personeel uitgevoerd en is om die reden niet begroot. Omdat het om een groot, incidenteel bedrag gaat wordt dit intern doorbelast naar Bedrijfsvoering, € 81.200 nadeel.
Reserve Tozo Er zijn 246 ondernemers die een lening Bedrijfskrediet hebben ontvangen tijdens de periode dat de Tozo liep, het totaal uitstaande bedrag is € 2,16 miljoen. De terugbetalingsplicht start op 1 juli 2022 en loopt 6 jaar. Vanuit de Tozo-rijksvergoeding voor uitvoeringskosten is een reserve gevormd voor de toekomstige personele inzet en accountantskosten die hiermee gepaard gaan. De onttrekking betreft de kosten voor inzet voor Tozo 3,4 en 5 in 2021. Omdat de vergoeding voor uitvoeringskosten Tozo dit jaar € 24.000 hoger uitkomt, kan de onttrekking € 24.000 lager zijn. Per saldo budgettair neutraal. De dotatie betreft een aanvulling op de reserve voor de toekomstige personele lasten, omdat de looptijd van de leningen is verlengd. Alle overheadkosten zijn opgenomen in programma Overhead. Alle kosten die direct toerekenbaar zijn aan een programma worden vervolgens naar dat programma doorbelast.
- 26 -
Algemene Dekkingsmiddelen Wat heeft het gekost Alg. dekkingsmiddelen
realisatie 2020
begroting 2021
begroting 2021-2
realisatie 2021
(bedragen * € 1.000)
lasten
lasten
lasten
lasten
Extra bijdrage gemeenten Exploitatiebijdrage gemeenten Totaal alg dekkingsmiddelen
0
baten
baten
baten
baten
2.158
2.290
502
502
14.215
14.661
14.532
14.532
16.373
0
16.951
0
15.033
0
15.033
De exploitatiebijdrage dient ter dekking van de netto bedrijfsvoeringkosten. De bijdrage is opgenomen conform het begrote bedrag. Een eventueel afwijkend saldo komt als saldo in de jaarrekening en wordt via de resultaatsbestemming verwerkt.
- 27 -
Paragrafen Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing Algemene reserve De algemene reserve wordt aangehouden als bufferfunctie voor de directe en indirecte kosten. De algemene reserve mag volgens de GR maximaal 5% van de jaarlijkse directe en indirecte kosten bedragen. De stand per ultimo 2021 is nihil. Gezien het feit dat de reserve nihil is komen afwijkingen in de realisatie direct tot uiting in aanpassing van de gemeentelijke bijdrage. Reorganisatievoorziening Voor de totale kosten die samenhangen met de reorganisatie die in 2013 is doorgevoerd is een voorziening gevormd. Periodiek wordt de hoogte van deze voorziening getoetst en wordt een eventuele herziening meegenomen. De stand van de voorziening is per ultimo 2021 bedraagt € 224.000. Dit is van voldoende niveau om de uitgaven 2022 en verder te dekken. Verplichtingen lopen t/m 2025. Voorziening dubieuze debiteuren Ten behoeve van de vorderingen die niet inbaar zijn is een voorziening dubieuze debiteuren gevormd. Afboekingen van vorderingen worden ten laste van deze voorziening gebracht. Risicobeheersing Risico’s worden periodiek gemonitord, o.a. tijdens het opstellen van de jaarstukken en bij het opstellen van de begroting en van afdelingsplannen. Er vindt binnen Orionis geen centrale registratie van risico’s plaats. De top-10 van risico’s is in een risicoscan opgenomen.
Dit betreft risico’s die Orionis loopt en die zich op korte termijn (binnen 4 jaar) voor zouden kunnen doen. Na beheersmaatregelen en eventuele aanvullende maatregelen resteert een restrisico waarvan de mogelijke financiële gevolgen zijn ingeschat in de kolom “exposure”, zie de tabel hieronder uit de 1e begrotingswijziging 2021.
1
2
3
Risico
Inc of Str
Beheersmaatregelen (vermijden, verminderen, overdragen, zelf dragen)
Aanvullende maatregelen
Exposure
Bestandsontwikkeling bijstand op Walcheren ongunstiger dan landelijk gemiddelde Calamiteiten informatiebeveiliging: door o.a. hacking, phishing of ongeautoriseerd gebruik van onze systemen Achterblijvende nettoopbrengsten bij de begroting (productie en detachering)
Inc
---
Max € 2.773.000 (5% afwijking +50% extra uitstroom)
Inc
Technische en softwarematige maatregelen. Aansluiting Informatie BeveiligingsDienst
Met meer inspanning zou het landelijk gemiddelde gehaald moeten worden. Bewustwording bij personeel
Inc
Voldoende verschillende werksoorten in stand houden
Groei in minder conjunctuur- en concurrentiegevoelige werksoorten
Max € 625.000 (10% afwijking)
- 28 -
€ 1.045.000 (6% personeelskosten: meerdere weken volledige uitval)
4
Mismatch tussen ontwik- Str keling Wsw-loonkosten en rijkssubsidie
---
---
Max € 324.000 (2% afwijking op de loonkosten)
5
Frictiekosten Werkleerbedrijf wegens krimp
Inc
---
Meerjarenscenario’s flexcontracten
€ 150.000 (inschatting)
6
WW-risico: eigen risicodrager m.b.t. (nawettelijke) WW
Inc
---
---
Max € 200.000 (inschatting)
7
Niet voldoen aan AVG, datalek Wijzigingen in (voorwaarden in) regelgeving
Inc
Aanstellen functionaris Gegevensbescherming ---
Voorlichting personeel € 100.000 fysieke maatregelen (inschatting) --Max € 635.000 (1% van subsidie-omvang bijstand/Wsw)
---
---
Bewustwording bij personeel, agressieprotocol, veiligheidsmaatregelen, training
Bewaking in frontoffice
8
9 10
Inc
Inzet van Wsw-werkplek- Str ken voor kritische functies Agressie richting Inc personeel
€ 107.000 gemiddeld per jaar Max € 71.000 (1 fte ziekteverzuim)
Risico’s en weerstandsvermogen De totale exposure van incidenteel bedraagt € 5.599.000, en structureel € 431.000. Het bedrag aan incidentele risico’s dient afgezet te worden tegen het eigen vermogen wat dient als buffer, het bedrag aan structurele risico’s dient afgezet te worden tegen de financiële ruimte in de begroting. Het weerstandsvermogen is nihil in 2021. De financiële ruimte in de begroting 2021 is eveneens nihil, er is geen post “onvoorzien” opgenomen. Geconstateerd kan worden dat zowel de structurele weerstandscapaciteit als de incidentele weerstandscapaciteit van Orionis niet toereikend is. Dit betekent dat, gezien het karakter van de gemeenschappelijke regeling, dit risico voor de deelnemende gemeenten komt. Zij zullen dit in hun risicoparagraaf moeten meenemen. Kengetallen BBV
JR 2020
Begr 2021
JR 2021
1a- Netto Schuldquote
17,5%
18,5%
19,2%
1b- Netto Schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
17,1%
18,0%
18,7%
2 - Solvabiliteitsratio
8,8%
0,0%
2,1%
3 - Structurele exploitatieruimte
1,3%
0,0%
1,2%
De uitbraak van Covid-19 heeft laten zien dat zich ook heel andere risico’s kunnen voordoen, zoals een pandemie. Dankzij overheidssteunmaatregelen is de financiële impact hiervan voor Orionis en de burgers op Walcheren beperkt. Omdat steunmaatregelen nog doorlopen in 2022 en “mee-ademen” met de gezondheidscrisis zal ook de financiële impact in 2022 beperkt zijn voor Orionis, zo is de verwachting. Uiteraard mits de daarvoor ontvangen Rijksvergoedingen door gemeenten ook hiervoor bestemd worden. De nog lopende steunmaatregelen zijn de BBZ-light en het steun- en herstelpakket 2020-2022.
- 29 -
Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen Orionis Walcheren heeft haar hoofdvestiging aan de Oostsouburgseweg in Vlissingen. Dit gebouw is in eigendom. Hier is de frontoffice en de backoffice gevestigd alsook het werkleerbedrijf waar diverse werksoorten zijn gehuisvest. Daarnaast zijn er diverse kleine nevenlocaties die gehuurd worden ten behoeve van de afdeling Groen. De huurlocatie Poorterweg in Vlissingen is in 2021 afgestoten. Alle installaties, kantoormeubilair en de meeste ICT-apparatuur zijn in eigendom van Orionis Walcheren. Deze zijn geactiveerd tegen de aanschaffingsprijs en worden lineair afgeschreven conform de resterende levensduur. De vervoermiddelen worden geleasd. Ten behoeve van het groot onderhoud van het gebouw Oostsouburgseweg is een meerjarige onderhoudsplanning opgesteld. Deze is in 2021 geactualiseerd. Voor het groot onderhoud is een voorziening gevormd.
Paragraaf financiering Wettelijk kader De Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) heeft als belangrijkste uitgangspunten het bevorderen van een solide financieringswijze met als doel het voorkomen van grote fluctuaties in de rentelasten, het bevorderen van transparantie, het bevorderen van de kredietwaardigheid en het beheersen van renterisico's. Het beheersen van risico's uit zich concreet in de kasgeldlimiet, de renterisiconorm en het met een prudent karakter uitzetten van gelden en afsluiten van leningen. Daarnaast zijn gemeenschappelijke regelingen verplicht tot het hebben van een treasurystatuut. Het statuut heeft o.a. als oogmerk de kwaliteit van de uitvoering van de treasuryfunctie te verhogen alsmede de transparantie van het besluitvormingsproces te verbeteren. Rentevisie De rentevisie is gebaseerd op de verwachting dat de korte rente vooralsnog laag zal blijven en voorlopig niet zal oplopen. Momenteel is de korte rente negatief. Daarom wordt voor de financiering maximaal gebruik gemaakt van kortlopende middelen. Zolang de korte rente lager ligt dan de debetrente op de rekening courant worden negatieve saldi op de rekeningcourant aangevuld met kortlopende kasgeldleningen. Kasstromen De bevoorschotting vanuit de gemeenten voor programmalasten en exploitatie vindt halverwege de maand plaats.
Om eventuele tijdelijke liquiditeitstekorten te overbruggen is een rekening-courant krediet afgesloten bij de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) tot een maximum van € 6,5 miljoen. Ter overbrugging is in 2021 een aantal keer voor een korte periode van enkele weken een kasgeldlening aangetrokken. Kasgeldlimiet Als wettelijke norm voor de kasgeldlimiet geldt 8,2% van het begrotingstotaal bij het begin van het jaar. De gemiddelde korte financiering wordt per drie maanden getoetst aan deze kasgeldlimiet. In 2021 is voldaan aan deze norm.
- 30 -
Uitzettingen / schatkistbankieren Schatkistbankieren houdt in dat alle overtollige geldmiddelen boven een bepaalde drempel verplicht bij het Rijk moeten worden uitgezet. Dit wordt dagelijks getoetst. Het drempelbedrag was begin 2021 0,75% van het begrotingstotaal, € 703.000. Per juli is dit gewijzigd in 2%, € 1.875.000. Deze drempel wordt dagelijks getoetst en is in 2021 niet overschreden. Het verloop is opgenomen in de toelichting op de balans. Financiering van de investeringsuitgaven Ten behoeve van de huisvesting zijn langlopende leningen aangetrokken. De uitstaande positie ultimo jaar is € 16,0 miljoen. De looptijden zijn 20, 25 en 30 jaar. De rentepercentages liggen tussen 1,9% en 4,9%, deels lineair en deels annuïtair. Ten behoeve van de overige investeringen zijn langlopende leningen aangetrokken. Deze hebben een looptijd van 10 of 20 jaar. De totale uitstaande positie bedraagt € 0,76 miljoen per ultimo jaar. De rente op deze leningen is 0,53% resp. 3,51%, lineair. Renterisiconorm Het doel van de renterisiconorm is het beheersen van de renterisico’s op de vaste schuld (schuld met een rentetypische looptijd vanaf één jaar). Het renterisico op de vaste schuld mag de zogenaamde renterisiconorm niet overschrijden. De renterisiconorm bedraagt 20% van het begrotingstotaal, € 18,8 miljoen.
Uit de onderstaande gegevens blijkt dat het renterisico op de vaste schuld ruim onder deze grens ligt. Renteherzieningen (A) € 0 Nieuw uitgezette leningen (B) € 0 Vervroegde aflossing € 0 Reguliere aflossingen (C) € 787.000 Renterisico op vaste schuld (A + laagste B, C) € 787.000 Toerekening van rente De totale rentelasten bedragen in deze jaarrekening € 603.000. Deze zijn als volgt toegerekend: Jaarbedrag Reden Toegerekend aan € 320.300 Betreft rente op leningen voor Programma Werk, nieuwbouw werkleerbedrijf onderdeel werkinfrastructuur € 269.600 Betreft rente op leningen voor Programma Bedrijfsvoering nieuwbouw kantoor (overhead) € 13.100 Overige rente, ter financiering van het Programma Bedrijfsvoering benodigde werkkapitaal (overhead) Aan eigen vermogen en voorzieningen wordt geen rente toegerekend.
Paragraaf verbonden partijen Orionis heeft geen verbonden partijen.
- 31 -
Paragraaf bedrijfsvoering Kadernota, Plan van Aanpak en begroting De primaire begroting 2021 is in voorjaarjaar 2021 aangepast met de 1e begrotingswijziging. Hierin zijn de 15 uitgangspunten die in de Kadernota 2020-2022 genoemd zijn verder uitgewerkt binnen de programma’s. Ook is de begroting aangepast voor de gevolgen van de coronacrisis. Hierbij is met verschillende scenario’s gewerkt. Daarnaast is het bestaande Plan van Aanpak gecontinueerd, wat zich inmiddels succesvol heeft bewezen. Het Plan van Aanpak is mogelijk door de inzet van extra middelen. In het najaar van 2021 is een tweede begrotingswijziging vastgesteld, waarin actuele gevolgen van de coronacrisis en actuele Rijksvergoedingen zijn opgenomen. Informatievoorziening De planning&control cyclus voorziet in periodieke rapportages met betrekking tot de financiële en beleidsmatige voortgang. Tweemaandelijks wordt een dashboard verstrekt aan de Raden van de deelnemende gemeenten waarin de voortgang zichtbaar is en wordt toegelicht. Hieruit kunnen eventueel begrotingswijzigingen voortkomen. Begrotingswijzigingen worden ter zienswijze voorgelegd aan de Raden. Externe informatieverstrekking vindt plaats via de website en het jaarverslag. Informatiebeveiliging We beschikken over informatiebeveiligingsbeleid en een informatiebeveiligingsplan 2021.
Beide zijn gebaseerd op de richtlijn Baseline Informatiebeveiliging Overheden (BIO). In 2021 zijn er 23 signalen van datalekken geweest waarvan er één onder de definitie van datalek valt die gemeld moet worden aan de Autoriteit Persoonsgegevens. Deze heeft niet tot sancties geleid. Het interne controleplan Suwinet is uitgevoerd in 2021 en zijn er geen onrechtmatigheden geconstateerd. Ook zijn externe audits gehouden m.b.t. DigiD en Suwinet. Duurzaamheid In 2020 is een deel van het wagenpark verduurzaamd door elektrisch te gaan rijden. In 2021 zijn 217 zonnepanelen geïnstalleerd, het maximale wat op het dak plaatsbaar is. Hiermee wordt ongeveer 4% van de elektriciteitsbehoefte opgewekt. Dienstverlening Klantenparticipatie vindt plaats door de Sociale Cliëntenraad Walcheren. Met de cliëntenraad is periodiek overleg gevoerd. Voor klachtenafhandeling is een klachtencoördinator aangesteld. Orionis heeft een eigen bezwarencommissie ten behoeve van de Participatiewet, die conform de vastgestelde verordening opereert. Orionis is aangesloten bij de nationale Ombudsman. Bezwaar en beroep In 2021 hebben we 273 bezwaarschriften ontvangen. Dat is een daling van 30% t.o.v. 2020. Het lijkt dat er minder besluiten zijn genomen in 2021, dit blijkt uit 15% minder verzonden poststukken. Dit hangt mogelijk samen met een afname van het aantal klanten.