22-036 Bijlage 1. Handreiking Gemeentelijke Opvang Oekrainers versie 1.0, 13-03-2022
Tekst van het document
HANDREIKING GEMEENTELIJKE OPVANG OEKRAÏNERS (GOO)
VERSIE 1.0, 13 MAART 2022
VOORWOORD Op 24 februari 2022 begon de grootschalige aanval van Rusland op Oekraïne. Deze oorlog heeft geleid tot grote vluchtelingenstromen, zowel in Oekraïne als naar de buurlanden. Deze vluchtelingen worden op dit moment met name opgevangen in de buurlanden. Het is de verwachting dat een deel van de groep zal doorreizen naar andere delen van Europa waaronder Nederland. Welk deel naar Nederland zal komen, is nu niet te voorzien. Het kabinet houdt er rekening mee dat het de komende weken en maanden kan gaan om vele tienduizenden vluchtelingen. Nederland wil de vluchtelingen uit Oekraïne ruimhartig opvangen en bereidt zich daarop voor. Op 7 maart 2022 heeft het Veiligheidsberaad ingestemd met de opdracht van het kabinet om via de voorzitters van de veiligheidsregio´s de gemeenten te verzoeken opvang op te zetten en te beheren voor vluchtelingen uit Oekraïne die naar Nederland vluchten. Het gaat dan om 50.000 opvangplekken. Als er in een volgende fase nog meer vluchtelingen vanuit Oekraïne naar Nederland komen en er sprake is van langduriger en duurzaam verblijf, dan vraagt dit een meer programmatische nationale aanpak. Die aanpak is nu in voorbereiding.
Om gemeenten te helpen bij het opzetten en beheren van deze opvanglocaties heeft het Ministerie van Justitie en Veiligheid samen met de Ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en andere partners buiten de Rijksoverheid een voorlopige Handreiking Gemeentelijke Opvang Oekraïners (hierna: GOO) opgesteld. De Handreiking biedt handvatten die gemeenten ondersteunen bij de organisatie en uitvoering van de GOO. Uitgangspunt is dat de GOO toegankelijk is voor alle vluchtelingen uit Oekraïne. De voorzieningen en rechten voor deze vluchtelingen dienen zoveel mogelijk gelijkwaardig te zijn aan de rechten en voorzieningen van personen die worden opgevangen via het reguliere asielproces. Het kabinet zal van Rijkswege de kosten die gemaakt worden integraal vergoeden. De Handreiking beschrijft de onderdelen en aspecten die voor iedere gemeente van toepassing zijn bij de organisatie, inrichting en inzet van de GOO. Het is daarmee geen uitputtende of allesomvattende handreiking. Veel onderdelen moeten nog nader uitgewerkt worden en daarnaast zal er sprake zijn van meer gemeente- en locatiespecifieke situaties, die door iedere gemeente zelf nader ingevuld moeten worden.
Ook wordt niet verlangd dat de opvang in alle gemeenten vanaf de eerste dag aan alle richtlijnen voldoet. De Handreiking zal bovendien regelmatig geactualiseerd worden op basis van nieuwe informatie, beleidsontwikkelingen of reacties die komen vanuit gemeenten, veiligheidsregio’s of andere betrokken partijen. Deze Handreiking ziet alleen op de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne in gemeentelijke opvanglocaties en niet op de opvang door particulieren. Deze wordt los hiervan ontwikkeld de komende tijd. Het kabinet heeft het Veiligheidsberaad van 7 maart 2022 ook verzocht voorlopig een coördinatiepunt per veiligheidsregio in te richten voor COA-opvang van asielzoekers uit andere landen. De asielopvang stond reeds zeer onder druk. In tegenstelling tot de GOO worden reguliere asielopvanglocaties opgezet en beheerd door het COA. Voor het realiseren van de asielopvang, is het COA wel afhankelijk van de medewerking van gemeenten. We zien ook dat er mensen uit Oekraïne vluchten die daar weliswaar gevestigd waren, maar oorspronkelijk uit een ander land komen. Waar mogelijk zullen we die mensen ondersteunen bij terugkeer naar hun land van herkomst.
1
Rijk en medeoverheden staan voor een enorme uitdaging om de komende periode te zorgen voor waardige en stabiele opvang voor veel mensen. Het Rijk realiseert zich dat daarvoor de nodige inzet van gemeenten verlangd wordt. Ik wil daarvoor de gemeenten nu al van harte danken. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
E. van der Burg
2
Inhoud
VOORWOORD ..................................................................................................................................... 1 A
ALGEMEEN ................................................................................................................................... 5 1
OPDRACHTEN AAN DE VOORZITTERS VAN DE VEILIGHEIDSREGIO’S............ 5
2
DUUR VAN HET VERBLIJF IN DE GOO .......................................................................... 6
3
DOELGROEP VOOR VERBLIJF IN DE GOO ................................................................... 6
4
REGISTRATIE EN INSCHRIJVING BRP EN TOEGANG VERBLIJF IN DE GOO .. 6
5
ORGANISATIE EN STRUCTUUR BIJ INZET GOO ....................................................... 8
6
VERGUNNINGEN.................................................................................................................... 9
7
ONTZEGGEN TOEGANG TOT LOCATIE EN DEMONSTRATIE ................................. 9
8
FINANCIERING VAN DE GOO ......................................................................................... 10
9
VERSTREKKINGEN AAN DOELGROEP GOO ............................................................... 10
B
UITVOERING ............................................................................................................................. 11 1
VOORZIENINGEN IN DE GOO ........................................................................................ 11
2
ACTIVITEITEN ...................................................................................................................... 12
3
VEILIGHEID EN LEEFBAARHEID.................................................................................... 13
4
INCIDENTEN ......................................................................................................................... 15
5
MEDEWERKERS IN EEN GOO ......................................................................................... 16
6
VRIJWILLIGERS IN EEN GOO ......................................................................................... 17
7
CORONA ................................................................................................................................. 18
8
SCHADE AFWIKKELING EN VERZEKERING............................................................... 19
9
NAZORG ................................................................................................................................. 19
C
GEZONDHEIDSZORG............................................................................................................. 20 1
MEDISCHE ZORG ................................................................................................................ 20
2
TECHNISCHE HYGIËNEZORG ......................................................................................... 20
E
ONDERWIJS .............................................................................................................................. 21 1 PRIMAIR EN VOORTGEZET ONDERWIJS: ROL & VERANTWOORDELIJKHEID GEMEENTE ..................................................................................................................................... 21 2
VOORSCHOOLSE EDUCATIE ........................................................................................... 21
F
TOEGANG TOT DE ARBEIDSMARKT ................................................................................. 22
G
COMMUNICATIE....................................................................................................................... 23 1
COMMUNICATIE OVER GOO ........................................................................................... 23
BIJLAGE BIJ DEEL A....................................................................................................................... 24 BIJLAGE I ....................................................................................................................................... 24 BIJLAGE II ..................................................................................................................................... 25 3
BIJLAGE III.................................................................................................................................... 26 BIJLAGE BIJ DEEL B....................................................................................................................... 27 BIJLAGE I ....................................................................................................................................... 27 BIJLAGE II ..................................................................................................................................... 29 BIJLAGE III.................................................................................................................................... 32 BIJLAGE IV .................................................................................................................................... 34 BIJLAGE V ...................................................................................................................................... 37 BIJLAGE BIJ DEEL C....................................................................................................................... 39 BIJLAGE I .......................................................................................................................................
39 BIJLAGE II ..................................................................................................................................... 42 BIJLAGE III.................................................................................................................................... 45 BIJLAGE IV .................................................................................................................................... 47 BIJLAGE V ...................................................................................................................................... 48 BIJLAGE BIJ DEEL G ...................................................................................................................... 52 BIJLAGE I ....................................................................................................................................... 52 BIJLAGE II ..................................................................................................................................... 58
4
A
ALGEMEEN
Deel A van de Handreiking GOO behandelt de opdracht aan het Veiligheidsberaad en de veiligheidsregio´s, de doelgroepen voor en duur van de GOO en de registratie. Daarnaast wordt kort ingegaan op de crisisstructuur die nu ingesteld is. 1
OPDRACHTEN AAN DE VOORZITTERS VAN DE VEILIGHEIDSREGIO’S
Vanwege de komst van mogelijk vele vluchtelingen uit Oekraïne naar Nederland en de noodzaak om vele opvangplekken te realiseren op korte termijn, heeft het kabinet op 7 maart 2022 het Veiligheidsberaad en de voorzitters van de veiligheidsregio´s verzocht de realisatie van opvang van vluchtelingen uit Oekraïne te coördineren. De voorzitters van de veiligheidsregio’s zijn gevraagd om bij deze landelijke crisis, die alle gemeenten en veiligheidsregio’s kan raken en daarmee van meer dan plaatselijke betekenis is, invulling te geven aan hun coördinerende verantwoordelijkheid die zij op grond van de Wet veiligheidsregio’s hebben. Concreet vraagt het kabinet daarbij aan de voorzitters van de veiligheidsregio’s om de volgende opgaven ter hand te nemen: 1. Coördineer binnen de veiligheidsregio de realisatie van opvanglocaties om minimaal 1.000 vluchtelingen uit Oekraïne binnen twee weken (na 7 maart 2022) op te vangen of zoveel sneller als mogelijk. Het gaat hierbij om het volledig realiseren van locaties, het inrichten van locaties en de daadwerkelijke zelfstandige exploitatie. Dit kan een mix zijn van publieke, private en/of publiek-private initiatieven. De looptijd van de opvang zal nader moeten worden bezien en hangt af van de ontwikkeling van de instroom van het aantal vluchtelingen.
Houd rekening met ten minste zes maanden, waarbij tussentijds aan de hand van dan beschikbare informatie bekeken zal worden of deze termijn nog passend is. 2. Coördineer vervolgens binnen de veiligheidsregio de realisatie van opvanglocaties om daarbovenop 1.000 vluchtelingen uit Oekraïne op te vangen. Het gaat hierbij om het realiseren van locaties, het inrichten van locaties en de daadwerkelijke zelfstandige exploitatie. Dit kan een mix zijn van publieke, private en/of publiek-private initiatieven. De looptijd van de opvang zal nader moeten worden bezien en hangt af van de ontwikkeling van de instroom van het aantal vluchtelingen. 3. Geef binnen vijf dagen een beeld van de mogelijkheden die er per veiligheidsregio zijn om deze grootschalige opvang van vluchtelingen te organiseren. Daarnaast zijn het Veiligheidsberaad en de veiligheidsregio´s verzocht om voorlopig een coördinatiepunt per veiligheidsregio in te richten voor COA-opvang van asielzoekers uit andere landen. Om gemeenten niet vanuit twee lijnen te bevragen en om verdringing te voorkomen ten aanzien van de realisatie van opvanglocaties is het verstandig om de coördinatie van beide opgaven tijdelijk in één hand te leggen. Het COA blijft deze locaties wel opzetten, inrichten en exploiteren.
Deze Handreiking GOO ziet op: • het opzetten en beheren van de gemeentelijke locaties • het organiseren van overige dienstverlening onder verantwoordelijkheid van de gemeente, bijv. op het gebied van onderwijs en zorg.
5
Dit geldt voor alle vluchtelingen uit Oekraïne die in de gemeente verblijven. Naast een Handreiking GOO zal op korte termijn ook een handreiking opgesteld worden voor opvang door particulieren. 2
DUUR VAN HET VERBLIJF IN DE GOO
De Veiligheidsregio´s zijn gevraagd rekening te houden met een duur van ten minste zes maanden voor de opvang (zie opdracht onder 1). Het heeft de voorkeur dat zoveel mogelijk wordt ingezet op locaties voor een lange duur (dus niet enkele weken) om (veelvuldig) verhuizen en een ingewikkeld logistiek proces te voorkomen. Op deze manier kunnen kinderen in de leerplichtige leeftijd ook (zoveel mogelijk) op dezelfde schoollocatie onderwijs krijgen. 3
DOELGROEP VOOR VERBLIJF IN DE GOO
De volgende categorieën komen in aanmerking voor opvang en verblijf in een GOO: 1. Personen met de Oekraïense nationaliteit; 2. Derdelanders die vóór 24 februari 2022 rechtmatig verbleven in Oekraïne; 3. Gezinsleden van de onder 1) en 2) genoemde personen: a. Huwelijkspartner of niet-gehuwde partner waarmee een duurzame relatie wordt onderhouden; b. Minderjarige ongehuwde kinderen (binnen of buiten huwelijk geboren of geadopteerd); c. Andere naaste familieleden die met het gezin samenwoonden en die volledig of grotendeels afhankelijk zijn. Voor Alleenstaande Minderjarige Vreemdelingen (AMV’s) werkt het Ministerie van Justitie en Veiligheid samen met partners binnen en buiten de Rijksoverheid aan een humane en werkbare situatie. 4
REGISTRATIE EN INSCHRIJVING BRP EN TOEGANG VERBLIJF IN DE GOO
In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe de registratie van vluchtelingen uit Oekraïne eruitziet en wie verantwoordelijk is voor de opvang. Deze procesbeschrijving heeft als belangrijke doelen: -
Spoedige registratie in de BRP (Basisregistratie Personen) aan de voorkant van alle vreemdelingen afkomstig uit Oekraïne;
-
Selectie aan de voorkant om evident misbruik van (gemeentelijke) opvang te voorkomen/te handhaven en draagvlak te behouden.
De personen op wie deze procesbeschrijving van toepassing is kunnen worden onderverdeeld in drie categorieën: 1. gedocumenteerde Oekraïners; 2. beperkt en niet-gedocumenteerde Oekraïners; 3. (on)gedocumenteerde derdelanders (tot aan hun vlucht) verblijvend in Oekraïne. Uitgangspunt is dat een vreemdeling uit Oekraïne zich meldt bij gemeenten en wordt opgevangen in een GOO. Spoedig daarna volgt – waar mogelijk de registratie voor BRPinschrijving (cat. 1). Voor categorie 2 en 3 zal een aanvullende beoordeling kunnen plaatsvinden in (1 van de 5) BRP-straten die thans zijn ingericht om asielzoekers in te
6
schrijven in de BRP. In de huidige praktijk vindt in de BRP-registratie plaats nadat de identiteit is vastgesteld. ID-vaststelling is thans nog geen onderdeel van de BRP-straat. Hieronder worden voor de drie categorieën de drie processen geschetst. 1. Proces voor gedocumenteerde Oekraïners en (derdelander)familieleden Voor Oekraïners van wie de nationaliteit en identiteit kan worden vastgesteld op basis van documenten (hierover hebben gemeenten een instructie ontvangen) geldt een registratie proces Registratie: Personen met de Oekraïense nationaliteit kunnen worden ingeschreven in de Basisregistratie Personen (BRP) op aangifte van verblijf en adres bij de gemeente, inclusief gemeentelijke opvang waar zij (tijdelijk) verblijven. Zij worden automatisch ingeschreven in de BVV en zijn daarmee bekend bij de IND en krijgen een BSN-nummer. Op een later moment volgt contact vanuit de vreemdelingenketen met de vreemdeling ten behoeve van een verblijfsstatus (incl. richtlijn tijdelijke bescherming) voordat de vrije termijn afloopt. Persoon krijgt verblijf in de GOO. 2. Proces voor beperkt/niet gedocumenteerde Oekraïners en (derdelander) familieleden Voor beperkt of niet-gedocumenteerde Oekraïners geldt een extra tussenstap in dit proces.
Vaststelling identiteit en nationaliteit: De gestelde Oekraïner die niet op basis van documentatie zijn ID én nationaliteit kan aantonen wordt verwezen naar een van de vijf bestaande BRP-straten. Daar wordt op uitnodiging en binnen 1 dag beoordeeld of de identiteit en nationaliteit alsnog kan worden vastgesteld. Deze beoordeling vindt plaats op basis van verstrekte documenten én - waar nodig - de verklaringen van de vreemdeling op basis van een kort IND-gehoor. Dit resulteert in twee vervolgroutes: -
Registratie in de BRP en opvang: Indien de ID en de nationaliteit geloofwaardig is volgt inschrijving in de BRP en kan het verblijf in de GOO worden vervolgd.
-
Gebruikelijke asielprocedure: Als de identiteit en nationaliteit niet aannemelijk kan worden gemaakt zal de vreemdeling worden gewezen op de mogelijkheid om een asielaanvraag in te dienen. De vreemdeling kan dan geen beroep doen op de richtlijn tijdelijke bescherming. Indien de vreemdeling een asielaanvraag indient geldt het reguliere asielproces, inclusief rechtsbijstand en wordt hij opgevangen op een COA-locatie. Tevens wordt de vreemdeling gewezen op (DT&V/IOM) ondersteuning bij terugkeer naar zijn land van herkomst. Het verblijf in de GOO wordt beëindigd.
3. Proces voor derdelanders De derdelanders met rechtmatig verblijf in Oekraïne kunnen aanspraak maken op dezelfde rechten en voorzieningen als de vreemdelingen met de Oekraïense nationaliteit. Voor derdelanders die hun identiteit en nationaliteit kunnen aantonen én op basis van documenten evident aantoonbaar rechtmatig hebben verbleven in Oekraïne, worden conform categorie 1 ingeschreven in de BRP en houden verblijf in de GOO. Derdelanders die hun identiteit en nationaliteit niet kunnen aantonen en/of niet op basis van documenten evident kunnen aantonen dat zij rechtmatig hebben verbleven in Oekraïne volgen het proces van categorie 2.
7
4. Terugkeer In het geval de vreemdeling volgens het proces van categorie 3 niet in aanmerking komt voor opvang in een GOO, dan wordt deze persoon door medewerkers van een GOO ook gewezen op terugkeer naar zijn land van herkomst. De Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V) en IOM Nederland kunnen hierbij ondersteunen. Dit geldt ook voor personen die vrijwillig terug wensen te keren naar hun land van herkomst. In een situatie van uiterste spoed is DT&V na werktijd en in het weekend bereikbaar via de piketlijn: 088-0777177. Het Ministerie van Justitie en Veiligheid werkt samen met DT&V en IOM Nederland een handelingskader uit voor gemeenten voor de terugkeer van personen uit Oekraïne. 5
ORGANISATIE EN STRUCTUUR BIJ INZET GOO
Voor de snelle realisatie van de opvang wordt gebruik gemaakt van structuren die voor de crisisbeheersing gebruikelijk zijn waarbij zoveel mogelijk wordt aangesloten bij bestaande structuren. Op alle niveaus (gemeentelijk, regionaal en landelijk) wordt gewerkt langs bestuurlijke en operationele lijnen. Het gebruik van de Gecoördineerde Regionale Incidentenbestrijdingsprocedure (GRIP) kan hierbij ondersteunend werken. De gemeenten verzorgen de realisatie van de opvang conform de opdracht van 7 maart. Dit wordt ondersteund en gecoördineerd door de voorzitters van de veiligheidsregio’s. Bestuurlijke afstemming vindt plaats door de voorzitter van de veiligheidsregio. De landelijke informatie en coördinatie van de veiligheidsregio’s vindt plaats in het KCIO (Knooppunt Coördinatie en Informatie Oekraïne). Het KCIO vormt daarmee het schakelpunt tussen rijk en regio. Via de Raad Commandanten en Directeuren Veiligheidsregio (RCDV) en het Veiligheidsberaad (VB) wordt de inhoudelijke en bestuurlijke afstemming verzorgd met de rijkscrisisstructuur en andere (rijks)partijen zoals DG Migratie van het Ministerie van Justitie en Veiligheid. Op 9 maart is de rijkscrisisstructuur geactiveerd t.b.v. de opvang van vluchtelingen. Daarnaast zijn er overleggen over andere gekoppelde thema’s als cyber, vitaal en nucleair.
In de ambtelijke overleggen zijn de veiligheidsregio’s vertegenwoordigd door een van de directeuren. In de gehele keten wordt samengewerkt met vele partijen zoals VNG, Politie, Provincie, Rode Kruis, Leger des Heils en Vluchtelingenwerk Nederland. Ook zijn er internationale dwarsverbanden bijvoorbeeld met de buurlanden en de EU. Het Knooppunt Coördinatie en Informatie Oekraïne Door het Landelijk Operationeel Coördinatie Centrum (onderdeel van JenV), de RCDV en het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) is het KCIO gestart. De doelstelling van het landelijk knooppunt is,ten behoeve van bestuur en operatie: Informatie verzamelen en analyseren; (Risico)monitoring en advisering (mede op basis van scenario’s); Het ondersteunen van de operatie via een centraal landelijk punt Landelijk Centrum Vluchtelingen Spreiding (naar analogie van het LCPS in de COVID-crisis); In dit alles een goede koppeling tussen Rijk en regio te realiseren Voor dit knooppunt zijn zes thema’s geformuleerd: vluchtelingen, cyber, vitaal (gas, elektra, water), Host Nation Support (militaire doorvoer door Nederland), nucleair en maatschappelijke onrust. Het thema vluchtelingen wordt daarbij prioritair opgepakt. Uitgangspunten van het KCIO zijn: Werkt vraag- en behoeftegestuurd; Verbindt Veiligheidsregio’s en Rijkspartners, algemene en functionele kolom; Gebruikt en ondersteunt bestaande structuren (LOCC);
8
-
Werkt via knoppenmodel: risicomonitoring, scenario’s en informatie vormen de basis; opschaalbaar waar en wanneer nodig; Is een proces- en duidingsclub: bouwt zelf geen scenario’s - geen dubbel werk maar werkt met bestaande scenario’s, KCIO vult eventueel aan; Ontlast veiligheidsregio’s door centrale aanpak en niet 25x in VR’s te doen Werkt van reactief naar proactief: indicatoren/’informatie’ (early warning): detecteert omslagpunten.
Voor de deling van informatie wordt gebruik gemaakt van LCMS. LCMS staat voor Landelijk Crisismanagement Systeem en wordt gebruikt om een actueel en gedeeld beeld te onderhouden ter ondersteuning van de netcentrische werkwijze. LCMS wordt gebruikt door alle 25 veiligheidsregio’s en het NCC (Nationaal Crisiscentrum) en LOCC. De laatste jaren maken steeds meer organisaties gebruik van het systeem, zoals de gemeentelijke afdelingen gezondheidszorg, acute zorgregio´s (GHOR) en KMar. Het LOCC heeft een ondersteunende en bijstandsverlenende rol in het geval er door schaarste een verdeling moet plaatsvinden van de beschikbare materiële voorzieningen, zoals bedden. In bijlage III is meer informatie over het LOCC aan te treffen. Een bestuurlijke netwerkkaart Vreemdelingen is beschikbaar. Deze is aan te treffen op het Kennisplein op de website van het IFV (www.ifv.nl of www.nipv.nl). 6
VERGUNNINGEN
Los van het besluit om opvang te realiseren, zullen mogelijk ook andere besluiten moeten worden genomen. Vaak past de opvang van Oekraïense vluchtelingen bijvoorbeeld niet in de ter plaatse geldende bestemmingsplannen en binnen de vereisten voor een brandveilig gebruik van de locatie. Het advies is om het gebruik zo snel mogelijk te legaliseren en ervoor te kiezen voor die tijd niet handhavend op te treden op ‘strijdig gebruik’ met het bestemmingsplan. Toelichting op het advies Het is van groot belang dat opvanglocaties in korte tijd opgezet en in gebruik genomen kunnen worden. Het college van burgemeester en wethouders kan ervoor kiezen om in deze fase niet handhavend op te treden, mede gezien deze bijzondere omstandigheden. Vervolgens dient het gebruik als opvanglocatie voor gevluchte Oekraïners zo snel mogelijk gelegaliseerd te worden. Hiervoor zal in de regel gebruik gemaakt kunnen worden van de reguliere procedure van maximaal acht weken voor het verlenen van een vergunning voor afwijking van het bestemmingsplan voor gebruik ten dienste van de opvang van asielzoekers of andere categorieën vreemdelingen in gebouwen (artikel 2.1 eerste lid onderdeel c, Wabo met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, sub 1o Wabo en artikel 4, onderdeel 9, bijlage II Bor). Het college is hiertoe bevoegd.
Indien belanghebbenden verzoeken tot handhavend optreden, dient hierop een besluit genomen te worden. Dat besluit staat open voor bezwaar en beroep. 7
ONTZEGGEN TOEGANG TOT LOCATIE EN DEMONSTRATIE
Ontzeggen van de toegang tot de locatie Het is mogelijk om personen de toegang tot de GOO te ontzeggen. Ongeacht wat de reden is waarom iemand de locatie wil betreden. Een eigenaar of gebruiker van de locatie kan namelijk zelf de toegang tot zijn pand reguleren, door middel van het toepassen van een eigen ‘toegangsbeleid’. Het staat iedere eigenaar of gebruiker van een pand vrij te bepalen wie, waarvoor en op welke tijden toegang heeft tot het pand. Hier zijn nauwelijks
9
beperkingen aan verbonden. Wanneer een persoon zich onbevoegd ophoudt in de locatie voor een GOO dan kan hij of zij uiteindelijk door de politie worden aangehouden en uit de locatie worden verwijderd. Demonstratie Op grond van de Wet openbare manifestaties (Wom) dient de burgemeester demonstraties zoveel als redelijkerwijs mogelijk te beschermen en te faciliteren en – voor zover dat goed kan worden gemotiveerd – kan hij deze beperken of in een zeer uitzonderlijk geval zelfs verbieden. Een demonstratie mag niet worden beperkt vanwege de inhoudelijke boodschap, ook niet als die (door sommigen) als ongepast, onwelgevallig of aanstootgevend wordt gezien. Een beperking of verbod is uitsluitend toegestaan voor zover dat noodzakelijk is (1) ter bescherming van de gezondheid, (2) in het belang van het verkeer of (3) ter bestrijding of voorkoming van wanordelijkheden. Hierin zit enige beoordelingsruimte voor de burgemeester, maar de rechter zal het grondrecht altijd zwaar laten wegen. 8
FINANCIERING VAN DE GOO
Op dit moment werkt het kabinet samen met partners binnen en buiten de Rijksoverheid aan financiering van de opvanglocaties in gemeenten. Hierover zal spoedig separaat worden gecommuniceerd. Uitgangspunt daarbij is dat het kabinet van rijkswege de kosten die gemaakt zullen worden door gemeenten integraal zal vergoeden. In een nieuwe versie van de Handreiking zal dit worden meegenomen. 9
VERSTREKKINGEN AAN DOELGROEP GOO
Op dit moment werkt het kabinet samen met partners binnen en buiten de Rijksoverheid aan een goed uitvoerbaar financieel pakket inzake (geldelijke) verstrekkingen aan de doelgroep van de GOO. Hierover zal spoedig separaat worden gecommuniceerd. In een nieuwe versie van de Handreiking zal dit worden meegenomen. Gemeenten worden verzocht de kostendelersnorm op grond van tijdelijk verblijf in ieder geval de eerste zes maanden niet toe te passen wanneer bijstandsgerechtigden (bijstand, AIO, Anw) vluchtelingen uit Oekraïne tijdelijk in huis opnemen. Dit kan op grond van maatwerk in de desbetreffende wetten.
10
B
UITVOERING
In dit deel wordt beschreven aan welke voorwaarden de opvang idealiter voldoet. Daarbij maken we onderscheid tussen de primaire opvang (de locatie, voorzieningen, ondersteuning en direct noodzakelijke zorg) en de bredere opvang, waarbij ook zaken als onderwijs, zorg en arbeidsmarkt worden meegenomen. Ook is het mogelijk dat er onderscheid is tussen grotere en kleinere locaties. Het COA is niet verantwoordelijk voor de GOO maar zal zoveel als mogelijk is, bijvoorbeeld door het leveren van expertise en verstrekken van informatie, iedere gemeente faciliteren en ondersteunen waar mogelijk. Ook dan zal een opvanglocatie mogelijk niet vanaf dag één aan alle eisen voldoen, maar het is wel zaak dat een gemeente dit zo snel mogelijk op het vereiste niveau brengt. 1
VOORZIENINGEN IN DE GOO
In dit hoofdstuk wordt een overzicht gegeven wat idealiter aanwezig zou moeten zijn in een GOO, waarbij onderscheid moeten worden gemaakt in kleinere en grotere locaties. De GGD wordt gevraagd om de geschiktheid van de beoogde locatie te beoordelen. Daarvoor is een speciale checklist. Hierbij staat voorop dat het verblijf in een GOO zo is ingericht dat voldaan wordt aan de richtlijnen van het RIVM met betrekking tot corona. In met name bijlage V bij deel C over de technische hygiënezorg en bijlage III bij deel B over ventilatie is hier meer informatie over opgenomen. Ruimten -
Werk- en overlegruimte medewerkers, inclusief spreekruimte VluchtelingenWerk Nederland Zichtbare plek beveiliging (portacabin mogelijk) Opslagruimte voor etenswaren. Inclusief koeling Opslagruimte voor hygiënemiddelen van bewoners (Gezamenlijke) keuken, plus inventaris Slaapvertrekken (eventueel aparte vleugel voor kwetsbare groepen: LHTBI, alleenstaande/zwangere vrouwen; ouderen; gehandicapten Sanitair (gescheiden voor mannen en vrouwen) EHBO en nazorgruimte Recreatieruimtes; ook voor de avonden en slecht weer Etensuitgifte Rustige lees/huiswerkplek (met goede wifi), plus computers Zo mogelijk aparte ruimte voor vrouwen en voor (kleine) kinderen Goederenuitgifte (persoonlijke hygiëne, etc.) Infobalie bewoners Gespreksruimten met tolkentelefoon Quarantaineruimtes Sportveld in de buurt, speelplek voor kinderen
Facilitair -
Goederen hygiëne; tandenborstels, zeep, luiers, tampons etc. Afvalemmers in sanitaire ruimten Bedden, matrassen, kussens, dekens etc. Postermateriaal, printer, stiften Verwarming vertrekken Afsluitbare lockers
11
-
Opties in mate van verlichting vertrekken Wifi, zeer stevig netwerk voor bewoners Ruim voldoende oplaadpunten telefoons bewoners Spelletjes, tafeltennis/voetbal, PlayStation etc. (jong en oud, voldoende voor ieder) Kleren (seizoen) jong en oud. Schoonmaakmiddelen Desinfectiemiddelen en dispensers hiervoor Persoonlijke beschermingsmiddelen (mondmaskers, handschoenen en eventueel schorten) Communicatiemiddelen medewerkers (telefoons, computers en portofoons) Gescheiden netwerk voor medewerkers (overbelasting) Parkeerruimte medewerkers, vrijwilligers, hulpdiensten en bezoekers.
Beschikbaarheid bedden Het is uiteraard noodzakelijk dat in de GOO voldoende slaapvoorzieningen zoals bedden, slaapzakken en kussens aanwezig zijn. Voor het beheer van de landelijke logistieke voorraad beschikt het Instituut Fysieke Veiligheid over aanvullend materieel dat Veiligheidsregio’s kunnen inzetten bij rampen en grote calamiteiten. Dit materieel en materiaal kan worden aangevraagd via het Landelijk Operationeel Coördinatie Centrum. Het gaat dan onder meer om veldbedden en overnachtingssets. Verzoeken kunnen worden ingediend via het Knooppunt Coördinatie en Informatie Oekraïne (KCIO). Kleding en speelgoed De ervaringen in 2015 en 2016 leren dat de inrichting en inzet van een GOO in een gemeente vele mooie maatschappelijke initiatieven doen ontstaan. Zoals het beschikbaar stellen en verstrekken van kleding en speelgoed. De ervaringen in 2015 en 2016 leren ook dat het aanbod hiervan overweldigend kan zijn, en zelfs zo groot dat er meer kleding en speelgoed beschikbaar wordt gesteld dan nodig is. Het advies is om een duidelijke plek af te spreken waar kleding en speelgoed kan worden afgegeven en van waaruit de kleding en het speelgoed aan bewoners wordt verstrekt. Een (her)kenbaar distributiepunt derhalve.
Het advies daarbij is ook om duidelijk vast te leggen op welke momenten ‘de uitgifte’ van kleding en speelgoed aan bewoners mogelijk is en hierbij te zorgen voor een eerlijke verdeling. Ook om te voorkomen dat bewoners hier ‘handel mee drijven’. Bedenk tevens wat met de kleding en het speelgoed wordt gedaan dat over- of achterblijft ná de inzet van een GOO en communiceer hierover met hen die kleding en speelgoed afgeven. Afval Het advies is om binnen uw gemeente met het lokale afvalverwerkingsbedrijf afspraken te maken over extra momenten waarop het afval van de GOO kan worden afgehaald. 2
ACTIVITEITEN
In de bijlage Dagbesteding GOO bij dit deel zijn diverse algemene tips opgenomen over de dagbesteding in een GOO. Tevens is aandacht voor de veiligheidsaspecten bij het aanbieden van activiteiten. De bijlage biedt u ook een overzicht van verschillende soorten activiteiten die kunnen worden aangeboden. Hierbij is er bijzondere aandacht voor activiteiten voor kinderen.
12
3
VEILIGHEID EN LEEFBAARHEID
Het verblijf in een GOO moet uiteraard veilig en leefbaar zijn. Voor iedere bewoner, voor iedere medewerker en vrijwilliger en voor iedere omwonende. In deze paragraaf enkele opmerkingen over de wijze waarop de veiligheid en leefbaarheid op een GOO kan worden geborgd en wat bijdraagt aan een veilig en leefbaar verblijf. Daarbij staat voorop dat dit afhankelijk is van de schaalgrootte van een GOO en andere typische kenmerken van de buurt van een GOO. -
Een goede voorbereiding met als inzet een voorspelbare omgeving voor zowel bewoners, medewerkers, beveiliging, vrijwilligers, hulpdiensten, omgeving en de gemeente helpt om de GOO beheersbaar te kunnen voeren. Neem hiervoor dus goed de tijd. In de huidige tijd zal een rustige voorbereiding niet altijd mogelijk zijn; probeer dan in ieder geval duidelijke aanspreekpunten (per taak en per organisatie) en afstemmomenten in te bouwen.
-
Het is belangrijk dat een gemeente de regie heeft. De informatievoorziening speelt hierbij een belangrijke rol. Zo is het belangrijk te weten wie er binnen de locatie aanwezig is. Zowel de bewoners, de medewerkers en vrijwilligers als de bezoekers. Zorg daarom dat registratiemiddelen aanwezig zijn, die ook vooraf zijn getest. Zorg tevens voor de aanwezigheid van voldoende en goed werkende communicatiemiddelen zoals portofoons, telefoons en computers. Ook hier geldt: als dat op de korte termijn niet mogelijk is, werk dan tijdelijk met vervangende middelen, zoals telefoonlijsten, whatsapp-groepen en een duidelijk aanspreekpunt.
-
Wat betreft registratie van bewoners wordt verwezen naar hoofdstuk 4 van deze handreiking.
-
Op basis van signalen kan uit het oogpunt van sociale veiligheid bij de registratie ook de bagage worden gecontroleerd.
-
Van belang is dat er vooraf duidelijke afspraken zijn gemaakt welke rollen de verschillende medewerkers, beveiliging en vrijwilligers vervullen. Wie doet wat. Wie is waar verantwoordelijk voor. Wat kan helpen is het organiseren van voldoende overlegmomenten.
-
Bewoners zijn niet altijd bekend met of zich bewust van de gevaren van brand. Daarnaast is sprake van een hoge dichtheid van bewoners binnen een gebied of gebouw. Dit vraagt extra aandacht voor de brandveiligheid en vluchtwegen.
-
Het maken van een Risico Inventarisatie en Evaluatie (RI&E) is van belang. De RI&E voorziet in een uiteenzetting van de belangrijkste risico’s die op deze locatie gelopen worden en welke maatregelen er zullen worden genomen om de geconstateerde risico’s aan te pakken. Hierbij dient ook aandacht geschonken te worden aan risico’s van technische aard zoals (elektronische) sluiting van deuren, een portofoonsysteem, vluchtwegen en alarmering op spreekkamers etc. Ook hier geldt dat dit in de korte beschikbare tijd niet altijd volledig zal kunnen gebeuren.
-
Als een GOO zich bevindt op het water, zoals cruiseschepen, dan zou er extra aandacht moeten zijn voor de specifieke risico’s die dat meebrengt. Hierbij kan onder andere worden gedacht aan de beschikbaarheid van reddingsvesten voor zowel volwassenen als kinderen.
13
-
Incidenten; doordat er veel mensen op elkaar zitten, is het belangrijk dat alle medewerkers en vrijwilligers hun rol kennen bij eventuele incidenten. Weten wat ze moeten doen in het geval van een incident. Een ‘protocol’ kan daarbij behulpzaam zijn.
-
Bewoners hebben vaak een moeilijke reis achter de rug en een onzekere toekomst voor zich. Het is prettig als er een luisterend oor is, als de bewoner gezien en gehoord kan worden. Regel in dat deze aandacht er zal zijn. Spreek met vrijwilligers en medewerkers duidelijk af wat de grens is in de betrokkenheid. VluchtelingenWerk Nederland zal voor alle locaties/gemeenten de voorlichting en begeleiding van de Oekraïense vluchtelingen doen (informatie/voorlichting; spreekuur; juridische en sociaal-maatschappelijke begeleiding), vergelijkbaar met hetgeen VluchtelingenWerk Nederland regulier biedt in de azc's. Ook voor de eerste periode is er in overleg met VluchtelingenWerk Nederland de mogelijkheid om ervaren vrijwilligers in te zetten of te laten coördineren richting meer onervaren vrijwilligers. Gemeenten kunnen hiervoor contact opnemen met de regionale contactpunten van VluchtelingenWerk Nederland. Ook Pharos en de GGD kunnen helpen bij het vormgeven van psychosociale hulpverlening.
-
Bespreek met elkaar wat het betekent om bewoners op te vangen met zeer verschillende achtergronden (religie, LHTBI, etc.) en spreek af dat je als organisatie een neutrale houding aanneemt. Bespreek met elkaar wat dat betekent en hoe je elkaar hier scherp op houdt.
-
Bewoners brengen veel tijd door op de GOO. Een van de voorwaarden om e.e.a. zo leefbaar mogelijk te maken is het aanbieden van activiteiten. In de bijlage Dagbesteding GOO is hier meer informatie over terug te vinden. Niet onbelangrijk; goede WiFi en oplaadpunten zijn een must. Sluit daarbij zoveel mogelijk aan bij activiteiten die in de wijk/buurt worden gehouden op locaties buiten de GOO. Inventariseer de behoeften van de bewoners, eventueel in nauwe samenspraak met sleutelpersonen uit de groep bewoners.
-
Het verdient aanbeveling om een bewonersraad in te stellen (inspraakfunctie). Daarnaast is een duidelijke klachtenprocedure wenselijk en het aanstellen/benoemen van een vaste vertrouwenspersoon
-
Het helpt heel erg als het dagprogramma duidelijk is voor bewoners en dat bewoners zelfstandig kunnen koken.
-
Er wordt veel gevraagd van bewoners in een GOO. Het is voor bewoners prettig als er duidelijke omgangsregels zijn. Hang deze in de Oekraïense taal en/of andere taal en beelden op zichtbare plekken. Te denken valt hierbij aan slaaptijden (wanneer is het rustig), verbod van gebruik van drank en drugs, betekenis van het non-discriminatiebeginsel van artikel 1 Grondwet, etc.
-
Het is hierbij belangrijk dat aanwijzingen van medewerkers te allen tijde opgevolgd worden. Dit betekent ook dat het team op de locatie elkaar moet kunnen aanspreken. Bespreek daarom vooraf, en tijdens de uitvoering, of en hoe een veilig werkklimaat om elkaar aan te spreken geborgd wordt.
-
Als algemene regel kan gesteld worden dat het belangrijk is om als team ervoor te zorgen dat er voldoende medewerkers op de werkvloer aanwezig zijn. Met in achtneming van de grootte van een locatie. Bedenk vooraf hoe alle verschillende taken onder elkaar worden toebedeeld en houd er rekening mee dat enkele medewerkers een vrije rol hebben om met name ook het toezicht te borgen.
14
4
-
Voor het waarborgen van de sociale veiligheid in de buurt van een GOO, is het van belang dat de toezichthouder van een locatie regelmatig in contact met de wijkagent staat over bijvoorbeeld signalen in de buurt van de GOO. Denk hierbij ook aan de eventuele inzet van buurtwachten.
-
Als er een vermoeden is van mensenhandel dan kan dat door de medewerkers of vrijwilligers van de GOO gemeld worden bij de politie of de Nederlandse Arbeidsinspectie. Voor de registratie en/of bemiddeling naar de eerste opvang, kunt u het slachtoffer melden bij CoMensha. o Een vermoeden van dwang of uitbuiting telefonisch melden bij de plaatselijke politie via 0900 8844. o Een vermoeden van arbeidsuitbuiting telefonisch melden bij de Nederlandse Arbeidsinspectie via 0800 5151. o CoMensha bemiddelt voor slachtoffers naar opvang en hulpverlening en biedt informatie en advies. Telefonisch contact opnemen met CoMensha via 033 448 11 86. o Voor meer informatie zie bijlage I bij dit deel van de Handreiking.
-
Voor bewoners van een GOO die contact zijn kwijtgeraakt met familieleden wereldwijd als gevolg van oorlog, migratie en natuurgeweld bestaat de afdeling Restoring Family Links van het Rode Kruis. Mensen die op zoek zijn naar hun familie staat het Rode Kruis persoonlijk en kosteloos te woord om te kijken wat de mogelijkheden zijn voor opsporing door middel van een internationaal netwerk. Naast contactherstel voor familieleden houdt het Rode Kruis zich ook bezig met preventie van contactverlies door het voorlichten van mensen die gevlucht zijn. Op het moment dat iemand zich wil aanmelden voor een intakegesprek kan hiervoor het aanvraagformulier op de Rode Kruis webpagina ingevuld worden: Zoeken naar vermiste familieleden - Restoring Family Links Rode Kruis. Een medewerker neemt daarna (telefonisch) contact op met de aanvrager. De afdeling RFL is voor vragen van maandag tot en met vrijdag tussen 09.00 uur en 12.00 uur te bereiken via (070) 44 55 822.
-
Bewoners waarvan de gezelschapsdieren niet gevaccineerd, gechipt en geregistreerd zijn worden via https://english.nvwa.nl/news/news/2022/03/09/import-rules-for-pets-fromukraine en via dierenartsorganisaties opgeroepen om zo spoedig mogelijk naar een lokale dierenarts te gaan. Bij de lokale dierenarts zal het dier geregistreerd, gechipt en tegen rabiës gevaccineerd worden en ontwormd worden en zo nodig andere behandelingen krijgen. De eigenaren van deze gezelschapsdieren dienen vervolgens hun dieren minimaal een maand niet in contact te laten komen met andere dieren. Op het meldpunt Hulp voor Dieren uit Oekraïne kan hulp aangevraagd worden voor gezelschapsdieren die de oorlog zijn ontvlucht. Voor hulpvragen kunt u bellen met 088-811 3333 (ma t/m vrij 9.00-17.00 uur) of einfo@hulpvoordierenuitoekraine.nl. De informatie op mailen op https://www.hulpvoordierenuitoekraine.nl/nl/ is ook beschikbaar in het Oekraïens en Russisch. Verdere informatie hierover staat in bijlage V bij dit deel. INCIDENTEN
Incidenten kunnen een vervelende sfeer creëren op een GOO. Incidenten moeten zoveel als mogelijk worden voorkomen. Het is daarom belangrijk om vooraf na te denken over de leefbaarheid, beheersbaarheid en veiligheid op de locatie. Vaak ontstaan incidenten door een mix van de psychische of medische gesteldheid van de betrokken bewoner, zijn of haar omgeving en het uitzicht naar de toekomst. Door hier zoveel mogelijk proactief op in te spelen, wordt de kans op incidenten kleiner. Consulteer regelmatig met een bewonersraad en zorg dat de bewoners zich gehoord en gezien voelen.
15
Ondanks de voorbereidingen kunnen incidenten niet altijd voorkomen worden. Het is dan belangrijk om zoveel mogelijk regie te nemen. Hierbij is een aantal zaken belangrijk: -
5
Opstellen van huisregels en duidelijke communicatie hierover, inclusief eenduidige controle en handhaving op de huisregels. En aangeven wat de mogelijke consequenties zijn van het overtreden van de huisregels. Incidentenprotocol. Afspraken over wie wat doet, communicatie(middelen) en de afhandeling. Het op termijn inrichten van een speciale incidententafel waar casuïstiek wordt besproken en naar maatwerkoplossingen wordt gezocht. Hierbij wordt altijd eerst gekeken naar de eerder aangekondigde consequenties die in de huisregels genoemd zijn. Waar nodig goede doorgeleiding naar passende zorg. BHV-protocol. Netwerkkaarten bij de hand. Aanbieden activiteiten i.h.k.v. dagbesteding Vooraf door medewerkers, beveiliging en politie scenario’s laten doornemen. Eventueel aangifte politie onder veilige publieke taak. Evt. inzet van beveiliging (hierbij kunnen gemeenten aansluiten bij contracten die het COA heeft met beveiligingsbedrijf Trigion) Goede en regelmatige communicatie met de omgeving van de GOO. MEDEWERKERS IN EEN GOO
Hieronder een indicatie, om u een beeld te geven, van de verschillende medewerkers die in een GOO ingezet kunnen worden. Dit kan vanwege de schaalgrootte per locatie verschillen. 1 x Locatieleider Eindverantwoordelijk locatie, signaleert, linking pin voor gemeente, aansturing van coördinatoren, aanspreekpunt omgeving. 1 x Ondersteuning locatieleider Financieel, doorgeleiden inkomende en uitgaande communicatie, roosters, flexibel. 2 x Coördinatoren Sturen medewerkers aan, coördineren in afstemming met locatieleider, werken eventueel zelf mee. 20 x Teammedewerkers Onderscheid tussen dagdienst en late dienst. Verdeling rollen van de dag: Activiteiten- en vrijwilliger coördinatie (1 x dag en 1 x avond) Etensuitgifte/hygiëne (2 x dag, 2 x avond) Infobalie 2x (vast moment op de dag, buiten etenstijd) 2 x goederenuitgifte (vast moment) Goederenontvangst. Vrije medewerkers. Zichtbaar zijn, bewoners leren kennen, signaleren, etc. 3 x beveiliging 24 uur per dag. Flexibele opschaling mogelijk. Altijd een beveiliger bij entree. Twee lopen rond, houden toezicht, zijn zichtbaar. BHV-ploegleiders.
16
6
VRIJWILLIGERS IN EEN GOO
Voor een goed verloop van de opvang in een GOO is de aanwezigheid en inzet van vrijwilligers essentieel. Het gebruik van een locatie als GOO vraagt om de inzet van veel medewerkers en vrijwilligers. Zowel bij de voorbereiding hiervan als tijdens de periode dat de locatie operationeel is. De inzet van vrijwilligers is hard nodig door de (waarschijnlijk) beperkte beschikbaarheid van het eigen gemeentelijke personeel. De opvang in 2015 en 2016 heeft de grote betekenis en waarde laten zien van de inzet van vrijwilligers bij de opvang. Vele vrijwilligers en organisaties voelden zich verbonden en wilden bijdragen aan een goed verloop van de opvang. De verwachting is dat dit nu niet anders zal zijn. Gemeenten kunnen in overleg met VluchtelingenWerk Nederland een beroep doen op ervaren coördinerende vrijwilligers. In het geval er onvoldoende vrijwilligers beschikbaar zijn valt te denken aan de inzet van medewerkers van buitenaf. Zoals medewerkers die werkzaam zijn binnen de evenementenbranche. Een andere mogelijkheid is de inzet van vrijwilligers van het Nederlandse Rode Kruis, Ready2help; het burgernetwerk van het Rode Kruis, of het Veteraneninstituut.
VluchtelingenWerk werkt op elke GOO (in elke gemeente met een GOO) met een eigen team van getrainde vrijwilligers onder betaalde coördinatie en biedt voorlichting, een spreekuur en juridische en sociaal-maatschappelijke begeleiding aan de bewoners. Daarnaast kunnen zij gerichte projecten bieden zoals spreekuur voor kinderen (Time4You), ouderschapsondersteuning, taalcoaches, budgettering, psycho-educatie, draagvlakactiviteiten zoals het project Bekend maakt Bemind Voor de inzet van vrijwilligers zijn de volgende aandachtspunten relevant: 1. Stel in een vroeg stadium een coördinator vrijwilligers aan Het coördineren van vrijwilligers is heel wat anders dan het managen van een organisatie. Het vraagt om specifieke competenties om mensen te motiveren, te sturen en aan te spreken. Hierin zijn verschillende vormen te onderscheiden. Te denken valt aan een specifieke coördinator vrijwilligers die vooral tot taak heeft de inzet van vrijwilligers te coördineren. Ook kan een dergelijke taak worden uitbesteed, bijvoorbeeld aan VluchtelingenWerk. 2. Bepaal vooraf bij welke onderdelen u vrijwilligers wilt gebruiken en werf gericht De ervaring leert dat na een oproep vele vrijwilligers en organisaties zich melden om een bijdrage te leveren. Het is belangrijk om, alvorens een oproep te doen, te bedenken op welke aspecten je vrijwilligers inzetbaar wil maken.
Ook moet het duidelijk zijn voor hoeveel personen, voor welke activiteit en op welk moment vrijwilligers nodig zijn. Alleen dan kan een goede aansturing en match van vraag en aanbod plaatsvinden. Als het enigszins mogelijk is ga een intakegesprek aan met vrijwilligers om de verwachtingen goed scherp te maken. Geef vrijwilligers een duidelijke en afgebakende taak en sta ook zo goed mogelijk stil bij de (arbeids)voorwaarden van vrijwilligers. Denk bovendien ook aan het afsluiten van een aansprakelijkheidsverzekering voor de vrijwilligers die ingezet worden. Voor vrijwilligers is het belangrijk dat zij concreet weten welke bijdrage van hen verwacht wordt, en vooral ook wat niet.
17
3. Zorg voor een goede afronding en nazorg Een valkuil voor vrijwilligers kan zijn dat zij zich overspoeld voelen door de hoeveelheid leed of hulpvragen en vooral oog hebben voor dat waar zij niet aan toe komen. Dat kan een gevoel van onmacht geven. Schenk daarom hier aandacht aan maar benadruk ook dat het onmogelijk is om ieders probleem op te lossen. Zorg voor een goede afronding door het laten zien van waardering en draag bij aan een goede ‘terugschakeling’ naar het dagelijkse leven. 7
CORONA
Uiteraard dienen ook in een GOO de dan geldende RIVM-richtlijnen gehanteerd en opgevolgd te worden. Schakel de GGD in om te beoordelen of de locatie geschikt is voor de opvang van vluchtelingen en of er eventueel aanpassingen nodig zijn, Dit heeft kan onder meer consequenties hebben voor de inrichting van de locatie. Schakel ook de GGD in voor het beleid rondom het testen op COVID. In principe kan met betrekking tot het testen bij een mogelijke besmetting worden aangesloten bij het huidige testadvies namelijk dat men bij klachten naar de GGD kan gaan of een zelftest kan doen. Bewoners van een GOO met klachten moeten laagdrempelig getest kunnen worden, bij voorkeur op de locatie, omdat mensen geen eigen vervoer hebben. Zelftesten zijn hiervoor de meest snelle uitkomst. Daarbij is het wel belangrijk dat er goede een goede handleiding is (in een voor de vluchteling begrijpelijke taal) en dat duidelijk is wat men moet doen als de zelftest positief is, namelijk alsnog testen bij de GGD. Het Ministerie van VWS heeft aan alle gemeenten in Nederland zelftesten beschikbaar gesteld via Dienst Testen/Landelijk Consortium Hulpmiddelen voor sociale minima. Deze zelftesten kunnen ook voor deze groep gebruikt worden. Mochten er gemeenten zijn die onvoldoende zelftesten over hebben voor deze groep, dan kan het Ministerie van VWS deze maximaal te bestellen aantallen ophogen.
Elke gemeente heeft over de manier waarop ze deze zelftesten kunnen bestellen in de eerste week van februari een bericht gehad t.a.v. de wethouder armoede en schuldhulpverlening/sociale zaken. Bewoners die getest zijn moeten in quarantaine tot de testuitslag bekend is. De locatie moet beschikken over voldoende quarantaine ruimte. Bijvoorbeeld twee of drie quarantaineruimtes op de locatie zelf voor het afwachten van de uitslag van de test en bijvoorbeeld een externe locatie met meer capaciteit in geval van besmetting. Wat betreft quarantaineruimte kan er ook gedacht worden aan semi-afgesloten compartimenten zoals een partytent met wanden (mits er voldoende ventilatie is in de opvanglocatie). In het geval sprake is van een positieve uitslag en besmetting met het coronavirus moet een bewoner in isolatie. De locatie beschikt bij voorkeur over een of meerdere isolatieruimten zodat op corona positief geteste personen zo min mogelijk verplaatst hoeven te worden. Indien dat niet mogelijk is, moet er een externe locatie beschikbaar zijn en moet hierop worden teruggevallen op het reguliere verzoek aan de voorzitter van de veiligheidsregio. Bedenk dat in geval van isolatie of quarantaine de medewerkers op de locatie goed voorbereid moeten zijn en moeten weten hoe en wanneer persoonlijke beschermingsmiddelen moeten worden ingezet.
Het is voor personen in een GOO mogelijk om zich te laten vaccineren bij de GGD vaccinatiestraten. Aanvullend is geregeld dat Oekraïners die op centrale opvang locaties van het COA aankomen, meegenomen worden in het vaccinatieproces van de asielzoekers. Meer over Quarantaine en isolatie | RIVM via deze link.
18
8
SCHADE AFWIKKELING EN VERZEKERING
Het valt niet helemaal uit te sluiten dat de inzet van GOO tot schade lijdt. Vele schadeposten zijn denkbaar. In de praktijk zal de gemeente de afhandeling coördineren van de verzoeken tot een vergoeding van de schade. Coördineren is uiteraard iets anders dan betalen. De toekenning van een vergoeding voor de schade die is ontstaan zal vaak afhankelijk zijn van verzekeringen die zijn afgesloten. Hier moet tijdig aandacht aan worden besteed. 9
NAZORG
De inzet binnen de GOO vormt voor veel medewerkers en vrijwilligers een intensieve tijd en een tijd waarin veel indrukken worden opgedaan. Een goede afsluiting van deze tijd is van groot belang. Dat kan op verschillende manieren. In de bijlage Nazorg eigen personeel en vrijwilligers na inzet op GOO is hier informatie over opgenomen. De informatie is opgesteld door Stichting Impact, kennis en adviescentrum psychosociale zorg en veiligheid bij schokkende gebeurtenissen (partner in Arq) en het RIVM/centrum gezondheid en milieu.
19
C
GEZONDHEIDSZORG
1
MEDISCHE ZORG
Personen die worden geplaatst in een GOO hebben geen medische intake gehad en zijn ook niet gecheckt op corona (mogelijk ook niet ingeënt). Ook de check op tuberculose heeft nog niet plaatsgevonden (Oekraïne is hier wel voor geïndiceerd). Voor vaccinatie wordt verwezen naar het algemene deel over corona (hoofdstuk 14) van deze handreiking. In de bijlage I Gezondheidszorg in GOO zijn diverse gezondheidszorgaspecten beschreven die samenhangen met het verblijf van een bewoner in de GOO. Hier is onder meer informatie te vinden over hoe te handelen bij medische hulpvragen, over zorgkosten, over het gebruik van tolken en over identificatie. In de bijlage II Organiseren geneeskundige hulp bij ingebruikname van een GOO is informatie te vinden over de ondersteuning door, en taken van, de GHOR bij het bieden van geneeskundige zorg, tandheelkundige noodhulp en farmaceutische zorg. De GGD kan helpen bij het vormgeven van psychosociale hulpverlening. De bijlagen zullen regelmatig geactualiseerd worden op basis van nieuwe informatie, beleidsontwikkelingen of reacties die op de Handreiking GOO komen. 2
TECHNISCHE HYGIËNEZORG
In de bijlage V bij deel C Technische Hygiënezorg GOO zijn richtlijnen opgenomen voor de technische hygiënezorg in een GOO. Deze richtlijnen zijn gebaseerd op de landelijke eisen die gelden voor asielzoekerscentra. In deze bijlage zijn onder meer richtlijnen opgenomen voor slaap- en woonvertrekken, voor het sanitair, over EHBO, de schoonmaak, verwerking van wasgoed en de afvalverwerking. Ook zijn richtlijnen opgenomen met betrekking tot corona, het testen en over quarantaine. Er zal per locatie bezien moeten worden wat haalbaar en realistisch is. De lokale GGD treedt daarbij adviserend op richting de gemeente. In een aparte bijlage III bij deel B is specifieke informatie opgenomen over de ventilatie.
20
E
ONDERWIJS
1 PRIMAIR EN VOORTGEZET ONDERWIJS: ROL & VERANTWOORDELIJKHEID GEMEENTE Naar verwachting zullen ook veel kinderen naar Nederland komen. Zij hebben (ongeacht verblijfsstatus) recht op onderwijs. Het is van belang dit onderwijs zo snel mogelijk beschikbaar te stellen om zo te borgen dat deze kinderen worden gesteund in hun sociaalemotionele welbevinden en kunnen doorgaan met hun ontwikkeling. Daarbij moet rekening worden gehouden met een stabiele en langdurige opvangsituatie. Het is niet wenselijk dat kinderen telkens van onderwijslocatie moeten veranderen. Waar mogelijk kan bij de keuze voor locaties voor de GOO rekening gehouden worden met de nabijheid of bereikbaarheid van scholen. Gemeenten hebben de verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat er onderwijs beschikbaar is, ook voor deze kinderen. Het is de bedoeling dat iedere gemeente zich maximaal inspant om het onderwijs zo snel mogelijk te realiseren. Dit zal in samenspraak met het ministerie van OCW verder worden uitgewerkt. 2
VOORSCHOOLSE EDUCATIE
Voor peuters kunnen gemeenten ook voorschoolse educatie beschikbaar stellen. Voor voorschoolse educatie in de asielopvang is een handreiking ‘Voorschoolse educatie voor peuters in de asielopvang’ beschikbaar die u ook voor de opvang voor Oekraïners kunt raadplegen.
21
F
TOEGANG TOT DE ARBEIDSMARKT
Op grond van de Wet arbeid vreemdelingen is het een werkgever in Nederland verboden iemand van buiten de EU tewerk te stellen zonder werkvergunning. Een werkvergunning wordt in principe alleen verleend wanneer is vastgesteld dat er geen aanbod voor de functie aanwezig is binnen Nederland, de EER en Zwitserland. Ook voor Oekraïners en andere derdelanders geldt dat zij alleen in Nederland mogen werken, wanneer hun werkgever in het bezit is van een werkvergunning. Het ministerie van SZW is voornemens de toegang tot de arbeidsmarkt voor Oekraïners tijdelijk te verruimen, in het licht van de crisis. Het ministerie onderzoekt momenteel op welke manier dit het eenvoudigst geregeld kan worden.
22
G
COMMUNICATIE
1
COMMUNICATIE OVER GOO
Regie over de communicatie ligt bij de gemeente. De organisatie van de communicatie over het verblijf van vluchtelingen uit Oekraïne in de gemeente vindt door de gemeente zelf plaats. Schroom niet om bij andere gemeenten die al ervaring hebben, advies in te winnen. Bijvoorbeeld via de Veiligheidsregio. In het communiceren over de GOO zijn drie uitgangspunten belangrijk: start vroegtijdig wees open en eerlijk communiceer vanuit de lokale context. Dit vereist dat de communicatieafdeling in een zo’n vroeg mogelijk stadium wordt betrokken in het proces. Belangrijk startpunt van de communicatieaanpak is een gedegen omgevingsanalyse. Weet wat er speelt in de samenleving en buurt. Betrek daarbij zoveel mogelijk partijen die kennis hebben over de buurt en haar inwoners. Vergeet daarbij niet om ook de interne organisatie te bevragen. Blijf ook tijdens de uitvoering van de realisatie van de opvang werken aan een breed netwerk waarmee je in verbinding blijft. Zowel vooraf, tijdens als achteraf betrek je partijen. Wees duidelijk hoe je hen betrekt en informeert en welke rol je van hen verwacht.
Bouw de communicatie-aanpak op aan de hand van: omgevingsanalyse: wat speelt/speelde er, hoe is de relatie met de gemeente, wat zijn belangrijke aanspreekpunten verschillende scenario’s hoe het kan gaan lopen een stakeholderanalyse waarin je diverse actoren omschrijft op basis van hun rol en positie (bijv. raad, direct omwonenden) korte en lange termijnaanpak Ook kan VluchtelingenWerk hier een rol in spelen door voorlichting te geven en vragen te beantwoorden. Open, eerlijke en eenduidige communicatie naar bewoners Communiceer open en met een eenduidige boodschap naar de bewoners. Leg uit waarom ze in een GOO worden opgevangen, hoe lang de opvang duurt en wat ze kunnen verwachten. Heb aandacht voor hun zorgen. Communiceer zoveel mogelijk in hun eigen taal. Vluchtelingen uit Oekraïne hebben vaak een moeilijke reis achter de rug en gaan een onzekere toekomst tegemoet. Bied een luisterend oor. Ten slotte heeft het Ministerie van JenV samen met de VNG en andere betrokken partijen voorbeelden, zoals Q&A’s, in voorbereiding die houvast moeten bieden in de communicatie van lokale gemeenten. Deze zullen separaat worden gedeeld met gemeenten.
23
BIJLAGE BIJ DEEL A BIJLAGE I TOELICHTING OP HET JURIDISCHE ADVIES TOT GEDOGEN De Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) biedt de mogelijkheid om een omgevingsvergunning te verlenen voor een gebruik en/of bouwwerken in afwijking van het bestemmingsplan. Vaak past (crisis)opvang in bestaande gebouwen of het ten behoeve daarvan plaatsen van (tijdelijke) opvanggelegenheden niet in de geldende bestemmingsplannen. De gebouwen voldoen veelal wel aan de basisvereisten voor een brandveilig gebruik. Gezien de verwachte termijn waarop opvang voor een groot aantal vluchtelingen uit Oekraïne nodig is, is het advies om tegen dit gebruik, in aanloop naar spoedige vergunningverlening, niet handhavend op te treden wegens ‘strijdig gebruik’ met het bestemmingsplan. Gemeenten realiseren een GOO, vanuit onder meer humanitaire en maatschappelijke overwegingen en omdat hiertoe een noodzaak is vanwege de situatie in Oekraïne. Gelet op deze bijzondere omstandigheden zal een gemeente bereid zijn om zo veel mogelijk medewerking te verlenen en ligt het in een dergelijk geval daarom het meest voor de hand om niet handhavend op te treden op ‘strijdig gebruik’ met het bestemmingsplan.