Bijlage 4 - Ontwerpbestemmingsplan de Wetering 2, Toelichting
Tekst van het document
Onderhavig plan overschrijdt deze drempelwaarden niet, daarom is er voor dit bestemmingsplan geen sprake van een m.e.r. beoordelingsplicht. Echter dient ook wanneer ontwikkelingen onder drempelwaarden blijven, het bevoegd gezag zich er van te vergewissen dat activiteiten geen aanzienlijke milieugevolgen kunnen hebben. Gelet op de aard- en omvang van de voorgenomen ontwikkeling is het de vraag of er sprake is van een 'stedelijk ontwikkelingsproject' als bedoeld in onderdeel D 11.2 van het Besluit milieueffectrapportage. Uit jurisprudentie (ABRvS 15 maart 2017, ECLI:NL:RVS:2017:694) volgt dat het antwoord op deze vraag afhankelijk is van de concrete omstandigheden van het geval, waarbij aan de hand van onder meer aspecten als ‘de aard en de omvang’ van de voorziene ontwikkeling moet worden beoordeeld of sprake is van een stedelijk ontwikkelingsproject. De in het voorliggende bestemmingsplan besloten ontwikkeling gaat uit van het toevoegen van een kampeerterrein. Het gaat om een kleinschalige ontwikkeling. Verder is, voor zover in dit kader relevant, sprake van een nieuwe functie die niet leidt tot een aantasting van het woon- en leefklimaat ter plaatse van omliggende woningen en andere milieugevoelige functies.
Gelet op het vorenstaande en de aard en omvang van de voorgenomen ontwikkeling, wordt geconcludeerd dat er geen sprake is van een stedelijk ontwikkelingsproject als bedoeld in het Besluit m.e.r.. Tevens blijkt uit dit hoofdstuk en hoofdstuk 5 dat dit wijzigingsplan geen belangrijk nadelige milieugevolgen heeft, die het doorlopen van een m.e.r.-procedure noodzakelijk maken. Conclusie Het aspect ‘Besluit milieueffectrapportage’ vormt op basis van het voornoemde geen belemmering voor de uitvoering van dit plan.
5.10 Verkeer en parkeren Bij nieuwe ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de parkeerbehoefte die daardoor ontstaat. Hiertoe kunnen berekeningen worden uitgevoerd op basis van de publicatie 'Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie, publicatie 381 (december 2018)' van het CROW. Specifiek voor verkeersgeneratie en parkeren heeft het CROW de publicatie, 'Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie' opgesteld. Deze kencijfers zijn landelijk (en juridisch) geaccepteerd en worden gezien als de meest betrouwbare gegevens met betrekking tot het bepalen van de verkeergeneratie en het benodigde aantal parkeerplaatsen. Parkeren De gemeente Meppel beschikt over een eigen parkeernota: De nota Parkeernormen 2017. Daarbij zijn tevens Uitvoeringsregels parkeernormen vastgesteld. Deze beleidsnotitie volgt de CROW parkeerkencijfers. Tevens zijn dit beleid en de uitvoeringregels geborgd in het Paraplubestemmingsplan Parkeren. Dit beleid maakt geen onderscheid in ‘rest bebouwde kom’ en ‘buitengebied’. De functies genoemd in het beleid zijn op hoofdlijnen. In dezen ligt het gebruik van de normen voor de functie ‘camping [campingplaats]’ voor de hand. In onderstaande tabel conform de parkeernota en uitvoeringsregels de parkeerbehoefte berekend.
Ontwerp 28 november 2023
Pagina 22
Meppel – Buitengebied, herziening De Wetering 2
Functie
Aantal
camping [campingplaats]
50
Norm rest bebouwde kom 1.2
NL.IMRO.0119.DeWetering2-BPB1
Parkeerbehoefte
Bezoekersdeel (90%)
60
54
Tabel 2: berekening parkeerbehoefte
Met dit plan worden er 50 staanplaatsen gerealiseerd waarmee voorzien is voor het parkeren van campers danwel voertuigen van de recreanten. De overige berekende parkeerbehoefte, van 10 plaatsen voor bezoekers, wordt ingevuld aan de oostzijde van het recreatieterrein, zie het bijgevoegde erfinrichtingsplan. Verkeer De gemeentelijke nota parkeernormen noemt geen cijfers met betrekking tot verkeersgeneratie. Daarom is aansluiting gezocht bij de CROW. In onderstaande tabel wordt gerekend met functie: camping (kampeerterrein) Functie Camping, kampeerterrein
Aantal Verkeersgeneratie per standplaats 50 0,4
Totaal 20 per weekdagetmaal
Tabel 3: Toename verkeersbewegingen plangebied
Overweging Binnen het plangebied zal voorzien worden in parkeerruimte conform voornoemde parkeerbehoefte. Hierin zal op eigen terrein worden voorzien. De realisatie van het kampeerterrein levert een extra verkeersgeneratie op van 20 verkeersbewegingen per weekdagetmaal. Dit is niet helemaal realistisch aangezien er geen volledige bezetting jaarrond wordt verwacht. Het plangebied ontsluit via de Wetering binnen 500 meter op de provinciale weg N851. De capaciteit is van voldoende omvang om de extra verkeersgeneratie als gevolg van deze ontwikkeling op te vangen. Conclusie Het aspect ‘Verkeer en parkeren’ vormt op basis van het voornoemde geen belemmering voor de uitvoering van dit plan.
5.11 Water Vigerend beleid Rijksbeleid Het Rijksbeleid op het gebied van waterbeheer is vastgelegd in het Nationaal Waterprogramma (NWP) 2022-2027 (vastgesteld 18 maart 2022). Het plan geeft op hoofdlijnen de ambities weer van het Rijk ten aanzien van het nationale waterbeleid en het daaraan gerelateerde ruimtelijke beleid. Het NWP beschrijft de nationale beleids- en beheerdoelen op het gebied van klimaatadaptatie, waterveiligheid, zoetwater en waterverdeling, waterkwaliteit en natuur, scheepvaart en de functies van de Rijkswateren. De doorwerking van de beleidsambities/uitgangspunten naar lagere overheden is geregeld in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (2012), het Bestuursakkoord Water (2011) en de Waterwet (2009).
Ontwerp 28 november 2023
Pagina 23
Meppel – Buitengebied, herziening De Wetering 2
NL.IMRO.0119.DeWetering2-BPB1
Provinciaal beleid Provinciale Staten hebben op 15 december 2021 het Regionaal Waterprogramma 20222027 vastgesteld. In het Regionaal Waterprogramma is ook het ontwerp Besluit Kaderrichtlijn Water 2022-2027 opgenomen. De provincie geeft in het Regionaal Waterprogramma op hoofdlijnen aan wat de provincie doet voor een klimaatbestendig watersysteem en een goede kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater. Waterschap Drents Overijsselse Delta Door de invoering van de Kaderrichtlijn Water is Nederland verdeeld in vijf deelstroomgebieden. Het deelstroomgebied Rijn-Oost wordt beheerd door de waterschappen Rijn en IJssel, Vechtstromen, Vallei en Veluwe, Drents Overijsselse Delta en Zuiderzeeland. Om te voldoen aan de eisen van de Kaderrichtlijn Water hebben deze waterschappen een Waterbeheerplan opgesteld. Het beleid van het Waterschap Drents Overijsselse Delta staat beschreven in het waterbeheerprogramma 2022-2027. Het bevat de uitwerking van de ambities beschreven in de watervisie ‘Meer dan Water’. Het geeft aan welke maatregelen genomen worden om het watersysteem, de waterketen en de waterkeringen op orde te brengen. Het waterbeheerprogramma omvat ook gebiedsuitwerkingen en de KRW factsheets en achtergronddocument. Er is op 27 juni 2023 een digitale watertoets uitgevoerd. Omdat het plangebied in een beekdal ligt is de ‘normale procedure’ van toepassing.
Het waterschap heeft een uitgangspuntennotitie opgesteld. De van toepassing zijnde punten uit deze notitie worden hieronder behandeld. Uitgangspuntennotitie Watergangen In de omgeving van het plangebied liggen twee A-watergangen. Het gaat om de Hoogeveensche vaart en de Omgelegde Hoogeveensche vaart. Beide watergangen zijn in beheer bij het waterschap. De planvorming heeft geen invloed op het onderhoud van deze watergangen aangezien er geen ontwikkelingen binnen de beschermingszone plaatsvinden. Wateroverlast Voor grote plannen en uitbreidingslocaties >500m² geldt als regel dat voor het realiseren van verhard oppervlak een berging, ter compensatie voor de versnelde afvoer, van het afstromende hemelwater benodigd is. Compensatie volgt de trap vasthouden-bergenafvoeren. Er wordt ca. 1200m² aan (half)verharding gerealiseerd in het plan. Dat betekent dat er 1200*0,08 = 96m³ aan waterberging gerealiseerd moet worden. Dit is gedaan door over de lengte van het kampeerterrein een ‘maaibare gras glooiing’ te ontwerpen. Grondwateroverlast en kwel Bij extreme neerslag wordt volgens de uitgangspuntennotitie geen wateroverlast in of bij het plangebied verwacht. Voor de aanleghoogte van gebouwen adviseert het waterschap een aanleghoogte van de vloer van minimaal 80 cm ten opzichte van de Gemiddelde Hoogste Grondwaterstand (GHG).
Waterkwaliteit Schoon hemelwater mag worden afgevoerd naar oppervlaktewater. Voor overige afvoer en verwerking van hemelwater is het gewenst om dit via een bodempassage te lozen op het oppervlaktewater. In alle situaties geldt een voorkeur voor bovengronds afvoeren. Idealiter houdt het waterschap hemelwater vast alvorens een vertraagde afvoer. In het plan zal het afstromend hemelwater van het sanitairgebouw en van de halfverharding opgevangen worden in de ontworpen waterberging alvorens het infiltreert in de bodem en uiteindelijk afstroomt in de naastgelegen vaart. Ontwerp 28 november 2023
Pagina 24
Meppel – Buitengebied, herziening De Wetering 2
NL.IMRO.0119.DeWetering2-BPB1
Riolering Voor lozing van afvalwater vindt plaats op het riool. Hiervoor zal een nieuwe rioolaansluiting worden aangelegd. Dit wordt in een anterieure overeenkomst met gemeente Meppel geregeld. Er komt een vuilwaterplaats en een sanitairgebouw dat wordt aangesloten op het riool. Beheer en onderhoud Het is noodzakelijk dat alle wateren die een functie hebben in de waterhuishouding toegankelijk zijn voor het waterschap. De planvorming belemmert deze toegankelijkheid niet. Conclusie Het aspect ‘water’ vormt geen belemmering voor de uitvoering van dit plan.
Ontwerp 28 november 2023
Pagina 25
Meppel – Buitengebied, herziening De Wetering 2
NL.IMRO.0119.DeWetering2-BPB1
Hoofdstuk 6 Juridische toelichting en planverantwoording In dit hoofdstuk wordt aangegeven welke bestemmingen in het plan zijn opgenomen en hoe deze de inhoud van het plan regelen. Per bestemming wordt een toelichting gegeven.
6.1 Juridische vormgeving Het beleid en de planuitgangspunten, zoals verwoord in de voorgaande hoofdstukken, hebben in de regels van dit plan hun juridische vertaling gekregen. Daarmee zijn de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden van de gronden in het plangebied vastgelegd. Het plan is opgesteld conform de landelijke Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP 2012).
6.2 Opzet van de regels Het juridisch bindend gedeelte van het bestemmingsplan bestaat uit planregels en bijbehorende verbeelding waarop de bestemmingen zijn aangegeven. De verbeelding en de planregels dienen in samenhang te worden bekeken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: 1. Inleidende regels (begrippen en wijze van meten); 2. Bestemmingsregels; 3. Algemene regels (o.a. afwijkingsregels); 4. Overgangs- en slotregels. De bepalingen van dit plan zijn gebaseerd en afgestemd op het gemeentelijke handboek voor het opstellen van bestemmingsplannen. Daarbij zijn de bepalingen welke niet van toepassing zijn in dezen niet opgenomen in dit plan. Tevens zijn ten behoeve van dit plan de bestaande bepalingen op maat aangepast. Hieronder de bedoelde maatwerkaanpassingen.
6.3 Wijze van bestemmen Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitgegaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Het is noodzakelijk dat het bestemmingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Het bestemmingsplan is het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is. Artikel 3 Agrarisch met waarden - Landschappelijke waarden Deze gronden zijn bestemd voor cultuurgrond, het behoud, herstel en ontwikkeling van de in dit gebied voorkomende landschaps- en cultuurhistorische waarden. Tevens is parkeerruimte ten behoeve de recreatiebestemming toegestaan ter plaatse van de aanduiding ‘parkeerterrein’. Artikel 4 Recreatie Deze gronden zijn bestemd voor een kampeerterrein waarbij een maximum van 50 standplaatsen is toegestaan. De oppervlakte binnen het bouwvlak ten behoeve van (sanitaire) bebouwing is gemaximaliseerd op 100m². De landschappelijke inpassing en waterberging is voorwaardelijk verplicht gesteld.
Ontwerp 28 november 2023
Pagina 26
Meppel – Buitengebied, herziening De Wetering 2
NL.IMRO.0119.DeWetering2-BPB1
Artikel 5 Wonen Deze gronden zijn bestemd voor het wonen in combinatie met aan-huis-verbonden beroepen/kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten in ten hoogste categorie 1 en 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten, alsmede voor een aantal niet-agrarische nevenfuncties in bestaande bebouwing zoals een bed & breakfast. Om voldoende afstand tot de recreatiebestemming te garanderen dienen gronden ter hoogte van de aanduiding ‘gebouwen uitgesloten’ niet als erf te worden beschouwd in de zin van artikel 1 van Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht. Artikel 6 Waarde – Archeologie Deze gronden zijn, behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de bescherming en de veiligstelling van archeologische waarden.
Ontwerp 28 november 2023
Pagina 27
Meppel – Buitengebied, herziening De Wetering 2
NL.IMRO.0119.DeWetering2-BPB1
Hoofdstuk 7 Uitvoerbaarheid 7.1 Economische uitvoerbaarheid Het gaat om een particulier initiatief waarbij de initiatiefnemers garant staan voor de economische uitvoerbaarheid van het plan. Eventuele planschadekosten en aan dit plan verwante kosten komen daarmee voor rekening van de initiatiefnemers.
7.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Informeren omgeving In de periode van 5 juli tot 9 juli zijn omwonenden van de percelen De Wetering 1,2 en 3 en de Veltkamp 1 persoonlijk geïnformeerd door initiatiefnemers. Er bestaan bij omwonenden zorgen over het verlies aan uitzicht, geluidsoverlast, drukte op de weg en de sociale veiligheid. De agrariër vroeg zich af of zijn uitbreidingsmogelijkheden niet beperkt worden door dit plan. Door de recreatiebestemming op een maximale hinderrichtafstand van 200 meter vanaf de uiterste punt van het agrarisch bouwblok te situeren is hiermee rekening gehouden. Vooroverleg In het kader van het overleg ex artikel 3.1.1 Bro heeft het college een voorontwerp bestemmingsplan ter inzage gelegd. De vooroverlegpartners hebben aangegeven dat het voorontwerp geen aanleiding geeft voor wijzigingen. Er zijn gedurende de ter inzage termijn twee inspraakreacties ontvangen. Gemeente Meppel heeft de reacties overwogen en in een Nota inspraak en overleg gereageerd op deze reacties. De nota is bijgevoegd als bijlage bij de toelichting. Procedure Zienswijzen Het voorliggend bestemmingsplan zal als ontwerp ter visie worden gelegd gedurende 6 weken. Binnen deze termijn is een ieder in de gelegenheid gesteld een zienswijze op het plan in te dienen.
Ontwerp 28 november 2023
Pagina 28
Bijlagen behorende bij de toelichting
Bijlage 1 Erfinrichtingsplan
Bijlage 2 Onderzoek externe veiligheid
Bijlage 3 Aeriusberekening
Bijlage 4 Uitgangspuntennotitie water
Bijlage 5 Nota inspraak en overleg