CConstaterende datMeppel
Koppel je AI →
Document · PDF

Programma Duurzaam 2024-2028

1 - RAADSVERGADERING 19 december 2024, gemeente MeppelBij agendapunt: Programma Duurzaam13.198 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Programma Duurzaam 20242028 Duurzaam in alle opzichten

13 november 2024

Inhoudsopgave Voorwoord..............................................................................................................................................4 1.

Inleiding en context .......................................................................................................................5 Klimaatverandering ..........................................................................................................................5 Transities .........................................................................................................................................5 Programma Duurzaam 2024-2028 gemeente Meppel ....................................................................6 Leeswijzer ........................................................................................................................................6

2.

Ambitie en aanpak .........................................................................................................................6 Overkoepelende ambitie ..................................................................................................................7 Vijf pijlers .........................................................................................................................................7 Toekomstbeeld gemeente Meppel ..................................................................................................8 Aanpak ............................................................................................................................................8

3.

Programmadoelen .........................................................................................................................9 Strategische doelen ...........................................................................................................................10 Operationele doelen ..........................................................................................................................11 1. Energietransitie ......................................................................................................................11 Voorbeeldfunctie ............................................................................................................................13 2. Klimaatadaptatie ....................................................................................................................14 Voorbeeldfunctie ............................................................................................................................16 3. Natuur, landschap en biodiversiteit .......................................................................................17 Voorbeeldfunctie ............................................................................................................................18 4.

Gezond leefmilieu ..................................................................................................................18 5. Circulariteit .............................................................................................................................20 Voorbeeldfunctie ...........................................................................................................................22

4.

Inspanningen en activiteiten ......................................................................................................23

5.

Participatie en Communicatie ....................................................................................................30 Gedragsverandering stimuleren ........................................................................................................30 Participatie .........................................................................................................................................30 Communicatie ...................................................................................................................................31

6.

Monitoring en evaluatie ..............................................................................................................32

7.

Financiën ......................................................................................................................................35

2

3

Voorwoord Met het nieuwe programma Duurzaam 2024-2028 van de gemeente Meppel verbinden we ons aan een ambitieuze lange termijnvisie met concrete inspanningen en activiteiten op de korte termijn. Duurzaamheid is een thema dat de afgelopen jaren steeds meer aandacht heeft gekregen, niet alleen in Meppel, maar wereldwijd. We worden geconfronteerd met uitdagingen op het gebied van klimaatverandering en energietransitie, met een biodiversiteitcrisis en met grondstoffen die uitgeput raken. Als gemeente erkennen we deze uitdagingen en voelen we een grote verantwoordelijkheid om actie te ondernemen. De transitie naar een duurzame samenleving is complex en vaak onzeker. We werken aan ambities die ver voor ons liggen en waar we maar beperkt invloed op hebben. Het wordt beïnvloed door tal van externe factoren, zoals technologische ontwikkelingen en maatschappelijke trends. Het vraagt om een stapsgewijze aanpak, waarbij we niet altijd precies weten hoe de uiteindelijke doelen worden bereikt. Door te experimenteren, van fouten te leren en vooral door te dóén, maken we met iedere stap vooruitgang. Elk kleine stap, elk klein succes, leidt tot grotere veranderingen. Samen bouwen we zo aan een toekomst waarin duurzaamheid het fundament vormt van al ons handelen. Het Programma Duurzaam 2024-2028 helpt ons in de stapsgewijze aanpak.

Het fungeert als een kapstok voor het organiseren en coördineren van alle activiteiten en maatregelen die de gemeente Meppel neemt op het gebied van duurzaamheid. Het programma biedt een helder overzicht van de doelen die we nastreven met, waar mogelijk, tussentijdse doelen, zodat we gerichter kunnen werken en meer houvast hebben bij het realiseren van onze ambities. Het geeft aan welke inspanningen we van 2024 tot 2028 zullen uitvoeren en hoe deze inspanningen bijdragen aan onze doelen. Met dit programma hebben we een kapstok, waarmee we duurzaamheid structureel inbedden in alle gemeentelijke werkzaamheden. We zijn gericht op duurzaamheid in de uitvoering - duurzaam doen -, waarbij we ook al een aantal successen kunnen vieren, zoals het opstellen en uitvoeren van de warmteplannen. Daarnaast krijgt de voorbeeldfunctie van de gemeente Meppel de aankomende jaren een centrale rol om op deze manier de samenleving mee te nemen in de transitie naar een duurzaam Meppel. We weten dat de weg naar een duurzame samenleving uitdagend kan zijn, maar we geloven ook dat het een weg vol kansen en mogelijkheden is. Samen werken we aan een duurzaam en toekomstbestendig Meppel.

4

1. Inleiding en context Omgeven door het groen van Nationaal Park Weerribben-Wieden, het Reestdal en de dorpen Nijeveen en Rogat, biedt Meppel een balans tussen stedelijke dynamiek, de gemeenschapszin van de dorpen en natuurlijke rust. De gemeente Meppel heeft een rijke historische en handelsgeschiedenis. De stad fungeerde al sinds de middeleeuwen als een belangrijk handelscentrum, mede dankzij de toegang tot het Meppelerdiep. Ook tegenwoordig is Meppel, door zijn strategische ligging aan waterwegen, spoor en snelwegen, een belangrijk knooppunt in de regio. De binnenstad straalt historische charme uit met gezellige pleinen en ontmoetingsplekken. Met de ondernemende dorpen, een bruisende binnenstad en met natuurgebieden in de directe omgeving, heeft de gemeente Meppel een mooie basis om aan de slag te gaan met duurzaamheid.

Klimaatverandering We staan voor grote duurzaamheidsopgaven: het klimaat verandert, het aantal planten- en diersoorten gaat sterk achteruit, grondstoffen raken op en de temperatuur op aarde stijgt. Dit gebeurt met name door menselijke invloeden. Inmiddels zijn de gevolgen van de klimaatverandering voelbaar; het weer wordt extremer, warmer, natter en droger. Ook de kwaliteit van het grondwater verandert en wordt op bepaalde plekken zouter. Dit is slecht voor zowel de landbouw als de mens. We moeten aan de slag om voorbereid te zijn op deze klimaatverandering zodat onze leefomgeving ingericht is op extremer weer, soms met grote wateroverschotten en soms met tekorten, die leiden tot droogte. Naast ons voor te bereiden op klimaatverandering, proberen we deze ook zo veel mogelijk te voorkomen. Dit doen we door de uitstoot van broeikasgassen te verlagen. Het terugdringen van CO₂-uitstoot vormt daartoe de belangrijkste basis. Veruit de grootste oorzaak van CO₂-uitstoot is de verbranding van fossiele brandstoffen voor energieopwekking, transport, industrie en verwarming. Dit betekent dat we af moeten van fossiele brandstoffen en moeten overstappen op schone hernieuwbare energie. Hierdoor verminderen we niet alleen de uitstoot van schadelijke gassen, maar creëren we ook een schonere lucht en leefomgeving.

Het is belangrijk om op plekken meer ruimte te geven aan de natuur, zodat deze in staat is onze lucht verder te zuiveren, de bodem in gezonde conditie te houden, water vast te houden en de biodiversiteit te versterken. Om nu en later te wonen, werken en leven in een gezonde leefomgeving, zijn aanpassingen nodig. Het is daarom noodzakelijk dat we duurzaam denken en doen. Dit maakt dat duurzaamheid geen vrijblijvend thema meer is.

Transities Werken aan het klimaat, circulariteit en hernieuwbare energie zijn grote transitieopgaven. Een transitie is een structurele maatschappelijke verandering die het resultaat is van op elkaar inwerkende en elkaar versterkende ontwikkelingen op het gebied van economie, cultuur, technologie, natuur & milieu en bestuur. Het zijn opgaves met een lange adem. Meestal duurt het minimaal een generatie (25-50 jaar) voordat de structurele verandering zichtbaar is. Wanneer het gaat om ons klimaat is doorgaan op de oude manier geen optie meer. We hebben een nieuwe kijk nodig op de manier waarop we leven. Veranderingen 5

waar we aan willen werken zijn onder andere: het opwekken van schone energie, anders omgaan met ons grondstoffenverbruik, risicogroepen beschermen tegen de klimaatgevolgen, nieuwe blik op het inrichten en beheren van de openbare ruimte, de manier hoe we ons van A naar B verplaatsen, afval omzetten in grondstof, water- en bodemsturend inrichten, inheemse planten- en diersoorten beschermen. Verduurzaming raakt daarmee alle sectoren en beleidsterreinen. En dat zorgt er onder andere voor dat werken aan duurzaamheid complex is. We hebben maar beperkt invloed op het bereiken van de duurzaamheidsambities, externe factoren spelen een grote rol. Om grip te houden zullen we stapsgewijs hieraan werken door middel van een programmatische aanpak.

Programma Duurzaam 2024-2028 gemeente Meppel Duurzaamheid vraagt om grote veranderingen en aanpassingen waar we in de gemeente Meppel mee aan de slag moeten. Vanwege deze grote opgaven en de urgentie ervan is duurzaamheid een prioritair thema in het collegeprogramma. Om op een goede manier aan duurzaamheid te werken is dit programma Duurzaam 2024-2028 opgesteld. Het bouwt voort op het programma Duurzaamheid 2021-2023, maar maakt het concreter en biedt een helder overzicht wat er gebeurt op het gebied van duurzaamheid in de gemeente Meppel. Het programma geeft onze overkoepelende ambitie weer. Daarnaast licht het onze strategische doelen op de lange termijn toe en het biedt een overzicht van alle inspanningen/maatregelen die we leveren op dit thema. Het is concreet en geeft duidelijk aan wat we willen bereiken, waarom we dit willen bereiken en wat we daarvoor doen Het programma Duurzaam is niet bedoeld om allesomvattend te zijn en antwoord te kunnen geven op de vele vragen die het onderwerp duurzaam met zich meebrengt, maar het helpt ons weer een stap dichterbij een duurzaam Meppel te komen en met het programma in de hand zulke stappen te blijven zetten.

Leeswijzer Hoofdstuk 1 is de inleiding van het programma Duurzaam 2024-2028. Hierin wordt de context weergegeven en de aanleiding om te werken aan duurzaamheid. In hoofdstuk 2 wordt de ambitie van de duurzaamheidsopgave genoemd, op welke manier hieraan wordt gewerkt en wat onze strategische doelen zijn. In hoofdstuk 3 en 4 wordt dit vertaald naar operationele doelen en de inspanningen en activiteiten die daarbij horen. Vervolgens gaan we in hoofdstuk 5 in op de communicatie-aanpak. Hoofdstuk 6 vertelt hoe we onze ambities en doelen willen monitoren en evalueren. Tenslotte geeft hoofdstuk 7 de financiële middelen weer die benut worden om het programma uit te voeren.

2. Ambitie en aanpak Het vorige hoofdstuk liet de opgaven zien waar we als gemeente Meppel mee aan de slag moeten en waarom. Dit hoofdstuk gaat in op de ambitie van de gemeente Meppel op het thema duurzaamheid. Vervolgens duidt het de aanpak, waarmee we de ambitie behapbaar maken.

6

Overkoepelende ambitie Er komen diverse opgaven op ons af, waarmee we aan de slag moeten om weer balans te krijgen tussen mens en natuur. Om dit te realiseren binnen Meppel is de volgende ambitie vastgesteld: In 2050 is Meppel een duurzame en toekomstbestendige gemeente. Duurzaam betekent dat we zorgen voor evenwicht tussen mens (people), milieu (planet) en welvaart (prosperity) om de aarde niet uit te putten. Voor nu en de toekomstige generaties. Toekomstbestendig betekent dat we voorbereid zijn op en bestand zijn tegen de uitdagingen en veranderingen die zich in de toekomst kunnen voordoen. Werken aan een duurzame en toekomstbestendige gemeente is stevig verankerd in nationale en internationale wet- en regelgeving en beleidskaders. We baseren ons gemeentelijk beleid op het Klimaatakkoord, waarin doelen zijn vastgelegd om de uitstoot van broeikasgassen aanzienlijk te reduceren, in combinatie met de Nederlandse Klimaatwet, die ons verplicht om in 2050 klimaatneutraal te zijn. Daarnaast werken wij binnen de kaders van de Natuurherstelwet en de Wet natuurbescherming, die gericht zijn op het versterken en beschermen van biodiversiteit en natuurlijke ecosystemen. Ook de toekomstige Energiewet speelt een belangrijke rol in de transitie naar duurzame energieproductie.

De Omgevingswet, de Milieuwet, en de regelgeving omtrent luchtkwaliteit (zoals de EU-richtlijn Luchtkwaliteit en het Schone Lucht Akkoord) helpen ons om de leefomgeving gezond en toekomstbestendig in te richten. Tenslotte het Grondstoffenakkoord, een Nederlands akkoord waarin overheid, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties afspraken hebben gemaakt om de circulaire economie te bevorderen. Dit brengt ons op de diverse thema’s, de zogenoemde pijlers, waaraan we werken binnen het programma Duurzaam.

Vijf pijlers We werken vanuit deze verschillende thema’s, ook wel pijlers genoemd, toe naar de overkoepelende ambitie: Een duurzaam en toekomstbestendig gemeente Meppel in 2050. Dit doen we om de opgave behapbaarder te maken en te kunnen concretiseren. We houden hierbij rekening met de onderlinge samenhang tussen deze pijlers, zodat we integraal werken aan de ambitie. Elk van deze pijlers heeft zijn eigen tempo, kent zijn eigen (maatschappelijke) uitdagingen, eigen strategisch doelen en inspanningen. Meer gedetailleerde uitwerking vindt plaats binnen de eigen pijlers. Energietransitie We minimaliseren ons energieverbruik en gebruiken energie uit reststromen en hernieuwbare bronnen zoals wind en zon. Klimaatadaptatie We zijn zo ingericht dat we voorbereid zijn op extremer weer: droogte, hitte, wateroverlast en regionale overstromingen. Natuur, landschap en biodiversiteit We versterken onze natuur en landschap zodat er een robuust ecosysteem ontstaat waarin streekeigen planten en dieren kunnen floreren. 7

Gezond leefmilieu We willen een leefomgeving met een gezonde bodem en schone lucht en zo min mogelijk geur- en geluidsoverlast. Circulariteit We stappen af van de lineaire economie en richten ons op een economie waarin grondstoffen hun waarde houden en afval niet meer bestaat.

Toekomstbeeld gemeente Meppel Door te werken aan de vijf pijlers komen we tot duurzaam en toekomstbestendig Meppel. Hoe ziet dat eruit? We willen een duurzaam Meppel waar we trots op kunnen zijn, waar het fijn is om te wonen, werken en recreëren, nu en in de toekomst. Stilzitten is geen optie, we moeten nu aan de slag en ons gedrag aanpassen en bewuster omgaan met de natuur en het milieu. In het Meppel van 2050 is deze manier van denken doorgedrongen in onze levensstijl. We kopen bewust, duurzaam en lokale producten. We kiezen vaker voor tweedehands of laten producten repareren in plaats van weg te gooien. We pakken minder vaak de auto, maar nemen de fiets of het OV, wat zorgt voor een schonere lucht. Onze woningen zijn goed geïsoleerd en van het aardgas af. Onze tuinen zijn groen met inheemse planten, een fijne plek voor de bij en andere insecten als ook vogels en vleermuizen. Bedrijven dragen bij aan onze duurzame ambities. De daken zijn voorzien van zonnepanelen en sedumdaken en het energieverbruik wordt slim beheerd. In Meppel staan windmolens om ons te kunnen voorzien van hernieuwbare energie. We zijn zo ingericht dat overtollig water goed wordt opgevangen, waar groenstroken en bomen ons verkoeling bieden tijdens de warme zomers. En de natuur in en rondom Meppel veerkrachtig is.

De gemeente Meppel is een plek waar duurzaamheid niet alleen een streven is, maar voelbaar en zichtbaar in het dagelijks leven.

Aanpak Werken aan de duurzaamheidsopgaves is complex. We zijn niet van de ene op de andere dag een duurzame gemeente, dit gaat door middel van kleine stapjes. Dat vraagt om een gestructureerde aanpak. Bij iedere pijler horen strategische en langetermijndoelstellingen. Deze worden vertaald naar operationele doelen en vervolgens naar inspanningen en activiteiten voor de uitvoering. We kunnen spreken van drie termijnen: • • •

Strategische doelen (2040/2050) Operationele doelen (2030) Inspanningen en activiteiten (2024-2028)

Onze strategische doelen zijn de ambities die we hebben op de lange termijn. Het zijn vergezichten die ons richting geven om naar een duurzaam en toekomstbestendig Meppel toe te werken, maar zijn abstract en breed geformuleerd. Daarom is er tussenstap van operationele doelen. Deze operationele doelen geven voldoende houvast voor het uitvoeren van beleid en maatregelen. Waar kan, gaat het om meetbare doelen, die het mogelijk maken om voortgang te monitoren. De inspanningen en activiteiten vormen de tastbare acties die we op korte termijn ondernemen. Deze inspanningen en activiteiten sluiten aan bij het collegeprogramma en de programmabegroting en hebben directe impact op de doelen. Graag zouden we zien dat we kunnen garanderen dat we met deze inspanningen en 8

activiteiten de operationele doelen halen. Maar de realiteit is dat we als gemeente niet kunnen afdwingen dat inwoners en bedrijven de benodigde maatregelen daadwerkelijk nemen. We hebben als gemeente daartoe niet de instrumenten. Daarnaast zijn we afhankelijk van de nationale en internationale context en regelgeving. We stellen onze ambities en doelen bewust scherp. Niet om ze irreëel te maken, maar om de druk erop te houden. Het belang van een duurzame transitie is immers groot. Naast onze doelen en activiteiten zijn er drie onderwerpen die voor iedere pijler extra benadrukt worden: • • •

Voorbeeldfunctie Communicatie en participatie Monitoring en evaluatie

Als gemeente zijn we medeverantwoordelijk voor het realiseren van onze opgaves en hebben we hierin een voorbeeldfunctie. Een gemeente die haar voorbeeldfunctie vervult, gaat verder dan alleen het nakomen van wettelijke verplichtingen. Het gaat om het tonen van leiderschap met als doel om inwoners, ondernemers, bedrijven en instellingen te inspireren en positieve veranderingen te bevorderen. Het gaat om het ondernemen van acties daar waar onze directe invloed ligt. Bij iedere pijler zal in hoofdstuk 3 (programmadoelen) aandacht worden gegeven aan onze voorbeeldrol binnen deze pijler en hoe we die zullen vervullen. De duurzaamheidsopgave kunnen we niet alleen, maar moeten we samen met inwoners, ondernemers, bedrijven, maatschappelijke organisaties, overheidsinstanties en samenwerkingsverbanden realiseren. Dat vraagt om transparantie en goede communicatie. Dit betekent dat we als gemeente duidelijk maken waar we naartoe willen en wat we daarvoor doen, maar ook waarom we het doen en wat we van onze samenleving verwachten. Hiervoor is participatie en communicatie essentieel bij iedere pijler. In hoofdstuk 5 (communicatie en participatie) gaan we hier nader op in. Om te weten hoe ver we zijn op het gebied van duurzaamheid kijken we goed naar onze monitoring. Via monitoring wordt verantwoording afgelegd of de genoemde maatregelen en inspanningen ook daadwerkelijk zijn uitgevoerd.

Daar waar mogelijk creëert het inzicht in de effectiviteit van de inspanningen en of op deze manier de doelen worden bereikt. Het helpt bij de evaluatie van het programma om problemen en inefficiënties te identificeren en inzicht te geven in het wel of niet aanpassen van de uit te voeren maatregelen. Aangezien iedere pijler eigen doelen en maatregelen heeft, is monitoring op iedere pijler noodzakelijk. Dit wordt verder uitgewerkt in hoofdstuk 6 (monitoring en evaluatie).

3. Programmadoelen Onze overkoepelende ambitie geeft richting aan de toekomst van Meppel. De vijf pijlers bieden ons een gestructureerde aanpak en helderheid in onze duurzaamheidsopgave. Hoewel elke pijler afzonderlijk behandeld wordt, zijn ze nauw met elkaar verbonden en dragen ze gezamenlijk bij aan een duurzaam Meppel. In dit hoofdstuk worden de vijf pijlers en hun strategische en operationele doelen beschreven. 9

Strategische doelen Om in 2050 een duurzaam en toekomstbestendig Meppel te zijn, gaan we aan de slag met de volgende strategische doelen: 1. Energietransitie: De gemeente Meppel is CO₂-neutraal in 2040. Veruit de grootste oorzaak van CO₂-uitstoot is de verbranding van fossiele brandstoffen voor energieopwekking, transport, industrie en verwarming. Daarom is in de energietransitie de belangrijkste doelstelling de CO₂-reductie. De gemeente Meppel heeft de ambitie vastgesteld om in 2040 CO₂-neutraal te zijn. Dit is 10 jaar eerder dan de landelijke streefdatum. 2. Klimaatadaptatie: De gemeente Meppel is klimaatadaptief in 2050. Meppel ligt laaggelegen en is daardoor extra gevoelig voor wateroverlast. Naast ons te beschermen tegen mogelijke wateroverlast, is het belangrijk om ons te beschermen tegen droogte en hittestress. Daarom gaan we aan de slag met het klimaatadaptief inrichten van onze fysieke leefomgeving. 3. Natuur, landschap en biodiversiteit: De gemeente Meppel heeft in 2050 een robuust en veerkrachtig ecosysteem, passend bij de kenmerken van Meppel en met behoud en herstel van bestaande landschaps- en natuurkwaliteiten. Meppel ligt tussen drie natuurgebieden in: Nationaal Park Weerribben-Wieden, het Holtingerveld en het Reestdal. In het dorp Nijeveen is sprake van veel agrarische ondernemers en daarnaast heeft Meppel relatief veel industrie.

Dit zijn diverse elementen die belangrijk zijn voor onze opgave rondom het creëren van een robuust ecosysteem. Belangrijk hierin is dat we onze streekeigen planten en dieren goed beschermen en versterken. 4. Gezond leefmilieu: De gemeente Meppel voldoet aan de wettelijke milieunormen voor bodem, lucht, geur en geluid om zo veel mogelijk schade en/of hinder voor mens, dier en milieu te voorkomen. In Meppel is sprake van relatief veel industrie en bedrijventerreinen (ten opzichte van andere gemeenten in Drenthe) en ook zijn er snel- en spoorwegen. De door de EU en de rijksoverheid gestelde milieunormen worden steeds strenger om een gezondere leefomgeving te creëren. Meppel moet aan deze wettelijke eisen voldoen. Aangezien hier sprake is van wettelijke eisen kan deze pijler beter worden gezien als een voorwaarde om een gezonde leefomgeving te worden voor mens en dier, waarbij overlast en schade altijd zoveel mogelijk moet worden voorkomen. 5. Circulariteit: De gemeente Meppel is in 2050 100% circulair. Meppel heeft een gunstige ligging, een grote ondernemersgeest en een dynamische economie. Deze factoren bieden een uitstekende basis om de transitie te maken van een lineair naar een circulair systeem. Circulariteit biedt nieuwe kansen voor marktontwikkeling, werkgelegenheid en een efficiënt gebruik van grondstoffen.

Als gemeente hebben we de wettelijke taak voor het inzamelen van huishoudelijk afval. We 10

werken toe naar hergebruik van de grondstoffen en het verminderen van ons restafval. Ook via deze weg stimuleren we circulariteit.

Operationele doelen De strategische doelen zijn nog ver weg en geven onvoldoende houvast om duidelijke inspanningen en activiteiten aan te koppelen. Daarom is een tussenstap gemaakt: operationele doelen. Dit zijn heldere doelstellingen, meestal op een kortere termijn. Hieraan kunnen vervolgens concrete inspanningen en activiteiten aan worden gekoppeld.

1. Energietransitie De energietransitie is de overgang van het gebruik van energie van fossiele brandstoffen naar energie uit hernieuwbare bronnen. Het is gericht op het tegengaan van CO₂-uitstoot en daarmee het afremmen van het opwarmen van de aarde en zo de klimaatverandering. Nederland wil minder afhankelijk worden van olie en gas van autocratische regimes. Dat kan door zelf meer duurzame energie te produceren. Verreweg de goedkoopste optie is windturbines op land.

Ambitie: De gemeente Meppel is CO₂-neutraal in 2040. In 2030 hebben we 55% CO₂-reductie bereikt ten opzichte van 1990 (dat is hetzelfde niveau als in 2017). We streven naar een reductie van 60%. Dit is een landelijke opgave vanuit het klimaatakkoord waar wij als gemeente Meppel aan moeten bijdragen. Op verschillende manieren wordt aan deze opgave gewerkt. In Meppel volgen we de stappen van het trias energetica. We kijken hoe het energieverbruik verminderd kan worden, hoe we schone hernieuwbare energie en energie uit reststromen kunnen realiseren, en als laatste stap hoe we eventueel gebruik van fossiele brandstoffen zo efficiënt mogelijk kunnen maken, plus hoe dit kan worden gecompenseerd. Als gemeente Meppel kijken we naar meerdere sectoren om dit toe te passen: industrie en bedrijven, mobiliteit, landbouw en landbouwgebruik, gebouwde omgeving en onze eigen gemeentelijke organisatie. In 2030 hebben we een opwek gerealiseerd van 0,167 TWh van lokale hernieuwbare energie, waarvan 0,102 TWh windenergie en 0,065 TWh zonne-energie. Om de energieopgave te realiseren ontwikkelen 30 energieregio’s in Nederland een eigen energiestrategie: de regionale energiestrategie (RES). Deze sluit aan bij de nationale klimaatdoelen en de specifieke mogelijkheden en behoeften van de regio. Meppel is aangesloten bij de RES-regio Drenthe.

Voor de RES-opgave 1.0 Drenthe heeft Meppel vastgesteld om in 2030 0,167 TWh grootschalig hernieuwbare energie op te wekken. Hiervan wordt 0,102 TWh door windenergie opgewerkt en 0,065 door zonne-energie. In de buitengebieden van de gemeente wordt gezocht naar ruimte voor grote windturbines. Voor de opwek van 0,102 TWh zijn ongeveer 4-6 windturbines van 5 MW per stuk nodig. Er zijn kansrijke gebieden in beeld gebracht bij het Ontwerp Omgevingsvisie om te weten waar ruimte is voor wind. Deze kansrijke gebieden zijn Noord IV, ten noorden van Nijeveen en langs de A32. 11

Bij de ontwikkeling voor het gebied Noord IV zijn al stappen gezet voor de realisatie van windturbines in dit gebied. Voor het gebied Noord IV geldt dat hiervoor al de structuurvisie ‘Omgevingsprogramma Noord IV’ is vastgesteld door de gemeenteraad in september 2023, waarin windturbines in het gebied zijn opgenomen. Voor dit gebied is er dus al een visie en een ruimtelijke basis gelegd om windenergie te realiseren. Er wordt in eerste instantie op dit gebied gefocust. In Noord IV is waarschijnlijk ruimte voor twee tot vier grote windturbines. Voor zonne-energie volgt de gemeente Meppel de zonneladder van het rijk. Dat betekent dat primair wordt gefocust op zonnepanelen op grote daken. Als de daken van woningen en gebouwen niet meer toereikend zijn, wordt uitgeweken naar zonnepanelen op grond. Daarom worden alternatieve gebieden ook onderzocht, onder andere langs de rijks- en provinciale wegen (A28 en A32), op parkeerterreinen Het omgevingsplan van Nieuwveenselanden voorziet al een zonnepark van 2 hectare. Financiële redelijkheid en lokaal eigendom De gemeente Meppel vindt het belangrijk om de lasten en lusten van de energietransitie eerlijk te verdelen. De breedste schouders dragen de meeste lasten en de grootste energieverbruikers en vervuilers betalen het meest. We houden rekening met de inspanning die wordt geleverd.

Met lokaal eigendom bedoelen we dat we bij grootschalige opwek de energieprojecten lokaal willen borgen en streven naar 100% lokaal eigendom. Hiervoor zal er een lokaal eigendom beleid worden opgesteld. Proces participatie, financiële participatie en communicatie worden hier o.a. onderdeel van. Het lokaal eigendom beleid zal richting geven aan de rol die de gemeente, omgeving en andere stakeholders gaan krijgen in lokale energieprojecten. In 2040 zijn alle gebouwen in de gemeente Meppel aardgasvrij. De gebouwde omgeving evenals de industrie & bedrijven zijn elk verantwoordelijk voor ongeveer een derde van de totale CO₂-uitstoot. We streven ernaar om in 2040 alle wijken van het aardgas af te hebben om zo CO₂-neutraal te zijn in 2040. Dit geldt voor alle gebouwen in de wijken, zowel bedrijfspanden als (huur)woningen. Nieuwbouwwoningen zijn al aardgasvrij. De grootste opgave ligt daarom bij bestaande bouw. Waar aardgasvrij nog geen optie is zetten we in op zoveel mogelijk besparen van aardgas. Dit doen we door middel van geen-spijt maatregelen. Dit zijn maatregelen die inwoners al in een vroeg stadium kunnen nemen om woningen geschikt te maken voor aardgasvrije verwarming. Als gemeente ontzorgen, stimuleren en faciliteren we particuliere woningeigenaren bij de realisatie van energiebesparende maatregelen.

Voor grote bedrijven en maatschappelijke instellingen geldt een energiebesparingsplicht en het bedrijfspand moet minimaal energielabel C hebben. Deze bedrijven en instellingen moeten elke vier jaar hun energiebesparingen rapporteren aan het bevoegd gezag: de lokale gemeente. Bij de gemeente Meppel wordt het energietoezicht uitgevoerd door de Omgevingsdienst Drenthe (ODD). Daarnaast wordt gekeken naar het realiseren van zonnepanelen op de daken van bedrijven, om zo over te stappen naar schone energie. Ook worden de mogelijkheden van groen gas en waterstof onderzocht. In 2030 hebben alle wijken een warmteplan. Warmteplannen geven richting aan de lokale aanpak van de warmtetransitie. Om alle wijken 12

van het aardgas af te krijgen is een gigantische opgave, die vraagt om weloverwogen plannen met een duidelijke keuze in techniek en een helder tijdspad. Het warmteplan beschrijft hoe een wijk aardgasvrij kan worden. Het plan moet passen bij de mensen die in de wijk wonen en werken. Daarom is samenwerking het allerbelangrijkste. Verschillende bijeenkomsten en werksessies leiden tot een praktisch warmteplan waar inwoners zelf mee aan de slag kunnen. In de gemeente Meppel hebben we inmiddels vastgestelde warmteplannen voor de wijken Berggierslanden en Koedijkslanden. In 2028 zijn er geen sociale huurwoningen met energielabel E, F en G. Woningcorporaties en particuliere verhuurders mogen vanaf 2030 geen woningen meer verhuren met een energielabel E, F, of G. Dit is landelijk afgesproken met de woningcorporaties. In Meppel willen de woningcorporaties dit al vanaf 2028. De gemeente Meppel maakt afspraken met de woningcorporaties om dit uit te kunnen voeren. Daarnaast worden inwoners gestimuleerd en gefaciliteerd om ook hun eigen woning energiezuiniger te maken. Dit gebeurt met de eerdergenoemde geen-spijt-maatregelen, met bijvoorbeeld kleine isolerende maatregelen door de fixbusjes. Met het stimuleren van duurzame mobiliteit verlagen we de CO₂-uitstoot. In de gemeente Meppel is mobiliteit voor ongeveer een derde verantwoordelijk voor de totale CO₂-uitstoot.

In deze sector ligt een grote uitdaging om over te stappen naar duurzame mobiliteit: een vorm van transport die de impact op milieu minimaliseert en bijdraagt aan de gezondheid van de samenleving. Dit zijn bijvoorbeeld vervoersmiddelen zoals de fiets, openbaar vervoer en deelmobiliteit. Maar ook de overstap naar schonere brandstoffen zoals waterstof en elektrische auto’s. We kunnen nog geen smart-doelstelling opnemen voor duurzame mobiliteit omdat nog onduidelijk is in hoeverre de CO₂-uitstoot verlaagt door de overstap naar duurzame vervoersmiddelen. Het is moeilijk te voorspellen hoe snel mensen daadwerkelijk overstappen naar vervoersmiddelen zoals fietsen, openbaar vervoer of elektrische auto's. Ook wordt nog niet alle elektriciteit die gebruikt wordt door elektrische auto’s duurzaam opgewekt. Wel zetten we in op een goede infrastructuur, we hanteren het STOMP-principe (stappen, trappen , openbaar vervoer, mobility as a service, particuliere auto) bij ruimtelijke ontwikkelingen en faciliteren laadpalen. Ook geldt sinds 1 juli 2024 een registratieplicht voor woon-werkverkeer en dienstreizen om inzicht te krijgen in de bijbehorende CO₂-uitstoot.

Voorbeeldfunctie In 2030 is de gemeentelijke organisatie CO₂-neutraal. Als gemeente willen we het goede voorbeeld geven door in 2030 CO₂-neutraal te zijn. We zetten in op maatregelen die het grootste effect hebben, zoals het verduurzamen van ons gemeentelijk vastgoed, het elektrificeren van ons wagenpark en het vervangen van de openbare verlichting door LED. Door het goede voorbeeld te geven enthousiasmeren en motiveren we onze samenleving dit ook te doen. Zo haalden we het poortgebouw bij de begraafplaats, sporthallen en het havenkantoor van het gas af. Het stadhuis maakt gebruik van een duurzame warmtevoorziening, er liggen zonnepanelen op het dak en onze stroom wordt 100% groen ingekocht. 13

Netcongestie In Meppel werken we toe naar een betrouwbaar en veilig energiesysteem waarbij we effectief en efficiënt energie opwekken en afnemen uit hernieuwbare bronnen. Op dit moment heeft heel Nederland en de hele provincie Drenthe last van netcongestie op het elektriciteitsnetwerk. De netbeheerders zijn in Nederland eigenaar van het energienetwerksysteem. Het hoogspanningsnet wordt in heel Nederland beheerd door Tennet. Het midden- en laagspanningsnetten zijn in beheer van regionale netbeheerders. In Meppel is dit voor elektriciteit Enexis Netbeheer B.V. (hierna: ‘Enexis’) en voor gas is dit RENDO Groep (hierna: ‘Rendo’). Om de netcongestie op te lossen, vinden er landelijk, provinciaal en binnen de gemeente veel verschillende ontwikkelingen plaats. Zo zijn de netbeheerders actief het elektriciteitsnetwerk aan het uitbreiden. Dit doen zij in samenwerking en in overleg met onder andere de provincies en ons als gemeente. De gemeente heeft hierin een belangrijke rol. Zo kijkt/denkt de gemeente mee waar stations het beste geplaatst kunnen worden in de openbare ruimte, en verlenen we vergunningen voor o.a. de bouw van een station en het aanleggen van kabels. Daarnaast ziet de gemeente erop toe dat de overlast voor de omgeving zoveel mogelijk wordt beperkt en hebben we een informerende/communicatieve rol hierin naar onze inwoners.

Het elektriciteitsnetwerk uitbreiden is een groot en complex proces, wat een oplossing op de lange termijn is maar nog jaren duurt. Om in de tussentijd oplossingen te vinden passen netbeheerders congestiemanagement toe. Ook worden er slimme en innovatieve oplossingen bedacht door en met ondernemers om de hinder rondom netcongestie zoveel mogelijk te minimaliseren. De gemeente heeft hier een faciliterende en ondersteunende rol in aan de netbeheerders, bedrijven en omliggende organisaties.

2. Klimaatadaptatie Klimaatadaptief zijn betekent het kunnen opvangen van en omgaan met de effecten van klimaatverandering, zoals wateroverlast, overstromingen, droogte en hittestress. Het is een aanpak die gericht is op het verminderen van de kwetsbaarheid voor klimaatverandering en het benutten van de kansen die klimaatadaptieve ontwikkeling biedt. Bijvoorbeeld, het behouden en vermeerderen van het aantal bomen helpt bij wateropvang tijdens hevige buien, biedt verkoeling tijdens hete zomers en draagt bij aan een prettige en gezonde leefomgeving. Zo draagt klimaatadaptatie bij aan zowel het versterken van de weerbaarheid van de leefomgeving als aan het verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving.

Ambitie: De gemeente Meppel is klimaatadaptief in 2050. Om hiernaartoe te werken heeft het rijk het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) opgesteld. Hierin staat beschreven wat nodig is om Nederland uiterlijk in 2050 14

klimaatbestendig en waterrobuust in te richten. Vervolgens zijn de DPRA-regio’s aan de slag gegaan met de Regionale Adaptatie Strategie (RAS) en Regionale Uitvoeringsagenda (RUA). De gemeente Meppel is hiervoor aangesloten bij samenwerkingsverband Fluvius, samen met de provincies Drenthe en Overijssel, waterschap Drents Overijsselse Delta en de gemeenten De Wolden, Hoogeveen, Midden-Drenthe, Steenwijkerland en Westerveld. Met de Lokale Adaptatiestrategie (LAS) en de Lokale Uitvoeringsagenda (LUA)heeft de gemeente Meppel de lokale vertaling van de RAS gemaakt. Enkele specifieke doelen uit de lokale adaptatiestrategie zijn geïntegreerd in dit programma Duurzaam, zodat we deze concreet kunnen monitoren en een tussenstap naar de lange termijndoelen uit de LAS kunnen realiseren. Bijvoorbeeld, de doelstelling om in 2050 40% onverharde openbare ruimte te hebben, betekent dat we tegen 2030 een tussendoel van 25% moeten bereiken. In 2030 is 25% van de openbare ruimte onverhard. Met dit doel willen we de infiltratie verbeteren en zodoende in tijden van droogte beschikken over een buffer van voldoende water in de ondergrond. Om dit te bereiken is herinrichting van bestaande verhardingen, zoals parkeerplaatsen en pleinen noodzakelijk. Door deze gebieden te vergroenen of gebruik te maken van waterdoorlatende bestrating kan regenwater beter in de bodem worden opgenomen.

Onverhard oppervlak speelt dan ook een cruciale rol in het verminderen van wateroverlast, water zakt beter weg bij extreme neerslag. Dit voorkomt een snelle afvoer naar het riool en bevordert een natuurlijke infiltratie in de bodem. Belangrijk is hierbij dat het water in elke kern en wijk van de gemeente kan infiltreren en zo min mogelijk afstand hiervoor hoeft af te leggen. In 2030 wordt 50% van het vuil- en hemelwater gescheiden ingezameld. We werken toe naar een gescheiden inzameling van vuil- en hemelwater. Dit kan door de afvoer van hemelwater los te koppelen van het vuilwaterriool, zodat schoon regenwater niet meer in het riool voor afvalwater terechtkomt. Schoon regenwater hoeft niet te worden gezuiverd. De gescheiden inzameling draagt daarmee bij aan het verduurzamen van het zuiveringsproces. Daarnaast wordt de kans op overlast bij hevige buien beperkt. Door het hemelwater af te koppelen en apart te beheren, verminderen we de belasting op het rioolstelsel aanzienlijk. Zware regenbuien kunnen leiden tot overbelasting bij de zuiveringsinstallaties wat resulteert in ongecontroleerde lozingen en verontreiniging van oppervlaktewater. Door het schone hemelwater af te koppelen en apart te beheren kan dit op een natuurlijke manier in de bodem infiltreren, wat ook bijdraagt aan het verminderen van wateroverlast en het op peil houden van het grondwater.

Dit kan gerealiseerd worden door het aanleggen van gescheiden rioolstelsels, waarbij regenwater via aparte leidingen wordt afgevoerd naar infiltratievoorzieningen zoals vijvers of wadi's. Het uiteindelijke doel is dat hemelwater volledig is afgekoppeld in 2050. In 2040 is 25% van de openbare ruimte beschaduwd. De bomen die we nu planten en al hebben geplant hebben nog tijd nodig hebben om volledig uit te groeien. Daarom focussen we ons voor dit doel op 2040. We hechten extra belang aan schaduw langs loop- en fietsroutes omdat daar meer verkoeling nodig is in verband met verhoogde activiteit. De combinatie van schaduw en beweging helpt de gezondheid en biedt essentiële verkoeling tijdens warme periodes. Ons uiteindelijke doel is om op openbaar terrein op wijkniveau 30% schaduw te realiseren en een schaduwpercentage van 40% bij 15

drinkwaterstroken, loop- en fietspaden. Met deze percentages is voldoende schaduw gecreëerd voor de hete zomers. Belangrijk hierbij is dat de schaduw komt van bomen en niet van gebouwen. Bomen hebben een sterker verkoelend effect dan gebouwen; gebouwen absorberen warmte van zonlicht. Daarnaast helpen bomen bij het verminderen van wateroverlast en het verbeteren van de kwaliteit van drinkwater door het koel houden van de leidingen. Uiteraard zorgt de vergroening ook voor een betere leefomgeving.

Wateroverlast = schade en ontreddering door hoge waterstanden door extreme neerslag en/of water dat niet weg kan lopen. Overstroming = onbeheersbare hoeveelheid water in een gebied dat normaal niet onder water staat. Droogte = als het langere tijd achter elkaar weinig regent en er veel water verdampt. Er is watertekort, grondwaterstand is onder het gemiddelde grondwaterpeil. Hittestress = lichamelijke en mentale klachten, waarbij mensen en dieren warmte niet kwijt kunnen door extreme hitte.

Vanaf 2024 worden alle ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeente Meppel klimaatadaptief gerealiseerd. Ruimtelijke ontwikkelingen moeten goed bestand zijn tegen droogte, hitte, wateroverlast en overstromingen. In Meppel houden we bij locatiekeuze voor nieuwbouw en vitale netwerken en objecten rekening met overstromingsrisico’s en zetten we actief in op gevolgbeperking bij overstromingen. Hierbij maken we gebruik van het principe water- en bodemsturend. Dit principe passen we al toe bij Noord III en Noord IV. Bij onderhoud, herstructurering en nieuwe ontwikkelingen zorgen we voor goede schaduwwerking en waterinfiltratie. Hierbij helpt het door het Rijk opgestelde ‘Ruimtelijk afwegingskader klimaatadaptieve gebouwde omgeving’ en de ‘Landelijke maatlat voor een groene en klimaatadaptieve gebouwde omgeving’. Op deze manier worden nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen klimaatadaptief gerealiseerd

Voorbeeldfunctie We richten ons gemeentelijk vastgoed klimaatadaptief in. Naast het klimaatadaptief inrichten van de fysieke leefomgeving willen we ook met ons eigen gemeentelijk vastgoed aan de slag. Uit de klimaatstraatplaten is gebleken dat het openbare gebied rondom de gemeentewerf risico loopt op wateroverlast bij een hevige bui. Daarom is de gemeentewerf een goede start binnen het gemeentelijk vastgoed. Dit is ook vastgesteld in de LUA. Om de mogelijke wateroverlast aan te pakken willen we de werf vergroenen. Dit zorgt niet alleen voor een betere klimaatadapatie, maar draagt ook bij aan een fijnere werkomgeving en het helpt de biodiversiteit rondom de werf. In 2030 heeft de gemeentelijke organisatie een waterverbruikreductie van 2,5% gerealiseerd ten opzichte van 2023. In de toekomst zal langdurige droogte een groter risico worden binnen de gemeente Meppel. Als de droogte voor lange tijd aanhoudt, kunnen er zoetwatertekorten optreden. Met het beter vasthouden van zoet water, zuiniger watergebruik en meer hergebruik van (afval)water kan worden bijgedragen aan het verbeteren van de zoetwaterbalans. Om het goede voorbeeld te geven, zetten we in op verminderen van ons eigen waterverbruik, voor zowel gemeentelijke activiteiten als ons gemeentelijk vastgoed. Het uiteindelijke doel, zoals opgenomen in de LAS, is een reductie op het waterverbruik van 10% in 2050. 16

3. Natuur, landschap en biodiversiteit Een robuust en veerkrachtig ecosysteem betekent dat flora en fauna zichzelf in stand kunnen houden. En dat de algemeen voorkomende soorten planten en dieren niet in aantal achteruitgaan door menselijke invloeden, of daar waar dat al is gebeurd, populaties kunnen herstellen. Belangrijk is dan ook dat inwoners en bedrijven weten wat een robuust ecosysteem inhoudt en worden gestimuleerd in het nemen van natuurinclusieve maatregelen.

Ambitie: De gemeente Meppel heeft in 2050 een robuust en veerkrachtig ecosysteem, passend bij Meppel en met behoud en herstel van bestaande landschaps- en natuurkwaliteiten. In 2024 passen we bij elke ruimtelijke ontwikkeling het natuurinclusief ontwikkelen toe. Natuurinclusief ontwikkelen is een manier van bouwen en plannen waarbij maatregelen worden genomen om de natuur te behouden en te versterken. De inrichting en het beheer van bestaande en nieuwe infrastructuur, bedrijventerreinen, watergangen en andere aspecten van de openbare ruimte zijn nog niet altijd goed afgestemd op een robuust ecosysteem. Het kan en moet beter, want voor herstel van biodiversiteit is de openbare ruimte hard nodig. Het groen moet groen blijven en het grijs moet groener. Daarom ontwikkelen we natuurinclusief. Voorbeelden zijn groene daken en nestkasten voor vogels. Bij nieuwe gebiedsontwikkelingen, zoals Noordpoort en Nieuwveense Landen, nemen we dit al mee. We houden inzicht in de Meppeler basiskwaliteit natuur. De biodiversiteit holt achteruit, wereldwijd maar ook in Nijeveen is het meest vergroend! Meppel. Oorzaken zijn (menselijke) factoren als verzuring, vermesting, versnippering en verdroging. Zo Nijeveen deed mee aan de Groene verdwijnen steeds meer vlinders en hebben bepaalde Stad Challenge en is in 2024 als stadsvogels zoals de huismus het steeds moeilijker.

winnaar uit de bus gekomen voor het Inzetten op beschermde soorten en natuurgebieden is meest vergroende dorp van Nederland. niet meer voldoende, ook de algemene soorten en hun De Groene Stad Challenge heeft als leefgebieden hebben hulp nodig. Daarom werken we doel om gemeenten te ondersteunen bij aan een goede basiskwaliteit natuur in Meppel. Met het vergroenen van de stedelijke basiskwaliteit natuur wordt een minimumniveau voor biodiversiteit in een gebied bedoeld. De eerste stand van leefomgeving, om zo bij te dragen aan zaken hebben we in kaart gebracht in de biodiversiteit en het welzijn van natuurwaardenkaarten, waarin alle 19 leefgebieden in inwoners, en de gevolgen van Meppel staan beschreven. Naast beschermde en klimaatverandering te beperken. algemene soorten, benoemen we kansen en bedreigingen voor elk gebied. We doen de komende jaren meer onderzoek naar soorten als kleine marterachtigen en amfibieën, zo vullen we de 17

kaarten aan. Daarmee vergroten we het inzicht in de Meppeler basiskwaliteit natuur. Ook werken we samen met provincie Drenthe aan basiskwaliteit natuur. In 2030 hebben we voor elk landschapstype in beeld of de kenmerkende landschapselementen in voldoende mate aanwezig zijn. Bij elk van de landschapstypen in Meppel horen bepaalde landschappelijke elementen. Bijvoorbeeld de elzensingels in Nijeveen en Kolderveen. Het is van belang dat het landschap voldoende elementen heeft en dat deze ook van goede kwaliteit zijn. Zo ontstaat een robuust landschap voor planten en dieren én is het voor ons herkenbaar en beleefbaar. We hebben nog meer inzicht nodig in wat er aanwezig is, wat er is verdwenen en wat de kwaliteit is. Dit helpt om gerichte maatregelen te kunnen nemen. We verbinden de groene hoofd- en nevenstructuren met elkaar. Dit betekent dat we werken aan het creëren en versterken van ecologische verbindingen tussen de belangrijkste groene gebieden en de omliggende groene en blauwe netwerken. Deze verbindingen zijn cruciaal voor het bevorderen van biodiversiteit en een robuust ecosystemen. We gaan de groenblauwe hoofdstructuur, bestaande uit natuurgebieden, waterlopen en groene corridors, ecologisch beheren. Naast deze hoofdstructuur versterken we ook de nevenstructuren, zoals kleinere parken en tuinen.

Door zowel de hoofd- als nevenstructuren te verbeteren en met elkaar te verbinden, creëren we een samenhangend ecologisch netwerk. Het draagt ook bij aan de leefgebieden, die groot genoeg en geschikt moeten zijn voor gezonde populaties van gidssoorten uit de natuurwaardenkaarten. Dit zijn indicatorsoorten waarvan de aanwezigheid en het welzijn een goede afspiegeling zijn van de ecologische gezondheid van een gebied.

Voorbeeldfunctie In 2030 passen we op 80% van onze bermen ecologisch beheer toe. Dit betekent dat we voor onze bermen (de stroken grond langs wegen) een beheer toepassen dat goed is voor de natuur. Uitgangspunt is dat we delen van de vegetatie laten staan, zodat er zaadzetting van kruiden kan plaatsvinden en leefgebied voor insecten aanwezig blijft. Soms maaien we minder, maar soms juist ook wat vaker om de bodem te verschralen en kruiden meer kans te geven boven grassen. Dit helpt bloemen en kruiden om zich te verspreiden en biedt voedsel voor insecten zoals bijen en vlinders. Het beheer is afgestemd op de habitateisen van de gidssoorten. We richten ons gemeentelijk vastgoed natuurinclusief in. Bij het verduurzamen van ons gemeentelijk vastgoed kijken we ook naar welke maatregelen we kunnen nemen om de natuur te behouden of te versterken.

4. Gezond leefmilieu In Meppel vinden we het belangrijk om te werken aan een gezond leefmilieu. Een gezond leefmilieu is een leefomgeving waar de druk op de gezondheid zo laag mogelijk is door een goede milieukwaliteit op het gebied van lucht, bodem, geur en geluid. Het waarborgen van 18

de bodem- en luchtkwaliteit en het verminderen van geluid- en geurhinder zijn essentiële vereisten voor een duurzaam en toekomstbestendig Meppel.

Ambitie: De gemeente Meppel voldoet aan de wettelijke milieunormen voor bodem, lucht, geur en geluid om zo veel mogelijk schade en/of hinder voor mens, dier en milieu te voorkomen. We zorgen dat er in de gemeente Meppel aan de milieunormen wordt voldaan. Om een gezondere leefomgeving te creëren, stellen de EU en de rijksoverheid milieunormen. Als gemeente hebben we wettelijke taken op gebied van milieu. De Omgevingsdienst Drenthe (ODD), voorheen RUDD, voert deze taken voor ons uit. Gemeenten en provincie blijven bevoegd gezag en het eerste aanspreekpunt voor de samenleving. Als gemeente zijn we verantwoordelijk voor milieubeleid en lokale prioriteitstelling. De gemeente Meppel heeft geen lokaal milieubeleid. We zetten ons in om aan de wettelijke eisen te voldoen. Hiervoor werken we nauw samen met bedrijven en houden toezicht op naleving van de regels, waar nodig handhaven we. Dit doen we door een risicogestuurde aanpak in plaats van aan de hand van operationele doelstellingen. Deze pijler is een voorwaarde: werk je aan duurzaamheid dan is een gezond leefmilieu daar een essentieel onderdeel van. Een gezond leefmilieu is een voorwaarde bij ruimtelijke ontwikkelingen. Een gezond leefmilieu is een onmisbare voorwaarde bij ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeente Meppel.

Dit betekent dat we bij nieuwe ontwikkelingen rekening houden met de impact op bodem-, lucht- en waterkwaliteit en streven we naar het minimaliseren van geluiden geurhinder. Een voorbeeld hiervan zijn de geluidzones bij de bedrijventerreinen Oevers, Noord I en Spijkerserve. We zetten in op minder vervuiling en meer kwaliteit. Door dit als voorwaarde mee te nemen in ruimtelijke ontwikkelingen dragen nieuwe projecten bij aan een duurzame en gezonde omgeving. We creëren een gezond leefmilieu door slim te combineren met de andere pijlers. Naast het toezicht houden op en het handhaven van de milieunormen werken we aan een gezond leefmilieu door de opgaven van de andere pijlers te integreren. Een gezonde leefomgeving wordt gekenmerkt door hoge lucht- en waterkwaliteit en een gezonde bodem. Voor een gezonde bodem geldt dat de beoogde functie past bij de kwaliteit ervan; dit is het principe van een sturende bodem, wat we toepassen bij klimaatadaptatie. Goede luchtkwaliteit is essentieel voor zowel de gezondheid van mensen als de natuur. Verkeer, huishoudens, landbouw en industrie stoten verschillende schadelijke stoffen uit, zoals fijnstof, zwaveldioxide (SO₂), kooldioxide (CO₂), stikstofoxiden (NOₓ) en ammoniak (NH₃). Met duurzame productieketens verminderen we de vraag naar nieuwe grondstoffen, waardoor we minder schadelijke stoffen uitstoten.

Met de energietransitie streven we naar een CO₂-neutrale gemeente en stappen we af van de fossiele brandstoffen en de bijbehorende uitstoot. Fijnstof, uitgestoten door auto’s, heeft een grote impact op onze luchtkwaliteit. Met het stimuleren van duurzame mobiliteit verbetert onze luchtkwaliteit. 19

Hetzelfde wordt gedaan door het stimuleren van biodiversiteit en het verbeteren van ons groen, bomen absorberen fijnstof en CO₂ en zijn daarnaast natuurlijke geluidsbarrières.

5. Circulariteit Circulariteit is gericht op het continu hergebruiken van materialen, waardoor afval niet meer bestaat. Het creëert nieuwe markten en werkgelegenheid door producten en materialen zo te ontwerpen dat ze kunnen worden hergebruikt, gerecycled, of gerepareerd. Dit bevordert duurzame economische groei en maakt ons minder afhankelijk van eindige grondstoffen.

Ambitie: De gemeente Meppel is in 2050 100% circulair. In 2030 wordt er 50% minder gebruik gemaakt van primaire grondstoffen. Dit is een landelijke doelstelling waarbij gestreefd wordt naar een halvering van de hoeveelheid nieuwe, niet-hernieuwbare materialen die we uit de natuur halen, zoals mineralen, fossiele brandstoffen en metalen. Circulariteit is een vrij nieuw thema; het is breed en daarmee moeilijk vast te pakken. Op deze pijler vindt daarom nog veel ontwikkeling plaatst. De eerste stap die we zetten is vormgeven en afbakenen wat circulariteit voor de gemeente Meppel is. In Meppel geven we vorm aan de circulariteit door ons te richten op 4 onderwerpen: circulair bouwen, circulair bedrijfsleven, grondstoffeninzameling en duurzaam inkopen. We zetten in op circulair bouwen. We zetten ons in voor circulair bouwen door hergebruik van materialen te stimuleren en de hoeveelheid bouwafval te verminderen om zo onze ruimtelijke ontwikkelingen te verduurzamen. Een voorbeeld waar we dit hebben toegepast is Bleekerseiland. Wieken van windmolens zijn hergebruikt en gemaakt tot bankjes. We gaan nu aan de slag om met de wieken de brug tussen Bleekerseiland en de stoombootkade te realiseren. Door hergebruik van materialen, dragen we bij aan de reductie van CO2-uitstoot. We stimuleren een circulair bedrijfsleven. Verduurzaming is een onderwerp voor al onze bedrijven.

Zowel op de bedrijventerreinen als in de binnenstad. Wij onderzoeken hoe we zoveel mogelijk bedrijven hierin vooruit kunnen helpen. Onze economie bevindt zich momenteel vooral in de fase van recycling, maar we willen de stap maken naar een volledig circulaire economie. Hiervoor is het essentieel dat bedrijven en ondernemers de noodzaak hiervan inzien, maar ook de voordelen herkennen, zoals kostenbesparing, betere controle over de keten, inspelen op schaarste, het versterken van samenwerkingen, en tijdig voldoen aan regelgeving. Bovendien is een circulaire economie beter voor de planeet. Hoewel enkele koplopers al gemotiveerd zijn of kansen zien in nieuwe verdienmodellen, blijft het brede middenveld vaak achter. Om hen in beweging te krijgen, werken we als gemeente nauw samen met partners zoals Port of Zwolle, Nice°, en de Ondernemersdienstverlening van Drenthe en de Regio Zwolle. Grondstoffeninzameling Landelijk zijn doelstellingen geformuleerd voor afvalinzameling. Dit noemen we de VANG20

doelen: Van Afval Naar Grondstof. Deze doelen maken onderdeel uit van het streven naar een circulaire economie in 2050. Als gemeente ben je verantwoordelijk voor het inzamelen van huishoudelijk afval. Ook biedt dit kans om samen met onze inwoner bij te dragen aan de totstandkoming van de circulaire economie. We gaan verspilling tegen en hergebruiken grondstoffen. We werken bij de gemeente Meppel vanuit 3 uitgangspunten: - Preventie - Afvalscheiding en recycling - Minder restafval In 2030 wordt minimaal 60% van al ons huishoudelijke afval gerecycled. De komende jaren gaan we de focus meer leggen op de kwaliteit van de gescheiden grondstofstromen, zodat er meer gerecycled kan worden. Het nieuwe recyclepercentage gaat ons helpen om hierop te sturen. In de gemeente Meppel hebben we gekozen voor bronscheiding. Dit houdt in dat ieder huishouden zelf verantwoordelijk is om zijn/haar afval te scheiden. Op deze manier kunnen de grondstoffen beter worden gerecycled. Het huidige recyclepercentage in Meppel is 56% (peiljaar 2023). We sturen door middel van het recyclepercentage op de kwaliteit van de ingezamelde deelstromen. Door meer te sturen op het percentage gerecycled materiaal, willen we de kwaliteit van de gescheiden deelstromen verhogen. De hoeveelheid huishoudelijk restafval blijft jaarlijks afnemen tot minder dan 100 kg per inwoner.

De gemeente Meppel zet in op het structureel verminderen van de hoeveelheid huishoudelijk restafval. Dit betekent ook; het voorkómen van afval. Hiervoor is het nodig dat we onze inwoners helpen bewuster te consumeren en minder te verspillen. Jaarlijks moet de hoeveelheid afval blijven dalen. In 2023 had de gemiddelde inwoner van Meppel nog 157 kilo restafval. We onderzoeken de mogelijkheid voor een andere berekening van het tarief met een vaste en een variabele component. Door afval beter te scheiden en minder restafval over te houden, krijgen inwoners invloed op de hoogte van het variabele deel van hun afvalstoffenheffing. De goede afvalscheider wordt beloond, anderen worden uitgedaagd beter hun best te doen. Om het aantal kilo’s te verlagen wordt oneigenlijk gebruik van de ondergrondse restafvalcontainers tegengegaan. Dit doen we door een limiet in te stellen op het gebruik hiervan. Tegelijkertijd worden inwoners geïnformeerd en gestimuleerd om hun afval te verminderen, wat helpt om spontaan nalevingsgedrag te bevorderen. We zetten in op een afvalscheidingspercentage van minimaal 75%. Het afvalscheidingspercentage is het percentage van het afval dat wordt aangeboden voor recycling of hergebruik. De nadruk ligt hierbij op het inzamelen van gescheiden afval.

Door middel van de U&H-strategie wordt er gecontroleerd of huishoudens en bedrijven hun afval correct scheiden (toezicht/U) en worden er maatregelen genomen als dit niet gebeurt (handhaving/H). Afvalscheiding heeft direct een positief effect op de CO₂-uitstoot. Er is minder restafval dat verbrand hoeft te worden en dus minder CO₂-uitstoot. Ook preventie draagt direct bij aan CO₂-reductie; immers, afval dat niet ontstaat hoeft niet (gescheiden) ingezameld te worden. 21

Voorbeeldfunctie De gemeente Meppel wil de circulaire economie tastbaar en ervaarbaar maken. Door partijen en grondstoffen met elkaar te verbinden in een circulair ambachtscentrum willen we de circulaire economie ervaarbaar maken. Een circulair ambachtscentrum combineert de functies van een milieustraat, kringloopwinkel en reparatiewerkplaats, waardoor spullen en materialen langer in gebruik blijven en onnodig storten en verbranden wordt voorkomen. We noemen dit de Makersloods, een innoverende en inspirerende plek waar volop geëxperimenteerd kan worden met reststromen en circulair ondernemen. Een kans voor (startende) ondernemers en een plek waar leerlingen meer kunnen leren over de circulaire economie. We reduceren en recyclen het afval van de gemeentelijke organisatie. We gaan actief aan de slag met het verminderen van ons afval en zetten in op recyclen. Wat we vragen van onze inwoners moeten we immers zelf ook goed doen. We verminderen ons afval onder andere door verder te digitaliseren, waardoor er minder papierafval is. Ook vervangen we kapotte onderdelen in plaats van iets nieuws aan te schaffen, bijvoorbeeld de armleuningen van de bureaustoelen. In het stadhuis zijn afvalstations geplaats in de pantry’s waar medewerkers en bezoekers hun afval gedeeltelijk kunnen scheiden. Net als onze inwoners scheiden we papier, GFT en PMD.

We kopen onze producten en diensten duurzaam in. We werken aan het verduurzamen van onze bedrijfsvoering door invulling te geven aan circulair inkopen en maatschappelijk verantwoord opdrachtgeven en inkopen. We willen zo duurzaam mogelijke inkooptrajecten realiseren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meppel&id=c1ee16fa-085f-4260-b3e8-fd3212a33423