Raadsvoorstel Heffingsystematiek Rioolheffing Meierijstad
Tekst van het document
Datum raad
10 april 2025
Datum college
25 februari 2025
Zaaknummer
2714659
Portefeuille
Economie, financiën en dienstverlening J.H.M. Goijaarts
Onderwerp
Heffingssystematiek Rioolheffing Meierijstad
Samenvatting Het Programma Water en Riolering 2022-2026 heeft de ambitie om een duurzame omgang met hemelwater te stimuleren (zoals afkoppelen). In de huidige rioolheffingssystematiek is geen van de gehanteerde grondslagen hieraan gerelateerd. Dit gaf aanleiding om de opbouw van de heffingssystematiek te heroverwegen. De verkenning had als doel de gewenste systematiek te bepalen en te kijken hoe we hierin meer kunnen aansluiten bij de ambities van het PWR. Hierbij beschouwen we ook de mogelijkheden en handreikingen uit de in 2021 gepubliceerde Modelverordening riool- en waterzorgheffing van de VNG. Hierin is de – overigens onveranderde – wet- en regelgeving zo toegepast dat de heffing beter aansluit bij de huidige tijdsgeest en duurzaamheidsdoelstellingen (klimaatadaptatie). Gelet op de gangbare, verkende grondslagen geeft het hanteren van waterverbruik de meest sterke en werkbare relatie met het af te voeren afvalwater. Veel meer dan de nu in Meierijstad gehanteerde WOZ-waarde (alle percelen) en één-versus-méérpersoonshuishoudens. Door ook het huidige eigenarendeel volledig te laten vervallen, zetten we maximaal in op gedragsverandering van de (drink)watergebruiker. In de voorgestelde variant is geen primaire rol voor hemelwater weggelegd, ondanks dat dit de belangrijkste aanleiding was voor het onderzoek.
Uit de verkenning blijkt enerzijds dat dit inningstechnisch een te grote uitdaging zou opleveren, anderzijds dat de beoogde gedragsverandering minimaal is wanneer dit via de rioolheffing wordt nagestreefd. De rioolheffing vormt namelijk een gesloten financiering die maximaal kostendekkend mag zijn. Het maximaal aan belastingbetalers te bieden voordeel is – binnen die grenzen – niet groot genoeg om de beoogde impact op hemelwatergedrag te hebben.
Het stimuleren van wenselijk hemelwatergedrag, zoals meer opvang, hergebruik, vasthouden in de bodem, kan doeltreffender op andere manieren ingevuld worden. Bijvoorbeeld via gerichte(re) communicatie-, educatie- en/of subsidie-inspanningen. Gebruikers van percelen zonder waterverbruik, of zonder rioolaansluiting, profiteren ook van de watergerelateerde inspanningen van de gemeente. Zij zijn immers ook gebaat bij een goede waterhuishouding op en rondom hun percelen, en een klimaatbestendige leefomgeving in alle publieke delen van de gemeente Meierijstad. Door deze percelen voortaan ook in de heffing te betrekken worden alle te dekken kosten over méér heffingseenheden verdeeld. De voorgestelde variant zal – los van de nog definitief te bepalen tarieven voor 2027 – hoe dan ook de grootste impact hebben op huurders/verhuurders, grote waterverbruikers en ongerioleerde percelen. Het is dus belangrijk om deze doelgroepen zoveel als mogelijk gericht en vroegtijdig op de hoogte te brengen van de voorgenomen wijzigingen, en indien gewenst met hen in gesprek te gaan over de te verwachten effecten op hun (gemeentelijke) lasten. Relatie met programmabegroting en/of Mijlpalen van Meierijstad Programma 2 Verkeer, Vervoer en Openbare Ruimte Programma Water en Riolering (PWR) 2022-2026 Behandeling in commissie 27 maart 2025 Ontwerpbesluit gemeenteraad 1.
Kennisnemen van het uitgevoerde onderzoek heffingssystematiek; 2. Instemmen met het uitwerken van een nieuwe verordening voor de rioolheffing 2027, conform de variant E zoals opgenomen in de onderzoeksresultaten (waterverbruik voor alle percelen, kleine basisklassen). 3. Bij deze uitwerking rekening te houden met de modelverordening riool- en waterzorgheffing van de VNG en te voorzien in een basistarief voor percelen zonder waterverbruik en/of rioolaansluiting. Waarom naar de raad Het wijzigen van een belastingverordening is altijd een raadsbesluit. Eerder genomen besluiten Op 31 oktober 2017 is door de gemeenteraad besloten de Verordening Rioolheffing te harmoniseren naar de huidige heffingssystematiek. Aanleiding In de huidige heffingssystematiek van Meierijstad is momenteel geen van de nu gebruikte grondslagen direct gerelateerd aan (het lozen van) hemelwater. Het Programma Water en Riolering 2022-2026 heeft echter wel de ambitie een duurzame omgang met hemelwater te stimuleren (zoals afkoppelen). Dit geeft aanleiding om de opbouw van de heffingssystematiek te heroverwegen.
Zaaknummer 2714659
Pagina 2 van 8
datum 18 februari 2025
De gemeente is vrij in het bepalen van haar eigen heffingssystematiek binnen de wettelijke kaders. Daarin zijn veel keuzes te maken, wat tot verschillende tarieven leidt die daadwerkelijk op aanslagen terug te zien zijn. In december 2023 is gestart met een inwoner-enquête over de heffingssystematiek. In februari 2024 is vervolgens een eerste beeldvormende avond voor de gemeenteraad gehouden, waarin de wettelijke kaders en een toelichting op de 5 meest voorkomende en/of overwogen heffingsgrondslagen zijn gepresenteerd. Hierna zijn deze op punten aangepast, waarmee gekomen is tot de 5 verkennende varianten die in deze notitie beschreven zijn. In november 2024 is een tweede beeldvormende avond voor de gemeenteraad gehouden. Hierin zijn veelvuldig verduidelijkende vragen gesteld en extra toelichting gegeven op het onderwerp, maar geen aanvullende wensen geuit ten aanzien van de onderzochte varianten. Argumenten 1.1 De uitkomsten en overwegingen die voortkomen uit het onderzoek zijn de basis voor het weloverwogen kunnen wijzigen van de verordening rioolheffing Het uitgevoerde onderzoek (Bijlage 1) had als doel de gewenste systematiek te bepalen en te kijken hoe de gemeente hierin nog meer kan aansluiten bij de ambities van het PWR. Uit de verkennende varianten is een voorkeursvariant ontstaan, die nu wordt voorgesteld aan uw raad. 2.1
Variant E (volledig heffen op waterverbruik) zorgt voor eenduidigheid, meer eigen controle over de te betalen heffing en een directere relatie met afvalwater
Vanuit de ambitie om een duurzame omgang met grond- en drinkwater te stimuleren, is het (extra) belasten van waterverbruik een veel voorkomende methode onder gemeenten. Minder drinkwater verbruiken leidt tot minder afvalwater produceren, afvoeren en zuiveren. Het gebruik van regenwater kan hiermee indirect ook worden gestimuleerd. In de huidige systematiek speelt WOZ-waarde van een perceel de hoofdrol. Dit heeft de minst sterke relatie met de afvoer van water. Dit werd ook zo geuit in de uitgevoerde enquête. Waterverbruik heeft wel een sterke relatie met het af te voeren afvalwater. Specifiek voor huishoudens geldt dat deze grondslag een veel betere relatie heeft met het watergedrag dan wanneer alleen het huidige onderscheid tussen één- en meerpersoonshuishouden van toepassing is. 2.2
Het laten vervallen van de eigenarenheffing, gecombineerd met kleinere basisklassen, geeft gebruikers maximale invloed op de te betalen heffing Variant E geeft een fijnmaziger tariefstelsel dan variant C, en eenpersoonshuishoudens blijven een financieel voordeel houden, zolang het waterverbruik niet bovengemiddeld is. Het laten vervallen van de eigenarenheffing laat zien dat wij met de rioolheffing in willen zetten op waterbewust gedrag van de (drink)watergebruikers. Uit de verdeling van het waterverbruik in Meierijstad volgt dat 95 % van de percelen onder de 300 m3 waterverbruik valt. Samen zorgen zij voor 42 % van het totale waterverbruik. Wanneer in deze categorie meer differentiatie plaatsvindt, ontstaat stimulans om het waterverbruik per persoon te gaan verminderen.
Zaaknummer 2714659
Pagina 3 van 8
datum 18 februari 2025
2.3
De combinatie van argumenten 2.1 en 2.2 maken van variant E op dit moment de best passende systematiek (uit de 5 onderzochte varianten). De ideale, voor alle situaties passende heffingssystematiek is een moeizame opgave. Maatwerk per belastingplichtige staat in essentie recht tegenover uitvoerbaarheid. Daartussen zal in de regel een balans gevonden moeten worden. Uit de voor- en nadelen van de grondslagen en de effecten daarvan op de heffing van Meierijstad (bijlage 1), volgt samengevat het volgende: Variant
Aansluiting principes
Perceptiekosten
Stimuleren Duurzamer gedrag
A - Afkoppelkorting
+/wel hemelwater, niet afvalwater
-(veel) meer werk in inventarisatie en bijhouden +/Geen verandering Extra dataverwerking. Extra bezwaren Extra dataverwerking. Extra bezwaren Extra dataverwerking. Extra bezwaren
Korting heeft geen groot effect
B – Groter gebruikersdeel C – waterverbruik naar woningen
+/Geen verandering +/Wel afvalwater, niet hemelwater
D – als C, maar met kleinere klassen
+/Wel afvalwater, niet hemelwater
E – als D, maar zonder eigenarendeel
+/Wel afvalwater, niet hemelwater
+/Minimale verandering +/Effectief vast bedrag voor groot deel gebruikers + Merkbare invloed op eigen heffing ++ Sterkste invloed op eigen heffing
Samenvattend oordeel, ten opzichte van huidige systematiek -
+/-
+/-
+/-
+
Tabel 1 Samenvatting varianten 3.1
Het is uitlegbaar (en niet meer dan redelijk) dat ook gebruikers van percelen zonder waterverbruik, of zonder rioolaansluiting, meebetalen aan de waterinspanningen van de gemeente. Gebruikers van percelen zonder waterverbruik, of zonder rioolaansluiting, profiteren ook van de watergerelateerde inspanningen van de gemeente. Zij zijn immers ook gebaat bij een goede waterhuishouding op en rondom hun percelen, en een klimaatbestendige leefomgeving in alle publieke delen van de gemeente Meierijstad. Ook als die niet direct in verbinding staan met het eigen perceel, zoals algemene toegangswegen, winkel- en recreatiegebieden. Door deze percelen voortaan ook in de heffing te betrekken worden alle te dekken kosten over méér heffingseenheden verdeeld. Kanttekeningen 1.1 Niet alle mogelijkheden zijn onderzocht De gemeente heeft veel vrijheid bij het inrichten van de heffingssystematiek. Alle mogelijke combinaties van grondslagen en maatstaven beoordelen op hun effecten (per doelgroep) is een haast onmogelijke taak. De opgestelde notitie en de beeldvormende avonden hebben de meest
Zaaknummer 2714659
Pagina 4 van 8
datum 18 februari 2025
voorkomende combinaties en de bijbehorende (algemene) afwegingen toegelicht. Een nu ingezette wijziging kan in later jaren altijd worden verfijnd. 2.1
Het onderdeel hemelwater komt niet primair terug in de voorgestelde heffingssystematiek
In de voorkeursvariant is geen primaire plaats voor een hemelwatercomponent, ondanks dat dit de belangrijkste aanleiding was voor het onderzoek. Uit de verkenning blijkt enerzijds dat dit innings-technisch een te grote uitdaging zou opleveren, anderzijds dat de beoogde gedragsverandering minimaal is wanneer dit via de rioolheffing wordt nagestreefd. De rioolheffing vormt namelijk een gesloten financiering die maximaal kostendekkend mag zijn. Het maximaal te bieden voordeel – binnen die grenzen – voor wenselijk hemelwatergedrag is niet groot genoeg om de beoogde impact te hebben. Het stimuleren van wenselijk hemelwatergedrag, zoals meer opvang, hergebruik, vasthouden in de bodem, kan doeltreffender op andere manieren ingevuld worden. Bijvoorbeeld via gerichte(re) communicatie-, educatie- en/of subsidie-inspanningen. Voor nieuwbouw geldt reeds op basis van de Verordening Fysieke Leefomgeving een verbod op het lozen van hemelwater op de riolering of openbaar terrein en is een berging van 60 mm verplicht. Voor afgekoppelde gebieden zou eventueel de gebiedsaanwijzing kunnen worden ingezet. 2.2
De voorgestelde variant kan nadelig zijn voor huurders
De voorgestelde variant leidt tot het vervallen van het eigenarentarief, en het verhogen van het gebruikerstarief. Dit levert voor verhuurders (eigenaren) van percelen een structureel voordeel op. Voor huurders heeft dat mogelijk nadelige gevolgen, wanneer de verhuurders het verkregen voordeel niet compenseren in de opgelegde huurbedragen. Dit ligt buiten de controle van de gemeente, maar hierover zou vroegtijdig in gesprek kunnen worden gaan met de verhuurders in Meierijstad. 2.3 De voorgestelde variant leidt tot hogere inspanning en hogere algemene kosten (heffing en inning) Uit een eenvoudige analyse van de data van Brabant Water blijkt dat een invoering van waterverbruik als grondslag voor woningen extra inspanningen vraagt op het gebied van registratie (discrepantie in aantal percelen en wateraansluitingen) en daarmee ook op de heffing en inning. Voor een belastingplichtige zal de heffingsperiode (aanslag voor het aankomende kalenderjaar) in de regel altijd achterlopen op de verbruiksperiode (waterrekening over voorgaande jaar). Er zit dus vertraging tussen verandering van watergedrag en verandering van de te betalen heffing. Dit leidt naar verwachting tot méér vragen en bezwaren. Het aandeel kwijtschelding zal naar verwachting ook toenemen, omdat eigenaren van panden/percelen vrijwel nooit in aanmerking komen voor de gemeentelijke kwijtscheldingsregelingen.
De extra kosten van deze effecten worden ingeschat op circa € 80.000 per jaar aan voornamelijk tijdsbesteding, wat neerkomt op een algemene tariefstijging van gemiddeld € 2,- per perceel. Het is mogelijk om (een deel van) deze werkzaamheden extern onder te brengen, bijvoorbeeld via de voorschotrekeningen van Brabant Water. Dit zou sommige nadelen gedeeltelijk kunnen
Zaaknummer 2714659
Pagina 5 van 8
datum 18 februari 2025
opheffen. Maar de verantwoordelijkheid voor de juiste gegevens en juiste afhandeling van vragen en bezwaren blijft echter bij de gemeente liggen, en er wordt met voorlopige aanslagen dan wel voorschotnota’s gewerkt daardoor zal een dergelijke verandering waarschijnlijk geen kostenvoordeel opleveren. 3.1
Het betrekken van percelen zonder waterverbruik en/of rioolaansluiting leidt tot méér vragen en bezwaren Het betrekken van percelen zonder waterverbruik en/of rioolaansluiting betrekt een groep percelen in de heffing die tot nog toe niet belastingplichtig waren. Dit kan vragen oproepen, waarbij verwezen kan worden naar de toelichting uit de VNG Modelverordening. Deze toelichting wordt daarom ook toegevoegd aan de nieuwe heffingsverordening van Meierijstad. Communicatie De mate en noodzaak van externe communicatie is afhankelijk van de definitief vastgestelde heffingsgrondslag, in combinatie met de daaraan gekoppelde tariefklassen. Gelet op kanttekeningen 2.2 en 3.1 worden in elk geval huurders, verhuurders en gebruikers van ongerioleerde percelen, gericht en vroegtijdig op de hoogte gebracht van de voorgenomen wijzigingen. Indien gewenst kan met hen in gesprek worden gaan over de te verwachten effecten op hun (gemeentelijke) lasten. Bij het collegebesluit wordt reeds een persbericht uitgedaan. De deelnemers van de participatieronde worden ook geïnformeerd over de resultaten. Bij de aanslagoplegging wordt de inhoud van de verordening en de gevolgen voor de belastingplicht gecommuniceerd om bewustwording en draagvlak te creëren. Participatie Participatie van inwoners en ondernemers heeft bij de start van het traject plaatsgevonden.
Gedurende het traject zijn uw raadsleden door middel van twee beeldvormende avonden betrokken bij het onderzoek. Duurzaamheid In het Programma Water en Riolering 2022-2026 heeft de gemeente de ambitie uitgesproken een duurzame omgang met water te stimuleren (zoals minder waterverbruik, hemelwater afkoppelen). Het uitgevoerde onderzoek geeft de handvatten en overwegingen om hier – via het wijzigen van de heffingssystematiek – een duurzame invulling aan te geven. Door klimaatverandering en toenemend watergebruik neemt de kans op waterschaarste toe. Om dit te voorkomen moeten we bewuster met ons water omgaan. Het onderliggende voorstel neemt komt daarin tegemoet alhoewel de rechtstreekse onttrekkingen van grondwater en lozen hier geen onderdeel in is. Financiële toelichting De heffingssystematiek bepaalt in principe niet de totale kosten van de water- en rioleringszorg. Het bepaalt slechts de verdeling van de totale hoeveelheid te innen rioolheffing. Het voorstel tot vaststelling van de heffingssystematiek heeft geen financiële consequenties. Als gekozen wordt voor de voorgestelde voorkeursvariant dan worden de extra kosten meegenomen in de integrale afweging van de begroting 2027 en verder.
Zaaknummer 2714659
Pagina 6 van 8
datum 18 februari 2025
Planning Gelet op kanttekening 2.3 en de benodigde Communicatie is er voldoende tijd nodig voor de omschakeling in heffingssystematiek. Tijd om onder andere de staffels in de waterverbruiksklassen te bepalen, het gesprek aan te gaan met partijen zoals woningbouwcorporaties, de uitvoering door Werkatelier Heffing en Invorderen in te regelen en de communicatie richting inwoners. De benodigde tijd om de omschakeling zorgvuldig te doen, leidt tot invoer van een nieuwe systematiek per 1-1-2027. Vanuit de vastgestelde begroting kunnen de tarieven definitief worden ingevuld, waarna de nieuwe verordening Riool- en waterzorgheffing 2027 in december 2026 kan worden vastgesteld. Rechtsbescherming Tegen het besluit waartoe nu wordt geadviseerd, staat geen mogelijkheden van bezwaar en beroep open. Monitoring en evaluatie De ervaringen en gevolgen van de gewijzigde heffingssystematiek zullen vanaf 2027 aan het licht gaan komen. Dit kan bij elk nieuw begrotingsjaar leiden tot wenselijke wijzigingen bij het vaststellen van zowel de programmabegroting als bijbehorende heffingsverordening, voor het eerst per 2027. Bijlagen 1. Rioolheffing – onderzoek heffingssystematiek Onderliggende documenten Programma Riolering en Water 2022-2026. Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van de gemeente Meierijstad, De secretaris, De burgemeester,
Drs. M.J.M. Meertens
Zaaknummer 2714659
ir. C.H.C. van Rooij
Pagina 7 van 8
datum 18 februari 2025
De raad van de gemeente Meierijstad, Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 25 februari 2025 Gelet op artikel 228a Gemeentewet Besluit gemeenteraad: 1. Kennisnemen van het uitgevoerde onderzoek heffingssystematiek; 2. Instemmen met het uitwerken van een nieuwe verordening voor de rioolheffing 2027, conform de variant E zoals opgenomen in de onderzoeksresultaten (waterverbruik voor alle percelen, kleine basisklassen). 3. Bij deze uitwerking rekening te houden met de modelverordening riool- en waterzorgheffing van de VNG en te voorzien in een basistarief voor percelen zonder waterverbruik en/of rioolaansluiting.
Aldus besloten in zijn openbare vergadering van 10 april 2025 De raad voornoemd, De waarnemend griffier,
De voorzitter,
F.G.T.W. van Kessel - van Erp
ir. C.H.C. van Rooij
Zaaknummer 2714659
Pagina 8 van 8
datum 18 februari 2025