raad 27-01-22 raadsvoorstel kwaliteitsniveaus beheer openbare ruimte
Tekst van het document
Datum raad
27 januari 2022
Datum college
9 november 2021
Zaaknummer
Portefeuille
1948407982
Infrastructuur, duurzaamheid, winkelcentra H.G.W.M. van Rooijen
Onderwerp
kwaliteit onderhoud openbare ruimte
Samenvatting Eind 2018 heeft uw raad het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR) vastgesteld en hierbij een motie aangenomen om, in afwijking van het voorstel, kwaliteitsniveau B van de C.R.O.W. te hanteren als basisniveau voor het beheer en onderhoud. In de loop van 2019 bleek dat het toenmalige beheerbudget ontoereikend zou zijn om kwaliteitsniveau B te borgen. Daarom werd in de programmabegroting van 2020 een afwijkende werkwijze voorgesteld met de optie om extra financiële middelen beschikbaar te stellen voor een hoger kwaliteitsniveau. Uw raad heeft geen gebruik gemaakt van deze optie. Op 29 april 2021 heeft uw raad een motie aangenomen waarin werd verwezen naar de geconstateerde afwijking van het raadsbesluit uit 2018 en waarin het college werd verzocht om een onderbouwd voorstel voor te leggen voor het kwaliteitskader beheer openbare ruimte, met alternatieven en de financiële gevolgen. Zie bijlage 2 van de bijgevoegde notitie met alle mogelijke opties ter verhoging van de kwaliteit, de financiële gevolgen en de adviezen van het college. Op dit moment is er geen ruimte in de begroting om structurele meerkosten te dekken. Uw raad zal daarom moeten herprioriteren om middelen vrij te maken.
Relatie met programmabegroting en/of Mijlpalen van Meierijstad In paragraaf 2.2 is de volgende tekst opgenomen over beheer openbare ruimte: De openbare ruimte moet aangenaam, schoon, goed onderhouden en veilig zijn, met voldoende groen, waarbij de winkelcentra /publieksruimtes extra uitstraling krijgen. Behandeling in commissie 13 januari 2022
Ontwerpbesluit gemeenteraad 1. Kennis nemen van de afwegingen en keuzen voor de huidige werkwijzen; 2. Instemmen met de huidige werkwijzen; 3. Kennis nemen van de mogelijke varianten in toekomstige basiskwaliteit van het beheer en onderhoud. Waarom naar de raad De raad heeft dit gevraagd in een motie d.d. 29 april 2021. Aanleiding Op 20 december 2018 heeft de raad het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR) vastgesteld. Hierbij is een motie aangenomen om, in afwijking van het voorstel, beeldkwaliteitsniveau B van de C.R.O.W. te hanteren als basisniveau voor het beheer en onderhoud. Op grond van marktoriëntatie bleek in de loop van 2019 dat het toenmalige beheerbudget ontoereikend zou zijn om dit kwaliteitsniveau te bekostigen. Oorzaken zoals lagere inkomsten van het Rijk, groei van het areaal, indexering van contractprijzen, contractuele verplichtingen, marktwerking, organisatorische redenen en taakverschuivingen binnen de eigen organisatie hadden een negatief effect op de taakstelling. Om binnen het gestelde budget te blijven werd in de programmabegroting van 2020 een afwijkende werkwijze voorgesteld met de optie om extra financiële middelen beschikbaar te stellen om een hoger kwaliteitsniveau te realiseren. Uw raad heeft bij de vaststelling van de programmabegroting 2021 op 7 november 2020 geen gebruik gemaakt van deze optie.
In reactie op vragen over het gewijzigd kwaliteitsniveau heeft uw raad op 29 april 2021 een motie aangenomen waarin werd verwezen naar de geconstateerde afwijking van het raadsbesluit IBOR uit 2018. In deze motie werd het college verzocht om: • Ten behoeve van de keuze voor de kwaliteit van openbare ruimte in 2022 (en de jaren daarna) dit jaar een onderbouwd voorstel aan de raad voor te leggen voor het kwaliteitskader beheer openbare ruimte, inclusief mogelijke alternatieven, zodat de raad in staat gesteld wordt een hoger of lager kwaliteitsniveau vast te stellen; • Jaarlijks bij de begroting aan de raad het benodigde budget voor te leggen voor het beheer van de openbare ruimte in het navolgende jaar en dit budget te baseren op het behalen van de kwaliteitsniveaus die de raad hiervoor heeft vastgesteld. Dit voorstel en de bijlage bevatten inhoudelijke reacties op de vragen en opties voor uw raad om keuzes te maken over het kwaliteitsniveau. Argumenten 1.1 Het raadsbesluit IBOR beperkt de mogelijkheden in gebiedsbeheerplannen In het IBOR is een werkwijze voorgesteld met verschillende beeldkwaliteitsniveaus. Hierbinnen is het mogelijk om gebiedsgericht op onderhoudsaspecten een hoger of lager kwaliteitsniveau te kiezen in overleg met de stakeholders. Door kwaliteitsniveau B als basisniveau te hanteren worden de mogelijkheden in de praktijk echter fors ingeperkt.
2.1 Streven naar meer biodiversiteit Wereldwijd neemt de biodiversiteit af, ook in onze directe omgeving. In de Duurzaamheidsvisie 2019 is het voornemen opgenomen om de biodiversiteit te vergroten. Er is een directe relatie tussen de wijze en de intensiteit van het beheer van de openbare ruimte, met name van groen en water, en de gevolgen voor de biodiversiteit: minder vaak ingrijpen is gunstig voor de aanwezige
Zaaknummer 1948407982
Pagina 2 van 6
datum 3 november 2021
flora en fauna. Daarmee staat vast dat het hanteren van verschillen in onderhoudsniveau ‘s een bijdrage kunnen leveren aan de biodiversiteit. Een rigide kwaliteitsregiem doet dat niet. 2.2 Financiële aspecten Het realiseren van een hogere kwaliteit kost meer inspanningen en is duurder. Daarnaast is de werkwijze volgens de (beeld)kwaliteitssystematiek soms duurder dan een vergelijkbare werkwijze op basis van vastgelegde uitvoeringsfrequenties. Binnen de begroting zijn geen middelen voorhanden om de meerkosten te dekken voor een hoger onderhoudsniveau. 2.3 Organisatorische aspecten Wij hebben gekozen voor een gebiedsgerichte integrale aanpak van het beheer en onderhoud. Het onderhoudscontract voor netheidsbeheer in de bebouwde omgeving omvat allerlei werkzaamheden zoals onkruidbeheer, veegbeheer, zwerfvuilbeheersing, maaien van gazons en snoeiwerkzaamheden. Ook hebben we bewust besloten om dit soort werk uit te laten voeren door IBN en WSD, de twee sociale werkvoorzieningsbedrijven binnen de gemeente. Deze bedrijven bieden werk voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Deze medewerkers hebben in algemene zin meer moeite met de werkwijze met (beeld)kwaliteitseisen. Het huidige onderhoudscontract is daarom tot stand gekomen in samenwerking met deze twee bedrijven: er is soms bewust niet gekozen voor de kwaliteitssystematiek vanwege deze reden.
Daarnaast is het aantal potentiele medewerkers met een afstand tot de arbeidsmarkt waarover deze bedrijven kunnen beschikken beperkt. Een hogere onderhoudskwaliteit vergt meer inzet van personeel. In de bijgevoegde notitie zijn de afwegingen beschreven en de gekozen werkwijzen. In de tabellen in bijlage 2 van de notitie zijn alle opties opgenomen ter verhoging van de kwaliteit met de ambtelijke adviezen. De huidige werkwijze zoals beschreven in bijlage 1 van de notitie is voor ons het minimum basisniveau wat nagestreefd dient te worden. Een lager onderhoudsniveau heeft onaanvaardbare financiële, technische of maatschappelijke gevolgen op de lange termijn. Voor het buitengebied wordt geadviseerd om de huidige werkwijze te handhaven. Kanttekeningen 1.1 Gedifferentieerd onderhoud wijkt af van het raadsbesluit IBOR In het IBOR is een werkwijze voorgesteld op basis van verschillende beeldkwaliteitsniveaus. Bij gedifferentieerd beheer worden naast beeldkwaliteit ook andere overwegingen gehanteerd zoals functies, regelgeving en praktische uitvoeringsaspecten. Communicatie Tijdens het opstellen van de IVOR en het IBOR zijn informatiebijeenkomsten gehouden voor stakeholders en inwoners. In het onderhoudscontract met IBN-WSD is de afspraak opgenomen dat ze zelf communiceren over de uitvoering van hun werkzaamheden.
Bij het opstellen van de integrale gebiedsbeheerplannen worden bijeenkomsten gehouden met dorps- en wijkraden en bewoners. Tijdens deze bijeenkomsten worden de werkwijze en het kwaliteitsniveau per deelgebied uitgelegd. Participatie Het IVOR en IBOR zijn opgesteld met participatie door dorps- en wijkraden, ondernemersverenigingen, natuurorganisaties en inwoners. In het vervolgtraject zijn we bezig met het opstellen van integrale gebiedsbeheerplannen, in samenwerking met deze belanghebbenden. Het geharmoniseerde basisbeheer voor ruw gras, sloten, stadwateren en landschapselementen is
Zaaknummer 1948407982
Pagina 3 van 6
datum 3 november 2021
in 2019 opgezet in samenwerking met een klankbordgroep met vertegenwoordigers van dorps- en wijkraden, POM, ZLTO en natuurorganisaties.
Duurzaamheid In het beheer en onderhoud wordt rekening gehouden met de aanwezigheid van flora en fauna en, waar redelijkerwijs mogelijk, met het verbeteren van hun leefomgeving. Dit laatste is vooral gerealiseerd bij het onderhoud van ruw gras, bermen en sloten. In algemene zin heeft een intensiever onderhoudsregime een negatief effect op de biodiversiteit en het milieu. Uit de duurzaamheidsscan van Telos blijkt dat intensivering van het onderhoud negatieve gevolgen heeft voor de onderdelen Planet en Profit. Voor het onderdeel People kan er, afhankelijk van de keuze, sprake zijn van een kleine verbetering. Financiële toelichting Voor een aantal werkzaamheden die momenteel worden uitgevoerd op basis van niveau C is het technisch en organisatorisch mogelijk om te gaan werken met C.R.O.W. kwaliteitsniveau B als basisniveau. Om dit in te voeren is er incidenteel een bedrag nodig voor de ‘nulbeurt’ om dit niveau te bereiken. Deze incidentele kosten kunnen worden gedekt uit de algemene risicoreserve. Om dit niveau te behouden, is structureel een extra bedrag per jaar nodig. De meerkosten hiervoor zijn afhankelijk van de gemaakte keuzen. De geraamde opties hebben een maximale structurele kostenverhoging van € 1.422.028 tot gevolg, de geraamde opties zonder inhoudelijke bezwaren hebben een maximale structurele kostenverhoging van € 433.818 tot gevolg.
De kosten van een paar opties zijn niet bekend. In de tabellen in bijlage 2 van de notitie zijn alle opties opgenomen ter verhoging van de kwaliteit met de financiële gevolgen en de ambtelijke adviezen. Op dit moment is er geen ruimte in de beschikbare budgetten voor onderhoud om structurele meerkosten te dekken. Uw raad zal daarom moeten herprioriteren om middelen vrij te maken. Als er gekozen wordt voor een structureel hoger onderhoudsniveau zullen er ook incidentele middelen moeten worden vrijgemaakt voor de “nulbeurt”. Op dit moment is er geen ruimte in de begroting om structurele meerkosten te dekken. Uw raad zal daarom moeten herprioreren om middelen vrij te maken. Als er gekozen wordt voor een structureel hoger onderhoudsniveau zullen er ook incidentele middelen moeten worden vrijgemaakt voor de “nulbeurt”. Planning Voor het opstellen van de integrale gebiedsbeheerplannen loopt een pilot in de kom van Schijndel en op de bedrijventerreinen. Deze processen verliepen moeizaam vanwege de Corona restricties. Voor de goede voortgang is het noodzakelijk dat de raad haar keuzes maakt over de gewenste kwaliteit van het onderhoud alvorens de overige gebiedsplannen worden opgepakt. De financiële gevolgen dienen opgenomen te worden in de kadernota 2023. Ter verbetering van de kwaliteit van dit proces dienen ook de inhoudelijke deskundigen als adviseurs betrokken te worden.
Zaaknummer 1948407982
Pagina 4 van 6
datum 3 november 2021
De huidige raamovereenkomsten voor het onderhoud van bermen, sloten, ruw gras, waterpartijen en landschapselementen hebben een looptijd tot en met 31 maart 2024. Voor nieuwe contracten moet een Europese aanbestedingsprocedure worden gevolgd. Het nieuwe onderhoudscontract met IBN en WSD voor het netheidsonderhoud binnen de bebouwde kommen is gestart op 1 januari 2020 en heeft een looptijd van maximaal 6 jaar. Het verhogen van de huidige kwaliteitsmeetlatten van C naar B vergt een ‘nulbeurt’. Daarna dient het hogere kwaliteitsniveau structureel in stand worden gehouden. Vanwege de extra personele inzet zal dit gebeuren in de loop van 1 onderhoudsjaar, nadat besloten is tot het structureel verhogen van het onderhoudsniveau. Rechtsbescherming De geschetste aanpak heeft geen rechtsgevolgen. Met onze aanpak wordt een veilig bruikbare woon- en leefomgeving geborgd. Hoewel er geen mogelijkheid van bezwaar en/of beroep bestaat tegen deze aanpak, mag deze toezegging voldoende worden geacht om de aanpak te vertalen naar acceptabele integrale gebiedsbeheerplannen die voor alle partijen een eenduidig en transparant kader bieden voor samenwerken aan het beheer van de openbare ruimte. Monitoring en evaluatie De uitvoering wordt voortdurend gemonitord tijdens overleggen met stakeholders en contractpartners.
Naast de reguliere overleggen over de voortgang van de werkzaamheden is met IBN en WSD is afgesproken om de werkwijze jaarlijks te evalueren en bij te stellen indien nodig. Hierbij willen we ook de stakeholders gaan vragen om hun ervaringen. Voor de overige onderhoudscontracten worden de aanpak en ervaringen geëvalueerd vóór iedere verlenging of aanbesteding. Bijlagen 1. Notitie kwaliteitsniveaus openbare ruimte
Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van de gemeente Meierijstad, De secretaris, De burgemeester,
Drs. M.G.C. Wilms –Wils RA
Zaaknummer 1948407982
ir. C.H.C. van Rooij
Pagina 5 van 6
datum 3 november 2021
De raad van de gemeente Meierijstad, Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 9 november 2021 Gelet op artikel 147 van de Gemeentewet Besluit gemeenteraad: 4. Kennis nemen van de afwegingen en keuzen voor de huidige werkwijzen; 5. Instemmen met de huidige werkwijzen; 6. Kennis nemen van de mogelijke varianten in toekomstige basiskwaliteit van het beheer en onderhoud. Aldus besloten in zijn openbare vergadering van 27 januari 2022 De raad voornoemd, De griffier,
De voorzitter,
A.F.J. Franken
ir. C.H.C. van Rooij
Zaaknummer 1948407982
Pagina 6 van 6
datum 3 november 2021