Technische vragen behandeling rekenkamerbrief onderbesteding
Tekst van het document
Technische vragen raadsvergadering 5 maart 2026 Behandeling rekenkamerbrief onderbesteding Fractie
Vragen
Antwoorden
D66
1. In zowel de begroting als de jaarrekening wordt aan het begin een overzicht opgenomen onder de noemer Financiën in één oogopslag, waarin met een taartdiagram de inkomsten en uitgaven per categorie worden weergegeven, zowel in percentages als in absolute bedragen. Wij constateren dat de gehanteerde categorieën in de begroting en de jaarrekening niet volledig overeenkomen. Eerder is aangegeven dat categorieën uit de begroting in de jaarrekening soms verder worden uitgesplitst. Kan het college toelichten waarom voor deze verschillen in indeling is gekozen? 2. Hoe gaat de gemeente om met middelen die aan het einde van het jaar niet zijn besteed, oftewel onderbesteding? Blijven deze middelen geoormerkt beschikbaar voor het betreffende beleidsterrein, project of budgetpost, of vloeien zij terug naar de algemene reserve en wordt het budget voor het nieuwe jaar opnieuw vastgesteld via de begroting?
Het betreft hier twee uitsplitsingen: • ‘Algemene dekkingsmiddelen’ is uitgesplitst in ‘financiën en belastingen’ en ‘bedrijfsvoering’. • ‘Uitkering uit het gemeentefonds’ is uitgesplitst in ‘uitkering uit het gemeentefonds’ en ‘integratie uitkering sociaal domein’. Er is gekozen om deze categorieën uit te splitsen vanuit het oogpunt van inzichtelijkheid en transparantie. Middelen in de exploitatie die niet zijn besteed vallen in principe vrij in het jaarrekeningsaldo. Anders is dat voor investeringen. De uitvoering hiervan vindt vaak in langere perioden plaats. Jaarlijks wordt de stand van zaken beoordeelt en aan de raad gerapporteerd via de beraps en jaarstukken. Pas wanneer een investering gereed wordt gemeld, vind financiële afwikkeling plaats. Wanneer er sprake is van onderbesteding bij een investering, betekent dit dat de investering voor een lager bedrag op de balans wordt
opgenomen, wat vervolgens weer betekent dat er lagere kapitaallasten (rente en afschrijving) in de exploitatie terecht komen. Een tweede uitzondering zijn de zogenaamde “eenmalige budgetten”. Deze worden bij de jaarstukken getoetst aan een vijftal criteria. Wanneer aan al deze criteria wordt voldaan kan het restant (onderbesteding) worden overgeheveld naar het volgende jaar. Vanuit het totale jaarrekeningsaldo kunnen bestemmingen aan het jaarrekeningsaldo worden gegeven. Deze bestemming is vrij. Voorstellen hiertoe worden aan de raad voorgelegd bij de besluitvorming inzake de vaststelling van de jaarstukken. Het niet bestemde deel gaat naar de algemene reserve.
Zaaknummer 3029858
Pagina 2 van 2
datum 24 februari 2026