Raadsvoorstel belastingverordeningen Meierijstad 2023
Tekst van het document
Datum raad
15 december 2022
Datum college
8 november 2022
Zaaknummer
2220441
Portefeuille
Economie, financiën, dienstverlening J.H.M. Goijaarts
Onderwerp
Belastingverordeningen Meierijstad 2023
Samenvatting Bijgaand voorstel omvat voor belastingjaar 2023 de vaststelling van de OZB-verordening, de verordening rioolheffing, de verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrecht, de legesverordening en de bijbehorende tarieventabel, de verordeningen toeristenbelasting, marktgelden, begraafplaatsrechten, scheepvaartrechten en de verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen. Relatie met programmabegroting en/of Mijlpalen van Meierijstad Onderdeel van de programmabegroting 2023 is de paragraaf Lokale heffingen. Om de in deze paragraaf vastgestelde, uitgangspunten voor de lokale heffingen in 2023 daadwerkelijk uit te kunnen voeren, dienen de belastingverordeningen (en tarieven) aangepast en door de gemeenteraad vastgesteld te worden. Behandeling in commissie 1 december 2022 Ontwerpbesluit gemeenteraad 1. Vast te stellen de Verordening OZB Meierijstad 2023; 2. Vast te stellen de Verordening rioolheffing Meierijstad 2023; 3. Vast te stellen de Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrecht Meierijstad 2023; 4. Vast te stellen de Verordening toeristenbelasting 2023; 5. Vast te stellen de Legesverordening Meierijstad 2023 en Legestarieventabel 2023; 6. Vast te stellen de Verordening marktgelden Meierijstad 2023; 7. Vast te stellen de Verordening begraafplaatsrechten Meierijstad 2023; 8. Vast te stellen de Verordening scheepvaartrechten Meierijstad 2023; 9.
In te stemmen met een verhoging van de vermogensnorm voor kwijtschelding met het maximum van € 2.000,00 en hiertoe de Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen aan te passen;
10. Vast te stellen de Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2023. Waarom naar de raad Het betreft hier een raadsvoorstel tot het vaststellen van gemeentelijke belastingverordeningen voor belastingjaar 2023. Dit is een wettelijke taak van de gemeenteraad (artikel 216 Gemeentewet). Aanleiding De meeste belastingtarieven welke zijn opgenomen in de diverse belastingverordeningen worden ieder jaar gewijzigd. Aanpassing is nodig vanwege inflatiecorrecties, eerder vastgesteld beleid of het streven naar kostendekkendheid. Ook is dit noodzakelijk om aansluiting te houden bij de in de begroting geraamde belastingopbrengsten. Volgens de Gemeentewet dient de gemeenteraad de belastingverordeningen vast te stellen alvorens een gemeente de belastingen kan heffen. De inwerkingtreding van de Omgevingswet is opnieuw verschoven. De ingangsdatum is nu gesteld op 1 juli 2023. Wanneer de Omgevingswet daadwerkelijk in werking treedt zal dit gevolgen hebben voor de legesverordening en met name de bijbehorende tarieventabel. Op grond van de Omgevingswet zal het dan bijvoorbeeld mogelijk zijn leges te heffen voor vergunningaanvragen voor milieubelastende activiteiten. Alvorens de Omgevingswet in werking treedt zal in het voorjaar 2023 een aangepaste legesverordening en bijbehorende tarieventabel aan de raad worden voorgelegd.
Argumenten 1.1 Conform de uitgangspunten begroting 2023 worden de tarieven aangepast met de inflatiecorrectie van 2,3% De tarieven van alle lokale heffingen passen we aan op basis van de uitgangspunten voor de begroting 2023. Voor 2023 is uitgegaan van een inflatiecijfer van 2,3%, gebaseerd op de verwachtingen van het Centraal Plan Bureau (CPB). Bron: Centraal Economisch Plan (CEP) 2022, Prijs netto materiële overheidsconsumptie (IMOC), meicirculaire. 1.2 De OZB-opbrengst wordt geïndexeerd met 2,3% Uitgangspunt zijn de begrote opbrengsten in de begroting 2023. Hierbij wordt uitgegaan van een indexering ten opzichte van 2022 met 2,3%. De tarieven zijn vervolgens berekend op basis van de verwachte WOZ-waarden. De waardebepaling voor woningen en niet-woningen baseren we op waarde peildatum 1 januari 2022. Verder is bij de berekening van de tarieven op voorhand rekening gehouden met te honoreren WOZ waardebezwaren (dus OZB-verlagingen), de leegstand per 1 januari 2023 bij niet woningen (want dan kan er geen gebruikersbelasting worden geheven) en een percentage van 0,5% oninbare belastingen (bijvoorbeeld vanwege faillissementen, schuldsaneringen e.d.). Dit percentage is gebaseerd op landelijke benchmarkcijfers. Stijgingen van de WOZ-waarden (bij het segment woningen + 18 % en bij het segment niet woningen + 5,00%) worden met de OZBtarieven verrekend.
Dat leidt bij de OZB-tarieven voor belastingjaar 2023 tot een daling. Bij het tarief OZB-gebruikers niet woningen is die daling wat geringer omdat hier de WOZ-waardestijging deels teniet wordt gedaan door afname van de OZB-heffingsgrondslag (als gevolg van leegstand en wettelijke vrijstellingen). Hieronder zijn de tariefverschillen met belastingjaar 2022 aangegeven.
Zaaknummer 2220441
Pagina 2 van 8
datum 20 oktober 2022
Tarieven OZB Woningen zakelijk recht OZB Niet woningen zakelijk recht OZB Niet woningen gebruik
2022 0,10194% 0,20384%
2023
0,19457%
0,17798%
0,08567% 0,18587%
1.3 Verhoging vastrecht afvalstoffenheffing en reinigingsrecht met € 10,80 De tarieven afvalstoffenheffing 2023 en reinigingsrecht 2023 (samen de reinigingsheffingen) zijn maximaal kostendekkend en volgen de (externe) kosten van het doen ophalen en verwijderen van huishoudelijk en bedrijfsafval. Als gevolg van stijgende kosten voor afvalverwijdering wordt het tarief vastrecht voor zowel de afvalstoffenheffing als het reinigingsrecht met € 10,80 verhoogd (resp. van € 150,00 naar € 160,80 en van € 234,00 naar € 244,80). Daarnaast is in de tarieventabel milieustraten een tarief opgenomen voor het inleveren van bankstellen (€15,00 per zitting). 1.4. De tarieven voor de rioolheffing zijn gebaseerd op het Programma Water en Riolering Meierijstad (PWR) 2022 – 2026 De tarieven rioolheffing 2023 zijn gebaseerd op het Programma Water en Riolering Meierijstad (PWR) 2022 – 2026. Uitgangspunt hierbij is dat rioolheffing kostendekkend is. Voor rioolafvoerrecht moet in 2023 een bedrag gerealiseerd worden van € 6.942.000 om alle uitgaven die met de rioleringszorg gepaard gaan te dekken. De rioolheffing bestaat uit twee delen: een eigenarendeel en een gebruikersdeel. In het voorgaande VGRP 2017 -2022 is gekozen voor een verhouding van het kostenverhaal van 67% voor het eigenarendeel en 33% voor het gebruikersdeel. Op basis van een prognose van de stijging van de WOZ-waarden van
18% voor woningen en 5% voor niet-woningen is berekend dat het tarief voor het eigenarendeel kan dalen van 0,03666% naar 0,02734%. Voor de gebruikersheffing geldt eveneens dat de tarieven dalen. Op basis van de benodigde opbrengst is berekend dat de tarieven met 4,3% kunnen dalen ten opzichte van 2022. Eigenarenheffing (% WOZ-waarde) Woningen Niet woningen Gebruikersheffing woningen Eén persoon Twee of meer personen Gebruikersheffing niet woningen 1 t/m 500 m3 501 t/m 1.000 m3 1.001 t/m 2.000 m3 2.001 t/m 5.000 m3 5.001 t/m 10.000 m3 10.001 t/m 20.000 m3 20.001 m3 t/m 50.000 m3 50.001 m3 t/m 100.000 m3 Meer dan 100.000 m3
Zaaknummer 2220441
Pagina 3 van 8
2022 0,0366% 0,0366%
2023 0,02734% 0,02734%
€ 52,80 € 64,80
€ 50,52 € 62,04
€ 64,80 € 132,00 € 264,00 € 516,00 € 948,00 € 1.524,00 € 2.136,00 € 2.556,00 € 2.808,00
€ 62,04 € 126,36 € 253,20 € 494,40 € 912,00 € 1.464,00 € 2.052,00 € 2.448,00 € 2.688,00
datum 20 oktober 2022
1.5 De tarieven voor toeristenbelasting blijven gelijk De tarieven voor toeristenbelasting blijven voor belastingjaar 2023 ongewijzigd. De verordening is echter wel aangepast om deze beter te laten aansluiten op de praktijk en om rechtsongelijkheid te voorkomen. De forfaitaire berekeningswijze mag op kampeerterreinen zowel voor vaste standplaatsen als voor toeristische standplaatsen worden gebruikt. Daarnaast zijn in de forfaitaire berekeningswijze de forfaitaire aantallen aangepast. De reden hiervoor is dat gebleken is dat deze aantallen te laag zijn en daardoor te ver afwijken van het werkelijk aantal overnachtingen. Hierdoor is het mogelijk dat een verdienmodel ontstaat, aangezien de toeristenbelasting wel wordt geïnd, maar voor een deel niet wordt afgedragen aan de gemeente. Het aantal personen dat recreatief heeft overnacht wordt, met betrekking tot mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op standplaatsen op kampeerterreinen, verhoogd van 2,0 naar 2,4 personen. Het aantal malen dat door deze bedoelde personen is overnacht wordt, ingeval recreatief verblijf wordt gehouden op standplaatsen op kampeerterreinen welke geschikt zijn voor gebruik gedurende een periode van: a. ten hoogste zes maanden, verhoogd van 50 naar 70; b. meer dan zes doch ten hoogste twaalf maanden, verhoogd van 70 naar 80.
Tot slot is ervoor gekozen om artikel 11 Aanslagdrempel onder vernummering te laten vervallen. Artikel 11 bepaalde dat belastingaanslagen van minder dan € 500 niet worden opgelegd. Aangezien ook in deze gevallen de toeristenbelasting wel wordt geïnd bij de gasten, is er geen enkele reden waarom deze belasting niet aan de gemeente zou moeten worden afgedragen. 1.6 De tarieven voor scheepvaartrechten blijven gelijk De tarieven voor scheepvaartrechten blijven voor belastingjaar 2023 ongewijzigd. De tarieven zijn in 2022 aangepast en gelet op de lage bedragen lastig jaarlijks te verhogen met indexering in verband met inflatiecorrectie. Daarom wordt voorgesteld de tarieven voor de komende vier jaar ongewijzigd te laten en deze voor het belastingjaar 2027 opnieuw te bezien. In artikel 2 lid 1 is een verwijzing opgenomen naar de nieuwe Verordening fysieke leefomgeving. 1.7 De tarieven marktgelden worden geïndexeerd met 2,3% Conform de uitgangspunten begroting 2023 worden de tarieven marktgelden aangepast met de inflatiecorrectie van 2,3%. Er is een verwijzing opgenomen naar de nieuwe Verordening fysieke leefomgeving. Er is een enkele tekstuele aanpassing gedaan om onduidelijkheid te voorkomen bij de uitvoering. Zo is aan de omschrijving marktdag de solitaire standplaats toegevoegd.
1.8 De tarieven voor de begraafplaatsrechten zijn opnieuw berekend De tarieven voor de begraafplaatsrechten zijn opnieuw berekend op basis van het aantal benodigde uren van de buitendienst en de binnendienst met de desbetreffende uurtarieven. Er is uitgegaan van een lager uurtarief dan vorig jaar, maar het tarief voor groenonderhoud is omhoog gegaan in verband met indexatie. 1.9 Leges De leges zijn maximaal 100% kostendekkend en worden met 2,3% geïndexeerd (prijs netto materiële overheidsconsumptie 2022) tenzij sprake is van wettelijke maxima dan wel extern doorberekende (advies)kosten. De legesverordening is waar van toepassing aangepast aan de modelverordening Leges van de VNG.
Zaaknummer 2220441
Pagina 4 van 8
datum 20 oktober 2022
Artikel 2 lid 1 van de legesverordening is komen te vervallen. De bepaling kwam niet overeen met hetgeen is opgenomen in het besluit paspoortgelden. In plaats hiervan is er nu een tarief opgenomen in artikel 1.2.2.3 van de tarieventabel. Aan artikel 4 vrijstellingen is lid h toegevoegd: leges worden niet geheven voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor ontheffingen voor tijdelijk gebruik van gemeentegrond voor maatschappelijke doeleinden. Hierbij wordt gedacht aan educatieve schoolactiviteiten zoals ANWB Streetwise). Tarieventabel Daar waar van toepassing zijn verwijzingen opgenomen naar de nieuwe Verordening fysieke leefomgeving en de Telecommunicatieverordening opgenomen. Titel 2, hoofdstuk 1 begripsomschrijvingen Artikel 2.1.5 begripsomschrijving omgevingstafel is toegevoegd. Aan artikel 2.2.1.2 is vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Omgevingswet de omgevingstafel toegevoegd. Titel 3, hoofdstuk 3 Evenementen De artikelen 3.1.1, 3.1.2 en 3.1.3 zijn conform het evenementenbeleid gewijzigd in A-, B- en Cevenementen. Op basis van een urenindicatie van de vergunningverleners is een voorzichtige raming gedaan van de kosten die gemoeid zijn met name met de B- en C-evenementen. Hieruit komt naar voren dat de huidige leges voor deze vergunningen verre van kostendekkend zijn.
Per B-evenement is berekend dat de kosten minimaal € 2.000 zijn, en voor een C-Evenement € 6.700. Deze kosten omvatten onder andere overleg, planning, voorbereiding, beoordeling, behandelscan, afstemming vakateliers, opstellen vergunning en administratief afhandelen. Om de stijging niet ineens te hoog te laten zijn wordt voorgesteld voor 2023 de leges als volgt vast te
stellen. Voor een B-evenement een stijging van € 390,00 naar € 400,00. Voor Cevenement een stijging van € 1.010,00 naar € 2.500,00. Voor A-evenementen wordt het tarief verlaagd naar € 100,00.. Titel 3, hoofdstuk 6 Kinderopvang De leges die tot nu toe gehanteerd werden voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een nieuwe locatie kinderopvang/ gastouderbureau, zijn relatief hoog in vergelijking met andere regiogemeenten. Daarom zijn de tarieven naar beneden bijgesteld. Bij het bepalen van de tarieven is gekeken naar de benodigde tijd die de GGD als toezichthouder Wko voor de inspecties nodig heeft en daarnaast naar de ambtelijke uren die gemoeid zijn bij een aanvraag. Hiervan is een percentage genomen. Een verlaging van de leges is in het voordeel van de aanvrager. Positief neveneffect hierbij is dat het ook kan bijdragen aan een gunstiger vestigingsklimaat voor houders van kinderopvang. 1.10 Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Moties vanuit de Tweede Kamer hebben geleid tot een aanpassing in de nadere regels over kwijtschelding. Hierdoor wordt het voor gemeenten en waterschappen mogelijk om binnen de Kwijtscheldingstoets een ophoging toe te passen boven op de halfjaarlijks vastgestelde vermogensnormen. Gemeenten en waterschappen krijgen de beleidsvrijheid om de vermogensnorm voor gehuwden/samenwonenden met een zelf te bepalen bedrag (tot maximaal 2.000 euro) op te
Zaaknummer 2220441
Pagina 5 van 8
datum 20 oktober 2022
hogen. Voor alleenstaanden en alleenstaande ouders zal automatisch de ophoging worden doorberekend op basis van de voorgeschreven percentages van respectievelijk 75% en 90%. Deze regeling treedt in werking met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2022. Gemeenten en waterschappen bepalen zelf of en vanaf wanneer er van deze beleidsvrijheid gebruik wordt gemaakt. Naar aanleiding van het voorgaande is gekeken wat de impact van de maximale verhoging (€ 2.000,00) zou zijn voor Meierijstad. Onderzocht is hoeveel personen in 2022 zijn afgewezen op grond van vermogen die op basis van de verhoogde norm wel kwijtschelding zouden hebben gekregen. Het blijkt dan te gaan om 116 personen. Totaal 116 waarvan tegen Vastrecht afval/riool gebruik 2022 85 alleenstaanden Eénpersoonstarief € 202,80 € 17.238,00 9 alleenstaande ouder Meerpersoonstarief € 214,80 € 1.933,20 22 gehuwd/samenwonend Meerpersoonstarief € 214,80 € 4.725,60 Totaal € 23.896,80 Verhoging van de norm met het maximum van € 2.000,00 betekent dat er in 2023 naar verwachting een bedrag van circa € 25.000 meer kwijtgescholden zal worden. Voorgesteld wordt in te stemmen met een verhoging van de norm met het maximum van € 2.000,00 en daartoe de aangepaste verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen Meierijstad 2023 vast te stellen. De verhoging van de norm is opgenomen in artikel 5 van deze verordening.
Kanttekeningen 2.2 De OZB-tarieven zijn gebaseerd op een prognose van de WOZ-waardestijging De nieuwe WOZ-waarden voor 2023 zijn op het moment van berekening van de tarieven nog niet bekend. Aangezien uit wordt gegaan van een prognose kan de werkelijke opbrengst afwijken van de gewenste opbrengst volgens de begroting. 2.4 Het tarief rioolheffing eigenaren is gebaseerd op een prognose van de WOZ-waardestijging De nieuwe WOZ-waarden voor 2023 zijn op het moment van berekening van de tarieven nog niet bekend. Aangezien uit wordt gegaan van een prognose kan de werkelijke opbrengst afwijken van de gewenste opbrengst volgens de begroting. Communicatie De door de raad vastgestelde belastingverordeningen 2023 zullen overeenkomstig de wettelijke eisen worden gepubliceerd: www.officielebekendmakingen.nl (gemeenteblad). Verder zullen al deze wijzigingen via diverse kanalen met de burgers worden gecommuniceerd (gemeentelijke website, social media enz.).
Participatie n.v.t Duurzaamheid n.v.t.
Zaaknummer 2220441
Pagina 6 van 8
datum 20 oktober 2022
Financiële toelichting Dit voorstel heeft geen financiële consequenties. Tarieven zijn berekend op basis van de in de meerjarenbegroting opgenomen opbrengsten. Planning n.v.t. Rechtsbescherming n.v.t. Monitoring en evaluatie n.v.t. Bijlagen 1. Verordening OZB Meierijstad 2023; 2. Verordening rioolheffing Meierijstad 2023; 3. Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrecht Meierijstad 2023; 4. Verordening toeristenbelasting 2023; 5. Legesverordening Meierijstad 2023; 6. Legestarieventabel Meierijstad 2023; 7. Bijlage leges: Bouwkostentabel wonen 2023; 8. Bijlage leges: Bouwkostentabel overige 2023; 9. Verordening marktgelden Meierijstad 2023; 10. Verordening begraafplaatsrechten Meierijstad 2023; 11. Verordening scheepvaartrechten Meierijstad 2023; 12. Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen Meierijstad 2023.
Onderliggende documenten N.v.t.
Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van de gemeente Meierijstad, De secretaris, De burgemeester,
Drs. M.G.C. Wilms –Wils RA
Zaaknummer 2220441
ir. C.H.C. van Rooij
Pagina 7 van 8
datum 20 oktober 2022
De raad van de gemeente Meierijstad, Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 8 november 2022 Gelet op artikel 216 Gemeentewet Besluit gemeenteraad: 1. Vast te stellen de Verordening OZB Meierijstad 2023; 2. Vast te stellen de Verordening rioolheffing Meierijstad 2023; 3. Vast te stellen de Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrecht Meierijstad 2023; 4. Vast te stellen de Verordening toeristenbelasting 2023; 5. Vast te stellen de Legesverordening Meierijstad 2023 en Legestarieventabel 2023; 6. Vast te stellen de Verordening marktgelden Meierijstad 2023; 7. Vast te stellen de Verordening begraafplaatsrechten Meierijstad 2023; 8. Vast te stellen de Verordening scheepvaartrechten Meierijstad 2023; 9. In te stemmen met een verhoging van de vermogensnorm voor
kwijtschelding met het maximum van € 2.000,00 en hiertoe de Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen aan te passen; 10. Vast te stellen de Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2023.
Aldus besloten in zijn openbare vergadering van 15 december 2022 De raad voornoemd, De griffier,
De voorzitter,
A.F.J. Franken MSc
ir. C.H.C. van Rooij
Zaaknummer 2220441
Pagina 8 van 8
datum 20 oktober 2022