1.4 Noordelijke Rekenkamer - Eindrapport Drenthe
Tekst van het document
Het beeld van de fractiemedewerkers zelf wijkt daarmee af van het beeld dat Statenleden schetsen en beschreven is in de vorige subparagraaf. Zo vinden Statenleden dat fractiemedewerkers hen in de praktijk veel ondersteunen bij bijvoorbeeld initiatiefvoorstellen (4,1 op een schaal van 1 tot 5), terwijl fractiemedewerkers de verstrekte hulp in de praktijk veel lager scoren (2,7 op een schaal van 1 tot 5). Dit heeft wellicht te maken met het feit dat fractiemedewerkers relatief veel tijd kwijt zijn aan praktische zaken, zoals het agendabeheer voor de fractie en de voorbereidende werkzaamheden voor fractievergaderingen (zie tabel 14). Dit laatste is een duidelijk verschil met de situatie in Fryslân: de Friese fractieondersteuners geven aan vooral politiek-inhoudelijke werkzaamheden te verrichten voor de fracties, zoals de inhoudelijke voorbereiding van initiatiefvoorstellen, woordvoeringen, moties, amendementen en/of schriftelijke vragen. Tabel 14: Reacties van fractiemedewerkers op twee stellingen, 1 = helemaal niet van toepassing op mijn situatie, 5 = helemaal wel van toepassing op mijn situatie, ter vergelijking ook de reactie van fractiemedewerkers van de Statenfracties in Fryslân
Fractieondersteuners Fractieondersteuners Drenthe Fryslân73 Score (1-5) Score (1-5) Stelling 1: “De werkzaamheden die ik voor de Statenfractie verricht zijn voornamelijk praktisch van aard, zoals het plannen van afspraken.”
3,8
2,5
Stelling 2: “De werkzaamheden die ik voor de Statenfractie verricht zijn voornamelijk politiek-inhoudelijk van aard, zoals het inhoudelijk voorbereiden van moties.”
3,1
4,5
We hebben ook aan de fractiemedewerkers gevraagd hoeveel jaar zij werken als fractieondersteuner (zie tabel 15). Het merendeel van de fractiemedewerkers, ongeveer twee derde, heeft minder dan drie jaar ervaring en een kwart is zeer ervaren (meer dan twaalf jaar). In Fryslân heeft bijna de helft van de fractiemedewerkers (46,7 procent) 3 tot 7 jaar werkervaring en 20 procent 7 jaar of meer jaren. In een groepsgesprek met Groningse fractieondersteuners werd gesteld dat veel fractieondersteuners een korte periode (minder dan 2 jaar) werkzaam zijn als fractiemedewerker.74 Verder blijkt uit de enquête onder fractiemedewerkers dat de meesten van hen niet verwachten door te stromen naar een positie van Statenlid voor dezelfde partij. Datzelfde geldt voor hun Friese collega’s. Tabel 15: aantal jaren werkervaring als fractieondersteuner, ter vergelijking ook voor Fryslân weergegeven
Werkervaring
Werkervaring Werkervaring fractieondersteuners fractieondersteuners Drenthe (%) Fryslân (%)
Minder dan 1 jaar
8,3
0,0
1 tot 3 jaar
58,3
33,3
3 tot 7 jaar
8,3
46,7
7 tot 12 jaar
0,0
6,7
12 jaar of meer
25,0
13,3
73 74
Voor Groningen zijn deze cijfers niet beschikbaar, omdat de respons op de enquête onder fractiemedewerkers aldaar te laag was. Gebaseerd op een groepsinterview met twee fractiemedewerkers van de provincie Groningen op 10 februari 2022..
46 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
6.3
Verordening vergoeding Statenfracties 2020
Op 9 maart 2020 hebben Provinciale Staten de Verordening vergoeding Statenfracties 2020 geactualiseerd. In de begripsomschrijving zijn enkele begrippen toegelicht, namelijk een fractielid, een bijzonder commissielid, een fractiemedewerker en een steunfractielid. Een fractielid is een lid van Provinciale Staten. Een bijzonder commissielid, niet zijnde Statenlid, is een persoon die als zodanig benoemd is door Provinciale Staten in een Statencommissie. Een fractiemedewerker is een persoon die werkzaamheden verricht voor een fractie op basis van een overeenkomst en die door de betreffende fractie bij de griffie formeel is aangemeld. Een steunfractielid is een persoon die werkzaam is voor de fractie en die formeel bij de griffie is aangemeld. Een steunfractielid kan geen fractielid of bijzonder commissielid zijn. In dit artikel staat dat Statenfracties een tegemoetkoming ontvangen in de kosten die worden gemaakt om de fractie goed te laten functioneren (artikel 1). Een onderdeel hiervan zijn de kosten die gemaakt worden in verband met administratieve- of beleidsondersteuning. De exacte invulling daarvan is aan de fracties zelf. De tegemoetkoming bestaat uit een vast en een variabel deel per fractie. De hoogte van de vaste bijdrage is gebaseerd op 150% van de vergoeding die Statenleden ontvangen voor hun werkzaamheden.
Het gaat hier om de vergoeding 75 zoals bedoeld in artikel 2.1.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. 76 Het variabele bedrag is afhankelijk van het aantal fractieleden. Uitgezonderd het eerste fractielid, krijgt de fractie 31% van de vergoeding bedoeld, per fractielid. Deze systematiek wordt vanaf 2005 - toen de eerste Verordening Vergoeding Statenfracties in werking trad - gehanteerd. Vanaf 2011 wordt er na iedere verkiezing een nieuwe verordening vastgesteld waarbij de nieuwe op details afwijkt van de voorgaande. Zo was vanaf 2011 het variabele bedrag per fractielid (uitgezonder het eerste) gelijk aan 36% van de vergoeding bedoeld in artikel 2.1.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en kregen kleine fracties (één of twee zetels) een extra vergoeding van € 1.000 per jaar. 77 Tabel 16 toont de hoogte van de budgetten voor de fractieondersteuning over enkele geselecteerde jaren. Voor de periode vóór 2011 zijn deze gegevens niet beschikbaar. Tabel 16: hoogte en opbouw van fractiesubsidie voor enkele geselecteerde jaren (bron: Provincie Drenthe)
Jaar
Bedrag per fractie (in Bedrag per fractielid (in euro’s) euro’s) Met uitzondering van het eerste lid
Overig
2012
19.423
4.662
Een bonus van 1.000 euro voor kleine fracties (2 zetels of minder)
2016
19.969
4.127
-
2020
22.222
4.593
-
75
Voor 2021 was de omvang van dit bedrag € 15.244,56 (bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0041522/2021-01-01, geraadpleegd op 22 oktober 2021). 76 Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, 2018. 77 Provincie Drenthe, Verordening vergoeding Statenfracties 2011, 2011. Provincie Drenthe, Verordening vergoeding Statenfracties 2015, 2015. Provincie Drenthe, Verordening vergoeding Statenfracties 2020, 2020. 47 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
6.3.1 Vergelijkend perspectief De Raad voor Openbaar Bestuur constateert dat het doel van fractieondersteuning, namelijk het voor alle fracties in Provinciale Staten en gemeenteraad toegankelijk maken van eigen onafhankelijke, inhoudelijke en beleidsmatige ondersteuning, niet voldoende gerealiseerd wordt. 78 Deze lijkt deze constatering lijkt echter vooral te gelden voor gemeenten: er bestaan grote verschillen tussen gemeenten onderling en tussen gemeenten en provincies. In kleine gemeenten hebben fracties een bedrag van rond de € 1.000 te besteden; in grotere gemeenten loopt dat op tot maximaal € 10.000 per fractie. Voor bedragen van enkele duizenden euro’s kan volgens de Raad voor Openbaar Bestuur geen hoogwaardige inhoudelijke ondersteuning ingehuurd worden. Vergeleken met de gemeentelijke praktijk kunnen de provinciale budgetten voor fractieondersteuning ruimhartig worden genoemd. Een kleine fractie (1 zetel) in de Groningse, Drentse of Friese Staten heeft in 2021 recht op minimaal € 22.867 (Drenthe). In Groningen is dat € 27.413 en in Fryslân € 106.000 (zie figuur 6). De budgetten voor fractieondersteuning in Fryslân zijn ongeveer 3 tot 4 zo groot als die in Drenthe en Groningen. Eerder onderzoek suggereert dat van de twaalf provincies de Friese budgetten voor fractieondersteuning het grootst zijn.79
Budget voor fractieondersteuning naar omvang van de fractie; bedragen 2021
Omvang budget per fractie
€ 250.000
€ 200.000
€ 150.000
€ 100.000
€ 50.000
€0 1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
Aantal leden in fractie Provincie Groningen
Provincie Drenthe
Provincie Fryslân
Figuur 6: omvang budget provincie Groningen voor fractieondersteuning naar fractiegrootte; bedragen gelden voor 2021, ter vergelijking ook weergegeven voor provincies Fryslân en Groningen
Daarnaast valt op dat de Friese systematiek om de budgetten voor fractieondersteuning vast te stellen anders is dan die van Groningen en Drenthe. Groningen en Drenthe kennen een vaste bijdrage per
78
Raad voor het Openbaar Bestuur. Goede ondersteuning, sterke democratie. Den Haag: Raad voor Openbaar Bestuur, 2020, 23, 24. Loots, J., Bevindingen onderzoek ambities, wensen en ondersteuningsbehoeften provinciale staten Utrecht en doorlichting van de griffie, 2020. 79
48 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
fractie, onafhankelijk van de grootte van de fractie. Fryslân kent ook een vaste bijdrage per fractie, maar deze bijdrage is groter naarmate de fractieomvang een bepaalde drempel overschrijdt. Dit resulteert een sterke stapsgewijze toename van de totale fractiesubsidie bij bepaalde drempels (respectievelijk van 4 naar 5 zetels, van 8 naar 9 zetels en van 12 naar 13 zetels). Figuur 7 illustreert dit (met uitzondering van de stap van 12 naar 13 zetels). Naast een vaste bijdrage per fractie kennen Groningen, Fryslân en Drenthe ook een aanvullende bijdrage per fractielid (in Drenthe met uitzondering van het eerste lid). Hierdoor neemt de totale fractiesubsidie in Groningen en Drenthe geleidelijk toe naargelang de fractie uit meer leden bestaat. De bijdrage per fractielid is in Drenthe (vanaf het tweede fractielid) iets groter dan in Groningen. Dit leidt ertoe dat kleinere fracties in Groningen een grotere bijdrage ontvangen dan in Drenthe, terwijl grotere fracties in Drenthe beter af zijn dan in Groningen. Een fractie die bestaat uit 5 leden, ontvangt in beide provincies een vergelijkbare bijdrage.
6.4
Bijzondere commissieleden
De mogelijkheid om bijzondere commissieleden aan te stellen is vastgelegd in de Verordening rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers provincie Drenthe 2019 en het Reglement van Orde voor de vergadering van Statencommissies.80 Een bijzonder commissielid is een lid van een commissie dat niet tevens Statenlid of ambtenaar is. Alleen iemand die benoembaar is tot lid van Provinciale Staten in een tussentijds opengevallen plaats kan bijzonder commissielid worden. Een fractie kan maximaal twee bijzondere commissieleden benoemen. Hun nevenfuncties moeten openbaar zijn, ze hebben een geheimhoudingsplicht en ze moeten een eed afleggen. Om in te springen op de intensivering van het Statenwerk, is de toepassing van de regeling omtrent bijzondere commissieleden in september 2021 verbreed. Het maximum aantal bijzondere commissieleden blijft hetzelfde.81 Eind 2021 zijn er 12 bijzondere commissieleden actief.
6.4.1 Vergelijkend perspectief In alle drie de provincies bestaat een regeling waarmee fracties zich in Statencommissievergaderingen door een afgevaardigde (niet zijnde een Statenlid) namens de fractie kunnen laten vertegenwoordigen. In Groningen kunnen alleen kleine fracties hier een beroep op doen (maximaal één vertegenwoordiger per fractie kleiner dan vier zetels). Ten tijde van het onderzoek waren er vijf fractievertegenwoordigers actief. In Drenthe kan iedere fractie maximaal twee fractievertegenwoordigers voordragen en in Fryslân bestaat geen maximum op het aantal fractievertegenwoordigers. In Drenthe en Fryslân zijn respectievelijk twaalf en negen fractievertegenwoordigers actief ten tijde van het onderzoek.
6.5 ▪
Samenvattende bevindingen
Statenfracties kunnen een tegemoetkoming ontvangen van de provincie voor de eigen (fractie)ondersteuning.
80
Provincie Drenthe, Verordening rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers provincie Drenthe 2021, 2021. Provincie Drenthe, Vaststelling Reglement van Orde vergaderingen Statencommissies, 2016. 81 Gebaseerd op een groepsinterview met twee medewerkers van de Statengriffie van de provincie Drenthe op 13 januari 2022. 49 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
▪
▪
▪
▪ ▪
In Drenthe ontvangen fracties een vaste bijdrage per fractie en een bijdrage per fractielid met uitzondering van het eerste lid. Hierdoor neemt de totale fractiesubsidie (net als in Groningen) toe naargelang de fractie uit meer leden bestaat. In Fryslân gaat de totale bijdrage stapsgewijs omhoog. De budgetten voor fractieondersteuning in Fryslân zijn ongeveer 3 tot 4 zo groot als die in Drenthe en Groningen. De provinciale budgetten voor fractieondersteuning zijn groter dan die in gemeenten. Statenleden zijn van mening, dat de fractieondersteuning een belangrijke bijdrage levert aan de inhoudelijke voorbereiding van woordvoering, moties, amendementen en/of schriftelijke vragen, de inhoudelijke voorbereiding van een initiatiefvoorstel en informatie aanlevert over eerdere fractiestandpunten en/of stemgedrag. Fractiemedewerkers zien dat zij in de praktijk vooral bezig zijn met praktische zaken en het politiekinhoudelijk ondersteunen van Statenleden. Vergeleken met de Drentse en Groningse fractiemedewerkers komen de Friese fractiemedewerkers meer toe aan de politiek-inhoudelijke werkzaamheden. Net als de meeste van hun Friese collega’s zien Drentse fractiemedewerkers hun werk niet als opstapje naar een positie van Statenlid. Statenfracties kunnen bijzondere commissieleden (niet zijnde Statenleden) aandragen.
Dat zijn vertegenwoordigers namens de fractie die mogen deelnemen aan commissievergaderingen. Een fractie mag maximaal twee bijzondere commissieleden hebben. In Drenthe zijn er momenteel twaalf.
50 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
7. Het Statenarchief Het Statenarchief is de plaats waar besluitvormingsstukken en de afwegingen die ten grondslag lagen aan Statenbesluiten uit het verleden zijn te raadplegen. In Drenthe staat het Statenarchief ook wel bekend als de zoekfunctie op de website van Provinciale Staten. 82 De zoekfunctie is voor zowel Statenleden als derden digitaal toegankelijk. 83 Als het Statenarchief goed functioneert, kan op eenvoudige wijze relevante informatie over besluitvorming uit het verleden gevonden worden. Dit helpt Statenleden bij hun kaderstellende en controlerende werkzaamheden. Het archief is de verantwoordelijkheid van de griffie, de inhoud is afkomstig van de ambtelijke dienst.84
7.1
Gebruik en beoordeling Statenarchief
In de enquête hebben wij Statenleden en fractieondersteuners gevraagd hoe vaak zij het Statenarchief raadplegen. Aan degenen die aangaven het archief te gebruiken hebben wij enkele aanvullende stellingen voorgelegd over het Statenarchief. Het beeld dat hieruit naar voren komt is dat er zowel door Statenleden en fractieondersteuners beperkt gebruik wordt gemaakt van het Statenarchief. Tevens hebben we beide gevraagd het Statenarchief te beoordelen, aan de hand van stellingen in de enquête en in groepsgesprekken.
7.1.1 Gebruik Statenarchief Figuur 7 laat zien hoe vaak Statenleden gebruik maken van het Statenarchief: bijna dertig procent nooit, krap vijftig procent één keer per maand en twintig procent één keer per een of twee weken.
82
www.drentsparlement.nl Naast de zoekfunctie op www.drentsparlement.nl hebben Provinciale Staten de beschikking over (gegevens via) Docbase, SiS, een beschermde omgeving op de website en informatie die bij de griffie te verkrijgen is (Gebaseerd op een groepsinterview met twee medewerkers van de Statengriffie van de provincie Drenthe van 13 januari 2022). 84 Gebaseerd op een interview met de provinciesecretaris van de provincie Drenthe op 20 januari 2022. 83
51 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Gebruik van het Statenarchief
11% 30%
Ongeveer 1 keer per week 11% Ongeveer 1 keer per twee weken Ongeveer 1 keer per maand Ik maak nooit gebruik van het Statenarchief 48%
Figuur 7: Gebruik van het Statenarchief door Statenleden Drenthe
Figuur 8 laat zien hoe vaak fractiemedewerkers het Statenarchief raadplegen: ongeveer de helft nooit en 17 procent meerdere keren per week.
Gebruik van het Statenarchief
17%
Ongeveer 2 tot 5 keer per week
50%
Ongeveer 1 keer per 2 weken 17%
Ongeveer 1 keer per maand Ik maak nooit gebruik van het Statenarchief
17%
Figuur 8: Gebruik van het Statenarchief door fractiemedewerkers Statenfracties Drenthe
7.1.2 Oordeel gebruikers Aan Statenleden die aangaven gebruik te maken van het archief hebben wij ook enkele stellingen voorgelegd met betrekking tot het Statenarchief.85 Zij konden op een schaal van -5 tot +5 aangeven in hoeverre een bepaalde stelling op hen van toepassing was. Tabel 17 toont de resultaten.
85
Deze stellingen zijn ook voorgelegd aan fractiemedewerkers, maar omdat een groot aantal aangaf nooit gebruik te maken van het archief leverde dit onbetrouwbare resultaten op (vanwege een te kleine steekproefgrootte). 52 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Tabel 17: resultaat op stellingen met betrekking tot het Statenarchief
Gemiddelde score (-5 tot 5) leden PS N = 19 Ik kan informatie alleen tegen kosten / kosteloos verkrijgen
2,6
De informatie is onbetrouwbaar/betrouwbaar
2,3
De informatie is niet/wel direct toegankelijk
0,5
Ik kan niet/wel overal (op iedere locatie) relevante informatie verkrijgen
0,5
Het is niet/wel helder wat de betekenis is van de informatie binnen het beleidsproces waar het is ontvangen of gemaakt
-0,5
Ik kan helemaal niet / wel snel en eenvoudig informatie vinden tussen alle bewaarde informatie
-1,6
De scores in de tabel laten zien dat het archief op de meeste eigenschappen (gematigd) positief scoort. Vooral de vindbaarheid van informatie tussen alle bewaarde informatie laat volgens Statenleden te wensen over. Statenleden stellen in een groepsgesprek dat het archief compleet is, maar dat het teveel weergeeft en niet snel werkt. Stukken uit het verleden lijken niet altijd goed vindbaar. Als voorbeeld noemen zij het Reglement van Orde. Wie dat zoekt, krijgt als zoekresultaten bijvoorbeeld alle schriftelijke vragen, die beginnen met ‘reglement van orde’, maar niet het reglement van orde zelf. De Statenleden denken dat het eigen geheugen belangrijk is, omdat vergaderdata te koppelen zijn aan besproken onderwerpen en zo de juiste stukken makkelijker te vinden zijn.86 Statenleden geven aan eerder gebruik te maken van zoekmachines dan van het archiefsysteem.87 Om het digitale zoeksysteem van Provinciale Staten te verbeteren is een werkgroep ‘Werkgroep Strategische Informatiebeheer’ opgericht met drie Statenleden en ondersteuning van de griffie. De werkgroep probeert onder andere een nieuw zoeksysteem te vinden. Hierbij loopt ze tegen veel technische belemmeringen aan. Het blijkt onder andere lastig een systeem te vinden dat aan alle eisen voldoet.
7.2
Vergelijkend perspectief
In deze paragraaf vergelijken wij het gebruik van het Statenarchief door de Statenleden van de drie Noordelijke provincies en hun oordelen over het Statenarchief. Figuur 9 toont hoe vaak Statenleden in Groningen, Fryslân en Drenthe gebruik maken van het Statenarchief. Drentse Statenleden maken beduidend minder gebruik van het Statenarchief dan Statenleden in Groningen en Fryslân. Eenzelfde beeld zien we bij de fractieondersteuners.
86 87
Gebaseerd op een groepsinterview met drie Statenleden van de provincie Drenthe op 8 december 2021. Gebaseerd op een groepsinterview met twee Statenleden van de provincie Drenthe op 9 februari 2022.
53 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Gebruik Statenarchief voor archieffunctie 50% 40% 30% 20% 10% 0% Bijna elke dag
Ongeveer 2 tot 5 Ongeveer 1 keer Ongeveer 1 keer Ongeveer 1 keer Ik maak nooit keer per week per week per twee weken per maand gebruik van het Statenarchief Groningen
Fryslân
Drenthe
Figuur 9: Gebruik van Statenarchief door Statenleden Groningen, Fryslân en Drenthe
Tabel 18 laat zien dat de oordelen over de Statenarchieven in Drenthe, Fryslân en Groningen op de meeste aspecten positief zijn. Alle drie de Statenarchieven scoren het slechtst op de vindbaarheid van relevante informatie tussen alle bewaarde informatie. Dit geldt het sterkst voor het Drentse archief, gevolgd door het Friese en Groningse Statenarchief. Tabel 18: resultaat op stellingen met betrekking tot het Statenarchief, Statenleden Fryslân, Groningen en Drenthe
Gemiddelde score (-5 tot 5) leden PS Fryslân
Gemiddelde score (-5 tot 5) leden PS Groningen
Gemiddelde score (-5 tot 5) leden PS Drenthe
Ik kan informatie alleen tegen kosten / kosteloos verkrijgen
3,1
2,6
2,6
De informatie is onbetrouwbaar/betrouwbaar
2,5
2,4
2,3
De informatie is niet/wel direct toegankelijk
0,8
1,0
0,5
Het is niet/wel helder wat de betekenis is van de informatie binnen het beleidsproces waar het is ontvangen of gemaakt
0,6
0,6
-0,5
Ik kan niet/wel overal (op iedere locatie) relevante informatie verkrijgen
-0,2
0,6
0,5
Ik kan helemaal niet / wel snel en eenvoudig informatie vinden tussen alle bewaarde informatie
-1,4
-0,6
-1,6
7.3 ▪ ▪
Samenvattende bevindingen
Zowel Statenleden als fractiemedewerkers maken beperkt gebruik van het Statenarchief. Drentse Statenleden vinden het moeilijk om snel en eenvoudig informatie te vinden tussen alle bewaarde informatie in het Statenarchief: de vindbaarheid van relevantie informatie ervaren zij als problematisch. Dit geldt (in iets mindere mate) ook voor de Friese en Groningse Statenleden met betrekking tot hun archief.
54 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Reactie van het Presidium van Provinciale Staten Het presidium neemt kennis van de conclusies van het rapport en de aanbevelingen daarin. Het presidium concludeert dat de vijf aanbevelingen in drie verschillende soorten te verdelen zijn: Aanbeveling 1 (verhoging van de kwaliteit van de statenstukken) en aanbeveling 2 (verbetering van informatie over de effectiviteit) gaan om een cultuurverandering. Deze twee aanbevelingen vergen meerdere jaren om te implementeren en gaan dan ook ruimschoots over de huidige statenperiode heen. Bovendien geldt bij deze twee aanbevelingen dat GS hierin een belangrijke rol heeft. Aanbeveling 3 (de verbetering van de kennisbank) is meer technisch van aard. In het verleden is de griffie bezig geweest met een Kennisbank en dit rapport geeft aanleiding om dit weer op te pakken maar wel in een andere vorm en met een andere ambitie. Aanbevelingen 4 (Invulling fractieondersteuning) en 5 (bewaking doorwerking aanbevelingen) zijn meer van organisatorische aard. De vraag is of aanbeveling 4 gaat leiden tot een verbetering van het institutioneel geheugen. Zoals in conclusie 4 al staat heeft Drenthe namelijk als enige van de drie provincies een groep (Staten)onderzoekers, die is ondergebracht bij de griffie. Dit neemt niet weg, dat het zinvol is om na te denken over de gewenste fractieondersteuning in Drenthe.
Tenslotte is aanbeveling 5 een goed advies van de NRK om de uitwerking van de aanbevelingen te stimuleren en te borgen. Ook hier hebben PS en GS ons inziens een gedeelde verantwoordelijkheid. Het presidium geeft de werkgroep Strategische Informatiebeheer de opdracht om, met inachtneming van datgene wat vanuit de Werkagenda 2015-2019 al is gebeurd, de aanbevelingen op te pakken en met een plan van aanpak te komen (die doorloopt in de volgende statenperiode). Daarbij zal de eerste stap ons inziens moeten zijn: de verbetering van de kennisbank (aanbeveling 3).
55 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Bronnenlijst Literatuur: ▪ Beers, E., & Schaap, L., Noordelijke Rekenkamer, Luister nou eens!, 2020. ▪ Heimovaara, S., Benschop, J. P., Cools, R., Debackere, K., van der Hagen, T. H., Meijer, N., Essers, P. W., AWTI, Rijk aan kennis, naar een herwaardering van kennis en expertise in beleid en politiek, 2021. ▪ Hulst, van M., Kruyen, P., Schaap, L., Ostaaijen, J. van, Griffier in de Gemeente Geschetst – Het ambt anno 2016, Tilburg University en Radboud Universiteit, 2016. ▪ Van der Knaap, P., Lerende overheid, intelligent beleid?, tijdschrijft en platform voor public governance audit & control, December 2006, pp. 24-27. ▪ Laakso, M., & Taagepera, R., Effective number of parties: A measure with application to West Europe. Comparative Political Studies, pp. 3-27, 1979. ▪ Loots, J., Bevindingen onderzoek ambities, wensen en ondersteuningsbehoeften provinciale staten Utrecht en doorlichting van de griffie, 2020. ▪ Organisation for Economic Co-operation and Development (OECD), PUMA: Knowledge management: Learning-by-comparing experiences from private firms and public organizations, 2001. ▪ Raad voor het Openbaar Bestuur, Briefadvies Ondersteuning Tweede Kamer, Den Haag: Raad voor Openbaar Bestuur, 2021. ▪ Raad voor het Openbaar Bestuur. Goede ondersteuning, sterke democratie. Den Haag: Raad voor Openbaar Bestuur, 2020.
▪ Stam, C., Productiviteit van de kenniswerker, wegwijzer in kennismanagement, 2004. ▪ Stichting Decentraal bestuur, Kerngegevens Provinciale Ambtsdragers 2005-2019, 2020. ▪ Vereniging van Nederlandse Gemeenten, VNG Model Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning 2019 en Model Instructies voor de griffier en de secretaris 2019, 2019. ▪ Verbooy, H., Kennismanagement: de praktijk, Tijdschrift voor Multimedia, nummer 12, 1997. Verordeningen, instructies en brieven: ▪ Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, 2018. ▪ Provincie Drenthe, Buitenste binnen enquêteresultaten, 2020. ▪ Provincie Drenthe, Flexnotitie Voorhangprocedure – korte historie en werkwijze bij subsidieverlening, 2021. ▪ Provincie Drenthe, Formatie en loonbudget Statengriffie, Statenstuk 2018-858, 2018. ▪ Provincie Drenthe, Inwerkprogramma 2019 Provinciale Staten Drenthe, 2019. ▪ Provincie Drenthe, Memo personeelsplanning griffie 2022, 2021. ▪ Provincie Drenthe, Motie ‘Europese dimensie in Statenstukken’ (aangenomen), 7 oktober 2009. ▪ Provincie Drenthe, Onderzoeksprotocol Provinciale Staten Drenthe Gewijzigd, 2015. ▪ Provincie Drenthe, Programma Leergang 2015, 2015. 56 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Provincie Drenthe, Regeling Grote Projecten, Statenstuk 2015-670 herzien, 2015. Provincie Drenthe, Stand van de Staten, 2021. Provincie Drenthe, Statenstuk 2011-465: Onderzoeksgroep Staten Drenthe, 2011 Provincie Drenthe, Statenstuk 2014-622: Evaluatie van de onderzoeksfunctie van PS, 2014. Provincie Drenthe, Vaststelling Reglement van Orde vergaderingen Statencommissies, 2016. Provincie Drenthe, Verordening ambtelijke bijstand provinciale staten van Drenthe, 2003. Provincie Drenthe, Verordening Onderzoekscommissie, 2003. Provincie Drenthe, Verordening rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers provincie Drenthe 2021, 2021. Provincie Drenthe, Verordening Statengriffie Drenthe, 2020. Provincie Drenthe, Verordening vergoeding Statenfracties 2011, 2011. Provincie Drenthe, Verordening vergoeding Statenfracties 2015, 2015. Provincie Drenthe, Verordening vergoeding Statenfracties 2020, 2020.
Websites: ▪ Binnenlands Bestuur: https://www.binnenlandsbestuur.nl/bestuur-en-organisatie/nieuws/een-opvijf-statenleden-haakt-na-verkiezingenaf.16830706.lynkx?tid=TIDP715922X04F554F79DC14B2EAB913AC55BD60F5DYI5&utm_campaign =BB_NB_Dagelijks&utm_medium=email&utm_source=binnenlandsbestuur ▪ BMC: https://www.bmc.nl/werkvelden/praktijkcase/ipo-democratische-legitimering-van-deprovinciale-staten ▪ Kiesraad: https://www.verkiezingsuitslagen.nl/ ▪ Nederlandse Vereniging voor Statenleden: https://www.statenlidnu.nl/vereniging ▪ Provincie Drenthe: https://www.provincie.drenthe.nl/overdrachtsdossier/ ▪ RTV Drenthe: https://www.rtvdrenthe.nl/nieuws/145649/Nieuwe-Drentse-Statenledengeinstalleerd ▪ Stichting Decentraal bestuur: https://www.decentraalbestuur.nl/images/Veranderingen_in_het_provinciaal_bestuur_20152019.pdf Lijst met geïnterviewden: ▪ Statenleden: Ewout Bos Hendrikus Loof Ralph du Long Bert Vorenkamp Renate Zuiker ▪ Statengriffie: Simone Buissink Tymen Hein Corporaal ▪ Ambtelijke dienst: Wim Brenkman
57 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Bijlage 1: Fragmentatie, aantal en omvang van fracties in Provinciale Staten van Drenthe Aantal partijen en afsplitsingen Figuur 10 laat zien dat het aantal partijen in de Drentse Staten direct na de verkiezingen in 2003 negen bedroeg. Na de verkiezingen in 2007 bedroeg het aantal partijen zes, waarna het opliep naar twaalf direct na de verkiezingen in 2019. 88 Dit is exclusief eventuele afsplitsingen gedurende een bestuursperiode.
Figuur 10: aantal partijen vertegenwoordigd in PS Drenthe 2003-2019 (bronnen: Kiesraad, griffie Drenthe en rtvdrenthe.nl)
Het aantal afsplitsingen dat heeft plaatsgevonden per bestuursperiode wordt weergegeven in tabel 19. Hieruit blijkt dat er sinds de verkiezingen in 2019 twee afsplitsingen hebben plaatsgevonden. Dat betekent dat het aantal partijen per december 2021 dertien bedraagt.89
88
Kiesraad: https://www.verkiezingsuitslagen.nl/ Na de verkiezingen in 2019 hebben vier leden van Forum voor Democratie zich afgesplitst en zijn zij onder de naam JA21 verdergegaan. Vervolgens heeft de eenmansfractie van 50PLUS (onder de nieuwe naam OPDrenthe) zich hierbij aangesloten. Daarnaast heeft 1 lid zich van de PVV afgesplitst en is dit lid verdergegaan onder de naam STIP. Dit resulteert erin dat er per december 2021 13 partijen actief zijn in Provinciale Staten van Drenthe en dat er twee afsplitsingen hebben plaatsgevonden. 89
58 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Tabel 19: aantal afsplitsingen per bestuursperiode, 2003-nu
Bestuursperiode
Aantal afsplitsingen
2003-2007
2
2007-2011
0
2011-2015
1
2015-2019
0
2019-nu
2
Fragmentatie en omvang fracties Bestaan Provinciale Staten uit een paar (hele) grote fracties en heel veel kleine? Of juist uit heel veel vrijwel even kleine fracties? Wat van belang is, is de mate van fragmentatie. Dit is weergegeven in tekstkader I. Naast het aantal fracties is het van belang te kijken naar de relatieve omvang van de grootste partij(en) in Provinciale Staten en het aantal kleine partijen per periode (tabel 20). Dan blijkt dat het zetelaandeel direct na de verkiezingen van de grootste partij in de Staten sterk is afgenomen: de grootste partij na de verkiezingen in 2019 heeft minder dan de helft van het zetelaandeel van de grootste partij na de verkiezingen in 2003. Het zetelaandeel van respectievelijk de twee en drie grootste partijen direct na verkiezingen is afgenomen. Sinds de verkiezingen van 2015 bemachtigen de drie grootste partijen bij elkaar niet langer meer dan vijftig procent van de zetels. Tabel 20: zetelaandeel grootste partijen, aantal kleine partijen en aantal éénpersoonsfracties na verkiezingen 2003-2019
Na verkiezingen in: 2003 2007 2011 2015 2019
Zetelaandeel grootste partij (%) 37 32 29 17 15
Zetelaandeel twee grootste partijen (%)
Zetelaandeel drie grootste partijen (%) 61 56 51 34 29
Aantal fracties met 3 zetels of minder 78 76 66 49 44
Waarvan éénpersoonsfracties 5 2 3 4 7
3 0 0 2 3
De tabel bevat ook informatie over het aantal kleine partijen, gedefinieerd als partijen met één, twee of drie zetels, en het aantal eenpersoonspartijen in Provinciale Staten. Uit de tabel blijkt dat het aantal kleine partijen en het aantal eenpersoonspartijen direct na verkiezingen over de periode 2003-2019 sterk wisselend is, maar niet dat het toegenomen is. Tekstkader I: maatstaf voor politieke fragmentatie Enkele politicologen hebben een maatstaf ontwikkeld voor politieke fragmentatie:90 het getal 1 delen door de som van het gekwadrateerde zetelaandeel91 van iedere politieke partij in de betreffende volksvertegenwoordiging. In formulevorm: 1 𝑁= 𝑛 2 ∑𝑖=1 𝑝𝑖
90
Laakso, M., & Taagepera, R., Effective number of parties: A measure with application to West Europe. Comparative Political Studies, 1979 pp. 3-27. 91 Het aantal zetels dat een partij heeft, als percentage van het totale aantal beschikbare zetels. 59 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Hierbij staat n voor het aantal partijen dat minimaal één zetel heeft in Provinciale Staten en P2 het kwadraat van het zetelaandeel van iedere partij in Provinciale Staten. Hoe hoger deze maat (N), des te minder macht individuele partijen hebben, doorgaans omdat er relatief veel andere partijen in de Staten zitten en/of omdat partijen relatief klein zijn. De politieke fragmentatie is hoog (volgens deze methode), als deze maat 5 of hoger is. Met deze methode manier kunnen we de politieke fragmentatie in de Drentse Staten berekenen. Die blijkt toegenomen te zijn, van 4,2 in 2003, 4,5 in 2007, 5,5 in 2011, 7,8 in 2015, naar 9,2 in 2019. Als we afsplitsingen zouden meetellen, zou de fragmentatie nog groter zijn.
60 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Bijlage 2: Enquêtevragen Statenleden Onderdeel ondersteuning In het eerste deel van de enquête ligt de focus op acht onderscheiden vormen van inhoudelijke informatievoorziening en/of ondersteuning. Deze acht vormen zijn: ▪ Samengevatte en geduide beleidsinformatie; ▪ Voortgangs- en/of monitoringsinformatie waaruit blijkt of beleid werkt; ▪ Inhoudelijke informatievoorziening over algemene maatschappelijke ontwikkelingen; ▪ Inhoudelijke informatievoorziening over eerdere fractiestandpunten of stemgedrag; ▪ Inhoudelijke informatievoorziening over vergelijkbare besluiten in andere provincies; ▪ Inhoudelijke informatievoorziening over alternatieve scenario’s; ▪ Hulp bij inhoudelijke voorbereiding van woordvoeringen, moties, amendementen en/of schriftelijke vragen; ▪ Hulp bij inhoudelijke voorbereiding van een initiatiefvoorstel in de vorm van specialistische ondersteuning. Per vorm is de Statenleden gevraagd in hoeverre er behoefte aan is. Dit is gedaan door ze te laten kiezen tussen 1 en 5, waarbij 1 staat voor ‘geen behoefte’ en 5 voor ‘veel behoefte’. Ook zijn de opties ‘weet niet’ en ‘niet van toepassing’ gegeven.
Indien de Statenleden aangegeven hebben behoefte te hebben aan de vorm van ondersteuning, dan zijn ook de volgende vragen voorgelegd: ▪ Wie voorziet u in de praktijk in deze behoefte? ▪ Hoe tevreden bent u daarover? ▪ Wie zou in een ideale situatie voorzien in deze behoefte? Bij deze drie vragen konden de Statenleden kiezen uit vier personen/instanties die een rol spelen in de ondersteuning van de Statenleden. Deze personen/instanties zijn het College van Gedeputeerde Staten en de ambtelijke ondersteuning, de griffie, de fractieondersteuning en overige bronnen van ondersteuning.92 De Statenleden konden hun standpunt aangeven op een schaal van 1 tot 5. Hierbij is 1 ‘niet’ en 5 ‘veel’. Ook zijn ‘weet niet’ en ‘niet van toepassing’ als antwoordmogelijkheden gegeven.
92
Onder ‘overige bronnen van ondersteuning’ verstaat de Noordelijke Rekenkamer de media, het eigen netwerk, het partijnetwerk, maatschappelijke organisaties, ect. 61 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Hieronder volgt per vorm van inhoudelijke informatievoorziening en/of ondersteuning de enquêteresultaten. ▪
SAMENGEVATTE EN GEDUIDE BELEIDSINFORMATIE;
1.
In
hoeverre
33x Antwoorden
heeft
u
hier
behoefte
aan?
0x onbeantwoord
ANTWOORD VRAAG 1
ANTWOORDEN
RATIO
1
1
3,0%
2
0
0,0%
3
6
18,2%
4
15
45,5%
5
10
30,3%
Weet niet
1
3,0%
Niet van toepassing
0
0,0%
2. Wie voorzien u van samengevatte en geduide beleidsinformatie? 31x Antwoorden
2x onbeantwoord
Antwoord vraag 2
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en/of ambtelijke organisatie
0
4
12
8
6
1
0
Griffie
2
4
8
13
4
0
0
Onderzoeksafdeling griffie
1
3
3
16
5
3
0
Fractie-ondersteuning
5
8
3
7
3
1
4
Overig
1
3
3
8
2
6
8
62 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
3. Hoe tevreden bent u over de verkregen samengevatte en geduide beleidsinformatie? 31x Antwoorden
2x onbeantwoord
Antwoord vraag 3
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
1
3
13 11
2
1
0
Griffie
0
3
4
17
5
1
1
Onderzoeksafdeling griffie
0
1
8
13
6
2
1
Fractie-ondersteuning
1
2
6
10
3
0
9
Overig
0
2
5
6
3
5
10
31x Antwoorden
2x onbeantwoord
4. Wie zouden u moeten voorzien van samengevatte en geduide beleidsinformatie? Antwoord vraag 4
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
1
2
3
7
17
1
0
Griffie
4
1
5
9
12
0
0
Onderzoeksafdeling griffie
1
0
3
7
18
0
2
Fractie-ondersteuning
2
4
7
5
6
0
7
Overig
4
2
5
4
1
3
12
63 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
▪
Voortgangs- en/of monitoringsinformatie waaruit blijkt of beleid werkt;
5. In hoeverre heeft u hier behoefte aan? 33x Antwoorden
0x onbeantwoord
ANTWOORD VRAAG 5
ANTWOORDEN
RATIO
1
0
0,0%
2
0
0,0%
3
2
6,1%
4
6
18,2%
5
25
75,8%
Weet niet
0
0,0%
Niet van toepassing
0
0,0%
33x Antwoorden
0x onbeantwoord
6. Wie voorzien u van voortgangs- en/of monitoringsinformatie waaruit blijkt of beleid werkt?
Antwoord vraag 6
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en/of ambtelijke organisatie
2
4
12
8
7
0
0
Griffie
6
8
8
4
4
2
1
Onderzoeksafdeling griffie
4
4
11
6
5
2
1
Fractie-ondersteuning
11
4
4
2
4
0
8
Overig
2
5
5
3
3
5
10
64 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
7. Hoe tevreden bent u over de verkregen voortgangs- en/of monitoringsinformatie waaruit blijkt of beleid werkt? 33x Antwoorden
0x onbeantwoord
Antwoord vraag 7
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
4
7
11
9
2
0
0
Griffie
2
4
11
7
4
2
3
Onderzoeksafdeling griffie
1
3
11
9
4
2
3
Fractie-ondersteuning
1
2
7
4
6
1
12
Overig
0
3
8
3
2
5
12
8. Wie zouden u moeten voorzien van voortgangs- en/of monitoringsinformatie waaruit blijkt of beleid werkt? Antwoord vraag 8
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
0
0
1
9
23
0
0
Griffie
5
2
9
4
11
1
1
Onderzoeksafdeling griffie
4
0
5
5
17
1
1
Fractie-ondersteuning
9
4
7
3
2
0
8
Overig
4
2
4
3
5
5
10
33x Antwoorden
0x onbeantwoord
65 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
▪
Inhoudelijke informatievoorziening over algemene maatschappelijke ontwikkelingen;
9. In hoeverre heeft u hier behoefte aan? 33x Antwoorden
0x onbeantwoord
ANTWOORD VRAAG 9
ANTWOORDEN
RATIO
1
2
6,1%
2
3
9,1%
3
7
21,2%
4
8
24,2%
5
13
39,4%
Weet niet
0
0,0%
Niet van toepassing
0
0,0%
10. Wie voorzien u van inhoudelijke informatie over algemene maatschappelijke ontwikkelingen? 28x Antwoorden
5x onbeantwoord
Antwoord vraag 10
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en/of ambtelijke organisatie
1
8
7
5
4
2
1
Griffie
6
4
7
7
1
2
1
Onderzoeksafdeling griffie
5
4
7
7
1
3
1
Fractie-ondersteuning
3
2
5
8
4
2
4
Overig
0
0
3
7
7
5
6
11. Hoe tevreden bent u over de verkregen inhoudelijke informatie over algemene maatschappelijke ontwikkelingen? 28x Antwoorden
5x onbeantwoord
66 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Antwoord vraag 11
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
2
3
10
5
2
3
3
Griffie
3
1
7
9
1
3
4
Onderzoeksafdeling griffie
2
2
5
9
2
5
3
Fractie-ondersteuning
0
1
5
7
6
3
6
Overig
0
0
2
10
3
6
7
12. Wie zouden u moeten voorzien van inhoudelijke informatie over algemene maatschappelijke ontwikkelingen? 28x Antwoorden
5x onbeantwoord
Antwoord vraag 12
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
2
1
5
7
11
0
2
Griffie
5
2
4
7
6
1
3
Onderzoeksafdeling griffie
0
0
11
6
8
0
3
Fractie-ondersteuning
5
2
6
5
6
1
3
Overig
0
0
2
6
12
3
5
▪
Inhoudelijke informatievoorziening over eerdere fractiestandpunten of stemgedrag;
13. In hoeverre heeft u hier behoefte aan? 33x Antwoorden
0x onbeantwoord
67 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
ANTWOORD VRAAG 13
ANTWOORDEN
RATIO
1
0
0,0%
2
2
6,1%
3
9
27,3%
4
8
24,2%
5
14
42,4%
Weet niet
0
0,0%
Niet van toepassing
0
0,0%
14. Wie voorzien u van inhoudelijke informatie over eerdere fractiestandpunten of stemgedrag? 31x Antwoorden
2x onbeantwoord
Antwoord vraag 14
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en/of ambtelijke organisatie
18
0
3
1
0
2
7
Griffie
11
2
1
8
3
2
4
Onderzoeksafdeling griffie
15
2
1
4
0
3
6
Fractie-ondersteuning
1
4
4
7
12
0
3
Overig
5
2
3
4
3
2
12
15. Hoe tevreden bent u over de verkregen inhoudelijke informatie over eerdere fractiestandpunten of stemgedrag? 31x Antwoorden
2x onbeantwoord
68 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Antwoord vraag 15
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
3
0
6
1
1
2
18
Griffie
2
0
12
3
1
2
11
Onderzoeksafdeling griffie
4
2
9
1
1
3
11
Fractie-ondersteuning
0
5
6
7
9
0
4
Overig
2
2
6
1
2
5
13
16. Wie zouden u moeten voorzien van inhoudelijke informatie over eerdere fractiestandpunten of stemgedrag? 31x Antwoorden
2x onbeantwoord
Antwoord vraag 16
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
14
2
2
1
0
1
11
Griffie
4
1
6
4
9
0
7
Onderzoeksafdeling griffie
10
0
5
3
4
1
8
Fractie-ondersteuning
0
2
1
6
19
0
3
Overig
5
0
3
3
4
3
13
▪
Inhoudelijke informatievoorziening over vergelijkbare besluiten in andere provincies;
17. In hoeverre heeft u hier behoefte aan? 33x Antwoorden
0x onbeantwoord
69 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
ANTWOORD VRAAG 17
ANTWOORDEN
RATIO
1
1
3,0%
2
5
15,2%
3
9
27,3%
4
11
33,3%
5
6
18,2%
Weet niet
0
0,0%
Niet van toepassing
1
3,0%
18. Wie voorzien u van inhoudelijke informatie over vergelijkbare besluiten in andere provincies? 26x Antwoorden
7x onbeantwoord
Antwoord vraag 18
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en/of ambtelijke organisatie
13
3
3
1
2
1
3
Griffie
10
4
6
4
2
0
0
Onderzoeksafdeling griffie
9
3
3
6
2
1
2
Fractie-ondersteuning
2
2
7
3
6
0
6
Overig
1
0
8
3
3
2
9
19. Hoe tevreden bent u over de verkregen inhoudelijke informatie over vergelijkbare besluiten in andere provincies? 26x Antwoorden
7x onbeantwoord
70 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Antwoord vraag 19
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
7
2
4
3
0
3
7
Griffie
6
3
8
3
0
1
5
Onderzoeksafdeling griffie
6
4
8
3
0
1
4
Fractie-ondersteuning
1
3
7
4
5
1
5
Overig
1
0
6
4
2
4
9
20. Wie zouden u moeten voorzien van inhoudelijke informatie over vergelijkbare besluiten in andere provincies? 26x Antwoorden
7x onbeantwoord
Antwoord vraag 20
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
5
1
6
5
3
1
5
Griffie
3
1
5
8
8
1
0
Onderzoeksafdeling griffie
2
1
4
6
11
2
0
Fractie-ondersteuning
1
1
4
4
10
1
5
Overig
1
0
2
6
4
4
9
▪
Inhoudelijke informatievoorziening over alternatieve scenario’s;
21. In hoeverre heeft u hier behoefte aan? 33x Antwoorden
0x onbeantwoord
71 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
ANTWOORD VRAAG 21
ANTWOORDEN
RATIO
1
0
0,0%
2
1
3,0%
3
6
18,2%
4
8
24,2%
5
16
48,5%
Weet niet
1
3,0%
Niet van toepassing
1
3,0%
30x Antwoorden
3x onbeantwoord
22. Wie voorzien u van inhoudelijke informatie over alternatieve scenario's?
Antwoord vraag 10
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en/of ambtelijke organisatie
8
7
4
5
3
1
2
Griffie
11
9
3
4
0
1
2
Onderzoeksafdeling griffie
7
4
8
6
1
2
2
Fractie-ondersteuning
4
6
5
5
4
1
5
Overig
3
0
7
6
3
3
8
23. Hoe tevreden bent u over de verkregen inhoudelijke informatie over alternatieve scenario's? 30x Antwoorden
3x onbeantwoord
72 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Antwoord vraag 23
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
8
6
3
3
0
4
6
Griffie
7
5
3
3
1
5
6
Onderzoeksafdeling griffie
6
3
4
4
2
5
6
Fractie-ondersteuning
3
0
7
6
4
3
7
Overig
2
1
7
5
1
5
9
24. Wie zouden u moeten voorzien van inhoudelijke informatie over alternatieve scenario's? 30x Antwoorden
3x onbeantwoord
Antwoord vraag 24
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
2
1
8
5
11
1
2
Griffie
10
2
4
6
3
2
3
Onderzoeksafdeling griffie
5
1
6
8
8
2
0
Fractie-ondersteuning
4
2
8
2
6
1
7
Overig
4
1
5
2
7
5
6
▪
Hulp bij inhoudelijke voorbereiding van woordvoeringen, moties, amendementen en/of schriftelijke vragen;
25. In hoeverre heeft u hier behoefte aan? 33x Antwoorden
0x onbeantwoord
73 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
ANTWOORD VRAAG 25
ANTWOORDEN
RATIO
1
5
15,2%
2
3
9,1%
3
8
24,2%
4
7
21,2%
5
8
24,2%
Weet niet
0
0,0%
Niet van toepassing
2
6,1%
26. Wie helpen u bij de inhoudelijke voorbereiding van woordvoeringen, moties, amendementen en/of schriftelijke vragen? 23x Antwoorden
10x onbeantwoord
Antwoord vraag 26
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en/of ambtelijke organisatie
11
4
2
0
0
0
6
Griffie
4
2
5
4
7
0
1
Onderzoeksafdeling griffie
8
2
3
3
1
0
6
Fractie-ondersteuning
1
0
2
3
14
0
3
Overig
4
0
0
0
4
4
11
27. Hoe tevreden bent u over de verkregen hulp bij de inhoudelijke voorbereiding van woordvoeringen, moties, amendementen en/of schriftelijke vragen? 23x Antwoorden
10x onbeantwoord
74 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Antwoord vraag 27
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
3
1
4
1
1
0
13
Griffie
1
2
3
4
8
1
4
Onderzoeksafdeling griffie
2
1
2
2
3
2
11
Fractie-ondersteuning
1
1
3
4
10
1
3
Overig
0
1
2
2
4
3
11
28. Wie zouden u moeten helpen bij de inhoudelijke voorbereiding van woordvoeringen, moties, amendementen en/of schriftelijke vragen? 23x Antwoorden
10x onbeantwoord
Antwoord vraag 28
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
9
2
4
0
1
0
7
Griffie
3
2
2
4
12
0
0
Onderzoeksafdeling griffie
4
2
2
5
4
0
6
Fractie-ondersteuning
0
0
1
5
15
0
2
Overig
3
1
0
0
7
3
9
▪
Hulp bij inhoudelijke voorbereiding van een initiatiefvoorstel in de vorm van specialistische ondersteuning.
29. In hoeverre heeft u hier behoefte aan? 33x Antwoorden
0x onbeantwoord
75 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
ANTWOORD VRAAG 29
ANTWOORDEN
RATIO
1
4
12,1%
2
5
15,2%
3
7
21,2%
4
4
12,1%
5
8
24,2%
Weet niet
4
12,1%
Niet van toepassing
1
3,0%
30. Wie helpen u bij de inhoudelijke voorbereiding van een initiatiefvoorstel (in de vorm van specialistische hulp)? 19x Antwoorden
14x onbeantwoord
Antwoord vraag 30
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en/of ambtelijke organisatie
5
4
3
3
2
0
2
Griffie
2
1
3
4
8
0
1
Onderzoeksafdeling griffie
2
2
2
4
7
0
2
Fractie-ondersteuning
0
2
1
4
9
0
3
Overig
2
1
0
2
4
3
7
31. Hoe tevreden bent u over de verkregen hulp bij de inhoudelijke voorbereiding van een initiatiefvoorstel (in de vorm van specialistische hulp)? 19x Antwoorden
14x onbeantwoord
76 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Antwoord vraag 31
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
3
0
6
3
1
3
3
Griffie
2
1
3
5
4
2
2
Onderzoeksafdeling griffie
2
1
3
5
3
2
3
Fractie-ondersteuning
0
1
3
3
7
2
3
Overig
0
0
1
3
3
5
7
32. Wie zouden u moeten helpen bij de inhoudelijke voorbereiding van een initiatiefvoorstel (in de vorm van specialistische hulp)? 19x Antwoorden
14x onbeantwoord
Antwoord vraag 32
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
College van Gedeputeerde Staten en ambtelijke ondersteuning
5
4
2
3
3
0
2
Griffie
1
0
2
6
9
1
0
Onderzoeksafdeling griffie
1
2
4
2
7
1
2
Fractie-ondersteuning
0
0
1
5
9
1
3
Overig
1
0
1
3
3
4
7
Ter afsluiting van het onderdeel inhoudelijke informatievoorziening en/of ondersteuning is de Statenleden middels vraag 33 de mogelijkheid gegeven aanvullende informatief te geven aan de onderzoekers. 33. Zijn er, naast de eerder beantwoorde vragen, nog zaken die u aan de onderzoekers wilt meegeven met betrekking tot de 8 vormen van inhoudelijke informatievoorziening en/of ondersteuning? Deze vraag is bedoeld om eventuele relevante zaken die niet aan de orde zijn geweest in de enquête, toch mee te kunnen wegen. De antwoorden op deze vraag voegden geen nieuwe informatie toe en zijn daarom achterwege gelaten.
77 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
34. Hier volgen enkele stellingen over de ondersteuning waar Provinciale Staten recht op hebben, zoals ambtelijke bijstand, ondersteuning van de griffie en fractieondersteuning. Geef aan in hoeverre u het met de stelling eens bent. 33x Antwoorden
0x onbeantwoord
78 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
-5
-4
-3
-2
-1
0
1
2
3
4
5
In theorie beslissen Provinciale Staten niet over de benodigde ondersteuning. In de praktijk heb ik niets te zeggen over de ondersteuning die ik krijg. Ik vind het bezwaarlijk als Provinciale Staten investeren in de eigen ondersteuning als daarmee de kwaliteit van het Statenwerk verbetert. De geboden ondersteuning aan beginnende Statenleden is onvoldoende.
0 0,0%
0 0,0%
1 3,0%
1 3,0%
1 3,0%
5 15,2%
0 0,0%
6 18,2%
6 18,2%
4 12,1%
9 27,3%
2 6,1%
1 3,0%
0 0,0%
6 18,2%
0 0,0%
8 24,2%
1 3,0%
8 24,2%
5 15,2%
0 0,0%
2 6,1%
0 0,0%
0 0,0%
0 0,0%
0 0,0%
0 0,0%
5 15,2%
0 0,0%
6 18,2%
5 15,2%
5 15,2%
12 36,4%
2 6,1%
1 3,0%
2 6,1%
8 24,2%
0 0,0%
7 21,2%
0 0,0%
4 12,1%
6 18,2%
2 6,1%
1 3,0%
Als Statenlid weet ik niet welke informatie ik nodig heb om een weloverwogen keuze te maken.
0 0,0%
0 0,0%
0 0,0%
2 6,1%
0 0,0%
10 30,3%
3 9,1%
6 18,2%
6 18,2%
4 12,1%
2 6,1%
Als ik als Statenlid hulp nodig heb, dan weet ik niet waar ik die kan krijgen. Als Statenlid is het lastig om een helder overzicht te krijgen van besluitvorming die in het verleden heeft plaatsgevonden en welke afwegingen toen een rol hebben gespeeld. Er zijn geen kwaliteitseisen verbonden aan stukken die Statenleden ontvangen. De kwaliteitseisen aan stukken die Statenleden ontvangen worden niet nageleefd.
1 3,0%
0 0,0%
3 9,1%
2 6,1%
3 9,1%
5 15,2%
2 6,1%
5 15,2%
6 18,2%
4 12,1%
2 6,1%
5 15,2%
2 6,1%
2 6,1%
6 18,2%
2 6,1%
7 21,2%
1 3,0%
4 12,1%
2 6,1%
2 6,1%
0 0,0%
3 9,1%
0 0,0%
1 3,0%
1 3,0%
2 6,1%
9 27,3%
1 3,0%
7 21,2%
7 21,2%
1 3,0%
1 3,0%
1 3,0%
0 0,0%
2 6,1%
1 3,0%
1 3,0%
15 45,5%
2 6,1%
6 18,2%
5 15,2%
0 0,0%
0 0,0%
79 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
In theorie beslissen Provinciale Staten over de benodigde ondersteuning. In de praktijk heb ik volledige zeggenschap over de ondersteuning die ik krijg. Ik heb geen enkel bezwaar als Provinciale Staten investeren in de eigen ondersteuning als daarmee de kwaliteit van het Statenwerk verbetert. De geboden ondersteuning aan beginnende Statenleden is goed. Als Statenlid weet ik heel goed welke informatie ik nodig heb om een weloverwogen keuze te maken. Als ik als Statenlid hulp nodig heb, dan weet ik precies waar ik die kan krijgen. Als Statenlid kan ik gemakkelijk een helder overzicht krijgen van besluitvorming die in het verleden heeft plaatsgevonden en welke afwegingen toen een rol hebben gespeeld. Er zijn kwaliteitseisen verbonden aan stukken die Statenleden ontvangen. De kwaliteitseisen aan stukken die Statenleden ontvangen worden goed nageleefd.
Ter afsluiting van het onderdeel ‘ondersteuning’ is de Statenleden middels vraag 35 de mogelijkheid gegeven aanvullende informatie te geven aan de onderzoekers. 35. Zijn er, naast de eerder beantwoorde vragen, nog zaken die u aan de onderzoekers wilt meegeven rondom het thema 'ondersteuning'? Deze vraag is bedoeld om eventuele relevante zaken die niet aan de orde zijn geweest in de enquête, toch mee te kunnen wegen. De antwoorden op deze vraag voegden geen nieuwe informatie toe en zijn daarom achterwege gelaten. ▪
Onderdeel Statenarchief
36. Hoe vaak maakt u gebruik van het Statenarchief voor de archieffunctie? 33x Antwoorden
0x onbeantwoord
ANTWOORD VRAAG 36
ANTWOORDEN
RATIO
Bijna elke dag
0
0,0%
Ongeveer 2 tot 5 keer per week
0
0,0%
Ongeveer 1 keer per week
3
9,1%
Ongeveer 1 keer per twee weken
5
15,2%
Ongeveer 1 keer per maand
14
42,4%
Ik maak nooit gebruik van het Statenarchief
11
33,3%
37. Nu volgen er enkele stellingen over het Statenarchief, geef aan in hoeverre u het met de stelling eens bent. 22x Antwoorden
11x onbeantwoord
80 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
-5
-4
-3
-2
-1
0
1
2
3
4
5
Ik kan helemaal niet snel en eenvoudig relevante informatie vinden tussen alle bewaarde informatie.
4 18,2%
3 13,6%
3 13,6%
4 18,2%
1 4,5%
1 4,5%
1 4,5%
3 13,6%
1 4,5%
1 4,5%
0 0,0%
Ik kan heel snel en eenvoudig relevante informatie vinden tussen alle bewaarde informatie.
Ik kan niet op iedere locatie relevante informatie verkrijgen.
3 13,6%
0 0,0%
2 9,1%
2 9,1%
4 18,2%
2 9,1%
0 0,0%
3 13,6%
2 9,1%
0 0,0%
4 18,2%
Ik kan op iedere locatie relevante informatie verkrijgen.
Ik kan relevante informatie alleen tegen kosten verkrijgen.
1 4,5%
0 0,0%
0 0,0%
0 0,0%
0 0,0%
4 18,2%
1 4,5%
5 22,7%
1 4,5%
2 9,1%
8 36,4%
Ik kan de relevante informatie kosteloos verkrijgen.
De informatie is niet direct toegankelijk.
4 18,2%
0 0,0%
1 4,5%
0 0,0%
2 9,1%
3 13,6%
4 18,2%
3 13,6%
2 9,1%
2 9,1%
1 4,5%
De informatie is direct toegankelijk.
Het is niet helder wat de betekenis is van de informatie binnen het beleidsproces waar het is ontvangen of gemaakt.
3 13,6%
1 4,5%
1 4,5%
2 9,1%
2 9,1%
5 22,7%
2 9,1%
2 9,1%
2 9,1%
2 9,1%
0 0,0%
Het is volstrekt helder wat de betekenis is van de informatie binnen het beleidsproces waar het is ontvangen of gemaakt.
De informatie is onbetrouwbaar.
1 4,5%
0 0,0%
0 0,0%
0 0,0%
0 0,0%
5 22,7%
0 0,0%
4 18,2%
6 27,3%
1 4,5%
5 22,7%
De informatie is betrouwbaar.
81 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Ter afsluiting van het onderdeel Statenarchief is de Statenleden middels vraag 38 de mogelijkheid gegeven aanvullende informatief te geven aan de onderzoekers. 38. Zijn er, naast de eerder beantwoorde vragen, nog zaken die u aan de onderzoekers wilt meegeven rondom het thema 'Gebruik van het Statenarchief'? Deze vraag is bedoeld om eventuele relevante zaken die niet aan de orde zijn geweest in de enquête, toch mee te kunnen wegen. De antwoorden op deze vraag voegden geen nieuwe informatie toe en zijn daarom achterwege gelaten.
▪
Onderdeel algemene vragen
39. Wat is uw naam? De Statenleden is gevraagd hun naam achter te laten. Het enige doel van deze vraag is om de onderzoekers inzicht te verschaffen over wie de enquête heeft ingevuld, zodat er gericht gerappelleerd kon worden. De enquêteresultaten worden in het eindrapport alleen zo gepresenteerd dat de informatie niet tot individuele personen of partijen te herleiden zijn. Medewerkers die zich bezwaard voelden, hadden de kans zich te anonimiseren. 40. Welke politieke partij vertegenwoordigt u? Het doel van deze vraag was om na te kunnen gaan in hoeverre alle partijen vertegenwoordigd zijn in de enquêteresultaten en om onderscheid te kunnen maken in de enquêteresultaten tussen bijvoorbeeld grote en kleine partijen of coalitie- en oppositiepartijen. De enquêteresultaten worden in het eindrapport alleen zo gepresenteerd dat de informatie niet tot individuele personen of partijen te herleiden zijn. 41. Hoeveel jaar heeft u ervaring als volksvertegenwoordiger, bestuurder en/of fractie-ondersteuner binnen het openbaar bestuur? 33x Antwoorden
0x onbeantwoord
ANTWOORD VRAAG 41
ANTWOORDEN
RATIO
0 tot 2 jaar
7
21,2%
2 tot 4 jaar
7
21,2%
4 tot 6 jaar
3
9,1%
6 tot 8 jaar
6
18,2%
82 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
8 jaar of meer 33x Antwoorden
10 0x onbeantwoord
30,3%
Wat is uw hoogst genoten opleiding?
ANTWOORD VRAAG 42
ANTWOORDEN
RATIO
Basisonderwijs
0
0,0%
VMBO
0
0,0%
HAVO
1
3,0%
VWO
0
0,0%
MBO
6
18,2%
HBO-Bachelor
5
15,2%
HBO-Master
7
21,2%
WO-Bachelor
2
6,1%
WO-Master
11
33,3%
Doctorsgraad
1
3,0%
Andere...
0
0,0%
33x Antwoorden
0x onbeantwoord
42.
43.
Hoeveel uur besteedt u gemiddeld per week aan het Statenwerk?
ANTWOORD VRAAG 43
ANTWOORDEN
RATIO
0 tot 8 uur
1
3,0%
9 tot 16 uur
15
45,5%
17 tot 24 uur
12
36,4%
25 tot 32 uur
5
15,2%
32 uur of meer.
0
0,0%
44. Laat hier uw
contactgegevens achter als wij u mogen benaderen voor een interview om verder door te praten over de thematiek van deze enquête. Tot slot is de Statenleden gevraagd hun contactgegevens achter te laten indien de
83 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
onderzoekers ze mogen benaderen om door te praten over deze thematiek. 12 Statenleden hebben hier gehoor aan gegeven. Ter afsluiting van de enquête is de Statenleden middels vraag 45 de mogelijkheid gegeven aanvullende informatief te geven aan de onderzoekers. 45. Tot slot, heeft u naar aanleiding van deze enquête nog opmerkingen en/of suggesties? Deze vraag is bedoeld om eventuele relevante zaken die niet aan de orde zijn geweest in de enquête, toch mee te kunnen wegen. De antwoorden op deze vraag voegden geen nieuwe informatie toe en zijn daarom achterwege gelaten.
84 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Bijlage 3: Beschrijvende statistieken enquête onder PS Tabel 21: Beschrijvende statistieken enquête PS Drenthe
Totaal aantal ingevulde enquêtes93 Aantal Statenleden in PS Responspercentage Aantal fracties in PS ten tijde van enquête Aantal fracties waarvan minimaal 1 lid de enquête heeft ingevuld Aantal respondenten van coalitiepartijen Aantal respondenten van oppositiepartijen Aantal respondenten onbekend of ze van coalitie of oppositiepartij zijn Percentage respondenten van coalitiepartijen Percentage respondenten van oppositiepartijen Aantal respondenten van kleine partijen (3 of minder zetels) Percentage respondenten van kleine partijen (3 of minder zetels)
93
Drenthe 27 41 65,9 % 12 11 16 10 1 59,3 % 37,0 % 10 37,0 %
Oorspronkelijk zijn ook commissieleden, niet-zijnde Statenleden, uitgenodigd deel te nemen aan het onderzoek. In Drenthe hebben zes commissieleden de enquête ingevuld. Deze zij niet meegeteld in deze tabel. Vanwege onderzoekstechnische redenen zijn deze enquêtes niet meegenomen in de verdere analyse van de resultaten 85 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Bijlage 4: Enquêtevragen Fractieondersteuning 1. Hieronder volgen twee uitspraken. Geef per uitspraak aan in hoeverre deze op uw individuele situatie van toepassing is (1=helemaal niet van toepassing en 5=helemaal wel van toepassing). Antwoord vraag 1
De werkzaamheden die ik voor de Statenfractie verricht zijn voornamelijk praktisch van aard (bijvoorbeeld plannen van afspraken). ........................................ De werkzaamheden die ik voor de Statenfractie verricht zijn voornamelijk politiek-inhoudelijk van aard (bijvoorbeeld het inhoudelijk voorbereiden van moties of amendementen).
1
2
3
4
5
WEET NIET
2
0
2
3
5
0
2
4
1
1
4
0
2. Stelling: "Er is een duidelijk verschil tussen de werkzaamheden die de fractieondersteuning uitvoert voor de Statenfractie, de werkzaamheden die de griffie uitvoert voor de Statenfractie en de werkzaamheden die de ambtelijke organisatie van de provincie uitvoert voor de Statenfractie." 12x Antwoorden
0x onbeantwoord
ANTWOORD VRAAG 2
ANTWOORDEN
RATIO
1
0
0,0%
2
0
0,0%
3
3
25,0%
4
1
8,3%
5
8
66,7%
86 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
3. Geef op een schaal van 1 tot 5 aan in welke mate u de volgende soorten inhoudelijke ondersteuning geeft aan uw Statenleden. Hierbij is 1 'geen ondersteuning' en 5 'veel ondersteuning'. 12x Antwoorden
0x onbeantwoord
Antwoord vraag 3
Samenvatten en duiden van beleidsinformatie Het bieden van voortgangsinformatie of monitoringsinformatie, waaruit blijkt of beleid werkt. Inhoudelijke informatievoorziening over algemene maatschappelijke ontwikkelingen. Inhoudelijke informatievoorziening over eerdere fractiestandpunten of stemgedrag. Inhoudelijke informatievoorziening over vergelijkbare besluiten in andere provincies. Inhoudelijke informatievoorziening over alternatieve scenario's. Inhoudelijke voorbereiding met betrekking tot woordvoering en het opstellen van moties, amendementen en schriftelijke vragen. Inhoudelijke voorbereiding van een initiatiefvoorstel in de vorm van specialistische ondersteuning.
1
2
3
4
5
WEET NIET
NIET VAN TOEPASSING
1
1
3
2
2
0
3
1
3
4
0
1
0
3
1
2
1
3
3
0
2
1
2
3
1
2
0
3
2
3
3
1
1
0
2
1
0
1
3
4
0
3
2
2
1
1
4
1
1
2
1
2
1
2
1
3
4. Zijn er, naast de eerder beantwoorde vragen, nog zaken die u aan de onderzoekers wilt meegeven rondom het thema 'werkzaamheden en afbakening'? Deze vraag is bedoeld om eventuele relevante zaken die niet aan de orde zijn geweest in de enquête, toch mee te kunnen wegen. De antwoorden op deze vraag voegden geen nieuwe informatie toe en zijn daarom achterwege gelaten. 5. Hoe vaak maakt u gebruik van het Statenarchief voor de hierboven beschreven archieffunctie? 12x Antwoorden
0x onbeantwoord
87 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
ANTWOORD VRAAG 5
ANTWOORDEN
RATIO
Bijna iedere dag
0
0,0%
Ongeveer 2 tot 5 keer per week
2
16,7%
Ongeveer 1 keer per week
0
0,0%
Ongeveer 1 keer per 2 weken
2
16,7%
Ongeveer 1 keer per maand
2
16,7%
Ik maak nooit gebruik van het Statenarchief
6
50,0%
6. Nu volgen er enkele stellingen over het Statenarchief, geef aan in hoeverre u het met de stelling eens bent. 12x Antwoorden
0x onbeantwoord
88 Eindrapport Drenthe Institutioneel Geheugen – Kennis maakt kracht
Antwoord vraag 6
-5
-4
-3
-2
-1
0
1
2
3
4
5
Ik kan helemaal niet snel en eenvoudig relevante informatie vinden tussen alle bewaarde informatie.
2 16,7%
2 16,7%
0 0,0%
1 8,3%
0 0,0%
3 25,0%
0 0,0%
1 8,3%
1 8,3%
2 16,7%
0 0,0%
Ik kan heel snel en eenvoudig relevante informatie vinden tussen alle bewaarde informatie.
Ik kan relevante informatie niet op iedere locatie verkrijgen.
1 8,3%
1 8,3%
0 0,0%
0 0,0%
0 0,0%
7 58,3%
1 8,3%
1 8,3%
0 0,0%
0 0,0%
1 8,3%
Ik kan relevante informatie op iedere locatie verkrijgen.
Ik kan relevante informatie alleen tegen kosten verkrijgen.
0 0,0%
0 0,0%
0 0,0%
1 8,3%
1 8,3%
7 58,3%
0 0,0%
1 8,3%
0 0,0%
1 8,3%
1 8,3%
Ik kan de relevante informatie kosteloos verkrijgen.
De informatie is niet direct toegankelijk.
0 0,0%
0 0,0%
0 0,0%
1 8,3%
1 8,3%
5 41,7%
0 0,0%
1 8,3%
1 8,3%
0 0,0%
3 25,0%
De informatie is direct toegankelijk.