CConstaterende datMeppel
Koppel je AI →
Document · PDF

Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterweg 5-7_Toelichting

1 - RAADSVERGADERING 28 maart 2024, gemeente MeppelBij agendapunt: Bestemmingsplan 'Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterweg 5-7'13.783 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Uit dit onderzoek blijkt dat de meest nabijgelegen Natura 2000-gebieden zijn: De Wieden, gelegen op een afstand van circa 6,5 km; Olde Maten & Veerslootslanden, gelegen op een afstand van circa 9,3 km; Holtingerveld, gelegen op een afstand van circa 9,6 km; Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht, gelegen op een afstand van circa 12,4 km. Uit de uitgevoerde AERIUS-berekening blijkt dat er geen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden zijn met een overschrijding van een planbijdrage van meer dan 0,00 mol N/ha/jaar. Er treedt door de stikstofdepositie geen negatief effect op in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb) beschermde Natura 2000-gebieden. Het aspect stikstof staat nadere besluitvorming niet in de weg. Er treedt door de stikstofdepositie geen negatief effect op in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb) beschermde Natura 2000-gebieden. Het aspect stikstof staat nadere besluitvorming niet in de weg. Conclusie Het aspect gebiedsbescherming (inclusief stikstof) vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan. Het aspect ecologie vormt (met inachtneming van de resultaten van het nader huismusonderzoek) geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 30 -

4.6

Luchtkwaliteit Toetsingskader n hoofdstuk 5 van de Wet milieubeheer (Wm) zijn de grenswaarden op het gebied van de luchtkwaliteit vastgelegd. Daarbij zijn in de ruimtelijke ordeningspraktijk vooral de grenswaarden voor stikstofdioxide (NO2), fijn stof (PM10) en zeer fijn stof (PM2,5) van belang. Grenswaarden ten aanzien van de jaargemiddelde concentratie betreffen 40 µg/m3 voor zowel NO2 als PM10 en 25 µg/m3 voor PM2,5. Projecten met een invloed van 'niet in betekenende mate' (nibm) op de luchtkwaliteit zijn verder vrijgesteld van toetsing aan de grenswaarden. Op grond van de Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen) zijn (onder andere) de volgende projecten vrijgesteld van toetsing: woningbouwprojecten met minder dan 1.500 woningen; projecten die leiden tot minder dan 3% verslechtering van de luchtkwaliteit (een toename van maximaal 1,2 µg/m3 NO2 of PM10). Deze grens komt in 2021 overeen met 1.739 auto's dan wel 157 vrachtwagens per weekdagetmaal (Grenswaarden per 06-04-2021). PM10 en PM2,5 zijn overigens sterk gerelateerd, aangezien PM2,5 onderdeel uitmaakt van de emissie van PM10. Als aan PM10 wordt voldaan, mag daarom worden aangenomen dat ook de grenswaarde van PM2,5 niet wordt overschreden.

Toetsing Het initiatief betreft een Ruimte voor Ruimte-Regeling, waarbij 1.375 m2 agrarische bebouwing wordt gesloopt en daarvoor in de plaats één compensatiewoning wordt gebouwd van 135m2. Met de al aanwezige twee woningen in het rijksmonument, worden er met dit planvoornemen drie woningen planologisch mogelijk gemaakt. De toevoeging van drie woningen in een matig stedelijke gemeente in het buitengebied kennen een verkeersgeneratie van maximaal 25 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Hierbij is uitgegaan van twee twee-onder-een-kap koopwoningen en één vrijstaande koopwoning, een worstcasescenario. Het voornemen leidt ook niet tot een hoeveelheid verkeer groter dan de grenswaarde, zoals genoemd in de tweede vrijstellingscategorie. Rekentool Voor kleinere ruimtelijke en verkeersplannen die effect kunnen hebben op de luchtkwaliteit heeft het ministerie van Infrastructuur en Milieu in samenwerking met Kenniscentrum InfoMil de NIBM-tool in 2008 ontwikkeld. De NIBM-tool wordt jaarlijks door InfoMil geactualiseerd. Daarmee kan op een eenvoudige en snelle manier worden bepaald of een plan niet in betekenende mate bijdraagt aan luchtverontreiniging. Met behulp van deze rekentool (versie 2022) is de toename van de stoffen NO2 en PM10 bepaald.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 31 -

Uit de berekeningen met de NIBM-tool blijkt dat het plan de grens van 3% (een toename van 1,2 µg/m3 NO2 of PM10) niet overschrijdt. Het project kan derhalve worden beschouwd als een NIBM-project. Nader onderzoek naar de luchtkwaliteit vanwege de toename van het verkeer is niet noodzakelijk. Conclusie Het project moet derhalve worden beschouwd als een NIBM-project. Nader onderzoek naar de luchtkwaliteit kan derhalve achterwege blijven.

4.7

Externe veiligheid Toetsingskader Inrichtingen Op 13 februari 2009 is het gewijzigde Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) in werking getreden. Dit besluit geeft voorwaarden voor nieuwe en bestaande situaties ten aanzien van het plaatsgebonden risico en het groepsrisico van inrichtingen waarin bepaalde gevaarlijke stoffen worden gebruikt, opgeslagen of geproduceerd. Het plaatsgebonden risico onderscheidt grens- en richtwaarden voor (beperkt) kwetsbare objecten. Het betreft de berekende kans per jaar dat een persoon overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongeval bij een risicobron, aangenomen dat hij op die plaats permanent en onbeschermd verblijft. Deze kans mag maximaal één op een miljoen (10-6) per jaar zijn. Het groepsrisico is van toepassing op groepen personen in het invloedsgebied van een inrichting met gevaarlijke stoffen en de kans op overlijden. Dit wordt weergegeven in een Fn-curve en getoetst aan een oriënterende waarde. Vervoer van gevaarlijke stoffen

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 32 -

Op 1 april 2015 is de nieuwe wetgeving rond transportroutes, het Besluit transportroutes externe veiligheid (Btev) met het bijbehorende Basisnet, in werking getreden. Dit besluit vervangt de circulaire Risiconormering vervoer gevaarlijke stoffen. Het Besluit transportroutes externe veiligheid sluit aan op de bepalingen uit het Besluit externe veiligheid inrichtingen omtrent het plaatsgebonden risico en groepsrisico. Daarnaast wordt het Basisnet voor wegen, spoor en water opgesteld. Dit basisnet omvat alle rijkswegen, spoorlocaties met goederenvervoer en kanalen en rivieren met goederenvervoer, met de bijbehorende (eventueel aanwezige) risicoafstanden. Buisleidingen Op 1 januari 2011 is het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) in werking getreden met de bijbehorende Regeling externe veiligheid buisleidingen (Revb). Dit besluit omvat de nieuwe regelgeving op het gebied van buisleidingen waardoor gevaarlijke stoffen worden vervoerd. In plaats van de bebouwings- en toetsingsafstanden waar in de oude circulaires van werd uitgegaan, dienen nu de belemmeringenstrook (vijf meter bij leidingen met een druk boven de veertig Bar), de plaatsgebonden risicocontour (10-6) en het invloedsgebied van het groepsrisico (1%-letaliteitsgrens) in acht te worden genomen bij ruimtelijke ontwikkelingen.

Onderzoek In het kader van het Interprovinciaal Overleg (IPO) is een zogenoemde risicokaart ontwikkeld. Hierin is informatie opgenomen die met risico's te maken heeft; zowel risicobronnen als kwetsbare objecten die aandacht verdienen bij ruimtelijke ontwikkelingen worden getoond. Voor het planvoornemen van dit bestemmingsplan is op de risicokaart nagegaan of er ook aandachtspunten (in dit geval risicobronnen) op het vlak van de externe veiligheid aanwezig zijn. Hieruit is gebleken dat in en in de omgeving van het plangebied enkele aspecten van externe veiligheid een rol spelen.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 33 -

Figuur 8. Uitsnede risicokaart, het plangebied bevindt zich globaal in het blauwe kader (bron: risicokaart.nl, ,d.d.26-07-2022) Inventarisatie van de risicobronnen in en nabij het plangebied Volgens de risicokaart komen in of in nabijheid van het plangebied geen risicovolle inrichtingen in de zin van het Bevi voor. Ook zijn er geen risicovolle inrichtingen ingevolge het Vuurwerkbesluit aanwezig. Vervoer van gevaarlijke stoffen Het plangebied ligt nabij de transportroutes Rijksweg A28 en Hoogeveense Vaart. Op basis van de beleidsvisie externe veiligheid van de gemeente Meppel kan de A28 kan worden beschouwd als belangrijke transportader waarover veel gevaarlijke stoffen mogen worden vervoerd. Voor de gemeente Meppel betekent dat ten weerszijden van de A28 een PAG van 30 meter vanaf de kant van de weg wordt aangehouden. Binnen deze zone mag geen nieuwbouw van kwetsbare objecten plaatsvinden. Het invloedsgebied van het groepsrisico langs transportroutes is 200 meter rondom de weg. Met het planvoornemen komt de dichtstbijzijnde woning op 220 meter van de A28 te liggen, dit is buiten het invloedsgebied van de snelweg. Veel gevaarlijke stoffen worden over water vervoerd. Omdat er nog veel ruimte is, is het water een belangrijke uitwijkmogelijkheid voor andere modaliteiten. Die ruimte moet behouden worden voor de toekomst.

De gedachte is dat langs belangrijke binnenvaartverbindingen (Hooheveense Vaart) een veiligheidszone van 25 meter wordt aangehouden voor nieuwe situaties. Die 25 meter is gebaseerd op het meest voorkomende scenario, een plasbrand. Het plangebied ligt op 650 meter van de

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 34 -

Hoogeveense Vaart. Het invloedsgebied reikt daarmee niet tot in het plangebied. Buisleidingen Op circa 380 meter ten noordoosten van het plangebied ligt een hogedruk aardgastransportleiding met een diameter van 8,62 inch en een maximale werkdruk van 40 bar. De PR 10-6 contour ligt op de leiding. Op grond van het concept Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) moet een belemmeringenstrook van 4 meter aan weerszijden van de leiding in acht worden genomen, waarin zich geen bouwwerken of diepwortelende planten mogen bevinden. Deze strook bevindt zich buiten het plangebied. Het invloedsgebied van de leiding is 120 meter, en reikt daarmee ook niet tot het plangebied. Conclusie Ten aanzien van het aspect externe veiligheid treden er geen belemmeringen op.

4.8

Bedrijven en milieuzonering Toetsingskader Ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening, als uitgangspunt van de Wet ruimtelijke ordening (Wro), is het waarborgen van voldoende afstand tussen hinderveroorzakende functies, zoals bedrijven en voorzieningen, en hindergevoelige functies, zoals woningen, noodzakelijk. Bij de ruimtelijk-functionele afstemming hiervan kan gebruik worden gemaakt van de richtafstanden uit de basiszoneringslijst van de publicatie Bedrijven en milieuzonering (2009) van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Een richtafstand wordt beschouwd als de afstand waarbij onaanvaardbare milieuhinder als gevolg van bedrijfsactiviteiten (betreffende geluid, geur, stof en gevaar) redelijkerwijs kan worden uitgesloten in gebieden met functiescheiding (omgevingstype 1: rustige woonwijk dan wel rustig buitengebied). De grootst aangegeven afstand is bepalend. Als aan de gestelde richtafstanden wordt voldaan, is op die punten sprake van een goede ruimtelijke ordening. De genoemde maten zijn evenwel richtinggevend en met een goede motivering kan en mag hiervan worden afgeweken. De richtafstanden zijn overigens niet alleen gekoppeld aan de milieucategorie van een te beoordelen bedrijf/voorziening maar ook aan de karakterisering van de omgeving.

Zo kan in geval van een gemengd gebied (omgevingstype 2), waar sprake is van functiemenging in plaats van functiescheiding, worden gewerkt met een verkleinde richtafstand. Hiertoe kan de minimale richtastand met één afstandsstap worden verkleind. Onderzoek Het geldende bestemmingsplan voor het plangebied vormt het juridisch-planologisch kader van functies, bebouwing en werkzaamheden die in de verschillende op de verbeelding aangegeven bestemmingen zijn toegelaten. Op basis van het geldende bestemmingsplan kan in planologisch-juridische zin worden nagegaan welke milieuhinderlijke bedrijvigheid is toegelaten. Rondom het plangebied is voornamelijk sprake van verschillende woonbestemmingen en bijbehorende reguliere functietoedelingen

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 35 -

wat betreft verkeer, groen en water. Het plangebied ligt in rustig buitengebied. In de directe nabijheid van het plangebied is slechts één relevant bedrijf aanwezig met betrekking op milieuzonering. Aan de noordkant van het plangebied bevinden zich transportbedrijven Van Der Sluis Transport en LCM expeditie. Een dergelijke voorziening kan in de genoemde VNG-publicatie worden ondergebracht in de categorie 'Stalling van vrachtwagens (met koelinstallaties)' van milieucategorie 3.2 (op basis van geluid) met een aan te houden minimale richtafstand van 100 meter tot hindergevoelige objecten. De hindergevoelige objecten in het plangebied liggen op circa 450 meter van de transportbedrijven. Dit is op voldoende afstand. Conclusie Het aspect bedrijven bestemmingsplan.

4.9

en

milieuzonering

vormt

geen

belemmering

voor

dit

Verkeer en parkeren Voor een ruimtelijk plan geldt dat de verkeerseffecten die optreden als gevolg van een voornemen in het kader van een goede ruimtelijke ordening moeten worden onderbouwd. De nadruk ligt daarbij op de effecten van de ontwikkeling op de verkeersafwikkeling en parkeren (bereikbaarheid), de verkeersveiligheid en de verkeershinder (leefbaarheid). In publicatie nr. 381 'Toekomstbestendig parkeren, Van parkeerkencijfers naar parkeernormen' (2018) van het CROW (het nationale kennisplatform voor infrastructuur, verkeer, vervoer en openbare ruimte) zijn vuistregels en kengetallen aangereikt om verkeerseffecten bij ontwikkelingen te bepalen. De richtlijnen van het CROW gaan uit van een bandbreedte van minimale en maximale parkeerkencijfers. Verkeersafwikkeling De realisatie van de woningen leidt tot een toename van de verkeersaantrekkende werking van en naar het plangebied. Op basis van de kengetallen van het CROW gaat het om een maximale toename van de verkeersgeneratie van maximaal 25 verkeersbewegingen per etmaal. De ten zuiden van het plangebied gelegen Schiphorsterweg is een gebiedsontsluitingsweg. Deze weg heeft voldoende capaciteit om de geringe verkeerstoename door de planontwikkeling aan te kunnen.

Gelet op de geschatte verkeersaantrekkende werking van het plangebied hoeven voor het planvoornemen geen aanpassingen in de verkeersontsluiting te worden getroffen. Parkeren Naast een verkeersaantrekkende werking neemt de parkeerbehoefte in het gebied als gevolg van het planvoornemen ook toe. Voor de berekening van de parkeerbehoefte is gebruik gemaakt van de eigen parkeernormen van de gemeente Meppel uit de 'Nota parkeernormen Gemeente Meppel'. Hierbij is uitgegaan van dure woningen in de rest van de bebouwde kom (voor het buitengebied is geen aparte categorie opgenomen). Uitgaande van het planologisch mogelijk maken van drie woningen is berekend dat de parkeerbehoefte een totaal van zes parkeerplekken bedraagt. In het planvoornemen zullen

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 36 -

zes parkeerplekken op eigen erf worden gerealiseerd. Elke woning bevat twee parkeerplekken. Het planvoornemen voldoet daarmee aan de geldende parkeernormen. Conclusie Het planvoornemen van dit bestemmingsplan leidt niet tot een onaanvaardbare verkeerstoename over de aanvoerende wegen naar het plangebied. Het planvoornemen zal bovendien niet tot negatieve invloeden op de verkeersafwikkeling in de directe omgeving van het gebied leiden. Daarnaast zal ten behoeve van het planvoornemen een voldoende parkeeroplossing worden geboden. Uit oogpunt van verkeerseffecten mag voorliggend bestemmingsplan dan ook aanvaardbaar worden geacht.

4.10 Vormvrije m.e.r.-beoordeling Toetsingskader Milieueffectrapportage (m.e.r.) is bedoeld om het milieubelang vroegtijdig en volwaardig in de plan- en besluitvorming in te brengen. M.e.r. is altijd gekoppeld aan een besluit, bijvoorbeeld aan de vaststelling van een structuurvisie, aan een bestemmingsplan of aan het verlenen een vergunning. In het Besluit m.e.r. zijn in de bijlage onderdeel C en D activiteiten opgenomen, waarbij op grond van artikel 7.8b van de Wet milieubeheer besloten moet worden of bij de voorbereiding van het plan of besluit voor die activiteiten een milieueffectrapport (MER) moet worden opgesteld. Op het voornemen is categorie 11.2 uit bijlage I, onderdeel D, van het Besluit m.e.r. van toepassing: de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen. De drempelwaarde (2.000 of meer woningen) wordt niet overschreden. Er worden planologisch gezien immers maar drie woningen gerealiseerd. In overeenstemming met het gewijzigde Besluit m.e.r. moet voor activiteiten die wel in de D-lijst zijn opgenomen, maar niet aan de daar genoemde drempelwaarden voldoen, een toets aan 'Bijlage III van de Europese richtlijn milieubeoordeling projecten' worden uitgevoerd, een zogenaamde vormvrije m.e.r.-beoordeling. Aard, omvang en ligging zijn begrippen die bij deze beoordeling centraal staan.

Een vormvrije m.e.r.-beoordeling moet in de meeste gevallen worden aangevraagd door middel van een aanmeldnotitie (artikel 2, vijfde lid, van het Besluit m.e.r.). Toetsing en conclusie Het project maakt in de zin van het Besluit m.e.r. 3 woningen mogelijk. Naar het oordeel van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State moet worden gekeken naar de concrete omstandigheden van het geval of er sprake is van een stedelijk ontwikkelingsproject. Het mogelijk maken van drie woningen kan niet gezien worden als een stedelijk ontwikkelingsproject. Daarbij is specifiek van belang dat het ruimtebeslag beperkt is en dat het ruimtebeslag slechts marginaal wordt uitgebreid. Gezien de afwezigheid van deze aspecten is een m.e.r.-beoordeling dan ook niet nodig.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 37 -

Hoofdstuk 5

Juridische aspecten

In dit hoofdstuk staat een toelichting op de juridische regeling van dit bestemmingsplan. In paragraaf 5.1 staat een algemene toelichting op de betekenis en opbouw van het bestemmingsplan en de achtergronden daarvan. In paragraaf 5.2 wordt de bestemmingsregeling van dit bestemmingsplan toegelicht.

5.1

Algemeen

5.1.1 Wat is een bestemmingsplan Het gemeentelijke bestemmingsplan is een middel waarmee functies aan gronden worden toegekend. Het gaat dus om het toekennen van gebruiksmogelijkheden. Vanuit de Wet ruimtelijke ordening volgt een belangrijk principe: het gaat om toelatingsplanologie. De grondgebruiker (eigenaar, huurder et cetera) mag de functie uitoefenen die het bestemmingsplan toestaat. Een afgeleide van de gebruiksregels in het bestemmingsplan zijn regels voor bebouwing (omgevingsvergunning voor het bouwen) en regels voor het verrichten van 'werken' (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden). Een bestemmingsplan regelt daarom: het toegestane gebruik van gronden (en de bouwwerken en gebouwen); het bebouwen van de gronden; het verrichten van werken (aanleggen).

5.1.2 Over bestemmen, dubbelbestemmen en aanduiden Op de verbeelding wordt aangegeven welke bestemming gronden hebben. Dit gebeurt via een (enkel)bestemming. De gronden met een bepaalde bestemming zijn begrensd door het bestemmingsvlak. Voor het op de verbeelding aangegeven bestemmingsvlak gelden de gebruiksmogelijkheden zoals die in de bijbehorende regels worden gegeven. Aanvullend daarop kunnen de toegekende gebruiksmogelijkheden op twee manieren verder worden ingevuld: Via een dubbelbestemming. Een dubbelbestemming is, zoals de naam al zegt, een bestemming die óók aan de gronden wordt toegekend. Voor gronden kunnen dus meerdere bestemmingen gelden. Er geldt altijd één 'enkel' bestemming (dat is dé bestemming) en daarnaast soms een dubbelbestemming (soms zelfs meerdere). In de regels van de dubbelbestemming wordt omschreven wat voor de onderliggende gronden geldt aan extra bepalingen in aanvulling, of ter beperking, van de mogelijkheden van de onderliggende bestemmingen. Via een aanduiding. Een aanduiding is een vlak of een teken op de ruimtelijke verbeelding van het plan. Bij het vlak kan het gaan om een functieaanduiding. Het teken kan bestaan uit een lijn, een figuur, of een lettercode et cetera. Via een aanduiding wordt in de regels 'iets' geregeld. Dat 'iets' kan betrekking hebben op extra mogelijkheden en/of beperkingen voor het gebruik en/of de bebouwing.

De (on)mogelijkheden van aangeduide gebieden kunnen zijn geregeld in een bestemmingsregel, in meerdere bestemmingsregels, maar ook in een eigen regel in

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 38 -

de Algemene aanduidingsregels. Een toelichting op de in dit bestemmingsplan opgenomen enkel- en dubbelbestemmingen en opgenomen aanduidingen staat in paragraaf 5.2.

5.1.3 Hoofdstukindeling van de regels De regels zijn verdeeld over vier hoofdstukken: Inleidende regels. In dit hoofdstuk worden begrippen verklaard die in de regels worden gebruikt (artikel 1). Dit gebeurt om een eenduidige uitleg en toepassing van de regels te waarborgen. Ook is de manier waarop gemeten moet worden bij het toepassen van de regels (artikel 2) bepaald. De inhoudelijke opzet van deze regels wordt deels voorgeschreven in de SVBP2012. Bestemmingsregels. In dit tweede hoofdstuk zijn de regels van de bestemmingen opgenomen. Hierbij is een landelijk een hiërarchie afgesproken, waarbij eerst de enkelbestemmingen (alfabetisch) aan de orde komen en vervolgens de dubbelbestemmingen (ook alfabetisch). Per bestemming geven de bestemmingsomschrijving en de (specifieke) gebruiksregels aanwijzingen voor het gebruik. De bouwregels geven per bestemming aanwijzingen voor het bouwen van gebouwen, bijgebouwen, aan- en uitbouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde. Eventueel zijn hierbij flexibiliteitsbepalingen - mogelijkheden voor afwijken met een omgevingsvergunning en/of wijzigingsbevoegdheden - opgenomen. Daarnaast kan het voorkomen dat een bestemming voorzien is van een omgevingsvergunningstelsel. Dit bepaalt bijvoorbeeld welke werken en/of werkzaamheden alleen mogelijk zijn na verlening van een omgevingsvergunning.

Vaak zijn de flexibiliteitsbepalingen en het omgevingsvergunningstelsel gekoppeld aan randvoorwaarden en/of eisen waaraan voldaan moet worden. Algemene regels. In dit hoofdstuk zijn regels opgenomen met een algemeen karakter. Deze gelden in principe voor het hele plangebied. Het zijn achtereenvolgens een anti-dubbeltelbepaling, algemene bouwregels, algemene gebruiksregels, algemene aanduidingsregels en algemene afwijkingsregels. Overgangs- en slotregels. In het laatste hoofdstuk zijn het overgangsrecht en de slotregel opgenomen. Hoewel het hier in feite algemene regels betreft, zijn deze vanwege hun meer bijzondere karakter in een apart hoofdstuk opgenomen. De inhoudelijke opzet van deze regels wordt deels voorgeschreven in het Besluit ruimtelijke ordening en de geldende SVBP.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 39 -

5.2

Dit bestemmingsplan Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting (met bijbehorende bijlagen). De verbeelding en de regels vormen tezamen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide plandelen worden in onderlinge samenhang bezien en toegepast. Op de verbeelding zijn de bestemmingen aangewezen. Aan deze bestemmingen zijn bouwregels en regels betreffende het gebruik gekoppeld. De toelichting heeft geen rechtskracht, maar vormt een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting van dit bestemmingsplan geeft een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten die aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen. Tot slot is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan. Inhoudelijke opzet Door de gemeente Meppel is een handboek opgesteld. Dit handboek vormt de basis voor de inhoudelijke opzet van de regels en verbeelding van dit bestemmingsplan. Dit met dien verstande dat de uitgangspunten van de (voorheen) geldende bestemmingsplannen, het bestemmingsplan 'Buitengebied' (vastgesteld op 3 september 2009), zo veel mogelijk gehandhaafd zijn. Dit komt de vergelijkbaarheid ten goede met de regelgeving in de omgeving van het voorliggende plangebied.

Regels De opbouw van de regels van de verschillende bestemmingen is overal hetzelfde, deze is als volgt: Bestemmingsomschrijving: In dit onderdeel worden de toegestane doeleinden en het toegestane gebruik omschreven. Bouwregels: Hierin worden de regels voor wat betreft het bouwen uitgewerkt. Nadere eisen: In deze bepaling is opgenomen dat Burgemeester en Wethouders nadere eisen kunnen stellen inzake de plaats en afmeting van gebouwen, bijvoorbeeld in het kader van een goede woonsituatie, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid of de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. Deze bepaling maakt het mogelijk voor het gemeentebestuur om waar nodig sturing te geven aan de ruimtelijke ontwikkeling. Afwijking bouwregels: In dit onderdeel kan bij omgevingsvergunning worden afgeweken van de bouwregels, waarmee ruimere bouwmogelijkheden kunnen worden gegeven. Specifieke gebruiksregels: In dit onderdeel kunnen enkele specifieke ongewenste gebruiksmogelijkheden uitgesloten, zoals zelfstandige bewoning van bijgebouwen en stortplaatsen. Afwijking van de gebruiksregels: In dit onderdeel zijn mogelijkheden voor het bij omgevingsvergunning afwijken van de gebruiksregels opgenomen, bijvoorbeeld voor het toestaan van aan huis gebonden bedrijven. Wijzigingsbevoegdheid: In dit onderdeel kunnen mogelijkheden op worden genomen voor het wijzigen van de bestemming.

In dit bestemmingsplan is geen wijzigingsbevoegdheid opgenomen.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 40 -

Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde en werkzaamheden: Dit onderdeel (de voormalige aanlegvergunning) is alleen van toepassing voor de dubbelbestemmingen voor archeologie. Verbeelding Voor de vormgeving van de verbeelding geldt een aantal uitgangspunten. Zo worden de kaarten in kleur opgezet, waarbij de kleuren worden ondersteund met een letteraanduiding. De kleuren en letters zijn afgestemd op de kleur en letteraanduiding in de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen 2012 (SVBP 2012). De schaal van de analoge kaarten is 1:1.000. Ten behoeve van de gebruiksvriendelijkheid en digitale raadpleegbaarheid wordt waar mogelijk informatie op de verbeelding gezet (bouwvlakken, goot-/bouwhoogten, eventueel bebouwingspercentages).

5.3

Regels De regels in dit bestemmingsplan zijn opgezet aan de hand van hetgeen hiervoor is beschreven. De bestemmingen binnen het plangebied zijn 'Wonen', de dubbelbestemming 'Waterstaat - waterhuishoudkundige en/of waterstaatkundige functie' en de dubbelbestemming Waarde - Archeologie. Wonen Het woonperceel is voorzien van een woonbestemming. Aan huis verbonden beroepen zijn, onder voorwaarden, mogelijk. De voor deze bestemming aangewezen gronden zijn bestemd voor twee woningen in de bestaande boerderij en de bouw van éém nieuwe (schuur)woning. Bijbehorende bouwwerken zijn uitsluitend zijn toegestaan binnen het bouwvlak en ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen'. Aanvullend daarop bepalen de regels dat de bestaande woning, die op de verbeelding is aangeduid als 'specifieke bouwaanduiding - vrijgekomen bebouwing', onder andere niet mag worden vergroot. Daarnaast is er een voorwaardelijke verplichting opgenomen welke inhoudt dat er ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - voorwaardelijke verplichting' alle voormalige bedrijfsbebouwing dient te worden gesloopt dan wel verwijderd alvorens de gronden en bouwwerken in gebruik kunnen worden genomen voor de woonfunctie.

Eveneens is er een voorwaardelijke verplichting opgenomen omtrent de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen, dit conform het in Bijlage 2 opgenomen landschappelijk inpassingsplan en de hierbij nader te concretiseren uitvoeringsmaatregelen. Deze moeten voorafgaand aan de verlening van de omgevingsvergunning voor het bouwen door provincie en Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed worden goedgekeurd, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing, met dien verstande dat de landschapsmaatregelen binnen een termijn van 24 maanden na het gereedmelden van de bouw van de woningen moeten zijn uitgevoerd. Hierbij zij opgemerkt dat de landschapsmaaatregelen ook in stand moeten blijven en goed moeten worden onderhouden.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 41 -

Waterstaat - waterhuishoudkundige en/of waterstaatkundige functie De eerste dubbelbestemming betreft de bestemming Waterstaat - waterhuishoudkundige en/of waterstaatkundige functie. De gronden op de kaart aangewezen voor Waterstaat waterhuishoudkundige en/of waterstaatkundige functie zijn mede bestemd voor waterberging en bescherming tegen wateroverlast ter plaatse van natuurlijke laagten. Waarde - Archeologie De dubbelbestemming betreft de bestemming Waarde - Archeologie. Om de archeologische waarden te beschermen kent het bestemmingsplan een bescherming van de archeologsiche waarden. Deze dubbelbestemming bepaalt dat het voor een aantal werkzaamheden noodzakelijk is om een omgevingsvergunning aan te vragen. Bij deze bestemming is dat nodig indien het gaat om het bouwen van bouwwerken groter dan 500 m2.

5.4

Verbeelding Voor de vormgeving van de verbeelding geldt een aantal uitgangspunten die als volgt luiden: De kaarten worden in kleur opgezet waarbij de kleuren worden ondersteund met een letteraanduiding (bijvoorbeeld B- bedrijventerrein) een en ander afgestemd op de kleur en letteraanduiding in de SVBP2012. De schaal van de kaarten is 1: 1.000. Ten behoeve van de gebruiksvriendelijkheid en digitale raadpleegbaarheid wordt waar mogelijk informatie op de kaart gezet (bouwvlakken, goot-/bouwhoogten, bebouwingspercentages). In dit bestemmingsplan zijn deze vormgevende uitgangspunten toegepast. Dit bestemmingsplan biedt een nieuwe regeling waarbij aangesloten wordt op bestaande regelingen voor omliggende gebieden. Daarbij worden het handboek, het bestemmingsplan 'Buitengebied' en de SVBP2012 als basis voor de regeling aangehouden.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 42 -

Hoofdstuk 6 6.1

Uitvoerbaarheid

Economische uitvoerbaarheid De Grondexploitatiewet stelt als onderdeel van de Wro een gegarandeerd kostenverhaal als eis aan ruimtelijke plannen. Een zogenaamd exploitatieplan is derhalve een verplicht onderdeel tenzij het kostenverhaal op een andere wijze is gegarandeerd. In dit geval hebben de gemeente en de initiatiefnemer een anterieure overeenkomst gesloten waarin het kostenverhaal is geregeld. De kosten die samenhangen met voorliggend plan zullen door de ontwikkelende partij worden gedragen. Door het verlenen van een omgevingsvergunning voor de betreffende gronden is er de kans dat door belanghebbende eigenaren van gronden in de omgeving van het projectgebied bij de gemeente op grond van artikel 6.1 Wro een verzoek tot tegemoetkoming in de planschade wordt ingediend. De mogelijke kosten die samenhangen met een planschadeverhaal worden door de aanvrager van de omgevingsvergunning gedragen. Hiervoor is tussen de gemeente en de aanvrager een planschadeovereenkomst ondertekend. Op grond van voorgaande mag het plan economisch uitvoerbaar worden geacht.

6.2

M aatschappelijke uitvoerbaarheid Om te achterhalen of dit bestemmingsplan maatschappelijk uitvoerbaar is, wordt de bestemmingsplanprocedure doorlopen. Tijdens deze procedure zijn verschillende momenten waarop burgers en instanties kunnen reageren op het plan, namelijk; inspraak, overleg, zienswijzen en tot slot beroep. De uitkomsten hiervan kunnen ook nog nieuwe niet voorziene uitgangspunten voor het bestemmingsplan geven. De bestemmingsplanprocedure ziet er globaal als volgt uit:

6.2.1 Voorontwerpbestemmingsplan In de bestemmingsplanprocedure wordt het verplicht overleg te voeren met verschillende van belang zijnde instanties. Dit is geregeld in artikel 3.1.1 van het Bro. Het houden van inspraak is niet verplicht. De gemeente Meppel hecht er echter waarde aan en heeft in haar Inspraakverordening opgenomen dat een inspraakperiode van zes weken in een bestemmingsplanprocedure wenselijk is. Het bestemmingsplan heeft zes weken ter inzage gelegen. Er is in die periode geen inspraakreactie binnengekomen.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 43 -

6.2.2 Ontwerpbestemmingsplan Het ontwerpbestemmingsplan wordt gedurende zes weken ter inzage gelegen. Tijdens deze periode wordt een ieder in de gelegenheid gesteld om een zienswijze in te dienen (artikel 3.8 Wro). Eventueel ingediende zienswijzen worden door de gemeenteraad voorzien van een antwoord. De eventuele zienswijzen kunnen leiden tot wijzigingen in dit bestemmingsplan.

6.2.3 Vastgesteld bestemmingsplan Het bestemmingsplan wordt, al dan niet gewijzigd, vastgesteld. Het besluit tot vaststelling wordt gepubliceerd en het bestemmingsplan ligt zes weken ter inzage. Tijdens die periode bestaat de mogelijkheid beroep in te stellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 44 -

Hoofdstuk 7 7.1

Procedure

Vooroverleg en inspraak Het voorontwerp van het bestemmingsplan heeft met ingang van 5 oktober 2022 gedurende zes weken ter inzage gelegen. Van de mogelijkheid om inspraakreacties in te dienen is geen gebruik gemaakt. Het plan is tevens in het kader van vooroverleg aangeboden aan het waterschap Drents Overijsselse Delta en de Provincie Drenthe. Voor het waterschap gaf het voorontwerp geen aanleiding voor een reactie. Van de provincie is wel een inhoudelijke reactie ontvangen. Provincie Drenthe Het provinciaal belang voor dit project ligt in de kernkwaliteiten landschap, cultuurhistorie, archeologie, natuur (NNN) en aardkundige waarden. Ten aanzien van de kernkwaliteiten cultuurhistorie, natuur (NNN) en aardkundige waarden zijn er geen opmerkingen over het plan. Voor wat betreft de archeologie adviseert de provincie om een opsomming te maken van alle ruimtelijke ingrepen, dus niet alleen het bouwen en slopen, maar ook aanlegwerkzaamheden. Aan de hand van deze opsomming moet opnieuw worden bepaald of deze onder de onderzoeksvrijstelling blijven. Verder adviseert de provincie om een archeologisch adviseur te betrekken bij de planvorming. Met betrekking tot het landschap vraagt de provincie nog aandacht voor het erfplan. De intenties, zoals deze in de plantoelichting zijn beschreven moeten nader worden uitgewerkt.

Reactie Dat het erfinrichtingsplan verder uitgewerkt moet worden is juist. Dit wordt gedaan in het kader van de vergunningverlening. Naast de provinciale belangen hebben namelijk ook de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en de monumentencommissie hierin een rol, vanwege de monumentale status. Op het moment dat het plan concreet is uitgewerkt kan dit met alle belanghebbende partijen, waaronder ook de provincie, definitief worden afgestemd. Om deze werkwijze te borgen wordt er in het ontwerpbestemmingsplan een voorwaardelijke verplichting aan de planregels toegevoegd. In het kader van het bestemmingsplan is inmiddels advies gevraagd aan de gemeentelijk archeologisch adviseur. Zijn advies is opgenomen in paragraaf 4.3.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

- 45 -

7.2

Zienswijzen Conform artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening heeft het ontwerpbestemmingsplan op grond van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht voor een periode van zes weken (van 27 september tot 7 november 2023) ter inzage gelegen. Binnen deze periode kon een ieder zijn of haar zienswijze met betrekking tot het ontwerpbestemmingsplan tijdig kenbaar maken bij de gemeenteraad. Tijdens deze periode is één zienswijze binnengekomen. De zienswijze en de gemeentelijke reactie hierop is opgenomen in een Reactienota zienswijzen. Deze is als Bijlage 11 aan het plan toegevoegd.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Buitengebied, herziening Schiphorsterw eg 5-7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meppel&id=6b8df011-3935-402f-b12d-5680fa28a28c