Bijlagen Bp Buitengebied Laar 1 te Sint-Oedenrode (Geanonimiseerd)
Tekst van het document
Geomilieu V5. 21
R2021. 024 Bijlage 2 Eerste model
jerry #2|Wegverkeerslawaai|RMW-2012| jerry op 16-4-2021 jerry op 29-4-2021 Geomilieu V5. 21 07:00 - 19:00 19:00 - 23:00 23:00 - 07:00 Lden Gem(Dag , Avond + 5 , Nacht + 10) 0 4 Groepsresultaten Groepsresultaten ----
100, 2 1 Ja 3D analyse Volledige Conform standaard 00, 0; 00, 0; 10, 0; 20, 0; 40, 0; 100, 0; 230, 0; 580, 0 Conform standaard 350,
29-4-2021 08:56:06
Rekenresultaten incl. aftrek art. 110g Wgh Nijnselseweg Rapport: Model: Groep:
Groepsreductie: Naam Toetspunt 01_A 01_B 02_A 02_B 03_A 03_B 04_A 04_B 05_A 05_B 06_A 06_B 07_A 07_B 08_A 08_B 09_A 09_B 10_A 10_B 11_A 11_B 12_A 12_B
R2021. 024 Bijlage 2
Resultatentabel Eerste model LAeq totaalresultaten voor toetspunten Nijnselseweg Ja
Omschrijving ZG Nieuw te bouwen woning ZG Nieuw te bouwen woning OG Nieuw te bouwen woning OG Nieuw te bouwen woning NG Nieuw te bouwen woning NG Nieuw te bouwen woning WG Nieuw te bouwen woning WG Nieuw te bouwen woning ZG alternatief 1 nieuw te bouwen ZG alternatief 1 nieuw te bouwen OG alternatief 1 nieuw te bouwen OG alternatief 1 nieuw te bouwen NG alternatief 1 nieuw te bouwen NG alternatief 1 nieuw te bouwen WG alternatief 1 nieuw te bouwen WG alternatief 1 nieuw te bouwen ZG alternatief 2 nieuw te bouwen ZG alternatief 2 nieuw te bouwen OG alternatief 2 nieuw te bouwen OG alternatief 2 nieuw te bouwen NG alternatief 2 nieuw te bouwen NG alternatief 2 nieuw te bouwen WG alternatief 2 nieuw te bouwen WG alternatief 2 nieuw te bouwen
woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning
Hoogte 15, 0 45, 0 15, 0 450, 150, 450, 15, 0 45, 0 15, 0 45, 0 150, 450, 150, 45, 0 15, 0 45, 0 15, 0 450, 150, 450, 15, 0 45, 0 15, 0 45, 0
Dag 515, 523, 481, 491, 348, 370, 465, 478, 397, 404, 312, 314, 268, 295, 389, 399, 375, 401, 259, 328, 300, 329, 384, 399,
Avond 489, 497, 455, 465, 322, 345, 439, 452, 370, 377, 285, 287, 242, 269, 362, 372, 349, 375, 231, 301, 274, 302, 359, 374,
Nacht 428, 436, 394, 404, 260, 283, 378, 390, 312, 319, 227, 230, 180, 207, 304, 314, 287, 314, 173, 243, 213, 243, 296, 312,
Lden 524, 532, 490, 501, 357, 380, 474, 487, 407, 414, 322, 324, 277, 304, 399, 409, 384, 410, 268, 338, 309, 338, 393, 409,
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V5. 21
29-4-2021 08:56:34
Rekenresultaten incl. aftrek art. 110g Wgh Oostelijke Randweg Rapport: Model: Groep:
Groepsreductie: Naam Toetspunt 01_A 01_B 02_A 02_B 03_A 03_B 04_A 04_B 05_A 05_B 06_A 06_B 07_A 07_B 08_A 08_B 09_A 09_B 10_A 10_B 11_A 11_B 12_A 12_B
R2021. 024 Bijlage 2
Resultatentabel Eerste model LAeq totaalresultaten voor toetspunten Randweg Oostelijke Ja
Omschrijving ZG Nieuw te bouwen woning ZG Nieuw te bouwen woning OG Nieuw te bouwen woning OG Nieuw te bouwen woning NG Nieuw te bouwen woning NG Nieuw te bouwen woning WG Nieuw te bouwen woning WG Nieuw te bouwen woning ZG alternatief 1 nieuw te bouwen ZG alternatief 1 nieuw te bouwen OG alternatief 1 nieuw te bouwen OG alternatief 1 nieuw te bouwen NG alternatief 1 nieuw te bouwen NG alternatief 1 nieuw te bouwen WG alternatief 1 nieuw te bouwen WG alternatief 1 nieuw te bouwen ZG alternatief 2 nieuw te bouwen ZG alternatief 2 nieuw te bouwen OG alternatief 2 nieuw te bouwen OG alternatief 2 nieuw te bouwen NG alternatief 2 nieuw te bouwen NG alternatief 2 nieuw te bouwen WG alternatief 2 nieuw te bouwen WG alternatief 2 nieuw te bouwen
woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning
Hoogte 15, 0 45, 0 15, 0 450, 150, 450, 15, 0 45, 0 15, 0 45, 0 150, 450, 150, 45, 0 15, 0 45, 0 15, 0 450, 150, 450, 15, 0 45, 0 15, 0 45, 0
Dag 276, 291, 400, 414, 388, 402, 266, 292, 460, 477, 439, 453, 364, 375, 409, 427, 314, 326, 354, 370, 334, 345, 75, 106,
Avond 248, 263, 369, 383, 357, 371, 238, 262, 426, 443, 404, 418, 328, 340, 380, 398, 279, 292, 318, 335, 299, 310, 46, 77,
Nacht 192, 206, 315, 329, 303, 317, 182, 207, 374, 391, 353, 367, 277, 289, 324, 342, 228, 240, 267, 283, 248, 259, -09, 22,
Lden 286, 301, 409, 423, 397, 411, 276, 301, 468, 485, 447, 461, 371, 383, 418, 436, 322, 334, 361, 377, 342, 353, 85, 116,
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V5. 21
29-4-2021 08:57:06
Rekenresultaten incl. aftrek art. 110g Wgh Rijksweg A50 Rapport: Model: Groep:
Groepsreductie: Naam Toetspunt 01_A 01_B 02_A 02_B 03_A 03_B 04_A 04_B 05_A 05_B 06_A 06_B 07_A 07_B 08_A 08_B 09_A 09_B 10_A 10_B 11_A 11_B 12_A 12_B
R2021. 024 Bijlage 2
Resultatentabel Eerste model LAeq totaalresultaten voor toetspunten A50 Ja
Omschrijving ZG Nieuw te bouwen woning ZG Nieuw te bouwen woning OG Nieuw te bouwen woning OG Nieuw te bouwen woning NG Nieuw te bouwen woning NG Nieuw te bouwen woning WG Nieuw te bouwen woning WG Nieuw te bouwen woning ZG alternatief 1 nieuw te bouwen ZG alternatief 1 nieuw te bouwen OG alternatief 1 nieuw te bouwen OG alternatief 1 nieuw te bouwen NG alternatief 1 nieuw te bouwen NG alternatief 1 nieuw te bouwen WG alternatief 1 nieuw te bouwen WG alternatief 1 nieuw te bouwen ZG alternatief 2 nieuw te bouwen ZG alternatief 2 nieuw te bouwen OG alternatief 2 nieuw te bouwen OG alternatief 2 nieuw te bouwen NG alternatief 2 nieuw te bouwen NG alternatief 2 nieuw te bouwen WG alternatief 2 nieuw te bouwen WG alternatief 2 nieuw te bouwen
woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning woning
Hoogte 15, 0 45, 0 15, 0 450, 150, 450, 15, 0 45, 0 15, 0 45, 0 150, 450, 150, 45, 0 15, 0 45, 0 15, 0 450, 150, 450, 15, 0 45, 0 15, 0 45, 0
Dag 340, 346, 461, 471, 442, 454, 350, 383, 500, 506, 518, 529, 488, 503, 426, 439, 435, 423, 479, 485, 459, 469,
---
Avond 307, 313, 429, 439, 409, 421, 318, 351, 468, 474, 486, 497, 456, 470, 394, 407, 403, 391, 447, 453, 427, 437,
---
Nacht 267, 273, 388, 399, 369, 381, 278, 311, 427, 433, 445, 456, 415, 430, 353, 367, 363, 350, 407, 413, 386, 397,
---
Lden 354, 360, 475, 485, 455, 468, 364, 397, 514, 520, 531, 543, 502, 517, 440, 453, 449, 437, 493, 499, 473, 483,
---
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V5. 21
29-4-2021 08:57:20
T T a a b b e e l l o o m m g ggeeeevvvviiiinnnngg ggssssvvvveeeerrrrgggguuuunnnn n n i i n n gggg wwwweeeerrrrkkkkeeeennnn e e n n wwwweeeerrrrkkkkzzzzaaaaaammaammhh hheeeeddddeeeennnn B B P P B B u u i i t t e e n n g ggeeeebbbbiiiieeeedddd WWe errkkeenn//wweerrkkzzaaaammhheeddeenn
1
2
3 -4
Bestemmingen / aanduidingen
Reliëf/Bodem/Water
6
7
8
9
10
11
12
13
14-15
(zie overzicht werken en werkzaamheden) ►
Beplanting/Grondgebr.
Infra
/ TOV *
(A)
n. v. t. n. v. t.
( ( A A W W - -LL)) Aardkundig waardevol gebied Cultuurhistorisch waardevolle akker Cultuurhistorisch waardevol gebied Dassen / Landschappelijk besloten Struweelvogels Waardevol Beekdal ( ( A A W W - - N N L L ) ) ( ( z z i i e e w w a a a a r r d d e e n n b b i i j j A A W W - - L L eenn v v e e r r d d e e r r ) ) Weidevogels Kwetsbare soorten ( ( B B O O ) ) , ( ( G G ) ) eenn ( ( N N ) ) Bos Groen (incl. landschapselement) Natuur AArrcchheeoollooggiiee ((dduubbbbeellbbeesstteemmmmiinngg)) Waarde Archeologie 1 Waarde Archeologie 2 Waarde Archeologie 3 Waarde Archeologie 4 WWaatteerrssttaaaatt ((dduubbbbeellbbeesstteemmmmiinngg)) Waterstaat Attentiegebied EHS Waterstaat Waterbergingsgebied
A A A A
A A A A
A
A -A
A A A A A
-A A -A A-A A -A
A A
A A
A -A A -A
A
A
NT-A
A
A
NT-A
A A A A
A A A A
-A -A -A -A
A
A
A -A A -A
A
A
A A A
A A A
NT
A A
NT
A
NT A
A A
A
A A
A
A A A A
A A A A
A A
A A
NT NT
A
A
A
A
NT NT NT
A
NT
A A
VVeerrkkllaarriinngg ccooddeess i n sscchheemmaa: A = Omgevingsvergunning vereist i. v. m. doeleinden bestemming NT = Niet toegestaan i. v. m. doeleinden bestemming NB: Ingreep 5 zit bij ingreep 3 , TOV loopt via afwijking en dus NIET via omgevingsvergunning voor werken en werkzaamheden
I I n n g g r r e e p p e e n n : De gebruikte codes voor werken/werkzaamheden zijn als volgt omschreven : RReelliiëëff//bbooddeemm//wwaatteerr 1. 2.
3. 4. 5. 6.
Het verzetten of vergraven van grond waarbij het maaiveld over meer dan 100 m² per perceel of met meer dan 05, 0 m wordt gewijzigd (zoals het verlagen , ophogen of egaliseren van de bodem) of waarbij de maaiveldniveaus van steilranden worden gewijzigd , met uitzondering van waterpoelen tot een oppervlakte van 125 m² en een diepte tot 15, m of indien een ontgrondingsvergunning vereist is. Het omzetten van grond (zoals het diepploegen of diepwoelen van de bodem) of het uitvoeren van bodemingrepen dieper dan 050, m onder maaiveld (zoals het leggen van leidingen , uitvoeren van heiwerken of indringen van voorwerpen in de bodem) , met uitzondering van de vervanging van aanwezige ondergrondse leidingen; Het verlagen (wijzigen) van de (grond)waterstand door aanleg van drainage (ongeacht de diepte tenzij het gaat om vervanging van bestaande drainage) of door bemaling en/of bronnering; Het verlagen (wijzigen) van de (grond)waterstand door het aanleggen (graven) , dempen of wijzigen (verdiepen , vergroten of anderszins herprofileren) van (oevers , profiel , doorstroom- of bergingscapaciteit) van oppervlaktewateren (waterlopen , sloten en greppels en andere wateren zoals poelen en vennen); Het wijzigen van de waterstand anders dan door het graven van sloten of het toepassen van drainage (b. v.
(onder)bemaling of wateronttrekking) anders dan via legale grondwateronttrekking (vervallen , zit al in 3. ); Het wijzigen van de bergingscapaciteit via het ophogen van gronden en het aanleggen van dammen , dijken of kaden.
BBeeppllaannttiinngg//ggrroonnddggeebbrruuiikk 7. 8.
Het verwijderen of rooien (vellen) van bos en/of andere grote houtopstanden Het verwijderen of rooien (vellen) van natuur- en landschapselementen en ander opgaand houtgewas zonder agrarische productiefunctie (zoals bosjes en houtsingels e. a. beplantingen) 9. Het aanleggen of aanplanten van hoger dan 15, m opgaand houtgewas met agrarische productiefunctie (zoals fruitteelt , boomteelt of agrarische houtteelt); 10. Het aanleggen of aanplanten van bos- , natuur- en landschapselementen of ander opgaand houtgewas zonder agrarische productiefunctie (zoals perceelsrandbeplanting); 11. Het permanent (voor meer dan 2 jaar aaneengesloten) omzetten (scheuren) van grasland naar een andere bodemcultuur (zoals bouwland voor akkerbouw of tuinbouw); IInnffrraassttrruuccttuuuurr//tteeeellttoonnddeerrsstteeuunneennddee v v o o o o r r z z i i e e n n i i n n g g e e n n 12. Het verwijderen van perceelsindelingen , zoals tot uiting komend in greppels , sloten , waterlopen of steilranden , en het verwijderen van paden en onverharde wegen; 13. Het aanleggen en/of verharden van wegen , paden , parkeerterreinen of het aanbrengen van andere (niet omkeerbare) oppervlakteverhardingen , geen containervelden zijnde en indien meer dan 100 m² per perceel (kavel); 14.
Het aanleggen van hoge ( > 15, m) , tijdelijke of permanente teeltondersteunende voorzieningen (zoals tunnels of regenkappen) wordt niet via een omgevingsvergunning geregeld , maar via een afwijking van de bouwregels/gebruiksregels , respectievelijk wijzigingsregels 15. Het aanleggen van lage ( < 15, m) , tijdelijke of permanente teeltondersteunende voorzieningen (zoals folies , acryldoek) wordt niet via een omgevingsvergunning geregeld , maar via een afwijking van de bouwregels/gebruiksregels , respectievelijk wijzigingsregels
I I n n g ggrrrreeeeppppeeeennnn - EEffffeecctteen EEffffeecctteennn B B P P B B u u i i t t e e n n g ggeeeebbbbiiiieeeedddd Werken en werkzaamheden en hun effect op gebiedswaarden en gebiedskwaliteiten. A A d d 1 1 . . Het a a f f g g r r a a v v e e n n ,, o o p p h h o o g g e e n n , v v e e r r g g r r a a v v e e n n eenn e e g g a a l l i i s s e e r r e e n n vvaann g g r r o o n n d d verandert het bodemprofiel en de waterhuishouding in de bodem. Ook vlakt het reliëf doorgaans af. Afgraven verkleint de afstand tussen maaiveld en grondwater. Ophogen vergroot de afstand tussen maaiveld en grondwater. Mogelijke gevolgen voor LNC waarden zijn vernatting of verdroging , verschraling , verlies aan waarden in de bodem , verlies aan ecologische gradiënten , verlies aan microreliëf en aardkundige vormen en verlies van vegetatiewaarden. Deze ingrepen zijn omgevingsvergunningplichtig voor aardkunde , cultuurhistorie , dassen , beekdal , weidevogels , kwetsbare soorten , bos , natuur , archeologie en attentiegebied EHS. A A d d 1 1 - - 1 1 a a A A f f g g r r a a v v e e n n ( ( v v e e r r l l a a g g e e n n ) ) - - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Doel ingreep: Ingreep zelf:
Het verwijderen van de bovenste bodemlaag/bodemlagen. Verschraling: verwijderen van bemeste/verzuurde gronden. Tegengaan verdroging in verdroginggevoelige gebieden. Grondstoffenwinning (humus , zand , klei , leem). Aanleggen van poelen. Verandering bodemprofiel Verkleining afstand maaiveld-grondwater (ontwateringsdiepte)
Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / / e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering hydrologische situatie: vernatting / vermindering verdroging • Verschraling aan en vormen • Verlies microreliëf (gradiënten) evt. aardkundige (stroomgeulen , steilranden/terreintreden) • Verlies aan waarden in de bodem (archeologie , bodem) • Verlies aan ecologische gradiënten (slootkanten , poelen , laagtes , microreliëf) • Verlies aan levensgemeenschappen en vegetatiewaarden (planten) met bijbehorende fauna A A d d 11 –– 11bb OOpphhooggeenn ( ( v v e e r r h h o o g g e e n n ) ) - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Doel ingreep: Ingreep zelf:
Het opbrengen van grond van elders op de bestaande toplaag. Mogelijk maken van bouwactiviteiten door aanvoer van zand van elders. Opheffen van maaivelddaling ten gevolge van inklinking. Verschraling door aanvoer van zand van elders. Bezanden van veengronden en gronden voor de bollenteelt. Verandering bodemprofiel. Vergroting afstand maaiveld-grondwater (ontwateringsdiepte)
Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / / e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering hydrologische situatie: verdroging (vaak in combinatie met verzuring) • Verschraling aan microreliëf (gradiënten) en vormen • Verlies evt. aardkundige (stroomgeulen , steilranden/terreintreden) • Drastische wijziging van de bodem (groeiplaatscondities , leefomgeving bodemdieren/bodemleven) • Verlies aan levensgemeenschappen en vegetatiewaarden (planten) met bijbehorende fauna A A d d 1 1 – – 1 1 c c V V e e r r g g r r a a v v e e n n ( ( v v e e r r l l a a g g e e n n + + o o p p v v u u l l l l e e n n ) ) - - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Doel ingreep: Ingreep zelf:
Het verwijderen van een of meerdere bodemlagen en het daarna weer opbrengen van grond , bestaand uit de oorspronkelijke toplaag en/of grond van elders. Het graven en opvullen van drainagesystemen en andere sleuven en kuilen. Verandering bodemprofiel. Verandering waterhuishouding in de bodem.
Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / / e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering hydrologische situatie: wijziging bodemprofiel • Verschraling • Verlies aan microreliëf (gradiënten) en aardkundige evt. steilranden/terreintreden)
vormen
(stroomgeulen ,
• • •
Verlies aan waarden in de bodem (archeologie , bodem) Drastische wijziging van de bodem (groeiplaatscondities , leefomgeving bodemdieren) Verlies aan levensgemeenschappen en vegetatiewaarden (planten) met bijbehorende fauna
AAdd 11 –– 11dd EEggaalliisseerreenn ((eeffffeenneenn)) - Mogelijke wweerrkkeenn//wweerrkkzzaaaammhheeddeenn Definitie: Doel ingreep: Ingreep zelf:
Het verwijderen van het microreliëf in de toplaag (feitelijk een combinatie van ophogen en afgraven Wateroverlast en droogtegevoeligheid binnen agrarisch perceel tegengaan Verbetering van de bewerkbaarheid voor agrarisch gebruik Opheffen niveauverschillen die het effect zijn van inklinking Verandering van het microreliëf (afvlakken van dit reliëf) Verandering waterhuishouding in de bodem.
Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / / e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering hydrologische situatie: wijziging bodemprofiel • Verlies aan microreliëf (gradiënten) en evt. aardkundige vormen • Verlies aan ecologische gradiënten (greppels , laagtes , microreliëf) • Verlies aan waarden in de bodem (archeologie , bodem) • Verlies aan levensgemeenschappen en vegetatiewaarden (planten) met bijbehorende fauna A A d d 2 2 . . Het d d i i e e p p p p l l o o e e g g e e n n , d d i i e e p p w w o o e e l l e e n n v v a a n n g g r r o o n n d d en h h e e i i e e n n i i n n g g r r o o n n d d zorgt voor homogenisatie , resp. doorbreking/doorboring van de bodem. Het vernietigt het bodemprofiel en verandert de waterhuishouding in de bodem. Als ondoorlatende bodemlagen worden doorbroken kan verstoring en vervuiling van de (grond)waterhuishouding plaats vinden. Mogelijke gevolgen voor LNC waarden zijn vernietiging en verstoring van het bodemprofiel , verandering van de hydrologie , verlies aan waarden in de bodem , verlies aan ecologische gradiënten , verlies aan microreliëf en aardkundige vormen en verlies van vegetatiewaarden. Deze ingrepen zijn omgevingsvergunningplichtig voor aardkunde , cultuurhistorie , dassen , weidevogels , kwetsbare soorten , bos , natuur , archeologie en attentiegebied EHS.
AAdd 2 2 – – 2 2 a a DDiieeppppllooeeggeenn e e n n ddiieeppwwooeelleenn - Mogelijke wweerrkkeenn//wweerrkkzzaaaammhheeddeenn Definitie: Het vermengen , keren van (alle) lagen in het bodemprofiel , eventueel tot in de diepere ondergrond. (Eenmalige ingreep met blijvend effect) dieper dan 050, m. Doel ingreep: Verbetering bodemprofiel voor agrarisch gebruik Vergroten bewortelingsdiepte Vergroten berijdbaarheid Verschraling Mengen van kleigrond met onderliggend zand Ingreep zelf: Homogenisatie van de bodem Vernietiging bodemprofiel Verandering waterhuishouding bodem Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / / e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering hydrologische situatie: wijziging bodemprofiel • Verschraling • Verlies aan microreliëf (gradiënten) en evt.
aardkundige vormen (stroomgeulen , steilranden/terreintreden) • Verlies aan waarden in de bodem (archeologie , bodem) • Drastische wijziging van de bodem (groeiplaatscondities , leefomgeving bodemdieren/bodemleven) • Wijziging ondoorlatende bodemlagen en daarmee verstoring van de (grond)waterhuishouding • Verlies aan levensgemeenschappen en vegetatiewaarden (planten) met bijbehorende fauna A A d d 2 2 – – 2 2 b b H H e e i i e e n n e e n n i i n n d d r r i i j j v v e e n n vvvvoooooooorrrrwwwweeeerrrrppppeeeennnn i i n n d d e e bbbbooooddddeeeemmmm - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Diep in de grond indrijven van heipalen of andere voorwerpen , leggen van leidingen Doel ingreep: Dragers voor bouwwerken aanbrengen , damwanden plaatsen , graven van sleuven voor het leggen van leidingen Ingreep zelf: Bouwen op slappe bodem is mogelijk , afschermen van delen van de bodem , Ondergrondse leidingen kunnen beschadigd worden Graven van sleuven al dan niet in combinatie met rooien van houtgewas Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / / e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: en • Wijziging (doorbreken) ondoorlatende bodemlagen (grond)waterhuishouding
daarmee
verstoring
van
de
• •
Verlies aan waarden in de bodem (archeologie , bodem) Drastische wijziging van de bodem (groeiplaatscondities , leefomgeving bodemdieren)
A A d d 33. . Het a a a a n n l l e e g g g g e e n n v v a a n n d d r r a a i i n n a a g g e e en het a a a a n n b b r r e e n n g g e e n n v v a a n n o o n n d d e e r r b b e e m m a a l l i i n n g g versterkt de ontwatering , verlaagt de grondwaterstand op het perceel en in de directe omgeving en vergroot de verdroging. Deze verdroging kan vervolgens voor inklinking en verzuring zorgen. Mogelijke gevolgen voor LNC waarden zijn verdroging (en verzuring) , verlies aan waarden in de bodem , verlies aan natte levensgemeenschappen en inklinking van venige bodems. Deze ingrepen zijn omgevingsvergunningplichtig voor aardkunde , dassen , beekdal , weidevogels , kwetsbare soorten , bos , natuur , attentiegebied EHS en waterbergingsgebied. A A d d 33 –– 33aa a a a a n n l l e e g g g g e e n n d d r r a a i i n n a a g g e e - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Het aanbrengen van drainagebuizen in de grond , in het algemeen op een diepte van 70-110 cm - mv. Doel ingreep: Versterken van de ontwatering van een of meerdere percelen Ingreep zelf: Lokale verlaging grondwaterstand - > perceel wordt droger Mogelijke ggeevvoollggeenn//eeffffeecctteenn voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering hydrologische situatie: verdroging (vaak in combinatie met verzuring) • Verlies aan microreliëf (gradiënten) en evt.
aardkundige vormen (stroomgeulen , steilranden/terreintreden) • Verlies aan waarden in de bodem (archeologie , bodem) • Wijziging ondoorlatende bodemlagen en daarmee verstoring van de (grond)waterhuishouding • Verlies aan (natte) levensgemeenschappen en vegetatiewaarden (planten) met bijbehorende fauna A A d d 3 3 – – 3 3 b b a a a a n n b b r r e e n n g g e e n n o o n n d d e e r r b b e e m m a a l l i i n n g g - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Bemalen van een of meerdere percelen , waardoor de grondwaterspiegel er lager staat dan in het omringende gebied. Doel ingreep: Vergroten afstand tussen maaiveld en grondwaterspiegel , droger maken perceel. Ingreep zelf: Lokale verlaging grondwaterstand - > perceel wordt droger. Aantrekken van grondwater uit de omgeving - > deze omgeving wordt droger. Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / / e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering hydrologische situatie: verdroging (vaak in combinatie met verzuring) Inklinking van venige bodems (onomkeerbare klink) • • Verlies aan (natte) levensgemeenschappen en vegetatiewaarden (planten) met bijbehorende fauna A A d d 4 4 . .
Het a a a a n n l l e e g g g g e e n n vvaann ddddaaaammmmmmmmeeeennnn eenn s s t t u u w w e e n n zorgt voor een vermindering (afname) van de dynamiek in de waterloop. Bij natuurlijke waterlopen zorgt dit tevens voor een afname in variatie in oever en waterloop en een vermindering van de stroomsnelheid. Mogelijke gevolgen voor LNC waarden zijn verlies aan levensgemeenschappen van stromend water , verlies van de variatie in biotopen/ecotopen in de waterloop en op de oever , het verdwijnen van het natuurlijk karakter van de waterloop , als mede vernatting en vermindering van de verdroging. Het a a a a n n l l e e g g g g e e n n ,, v v e e r r b b r r e e d d e e n n o o f f v v e e r r b b e e t t e e r r e e n n vvaann s s l l o o t t e e n n eenn g g r r e e p p p p e e l l s s zorgt voor het wegtrekken van kwelstromen en voor verdroging , verandering van het landschap (percelering , waterhuishouding) , verlies aan ecologische gradiënten en verlies aan natte levensgemeenschappen.
Het ddddeeeemmmmppppeeeennnn vvaann s s l l o o t t e e n n ,, g g r r e e p p p p e e l l s s eenn k k l l e e i i n n e e g g e e ï ï s s o o l l e e e e r r d d e e wwaatteerreenn (lees poelen en vennen) zorgt voor een verlies aan natte levensgemeenschappen , nivellering van het landschap , het verdwijnen van slootoevers , het verlies van voortplantingswateren voor amfibieën en vernatting van de (directe) omgeving. Deze ingrepen zijn omgevingsvergunningplichtig voor aardkunde , cultuurhistorie (cwg) , dassen , beekdal , weidevogels , kwetsbare soorten , bos , natuur en archeologie , attentiegebied EHS en waterbergingsgebied. A A d d 4 4 – – 4 4 a a a a a a n n l l e e g g g g e e n n v v a a n n ddddaaaammmmmmmmeeeennnn - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Aanbrengen van een permanent , stuwend obstakel over de gehele breedte van een watergang. Hoogte zodanig dat waterloop ten dele of volledig geblokkeerd wordt. Doel ingreep: Vasthouden water in een gebied (door verkleinen debiet) Verminderen stroomsnelheid Afsluiten waterloop , Afwatering gebied in andere richting dwingen Ingreep zelf: Afname dynamiek in de waterloop Alleen bij natuurlijke waterloop: afname variatie in oever en waterloop Afname stroomsnelheid Isolatie waterloop t. o. v. het stelsel van waterlopen
Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / / e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering hydrologische situatie: vernatting / vermindering verdroging • Verlies natuurlijke karakter van waterloop (landschappelijk aspect) • Verlies aan variatie in biotopen in de waterloop/oever en daarmee verlies aan biodiversiteit • Verlies aan levensgemeenschappen van stromend water en vegetatiewaarden (planten) bijbehorende fauna
met
A A d d 44 –– 44bb a a a a n n l l e e g g g g e e n n v v a a n n s s t t u u w w e e n n - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Aanbrengen van een stuwend obstakel waarvan de werking tijdelijk geheel of gedeeltelijk opgeheven kan worden. Doel ingreep: Vasthouden water in een gebied (door verkleinen debiet) Verminderen stroomsnelheid Ingreep zelf: Afname dynamiek in de waterloop Alleen bij natuurlijke waterloop: afname variatie in oever en waterloop Afname stroomsnelheid / Sterke wisseling stroomsnelheid Isolatie waterloop t. o. v. het stelsel van waterlopen Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / / e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering hydrologische situatie: vernatting / vermindering verdroging • Verlies natuurlijke karakter van waterloop (landschappelijk aspect) • Verlies aan variatie in biotopen in de waterloop/oever en daarmee verlies aan biodiversiteit • Verlies aan levensgemeenschappen van stromend water en vegetatiewaarden (planten) bijbehorende fauna • Wegspoelen levensgemeenschappen bij openen stuw
met
A A d d 4 4 – – 4 4 c c a a a a n n l l e e g g g g e e n n s s l l o o t t e e n n e e n n g g r r e e p p p p e e l l s s - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Aanleggen van sloten of greppels , verbreden en/of uitdiepen van bestaande sloten en greppels. Doel ingreep: Verbeteren ontwatering agrarische gronden. Ingreep zelf: Verkleining afstand maaiveld-grondwaterspiegel (ontwateringsdiepte) Vergroten oppervlakkige afstroming neerslagwater Droger worden omgeving Verlies aan levensgemeenschappen van slootkanten door steiler talud Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / / e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering hydrologische situatie: toename extremen in waterafvoer.
• Verandering hydrologische situatie: verdroging (vaak in combinatie met verzuring) • Aantrekken en afvangen kwelstromen in nieuwe/diepere sloten en greppels • Verandering landschap (ontsluiting , waterhuishouding , percelering , landschapsinrichting) , zowel landschappelijk als cultuurhistorisch • Verlies aan ecologische gradiënten (slootkanten , poelen , laagtes , microreliëf) • Verlies aan variatie in (natte) biotopen en daarmee verlies aan biodiversiteit • Verlies aan levensgemeenschappen en vegetatiewaarden (planten) met bijbehorende fauna A A d d 4 4 – – 4 4 c c ddddeeeemmmmppppeeeennnn s s l l o o t t e e n n eenn p p o o e e l l e e n n / / v v e e n n n n e e n n - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Dichten van sloten of greppels met van elders aangevoerde grond , dichten van kleine wateren (poelen , vennen , wielen , afgesneden meanders) met van elders aangevoerde grond Doel ingreep: Verkleinen waterafvoer van agrarische gronden Wijzigen perceelsindeling , alsmede Egaliseren agrarisch perceel Vergroting oppervlak agrarisch bruikbare grond Efficiëntere bewerking agrarische grond mogelijk maken Ingreep zelf: Natter worden van omliggende gebied Afname totale slootlengte , alsmede Verlies aan kleine wateren Egalisatie landschap Toename kwel in directe omgeving Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / /
e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering hydrologische situatie: vernatting omgeving • Verandering landschap (ontsluiting , waterhuishouding , percelering , landschapsinrichting) , zowel landschappelijk als cultuurhistorisch • Verdwijnen van ecologische verbindingen (zones/stapstenen) in het landschap
• • •
Verlies aan ecologische gradiënten (slootkanten , poelen , laagtes , microreliëf) Verlies aan variatie in (natte) biotopen (o. a. voortplantingsbiotopen amfibieën) en daarmee verlies aan biodiversiteit Verlies aan levensgemeenschappen en vegetatiewaarden (planten sloten en poelen/vennen) met bijbehorende fauna
AAdd 55. . Deze is ondergebracht bij 3. AAdd 66. . Het wwiijjzziiggeenn v v a a n n ddee bbeerrggiinnggssccaappaacciitteeiitt v v a a n n ddee bbeerrggiinnggssccaappaacciitteeiitt vviiaa hheett oopphhooggeenn v v a a n n ggrroonnddeenn e e n n hheett a a a a n n l l e e g g g g e e n n vvaann ddddaaaammmmmmmmeeeennnn , d d i i j j k k e e n n o o f f k k a a d d e e n n vermindert de bergingscapaciteit van een gebied. Mogelijke gevolgen voor LNC waarden zijn verlies aan ecologische gradiënten , verlies aan microreliëf en aardkundige vormen (maar deze zijn reeds beschermd via 1) en verlies van de natuurlijke bergingscapaciteit van een gebied. Deze ingrepen zijn omgevingsvergunningplichtig voor waterstaat
–
waterbergingsgebied.
A A d d 6 6 – – 6 6 a a O O p p h h o o g g e e n n ( ( v v e e r r h h o o g g e e n n ) ) - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Doel ingreep: Ingreep zelf:
Het opbrengen van grond van elders op de bestaande toplaag. Mogelijk maken van bouwactiviteiten door aanvoer van zand van elders. Opheffen van maaivelddaling ten gevolge van inklinking. Verschraling door aanvoer van zand van elders. Bezanden van veengronden en gronden voor de bollenteelt. Verandering bodemprofiel. Vergroting afstand maaiveld-grondwater (ontwateringsdiepte)
Mogelijke ggeevvoollggeenn//eeffffeecctteenn voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering hydrologische situatie: verdroging (vaak in combinatie met verzuring) • Verschraling • Verlies aan microreliëf (gradiënten) en aardkundige vormen (stroomgeulen , evt. steilranden/terreintreden) • Drastische wijziging van de bodem (groeiplaatscondities , leefomgeving bodemdieren/bodemleven) • Verlies aan levensgemeenschappen en vegetatiewaarden (planten) met bijbehorende fauna A A d d 66 –– 66bb a a a a n n l l e e g g g g e e n n v v a a n n ddddaaaammmmmmmmeeeennnn e e n n k k a a d d e e n n - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Aanbrengen van permanente , kerende obstakels in een gebied. Hoogte zodanig dat waterloop ten dele of volledig gekeerd wordt. Doel ingreep: Buiten houden / Tegen houden van water in een (deel)gebied (door het verkleinen van de bergingscapaciteit) Verminderen van de bergingscapaciteit Afsluiten gebieden voor evt.
wateroverlast Ingreep zelf: Afname waterberging in een gebied Afname wateroverlast in een gebied Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / / e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering hydrologische situatie: vermindering berging/wateroverlast • Verlies natuurlijke overstromingskarakter van een gebied (landschappelijk aspect) • Verlies aan variatie in biotopen in een beekdal en daarmee verlies aan biodiversiteit • Verandering landschap (ontsluiting , waterhuishouding , percelering , landschapsinrichting) , zowel landschappelijk als cultuurhistorisch AAdd 77. . e e n n 8 8 . . Het rrooooiieenn v v a a n n hhoouuttggeewwaass vviiaa hheett vveerrwwiijjddeerreenn v v a a n n bbooss , bboossjjeess , bboommeenn e e n n ssttrruuiikkeenn zorgt voor een verlies aan landschapselementen (landschappelijke en cultuurhistorische waarden) en een verlies van biotopen voor levensgemeenschappen van struwelen , houtwallen en bosranden. Verder kan er een verlies aan oriëntatiepunten en – lijnen , alsmede een verlies aan slaapplekken/schuilplekken en nestgelegenheid optreden. Deze ingrepen zijn omgevingsvergunningplichting voor struweelvogels , kwetsbare soorten , bos , groen en natuur.
aardkunde , cultuurhistorie , dassen , beekdal ,
AAdd 77//88 rrooooiieenn v v a a n n bbooss , bboossjjeess e e n n hhoouuttssiinnggeellss - Mogelijke wweerrkkeenn//wweerrkkzzaaaammhheeddeenn Definitie: Het verwijderen van bomen en/of struiken (solitairen of in de vorm van bos , bosjes , houtsingels , houtwallen) Doel ingreep: Verwijderen van ziek plantmateriaal Onderhoud – uitdunning van bossen/bosjes Hinder voor agrarische bedrijfsvoering verminderen Ingreep zelf: Grotere openheid landschap Verlies aan beschutting , schaduw Mogelijke ggeevvoollggeenn//eeffffeecctteenn voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering landschap (ontsluiting , waterhuishouding , percelering , landschapsinrichting) , zowel landschappelijk als cultuurhistorisch • Verlies aan ecologische gradiënten (bosranden , struwelen , microreliëf) • Verlies aan variatie in biotopen en daarmee verlies aan biodiversiteit • Verlies aan levensgemeenschappen van bos , bosranden en struwelen en vegetatiewaarden (planten) met bijbehorende fauna • Verlies aan oriëntatiepunten en -lijnen voor veel diersoorten (o. a. vlinders , • vleermuizen , marterachtigen) • Verlies aan slaap/schuilplaatsen , nestgelegenheid , dekking tegen weersomstandigheden • Grotere openheid , betekent soms afname leefgebied dassen en struweelvogels , soms toename leefgebied weidevogels AAdd 9 9 . .
HHeett aaaannlleeggggeenn o o f f aaaannppllaanntteenn v v a a n n hhooggeerr ddaann 1 1 5, 5 mmmm ooppggaaaanndd hhoouuttggeewwaass m m e e t t aaggrraarriisscchhee p p r r o o d d u u c c t t i i e e f f u u n n c c t t i i e e (zoals fruitteelt , boomteelt of agrarische houtteelt) zorgt voor een verlies aan landschapswaarden in open gebieden zoals weidevogelgebieden en gebieden met cultuurhistorische waarden zoals cultuurhistorisch waardevolle akkers met akkerland en waardevolle beekdalen met graslanden , elzensingels en broekbosjes. Vanwege de intensieve teelt zorgen ze ook voor een verlies aan natuurwaarden in gebieden met kwetsbare soorten (amfibieën , dagvlinders , bijzondere vegetaties). Deze ingrepen zijn omgevingsvergunningplichting kwetsbare soorten.
voor
cultuurhistorie (cwa) , beekdal , weidevogels
en
A A d d 9 9 – – a a a a n n p p l l a a n n t t e e n n a a g g r r a a r r i i s s c c h h h h o o u u t t g g e e w w a a s s v v i i a a b b o o o o m m - - / / h h o o u u t t t t e e e e l l t t - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Verwijderen bestaand gewas/bestaande vegetatie en aanplanten van gewassen of jonge bomen , die permanent een bepaalde hoogte (vaak meer dan 15, 0 m) hebben. Gebruik grond voor het opkweken van sierteelten of bomen (o. a. sierbomen , bosDoel ingreep: plantsoen en park- en laanbomen) Ingreep zelf: Grasland/Vegetatie verdwijnt , perceel krijgt functie van sierteelt of boomkwekerij Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / / e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering hydrologische situatie: verdroging a. g. v.
extra verdamping (vaak in combinatie met verzuring) Verlies aan waarden in de bodem door diepe beworteling (archeologie , bodem) • • Verandering landschap (ontsluiting , waterhuishouding , percelering , landschapsinrichting) , zowel landschappelijk als cultuurhistorisch • Verandering landschapsbeeld (openheid gaat verloren) Verkleining areaal weidevogelgebied • • Verlies aan variatie in biotopen en daarmee verlies aan biodiversiteit • Verlies aan levensgemeenschappen van open gebieden (waardevolle beekdalen , weidevogels) en vegetatiewaarden ((schraal)graslanden , planten) met bijbehorende fauna Verloren gaan van biotoop voor soorten / Fourageerplaats , die (deels) afhankelijk zijn van graslanden • en/of akkerbouwgronden (o. a. das) A A d d 1 1 0 0 . . Het a a a a n n p p l l a a n n t t e e n n vvaann h h o o u u t t g g e e w w a a s s v v i i a a h h e e t t p p l l a a n n t t e e n n vvaann b b o o m m e e n n eenn s s t t r r u u i i k k e e n n zorgt voor een toename aan biotopen voor levensgemeenschappen van struwelen , houtwallen en bosranden. Verder kan er een kan er een toename aan oriëntatiepunten en – lijnen , alsmede een toename aan slaapplekken/schuilplekken en nestgelegenheid optreden. Landschappelijk kan de openheid verminderen. Hierdoor kan nivellering van (open) landschappen optreden , als mede een teloorgang van weidevogel- en ganzengebieden.
Deze ingrepen zijn omgevingsvergunningplichting voor cultuurhistorie en beekdal. A A d d 1100 A A a a n n p p l l a a n n t t e e n n h h o o u u t t g g e e w w a a s s - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Het planten van bomen en/of struiken Doel ingreep: Vergroten natuurwaarden , landschappelijke kwaliteit
Ingreep zelf:
Houtproductie , levering geriefhout Bescherming tegen wind , vastlegging stuifzand Verminderen openheid landschap / Vergroten beslotenheid landschap Toename houtgewas/landschapselementen Meer beschutting , meer schaduw
Mogelijke ggeevvoollggeenn//eeffffeecctteenn voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering landschap (ontsluiting , waterhuishouding , percelering , landschapsinrichting) , zowel landschappelijk als cultuurhistorisch , ander landschapsbeeld • Toename aan ecologische gradiënten (struweel , zoom , houtsingels , microreliëf) • Toename aan variatie in biotopen en daarmee winst aan biodiversiteit • Toename aan levensgemeenschappen van bos , struweel en houtsingel en bijbehorende vegetatiewaarden (planten) met bijbehorende fauna • Nieuwe oriëntatiepunten en -lijnen voor veel diersoorten , beschutting voor planten en dieren Minder openheid , kan verlies betekenen voor leefgebied weidevogels en ganzen • AAdd 1111. . Het p p e e r r m m a a n n e e n n t t ((vvoooorr mmmmeeeeeeeerrrr ddaann 22 jjaaaarr aaaanneeeennggeessllootteenn)) o o m m z z e e t t t t e e n n ((sscchheeuurreenn)) v v a a n n ggrraassllaanndd n n a a a a r r e e e e n n a a n n d d e e r r e e bodemcultuur (bouwland , boomkwekerij , tuinland) zorgt voor een wijziging van het (open) landschapsbeeld , een verlies aan graslandvegetaties en bijbehorende flora en fauna. Verder gaan er foerageergebied voor enkele diersoorten als de das verloren. Tenslotte zal het areaal weidevogelgebied verkleind worden. NB: gewone vruchtwisseling blijft mogelijk.
Deze ingrepen zijn omgevingsvergunningplichting voor dassen , weidevogels , kwetsbare soorten en natuur. A A d d 1 1 1 1 – – S S c c h h e e u u r r e e n n v v a a n n g g r r a a s s l l a a n n d d - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Verwijderen gras en aanplanten of inzaaien van andere gewassen Doel ingreep: Gebruik grond voor de teelt van gewassen voor voedselproductie of ruwvoer Ingreep zelf: Grasland/Graslandvegetatie verdwijnt , perceel krijgt andere functie Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / / e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering landschap (ontsluiting , waterhuishouding , percelering , landschapsinrichting) , zowel landschappelijk als cultuurhistorisch • Verlies aan ecologische gradiënten (slootkanten , poelen , laagtes , microreliëf) • Verlies aan variatie in biotopen en daarmee verlies aan biodiversiteit • Verlies aan levensgemeenschappen en vegetatiewaarden ((schraal)graslanden , graslandplanten) met bijbehorende fauna • Verloren gaan van biotoop voor soorten / Fourageerplaats , die (deels) afhankelijk zijn van graslanden (o. a. dassen , weidevogels) • Verkleining areaal weidevogelgebied AAdd 1 1 2 2 . .
Het vveerrwwiijjddeerreenn v v a a n n ppeerrcceeeellssiinnddeelliinnggeenn , zoals tot uiting komend in greppels , sloten , waterlopen of steilranden , en het verwijderen van paden en onverharde wegen zorgt voor een nivellering van het landschap en een vermindering van allerlei gradiënten in het landschap. Ook zal er een verlies aan microreliëf en aardkundige vormen en verlies van vegetatiewaarden plaats vinden. Deze ingrepen zijn omgevingsvergunningplichtig voor cultuurhistorie , dassen , struweelvogels , weidevogels , kwetsbare soorten , bos en natuur. A A d d 1 1 2 2 – – v v e e r r w w i i j j d d e e r r e e n n v v a a n n p p e e r r c c e e e e l l s s i i n n d d e e l l i i n n g g e e n n - Mogelijke w w e e r r k k e e n n / / w w e e r r k k z z a a a a m m h h e e d d e e n n Definitie: Verwijderen bestaande perceelsgrenzen en/of aanbrengen nieuwe perceelsgrenzen (sloten , afrasteringen , hagen , houtwallen) Doel ingreep: Efficiënter gebruik van agrarische grond mogelijk maken , veldsituatie aanpassen aan eigendomssituatie Ingreep zelf: Verdwijnen van perceelsgrenzen Nieuwe perceelsgrenzen Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / / e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering landschap (ontsluiting , waterhuishouding , percelering , landschapsinrichting) , zowel landschappelijk als cultuurhistorisch Het
verkavelingspatroon verandert • • Het patroon van watergangen verandert • Het landschapsbeeld verandert schaalvergroting/schaalverkleining
• • • •
verdwijnen/toevoegen verbindingswegen (perceelsranden) en oriëntatielijnen voor sommigediersoorten Verlies aan ecologische gradiënten (slootkanten , poelen , laagtes , microreliëf) Verlies aan variatie in biotopen en daarmee verlies aan biodiversiteit Verlies aan levensgemeenschappen bos bosrand en struweel en vegetatiewaarden bijbehorende fauna
(planten) met
A A d d 1133. . Het a a a a n n b b r r e e n n g g e e n n v v a a n n v v e e r r h h a a r r d d i i n n g g e e n n verandert het bodemprofiel en de waterhuishouding in de bodem door verstening en vermindering van de infiltratiecapaciteit. Verhardingen zijn barrières voor veel soorten kleine dieren. Ook zal er een verlies aan microreliëf en aardkundige vormen en verlies van vegetatiewaarden plaats vinden. Deze ingrepen zijn omgevingsvergunningplichtig voor cultuurhistorie , dassen , struweelvogels , weidevogels , kwetsbare soorten , bos en natuur , alsmede attentiegebied EHS en waterbergingsgebied. AAdd 1 1 3 3 – – hheett aaaannbbrreennggeenn v v a a n n vveerrhhaarrddiinnggeenn - Mogelijke wweerrkkeenn//wweerrkkzzaaaammhheeddeenn Definitie: Het bestraten of asfalteren van de bodem Doel ingreep: Aanleggen ontsluitingspad in weilanden of akkers Tegengaan vervuiling bodem en grondwater (bv. door aanleg mestplaat , bietenplaat , ondergrond voor containerteelt) Ingreep zelf: Afsluiting bodem Oppervlakkige afvoer neerslag (met evt.
verontreiniging) naar randen verharding Mogelijke g g e e v v o o l l g g e e n n / / e e f f f f e e c c t t e e n n voor landschaps- en/of natuurwaarden: • Verandering hydrologische situatie: verdroging (vaak in combinatie met verzuring) • Vermindering infiltratie kan groeiplaats vegetatie in de directe omgeving beïnvloeden aan microreliëf (gradiënten) en vormen • Verlies evt. aardkundige (stroomgeulen , steilranden/terreintreden) • Verlies aan waarden in de bodem (archeologie , bodem) , bodem wordt ontoegankelijk • Drastische wijziging van de bodem (groeiplaatscondities , leefomgeving bodemdieren/bodemleven) • Verandering landschap (ontsluiting , waterhuishouding , percelering , landschapsinrichting) , zowel landschappelijk als cultuurhistorisch , verdere verstening van het buitengebied • Verlies aan ecologische gradiënten (microreliëf) • Verlies aan variatie in (bodem)biotopen en daarmee verlies aan biodiversiteit • Verharding is barrière voor kleine diersoorten (o. a. muizen , amfibieën , insecten) • Verlies aan levensgemeenschappen en vegetatiewaarden (planten) met bijbehorende fauna
Rapport:
VERKENNEND
Nijnselseweg
BODEMONDERZOEK
21
Sint-Oedenrode
Opdrachtgever:
Van Dun Advies BV Postel 8 5711 ET Someren
Rapportnummer:
2101042
Rapportdatum:
7 juli 2021
Status:
Definitief
(geanonimise rd)
Auteur:
Kwaliteitscontrole:
Lankelma
Geotechniek
Postbus
38, 5688ZG
KvK.
17131641
nr:
Versie:
Zuid
BV
Oirschot
Tel.
0499-578520
Website: E-mail:
www.lankelma-zuid.nl
info@lankelma-zuid.nl
IBAN:
NL98ABNA0590577670
BIC
ABNANL2A
BTW:
NL 8105.11.654.B.01
1
verkennend bodemonderzoek , Nijnselseweg 21 Sint-Oedenrode rapport: 2101042 versie 1 , 7 juli 2021
Inhoudsopgave 1
2
1. 1 1. 2 1. 3
Inleiding
. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . ..
1
Opdrachtvorming . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1 Doelstelling
.. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . ..
1
Gevolgde richtlijnen en opbouw rapportage . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1
Vooronderzoek . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 3 Locatiegegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 3 Historische informatie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 3 Gebiedsgericht beleid en/of kwaliteit grond en grondwater . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4 Bevindingen bodemonderzoeken en/of archief onderzoek . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4 Regionale bodemopbouw en geohydrologie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4 Resumé . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4 3 Hypothese en Onderzoeksstrategie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 3. 1 Hypothese . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 3. 2 Onderzoeksstrategie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 4 Veldwerkzaamheden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 4. 1 Grond . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 4. 2 Grondwater . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 4. 3 Afwijkingen BRL-SIKB 2000 protocollen 2001 en 2002 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7 5 Analyses en resultaten laboratoriumonderzoek . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 5. 1 Samenstelling en analyseparameters . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 5. 2 Toetsingscriteria . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 5. 2. 1 Generiek referentiekader Wet bodembescherming (Wbb) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 5. 2.
2 Generiek referentiekader kader Besluit bodemkwaliteit (Bbk) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 Toetsingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9 5. 3 5. 3. 1 Grond . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9 5. 3. 2 Grondwater . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9 6 Conclusie en aanbeveling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10 6. 1 Conclusie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10 6. 2 Resumé en aanbeveling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10 2. 1 2. 2 2. 3 2. 4 2. 5 2. 6
Bijlagen Bijlage 1: Regionale ligging locatie Bijlage 2: Situatietekening met boorlocaties Bijlage 3: Profielbeschrijvingen Bijlage 4: Analysecertificaten grond en grondwater Bijlage 5: Toetsingstabellen grond en grondwater Bijlage 6: Fotorapportage
verkennend bodemonderzoek , Nijnselseweg 21 Sint-Oedenrode rapport: 2101042 versie 1 , 7 juli 2021
1
Inleiding
1. 1
Opdrachtvorming
In opdracht van Van Dun Advies heeft Lankelma Geotechniek Zuid B. V. een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op een locatie gelegen aan de Nijnselseweg 21 te Sint-Oedenrode , gemeente Meierijstad. De regionale ligging van de locatie is weergegeven in bijlage 1. De aanleiding voor het laten uitvoeren van een bodemonderzoek is de voorgenomen bestemmingswijziging ter plaatse van de onderzoekslocatie. Als gevolg hiervan dient de milieuhygiënische kwaliteit van de grond en het grondwater vastgelegd te worden. Daarnaast dient door middel van onderhavig onderzoek beoordeeld te worden of aanvullende procedures noodzakelijk zijn in het kader van de Wet bodembescherming (Wbb).
Opgemerkt wordt dat bij een bodemonderzoek sprake is van een steekproefsgewijze bemonstering die erop is gericht om te kunnen beoordelen of (mogelijke) bodemverontreinigingen aanwezig zijn , evenals het bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. De mogelijkheid blijft daarom
bestaan dat puntverontreinigingen , welke niet voortkomen uit het historisch onderzoek , niet door het onderzoek worden aangetoond. Tevens wordt erop gewezen dat het uitgevoerde onderzoek een momentopname is. Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de Nederlandse norm NEN5740. Het veldwerk is onder certificaat uitgevoerd op grond van beoordelingsrichtlijn BRL-SIKB 2000. Het hierbij behorende procescertificaat en keurmerk van Lankelma Geotechniek Zuid B. V. is van toepassing op het gehele proces van het veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek , vanaf acceptatie tot aan de overdracht van de veldgegevens en monsters. Lankelma Geotechniek Zuid B. V. heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als onafhankelijk onderzoeksbureau. Verder is zij gecertificeerd in het kader van ISO-9001 en de BRL-SIKB 2000 “veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek” en de daarbij behorende protocollen. Hierbij gelden de ten tijde van het uitvoeren van het veldwerk , vigerende versies van deze documenten.
1. 2
Doelstelling De doelstelling van het onderzoek wordt onderstaand puntsgewijs benoemd: historisch onderzoek naar bodembedreigende activiteiten/situaties binnen de locatie middels welke een inschatting wordt gemaakt of en waar op de locatie bodemverontreiniging te verwachten is; bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie; op basis van de resultaten vaststellen of in het kader van de Wbb sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging.
1. 3
Gevolgde richtlijnen en opbouw rapportage De werkzaamheden zijn door Lankelma Geotechniek Zuid B. V. onder certificaat uitgevoerd , te weten conform BRL-SIKB 2000 en de daaraan gekoppelde protocollen: 2001: “Plaatsen van handboringen en peilbuizen , maken boorbeschrijvingen , nemen van grondmonsters en waterpassen”; 2002: “Het nemen van grondwatermonsters”. In de BRL-SIKB 2000 wordt verwezen naar de Nederlandse normen voor bodemonderzoek die eveneens bepalend zijn voor de uitvoering van het bodemonderzoek. De belangrijkste en meest bepalende normeringen zijn de NEN5725:2017 “Bodem-landbodem-strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek” en de NEN5740/A1: 2016 “Onderzoeksstrategie bij verkennend bodemonderzoek”. 1
verkennend bodemonderzoek , Nijnselseweg 21 Sint-Oedenrode rapport: 2101042 versie 1 , 7 juli 2021
Voorliggend rapport presenteert de resultaten van het vooronderzoek (hoofdstuk 2) , de onderzoekshypothese en –strategie (hoofdstuk 3) en de resultaten van het veldwerk (hoofdstuk 4) en analytisch onderzoek en de aan het onderzoek te verbinden interpretatie van de onderzoeksresultaten (hoofdstuk 5) en conclusies en aanbevelingen (hoofdstuk 6).
2
verkennend bodemonderzoek , Nijnselseweg 21 Sint-Oedenrode rapport: 2101042 versie 1 , 7 juli 2021
2
Vooronderzoek
Conform het onderzoeksprotocol NEN5725 is ten behoeve van de bepaling van de
onderzoeksstrategie op onderhavige locatie een vooronderzoek uitgevoerd. De resultaten van dit vooronderzoek zijn opgenomen in voorliggend hoofdstuk. De in paragraaf 2. 1 t/m 2. 3 opgenomen informatie is afkomstig van/uit: terreininspectie; het archief van Lankelma Geotechniek Zuid B. V. ; archiefonderzoek door een ambtenaar van de gemeente Meierijstad; omgevingsrapportage van de gezamenlijke omgevingsdiensten in Noord-Brabant; informatie opdrachtgever;
TNO (Regis);
website www. topotijdreis. nl; website www. bodemloket. nl. Vermeld dient te worden dat de verantwoordelijkheid voor de resultaten van onderhavig onderzoek worden beperkt tot de aan deze resultaten ten grondslag liggende en op het moment van onderzoek ter beschikking staande gegevens alsmede de bij de terreininspectie geconstateerde situatie. Aanleiding en aspecten van het vooronderzoek De aanleiding voor het opstellen van onderhavig vooronderzoek sluit aan bij A ‘opstellen hypothese over de milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek’ , uit de NEN5725.
2. 1
Locatiegegevens Algemeen De onderzochte locatie is gelegen aan de Nijnselseweg 21 te Sint-Oedenrode , gemeente Meierijstad. Kadastraal is de locatie bekend onder kadastrale gemeente Sint Oedenrode , sectie N , nrs. 242 , 260 en 243 ged. De coördinaten volgens het R. D. stelsel zijn x = 1608, en y = 3966., Het oppervlak van de onderzoekslocatie bedraagt maximaal 1. 000 m². Ten tijde van de uitvoering van het onderzoek was onderhavige onderzoekslocatie deels bebouwd met een woonhuis incl. schuurtjes en deels verhard met klinkers. In bijlage 2 is voornoemde situatie van de onderzoekslocatie weergegeven. Onderhavige locatie is zuidoostelijk gelegen ten opzichte van het centrum van Sint-
Oedenrode.
Terreininspectie Door een gecertificeerd medewerker van Bodex Milieu B. V. is een terreininspectie uitgevoerd voorafgaande aan de veldwerkzaamheden. Foto’s van de locatie zijn in bijlage 6 toegevoegd. De locatie is daadwerkelijk in gebruik zoals in voorgaande alinea omschreven. Er zijn tijdens de terreininspectie geen bijzonderheden (zoals verdachte plekken , artefacten of bodembeschermende voorzieningen , puin en/of asbest op het maaiveld , asbest beschoeiingen , verzakkingen , verhogingen , verkleuringen , brandplaatsen) geconstateerd , welke een aanwijzing zouden kunnen zijn voor een mogelijke bodemverontreiniging.
2. 2
Historische informatie Uit het historisch kaartmateriaal blijkt dat tot begin 20 ste eeuw sprake was van een gebied met een agrarische bestemming. De locatie is sinds 1928 bebouwd geweest. Dit is tot op heden niet veranderd. De locatie is in het buitengebied van Sint-Oedenrode gesitueerd. De zuidzijde van de locatie grenst aan de geasfalteerde weg ‘Nijnselseweg’. De oostzijde grenst aan de zandpad ‘Laar’. De overige zijden grenzen aan agrarische percelen. Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn geen gegevens bekend van activiteiten die de bodem mogelijk negatief hebben kunnen beïnvloeden. Er is niets bekend over een (voormalige) ondergrondse c. q. bovengrondse brandstoftank. 3
verkennend bodemonderzoek , Nijnselseweg 21 Sint-Oedenrode rapport: 2101042 versie 1 , 7 juli 2021
Voormalige stortlocatie Ter plaatse van de onderzoekslocatie is voor zover bekend geen sprake van een (voormalige) stortlocatie. Explosieven De Indicatieve Kaart Militair Erfgoed (IKME) geeft voor Nederland een landelijk overzicht op een kleine schaal van de (verwachte) ligging van resten van ondergronds en bovengronds militair erfgoed. De onderzoekslocatie is gesitueerd in de zone ‘Marketgarden’. Er kunnen statische structuren worden verwacht , zoals resten van stellingen , versperringen , loopgraven , ondersteunende posten e. d. Ook inslagen van granaten en mortieren kunnen worden verwacht , vaak in de vorm van beschadigingen aan bestaande bouw of bomen en als microreliëf.
2. 3
Gebiedsgericht beleid en/of kwaliteit grond en grondwater Het onderhavige onderzoeksgebied is gelegen binnen een gebied waarvoor een bodemkwaliteitskaart (Lievense , 28 februari 2019) is opgesteld. Volgens de kaart valt het onderzoeksgebied binnen een schoon deelgebied. Op basis van de kaart kan worden aangenomen dat de bodem ter plaatse niet verontreinigd is. De milieuhygiënische kwaliteit wordt als zijnde de achtergrondwaarde beschouwd. 2. 4