Bijlage 1 - Programmabegroting 2022
Tekst van het document
Uitdaging is om de hele keten vanuit risico beheersing naar beleid en naar processen en techniek op elkaar af te stemmen. De risico’s op grote incidenten, zoals een hack nemen toe. De impact kan groot zijn, zoals het geval was bij de Universiteit van Maastricht en gemeente Hof van Twente. Het gevolg kan zijn dat de bedrijfsvoering en de dienstverlening aan de samenleving voor een korte of zelfs lange periode volledig stil komt te liggen. We treffen maatregelen, maar het blijft een uitdaging om kans en impact te beperken. Per saldo komen we op een risico inventarisatie van ongeveer € 1,0 miljoen voor de bedrijfsvoering. 11. Overige risico’s De gemeente kent ten aanzien van going-concern activiteiten een aantal financiële risico’s die niet goed te kwantificeren zijn. Het is van belang deze risico’s te volgen en daar waar mogelijk tijdig beheersmaatregelen te treffen. Het gaat om de volgende risico’s: a) Leningen en garanties: risico’s verbonden aan borgstelling en verstrekte leningen. De leningen en borgstelling die het betreft zijn opgenomen in de paragraaf financiering. b) Vennootschappelijke belastingplicht gemeenten. Vanaf 2016 hebben gemeenten de verplichting voor een aantal activiteiten vennootschapsbelasting (VpB) af te dragen. Bij onze gemeente is de vraag in hoeverre we voor activiteiten van het grondbedrijf belastingplichtig zijn.
c) De Omgevingswet is nieuw voor iedereen. Er ontstaat meer zicht op de inhoud en uitwerking van de wet. De Omgevingswet heeft grote impact op onder andere digitalisering. Het project is extra complex omdat ICT-samenwerking tussen overheden tot stand gaat komen. De verwachte invoeringsdatum is 1 juli 2022. De kosten van de implementatie zijn in de meerjarenbegroting voor een minimale variant ingebracht. Daardoor ligt meer druk op de interne organisatie, mede door de gevraagde andere manier van werken. d) Onderhoud kapitaalgoederen: hebben we voldoende middelen om onze onderhoudsplannen uit te voeren. Strategische beleid hoe om te gaan met vastgoed specifiek en gemeentelijke bezittingen in brede zin, is een maatregel die wordt getroffen om mogelijke risico’s op dit onderwerp te beheersen. e) Rentestijging is een risico waar wij mee te maken kunnen krijgen bij het opnieuw afsluiten van een geldlening. Is de rente hoger dan de rente die wij betaalden, dan heeft dit een nadelig effect op onze begroting. In 2020 heeft een herziening van onze leningenportefeuille plaatsgevonden. Ook is actief gekeken naar de toekomstige noodzakelijke financieringen om het renterisico te minimaliseren (vaste schuld en kasgeld). Per saldo verwachten we dat dit risico op dit moment verwaarloosbaar is. 6.2.3
Gewenst weerstandsvermogen
Conform de door de raad vastgestelde beleidskaders heeft een calculatie plaatsgevonden van de geïnventariseerde risico’s. In totaliteit is een risicobedrag gecalculeerd van € 10,9 miljoen. Bij de berekening van dit bedrag zijn de uitgangspunten gehanteerd zoals vastgelegd in de door de raad in 2013 vastgestelde Nota weerstandsvermogen en risicomanagement. Het beschreven risicoprofiel is gekwantificeerd en kan worden afgezet tegen het vermogen van de gemeente om deze potentiële tegenvallers op te vangen zonder dat de continuïteit van de bedrijfsvoering in gevaar komt. Dit weerstandsvermogen is de verhouding tussen de risico’s en de weerstandscapaciteit. De weerstandscapaciteit bestaat uit potentieel in te zetten middelen om de tegenvallers op te vangen.
Programmabegroting 2022
96
Naast de bufferreserve zijn dit overige reserves (a), onbenutte inkomstenbronnen (b) en stille reserves (c). a) Reserves De algemene reserves bestaande uit de bufferreserve en de vrij besteedbare reserve hebben een gezamenlijke omvang van € 10,3 miljoen per 1 januari 2022. b) Onbenutte belastingcapaciteit Voor het berekenen van het gewenste bufferniveau wordt uitgegaan van de berekeningswijze zoals is vastgelegd in de Nota risicomanagement 2013. Uitgangspunt daarin is een verhoging van de OZBtarieven tot 20% boven het gemiddelde in Nederland. De onbenutte belastingcapaciteit is met deze benadering € 0,9 miljoen. c) Stille reserves Stille reserves zijn aandelen, gronden en gebouwen die bij verkoop meer kunnen opleveren dan de boekwaarde. Er is geen onderzoek verricht naar de hoogte van deze stille reserves, die normaliter pas aangesproken worden na uitputting van de overige reserves. Bovendien is het onzeker of stille reserves daadwerkelijk gekapitaliseerd kunnen worden, aangezien daar ook een koper voor gevonden moeten worden. 6.2.4
Conclusie
Het adviesniveau en het kengetal is als volgt berekend: Berekening kengetal weerstandsvermogen a
Gewogen gemiddeld risico
10,9
b
Belastingcapaciteit
0,9
c = a - b Op te vangen door weerstandscapaciteit
10,0
d
Bufferreserve en vrij besteedbare reserve per begin 2022
10,3
e = d/c
Kengetal weerstandsvermogen
1,0
De weerstandscapaciteit is ‘voldoende’, conform de indeling uit de nota risicomanagement. Indien de risico’s zich gelijktijdig voordoen, kunnen ze worden opgevangen door het weerstandsvermogen. In afwijking van eerdere jaren is naast de bufferreserve ook de vrij besteedbare reserve meegenomen in de berekening van het weerstandsvermogen. Dit in lijn met de aanbeveling vanuit de toezichthouder. In de nota risicomanagement is door de raad deze indeling vastgelegd: Kengetal
Betekenis
Oordeel
> 2,0
Weerstandcapaciteit is voldoende om 2 keer de berekende risico’s op te vangen.
Uitstekend
1,5 – 2,0 1,1 – 1,5
Er is ruim voldoende weerstandscapaciteit om de berekende risico’s op te kunnen vangen Er is licht meer weerstandscapaciteit aanwezig dan de omvang van de risico’s die zijn berekend.
Goed Ruim voldoende
0,9 – 1,1
Met de aanwezige weerstandscapaciteit kunnen de berekende risico’s worden opvangen.
Voldoende
0,6 – 0,9
De berekende risico’s kunnen niet geheel worden opgevangen met de aanwezige weerstandscapaciteit
Onvoldoende
< 0,6
Weerstandscapaciteit kan minder dan 60% van de berekende risico’s opvangen.
Slecht
Programmabegroting 2022
97
6.3
Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen
Deze paragraaf behandelt onze zogenaamde kapitaalgoederen zoals wegen, bruggen, riolering, plantsoenen en gebouwen. Van al deze segmenten wordt aangegeven om hoeveel het gaat, hoe we met het onderhoud omgaan, of de uitvoering volgens schema verloopt en hoe de dekking is geregeld. Deze gegevens zijn de basis voor de door de raad te formuleren beleidskaders. 6.3.1
Openbare ruimte
Voor het onderhoud van de openbare ruimte is een instrument ontwikkeld waarbij de gewenste onderhoudskwaliteit kan worden afgewogen tegen bijbehorende kosten. Dit kennen wij onder de naam KOM. Dit staat voor kwaliteit op maat. In een integraal beheersysteem worden arealen van de openbare ruimte geregistreerd en kan aan de hand van kwaliteitsniveaus met bijbehorende kosten een prijskwaliteitskeuze worden gemaakt. Er wordt gewerkt aan implementatie van een nieuwe beheersystematiek, te weten de Beheerstrategie Openbare Ruimte, afgekort BSOR. Dat is een meerjarige en stapsgewijs proces. Hierdoor zullen andere sturingsinstrumenten of –mechanismen ontstaan. Of die KOM overbodig maken of zullen vervangen is nog onduidelijk. Tot die tijd blijven we KOM hanteren als sturtings- en rapportage-instrument. Beleidskader: - Prijskwaliteitskeuze Kwaliteit op Maat 2014
Centrum
Woongebied
Buitengebied
Begraafplaats
Hoofdwegen
Industrie
Kantoren
Natuurpark
Sport
Stadspark
Wijkpark
Voor bijna alle bovengrondse delen van de openbare ruimte is een kwaliteitsnorm ontwikkeld, vertaald naar categorieën voor Hoge (A), Basis (B) en Lage (C) onderhoudskwaliteiten. In de raadsvergadering van 23 januari 2014 is onderstaande prijskwaliteitsafspraak voor KOM vastgesteld conform het inwonergerichte scenario. KOM is gebaseerd op de CROW kwaliteitscatalogus openbare ruimte.
Rijbaan
B
B
C
B
B
C
C
B
C
B
B
Fietspaden
B
B
B
B
B
B
B
B
B
B
B
Voetpaden
B
B
B
B
B
C
C
B
B
B
B
Parkeren en overig
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
C
A = hoog
Groen (technisch)
B
B
C
B
C
C
C
B
C
B
B
B = basis
Meubilair (technisch)
B B
B B
C C
B B
C C
C C
C C
B B
C C
B B
B B
C = laag
Afspraak prijs/kwaliteit Verharding (technisch)
Verzorging
Indien de technische kwaliteit onder C-niveau zakt is ingrijpen noodzakelijk vanwege veiligheid of mogelijke kapitaalvernietiging. De afgelopen jaren is een stijgende lijn van het kwaliteitsniveau zichtbaar. De opgenomen budgetten zouden toereikend moeten zijn om de gemaakte prijskwaliteitafspraken te realiseren. Een nadere toelichting op de verschillende onderdelen en de beschikbare budgetten wordt hierna verder uitgewerkt. 6.3.2
Wegen (product 60)
De gemeente is op grond van de Wegenwet verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van openbare wegen. Het wegenareaal van Meppel bestaat uit: - Oppervlakte wegen 238 ha, waarvan: - 1.507.000 m² elementenverharding - 799.591 m² asfaltverharding - 31.194 m² betonverharding - 46.929 m² overige verhardingssoorten (Bron: GBI d.d. 14-07-2021).
Programmabegroting 2022
98
Beleidskader: - Wegenbeheerplan 2019-2023 Alle wegen in Meppel zijn opgenomen in een wegenbeheersysteem. Naast een beschrijving van de grootte en het type van de wegen is per weg ook de onderhoudskwaliteit in het systeem opgenomen. Jaarlijks worden alle wegen door een gespecialiseerd bureau geïnspecteerd op basis van de landelijke erkende CROW-systematiek. De resultaten van de inspecties worden in het wegenbeheersysteem verwerkt. Met het wegenbeheersysteem kan de kwaliteit van de wegen worden weergegeven en kunnen de kosten voor het onderhoud worden berekend. Uit de weginspectie 2020 bleek dat sprake is van 2% D kwaliteit.
onderhoudskwaliteit van de wegen goed (A+, A en B) inspectie 2019 97% 98% inspectie 2020
slecht (C en D) 3% 2%
volgens KOM volgens KOM
Doelstelling: De kwaliteit van de wegen in Meppel op het niveau brengen zoals dat door de raad is vastgesteld volgens het inwonergericht model. Het percentage slechte wegen is 2% van het totale areaal, dit houdt in dat er bijna 53.367 m² verharding is waarbij sprake is van een lagere kwaliteit. Deze D kwaliteit wordt via klein- en groot onderhoud en via de investeringsplanning gefaseerd aangepakt. Klein en groot onderhoud Met het uitvoeren van klein en groot onderhoud wordt het areaal verharding dat niet in plangebieden valt op het afgesproken ambitieniveau gebracht dan wel gehouden. De hoogte van het onderhoudsbudget dat hiervoor bestemd is bedraagt voor 2022 € 1.006.000. Klein onderhoud voorziet in het oplossen van lokale schades en het herstellen van schade als gevolg van ‘calamiteiten’. Naast dit klein onderhoud wordt vanuit beheer ook groot onderhoud uitgevoerd. Bij groot onderhoud wordt een weg in zijn geheel herstraat. Afhankelijk van de kwaliteit van het verhardingsmateriaal wordt dit met het bestaande verhardingsmateriaal gedaan of wordt nieuw verhardingsmateriaal toegepast. Rehabilitatie Voor 2022 is onder andere voorbereiding en/of uitvoering van de volgende projecten gepland: - Uitvoering koedijkslanden fase 5: (P. Brueghellaan, L. van Leydenstraat, J. Scorelstraat, P. Lastmanstraat); - Uitvoering Koedijkslanden fase 8: (V. van Goghstraat, Jan Sluyterstraat, P.
de Hoochstraat, J. Marisstraat); - Afronding herinrichting Kromme Elleboog zuidzijde, zodra de bouwplannen pakhuis De Hes gerealiseerd zijn; - Uitvoering Binnenstadsplan Prinsengracht/Vledder; - Uitvoering herinrichting Prinsenplein; - Afronding aanleg fietspad Reggersweg; - Voorbereiding en uitvoering Infrastructurele maatregelen Meppel Noord; - Herinrichting dorpskern Rogat; - Plaatsen geleiderail Steenwijkerstraatweg; - Aanleg landbouwweg Nijeveen; - Vervanging bestrating Prinses Marijkestraat. 6.3.3
Openbare verlichting (product 60)
Beleidskader: - “alles Duurzaam”, beleid openbare verlichting 2015-2019 (2015) Doelstelling: aanpassen van de verlichting om te verlichten waar het moet, maar te dimmen waar het kan. Het onderhoudsbudget voor openbare verlichting in 2022 bedraagt € 134.700. In de investeringsplanning is rekening gehouden met het omvormen van openbare verlichting van conventionele verlichting naar LED verlichting. Hiervoor is jaarlijks een krediet van € 300.000 beschikbaar.
Programmabegroting 2022
99