Rekenkamerrapport - Armoedebeleid Meppel en Staphorst
Tekst van het document
Hieronder geven we een aantal cijfers van het gebruik van diverse armoede- en minimaregelingen in Meppel en Staphorst. Deze geven inzicht in het totaal aantal inwoners dat gezien wordt en in beeld is bij de gemeenten.
Kwijtschelding gemeentelijke belasting Personen met een inkomen op het sociaal minimum hebben recht op kwijtschelding van gemeentelijke belastingen. Daarnaast wordt een vermogensgrens gehanteerd afhankelijk van leeftijd en woonsituatie. De gemeente Meppel schat het aantal inwoners dat recht heeft op de kwijtschelding van de gemeentelijke belasting op 1.300. In 2022 zijn 826 aanvragen goedgekeurd. Daarmee zouden ongeveer twee op de drie inwoners bereikt worden. In Staphorst hebben 158 inwoners in 2022 een aanvraag voor gemeentelijke kwijtschelding aangevraagd. Daarvan zijn er 124 aanvragen goedgekeurd. Op basis van de CBS cijfers lijken ongeveer 300 personen hier recht op te hebben, op basis van hun inkomen. Daarmee ligt het bereik in Staphorst op ongeveer een op de drie inwoners. Het is echter ook mogelijk dat een deel van de personen die hiervoor in aanmerking lijkt te komen op basis van inkomen een te hoog vermogen heeft en daardoor alsnog niet in aanmerking komt, waardoor het bereik relatief gezien hoger is. Een deel van het niet-gebruik maken van deze regelingen zal (met name in Staphorst) ook te maken hebben met oplossingen die in kerkelijke kringen worden gezocht.
Individuele inkomenstoeslag Personen tot 105% van het sociaal minimum hebben recht op een individuele inkomenstoeslag (ITT). Deze normen zijn vastgesteld door het Rijk. Naast de inkomensgrens zijn er aanvullende voorwaarden om in aanmerking te komen voor deze toeslag waardoor mogelijk niet alle personen recht hebben op de individuele inkomenstoeslag. Ook de duur van het lage inkomen en de mogelijkheden om deel te nemen aan de arbeidsmarkt zijn hiervoor belangrijk. De gemeente Meppel schat de doelgroep op 1.700, maar verwacht wordt dat de daadwerkelijke doelgroep lager zal zijn. In 2022 zijn 470 aanvragen goedgekeurd. In 2023 hebben in Staphorst 67 personen de individuele inkomenstoeslag ontvangen. Ruim de helft van de groep inwoners die al jaren gebruik maakt van een bijstandsuitkering maakt gebruik van de toeslag.
Fonds Deelname Maatschappelijke Activiteiten Het Fonds Deelname Maatschappelijke Activiteiten (FDMA) is bedoeld om inwoners met een klein inkomen te ondersteunen in maatschappelijke deelname, zoals lidmaatschap voor een muziekvereniging of sportclub. In Meppel is het aantal aanvragen in 2022 nagenoeg gelijk aan 2021.5 Personen tot 110% van het sociaal minimum kunnen FDMA aanvragen met een vermogensgrens van € 7.605 voor alleenstaanden en € 15.210 voor samenwonenden. In 2022 zijn er in Meppel 643 goedgekeurde aanvragen. Volgens de gemeente Meppel is het aantal inwoners dat hier recht op zou hebben 2100.6 Volgens CBS Statline woonden er in 2022 circa 1900 personen op 110% van het sociaal minimum. Dit is een bereik van ongeveer een op de drie inwoners.
5 6
Programma 3: Sociaal domein | Jaarstukken 2022 | Meppel (begrotingsapp.nl) Beleidsplan Armoede en Schulden 2024-2027, 14.
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
25 van 41
In Staphorst gelden dezelfde eisen voor het FDMA: tot 110% van het sociaal minimum. Hier hebben 85 personen gebruik van gemaakt. Ook voor deze regeling zijn aanvullende voorwaarden van toepassing, waardoor niet allen die op 110% van het sociaal minimum leven ook recht hebben op het FDMA. Meer dan de helft van de ‘vaste groep’ maakt gebruik van het FDMA.
Energietoeslag In Meppel konden huishoudens tot 120% van het sociaal minimum energietoeslag aanvragen voor 2022 en 2023. Een vermogenstoets was niet vereist. In Meppel is € 1.400.000 beschikbaar gesteld.7 Het Rijk heeft het budget voor Meppel berekend op ongeveer 1.900 huishoudens en de gemeente geeft aan dat zij ook 1.900 unieke huishoudens hebben bereikt met de Energietoeslag. In Staphorst konden huishoudens tot 130% van het sociaal minimum energietoeslag aanvragen, ook hier was een vermogenstoets niet vereist. De gemeente heeft de energietoeslag aan 420 personen uitgekeerd. Op basis van CBS-cijfers lijken 500 huishoudens hier recht op te hebben. De Energietoeslag kent een hoger bereik dan de andere regelingen met ruim 80 procent. Daarbij zijn ook Staphorsters bereikt die normaal gesproken geen gebruik maken van armoederegelingen van de gemeente.
Stichting Kindsupport Meppel In de gemeente Meppel is de Stichting Kindsupport actief. In de meeste gevallen is de inkomensgrens op 120% gesteld met een vermogensgrens van € 1.500. Volgens de gemeente zouden er 500 kinderen leven op 120 procent en 600 kinderen op 130 procent van het sociaal minimum. Volgens de gegevens van CBS Statline leven er 400 kinderen op 120 procent en 500 kinderen op 130 procent van het sociaal minimum. Er zijn 882 aanvragen goedgekeurd waarbij het gaat om 354 kinderen. Voor 2023 werd in het jaarverslag van 2022 een bereik van om en nabij 400 kinderen verwacht. Dat is een bereik van ongeveer acht op de tien kinderen.
4.3
Zicht op armoede
4.3.1
Meppel
Monitoring De maatschappelijke organisaties die op het gebied van armoede actief zijn in Meppel verantwoorden hun resultaat aan de gemeente. Zij rapporteren bijvoorbeeld over de inzet van het aantal betaalde krachten, aantal vrijwilligers, aantal uren, aantallen die bereikt worden en specifieke gegevens zoals hoogte en lengte van schulden. Op deze manier monitort de gemeente haar armoedebeleid, maar lijkt er niet direct op te sturen bij de maatschappelijke organisaties. Er wordt geen outputdoel gesteld. Dit heeft mede te maken met de wijze waarop de gemeente Meppel monitoring van armoedebeleid benadert in haar beleidsplan: “We zien dat armoede en schulden brede en ingewikkelde problemen zijn, die niet op zichzelf staan. Het effect van het armoede- en schuldenbeleid is niet makkelijk in meetbare, kwantitatieve doelen uit te drukken. Het is mogelijk, maar levert vaak niet het gewenste resultaat op. Armoedebeleid is een optelsom en dat betekent dat het zinvoller en
7
Programma 3: Sociaal domein | Jaarstukken 2022 | Meppel (begrotingsapp.nl)
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
26 van 41
haalbaarder is om juist het effect van de deeltjes (=activiteiten) te meten. Dragen zij bij aan de grotere gestelde doelen? Zo kunnen we bepalen of activiteiten de investering waard zijn.” De gemeente spreekt van een continu monitoringsproces van activiteiten die zij uitvoeren. Dit doen zij door gesprekken met inwoners en maatschappelijker partners en via landelijke en lokale monitors zoals de Landelijke Monitor Vroegsignalering, dashboard van Geldfit en rapportages van de GKB. Een verdere uitwerking van welke indicatoren gebruikt worden of hoe bepaald wordt of activiteiten voldoende bijdragen wordt niet nader gespecificeerd.
Vroegsignalering van schulden Partners van de gemeente, zoals zorgverzekeraars, woningcorporaties, energie-en waterbedrijven geven door als inwoners een betalingsachterstand hebben. Consulenten van de gemeente proberen vervolgens in contact te komen met deze inwoners om te achterhalen wat er speelt. Een deel staat niet open voor hulp. Met de inwoners die openstaan voor hulp worden intakegesprekken ingepland om te bepalen wat voor soort hulp passend is. Ook de Gemeentelijke Kredietbank Drenthe (GKB) onderschrijft dat vroegsignalering werkt. “Na het intakegesprek kan de gemeente klanten bij GKB aanmelden. Op die manier heeft de gemeente meer regie en meer inzicht in hoeveel mensen zich melden en of dit in het voorliggende veld opgelost kan worden.”
Bereik De gemeente Meppel heeft niet in beeld of het bereik van de regelingen voldoende is. Dat wordt onderzocht en uitgewerkt in het uitvoeringsplan. De maatschappelijke organisaties in Meppel schatten de grootte van hun doelgroep (ook) zelf in, zie bijvoorbeeld het jaarverslag van Kindsupport. De gemeente leidt de beoordeling of het bereik voldoende is onder andere af uit de aanvragen en drukte bij de loketten, zo blijkt uit de interviews. Wel benadrukt de gemeente dat het beleidsdoel “inwoners maken gebruik van de regelingen en toeslagen waar zij recht op hebben. Het verbeteren van de communicatie en toegankelijkheid helpt hierbij”, betekent dat de gemeente het bereik wil verbeteren. Het Geldloket maakt het voor inwoners laagdrempeliger en toegankelijker om informatie te verkrijgen en aanvragen te doen. Het Geldloket bevindt zich in de bibliotheek en niet in het gemeentehuis. Bovendien geven beleidsmedewerkers van de gemeente in de interviews aan dat er geen signalen binnenkomen dat het bereik niet goed is. 4.3.2
Staphorst
Overzicht in Staphorst In de gemeente Staphorst is het maatschappelijk veld overzichtelijk en zijn de lijntjes tussen het maatschappelijk veld en de gemeente kort. Bovendien is de doelgroep die leeft rond het sociaal minimum al ruime tijd min of meer stabiel en in beeld. Er ontbreekt zicht op de groep die via de kerken wordt geholpen. Ook binnen de gemeente zijn de lijntjes kort. Zowel tussen consulenten en beleidsmedewerkers, als binnen het gehele sociale domein waarin integraal gewerkt wordt. Eventuele problemen worden hiermee snel besproken en waar nodig opgelost. Voor de verantwoording richting de raad wordt sinds 2021 de Monitor Sociaal Domein gepubliceerd. Hierin wordt het gebruik van voorzieningen en de ontwikkelingen van de financiën in het sociaal domein weergeven, voorzien van toelichtingen. Doel van de monitor is het signaleren van knelpunten, waarop zou kunnen worden bijgestuurd via beleid en uitvoering.
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
27 van 41
Vroegsignalering De vroegsignalering is op vergelijkbare wijze ingericht als in Meppel en werkt in de gemeente Staphorst goed, zo blijkt uit meerdere interviews. Sinds 2023 wordt vanaf één maand betalingsachterstand bij een zorgverzekeraar, energie- of waterbedrijf of woningcorporatie contact met de inwoner opgenomen. Voor 2023 werd na twee maanden contact opgenomen. Dit leidt uiteindelijk nauwelijks tot nieuwe aanvragen bij het GKB. Figuur 4.1 Aantallen vroegsignalering gemeente Staphorst8
8
Gemeente Staphorst, Monitor sociaal domein, 40.
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
28 van 41
4.4
Ervaring inwoners in armoede
Hieronder presenteren we de resultaten van het enquêteren op straat. Vanwege relatief lage respons moeten deze resultaten als indicatief beschouwd worden. Desondanks bieden de uitkomsten een beeld van de ervaringen van inwoners die moeilijk rondkomen. Vanwege de respons is het niet mogelijk om uitspraken over Staphorst en Meppel apart te doen, hoewel dit wel wenselijker is gezien de verschillende karakters van de gemeenten. Daarom verrijken wij de resultaten met bevindingen uit de interviews en vullen wij deze aan met landelijk onderzoek. • De mensen die moeilijk kunnen rondkomen vinden het ingewikkeld om hulp te vragen bij de gemeente, ook denken zij dat ze niet in aanmerking komen voor (meer) hulp van de gemeente. Ongeveer de helft denkt dit. Zij noemen dat ze niet weten waar ze naartoe moeten of ze vinden het moeilijk om te begrijpen waar ze recht op hebben. Verschillende normen voor regelingen spelen hier een rol. Hierdoor wordt het voor inwoners ingewikkeld en laten ze de aanvraag liggen. • Ongeveer twee op de drie zegt zich niet te schamen om hulp te zoeken bij de gemeente en niet aanvragen van regelingen door schaamte wordt ook niet genoemd als reden. Wel noemt een op de drie dat ze het wel vervelend zouden vinden om met de gemeente in gesprek te gaan over de eigen financiële situatie.
• Ongeveer een derde van de mensen die moeilijk kan rondkomen lost financiële problemen liever op in eigen kring voordat zij hiervoor naar de gemeente gaan. Dit komt voort uit een gevoel van veiligheid en herkenning in hun eigen gemeenschap. Vermoedelijk speelt dit meer in Staphorst dan in Meppel, op basis van de interviews en de deskresearch. Ook denkt de helft niet dat een andere organisatie, zoals een welzijnsorganisatie of kerk hen beter kan helpen met hun problemen dan de gemeente. Een derde antwoordt neutraal. • Sommige inwoners verdienen te veel om recht te hebben op bepaalde minimaregelingen, maar komen bijvoorbeeld wel in aanmerking voor de Voedselbank. Enkele inwoners (uit Meppel) noemen expliciet het boekje ‘Leven Met Weinig Geld’ en dat zij hier informatie over de verschillende minimaregelingen uit halen.
Ipsos I&O onderzocht in oktober 2023 hoe Nederlanders aankijken tegen armoede en op welke manier het moeilijk rondkomen een onderwerp is dat binnen het eigen netwerk wordt besproken. Bijna een kwart (23%) van de Nederlanders vond het destijds het (zeer) moeilijk om rond te komen. Van de werkende Nederlanders vindt 17 procent het moeilijk rondkomen. Bij vier op de tien Nederlanders die moeilijk rondkomen is het bekend in hun omgeving dat ze hier moeite mee hebben. Bij een derde zou dit niet het geval zijn, voornamelijk omdat men er niet over praat door schaamte en het gevoel dat dit een persoonlijk probleem is. Slechts 1 procent van de Nederlanders die moeilijk rondkomen heeft er heel erg behoefte aan om vaker te praten met iemand over hun financiële problemen. Meer dan de helft (52%) heeft dit helemaal niet. Mensen die (zeer) moeilijk rondkomen denken dat schaamte (78%) en de angst voor negatieve gevolgen een rol speelt om geen hulp te vragen (66%). Ook het gevoel dat iemand de eigen problemen moet oplossen (46%) en dat men niet weet waar terecht te kunnen (39%) speelt mee. Via een open vraag kon men aangeven wat de grootste drempel zou zijn bij het zoeken naar hulp via de overheid. De meeste mensen benoemen hier het wantrouwen dat er richting de overheid bestaat en de angst om geld weer terug te moeten betalen.
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
29 van 41
Bijlagen
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
30 van 41
A
Bijlagen
A.1
Normenkader
Norm
Toetsingscriteria
1. Beleid en doelstellingen Er zijn heldere doelen in het beleid en het beleid is onderbouwd
• • • • •
De doelen van het beleid zijn helder beschreven. Doelstellingen sluiten aan bij landelijke ambities. Het beleid is gebaseerd op een actuele probleemanalyse. Er zijn lokale uitdagingen geïdentificeerd. De doelstellingen en het beleid is gericht op doelgroepen.
• •
De uitvoeringsplannen zijn gebaseerd op het beleid. Het beleid is flexibel genoeg om met plotselinge ontwikkelingen om te gaan. De beschikbare middelen passen bij de ambities en het karakter van de regeling. Werkwijzen, taken en verantwoordelijkheden zijn beschreven en duidelijk belegd.
2. Inrichting Het beleid werkt door in de praktijk
• • 3. Uitvoering en samenwerking Er is sprake van een constructieve
•
samenwerking tussen lokale partners en de gemeenten Meppel en Staphorst,
•
waarbij partijen de uitvoering wanneer nodig bijsturen
•
De gemeenten Meppel en Staphorst hebben een duidelijke basis gelegd voor de samenwerking tussen lokale partners en henzelf. De gemeenten Meppel en Staphorst hebben zicht op de voortgang en prestaties van lokale partners. De gemeenten Meppel en Staphorst hebben mogelijkheden om de relatie met en uitvoering van maatschappelijke partners bij te sturen.
4. Monitoring en sturing De uitvoering van de activiteiten dragen bij aan het behalen van de doelstellingen
• • • • •
Er vindt monitoring op het beleid plaats. De gemeente heeft specifieke doelgroepen goed in beeld. Met de activiteiten worden de juiste doelgroepen bereikt. Met de monitoring is het mogelijk om leer- en verbeterpunten rond uitvoering en beleid in kaart te brengen. Er worden concrete acties opgezet naar aanleiding van geïdentificeerde leer- en verbeterpunten.
5. Efficiënte activiteiten Met de ingezette middelen worden de inwoners optimaal ondersteund
• • • •
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
De doelen uit het beleid worden bereikt. De bestede middelen voor armoedebeleid dragen voor een groot deel bij aan het behalen van de doelen. Inwoners zijn tevreden over de ondersteuning die zij krijgen. Het bereik van de verschillende regelingen is naar tevredenheid.
31 van 41
A.2
Onderzoeksvragen en beleidstheorie
Beleid 1 Hoe ziet het armoedebeleid van de gemeenten Meppel en Staphorst er uit? Welke uitgangspunten (landelijk en lokaal) liggen hier aan ten grondslag? 2 Is het beleid gebaseerd op een actuele probleemanalyse van (doelgroepen van) armoede in Meppel en Staphorst? 3 Welke doelen en indicatoren zijn er op het gebied van het armoedebeleid opgesteld? 4 Is in het beleid aandacht voor schuldhulpverlening en preventie? Inrichting 5 Is het beleid vertaald naar een navolgbaar uitvoeringsprogramma? 6 Welke middelen zijn beschikbaar voor uitvoering van het armoedebeleid? 7 Biedt het beleid en de organisatie voldoende ruimte om in te spelen op snelle veranderingen binnen doelgroepen? 8 Welke rol hebben inwoners en ervaringsdeskundigen bij het opstellen en inrichten armoedebeleid in Meppel en Staphorst (gehad)? Uitvoering 9 In hoeverre sluit het armoedebeleid aan bij maatregelen die door andere overheden worden geïmplementeerd? 10 Welke rol hebben andere lokale stakeholders in de uitvoering van het armoedebeleid? Is er sprake van overlap in activiteiten tussen de gemeente en lokale stakeholders? 11 Is er voldoende aandacht vanuit de gemeente voor het vergroten van het bereik van de regelingen? Monitoring 12 Hoe sturen de gemeente en andere betrokken stakeholders op het armoedebeleid? Welke monitoringsinstrumenten worden ingezet en hoe wordt bijgestuurd? 13 Zijn de doelen, indicatoren en
monitoringsinstrumenten toereikend om leer- en verbeterpunten te identificeren en beleid bij te sturen? Resultaten, doelbereik en doelmatigheid 14 Tot welke resultaten heeft het armoedebeleid van de gemeenten Meppel en Staphorst geleid? 15 Hoe ervaren inwoners van beide gemeenten de armoede- en minimaregelingen? 16 Zijn de beschikbare middelen toereikend geweest? 17 Is met de bereikte resultaten het beleid effectief en efficiënt uitgevoerd? 18 Wat kunnen Meppel en Staphorst van elkaar leren als het gaat om armoede- en minimabeleid?
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
32 van 41
Beleidstheorie De beleidstheorie is de rode draad van het onderzoek en is gebruikt om de deelvragen te vertalen naar een onderzoeksopzet. Het model vindt u hieronder en heeft als startpunt het vaststellen van beleid. Een gemeente stelt eerst de beleidskaders vast en bepaalt de beoogde doelen. Deze kaders krijgen concreter vorm tijdens de inrichtingsfase. Uit de inrichting komen activiteiten voort die de gemeente en maatschappelijke organisaties uitvoeren. Deze activiteiten hebben effecten op inwoners en door deze effecten te monitoren wordt duidelijk of de gestelde doelen wel of niet gerealiseerd worden. Het behalen van de doelen dient vervolgens aanleiding te zijn voor de gemeente om de uitvoeringspraktijk bij te sturen en anderzijds voor de gemeenteraad om door middel van haar kaderstellende en controlerende rol het beleid bij te sturen. Figuur 4.2 Beleidstheorie onderliggend aan onderzoek
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
33 van 41
A.3
Context armoede
Definitie van armoede ‘Modern’ armoedebeleid is al enige tijd niet meer gericht op inwoners die rond moeten komen van een vastgesteld minimuminkomen en/of bijstand ontvangen. Ook inwoners die rond moeten komen van een inkomen dat (net) boven het sociaal minimum ligt kunnen door omstandigheden zoals schulden of, zoals we in recente tijden zagen, een onverwacht hoge inflatie in de problemen komen. Dit onderzoek gebruikt de definitie van die het SCP ook hanteert in hun onderzoek ‘Kansrijk Armoedebeleid’9. Deze luidt: ‘een situatie waarin iemand gedurende langere tijd niet de middelen heeft om te kunnen beschikken over de goederen en voorzieningen die in zijn samenleving als minimaal noodzakelijk gelden’. De grens van wanneer iemand niet kan beschikken over de minimaal noodzakelijke goederen en voorzieningen wordt bepaald door het besteedbaar inkomen, wat niet per se gelijk staat aan het vastgestelde minimuminkomen. Deze definitie van armoede kan vervolgens op een enge, als op een ruime manier benaderd worden: • De enge benadering is gericht op het inkomen dat iemand nodig heeft voor de meest basale benodigdheden zoals voedsel, drinken, kleding en onderdak. • De ruime benadering neemt ook de minimale kosten van recreatie en sociale participatie mee. Dit budget is iets ruimer en volgens het SCP ook hoger dan het sociaal minimum in Nederland.
De ruime benadering en uitgaan van het besteedbaar inkomen betekent dat mensen die in principe voldoende inkomen hebben ook in de financiële problemen kunnen komen om voldoende mee te kunnen doen aan de samenleving. Een goed voorbeeld hiervan zijn schulden. Deze ontstaan niet alleen door een gebrek aan inkomen, maar ook door een te groot uitgavenpatroon (bijvoorbeeld door psychische problematiek, verslavingen, sociale situaties, hoge zorgkosten of een echtscheiding). Schuldophoping door betalingsachterstanden verergert de situatie. Vroegtijdig signaleren van deze problematiek kan erger voorkomen, al is dit in voorkomende gevallen soms moeilijk omdat gevoelens als schaamte een grote rol spelen bij dit thema, zowel voor hen die een uitkering ontvangen als hen die wel een inkomen hebben boven het sociaal minimum. Aandacht in beleid en uitvoering voor armoedepreventie en het verlichten van schuldproblematiek (of hier een uitweg vinden) valt dan ook onder de scope van dit onderzoek.
Doelgroepen van armoede Armoede treft, zoals uit het bovenstaande al blijkt, geen homogene groep mensen. Zo zijn de gevolgen van armoede voor kinderen anders dan voor ouderen 10. Waar kinderen mogelijk te maken krijgen met problemen in de ontwikkeling, krijgen ouderen mogelijk te maken met een sociaal isolement en eventueel aanvullende zorgkosten. Ook is er een verschil tussen uitkeringsgerechtigden en zogenaamde ‘werkende armen’: mensen uit de beroepsbevolking die wel betaald werk doen, maar alsnog onvoldoende besteedbaar inkomen hebben om bijvoorbeeld sport te kunnen betalen.
9
Via: https://www.scp.nl/publicaties/publicaties/2020/06/18/kansrijk-armoedebeleid Zie ook voorbeelden genoemd door Stimulansz: https://www.stimulansz.nl/armoedebeleid-in-uwgemeente/#1664794655391-becc387a-77c2 10
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
34 van 41
Dit onderscheid in doelgroepen betekent niet alleen dat een doelgroepgerichte beleidsaanpak mogelijk noodzakelijk is, maar ook dat er op verschillende niveaus uitdagingen liggen voor gemeenten. Zo zijn uitkeringsgerechtigden vanwege het ontvangen van een bijstandsuitkering automatisch in beeld bij de gemeente, bij werkende armen is dit vaak niet het geval. Waar bij uitkeringsgerechtigden de doelgroep al in beeld is en de dienstverlening dus voornamelijk gericht zal zijn op het verkleinen van de kans op terugval naar armoede, is bij werkende armen het beleid er vooral op gericht om het bereik van armoederegelingen te vergroten. Tabel 4.6 Doelgroepen Groep o.b.v. leeftijd
Voorbeelden van achtergrondkenmerken die risico op armoede vergroten
Kinderen en jongeren (tot 18 jaar)
Eenoudergezinnen, grote gezinnen, kinderen met een migratieachtergrond, kinderen uit gezinnen die leven van een uitkering, jonge ouders, ouders met weinig menselijk kapitaal.
Niet-werkzame beroepsbevolking (18-
Uitkeringsgerechtigden met een zorgbehoefte, duur van uitkering, afstand
67 jaar)
tot de arbeidsmarkt.
Werkzame beroepsbevolking (18 – 67
Type contract (voltijd, deeltijd), soort contract (vast, flexibel), zzp’ers,
jaar)
aanwezigheid tweede verdiener in huishouden, ingrijpende gebeurtenissen (bijv. scheiding)
Ouderen (67 jaar en ouder)
Ouderen met onvoldoende pensioen en onvolledige AOW, hoge zorgkosten
Het SCP heeft berekend dat ongeveer 85 procent van alle armen in Nederland onder een van deze vier groepen vallen. De ‘restgroep’ is dusdanig heterogeen (thuiswonende studenten, vervroegde uittreders, weduwepensioenontvangers en overige inkomens) dat deze door het SCP in haar rapporten buiten beschouwing wordt gelaten.
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
35 van 41
A.4
Documentenlijst
Organisatie
Titel
Jaar
Meppel
Beleidsplan Armoede en Schulden 2024 - 2027
2023
Evaluatie Armoede en Schuldenbeleid
2021
Evaluatie Vroegsignalering
2022
Programmabegroting, jaarstukken
2021 - 2023
Werkplan Vroeg Eropaf
2021
Verslag over armoede in de gemeente Meppel
2020
Infographics Gemeentelijke Kredietbank
2022, 2023
Jaarverslag Adviesraad Sociaal Domein
2023
Memo’s en onderzoeken ervaringsdeskundige
2020
Beleidsregels en toekenningscriteria Participatiewet en minimaregelingen
-
Jaarverslag Kindsupport Meppel
2022
Beleidsplan Armoede en Schulden in Staphorst
2018
Integraal Beleidsplan Sociaal Domein ‘Iedereen Doet Mee’
2022
Beleidsregels Participatiewet en minimaregelingen
-
Beleidsplan Bestrijding armoede en schulden 2019-2022
2023
Monitor Sociaal Domein
2022, 2023
Infographics Gemeentelijke Kredietbank
2022, 2023
Subsidiedocumenten maatschappelijke organisaties
-
Staphorst
A.5
Overzicht interviews
#
Organisatie
Titel
1
Gemeente Meppel
Beleidsadviseurs Armoede en Schulden
2
Gemeente Meppel
Teammanager Werk en Meedoen
3
Gemeente Meppel
Ervaringsdeskundige Armoede en Schulden
4
Gemeente Meppel
Consulent/Coördinator Geldloket
5
Gemeente Meppel
Wethouder
6
Voedselbank
Bestuurder
7
Humanitas
Bestuurder
8
Kindsupport
Bestuurder
9
Schuldhulpmaatje
Bestuurder
10
Gemeentelijke Kredietbank Drenthe
Teamleider
11
Arme Kant Meppel
Bestuurder
12
Welzijn Mensenwerk
Bestuurder en dienstverlener
13
Gemeente Staphorst
Consulent inkomen
14
Gemeente Staphorst
Consulent schuldhulpverlening
15
Gemeente Staphorst
Beleidsmedewerker gemeente
16
Gemeente Staphorst
Teamcoördinator
17
Gemeente Staphorst
Wethouder
18
Voedselbank
Screener
19
Gemeentelijke Kredietbank Drenthe
Teamleider
20
Humanitas
Coördinator
21
Stichting Welzijn
Opbouwwerker
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
36 van 41
A.6
Overzicht regelingen en organisaties in Meppel
Regeling
Type voorziening
Individuele inkomenstoeslag
Landelijke regeling
Bijzondere bijstand
Landelijke regeling
Participatieregeling
Lokale regeling
Kwijtschelding gemeentelijke belastingen
Landelijke regeling
Fonds Deelname Maatschappelijke Activiteiten
Lokale regeling
Energietoeslag
Landelijke regeling
Laptopregeling
Lokale regeling
Collectieve ziektekostenverzekering
Landelijke regeling
Kindsupport Meppel
Lokaal samenwerkingsverband
Kansrijke Start
Lokaal samenwerkingsverband
Gelijke Kansen Alliantie
Lokaal samenwerkingsverband
Geldwijzer Bijna 18
Landelijke regeling
Stichting Grote Broer
Lokale organisatie
Ervaringsdeskundige armoede
Valt onder gemeentelijke organisatie
Vrouwensupportgroep
Lokale regeling
Supermarktbon
Lokale regeling
Armoedepact
Lokaal samenwerkingsverband
Humanitas Zuidwest- Drenthe
Lokale organisatie
Adviesraad Sociaal Domein ‘Werk & Meedoen’
Valt onder gemeentelijke organisatie
Arme Kant van Meppel
Lokale organisatie
Welzijn MensenWerk
Lokale organisatie
Voedselbank
Landelijke organisatie, lokale afdeling
Voorzieningenwijzer
Lokale regeling
VIA spreekuur
Lokale organisatie
Datgeldtvoormij
Landelijke regeling
Gezondverzekerd
Landelijke regeling
Stichting krijg een Kans
Lokale organisatie
Geldloket
Lokaal samenwerkingsverband
Energiearmoede
Landelijke regeling
Consulenten Geldzorgen
Valt onder gemeentelijke organisatie
Stichting Schuldhulp Meppel
Lokale organisatie
Leenfonds Meppel
Lokale organisatie
Nederlandse Schuldhulproute / Geldfit
Landelijke regeling
Zuidweg Schuldhulp
Lokale organisatie
Schuldhulpverlening / Gemeentelijke kredietbank Drenthe
Regionale organisatie
Welzijn Mensenwerk
Lokale organisatie
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
37 van 41
A.7
Overzicht regelingen en organisaties in Staphorst
Regeling
Type voorziening
Individuele inkomenstoeslag
Landelijke regeling
Bijzondere bijstand
Landelijke regeling
Kwijtschelding gemeentelijke belastingen
Landelijke regeling
Fonds Deelname Maatschappelijke Activiteiten
Lokale regeling
Energietoeslag
Landelijke regeling
Collectieve zorgverzekering
Landelijke regeling
Studietoeslag
Landelijke regeling
Sociale leningen
Landelijke regeling
Humanitas
Landelijke organisatie, lokale afdeling
Sociaal Raadslieden
Landelijke organisatie, lokale afdeling
Geldplan rondkomen met kinderen
Lokale regeling
Kledingbank in Nieuwleusen
Landelijke organisatie, lokale afdeling
Voedselbank Meppel
Landelijke organisatie, lokale afdeling
Noodfonds Zwolle
Regionale organisatie
Tegemoetkoming kosten kinderopvang bij sociaal medische indicatie
Landelijke regeling
Stichting De Kern (maatschappelijke dienstverlening)
Lokale organisatie
Stichting Welzijn
Lokale organisatie
Gemeentelijke kredietbank Drenthe
Regionale organisatie
Vluchtelingenwerk
Landelijke organisatie, lokale afdeling
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
38 van 41
B
Bestuurlijke reacties
B.1
Bestuurlijke reactie Meppel
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
39 van 41
lY-"ente Meppel
Verstuurd per e-mail
Uw brieÍ van
Rekenkamercommissie Meppel t.a.v. K.H. Odink
Uw kenmerk Ons kenmerk 3003062
Behandeld door Team Werk en MeedOen
TeleÍoon 14 OS22
Datum 04-02-2025
Biilage(n)
onderwerp Bestuurlijk wederhoor rekenonderzoek armoedebeleid
Geachte heer, mevrouw, Met belangstelling en interesse hebben we kennisgenomen van het onderzoek naar ons armoedebeleid. Dank voor uw grondig onderzoek waarbij u inhoudelijk heeft gesproken met samenwerkingspartners, inwoners (via een enquête) en onze eigen medewerkers die zich bezighouden met het armoedebeleid. We onderschrijven uw conclusies en aanbevelingen. Deze zijn voor ons waardevol en herkenbaar.
ln reactie op de aanbevelingen willen we u het volgende nog meegeven:
o Ten tijde van het opstellen van de conceptrapportage lag er in Meppel nog geen uitvoeringsplan, zoals u ook opmerkt. Dit plan ligt er inmiddels wel. ln december 2024 hebben we dit plan vastgesteld. De raad is hiervan ook op de hoogte. Mocht u kennis willen nemen van de inhoud van dit plan, waar ook aandacht is besteed aan concretere doelen en monitoring, dan kunt u hiervoor de volgende link gebruiken: https ://l okal e re ge gevi nq. ove rh e d. n IiCVD R7294 1 9. i
I
. .
We blijven constant kritisch op ons armoedebeleid, op hoe het is ingericht en of het beter kan. We zetten in op een samenhangende en integrale aanpak, waarbij we er (onder andere) voor zullen waken dat een initiatief zoals het Armoedepact geen overlegorgaan wordt. De toegankelijkheid van onze website (organisatie breed) staat hoog op de agenda en daar wordt volop op ingezet. Uw aanbeveling past goed bij de door ons ingeslagen weg rondom het verbeteren van onze website.
Hoogachtend,
burgemeester en wethouders,
c. Bijr
J
\
I Bezoekadres Stadhuis
Grote Oever 2ó
I Postadrcs Postbus 501 7940 AM Meppel
burgem
I Online www.meppel.nl postbus@meppel,nl
I Telefoon 14 0522
B.2
Bestuurlijke reactie Staphorst
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
40 van 41
gemeente
Staphorst Uw brief van
28 november 2024
Uw kenmerk
-
Herman Beerda
Ons kenmerk UIT/24-096551
hbeerda@live.nl
Zaaknummer Z51472 Afdeling Samenleving Informant Dhr. H. Donker Doorkiesnummer 0522-467572 Bijlagen geen Staphorst, 17 december 2024 Verzonden
19 DEC. 2024
Onderwerp Bestuurlijke reactie Rekenkameronderzoek Armoedebeleid Staphorst 2024
Geachte heer/mevrouw, Op 28 november 2024 ontvingen wij het conceptrapport Rekenkameronderzoek Armoedebeleid voor bestuurlijk wederhoor. U heeft ons gevraagd hier een reactie op te geven. Deze leest u in deze brief. Reactie Als gemeente hebben wij een belangrijke rol in het bestrijden van armoede. Via het armoedebeleid willen wij de leefsituatie en het toekomstperspectief van kwetsbare burgers verbeteren. Gezamenlijk met onze partners werken wij hier vol enthousiasme aan. Daarbij kijken we voortdurend naar mogelijkheden om onze dienstverlening te verbeteren. Wij hebben dan ook met belangstelling uitgekeken naar de uitkomsten van het onderzoek van de Rekenkamer. We onderschrijven de aanbevelingen en met de aanbevelingen uit het rapport gaan wij aan de slag. De gedane aanbevelingen liggen in lijn met de inmiddels ingezette acties en wij gaan de aanbevelingen betrekken bij ons armoedebeleid. Wij zijn de commissie zeer erkentelijk voor het verzette werk. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Staphorst de secretaris
de bur emee ter
Afschrift verstuurd aan: - Hetty Esselink
Postadres Postbus 2 - 7950 AA Staphorst Tel. 0522 46 74 00
mer@steenwijkerland.nl
Bezoekadres Binnenweg 26 - 7951 DE Staphorst
E-mail gemeente@staphorst.nl
Informatiewww.staphorst.nl
Contactgegevens Ipsos I&O Enschede Zuiderval 70 Postbus 563 7500 AN Enschede 053 - 200 52 00 KVK-nummer 08198802 nl-info-publiek@ipsos.com www.ipsos-publiek.nl
Ipsos I&O Amsterdam Piet Heinkade 55 1019 GM Amsterdam 020 – 308 48 00 nl-info-publiek@ipsos.com www.ipsos-publiek.nl
Rekenkameronderzoek armoedebeleid
41 van 41