CConstaterende datMeierijstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Dashboard Sociaal Domein 2023

Raadsvergadering 1 juli 2024, gemeente MeierijstadBij agendapunt: Vaststelling jaarverslag en jaarrekening 2023 gemeente Meierijstad5.371 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kerncijfers Sociaal Domein –2023 1. Inleiding Bij elke Bestuursrapportage en de Jaarrekening wordt de dashboardrapportage Kerncijfers Sociaal Domein aangeboden. Het dashboard is een integrale rapportage over de uitvoering van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning, de Jeugdwet en de Participatiewet. De rapportage bevat drie elementen: kwantitatieve gegevens, financiële gegevens en een korte tekstuele toelichting en analyse. De dashboardrapportage is een groeimodel, de komende jaren worden in het kader van de doorontwikkeling zo nodig onderwerpen toegevoegd. Daarmee komt meer en betere sturingsinformatie beschikbaar. Door enkele uitdagingen rondom het nieuwe registratiesysteem X-works was het eerder niet mogelijk om een beeld te genereren over 2022. Dit was nog steeds merkbaar bij het opleveren van een rapportage over 2023. Sinds kort hebben we bij het regiesysteem de beschikking over een rapportagetool die moet zorgen voor het kunnen ontsluiten van de juiste cijfers. Ten aanzien van de monitoring en de uit X-works gegenereerde cijfers blijven er enkele aandachtspunten. Dit beïnvloedt o.a. de rapportage en de betrouwbaarheid van de cijfers en moeten daarom een voorbehoud maken t.a.v. cijfers. Naast deze dashboard rapportage wordt vanaf 2020 elke twee jaar een meer strategisch en tactisch stuurinstrument aangeboden, de 4G monitor.

Op basis van (zoveel mogelijk) beschikbare informatie wordt in deze monitor een beeld geschetst en een analyse gemaakt van vier belangrijke indicatoren over de leefsituatie van de inwoners van Meierijstad. De monitor geeft een beeld over (positieve) gezondheid, geluk, gezin (thuissituatie) en geld (financiële situatie) van onze inwoners in relatie tot de onderwerpen vanuit het sociaal domein. De beschikbare informatie wordt afhankelijk van de mogelijkheden afgezet tegen de rest van Nederland, vergelijkbare gemeenten of de regio (Noordoost Brabant). Op basis hiervan kan de Raad vaststellen of het goed gaat met onze inwoners, of het gewenst is bij te sturen of dat het gewenst is de ambities bij te stellen. Op basis van ervaringen en input van de Raad zal de 4G-monitor de komende jaren verder worden doorontwikkeld.

2. Wet maatschappelijke ondersteuning 2.1 Kerncijfers Onderstaande tabel geeft een overzicht van het aantal uitstaande voorzieningen op betreffende peildatum. In deze tabel zijn zorg in natura (ZIN) en een persoonsgebonden budget (PGB) meegenomen. Sommige klanten maken gebruik van meerdere voorzieningen. Begeleiding en Dagbesteding zijn in onderstaande tabel meegenomen, maar zijn door de nieuwe inkoopsystematiek in 2022 niet te vergelijken met voorgaande jaren. We lichten de producten individuele begeleiding en groepsbegeleiding separaat toe. Aantal uitstaande voorzieningen (ZIN en PGB) Aantal indicaties Wmo Beschermd Wonen Collectief Vervoer Huishoudelijke verzorging Rolstoelvoorziening Vervoersvoorziening Woonvoorziening Parkeerkaart Individuele begeleiding

Dec 2019 133 1783 1904 825 689 529 809 712

Dec 2020 129 1703 2033 740 725 555 961 713

Dec 2021 72 1705 2161 711 768 594 1087 789

Dec 2022 76 1732 2313 612 903 668 1177 853

Dec 2023 60 1731 2294 731 909 845 1140 863

Groepsbegeleiding

212

174

197

206

196

Wat valt op? Zoals voorspeld, is voor voorzieningen waar het abonnementstarief van toepassing is over de jaren heen een grote stijging te zien. Bij de invoering bleek dit al een aanzuigende werking te hebben. Dit zien we met name bij het product huishoudelijke verzorging met een verdere toename. De cijfers worden hiervan gemonitord, de daadwerkelijke redenen van inwoners om aanspraak te maken op een voorziening zijn niet altijd evident. Echter wijzen alle signalen (vanuit werkatelier Toegang en regionaal) erop dat het invoeren van het abonnementstarief hier de grootste oorzaak van is. Dit beeld wordt landelijk bevestigd. Hierbij spelen naast het abonnementstarief uiteraard ook andere ontwikkelingen mee waaronder de toenemende vergrijzingen het langer zelfstandig thuis wonen. Op het gebied van woonvoorzieningen zien we ook een stijging in 2023 ten opzichte van december 2022. Deze stijging lift mee op de aanzuigende werking van het abonnementstarief. Maar vooral is deze stijging te verklaren door de overgang naar X-works (nieuwe registratiesysteem) waardoor de indicaties van eind 2022 later technisch zijn verwerkt. Dit geeft een vertekenend beeld van het aantal lopende indicaties in 2023. Ook is in 2023 de capaciteit bij het werkatelier Toegang uitgebreid waardoor een inhaalslag kon worden gemaakt.

Deze verklaringen gelden ook voor de stijging in het aantal gehandicaptenparkeerkaarten. We zagen een sterke daling van beschermd wonen in 2021. Eerder is al de trend ingezet om zo min mogelijk inwoners in zware hulp, waaronder (zware) vormen van beschermd wonen, te hebben.

Zaaknummer

Pagina 2 van 19

datum

Deze eerdere daling is in 2021 versterkt doordat sinds januari 2021 mensen die hun leven lang intensieve geestelijke zorg (GGZ) nodig hebben toegang hebben tot de Wet Langdurige Zorg. Veel inwoners met een zware beschermd wonen indicatie zijn aangemeld bij het CIZ voor een Wlz indicatie. Een groot deel van hen heeft ook een Wlz indicatie toegekend gekregen. Het beeld na deze omzetting is stabiel te noemen. Begeleiding en dagbesteding Voor begeleiding en dagbesteding kennen we per 2022 een nieuwe inkoop op basis van PxQsystematiek. Ingezette zorg wordt zuiver afgerekend: op basis van werkelijk gebruik. Met de inkoop zijn ook de producten en productindelingen herzien en aangepast op basis van ervaringen, jurisprudentie en advies. Dit houdt in dat er hiervoor ook nieuwe producten/productcodes zijn ontwikkeld waarop geregistreerd wordt. Dit betekent dat de cijfers voor begeleiding en dagbesteding “oude stijl” tot en met 2021 zich niet zonder meer laten vergelijken met begeleiding en dagbesteding “nieuwe stijl” met ingang van 2022. De cijfers over 2022 laten zien dat er 853 indicaties individuele begeleiding en 206 indicaties groepsbegeleiding uitstaan. De cijfers over 2023 laten zien dat er 863 indicaties individuele begeleiding en 196 indicaties groepsbegeleiding uitstaan. Deze cijfers zijn zowel Zin als PBG.

De investering waartoe besloten is bij de implementatie rondom de inkoop, namelijk het vooraf opnieuw beoordelen van cliënten o.b.v. de nieuwe producten, loont. Er is voorafgaand aan ingangsjaar 2022 door onze Toegang goed gekeken naar hoe de passende zorg voor elke inwoner/cliënt past bij de nieuwe producten. Deze investering en het juist inschalen van zorg/zorgzwaarte heeft effect op de passende ondersteuning voor de inwoner zelf maar ook op het gebruik van zorg in algemene zin en uiteindelijk in de kosten. Dit was zichtbaar in de jaarcijfers 2022 en is ook zo gebleven in 2023. Ontwikkelingen 2023 en verder Vanaf invoering van het abonnementstarief zien wij een aanzuigende werking, met name bij huishoudelijke hulp. Deze ontwikkeling heeft ook financiële consequenties en is nog altijd zichtbaar. Per 1 januari 2024 zal door indexatie het abonnementstarief stijgen van € 19,- euro naar € 20,60 per maand. Het Rijk is voornemens de eigen bijdrage inkomensafhankelijk te maken voor meerdere Wmo voorzieningen, zoals huishoudelijke verzorging en begeleiding. De invoering van de inkomensafhankelijke eigen bijdrage per 2026 staat op dit moment niet op de lijst met controversiële onderwerpen van de Tweede Kamer. Dit betekent dat de voorbereidingen voor deze wetswijziging vooralsnog doorgaan.

De regiovisie ‘Beschermd wonen en maatschappelijke opvang’ vastgesteld in 2019 gaat uit van de herstelvisie. Vanaf 2022 zijn de nieuwe contracten met aanbieders ingegaan en werken we met de nieuwe beschermd wonen producten, die passen bij deze visie en het regionale uitvoeringsprogramma. In 2022 is voor de lokale implementatie van de doordecentralisatie een uitvoeringsprogramma vastgesteld met diverse lokale projecten en thema's. Denk hierbij aan toegankelijker maken van de arbeidsmarkt, laagdrempelige hulp voor psychische- en verslavingsproblematiek en een vergroting van draagkracht en acceptatie in de wijk. Aan verschillende van die thema's wordt op dit moment gewerkt. Er wordt een geactualiseerd uitvoeringsprogramma 2024/2025 gemaakt, gezien na 2025 de doordecentralisatie juridisch

Zaaknummer

Pagina 3 van 19

datum

voltooid is. In voorbereiding daarop werken we ook toe naar de implementatie van het woonplaatsbeginsel en de landelijke financieringsmethodiek. Voor het jaar 2022 is een kwantitatief cliëntervaringsonderzoek uitgevoerd. De resultaten zijn middels een raadsinformatiebrief gedeeld. De resultaten voor het jaar 2022 zijn over het algemeen goed en verschillen weinig met vorig jaar. De resultaten van het cliëntervaringsonderzoek over het jaar 2023 worden pas in mei 2024 bekend en beschikbaar. We verwachten de komende jaren nog een verdere toename van de vraag naar hulp bij huishouden (HbH). Belangrijke factoren hierin zijn, zoals eerder genoemd, de vergrijzing, de extra-muralisering van de zorg, het langer zelfstandig thuis wonen en de aanzuigende werking van het abonnementstarief. Daarnaast is er landelijk sprake van een schaarste op de arbeidsmarkt, ook bij zorgpersoneel. Binnen Meierijstad is dit personeelstekort eveneens zichtbaar, waardoor er wachtlijsten en klantenstops bij verschillende aanbieders zijn ontstaan. De meest urgente casussen worden direct opgepakt, maar een aantal klanten heeft ook langere tijd moeten wachten voordat de ondersteuning opgestart kon worden. Om hoge wachtlijsten te bestrijden, is bij de inkoop meegenomen dat aanbieders met de gemeenten gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen.

De inkoop is eind 2023 afgerond en per 1 januari 2024 bestaat hulp bij huishouden uit de bestaande maatwerkvoorziening HbH (gemiddeld 2 uur per week) en een nieuw product ‘algemene voorziening HbH’ (gemiddeld 2 uur per 2 weken). De algemene voorziening is bedoeld voor inwoners die de eigen regie op het huishouden kunnen voeren, maar die niet alle huishoudelijke taken zelf meer kunnen uitvoeren. De algemene voorziening is voorliggend. De invoering van de algemene voorziening wordt gezien als een groeimodel. Afhankelijk van het gebruik van de voorliggende algemene voorziening, kan er een besparing plaatsvinden. Er kunnen op dit moment nog geen reële inschattingen worden gedaan, over hoeveel cliënten gebruik gaan maken van een algemene voorziening. Met de regio blijven we deze nieuwe werkwijze, met de aanbieders volgen. Financieel WMO

Realisatie 2023

(Gewijzigde) begroting 2023

Verschil

Begeleiding/tijdelijk

PGB

827.326

832.423

-/- 5.097

verblijf/dagbesteding

ZIN

5.487.214

5.729.853

-/- 242.639

844.931

755.283

89.648

PGB

243.560

218.689

24.871

ZIN

7.636.952

7.808.996

-/- 172.044

Hulpmiddelen WMO

1.470.615

1.470.615

0

Vervoersvoorzieningen

166.189

227.239

-/- 61.050

Woonvoorzieningen

639.119

779.556

-/- 140.437

ZIN

n.v.t.

1.703.020

PGB

n.v.t.

44.886

Collectief vervoer Huishoudelijke verzorging

Beschermd wonen

Zaaknummer

Pagina 4 van 19

datum

De budgetten voor begeleiding/tijdelijk verblijf/dagbesteding, collectief vervoer, huishoudelijke verzorging, hulpmiddelen en woonvoorzieningen zijn open eind regelingen en worden vooraf zo goed mogelijk geraamd. Voor begeleiding en dagbesteding kennen we per 2022 een nieuwe inkoop op basis van PxQsystematiek. De facturen en declaraties van de geleverde zorg worden achteraf ingediend en verwerkt op basis van het werkelijke verbruik.. In 2022 is gebleken dat het zuiver afrekenen van verbruik in combinatie met het nieuwe productenboek een (financieel) positief effect heeft In 2023 zijn tussentijds de ramingen voor begeleiding en dagbesteding verlaagd (in totaal voor € 1 miljoen.). Uiteindelijk waren de bestedingen € 248.000 hoger dan geraamd.

Financiering van beschermd wonen loopt via de centrumgemeente ‘s-Hertogenbosch. Deze financiering wijzigt in de toekomst. Met de decentralisatie beschermd wonen ontvangt elke gemeenten op termijn zelf middelen voor beschermd wonen. Na de val van het kabinet Rutte IV zijn de invoering van het woonplaatsbeginsel en het nieuwe verdeelmodel voor beschermd wonen controversieel verklaard. Dit betekent dat besluitvorming hierover later zal plaatsvinden. De huidige regionale samenwerking blijft ongewijzigd en we ontvangen voorlopig nog budget vanuit de centrumgemeente voor de lokale uitvoering van beschermd wonen (uitvoeringsplan).

Zaaknummer

Pagina 5 van 19

datum

3.

Jeugdwet

3.1 Kerncijfers Vanaf 2019 is het GGK, het systeem voor berichtenverkeer tussen verwijzers en aanbieders van jeugdhulp, volledig in gebruik waardoor het mogelijk is om naast de verwijzingen van de gemeentelijke toegang ook de aantallen van andere verwijzers zoals huisartsen en gecertificeerde instellingen zoals Jeugdbescherming Brabant inzichtelijk te maken. In 2021 zijn we gestart met het toekennen van jeugdhulp op basis van het nieuwe productenboek. Onderstaande tabel gaat uit van de nieuwe producten. De informatie uit voorgaande jaren is omgezet naar de nieuwe tabel zodat we de ontwikkelingen ten aanzien van de aantallen kunnen blijven volgen en vergelijken. Een aantal producten zijn nieuw per 2021, zoals consultatie en advies, medicatie consultatie, vaktherapie, verblijf basis en gezinsopname. Om die reden zijn er van voorgaande jaren geen aantallen beschikbaar ten aanzien van deze producten. Categorie

Product

2020

2021

2022

2023

Respijtzorg

Respijtzorg Begeleiding basis Begeleiding specialistisch Daghulp basis Daghulp specialistisch Daghulp intensief Orthoped. Beh. Basis Orthoped. Beh. Specialistisch Basis GGZ Specialistische GGZ

41

26 131 193 19 50 45 9

34 125 208 10 57 47 10

32 73 244 4 62 40 23

50 134 385

40 121 517

96 201 813

95 147 933

Medicatie consultatie Vaktherapie

-

1 28

2 38

6 34

MST, FACT Dyslexie diagnose en behandeling

57

71

100

89

140

150

150

124

Pleegzorg Gezinshuis Woonbegeleiding/leefgroep

48 10 -

49 7 1

59 10 2

66 11 0

Verblijf incl. behandeling Verblijf ggz spec en intensief LVB en driemilieuvoorziening

15

13

16

21

2

2

7

8

9

10

10

10

Begeleiding

Daghulp

Behandeling GGZ Medicatie consultatie Vaktherapie Netwerk intensief spec. Dyslexie Pleegzorg Gezinsvervangend Verblijf basis Verblijf specialistisch Verblijf GGZ Verblijf intensief

Zaaknummer

Pagina 6 van 19

320

131

datum

Gezinsopname Crisis Jeugdreclassering

Jeugdbescherming Landelijke arrangementen Maatwerk Totaal

Gesloten jeugdzorg Gezinsopname Crisis ambulant en verblijf

2 nb

4 0 9

3 1 1

3 0 1

Jeugdreclassering OTS tot 1 jaar OTS meerjarig Voogdij Landelijk Transitie Arrangementen Maatwerk zonder verblijf Maatwerk met verblijf

10 38 66 27

18 33 61 28

21 41 67 23

25 36 61 20

49 14 3

26 4 3 1669

22 13 4 2191

51 13 2 2234

N.B. De totalen zijn geen unieke jeugdigen. Dit zijn het totaal aantal lopende beschikkingen op een bepaald moment.

Cijfers Het afgelopen jaar heeft er een optimalisatie plaatsgevonden van het dashboard. Datalab heeft samen met het RIOZ gekeken naar de cijfers zodat deze op dezelfde manier geïnterpreteerd kunnen worden. De stijging in het totaal aantal lopende beschikkingen komt doordat er aanzienlijk meer beschikkingen zijn afgegeven op SGGZ. Over het algemeen zien wij een verschuiving van lichte inzet naar zwaardere hulpvormen. We zien meer inzet begeleiding specialistisch en een afname in begeleiding basis. Daarnaast neemt de vraag naar specialistische GGZ toe en is er een afname te zien op basis GGZ. Deze toename vraagt om een grondige analyse. Hier is een start mee gemaakt en we zien bijvoorbeeld dat de trajecten langer duren en er vaak de hoogste categorie SGGZ wordt ingezet bij bepaalde aanbieders. Het is belangrijk om te achterhalen hoe dit komt. Landelijk wordt vaak aangegeven dat de oorzaken van deze verschuiving gevonden kan worden in de fundamentele veranderingen die gaande zijn in de samenleving. Deze hebben een forse weerslag op het leven van kinderen, jongeren en opvoeders. Dat geldt bijvoorbeeld voor de gegroeide prestatie- en geluksdruk, een sterke individualisering van de opvoeding en een zware verantwoordelijkheid van burgers in allerlei te maken keuzes. Daarbovenop komen grote problemen op het vlak van klimaat, wonen en betaalbaarheid van het gewone leven.

Het is dan ook niet vreemd dat deze ontwikkelingen ook stress, angst, somberheid of eenzaamheid in de hand werken.

Zaaknummer

Pagina 7 van 19

datum

Belangrijk is om de komende jaren nog meer in te zetten op collectief preventief aanbod en samenwerking met andere (leef)domeinen. Een voorbeeld is dat er meer aanbod van HALT is ingekocht voor het onderwijs. We willen ook graag de aansluitfunctionarissen (consulent onderwijs – jeugd) op de basisscholen de komende jaren verder uitbreiden. Deze vormen een belangrijke brugfunctie tussen jeugdige/ouders en school/zorg. Daarnaast zetten we in op meer aanwezigheid van jongerenwerkers op de VOscholen. Het belang van een integrale, domein overstijgende aanpak wordt steeds belangrijker. Niet elke hulpvraag is een jeugdhulp vraag. Een brede analyse (zowel lokaal als regionaal) is noodzakelijk. Tevens zullen er gesprekken gevoerd blijven worden met de huisartsen, poh ggz jeugd en het onderwijs over de-medicaliseren en normaliseren. We proberen hiermee de stijgende lijn te doorbreken. Het aantal jeugdigen dat dyslexiehulp ontvangt is gedaald. Binnen de gemeente Meierijstad is de inzet van dyslexiezorg belegd bij het dyslexieteam. Het team beoordeelt de aanvragen dyslexie die zij van de scholen ontvangen. Onderdeel van deze beoordeling is in hoeverre er voldoende inzet is geweest vanuit het onderwijs en in hoeverre er sprake is van andere problematiek.

Op basis van deze beoordeling wordt een deel van de aanvragen teruggelegd bij school, een deel van de vragen wordt doorverwezen naar andere hulpverlening. 3.2 PGB PGB

2019

2020

2021

2022

2023

Aantal cliënten

178

128

176

185

181

Totaal toegekend budget

€ 1.118.576

€ 1.060.232

€ 1.198.196

€ 1.289.089

€ 1.253.000

Totaal benut door cliënt

€ 833.541

€ 736.838

€ 910.550

€ 983.679

€ 855.567

We zien dat in 2023 het aantal cliënten dat een PGB heeft aangevraagd stabiel blijft. Het benutte bedrag is wel flink gedaald. Dit komt doordat er een aantal duren PGB's zijn gestopt.

Zaaknummer

Pagina 8 van 19

datum

3.3 Financieel

Zaaknummer

Pagina 9 van 19

datum

Met ingang van 1 januari 2022 is de oude lumpsum-financiering opgeheven. Er wordt nu sinds 1 1/2 jaar gewerkt met de PxQ regeling. Hierdoor betaalt iedere gemeente voortaan haar eigen zorgverbruik. Enkele budgetten zijn nog opgenomen in het regionaal budgettair kader. Deze budgetten zijn met name bedoeld voor het in stand houden c.q. beschikbaar houden van voorzieningen en/of het naar verhouding spreiden van overhead- en excessieve zorgkosten over de deelnemende gemeenten. Voor deze budgetten zijn we regionaal solidair volgens een in de centrumregeling vastgelegde verdeelsleutel. Ook voor de regionale uitvoeringskosten zijn we nog steeds solidair. Als gevolg van deze nieuwe inkoopsystematiek maken we in bovenstaande tabel onderscheid tussen de ZIN – uitvoering lokaal en de ZIN - uitvoering regionaal door de Regionale inkooporganisatie (RIOZ). Ook zijn in 2023, in verband met de wettelijke verantwoordingsvoorschiften vanuit de BBV, de kosten van jeugdzorg verder gespecificeerd naar de diverse vormen van zorg. Deze uitsplitsing is in bovenstaande tabel overgenomen. De uitgaven op jeugdzorg zijn erg hoog en de budgetten niet toereikend. We proberen elk jaar aan de hand van de dashboards lokaal en regionaal een analyse te maken van het zorgverbruik. Hierdoor hopen we een betere inschatting te kunnen maken en in te kunnen spelen op ontwikkelingen.

Bij de uitvoering van de jeugdhulp vormen onze lokale toegang en de (huis)artsen een belangrijke rol in de daadwerkelijke kosten voor de jeugdhulp. Ook in 2023 hebben de jeugdconsulenten op lokaal niveau ondersteuning gekregen bij het kritisch kijken naar een casus en bij het zoeken naar alternatieven om zo de inzet van deze hulpvormen zoveel mogelijk te beperken. Met de inzet van de praktijkondersteuner huisarts jeugd-GGZ proberen we het GGZ-gebruik jeugdhulp terug te dringen. Daarnaast zetten we stevig in op preventie om eventuele hulpvragen eerder te signalen zodat we vroegtijdig hierop in kunnen spelen. Er waren echter ook oorzaken waar wij geen invloed op hadden: Hoge indexering en tariefstijging Gecertificeerde instellingen Toename excessieve casuïstiek (doorverwijzer vaak JBB) waaronder 2 casussen die gezamenlijk ruim € 900.000 kosten.

Zaaknummer

Pagina 10 van 19

datum

4. WERK EN INKOMEN 4.1 Ontwikkelingen klantenbestand 2023 In vergelijking met de rest van Nederland heeft het klantenbestand voor uitkeringen voor levensonderhoud in Meierijstad historisch gezien altijd relatief laag gelegen. Deze lage mate van bijstandsaanvragen is te danken aan de gunstige werkgelegenheid in Meierijstad. Het uitkeringsbestand is lange tijd stabiel gebleven. Sinds 2022 is het bestand licht aan het stijgen. In 2023 is de stijging ten opzichte van 2022 4,8%. Deze stijging is vooral terug te zien vanwege de verhoogde taakstelling voor het huisvesten van statushouders.

Ontwikkeling uitkeringsbestand 820

813

800

799 790 781

780 760 745

740 720

2019

2020

2021

2022

2023

Ontwikkeling klantenbestand gemeente Meierijstad

Grafiek 1 : Ontwikkeling klantenbestand gemeente Meierijstad Naast de inwoners die een uitkering ontvangen, begeleidt de gemeente ook een groep nietuitkeringsgerechtigden (Nuggers). Deze groep heeft geen uitkering. De gemeente heeft een wettelijke taak om jongeren onder de 27 jaar begeleiding te bieden richting werk, activering of onderwijs. Voor de gemeente Meierijstad gaat het om 155 jongeren die in 2023 ondersteuning ontvangen vanuit de gemeente. De groep boven de 27 jaar kan ondersteuning aanvragen bij PIM Werkt. In 2023 zijn er 184 aanvragen binnengekomen bij PIM Werkt. Dit waren inwoners uit zowel de gemeente Meierijstad, Bernheze en Boekel.

Zaaknummer

Pagina 11 van 19

datum

Ook is er een grote groep in gemeente Meierijstad die uitstroomt met een loonkostensubsidie. In Meierijstad waren er in 2023 260 mensen die werkten met een loonkostensubsidie. In de onderstaande tabel is te zien dat de gemeente Meierijstad ongeveer 33% van het BUIG-budget besteedt aan loonkostensubsidie. Landelijk ligt dit percentage op 15%.

Grafiek 2 : ontwikkeling loonkostensubsidie ten opzichte van het BUIG budget. 4.2 Opbouw klantenbestand In de onderstaande drie grafieken geven we een weergave van hoe het klantenbestand is opgebouwd. We maken hierin onderscheid in leeftijd, leefvorm, uitkeringsduur en het aantal kinderen in de bijstand.

Diagram 1: Leeftijdsverdeling klantenbestand

Zaaknummer

Pagina 12 van 19

datum

Diagram 2: Leefvorm klantenbestand

Diagram 3: Uitkeringsduur klantenbestand Kinderen <18 in een bijstandsgezin Meierijstad 15%

85% Kinderen jonger dan 5 jaar (78 kinderen) Kinderen tussen de 5 en 17 jaar (458 kinderen)

Diagram 4: aantal kinderen in de bijstand

Zaaknummer

Pagina 13 van 19

datum

4.3 Re-integratie Het re-integratiebeleid is erop gericht klanten te ondersteunen bij het verbeteren van hun vaardigheden en werknemers kwaliteiten, waardoor hun kansen op het vinden van werk worden vergroot. 4.3.1 Poortwachtersfunctie We zetten sterk in op de zogeheten Poortwachtersfunctie om de instroom te beperken. Dit doen we door te sturen op voorliggende voorzieningen. Daarnaast wijzen we mensen, die een uitkering aanvragen, op de kansen op de arbeidsmarkt. Dit doen we door ze allerlei vacatures aan te bieden waar ze op kunnen solliciteren. We zien in 2023 dat de groep jongeren aan het toenemen is. We constateren ook dat de groep die instroomt in de uitkering een aanzienlijke afstand tot de arbeidsmarkt heeft, waardoor bemiddeling naar werk op korte en middellange termijn niet mogelijk is. De groep inwoners die uiteindelijk instroomt in de uitkering is te zien dat daar vaak een combinatie is van psychische of fysieke problematiek. 2023

Regulier (27+)

Jongeren (-27)

Totaal

Uit de uitkering

104

92

196 (57%)

In de uitkering

94

56

150 (43%)

Totaal

200

148

346 (100%)

Zaaknummer

Pagina 14 van 19

datum

4.3.2 Instroom / uitstroom De redenen uitstroom kunnen worden verdeeld in door de gemeente beïnvloedbare factoren, te weten werkaanvaarding in loondienst of zelfstandige en het weer gaan studeren met studiefinanciering, en niet-beïnvloedbare factoren zoals verhuizing en bereiken pensioengerechtigde leeftijd. In de onderstaande tabel wordt weergegeven dat in 2023 37% van onze uitstroom toe te schrijven is aan beïnvloedbare factoren, terwijl 63% van de uitstroom te wijten is aan niet-beïnvloedbare factoren. In totaal zijn er in 2023 160 mensen uitgestroomd. De beïnvloedbare factoren zijn ten opzicht van 2022 gedaald, in de cijfers zien we dat in 2023 een grote groep is uitgestroomd met als reden bereiken van de AOW leeftijd. uitstroom

beïnvloedbaar

niet-beïnvloedbaar

2021

207

81

39%

126

61%

2022

153

64

42%

89

58%

2023

160

59

37%

101

63%

Tabel 1: Uitstroomfactoren. Als we kijken naar de sectoren waarin de meeste inwoners in 2023 naar werk zijn geplaatst, staan de top 3 sectoren als volgt gerangschikt: verkoop en handel, magazijnbeheer/productie en horeca. De grootste groep die bemiddeld wordt, stroomt uit met een vast contract. Van de uitstroom heeft 41% minder dan één jaar in de uitkering gezeten. 4.4 Taakstelling Beschut werk Beschut werk is bedoeld voor mensen met een lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking, die alleen kunnen werken in een ‘beschutte’ omgeving, onder aangepaste omstandigheden. Elke gemeente krijgt een wettelijke doelstelling opgelegd. De taakstelling voor Meierijstad was in 2023 2263 uur (cumulatief). Uitgaande van een gemiddelde dienstbetrekking van 31 uur per week, zouden er voor eind 2023, 73 personen moeten zijn geplaatst. Ondanks dat de taakstelling niet behaald wordt, zien we een stijging in de taakstelling. Jaartal taakstelling

Taakstelling beschut

beschut werk

werk in uren

Gerealiseerd

Aantal geplaatste inwoners met indicatie beschut werk

2021

1891 uren

494 (26%)

31

2022

2108 uren

1026 uur (49%)

40

2023

2263 uren

1125 uur (50%)

44

Tabel 2: Cijfers Beschut werk Op dit moment zijn er 19 personen met een indicatie beschut werk die niet zijn geplaats. Er zijn diverse redenen waarom een inwoner momenteel geen beschutte werkplek heeft, zoals tijdelijke geen mogelijkheid tot werk door ziekte, deelname aan een voortraject om een passende werkplek te vinden, het vrijwillig beëindigen van een traject, het vinden van regulier werk of het nastreven van een opleiding.

Zaaknummer

Pagina 15 van 19

datum

4.5 Wet Inburgering Vanaf 2022 is de gemeente verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet Inburgering. Voor monitoring maken wij gebruik van de Benchmark van Divosa. Deze is in 2023 niet uitgekomen door problemen bij CBS en DUO. De raad zal hierover worden geïnformeerd in het Dashboard van de eerste helft van 2024. Sinds de start van de nieuwe Wet Inburgering zijn er in de gemeente Meierijstad 246 personen die onder deze wet vallen. 4.6 Individuele studietoeslag Aan de Raad is de toezegging gedaan om de voortgang van de individuele studietoeslag mee te nemen in het Dashboard Sociaal Domein. Via verschillende kanalen is aandacht besteed aan de individuele studietoeslag. In het tweede helft van 2022 zagen we een enorme toename van aanvragen individuele studietoeslag.Deze cijfers bevatten echter ook de aanmeldingen van de gemeenten Bernheze en Boekel. In 2023 hebben 12 inwoners van de gemeente Meierijstad een individuele studiefinanciering aangevraagd. 4.7 Minimabeleid - voorzieningen en ondersteuning In 2023 is het aantal aanvragen met 7,9% gestegen ten opzichte van 2022. Hieronder staat een overzicht van de typen aanvragen en de aantallen. Bijzondere bijstand 2021

1417

Gecombineerde aanvraag bijzondere bijstand 620

Individuele inkomenstoeslag

Maatschappelijke Participatie

Pcregeling

Schoolkosten

272

279

62

28

2678

2022

1568

609

245

199

48

31

2700

2023

1567

593

331

229

50

24

2932

Tabel 7: overzicht bijzondere bijstand en minimabeleid

4.8 Schuldhulpverlening 4.8.1 Aanmeldingen schuldhulpverlening In 2023 werd er door 379 inwoners een beroep gedaan op schuldhulp en om advies gevraagd i.v.m. geldzaken. Het is moeilijk een jaarvergelijking te maken met 2022, omdat er van het laatste kwartaal van 2022 geen cijfers beschikbaar zijn in verband met de overgang naar X works. Wel is duidelijk dat het aantal aanvragen is toegenomen als gekeken wordt naar Q1, 2 en 3. In 2022 hebben over deze periode 183 inwoners een aanvraag ingediend, in 2023 waren dit over dezelfde periode 285 inwoners. Dit is een stijging van 122 aanvragen, oftewel een stijging van ongeveer 50%. 4.8.2 Schuldregeling Het aantal minnelijke schuldregelingen is het afgelopen jaar vrijwel stabiel gebleven ten opzichte van 2022. Tot en met Q3 2022 zijn er 21 inwoners doorverwezen voor een schuldregeling. In 2023 gaat dit over dezelfde periode om 19 inwoners. In totaal gaat het om 29 aanvragen over heel 2023. Daarbij gaat het in bijna alle gevallen om een saneringskrediet en in enkele gevallen om een schuldbemiddeling. Dit zorgt voor een snellere schuldenrust en minder administratieve rondslomp. Hiermee zitten we met het aantal saneringskredieten boven het landelijke gemiddelde van 65%.

Zaaknummer

Pagina 16 van 19

datum

Totaal

Per juli 2023 is de looptijd van een schuldregeling (zowel een saneringskrediet als schuldbemiddeling) verkort van 36 naar 18 maanden met als doel meer mensen met schulden te kunnen helpen en hen sneller perspectief te kunnen bieden. De verwachting was dan ook dat er een stijging zou volgen in een beroep op schuldhulpverlening en een schuldregeling. Deze grote stijging is vooralsnog niet terug te zien in de cijfers van het aantal schuldregelingen. Wel is opgemerkt dat bewindvoerders bewust gewacht hebben tot na de verkorting met het aanmelden van klanten, waardoor de kleine stijging te wijten is aan het laatste kwartaal van 2023. Desondanks kan het bereik van het aantal inwoners met een problematische schuldenlast beter. We zien ook landelijk dat maar 3% van de huishoudens met problematische schulden bereikt wordt. 4.8.3 Voedselhulp In 2023 wordt ook een stijging gezien in het aantal aanvragen van een voedselpakket. In de gemeente Meierijstad waren er 229 aanvragen voedselpakket. Ook hier kan geen goede vergelijking gemaakt worden over heel 2022. Wel is duidelijk dat er over Q1, 2 en 3 een stijging wordt gezien van 87 aanvragen. In 2022 waren dit 107 aanvragen in Meierijstad, t.o.v. 179 aanvragen in Meierijstad in 2023. Er wordt opgemerkt dat in de laatste maand van 2023 veel mensen zich direct melden bij de voedselbanken en dat zij vaak te maken hebben met multiproblematiek.

Bij de informele voedselhulp in Meierijstad wordt ook een stijging gezien in het beroep op ondersteuning. Dit zijn met name alleenstaanden en gezinnen. Zij signaleren dat deze groepen steeds meer moeite hebben met rondkomen en ook vaak te kampen hebben met problemen op meerdere leefgebieden. 4.8.4 Vroegsignalering Sinds 2021 geven een aantal vastenlastenpartners (zorgverzekeraars, energiebedrijven, woningverhuurders en drinkwaterbedrijven) signalen van betalingsachterstanden door aan gemeentes. Vervolgens gebruiken gemeenten deze vroegsignalen om inwoners proactief hulp aan te bieden. Het doel is om er vroeg bij te zijn en daarmee schulden te voorkomen. In 2023 zijn er 2785 vroegsignalen binnengekomen die opgevolgd zijn. Deze signalen kunnen opgedeeld worden in enkelvoudige signalen (één signaal van een betalingsachterstand in eenzelfde maand) en meervoudige (meerdere signalen van betalingsachterstanden in eenzelfde maand) signalen: Vroegsignalen per gemeente 2023 Meierijstad enkelvoudig Meierijstad meervoudig

Aantallen 2.597 188

Veruit de meeste vroegsignalen zijn enkelvoudige signalen. De grootste groep signalen komt van de woningverhuurders (39%), opgevolgd door de zorgverzekeraars (34%), de energieleveranciers (22%) en de drinkwaterbedrijven (5%). Ook wordt gesignaleerd dat het aantal signalen toeneemt over het jaar heen. Van de 379 aanvragen schuldhulpverlening, komen 48 aanmeldingen voort uit opvolgingen die gedaan zijn in het kader van vroegsignalering. Het is momenteel lastig om iets te zeggen over ons bereik los van het aantal aanmeldingen. Wel hebben we opgemerkt dat het in contact komen met inwoners vaak niet leidt tot een afspraak of dat mensen toch niet op de

Zaaknummer

Pagina 17 van 19

datum

afspraak verschijnen. Sinds kort zijn we aangesloten bij de Divosa Monitor Vroegsignalering, waarmee we vanuit het registratiesysteem direct kunnen gaan zien met hoeveel mensen er contact geweest is per gemeente en vergelijkingen hopen te kunnen maken met landelijke cijfers. Het doel is om hier bij het volgende dashboard over te kunnen rapporteren. 4.9 Financieel

begroting na 2e berap 2023

realisatie 2023

Verschil

Participatie algemeen

-165.567

-350.297

184.730

Personen t/m 21 jaar

103.457

85.843

17.614

Personen 22 jaar eo

11.151.021

11.218.604

-67.583

Personen in inrichting

90.757

80.857

9.900

Krediethypotheek

-5.818

-12.254

6.436

Studietoeslag Pwet

1.701

4.168

-2.467

Bbz

19.114

70.280

-51.166

11.194.665

11.097.200

97.465

IOAW

497.681

445.367

52.314

IOAZ

16.805

17.087

-282

Uitkeringen levensonderhoud Participatiewet

Loonkostensubsidie

2.500.000

3.033.696

-533.696

Totaal inkomensvoorz. BUIG

14.209.151

14.593.350

-384.199

Budget BUIG (Inkomsten)

-14.395.619

-16.097.842

1.702.223

1.375.109

2.096.697

-721.588

Participatiewet – re-integratie

Inburgering, trajecten op cliëntbasis Uitgaven

96.000

529.534

-433.534

Inkomsten

-96.000

-529.534

433.534

Kredieten Bbz 2004

-16.400

-14.186

-2.214

Kapitaalverstrekking Bbz

-13.500

3.685

-17.185

Voorzieningen en ondersteuning

1.266.160

1.511.606

-245.446

Energietoeslag *1

1.604.359

4.734.900

-3.130.541

Schuldhulpverlening

239.390

141.215

98.175

Totaal

4.268.650

6.969.424

-2.700.774

*1 Energietoeslag (aanvulling)

2.369.000

0

2.369.000

Totaal tekort

-331.774

Tabel 9: Financieel overzicht

Zaaknummer

Pagina 18 van 19

datum

Jaarlijks krijgt de gemeente van het Rijk een toewijzing, bekend als het Buig-budget, om de uitgaven van de Participatiewet te dekken. Dit budget wordt jaarlijks vastgesteld op basis van een verdeelmodel dat rekening houdt met verschillende interne en externe factoren die de omvang ervan beïnvloeden. Het budget is in oktober definitief vastgesteld op €16.097.842 wat hoger is dan de oorspronkelijke begroting. Wat betreft de re-integratiemiddelen: deze worden gebruikt om de inwoners te stimuleren en te begeleiden naar het hoogst haalbare niveau van participatie. In 2023 is er een tekort van €721.588 geconstateerd. In het verleden konden tekorten worden aangevuld met incidenteel beschikbare budgetten, maar deze waren in 2023 niet meer beschikbaar. Voorzieningen en ondersteuning: het tekort op voorzieningen en ondersteuning is ontstaan door de energietoeslag.

Zaaknummer

Pagina 19 van 19

datum

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meierijstad&id=baf1b4aa-e0d1-44cb-ad14-1a1d79af6281