CConstaterende datMeppel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade-BPC1

1 - RAADSVERGADERING 16 december 2021, gemeente MeppelBij agendapunt: Bestemmingsplan ‘Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade'31.313 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Overigens worden de woningen niet in een 'leeg gebied' ontwikkeld: de bedrijven op het gezoneerde industrieterrein dienen in hun bedrijfsvoering al rekening te houden met de al bestaande woningen in de omgeving (langs de Prins Hendrikkade en langs het Westeinde). In de volgende tabel zijn de bedrijven opgenomen waar niet wordt voldaan aan de richtafstanden uit de VNG-uitgave. Voor de andere bedrijven in de omgeving wordt (ruimschoots) voldaan aan de richtafstanden. In paragraaf 4.2 vindt voor het milieuaspect geluid voor alle bedrijven op het gezoneerde industrieterrein tezamen een cumulatieve toetsing plaats. Na de tabel wordt de gevolgen van de beoogde ontwikkeling op de bedrijfsvoering van de betreffende bedrijven onderbouwd. Naam/adres

Omschrijving

SBI 2008

richtafstand (in m) Cate Werke(richtafstand groter gorie lijke dan werkelijke afstand afstand vet gedrukt) (in m) geu stof gelui gevaa r d r Constar Betonwarenfabriek 23611.3 30 200 700 30 5.2 ca 50 Betonwaren, Jan met triltafels vd Boschkade 7 Oliegroothandel Groothandel in 46712.2 100 0 50 700 5.2 ca 245 Joontjes, Pieter vloeibare Mastebroekweg brandstoffen 20 (BRZO)

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 33 -

Scheepswerf De Scheepsbouw- en 301.4 Kaap, Kaapweg 6 reparatiebedrijven BetonmortelBetonmortel2363, centrale Mebin, centrale 2364 Meursingseweg 4 Mengvoederfamengvoederfabriek 1091.6 briek De Valk Wekerom, Groeneveld 2 Agrifirm mengvoederfabriek 1091.6 mengvoederfabriek, Molenpad Overslagbedrijf laad, los- en 52242 Westerhuis, Jan overslagbedrijf tbv vd Boschkade 5 de binnnevaart

100 100

500

50

5.1

ca 160

30 200

300

10

4.2

ca 215

300 100

300

50

4.2

ca 300

300 100

300

50

4.2

ca 300

30 200

300

30

4.2

ca 150

Constar betonwaren (betonwarenfabriek met triltafel) - catergorie 5.2 Ten westen van het plangebied is het gezoneerde industrieterrein Oevers gevestigd. Het dichtstbijzijnde bedrijf betreft een betonwarenfabriek, Constar betonwaren, uit categorie 5.2. Voor deze bedrijven geldt in een richtafstand van 200 meter voor stof en van 700 meter voor geluid. Hier wordt ten opzichte van het plangebied niet aan voldaan. De woningen komen op een afstand van circa 50 meter ten opzichte van het bedrijf te liggen. Aan de richtafstanden voor gevaar en geur wordt wel gedaan. Hier geldt een afstand van 30 meter voor. Geluid Er wordt bij de nieuwe woningen niet voldaan aan de richtafstand voor geluid. Het bedrijf maakt onderdeel uit van het gezoneerde industrieterrein (zie paragraaf 4.2). Omdat de nieuwe woningen in de geluidzone van dat industrieterrein liggen, is nader akoestisch onderzoek uitgevoerd. Vanwege de ligging van de woningen binnen de geluidzone wordt de geluidbelasting als gevolg van de bedrijfsvoering van alle bedrijven op het gezoneerde industrieterrein cumulatief getoetst, en niet meer individueel. In paragraaf 4.2 is op basis van akoestisch onderzoek onderbouwd dat bij de woningen (als gevolg van de bedrijfsvoering van alle bedrijven tezamen) wordt voldaan aan de cumulatieve normen uit de Wet geluidhinder, dan wel dat een dove gevel wordt gerealiseerd.

Hierbij is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, waarbij rekening is gehouden met de bedrijfsvoering van de aanwezige bedrijven. Bovenstaande onderbouwing geldt overigens voor elk bedrijf op het gezoneerde industrieterrein. De bedrijfsvoering is op onderdelen gewijzigd. Uit akoestisch rapport van 3 november 2020 blijkt dat door het veranderden van de activiteiten het geluid bij de woningen Concordiastraat 52, Prins Hendrikstraat 37 en Westeinde 42 tussen de 1 en 4 dB(A) is afgenomen. Dit is vastgelegd in voorschriften.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 34 -

Stof Daarnaast dient rekening gehouden te worden met eventuele stofhinder afkomstig van het bedrijf. Op basis van de geldende beheersverordening Meppel - Bedrijventerreinen is alleen het bestaande legale gebruik toegestaan. Nieuwe functies zijn in het gebied derhalve niet toegestaan. De bestaande bedrijfsvoering van de betonwarenfabriek is erg extensief. Het bedrijf voert in de huidige situatie zijn activiteiten voornamelijk uit aan de Setheweg in Meppel. Het bedrijf valt sinds 1 januari 2013 onder het Activiteitenbesluit. Doordat het bedrijf in zijn bedrijfsvoering rekening moet houden met de regels in dit Activiteitenbesluit wordt de emissie van stof dusdanig beperkt dat dit geen belemmering vormt voor de beoogde ontwikkeling. Omdat het bedrijf ook in de bestaande situatie hier al rekening mee moet houden, wordt het bedrijf niet in zijn bedrijfsvoering belemmerd door de beoogde ontwikkeling. Ook is hierdoor sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de nieuwe woningen. In dit kader kan als aanvulling nog vermeld worden dat in de klachtenregistratie van de gemeente ook geen melding is aangetroffen over stofhinder van dit bedrijf in de periode van de afgelopen twee jaar, ook niet van naastgelegen woningen. Oliegroothandel Joontjes (BRZO bedrijf) - categorie 5.2 Op circa 245 meter ten westen van het plangebied is Oliegroothandel Joontjes gevestigd.

Het betreft een bedrijf uit milieucategorie 5.2. Voor deze bedrijven geldt in een richtafstand van 100 meter voor geur en van 700 meter voor gevaar (vanwege BRZO). Aan de afstand met betrekking tot gevaar wordt niet aan voldaan. De woningen komen op een afstand van circa 245 meter ten opzichte van het bedrijf te liggen. Gevaar Uit onderzoek1 is bekend dat het effectgebied (invloedsgebied) van Oliehandel Joontjes net buiten de inrichtinggrens van Joontjes ligt (in het Meppeler Diep), en dus niet tot het plangebied reikt. De oliegroothandel heeft dan ook geen gevolgen voor de beoogde ontwikkeling op het gebied van externe veiligheid. De plaatsing van twee nieuwe tanks (elk 1500 m3) voor diesel op het terrein van Joontjes heeft geen gevolgen voor de EV-situatie. Er is een nieuwe BRZO2015-toets uitgevoerd en daaruit blijkt dat Joontjes een zgn. lage-drempel BRZO-bedrijf blijft. Er is geen toename van een eventuele gevaarzetting voor omwonenden van de Prins Hendrikkade te verwachten. De Kaap (scheepsbouw) - categorie 5.1 Op circa 300 meter ten zuiden van het plangebied is scheepsbouw De Kaap gevestigd. Het betreft een bedrijf uit milieucategorie 5.1. Voor deze bedrijven geldt in een richtafstand van 500 meter voor geluid. Aan deze richtafstand wordt niet voldaan: de woningen komen op een afstand van circa 200 meter ten opzichte van het bedrijf te liggen. Aan de

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 35 -

richtafstanden voor geur (100 meter), stof (100 meter) en gevaar (50 meter) wordt wel voldaan. Geluid Voor het aspect geluid wordt verwezen naar de onderbouwing bij Constar betonwaren en paragraaf 4.2). Mebin (betonmortelcentrale) - categorie 4.2 Ten westen van het plangebied is betonmortelcentrale Mebin, uit categorie 5.2 gevestigd. Voor deze bedrijven geldt in een richtafstand van 200 meter voor stof en gevaar en van 300 meter voor geluid. Hier wordt ten opzichte van het aspect geluid niet aan voldaan. De woningen komen op een afstand van circa 225 meter ten opzichte van het bedrijf te liggen. Aan de overige richtafstanden voor gevaar en geur (10 en 30 meter) wordt wel voldaan. Geluid Voor het aspect geluid wordt verwezen naar de onderbouwing bij Constar betonwaren en paragraaf 4.2). Er is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, waarbij rekening is gehouden met de bedrijfsvoering van het aanwezige bedrijf. Overigens heeft het bedrijf in 2007/2008 geluidsreducerende maatregelen getroffen ten behoeve van een gunstig geluidsklimaat voor de bestaande woningen aan de Prins Hendrikkade. Stof In de vigerende milieuvergunning zijn verschillende voorschriften opgenomen gericht op het voorkómen van stofoverlast.

In de vergunning is ook vastgelegd dat, indien bij opslag van stoffen gevaar bestaat voor verspreiding van stof buiten de inrichting, voldoende en adequate maatregelen door het bedrijf moeten worden getroffen om genoemde verspreiding te voorkomen. Omdat het bedrijf ook in de bestaande situatie al de verspreiding van stof buiten de inrichting moet voorkomen, wordt het bedrijf niet in zijn bedrijfsvoering belemmerd door de beoogde ontwikkeling. Ook is hierdoor sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de nieuwe woningen, omdat stofhinder voorkomen wordt. In dit kader kan als aanvulling nog vermeld worden dat in de klachtenregistratie van de gemeente ook geen melding is aangetroffen over stofhinder van dit bedrijf in de periode van de afgelopen twee jaar, ook niet van naastgelegen woningen. De Valk Wekerom (mengvoederfabriek) - categorie 4.2 Op circa 300 meter ten westen van het plangebied is mengvoederfabriek De Valk Wekerom, aan de Groeneveld 2, gevestigd. Het betreft een bedrijf uit milieucategorie 4.2. De woningen komen op een afstand van circa 300 meter ten opzichte van het bedrijf te liggen. Voor deze bedrijven geldt in een richtafstand van 300 meter voor geluid en geur. Aan deze richtafstanden wordt voldaan. Zekerheidshalve is toch op beide aspecten ingegaan. Aan de richtafstanden voor stof (100) en gevaar (50) wordt ook voldaan. Geluid

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 36 -

Voor het aspect geluid wordt verwezen naar de onderbouwing bij Constar betonwaren en paragraaf 4.2). Er is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, waarbij rekening is gehouden met de bedrijfsvoering van het aanwezige bedrijf. Geur Bedrijfsvoering In de voorschriften bij de vigerende milieuvergunning (beschikking d.d. 22 november 1999) zijn geurnormen opgenomen ter plaatse van de dichtst bijzijnde aaneengesloten woonbebouwing (de woningen aan het Westeinde): daar mag de uurgemiddelde concentratie van 2 geureenheden (ge) per m3 gedurende niet meer dan 2% (98% onderschrijdingspercentiel) van de tijd (175 uur per jaar) worden overschreden. Tegenwoordig wordt geurhinder uitgedrukt in odeurunits, 1 ou/m3 komt overeen met 2 ge/m3. De bestaande woningen liggen tussen het bedrijf De Valk Wekerom en de nieuw te bouwen woningen in (die op circa 300 m afstand liggen). Het bedrijf dient in zijn bedrijfsvoering reeds rekening te houden met de bestaande woningen op kortere afstand en zal in zijn bedrijfsvoering dan ook niet beperkt worden door de nieuw te bouwen woningen. Aanvaardbaar woon- en leefklimaat Vanuit een goede ruimtelijke ordening moet voor het aspect geur eveneens een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de nieuwe woningen worden onderbouwd. Voor geurhinder van veevoederbedrijven gelden geen wettelijke normen.

De provincie stelt als bevoegd gezag geurnormen bij de vergunningverlening, en de gemeente moet bij het opstellen van het bestemmingsplan de aanvaardbaarheid van de geurhinder afwegen. De provincie Drenthe heeft geen separaat geurhinderbeleid, waarin richt- en grenswaarden voor geurhinder zijn opgenomen. Voor vergunningverlening wordt vaak gebruik gemaakt van informatie van Infomil (www.infomil.nl). Hier is ook informatie te vinden over diervoerindustrie en geur2. Infomil geeft een voorstel voor een aanvaardbaar hinderniveau aan. Dit gaat uit van een geurbelasting bij geurgevoelige objecten (zoals woningen) in nieuwe situaties en bestaande situaties. Er is sprake van een nieuwe situatie als de geurbelasting t.g.v. de productie van diervoeder toeneemt. Er is sprake van een bestaande situatie als de geurbelasting als gevolg van de inrichting op de omgeving gelijk blijft of afneemt ten opzichte van de geurbelasting als gevolg van de vergunde activiteiten.

De voorgestelde waarden voor een aanvaardbaar hinderniveau vanwege diervoederbedrijven zijn: 0,7 ouE/m3 als 98-percentiel voor nieuwe situaties (= als de geurbelasting vanwege de productie van diervoeders toeneemt); 1,4 ouE/m3 als 98-percentiel voor bestaande situaties (= als de geurbelasting als gevolg van de inrichting op de omgeving gelijk blijft of afneemt ten opzichte van de geurbelasting als gevolg van de vergunde activiteiten). Het betreft hier een bestaande situatie, aangezien het gaat om de geurbelasting van een bestaand veevoederbedrijf in het bestaande stedelijk gebied van Meppel en de woningbouw niet verder oprukt richting bedrijf. Het plangebied ligt buiten de contour van

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 37 -

1,4 ouE/m3 als 98-percentiel. Er is dan ook sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Agrifirm (mengvoederfabriek) - categorie 4.2 Op circa 300 meter ten noorden van het plangebied is mengvoederfabriek Agrifirm, aan de Molenpad 14, gevestigd. Het betreft een bedrijf uit milieucategorie 4.2. De woningen komen op een afstand van circa 300 meter ten opzichte van het bedrijf te liggen. Voor deze bedrijven geldt in een richtafstand van 300 meter voor geluid en geur. Aan de richtafstand wordt derhalve net voldaan. Zekerheidshalve is toch op beide aspecten ingegaan. Aan de richtafstanden voor stof (100) en gevaar (50) wordt ook voldaan. Geluid Voor het aspect geluid wordt verwezen naar de onderbouwing bij Constar betonwaren en paragraaf 4.2). Er is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, waarbij rekening is gehouden met de bedrijfsvoering van het aanwezige bedrijf. Geur Bedrijfsvoering In de vigerende milieuvergunning zijn geurnormen opgenomen voor de dichtst bijzijnde aaneengesloten woonbebouwing. Deze bestaande woningen liggen tussen het bedrijf Agrifirm en de nieuw te bouwen woningen in (die op circa 300 m afstand liggen). Het bedrijf dient in zijn bedrijfsvoering reeds rekening te houden met de bestaande woningen op aanzienlijk kortere afstand (circa 280 m dichterbij) en zal in zijn bedrijfsvoering dan ook niet beperkt worden door de nieuw te bouwen woningen.

Aanvaardbaar woon- en leefklimaat Vanuit een goede ruimtelijke ordening moet voor het aspect geur eveneens een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de nieuwe woningen worden onderbouwd. Zoals al is aangegeven bij De Valk Wekerom gelden geen wettelijke normen oor geurhinder van veevoederbedrijven. De provincie stelt als bevoegd gezag geurnormen bij de vergunningverlening, en de gemeente moet bij het opstellen van het bestemmingsplan de aanvaardbaarheid van de geurhinder afwegen. De provincie Drenthe heeft geen separaat geurhinderbeleid, waarin richt- en grenswaarden voor geurhinder zijn opgenomen. Voor vergunningverlening wordt voor bestaande situaties door Infomil een norm van 1,4 ouE/m3 als 98-percentiel voorgesteld bij geurgevoelige objecten (zie ook onder De Valk Wekerom), in bestaande situaties (= als de geurbelasting als gevolg van de inrichting op de omgeving gelijk blijft of afneemt ten opzichte van de geurbelasting als gevolg van de vergunde activiteiten). Het betreft hier een bestaande situatie (geurbelasting van een bestaand veevoederbedrijf in het bestaande stedelijk gebied van Meppel, waarbij de woningbouw niet verder oprukt richting bedrijf). Op basis van de huidige vergunning van Agrifirm ligt momenteel vrijwel de hele stad Meppel binnen de geurcontour van 1,4 ouE/m3 als 98-percentiel. Ook het plangebied ligt binnen deze contour.

Alhoewel dit niet optimaal

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 38 -

is, vindt de gemeente Meppel het woon- en leefklimaat ter plaatse van de nieuwe woningen aanvaardbaar, om de volgende redenen: Het gaat om een kleinschalige ontwikkeling met 12 woningen; De ontwikkeling vindt op behoorlijk grote afstand van het bedrijf plaats (circa 300 m). Vrijwel de hele stad Meppel ligt binnen de geurcontour van 1,4 ouE/m3 als 98-percentiel, waardoor bijna elke woningbouwontwikkeling in bestaand stedelijk gebied binnen deze geurcontour ligt. Het niet toestaan van enige woningbouwontwikkeling binnen de geurcontour is onwenselijk voor de leefbaarheid en de toekomst van de stad Meppel; Reeds decennialang zijn er verschillende veevoederfabrieken in de kern Meppel gevestigd. De bijbehorende geur is karakteristiek voor Meppel; Dit blijkt ook uit de klachtenregistratie van de gemeente: in de periode van de afgelopen twee jaar is voor de gehele gemeente één melding aangetroffen van geurhinder van Agrifirm (op 31 juli 2018); Het betreft een beperkte verdichting in het bestaand stedelijk gebied van Meppel. Deze verdichting draagt bij aan een zorgvuldig ruimtegebruik; Met de ontwikkeling van deze woningen wordt het lint van woonbebouwing langs de Prins Hendrikkade, dat de laatste jaren verder ontwikkeld is, afgerond; Overigens heeft het bedrijf Agrifirm een aanvraag ingediend bij de provincie als bevoegd gezag voor aanpassing van de omgevingsvergunning milieu.

Hierbij worden voorschriften in de omgevingsvergunning opgenomen in relatie tot maatregelen om de geuroverlast te beperken. Dit verlaagt de geurbelasting in het gebied aanzienlijk. Omdat deze vergunning nog niet vigeert, is in dit bestemmingsplan nog uitgegaan van de situatie zonder aangepaste vergunning. Overslagbedrijf Westerhuis Op circa 150 meter van het plangebied is overslagbedrijf Westerhuis gevestigd. Het betreft een bedrijf uit milieucategorie 4.2 (overslag van zand/grind en stukgoederen voor de binnenvaart). Voor deze bedrijven geldt een richtafstand van 200 m voor stof en 300 m voor geluid. Voor geur en gevaar geldt een richtafstand van 30 m en 50 m (dat laatste bij stukgoederen). Aan de richtafstand voor geluid en stof wordt niet voldaan. Aan de richtafstanden voor stof en gevaar wordt wel voldaan. Geluid Voor het aspect geluid wordt verwezen naar de onderbouwing bij Constar betonwaren en paragraaf 4.2). Er is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, waarbij rekening is gehouden met de bedrijfsvoering van het aanwezige bedrijf. Stof Daarnaast dient rekening gehouden te worden met eventuele stofhinder afkomstig van het bedrijf. Op basis van de geldende beheersverordening Meppel - Bedrijventerreinen is alleen het bestaande legale gebruik toegestaan. Nieuwe functies zijn in het gebied derhalve niet toegestaan. Het bedrijf valt onder het Activiteitenbesluit.

Doordat het bedrijf in zijn bedrijfsvoering

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 39 -

rekening moet houden met de regels in dit Activiteitenbesluit wordt de emissie van stof dusdanig beperkt, dat dit geen belemmering vormt voor de beoogde ontwikkeling. Omdat het bedrijf ook in de bestaande situatie hier al rekening mee moet houden, wordt het bedrijf niet in zijn bedrijfsvoering belemmerd door de beoogde ontwikkeling. Ook is hierdoor sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de nieuwe woningen. In dit kader kan als aanvulling nog vermeld worden dat in de klachtenregistratie van de gemeente ook geen melding is aangetroffen over stofhinder van dit bedrijf in de periode van de afgelopen twee jaar, ook niet van naastgelegen woningen. Conclusie Voor het plangebied is een verantwoorde milieuzonering van toepassing met een goed woon- en leefklimaat voor de beoogde woningen.

4.10 Laagvliegroute Boven Nederland zijn laagvliegroutes aangewezen ten behoeve van Defensie. Laagvliegroute 10a loopt van Drachten, via Meppel, naar Deventer. Deze route loopt over het plangebied. Het gebruik van de route is met ingang van oktober 2002 opgeschort. Na beoordeling van de evaluatie van het laagvliegen wordt de knoop definitief doorgehakt. De minimumvlieghoogte op de laagvliegroute voor jachtvliegtuigen en transportvliegtuigen bedraagt 75 meter. In het kader van de vaststelling van het bestemmingsplan (industrieterrein) "Oevers D" heeft het Ministerie van Defensie bij brief van 17 september 2009 aanwijzingen gegeven. Omdat een klein deel van het plangebied is gelegen binnen deze laagvliegroute, zijn deze aanwijzingen ook voor dit bestemmingsplan van belang. Het ministerie geeft aan dat de gemeente Meppel in het bestemmingsplan rekening moet houden met deze bestaande militaire laagvliegroute. Uit veiligheidsoogpunt acht Defensie de bouw van obstakels hoger dan 40 meter onder de laagvliegroute niet toelaatbaar. In het plangebied is nergens een bouwhoogte toegestaan die hoger is dan 40 meter. De laagvliegzone ondervindt dus geen hinder van de bebouwings- en gebruiksmogelijkheden in dit bestemmingsplan.

4.11 Kabels en leidingen Bij de uitvoering van ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening gehouden worden met de aanwezigheid van elektriciteit- en communicatiekabels en nutsleidingen in de grond. Hier gelden beperkingen voor ingrepen in de bodem. Daarnaast zijn zones, bijvoorbeeld rondom hoogsoanningsverbindingen, straalpaden en raarsystemen van belang. Deze vragen om het beperken van gevoelige functies of van de hoogte van bouwwerken. Voor ruimtelijke plannen zijn alleen de hoofdleidingen van belang. De kleinere, lokale leidingen worden bij de uitvoering door middel van een Klic-melding in kaart gebracht. In (de omgeving van) het plangebied zijn geen leidingen en kabels aanwezig waar tijdens

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 40 -

de uitvoering van de ontwikkeling rekening mee gehouden moet worden.

4.12 Bezonningsstudie Er is een bezonningsanalyse uitgevoerd. Deze is als bijlage 8 toegevoegd. Uit dit onderzoek blijkt dat er ten opzichte van de oude situatie sprake is van een toename van schaduw in de tuinen van direct naastgelegen woningen. Deze toename betreft een deel van de tuinen en treedt op gedurende een beperkt deel van de dag. Door de gewijzigde situering van bebouwing zijn er ook momenten waarop de bezonningssituatie voor met name de hoekwoning verbetert. Per saldo is er geen sprake van een onevenredige verslechtering. Doel van deze studie was om te onderzoeken of de ontwikkeling voldoet aan de lichte en zware TNO-norm. De studie toont aan dat er in de nieuwe situatie wordt voldaan aan de lichte en zware TNO-norm ter plaatse van Prins Hendrikstraat 37. Hierbij is het aannemelijk dat Prins Hendrikstraat 33 en 35 ook voldoen. Hierbij worden buiten beschouwing gelaten: noordgevels, gevels die al in de schaduw zijn door eigen schaduw of schaduw andere buurperselen.

4.13 M er-beoordeling In het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten in het kader van het bestemmingsplan planmer-plichtig, projectmer-plichtig of mer-beoordelingsplichtig zijn. Voor deze activiteiten zijn in het Besluit m.e.r. drempelwaarden opgenomen. Wanneer niet voldaan wordt aan de drempelwaarden moet het bevoegd gezag bij de betreffende activiteiten nagaan of mogelijk sprake is van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu. Daarbij lettend op de omstandigheden als bedoeld in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling. Deze omstandigheden betreffen: de kenmerken van de projecten; de plaats van de projecten; de kenmerken van de potentiële effecten. In bijlage D van het Besluit m.e.r. (D11.2) is de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject opgenomen. Ten aanzien van woningen ligt de drempelwaarde op een aaneengesloten gebied met 2.000 of meer woningen. Dit bestemmingsplan maakt slechts 12 woningen mogelijk en is dus niet rechtstreeks planmer-, projectmer of mer-beoordelingsplichtig. Sinds 7 juli 2017 is een aanpassing van het Besluit m.e.r. in werking getreden. Hierin is geregeld dat ook voor projecten die zijn opgenomen in bijlage D, maar beneden de drempelwaarden vallen, een besluit moet worden genomen of een MER nodig is.

In dat kader wordt afgewogen of het plan mogelijk toch belangrijke negatieve milieueffecten heeft, op basis van de eerder genoemde omstandigheden. Dit is een vormvrije mer. Deze is als bijlage 7 bij de onderbouwing toegevoegd.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 41 -

Hoofdstuk 5

Juridische aspecten

In dit hoofdstuk staat een toelichting op de juridische regeling van dit bestemmingsplan. In paragraaf 5.1 staat een algemene toelichting op de betekenis en opbouw van het bestemmingsplan en de achtergronden daarvan. In paragraaf 5.2 wordt de bestemmingsregeling van dit bestemmingsplan toegelicht.

5.1

Algemeen

5.1.1 Wat is een bestemmingsplan Het gemeentelijke bestemmingsplan is een middel waarmee functies aan gronden worden toegekend. Het gaat dus om het toekennen van gebruiksmogelijkheden. Vanuit de Wet ruimtelijke ordening volgt een belangrijk principe: het gaat om toelatingsplanologie. Het wordt de grondgebruiker (eigenaar, huurder et cetera) toegestaan om de functie die het bestemmingsplan geeft, uit te oefenen. Een afgeleide van de gebruiksregels in het bestemmingsplan zijn regels voor bebouwing (omgevingsvergunning voor het bouwen) en regels voor het verrichten van 'werken' (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden). Een bestemmingsplan regelt daarom: het toegestane gebruik van gronden (en de bouwwerken en gebouwen); het bebouwen van de gronden; het verrichten van werken (aanleggen).

5.1.2 Over bestemmen, dubbelbestemmen en aanduiden Op de verbeelding wordt aangegeven welke bestemming gronden hebben. Dit gebeurt via een (enkel)bestemming. De gronden met een bepaalde bestemming zijn begrensd door het bestemmingsvlak. Voor het op de verbeelding aangegeven bestemmingsvlak gelden de gebruiksmogelijkheden zoals die in de bijbehorende regels worden gegeven. Aanvullend daarop kunnen de toegekende gebruiksmogelijkheden op twee manieren verder worden ingevuld: Via een dubbelbestemming. Een dubbelbestemming is, zoals de naam al zegt, een bestemming die óók aan de gronden wordt toegekend. Voor gronden kunnen dus meerdere bestemmingen gelden. Er geldt altijd één 'enkel' bestemming (dat is dé bestemming) en daarnaast soms een dubbelbestemming (soms zelfs meerdere). In de regels van de dubbelbestemming wordt omschreven wat voor de onderliggende gronden geldt aan extra bepalingen in aanvulling, of ter beperking, van de mogelijkheden van de onderliggende bestemmingen. Via een aanduiding. Een aanduiding is een vlak of een teken op de ruimtelijke verbeelding van het plan. Bij het vlak kan het gaan om een functieaanduiding. Het teken kan bestaan uit een lijn, een figuur, of een lettercode etc. Via een aanduiding

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 42 -

wordt in de regels 'iets' geregeld. Dat 'iets' kan betrekking hebben op extra mogelijkheden en/of beperkingen voor het gebruik en/of de bebouwing. De (on)mogelijkheden van aangeduide gebieden kunnen zijn geregeld in een bestemmingsregel, in meerdere bestemmingsregels, maar ook in een eigen regel in de Algemene aanduidingsregels. Een toelichting op de in dit bestemmingsplan opgenomen enkel- en dubbelbestemmingen en opgenomen aanduidingen staat in 5.2.

5.1.3 Hoofdstukindeling van de regels De regels zijn verdeeld over 4 hoofdstukken: Inleidende regels. In dit hoofdstuk worden begrippen verklaard die in de regels worden gebruikt (artikel 1). Dit gebeurt om een eenduidige uitleg en toepassing van de regels te waarborgen. Ook is de manier waarop gemeten moet worden bij het toepassen van de regels (artikel 2) bepaald. De inhoudelijke opzet van deze regels wordt deels voorgeschreven in de SVBP2012. Bestemmingsregels. In dit tweede hoofdstuk zijn de regels van de bestemmingen opgenomen. Hierbij is een landelijk een hiërarchie afgesproken, waarbij eerst de enkelbestemmingen (alfabetisch) aan de orde komen en vervolgens de dubbelbestemmingen (ook alfabetisch). Per bestemming geven de bestemmingsomschrijving en de (specifieke) gebruiksregels aanwijzingen voor het gebruik. De bouwregels geven per bestemming aanwijzingen voor het bouwen van gebouwen, bijgebouwen, aan- en uitbouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde. Eventueel zijn hierbij flexibiliteitsbepalingen - mogelijkheden voor afwijken met een omgevingsvergunning en/of wijzigingsbevoegdheden - opgenomen. Daarnaast kan het voorkomen dat een bestemming voorzien is van een omgevingsvergunningstelsel. Dit bepaalt bijvoorbeeld welke werken en/of werkzaamheden alleen mogelijk zijn na verlening van een omgevingsvergunning.

Vaak zijn de flexibiliteitsbepalingen en het omgevingsvergunningstelsel gekoppeld aan randvoorwaarden en/of eisen waaraan voldaan moet worden. Algemene regels. In dit hoofdstuk zijn regels opgenomen met een algemeen karakter. Deze gelden in principe voor het hele plangebied. Het zijn achtereenvolgens een anti-dubbeltelbepaling, algemene bouwregels, algemene gebruiksregels, algemene aanduidingsregels en algemene afwijkingsregels. Overgangs- en slotregels. In het laatste hoofdstuk zijn het overgangsrecht en de slotregels opgenomen. Hoewel het hier in feite algemene regels betreft, zijn deze vanwege hun meer bijzondere karakter in een apart hoofdstuk opgenomen. De inhoudelijke opzet van deze regels wordt deels voorgeschreven in het Besluit ruimtelijke ordening en de geldende SVBP.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 43 -

5.2

Dit bestemmingsplan Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting (met bijbehorende bijlagen). De verbeelding en de regels vormen tezamen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide plandelen worden in onderlinge samenhang bezien en toegepast. Op de verbeelding zijn de bestemmingen aangewezen. Aan deze bestemmingen zijn bouwregels en regels betreffende het gebruik gekoppeld. De toelichting heeft geen rechtskracht, maar vormt een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting van dit bestemmingsplan geeft een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten die aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen. Tot slot is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan. Inhoudelijke opzet Door de gemeente Meppel is een handboek opgesteld. Dit handboek vormt de basis voor de inhoudelijke opzet van de regels en verbeelding van dit bestemmingsplan. Met dien verstande dat de uitgangspunten van de (voorheen) geldende bestemmingsplannen zo veel mogelijk gehandhaafd zijn. Dit komt de vergelijkbaarheid ten goede met de regelgeving in de omgeving van het voorliggende plangebied .

Regels De opbouw van de regels van de verschillende bestemmingen is overal hetzelfde, deze is als volgt: Bestemmingsomschrijving: In dit onderdeel worden de toegestane doeleinden en het toegestane gebruik omschreven. Bouwregels: Hierin worden de regels voor wat betreft het bouwen uitgewerkt. Nadere eisen: In deze bepaling is opgenomen dat Burgemeester en Wethouders nadere eisen kunnen stellen inzake de plaats en afmeting van gebouwen, bijvoorbeeld in het kader van een goede woonsituatie, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid of de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. Deze bepaling maakt het mogelijk voor het gemeentebestuur om waar nodig sturing te geven aan de ruimtelijke ontwikkeling. Afwijking bouwregels: In dit onderdeel kan bij omgevingsvergunning worden afgeweken van de bouwregels, waarmee ruimere bouwmogelijkheden kunnen worden gegeven. Specifieke gebruiksregels: In dit onderdeel kunnen enkele specifieke ongewenste gebruiksmogelijkheden uitgesloten, zoals zelfstandige bewoning van bijgebouwen en stortplaatsen. Afwijking van de gebruiksregels: In dit onderdeel zijn mogelijkheden voor het bij omgevingsvergunning afwijken van de gebruiksregels opgenomen, bijvoorbeeld voor het toestaan van aan huis gebonden bedrijven. In dit bestemmingsplan is geen afwijkingsbevoegdheid opgenomen.

Wijzigingsbevoegdheid: In dit onderdeel kunnen mogelijkheden op worden genomen voor het wijzigen van de bestemming. In dit bestemmingsplan is geen wijzigingsbevoegdheid opgenomen.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 44 -

Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde en werkzaamheden: Dit onderdeel (de voormalige aanlegvergunning) is alleen van toepassing voor de dubbelbestemmingen voor archeologie. Verbeelding Voor de vormgeving van de verbeelding geldt een aantal uitgangspunten. Zo worden de kaarten in kleur opgezet, waarbij de kleuren worden ondersteund met een letteraanduiding. De kleuren en letters zijn afgestemd op de kleur en letteraanduiding in de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen 2012 (SVBP 2012). De schaal van de analoge kaarten is 1:1.000. Ten behoeve van de gebruiksvriendelijkheid en digitale raadpleegbaarheid wordt waar mogelijk informatie op de verbeelding gezet (bouwvlakken, goot-/bouwhoogten, eventueel bebouwingspercentages).

5.3

Regels De regels in dit bestemmingsplan zijn opgezet aan de hand van hetgeen hiervoor is beschreven. Dit bestemmingsplan kent de volgende bestemmingen:

5.3.1 Water Deze bestemming is gelegd op het oppervlaktewater van de haven en het water ten noorden van het plangebied. De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor water, waterberging, waterhuishouding en waterlopen, met de daarbij behorende groen-, speel- en kleinschalige dagrecreatieve voorzieningen, alsmede voor kunstwerken. Ter plaatse van de aanduiding 'aanlegsteiger' zijn tevens aanlegplaatsen voor het recreatieve verkeer ter water toegestaan. Op de gronden met de bestemming 'Water' mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd. Daarvoor geldt een maximale bouwhoogte van 6 meter. Steigers mogen worden gebouwd ter plaatse van de aanduiding 'aanlegsteiger'.

5.3.2 Verkeer - Verblijfsgebied De gronden ter plaatse van de bestemming 'Verkeer - Verblijfsgebied' zijn bedoeld naast voor de afwikkeling van het verkeer tevens bedoeld als verblijfsgebied. Binnen de bestemming zijn straten, fiets- en voetpaden, groenvoorzieningen en parkeervoorzieningen toegestaan. Gebouwen zijn niet toegestaan.

5.3.3 Tuin De bestemming 'Tuin' hangt in hoge mate samen met de bestemming 'Wonen'. Hierbinnen zijn de voortuinen en in enkele gevallen de zijtuinen van de woningen opgenomen, die niet mogen worden bebouwd. Zijkanten van woonpercelen zijn in de gevallen dat deze niet mogen worden bebouwd in de tuinbestemming gelegd, veelal indien deze grenzen aan het openbaar gebied, te weten de bestemming 'Verkeer', 'Groen' of 'Water'. In de regeling is opgenomen dat, onder bepaalde voorwaarden, binnen de bestemming wel bebouwing in de vorm van erkers en ingangpartijen toegestaan is.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 45 -

5.3.4 Wonen De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor de woonfunctie. Ondergeschikt aan de functie zijn aan huis verbonden beroepen toegestaan, evenals de daarbij behorende tuinen, (achter)paden, verhardingen en bebouwing. Een hoofdgebouw mag uitsluitend in het bouwvlak worden gebouwd. De bouwhoogtes, zoals beschreven in paragraaf 2.2, zijn op de kaart aangeduid. Het maximaal aantal te bouwen wooneenheden bedraagt 12. Dit is middels de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' op de verbeelding aangegeven. Op de verbeelding is tevens aangeduid waar de verschillende dove gevels uitgevoerd moeten worden.

5.3.5 Algemene regels Naast de bestemmingen bevat het plan een aantal algemene regels over bijvoorbeeld algemene afwijkingen en het overgangsrecht. Over het algemeen gaat het om min of meer standaardregels. Deze worden hier verder niet toegelicht. Enkele specifiek regels komen wel aan bod. De algemene regels gelden bovenop de regels van de onderliggende bestemmingen. Voorts zijn algemene aanduidingsregels opgenomen. Zo is de aanduiding 'Geluidszone industrie' weer opgenomen. Voorts is er nog een molenbiotoop voor de bescherming van de belevingswaarde en het functioneren van de in de omgeving voorkomende molens.

5.4

Verbeelding Voor de vormgeving van de verbeelding gelden een aantal uitgangspunten die als volgt luiden: De kaarten worden in kleur opgezet waarbij de kleuren worden ondersteund met een letteraanduiding (bijv. B- bedrijventerrein) een en ander afgestemd op de kleur en letteraanduiding in de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen 2012. De schaal van de kaarten is 1: 1000. Ten behoeve van de gebruiksvriendelijkheid en digitale raadpleegbaarheid wordt waar mogelijk informatie op de kaart gezet (bouwvlakken, goot-/bouwhoogten, bebouwingspercentages). In dit bestemmingsplan zijn deze vormgevende uitgangspunten toegepast. Dit bestemmingsplan biedt een nieuwe regeling waarbij de bestaande regeling in een nieuw jasje wordt gegoten. Daarbij worden het handboek en de SVBP2012 als basis voor de regeling aangehouden.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 46 -

Hoofdstuk 6

Uitvoerbaarheid

Voor de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan is het van belang te weten of het bestemmingsplan economisch uitvoerbaar is. De economische uitvoerbaarheid wordt enerzijds bepaald door de exploitatie van het plan (financiële haalbaarheid) en anderzijds door de manier van kostenverhaal van de gemeente (grondexploitatie).

6.1

Economische uitvoerbaarheid Voor de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan is het van belang te weten of het bestemmingsplan economisch uitvoerbaar is. De economische uitvoerbaarheid wordt enerzijds bepaald door de exploitatie van het plan (financiële haalbaarheid) en anderzijds door de manier van kostenverhaal van de gemeente (grondexploitatie).

6.1.1 Financiële haalbaarheid Dit plan heeft betrekking op een particulier initiatief waarmee de gemeente geen directe financiële bemoeienis heeft. De kosten voor het realiseren van de ontwikkeling worden gedragen door de initiatiefnemer. Aangenomen wordt dat deze over voldoende financiële middelen beschikt om de woningen te kunnen realiseren. De kosten met betrekking tot het begeleiden van de bestemmingsplanprocedure en daaraan verwante kosten worden verhaald via de leges van de gemeente. Het plan wordt hiermee economisch uitvoerbaar geacht.

6.1.2 Grondexploitatie Door middel van de grondexploitatieregeling beschikken gemeenten over mogelijkheden voor het verhalen van kosten, bijvoorbeeld voor het bouw- en woonrijp maken en kosten voor de ruimtelijke procedure. Indien er sprake is van bepaalde bouwplannen, dient de gemeente hiervoor in beginsel een exploitatieplan op te stellen. Van deze verplichting kan worden afgezien als het kostenverhaal anderszins verzekerd is. Dit kan door middel van een anterieure overeenkomst. Voor vaststelling van het planologisch besluit dient duidelijk te zijn op welke wijze de kosten zullen worden verhaald. In dit geval is een anterieure overeenkomst met de initiatiefnemers gesloten om het kostenverhaal te verzekeren. Hierin is onder andere het aspect planschade afgedekt.

6.2

M aatschappelijke uitvoerbaarheid Informatieavond In 2017 heeft er een informatieavond plaatsgevonden waarin de omwonende van het plangebied geïnformeerd zijn over het voormalige plan met 13 woningen. Naar aanleiding van deze informatieavond is het plan, door de ontwikkelaar, aangepast om tegemoet te komen aan geuite bezwaren. Deze aanpassing, bestaat uit het laten vervallen van 1 woning op de kop van het plangebied waardoor de afstand tussen de woningen aan de Concordiastraat en de woningen in het plangebied vergroot is. Een verslag van de informatieavond is als bijlage 9 opgenomen. Vervolgens heeft in 2020 nog een informatieavond plaatsgevonden. Dit verslag is als bijlage 10 opgenomen.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 47 -

Inspraak en overleg In het kader van de inspraak en vooroverleg heeft het voorontwerpbestemmingsplan gedurende zes weken ter inzage gelegen. Tijdens deze periode van terinzagelegging is een ieder in de gelegenheid gesteld op het plan te reageren. In het kader van het vooroverleg is een kennisgeving van de tervisielegging toegezonden aan de provincie en het waterschap. Van beide is een reactie ontvangen. Gedurende de periode van tervisielegging zijn daarnaast 14 inspraakreacties ontvangen. In een aparte 'Nota beantwoording inspraak en vooroverleg' (zie bijlage 11) zijn de ingekomen inspraak- en vooroverlegreacties samengevat en beantwoord. De reacties hebben geleid tot aanpassingen in de toelichting ,regels en verbeelding. In de regels en op de verbeelding is de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' toegevoegd. Zienswijze Vervolgens heeft het ontwerpbestemmingsplan gedurende zes weken ter inzage gelegen.Binnen deze periode kon een ieder zijn of haar zienswijze met betrekking tot het ontwerp van het bestemmingsplan tijdig kenbaar maken bij de gemeenteraad. Binnen de termijn is er één zienswijze binnengekomen, ingediend namens de bewoners van 18 adressen. De zienswijze is in een aparte zienswijze nota samengevat en beantwoord. De zienswijze heeft geleid tot aanpassingen in de toelichting en de regels.

Vaststelling Het bestemmingsplan wordt vervolgens, al dan niet gewijzigd, vastgesteld. Het besluit tot vaststelling wordt gepubliceerd en het bestemmingsplan ligt zes weken ter inzage. Tijdens die periode bestaat de mogelijkheid beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in te dienen tegen het besluit en het plan.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 48 -

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 49 -

Bijlagen Toelichting

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

- 50 -

Bijlage 1

Bodemonderzoek

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel - Centrumschil, herziening Prins Hendrikkade

Rapport Verkennend bodemonderzoek (inclusief asbest in grond en puin), nader (actualiserend) bodemonderzoek en indicatief puinonderzoek Prins Hendrikkade 1 en 2 te Meppel

Rapport Verkennend bodemonderzoek (inclusief asbest in grond en puin), nader (actualiserend) bodemonderzoek en indicatief puinonderzoek Prins Hendrikkade 1 en 2 te Meppel

Opdrachtgever: Contactpersoon: Projectnummer:

Mateboer Projectontwikkeling B.V. Dhr. G. van Kuijk

Datum:

Status:

162237/PK Opgesteld door:

16 november 2016 Definitief Paraaf: Gecontroleerd door: Paraaf:

Ing. J.J. de Groot

P. Kuipers

Mateboer Milieutechniek B.V. Postbus 99, 8260 AB Ambachtsstraat 27 Kampen T. 038 - 33.15.020 www.mateboer.nl Info@mateboer.nl

INHOUDSOPGAVE

Pagina: 1

INLEIDING.................................................................................................................................. 4 1.1 1.2 1.3

2

INVENTARISATIE ........................................................................................................................ 6 2.1

3

LOCATIESPECIFIEKE GEGEVENS .............................................................................................................6

ONDERZOEKSPROGRAMMA .................................................................................................... 14 3.1 3.2 3.3 3.4

4

AANLEIDING EN DOELSTELLING ONDERZOEK ...........................................................................................4 OPBOUW RAPPORT ...........................................................................................................................4 VERANTWOORDING ..........................................................................................................................5

ONDERZOEKSHYPOTHESE EN -STRATEGIE .............................................................................................14 VELDWERK ....................................................................................................................................17 GESELECTEERDE (MENG)MONSTERS EN ANALYSES .................................................................................18 GESELECTEERDE (MENG)MONSTERS EN ANALYSES FUNDATIEONDERZOEK ...................................................21

RESULTATEN ............................................................................................................................ 22 4.1 LOKALE BODEMOPBOUW..................................................................................................................22 4.2 ZINTUIGLIJKE WAARNEMINGEN ..........................................................................................................22 4.3 VELDMETINGEN GRONDWATER .........................................................................................................24 4.4 ANALYSERESULTATEN ......................................................................................................................24 4.4.1 Terminologie toetsing ......................................................................................................24 4.4.2 Resultaten bodemonderzoek ...........................................................................................25 4.4.3 Uitwerking resultaten verkennend onderzoek asbest in grond (NEN 5707) en puin (NEN 5897) ................................................................................................................................28 4.4.4 Uitwerking resultaten indicatief samenstellingsonderzoek puinverharding ....................29

5

SAMENVATTING EN CONCLUSIES ............................................................................................ 30 5.1 SAMENVATTING .............................................................................................................................30 5.1.1 Aanleiding en doelstelling ................................................................................................30 5.1.2 Zintuiglijke waarnemingen...............................................................................................30 5.1.3 Interpretatie analyseresultaten actualiserend nader bodemonderzoek ..........................31 5.1.4 Interpretatie analyseresultaten verkennend bodemonderzoek .......................................31 5.1.5 Interpretatie analyseresultaten verkennend onderzoek asbest .......................................32 5.1.6 Interpretatie analyseresultaten indicatief puinonderzoek ...............................................32 5.1.7 Interpretatie analyseresultaten nader bodemonderzoek zware metalen........................33 5.2 CONCLUSIES ..................................................................................................................................34 5.2.1 Kwaliteit bodem en herkomst verontreinigingen .............................................................34 5.2.2 Mate en omvang verontreinigingen

................................................................................36 5.2.3 Milieuhygiënische risico’s, ernst en spoedeisendheid ......................................................37

TABELLEN TABEL 3.1: OVERZICHT VELDWERKZAAMHEDEN EN ANALYSES ONDERZOEKSLOCATIE...................................................16 TABEL 3.2: OVERZICHT VELDWERKZAAMHEDEN EN ANALYSES ONDERGRONDSE TANKS................................................17 TABEL 3.3: GESELECTEERDE (MENG)MONSTERS EN ANALYSES GROND EN GRONDWATER.............................................18 TABEL 3.4: GESELECTEERDE (MENG)MONSTERS EN ANALYSES FUNDATIEMATERIAAL .................................................. 21 TABEL 4.1: OVERZICHT ZINTUIGELIJKE WAARNEMINGEN .......................................................................................22 TABEL 4.2: VELDMETINGEN BEMONSTERING GRONDWATER ..................................................................................24 TABEL 4.3: TOETSING ANALYSES GROND EN GRONDWATER AAN WET BODEMBESCHERMING .......................................25 TABEL 4.4: ASBESTGEHALTE FRACTIE < 20 MM IN ACTUELE CONTACTZONE ..............................................................28 TABEL 4.5: INDICATIEVE TOETSING ANALYSES FUNDATIEMATERIAAL ........................................................................29

Verkennend bodemonderzoek (inclusief asbest in grond en puin), nader (actualiserend) bodemonderzoek en indicatief puinonderzoek Prins Hendrikkade 1 en 2 te Meppel, 162237/PK

2

BIJLAGEN BIJLAGE 1: GEOGRAFISCHE LIGGING BIJLAGE 2: TERREINSITUATIE MET BORINGEN, INSPECTIEGATEN EN PEILBUIZEN BIJLAGE 3: BOORPROFIELEN BIJLAGE 4: ANALYSECERTIFICATEN BIJLAGE 5: GETOETSTE ANALYSERESULTATEN EN TOETSINGSWAARDEN BIJLAGE 6: TOELICHTING TOETSINGSKADER BIJLAGE 7: FOTO’S ASBESTONDERZOEK BIJLAGE 8: MONSTERNEMINGSFORMULIER BIJLAGE 9: TOELICHTING ASBESTBEREKENINGEN BIJLAGE 10: OVERZICHTSTEKENING VERONTREINIGINGSCONTOUREN

Verkennend bodemonderzoek (inclusief asbest in grond en puin), nader (actualiserend) bodemonderzoek en indicatief puinonderzoek Prins Hendrikkade 1 en 2 te Meppel, 162237/PK

3

1

INLEIDING

1.1

Aanleiding en doelstelling onderzoek

In opdracht van Mateboer Projectontwikkeling B.V. heeft Mateboer Milieutechniek B.V. (MMT) in augustus, september en oktober 2016 een verkennend bodemonderzoek (inclusief asbest in grond en puin), nader (actualiserend) bodemonderzoek en indicatief puinonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de Prins Hendrikkade 1 en 2 te Meppel. Aanleiding voor de uitvoering van het verkennend bodemonderzoek (inclusief asbest in grond en puin), nader (actualiserend) bodemonderzoek en indicatief puinonderzoek betreft de voorgenomen herontwikkeling van het perceel. Doel van het verkennend bodemonderzoek is het bepalen van de algemene milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater). Doel van actualiserend nader bodemonderzoek in de grond ter plaatse van het voormalige vulpunt van de ondergrondse superbenzinetank is het actualiseren en vervolgens bepalen van de mate en omvang van de verontreiniging met minerale olie ten einde de ernst van de verontreiniging en de spoedeisendheid van een eventueel uit te voeren sanering vast te stellen. Doel van nader bodemonderzoek is bepalen van de mate en omvang van de tijdens onderhavig bodemonderzoek aangetroffen verontreinigingen met barium, zink, lood en arseen in de grond ten einde de ernst van de verontreiniging en de spoedeisendheid van een eventueel uit te voeren sanering vast te stellen.

Doel van het onderzoek naar asbest in de grond en in puin is het bepalen of de grond en het puin asbesthoudend is of niet. Het doel van het indicatieve puinonderzoek op samenstelling- en emissiewaarden is het indicatief bepalen van de algemene milieuhygiënische kwaliteit van het puin ten behoeve van mogelijk hergebruik.

1.2

Opbouw rapport

In het onderhavige rapport wordt verslag gedaan van het uitgevoerde bodemonderzoek en komen de volgende aspecten aan de orde: • inventarisatie (hoofdstuk 2); • onderzoeksprogramma (hoofdstuk 3); • resultaten (hoofdstuk 4); • samenvatting en conclusies (hoofdstuk 5).

Verkennend bodemonderzoek (inclusief asbest in grond en puin), nader (actualiserend) bodemonderzoek en indicatief puinonderzoek Prins Hendrikkade 1 en 2 te Meppel, 162237/PK

4

1.3

Verantwoording

Dit rapport is uitsluitend samengesteld voor het gebruik door de opdrachtgever. De conclusies in dit rapport zijn alleen geldig binnen de context waarbinnen het onderzoek is uitgevoerd en het rapport is opgesteld. Het rapport is alleen geldig in originele en volledige vorm. Ieder ander dan de opdrachtgever, die het rapport gebruikt zonder specifieke referentie en schriftelijke toestemming van Mateboer Milieutechniek B.V. (MMT), doet dit op eigen risico. De conclusies zijn gebaseerd op de analyse van gegevens die door de opdrachtgever en derden zijn verstrekt. Wij nemen daarom geen verantwoording voor de gevolgen van fouten door verzuiming in informatie of factoren dan wel informatie die niet toegankelijk was voor MMT of die MMT niet heeft kunnen achterhalen in het normale verloop van het onderzoek. Opgemerkt wordt dat het verkennend bodemonderzoek gebaseerd is op het uitvoeren van een beperkt aantal boringen, berekend volgens de wettelijk gestelde richtlijnen. Hierdoor blijft het mogelijk dat er afwijkingen in de kwaliteit van de bodem aanwezig zijn, die tijdens het bodemonderzoek niet geconstateerd zijn. Verder geeft een bodemonderzoek geen uitsluitsel over niet onderzochte stoffen en is een bodemonderzoek een momentopname. In de loop der tijd kan een eventuele verontreinigingssituatie zich wijzigen.

Voor de eventueel hieruit voortvloeiende schade of gevolgen stelt MMT zich niet verantwoordelijk. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd onder certificaat van de beoordelingsrichtlijn BRL SIKB 2000 en conform de protocollen 2001, 2002 en 2018. Het hierbij behorende procescertificaat en keurmerk van Mateboer Milieutechniek B.V. is van toepassing op het gehele proces van het veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek, vanaf acceptatie tot aan de overdracht van de veldgegevens en monsters. Mateboer Milieutechniek B.V. is geen eigenaar van het onderzochte terrein en heeft buiten de opdracht juridisch, financieel, personeel of op andere wijze geen verbintenis met de opdrachtgever.

Verkennend bodemonderzoek (inclusief asbest in grond en puin), nader (actualiserend) bodemonderzoek en indicatief puinonderzoek Prins Hendrikkade 1 en 2 te Meppel, 162237/PK

5

2

INVENTARISATIE

2.1

Locatiespecifieke gegevens

(Bron: informatie offerteaanvraag Mateboer Projectontwikkeling B.V. (dhr. G. van Kuijk) d.d. 23 juni 2016, informatie bodeminformatiekaart provincie Drenthe d.d. 23 juni 2016, bodemloket.nl d.d. 23 juni 2016, informatie gemeente Meppel d.d. 30 juni 2016, informatie Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe d.d. 11 juli 2016, locatiebezoek d.d. 19 juli 2016, historisch onderzoek gemeente Meppel d.d. 19 juli 2016, veldwerk Mateboer Milieutechniek B.V., augustus en september 2016)

Het onderzoeksgebied betreft de percelen Prins Hendrikkade 1 en 2 te Meppel. De locatie is kadastraal bekend als gemeente Meppel, sectie A en nummers 8064 en 8764. De oppervlakte van de onderzoekslocatie bedraagt circa 2.000 m2. Op de onderzoekslocatie zijn twee bedrijfsgebouwen en een woonhuis gesitueerd. Prins Hendrikkade 1 Het pand Prins Hendrikkade 1 betreft het woonhuis met aangebouwd magazijn, beide verhard met een betonvloer. Op het perceel vinden, voor zover bekend, vanaf 2001 geen activiteiten meer plaats. Het buitenterrein bestaat voornamelijk uit tuin. Op de zuidoostzijde van het perceel is een puinverharding aanwezig. Op de zuidzijde van het perceel is langs de kade een asbesthoudende beschoeiing waargenomen. Door de zware begroeiing tijdens het locatiebezoek kon niet helemaal worden bekeken waar de beschoeiing begint en waar deze ophoud. Vermoedelijk gaat het om ca. 30 meter asbesthoudende beschoeiing. Tijdens het veldwerk van onderhavig bodemonderzoek (augustus 2016) is gestuit op een ondergrondse brandstoftank. Het was bekend dat een ondergrondse tank aanwezig is op het perceel Prins Hendrikkade 2, maar een ondergrondse tank op het perceel Prins Hendrikkade 1 was niet bekend. Tijdens het eerder uitgevoerde historisch onderzoek (juli 2016) zijn hier geen gegevens van aangetroffen. Prins Hendrikkade 2 Momenteel wordt het pand op de Prins Hendrikkade 2 verhuurd.

Hier worden momenteel diverse niet bodembedreigende activiteiten uitgevoerd (onder meer kleding maken/naaien en houtwerkzaamheden (onder meer timmeren van vogelhuisjes)). Tevens is een kantoortje, een keuken en loungegedeelte aanwezig. Inpandig is linoleum, laminaat en vloerbedekking aanwezig. Plaatselijk is een tegelverharding aanwezig. Het pand Prins Hendrikkade 2 betreft een voormalige werkplaats met magazijn (garage). In de periode daarna (vanaf 1993) was op het terrein in het verleden een automaterialenhandel gevestigd. Op het perceel is een ondergrondse superbenzinetank aanwezig. Uit de huidige beschikbare informatie blijkt niet dat deze is verwijderd. Het vulpunt is nabij de tank gelegen. Ten noorden van het pand (aan de Prins Hendrikkade) was in het verleden een afleverinstallatie voor superbenzine gesitueerd.

Verkennend bodemonderzoek (inclusief asbest in grond en puin), nader (actualiserend) bodemonderzoek en indicatief puinonderzoek Prins Hendrikkade 1 en 2 te Meppel, 162237/PK

6

Op basis van de website Bodemloket.nl blijkt dat ter plaatse van de onderzoekslocatie en in de directe omgeving meerdere bodemonderzoeken zijn uitgevoerd. Op basis van de bodeminformatiekaart van de provincie Drenthe (website) zijn eveneens meerdere onderzoeken bekend. Dit betreffen dezelfde gegevens als welke via bodemloket bekend zijn. Voorafgaand aan de uitvoering van het bodemonderzoek is bodeminformatie (onder meer voorgaande bodemonderzoeken/saneringen, bodembedreigende activiteiten (waaronder boven- en/of ondergrondse brandstoftanks), ophogingen en dempingen, voormalige calamiteiten en tekeningen van milieuvergunningen) opgevraagd bij de gemeente Meppel en de Regionale Uitvoeringsdienst met betrekking tot de onderzoekslocatie en aangrenzende percelen binnen een straal van 25 meter rondom de onderzoekslocatie. Reeds beschikbare historische informatie (op basis van historisch onderzoek uit 2000 en verkennend bodemonderzoek uit 2001) Prins Hendrikkade 1 Uit gemeentelijke dossiers blijkt dat er in 1959 een bouwvergunning is verleend voor de bouw van een werkplaats met woonhuis. Er is een Hinderwet vergunning verleend voor het vervaardigen van een constructiewerkplaats en centrale verwarmingsbedrijf met een oliegestookte kachel (aanvraag. Dhr. Beyer). In 1991 is een controle uitgevoerd.

Daarbij is geconstateerd dat er een opslag/tussenhandel van reinigingsmiddelen is gevestigd. Onder andere werden zepen, borstels, vuilniszakken, hypochloriet (200 l.) en ammoniak (200 l.) opgeslagen. In 1992 is een kennisgeving Besluit Opslag Goederen in het kader van de Wet Milieubeheer ingediend (aanvraag AFA Organisatie B.V.). Voor zover bekend is er op het terrein geen olietank aanwezig (geweest). Tijdens het historisch onderzoek en het locatiebezoek in juli 2016 is nog extra gelet op informatie (o.a. tekening milieuvergunningen e.d.) met betrekking tot een olietank ten behoeve van de kachel. Er is echter geen informatie aangetroffen. Tijdens het veldwerk van onderhavig bodemonderoek uit 2016 is tijdens de plaatsing van boringen vervolgens wel gestuit op een ondergrondse brandstoftank (westzijde onderzoekslocatie). Prins Hendrikkade 2 In 1937 is een bouwvergunning verleend voor het bouwen van een woonhuis. In 1952 is een Hinderwetvergunning verleend voor het oprichten van een graanzuiginstallatie. In 1964 is een bouwvergunning verleend voor de bouw van 10 autoboxen (aanvraag Hartsuiker). Tot 1977 was op het perceel een graanoverslag-bedrijf gevestigd. In 1977 is een bouwvergunning verleend voor het gedeeltelijk veranderen van een garagebedrijf. In 1978 is een Hinderwetvergunning verleend voor het oprichten en in werking brengen en houden van een garagebedrijf.

In 1979 is een uitbreidingsvergunning verleend voor een verkoopstation voor motorbrandstoffen door bijplaatsing van een ondergrondse tank (6.000 liter) voor superbenzine met afleverinstallatie (aanvraag A. Alberts). In 1993 is een Hinderwetvergunning verleend voor het oprichten en in werking hebben van een automaterialenhandel.

Verkennend bodemonderzoek (inclusief asbest in grond en puin), nader (actualiserend) bodemonderzoek en indicatief puinonderzoek Prins Hendrikkade 1 en 2 te Meppel, 162237/PK

7

Uit de gegevens van 2000 blijkt dat ondergrondse benzinetank waarschijnlijk nog aanwezig is. De afleverzuil is niet meer aanwezig. Informatie gemeente Meppel en uitvoeringsdienst Uit de informatie van de gemeente en de uitvoeringsdienst blijkt het volgende: Van de locatie Prins Hendrikskade 2 zijn bij de gemeente Meppel (in bis) de volgende bodemonderzoeken bekend: • Royal Haskoning, rapportnummer: h2570.a0/r038/rhw/ah, d.d. 01-01-2001; • Royal Haskoning, rapportnummer: 9M8819.01/R001/JLO, d.d. 27-06-2003. In het systeem wordt melding gemaakt van een historisch onderzoek (d.d. 01-04-2000), hiervan zijn in bis verder geen gegevens beschikbaar, wellicht vindbaar in het archief bij de gemeente. Uit het HBB blijkt dat op de locatie o.a. een transportbedrijf, auto en onderdelenhandel en een benzine service station gevestigd zijn (geweest). Onderzoeken in de omgeving: Prins Hendrikkade: • EcoReest, rapportnummer: ER000425, d.d. 30-05-2000. Schuttevaerhaven: • Royal Haskoning, rapportnummer: 9P8704.01, d.d. 01-02-2005. • Niebeek Milieumanagement BV, rapportnummer: 1783-v01, d.d. 12-01-2007. Buitenhaven: • Niebeek Milieumanagement BV, rapportnummer: 9p8704.01, d.d. 01-02-2005. • Niebeek Milieumanagement BV, rapportnummer: 1783-04-vO1, d.d. 31-01-2007. • Niebeek Milieumanagement BV, rapportnummer: 1783-04-vO2, d.d. 02-08-2007.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meppel&id=065a1ac2-91b1-41a6-afad-882c8625c19e