CConstaterende datMeierijstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Technische vragen inwerkingtreding Omgevingswet.docx

Commissie Ruimte, Economie en Bedrijfsvoering 18 oktober 2022, gemeente MeierijstadBij agendapunt: Technische vragen Diverse verordeningen en besluiten vanwege inwerkingtreding Omgevingswet2.660 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen raadsvergadering 3 november 2022

Vaststelling diverse verordeningen en besluiten vanwege inwerkingtreding Omgevingswet Fractie

Vragen

Antwoorden

CDA

Besluit adviesrecht Bopa: 1. Kanttekeningen: Binnen 8 weken dient de raad een advies uit te brengen. Wat is het effect op de huidige raadscyclus?

Wanneer we de ambitie om binnen 8 weken na aanvraag een omgevingsvergunning te verlenen gestand doen, dan zal dat mogelijk betekenen dat uw raad vaker bijeen moet komen om een besluit te nemen als gevolg van het adviesrecht. Onder agendapunt 3 gaan wij hier nader op in. Een en ander zal afhangen van de hoeveelheid aanvragen waar adviesrecht bij nodig is en de timing. Onder agendapunt 3 gaan wij hier nader op in. Het college stelt voor om niet eenvoudig de aanvraag koud door te sturen maar wil een voorgenomen besluit met motivering aan uw raad voorleggen. Zo heeft dan bijvoorbeeld een beleidsmatige afweging plaatsgevonden. Wanneer het proces van intake- en omgevingstafel goed doorlopen is, zal een aanvraag al voorbereid zijn

2. Voldoet de huidige raadscyclus?

3. Welke aanpassingen stelt het college voor om de gestelde 8 weken te kunnen halen?

4. Als het uitgangspunt is om in 8 weken de beslissing te nemen is dat inclusief de ambtelijke voorbereiding, agendering en besluitvorming in de raad? 5. Wat zijn de (juridische) consequenties indien het besluit later volgt dan 8 weken?

Zaaknummer 2198368

Pagina 2 van 10

datum 17 oktober 2022

en is bekend of adviesrecht van toepassing is. In zulke gevallen zal het college snel een voorgenomen besluit met stukken kunnen toesturen met het verzoek aan de raad om hier binnen 2-4 weken een advies op uit te brengen. In de huidige vergaderopzet zal het vaak lukken om binnen 4 weken een besluit van de gemeenteraad te hebben. Met de agendacommissie zal overleg plaatsvinden om een regeling af te spreken bij gevallen wanneer deze termijn niet gehaald kan worden. Wanneer een initiatiefnemer besluit zonder het voorbereidingsproces van intake- en omgevingstafel een aanvraag indient, dan zal daar, bijvoorbeeld afhankelijk van de complexiteit en de betrokkenheid van ketenpartners, mogelijk de consequentie van zijn dat een beslistermijn door de gemeente van 8 weken niet haalbaar is. De 8 weken is van ontvangst aanvraag tot verzending besluit. Alle gemeentelijk processtappen daar tussenin vallen daarmee binnen die 8 weken. De gemeente heeft de mogelijkheid om de beslistermijn op een aanvraag met 6 weken te verlengen. (Ook kan de gemeente met expliciete instemming van de aanvrager de termijn verlengen) In de tegenstelling tot de gang van zaken onder de huidige wetgeving, treedt een omgevingsvergunning met de reguliere procedure niet van rechtswege in werking na het verstrijken van de termijn (fatale

6. Monitoring en evaluatie: Welke onderdelen van het adviesrecht worden gedurende het eerste jaar gemonitord?

Lokaal

7. Worden hierin ook de ambtelijke voorbereiding, adviescommissie omgevingskwaliteit, agendering en besluitvorming meegenomen? 1. Wat wordt er in art. 2:24 APV bedoeld met: ‘dit gelet op de interventiecapaciteit van de organisator van dat evenement bij een (dreigende) aantasting van de openbare orde en veiligheid’?

Zaaknummer 2198368

Pagina 3 van 10

datum 17 oktober 2022

termijn). Een aanvrager kan dan wel een beroep doen op de wet dwangsom bij niet tijdig beslissen. De aanvrager moet dan na verstrijken van de beslistermijn de gemeente in gebreke stellen, waarna de gemeente 2 weken heeft om een besluit te nemen. Indien dan nog steeds geen besluit is genomen, kan de aanvrager beroep instellen en is de gemeente een dwangsom verschuldigd van maximaal €1442 na uiterlijk 42 dagen. We gaan monitoren in welke gevallen adviesrecht van toepassing was en in welke gevallen niet. In de evaluatie zal een voorstel worden voorbereid of in bepaalde gevallen een aanscherping van het adviesrecht nodig is en of in gevallen het adviesrecht verruimd kan worden. Daarnaast gaan we monitoren hoe participatie bij de initiatieven verloopt, bijvoorbeeld de omgevingsdialoog. In de evaluatie zal worden afgewogen of en zo ja, hoe het proces nog beter gemaakt kan worden en of een lijst van activiteiten voor verplichte participatie nodig is. De besproken monitoring en evaluatie zien enkel op het adviesrecht en de participatie. Daarmee wordt gedoeld op de mogelijkheid van de aanvrager/organisator om een evenement zonder hulp van de hulpdiensten te organiseren en ordentelijk te laten verlopen. Hoe meer naar verwachting een beroep op politie, brandweer en andere hulpdiensten zal moeten worden gedaan hoe zwaarder de categorie.

VVD

2. Bij J staat dat in art. 2:26 APV lid 3 en 4 vervallen i.v.m. rechterlijke uitspraak dat goederen en kleding bij wet in formele zin moeten worden verboden. Maar lid 3 gaat over het dragen van wapens uit de WWM uit categorie I, II, III en IV terwijl lid 4 en 5 gaan over het dragen van kleding. Vervallen dan lid 4 en 5 ipv 3 en 4? 1. In hoeverre zou een verhoging van het aantal van 5 woningen zoals genoemd in artikel 1.1, onder a, van het Besluit adviesrecht bopa gemeente Meierijstad naar bijvoorbeeld 50 of 100 woningen bijdragen aan het bereiken van de doelstellingen van het actieplan woningbouw zoals dat op 24 juni 2021 door de gemeenteraad is vastgesteld? In hoeverre zou een hogere grens dan 5 woningen lagere procedurele, bestuurlijke en/of administratieve lasten met zich meebrengen?

Zaaknummer 2198368

Pagina 4 van 10

datum 17 oktober 2022

Terechte opmerking. Er moet inderdaad staan dat het vierde en vijfde lid vervallen. Dit zal in het ontwerpbesluit worden aangepast.

Van belang is te benadrukken dat het gaat om een aanvraag omgevingsvergunning in strijd met de kaders van het omgevingsplan. In de praktijk zullen veel grotere gebiedsontwikkelingen eerst worden voorbereid met een aanpassing van het omgevingsplan (zoals nu ook gebeurt bij het bestemmingsplan) waarna een vergunning voor woningen gewoon binnen de kaders van het omgevingsplan mogelijk is (en er daarmee geen sprake is van een bopa). In gevallen dat grotere aantallen woningen toch met een bopa worden aangevraagd dan is in beginsel de reguliere procedure van toepassing. Het al dan niet verhogen van het aantal woningen voor het adviesrecht van uw raad heeft hiermee geen effect op het actieplan woningbouw. Het is natuurlijk wel zo dat extra stappen in het proces, bijvoorbeeld het adviesrecht van uw raad, extra inspanningen van alle betrokken actoren (denk aan behandelaar, bestuurder, griffiemedewerker, raadslid) in het proces vergen. Wanneer er bijvoorbeeld veel kleinere woningbouwprojecten van bijvoorbeeld 6 of 8 woningen worden aangevraagd dan gaan die met het huidige voorstel allemaal ook via uw raad voor advies,

2. In artikel 1.3 van het Besluit adviesrecht bopa gemeente Meierijstad wordt gesproken over de gebiedsvisie 'Buitengebied in ontwikkeling'. Hoe verhoudt deze bepaling zich met artikel 2.1? In hoeverre is artikel 1.3 overbodig?

3. In hoeverre kan besluitvorming over een buitenplanse omgevingsplanactiviteit voorspoediger plaatsvinden indien er geen adviesrecht zou gelden indien er tegen een ontwerpbesluit geen zienswijzen zijn ingediend?

Zaaknummer 2198368

Pagina 5 van 10

datum 17 oktober 2022

bij een hoger aantal zal zo’n project door het college ook zonder uw advies afgedaan worden. De gebiedsvisie Buitengebied in ontwikkeling is vastgesteld door de voormalige gemeente Veghel. Als zodanig is dit beleid als gevolg van de Wet ARHI vervallen (die wet geeft fuserende gemeenten 2 jaar de tijd beleid te harmoniseren). En wordt daarmee niet ondervangen door artikel 2.1 van de regeling. Echter, de thema’s die in dit beleid worden aangehaald als beoordelingskader of een functie al dan niet passend is in het buitengebied, zijn bij het vormgeven voor de kaders omtrent de verklaring van geen bedenkingen (vvgb) onder de bestaande wetgeving als bruikbaar beoordeeld. Bij de beleidsneutrale omzetting van de vvgb naar het adviesrecht, en bij gebrek aan een actueler vastgesteld beleidskader, is ook in deze regeling verwezen naar de thema’s uit de gebiedsvisie Buitengebied in ontwikkeling. Ter verduidelijking, bij de omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit is de reguliere procedure van toepassing. Binnen deze 8 weken moet ook het adviesrecht van de raad gegeven zijn. In deze procedure is geen ruimte voor zienswijzen (zienswijzen horen bij de uniforme openbare voorbereidingsprocedure die bijvoorbeeld bij bestemmingsplannen gehanteerd wordt). Na het besluit door het bevoegd gezag, bij

Hart

1. Algemeen: Is de gemeente klaar voor de in- en uitvoering van de Omgevingswet, bijvoorbeeld op het gebied van het Digitaal Stelsel Omgevingswet?

omgevingsvergunningen het college, kunnen belanghebbenden bezwaar aantekenen. Daarnaast heeft de wetgever aangegeven dat uw raad aan de voorkant moet duidelijk maken in welke gevallen u advies wil geven aan het college. Dit zorgt ook voor rechtsgelijkheid ongeacht of iemand bezwaar heeft tegen een initiatief. Voor het “anders werken” zijn processen ingericht en wordt er geoefend met de intake- en omgevingstafel. Voor wat betreft “het instrumentarium” zijn de nu voorgestelde verordeningen en besluiten voorbeelden van hoe ver we zijn. Over de gewenste participatie voor de omgevingsvisie zal de raad eind november het startgesprek houden. Planning is dat eind 2023 de omgevingsvisie aan de raad kan worden voorgelegd. En voor het omgevingsplan is de ambitie om die actueel te hebben in 2025/2026. Voor wat betreft de ”informatievoorziening” is onze lokale applicatie LEEF technisch gezien ingericht met de 17 basisprocessen en voldoet deze aan de minimale vereisten van het DSO. Daarbij past de kanttekening dat er geen indringende ketentesten met mogelijke scenario’s hebben plaatsgevonden. Hoewel de invoering van de Omgevingswet is doorgeschoven naar 1-7-2023 willen we per 1-1-2023 de ontwikkelde werkprocessen met intaketafel en omgevingstafel voortzetten omdat we een betere kwaliteitstoets en dienstverlening aan initiatiefnemers

Zaaknummer 2198368

Pagina 6 van 10

datum 17 oktober 2022

2. 7.e: In Ontwerpbesluit gemeenteraad staat: ‘de Telecommunicatiewet vast te stellen’. Is de gemeenteraad bevoegd een wet vast te stellen? 3. 7.g Adviescommissie: Zijn er behalve Commissie Omgevingskwaliteit en Supervisieteam Veghels Buiten nog meer organen die adviesfuncties hebben die over specifieke bouw- of gebiedsontwikkelingen gaan?

4. 7.g Adviescommissie: Wat is de reden dat voor Veghels Buiten ooit een afzonderlijke commissie is opgericht? 5. 7.9 Adviescommissie: Wat is de reden dat in het voorstel niet is opgenomen dat welstands- en monumentencommissie worden opgeheven? Bij andere deelbesluiten over de Omgevingswet gaat invoering van een nieuw orgaan of verordening wel gepaard met de opheffing van een andere (zie 7.e: verordening planschade wordt opgeheven). D66

Besluit 1. Adviesrecht buitenplanse omgevingsplanactiviteit (bopa). Hierbij is participatie niet verplicht: ‘Echter, in plaats van te verplichten, willen we eerst werken vanuit vertrouwen in de initiatiefnemer en in onze werkprocessen (de

Zaaknummer 2198368

Pagina 7 van 10

datum 17 oktober 2022

en belanghebbenden zien. En ook zullen we de lokale applicatie LEEF blijven gebruiken waarbij we dan geen koppeling maken met het nieuwe omgevingsloket DSO maar met het bestaande Omgevingsloket Online (OLO) en blijven toetsen aan het huidige wetgevingskader van o.a. de WABO. Nee, het betreft hier een vergissing. Hier moet staan: de Telecommunicatieverordening vast te stellen. Het besluit zal hierop worden aangepast. De gemeente heeft momenteel een monumentencommissie, twee welstandscommissies (nl. de welstandscommissie en het kwaliteitsteam Veghels Buiten) en een commissie voor landschappelijke inpassing van zonneparken. Uw eigen raadscommissie REB zou ook als adviserend orgaan opgevat kunnen worden. Zie bijgevoegd raadsvoorstel. Dat is niet zo expliciet nodig. Er is een monumentencommissie op grond van een via overgangsrecht nog geldend deel van de Monumentenwet 1988; dat deel vervalt echter bij inwerkingtreding van de Omgevingswet. Er is een welstandscommissie op grond van de Bouwverordening en die wordt ingetrokken. Wat ons betreft is participatie niet het doel maar het middel. Wij zien in participatie meerwaarde, vandaar dat wij participatie via de intaketafel en de handreiking

intaketafel en de bestaande handreiking participatie).’ De evaluatie is pas over een jaar. 1. Is er een vangnet, als bij een aanvraag de handreiking niet wordt toegepast? Zo ja, wat is dat vangnet? Zo nee, wat zijn dan mogelijkheden om participatie te laten plaatsvinden?

2. Op welke wijze vindt evaluatie plaats? In de verordening wordt in artikel 1 lid 3 verwezen naar de ‘gebiedsvisie ‘Buitengebied in ontwikkeling’’. Is deze gebiedsvisie door de raad vastgesteld? Zo ja, wanneer? Zo nee, wat betekent het in de praktijk als aan dit element van de verordening geen vastgesteld beleid ten grondslag ligt?

3. Besluit 2 Verordening fysieke leefomgeving. In hoofdstuk 4 over monumenten, beschermde stads- of dorpsgezichten en archeologisch onderzoek is cultureel erfgoed toegevoegd. Zijn er voldoende beleidskaders voor cultureel erfgoed, die houvast bieden bij de toepassing van de verordening? Zo ja, waarin zijn deze vastgelegd? Zo nee, hoe wordt daar dan aan gewerkt?

Zaaknummer 2198368

Pagina 8 van 10

datum 17 oktober 2022

burgerparticipatie (op de gemeentelijke website) stimuleren. Uiteindelijk is participatie aan de initiatiefnemer. Dat is bij de totstandkoming van de wet ook zo nadrukkelijk betrokken door de wetgever. Wanneer een initiatiefnemer zijn proces niet zorgvuldig voorbereidt, is dat voor eigen risico bijvoorbeeld doordat er veel bezwaren komen en dat door beroep en hoger beroep het lang duurt voordat een omgevingsvergunning onherroepelijk wordt. Wat betreft monitoring en evaluatie verwijzen wij kortheidshalve naar de beantwoording van vraag 6 van CDA. Bij de beantwoording van vraag 2 van VVD is aangegeven dat de gebiedsvisie Buitengebied in ontwikkeling is vervallen. Met het voorliggende besluit, geeft u als raad aan, dat beleidsthema’s als genoemd in die gebiedsvisie gebruikt worden als afwegingskader voor het adviesrecht (net zoals nu bij de vvgb) en dat kan daarmee als zodanig toegepast worden. De Vfl gaat alleen over het onroerende erfgoed (monumenten, beschermd dorpsgezicht en archeologie). Dat volgt ook uit de toelichting op artikel 4.1 die luidt: Artikel 4.1 Doel van aanwijzen gemeentelijk cultureel erfgoed

Uit de Erfgoedwet blijkt dat cultureel erfgoed de overkoepelende term is. Hieronder vallen zowel het roerende cultuurgoed, als onroerend cultureel erfgoed. Echter alleen onroerend cultureel erfgoed valt onder de reikwijdte van de Omgevingswet, want is onderdeel van de fysieke leefomgeving. Roerend cultuurgoed (verzamelingen, boeken e.d.) heeft geen betrekking tot de fysieke leefomgeving.

Besluit 7 Adviescommissie omgevingskwaliteit. 4. De verordening betreft de werkwijze van de adviescommissie maar niet de samenstelling, benoemingswijze, honorarium en zittingsduur. Waar of hoe zijn deze geregeld? Op welke wijze wordt gekomen tot een samenstelling van de nieuwe commissie? Op welke wijze wordt geborgd dat daarin expertise op alle aandachtsgebieden, dus ook nieuwe inzichten naast cultureel erfgoed, op evenwichtige wijze vertegenwoordigd is?

Zaaknummer 2198368

Pagina 9 van 10

datum 17 oktober 2022

Welk onderscheid Meierijstad maakt in haar Cultureel erfgoed en hoe hier mee omgegaan wordt is vermeld in de door de raad vastgestelde Erfgoedvisie Meierijstad. Om te beginnen is niet nodig te regelen wat de Omgevingswet al regelt. De ontwerpverordening bevat met de artikelen 5 en 6 wel degelijk bepalingen over samenstelling en benoeming. Het honorarium is geregeld in een afzonderlijke verordening die uw raad heeft vastgesteld. De zittingsduur, daarvan geeft artikel 6 een maximum, en er wordt wat gevarieerd bij de eerste benoemingen (staat op uw bestuurlijke planning voor de volgende cyclus) teneinde direct een rooster van aftreden te bekomen. Het college heeft via de gebruikelijke kanalen geworven voor deze adviescommissie. Daarbij was zeker aandacht voor de verscheidenheid aan relevante disciplines. De volgende cyclus kan uw raad het voorstel tot benoemen behandelen.

5. Evaluatie en monitoring vindt plaats via de jaarverslagen van de adviescommissie. Bij evaluatie en monitoring zijn meer perspectieven relevant. Wat zijn mogelijk andere bronnen voor evaluatie en monitoring? Er is nu niet gekozen voor een stadsbouwmeester. Worden de mogelijkheden daarvoor op termijn opnieuw bekeken? Zo ja, op welke termijn? Zo nee, waarom niet?

Zaaknummer 2198368

Pagina 10 van 10

datum 17 oktober 2022

Intern-ambtelijk, extern door een onderzoeksadviesbureau of door uw rekenkamerfunctie kan geëvalueerd worden indien daarvoor wordt gekozen. Voor monitoring en evaluatie kunt u ook denken aan de P&C-cyclus, maar dat zou verlangen dat uw raad in de programmabegroting indicatoren in relatie tot het werk van deze adviescommissie opneemt. De instelling van de nieuwe commissie is relatief beleidsarm, er is dus niet op dit moment voor gekozen om de inhoud van het welstandsbeleid te veranderen of om in plaats van een adviescommissie een stadsbouwmeester aan te stellen. Voor de planning inzake de inhoud of nadere aanpak van het welstandsbeleid verwijzen we u naar het collegewerkprogramma en uw bestuurlijke planning.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meierijstad&id=a029f51b-b981-49ce-a19b-95a536121ee5