Technische vragen Ontwikkelplan sanering varkenshouderij.docx
Tekst van het document
Technische vragen raadsvergadering 29 september 2022 Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan ‘Ontwikkelplan sanering varkenshouderij’ Fractie
Vragen
Antwoorden
Lokaal
1. Wat wordt bedoeld met ‘Weliswaar zijn betere locaties voorstelbaar’ op pagina 7 van het raadsvoorstel? Graag een verduidelijking.
Vanuit een stedenbouwkundig oogpunt is het beter om woningen dichter op de straat te situeren, dwz meer in lijn met de voorgevels van bestaande woningen. Ten aanzien van de locatie Liempdseweg 19-21 zou het terreingedeelte voor het bijgebouw van nr. 21 bijvoorbeeld een goed alternatief kunnen zijn (kruisje op onderstaande kaartje).
2. Er wordt in het raadsvoorstel aangeven dat de eerder door de gemeente aangegeven herontwikkelingsmogelijkheden voor de initiatiefnemers mede bepalend zijn geweest om deel te nemen aan de subsidieregeling voor bedrijfsbeëindiging. Heeft de gemeente dan een verkeerde voorstelling van zaken gegeven bij de mogelijkheden om mee te doen aan bedrijfsbeëindiging? Zo nee, waarom niet? Zo ja, waarom wel?
3. Wat zijn de gevolgen wanneer GS gebruikt maakt van een aanwijzing? Maakt het gehele plan (betreffende locatie) dan niet meer onderdeel uit van de bestemmingsplanwijziging of alleen het gedeelte van het plan waarop de aanwijzing betrekking heeft? 4. Zijn de initiatiefnemers op de hoogte wat de gevolgen van een aanwijzing van GS betekent voor hen?
Zaaknummer 2174220
Pagina 2 van 5
datum 12 september 2022
Het stedenbouwkundig ideaalbeeld is echter niet in alle gevallen ook uitvoerbaar. Voor de casus Liempdseweg vormt de eigendomssituatie een beperking. Voor de casus De Kuilen spelen naast de eigendomssituatie ook milieuaspecten die situering op een stedenbouwkundig gezien betere plek niet mogelijk maken. Gelet op het belang dat is gediend met de beëindiging van de varkenshouderijen op deze locaties, zijn ten aanzien van de situering van een tweetal nieuwbouwwoningen concessies gedaan. De gekozen locaties zijn weliswaar niet optimaal maar gelet op de meerwaarde van de ontwikkelingen wel aanvaardbaar. Deelnemers aan de saneringsregeling moesten na het aanbod van de RVO, snel beslissen of zij wel of niet wensten deel te nemen aan de saneringsregeling. Principeverzoeken m.b.t. de mogelijke herbestemming zijn destijds (najaar 2020) wel ambtshalve besproken met de provincie. Het maatschappelijke belang dat is verbonden aan de beëindiging van de varkenshouderijen, afname geurhinder, uitstoot, landschappelijke kwaliteitsverbetering, heeft een belangrijke rol gespeeld bij de overwegingen die hebben plaatsgevonden. Aan de principebesluiten heeft een zorgvuldige afweging ten grondslag gelegen en er is ook een reële inschatting gemaakt van de haalbaarheid van de verschillende initiatieven.
Alleen de onderdelen waarop een aanwijzing van de provincie betrekking heeft maken geen deel meer uit van het bestemmingsplan. Dit kunnen ook kleinere onderdelen van het bestemmingsplan zoals delen van de verbeelding of passages van de regels. Ja, deze risico’s zijn bij hen bekend. Het bestemmingsplan treedt niet in werking voor de onderdelen waarop de reactieve aanwijzing van de provincie betrekking heeft. Tegen de aanwijzing kan wel
5. In een zienswijze van de gemeente bij De Kuilen 12a en 13 Veghel wordt door de provincie aangegeven dat het ‘geen aanvaardbare locatie in een bebouwingsconcentratie is’. Wat betekent dit concreet? Wat zou er moeten worden aangepast in het plan om hier wel aan te voldoen?
beroep worden aangetekend, een dergelijke procedure kost veel tijd en de uitkomst is onzeker. De provincie vindt de situering van de vrijstaande woning (zijde Het Loo) niet passend. De woning ligt te ver van de weg en er is onvoldoende samenhang met de overige bebouwing langs De Kuilen. Stedenbouwkundig gezien zou het beter zijn om deze woning te oriënteren op De Kuilen, tussen de bestaande woningen (nr.13 en nr.12) (rode kruisje op onderstaande kaartje). Op deze locatie kan echter geen goed woon- en leefklimaat worden gegarandeerd en het agrarische bedrijf op nummer 12 zou daardoor gehinderd kunnen worden in de bedrijfsvoering. Binnen het plangebied zijn er geen mogelijkheden om het plan aan te passen. Om tegemoet te komen aan de zienswijze van de provincie zou de vrijstaande woning in deze ontwikkeling moeten komen te vervallen. Dit stuit bij de initiatiefnemer op grote financiële bezwaren. Kosten voor sloop, grondruil, aankoop van bouwtitels etc. kunnen niet met twee woningen worden terugverdiend.
Zaaknummer 2174220
Pagina 3 van 5
datum 12 september 2022
Hart
In ontwikkelplan sanering varkenshouderij toelichting staat bij 7.1 Omgevingsdialoog: gezien beperkte omvang.. inspraak procedure overgeslagen. 1. Wat zijn de voorwaarden waaraan een aanvraag moet voldoen om een uitzondering te krijgen op het voeren van een omgevingsdialoog.
Zaaknummer 2174220
Pagina 4 van 5
datum 12 september 2022
Inspraak en omgevingsdialoog zijn twee verschillende zaken, hoewel beide erop zijn gericht om belanghebbenden in een vroeg stadium bij de planontwikkeling te betrekken. In het onderstaande zal dit verschil nader worden uitgelegd. Omgevingsdialoog Bij de principeverzoeken is in vrijwel alle gevallen een omgevingsdialoog gevoerd. Alleen in de casus Erpsesteeg 6 is hierop een uitzondering gemaakt. Bij het aanvankelijk ingediende principeverzoek, ontbrak het verslag van de omgevingsdialoog. Dit verzoek was echter totaal niet kansrijk Dit is ambtshalve medegedeeld aan de initiatiefnemer. Initiatiefnemer heeft er vervolgens voor gekozen om direct een aanvraag in te dienen voor een bestemmingsplanherziening waarbij alleen de aanduiding ‘intensieve veehouderij’ zou komen te vervallen. De agrarische bestemming blijft verder gehandhaafd, voor de uitoefening van een
biologisch vollegrondsgroenteteeltbedrijf. Het voeren van een omgevingsdialoog voor een dergelijke ondergeschikte aanpassing heeft geen meerwaarde. Inspraak Het initiatief van de omgevingsdialoog gaat uit van de initiatiefnemer. Inspraak daarentegen wordt georganiseerd door de gemeente. In artikel van de Algemene inspraakverordening (vastgesteld 2 jan. 2017 gemeenteraad Meierijstad), is aangegeven in welke gevallen het college kan besluiten om af te zien van inspraak. Dit is onder andere mogelijk als: - belanghebbenden (insprekers) al op een andere manier bij de voorbereiding zijn betrokken; - het beleidsvoornemen van ondergeschikte betekenis is. Belanghebbenden hebben in het kader van de omgevingsdialoog al kunnen reageren op de voorgenomen ontwikkelingen. De in het bestemmingsplan opgenomen ontwikkelingen leiden verder niet tot een ingrijpende wijziging van het ruimtelijk beleid voor de betreffende locaties. Gelet op deze overwegingen kon redelijkerwijs worden afgezien van het verlenen van inspraak.
Zaaknummer 2174220
Pagina 5 van 5
datum 12 september 2022