CConstaterende datMeppel
Koppel je AI →
Document · PDF

Structuurvisie 'Omgevingsprogramma Noord IV & bijlagen'

1 - RAADSVERGADERING 28 september 2023, gemeente MeppelBij agendapunt: Omgevingsprogramma en planMER Meppel - Noord IV27.226 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

STRUCTUURVISIE

OMGEVINGSPROGRAMMA

NOORD IV

29 augustus 2023 1

Omgevingsprogramma

Schema opbouw omgevingsprogramma + participatie

1. Aanleiding/ambities 2. Kwaliteiten

1 november

Participatie

7 en 14 november

Participatie

3. Opgaven

13 december

4. Scenario’s keuze

Omgevingsprogramma

5. Streefbeeld(en)

Participatie 3 juli

Participatie 27 maart en 22 mei

6. PlanMER 7. Uitvoering

2

Participatie In gesprek blijven met het gebied

Participatie

5.3

6.

4 4

1.11.1 Aanleiding 5 5 Aanleiding 1.21.2 Samenhang beleid 5 5 Samenhang beleid 1.31.3 Gebiedsproces 7 7 Gebiedsproces alsals structuurvisie 7 7 1.41.4 Omgevingsprogramma Omgevingsprogramma structuurvisie van het omgevingsprogramma 7 1.51.5 Opbouw Opbouw van het omgevingsprogramma 7

2. 2. Kwaliteiten Kwaliteiten

8 8

2.12.1 Beleid 9 9 Beleid 2.22.2 Grotere systemen 9 9 Grotere systemen 2.32.3 Landschapskarakteris�ek (context) Landschapskarakteris�ek (context) 12 12 2.42.4 Typering landschap en kansen 13 13 Typering landschap en kansen 14 14 2.52.5 Par�cipa�e Par�cipa�e Conclusie kwaliteiten Noord IV 2.62.6 Conclusie kwaliteiten Noord IV 18 18 20 20 2.72.7 Werking raamwerk Werking raamwerk

3. 3. Opgaven Opgaven 3.13.1 Grote opgaven Grote opgaven 3.23.2 Overige opgaven Overige opgaven 3.33.3 Opgaven uit de de par�cipa�e Opgaven uit par�cipa�e

4. 4. Scenario’s Scenario’s 4.14.1 Par�cipa�e Par�cipa�e 4.24.2 Scenario 1: Beekdallandschap Scenario 1: Beekdallandschap 4.34.3 Scenario 2: Werklandschap Scenario 2: Werklandschap 4.44.4 Scenario 3: Recrea�elandschap Scenario 3: Recrea�elandschap 4.54.5 Scenario 4: Energielandschap Scenario 4: Energielandschap

5. 5. Stree�eeld Stree�eeld

2222

41

Onderzoeken

46

6.1 6.2

47 47

INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE 1. 1. Inleiding Inleiding

Par�cipa�e

6.3

MER-plicht PlanMER 6.2.1 Vergelijking doelbereik doelstellingen voor omgevingsprogramma 6.2.2 Vergelijking milieueffecten Advies uit het planMER 6.3.1 6.3.1 Algemeen Algemeen 6.3.2 themapark 6.3.2 Stree�eeld Stree�eeld themapark 6.3.3 Stree�eeld werkloca�e 6.3.3 Stree�eeld werkloca�e 6.3.4 Wind 6.3.4 Wind

7. 7. Uitvoering Uitvoering 7.17.1 HetHet kiezen vanvan eeneen stree�eeld kiezen stree�eeld 7.27.2 Rolkeuze Rolkeuze 7.37.3 Vastleggen vanvan afspraken Vastleggen afspraken 7.47.4 Kaderstelling kwalita�ef Kaderstelling kwalita�ef 7.57.5 Begrenzing WVG Begrenzing WVG 7.67.6 TotTot slotslot

45 47 51 51 51 52 52 52 52 53 53

5454 55 55 56 56 57 57 61 61 63 63 63 63

Bijlagenboek Bijlagenboek

23 23 23 23 27 27

2828 29 29 30 30 32 32 34 34 36 36

3838

5.15.1 Noord IV 2035 - Themapark (voorkeur) 42 42 Noord IV 2035 - Themapark (voorkeur) 5.25.2 Noord IV 2035 werkloca�e Noord IV 2035 - werkloca�e 44 44 (terugvalop�e) (terugvalop�e) 5.35.3 Par�cipa�e 41 41 Par�cipa�e

6. 6. Onderzoeken Onderzoeken

4646

6.16.1 MER-plicht 47 47 MER-plicht 6.26.2 PlanMER 47 47 PlanMER 6.2.1 doelbereik 6.2.1 Vergelijking Vergelijking doelbereik doelstellingen voor doelstellingen voor omgevingsprogramma 45 45 omgevingsprogramma 6.2.2 milieueffecten 6.2.2 Vergelijking Vergelijking milieueffecten 47 47 6.36.3 Advies uituit hethet planMER Advies planMER

51 51

3

1. INLEIDING

4

1. INLEIDING 1.1

Aanleiding

Aan de noordoostzijde van Meppel ligt het gebied Noord IV dat kansrijk is voor het invullen van meerdere urgente opgaven binnen de gemeente. De ligging van het gebied is guns�g: direct grenzend aan de rand van Meppel (naast het bedrijventerrein Noord III dat in ontwikkeling is), aan de de A32 en dichtbij de op- en afrit van deze snelweg. Al langere �jd wordt Noord IV gezien als poten�ële loca�e voor bedrijventerreinontwikkeling en het realiseren van windturbines. Hiervoor is door de gemeenteraad op 1 oktober 2020 voorkeursrecht op grond van de Wet Voorkeursrecht Gemeenten (WVG) op dit gebied geves�gd. Ook voor andere ambi�es zoals (ruimte voor) water, bos, natuur, wonen, kleinschalige recrea�e en kringlooplandbouw) zou dit gebied in de toekomst een gewenste plek kunnen zijn. Naast overheidsambi�es hebben de bewoners en gebruikers uit dit gebied een direct belang en ook zij hebben mogelijk ambi�es. Dit is door middel van een gebiedsproces geïnventariseerd. Lopende het proces van het maken van het omgevingsprogramma is een nieuwe ambi�e naar voren gekomen: het realiseren van een themapark. Het is al enige �jde de ambi�e van de Provincie Drenthe om een grote recrea�eve trekker naar Drenthe te halen.

Hiervoor hee� zich een ini�a�efnemer gemeld en is - na een bredere loca�eafweging binnen de provincie (zie bijlage 2 en 3: locatie onderzoek en MKBA+) - duidelijk geworden dat Meppel en meer specifiek Noord IV hiervoor een goede loca�e is. Dit hee� het fundament voor het opstellen van dit omgevingsprogramma in de afgelopen maanden wezenlijk veranderd. Het college van Burgemeester en Wethouders hee� zich inmiddels posi�ef over het ini�a�ef van een themapark uitgesproken. Dit omgevingsprogramma neemt daarom de komst van een themapark naar Noord IV als uitgangspunt. Omdat het feitelijk realiseren van een themapark een lang en uitgebreid proces is en er nog veel onzekerheden zijn, kunnen we hier echter niet met volle zekerheid vanuit gaan. Daarom houden we rekening met een ‘plan B’: de komst van een bedrijventerrein en windturbines.

Naast de komst van een themapark of een bedrijventerrein is er mogelijk nog ruimte voor andere ambi�es. Over de manier waarop dit tot een samenhangend geheel leidt en hoe op een zorgvuldige manier wordt omgegaan met de bestaande situa�e, moet dit omgevingsprogramma duidelijkheid bieden. Er is een aantal producten nodig om uiteindelijk tot een passende planologische regeling voor ontwikkelingen te komen. Ter voorbereiding daarvan wordt in dit programma een goede afweging gemaakt op basis van verdiepende onderzoeken (o.a. PlanMER) en gesprekken met belanghebbenden en specialisten die hebben plaatsgevonden. Dit voorwerk is samengebracht in dit integrale uitvoeringsgerichte programma waarin de eerste kwalita�eve keuzes zijn gemaakt voor de toekomst van Noord IV. Hierin zijn ook ambi�es van waterschap, provincie en belangen en wensen uit het gebied meegenomen.

1.2

Samenhang beleid

Op meerdere thema’s hee� de gemeente Meppel beleid met ambi�es en beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving. Hieruit is het gebied Noord IV al in beeld gekomen voor onder andere het realiseren van bedrijventerrein (op basis van behoe�eraming) en windturbines (Regionale Energie Strategie). De gemeente maakt op dit moment ook beleid voor het hele grondgebied voor de lange termijn: de Omgevingsvisie. Hierin zal op hoofdlijnen worden aangeven hoe de gemeente haar beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving zal realiseren. De Omgevingsvisie gaat over het hele grondgebied van de gemeente en heeft een abstracter karakter. Hierdoor zijn in de visie (die nog in voorbereiding is) de beleidsdoelen voor het plangebied Noord IV onvoldoende concreet om direct te kunnen vertalen in beleidsregels. Daarom is een gebiedsgericht omgevingsprogramma zoals bedoeld in de Omgevingswet (dit is vergelijkbaar met het instrument structuurvisie zoals bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening (Wro)) noodzakelijk. Het Omgevingsprogramma beschrij� de visie op de toekomst van dit specifieke gebied, de stappen naar uitvoering en bevat de kaders voor de ontwikkeling met beoogde func�es, loca�es en duidelijke uitgangspunten voor de uitvoering. 5

Aftrap gebiedsproces op 1 november 2022 in de kapschuur aan de Rijksomweg

6

Voor concrete ontwikkelingen in Noord IV kunnen na vaststelling van het Omgevingsprogramma en nader onderzoek wijzigingen van het Omgevingsplan worden vastgesteld en/of omgevingsvergunningen worden verleend.

1.3

Gebiedsproces

In dit grote gebied spelen ook veel belangen: bewoners, grondeigenaren, gebruikers en andere belanghebbenden. Het uitwerken van ambi�es in concrete opgaven hee� zover dat kon samen met het gebied plaats gehad in een uitgebreid gebiedsproces. Het gesprek met belanghebbenden was de rode draad in de voorbereiding van dit programma. De inhoudelijke stappen die zijn gezet zijn telkens in par�cipa�ebijeenkomsten besproken. De inbreng die �jdens de bijeenkomsten is geleverd, bestaat vooral uit: - benoemen van de gebiedswaarden - bespreken van de verschillende thema’s en ambi�es die in dit gebied een plek kunnen krijgen - de scenario’s die denkbaar zijn en de reac�e daarop - het bepalen van de onderzoeksopgave voor milieueffecten (NRD) - bespreken van de effectbeoordeling van de scenario’s - het waarderen van passende func�es voor dit gebied. De resultaten van de par�cipa�e hebben we verwerkt in de verschillende hoofdstukken van dit programma. Zo krijgt de par�cipa�e per onderdeel een duidelijke plek.

1.4

1.5

Opbouw van het omgevingsprogramma

Dit omgevingsprogramma is opgesteld om de mogelijke ontwikkelingen in Noord IV te beschrijven en de kaders te beschrijven voor func�es en ruimtelijke ontwikkeling in de toekomst. Het is van groot belang dat zuinig met de bestaande situa�e wordt omgegaan. De kwaliteiten van het gebied zijn daarom uitgangspunt en worden beschreven in hoofdstuk 2. Daarnaast is er een aantal ambi�es of opgaven voor het gebied, zowel vanuit overheden, ketenpartners, marktpar�jen en lokale ini�a�efnemers. Deze opgaven en ambi�es zijn in hoofdstuk 3 beschreven. Dit zijn de ontwikkelingen waarvan moet worden bepaald in hoeverre func�es deze een plek kunnen krijgen. Voor het verkennen van mogelijke combina�es zijn ruimtelijke scenario’s ontwikkeld en beschreven (hoofdstuk 4). Inmiddels is daar een keuze in gemaakt voor de toekomst van het gebied.Deze keuze wordt beschreven in het stree�eeld (hoofdstuk 5). Belangrijk voor de toekoms�ge uitwerking is het planMER waarin de scenario’s ook zijn onderzocht op milieueffecten en het doelbereik is getoetst. De voorgestane ontwikkelingen uit het stree�eeld blijken op hoofdlijnen te kunnen. De conclusies uit het PlanMER onderzoek staan beschreven in hoofdstuk 6. Hieruit is ook een vervolgonderzoek geformuleerd voor de volgende fase in het proces. Het laatste hoofdstuk 7 beschrij� de volgende stappen rich�ng uitvoering en de aanknopingspunten daarvoor.

Omgevingsprogramma als structuurvisie

Op het moment dat dit omgevingsprogramma aan de gemeenteraad wordt aangeboden voor besluitvorming is de Omgevingswet nog niet ingegaan (inwerkingtreding 1 januari 2024). Het omgevingsprogramma wordt bij bestuurlijke behandeling als structuurvisie vastgesteld. Zo wordt het voorkeursrecht voor drie jaar verlengd voor het deel van het plangebied waar functiewijziging mogelijk wordt geacht. Binnen drie jaar dient een wijziging van het omgevingsplan te worden vastgesteld.

7

Openheid landschap

Cutuurhistorie

Natuur

Kwaliteit van boeren

2. KWALITEITEN Dorps wonen

8

Relatie met de snelweg

Waarden en kwaliteiten

2. KWALITEITEN

2.1

In de eerste stap van planvorming voor het gebied is het verstandig om de kwaliteiten van het gebied voor het omgevingsprogramma scherp in beeld te krijgen. Belangrijk middel daarbij is een kaart met waarden en kwaliteiten (zie pagina 15). Deze kwaliteiten vormen een raamwerk met uitgangspunten voor de mogelijke ontwikkelingen in het gebied. Dit raamwerk is enigszins flexibel en moet ruimte bieden om verschillende programma-onderdelen een plek te geven (energie, (agrarische) bedrijven, biodiversiteit, wonen, waterberging, recrea�e). Bij de ontwikkeling van deze onderdelen kan het raamwerk worden aangepast of versterkt. Daarnaast is het goed om te definiëren wat de bandbreedte van verschillende opgaven (zie hoofdstuk 3) binnen dit raamwerk is.

• bestemmingsplan buitengebied Meppel • omgevingsvisie provincie Drenthe Ook kaderstellend voor het landschappelijk raamwerk zijn: • kaderno��e ‘zo doen we groen’ • RAS (Regionale Adapta�e Strategie) • LAS (Lokale Adapta�e Strategie), nog in ontwikkeling • BKD (Basis Kwaliteit Natuur Drenthe) • ‘Visie op de fysieke leefomgeving’ • ‘Snelwegpanorama A28’ is ook relevant voor Noord IV (A32) en het zicht op het gebied • Cultuurhistorische waardenbeschrijving

Zowel de bestaande kwaliteiten als de mogelijke ontwikkelingen staan dus centraal. Dit biedt helderheid in wat nodig is in het omgevingsprogramma en helpt om goed de onderzoeksopgave te kunnen bepalen (waaronder milieu-effecten). Analyse Om dit raamwerk met kwaliteiten samen te stellen, is een analyse uitgevoerd, zowel ruimtelijk, beleidsma�g als in par�cipa�e. Om een transforma�e te kunnen doormaken is het ook belangrijk om te bepalen wat (bij voorkeur) niet verandert. Waar liggen kenmerkende bomenstructuren, een oude boerderij, een belangrijk watergang of ontslui�ngsweg? Dit is vanuit een beleidsinforma�e gedefinieerd en in een gezamenlijke ambtelijke sessie besproken. Hieronder wordt het relevante beleid en de uitgangspunten voor het raamwerk beschreven. Belangrijkste resultaat is de kaart (pagina 16) van het raamwerk (vaste waarden) als een mal voor ontwikkelingen in het gebied (de contramal). Dit kaartbeeld hee� ook als een praatstuk in het gebiedsproces gefungeerd, waarbij verdere waardering en aanvulling vanuit de betrokkenen is gedaan.

Beleid

De kenmerken en kwaliteiten liggen op een aantal plekken al vast:

2.2

Grotere systemen

Identiteit Provincie Drenthe De iden�teit van Drenthe wordt gevormd door een verdicht Drents plateau met een zeer open beekdal- en (ontgonnen) veengebieden aan de rand. Die open gebieden vormen de grootste ruimten in de provinciale ruimteopbouw. Noord IV is zo’n ruimte. Natuur & watersysteem De aanwezige natuurwaarde is een belangrijke kwaliteit van het landelijk gebied en maakt dat gebied ook aantrekkelijk voor de recreant. We willen bestaande natuurwaarden beschermen en randvoorwaarden scheppen voor herstel en ontwikkeling. Daarbij hoort ook de juiste waterhuishouding. Het Waterschap Drents Overijsselse Delta ziet hier een grote opgave waarbij het gaat om een waterveilige gemeente met gezonde en veerkrach�ge watersystemen. De stad ligt op de overgang van twee landschapstypen. Dat maakt het buitengebied van Meppel veelzijdig. Het buitengebied ten noorden van Meppel bestaat uit het beekdal van de Oude Vaart en slagenlandschap rondom het lint van Haakswold. De Oude Vaart ligt als rechtgetrokken beek tussen de kades. Van een beekdallandschap is geen sprake meer: het is een ra�oneel verkaveld agrarisch gebied. Er zijn slechts nog enkele cultuurhistorische relicten aanwezig, zoals oude erven, die als begroeide eilandjes in de grote open 9

Grotere context

Groei van Meppel

Grotere context: Meppel als vingerstad, Noord IV als de noordelijke ‘lob‘ van de stad Meppel

Grotere context, Natuur Meppel

Grotere context: Watersysteem

Grotere context: Archeologische landschappen

10

ruimte liggen. Hoofdfunc�e hier is landbouw, waarbij de verkaveling bijna op�maal te noemen is. De openheid in dit gebied is waardevol en belangrijk om in stand te houden. Haakswold vormt een enigszins verdicht lint in het slagenlandschap rich�ng Ruinerwold. Het lint en de verkavelingsrich�ng maken het landschapstype nog enigszins herkenbaar, ondanks de ligging nabij grote infrastructuur. Deze kenmerken moeten worden behouden. De stad Meppel is verweven met haar buitengebied. De ontstaanswijze van het cultuurlandschap en onze stad is hier afleesbaar, het vertelt over ons verleden. Het landschap fungeert als aantrekkelijk gebied voor onze bewoners en bezoekers, nodigt uit tot bewegen en ontdekken en is een visitekaartje voor de stad. Het buitengebied hee� ook een belangrijke rol in het reguleren van water en als kerngebied en verbinding voor natuur. Tot slot is ons buitengebied een aantrekkelijke plek om te wonen en werken. Groei van Meppel Meppel is ontstaan vanuit het historisch centrum en langzaam gegroeid langs radialen/linten. Daarna is de compacte stad ontstaan met een schil en vervolgens de lobben van uitbreidingen zoals het woongebied Oosterboer aan de oostzijde en Noord (I, II en III) aan de noordzijde. Noord IV maakt deel uit van de noordelijke lob waarbij de sprong over de A32 wordt gemaakt.

Met de verdere groei van Meppel zien we een zich uitbreidende en (in de �jd) transformerende stad met een stedelijke (bedrijven)vleugel en met een samenhangende stedelijke infrastructuur (misschien zelfs ooit met een extra voorstadsta�on…). De ‘vleugel’ wordt begrensd als nieuwe stadsrand, in contrast met het grote open beekdal. Een themapark zal daarbij sociaal economische en func�onele de verbinding aan moeten gaan met Meppel. Denk aan lokale werkgelegenheid, cultuur en evenementen, onderwijs en educa�e, recrea�e. Landbouwsysteem De landbouw vormt de ruggengraat van het buitengebied als eigenaar en beheerder van de graslanden, akkers en landschapselementen. De landbouw hee� ruimte om zich te kunnen ontwikkelen en aan te passen aan

gewijzigde omstandigheden, rekening houdend met de natuur- en landschapswaarden. Het aantal landbouwbedrijven neemt echter af, waardoor steeds vaker agrarische bebouwing vrijkomt. Uitgangspunten voor nieuwe func�es zijn de instandhouding van cultuurhistorische waarden van de bebouwing, concentra�e van bebouwing en primair de func�es agrarische bedrijvigheid, wonen, wonen met een zorgcomponent of bedrijvigheid aan huis. Verbreding functies buitengebied Het huidige toeris�sch-recrea�eve aanbod in het buitengebied is rela�ef beperkt. We faciliteren met name een kwaliteitsverbetering van het bestaande aanbod. Het landschap is het decor voor recreanten en laat de ontstaanswijze van het gebied zien. Gestreefd wordt naar behoud van de samenhang en afleesbaarheid van het landschap en het benuten van de recrea�eve, economische en ecologische poten�e. Maar de zorg voor landschap kan door overheden niet meer alleen worden uitgevoerd. Bewoners en agrariërs zullen een grotere rol spelen bij de instandhouding van hun eigen landschap. (Zie Agenda plateland gemeenten Zuidwest Drenthe) . De hoofd-ontsluitingsstructuur en bereikbaarheid Noord I en II worden vanaf de zuidzijde ontsloten via de N375 en de Eekhorstweg. Noord III wordt in de toekomst ontsloten vanaf de Noordzijde via de op/afrit van de A32.

Noord IV wordt in de toekomst ontsloten vanaf de N371 en/of via Rijksomweg vanuit de zuidelijke rich�ng. Dit betekent dat in de toekomst Noord III en Noord IV vrij direct met elkaar verbonden kunnen zijn. Een directe koppeling met Noord I en II is in de toekomst las�ger door de doorsnijding met spoorlijn en waterwegen. Het fietsnetwerk ligt er eigenlijk al. Via het Jaagpad zijn Noord I, II, III n IV en het landschap daarachter direct verbonden met de binnenstad van Meppel aandachtspunt zijn veiligheid en mogelijke nieuwe/aanvullende verbindingen. Wanneer we Noord IV zien als onderdeel van de uitbreidende en transformerende stad is de fysieke verbinding met Meppel belangrijk om de gewenste economische en sociale binding te versterken. De route zal daarom 'aantrekkelijk' moeten zijn. Denk daarbij aan groene linten en directe lijnen. Het is ook te verwachten dat de ontwikkeling binnen Noord IV en de routes erheen uiteindelijk zorgen voor transforma�e van de lob van Noord I-IV. 11

2.3

Landschapskarakteris�ek (context)

De stad Meppel ligt op het punt waar drie beken vanaf het Drents Plateau samenkomen en als het Meppelerdiep uiteindelijk bij Zwartsluis uitmonden in het Zwarte Water. Deze beekdalen vormen de grenzen tussen de verschillende landschapstypen in het plangebied of vormen een landschapstype op zich. Structuur en landschapsbeeld van de verschillende landschapstypen worden hieronder beschreven. De gemeente Meppel kent in het buitengebied 3 landschapstypen: 1. wegdorpenlandschap van de laagveenontginningen; 2. esdorpenlandschap; 3. hoevenlandschap. Per type wordt hieronder kort de ontstaansgeschiedenis beschreven. Wegdorpenlandschap en laagveenontginningen Toen de zandgebieden in de 12e en 13e eeuw dichtbevolkt raakten, ging men de moerassige veengronden in de brede beekdalen van zuidwest Drenthe ontginnen. Ooit stroomde door het gebied Nijeveen/Kolderveen twee beken. Van deze beken is weinig terug te vinden. De oorspronkelijke ontginning vond plaats langs deze beeklopen in de vorm van brede zones. Haaks hierop werd het gebied ontgonnen in lange smalle evenwijdige stroken; een opstrekkende verkaveling. Voor de afvoer van turf werden gri�en gegraven, deze dienen nu als waterlossing. Op enige afstand evenwijdig aan de beek werden boerderijen gebouwd op een dekzandwelving. Zo ontstond het lint Nijeveen-Kolderveen. Later werd evenwijdig aan dit lint een tweede lint bebouwd: de Bovenboer.

Dit wegdorpenlandschap wordt ook slagenlandschap genoemd. Het laagveenontginninglandschap rond Nijeveen/Kolderveen wordt aangemerkt als redelijk gaaf. De bewoningslinten Nijeveen, Kolderveen en de Bovenboeren worden aangemerkt als cultuurhistorisch waardevolle nederze�ngen en cultuurhistorisch waardevol wegdorp. Kernkwaliteiten: • afwisseling in open en besloten delen • voornamelijk in gebruik als bouw- en grasland • opstrekkende verkaveling • bebouwing als lintbebouwing aan weerszijden van de weg 12

Esdorpenlandschap Tot aan de middeleeuwen waren de bewoners in het gebied niet gebonden aan één plek. Bouwlanden met boerderijen werden regelma�g verplaatst. Pas sinds de vroege middeleeuwen ves�gden de mensen zich op één plek. Men ging op de flanken van beekdalen wonen. De bouwlanden (essen) werden aangelegd op doorgaans goed ontwaterde hoge gronden. De lager gelegen hooiof weilanden in de beekdalen werden gebruikt voor het weiden van koeien. Het ontstaan van dit cultuurlandschap leidde ertoe dat er druk kwam te staan op het landbouwareaal. Om gronden veilig te stellen, werden er markegenootschappen opgericht. De boeren uit deze genootschappen stelden grenzen vast, zodat gebieden ontstonden waaraan bepaalde rechten en plichten werden verbonden. Deze gebieden werden marken genoemd waarbij de es, de weide en hooilanden en het veld en het bos tot de marke behoorde. Het beekdallandschap van de Oude Vaart, wordt aangemerkt met een lage mate van gaa�eid. Kernkwaliteiten: • openheid • verdich�ng door houtwallen evenwijdig aan en dwars op de beekdalranden • voornamelijk in gebruik als grasland • opstrekkende verkaveling • reliëf • nauwelijks bebouwing Hoevenlandschap Pas in de loop van de middeleeuwen zijn delen van dit gebied ontgonnen. Individuele boeren en ook monniken van het klooster van Dickinge maakten stukken grond tot akker en hooiland.

In dit uitgestrekte moerasgebied werden boerderijen vooral gebouwd op de drogere zandkoppen, ook wel horsten of hoeven genaamd. Door de verspreide ligging van de boerderijen ontstonden in dit landschap eenmansessen of bouwlandkampen die als bouwland gebruikt werden. Het hoevenlandschap aan de oostzijde van Meppel kan voor de provincie Drenthe als uniek worden aangemerkt. Het landschap hee� veel overeenkomsten met het Drentse esdorpenlandschap. Het hoevenlandschap of esgehuchtenlandschap is echter veel kleinschaliger. De van oudsher karakteris�eke kenmerken zijn nog goed zichtbaar in de verspreid liggende boerderijen, de eenmansessen, het kleinschalige reliëf, de grillige kavelstructuur en de vele kleine bosjes en landschapselementen. De laagste delen van dit gebied zijn het Reestdal en de Reest zelf. De Reest is een

typische laaglandbeek met een gering verhang en een sterk meanderende loop. De oorspronkelijke loop is niet of nauwelijks door menselijk toedoen beïnvloed. De hoogste gaa�eidgraad is toegekend aan het hoevenlandschap aan de oostzijde van Meppel. Het kleinschalige landschap met de van oorsprong grillige kavelstructuur kent een afwisseling in landschapselementen: bosjes, singels en solitaire bomen. In het gebied is nog een aantal historische (zand)wegen aanwezig: Hessenweg, Rogat Blijdestein, Oosterboerweg met een monumentale beukenbeplan�ng. In het gebied komt verspreid liggende bebouwing voor, waaronder monumentale boerderijen en landhuizen. Een opvallend landhuis is de Havixhorst. In het hoevenlandschap ontbreekt een duidelijke rich�ng en is het landschapsbeeld veel meer besloten en kleinschalig. Vooral in het kleinschalige hoevenlandschap en in het Reestdal komen klinkerpaden voor en oude zandwegen met cultuurhistorische waarde.

2.4

Typering landschap en kansen

Het plangebied ligt in een beekdal en hee� geen duidelijke kenmerken van een van de beschreven landschapstypen. Dit komt mede om dat Noord IV een van de laatste ontgonnen plekken binnen de gemeentegrenzen is. Lange �jd lag hier een nat moerasach�g gebied. Het beekdal is in de vorm van de waterlijnen aanwezig, maar in het gesprek over het ruimtelijk raamwerk wordt het landschap meer als beekvlakte gekenschetst. Ruimtelijke kenmerken vanuit de analyse die voor het gebied belangrijk zijn:

 openheid en dito afwezigheid van bosjes, houtwallen, et cetera  rechtgetrokken Oude Vaart  rich�ng en schaal van de kavels  ensemble Drentse Hoofdvaart  rivierduintjes, Leisloot, Nijentap, Zandpad  boerderijplaatsen De kenmerken van het landschap bieden kansen voor een aantal nieuwe / andere func�es. Dit zijn koppelkansen:  recrea�e, mogelijke regionale trekker  bosontwikkeling (alhoewel dit op gespannen voet staat met de openheid)  invulling van wateropgaven  verduurzaming landbouw en boeken van s�kstofreduc�e  aantrekkelijke en veilige fietsroutes tussen stad en land  de Oude Vaart meer laten meanderen en die ruimte is er in principe ook (dit vraagt nog wel wat van de bedijkingen en hoogteverschillen).  ontwikkeling van natuurwaarden en biodiversiteit  wonen (zolang dat kleinschalig en beperkt in aantallen blij�)  Duurzame energievoorziening Randvoorwaarden voor ontwikkeling / func�onaliteit:  Het agrarische gebruik is in dit gebied goed mogelijk. Veel veranderingen zullen op gespannen voet hiermee staan  ontwikkelingen in het plangebied vragen om een eigen of een opgewaardeerde ontslui�ng  vooral geen kansen laten liggen!

Historische kaartenreeks Meppel Noord IV 1885-1924-1955-1981 (bron: Topotijdreis)

13

2.5

Par�cipa�e

Ruimtelijke kenmerken (hoe worden deze gewaardeerd) • Aan welke waarden / kwaliteiten houden we aan vast? • Wat weten jullie/kennen jullie van het gebied? Functionaliteit • Hoe func�oneert het gebied, hoe gebruiken mensen het gebied? • Fiets, auto, agrarisch verkeer: is dit wisselend gebruik voor de bewoners/gebruikers goed geregeld of zijn er knelpunten? Hoe zien jullie de toekomst? (wens) • Zijn er ini�a�even / ini�a�efnemers in het gebied zelf? (ini�a�ef)

Het bespreken van toekoms�ge ontwikkeling van Noord IV met belanghebbende is een con�nue proces. Het is ook lonend omdat het de betrokkenheid van belanghebbenden vergroot en zorgt voor een breder draagvlak voor ontwikkelingen. Medio 2022 zijn de belanghebbenden geïden�ficeerd: bewoners, bedrijven, lokale overheden en andere groepen die mogelijk geïnteresseerd zijn in de ontwikkelingen in Noord IV. In het najaar van 2022 is met belanghebbenden uit het gebied veel gesproken over de toekomst van het gebied, zowel in persoonlijke gesprekken als op meerdere gezamenlijke bijeenkomsten. Op de eerste gezamenlijke bijeenkomst op 1 november 2022 is vooral over kwaliteiten en zorgen gesproken.

De grafische weergave van de opbrengst is te zien in bijgaande schema’s.

De vragen die we op de eerste avond hebben gesteld aan inwoners, gebruikers en belanghebbenden in en om het gebied:

waarden & kwaliteiten uit de participatie Landbouw Boeren met opvolgers meerdere

generaties

sterke binding

Biodiversiteit

Naoberschap eenheid,

bewoners en Woongenot nenden direct omwo

Agrarisch bedrijventerrein met natuur! Strook langs

de afrit is de

enige plek voor ontwikkkeling

Bi

Wonen Cultuurhistorie

Sociale binding

14

et

Un

m

g

ur t

/e

en, viss den hon , ten uitla n, dele n a w en s t e fi

Bu

Recreatie

vee te wonen

in

Water

Het is geweldig

Dorps wonen

nd

Bereikbaarheid

boeren

boeren en het

Keuzevrijheid rust/drukte

energiepositief

om rondom de

goede band

Bedrijvigheid

CO2-neutraal &

ns em bl e Ha Ni ie v je k el nt te ge ap bi & ed Ru -k in er Cu ar w ak ltu ol te d ur ris hi st tie or ke Va isch be n bo l uw je a and sc fk in ha g un p ne Hu n id ki ig jk e en ve rk Co av ul Sm eli iss Sla ng al en ge le nl la k nd an a Na r ds sc ak tu c ha te W ha ur r eid p p (h ev eu og ve els la ch -w da tig ul s ) p oo , re e iev pa aa tri js r, kik ke , r

Landschap

Oude Vaart: beleving

landschap & functie van het water

Goed bereikbaar,

maar niet met OV

zorgen

uit de participatie Landbouw

Landschap

Biodiversiteit

Geluid Trillingen

Bedrijvigheid

Slagschaduw

Beperkingen bedrijfsvoering & toekomstperspectief Minder ruimte voor landbouwgrond

Netcapaciteit

Bereikbaarheid Water

Opbrengst

Te grote molens

Negatief effect voor landbouw

Minder (mooi) uitzicht

Minder ruimte voor wilde dieren

Nieuwe woningen

Recreatie

Begrenzing

Minder woongenot

Toename

Verdere uitbreiding

drukte Onderhoud

Ruimtelijke kwaliteit

Wonen

Energie

Landbouw

Landschap

Netbeheerder wil energieproductie en energieconsumptie het liefst zo dicht mogelijk bij elkaar

wensen/kansen/ideeën

Kans/idee: energie opwekken met water? Kans: energie uit water

Kans: combi meandering met gebied van Staatsbosbeheer

uit de participatie

Nieuw station (energienet) Noord IV >

Biodiversiteit

kans voor energie opwek op deze locatie Systemen voor verticale zonnepanelen waar boeren tussendoor kunnen

Bedrijvigheid Bereikbaarheid

Kleine windmolens op eigen boerenerf Mestvergisting Geluidswal met zonnepanelen > energiewal Bedrijven nieuw, dan dak helemaal vol met zonnepanelen

Water

Recreatie

Wonen

mooi + circulair bedrijventerrein

Wens: mogelijk maken dat jongeren een toekomst in het gebied hebben: huis / bedrijf van ouders overnemen en/ of extra woning(en) op het erf

4 bomen terugbrengen Natuurlijke overgangen: buiten naar binnen, binnen naar buiten.

Kan bedrijventerrein ook extra rust + duisternis meebrengen? > bufferzone Wens: recreatieve verbindingen. Waarom ligt het fietspad er nog niet? Idee: fietspad doortrekken over Arendsweg > nu moet je halverwege de weg oversteken > gevaarlijk

Kans: landschap respecteren, ook bij wonen/recreatie Wens: blijven wonen

Fietsroute over zandpad Zegelhorstweg

Energie

15

16

17

2.6

Conclusie kwaliteiten Noord IV

Landschap Het beekdal is uniek als grote ruimtelijke eenheid waarbij de openheid een belangrijke waarde is: ‘je kunt er van je af kijken’. Ruimtelijke dragers - Ensembles (Nijentap/monumentale boerderijen), linten en ruilverkavelingsboerderijen post 1965 - Oude verkavelingspatronen - Bomenlanen (cultuurhistorische waarde) - Waterstructuren o Drentse Hoofdvaart en Oude Vaart zijn de lange lijnen die het gebied direct met Meppel verbinden o Oude Leisloot - Snelweg - zicht en ontslui�ng Cultuurhistorische waarde - Monumentale boerderijen - Zandpad - Oude postweg bij Nijentap Geomorfologie - Beekdallandschap langs de Oude vaart - Natuurlijke hoogtes en laagtes; Hoogtes: zandduintjes, archeologisch waardevol landschap & Laagtes: waterstaatkundig

Openheid landschap

18

Kwaliteit van Boeren - Noord IV beschikt over goede landbouwgrond. De huidige verkaveling sluit aan bij de bedrijfsvoering van de agrarische gronden, en volgt zoveel mogelijk de oude verkavelingsstructuren. Doordat meerdere boeren bedrijven in Noord IV van genera�e op genera�e zijn overgegaan is er een sterke binding met de plek. Er is voldoende animo om ook de tradi�e van het boeren in Noord IV door te zeten bij een nieuwe genera�e, met een investering op het gebied van duurzaamheid. Dorps wonen / sociale structuur - Beleving landschap en vee, woongenot, bewoners en direct omwonende, keuzevrijheid om rust of de drukte op te zoeken - Oriënta�e kan guns�g zijn - Binding met Havelte en Ruinerwold, Naoberschap, eenheid, goede band. Rela�e met de snelweg en bereikbaarheid De nabijheid van verschillende ontslui�ngswegen is van grote waarde voor mogelijke nieuwe func�es die van belang zijn voor de ontwikkeling van Noord IV als noordelijke lob van de stad Meppel.

Natuur

Dorps wonen

Cutuurhistorie

Relatie met de snelweg

Kwaliteit van boeren

Waarden en kwaliteiten 19

2.7

Werking raamwerk

Samenvatend zien we de kwaliteiten zoals hiervoor beschreven als een landschappelijk raamwerk. Het raamwerk bestaat uit onderdelen die zoveel mogelijk moet worden behouden. Hierbinnen moeten nieuwe func�es ingepast worden.

En vanuit recrea�ef oogpunt: • fietsroute door het gebied in combina�e met nieuwe func�es is een kans • kleinschalige dagrecrea�e, op regionale/ lokale schaal • ruimte voor ini�a�even

Hoe is het raamwerk opgebouwd? Allereerst het behoud van de Drentse Hoofdvaart. Dit is zowel voor de gemeente als de Provincie belangrijk. Ook het behoud van de Oude Vaart als beelddrager in het gebied zelf is daarin essen�eel (en de bijbehorende kenmerken, zie Cultuurhistorisch kompas Drenthe).

Het ruimtelijk raamwerk bestaat uit een kaart met waarden en kwaliteiten, hieraan gekoppeld worden ruimtelijke randvoorwaarden voor de ontwikkeling geformuleerd (zie hoofdstuk 7).

Daarnaast te behouden of ontwikkelen: • behoud Oude Leisloot • onderscheid tussen landschapstypen versterken • verkavelingsstructuren benuten (ook bij een nieuwe func�e zoals een toekoms�g bedrijventerrein) • openheid beekdallandschap beschermen • de nieuwe kernrand van Meppel als ruimtelijke kans benuten

20

Ruimtelijk gezien is in ieder geval het uitgangspunt dat met de nieuwe ontwikkeling ook een representa�ef gezicht van Meppel vanaf de snelweg ontstaat. De overgang van stad naar land moet zorgvuldig worden vormgegeven. We willen het plangebied goed verbinden met en onderdeel laten zijn van Meppel. Een ruimtelijk func�onele verbinding door bijvoorbeeld water, groen en infrastructuur.

Raamwerk waarden en kwaliteiten

21

3. OPGAVEN

22

3. OPGAVEN 3.1

Grote opgaven

In de Omgevingsvisie Drenthe (2022) hee� de provincie Drenthe opgenomen dat het verbeteren en vernieuwen van het bestaande aanbod van verblijfs- en dagrecrea�e en van de toeris�sch recrea�eve infrastructuur in de provincie van provinciaal belang is. Naar aanleiding hiervan is door de provincie Drenthe een haalbaarheidsstudie gestart naar het aantrekken van een nieuw themapark. In dit kader is in een voortraject naar verschillende loca�es binnen Drenthe gekeken, waarbij 9 loca�es (waaronder het plangebied Noord IV in Meppel) zijn beoordeeld. Uit deze beoordeling is Noord IV als mogelijke loca�e naar voren gekomen voor ves�ging van een themapark. Deze opgaven zijn �jdens de totstandkoming van dit omgevingsprogramma en het gebiedsproces dat hiervoor loopt, naar voren gekomen. De ontwikkeling een omgevingsprogramma was aanvankelijk in gang gezet om (deels) bijdragen aan de volgende opgaven: • voldoen aan de vraag naar nieuwe bedrijvigheid vanuit de markt (nieuwe ves�gingsloca�es en schuifruimte op bestaande) en het toevoegen van werkgelegenheid; • de uitvoering van de Regionale energiestrategie (RES) door het vastleggen van de doelstellingen die daarin zijn opgenomen en het borgen daarvan in een planologisch kader (omgevingsplan / vergunning). De opgaven zijn nog steeds in beeld, maar de voorkeur gaat op dit moment uit naar het bepalen van de haalbaarheid van een themapark.

Als de keuze voor een themapark uiteindelijk defini�ef valt, zal er in Noord IV geen ruimte zijn voor andere bedrijvigheid en windenergie. In dat geval zal de omgevingsvisie voor Meppel (die op dit moment in ontwikkeling is) uitsluitsel moeten geven of en op welke wijze invulling kan worden gegeven aan de andere twee belangrijke opgaven (bedrijvigheid en windenergie) die met de komst van het themapark voor Noord IV zijn komen te vervallen.

3.2

Overige opgaven

Daar waar mogelijk kunnen naast de ontwikkeling van een themapark (of bedrijvigheid en windenergie) meerdere andere func�es in het gebied een plek houden of krijgen. Daar waar mogelijk worden combina�es gezocht met opgaven van provincie, waterschap of andere actoren in dit gebied. Water De zone Oude Vaart zal als boezem op een aantal plekken verbreed moeten worden. WDOD heeft een grote opgave binnen het stroomgebied van de Oude Vaart. Ter plekke van nieuwe ontwikkelingen (anders dan landbouw) wordt gedacht om de kade achteruit te leggen (indica�e: minimaal 70m en op�maal 200m), een vispasssage te realiseren (meanderende zijtak) en het peil te verlagen. Zo ontstaat meer bergingsruimte en versterking van de ecologische kwaliteit (KRW en BBW opgave). De aanpak van het Provinciaal Programma Landelijk Gebied (PPLG) hee� een bredere benadering (dan alleen water, maar is wel van betekenis), die wel aansluit: een beekdalbrede aanpak vanuit voor het gehele stroomgebied van circa 25 km van de Oude Vaart. Naast waterstandverhoging in de polders wordt aan een landschappelijke / natuurlijke beekzone gedacht. Aanvullend komt daarbij verhoging waterstanden/ bufferend vermogen/ natuur geïntegreerde melkveehouderijen op veen/ etcetera aan de orde.

De keringen van de Drentse Hoofdvaart en Oude Vaart worden onderzocht: meer kapitaalintensieve func�es erachter betekent andere normering en maken mogelijk versterking op termijn noodzakelijk. Mobiliteit Ten aanzien van de verkeersontslui�ng wordt Noord IV ontsloten via de bestaande open afrit van de Rijksweg A32. A�ankelijk van de keuzes voor ontwikkeling zal de verdere ontslui�ng via de Rijksomweg en/of de Meenteweg plaatsvinden, die mogelijk moeten worden aangepast om de ontslui�ng van het gebied geschikt te maken voor alle verkeersmodaliteiten. Zowel afrit Havelte/Diever als Meppel-Noord voldoen niet voor de afwikkeling van een nieuwe grote verkeer aantrekkende func�es. Bij het knooppunt Havelte /Diever is nu al sprake van drukte, zeker als de brug open staat (veel recrea�eve vaart op de Drentse 23

Opgave water

In hoofdzaak vanuit Waterschap Drents Overijsselse Delta (WDOD)

Verbreden Beekdal

Versterken kades Drentse Hoofdvaart

Waterpeil verlagen/verhogen

Vispassage

Opgave landbouw en biodiversiteit In hoofdzaak vanuit Provinciaal Programma Landelijk Gebied

Meer ruimte voor biodiveristiet, groen blauwe ader door Meppel

Extensieve landbouw

Opgave bosstrategie Bos langs de snelweg als geluidswal

24

Bos langs de waterwegen in combinatie met recreatie

Hoofdvaart). Daarnaast zal o.a. door Nieuwveense Landen en Transforma�egebied Noordpoort de drukte toenemen op de N371. Ook wordt Noord III ontwikkeld en komt mogelijk een verbinding tussen Noord II en III. Deze bedrijfsterreinen wikkelen dan ook op het knooppunt af. Er ligt dus een opgave (en koppelkans) om dit knooppunt in één keer goed aan te pakken. Hierbij is uiteraard wel de inzet van RWS nodig. Dit is ook een onderzoeksvraag voor de omgevingsvisie en bij de uitwerking van de plannen.

Bossenstrategie Bij de bossenstrategie van de provincie Drenthe liggen mogelijkheden om ontwikkeling van ruimtelijke kwaliteit bijvoorbeeld in de nieuwe stadsrand van Meppel te combineren met de investering vanuit de bossenstrategie van de provincie Drenthe. De opgave ligt hier in ‘beekdalbegeleidend bos (beekdalranden)’- gecombineerd met wandel/fietsroute naar de stad en/of mogelijk een bossenzone langs de snelweg.

Vanuit het knooppunt Meppel Noord zou een nieuwe weg parallel aan de snelweg een op�e zijn, of opwaardering van de huidige weg. Hier kan bijvoorbeeld een “hoofdentreelaan” naar de nieuwe verkeer aantrekkende func�e worden gecreëerd. Deze nieuwe route kan gecombineerd worden met de aanpak van het knelpunt van de aanslui�ng van de Ruinerwoldseweg ter hoogte van de rotonde Noord I en N375 (koppelkans). Het zuidelijke knooppunt kan het karakter van de “na�onale knoop” krijgen, de noordelijke van een “lokale knoop” (met vaarroute en beweegbare-brug).

Langzaam verkeer Op gebied van infrastructuur ligt er een kans een fiets/ wandelverbinding vanuit de stad rich�ng Noord IV en omgeving (o.a. Havelte) te realiseren. Wellicht kan er een directere verbinding komen. Daarnaast een solitair fietspad langs de N371.

PPLG en bossenstrategie Het gebied Noord IV ligt in het laagstgelegen deel van het beekdal. Voor natuurdoelen is dit gebied minder belangrijk, maar voor water wel. Het beekdal probleem wordt benedenstrooms steeds groter. In de toekomst is naar verwach�ng meer ruimte nodig. Het waterschap zal hiervoor het hele beekdal beschouwen. De waterdoelen van het PPLG koppelkans zijn hiervoor een koppelkans en dit gaat verder dan KRW en NBW doelen. De extensieve landbouwdoelen van PPLG zijn tevens koppelkansen.

Landbouw Het toekomstperspec�ef voor de landbouw moet hier een plek hebben, ook in rela�e tot extensivering en mogelijke uitplaatsing van boeren van elders liggen er juist opgaven voor dit gebied. Stadsrand Meppel In Noord IV kan de ontwikkeling van een stedelijke func�e een nieuwe fraaie stadsrand creëren. De ontwikkeling is een kans om een nieuwe stadsrand vorm te geven aan de noordelijke lob van Meppel. Hier kan met een aantrekkelijke landschappelijke inpassing een duidelijke contrast worden gemaakt met het grote open beekdal. Dit zal dan nadrukkelijk (landschappelijk) vorm moeten worden gegeven in de rand van het themapark of bedrijventerrein.

25

Koppelkansen Duurzaam boeren

Circulair bedrijventerrein

Netcapaciteit

Recreatief fietsnetwerk

Nieuwe overgang stedelijk naar beekdal

Mobiliteit - aan een snelwegafslag

26

Mobiliteit - fietsverbinding met Meppel

Natuur Natuurversterking kan bijdragen aan landschap en recrea�e. Recrea�e Er zijn kansen voor kleinschalige verblijfsrecrea�e in het gebied. Het is niet direct een opgave. Wonen Voor wonen is het uitgangspunt geen nieuwe woonbuurten te realiseren. Mochten er zich kansen voordoen dan is er wellicht ruimte te maken voor bijzondere woonvormen. Centrale opgave is juist de lee�aarheid in het gebied te behouden of verbeteren, zeker met de komst van nieuwe func�es. Belangrijke randvoorwaarden voor een func�everandering van het nu vooral als agrarisch bestemde gebied zijn: • inpassing van de ondergrondse gasleiding; • het creëren van voldoende waterberging; • klimaatbestendige ontwikkeling; • (landschappelijke) inpassing van de nieuwe func�es en een goede overgang van stedelijke func�es naar het buitengebied.

3.3

Opgaven uit de par�cipa�e

Er hee� een gebiedsproces plaatsgevonden om gezamenlijk te verkennen op welke manier ambi�es (van zowel belanghebbenden, medeoverheden, marktpar�jen als gemeente) hier een plek kunnen krijgen. In dit proces is onder andere via themabijeenkomsten (7 en 14 november 2022) gesproken over opgaven. Bedrijven en windenergie, maar ook over water, recrea�e en de rol van de landbouw is nadrukkelijk gesproken. Tijdens het proces is duidelijk geworden dat met name de inwoners en agrariërs in het gebied de toekoms�ge nieuwe func�es (bedrijventerrein, themapark) bij voorkeur langs de snelweg willen situeren. Dit werd in het proces ook als logisch geacht, aangezien de aansprekende loca�e langs de snelweg ligt en een perceel aan de Rijksomweg al in eigendom is van de gemeente. Maar daarnaast vooral vanwege het uitgangspunt dat wij de melkveehouderijen die dat willen toekomst willen geven in het gebied. Het hee� bij een groot deel van hen de voorkeur om de agrarische percelen zoveel mogelijk aaneensluitend vanuit de bestaande situa�e voort te zeten. Een beperkt aantal eigenaren van agrarische percelen wil wel ruimte bieden om te schuiven of het gebruik op termijn te beëindigen. Bij het maken van scenario's en de situering van bedrijventerrein of themapark is daar zoveel mogelijk op ingespeeld.

De situering van windturbines werd in het proces wel als een mogelijke combina�e met agrarische gebruik gezien. Bij een aantal bewoners van het gebied werd met zorg naar de mogelijke komst van windturbines gekeken. De situering van bedrijventerrein of themapark in het noorden werd niet als waarschijnlijke op�e gezien.

27

4. SCENARIO’S

28

4. SCENARIO’S Noord IV wordt als kansrijk gebied gezien voor het invullen van de grootschalige opgaven ten aanzien van recrea�e, bedrijvigheid / werkgelegenheid en energieopwekking. Daarnaast kunnen in het gebied combina�es gezocht worden met opgaven van provincie, waterschap of andere actoren ten aanzien van biodiversiteit, water (waterkwaliteit en waterberging), duurzame landbouw, beleving en ruimtelijke kwaliteit. Om de ruimtelijke uitwerking van de verschillende opgaven in de volle breedte in beeld te krijgen is gekozen voor het maken van ontwikkelscenario’s. Er zijn vier ontwikkelscenario’s onderscheiden die de hoeken van het speelveld onderzoeken. Het gaat om: het beekdallandschap, het werklandschap, het recrea�elandschap en het energielandschap. Deze scenario’s brengen telkens een deel van de opgaves samen. De scenario’s zijn niet alleen gebruikt om de verschillende combina�es te onderzoeken, maar ook om te wegen in het par�cipa�eproces en te onderzoeken in het planMER.

4.1

bedrijvigheid in het gebied gedaan. Daarnaast zijn de mogelijkheden voor het opwekken van windenergie meegenomen in de scenario’s ‘werklandschap’ en ‘energielandschap’. Dit is gedaan op basis van de werkkaart van de provincie Drenthe met kansrijke gebieden voor de opwek van windenergie. Voor het scenario ‘beekdallanschap’ is in plaats van het zoeken naar mogelijkheden voor windturbines gekeken naar mogelijkheden voor waterberging. Hierbij is nadrukkelijk vanuit het principe ‘water en bodem sturend’ naar het gebied gekeken. In de scenario’s is de opgave van het waterschap voor waterberging en het verbeteren van waterkwaliteit van de Oude Vaart, niet meegenomen. Dit omdat beide processen (omgevingsprogramma en proces waterschap) in tempo niet parallel lopen. Als we spreken van waterberging in de scenario’s betre� dit dus waterberging binnen de gebiedsontwikkeling. Naar aanleiding van de bijeenkomst op 13 december 2022 en door het ini�a�ef voor een themapark zijn de scenario’s aangepast en is er een extra scenario gemaakt voor een themapark.

Par�cipa�e

Voor de vertaling van de opgaven naar de mogelijke ontwikkeling van het gebied is er een scenariostudie gedaan (mede op basis van de opgehaalde informa�e uit de vorige drie sessies). Hoe zijn de scenario’s tot stand gekomen? De leidende ambi�es vanuit de gemeente voor het realiseren van 11 tot 45 hectare bedrijvigheid en een totaal van 6 windturbines in de gehele gemeente zijn als uitgangspunt genomen voor aanvankelijk drie scenario’s. Vervolgens zijn de opmerkingen uit de verschillende par�cipa�emomenten en eerder gevoerde gesprekken met experts gebruikt om de scenario’s zo goed mogelijk aan te laten sluiten op de behoe�en in het gebied. Op basis van verschillende thema’s en belangrijke onderwerpen die naar voren zijn gekomen, is per scenario een passende invulling gezocht. Deze scenario’s zijn in het vervolgproces verder uitgewerkt en daarna doorgerekend en getoetst in het kader van de m.e.r.procedure. De scenariokaarten vormen meer een ontwerpend onderzoek dan een inrich�ngsplan. In elk scenario is een massastudie naar een mogelijk aantal hectare

29

4.2

Scenario 1: Beekdallandschap

In dit scenario staat het versterken van het beekdallandschap centraal. Bodem, water en geomorfologie zijn leidend bij de toekoms�ge ontwikkeling van het gebied. Een groene en landelijke uitstraling wordt nagestreefd, ook voor nieuwe func�es. De bedrijfsontwikkeling die wordt gerealiseerd is neto 15 hectare groot en ligt in 'eilanden' aan weerszijden van de Oude Vaart. De oorspronkelijke loop van de Oude Vaart wordt in het plangebied hersteld: de beek krijgt natuurvriendelijke oevers en het waterpeil ervan wordt verlaagd. De omgang met het peil wordt in de seizoenen bepaald vanuit de waterstaatkundige inzichten (ruimte voor piekbelas�ng maar ook water vasthouden voor droogte). Er is oog voor de natuurlijke dynamiek van het watersysteem en er wordt een vispassage gerealiseerd. Het bedrijventerrein betre� een regulier gemengd terrein met bedrijfskavels van maximaal 1 hectare waarop milieucategorie 3.1 tot en met 3.2 wordt toegelaten. De vorm van het bedrijventerrein is organisch met een aantal ovaal gevormde terpach�ge erven met bedrijvenclusters, daartussen is ruimte voor groen en water (piekopvang). Tussen en om het bedrijventerrein is zo maximale waterberging mogelijk.

De bedrijvigheid in het gebied is afgestemd op natuur- en landschapswaarden, de randen van de bedrijvenclusters zijn ingepast, de bedrijven zijn naar binnen georiënteerd en daarmee is er beperkt sprake van uitstraling van geluid en licht. Landbouw in het gebied wordt natuurinclusief en extensiever waarin het beheer van landschap en water een plaats krijgt. Natuurinclusieve landbouw is een vorm van landbouw waar de natuur baat bij hee�: er wordt uitgegaan van een veerkrach�g voedsel- en ecosysteem. Natuurinclusieve landbouw versterkt de biodiversiteit op en rond het boerenland en belast de natuur zo min mogelijk. Deze biodiversiteit levert op haar beurt een bijdrage aan de agrarische bedrijfsvoering, zoals natuurlijke ziekte- en plaagwering, verbeterde watervoorziening en een goede bodemstructuur. Agrariërs en waterschap maken afspraken over het waterpeil en de piekberging voor het noordoostelijke deel van de Oude Vaart. Vooralsnog wordt gedacht aan een peildaling van 1 m in de Oude Vaart, hierover is 30

echter nog niets besloten. Deze peilverlaging zal ook de lokale grondwaterstanden iets doen dalen. Daarnaast zal er een groene randzone van maximaal 200 meter om de Oude Vaart heen worden gecreëerd. In dit scenario is ruimte voor maximaal 25 nieuwe kleinschalige wooneenheden, dit betreffen bijzondere woonvormen (knarrenhof, woongemeenschap, combina�e met kleinschalige zorg). Dit kan op een erf van een voormalig agrarisch bedrijf of op een strategische plek passend in het landschap en rekening houdend met de karakteris�ek van Nijentap. De overgangen tussen de verschillende func�es in het gebied zijn zacht en groen ingericht (erven, bedrijfsclusters, woningbouw). Recrea�ef is het gebied interessant als uitloopgebied voor de func�es in Noord IV (wonen en bedrijven) en de bredere omgeving, vooral vanwege het vriendelijke en groene karakter. Er is ruimte om te wandelen en fietsen langs de Oude Vaart en door het groen. Er is plaats voor 40 overnach�ngsplaatsen (bijvoorbeeld in een B&B of op minicampings). Energieopwekking vindt uitsluitend plaats via zon op dak, op parkeerplaatsen en langs de snelweg. Op de volgende pagina is het scenario Beekdallandschap verbeeld, dit is geen plan of ontwerp, maar een schets om een beeld te geven van het type ontwikkeling dat voor ogen staat.

Scenario Beekdallandschap

31

4.3

Scenario 2: Werklandschap

In dit scenario ligt de focus op het creëren van werkgelegenheid, zowel in nieuw bedrijventerrein als bij het agrarisch gebruik. Dit scenario voorziet in een bedrijventerrein met een neto oppervlakte van 45 hectare. Op kavels van 1 tot 3 hectare worden grootschalige bedrijven toegelaten met ac�viteiten van milieucategorie 3.1 tot en met 5.1 (overwegende logis�eke invulling tot cat. 3.2 en industriële invulling vanaf cat. 4.1). Bij de verdeling van de types bedrijven op het terrein wordt rekening gehouden met de afstand tussen bedrijven en omliggende gevoelige func�es (inwaartse zonering). De Rijksweg A32 fungeert als poort naar het gebied. Voor een goede ontslui�ng en zichtbaarheid van het bedrijventerrein zal de Rijksomweg naar binnen (zuidoosten) worden verlegd. Hiermee komen de bedrijven 'aan' de snelweg te liggen en wordt de verbinding met Meppel versterkt. Verder is in dit scenario ruimte voor drie windturbines die de randen van het bedrijventerrein markeren. Daarnaast is sprake van harde begrenzingen tussen verschillende func�es in het plangebied. Het peil in de Oude Vaart wordt niet verlaagd. De Oude Vaart hee� aan één zijde een natuurvriendelijke oever. De Oude Vaart wordt verbonden met een groene randzone die als waterbergingsgebied zal fungeren, met name in periodes van neerslagoverschot. Hiertoe zal de kade tussen de randzone en de Oude Vaart worden verlaagd.

De groene randzone dient ook als afscherming tussen de bedrijvigheid en de landbouw en hee� een func�e voor de s�mulering van biodiversiteit en het medegebruik voor recrea�e (struingebied). Er worden geen extra recrea�eve overnach�ngsloca�es aan het gebied toegevoegd. In dit scenario wordt uitgegaan van de transi�e naar circulaire of kringlooplandbouw. Circulaire-of kringlooplandbouw betre� een vorm van landbouw waarbij kringlopen van grondstoffen en hulpbronnen op een zo laag mogelijk niveau gesloten worden, waar mogelijk in samenwerking met bedrijven in de directe omgeving. Er wordt getracht om zo min mogelijk afval te creëren: restproducten en warmte dienen als grondstof/energiedrager voor andere bedrijven en andersom. Hierdoor wordt de uitstoot van schadelijke stoffen (in water, bodem en lucht) zo klein mogelijk gehouden en er wordt zuinig omgegaan met 32

grondstoffen en energie. Uitbreiding in wonen is ten dienste van de agrarische bedrijvigheid in de vorm van een tweetal agrarische bedrijfswoningen op bestaande bedrijven. Op de volgende pagina wordt een beeld gegeven van het scenario Werklandschap, dit is geen plan of ontwerp maar een schets om een beeld te geven van het type ontwikkeling dat voor ogen staat.

Scenario Energielandschap

Afbeelding scenario 2

33

4.4

Scenario 3: Recrea�elandschap

In het scenario recrea�elandschap wordt in Noord IV een themapark ontwikkeld van ongeveer 60 hectare groot. Voor dit scenario wordt ervanuit gegaan dat het themapark helemaal ten noordwesten van de Oude Vaart komt te liggen. Er wordt uitgegaan van een geleidelijke groei van aantal bezoekers per jaar tot circa 800.000 in 2040. De ontslui�ng van het themapark gebeurt in dit scenario via de Rijksomweg, de feitelijke entree ligt op ruime afstand van de rotonde. Op het terrein van het park wordt een lange lus rich�ng parkeerterrein aangelegd om conges�e op de openbare wegen te voorkomen. Ook doorgaand verkeer vanuit het zuiden over de Rijksomweg wordt voorkomen door een knip aan te brengen. De representa�viteit van Noord IV vanaf de snelweg is een belangrijk onderwerp voor Meppel. Hiermee wordt rekening gehouden bij de inrich�ng van de zone langs de snelweg. Dit door in de zone langs de snelweg geluidswering en een markante uitstraling te combineren. Het themapark is aan de snelweg deels zichtbaar en wordt door geluidwerende voorzieningen geluidsluw gemaakt. Door de geluidswering uit meerdere delen op te bouwen en wellicht deels transparant te maken, wordt voorkomen dat een hele dichte wand ontstaat. In combina�e met bijzondere vormgeving en een bijzondere func�e, zoals een hotel, ontstaat een interessant beeld in het snelwegpanorama. Het peil in de Oude Vaart wordt verlaagd.

De Oude Vaart hee� aan één zijde een natuurvriendelijke oever. De Oude Vaart wordt verbonden met een groene randzone die als waterbergingsgebied zal fungeren, met name in periodes van neerslagoverschot. Hiertoe zal de kade tussen de randzone en de Oude Vaart worden verlaagd. Het themapark hee� ten behoeve van de waterkwaliteit een eigen watersysteem, inclusief waterberging. Hierbij wordt ingezet op het benuten van de bestaande watergangen (aan de noordzijde) en het naar bovenhalen van een oude beekloop centraal in het park. Daarnaast is er ruimte voor een waterbassin. Op het parkeerterrein van het themapark en in combina�e met de geluidswerking wordt met zonnepanelen boven parkeerplaatsen eveneens duurzame energie opgewekt. Om het authen�eke karakter van het gebied te behouden worden in het Recrea�elandschap geen windturbines gerealiseerd. 34

Langs de Oude Vaart worden recrea�epaden aangelegd, zodat fietsen en wandelen over de hele lengte goed mogelijk is. Op de agrarische percelen wordt ruimte geboden om te verbreden en met een B&B, recrea�echalets of kleine camping naar een ander verdienmodel te groeien. In totaal is er in het Recrea�elandschap plaats voor ongeveer 100 extra overnach�ngsplaatsen. Dit betekent een verandering in het agrarische karakter, wat met het agrarisch gebruik kan worden gecombineerd. Er worden geen nieuwe woningen toegevoegd. Op de volgende pagina wordt een beeld gegeven van het scenario Recrea�elandschap. Voor het themapark is een fic�eve opzet gemaakt ten opzichte van de 3 andere scenario’s om een vergelijkbare situa�e te hebben. De figuur is dus geen plan of ontwerp van het themapark maar een schets om een beeld te geven van het type ontwikkeling dat voor ogen staat.

Scenario Recreatielandschap

35

4.5

Scenario 4: Energielandschap

Dit scenario is gericht op het benuten van Noord IV voor de Meppelser energietransi�e. Dit betekent inzeten op zoveel mogelijk opwekken van energie met zes windturbines, zon op dak, op parkeerplaatsen en water en langs de snelweg. Ook passen experimentele vormen van energieopwekking zoals windwokkels op gebouwen. De posi�onering van windturbines benadrukt de ligging in het beekdal van de Oude Vaart en volgt de situering van het bedrijventerrein. Hiermee is een noodzakelijke rela�e met omliggende gebieden (in de buurgemeenten) vermeden. Er wordt een circulair bedrijventerrein nagestreefd. Het bedrijventerrein hee� een neto oppervlakte van circa 30 hectare, is energieposi�ef en is zo goed mogelijk afgestemd op het kunnen benuten van de binnen het plangebied opgewekte windenergie. Op het bedrijventerrein worden grootschalige bedrijven toegelaten met ac�viteiten van milieucategorie 2 tot en met 4.2. Echter, onder voorwaarden kunnen hogere categorieën worden toegelaten wanneer deze bijdragen aan de energietransi�e. Het bedrijventerrein wordt in een drietal lussen ontsloten vanaf de Rijksomweg en hee� nadrukkelijk een representa�ef beeld aan de snelweg. Door de ontslui�ngs- en waterlijnen vanaf de Rijksomweg worden grote bouwmassa’s aan de snelweg vermeden en ontstaat een gear�culeerd van bebouwing en openingen.

Eventuele vrijkomende agrarische erven kunnen worden benut als energiehub (opslag en conversie) of krijgen een andere func�e vanuit een gebiedsfonds (te vormen uit de energie opbrengst). Dit wordt door de belanghebbenden in het gebied zelf bepaald. De agrarische func�e wordt gekenmerkt door energieposi�eve precisielandbouw met drones en mestvergis�ng. Door middel van precisielandbouw kunnen gewassen of dieren met behulp van technologieën zoals GPS, sensorentechnologie en robo�sering nauwkeurig bemest of behandeld worden. Hiermee kan de produc�e geop�maliseerd worden en kan er gewerkt worden aan een duurzamere bedrijfsvoering. Het peil in de Oude Vaart wordt niet verlaagd en de Oude Vaart hee� aan beide zijdes natuurvriendelijke oevers. De Oude Vaart wordt verbonden met een groene randzone die als waterbergingsgebied zal fungeren, met name in periodes van neerslagoverschot. 36

Hiertoe zal de kade tussen de randzone en de Oude Vaart worden verlaagd. In het Energielandschap zal de groene randzone breder zijn dan in het Werklandschap en Recrea�elandschap. De waterberging binnen het plangebied is een dubbelfunc�e met de opwek van energie middels windturbines en zon op water. De biodiversiteit wordt versterkt door strategische aanplant van enkele singels die de energiefunc�es binnen het gebied zoveel mogelijk aan het zicht ontrekken. De huidige recrea�eve func�es binnen het plangebied blijven behouden en worden uitgebreid met een fietsverbinding langs de Arendsweg. Er worden geen recrea�eve overnach�ngsplaatsen toegevoegd. Nieuwe woningbouw is beperkt tot maximaal twee woningen in nabijheid van bestaande woningen en de ini�a�even dienen in ieder geval energe�sch innova�ef te zijn (passief huis concept). Op de volgende pagina wordt een beeld gegeven van het scenario Energielandschap, dit is geen plan of ontwerp maar een schets om een beeld te geven van het type ontwikkeling dat voor ogen staat.

Scenario Werklandschap 4.5

Scenario 4: Energielandschap

Dit scenario is gericht op het benuten van Noord IV voor de Meppelser energietransi�e. Dit betekent inzeten op zoveel mogelijk opwekken van energie met zes windturbines, zon op dak, op parkeerplaatsen en water en langs de snelweg. Ook passen experimentele vormen van energieopwekking zoals windwokkels op gebouwen. De posi�onering van windturbines benadrukt de ligging in het beekdal van de Oude Vaart en volgt de situering van het bedrijventerrein. Hiermee is een noodzakelijke rela�e met omliggende gebieden (in de buurgemeenten) vermeden. Er wordt een circulair bedrijventerrein nagestreefd. Het bedrijventerrein hee� een neto oppervlakte van circa 30 hectare, is energieposi�ef en is zo goed mogelijk afgestemd op het kunnen benuten van de binnen het plangebied opgewekte windenergie. Op het bedrijventerrein worden grootschalige bedrijven toegelaten met ac�viteiten van milieucategorie 2 tot en met 4.2. Echter, onder voorwaarden kunnen hogere categorieën worden toegelaten wanneer deze bijdragen aan de energietransi�e. Het bedrijventerrein wordt in een drietal lussen ontsloten vanaf de Rijksomweg en hee� nadrukkelijk een representa�ef beeld aan de snelweg. Door de ontslui�ngs- en waterlijnen vanaf de Rijksomweg worden grote bouwmassa’s aan de snelweg vermeden en ontstaat een gear�culeerd van bebouwing en openingen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meppel&id=efd441eb-f301-4b61-a799-d009764a6daf