21-029 Bijlage 3. Ingekomen stukken RM
Tekst van het document
De locatie ligt nabij de Johnny Cashstraat, de Eendrachtsweg en het John Lennonplein. Op onderstaande afbeelding is het plangebied van het bestemmingsplan “Mortiere” aangegeven (in lichtrood) en de ligging van de Huiskavel daarbinnen (in oranje).
1
1.3 Vigerende regelingen Het vigerende bestemmingsplan is getiteld 'Mortiere', en is vastgesteld op 25 juni 2013. Binnen dit bestemmingsplan heeft de Huiskavel de bestemming 'Wonen'. Hoofdstuk 2 Beleidskader 2.1 Rijksbeleid 2.1.1 Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) en Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Op 13 maart 2012 is de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte vastgesteld. Op 30 december 2011 (wijziging 1 oktober 2012) is het Barro in werking getreden. In de Structuurvisie is aangegeven dat het Rijk drie hoofddoelen heeft: o o «
het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijk-economische structuur van Nederland; het verbeteren, in standhouden en ruimtelijk zeker stellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat; het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn.
Uit deze drie hoofddoelen komen onderwerpen voort die van nationaal belang zijn. Structuurvisies hebben op zichzelf geen bindende werking voor andere overheden dan de overheid die de visie heeft vastgesteld. De nationale belangen uit de structuurvisie die juridische borging vragen worden daarom geborgd in de Amvb Ruimte. Deze Amvb wordt aangeduid als het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Deze Amvb is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen en zorgt voor sturing en helderheid van deze belangen vooraf. In het Barro zijn verschillende bepalingen opgenomen, o.a. ten aanzien van Rijksvaarwegen, hoofdwegen en - spoorwegen. Er zijn geen bepalingen die direct betrekking hebben op de Huiskavel. 2.1.1.1 Conclusie De onderhavige ontwikkeling betreft de ontwikkeling van 40 woningen op de Huiskavel, in de gemeente Middelburg. De Huiskavel heeft geen directe relatie met één van de thema's of bepalingen uit het Barro. Voor het onderhavige plan zijn er ten aanzien van dit beleidsonderdeel geen knelpunten. 2.1.2 Ladder voor duurzame verstedelijking Op 1 oktober 2012 is de 'ladder voor duurzame verstedelijking' toegevoegd aan het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). De ladder ondersteunt gemeenten en provincies in vraaggerichte programmering van hun grondgebied, het voorkomen van overprogrammering en de keuzes die daaruit volgen.
Het doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de (bestaande) ruimte in stedelijke gebieden. Het Rijk wil met de introductie van de ladder vraaggerichte programmering bevorderen. De ladder beoogt een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten.
2
Op 1 juli 2017 is een wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening in werking getreden waarbij een nieuwe Laddersystematiek is gaan gelden. De kernbepaling van de nieuwe Ladder, artikel 3.1.6 lid 2 Bro, luidt alsvolgt: De toelichting van een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan de voorgenomen stedelijke ontwikkeling. Indien blijkt dat de stedelijke ontwikkeling niet binnen het bestaand stedelijk gebied kan worden voorzien, bevat de toelichting een motivering daarvan en een beschrijving van de mogelijkheid om in die behoefte te voorzien op de gekozen locatie buiten het bestaand stedelijk gebied. De Laddertoets moet worden uitgevoerd wanneer er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. In artikel 1.1.1 onder i van het Bro is een nadere omschrijving van het begrip stedelijke ontwikkeling vastgelegd. Als stedelijke ontwikkeling wordt genoemd: "ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen". De toetsing van de ladder is beschreven in paragraaf 2.3.3. 2.2 Provinciaal beleid 2.2.1 Omgevingsplan Zeeland 2.2.1.1 Hoofddoelstellingen Op 28 september 2012 is het Omgevingsplan Zeeland voor de periode 2012-2018 vastgesteld. Het omgevingsplan is tussentijds twee maal herzien in 2016 en 2017.
In 2016 betrof het een algemene wijziging en in 2017 zijn een drietal beperkte aanpassingen doorgevoerd. In september 2018 is het Omgevingsplan 2018 vastgesteld. Het Omgevingsplan vormt op het gebied van de fysieke leefomgeving het provinciale beoordelingskader voor mede overheden, organisaties en burgers binnen de kaders en spelregels die wettelijk zijn vastgesteld. Het is van provinciaal belang dat de Zeeuwse steden de sociaaleconomische motor blijven van de Provincie. 2.2.1.2 Doelstelling wonen De locatie Mortiere en daarmee ook de Huiskavel liggen binnen 'Bestaand bebouwd gebied'. Bij woningbouw staan de ruimtelijke doelen van bundeling en zorgvuldig ruimtegebruik hoog op de agenda. Het is van provinciaal belang dat Zeeuwse steden de sociaaleconomische motor blijven van de provincie. Gezien de ruimtelijke doelen, de klimaat en demografische opgave, de uitgangssituatie van de woningvoorraad en de toekomstverwachtingen, is woningbouwbeleid essentieel. Toetsing Met het onderhavige plan worden 40 woningen gerealiseerd, waarvan een deel zal worden gebruikt voor de particuliere huurmarkt. In Middelburg is er ruimte om het aanbod van particuliere huur van grondgebonden woningen te vergroten. Dit komt de differentiatie van de woningvoorraad ten goed.
Door deze woningen te realiseren in de wijk Mortiere wordt bovendien nadere invulling gegeven het criterium zorgvuldig ruimtegebruik. Mortiere is de omvangrijkste woningbouwlocatie in Middelburg.
2.3 Gemeentelijk beleid 2.3.1 Herijking van de Kwaliteitsatlas De kwaliteitsatlas is een belangrijk integraal beleidsdocument van de gemeente Middelburg. In deze kwaliteitsatlas wordt een richting uitgestippeld voor de ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente. In de "Kwaliteitsatlas Middelburg 2030" wordt een beeld geschetst van een bevolkingsgroei van circa 46.000 tot 56.000 inwoners in 2030. De gemeente heeft zich aangesloten bij het provinciaal beleid om 50% van de woningbouwproductie te laten plaatsvinden binnen bestaand stedelijk gebied. De ontwikkeling van de Huiskavel past hierbinnen. Ondanks dat in de vastgestelde Herijking van de Kwaliteitsatlas in 2010 de ambitie is verlaten om te groeien naar 56.000 inwoners, blijft de bevolking van Middelburg de komende 4
jaren wel groeien. Dit wordt aangetoond door de bevolkingsprognoses. Deze prognoses tonen ook aan dat de gemeente Middelburg geen 'krimpgemeente' is of zal worden. Verder neemt de gezinsverdunning toe en is de levensverwachting van de mensen hoger. Om dit op te vangen blijft extra nieuwbouw noodzakelijk, op zowel inbreidings- als uitbreidingslocaties. Tevens wordt in de herijkte Kwaliteitsatlas gestreefd naar gemengde en stabiele wijken. Met het onderhavige plan wordt het gemengde karakter van de wijk Mortiere versterkt. Een integrale benadering van het woonmilieu is één van de belangrijkste voorwaarden voor een kwalitatief goede stad, waardoor mensen graag in Middelburg willen (blijven) wonen. 2.3.2 Woningbouwprogramma Met de kwaliteitsatlas als onderlegger is in december 2015 de Woonvisie voor de gemeente Middelburg vastgesteld voor de periode 2016-2020. Hierin is opgenomen dat Middelburg zich als woon- en vestigingsplaats moet onderscheiden door de ontwikkeling van aantrekkelijke en complete wijken en dorpen. Door woonmilieus aan te bieden voor alle leeftijdscategorieën in zowel stedelijke als landelijke omgeving. Middelburg wil graag een aantrekkelijk woongebied blijven voor haar huidige en toekomstige inwoners. Deze missie is vertaald in drie pijlers: ® o ®
Goede woningen, Voor iedereen, Op een goede locatie
In het kader van de woonvisie is er een woningmarkt- en locatieonderzoek uitgevoerd. Hierin wordt voor Mortiere geadviseerd om de principes van gefaseerde en flexibele ontwikkeling te hanteren, waarbij steeds wordt aangesloten op actuele marktkansen en consumenteninteresse. Verder wordt aanbevolen om actief op zoek te gaan naar partijen/partners die willen investeren in vrije sector huurwoningen voor middeninkomens, want aan dit segment (dat tevens de doorstroming bevordert) is de komende periode sprake van een groot tekort. Prognose behoefte nieuwe woningen De Provinciale bevolkings- en huishoudensprognose 2015 geeft aan waar de behoefte is en hoe groot deze is. Voor Middelburg laat deze prognose in de periode 2015 - 2025 een huishoudenstoename zien van 1739. Voor de daarop volgende periode 2025 - 2035 voorspelt de prognose een toename van circa 800 huishoudens. Naast deze positieve huishoudensontwikkeling is tevens een positieve bevolkingsontwikkeling van Middelburg te zien in de prognose. In de periode tot 2024 zal de bevolking met ongeveer 2.100 inwoners groeien. In de periode van 2025 tot 2034 komen er naar verwachting nog 1.700 extra inwoners bij. Daarnaast is in de periode tot 2030 in Middelburg eveneens sprake van een positieve natuurlijke aanwas (verschil geboorte - en sterftecijfer).
De huishoudensontwikkeling, de bevolkingsontwikkeling en de natuurlijke aanwas zijn positief voor de gemeente Middelburg. Op basis hiervan kan geconcludeerd worden dat er een behoefte is aan nieuwe woningen in Middelburg.
5
In de SOK is een maximaal aantal woningen afgesproken voor Mortiere van in totaal 1380 woningen. Er zijn inmiddels circa 850 woningen gebouwd. Daarmee is de resterende plancapaciteit vanaf 2018 voor Mortiere circa 530 woningen. 2.3.3 Toetsing ladder voor duurzame verstedelijking Het voorgenomen bouwplan bestaat uit een initiatief (vraag) vanuit de markt. Voor elk ruimtelijk besluit moet de 'ladder voor duurzame verstedelijking' worden doorlopen. Voor de toetsing aan de ladder wordt de behoefte onderbouwd en toegelicht of deze behoefte binnen bestaand stedelijk gebied opgevangen kan worden. Behoefte In 2015 is een woningmarkt - en locatieonderzoek uitgevoerd in het kader van de nieuwe woonvisie. Hierin wordt geadviseerd om voor Mortiere de principes van gefaseerde en flexibele ontwikkeling te hanteren, waarbij steeds wordt aangesloten op actuele marktkansen en consumenteninteresse, om de ontwikkeling van Mortiere te continueren. De provinciale bevolkingsontwikkeling Zeeland 2015 toont aan dat de huishoudensontwikkeling, de bevolkingsontwikkeling en de natuurlijke aanwas positief zijn waaruit geconcludeerd kan worden dat er behoefte is aan nieuwe woningen in Middelburg. Om in deze behoefte te voorzien wordt een aantal projecten binnen de gemeente gerealiseerd. Eén daarvan is de verdere invulling van de wijk Mortiere. De plancapaciteit (d.d.
2016) voor de wijk, waarbinnen het uitwerkingsplan ligt, bedraagt 604 woningen. Het gedane woningmarkt- en locatieonderzoek en de prognoses onderbouwen de behoefte voor woningbouw in Mortiere en voldoet daarmee aan de onderbouwing van die behoefte in het kader van de ladderonderbouwing. Het planologisch mogelijk maken van 40 woningen in het onderhavige plan is daarmee verantwoord. Bestaand stedelijk gebied In het Besluit ruimtelijke ordening is bepaald dat onder bestaand stedelijk gebied wordt verstaan het bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur. De wijk Mortiere kan worden aangemerkt als bestaand stedelijk gebied. De woningbouwontwikkeling op de Huiskavel in de wijk Mortiere kan geheel binnen bestaand stedelijk gebied worden ontwikkeld en voldoet daarmee aan de onderbouwing of de behoefte binnen dit bestaand stedelijk gebied kan worden opgevangen in het kader van de ladderonderbouwing 2.3.3.1 Conclusie De ontwikkeling voldoet met het positief beantwoorden van de behoefte voor woningbouw en ligging in bestaand stedelijk gebied aan de doelstellingen van de ladder voor duurzame verstedelijking.
2.3.4 Groenbeleidsplan 2006-2016 Het doel van het groenbeleidsplan is om een duurzame groenstructuur te behouden en te ontwikkelen en een kader te bieden voor de gewenste onderhoudskwaliteit van het openbaar groen. De uitgangspunten zijn vastgelegd in beleidsuitspraken over ruimtelijke opbouw, ecologie, spelen en veiligheid in het groen en beheer. Voor belangrijke vraagstukken voor het groen geeft het groenbeleid richtlijnen. De gemeentelijke hoofdgroenstructuur en de ecologische structuur vormen het robuuste raamwerk voor het groen en dienen beschermd te worden. De waardevolle bomen verdienen bescherming. Het groenbeleidsplan geeft richtlijnen voor de inrichting van nieuwe gebieden, zoals Mortiere, voor goed opgebouwde en duurzame groenvoorzieningen die efficiënt te beheren zijn.
In het groenstructuurplan (zie afbeelding) wordt ingegaan op de groenstructuur Dauwendaele (inclusief Mortiere). Belangrijk onderdeel van de groenstructuur is het Ella Fitzgeraldpark centraal in de wijk Mortiere, dat een recreatieve functie vervult voor de wijk. Het nieuwe park met een oppervlakte van 7,3 hectare wordt niet nader besproken in het groenstructuurplan. 2.3.5 Mobiliteitsplan: Fietsvriendelijke gemeente Gemeente Middelburg streeft ernaar een fietsvriendelijke stad te worden. Zo is in het Mobiliteitsplan opgenomen dat de fietser moet kunnen concurreren met de automobilist. Ook in de Kwaliteitsatlas krijgt de fietser voorrang. Dit kan o.a. door in nieuwe wijken 30km/u in te voeren, korte snelle verbindingen voor de fiets na te streven, extra doorsteekjes/ fietsverbindingen te maken en te zorgen voor voldoende fietsparkeermogelijkheden bij maatschappelijke voorzieningen.
7
2.3.6 Duurzaamheidsbeleid De gemeenteraad heeft de Middelburgse Visie Milieu (MVM) 2013-2018 vastgesteld. In de MVM is het duurzaamheidsbeleid opgenomen. Het separaat vastgestelde klimaatbeleid 'Op weg naar een energieneutraal Middelburg in 2050' met bijhorende route kaart voor 20132018 is hier in opgenomen. De MVM heeft betrekking op alle milieu thema's. In dit kader zijn met name de thema's klimaat en energie, duurzaam bouwen en wonen, groen in de woonomgeving en ruimtelijke ordening relevant. De belangrijkste ambities en doelstellingen die voor een plan relevant zijn en uitgangspunt moeten zijn worden hierna genoemd. •
o o ®
De gemeente Middelburg heeft als doel volledig energieneutraal te zijn. De streefdatum om dit te realiseren is 2050 en indien de (financiële) omstandigheden gunstig zijn zo mogelijk eerder, met als doel de toename van het broeikaseffect tegen te gaan, de economTschë~pösitiè te h'andhavemen~de beschikbaarheid van-energie tewaarborgen. Hiermee wordt een bijdrage geleverd aan een duurzame (economisch) gezonde samenleving. Energieneutraal bouwen is het uitgangspunt bij nieuwbouw; Middelburg streeft uiteindelijk naar een duurzaam gebouwde omgeving die voorziet in de huidige behoefte maar ook (economische) waarde heeft in de toekomst. Duurzaam bouwen werkt door op verschillende momenten tijdens de levenscyclus van het gebouw: o Ontwerp en uitvoering van de bouw of renovatie. Niet alleen ontwerpen en uitvoeren met korte termijn wensen (inhoudelijk en financieel) maar gericht op een waardevastheid voor de langere termijn, o Benutting (eerste gebruik) van het gebouw. Hierbij spelen aspecten zoals comfort, energiegebruik, waterverbruik, woonlasten, mobiliteit, o Gebruik van het gebouw op de langere termijn. Hierbij spelen naast de genoemde zaken tijdens het gebruik tevens aspecten zoals aanpasbaarheid aan andere woonwensen of andere gebruiksvormen. o Beëindiging gebruik van het gebouw.
Een volledig duurzame sloop betekent dat bouwdelen na gebruik weer terugkeren in de (biologische of technologische) kringloop. Daarnaast betekent duurzame beëindiging dat er geen belemmeringen achterblijven op het perceel zoals bijvoorbeeld verontreinigingen en ondergrondse infrastructuur.
Er wordt aangehaakt op het duurzaamheidsbeleid en woningen worden uitgevoerd met (hoogwaardige) isolatie en energiezuinige installaties. Hoofdstuk 3 Ruimtelijke analyse plangebied 3.1 Historische beschrijving De wijk Mortiere ligt op het voormalige eiland Walcheren. De opbouw van het gebied Walcheren is vooral bepaald door het van oudsher stijgen en dalen van de zeespiegel en de daarmee samenhangende overstromingen. In relatie daarmee heeft afwisselend veenvorming en zeeklei-afzetting plaatsgevonden. In de veen- en kleipakketten is door herhaaldelijke overstromingen een kreken- en geulenstelsel ontstaan. In de kreken is, als gevolg van de getijdenbeweging, zand afgezet. Door inklinking van het veen zijn de verzande kreken uiteindelijk hoger in het landschap komen te liggen (kreekruggen). Vanaf de 11e eeuw tot in de 19e eeuw heeft indijking van slikken en schorren plaatsgevonden.
De gemiddelde hoogteligging binnen de wijk Mortiere was voor de realisatie 0,5 m onder N.A.P. Het bodempatroon van Mortiere is cultuurhistorisch en landschappelijk te plaatsen onder de Oudlandgebieden. Het oude zeekleilandschap van het Oudland Mortiere vertaalt zich in een poelgebied omgeven door kreekruggen. Ter plaatse van de gedempte loop van de Oude Haven is het vlakke plaatgebied het kenmerkende bodempatroon. Deze is evenwijdig aan de N57 gelegen. Karakteristiek voor de zuidoostrand van Mortiere, ter plaatse van de Trekdijk, is de omslag van landschap en bodempatroon. Deze vormt de scheidslijn tussen de Oudlandse en Nieuwlandse gronden. Voordat Mortiere werd gerealiseerd, werden de kreekruggen en kleiplaatgronden gekenmerkt door akkerbouw. In de laaggelegen gebieden waren de gronden veelal in gebruik bij rundveehouderijbedrijven. 3.2 Ruimtelijke structuur en opbouw De opzet van het stedenbouwkundig plan voor het woongebied Mortiere is gebaseerd op een compositie van "zichtlijnen", "decors" en "coulissen". De grotere openbare ruimtes in het woongebied (het park, de plantsoenen en pleinen) worden ontworpen als formele ruimtes, zogenoemde "stedelijke kamers". Dit zijn omsloten ruimten met een zekere wandvorming (decors) en een interieur. De routes en zichtlijnen zijn voorzien van oriëntatiepunten door opvallende plaatsing en vormgeving van bebouwing.
Aan het eind van een langgerekte stedelijke ruimte - een straat, een plein, een park of plantsoen - is het beeld verzorgd. Dit wordt gedaan door een evenwichtige, vaak symmetrische, opstelling van een woning of dubbele woning, en soms door een accent in het bouwvolume. Aan het eind van een zichtlijn is er altijd een blikvanger. Dit wordt gevormd door hogere bebouwing of een hoger deel van de bebouwing, of opvallende bebouwing in een afwijkende vorm. In de uitwerking Mortiere fase 9D, waarvan het plangebied direct naast de Huiskavel ligt, zijn enkele accenten opgenomen. Deze liggen op de hoek van de Poproute en op het eind van de woonstraten, dus als beëindiging van zichtlijnen. 3.3 Ruimtelijke kenmerken deelgebied Het deelgebied is uitgewerkt binnen de ruimtelijke kaders van het stedenbouwkundig plan van Mortiere. De stedenbouwkundige opzet sluit aan op de opzet van dit deel van de wijk, met voornamelijk rijwoningen, aangevuld met tweekappers en levensloopbestendige woningen. Dit is verbeeld in onderstaande afbeelding.
fêhetsverkaveling
Medel 1 2019 (43 woningen)
ADVISEURS VOOR LEEFRUIMTE
iêndraehtsweg 1
4 juli 2019
PthklHlftipgitftt • mét 32 WlcnkëlpöpHl ddtottlütB Wbti(eatpcWt) ihyWl - 4ItifetHitödehti wdhlig.fl^éh *tik<il#ureoprit
éigen telrttrt BpéttbMt
- 4 dUMf wonlhgeh enkelttOptlIrnctgUragv
tdtAAL
Hoofdstuk 4 Projectbeschrijving De wijk Mortiere is functioneel behoorlijk homogeen. De meest voorkomende functie is wonen. Ook op de Huiskavel worden alleen woningen mogelijk gemaakt. Ten behoeve van de inrichting dienen de bestemmingen groen, tuin, verkeer en wonen te worden opgenomen. 4.1 Programma In dit plan worden 40 grondgebonden woningen mogelijk gemaakt. Deze zijn in de verkavelingsschets opgenomen. In de verkaveling zijn rijwoningen (36 woningen, waarvan 4 middelduur) en tweekappers (4 woningen) opgenomen, alsmede een parkeerterrein. Met dit programma wordt aangesloten op het programma in dit deel van de wijk met voornamelijk rijwoningen. De woningen zijn 2 lagen met kap, hier en daar voorzien van een accent. In het gebied worden geen gestapelde woonvormen toegestaan. In de verbeelding zijn bouwstroken aangegeven, in plaats van de specifieke woningen. Door deze systematiek kan er afhankelijk van de marktomstandigheden bij de uitvoering van het plan nog geschoven worden met woningen of voor een ander woningtype worden gekozen (met behoud van voldoende parkeerplaatsen voor het geplande woningbouwprogramma). 4.2 Structuur De Huiskavel ligt aan de rand van de wijk Mortiere aan de Eendrachtsweg en de Johnny Cashstraat, nabij de Poproute. De Poproute vormt samen met de Jazzroute en de 10
Bluesroute de hoofdontsluiting van Mortiere. De route kenmerkt zich door afwisselende woningbouw met diepe voortuinen en verspringende rooilijnen. Het profiel van de hoofdontsluiting is ruim van opzet met ruimte voor groen met bomen. De wegen op de Huiskavel sluiten aan op de Eendrachtsweg. Intern in de buurt vormt een kruis van wegen de structuur, met centraal een plantsoen. Vanaf de Poproute loopt er een weg naar de Eendrachtsweg, haaks daarop ontsluiten twee korte woonstraten. De Eendrachtsweg vormt de rand van de buurt langs het ROC en sluit aan op de Eendrachtsweg die doorloopt tot fase 7 en met een langzaam verkeersbrug naar fase 8 en naar het centrale park in de wijk. Ook de korte woonstraat langs het plantsoen sluit aan op een weg richting fase 7. De woningen oriënteren zich op de straten en het plantsoen. De woningen op hoeken hebben een tweezijdige oriëntatie. 4.3 Inrichting openbare ruimte De openbare ruimte in deze fase is ingericht volgens de standaardprofielen, waarmee in Mortiere wordt gewerkt. De Poproute heeft een bijzonder profiel, voorzien van extra groen, in verband met de bijzondere betekenis van deze weg in het totale stedenbouwkundig plan. De overige wegen zijn vormgegeven als woonstraat. 4.3.1 Verkeer De Huiskavel ligt aan de Eendrachtsweg en aan de Johnny Cashstraat, nabij de Poproute. De woningen op de Huiskavel worden ontsloten door de Eendrachtsweg.
De Poproute vormt samen met de Jazzroute en de Bluesroute en de buurtontsluitingsweg. Vanaf deze weg zijn er 4 inritten voor de ontsluiting van de woonbuurt. De eerste vlak na de rotonde in de eerste bocht en twee vanaf het rechte deel van de Poproute. Voor het fietsverkeer wordt er een extra ontsluiting vanuit de buurt richting de Torenweg gerealiseerd in het verlengde van de Eendrachtsweg. Op deze manier ontstaat er een directe verbinding vanaf de Torenweg met de rest van de wijk. 4.3.2 Parkeren Voor de verkavelingsschets van de Huiskavel is een parkeeropgave opgesteld. Het uitgangspunt hierbij is dat Middelburg een matig stedelijk gebied is en dat Mortiere tot de rest van de bebouwde kom behoort. Parkeeropgave
-
32 middeldure woningen met enkele oprit (carport) 4 middeldure woningen met enkele oprit 4 dure woningen met enkele oprit en garage
Totaal
eigen terrein
openbaar
32
27
2
5
4
5
38
37
11
Hoofdstuk 5 Sectorale aspecten 5.1 Toetsing aan mer-wetgeving Per 7 juli 2017 is het Besluit m.e.r. gewijzigd. Hierin is een nieuwe procedure voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling opgenomen. Een m.e.r.-procedure is noodzakelijk als een besluit wordt genomen over een activiteit waarbij belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden. In onderdeel C en D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten in het kader van het plan planmer-plichtig, projectmer-plichtig of mer-beoordelingsplichtig zijn. Voor deze activiteiten zijn in het Besluit m.e.r. drempelwaarden opgenomen. Daarnaast dient het bevoegd gezag bij de betreffende activiteiten die niet aan de bijbehorende drempelwaarden voldoen, na te gaan of sprake kan zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu, gelet op de omstandigheden als bedoeld in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling. Deze omstandigheden betreffen: « o o
de kenmerken van de projecten; de plaats van de projecten; de kenmerken van de potentiële effecten.
De artikelen 7.16 tot en met 7.20a van de Wet milieubeheer zijn in de nieuwe wetgeving voor alle in het Besluit m.e.r. genoemde activiteiten van de D-lijst van toepassing. Het maakt daarvoor niet uit of het een activiteit onder of boven de D-drempel betreft. Voorafgaand aan de vergunningaanvraag of de ruimtelijke procedure dient een aparte beslissing te worden genomen dat geen MER nodig is. Voor de initiatiefnemer geldt dat hij moet melden dat er sprake is van een vormvrije m.e.r.-beoordeling en dat hij hiervoor informatie moet aanleveren. Het bevoegd gezag moet vervolgens een formeel besluit nemen dat de initiatiefnemer bij zijn vergunningaanvraag moet voegen.
Onderzoek en conclusies In het Besluit milieueffectrapportage is opgenomen dat de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject mer-beoordelingsplichtig is in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op een oppervlakte van 100 hectare of meer of een aaneengesloten gebied van 2000 of meer woningen omvat (Besluit milieueffectrapportage, Bijlage onderdeel D11.2). De beoogde ontwikkeling bestaat uit de ontwikkeling van 40 woningen. De beoogde ontwikkeling blijft daarmee ruim onder de drempelwaarde. Opgemerkt dient te worden dat voor activiteiten die niet aan de bijbehorende drempelwaarden voldoen, toch dient te worden nagegaan of er sprake kan zijn van belangrijke gevolgen voor het milieu. Gelet op de kenmerken van het plan zoals het kleinschalige karakter in vergelijking met de drempelwaarden uit het Besluit m.e.r., de plaats van het plan en de kenmerken van de potentiële effecten zullen geen belangrijke negatieve milieugevolgen optreden. Dit blijkt ook uit de onderzoeken van de verschillende milieuaspecten zoals deze in de volgende paragrafen zijn opgenomen. Voor dit uitwerkingsplan is dan ook geen mer-procedure of mer-beoordelingsprocedure noodzakelijk conform het Besluit m.e.r.. De gemeente moet nog wel een m.e.r.- beoordelingsbesluit nemen dat deze procedure niet nodig is.
12