Technische vragen Kloosterkwartier Veghel en Leefgoed.docx
Tekst van het document
Technische vragen Raadsvergadering 29 april 2021 Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Kloosterkwartier Veghel en kennisneming voorgenomen gemeentelijke bijdrage in LeefGoed Meierijstad-Veghel Fractie
Vragen
Antwoorden
HIER
1. Wat zijn de verschillen en de overeenkomsten van de activiteiten in Leefgoed met die in het Pieter Breughelhuis? Op welke manier worden de activiteiten afgestemd met Pieter Breughelhuis en andere wijk- en buurtcentra?
De activiteiten van het PBH worden vooral georganiseerd door vrijwilligers ondersteund door twee professionele coördinatoren. De activiteiten van de Leefgoedpartners door professional en in enkele gevallen ondersteund door vrijwilligers. Daarnaast zijn er voornamelijk verschillen in de activiteiten. Leefgoedpartners brengen hun eigen lopende activiteiten in. Nieuwe activiteiten richten zich met name op de doelgroepen die de Leefgoedpartners bedienen. Overeenkomsten zitten er op het onderwerp ontmoeten. Hierbij richten wij ons met name op de bewoners en omwonenden van het Kloosterkwartier. (woningen en appartementen kloosterkwartier met name appartementencomplexen centrum). We bespreken regelmatig de voortgang met het PBH.
2. Dragen de eigenaren/besturen van de deelnemende zorg/welzijnsorganisaties formeel een deel van hun zeggenschap over het eigen aanbod over aan het collectief? Zo ja welk deel ? Op welke manier en in welke mate dragen zij financieel bij aan het bereiken van “collectieve doelen”?
3. Het traject Leefgoed is naar ons idee gebaseerd op learning by doing maar heeft ook een innovatief karakter in zich om- naast effectief en efficiënt samenwerken – ook tot nieuwe oplossingen te komen. Is dit een correcte aanname ? – Hoe is het innovatieve doel omschreven ? – Hoe ziet het proces naar dit doel toe er uit ? – Op welke wijze wordt de raad de komende jaren over het verloop geïnformeerd?
Wij richten ons niet op de wijken waar andere wijk- en buurtcentra zitten. Het ontmoeten wordt met name vormgegeven in een inloopvoorziening (Ontmoetingscentrum) en de ontwikkeling van dagbestedingsactiviteiten. Deze activiteiten richten zich met name op de deelnemers van de Leefgoedpartners, bewoners en omwonenden van het Kloosterkwartier. Iedereen houdt zijn eigen zeggenschap. Wel gaan we steeds meer ontschot werken en samenwerken. Bij verschillende activiteiten zullen we als collectief naar buiten treden. Partijen dragen financieel bij door de huur van werk- en activiteitenruimtes (op basis van gebruik). Daarnaast draagt iedereen bij aan een gezamenlijk activiteitenbudget. Met deze en ook personele inzet bespoedigen we pilots voor innovatie en preventie in zorg en ondersteuning. Denk hierbij o.a. aan gebiedsgericht (ontschot)werken. Correct. We beginnen met het versterken van de samenwerking. Dit door onze werkomgeving onder één dak te brengen, zo ontschot mogelijk te gaan werken, activiteiten te verbinden en steeds meer gezamenlijke nieuwe activiteiten / arrangementen te ontwikkelen. Innovatief is omschreven als sneller, beter of efficiëntere dienstverlening.
Dit komt onder andere tot uiting in de vorming door partijen van een Mobiliteitscentrum, een hybride leeromgeving voor de zorgsector, doorontwikkeling van het PIM project, ontwikkeling van het Gebiedsteam en een nieuwe nog
4. Op welke wijze draagt leefgoed bij aan de transformatie-opgave van de gemeente Meierijstad?
nader uit te werken vorm van dagbesteding (doorontwikkeling Gebiedsteams en PIM vindt overigens ook in Sint-Oedenrode en Schijndel plaats). Twee keer per jaar wordt er een digitale nieuwsbrief of een Leefgoedjournaal gemaakt waarin we de ontwikkelingen en resultaten van Leefgoed Meierijstad Veghel presenteren. Dit zal ook aan uw raad worden aangeboden. Daarnaast zullen we ook (onderdelen van) Leefgoed een plaats geven in beeldvormende avonden. Zo plannen wij eind dit jaar een beeldvormende avond over de doorontwikkeling van ons PIM project. Wij geven in Meierijstad invulling aan de transformatieopgave langs vijf lijnen: 1. Doorontwikkeling Toegang (vorming Gebiedsteams) 2. Inkoop gespecialiseerde Jeugdzorg en Wmo 3. Samenwerking 4. Preventie en Innovatie 5. Bedrijfsvoering (datagestuurd werken) Al deze ontwikkellijnen zetten wij ook in bij de ontwikkelingen van Leefgoed. Zo zal het gebiedsteam Veghel worden ondergebracht op Leefgoed Meierijstad Veghel. Gaan we onderzoeken of we op Leefgoed gaan experimenteren met financieringsvormen die de zorg efficiënter maken (bijvoorbeeld gebiedsfinanciering). Gaan we een innovatieve samenwerking ontwikkelen om zorg en ondersteuning sneller, beter en efficiënter te organiseren. Hierbij maken we onder andere verbinding met sport, cultuur, onderwijs en arbeidsmarkt. We gaan nieuwe wegen
5. Is er al een visie of (globaal) plan van aanpak over hoe de opgedane kennis en kunde overgedragen kan worden naar o.a. Schijndel en Sint Oedenrode?
6. Op welke manier en op welke momenten worden burgers/vrijwilligers betrokken bij de ontwikkeling van (onderdelen van) Leefgoed? Hebben vrijwilligers een stem in de doorontwikkeling van Leefgoed c.q. in de fase na de realisatie?
verkennen waarbij we inzetten op o.a. preventie en de ontwikkeling van meer voorliggende voorzieningen. Bijvoorbeeld een nieuwe vorm van dagbesteding ontwikkelt door Brabantzorg ism ONS Welzijn (Welzijnscoöperatie) en De Leijgraaf. We gaan ook monitoren wat Leefgoed oplevert (datagestuurd werken). We gaan in andere kernen kijken of er ontwikkelingen of mogelijkheden zijn voor een vergelijkbaar project. Hierbij zetten we in op versterking van de samenwerking van lokale organisaties, meer verbinding tussen hun activiteiten en het ontwikkelen van een innovatieve samenwerking. Daarbij kijken we ook naar dynamiek van de plek (omgeving). De omgeving en de dynamiek zijn steeds anders, de wensen en betrokkenheid van de bewoners / inwoners zijn anders en de lokale organisaties zijn anders. Wel brengen ervaringen in die we op gaan doen in Veghel of tzt ook van andere kernen. Elk project gaat ook zelf de onderwerpen / thema’s bepalen die ze willen ontwikkelen. We vinden het belangrijk om Leefgoed te ontwikkelen met bewoners / inwoners, doelgroepen, adviesraden, professionals en bestuurders. Inwoners worden zo spoedig mogelijk uitgenodigd om mee te denken en mee te doen. In Veghel is dat voor een deel lastig omdat we nog op een grote groep nieuwe inwoners wachten maar starten wel vast met omwonenden.
In de realisatiefase is het nadrukkelijk de bedoeling dat zij een belangrijke stem krijgen in de
SP
1. Wat wordt verstaan onder de inspirerende as Leefgoed, Noordkade en Centrum? Wat is de inbreng van elk van deze partners dan?
2. Is het geen mosterd na de maaltijd om de genoemde kredieten op te nemen in de kadernota, als dit voorstel al wordt aangenomen in de raad van 29 april?
programmering van het Ontmoetingcentrum en ook uitgenodigd worden om hieraan een actieve bijdrage te leveren. Dat geldt ook voor de verschillende activiteiten die we gaan organiseren. In de verschillende werkgroepen die aan de ontwikkeling van Leefgoed werken worden ook bewoners / inwoners uitgenodigd deel te nemen. Bij de werving van de nieuwe inwoners van het Kloosterkwartier gaan we ons gedachtegoed onder de aandacht brengen. Wonen op het Kloosterkwartier is een uitnodiging om mee te doen. Een uitnodiging voor ontmoeten en wederkerigheid. Een woonomgeving waar we omzien naar elkaar en waar inwoners verantwoordelijkheid nemen om invulling te geven aan samen wonen en samen (be)leven. Wat we hier bedoelen is bij wijze van spreken een dronebeeld. Een beeld wat je ziet als je van boven af naar ontwikkelingen kijkt in Veghel. De Noordkade, het Kloosterkwartier en het centrum zijn drie gebieden die steeds meer gaan bruisen. Ze grenzen aan elkaar en vormen zo een inspirerende as. Ontwikkelingen die elkaar gaan aanvullen en versterken en gaan bijdragen de kwaliteiten van Veghel / Meierijstad. Met de vaststelling van het Masterplan in juni 2020 is de koers bepaald voor de ontwikkeling van Kloosterkwartier / Leefgoed. In april 2021 ligt de uitwerking van het masterplan voor. De financiële vertaling hiervan krijgt vervolgens een plek in de kadernota.
3. Bij de verkeerstellingen wordt uitgegaan van 2015. Bijna 6 jaar geleden inmiddels. Bij de N279 leverde verouderde tellingen problemen op. Mogen we die hier ook verwachten? Zijn er geen recentere tellingen beschikbaar? Is er bij de verkeersintensiteit en parkeerdruk voldoende rekening gehouden met andere uitgevoerde of nog te ontwikkelen plannen in het centrum als op het voormalige ziekenhuisterrein, rond het voormalige postkantoor, sorteercentrum en werkplein Frisselstein? Is er voldoende rekening gehouden met fietsers, met name in de Molenstraat, die voor deze groep toch als risicovol kan worden bestempeld?
Hart
1. Op blz 47 van het bestemmingsplan staat: ‘Veghel is een gemeente met twee gezichten’ Welke definitie van het woord ‘gemeente’ gebruikt u in deze context? 2. U noemt Veghel op dezelfde bladzijde ook ‘werkstad’ en op blz. 49 ‘foodstad’. Welke definitie van het woord ‘stad’ gebruikt u in deze context?
Nee, die zijn hier niet te verwachten. Er wordt gebruik gemaakt van het meest recente verkeersmodel BBMA (Brabantbrede Modelaanpak). Het reeds in 2018 vastgestelde Provinciaal Inpassingsplan N279 VeghelAsten maakte (nog) gebruik van een combinatie van de toen beschikbare verkeersmodellen SRE 3.0 en Brabant Noordoost. Alle formeel vastgestelde ruimtelijke ontwikkelingen zijn verwerkt in het gebruikte verkeersmodel. In de bij het bestemmingsplan behorende rapportage Verkeersgeneratie Kloosterkwartier Veghel is aan de hand van de CROWrichtlijnen aangegeven, welke verkeersgeneratie het plan oplevert en hoe die zich verdeelt over de aanwezige wegen, met een gerealiseerd plan in 2030. Voor de verschillende wegen in de omgeving is ook aangegeven wat de begrensde wegvakcapaciteit is. Op basis daarvan is vastgesteld dat groei van het verkeer op een verkeersveilige wijze en met een ruime marge ten opzichte van de aanwezige capaciteit afgewikkeld kan worden. Daar wordt verwezen naar de op 19 december 2013 vastgestelde en onder geldende beleidsdocumenten gerangschikte Structuurvisie Veghel 2030: Menu voor de toekomst van de voormalige gemeente Veghel.
In de context van de op 19 december 2013 door de gemeenteraad van de voormalige gemeente Veghel vastgestelde Structuurvisie Veghel 2030 is de context geschetst van een combinatie van klein en grootschaligheid, van woondorpen en werkstad, in de voormalige gemeente Veghel.
3. Op pagina 49 staat ‘’Ten oosten van de Aa is ruimte voor winkelen, een markt, supermarkten, horeca en cultuur in een kleinschalige setting.’’ Wat wordt bedoeld met cultuur in een kleinschalige setting? En hoe verhoudt zich die mogelijkheid met wat er op de Noordkade gebeurt?
4. Leefgoed gaat samen met het centrum en de Noordkade een as vormen, aldus het raadsvoorstel. Met het vaststellen van de centrumvisie is juist besloten dat er geen vinding met centrumfuncties komt tussen Noordkade en centrum, aangezien hierdoor het overaanbod op dat gebied nog erger zou maken. Vanwaar dat u nu toch weer rept van een as?
5. Een deel van de bomen van het Kloosterkwartier wordt gekapt. Waar en wanneer heeft compensatie plaats?
In de context van de op 19 december 2013 door de gemeenteraad van de voormalige gemeente Veghel vastgestelde Structuurvisie Veghel 2030 wordt daar bijvoorbeeld de bibliotheek op de Markt mee bedoeld. Op pagina 49 is in het licht van de Structuurvisie Veghel 2030 aangegeven dat de opgave voor het centrum van Veghel vooral een kwalitatieve is en zich dient te richten op de verbetering van het verblijfsklimaat. Voor de Noordkade is op diezelfde pagina aangegeven: “De opgave voor de westelijke pool is exact omgekeerd en ligt met name in het benutten van de vrijkomende ruimte op de Noordkade voor het realiseren van een programma dat past bij de schaal en dynamiek van deze plek. Daarbij wordt gedacht aan bedrijvigheid, op bedrijvigheid gericht onderwijs, cultuur en vermaak. In het Masterplan voor het CHV-terrein is de keuze gemaakt dat een cluster van kunst, cultuur en food hier deel van uitmaakt”. Wat we hier bedoelen is bij wijze van spreken een dronebeeld. Een beeld wat je ziet als je van boven af naar ontwikkelingen kijkt in Veghel. De Noordkade, het Kloosterkwartier en het centrum zijn drie gebieden die steeds meer gaan bruisen. Ze grenzen aan elkaar en vormen zo een inspirerende as. Ontwikkelingen die elkaar gaan versterken en gaan bijdragen aan het versterken van de kwaliteit van Veghel / Meierijstad.
Voor reeds in eerdere jaren gekapte en nog te kappen bomen geldt geen compensatieverplichting. Het is
6. Er komt een onderzoek voor uitbreiding van Leefgoed naar de andere kernen van Meierijstad? Wanneer kunnen we de resultaten van dit onderzoek verwachten?
7. Wat zijn behalve een besparing van € 1,5 miljoen de gevolgen c.q. consequenties als de gemeenteraad besluit tot de minimumvariant?
nochtans de bedoeling dat de kloostertuin door onder meer de aanplant van bomen kwalitatief op een hoger niveau wordt gebracht. We zijn op dit moment verkennende gesprekken aan het voeren met Laverhof en partners (Wijbosch) en Odazorg en partners (Schijndel). Mocht dit tot een Leefgoedconcept leiden of iets vergelijkbaars dan leggen we dit vast in een intentieovereenkomst. Zodra we hier een intentieovereenkomst sluiten informeren wij hierover uw raad. In Sint-Oedenrode zijn er kansen op cq vanuit Odendael. Hierover hebben nog geen gesprekken plaatsgevonden. Zoals u zult begrijpen kunnen wij niet alles in één keer oppakken. Als we de Leefgoedpartners niet onder één dak brengen zitten ze verspreid over 6 verschillende locaties in Veghel met een diversiteit aan loketten voor onze inwoners. De wens om tot versterking van de samenwerking te komen zal daardoor minder makkelijk kunnen worden vormgegeven. Het bedrag van € 1,5 miljoen bestaat voor ca. de helft uit een huisvestingscomponent en voor de helft uit een activiteitenbudget. Het activiteitenbudget willen wij inzetten om zorg en ondersteuning, sneller, beter en efficiënter te organiseren. Denk hierbij aan de ontwikkeling op Leefgoed van voorliggende voorzieningen, inloop, dagbesteding en een hybride leeromgeving. In de minimumvariant is de bijdrage aan de transformatieopgave beperkt.
D66
1. Op pagina 8 van het raadsvoorstel staat de volgende zin “Het Ontmoetingscentrum LeefGoed zal zich richten op de bewoners van het Kloosterkwartier en het centrum.” Welk gebied wordt er precies bedoeld met het centrum? Alleen het winkelcentrum of is het een groter gebied en zo ja waar liggen de grenzen van dit gebied. 2. In het raadsvoorstel wordt er gesproken over leefgoed projecten in andere kernen van onze gemeente maar dat die nog onderzocht worden. wanneer kan de raad de eerste resultaten van die onderzoeken verwachten?
Het Kloosterkwartier met de omliggende appartementencomplexen, woningen boven winkels en de appartementencomplexen aan het Stadhuisplein / de Aa. De overige activiteiten van Leefgoed kennen een veel groter verzorgingsgebied. We zijn op dit moment verkennende gesprekken aan het voeren met Laverhof en partners (Wijbosch) en Odazorg en partners (Schijndel). Mocht dit tot een Leefgoedconcept leiden of iets vergelijkbaars dan leggen we dit vast in een intentieovereenkomst. Zodra we hier een intentieovereenkomst sluiten informeren wij hierover uw raad. In Sint-Oedenrode zijn er kansen op cq vanuit Odendael. Hierover hebben nog geen gesprekken plaatsgevonden. Zoals u zult begrijpen kunnen wij niet alles in één keer oppakken.