Bijlage T04. QS Natuurwaarden
Tekst van het document
Rapportage Quickscan Flora en Fauna Looieind 14 Erp rapport 3559R001-2
datum: opdrachtgever:
27 mei 2020 t.a.v. de Tiswa / Bij Peerke Looieind 14, 5469 SR Erp.
Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en / of openbaar gemaakt zonder schriftelijke toestemming van Archimil BV. Op al onze werkzaamheden zijn de algemene leveringsvoorwaarden van toepassing, zoals gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel te Eindhoven, onder nummer 17159750.
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
I
VERANTWOORDING
P. Heesakkers Ecoloog / adviseur
Ir. J.B.P. van der Stroom Ecoloog / senior adviseur
Archimil B.V. Koningsplein 18, 5721 GJ Asten, Tel.nr. 0493-671818 – Faxnr. 0493-671800, Email: info@archimil.nl Archimil BV, Laagheidehof 5, 5804 XB Venray, telnr. 0478-515736 Rabobank Iban NL70RABO01636.28.580, Kvk nr. 17159750
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
II
SAMENVATTING In verband met functiewijziging en de sloop van de boerderij aan de Looieind 14 te Erp is door &Opdrachtgever& schriftelijk opdracht verleend om een quickscan flora en fauna op bovengenoemde locatie uit te voeren. Het doel van het onderzoek bestaat uit het verkrijgen van inzicht in de aanwezigheid van beschermde flora en fauna en om vast te stellen of de geplande activiteit van invloed is op beschermde flora of fauna. De geografische gegevens van de onderzoekslocatie staan weergegeven in het volgende overzicht: Gemeente
Meierijstad
Adres
Looieind 14 te Erp
Kadastraal
Sectie: R
Nr: 142 (ged.)
Coördinaten
X: 170.974
Y: 402.352
Oppervlakte onderzoekslocatie
6350 m2
Bij de quickscan die is uitgevoerd ter plaatse van het erf aan de Looieind 14 te Erp, kadastraal bekend onder de gemeente Erp, sectie R, nummer 142 (ged.), is op de locatie geen beschermde flora en fauna waargenomen die een belemmering kan vormen voor de voorgenomen activiteit. Het plangebied is potentieel geschikt als leefgebied voor de bunzing. In de winterperiode (november-februari) zou de te slopen boerderij gebruikt kunnen worden als verblijfplaats. Sloop van de bebouwing dient te worden uitgevoerd buiten de winterperiode (november tot maart). Op basis van het gebruik van de locatie en de directe omgeving wordt voor het overige geen beschermde flora en fauna verwacht. Op basis van de quickscan wordt een aanvullend of nader onderzoek naar de aanwezige flora en fauna, voor de geplande activiteiten, niet noodzakelijk geacht. Voor de geplande activiteiten is op basis van de bekende gegevens geen ontheffingsaanvraag in het kader van de Wet natuurbescherming noodzakelijk. Voor de activiteit zal een gedeelte van de beukenhaag worden verwijderd. De heg is, door het ontbreken van beschutting, niet geschikt zijn als nestgelegenheid voor vogels en kleine zoogdieren. De rondom de te slopen woning aanwezige struiken worden gebruikt als nestplaats door algemene vogelsoorten. De zolder van de bebouwing wordt gebruikt als nestplaats door de holenduif en de kauw.
Conform artikel 3.1 dienen de werkzaamheden met deze struiken buiten het broedseizoen (half maart tot half juli) uitgevoerd te worden.
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
III
INHOUDSOPGAVE SAMENVATTING 1
INLEIDING EN DOEL VAN HET ONDERZOEK ................................................................................ 1
2
WET NATUURBESCHERMING ...................................................................................................... 2
3
LOCATIEGEGEVENS ...................................................................................................................... 4 3.1 3.2 3.3 3.4
4
QUICKSCAN................................................................................................................................... 5 4.1 4.2 4.3
5
ALGEMEEN .............................................................................................................................. 4 OMGEVING .............................................................................................................................. 4 NATURA 2000 ........................................................................................................................ 4 NATUURBEHEERPLAN ................................................................................................................ 5 DOELSTELLING ......................................................................................................................... 6 INVENTARISATIEGEGEVENS VANUIT DE OMGEVING ........................................................................... 8 BIOTOOPTYPEN EN BESCHRIJVING FLORA EN FAUNA ........................................................................ 6
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ...........................................................................................11 Bijlage 1 .......................................................................................................... situering in de regio Bijlage 2 ........................................................ globaal rapport verspreiding beschermde diersoorten Bijlage 3 ................................................................................. checklist vooronderzoek vleermuizen Bijlage 4 ........................................................................................................................ fotobijlage
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
1
1
INLEIDING EN DOEL VAN HET ONDERZOEK
In verband met functieverandering en de sloop van de boerderij aan de Looieind 14 te Erp is schriftelijk opdracht verleend om een quickscan flora en fauna op bovengenoemde locatie uit te voeren. Het doel van het onderzoek bestaat uit het verkrijgen van inzicht in de aanwezigheid van beschermde flora en fauna en om vast te stellen of de geplande activiteit van invloed is op beschermde flora of fauna. Contactpersoon voor de opdrachtgever waren de heren P. van de Crommert en C. Kalb. De werkzaamheden bij Archimil zijn gecoördineerd door de heer P. Heesakkers.
Luchtfoto van de onderzoekslocatie
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
2
2
WET NATUURBESCHERMING
De bescherming van plant- en diersoorten is geregeld in de Wet natuurbescherming. Ongeveer 500 soorten, van de 36.000 soorten die in Nederland voorkomen, vallen onder de bescherming van deze wet. Om kwetsbare soorten te beschermen bevat de Wet natuurbescherming een aantal verbodsbepalingen, zoals het verbod op het doden of verontrusten van dieren of het verbod om planten te plukken. De wet is bedoeld om soorten te beschermen en dient niet ter bescherming van individuele planten of dieren. De wet is erop gericht dat het voortbestaan van soorten niet in gevaar te brengen. De Wet natuurbescherming deelt soorten in drie beschermingsregimes in: 1. Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn. Dit zijn alle van nature in Nederland in het wild levende vogels (§3.1 van de wet). 2. Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn. Dit zijn soorten die genoemd zijn in Bijlage IV van de Habitatrichtlijn, Bijlage I en II van het Verdrag van Bern en Bijlage II van het Verdrag van Bonn. In de Bijlagen van de Verdragen van Bern en Bonn worden ook vogels genoemd (§3.2 van de wet). 3. Beschermingsregime andere soorten. Dit zijn soorten die genoemd zijn in de bijlage van de Wet natuurbescherming.
Het gaat hier om de bescherming van zoogdieren, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen, kevers (onderdeel A van de bijlage) en vaatplanten (onderdeel B van de bijlage) voorkomend in Nederland (§3.3 van de wet). De Wet natuurbescherming maakt invulling van de wet door provincies mogelijk, hiertoe kunnen provincies een eigen invulling geven aan de bescherming van soorten. Dit is door de provincie NoordBrabant geregeld in de Verordening natuurbescherming Noord-Brabant van 31 januari 2019. De Wet natuurbescherming stelt het volgende: Het is verboden opzettelijk van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te doden, te vangen en/of te verstoren. Het is tevens verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen. (artikel 3.1) Naast vogels is het verboden in het wild levende dieren van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel a, bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, in hun natuurlijk verspreidingsgebied opzettelijk te doden, te vangen of te verstoren. Het is tevens verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in het eerste lid te beschadigen of te vernielen.
Het is verboden om planten van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel b, bij de Habitatrichtlijn of bijlage I bij het Verdrag van Bern, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. (artikel 3.5)
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
3
Onverminderd artikel 3.5, eerste, vierde en vijfde lid, is het verboden: a. in het wild levende zoogdieren, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen en kevers van de soorten, genoemd in de bijlage, onderdeel A, bij deze wet, opzettelijk te doden of te vangen; b. de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in onderdeel a opzettelijk te beschadigen of te vernielen, of c. vaatplanten van de soorten, genoemd in de bijlage, onderdeel B, bij deze wet, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. (artikel 3.10). Dit houdt in dat binnen het plangebied in eerste instantie vastgesteld dient te worden of daarbinnen of in de directe nabijheid beschermde soorten aanwezig zijn. Indien deze aanwezig zijn dient het schadelijke effect van de activiteiten op de aanwezige soorten vastgesteld te worden en dient mogelijk een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming aangevraagd te worden.
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
3
LOCATIEGEGEVENS
3.1
Algemeen
4
De onderzoekslocatie betreft het noordelijke deel van het kadastrale perceel gemeente Erp, sectie R, nummer 142, aan de Looieind 14 te Erp. Op de locatie is een langgevelboerderij aanwezig welke in de nabije toekomst zal worden gesloopt en worden vervangen door nieuwbouw (weliswaar een kwartslag gedraaid). De boerderij is omstreeks 1918 gebouwd en is voorzien van een dakpannendak. Achter de boerderij is een groepsaccommodatie aanwezig (bouwjaar 2010) welke intern zal worden verbouwd tot woonruimte. Achter de groepsaccommodatie is een schuurtje (bouwjaar 1993) en een waterpartij gesitueerd. Ten zuiden van de woning (waar straks een deel van de nieuwe woning zal worden gerealiseerd is het terrein in gebruik als grasveld, met een stevig gesnoeide beukenhaag als afscheiding. Behoudens de sloop van de boerderij en het verwijderen van een deel van de aanwezige beukenhaag vinden er uitpandig geen ingrepen plaats. Wel zal er in de nabije toekomst, voor de landschappelijke inpassing, een kwaliteitsverbetering van het landschap plaatsvinden waarbij extra bomen en struiken worden aangeplant. 3.2
Omgeving
De onderzoekslocatie is gelegen ten noordoosten van de dorpskern van Erp. De directe omgeving van de locatie bestaat uit: Noordzijde: Erf Looiend 10-12 Oostzijde: Looieind Zuidzijde: Weiland / ponyweide Westzijde: waterpartij en weilanden 3.3 Natura 2000 Binnen een straal van 15 km van de locatie zijn geen natuurgebieden gelegen die als Natura 2000 gebied zijn aangewezen. Het meest nabijgelegen Natura 2000 gebied betreft de Bult (Deurnese peel) en is op circa 20 km afstand, ten zuidoosten van het plangebied, gelegen. Ten westen is natuurgebied Kampina en Oisterwijkse Vennen gelegen. Gezien de afstand tot het Natura 2000 gebied, de ligging van de locatie en de kleinschaligheid van de ingreep zijn nadelige gevolgen als gevolg van de beoogde ingreep voor de Natura 2000 gebieden uit te sluiten.
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
3.4
5
Natuurbeheerplan
Uit het natuurbeheerplan van de provincie Noord-Brabant blijkt dat de onderzoekslocatie niet in of tegen een natuur(ontwikkelings)gebied gelegen is. Op minimaal 250 meter noordoostelijk zijn enkele bosstroken gelegen welke zijn aangemerkt als droog en vochtig bos met productie (kenmerken N16.03 en N16.04).
onderzoekslocatie
Natuurbeheerplan provincie Noord-Brabant
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
4
QUICKSCAN
4.1
Doelstelling
6
Het onderzoek heeft tot doel vast te stellen of op de onderzoekslocatie soorten aanwezig (kunnen) zijn die vallen onder de Wet natuurbescherming en waarmee bij de ontwikkeling van het perceel rekening gehouden dient te worden, hetzij in het zoeken naar alternatieven voor de geplande werkzaamheden, hetzij in het aanvragen van een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming. De quickscan bestaat uit het vaststellen van welke biotopen in het plangebied aanwezig zijn. Op voorhand is ingeschat dat vogels en vleermuizen vermoedelijk de belangrijkste fauna zijn welke negatief beïnvloed zouden kunnen worden door de beoogde activiteit. Middels een literatuurstudie (paragraaf 4.3) en veldonderzoek (paragraaf 4.2) is beoordeeld in hoeverre op voorhand reeds een verstoring van beschermde soorten op zou kunnen treden. 4.2
Biotooptypen en beschrijving flora en fauna
De veldinspectie is uitgevoerd op 26 mei 2020. In bijlage 4 is fotoreportage van het plangebied bijgevoegd. Bij de veldinspectie is gebleken dat sprake is van een verouderde boerderij met een beschadigd pannendak. Aan de westzijde is, op de begaande grond, het woongedeelte gesitueerd. De oostzijde van de bebouwing is in gebruik als schuur. Tegen de buitenmuren zijn enkele struiken en jonge bomen aanwezig. Een beperkt deel, aan de noordoost en zuidzijde, is begroeid met klimop. De begroeiing wordt gebruikt als nestgelegenheid door algemene vogelsoorten. Aan de oostzijde van boerderij is een uilenkast geplaatst, welke al diverse jaren wordt gebruikt door de holenduif. Door het ontbreken van enkele pannen en dakisolatie is de zolder van buitenaf vrij toegankelijk en wordt de open zolder bewoond door enkele holenduiven en kauwen. Conform artikel 3.1 van de Wet natuurbescherming dienen sloop werkzaamheden buiten het broedseizoen te worden uitgevoerd. Zintuiglijk zijn geen waarnemingen gedaan welke kunnen duiden op de aanwezigheid van andere vogel- of vleermuizensoorten. Ten zuiden van de woning is een beukenhaag aanwezig welke voor de toekomstige ontwikkeling van de woning (deels) zal worden verwijderd. De haag is dermate hard gesnoeid dat deze momenteel niet geschikt is als nestplaats voor algemene vogelsoorten.
Rondom de te slopen woning zijn diverse struiken en grasstroken aanwezig welke gebruikt kunnen worden als verblijf- en foerageerplaats door diverse vogelsoorten (oa. huismus, merel, heggemus en vink). De aan de westzijde aanwezige groepsaccomodatie is in 2010 gebouwd. In de bebouwing zijn geen spleten en gaten waargenomen welke geschikt kunnen zijn voor vogels en/of vleermuizen. Onder de dakconstructie zijn geen nesten (van bijvoorbeeld de huiszwaluw) aangetroffen.
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
7
Ten tijde van de veldinspectie is geen flora en fauna waargenomen welke voorkomt in de bijlage van de Wet natuurbescherming.
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
8
De verblijf- / rustplaatsen van de baardvleermuizen, franjestaart, grootoorvleermuis, rosse vleermuis, ruige dwergvleermuis en watervleermuis zijn voornamelijk spleten en holtes van bomen. Binnen het plangebied ontbreken geschikte bomen met spleten en holtes, derhalve zijn essentiële verblijfplaatsen uit te sluiten. De gewone dwergvleermuis, laatvlieger en meervleermuis zijn gebonden aan gebouwen. In de dakconstructie van de boerderij zijn diverse openingen aanwezig welke toegankelijk zouden kunnen zijn voor vleermuizen. In de muren zijn geen spleten en holtes aangetroffen, welke door vleermuizen gebruikt kunnen als invliegopening. De dakconstructie is niet voorzien van een isolatie en derhalve niet geschikt voor vleermuizen. In en rond de bebouwing zijn geen waarnemingen gedaan welke kunnen duiden op de aanwezigheid van een verblijfplaats van vleermuizen. Het onbebouwde deel van het plangebied zal gebruikt worden als foerageergebied. Gezien de beperkte omvang ingreep zal deze ingreep geen substantiële invloed hebben op de bovengenoemde soorten. Met betrekking tot de potentiële aanwezigheid van vleermuizen is een checklist van de vleermuizenwerkgroep Nederland ingevuld (bijlage 3). Uit de checklist volgt dat langs de Looieind een bomenrij van dikke bomen (diameter >3dm) aanwezig is welke gebruik kan/zal worden als migratieroute.
Ter plaatse van het plangebied zelf zijn bomen en struiken aanwezig met een beperkte diameter. In de bomen zijn gaten en spleten uit te sluiten. Ten westen van de bebouwing is een waterpartij aanwezig, welke gebruikt kan worden door vleermuizen. Ter plaatse van de bomenrij en waterpartij zijn geen werkzaamheden voorzien. Derhalve wordt aanvullend onderzoek hiernaar dan ook niet noodzakelijk geacht. 4.3
Inventarisatiegegevens vanuit de omgeving
De inventarisatiegegevens vanuit de omgeving zijn opgevraagd bij het Natuurloket. De gegevens zijn afkomstig uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF). De rapportage is bijgevoegd in bijlage 2. Uit de rapportage blijkt dat binnen een straal van 0-1 kilometer van de onderzoekslocatie de volgende soorten zijn waargenomen: Amfibieën (-) In de gegevensdatabank van de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) zijn geen gegevens bekend van amfibieën in de directe omgeving van de planlocatie. Ter plaatse van de waterpartij zullen vermoedelijk wel algemene soorten (bruine kikker, bastaardkikker, gewone pad) voorkomen welke zijn opgenomen in bijlage A van de Wet natuurbescherming en in de Conventie van Bern (bijlage 3). De soorten zijn eveneens opgenomen in bijlage 3 van de Verordening van Provinciale Staten van de provincie Noord-Brabant, waardoor een vrijstelling geldt voor de genoemde soorten. Deze soorten zijn voor hun voortplanting watergebonden en verblijven een groot deel van het jaar in nabij gelegen groen. Omdat, behoudens de aanplant van extra bomen en struiken, geen werkzaamheden voorzien zijn ter plaatse van de waterpartij heeft de beoogde ingreep geen negatieve invloed op aanwezige amfibieën. Reptielen (-) In de gegevensdatabank van de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) zijn geen gegevens bekend van reptielen in de directe omgeving van de planlocatie.
Aangezien geschikt habitat ontbreekt worden deze ook niet verwacht. Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
9
Vissen (-) In de gegevensdatabank van de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) zijn geen gegevens bekend van vissen in de directe omgeving van de planlocatie. Ter plaatse van de waterpartij worden ook geen soorten verwacht welke zijn opgenomen in bijlage A van de Wet natuurbescherming. Insecten / libellen (-) In de gegevensdatabank van de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) zijn geen gegevens bekend van insecten en libellen in de directe omgeving van de planlocatie. Omdat geen werkzaamheden voorzien zijn ter plaatse van de waterpartij heeft de beoogde ingreep geen negatieve invloed op mogelijk aanwezige libellen. Vaatplanten (-) In de gegevensdatabank van de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) zijn geen gegevens bekend van vaatplanten in de directe omgeving van de planlocatie. Aangezien geschikt habitat ontbreekt worden deze ook niet verwacht. Zoogdieren (bunzing, eekhoorn, huisspitsmuis) De bunzing komt voor in allerlei verschillende landschapstypen, maar zijn voorkeur gaat uit naar een kleinschalig landschap met voldoende schuilmogelijkheden en water in de buurt. Dit kunnen oeverbegroeiingen, droge sloten, heggen, houtwallen, bosranden en akkerranden zijn, maar ook meer waterrijke gebieden zoals rietvelden of moerasgebieden. Daarnaast komt hij ook voor in vrij open terreinen, zoals weidegebieden met sloten.
Vooral in de winter komt de bunzing ook wel in de buurt van boerderijen voor: daar kunnen ze tussen strobalen en op hooizolders warm blijven, en muizen en ratten bemachtigen. Het plangebied is geschikt als leefgebied voor de bunzing. Sloop van de bebouwing dient te worden uitgevoerd buiten de winterperiode (november tot maart). Voor het overige heeft de beoogde ingreep geen negatieve invloed op de bunzing. Eekhoorns komen voor in loofbos, naaldbos of gemengd bos maar ook in tuinen, parken en houtwallen in de buurt van bos. Mits er voldoende voedsel beschikbaar is, komen ze ook in bebouwd gebied. Hun voorkeur gaat uit naar ouder bos (naaldbomen ouder dan 20 jaar en loofbomen ouder dan 40-80 jaar) omdat daar meer voedsel en nestgelegenheid is. Door het ontbreken van geschikt habitat is de eekhoorn binnen het plangebied uit te sluiten. De huisspitsmuis komt voor in allerlei soorten gebieden. In graslanden, bosranden, weiden, tuinen, parken, heggen en het gehele jaar door ook in gebouwen. Spitsmuizen zijn ook ’s winters actief en houden nauwelijks een winterslaap. De huisspitsmuis is een carnivoor en eet allerlei soorten kleine dieren. Het nest bevindt zich op een beschutte plaats zoals takkenstapels of bladerhopen, gemaakt van droog gras en bladeren. Het plangebied is geschikt als leefgebied. De te slopen bebouwing betreft geen essentieel leefgebied.
Het plangebied kan als foerageergebied worden gebruikt door algemene soorten (oa. egel, ree, konijn ed.) welke zijn opgenomen in bijlage A van de Wet natuurbescherming. Deze soorten zijn, evenals de huisspitsmuis, eveneens opgenomen in bijlage 3 van de Verordening van Provinciale Staten van de provincie Noord-Brabant, waardoor een vrijstelling geldt bij ruimtelijke ontwikkelingen. Gezien de beperkte omvang ingreep wordt het niet waarschijnlijk geacht dat deze ingreep een substantiële invloed heeft op de bovengenoemde soorten. Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
10
Vleermuizen (-) In de gegevensdatabank van de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) zijn geen gegevens bekend van vleermuizen in de directe omgeving van de planlocatie. Vogels (buizerd, grote gele kwikstaart, havik, huismus, ransuil, steenuil) Binnen het plangebied zijn geen mogelijke nestplaatsen voor de hierboven genoemde vogels aanwezig. Daarnaast wordt, door het gebruik van de locatie en zijn directe omgeving, het plangebied niet geschikt geacht als foerageergebied voor bovenstaande soorten. De huismus is een standvogel welke tussen maart en augustus meerdere legsels heeft. Voor zijn nestgelegenheid is hij afhankelijk van beschikbaarheid van gebouwen met geschikte gaten en kieren, mussenkasten en verhoogde dakpannen. Door het ontbreken van dakbeschot is de dakconstructie echter niet geschikt als nestplaats voor de huismus. Ze jagen voornamelijk boven de rommelige menselijke omgeving in dorpen en steden, waar ze zoeken naar insecten, zaden en bessen. Zintuiglijk zijn in en direct rondom de bebouwing geen nesten van de huismus waargenomen. Uit gegevens van waarneming.nl blijkt dat in 2013 circa 50 meter noordelijk een huismus is waargenomen. Gelet op het gebruik van de locatie kan deze door de huismus gebruikt worden als foerageergebied. Voor overige vogelsoorten lijkt de te slopen bebouwing en de achterliggende groepsaccommodatie niet geschikt te zijn.
Gebied 1-5 km rondom de planlocatie In een straal van 1-5 kilometer zijn diverse amfibiesoorten, vlinders, zoogdieren en libellen waargenomen die opgenomen zijn in het beschermingsregime Habitatrichtlijn. Gezien het gebruik van de onderzoekslocatie en de beperkte ingreep is uit te sluiten dat deze soorten voor hun voortbestaan afhankelijk zijn van het plangebied of dat de geplande activiteiten een negatief effect zullen hebben op de desbetreffende soorten. De website Waarneming.nl van de stichting Natuurinformatie is geraadpleegd. Op de site is in de periode 2010-2020 een bonte vliegenvanger en enkele huismussen waargenomen. Voor het overige zijn geen waarnemingen van zeldzame soorten in de directe omgeving (<100 m) van de onderzoekslocatie geregistreerd.
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
5
11
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
Bij de quickscan die is uitgevoerd ter plaatse van het erf aan de Looieind 14 te Erp, kadastraal bekend onder de gemeente Erp, sectie R, nummer 142 (ged.), is op de locatie geen beschermde flora en fauna waargenomen die een belemmering kan vormen voor de voorgenomen activiteit. Het plangebied is potentieel geschikt als leefgebied voor de bunzing. In de winterperiode (november-februari) zou de te slopen boerderij gebruikt kunnen worden als verblijfplaats. Sloop van de bebouwing dient te worden uitgevoerd buiten de winterperiode (november tot maart). Op basis van het gebruik van de locatie en de directe omgeving wordt voor het overige geen beschermde flora en fauna verwacht. Op basis van de quickscan wordt een aanvullend of nader onderzoek naar de aanwezige flora en fauna, voor de geplande activiteiten, niet noodzakelijk geacht. Voor de geplande activiteiten is op basis van de bekende gegevens geen ontheffingsaanvraag in het kader van de Wet natuurbescherming noodzakelijk. Voor de activiteit zal een gedeelte van de beukenhaag worden verwijderd. De heg is, door het ontbreken van beschutting, niet geschikt zijn als nestgelegenheid voor vogels en kleine zoogdieren. De rondom de te slopen woning aanwezige struiken worden gebruikt als nestplaats door algemene vogelsoorten. De zolder van de bebouwing wordt gebruikt als nestplaats door de holenduif en de kauw.
Conform artikel 3.1 dienen de werkzaamheden met deze struiken buiten het broedseizoen (half maart tot half juli) uitgevoerd te worden.
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
BIJLAGEN bijlage 1 situering in de regio
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
bijlage 2 globaal rapport verspreiding beschermde en bedreigde soorten
Archimil BV
Afdeling Ecologie
Project
: Looieind 14 te Erp
Referentie : 3559r001 Datum
: 09 april 2020
Bekende verspreiding van soorten ten opzichte van het plangebied - leveringuit de NDFF. Bekende verspreiding van soorten ten opzichte van het plangebied - leveringuit de NDFF.disclaimer De Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) is de meest omvangrijkelandelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbarewaarnemingen van planten en dieren in een bepaald gebied. Het systeem is inopbouw, nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in deNDFF zijn gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn omaanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten. Copyright vermelden bij verwijzen of citeren naar deze levering: '© NDFF - quickscanhulp.nl 09 april 2020' Op de volgende pagina's vindt u de lijst met soorten en afstanden ten opzichte van hetplangebied dat deze soorten zijn waargenomen. Een toelichting op deze lijst is te vinden op: www.quickscanhulp.nl. Mocht u vragen hebben dan kunt u contact opnemen met de helpdesk van HetNatuurloket: E-mail: serviceteamndff@natuurloket.nl Telefoon: 0800 2356333
Disclaimer De Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) is de meest omvangrijkelandelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbarewaarnemingen van planten en dieren in een bepaald gebied. Het systeem is inopbouw, nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in deNDFF zijn gevalideerd. Nader (veld)onderzoek kan noodzakelijk zijn omaanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten. Hoewel het Natuurloket en Regelink Ecologie & Landschap hun uiterste best doen voor het correct weergeven van de data op quickscanhulp.nl kunnen zij niet aansprakelijk gesteld worden voor enige fouten of het gebruik van de data. Copyright vermelden bij verwijzen of citeren naar deze levering: '© NDFF - quickscanhulp.nl 09 april 2020'
Naam
Groep
Beschermingsregime
Afstand
Buizerd
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Bunzing
Zoogdieren
0 - 1 km
Eekhoorn
Zoogdieren
0 - 1 km
Grote Gele Kwikstaart
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Havik
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Huismus
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Huisspitsmuis
Zoogdieren
Ransuil
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Steenuil
Vogels
wnb-vrl
0 - 1 km
Alpenwatersalamander
Amfibieën
1 - 5 km
Bastaardkikker
Amfibieën
1 - 5 km
0 - 1 km
Naam
Groep
Beschermingsregime
Afstand
Bever
Zoogdieren
wnb-hrl
1 - 5 km
Boommarter
Zoogdieren
Boomvalk
Vogels
Das
Zoogdieren
1 - 5 km
Egel
Zoogdieren
1 - 5 km
Franjestaart
Zoogdieren
wnb-hrl
1 - 5 km
Gevlekte witsnuitlibel
Libellen
wnb-hrl
1 - 5 km
Gewone dwergvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
1 - 5 km
Gewone grootoorvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
1 - 5 km
Gewone/Kleine/Ruige dwergvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
1 - 5 km
Gierzwaluw
Vogels
wnb-vrl
1 - 5 km
Grote modderkruiper
Vissen
1 - 5 km
grote vos
Dagvlinders
1 - 5 km
Helosciadium repens
Vaatplanten
wnb-hrl
1 - 5 km
Kamsalamander
Amfibieën
wnb-hrl
1 - 5 km
Kerkuil
Vogels
wnb-vrl
1 - 5 km
Knoflookpad
Amfibieën
wnb-hrl
1 - 5 km
Levendbarende hagedis
Reptielen
Oehoe
Vogels
wnb-vrl
1 - 5 km
Ooievaar
Vogels
wnb-vrl
1 - 5 km
Poelkikker
Amfibieën
wnb-hrl
1 - 5 km
Roek
Vogels
wnb-vrl
1 - 5 km
Rosse woelmuis
Zoogdieren
Rugstreeppad
Amfibieën
Ruw parelzaad
Vaatplanten
Slechtvalk
Vogels
wnb-vrl
1 - 5 km
Sperwer
Vogels
wnb-vrl
1 - 5 km
Steenmarter
Zoogdieren
Watervleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
1 - 5 km
Wespendief
Vogels
wnb-vrl
1 - 5 km
Wezel
Zoogdieren
Bosvleermuis
Zoogdieren
bruine eikenpage
Dagvlinders
5 - 10 km
Damhert
Zoogdieren
5 - 10 km
1 - 5 km wnb-vrl
1 - 5 km
1 - 5 km
1 - 5 km wnb-hrl
1 - 5 km 1 - 5 km
1 - 5 km
1 - 5 km wnb-hrl
5 - 10 km
Naam
Groep
Beschermingsregime
Afstand
Drijvende waterweegbree
Vaatplanten
wnb-hrl
5 - 10 km
Dwergmuis
Zoogdieren
5 - 10 km
Dwergspitsmuis
Zoogdieren
5 - 10 km
Gewone/Kleine dwergvleermuis
Zoogdieren
Hazelworm
Reptielen
Heikikker
Amfibieën
iepenpage
Dagvlinders
5 - 10 km
Kluwenklokje
Vaatplanten
5 - 10 km
Laatvlieger
Zoogdieren
wnb-hrl
5 - 10 km
Muurhagedis
Reptielen
wnb-hrl
5 - 10 km
Rosse vleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
5 - 10 km
Ruige dwergvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
5 - 10 km
Speerwaterjuffer
Libellen
teunisbloempijlstaart
Nachtvlinders
Veldmuis
Zoogdieren
5 - 10 km
veldparelmoervlinder
Dagvlinders
5 - 10 km
Wild zwijn
Zoogdieren
5 - 10 km
Zwarte Wouw
Vogels
Akkerboterbloem
Vaatplanten
10 - 25 km
Akkerogentroost
Vaatplanten
10 - 25 km
Baardvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
10 - 25 km
Baardvleermuis / Brandts vleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
10 - 25 km
Beekprik
Vissen
10 - 25 km
Beekrombout
Libellen
10 - 25 km
Blauw guichelheil
Vaatplanten
10 - 25 km
Boomkikker
Amfibieën
Bosbeekjuffer
Libellen
10 - 25 km
Dennenorchis
Vaatplanten
10 - 25 km
Dreps
Vaatplanten
10 - 25 km
Edelhert
Zoogdieren
10 - 25 km
Eikelmuis
Zoogdieren
10 - 25 km
Gaffellibel
Libellen
gentiaanblauwtje
Dagvlinders
Gestreepte waterroofkever
Kevers
Getande veldsla
Vaatplanten
wnb-hrl
5 - 10 km 5 - 10 km
wnb-hrl
5 - 10 km
5 - 10 km wnb-hrl
wnb-vrl
wnb-hrl
wnb-hrl
5 - 10 km
5 - 10 km
10 - 25 km
10 - 25 km 10 - 25 km
wnb-hrl
10 - 25 km 10 - 25 km
Naam
Groep
Beschermingsregime
Gevlekte glanslibel
Libellen
10 - 25 km
Gewone bronlibel
Libellen
10 - 25 km
Gewone/Grijze grootoorvleermuis
Zoogdieren
Glad biggenkruid
Vaatplanten
Gladde slang
Reptielen
wnb-hrl
10 - 25 km
Grijze grootoorvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
10 - 25 km
Groot spiegelklokje
Vaatplanten
10 - 25 km
Grote leeuwenklauw
Vaatplanten
10 - 25 km
grote weerschijnvlinder
Dagvlinders
10 - 25 km
Hermelijn
Zoogdieren
10 - 25 km
Kartuizer anjer
Vaatplanten
10 - 25 km
Kleine dwergvleermuis
Zoogdieren
kleine ijsvogelvlinder
Dagvlinders
10 - 25 km
Kleine wolfsmelk
Vaatplanten
10 - 25 km
Knollathyrus
Vaatplanten
10 - 25 km
Knolspirea
Vaatplanten
10 - 25 km
kommavlinder
Dagvlinders
10 - 25 km
Korensla
Vaatplanten
10 - 25 km
Kruiptijm
Vaatplanten
10 - 25 km
Meervleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
10 - 25 km
myoot (soort onbekend)
Zoogdieren
wnb-hrl
10 - 25 km
Naakte lathyrus
Vaatplanten
10 - 25 km
Naaldenkervel
Vaatplanten
10 - 25 km
Noordzeehouting
Vissen
Ondergrondse woelmuis
Zoogdieren
Rivierrombout
Libellen
Roggelelie
Vaatplanten
10 - 25 km
Rood peperboompje
Vaatplanten
10 - 25 km
Rosse / Bos- / Tweekleurige vleermuis / Laatvlieger
Zoogdieren
wnb-hrl
10 - 25 km
Sierlijke witsnuitlibel
Libellen
wnb-hrl
10 - 25 km
sleedoornpage
Dagvlinders
10 - 25 km
spiegeldikkopje
Dagvlinders
10 - 25 km
Stijve wolfsmelk
Vaatplanten
10 - 25 km
Trocdaris verticillatum
Vaatplanten
10 - 25 km
wnb-hrl
Afstand
10 - 25 km 10 - 25 km
wnb-hrl
wnb-hrl
10 - 25 km
10 - 25 km 10 - 25 km
wnb-hrl
10 - 25 km
Naam
Groep
Beschermingsregime
Afstand
Tweekleurige vleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
10 - 25 km
Vinpootsalamander
Amfibieën
10 - 25 km
Vliegend hert
Kevers
10 - 25 km
Vroedmeesterpad
Amfibieën
Vuursalamander
Amfibieën
10 - 25 km
Waterspitsmuis
Zoogdieren
10 - 25 km
Wezel/Hermelijn
Zoogdieren
10 - 25 km
Wilde averuit
Vaatplanten
10 - 25 km
Wilde ridderspoor
Vaatplanten
10 - 25 km
Wilde weit
Vaatplanten
10 - 25 km
Zandhagedis
Reptielen
aardbeivlinder
Dagvlinders
25 - 50 km
Adder
Reptielen
25 - 50 km
Akkerdoornzaad
Vaatplanten
25 - 50 km
Blaasvaren
Vaatplanten
25 - 50 km
Brede wolfsmelk
Vaatplanten
25 - 50 km
Europese rivierkreeft
Geleedpotigen
25 - 50 km
Europese steur
Vissen
Gestippelde alver
Vissen
25 - 50 km
Gewone bosspitsmuis
Zoogdieren
25 - 50 km
Gladde zegge
Vaatplanten
25 - 50 km
Grote bosaardbei
Vaatplanten
25 - 50 km
grote parelmoervlinder
Dagvlinders
25 - 50 km
grote vuurvlinder
Dagvlinders
Hoogveenglanslibel
Libellen
Ingekorven vleermuis
Zoogdieren
Kempense heidelibel
Libellen
25 - 50 km
Kleine ereprijs
Vaatplanten
25 - 50 km
Kwabaal
Vissen
25 - 50 km
Meerkikker
Amfibieën
25 - 50 km
Molmuis
Zoogdieren
25 - 50 km
Muurbloem
Vaatplanten
25 - 50 km
Oostelijke witsnuitlibel
Libellen
wnb-hrl
25 - 50 km
Otter
Zoogdieren
wnb-hrl
25 - 50 km
Pijlscheefkelk
Vaatplanten
wnb-hrl
wnb-hrl
wnb-hrl
wnb-hrl
10 - 25 km
10 - 25 km
25 - 50 km
25 - 50 km 25 - 50 km
wnb-hrl
25 - 50 km
25 - 50 km
Naam
Groep
Beschermingsregime
Afstand
Pilosella lactucella
Vaatplanten
pimpernelblauwtje
Dagvlinders
wnb-hrl
25 - 50 km
Platte schijfhoren
Weekdieren
wnb-hrl
25 - 50 km
Ringslang
Reptielen
25 - 50 km
Schubvaren
Vaatplanten
25 - 50 km
Schubzegge
Vaatplanten
25 - 50 km
Smalle raai
Vaatplanten
25 - 50 km
Tweekleurige bosspitsmuis
Zoogdieren
25 - 50 km
Vale vleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
25 - 50 km
Water-/Meervleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
25 - 50 km
Wolf
Zoogdieren
wnb-hrl
25 - 50 km
Wolfskers
Vaatplanten
25 - 50 km
Zandwolfsmelk
Vaatplanten
25 - 50 km
Zeggekorfslak
Weekdieren
zilveren maan
Dagvlinders
Bechsteins vleermuis
Zoogdieren
Beekdonderpad
Vissen
50 - 100 km
Berggamander
Vaatplanten
50 - 100 km
Blitum bonus-henricus
Vaatplanten
50 - 100 km
Bokkenorchis
Vaatplanten
50 - 100 km
Bosboterbloem
Vaatplanten
50 - 100 km
Bosdravik
Vaatplanten
50 - 100 km
bosparelmoervlinder
Dagvlinders
50 - 100 km
Brandts vleermuis
Zoogdieren
bruin dikkopje
Dagvlinders
50 - 100 km
Bruinrode wespenorchis
Vaatplanten
50 - 100 km
donker pimpernelblauwtje
Dagvlinders
50 - 100 km
Elrits
Vissen
50 - 100 km
Franjegentiaan
Vaatplanten
50 - 100 km
Geelbuikvuurpad
Amfibieën
Geelgroene wespenorchis
Vaatplanten
50 - 100 km
Gevlekt zonneroosje
Vaatplanten
50 - 100 km
Gewone zeehond
Zoogdieren
50 - 100 km
Grijze zeehond
Zoogdieren
50 - 100 km
Groene glazenmaker
Libellen
25 - 50 km
wnb-hrl
25 - 50 km 25 - 50 km
wnb-hrl
wnb-hrl
wnb-hrl
wnb-hrl
50 - 100 km
50 - 100 km
50 - 100 km
50 - 100 km
Naam
Groep
Beschermingsregime
Afstand
Groene nachtorchis
Vaatplanten
Groenknolorchis
Vaatplanten
Groensteel
Vaatplanten
50 - 100 km
Grote bosmuis
Zoogdieren
50 - 100 km
Hamster
Zoogdieren
wnb-hrl
50 - 100 km
Hazelmuis
Zoogdieren
wnb-hrl
50 - 100 km
Kalkboterbloem
Vaatplanten
50 - 100 km
Kalketrip
Vaatplanten
50 - 100 km
Karwijselie
Vaatplanten
50 - 100 km
kleine heivlinder
Dagvlinders
50 - 100 km
Kleine schorseneer
Vaatplanten
50 - 100 km
Laatvlieger / Tweekleurige vleermuis
Zoogdieren
Liggende ereprijs
Vaatplanten
Noordse woelmuis
Zoogdieren
Ophrys insectifera subsp. insectifera
Vaatplanten
50 - 100 km
Platanthera chlorantha
Vaatplanten
50 - 100 km
Rosse / Bosvleermuis
Zoogdieren
Sabulina tenuifolia
Vaatplanten
50 - 100 km
Stofzaad
Vaatplanten
50 - 100 km
Veenbloembies
Vaatplanten
50 - 100 km
Vroege ereprijs
Vaatplanten
50 - 100 km
Zinkviooltje
Vaatplanten
50 - 100 km
Brede geelgerande waterroofkever
Geleedpotigen
Breed wollegras
Vaatplanten
Bruinvis
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Bultrug
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Dikkopschildpad
Reptielen
wnb-hrl
100 - 250 km
Donkere waterjuffer
Libellen
100 - 250 km
duinparelmoervlinder
Dagvlinders
100 - 250 km
Dwergvinvis
Zoogdieren
50 - 100 km wnb-hrl
wnb-hrl
50 - 100 km
50 - 100 km 50 - 100 km
wnb-hrl
wnb-hrl
wnb-hrl
50 - 100 km
50 - 100 km
100 - 250 km 100 - 250 km
wnb-hrl
100 - 250 km
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
bijlage 3 checklist vooronderzoek vleermuizen
Archimil BV
Afdeling Ecologie
Naam
Groep
Beschermingsregime
Afstand
Geplooide vrouwenmantel
Vaatplanten
Gestreepte dolfijn
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Gewone dolfijn
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Gewone spitssnuitdolfijn
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Griend
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Honingorchis
Vaatplanten
100 - 250 km
Lange zonnedauw
Vaatplanten
100 - 250 km
Moerasgamander
Vaatplanten
100 - 250 km
Mopsvleermuis
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Narwal
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Noordse winterjuffer
Libellen
wnb-hrl
100 - 250 km
Potvis
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Rozenkransje
Vaatplanten
100 - 250 km
Scherpkruid
Vaatplanten
100 - 250 km
Steenbraam
Vaatplanten
100 - 250 km
Tengere distel
Vaatplanten
100 - 250 km
Trosgamander
Vaatplanten
100 - 250 km
Tuimelaar
Zoogdieren
veenbesblauwtje
Dagvlinders
100 - 250 km
veenbesparelmoervlinder
Dagvlinders
100 - 250 km
veenhooibeestje
Dagvlinders
100 - 250 km
Veldspitsmuis
Zoogdieren
100 - 250 km
100 - 250 km
wnb-hrl
100 - 250 km
Naam
Groep
Beschermingsregime
Afstand
Witsnuitdolfijn
Zoogdieren
wnb-hrl
100 - 250 km
Zweedse kornoelje
Vaatplanten
100 - 250 km
Vleermuizenprotocol
(versie 13 maart 2017)
Inleiding Ga eerst na welke soorten redelijkerwijs of mogelijk te verwachten zijn aan de hand van het landschap, de omgeving en gekend verspreidingsbeeld (binnen 20 km van het plangebied, denk daarbij indien nodig ook buiten de landsgrenzen). Daarna dient gekeken te worden welke functies voor vleermuizen mogelijk voorkomen. Hiervoor kan de onderstaande checklist of geheugensteun worden gebruikt. Het gaat om voor vleermuis van belang zijnde objecten die door de beoogde activiteit of plan, in relevante mate worden aangetast. De hieronder aangegeven soorten en/of soortgroepen zijn niet dekkend. Hou rekening met het voorkomen van zeldzaam voorkomende soorten. Foerageergebied en vliegroutes zijn alleen beschermd als ze essentieel zijn voor het goede voortbestaan van de soort ter plaatse. Dat blijkt vaak pas uit het (nader) onderzoek. Checklist 1. Dikke bomen Is in of grenzend aan het plangebied één (of meerdere) dikke boom (doorsnede globaal > 3 dm op borsthoogte) aanwezig? JA / NEE a) Zijn holtes, spleten, scheuren, losse bast uit te sluiten? JA / NEE Zo niet, nader onderzoek naar (winter-,) kraam-, zomer- en paar verblijfplaatsen van boombewonende soorten. b) Maakt de boom (bomen) deel uit van een mogelijke route of verbinding? JA / NEE Zo ja, nader onderzoek naar vliegroutes van alle (in de omgeving) voorkomende vleermuissoorten.
c) Maakt de boom (bomen) deel uit of vormt deze mogelijk foerageergebied of beschutting van een naastgelegen foerageergebied? JA / NEE Zo ja, nader onderzoek naar foeragerende vleermuizen. 2. Opgaande gewassen Is op of grenzend aan het plangebied één (of zijn meerdere) dunne bomen (doorsnede globaal. < 3 dm op borsthoogte) en/of struiken/gewassen > 1,5 meter aanwezig? JA / NEE a)
Maken de struiken, gewassen, boom (bomen) deel uit van een mogelijke route of verbinding (lijnelement)? JA / NEE Zo ja, onderzoek naar vliegroutes van vleermuizen.
b)
Zijn er zichtbare holtes spleten, scheuren, losse bast in de boom (bomen)? Zo ja, nader onderzoek naar zomer- en paarverblijfplaatsen van boombewonende soorten.
c)
Vormt het opgaand groen mogelijk foerageergebied of beschutting van een naastgelegen foerageergebied (let vooral op kleinschalig gebied of parkachtige omgeving)? Zo ja, nader onderzoek naar foeragerende vleermuizen.
JA / NEE
JA / NEE
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
bijlage 4 fotobijlage
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
Archimil BV
Afdeling Ecologie
27 mei 2020 rapportnummer: 3559R001-2
Foto’s huidige situatie (d.d. 26 mei 2020)
Archimil BV
Afdeling Ecologie