CConstaterende datMeierijstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - P05944_Bijlagenboek BOPA_Ruimtelijke motivering_De Bunders_20250904 (geanonimiseerd)

Commissie Ruimte, Economie en Bedrijfsvoering 26 februari 2026, gemeente MeierijstadBij agendapunt: Technische vragen positief advies voor voornemen college tot verlening omgevingsvergunning voor herontwikkeling van De Stapperij aan De Bunders 3 in Veghel21.294 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Herontwikkeling De Bunders Gemeente

“De Stapperij”

aan

3 te Veghel

Meierijstad

Bijlagenboek

Herontwikkeling “De Stapperij” aan De Bunders 3 te Veghel

1

projectnaam Herontwikkeling “De Stapperij” aan De Bunders 3 te Veghel

n o

f o l o c

datum 4 september 2025 projectnummer P05944 opdrachtgever DLE Bouwbedrijf Movares | BRO Adviseurs B. V. projectleider JRi projectteam DSt bron kaft BRO review MvDo

Willemsplein 2 5211 AK ’s-Hertogenbosch +31 (0)73 208 91 55 info.bro @movares.nl www. movares. com

Herontwikkeling “De Stapperij” aan De Bunders 3 te Veghel

2

Inhoudsopgave Bijlage 1: Ladder Bijlage 2: Verkeer- en parkeeronderbouwing Bijlage 3: Akoestisch onderzoek wegverkeer Bijlage 4: Akoestisch onderzoek industrielawaai Bijlage 5: QuickScan flora en fauna Bijlage 6: Stikstofdepositie-onderzoek Bijlage 7: Vooronderzoek bodem Bijlage 8: Mer-aanmeldnotitie Bijlage 9: Omgevingsdialoog

Herontwikkeling “De Stapperij” aan De Bunders 3 te Veghel

3

Bijlage 1: Ladder

o m e m

projectnaam Ladder voor Duurzame Verstedelijking De Bunders 3 te Veghel

1

Inleiding

1. 1

Aanleiding

datum 11 februari 2025

DLE Bouwbedrijf is voornemens om een appartementencomplex met 12 woningen te realiseren op een inbreidingslocatie in Veghel. Aan de hand van de ladder voor duurzame verstedelijking is onderzocht of het plan voorziet in een behoefte en of er sprake is van duurzaam ruimtegebruik.

projectnummer P05944 opdrachtgever DLE Bouwbedrijf B. V. BRO projectleider JRi projectteam DSt review JRi

1. 2

dan het vigerend omgevingsplan toestaat en doordat het gaat om een functiewijziging van horeca naar wonen.

Toepassing Ladder voor Duurzame Verstedelijking

Het plan betreft een ‘nieuwe stedelijke ontwikkeling’ en moet daarom worden getoetst aan de Ladder voor Duurzame verstedelijking (hierna:

‘Ladder’). Binnen het huidige omgevingsplan is de beoogde ontwikkeling niet toegestaan. Om de ontwikkeling formeel mogelijk te maken is het noodzakelijk om af te wijken van het omgevingsplan. Daarbij is het doorlopen van de Ladder voor Duurzame Verstedelijking verplicht voor iedere ‘nieuwe stedelijke ontwikkeling’ op grond van artikel 5. 129g lid 1 van het Bkl. Een stedelijke ontwikkeling is de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein een zeehaventerrein een woningbouwlocatie kantoren een detailhandel voorziening of een andere stedelijke voorziening die voldoende substantieel is. ,

,

,

,

Willemsplein 2 5211 AK ’s-Hertogenbosch +31 (0)73 208 91 55 info @bro.nl www. bro. nl

,

,

,

Op basis van vaste jurisprudentie wordt gesteld dat bij woningbouw een plan vanaf 12 woningen een nieuw stedelijke ontwikkeling is. Voor alle andere stedelijke functies wordt een oppervlakte van 500m2 BVO aangehouden als ondergrens. Die drempelwaarde wordt overschreden in onderhavig planvoornemen aangezien het plan een toename van 12 woningen behelst.

Behoefte In lid 2 van artikel 5. 129g Bkl wordt ingegaan op de behoefte van de nieuwe stedelijke ontwikkeling Als een omgevingsplan een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt wordt rekening gehouden met de behoefte aan die stedelijke ontwikkeling. Dit met het oog op het belang van zorgvuldig ruimtegebruik en het tegengaan van leegstand. Hiervoor is niet relevant of het plangebied binnen of buiten het stedelijk gebied ligt. In beide gevallen moet rekening worden gehouden met de behoefte aan die stedelijke ontwikkeling. ,

De behoefte wordt beoordeeld op het niveau van het verzorgingsgebied van de ontwikkeling. Dit gebied kan verschillen naar gelang de aard en omvang van de voorziene stedelijke ontwikkeling. De behoefte is het saldo van de aantoonbare vraag naar de ontwikkeling verminderd met het bestaande aanbod. Het aanbod dat feitelijk nog niet is gerealiseerd maar wel in een omgevingsplan of omgevingsvergunning is vastgelegd wordt meegerekend.

,

,

De kwantitatieve behoefte gaat in op de aantallen en de hoeveelheid van de nieuwe stedelijke ontwikkeling en de kwalitatieve behoefte is de behoefte die ingaat op het specifieke karakter van de ontwikkeling. Provinciale of regionale visies en afspraken kunnen basis zijn voor de onderbouwing. Deze documenten moeten dan voldoende concreet en onderbouwd zijn.

Ook gaat het in het voorgenomen plan om een nieuwe stedelijke ontwikkeling aangezien het ruimtelijk besluit meer bebouwing mogelijk maakt

1/13

Bij ontwikkelingen met een ruimtelijk effect op het grondgebied van andere gemeenten of provincies is bovengemeentelijke of zelfs boven provinciale afstemming noodzakelijk. Het is primair aan het gemeentebestuur om bepalen wat het verzorgingsgebied is.

Het uitgangspunt is dat eerst moet worden gekeken naar mogelijkheden binnen het stedelijk gebied alvorens initiatiefnemer gaat ontwikkelen buiten het stedelijk gebied. Daarbij spelen de beschikbaarheid en geschiktheid van locaties binnen dit gebied een rol. Argumenten dat binnen dit gebied geen mogelijkheden zijn voor de nieuwe stedelijke ontwikkeling gaan bijvoorbeeld over kwalitatieve aspecten van de behoefte. Bijvoorbeeld bedrijven die vanuit milieuoverwegingen niet binnen stedelijk gebied passen. ,

Stedelijk gebied De Ladder is beleidsneutraal vanuit het Besluit ruimtelijke ordening omgezet naar de Omgevingswet. Echter is het begrip stedelijk gebied in het Bkl anders gedefinieerd dan in het Bro. Artikel 5. 129 lid 2 voor dat de extra ladder afweging moet plaatsvinden buiten het stedelijk gebied en stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van het stedelijk gebied. De verklaring van toevoeging stedelijk groen aan de rand van de bebouwing is de volgende. In de bijlage van het Bkl is stedelijk gebied als volgt omschreven. Stedelijk gebied is het samenstel van bebouwing voor wonen dienstverlening bedrijvigheid detailhandel en horeca en de daarbij behorende openbare of sociaal-culturele voorzieningen en infrastructuur. Het betreft het samenstel van bebouwing dat in een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit is toegelaten. ,

,

,

Het doel van de Ladder is zorgvuldig en duurzaam ruimtegebruik met oog voor de toekomstige ruimtebehoefte en ontwikkelingen in de omgeving. De Ladder geeft daarmee invulling aan het nationaal ruimtelijk belang gericht op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij ruimtelijke besluiten. ,

,

Het stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van het stedelijk gebied is geen onderdeel van het stedelijk gebied in het Bkl. Het stedelijk groen aan de rand van de bebouwing was wel onderdeel van het bestaand stedelijk gebied uit het Bro. Daarom is voor de Ladder aan stedelijk gebied toegevoegd: het stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied. De grens van het stedelijk gebied wordt bepaald door de omstandigheden van het geval de specifieke ligging de feitelijke situatie het omgevingsplan en de aard van de omgeving. ,

,

,

Ladder voor Duurzame Verstedelijking De Bunders 3 te Veghel

2/13

1. 3

Planinitiatief

De voormalige horecagelegenheid in het pand aan De Bunders 3 te Veghel ‘De Stapperij’ is definitief gesloten. Het voornemen bestaat om deze locatie te transformeren ten behoeve van wonen. Het huidige pand zal worden gesloopt en er wordt een nieuw appartementencomplex gerealiseerd. Het ruimtelijk initiatief voorziet in het toevoegen van 12 appartementen en een publieksgerichte centrumfunctie van ca. 140 m 2 BVO op de begane grond. ,

,

In onderstaande figuur (1) wordt een indicatief ontwerp getoond. Het planinitiatief voorziet in de realisatie van appartementen binnen het sociale koop segment sociale middeldure koop en dure koop. Tevens is in tabel 1 het beoogde programma weergegeven. Tabel 1 Woonprogramma ,

Categorie

Oppervlakte

Aantal

Sociale koop

Circa 80 m2 BVO

3

Sociale middeldure

Circa 96 m2 BVO

7

Circa 143 m2 BVO

2

koop Dure koop Totaal

12 appartementen

Figuur 1 Impressies appartementencomplex (bron: LA Architecten)

Ladder voor Duurzame Verstedelijking De Bunders 3 te Veghel

3/13

1. 4

Opzet onderzoek

Voor het initiatief is onderzocht of en op welke manier de toevoeging van 12 appartementen te verantwoorden is vanuit de methodiek van de Ladder voor Duurzame Verstedelijking. De hoofdvraag luidt: Voorziet het initiatief in een (kwantitatieve en kwalitatieve) behoefte en is er sprake van duurzaam ruimtegebruik binnen het verzorgingsgebied?

Om een antwoord te geven op de hoofdvraag onderzoeken we de kwantitatieve en de kwalitatieve behoefte aan de ontwikkeling binnen het verzorgingsgebied. Ook is er een locatieafweging gemaakt over de ligging (binnen of buiten bestaand stedelijk gebied). Verder zijn de verwachte effecten van de ontwikkeling in beeld gebracht. Met de resultaten van het onderzoek is de Ladder voor Duurzame Verstedelijking doorlopen. Voor het onderzoek is gekeken naar: Provincie Noord-Brabant Omgevingsvisie 2050 ; Provincie Noord-Brabant Bestuurlijke afspraken woningbouw Rijk- Provincie 2022 – 2030 ; Provincie Noord-Brabant Verstedelijkingsstrategie Brabant 2040 ; Provincie Noord-Brabant Voortgangsrapportage Brabantse Agenda Wonen 2022 ; Provincie Noord-Brabant Monitor bevolking en wonen 2023 ; Regionale Woondeal Noordoost-Brabant 2023 ; Gemeente Meierijstad Structuurvisie Veghel 2030 ; Gemeente Meierijstad Woonvisie gemeente Meierijstad ; Gemeente Meierijstad Woonwensenonderzoek Meierijstad 2019. ,

,

,

,

,

,

, , ,

Ladder voor Duurzame Verstedelijking De Bunders 3 te Veghel

4/13

2

Conclusies

In de paragrafen hierna wordt deze conclusie toegelicht.

2. 1

Passend binnen beleidskaders

Conclusie: Het initiatief betreft een nieuwe stedelijke ontwikkeling. De

Het planinitiatief past binnen de beleidskaders van provincie regio en gemeente: Het beleid streeft naar een woningvoorraad waarbij vraag en aanbod in evenwicht zijn. Kwantitatief gezien is er behoefte aan extra woningen. De gemeente Meierijstad realiseert in de periode tussen 2022 en 2030 minimaal 6. 695 woningen waarvan minimaal 5. 000 woningen binnen het betaalbare segment gerealiseerd worden. Het beoogde programma betreft onder andere sociale- middeldure en dure koop. Dit sluit aan op het beleid. De gemeente streeft naar een aantrekkelijk woningaanbod voor iedereen. Doordat dit initiatief een in diverse wooncategorieën realiseert worden diverse doelgroepen aangesproken. De bevolking vergrijst en ouderen blijven langer zelfstandig thuis wonen. Voor de groeiende groep meer of minder zorgbehoevende ouderen zijn er meer passende (kleinere gelijkvloerse) woningen nodig. Het initiatief realiseert levensloopbestendige appartementen die tevens geschikt zijn voor ouderen. Dit sluit aan bij het beleid. Het beleid geeft aan dat de gemeente inzet op het realiseren van voldoende betaalbare woningen voor jongeren. Door de realisatie van sociale koopappartementen wordt hieraan voldaan.

ontwikkeling is niet toegestaan op grond van het huidige omgevingsplan en er worden 12 appartementen toegevoegd. De planlocatie heeft in het geldende omgevingsplan de bestemming ‘Horeca’. De locatie is hiermee gelegen ‘binnen bestaand stedelijk gebied’. Tevens zijn in de directe omgeving stedelijke functies gelegen waaronder ‘Wonen’ ‘Centrum’ en ‘Sport’. Verdere motivering op dit punt is niet nodig.

,

,

,

Wanneer sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling moet de toelichting van het omgevingsplan een beschrijving van de behoefte aan het woningbouwprogramma bevatten. De behoefte wordt bepaald binnen het ruimtelijk relevante verzorgingsgebied van de woningbouwontwikkeling. De aard en omvang hiervan zijn leidend voor het ruimtelijke verzorgingsgebied. Verhuisbewegingen binnen en tussen gemeenten geven hiervoor een goede indicatie. ,

,

Conclusie: Gemeente Meierijstad is het primaire verzorgingsgebied. Circa 59% van alle verhuisbewegingen komt uit de eigen gemeente. De

In de paragrafen hierna wordt deze conclusie toegelicht.

,

regio Noordoost Noord-Brabant waar gemeente Meierijstad onderdeel van is vormt het secundaire verzorgingsgebied. Circa 16% van de verhuisbewegingen naar gemeente Meierijstad is afkomstig uit de andere gemeenten binnen de regio Noordoost Noord-Brabant. Het primair en secundair verzorgingsgebied zijn gezamenlijk goed voor 75% van de verhuisbewegingen in gemeente Meierijstad. ,

Nieuwe stedelijke ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied De aard en omvang van een woningbouwontwikkeling bepalen of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling. Vanaf 12 woningen geldt een initiatief als een stedelijke ontwikkeling die ‘ladderplichtig’ is.

,

,

2. 2

Ruimtelijk verzorgingsgebied

,

Toets Ladder voor Duurzame Verstedelijking

Eindconclusie De ontwikkeling voldoet aan de Ladder voor Duurzame Verstedelijking. Het initiatief voorziet in een kwantitatieve en kwalitatieve behoefte. De locatie heeft de functie ‘Horeca. Tevens is er sprake van een ligging binnen bestaand stedelijk gebied. Het is niet de verwachting dat er als gevolg van het initiatief onaanvaardbare leegstandseffecten optreden.

De Ladder is verplicht als een stedelijke ontwikkeling 'nieuw' is. Daarvan is sprake als wonen niet is toegestaan binnen het huidige omgevingsplan of als het initiatief niet voldoet aan randvoorwaarden binnen het omgevingsplan (woningaantallen bouwvlak etc. ) ,

Bij de locatieafweging (binnen of buiten bestaand stedelijk gebied) wordt gekeken of de locatie een stedelijke bestemming heeft. Bestaand stedelijk gebied is het ‘bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen dienstverlening bedrijvigheid detailhandel of horeca alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen stedelijk groen en in,

,

,

,

frastructuur’.

Ladder voor Duurzame Verstedelijking De Bunders 3 te Veghel

,

Kwantitatieve behoefte aangetoond Bij de kwantitatieve behoefte gaat het om aantallen benodigde woningen. De behoefte aan een woningbouwontwikkeling wordt bepaald door de langetermijnprognose van de vraag naar woningen af te zetten tegen de bestaande plancapaciteit om in die vraag te voorzien. In veel provincies en regio's zijn prognosemodellen beschikbaar die bruikbaar zijn om de behoefte te bepalen.

,

Conclusie: De beoogde ontwikkeling van 12 woningen voorziet in een kwantitatieve behoefte: Het aantal inwoners en huishoudens in de gemeente Meierijstad en regio Noordoost Noord-Brabant neemt de komende jaren toe. Het aantal huishoudens neemt sterker toe door de kleiner wordende huishoudens.

5/13

De harde plancapaciteit voor gemeente Meierijstad is niet voldoende om in de behoefte te voorzien. De harde plancapaciteit bestaat uit ongeveer 1. 610 woningen terwijl een aanvullende behoefte is van circa 4. 729 woningen. Hierdoor moet de harde plancapaciteit nog uitgebreid worden met ongeveer 3. 199 woningen. Ook in de regio Noordoost Noord-Brabant is onvoldoende plancapaciteit om invulling te geven aan de behoefte. Er bestaat een aanvullende woningbehoefte van circa 43. 140 woningen. De harde plancapaciteit bevat slechts circa 15. 200 woningen waardoor deze nog uitgebreid moet worden met ongeveer 27. 940 woningen. Ook uit de woondruk-index en woondeal Noordoost Noord-Brabant blijkt een behoefte aan extra woningen. ,

,

,

Kwalitatieve behoefte aangetoond De kwalitatieve behoefte gaat over specifieke woningtypen eigendomssituaties segmenten doelgroepen en woonmilieus. De kwalitatieve behoefte volgt onder andere uit de planinformatie de lokale vraag-aanbodstructuur trends en ontwikkelingen en beleidskaders. Kortom: de kwalitatieve ‘meerwaarde’ van het plan. Vooral in krimpgebieden is er soms geen kwantitatieve behoefte maar is vaak wel sprake van kwalitatieve behoefte aan bepaalde typen woningen. Denk aan levensloopbestendige woningen en betaalbare woningen. ,

,

Geen onaanvaardbare leegstandseffecten Tot slot mag een planontwikkeling niet tot onaanvaardbare (leegstands)effecten leiden. Oftewel: dusdanige leegstand dat dit het goede woon- leef- en ondernemersklimaat aantast. In de praktijk gebeurt dit zelden ook vanwege de grote woningnood in Nederland. ,

,

Conclusie: Het is niet de verwachting dat er als gevolg van het realiseren van 12 woningen onaanvaardbare leegstandseffecten zullen optreden. De woningbehoefte is immers dusdanig groot dat ook na het realiseren van het planinitiatief behoefte blijft bestaan voor het realiseren van nieuwe woningen. Bovendien heeft een gezonde woningmarkt 2% leegstand volgens het Planbureau voor de Leefomgeving.1 De gemeente Meierijstad en de regio Noordoost Noord-Brabant hadden in 2023 beide een woningleegstand van circa 2%.

,

,

,

,

Conclusie: Het initiatief om 12 appartementen voor diverse doelgroepen te realiseren in verschillende categorieën voorziet in een kwalitatieve behoefte. In gemeente Meierijstad bestaat behoefte aan betaalbare woningen. Deze vraag is voornamelijk afkomstig van starters maar ook van doorstromers onder en boven de 65 jaar. Het initiatief realiseert on,

,

der andere

,

sociale- en middeldure koop en sluit dus aan op deze

behoefte.

1 https://vastgoedactueel. nl/in-veel-gemeenten-nauwelijks-langdurige-woningleegstand/

Ladder voor Duurzame Verstedelijking De Bunders 3 te Veghel

6/13

Bijlage 1: Onderbouwing woningbouwbehoefte

B1. 2 Kwantitatieve behoefte

B1. 1 Afbakening verzorgingsgebied Het verzorgingsgebied is het gebied waarbinnen vraag en aanbod van woonruimte plaatsvindt ook wel de woningmarkt. De woningmarktafbakening verschilt per initiatief en valt niet per definitie samen met een bestuurlijke regio. Een belangrijke indicator voor het functioneren van de regionale woningmarkt is het aantal verhuisbewegingen/migratiestromen binnen en naar de betreffende gemeente/woonplaats. ,

Tabel 2 toont dat circa 59% van de verhuisbewegingen in de gemeente Meierijstad afkomstig is uit de eigen gemeente. De gemeente Meierijstad is daarom het primaire verzorgingsgebied. Samen met gemeenten Bernheze Boekel Boxtel Heusden Land van Cuijk Maashorst Oss ’sHertogenbosch Sint-Michielsgestel en Vught vormt gemeente Meierijstad de regio Noordoost Noord-Brabant. Deze regio is het secundaire verzorgingsgebied. Circa 16% van de verhuisbewegingen naar gemeente Meierijstad komt hier vandaan. ,

,

,

,

,

,

,

In deze paragraaf is de kwantitatieve behoefte in beeld gebracht. In tabel 2 is de vraagbehoefte aan woningen afgezet tegen het huidige aanbod en de nog te ontwikkelen woningen (harde plancapaciteit). Door de woningbehoefte te verminderen met de harde plancapaciteit blijkt of er nog kwantitatieve behoefte is aan extra woningen. Uit de kwantitatieve behoefteraming uit tabel 2 blijkt het volgende: Het aantal inwoners en het aantal huishoudens neemt toe zowel in gemeente Meierijstad als in de secundaire regio. Het aantal huishoudens groeit sneller doordat de gemiddelde huishoudensgrootte

In de gemeente Meierijstad en het secundair verzorgingsgebied is sprake van een groei van de benodigde woningvoorraad (zie rij C). In 2023 zijn er in de gemeente Meierijstad 344 woningen opgeleverd en 810 woningen in aanbouw. De opgeleverde woningen bestaan voornamelijk uit vrijstaande woningen.4

,

afneemt.2 Het toekomstig aantal huishoudens bepaalt grotendeels de benodigde woningvoorraad 3 (zie rij C). Gemeente Meierijstad en regio Noordoost Noord-Brabant groeien relatief gezien even hard. Tabel 2: Kwantitatieve behoefteraming woningen in verzorgingsgebied

,

Gemeente Meierijstad

Regio Noordoost Noord-Brabant

2023

2032

Ontwikkeling

2022

2032

Ontwikkeling

A. Inwonertal

83. 715

89. 550

+7%

672. 514

717. 130

+7%

B. Huishoudens

36. 151

40. 255

+11%

299. 047

328. 735

+10%

C. Benodigde ningvoorraad

35. 406

40. 135

+4. 729

293. 886

332. 280

+38. 394

wo-

D. Harde plancapaciteit tot 2032

1. 610

15. 205

E. Zachte plancapaciteit tot 2032

4. 960

27. 935

F. Aanvullende woningbehoefte = C-D

+3. 119

+23. 189

2 CBS Statline , bevolking en huishoudens 2023 3 Provincie Noord-Brabant. Databestand totalen gemeenten prognose 2023. 4 Nieuwbouwmonitor , geodienst xyz

Ladder voor Duurzame Verstedelijking De Bunders 3 te Veghel

7/13

De plancapaciteit 5 betreft woningen die zijn voorzien in alle woningbouwplannen. Er wordt een onderscheid gemaakt in harde en zachte plancapaciteit. De handreiking bij de Ladder schrijft voor dat de harde plancapaciteit wordt verrekend in de behoefteraming. Dit zijn plannen in een vergevorderd stadium. De zachte plancapaciteit is minder relevant. Deze plannen bevinden zich nog in de ideeof ontwerpfase. Ervaring leert dat diverse zachte plannen uiteindelijk niet tot uitvoering worden gebracht. De totale plancapaciteit in gemeente Meierijstad bevat 6. 570 woningen waarvan 1. 610 woningen behoren tot de harde plancapaciteit. Als de harde plancapaciteit (rij D) wordt afgetrokken van de benodigde woningvoorraad (rij C) is in gemeente Meierijstad sprake van een aanvullende woningbehoefte van circa 3. 199 woningen (zie rij F). Dit is de ruimte in de gemeente die nog kan worden ingevuld met (harde) woningbouwplannen.

De totale plancapaciteit in de regio Noordoost Noord-Brabant bevat 43. 140 woningen waarvan 15. 205 woningen behoren tot de harde plancapaciteit (rij D). Als de harde plancapaciteit wordt afgetrokken van de benodigde woningvoorraad (rij C) is in de secundair verzorgingsgebied sprake van een aanvullende woningbehoefte van circa 23. 189 woningen (zie rij F). Dit is de ruimte die nog kan worden ingevuld met (harde) woningbouwplannen. ,

,

Figuur 1: Demografische ontwikkeling gemeente Meierijstad

5 Provincie Noord-Brabant. Monitor Bevolking en wonen. (december 2023)

Ladder voor Duurzame Verstedelijking De Bunders 3 te Veghel

8/13

Woondruk-index De woondruk-index is een modelmatige benadering van het bepalen van de vraag of een tekort aan woningen in een gebied. Het model resulteert in het aantal potentiële huishoudens per 100 woningen. Op het moment dat er meer dan 100 potentiële huishoudens per 100 woningen zijn is er sprake van een tekort aan woningen. Hoe hoger het aantal potentiele huishoudens hoe hoger de woondruk.

De gemeente Meierijstad kent een woondruk van circa 112 potentiele huishoudens per 100 woningen. Ook de gemeenten in het secundair verzorgingsgebied kennen een hoge woondruk namelijk variërend van 93 tot en met 165 potentiële huishoudens per 100 woningen. De gemiddelde woondruk is circa 123. Er is dus in zowel gemeente Meierijstad als in de omliggende gemeenten een behoefte aan extra woningen. ,

,

Ladder voor Duurzame Verstedelijking De Bunders 3 te Veghel

9/13

B1. 3 Kwalitatieve behoefte In deze paragraaf is de kwalitatieve behoefte in beeld gebracht. Dit is gedaan aan de hand van het woonwensonderzoek Meierijstad. Daarmee is ook het bestaande kwalitatieve aanbod en de kwalitatieve vraag betrokken in het onderzoek en is het initiatief op basis van deze resultaten afgewogen conform de richtlijnen van de ladder. ,

Trends en ontwikkelingen In figuur 5 zijn de belangrijkste trends en ontwikkelingen geschetst ten aanzien van de Nederlandse woningmarkt. Er zijn drie verschillende doelgroepen te onderscheiden in de woningmarkt: starters gezinnen en ouderen. ,

Het initiatief ontwikkelt in diverse categorieën. Het betreft van appartementen als sociale koop middeldure- en dure koop. Daardoor spreekt dit initiatief de volgende doelgroepen aan: Dit initiatief sluit aan op de wensen van starters doordat dit initiatief kleinere woningen realiseert. Bovendien realiseert het initiatief betaalbare woningen. Dit initiatief sluit aan op de wensen van ouderen doordat dit initiatief appartementen realiseert welke levensloopbestendig zijn. Daarnaast zijn de appartementen betaalbaar wat belangrijk is voor een deel van de ouderen. ,

,

,

Figuur 2: Trends Nederlandse woningmarkt

Ladder voor Duurzame Verstedelijking De Bunders 3 te Veghel

10/13

Kwalitatief aanbod

Kwalitatieve behoefte

Leegstand

De gemeente Meierijstad heeft circa 35. 406 woningen. 6 De woningvoorraad is als volgt opgebouwd: Circa 82% van de woningvoorraad betreft een eengezinswoning en 18% een meergezinswoning. Circa 69% van de woningvoorraad is een koopwoning en 31% een huurwoning (waarbij 21% is in bezit van een woningbouwcorporatie en 10% betreft particuliere huurwoningen). Het meest voorkomende type woning is de rijwoning (31%) gevolgd door de vrijstaande woning (22%). Verder betreft 17% een appartement 16% een hoekwoning en 14% een tweekapper. 7

Gemeente Meierijstad heeft de volgende informatie aangeleverd over de kwalitatieve behoefte:

De gemeente Meierijstad had in 2023 een woningleegstand van 2%. 8 Dit is gelijk aan het provinciaal en het landelijk gemiddelde (beiden 2%). Voor een gezonde doorstroming op de huizenmarkt is een leegstand van gemiddeld 2% nodig.

,

,

De komende 10 jaar groeit het totaal aantal huishuishoudens in de gemeente naar verwachting met circa 12%. Ongeveer de helft van deze groei is afkomstig vanuit de 75+ huishoudens. De doelgroepen ‘alleenstaanden tot 25 jaar’ en ‘stellen tot 35 jaar’ krimpen naar verwachting. Dit wordt deels veroorzaakt door ontgroening maar kan ook voor een deel worden veroorzaakt door het gebrek aan geschikt aanbod voor starters op de woningmarkt. Uitbreidingsbehoefte in het sociale huursegment is groot. In het gestapelde segment wordt een forse uitbreidingsbehoefte aan woningen met een huurprijs onder de liberalisatiegrens verwacht. Er is een forse behoefte aan nultredenwoningen. Dit heeft onder meer te maken met de sterk groeiende groep ouderen. ,

Figuur 4: Verdeling woningvoorraad naar type gemeente Meierijstad 6 CBS Dashboard 7 Geodienst , nieuwbouwmonitor 8 CBS Dashboard , Landelijke monitor leegstand

Figuur 3: Verdeling woningvoorraad

Ladder voor Duurzame Verstedelijking De Bunders 3 te Veghel

naar eigendom

gemeente Meierijstad

11/13

Bijlage 2: Beleidskaders

2.

Provincie Noord-Brabant Omgevingsvisie en –verordening Noord-Brabant Eind 2018 hebben de Provinciale Staten de omgevingsvisie Noord-Brabant vastgesteld. De Interim omgevingsverordening is van begin 2020 (geconsolideerd 01-03-2020). Met de omgevingsvisie en verordening formuleert de provincie haar ambitie over hoe zij wil dat de Brabantse leefomgeving er in 2050 uit zal zien. ,

De provincie streeft naar duurzame verstedelijking. Zorgvuldig ruimtegebruik is het uitgangspunt. Een stedelijke ontwikkeling voor wonen vindt in beginsel plaats binnen stedelijk gebied. De ruimte binnen stedelijk gebied wordt zo goed als mogelijk benut. Hierbij wordt ook gekeken naar eventuele hergebruiksmogelijkheden van leegstaand of leegkomend erfgoed. Vanuit de Ladder voor duurzame verstedelijking gelden voorwaarden. Bij woningbouw zijn omvang en ligging van de ontwikkeling belangrijke punten. De bouw van een enkele woning heeft andere gevolgen dan een grote herstructurerings- of inbreidingslocatie. Bestuurlijke afspraken woningbouw Rijk-provincie 2022-2030 Om het huidige woningtekort aan te pakken is het noodzakelijk de komende jaren versneld meer woningen bij te bouwen. Deze afspraken zijn een uitwerking van het programma Woningbouw. Gedeputeerde Staten (GS) en de minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke ordening (VRO) bevestigen dat ze gezamenlijk alle inspanningen zullen verrichten om afspraken uit te voeren. De belangrijkste afspraken zijn: 1. Woningbouwopgave: van landelijke naar provinciale opgave. Om het huidige woningtekort aan te pakken is het nodig om de komende jaren versneld meer woningen te bouwen. Landelijk wordt ingezet op de bouw van 900. 000 woningen tot en met 2030 waarvan twee derde betaalbaar. ,

,

,

3.

Voldoende (harde) plancapaciteit en tijdige vergunningsverlening voor realisatie van de provinciale woningbouwopgave. Voldoende plancapaciteit is cruciaal voor het bouwen van woningen. De totaal beschikbare plancapaciteit moet voldoende zijn voor de realisatie van de afgesproken kwantitatieve en kwalitatieve provinciale woningbouwopgave. Toewerken naar meer balans in de sociale huur in de woningvoorraad. De provincie streeft naar een evenwichtige verdeling van de opgave met betrekking tot sociale huur tussen gemeenten. Het streven is 30% sociale huurwoningen in de bestaande woningvoorraad zowel regionaal als per gemeente. ,

Verstedelijkingsstrategie Brabant 2040 Brabant heeft een forse bouw- transformatie- en herstructureringsopgave. Met de verstedelijkingstrategie zijn de belangen en opgaven afge,

wogen:

In 2050 zijn er naar verwachting ruim 28 miljoen Brabanders. Het aantal 75plussers verdubbelt minimaal en de huishoudensgrootte neemt af. Er zijn tot 2040 bijna 220. 000 nieuwe woningen nodig. De Brabantse woningvoorraad bestaat voor 75% uit ruime woningen voor gezinnen. Maar de uitdaging voor de komende decennia is bouwen zodat inwoners vitaal oud kunnen worden. Daarom is er behoefte aan kleinere woningen meer gelijkvloers meer service en dichterbij voorzieningen of zorgconcepten. Bestaande voorzieningen opgaven kansen en behoeften in wijken en dorpen worden benut om in het bestaande bebouwde gebied (snel) woningen te realiseren. Bij woningbouwontwikkelingen wordt de brede integrale Brabantse opgave voorop gezet. Uitleglocaties worden alleen gerealiseerd daar waar dat bijdraagt aan kwaliteit van dorpen landschap of ,

,

,

,

,

,

groen/blauwe opgaven. Bouwen naar behoefte en het bieden van verscheidenheid in woonmilieus. De totale woningvoorraad past bij de groei in eenpersoonshuishoudens senioren en migranten.

Voortgangsrapportage Brabantse Agenda Wonen (2023) Noord-Brabant heeft nog een flinke woningbouwopgave met een sterk accent op de eerstkomende 10 tot 15 jaar (+120. 000 woningen tot 2030). De provincie wil blijven behoren tot de top van Europese kennisen innovatieregio’s. Daarom moeten de regionale woningmarkten goed functioneren. Jaarlijks wordt door middel van een voortgangsrapportage verslag gedaan van de woningmarktontwikkelingen in de provincie. De belangrijkste ontwikkelingen zijn als volgt: Het bouwtempo moet minimaal op peil blijven maar liever nog aantrekken. De provincie draagt hieraan bij door onder andere het inzetten van de ‘Flexpool Versnelling Woningbouw’. Nieuwe woonruimte wordt zo veel mogelijk gerealiseerd op binnenstedelijke locaties óf in leegstaand vastgoed soms ook in het buitengebied. Ook uitbreidingslocaties zijn nodig voor een gedifferentieerd aanbod van woningen en woonmilieus. De bestaande woningvoorraad wordt verrijkt met nieuwe woonvormen. Vanuit de provincie ligt hierbij het accent op flexwoningen de huisvesting van ouderen en collectieve wooninitiatieven. Verduurzaming van de bestaande woningvoorraad krijgt steeds meer aandacht evenals de inzet van innovatieve en duurzame bouwtechnieken. ,

,

,

,

,

Regio Noordoost Noord-Brabant Regionale woondeal Noordoost Noord-Brabant (2023) De woondeal is de afspraak tussen Noordoost Noord-Brabant provincie Noord-Brabant en Ministerie BZK. Noordoost Noord-Brabant is de zesde economische regio van de 40 regio’s in Nederland. Om dit te blijven zet de regio in op het bouwen van voldoende en passende woningen: Landelijk wordt ingezet op de realisatie van 900. 000 woningen tot en met 2030 waarvan twee derde betaalbaar. De regio Noordoost Noord-Brabant heeft een groot woningtekort en er moeten dus snel woningen worden gebouwd. Hierbij is het belangrijk dat er wordt gebouwd voor verschillende doelgroepen. ,

,

,

,

Ladder voor Duurzame Verstedelijking De Bunders 3 te Veghel

12/13

De regio realiseert circa 34. 000 woningen in de periode tot 2030 waarvan circa 22. 300 (67%) binnen het betaalbare segment. Circa 10. 000 (30%) woningen moeten behoren tot het sociale huursegment. Er is specifieke aandacht nodig voor de ondersteuning van ouderen. De regio zet in op het realiseren van 6. 900 nul-tredenwoningen en van 3. 500 woningen in geclusterde woonvormen. Er moeten woningen worden gebouwd die bereikbaar zijn voor jongeren zoals sociale huurwoningen (met of zonder geclusterd wonen) betaalbare koopwoningen en middenhuur. De gemeente Meierijstad realiseert in de periode tussen 2022 en 2030 minimaal 6. 695 woningen waarvan 5. 000 woningen binnen het betaalbare segment vallen. Circa 2. 028 woningen moeten behoren tot het sociale huursegment. ,

,

,

,

Gemeente Meierijstad Structuurvisie Veghel 2030 (2013) Veghel wil de dorpse woonkwaliteiten versterken. Hieronder verstaat de gemeente: Het realiseren van gevarieerde woonmilieus die aansluiten op de wensen van de vergrijzende en ontgroende bevolking. De woningbouwstrategie moet zich richten op het creëren van een goed verblijfsklimaat een gevarieerde woningbouw en een zo evenwichtig mogelijke sociale structuur. Een groene en kleinschalige setting met relatief lage dichtheden. Dat geldt voor grondgebonden en gestapelde woningen en voor inbreidings- en uitleglocaties. Bij gestapelde woningen is het belangrijk dat het aantal bouwlagen past in het beeld van het dorp en bij de directe omgeving van de locatie. ,

Door ontwikkelingen op de woningmarkt is het noodzakelijk om steeds meer vraaggestuurd te ontwikkelen. Dit zorgt voor meer diversiteit en

kleinschaligheid en sluit daarmee aan op de wens om ‘dorps’ te bouwen. Kwaliteitswinst is een vereiste en daarom hebben de volgende zaken voorrang: Het aanhelen van linten en/of het versterken van identiteitsbepalende ruimtelijke structuren. Het versterken van de kwaliteiten van de dorpscentra. Verbreding van het aanbod aan dorpse en landelijke woonmilieus.

20% dure koop en 10% variabel in te zetten. Echter is er ruimte voor maatwerk. Wonen , welzijn en zorg: er is aandacht voor de samenhang tussen demografische ontwikkelingen (vergrijzing en toename van eenpersoonshuishoudens) de transitie in het sociale domein (inclusieve samenleving) en de invloed daarvan op de leefomgeving ; Voor de groeiende groep meer of minder zorgbehoevende ouderen die steeds langer zelfstandig blijven wonen zijn er kleinere gelijkvloerse woningen nodig. Er is een toenemende vraag naar verzorgd wonen door ouderen met een lagere zorgbehoefte dan nodig voor een verpleeghuis. Het betreft 420 tot 650 woningen. Er is bij ouderen en mensen met een beperking behoefte aan zelfstandig wonen (woning met oppervlakte van circa 45 m²) geclusterd in een complex met een zorgsteunpunt in de directe nabijheid en/of een gezamenlijke ruimte binnen het complex. ,

Woonvisie gemeente Meierijstad (2018) Gemeente Meierijstad wil een aantrekkelijk woonklimaat en woningaanbod voor iedereen hebben. Ze streven naar een gevarieerd woningaanbod in aantrekkelijke en leefbare buurten om zo ruimte en kansen te bieden aan iedereen. De gemeente focust op vier thema’s namelijk: ,

De dynamiek van de woningmarkt: de continue afstemming van de vraag naar passende woningen en het aanbod in relatie tot de behoefte op langere termijn onder wisselende omstandigheden ; De prioriteit ligt op inbreidingsplannen boven uitbreidingsplannen. De bevolking van Meierijstad vergrijst en het aantal alleenstaanden neemt toe. Het aantal gezinnen en jongere huishoudens blijft ongeveer gelijk. Gemeente Meierijstad heeft een woningentekort en vooral een tekort aan betaalbare woningen. Er is een grote behoefte aan sociale huurwoning maar ook aan goedkope en middeldure koopwoningen. Voor de komende 10 jaar zijn er bijna 1. 000 sociale huurwoning. Daarnaast zijn er de komende 10 jaar 700 vrije sector huurwoningen nodig waarvan minimaal 540 tot 570 appartementen en 50 tot 70 grondgebonden woningen. De kern Veghel kent vanwege haar verstedelijkingsgraad een extra woningbehoefte. Deze bedraagt voor de komende 10 jaar 900 extra woningen. In de woningbouwprogrammering voor de komende 10 jaar wordt de volgende verdeling aangehouden: 25% sociale huur 15% huur vanaf € 710- / maand 10% goedkope koop 20% middeldure koop ,

,

,

,

Duurzaamheid: er is aandacht voor het zo optimaal mogelijk gebruik maken van bestaande infrastructuur en vastgoed en de uitdagingen daarvan ; Bij nieuwbouw gaat het vooral over het toevoegen van de juiste woningen op de juiste locatie en het toekomstbestendig bouwen waarbij woningen aanpasbaar zijn aan veranderde bewonerswensen. Voor de bestaande voorraad gaat het vooral om de uitdaging deze te verduurzamen. ,

,

Leefbaarheid: een juiste balans tussen enerzijds specifieke woonkwaliteiten en anderzijds een divers woningaanbod wat de kracht en eigenheid van wijken en kleine keren recht doet.

,

,

Ladder voor Duurzame Verstedelijking De Bunders 3 te Veghel

,

,

,

13/13

Bijlage 2: Verkeer- en parkeeronderbouwing

® exante

MEMO

Betreft

Aan

(geanonimiseerd) | (geanonimiseerd) |

Datum

Verkeerstoets “de

Stapperij”

De Bunders 3

Veghel

Opgesteld op: 14 juni 2022 Aangepast op: 5 mei 2025

Van

(geanonimiseerd) |

Bijlagen

Projectnummer

Kaart

120191.001-MO3

onderzoeksgebied Tabellen aantal geparkeerde voertuigen Tabellen parkeerbezetting

Aanleiding U onderzoekt

de

appartementen

een

mogelijk is volgens Meijerijstad 2018. Deze

om

horecagelegenheid

winkel. Hierdoor veranderd de

binnen

de transformatie

ligt toe wat

memo

“De Stapperij’ aan De Bunders 3 te transformeren naar 12 parkeervraag. In deze memo is getoetst of deze transformatie het paraplubestemmingsplan Parkeren en daarmee de beleidsregels Nota Parkeernormen

mogelijkheid en

verkeerskundig

inhoudt. Wat de

toekomstige

extra

parkeervraag parkeereis. Daarbij

parkeereis

de gemeente Meierijstad aanhoudt. En of de transformatie past binnen deze aandacht besteed aan het fietsparkeren en de verkeersgeneratie. De

ontwikkeling

De

van

De

Bunders 3 is mogelijk

binnen

het Paraplubestemmingsplan

is. Welke is ook

Parkeren

transformatie leidt maximaal

tot een extra parkeervraag van 21 auto's. De extra parkeervraag kan worden vrije parkeerplaatsen in het openbaar gebied. Een parkeertelling toont aan dat er voldoende vrije parkeerruimte is in het openbaar gebied om dit op te vangen.

opgevangen

De

op

transformatie leidt tot

een

fietsparkeerplaatsen op eigen fietsparkeervoorzieningen om De

transformatie zorgt

voor

kan

dit extra verkeer op

een

fiets-parkeervraag

van 38 fietsen. De ontwikkeling voorziet erin om deze vraag naar terrein op te vangen. Daarnaast zijn er in de openbare ruimte voldoende bestaande de beperkte fiets-parkeervraag van bezoekers aan de winkel op te vangen.

voertuigbewegingen verkeersveilige wijze verwerken. 54 extra

ongeveer

per

weekdag.

De

ontsluitingsstraat,

De Bunders

Transformatie In het

pand

aan

De Bunders

3 is een

horecagelegenheid gevestigd.

appartementen, variërend in oppervlakte

van

62

m? tot 123 m’. En

De transformatie betreft het realiseren een

winkelruimte met

een

oppervlakte

van

12

van

183

m?.

Verkeerskundig betekent dit het omzetten van 582 m? horecaruimte (café/bar/cafetaria), waarop een parkeernorm van 6,5 parkeerplaatsen per 100 m? bruto vloeroppervlakte van toepassing is. Deze horecaruimte wordt omgezet naar de volgende functies: _ Twee appartementen in de categorie “koop/huur, etage duur” met een parkeernorm van 1,9 parkeerplaats per woning; _ Zeven appartementen in de categorie “koop/huur, etage midden” met een parkeernorm van 1,7 parkeerplaats per woning; _ Drie appartementen in de categorie “koop/huur, etage goedkoop” met een parkeernorm van 1,5 parkeerplaats per woning; Een buurt- en dorpscentrum van 183 m?, met een parkeernorm van 4,5 parkeerplaatsen per 100 m? bruto vloeroppervlakte. e

e

e

e

Binnen de

ontwikkeling

berging

is er 28

Adres

en

Oranje Nassaulaan

Postcode

is geen

ruimte

m? aan opstelruimte

3

5211 AR Plaatsnaam 's-Hertogenbosch

om

extra

voor

parkeerplaatsen op eigen

terrein te realiseren. Elk appartement

krijgt een

fietsers gepland.

Telefoon 085.484 68 00 Internetadres www.exante.nl Mail info@exante.nl

Kvk

62401033 NL15 RABO

BANK BTW

0301 2812 03

NL.8548.03.439.B01

pagina

1

van

4

MEMO Parkeervraag: tot maximaal 24 auto-parkeerplaatsen en 37 fietsparkeerplaatsen Auto De maximale parkeervraag vanuit de ontwikkeling is 25 parkeerplaatsen. De parkeervraag varieert naar tijdstip in de week. In tabel 1 is de parkeervraag van de huidige- en toekomstige situatie weergegeven naar moment in de week. Omdat niet alle parkeerders op alle momenten van de dag aanwezig zijn is er gebruik gemaakt van aanwezigheids,

percentages. werkdag middag avond

nacht

koop avond

zaterdag middag avond

zondag middag

1513 , 1513 , 16

3405 , 3405 , 35

000 , 000 , 0

2837 , 2837 , 29

2837 , 2837 , 29

1702 , 1702 , 18

ochtend

werkdag middag avond

nacht

koop avond

zaterdag zondag middag avondmiddag

190 , 595 , 225 , 247 , 036 , 1293 , 13

190 , 595 , 225 , 494 , 072 , 1576 , 16

342 , 1071 , 405 , 082 , 288 , 2188 , 22

380 , 1190 , 450 , 000 , 000 , 2020 , 21

304 , 952 , 360 , 618 , 252 , 2486 , 25

228 , 714 , 270 , 824 , 216 , 2252 , 23

ochtend

werkdag middag avond

nacht

koop avond

zaterdag zondag middag avondmiddag

huidige parkeervraag (parkeerplaatsen) cafe/bar/cafetaria bruto parkeervraag netto parkeervraag (afgerond)

ochtend

toekomstige parkeervraag (parkeerplaatsen) Koop/huur , etage duur - bewoners Koop/huur , etage midden - bewoners Koop/huur , etage goedkoop - bewoners buurt- en dorpscentrum woningen - bezoekers bruto parkeervraag netto parkeervraag (afgerond) parkeereis (parkeerplaatsen) bruto te realiseren (extra) parkeerplaatsen op eigen terrein netto (incl. parkeerplaatsen eigen terrein en afgerond)

378 , 378 , 4

3783 , 3783 , 38

304 , 952 , 360 , 000 , 360 , 1976 , 20

266 , 833 , 315 , 000 , 252 , 1666 , 17

915 ,

063 ,

-1216 ,

2020 , 0

-352 ,

-586 ,

-1807 ,

-036 ,

10

1

-12

21

-3

-5

-18

0

tabel 1 – (extra) parkeervraag auto volgens Nota Parkeernormen Meierijstad 2018

Fiets De fiets-parkeervraag vanuit de ontwikkeling is 28 parkeerplaatsen voor bewoners en werkers. En 10 fietsparkeerplaatsen voor bezoekers (zie tabel 2). Uit auto parkeercijfers blijkt dat bij een functie winkelcentrum 76% bestaat uit bezoekers. De kencijfers voor fietsparkeren geven geen bezoekerspercentage. Logisch beredeneerd is de verdeling voor auto-parkeren ook van toepassing op het fietsparkeren. Dit betekent dat drie fietsen op eigen terrein en één in de openbare ruimte gestald worden. fietsparkeren toekomstige situatie norm eenheid appartement (met fietsenberging) - bewoners 075 , kamer 050 appartement (met fietsenberging) - bezoekers , woning 270 , 100 m2 BVO Winkelcentrum tabel 2 – parkeervraag fiets volgens Nota Parkeernormen Meierijstad 2018

aantal

minimum

totaal

opmerking

36 12 183 ,

2 nvt nvt

27 6 5

3 kamers per woning

Parkeereis: tot 21 vrije auto- en 10 fietsparkeerplaatsen in de openbare ruimte nodig Auto Door de transformatie ontstaat een extra parkeervraag. Daarbij is de parkeervraag van de bestaande functie gesaldeerd. Deze extra parkeervraag de bruto parkeereis is dat afhankelijk van het moment van de week er extra parkeerruimte moeten worden aangebracht voor 10 tot 21 auto’s (zie tabel 1). ,

,

Er worden geen extra parkeerplaatsen op eigen terrein aangebracht. De netto parkeereis voor de transformatie is daarom gelijk aan de bruto parkeereis: 10 tot 21 auto’s moeten kunnen parkeren in de openbare ruimte. Zij moeten kunnen parkeren op maximaal 100 meter loopafstand van de ontwikkeling en zonder dat dat leidt tot een parkeerdruk in de openbare ruimte van 85% of hoger.

Waar verkeer en stedelijk ontwerp elkaar ontmoeten en omarmen

www. exante. nl

pagina 2 van 4

MEMO Fiets De fietsparkeereis voor de transformatie is dat 28 fietsen op eigen terrein gestald moeten kunnen worden. Daarnaast moeten 10 fietsen van bezoekers worden opgevangen waarvan vier voor de winkel (zie tabel 2). ,

Regels Paraplubestemmingsplan Parkeren Het Paraplubestemmingsplan Parkeren stelt dat bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen of uitbreiden van een gebouw en/of voor het veranderen van de functie van een bouwperceel voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein of op openbaar gebied aanwezig moet zijn of gerealiseerd moet worden. Voor het bepalen van de parkeereis moeten daarbij de normen zoals bedoeld in de beleidsregel 'Nota Parkeernormen Meierijstad 2018' (vastgesteld 18 december 2018) in acht worden genomen. Bij het wijzigen van de gebruiksfunctie mag gebruik worden gemaakt van een salderingsregeling. Dit betekent dat het aantal te realiseren parkeerplaatsen wordt bepaald door de volgende berekening: toekomstige parkeervraag min de huidige parkeervraag = aantal te realiseren parkeerplaatsen. De salderingsregeling mag ingezet worden als de huidige functie van het pand in gebruik is. Formeel gezien is dit het geval in de huidige situatie. ,

Als de benodigde parkeerplaatsen niet op eigen terrein kunnen worden gerealiseerd kan het bevoegd gezag afwijken van deze normstelling mits een parkeertelling aantoont dat er voldoende parkeerplaatsen in de openbare ruimte aanwezig zijn die voor de extra parkeervraag benut kunnen worden. ,

,

Parkeertelling: de extra parkeervraag van auto’s kan worden opgevangen in de openbare ruimte Uit een parkeertellingen blijkt dat op een loopafstand van 100 meter van de ontwikkeling de extra auto-parkeervraag vanuit de ontwikkeling in de openbare ruimte kan worden opgevangen. In tabel 3 is de restcapaciteit (vrije parkeerplaatsen) van de openbare ruimte weergegeven. Op elk moment is het aantal vrije parkeerplaatsen in de openbare ruimte groter dan de extra parkeervraag vanuit de ontwikkeling. aantal vrije parkeerplaatsen tot grens van maximale bezetting (85%) werkelijk bezet beschikbaar*restcapaciteit tijdstip tot 100m tot 100m tot 100m werkdag ochtend 119 74 werkdag middag 105 88 193 werkdag avond (koopavond) 129 64 werkdag nacht 121 72 ,

* aantal parkeerplaatsen dat bezet mag zijn bij een bezettingsgraad van 85% tabel 3 – restcapaciteit openbare ruimte auto-parkeren per telmoment

Naast de restcapaciteit is in tabel 3 het aantal bezette parkeerplaatsen weergegeven per telmoment. Daarbij is het maximaal aantal bezette parkeerplaatsen gehanteerd dat bij één van de twee tellingen is geconstateerd. Daarnaast is het aantal beschikbare parkeerplaatsen tot de grenswaarde van 85% bezetting. Dit zijn op een loopafstand van 100 meter van de ontwikkeling 193 parkeerplaatsen. ,

De parkeertelling is uitgevoerd in de periode 22 april tot en met 13 mei 2022. De parkeertelling is uitgevoerd op de volgende momenten: werkdag werkdag werkdag werkdag

ochtend ; middag ; nacht ; koopavond ;

De bezetting was tijdens een deel van het onderzoek hoger doordat een bus voor bevolkingsonderzoek in sector 2 stond geparkeerd. Dit heeft ervoor gezorgd dat tijdens deze momenten acht parkeerplaatsen extra bezet waren. De bus stond geparkeerd op de meetmomenten van 10 12 en 13 mei. ,

,

Waar verkeer en stedelijk ontwerp elkaar ontmoeten en omarmen

www. exante. nl

pagina 3 van 4

MEMO Ieder tijdstip is twee keer geteld. Dit voorkomt toeval in de onderzoeksresultaten. De resultaten van het onderzoek zijn opgenomen in de bijlage.

Voldoende ruimte om het fietsparkeren op te vangen 2 De bergingen behorende bij de appartementen en de 28 mgrote ruimte opstelplaats die gereserveerd wordt voor fietsparkeren is ruim voldoende om het fietsparkeren voor bewoners en bezoekers van de appartementen op te vangen. ,

Elk appartement krijgt een eigen berging. Daarin kunnen per appartement twee fietsen worden gestald. De 28 m 2 grote opstelruimte voor fietsers op eigen terrein biedt ruimte voor 49 fietsparkeerplaatsen. Op basis van een enkelzijdig fietsenrek kost het stallen van één fiets een breedte van 30 centimeter en een lengte van 190 centimeter. ,

Daarnaast moeten vier fietsen in de openbare ruimte kunnen parkeren (bezoekers winkel). Daarvoor is op het plein voldoende ruimte in de bestaande voorzieningen voor fietsparkeren.

Verkeersgeneratie De transformatie zorgt voor ongeveer 54 extra voertuigbewegingen per weekdag. De ontsluitingsstraat De Bunders kan dit extra verkeer aan. De toename bedraagt slechts 38%. ,

,

Door de ontwikkeling verandert de parkeervraag maar ook de verkeersbelasting op de aanliggende wegen. Door de transformatie ontstaan 54 extra voertuigbewegingen per weekdag. In tabel 5 is de verkeersgeneratie van de huidige en toekomstige functies opgenomen. Voor de huidige functie bestaan vanuit het CROW geen kengetallen. Aangenomen is daarom dat het noodzakelijke aantal parkeerplaatsen (38) elk een keer per dag bezet worden. Per parkeerplaats levert dit twee verkeersbewegingen op. De huidige functie heeft daarmee een verkeersgeneratie van 76 motorvoertuigen per weekdag. De toekomstige functies hebben per weekdag gemiddeld een verkeersgeneratie van 130 voertuigen. ,

De ontwikkeling ontsluit via De Bunders een erftoegangsweg binnen de bebouwde kom. Volgens het BBMA verkeersmodel (provinciale verkeersmodel Brabant Brede Model Aanpak) rijden op deze straat nu ongeveer 1. 400 motorvoertuigen per weekdag. Een intensiteit van 2. 000 motorvoertuigen per dag is voor een erftoegangsweg acceptabel. ,

verkeersgeneratie (aantal verkeersbewegingen per weekdag) bestaande functie cafe/bar/cafetaria

norm

eenheid

aantal

mvt/etm

130,

100 m2 BVO

582 ,

757,

subtotaal

76

3 7 2 183 ,

48, 392, 142, 714, 130 54

te ontwikkelingen functie

sociale huurappartementen (koop/huur , etage , goedkoop)16, 56, huurappartement (koop/huur , etage , midden) 71, koopappartementen (koop/huur , etage , duur) 390, buurt- en dorpscentrum

woning woning woning 100 m2 BVO

subtotaal TOENAME

tabel 5 – verkeersgeneratie ontwikkeling

Waar verkeer en stedelijk ontwerp elkaar ontmoeten en omarmen

www. exante. nl

pagina 4 van 4

Notitie Aan: (geanonimiseerd) | (geanonimiseerd) |

Betreft:

Datum:

Parkeerberekening op Nota parkeernormen Meierijstad 2025.

Van:

basis

(geanonimiseerd) |

van

| 5 mei 2025 Referentienummer: 120191.001-Notitie

nieuwe

parkeernormen

Aanleiding Gemeente

Meierijstad werkt aan

van

deze nota,

getiteld

De

bepaling van

de

Nota

een

nieuwe

parkeernota. Voor de ontwikkeling aan

parkeernormen Meierijstad

parkeereis

is

stapsgewijs uitgevoerd.

e

Het

bouwprogramma

e

De

bijbehorende parkeernormen

e

De

bijbehorende aanwezigheidspercentages;

e

De berekende

e

De daaruit voortvloeiende totale

Exante

Groep

Oranje

Nassaulaan

5211

van

de voorgenomen

parkeervraag

De Bunders

3 in

In de onderstaande stappen

worden

achtereenvolgens weergegeven:

ontwikkeling;

per functie;

per functie, uitgesplitst naar momenten

in de week;

parkeereis.

BV.

AR

’s-Hertogenbosch

3

Tel:

(085) 484

Website:

68 00

exante.nl

E-mail: info@exante.nl

Veghel is de parkeereis bepaald

2025.

Kvk: Bank: Btw:

62401033 NL15RABO

0301

2812 03

NL.8548.03.439.B01

op basis

van

de

conceptversie

2

3

4

Bouwprogramma Status

Omschrijving

Aantal

Functietype (CROW)

bestaand

Horeca ruimte

582

Cafe/bar/cafetaria

nieuw

Appartement duur

2

Woning van 100 en groter m² BVO

nieuw

Appartement midden

7

Woning van 75 tot 100 m² BVO

nieuw

Appartement goedkoop

3

Woning kleiner dan 75 m² BVO

nieuw

Winkelruimte

183

Wijkwinkelcentrum (gemiddeld)

Parkeernorm Functietype volgens CROW

Hoofdgroep

Eenheid

Parkeernorm vaste gebruikers

Parkeernorm bezoekers

Aanwezigheidspercentage

Woning van 100 en groter m² BVO

wonen

woning

17,

015 ,

Woning van 75 tot 100 m² BVO

wonen

woning

13,

015 ,

Woning kleiner dan 75 m² BVO

wonen

woning

13,

015 ,

Wijkwinkelcentrum (gemiddeld)

winkelen en boodschappen

100 m2 bvo

078 ,

292 ,

Woning bewoner , woning bezoekers Woning bewoner , woning bezoekers Woning bewoner , woning bezoekers Detailhandel

Cafe/bar/cafetaria

horeca en (verblijfs)recreatie

100 m2 bvo

54,

06,

Restaurant

Gehanteerde aanwezigheidspercentages Functie

Werkdag ochtend 30%

Werkdag middag 60%

Werkdag avond 10%

Koop avond 75%

Werkdag nacht 0%

Vrijdag middag 60%

Vrijdaga vond 60%

Zaterdag middag 100%

Zaterdag avond 0%

Zondag middag 60%

woningen bezoekers

40%

50%

75%

70%

0%

60%

100%

100%

100%

90%

restaurant

30%

40%

80%

80%

0%

60%

90%

70%

100%

40%

woningen bewoners

60%

60%

90%

80%

100%

70%

70%

75%

80%

75%

detailhandel

2

5

Parkeervraag naar moment in de week Status

nieuw

Omschrijving

Werkdag

Werkdag

Werkdag

Koop

Werkdag

Vrijdag

Vrijdag

Zaterdag

Zaterdag

Zondag

ochtend

middag

avond

avond

nacht

middag

avond

middag

avond

middag

Winkelruimte Appartement duur Appartement midden Appartement goedkoop

20 22 59 25 126,

41 22 60 26 148,

07 33 90 38 168,

51 29 80 34 195,

-

41 27 74 32 173,

68 29 79 34 209,

-

34 91 39 164,

41 26 70 30 166,

30 83 36 149,

41 28 78 33 180,

Horeca ruimte

105 ,

140 ,

279 ,

279 ,

-

210 ,

314 ,

244 ,

349 ,

140

105,

140,

279,

279,

-

210,

314,

244,

349,

140,

, ,

6

,

,

,

,

Totaal bestaand

,

,

,

Totaal nieuw bestaand

,

,

,

,

,

,

,

, ,

,

,

, ,

,

,

, ,

,

,

,

,

,

,

, , ,

, , ,

,

Parkeereis

Totaal nieuw Totaal bestaand Parkeereis

Werkdag ochtend 126 ,

Werkdag middag 148 ,

Werkdag avond 168 ,

Koop avond 195

Werkdag nacht 164

Vrijdag middag 166 ,

Vrijdag avond 173 ,

Zaterdag middag 209 ,

Zaterdag avond 149 ,

Zondag middag 180

105 21

140 08

279 -111

279 -85

-

210 -43

314 -141

244 -36

349 -200

140 40

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

164 ,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

,

3

Bijlage 3: Akoestisch onderzoek wegverkeer

Appartementen Bunders 3 Veghel Akoestisch onderzoek optredende gevelbelastingen Rapportnummer: Rm220599aaA1

Rm220599aaAl.rism

01

2

Opdrachtgever:

BRO

's-Hertogenbosch

Willemsplein

2

5211 AK

DEN BOSCH

Tel.: 0411850400

(geanonimiseerd)

Adviseur:

K+

Adviesgroep

Jodenstraat 6

6101 AS ECHT

Postbus 224

6100 AE

ECHT

Tel: 0475-470470 E-mail:

info@k-plus.nl

Opgesteld door:

(geanonimiseerd) |

Handtekening:

SE(geanonimise rd) (geanonimiseerd)

Collegiale

(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) |

toets:

(geanonimiseerd)

Datum

:

09-12-2024

Referentie

$

Rm220599aaAl

rismO1

K+ADVIESGROEP

KK +

Rm220599aaA1. rism_01

3

INHOUD 1

Inleiding

4

2 2. 1 2. 2 2. 2. 1 2. 3

Uitgangspunten Ruimtelijke gegevens Verkeersgegevens Wegverkeerslawaai Toegepaste rekenmethode

5 5 5 5 6

3 3. 1 3. 2 3. 3 3. 4 3. 5 3. 6 3. 7 3. 8

Normstelling Besluit kwaliteit leefomgeving Algemeen Geluidaandachtsgebied Nieuwe situaties Type gevel Maximaal toelaatbare geluidbelasting Niet-geluidgevoelige gevel Afwijkende eisen plaatselijk Omgevingsplan Besluit bouwwerken leefomgeving

7 7 7 7 7 8 9 10 10

4 4. 1 4. 1. 1 4. 2

Berekeningsresultaten Wegverkeerslawaai Gemeentewegen Gecumuleerde geluidbelasting en gezamenlijk geluid

11 11 11 11

5 5. 1 5. 2 5. 2. 1 5. 2. 2 5. 3

Evaluatie Rekenresultaten en Conclusie Algemeen Besluit kwaliteit leefomgeving Gemeentewegen Gecumuleerd geluid Gezamenlijk geluid en Besluit bouwwerken leefomgeving

12 12 12 12 12 12

Bijlagen: Bijlage I

Figuren akoestisch rekenmodel

Bijlage II

Berekeningsgegevens

Bijlage III

Verstrekte verkeersgegevens

en

–resultaten optredende gevelbelastingen

Rm220599aaA1. rism_01

1

4

INLEIDING In opdracht van BRO 's-Hertogenbosch is in het kader van de realisatie van een appartementencomplex aan De Bunders 3 te Veghel door gemeente Meierijstad K+ Adviesgroep een akoestisch onderzoek verricht naar de te verwachten optredende geluidbelastingen vanwege wegverkeerslawaai ter plaatse van de nieuwe situatie in het kader van het Besluit kwaliteit leefomgeving. Er wordt beoogd om de bestaande bebouwing te slopen en een appartementengebouw te realiseren. In Figuur 1. 1 is de locatie globaal omcirkeld. ,

,

,

Figuur 1. 1: Situatie (bron: Google Maps)

Het akoestisch onderzoek is noodzakelijk omdat het plan is gelegen binnen de geluidzone van de Busselbundersweg Bundersweg en de Bunders. ,

De berekeningen zijn gebaseerd op: Omgevingswet ; Besluit kwaliteit leefomgeving ; Omgevingsregeling ; Meet- en rekenmethode geluid.

Rm220599aaA1. rism_01

5

2

UITGANGSPUNTEN

2. 1

Ruimtelijke gegevens Bij het onderzoek is gebruik gemaakt van een door de opdrachtgever verstrekte situatietekening kaartmateriaal van de Publieke Dienstverlening op de Kaart (PDOK) het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN4) en Google Streetview. In Bijlage I zijn de gehanteerde situatietekening en grafische weergaven van het akoestisch rekenmodel opgenomen. ,

Met betrekking tot de bodemabsorptie is in het voorliggende onderzoek standaard uitgegaan van een harde bodem (bodemfactor 0). 2. 2

Verkeersgegevens

2. 2. 1 Wegverkeerslawaai De verkeersgegevens voor De Bunders Busselbundersweg en Bundersweg zijn aangereikt door de gemeente Meierijstad. De gegevens zijn afgeleid van verkeersprognosekaarten vanuit de gemeente voor de jaren 2030 en 2040. Om te komen tot het maatgevende jaar 2035 is lineaire interpolatie toegepast. ,

,

Voor alle wegen was er geen verdeling van de licht- middel- en zware voertuigen voor de dagavond- en nachtperiode aanwezig. In voorliggend onderzoek is uitgegaan van standaard verdelingen voor gebiedsontsluitingswegen en erftoegangswegen binnen de bebouwde kom zie Bijlage III. ,

,

In Tabel 2. 1 is een overzicht opgenomen van de gehanteerde verkeersgegevens. Tabel 2. 1: Overzicht verkeersgegevens 2035 Straat

Etmaalintensiteit

De Bunders ZN-as

800

De Bunders OW-as

1350

Busselbundersweg NZ-richting 30km/u Busselbundersweg ZN-richting 30km/u

4350

4300

Periode verdeling , D 670% A N D A N D A N D A N

Verdeling per voertuigcategorie Qlv Qmv Qzv 9575% 375% 050% , , ,

370% , 060% , 670% , 370% , 060% , 670% , 370% , 060% ,

9668% , 9760% , 9575% , 9668% , 9760% , 9575% , 9668% , 9760% ,

283% , 190% , 375% , 283% , 190% , 375% , 283% , 190% ,

050% , 050% , 050% , 050% , 050% , 050% , 050% , 050% ,

670% , 370% , 060% ,

9575% , 9668% , 9760% ,

375% , 283% , 190% ,

050% , 050% , 050% ,

Snelheid km/uur

Wegdek

30

13

30

01 & 13

30

01

30

01

,

Rm220599aaA1. rism_01

6

Vervolg: Tabel 2. 1: Overzicht verkeersgegevens 2035 Straat

Etmaalintensiteit

Busselbundersweg NZ-richting 50km/u Busselbundersweg ZN-richting 50km/u Bundersweg OWrichting W tov Dennelaar Bundersweg WOrichting W tov Dennelaar Bundersweg OWrichting O tov Dennelaar Bundersweg WOrichting O tov Dennelaar

4350

4300

Periode verdeling , D 660% A

360% ,

9525% ,

350% ,

125% ,

N

080% ,

9700% ,

200% ,

100% ,

D

660% , 360% ,

9350% , 9525% ,

500% , 350% ,

150% , 125% ,

080% ,

9700% ,

200% ,

100% ,

A

660% , 360% ,

9350% , 9525% ,

500% , 350% ,

150% , 125% ,

N

080% ,

9700% ,

200% ,

100% ,

D A

660% ,

9350% ,

500% ,

150% ,

360% ,

9525% ,

350% ,

125% ,

N

080% , 660% ,

9700% , 9350% ,

200% , 500% ,

100% , 150% ,

360% ,

9525% ,

350% ,

125% ,

080% , 660% ,

9700% , 9350% ,

200% , 500% ,

100% , 150% ,

360% ,

9525% ,

350% ,

125% ,

080% ,

9700% ,

200% ,

100% ,

A N D

2700

2350

D 2700

A N D

2350

Verdeling per voertuigcategorie Qlv Qmv Qzv 9350% 500% 150% , , ,

A N

Snelheid km/uur

Wegdek

50

01

50

01

50

01

50

01

50

01

50

01

Hierbij is: Periode:

gemiddeld uuraandeel betreffende periode in procenten van de etmaalintensiteit.

Qlv:

gemiddeld uuraandeel lichte motorvoertuigen voor respectievelijk de dag- , avond- en nachtperiode in procenten.

Qmv:

gemiddeld uuraandeel middelzware motorvoertuigen voor respectievelijk de dag- , avond- en nachtperiode in procenten.

Qzv:

gemiddeld uuraandeel zware motorvoertuigen voor respectievelijk de dag- , avond- en nachtperiode in procenten.

Snelheid: ter plaatse toegestane maximum snelheid. Wegdek:

type 01: Glad asfalt. type 13: Elementenverharding in keperverband (CROW316).

Voor nadere informatie inzake de in- en uitvoerparameters wordt verwezen naar de in Bijlage II opgenomen rekenbladen. De verkeersgegevens zijn opgenomen in Bijlage III. 2. 3

Toegepaste rekenmethode De geluidbelastingen zijn bepaald met behulp van “Standaardrekenmethode” zoals beschreven in de “Meet- en rekenmethode geluid” van Bijlage IVe van de Omgevingsregeling. ,

Bij de modellering van het akoestisch rekenmodel is gebruik gemaakt van het pakket WinHavik ontwikkeld door dirActivity.

,

Rm220599aaA1. rism_01

7

3

NORMSTELLING BESLUIT KWALITEIT LEEFOMGEVING

3. 1

Algemeen Conform de Omgevingsregeling dient met betrekking tot de geluidbelasting van een weg in nieuwe situaties de geluidbelasting in L den in dB te worden bepaald. Dit is een gemiddeld geluidniveau over de dag- avond- en nachtperiode en wordt bepaald met de volgende formule: ,

�� ������ =10log 3. 2

12⋅10

�� ������ �� ��������������+5 �� ������ℎ��+10 +4⋅10 +8⋅10 10 10 10 24

Geluidaandachtsgebied Volgens artikel 3. 5 van de Omgevingsregeling wordt een geluidaandachtsgebied bepaald aan de hand van Bijlage IVc (rekenmethode geluidaandachtsgebied). Binnen het aandachtsgebied worden eisen gesteld aan de geluidbelasting. Buiten het aandachtsgebied worden geen eisen gesteld. Indien het geluidaandachtsgebied van gemeentewegen nog niet is vastgesteld wordt dit bepaald aan de hand van artikel 17. 5 van de Omgevingsregeling. De breedte van het te hanteren geluidaandachtsgebied is afhankelijk van het aantal rijstroken en de geldende maximumsnelheid van de desbetreffende weg. De te hanteren breedtes zijn opgenomen in Tabel 3. 1. ,

Tabel 3. 1: Breedte geluidaandachtsgebied Maximum snelheid

Aantal rijstroken

≤ 30 km/h

1 of 2 rijstroken 1 of 2 rijstroken

> 30 km/h

3. 3

aan weerszijde van

3 of meer rijstroken

de weg (in meters) Breedte geluidaandachtsgebieden (art. 17. 5 Omgevingsregeling) 100 200 350

Nieuwe situaties In al die gevallen waar in de aanleg van een geluidgevoelig object en/of een (spoor)weg door vaststelling of herziening van een omgevingsplan wordt voorzien is er sprake van 'nieuwe situaties'. ,

3. 4

Type gevel Een gevel van een gebouw is het vlak van het gebouw waar de buitenlucht ophoudt. Voor een nog te bouwen woning is het de plek waar een gevel mag komen. Een geluidgevoelig gebouw heeft in beginsel een geluidgevoelige gevel. Vanwege de aanvaardbaarheid van geluid kan het bevoegd gezag in het omgevingsplan de gevel van een

Rm220599aaA1. rism_01

geluidgevoelig gebouw •

8

een andere

kwalificatie geven. Namelijk:

Geluidluwe gevel: Een geluidluwe gevel is een gevel die ten opzichte van de andere gevels van een geluidgevoelig gebouw relatief weinig wordt belast door geluid. In een geluidluwe gevel kunnen ramen en deuren worden geopend zonder dat daarbij veel geluid in de woning binnendringt. Doorgaans wordt uitgegaan van geluidluwe gevel indien de geluidbelasting lager is dan de standaardwaarde tenzij dit anders aangegeven wordt door de gemeente. Niet-geluidgevoelige gevel met bouwkundige maatregelen: Een gevel met bouwkundige maatregelen om de geluidbelasting op het te openen deel te verlagen voor een verdere uitwerking zie paragraaf 3. 6. ,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meierijstad&id=a4f218ef-f774-4d16-bcda-047c9d92f2f4