CConstaterende datMeierijstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage V Quickscan Flora en Fauna_Vlagheide 8a Eerde

Raadsvergadering 15 december 2022, gemeente MeierijstadBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan 'Vlagheide 8a te Schijndel'5.435 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

7-6-2022

QuickScan flora en fauna Vlagheide 8a, Eerde

R.J.L. Bijvelds (Rik) ECOLOOG BNL ADVIES Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Verkennend onderzoek naar de aanwezigheid van vaste rust- en verblijfplaatsen van beschermde flora en fauna op de locatie: Vlagheide 8a te Eerde

BNL advies Telefoonstraat 2 5428 GJ Venhorst T: 06 18 90 46 06 E: info@bnladvies.nl W: www.bnladvies.nl

Projectlocatie:

Vlagheide 8a 5482 NM Eerde

Status: Versie: Datum: Auteur:

definitief 21137.QFF 7-6-2022 Ing. R.J.L. Bijvelds (Rik)

© copyright BNL advies 2022 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteursrechthebbende. BNL advies kan door opdrachtgever niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die voortvloeit uit gebruik van data of gegevens of door toepassing van aanbevelingen en conclusies, die zijn opgenomen in deze rapportage.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Opgesteld door:

1

Colofon:

Inhoud Colofon: ...................................................................................................1 1.

Inleiding .............................................................................................4

2.

Toelichting onderzoekskader .....................................................................5 2.1

2.1.1

Bescherming van gebieden .............................................................5

2.1.2

Bescherming van soorten ...............................................................5

2.1.3

Bescherming van houtopstanden ......................................................5

2.2

Interim omgevingsverordening ..............................................................5

Omschrijving plangebied ..........................................................................7 3.1

Algemeen.......................................................................................7

3.2

Voorgenomen ontwikkeling ..................................................................8

3.2.1

De schuur en parkeerplaatsen .........................................................9

3.2.2

Locatie trekkershutten ............................................................... 10

3.2.3

Locaties teambuildingsessies/ outdoor activiteiten .............................. 10

3.2.4

Beplantingen in directe omgeving .................................................. 10

3.2.5

Onderzoeksresultaten beschermde soorten .................................................. 14 4.1

Algemeen..................................................................................... 14

4.2

Soorten vogelrichtlijn ...................................................................... 14

4.2.1

Vogels met jaarrond beschermde nesten .......................................... 14

4.2.2

Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) ................... 15

4.2.3

Algemene broedvogels ................................................................ 15

4.2.4

Werken binnen het broedseizoen ................................................... 15

4.3

Soorten Habitatrichtlijn .................................................................... 16

4.3.1

Vleermuizen ............................................................................ 16

4.3.2

Overige Habitatrichtlijn soorten .................................................... 16

4.4

Nationaal beschermde soorten............................................................ 16

4.4.1

Amfibieën en reptielen ............................................................... 17

4.4.2

Libellen ................................................................................. 18

4.4.3

Dagvlinders ............................................................................. 18

4.4.4

Vaatplanten ............................................................................ 18

4.4.5

Effectbeoordeling en toetsing ....................................................... 18

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

2

4.

Vooronderzoek ............................................................................ 12

Pagina

3.

Wet natuurbescherming......................................................................5

Conclusies en aanbevelingen ................................................................... 19 5.1

5.1.1

Vogels met jaarrond beschermde nesten .......................................... 19

5.1.2

Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) ................... 19

5.1.3

Algemene broedvogels ................................................................ 19

5.2

Soorten Habitatrichtlijn .................................................................... 20

5.2.1

Vleermuizen ............................................................................ 20

5.2.2

Overige habitatrichtlijnsoorten ..................................................... 20

5.3

Nationaal beschermde soorten............................................................ 20

5.4

Aanbevelingen/ natuur-inclusief bouwen ............................................... 20

Conclusie .......................................................................................... 22

3

6.

Soorten Vogelrichtlijn ...................................................................... 19

Pagina

5.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

1. Inleiding Aanleiding Op verzoek van de initiatiefnemer, is op 10 juni 2021 en 25 november 2021, een quickscan flora en fauna uitgevoerd in het kader van de Wet natuurbescherming. De ecologische quickscan bestaat uit een veldonderzoek op locatie en bijbehorende verslaglegging. Doel Doel van deze quickscan is het verkrijgen van informatie over de aanwezigheid van beschermde flora en fauna en dan voornamelijk de aanwezigheid van tijdelijke of vaste rust- en verblijfplaatsen. Deze informatie is nodig ten behoeve van de voorgenomen ontwikkelingen op de locatie: Vlagheide 8a te Eerde. De ontwikkelingen betreffen de realisatie van een fiets-/ koerscafé (Village départ) met bijbehorende parkeerplaatsen en terrassen. Ook worden er binnen het plangebied trekkershutten gerealiseerd en zal het plangebied gebruikt worden voor outdoor activiteiten en teambuildingsessies. Voor de aanleg van parkeerplaatsen en terrassen en de bouw van trekkershutten, dienen beplantingen verwijderd te worden. Het fiets- / koerscafé zal gerealiseerd worden in de bestaande schuur welke volledig verbouwd gaat worden. In- en nabij de schuur, de te verwijderen beplantingen en in de direct aangrenzende omgeving kunnen beschermde soorten flora en fauna voorkomen welke negatieve effecten kunnen ondervinden van de geplande ontwikkelingen.

Doormiddel van een oriënterend bronnen- en veldonderzoek zal worden onderzocht of de voorgenomen ontwikkelingen kunnen leiden tot een overtreding van verbodsbepalingen voor (potentieel) aanwezige soorten flora en fauna.

Pagina

4

De quickscan richt zich op het verkrijgen van een geïnformeerd beeld van de mogelijke consequenties vanuit de natuurwetgeving en –beleid. Op basis daarvan worden uitspraken gedaan over de (mogelijke) effecten van de voorgenomen ontwikkeling en de eventueel noodzakelijke vervolgstappen.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

2. Toelichting onderzoekskader 2.1 Wet natuurbescherming Per 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming (Wnb) van kracht. Deze wet is een vervanging en samenbundeling van drie voorgaande wetten; de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en faunawet. Tevens heeft er een decentralisatie van het bevoegd gezag plaatsgevonden: per 1 januari 2017 zijn de provincies verantwoordelijk voor de vergunningen en ontheffingen. De Wnb is op te delen in grofweg drie delen:

2.1.1 Bescherming van gebieden De Wnb richt zich met de bescherming van natuurgebieden uitsluitend op Natura 2000gebieden. Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. In Natura 2000-gebieden worden bepaalde diersoorten en hun natuurlijke leefomgeving beschermd om de biodiversiteit te behouden. Invloeden (ook van buitenaf) mogen deze instandhoudingsdoelstellingen niet in gevaar brengen.

2.1.2 Bescherming van soorten De Wnb onderscheidt drie verschillende beschermingsregimes, met elk hun eigen verbodsbepalingen (zie tabel 1). De eerste twee categorieën zijn gebaseerd op de door de Europese Unie opgestelde Vogelrichtlijn (uit 1979) en de Habitatrichtlijn (uit 1992). Het derde beschermingsregime betreft soorten die niet op Europees niveau beschermd zijn, maar wel op landelijk niveau: de Nationaal beschermde soorten (in de wet aangeduid als “andere soorten”). Als bevoegd gezag heeft iedere afzonderlijke provincie (een aantal) algemene soorten uit deze derde categorie vrijgesteld van ontheffingsplicht. Wel geldt altijd voor alle soorten de algemene zorgplicht. Deze zorgplicht houdt in dat men bij werkzaamheden met mogelijk negatief effect op planten en dieren, maatregelen dient te nemen (binnen wat redelijkerwijs van men verwacht kan worden) om onnodige schade aan planten of dieren te voorkomen2.

2.1.3 Bescherming van houtopstanden De bescherming van houtopstanden betreft voornamelijk een voortzetting van de Boswet en richt zich op de instandhouding van het bosareaal. Bij houtopstanden groter dan 10 are of 20 rijen bomen en gelegen buiten de bebouwde kom geldt een meldplicht, herplantplicht en mogelijke oplegging van een kapverbod.

2.2 Interim omgevingsverordening

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Naast het ‘Natuurnetwerk Brabant’, kan de provincie planologische bescherming aan gebieden toekennen door hen aan te wijzen als “bijzondere provinciale natuurgebieden” of “bijzondere provinciale landschappen”. Hierbij is bijvoorbeeld te denken aan de bescherming van belangrijke weidevogelgebieden. Iedere provincie kan een eigen invulling geven aan bijvoorbeeld compensatie. Het beschermingsregime van overige op provinciaal niveau beschermde gebieden kan sterk verschillen tussen provincies.

5

In de Interim omgevingsverordening is het Natuurnetwerk Nederland (NNN) vastgelegd. Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is een netwerk van groene gebieden, voorheen bekend als de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). In Noord-Brabant het ‘Natuurnetwerk Brabant’ (NNB) genaamd. De gebieden worden beschermd via het planologisch kader. Dit alles is verankerd in de bestemmingsplannen waarin de regels uit de provinciale Verordening ruimte zijn verwerkt. Het ruimtelijke beleid van het NNB kent het “nee, tenzij” principe en is gericht op ‘behoud, herstel en ontwikkeling van de wezenlijke waarden en kenmerken’ van het NNB.

Pagina

6

Tabel 1. Soortenbescherming en verbodsbepalingen.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

3. Omschrijving plangebied 3.1 Algemeen Het plangebied is gelegen ten oosten van Eerde (zie afbeelding 1, binnen de gemeente Meierijstad), liggende in de provincie Noord-Brabant. Op de bestaande kavel is een woning met bijgebouw aanwezig.

Afbeelding 1: Globale ligging van het plangebied. De locatie, Vlagheide 8a, ten westen Eerde, waar de quickscan uitgevoerd is, wordt globaal aangeduid met de rode cirkel. Bron: Kadviewer.map5.nl, 23-12-2021

Het plangebied / de onderzochte omliggende gronden, zijn in afbeelding 2 weergegeven. In de directe omgeving/ aangrenzende kavels is volwassen beplanting van diverse soorten bomen, heesters en kruidachtige begroeiing aanwezig.

Pagina

7

Tijdens het veldbezoek is een quickscan uitgevoerd op de projectlocatie en is gezocht naar de aanwezigheid van beschermde flora en fauna en de daarbij behorende vaste rust- en verblijfplaatsen.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Afbeelding 2: De kavels, welke bezocht en onderzocht zijn op de aanwezigheid van beschermde soorten flora en fauna, binnen het rood kader. De schuur welke verbouwd gaat worden is weergegeven binnen het paarse kader. Bron: Kadviewer, datum: 23-12-2021

3.2 Voorgenomen ontwikkeling

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Voor de aanleg van parkeerplaatsen en terrassen en de bouw van trekkershutten, dienen beplantingen verwijderd te worden. Het fiets- / koerscafé zal gerealiseerd worden in de bestaande schuur welke volledig verbouwd gaat worden. In- en nabij de schuur, de te verwijderen beplantingen en in de direct aangrenzende omgeving kunnen beschermde soorten flora en fauna voorkomen welke negatieve effecten kunnen ondervinden van de geplande ontwikkelingen.

8

De ontwikkelingen betreffen de realisatie van een fiets-/ koerscafé (Village départ) met bijbehorende parkeerplaatsen en terrassen. Ook worden er binnen het plangebied trekkershutten gerealiseerd en zal het plangebied gebruikt worden voor outdoor activiteiten en teambuildingsessies (zie afbeelding 3).

Afbeelding 3: uitgangssituatie Village départ

3.2.1 De schuur en parkeerplaatsen

Pagina

9

De te slopen schuur is afgebeeld in afbeelding 4 en 5. In de bestaande bebouwing kunnen diverse beschermde dier- en vogelsoorten voor komen, zoals uilen, huismussen en vleermuizen. Maar ook andere vogelsoorten kunnen de bebouwing gebruiken binnen het broedseizoen om te nestelen en te verblijven. De locatie waar de parkeerplaatsen komen is momenteel in gebruik als wroetplaats voor scharrelvarkens (zie afbeelding 6 en 7). Op deze plaats staan momenteel ook nog bomen welke gekapt gaan worden voor de aanleg van de parkeerplaatsen. In de bomen kunnen beschermde vogelsoorten hun nesten hebben en vleermuizen kunnen gaten in stammen gebruiken als vaste rust- en verblijfplaats.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Afbeelding 4 t/m 7: Bestaande te slopen schuur en locatie voor de aan te leggen parkeerplaatsen. Bron: R.J.L. Bijvelds 10-062021 & 25-11-2021

3.2.2 Locatie trekkershutten De te bouwen trekkershutten zijn gesitueerd ten westen van het fiets-/ koerscafé, in de bestaande vijver en op de gronden daaromheen (zie afbeelding 8 t/m 11). In de beplantingen, het water en op de oevers kunnen beschermde soorten flora en fauna voor komen, welke negatieve effecten kunnen ondervinden van de geplande bouw.

Afbeelding 8 t/m 11: Locaties te bouwen trekkershutten. Bron: R.J.L. Bijvelds 25-11-2021

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Binnen het plangebied, rondom de eendenkooi, is het plan om kleinschalige teambuildingsessies en outdoor activiteiten onder begeleiding te organiseren. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van het bestaande landschap.

10

3.2.3 Locaties teambuildingsessies/ outdoor activiteiten

Er worden geen ingrepen (geen elementen verwijderd of ruimte gemaakt o.id..) gedaan om het landschap aan te passen voor deze activiteiten. Deze activiteiten dienen rekening te houden met de aanwezige flora en fauna. Denk bijvoorbeeld aan activiteiten tijdens het broedseizoen. Geadviseerd wordt hier voorafgaand aan het uitvoeren van de activiteiten een inventarisatie uit te laten voeren naar het voorkomen van nesten en de activiteiten en de plek daarvoor daarop aan te passen.”

3.2.4 Beplantingen in directe omgeving Aangrenzend aan het projectgebied en verspreid op de kavel zijn o.a. een (vis)vijver, eendenkooi, landschapsbomen, hagen, heesterbeplanting en diverse kruidachtige begroeiing aanwezig (zie afbeelding 12 t/m 17). Tijdens de rondgang dienen de te verwijderen beplantingen, locaties voor outdoor activiteiten en teambuildingsessies en aangrenzende beplantingen goed gecontroleerd te worden op bestaande nesten in bomen en beplantingen en holtes/ spleten in bomen, welke gebruikt kunnen worden door vogels en vleermuizen. Maar ook dient gezocht te worden naar bijvoorbeeld vaste rust en verblijfplaatsen van amfibieën, marters en groeiplaatsen van beschermde soorten vaatplanten. Beoordeeld moet worden of de geplande werkzaamheden een negatief effect hebben op (beschermde) soorten flora en fauna op de kavel.

Pagina

11

Dit zal afhankelijk zijn van de soorten die voor komen, en op welke wijze zij het gebied gebruiken (groeiplaats, voortplantingsplaats, verblijfplaats of foerageerplaats). Elke functie kent een ander beschermingsregime.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Afbeelding 12 t/m 17. Bestaande beplantingen nabij de te slopen schuur en verspreid op de kavel. Bron: R.J.L. Bijvelds 10-062021 & 25-11-2021.

3.2.5 Vooronderzoek Voorafgaand aan het bezoek op de projectlocatie is de NDFF geraadpleegd om te bekijken welke soorten aanwezig zijn in het gebied, om daarop de quickscan aan te passen. De projectlocatie valt binnen het kilometerhok 161-401 Het belangrijkste wat opviel is dat in de directe omgeving (atlasblok van 5x5 km) diverse beschermde soorten flora en fauna voorkomen. Beoordeeld moet worden door middel van een veldbezoek of beschermde soorten ook mogelijk gebruik maken van het gebied/ aanwezig zijn in het gebied.

Pagina

12

Gezien de ligging van het perceel en de aanwezigheid van beplantingen in de directe omgeving, was het dus belangrijk om het gebied goed te inventariseren op beschermde vaatplanten/ groeilocaties, aanwezige holtes / mogelijke verblijfplaatsen, voortplantings-, en nestlocaties van zoogdieren en vogelsoorten.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

13

Tabel 2. Mogelijk aanwezige amfibieën, reptielen en zoogdieren in de directe omgeving van het plangebied. Bron: Verspreidingsatlas NDFF Datum: 07-05-2021 & 19-11-2021

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

4. Onderzoeksresultaten beschermde soorten 4.1 Algemeen De kavel en omliggende gronden zijn op donderdag 10 juni en donderdag 25 november 2021 visueel geïnspecteerd en gecontroleerd op de (mogelijke) aanwezigheid van beschermde soorten of de nesten/ verblijfslocaties daarvan. Waar tijdens de quickscan vooral op gelet/ naar gezocht is zijn de volgende soorten: -

Nesten in bomen/ beplantingen van vogels in de binnen het projectgebied Holtes en spleten/ scheuren in bomen welke door vogels gebruikt worden Holtes en spleten/ scheuren in de te slopen bebouwing welke door vogels en vleermuizen gebruikt worden Mogelijke verblijfplaatsen voor vogels en vleermuizen onder daken en achter gevelbekleding Beschermde plantsoorten binnen het plangebied Mogelijke verblijfplaatsen en holen van marterachtigen Vaste rust- en verblijfplaatsen van amfibieën en reptielen Overige beschermde soorten flora en fauna

4.2 Soorten vogelrichtlijn 4.2.1 Vogels met jaarrond beschermde nesten Het plangebied (de te slopen bebouwing) is mogelijk geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen van vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten in gebouwen. Huismus. Voor de huismus zijn geen vaste rust-, en/of verblijfplaatsen gevonden in de te slopen schuur. Er is gezocht naar aanwezige sporen in de vorm van nesten of uitwerpselen. Deze zijn allen niet aangetroffen. Deels door de afwezigheid van dakbeschot (zie afbeelding 18).

Afbeelding 18: Daken van de schuur deels zonder dakbeschot. Ook zijn er geen sporen in de vorm van nesten en uitwerpselen aangetroffen. Bron: R.J.L. Bijvelds 10-06-2021

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Wel waren er rondom de woning huismussen actief. Het is duidelijk dat ze de tuinen rondom de woningen gebruiken als foerageer- en schuilgebied. Belangrijk is om deze beplanting te behouden. Ook zou het goed zijn als de met hedera begroeide muur aan de oostzijde van de schuur behouden blijft. Dit kan een nachtverblijfplaats van huismussen zijn.

14

Ook waren er tijdens het veldbezoek geen huismussen hoor- en zichtbaar aanwezig in en rondom de te slopen schuur. De aanwezigheid van nesten huismussen in de te slopen bebouwing is niet aannemelijk en nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht.

Gierzwaluw. Voor gierzwaluwen is het projectgebied zelf niet geschikt. Gierzwaluwen komen niet/ nauwelijks voor in een buitengebied en hebben de voorkeur voor lintbebouwing in dorpen en steden. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht. Uilen. De aanwezigheid van steenuil en kerkuil kan redelijkerwijs worden uitgesloten wegens het ontbreken van geschikte invliegopeningen naar afgesloten donkere zolders van de schuur. Ook ontbreken er voor de steenuil geschikte broedholen in oude bomen in de directe omgeving. De locatie is verder niet geschikt als voortplantings- en verblijfplaats, er zijn ook geen braakballen of prooiresten aangetroffen welke er op kunnen wijzen dan er uilen actief zijn binnen het gebied. Overige soorten. In omgeving van het plangebied zijn tijdens het veldbezoek geen jaarrond beschermde nesten- of sporen van boombewonende broedvogels waargenomen. Op basis hiervan kunnen soorten als boomvalk, buizerd, havik, sperwer, ransuil en wespendief worden uitgesloten van aanwezigheid, nader onderzoek naar deze soorten wordt dan ook niet nodig geacht.

4.2.2 Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) Het plangebied is potentieel geschikt als voortplantingsplaats voor vogels met niet jaarrond beschermde nesten (categorie 5 soorten). Het plangebied is geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen van vogels met niet jaarrond beschermde nesten in gebouwen en nestkasten, zoals spreeuw, boerenzwaluw, zwarte roodstaart, koolmees en pimpelmees. Wanneer buiten het broedseizoen (15 maart – 15 augustus) gewerkt wordt (slopen van de bebouwing en verwijderen van beplantingen), kunnen geen negatieve effecten ontstaan. Voor deze soorten geldt tijdens de werkzaamheden te allen tijde de zorgplicht.

4.2.3 Algemene broedvogels Het plangebied is potentieel geschikt als voortplantingsplaats voor algemene broedvogels. De bebouwingen, heesters en de bomen binnen het plangebied zijn een geschikte nestplaats. Dit betreft soorten als zanglijster, houtduif en merel. Gezien de geplande ontwikkelingen vormen deze in geen enkele vorm een bedreiging voor deze soorten, wanneer buiten het broedseizoen (15 maart – 15 augustus) gewerkt wordt (slopen van de bebouwing en verwijderen van beplantingen). Hiervoor geldt tijdens de werkzaamheden de zorgplicht.

4.2.4 Werken binnen het broedseizoen

Pagina

15

Werken binnen het broedseizoen (verwijderen van beplantingen en slopen van de bebouwing) is enkel mogelijk indien er geen bezette nesten worden verstoord van vogels met niet jaarrond beschermde nesten en nesten van algemene broedvogels. Indien er binnen het broedseizoen gewerkt wordt dient men voorafgaand aan de werkzaamheden een extra controle op de aanwezigheid van nesten uit te voeren. Wanneer nesten aanwezig zijn, dienen de werkzaamheden uitgesteld te worden tot de jonge vogels uitgevlogen zijn. Bij twijfel te allen tijde een ecoloog inschakelen.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

4.3 Soorten Habitatrichtlijn 4.3.1 Vleermuizen De te slopen bebouwing binnen het plangebied, is gezien het bureauonderzoek, potentieel geschikt als vaste rust- en verblijfplaats voor gebouwbewonende vleermuizen. Te denken valt dan aan de laatvlieger, de ruige dwergvleermuis, gewone dwergvleermuis en in mindere mate de gewone grootoorvleermuis. Uit de verspreidingsatlas (NDFF) komt naar voren dat enkele van deze vleermuissoorten eerder gezien zijn in de directe omgeving van het plangebied. De te slopen bebouwing In en nabij de te slopen bebouwing zijn geen mogelijk geschikte verblijfplaatsen van vleermuizen aangetroffen. Dit onder andere door deels de afwezigheid van dakbeschot, de afwezigheid van toegang tot de spouw in de muur en andere mogelijk geschikte verblijfplaatsen achter gevelbekleding (overstek van onder afgesloten, zie afbeelding 19 en 20).

Afbeelding 19 en 20: afwezigheid van mogelijk geschikte ruimten voor vleermuizen om te verblijven. Ook zijn er in de gevels geen open stootvoegen welke toegang bieden tot de spouw in de muur. Bron: R.J.L. Bijvelds 10-06-2021

Beplantingen In de bomen en beplantingen welke aanwezig zijn in de directe omgeving van de te slopen bebouwing en in het totale plangebied, zijn geen geschikte openingen/ holen/ spleten en scheuren aangetroffen, wat de aanwezigheid van vleermuizen mogelijk zou maken, welke negatieve effecten zouden kunnen ondervinden van de geplande ontwikkeling. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht.

4.3.2 Overige Habitatrichtlijn soorten Het plangebied is mogelijk geschikt voor overige habitatrichtlijnsoorten die volgens de Habitatrichtlijn beschermd zijn. Het mis mogelijk dat de kamsalamander het plangebied (de amfibieënpoel) gebruikt als vaste voortplantings-, rust- en verblijfplaats. Wanneer werkzaamheden rondom de amfibieënpoel uitgevoerd worden, dient zorgvuldig gewerkt te worden. Onderhoudswerkzaamheden aan- en rondom de poel dienen te gebeuren binnen het seizoen dat deze soort hier zo min mogelijk negatieve effecten van ondervinden.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Het plangebied is mogelijk geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen en als functioneel leefgebied voor grondgebonden zoogdieren waarvoor in de provincie Noord-Brabant geen vrijstelling geldt zoals de das, wezel, hermelijn, bunzing en steenmarter.

16

4.4 Nationaal beschermde soorten

Binnen het projectgebied zijn geen burchten, latrines of andere sporen van dassen aangetroffen wat maakt dat nader onderzoek naar dassen niet nodig geacht wordt. Geschikte openingen en potentiële verblijfplaatsen zoals oude zolders, en vlieringen zijn voor de steenmarter afwezig. Sporen in de vorm van uitwerpselen of prooidieren zijn niet aangetroffen. Het plangebied is mogelijk geschikt als habitat voor de wezel, hermelijn en bunzing. De locaties waar de trekkershutten geplaatst gaan worden, waar de teambuildingsessies en outdoor activiteiten plaats vinden en in- en rondom de te slopen bebouwing/ verwijderen beplantingen is dus nadrukkelijk gezocht naar sporen, holen en anderzijds mogelijk geschikte verblijfplaatsen voor deze soorten, maar zijn niet aangetroffen. Nader onderzoek naar deze soorten, welke mogelijk negatieve effecten kunnen ondervinden van de geplande werkzaamheden, wordt dan ook niet nodig geacht. Het plangebied is potentieel geschikt als vaste rust- en verblijfplaats en als functioneel leefgebied voor algemene soorten als egel, konijn en (spits)muizen waarvoor in NoordBrabant een provinciale vrijstelling geldt.

4.4.1 Amfibieën en reptielen Het plangebied (vooral de amfibieënpoel, zie afbeelding 21) is geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen voor amfibieën waarvoor in de provincie Noord-Brabant geen vrijstelling geldt, zoals de alpenwatersalamander en kamsalamander. Aangezien in- en rondom de poel geen werkzaamheden plaats vinden welke negatieve effecten kunnen veroorzaken op bijvoorbeeld winterverblijven en ei-afzet plaatsen, worden nadelige effecten op (beschermde) soorten amfibieën niet veracht. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

In de (vis)vijver waar een aantal trekkershutten geplaatst gaan worden, worden geen beschermde soorten amfibieën verwacht. Dit door de aanwezigheid van vissen, welke de eitjes van amfibieën eten.

17

Afbeelding 21: de amfibieënpoel in het zuiden van het plangebied. Bron: R.J.L. Bijvelds 25-11-2021

Voor beschermde soorten reptielen zoals de levendbarende hagedis en de muurhagedis is binnen het plangebied geen geschikt habitat aangetroffen. Nader onderzoek naar deze soorten wordt dan ook niet nodig geacht.

4.4.2 Libellen Het plangebied is ongeschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen voor Nationaal beschermde soorten libellen door de afwezigheid van een geschikt habitat. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht.

4.4.3 Dagvlinders Het plangebied is ongeschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen voor Nationaal beschermde soorten dagvlinders. Het bronnen- en veldonderzoek hebben ook geen (mogelijke) aanwezigheid aangetoond. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht.

4.4.4 Vaatplanten Potenties voor nationaal beschermde plantensoorten zijn binnen het plangebied afwezig. Binnen het plangebied zijn voedselarme of kalkrijke bodem en akkerreservaten afwezig.

4.4.5 Effectbeoordeling en toetsing Het plangebied is enkel geschikt voor Nationaal beschermde soorten waarvoor in de provincie Noord-Brabant een vrijstelling geldt: egel, konijn en verschillende soorten (spits)muizen. Aanvullend onderzoek naar deze soorten is niet noodzakelijk.

Pagina

18

Wel geldt te allen tijde de zorgplicht. Dit houdt in dat indien mogelijk schadelijke effecten op soorten zoveel mogelijk dienen te worden voorkomen. Te denken valt aan het verplaatsen van dieren naar veilige locaties buiten het werkgebied indien zij aangetroffen worden tijdens de werkzaamheden, of daar direct aan voorafgaand.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

5. Conclusies en aanbevelingen 5.1 Soorten Vogelrichtlijn 5.1.1 Vogels met jaarrond beschermde nesten De te slopen schuur is ongeschikt voor vaste rust- en verblijfplaats van vogels met jaarrond beschermde nesten, namelijk de steen- en kerkuil, huismus en gierzwaluw. Nader onderzoek naar het voorkomen/ gebied gebruiksfuncties van deze soorten wordt dan ook niet nodig geacht. Nader onderzoek naar boombewonende soorten welke volgens de vogelrichtlijn beschermd dienen te worden wordt niet nodig geacht door het ontbreken van verblijfplaatsen/ nesten in de direct omgeving.

5.1.2 Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) Het plangebied is potentieel geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen van vogels met niet jaarrond beschermde nesten, waaronder IJsvogel (broed ten zuiden van de (vis)vijver), boerenzwaluw, spreeuw, koolmees, pimpelmees en zwarte roodstaart. Vogels met niet jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) zijn vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan en die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen. Deze zijn buiten het broedseizoen niet beschermd. Categorie 5-soorten zijn wel jaarrond beschermd als zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden dat rechtvaardigen. In dezen zijn er geen ecologische omstandigheden waardoor categorie 5 soorten in het plangebied jaarrond beschermd dienen te zijn. Het betreft een lokaal en regionaal algemene vogels. In de directe omgeving zijn voldoende geschikte structuren die als alternatief gebruikt kunnen worden. Tijdelijke schadelijke effecten op Categorie 5 soorten vogels door uitvoering van de werkzaamheden op bezette nesten zijn te voorkomen (in gebruik zijnde vogelnesten mogen in principe nooit worden verstoord) door buiten het broedseizoen te werken (buiten grofweg de periode 15 maart – 15 augustus).

Indien er binnen het broedseizoen gewerkt wordt dient men voorafgaand aan de werkzaamheden een extra controle op de aanwezigheid van nesten uit te voeren. Wanneer nesten aanwezig zijn, dienen de werkzaamheden uitgesteld te worden tot de jonge vogels uitgevlogen zijn. Bij twijfel te allen tijde een ecoloog inschakelen.

5.1.3 Algemene broedvogels

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Schadelijke effecten op algemene broedvogels door uitvoering van de werkzaamheden op bezette nesten zijn te voorkomen (in gebruik zijnde vogelnesten mogen in principe nooit worden verstoord) door buiten het broedseizoen te werken (buiten grofweg de periode 15 maart – 15 augustus). Indien er binnen het broedseizoen gewerkt wordt dient men voorafgaand aan de werkzaamheden een extra controle op de aanwezigheid van nesten uit te voeren. Wanneer nesten aanwezig zijn, dienen de werkzaamheden uitgesteld te worden tot de jonge vogels uitgevlogen zijn. Bij twijfel te allen tijde een ecoloog inschakelen.

19

Het plangebied is potentieel geschikt voor algemene broedvogels om te broeden. Zij kunnen nestelen in de schuur, bomen en struiken welke aanwezig zijn binnen het plangebied.

5.2 Soorten Habitatrichtlijn 5.2.1 Vleermuizen De voorgenomen ontwikkelingen kunnen niet leiden tot een negatief effect op vleermuizen. Hierdoor kunnen de verbodsbepalingen Art 3.5 lid 2 en 4 (zie Tabel 1) van de Wnb niet worden overtreden. Aanvullend onderzoek wordt niet nodig geacht.

5.2.2 Overige habitatrichtlijnsoorten Voor overige habitatrichtlijnsoorten is het plangebied mogelijk geschikt. Hierbij gaat om mogelijk beschermde soorten in- en nabij de aanwezige amfibieënpoel. Wanneer onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd dienen te worden moet men als volgt te werk gaan: Werkzaamheden aan bestaande amfibieënpoelen (waarin amfibieën en/of hun larven aanwezig kunnen zijn) worden bij voorkeur tussen half augustus en half oktober uitgevoerd. Er zijn dan nauwelijks amfibieën in de poel aanwezig. Bij het onderhoud van poelen kun je uitgaan van 50% open water. Als de vegetatie een groter deel van de poel bedekt , is onderhoud (opschoning) gewenst. Onderhoud de poel door eens in de 1 á 2 jaar de begroeiing op de oever te maaien en eens in de 10 á 15 jaar waterplanten eruit te baggeren. Doe dit gefaseerd: het ene jaar de oostzijde en het andere jaar de westzijde. Tot het onderhoud van poelen kan ook het verwijderen van houtopslag op de oevers behoren, om te sterke beschaduwing te voorkomen. Ook hierbij heeft het voorkeur niet alles in een keer te verwijderen maar gefaseerd. Deze houtopslag dient ook als schuilgelegenheid en beschutting voor onder andere amfibieën en andere diersoorten.

5.3 Nationaal beschermde soorten In het plangebied zijn geen nationaal beschermde soorten aanwezig, waarvoor géén provinciale vrijstelling geldt, welke mogelijk negatieve effecten ondervinden van de geplande werkzaamheden. Het plangebied is potentieel geschikt voor Nationaal beschermde soorten waarvoor in de provincie Noord-Brabant een vrijstelling geldt als egel, konijn en (spits)muizen. Aanvullend onderzoek naar deze soorten is niet noodzakelijk. Wel geldt te allen tijde de zorgplicht. Dit houdt in dat indien mogelijk schadelijk effect op egel en (spits)muizen zoveel mogelijk dient te worden voorkomen. Te denken valt aan het verplaatsen van dieren naar veilige locaties buiten het werkgebied indien zij aangetroffen worden tijdens de werkzaamheden.

5.4 Aanbevelingen/ natuur-inclusief bouwen

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Om vleermuizen een mogelijkheid te bieden zich te vestigen/ in stand te houden in het gebied kunnen vleermuiskasten opgehangen worden tegen de westgevel van het fiets-/ koerscafé. Er zijn speciale vleermuiskasten te koop via internet: www.vivara.nl of www.waveka.nl.

20

Door niet alleen te kijken naar ‘wat er niet is’, is het juist belangrijk om te kijken naar mogelijkheden voor flora en fauna voor- en na de verbouw fiets-/ koerscafé. Er zijn altijd mogelijkheden om (nieuwe)soorten een kans te geven zich te vestigen of in stand te houden in het gebied door kleine aanpassingen. Zo kun je denken aan het ophangen van nestkasten voor onder andere huismussen, maar ook voor mezen, en andere soorten is van alles te verkrijgen.

Voor de vleermuizen kunnen ook ruimtes open gelaten worden in de overstek welke toegang bieden tot de spouw, zodat ze zich in de spouw kunnen schuilhouden en voortplanten. Het is ook mogelijk nestkasten voor huismussen en vleermuizen in te metselen in de spouw. Dit heeft geen negatief effect op de isolatiewaarde maar wel een positief effect op de aanwezige soorten in de omgeving. Alles wat hierboven benoemd wordt is geen verplichting of iets wat opgelegd wordt, maar dit zou voor de vogels en vleermuizen in het gebied een welkome verandering zijn en voor ons als mens een kleine moeite! Verhogen biodiversiteit. Ook zijn er kansen m.b.t. het verhogen van de biodiversiteit binnen het plangebied. Op diverse locaties binnen het plangebied is bamboe (diverse soorten) aanwezig. Deze exoot kan binnen het terrein flink gaan woekeren en de inheemse beplanting verdrijven. Het zou goed zijn wanneer deze volledig verwijderd worden. Ook kan men tegen de eendenkooi een oeverzwaluwwand en/ of ijsvogelwand plaatsen. Naar alle waarschijnlijkheid zal deze snel bezet zijn, door de aanwezige oeverzwaluw en ijsvogels tijdens het eerste veldbezoek. Om insecten een kans te geven zich voort te planten en te overwinteren, kunnen insectenhotels gemaakt worden (voorbeeld zie afbeelding 22). Deze kunnen geplaatst worden verspreid binnen het plangebied.

Een insectenhotel kan men zelf maken, maar ze zijn ook te bestellen op o.a. www.vivarapro.nl. Wanneer men ze zelf wil maken, dan kan men gebruik maken van de aanwezige bamboe. Deze staven kunnen verwerkt worden in een insectenhotel. Op deze manier verwijder je de bamboe, en creëer je nieuwe voortplantingsplaatsen voor insecten.

Pagina

21

Afbeelding 22: Insectenhotel, leverancier Vivara pro.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

6. Conclusie Op basis van bovenstaande informatie welke uit de quickscan flora en fauna naar voren is gekomen, is er geen aanleiding om direct een aanvullend flora- of faunaonderzoek uit te voeren. Er kan op dit moment zonder voorziene problemen begonnen worden de geplande ontwikkelingen buiten het broedseizoen. Tijdens werkzaamheden blijft te allen tijde de zorgplicht van kracht en bij een veranderende situatie dient te allen tijde een ecoloog ingeschakeld te worden. Hopende u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben, verblijf ik.

Met vriendelijke groet, Ing. R.J.L. Bijvelds Ecoloog BNL advies

Pagina

22

07-06-2022

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meierijstad&id=2830e3eb-bda7-487c-beaa-63392ad633d9