CConstaterende datMeierijstad
Koppel je AI →
Document · PDF

raadsvoorstel vaststelling IHP 2022-2037

Raadsvergadering 4 november 2021, gemeente MeierijstadBij agendapunt: Vaststelling Integraal HuisvestingsPlan (IHP) primair en voortgezet onderwijs 2022 - 20378.267 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum raad

4 november 2021

Datum college

28 september 2021

Zaaknummer

1948409466

Portefeuille

Sport, onderwijs, recreatie en toerisme en leefbaarheid J.C.M. van der Pas

Onderwerp

Integraal HuisvestingsPlan (IHP) primair en voortgezet onderwijs 2022-2037

Samenvatting Onderwijshuisvesting draagt bij aan het gezamenlijk doel om te zorgen voor kwalitatief goed onderwijs voor alle kinderen in onze gemeente. De gemeente Meierijstad en de schoolbesturen zijn in dat kader samen (wettelijk) verantwoordelijk om hiertoe goede, passende en toekomstbestendige onderwijshuisvesting (incl. bewegingsonderwijs) te realiseren en in stand te houden. Om hieraan invulling te geven hebben gemeente en schoolbesturen samen een nieuw Integraal HuisvestingsPlan (IHP) primair en voorgezet onderwijs 2022-2037 opgesteld, ter actualisering van het uit 2018 daterende IHP 2017-2020. Het nieuwe IHP is een strategisch en dynamisch koersdocument dat inzicht geeft in de behoefte aan onderwijs- en opvangvoorzieningen in het primair (PO) én voortgezet onderwijs (VO) voor de komende 16 jaar. Het bepaalt op basis van visie en ambities, gerichte analyse, scenariovorming, prioritering, oplossingsrichting en financiële vertaling de kaders waarbinnen de gemeente Meierijstad en de schoolbesturen investeren in de toekomstbestendige onderwijshuisvesting.

Dit IHP, dat tevens in nauwe samenspraak met kinderopvangorganisaties tot stand is gekomen, bouwt nadrukkelijk voort op het huidige IHP; de onderwijsvisie en ambities uit het huidige IHP hebben een sterk en actueel fundament gevormd voor het nieuwe IHP, maar tegelijkertijd is de scope ook verbreed naar speciaal onderwijs (SO), het VO en de kinderopvang. Omdat het IHP naar verwachting pas in 2023 een formele wettelijk status op grond van de onderwijswetgeving krijgt, vindt de definitieve besluitvorming over de in het IHP opgenomen voorzieningen vooralsnog per uitvoeringsjaar plaats; het IHP wordt bij de beoordeling van deze voorzieningen als uitgangspunt gehanteerd. Tevens fungeert het IHP als instrument c.q. onderlegger voor de raad om jaarlijks (vanaf de begroting 2022) op basis van het budgetrecht financiële middelen voor de in het IHP opgenomen voorzieningen beschikbaar te stellen.

Relatie met programmabegroting en/of Mijlpalen van Meierijstad In programma 4 (Onderwijs) is opgenomen dat de gemeente wil bereiken dat in elke kern basisonderwijs wordt behouden en dat bij investeringen in onderwijshuisvesting een multifunctionele accommodatie uitgangspunt vormt; een IHP vormt daarbij de basis. Om dat te bereiken is in de ‘Mijlpalen’ opgenomen, dat een visie op basisonderwijs in de kernen van Meierijstad wordt ontwikkeld mede in relatie tot leefbaarheid, clustering van voorzieningen en kwaliteit van onderwijs; dit wordt gedaan in samenspraak met de schoolbesturen. Deze visie vormt de basis voor het IHP, waarin ook aandacht besteed wordt aan duurzaamheid. Het IHP wordt voorgelegd aan de raad. Tenslotte zijn in de ‘Mijlpalen van Meierijstad’ duidelijke ambities op het vlak van onderwijs, gezondheid, leefbaarheid en duurzaamheid vastgelegd, die als ‘richtinggevend’ in de kaderstelling rondom onderwijshuisvesting meegenomen dienen te worden.

Behandeling in commissie 19 oktober 2021 Ontwerpbesluit gemeenteraad 1) het ‘Integraal HuisvestingsPlan (IHP) primair en voortgezet 2020–2037 gemeente Meierijstad’ als richtinggevend beleidskader vast te stellen; 2) Op basis van de financiële doorrekening van het IHP voor 2022 een krediet van € 1.639.695,00 beschikbaar te stellen voor de navolgende voor blijvend gebruik bestemde voorzieningen, die zijn opgenomen in de jaarschijf 2022 van het uitvoeringsprogramma 2022-2025 van voormeld IHP: a. voorbereidings- en realisatiekrediet uitbreiding (181 m²) basisschool "Maria ter Heide" te Mariaheide; b. voorbereidingskrediet uitbreiding (956 m²) basisschool "de Vijfmaster" te Veghel; c. voorbereidingskrediet vervangende nieuwbouw (934 m²) basisschool "de Regenboog" te Wijbosch; d.

voorbereidingskrediet vervangende nieuwbouw (1.955 m²) basisschool "Bernadette" te Veghel; 3) de structurele kapitaallasten € 57.390,00 met ingang van 2023 tot een bedrag van € 28.953,00 te dekken binnen de beschikbare ruimte zoals opgenomen in het meerjarenperspectief van de begroting 2022, € 1.384,00 te dekken uit de te ontvangen huurpenningen van de te realiseren kinderopvang bij basisschool “de Vijfmaster” en het restant € 27.053,00 op te nemen in de 1e BERAP 2022 en deze ten laste te brengen van het begrotingsresultaat 2023 e.v.; 4) voor de eveneens in de jaarschijf 2022 opgenomen tijdelijke huisvesting van basisschool “de Beemd” te Schijndel in de 1e BERAP 2022 een jaarlijks budget van € 31.365,00 in de gemeentebegroting op te nemen gedurende de jaren 2022 t/m 2026 en deze ten laste te brengen van de algemene reserve; 5) de kapitaallasten van de investeringen uit de jaarschijven 2023 t/m 2025 van het IHP te dekken binnen de beschikbare ruimte zoals opgenomen in het meerjarenperspectief van de begroting 2022 en de nog ontbrekende dekking voor 2024 (€ 90.589,00) en voor 2025 (€ 102.212,00) middels de 1e BERAP 2022 op te nemen in het meerjarenperspectief en te dekken uit het begrotingsresultaat 2024 en verder, onder aftrek van de te ontvangen huurpenningen ad € 6.700,00 van de te realiseren kinderopvang bij basisschool “de Vijfmaster”; 6) Voor de in de jaarschijf 2024

opgenomen tijdelijke huisvesting (102 m²) van basisschool “Franciscus” te Boskant in de 1e BERAP 2022 een budget van € 37.153,00 op te nemen in het meerjarenperspectief vanaf 2024 t/m 2026 met als dekking de algemene reserve.

Zaaknummer 1948409466

Pagina 2 van 17

datum 28 september 2021

Waarom naar de raad Het voorliggende IHP moet gezien worden als een richtinggevend beleidskader, waarin de visie, ambities en uitgangspunten met betrekking tot onderwijshuisvesting in Meierijstad zijn vastgelegd. In het kader van de dualisering is het vaststellen van kaders een bevoegdheid van de raad. Voorts zijn aan de in dit IHP opgenomen investeringsprogramma financiële gevolgen verbonden; besluitvorming daarvoor behoort ook aan de raad toe. Aanleiding Gemeente en schoolbesturen hebben een gezamenlijke zorgplicht voor onderwijshuisvesting van het basis-, speciaal- en voortgezet onderwijs, inclusief het bewegingsonderwijs. Onderwijshuisvesting1 draagt bij aan het gezamenlijk doel om te zorgen voor kwalitatief goed onderwijs voor alle kinderen in onze gemeente; immers, goede huisvesting zorgt voor een omgeving waarin een ‘klimaat’ gerealiseerd kan worden waar ontplooiingsmogelijkheden voor kinderen optimaal zijn. Door als gemeente samen met de schoolbesturen zorg te dragen voor goede, passende en toekomstbestendige onderwijshuisvesting wordt actief een bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van de jongste inwoners van Meierijstad en daarmee het potentieel van alle toekomstige inwoners. Vanuit die optiek is (het zorgen voor) toekomstbestendige onderwijshuisvesting investeren in ‘onze’ kinderen.

Om enerzijds invulling te geven aan de gezamenlijke zorgplicht/verantwoordelijkheid en anderzijds de kwaliteit van (onderwijs-)huisvesting te borgen en in te spelen op nieuwe inzichten en ontwikkelingen, hebben gemeente en schoolbesturen samen een nieuw Integraal HuisvestingsPlan (IHP) primair en voortgezet onderwijs 2022-2037 opgesteld (zie bijlage 1), ter actualisering van het uit 2018 daterende IHP 2017-2020. Eerst en vooral beschrijft een IHP de gezamenlijke visie en daaraan gekoppelde uitgangspunten/ kaders van gemeente en schoolbesturen ten aanzien van onderwijshuisvesting in onze gemeente (hoofdstuk 2 van het IHP). Voorts geeft het IHP inzicht in de huidige capaciteit van de schoolgebouwen en de voorzieningen voor bewegingsonderwijs/lichamelijke opvoeding en legt op basis van leerlingenprognoses een verband met de toekomstige ruimtebehoefte van de PO- en VOscholen (hoofdstukken 3 t/m 10 van het IHP). Tenslotte biedt het IHP de gemeente en de schoolbesturen een meerjarenperspectief voor de korte termijn (2022- 2025) en lange termijn (2026-2037), uitmondend in een viertal uitvoeringsprogramma’s van elk vier jaar; hierdoor wordt inzichtelijk gemaakt welke voorzieningen en investeringen er nodig zijn om goed onderwijs in passende en toekomstbestendige huisvesting mogelijk te maken c.q. tot stand te brengen (hoofdstukken 11 en 12 van het IHP).

Kaders om te voorzien in adequate huisvesting Onze gemeente is verantwoordelijk om te voorzien in adequate huisvesting van de scholen voor PO en VO in Meierijstad. Deze verantwoordelijkheid is vastgelegd in de diverse onderwijswetten en uitgewerkt in de verordening ‘voorzieningen huisvesting onderwijs’. Daar waar deze verordening het wettelijke en procedureel kader voor onderwijshuisvesting vormt, geeft het IHP de lokale beleidsvisie c.q. de gezamenlijke kaders/uitgangspunten van gemeente en schoolbesturen ten aanzien van onderwijshuisvesting weer. Tenslotte vormt de jaarlijkse begroting van Meierijstad het financiële kader voor onderwijshuisvesting. Al deze kaders zorgen er uiteindelijk voor dat er in Meierijstad een toekomstbestendige structuur van onderwijshuisvesting wordt gerealiseerd, waarbij enerzijds ingestoken wordt op het borgen en verbeteren van de kwaliteit van de huisvesting en daarmee ook het onderwijs en anderzijds de 1

In het vervolg van dit voorstel wordt onder ‘onderwijshuisvesting’ naast schoolgebouwen ook voorzieningen voor bewegingsonderwijs/lichamelijke opvoeding verstaan.

Zaaknummer 1948409466

Pagina 3 van 17

datum 28 september 2021

huisvesting meer passend wordt gemaakt aan toekomstgericht en toekomstbestendig onderwijs voor de kernen en wijken. Kortom, onderwijshuisvesting die past bij de eisen van het hedendaags onderwijs in vorm en omvang en flexibel genoeg is om aan te sluiten bij toekomstige ontwikkelingen. Doel en inhoud van het IHP Het IHP is zowel strategisch van aard als ook operationeel en gaat uit van een integrale benadering. In dat laatste opzicht is dit IHP heel nadrukkelijk een gezamenlijk product van gemeente, schoolbesturen én kinderopvangorganisaties Vanuit strategisch oogpunt wordt met het IHP beoogd om te komen tot beleidsmatige kaders voor onderwijshuisvesting. Aan de basis van deze kaders ligt een gezamenlijke visie van gemeente schoolbesturen en kinderopvangorganisaties ten grondslag. Vanuit operationeel oogpunt geeft het IHP inzicht in de beschikbare voorzieningen en de omvang van de in de komende jaren noodzakelijke huisvestingsvoorzieningen, uitmondend in een viertal uitvoeringsprogramma’s c.q. -tijdvakken (2022-2025, 2026-2029, 2030-2033 en 2034-2037) met daaraan gekoppeld de noodzakelijke investeringen. Het eerste tijdvak heeft qua toekenning van voorzieningen en daaraan gekoppelde investeringen een vooral bindend karakter, de drie overige tijdvakken moeten daarentegen als leidraad c.q. richtinggevend gezien worden.

Het IHP wordt elke vier jaar herijkt, zodat het beleidskader blijft aansluiten bij de vragen, behoeften en ontwikkelingen van dat moment. Bij iedere herijking c.q. actualisering van het IHP worden telkens het tweede, derde en vierde tijdvak opnieuw beoordeeld en zo nodig aangepast aan voortschrijdend inzicht of gewijzigde omstandigheden. Elk tijdvak schuift met het verstrijken van de 4 jaar als het ware een plaatsje op (het ‘oude’ tijdvak 2 wordt het ‘nieuwe tijdvak 1 enz.) en telkens komt er een nieuw tijdvak 4 bij. Door deze ‘methodiek’ te gebruiken heeft de raad met het IHP een dynamisch instrument in hand waarmee het zicht blijft houden op de noodzakelijke investeringen voor telkens 16 jaren. Vanuit de VNG en PO- en VO-raad wordt voorgesteld om het IHP het tweede jaar van iedere bestuursperiode te actualiseren; een en ander zou betekenen, dat de eerstvolgende herijking/actualisering in 2023/2024 dient plaats te vinden. Opzet van het IHP Daar waar het IHP 2017-2020 een korte tijdscope had, uitsluitend gericht was op het basisonderwijs en voornamelijk gebaseerd was op bestaande plannen uit de drie voormalige gemeenten, kent dit IHP een veel bredere opzet en scope. Door de toevoeging van het SO, VO en kinderopvang, ontstaat de mogelijkheid om nog integraler naar onderwijshuisvesting/ kindvoorzieningen te kijken.

Een dergelijke aanpak levert daardoor een wezenlijke bijdrage in het gezamenlijke streven om goed, toekomstbestendig onderwijs, doorgaande ontwikkelingslijnen en bijbehorende samenhangende voorzieningen te willen realiseren. Het IHP kent een vijftal onderdelen: 1) Visie op onderwijs en huisvesting In dit IHP is nadrukkelijk voortgebouwd op de visie en ambities uit het IHP 2017-2020 (zie bijlage 1 van het IHP). Beide vormen een sterk en actueel fundament voor het IHP 2022-2037, maar tegelijkertijd is de scope ook verbreed naar het SO, het VO en de kinderopvang. Bij het actualiseren van visie en ambities is aan de hand van onderstaande vraag beantwoord wat gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties met onderwijs- en opvanghuisvesting beogen: Wat is nodig om te komen tot passende en toekomstbestendige huisvesting, die een bijdrage levert aan goed onderwijs c.q. aan doorgaande leer- en ontwikkellijnen voor kinderen in de leeftijd van 0 tot 19 jaar?

Zaaknummer 1948409466

Pagina 4 van 17

datum 28 september 2021

2)

3)

4)

5)

Aan de hand van (sub-)thema’s is op bovenstaande vraag antwoord gegeven. Voor een uitgebreide uiteenzetting over deze (sub-)thema’s verwijzen wij u naar hoofdstuk 2 van het IHP. Het IHP is een strategisch koersdocument, waarbij vanuit visie, actuele ontwikkelingen en de verbreding van de scope van het IHP nieuwe, aanvullende kaders zijn ontwikkeld; kaders, die verder reiken dan de huidige wet- en regelgeving. Het gaat daarbij om kaders: • die tot een grotere ruimtebehoefte van bepaalde scholen leiden (meer m² voor passend, inclusiever en gepersonaliseerd onderwijs), • die eenduidigheid en helderheid verschaffen over de wijze waarop gemeenten, schoolbesturen en opvangorganisaties omgaan met het investeren in de huisvesting voor kinderopvang (zie ook onder ‘argumenten’ 1.8 en 1.9) en • waarin die uitgangspunten en spelregels voor levensduurverlengende renovatie zijn vastgelegd. Met vaststelling van het IHP geeft uw raad aan in te stemmen met de daarin opgenomen visie, ambities en kaders ten aanzien van onderwijshuisvesting. Situatieschets per school(-gebouw) Elk schoolgebouw is aan een analyse onderworpen, die is weergegeven in de vorm van een kansenkaart. In de kansenkaart, die gebaseerd is op een zgn.

factsheet, is elke school beoordeeld op kwaliteit (beoordeling functionele en technische staat van het gebouw door schoolbestuur), financiën (exploitatielasten van het gebouw) en vraag en aanbod (verhouding tussen beschikbare en benodigde onderwijscapaciteit aan de hand van de meest recente leerlingenprognoses). Voor de schoolgebouwen en inpandige gymzalen van 30 jaar en ouder heeft een nadere objectieve analyse plaatsgevonden, waarbij aspecten zoals technische staat, functionaliteit, binnenklimaat, veiligheid, duurzaamheid en flexibiliteit zijn beoordeeld. Scenariovorming, prioritering en oplossingsrichting Aan de hand van de factsheets en kansenkaarten zijn per school(-gebouw) met de schoolbesturen de mogelijke ontwikkelrichtingen, samenwerkingen en karakteristieken van onderwijs besproken, op basis waarvan scenario’s zijn opgesteld. Op basis van de scenario’s is een prioritering ontstaan met schoolgebouwen/gymzalen die binnen het IHP, in verschillende fasen, om een ingreep vragen. De basisinformatie uit de factsheets, de situatieschets per kern, nadere analyse (schouw) en de prioritering vormen de input voor de oplossingsrichting. De oplossingsrichting is erop gericht de geconstateerde knelpunten op te lossen en de geformuleerde ambities te realiseren. Daarbij is het ‘Kwaliteitskader Huisvesting PO en VO Meierijstad’ nadrukkelijk als richtlijn gehanteerd.

Financiële vertaling Voor elke oplossingsrichting zijn de investeringskosten met behulp van de nieuwbouwkostenconfigurator 2021 in beeld gebracht. Op basis hiervan wordt inzicht verkregen in de financiële meerjarenconsequenties. Rapportage In het IHP is voor elke school(-gebouw) en een aantal inpandige gymzalen een voorstel opgenomen voor de toekomstige huisvesting.

(Veranderende) status van het IHP Het IHP heeft op grond van de onderwijswetgeving (nog steeds) geen formele wettelijke status. Op basis van het huisvestingsakkoord van VNG, PO-raad en VO-raad is het echter wel de bedoeling, dat het IHP deze wettelijke status krijgt; de verwachting is dat dit in 2022/2023 zijn beslag zal krijgen. Dit betekent dat het IHP weliswaar als beleidskader door uw raad kan worden vastgesteld (het gaat immers om gemeentelijke kaders), maar dat de toekenning van voorzieningen niet op basis van het IHP kan geschieden; dit dient op basis van de in de verordening ‘voorzieningen huisvesting

Zaaknummer 1948409466

Pagina 5 van 17

datum 28 september 2021

onderwijs gemeente Meierijstad 2018’ opgenomen procedure met betrekking tot vaststelling van het jaarlijkse onderwijshuisvestingprogramma plaats te vinden. De verwachting is dat - als het IHP op basis van eerdergenoemd huisvestingsakkoord een wettelijke status krijgt - de beschikbaarstelling van middelen van de in het IHP opgenomen voorzieningen minder omslachtig wordt. In de voorstellen, die thans bij het ministerie ter tafel liggen, wordt er van uitgegaan dat alle gemeentebesturen verantwoordelijk zijn voor en verplicht worden om samen met de schoolbesturen een IHP voor ten minste 15 jaar vast te stellen. Dit IHP dient elke 4 jaar geëvalueerd te worden en zo nodig aangepast te worden aan veranderende omstandigheden, indien ontwikkelingen dit noodzakelijk maken. In het kader van de meerjarenbegroting worden gemeenten verplicht tevens een voorziening in te richten voor een periode van ten minste 4 jaar. Dit alles zal er uiteindelijk op neer komen, dat als straks een IHP wordt vastgesteld er waarschijnlijk meteen voor 4 jaar financiële middelen door de gemeente moet worden vrijgemaakt.

In samenspraak met de schoolbesturen en opvangorganisaties is er nadrukkelijk voor gekozen om het nieuwe IHP te schoeien op de leest van de aankomende wetgeving, zodat bij de inwerkingtreding van de nieuwe wetgeving sprake is van een (nagenoeg) naadloze overgang en de opzet van het IHP geen wijziging hoeft te ondergaan; Meierijstad is als het ware al ‘IHP-proof’. Argumenten 1.1 het IHP geeft mede sturing aan de wettelijke zorgplicht van de gemeente om te voorzien in adequate huisvesting. De gemeente is verantwoordelijk om te voorzien in adequate huisvesting van de scholen voor primair en voorgezet onderwijs (incl. bewegingsonderwijs) in Meierijstad. Deze verantwoordelijkheid is vastgelegd in de diverse onderwijswetten en uitgewerkt in de verordening ‘voorzieningen huisvesting onderwijs’. Daar waar deze verordening het wettelijke en procedureel kader voor onderwijshuisvesting vormt, geeft het IHP de lokale beleidsvisie c.q. de gezamenlijke kaders/uitgangspunten van gemeente en schoolbesturen ten aanzien van onderwijshuisvesting (incl. opvang) weer. Daarmee geeft het IHP sturing aan de wettelijke zorgplicht. 1.2 het IHP bevat de gezamenlijke visie, kaders/uitgangspunten en ambities voor onderwijshuisvesting (incl. opvang) in Meierijstad en fungeert daardoor als richtinggevend beleidskader c.q. koersdocument.

Door in het IHP visie, kaders/uitgangspunten en ambities vast te leggen wordt duidelijk hoe onderwijs- en opvanghuisvesting in Meierijstad vorm en inhoud krijgt. Richtinggevend betekent in dit kader dat het IHP de koers uitzet om te komen tot een toekomstbestendige structuur van onderwijshuisvesting (incl. opvang) in onze gemeente. 1.3 het IHP verschaft aan de hand van een integrale afweging een meerjarenperspectief, dat inzichtelijk maakt welke voorzieningen en investeringen noodzakelijk zijn om goed onderwijs (incl. opvang) in toekomstbestendige huisvesting te kunnen garanderen. Door onder andere behoefte en capaciteit op elkaar af te stemmen, leegstand terug te dringen door gebouwen optimaal in te zetten en rekening te houden met een evenwichtige spreiding van voorzieningen, geeft het IHP een duidelijk beeld wat er de komende jaren aan voorzieningen en investeringen nodig is. 1.5 het IHP speelt in op ontwikkelingen die de afgelopen jaren in gang zijn gezet en is als beleidsinstrument flexibel om ook rekening te houden met toekomstige ontwikkelingen. Tal van ontwikkelingen (zoals het klimaatakkoord ((B)ENG, gasloos en Frisse scholen klasse B), leegstand, IKC’s, passend onderwijs en duurzaamheid) hebben invloed op de onderwijshuisvesting in Meierijstad. Deze ontwikkelingen hebben een plaats gekregen in dit IHP en zijn meegenomen in de kaderstelling rondom onderwijshuisvesting.

Zaaknummer 1948409466

Pagina 6 van 17

datum 28 september 2021

1.6 het IHP wordt als uitgangspunt gehanteerd bij de beoordeling van huisvestingsaanvragen op grond van de ‘verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Meierijstad 2018’. De toekenning van voorzieningen kan niet op basis van het IHP geschieden, maar dient op basis van de in de verordening ‘voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Meierijstad 2018’ opgenomen procedure met betrekking tot vaststelling van het jaarlijkse onderwijshuisvestingprogramma plaats te vinden. De bevoegdheid tot het toekennen van huisvestingsvoorzieningen berust weliswaar bij het college maar kan alleen maar plaatsvinden als uw raad via het budgetrecht daarvoor middelen beschikbaar stelt. Het college dient evenwel bij de beoordeling van dergelijke voorzieningen het IHP als uitgangspunt te nemen. 1.7 het IHP is samen met de besturen voor PO en VO en de kinderopvangorganisaties tot stand gekomen. De schoolbesturen zijn zich er van bewust dat onderwijshuisvesting een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de gemeente en het onderwijs is. Daarom is dit IHP gezamenlijk ontwikkeld en staan de besturen volledig achter dit IHP. Vanwege de verbreding van de scope van het IHP naar onder meer de kinderopvang, hebben ook de kinderopvangorganisaties aan de totstandkoming van dit IHP meegewerkt.

Ook deze organisaties kunnen instemmen met het IHP voor zover het de huisvesting van deze organisaties in combinatie met onderwijs aangaat. 1.8 Passend onderwijs, inclusief onderwijs en gepersonaliseerd onderwijs vragen op scholen met minder dan 145 leerlingen om extra ruimte (= 50 m² bruto vloeroppervlakte (bvo)) Passend onderwijs, inclusief onderwijs en gepersonaliseerd onderwijs vragen om meer diversiteit aan werkplekken én meer spreekruimten in gebouwen. Dit om zo meer ruimte te geven aan begeleiding/ondersteuning (bijv. vanuit school en/of jeugdhulp) maar ook dat kinderen kunnen leren op de plek dat bij de leerling/activiteit past (bijv. in stilte of in groepsverband samenwerken aan een project). Bij een school met minder dan 145 leerlingen is dit in de praktijk erg lastig op te lossen. In een bestaand gebouw met overmaat kan de leegstand ingezet worden, maar bij renovatie of nieuwbouw ‘die aan de maat’ gemaakt wordt, bestaat die mogelijkheid niet. Voorgesteld wordt om voor scholen met minder dan 145 leerlingen bij nieuwbouw (incl. uitbreiding) 50 m² bvo extra toe te kennen, bij renovatie 50 m² bvo extra te renoveren en in andere gevallen de ruimtebehoefte met 50 m² bvo op te hogen, opdat individuele werkplekken, overlegplekken en spreekkamers gerealiseerd kunnen worden.

1.9 De inhoudelijke samenwerking tussen onderwijs en kinderopvang maakt het noodzakelijk om eenduidige en heldere afspraken vast te leggen over het investeren in de huisvesting van kinderopvang, opdat een langdurige samenwerking en de realisatie van IKC’s worden geborgd en gestimuleerd. Vanuit het streven om een bereikbaar aanbod van kindvoorzieningen in IKC’s te realiseren, hebben gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties er baat bij dat de betrokken partijen langdurig met elkaar kunnen samenwerken in een gebouw. Deze samenwerking wordt bemoeilijkt doordat er geen eenduidige en heldere afspraken zijn vastgelegd over het investeren in de huisvesting van opvang, in die situaties waarbij onderwijs en opvang zijn of worden gehuisvest in één gebouw. In samenspraak met schoolbesturen en kinderopvangorganisatie is nu vastgelegd op welke wijze en door wie geïnvesteerd wordt in de huisvesting van kinderopvang. Voorgesteld wordt om een model te hanteren, waarbij in geval van situaties van nieuwbouw of renovatie de gemeente de investering in de huisvesting van de kinderopvang voorfinanciert en de investering c.q. kapitaallasten via een kostprijsdekkende huur en daaraan gekoppelde langdurige (minimaal 15 jaar) huurovereenkomst met het schoolbestuur terugkrijgt als compensatie voor de gemaakte kosten.

Ter afdekking van het risico van de gemeente als investeerder worden extra instrumenten gehanteerd.

Zaaknummer 1948409466

Pagina 7 van 17

datum 28 september 2021

Verder is als uitgangspunt vastgelegd, dat onderwijs en kinderopvang vanuit inhoudelijke samenwerking gelijkwaardig zijn gehuisvest in een bestaand gebouw; dit betekent dat bij vraagstukken rond krimp en groei de opvang niet vertrekt voor het onderwijs. Als ten gevolge van deze situatie een investering in het onderwijs noodzakelijk is, dan worden de kapitaallasten van deze investering via kostprijsdekkende huur door de opvang betaald/gecompenseerd. 1.10‘Renovatie’ heeft als ‘voorziening’ in de huisvesting’ (nog) geen wettelijke status Evenals het IHP heeft de voorziening ‘renovatie’ nog geen wettelijke status. Op basis van het huisvestingsakkoord van VNG, PO-raad en VO-raad is thans een wetswijziging in de maak waarbij ‘renovatie’ als wettelijke voorziening wordt aangemerkt. De verwachting is dat dit in 2022/2023 zijn beslag zal krijgen. Het vorenstaande neemt echter niet weg, dat ‘renovatie’ als voorziening een plaats heeft gekregen in dit IHP; immers ‘renovatie’ is een van de scenario’s om te komen tot passende, toekomstbestendige huisvesting. In dat kader is met inachtneming van de ‘grote lijn’ van het voormelde huisvestingsakkoord samen met de schoolbesturen beschreven (zie hoofdstuk 2.3 IHP) wat in Meierijstad onder ‘renovatie’ wordt verstaan en welke uitgangspunten en spelregels daarbij worden gehanteerd, ook mede in relatie tot de voorziening ‘vervangende nieuwbouw’.

In gezamenlijkheid is afgesproken, dat deze uitgangspunten en spelregels voor levensduurverlengende renovatie gelden tot het moment dat de wetgeving omtrent ‘renovatie’ van kracht is. 2 Het IHP dient als beleidsinstrument c.q. onderlegger gebruikt te worden voor de beschikbaarstelling van middelen. De beschikbaarstelling van middelen voor de in het IHP opgenomen voorzieningen dient via de raad te geschieden op basis van het budgetrecht. De bedragen die beschikbaar gesteld worden betreffen ‘richtbedragen’. De uitkomst van de aanbesteding zal uiteindelijk bepalen welk bedrag definitief nodig is om de voorziening te realiseren. In bijlage 2 is de procedure uitgewerkt met betrekking tot de besluitvorming omtrent het toekennen van onderwijshuisvestingsvoorzieningen, die in het IHP zijn opgenomen, in relatie tot het beschikbaar stellen van financiële middelen voor deze voorzieningen. In dit voorstel ligt de besluitvorming omtrent de beschikbaarstelling van middelen voor de voorzieningen uit de jaarschijf 2022 voor.

Het gaat daarbij om de volgende voorzieningen: • voorbereidings- en realisatiekrediet uitbreiding (181 m²) basisschool "Maria ter Heide" te Mariaheide; • tijdelijke huisvesting basisschool (102 m²) “de Beemd” te Schijndel; • voorbereidingskrediet uitbreiding (956 m²) basisschool "de Vijfmaster" te Veghel; • voorbereidingskrediet vervangende nieuwbouw (934 m²) basisschool "de Regenboog" te Wijbosch; • voorbereidingskrediet vervangende nieuwbouw (1.955 m²) basisschool "Bernadette" te Veghel. Kanttekeningen 1.1 Scholen uit huidig IHP In het nieuwe IHP treft u geen huisvestingsvoorzieningen aan voor de basisscholen, die op basis van het huidige IHP al voorzieningen toegekend hebben gekregen en waarvan de voorbereidingen zijn gestart. Het gaat daarbij om de vervangende nieuwbouw van basisschool “Petrus en Paulus” te Eerde, de vervangende nieuwbouw van basisschool “de Bunders” te Veghel en realisatie van MFA “de Groene Long” te Sint-Oedenrode (vervangende nieuwbouw van de basisscholen “Kienehoef” en “de Springplank en sporthal “Kienehoef”).

Zaaknummer 1948409466

Pagina 8 van 17

datum 28 september 2021

Als deze scholen op basis van ‘nieuwe’ kaders uit dit IHP aanspraak maken op aanvullende voorzieningen c.q. m², dan zal dit telkens in een separaat voorstel (= bij de beschikbaarstelling van het realisatiekrediet) aan uw raad worden voorgelegd. 1.2 Reikwijdte IHP De verantwoordelijkheid voor de huisvesting van het VO beperkt zich in Meierijstad uitsluitend tot het Elde College te Schijndel, aangezien de verantwoordelijkheid voor de huisvesting van het Fioretti College en Zwijsen College op basis van een doordecentralisatieovereenkomst is overdragen aan het schoolbestuur i.c. de vereniging Ons Middelbaar Onderwijs te Tilburg. Deze beide scholen zijn derhalve buiten het IHP gelaten. Wel heeft de directie van beide scholen deelgenomen aan het gezamenlijke traject met betrekking tot de visie op onderwijs en huisvesting. 1.3 Renovatie In het IHP is vastgelegd wat in Meierijstad onder ‘renovatie’ wordt verstaan en welke uitgangspunten en spelregels daarbij worden gehanteerd, ook mede in relatie tot de voorziening ‘vervangende nieuwbouw’. Daarbij is de basisgedachte dat nieuwbouw voor een gebruiksduur van 40 jaar wordt gerealiseerd. Na 40 jaar kan een levensduurverlengende renovatie plaatsvinden waardoor het gebouw nog 25 jaar gebruikt kan worden. Deze afweging om levensduurverlengend te renoveren of nieuw te bouwen wordt gemaakt via een businesscase.

Nadat een gebouw eerst 40 jaar in gebruik is geweest en vervolgens 25 jaar verlengd is, wordt na 65 jaar nieuwbouw gepleegd (tenzij er beargumenteerd van afgeweken wordt). Bij levensduurverlengende renovatie worden alleen de vierkante meters gerenoveerd die noodzakelijk zijn om het leerlingenaantal te huisvesten. De overmaat wordt gesloopt of krijgt een andere bestemming. In verband met inpassingsverlies - gebouw passend maken aan de benodigde meters - wordt een maximum aangehouden van 10% overschrijding van de normatieve bruto vierkante meters. Het te renoveren deel overschrijdt nooit de maximale omvang van het bestaande bouw (er wordt dus niet uitgebreid). 1.4 Ontwikkeling leerlingenaantallen De in het IHP opgenomen voorzieningen zijn mede gebaseerd op de ontwikkeling van de leerlingenaantallen in onze gemeente. Daarvoor is de meest recente leerlingenprognose gebruikt, die in september 2021 in opdracht van de gemeente door Pronexus te Eindhoven is opgesteld (zie bijlage 3).

Voor deze ‘nieuwe’ leerlingenprognose zijn de meest recente data gebruikt, zoals de bevolkingsgegevens van de afgelopen 5 jaar, de woningvoorraad per 1 januari 2020, de woningbouwplanning voor de komende jaren en de leerlingenaantallen per 1 oktober 2020 en 1 oktober 2021 en de aan deze twee teldata gekoppelde herkomstgegevens van de leerlingen (uit welke voedingsgebieden zijn de leerlingen van elke school in Meierijstad afkomstig?). Alvorens de nieuwe leerlingenprognoses als input voor het IHP zijn gebruikt, zijn deze met ieder afzonderlijke bestuur besproken en akkoord bevonden. Uit de nieuwe leerlingenprognoses komt naar voren dat het leerlingenaantal in Meierijstad per saldo een stijgende tendens laat zien, wat mede het gevolg is van een toename van het aantal te bouwen woningen. Er is nadrukkelijk niet bij alle scholen sprake van een continue stijging; op de scholen in de kernen/wijken van Meierijstad waar maar een geringe c.q. marginale toename van de woningbouw plaatsvindt, is juist als gevolg van een verdere vergrijzing in die wijk sprake van een daling van leerlingenaantal. Wijzingen in het leerlingenaantal op een school zorgen voor een gewijzigde ruimtebehoefte, hetgeen bij daling van het leerlingenaantal leidt tot leegstand en bij stijging tot een mogelijke ruimtetekort, een en ander afhankelijk van de aanwezige/beschikbare onderwijscapaciteit.

Zaaknummer 1948409466

Pagina 9 van 17

datum 28 september 2021

Zoals reeds opgemerkt is op basis van de uit de leerlingenprognoses gedestilleerde leerlingenaantallen en de daaraan gekoppelde ruimtebehoeften inzicht verkregen in de noodzakelijke investeringen voor onderwijshuisvesting op zowel de korte als lange termijn. Omdat de leerlingenprognoses om de twee jaar worden geupdate, blijven deze een belangrijke rol spelen bij het bepalen van de uiteindelijke omvang van de gewenste huisvestingsvoorzieningen. Elk verzoek om beschikbaarstelling van όf een voorbereidingskrediet όf een realisatiekrediet wordt immers altijd getoetst aan de meest recente prognoses. Leerlingenprognoses in relatie tot Veghels Buiten De afgelopen jaren zijn er in uw raad menig keer vragen gesteld over de leerlingenprognoses in relatie tot (het stichten van) een nieuwe school in Veghels Buiten. Met inachtneming van de toen beschikbare cijfers heeft ons college u laten weten, dat een school in Veghels Buiten geen optie is, omdat onder meer de vereiste omvang van 200 leerlingen gedurende 15 jaar niet kon worden gewaarborgd op basis van het aantal te bouwen woningen.

Op basis van dit gegeven heeft ons college voor wat betreft de aanwas van leerlingen vanuit Veghels Buiten in samenspraak met de schoolbesturen SAAMscholen en SKIPOV ingezet op zowel een aanstaande uitbreiding van basisschool “de Vijfmaster” als ook op de reeds gerealiseerde uitbreiding van openbare basisschool “de Uilenbrink”. Inmiddels zijn er nieuwe cijfers van de woningbouwplanning in o.a. Veghels Buiten beschikbaar gekomen en zijn deze in de leerlingenprognoses verwerkt. De nieuwe leerlingenprognoses laten een aanzienlijk grotere groei van het aantal kinderen in het voedingsgebied ‘Veghel-Zuid’ (waartoe Veghels Buiten behoort) zien. Deze ontwikkeling zou mogelijk een onderwijsvoorziening in Veghels Buiten kunnen rechtvaardigen. Omdat de regelgeving ten aanzien van het stichten van scholen onlangs is gewijzigd en voor veel gemeenten onduidelijk is onder welke voorwaarden dat kan plaatsvinden, stelt ons college voor om in overleg en samenspraak met de twee betrokken schoolbesturen op korte termijn een onderzoek in te stellen naar de mogelijkheden van een onderwijsvoorziening in welke vorm dan ook in Veghels Buiten. Daarbij zullen alle scenario’s van ‘geen school’, ‘een dislocatie’ tot ‘een nieuwe onderwijsinstelling’ onderzocht worden. Ons college streeft er naar om dit onderzoek begin 2022 afgerond te hebben.

Hoewel op dit moment dus niet duidelijk is of en zo ja welke onderwijsvoorziening er in Veghels Buiten komt, zijn wij in het thans voorliggend IHP vooralsnog uitgegaan van een uitbreiding van basisschool “de Vijfmaster”. Concreet betekent dit dat er in 2022 een voorbereidingskrediet voor deze uitbreiding beschikbaar gesteld wordt en in 2024 een realisatiekrediet. Opgemerkt zij, dat het nader in te stellen onderzoek naar een mogelijke onderwijsvoorziening in Veghels Buiten geen invloed heeft op de noodzaak van de uitbreiding van “de Vijfmaster”; ook zonder een sterke toename van de woningbouw is een uitbreiding, zij het in beperktere omvang, noodzakelijk. Omdat het nader in te stellen onderzoek wel invloed kan hebben op de omvang en mogelijke locatie van de uitbreiding van “de Vijfmaster” is met SKIPOV afgesproken, dat er pas definitieve vervolgstappen worden ondernomen als voormeld onderzoek is afgerond. 1.5 MultiFunctionele Accommodaties (MFA’s) In de ‘Mijlpalen van Meierijstad’ is opgenomen dat bij investeringen in onderwijshuisvesting een MFA uitgangspunt vormt. In de uitvoeringsagenda van het IHP is echter nergens sprake van de omschrijving ‘MFA’. Dat wil niet per definitie zeggen, dat waar dat niet vermeld staat, er ook geen MFA zal komen.

Per situatie zal in de planvorming bekeken worden in hoeverre een uitbreiding van de onderwijsfunctie met aanpalende functies naar een MFA tot de mogelijkheden behoort. Dat neemt echter niet weg, dat in het IHP uitsluitend de investeringen worden opgenomen die betrekking hebben op onderwijsvoorzieningen, met uitzondering van

Zaaknummer 1948409466

Pagina 10 van 17

datum 28 september 2021

die investeringen, die nodig zijn in die situaties dat de opvang niet wijkt voor de groei van een school en als gevolg daarvan een extra investering nodig is voor het onderwijs (zie ook onder ‘argumenten’ (1.9) en ‘kanttekeningen’ (1.7)). Indien er sprake zal zijn van (investeringen in) overige functies in een MFA zullen deze dan ook in een apart voorstel aan de raad worden voorgelegd. 1.6 Verwijzing naar en (mede-)gebruik van leegstand Om leegstand te voorkomen wordt ook in dit IHP uitgegaan van het principe dat zoveel mogelijk wordt doorverwezen naar leegstand c.q. medegebruik elders als er zich een ruimtetekort op een school voordoet. Daar waar twee scholen onder één dak (in EBC of MFA) gehuisvest zijn, laat zich dat makkelijker en eenvoudiger oplossen dan wanneer de ‘ruimtevragende’ school van de leegstand gebruikt maakt op een andere school, die binnen een loopafstand van 2 km. is gelegen. Samen met de schoolbesturen gaan wij de spelregels, waarbinnen het doorverwijzen naar leegstand dient plaats te vinden, nader uitwerken. Dit zal meegenomen worden in de eerstvolgende wijziging van de onderwijshuisvestingsverordening, die aan uw raad voor akkoord wordt voorgelegd. Ingevolge deze verordening, is er sprake van leegstand als is vastgesteld dat de vastgestelde capaciteit van het gebouw groter is dan de vastgestelde ruimtebehoefte. Dit wordt ook wel de berekende c.q.

normatieve leegstand genoemd. In de praktijk blijkt echter dat de schoolbesturen en -directies deze leegstand inzetten ten behoeve van onderwijsgerelateerde activiteiten zodat de leegstand wordt benut om inhoudelijke doelen te behalen. Gevraagd naar deze ‘feitelijke’ leegstand geven alle schoolbesturen aan dat deze ‘nihil’ is; in geen enkel schoolgebouw staan op dit moment ruimten leeg. Een van de schoolbesturen staat echter wel open om op termijn de leegstand te herbestemmen. 1.7 Investeren in binnenklimaat Het investeren in het binnenklimaat levert in bepaalde situaties een dilemma op. Zowel gemeente als schoolbesturen ontvangen voor dergelijke investeringen geen aanvullende rijksbekostiging. Beide zien wel de noodzaak tot investeringen. Binnen het IHP wordt bij bestaande gebouwen daarom ervoor gekozen investeringen in binnenklimaat mee te nemen op natuurlijke momenten, zoals renovatie of grote onderhoudsinvesteringen, tenzij vanuit de Rijksoverheid aanvullende bekostiging volgt. Bij deze natuurlijke momenten maken de investeringen in binnenklimaat onderdeel uit van de renovatie of groot onderhoud en daarvoor ontvangen gemeente en schoolbestuur wel bekostiging.

1.8 Onderwijs en opvang gelijkwaardig gehuisvest Als gevolg van het uitgangspunt, dat onderwijs en opvang gelijkwaardig zijn gehuisvest in een bestaand gebouw zijn in een aantal situaties investeringen in onderwijshuisvesting nodig, omdat bij groei van een school de opvang niet hoeft te wijken voor onderwijs. Deze investeringen zijn meegenomen in de financiële doorrekening, maar anders dan bij de ‘reguliere’ onderwijsinvesteringen worden de kapitaallasten van deze opvang/onderwijsinvesteringen gedekt door huurpenningen op basis van een kostprijsdekkende huur. In het thans voorliggende IHP betreft dit uitsluitend een drietal (geïndexeerde) investeringen: • € 166.083,00 (52 m² uitbreiding in 2023) voor basisschool “de Vijfmaster”; • € 906.137,00 (297 m² uitbreiding in 2028) voor basisschool “Eerschot”; • € 226.539,00 (95 m² renovatie in 2033) voor basisschool “Eerschot”. Als de investering in het betreffende jaar aan de orde is, zullen de betreffende huurontvangsten als dekking voor de kapitaallasten van deze investering worden meegenomen. 2.1 Voortschrijdend inzicht en (prijs-)ontwikkelingen op de markt e.d. kunnen leiden tot aanpassing van het benodigde realisatiekrediet zoals opgenomen in het IHP.

Het is niet geheel uit te sluiten, dat de in het IHP opgenomen realisatiekredieten aanpassing behoeven als gevolg van voortschrijdend inzicht (gewijzigde leerlingenaantallen, andere bouwvorm, temporisering), van prijsontwikkelingen in de markt (uitgangspunt is en blijft de

Zaaknummer 1948409466

Pagina 11 van 17

datum 28 september 2021

jaarlijkse actualisering van de nieuwbouwkostenconfigurator, waarin de prijsontwikkelingen op landelijke niveau zijn meegenomen) of van aanpassingen in wet- en regelgeving. Ook staat in het IHP bij een aantal scholen ( “Dommelrode” te Sint Oedenrode en “Franciscus” te Boskant) vermeld, dat een nader onderzoek, middels een businesscase, moet uitwijzen of de thans opgenomen voorziening wel de meest optimale keuze is. Dit betekent dat deze voorziening dus nog wijziging kan ondergaan. Bij de scholen “de Regenboog” te Schijndel en “Nicolaas” te Boerdonk wordt een haalbaarheidsonderzoek ingesteld naar de wijze waarop de vervangende nieuwbouw het beste gestalte kan krijgen. Voorts wordt bij de te renoveren scholen (“De Beemd”, “de Kring” en “’t Kwekkeveld”, allen te Schijndel en “Eerschot” te Sint Oedenrode) uitgegaan van een inpassingsverlies van maximaal 10%. Pas bij de daadwerkelijke uitwerking van de renovatie zal blijken of deze 10% volstaat. Tenslotte zal bij de renovatie van de scholen “de Beemd” en “de Kring” bekeken moeten worden of de overmaat van “de Kring” ingezet kan worden voor het ruimtetekort van “de Beemd”. Bovenstaande voorbeelden tonen aan dat in een aantal gevallen de omvang van of de wijze waarop de voorziening wordt gerealiseerd en daardoor de hoogte van het investeringsbedrag nog niet 100% vaststaat.

Dat neemt niet weg, dat in samenspraak met ICS Adviseurs en de schoolbesturen is getracht een zo waarheidsgetrouw beeld te schetsen van de noodzakelijke investeringen in onderwijshuisvesting. Als zich wijzigingen in de investeringsbedragen voordoen, dan worden deze voor wat betreft de korte termijn meegenomen in de jaarlijkse P&C-cyclus en voor de lange termijn in de actualisering van het IHP. 2.2 Eigen bijdrage schoolbesturen In het IHP zijn ook de uitgangspunten en spelregels vastgelegd op welke wijze en in welke omvang schoolbesturen waar mogelijk bijdragen aan het behalen van duurzaamheidambities (bij nieuwbouw) en in de realisatie van renovatie. Met de schoolbesturen is afgesproken dat er een sluitende businesscase ten grondslag ligt aan een mogelijke bijdrage van de schoolbesturen. In het IHP is vastgelegd uit welke inzichten de businesscase ten minste dient te bestaan (zie hoofdstuk 2.3 IHP). Een en ander betekent dat in het IHP c.q. de financiële doorrekening geen rekening is gehouden met eventuele bijdragen van de schoolbesturen. Inzicht in een bijdrage van een schoolbestuur ontstaat dus pas na het opstellen van een business-case. In de praktijk zal het er op neer komen dat de businesscase voortaan integraal onderdeel gaat uitmaken van een verzoek van een schoolbestuur tot het beschikbaar stellen van een realisatiekrediet.

Een eventuele bijdrage kan dan in mindering gebracht worden op dit realisatiekrediet. Dit betekent dus dat het totale beslag op de gemeentelijke middelen (zie financiële toelichting) gedurende de looptijd van het IHP (2022-2027) kleiner wordt. Communicatie Het raadsbesluit wordt kinderopvangorganisaties.

gecommuniceerd

naar

de

betrokken

schoolbesturen

en

Participatie Het IHP is onder leiding van ICS-adviseurs te Eindhoven in zeer nauwe samenwerking tussen gemeente, de betrokken schoolbesturen en kinderopvangorganisaties tot stand gekomen. Vanaf de start is door alle partijen met grote betrokkenheid en met ‘de kracht van samen’ aan dit IHP gewerkt. Het resultaat hiervan is dat alle schoolbesturen (zie bijlage 4) en kinderopvangorganisaties kunnen instemmen met het IHP.

Zaaknummer 1948409466

Pagina 12 van 17

datum 28 september 2021

In het IHP wordt ook melding gemaakt van een aantal situaties, waarbij een schoolgebouw mogelijk deel gaat uitmaken van een integrale ontwikkeling binnen een bepaalde kern (zoals Wijbosch, Boskant en Boerdonk). Het spreekt voor zich dat de inhoud van het IHP met de betrokken partners, waaronder de betreffende dorpsraden, is/wordt afgestemd. Duurzaamheid In het IHP wordt nadrukkelijk stilgestaan bij duurzaamheid, omdat gemeente en schoolbesturen met dit IHP kaders/uitgangspunten vastleggen om te komen tot duurzame schoolgebouwen met een gezond binnenklimaat en een lage energiebehoefte. Er is dan ook aansluiting gezocht bij zowel het gemeentelijk kwaliteitskader huisvesting PO en VO (waarin naast de minimumeisen van het Bouwbesluit, ook het PvE ‘Frisse Scholen’ (klasse b), de BENG-eisen en maatregelen op het gebied van duurzaam bouwen zijn opgenomen) als ook bij het Klimaatakkoord . Daarnaast speelt het IHP ook nadrukkelijk in op de in de “Mijlpalen van Meierijstad” vastgelegde ambitie ten aanzien van duurzaamheid, zoals onder meer vertaald in het gemeentelijk kwaliteitskader. Financiële toelichting Met het IHP 2022-2037 is een investeringsbedrag gemoeid van € 68,7 miljoen (prijspeil 2021), verdeeld over 16 jaar. Geïndexeerd in de tijd loopt dit bedrag op naar € 82,5 miljoen (zie vertrouwelijke bijlage 5).

In totaal gaat het om 22 voorzieningen voor 15 (van de 33) scholen en 4 gymzalen. Het uitvoeringsprogramma 2022-2025 behelst een bedrag van in totaal bedrag € 27,3 miljoen en omvat de volgende voorzieningen (zie ook vertrouwelijke bijlage 6): Uitvoeringsprogramma 2022-2025 uit IHP 2022-2037 Jaar

2022

2023

2024

2025

Voorziening

Bedrag

- voorbereidings- en realisatiekrediet uitbreiding (181 m²) basisschool Maria ter Heide (Mariaheide) - tijdelijke huisvesting (102 m²) basisschool De Beemd (Schijndel) - voorbereidingskrediet uitbreiding (956 m²) basisschool De Vijfmaster (Veghel) - voorbereidingskrediet vervangende nieuwbouw (934 m²) basisschool De Regenboog (Wijbosch) - voorbereidingskrediet vervangende nieuwbouw (1.955 m²) basisschool Bernadette (Veghel) - realisatiekrediet uitbreiding (956 m²) basisschool De Vijfmaster (Veghel) - voorbereidingskrediet vervangende nieuwbouw (5.318 m²) gebouw B Elde College (Schijndel) - tijdelijke huisvesting (102 m²) basisschool De Beemd (Schijndel) - voorbereidingskrediet vervangende nieuwbouw (1.151 m²) basisschool De Empel (Erp) - realisatiekrediet vervangende nieuwbouw (934 m²) basisschool De Regenboog (Wijbosch) - realisatiekrediet vervangende nieuwbouw (1.955 m²) basisschool Bernadette (Veghel) - tijdelijke huisvesting (102 m²) basisschool De Beemd (Schijndel) - tijdelijke huisvesting (115 m²) basisschool Franciscus (Boskant) - voorbereidingskrediet vervangende nieuwbouw (1.422 m²) basisschool Oda (Sint-Oedenrode) - realisatiekrediet vervangende nieuwbouw (5.318 m²) gebouw B Elde College (Schijndel) - tijdelijke huisvesting (102 m²) basisschool De Beemd (Schijndel) - tijdelijke huisvesting (115 m²) basisschool Franciscus (Boskant)

Totaal

€ 27,3 miljoen

In het meerjarenperspectief van de begroting 2022 is rekening gehouden met een investeringsbedrag van in totaal € 23,5 miljoen voor dit 4 jarig tijdvak. De kapitaallasten van dit investeringsvolume zijn opgenomen in de begroting 2022 e.v.. Dat het investeringsprogramma een verschil van ruim € 3,8 miljoen ten opzichte van de begroting 2022 laat zien, laat zich als volgt verklaren: • De leerlingenprognoses zijn onlangs geactualiseerd. Als gevolg van een toenemende woningvoorraad laten deze geactualiseerde prognoses Meierijstad-breed een stijgend leerlingenaantal zien, vooral in de kernen/wijken waar gebouwd wordt. Zowel op de korte als de lange termijn leidt dit tot een extra benodigd investeringsvolume voor onderwijshuisvesting, omdat er voor meer leerlingen c.q. meer m² uitbreiding/renovatie/nieuwbouw moet

Zaaknummer 1948409466

Pagina 13 van 17

datum 28 september 2021

• •

plaatsvinden. De geactualiseerde prognoses zijn wel meegenomen in het geactualiseerde IHP, maar konden niet meer worden verwerkt in de begroting 2022; De kosten voor gemeentelijke projectbegeleiding en enkele haalbaarheidsonderzoeken zijn alsnog in (de financiële doorrekening van) het IHP opgenomen; Als gevolg van de nieuwe prognoses worden mee twee scholen (“de Beemd” in Schijndel en “Franciscus” in Boskant) op korte termijn geconfronteerd met een ruimtetekort. In dit tekort wordt voor de korte termijn (resp. 2022-2026 en 2024-2026) voorzien door het huren van noodlokalen. De incidentele kosten zijn alsnog in het IHP opgenomen.

Een en ander betekent dat het extra benodigd investeringsvolume ad € 3,823 miljoen voor die scholen, die in het begrotingsjaar 2022 t/m 2025 zijn opgenomen, een plek moet krijgen in de 1e BERAP 2022: • Jaarschijf 2022: € 843.230,00 (incl. huur tijdelijke voorziening bs. “de Beemd”) • Jaarschijf 2023: € 1.813.759,00 (incl. huur tijdelijke voorziening bs. “de Beemd”) • Jaarschijf 2024: € 420.698,00 (incl. huur tijdelijke voorziening bs. “de Beemd” en “Franciscus”) • Jaarschijf 2025: € 745.563,00 (incl. huur tijdelijke voorziening bs. “de Beemd” en “Franciscus”) In de begroting 2022 is ten behoeve van de investeringen uit de jaarschijf 2022 rekening gehouden met een kapitaallast van € 28.953,00 in 2023. Er is echter een bedrag van € 57.389,00 benodigd, hetgeen betekent dat er voor een bedrag van € 28.436,00 aan kapitaallasten geen dekking voorhanden is. Voorgesteld wordt om deze extra kapitaallasten, verminderd met de inkomsten uit de huurpenningen kinderopvang basisschool “de Vijfmaster” ad € 1.384,00 via de 1e BERAP 2022 ten laste te laten komen van begrotingsresultaat 2023 e.v.. Datzelfde geldt voor de extra kapitaallasten die voortkomen uit de investeringen uit de jaarschijven 2023-2025.

Ook deze kapitaallasten, verminderd met de inkomsten uit de huurpenningen kinderopvang basisschool “de Vijfmaster” van circa € 6.700,00, dienen ten laste te komen het begrotingsresultaat 2024 e.v.. In de jaarschijf 2022 is ook de tijdelijke huisvesting van basisschool “de Beemd” als voorziening opgenomen. Deze voorziening, in de vorm van een huurvergoeding, duurt voort tot aan 2026 en is geraamd op een jaarlijks bedrag van € 31.365,00 (excl. indexering). Voorgesteld wordt in de 1e BERAP 2022 deze incidentele uitgaven in de gemeentebegroting op te nemen voor de jaren 2022 t/m 2026 en deze ten laste te brengen van de algemene reserve. De tijdelijke huisvesting van basisschool “Franciscus” te Boskant manifesteert zich ook tijdens het uitvoeringsprogramma 2022-2025 en wel vanaf 2024 tot 2026. Voor 2024 is een bedrag geraamd van € 37.153,00. Voorgesteld wordt om ook deze incidentele lasten in de 1e BERAP 2022 op te nemen in het meerjarenperspectief vanaf 2024 t/m 2026 met als dekking de algemene reserve. Financiële impact extra m² voor passend, inclusiever en gepersonaliseerd onderwijs Het instemmen met het toekennen van extra 50 m² voor passend onderwijs e.d. aan kleine scholen betekent een extra investering in onderwijshuisvesting.

Voor de in dit IHP opgenomen voorzieningen is becijferd dat het toekennen van deze extra m² een aanvullende investering van geïndexeerd € 644.437,00 betekent; het betreft de nieuwbouw/renovatie van de volgende basisscholen: “de Kring” te Schijndel (€ 113.384,00 (2032)), “Antonius” te Keldonk (€ 194.573,00 (2031)), “Maria ter Heide” te Mariaheide (€ 155.800,00 (2022)) en “Nicolaas” te Boerdonk (€ 180.680,00 (2028)). De extra investeringen voor de scholen uit het huidige IHP worden separaat bij het beschikbaar stellen van de diverse realisatiekredieten meegenomen. Het gaat daarbij om de

Zaaknummer 1948409466

Pagina 14 van 17

datum 28 september 2021

volgende basisscholen: “de Bunders” te Veghel (€ 155.800,00 (2022)) en “Petrus en Paulus” (€ 159.752,00 (2023)). Als de raad instemt met het extra toekennen van m² voor passend onderwijs op kleine scholen betekent dit een totale extra investering van geïndexeerd € 959.989,00. Planning Het voorstel wordt 19 oktober 2021 in de commissie Mens en Maatschappij behandeld. Rechtsbescherming Tegen het vaststellen van het IHP staat geen bezwaar en beroep open. Monitoring en evaluatie Als vervolg op dit IHP wordt een aantal haalbaarheidsonderzoeken opgestart, die eind 2021 dan wel in de loop van 2022 worden opgeleverd. De uitkomsten van deze onderzoeken worden via een RIB aan uw raad ter kennisname gebracht. Dit IHP is zeker niet in beton gegoten en moet nadrukkelijk als een dynamisch koersdocument worden beschouwd. Wanneer daar aanleiding toe is (gewijzigde regelgeving, prijsontwikkelingen e.d.) zullen wij u op gezette tijden informeren over de eventuele consequenties die uit deze gewijzigde omstandigheden voortvloeien. Dit geschiedt dan via de reguliere P&C-cyclus of via een separate RIB. Bijlagen 1. Integraal Huisvestingsplan PO en VO 2022-2037 Meierijstad incl. bijlagen 2. Procedure met betrekking tot het toekennen van huisvestingsvoorzieningen 2022 in het kader van het IHP 3.

Leerlingenprognoses 2021-2041 voor basisonderwijs, (voortgezet) speciaal onderwijs en voortgezet onderwijs 4. Instemming schoolbesturen met IHP 2022-2037 5. Financiële doorrekening IHP 2022-2037 (vertrouwelijk) 6. Uitvoeringsprogramma 2022-2025 qua investeringen en qua kapitaallasten (vertrouwelijk) Onderliggende documenten Niet van toepassing Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van de gemeente Meierijstad, De secretaris, De burgemeester,

Drs. M.G.C. Wilms –Wils RA

Zaaknummer 1948409466

ir. C.H.C. van Rooij

Pagina 15 van 17

datum 28 september 2021

De raad van de gemeente Meierijstad, Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 28 september 2021 Gelet op artikel 91 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 89 van de Wet op de Expertisecentra en artikel 76b van de Wet op het voorgezet onderwijs; Besluit gemeenteraad: 1) het ‘Integraal HuisvestingsPlan (IHP) primair en voortgezet 2020–2037 gemeente Meierijstad’ als richtinggevend beleidskader vast te stellen; 2) Op basis van de financiële doorrekening van het IHP voor 2022 een krediet van € 1.639.695,00 beschikbaar te stellen voor de navolgende voor blijvend gebruik bestemde voorzieningen, die zijn opgenomen in de jaarschijf 2022 van het uitvoeringsprogramma 2022-2025 van voormeld IHP: a. voorbereidings- en realisatiekrediet uitbreiding (181 m²) basisschool "Maria ter Heide" te Mariaheide; b. voorbereidingskrediet uitbreiding (956 m²) basisschool "de Vijfmaster" te Veghel; c. voorbereidingskrediet vervangende nieuwbouw (934 m²) basisschool "de Regenboog" te Wijbosch; d.

voorbereidingskrediet vervangende nieuwbouw (1.955 m²) basisschool "Bernadette" te Veghel; 3) de structurele kapitaallasten € 57.390,00 met ingang van 2023 tot een bedrag van € 28.953,00 te dekken binnen de beschikbare ruimte zoals opgenomen in het meerjarenperspectief van de begroting 2022, € 1.384,00 te dekken uit de te ontvangen huurpenningen van de te realiseren kinderopvang bij basisschool “de Vijfmaster” en het restant € 27.053,00 op te nemen in de 1e BERAP 2022 en deze ten laste te brengen van de het begrotingsresultaat 2023 e.v.; 4) voor de eveneens in de jaarschijf 2022 opgenomen tijdelijke huisvesting van basisschool “de Beemd” te Schijndel in de 1e BERAP 2022 een jaarlijks budget van € 31.365,00 in de gemeentebegroting op te nemen gedurende de jaren 2022 t/m 2026 en deze ten laste te brengen van de algemene reserve; 5) de kapitaallasten van de investeringen uit de jaarschijven 2023 t/m 2025 van het IHP te dekken binnen de beschikbare ruimte zoals opgenomen in het meerjarenperspectief van de begroting 2022 en de nog ontbrekende dekking voor 2024 (€ 90.589,00) en voor 2025 (€ 102.212,00) middels de 1e BERAP 2022 op te nemen in het meerjarenperspectief en te dekken uit het begrotingsresultaat 2024 en verder, onder aftrek van de te ontvangen huurpenningen ad € 6.700,00 van de te realiseren kinderopvang bij basisschool “de Vijfmaster”; 6) Voor de in de jaarschijf 2024

opgenomen tijdelijke huisvesting (102 m²) van basisschool “Franciscus” te Boskant in de 1e BERAP 2022 een budget van € 37.153,00 op te nemen in het meerjarenperspectief vanaf 2024 t/m 2026 met als dekking de algemene reserve.

Zaaknummer 1948409466

Pagina 16 van 17

datum 28 september 2021

Aldus besloten in zijn openbare vergadering van 4 november 2021 De raad voornoemd, De griffier,

De voorzitter,

A.F.J. Franken

ir. C.H.C. van Rooij

Zaaknummer 1948409466

Pagina 17 van 17

datum 28 september 2021

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meierijstad&id=018611f6-794c-4f00-bfc8-8db2d8d94840