CConstaterende datMeierijstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 Quickscan Flora en Fauna

Raadsvergadering 30 september 2021, gemeente MeierijstadBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan 'Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Damianenweg 24'4.555 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

QUICKSCAN SOORTENBESCHERMING DAMIANENWEG 24 TE SINT-OEDENRODE

Colofon

Quickscan soortenbescherming Projectnummer: EP.20.1004 Versie: 1 Datum: 29 januari 2020 Opdrachtnemer Agrifirm NWE BV Bedrijfsontwikkeling Exlan Waalkade 33 5347 KR Oss

Postbus 300 5340 AH Oss

Locatie Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode Opdrachtgever R. Dekkers Damianenweg 24 5764 PD Sint-Oedenrode Contactpersoon Anton van Zeeland T: 088 – 488 2929 F: 088 – 488 2102 E: a.vanzeeland@agrifirm.com Uitvoerders Ing. A. van Zeeland L.F.A. van Sleeuwen (LL.B.) Collegiale check AvZ

ALLE RECHTEN VOORBEHOUDEN. NIETS UIT DEZE UITGAVE MAG WORDEN VERVEELVOUDIGD DOOR MIDDEL VAN DRUK, FOTOKOPIE, MICROFILM, GELUIDSBAND, ELEKTRONISCH OF OP WELKE ANDERE WIJZE DAN OOK, EN EVENMIN IN EEN GEAUTOMATISEERD GEGEVENSBESTAND WORDEN OPGESLAGEN, ZONDER VOORAFGAANDE SCHRIFTELIJKE TOESTEMMING VAN AGRIFIRM EXLAN.

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Inhoudsopgave

Quickscan soortenbescherming INLEIDING

4

HOOFDSTUK 1 TOETSINGSKADER

6 6

HOOFDSTUK 2 ONDERZOEKSRESULTATEN

9 9

HOOFDSTUK 3 CONCLUSIE

27 27

LITERATUUR

28

WAARNEMINGEN EFFECTEN INDICATOR SOORTEN BESTAANDE EN BEOOGDE SITUATIE VERBLIJFSPLAATS KERKUIL; PLAN VAN AANPAK

29 33 35 37

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Inleiding

Planbeschrijving

Aanleiding Het plangebied is gelegen aan de Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode. De plannen omvatten (in het kader van ruimte-voor-ruimte) de sloop van bedrijfsgebouwen, behalve de schuur achter het woonhuis en de bouw/splitsing van woningen (bijlage 3). In dit kader wordt door het bevoegde gezag een toets aan de soortenbescherming noodzakelijk geacht. Bij de uitvoering van de voorgenomen ingrepen moet rekening worden gehouden met het huidige voorkomen van de, op grond van de Wet natuurbescherming, beschermde soorten. Als de voorgenomen ingreep leidt tot het overtreden van verbodsbepalingen betreffende beschermde soorten, moet vrijstelling of ontheffing worden verkregen. De voorliggende quickscan bevat een inventarisatie van de huidige aanwezigheid van beschermde soorten planten en dieren in en om het plangebied. Tevens worden de te verwachten effecten van de ingreep in het plangebied beoordeeld. Plangebied Het plangebied ligt in de plaats Sint-Oedenrode in de gemeente Meierijstad. Het plangebied bevindt zich in het buitengebied.

•

Afbeelding 1: luchtfoto plangebied (bron: streetsmart.cyclomedia.com/streetsmart, geraadpleegd op 27/01/2020)

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Onderzoeksmethode Om een goede indicatie van de natuurwaarden binnen het plangebied te krijgen, wordt het onderzoek in verschillende stappen uitgevoerd. Op basis van bronnenonderzoek is nagegaan of er wettelijk beschermde planten- of diersoorten in het gebied voor kunnen komen waaraan extra aandacht geschonken dient te worden tijdens het terreinbezoek. Na het bronnenonderzoek is een verkennend terreinbezoek gebracht aan het plangebied. Hierbij is, op basis van de gegevens van het literatuuronderzoek, beoordeeld voor welke soorten het gebied daadwerkelijk een geschikte habitat biedt en daarmee welke soorten er daadwerkelijk voor kunnen komen. Vervolgens zijn de mogelijke effecten op de verwachte beschermde soorten beschreven. Op basis van de doorlopen procedures zijn conclusies getrokken met betrekking tot de eventuele negatieve effecten en/of obstakels inzake de Wet natuurbescherming. Op dinsdag 28 januari 2020 is de locatie tussen 9:00 en 10:00 uur ter plaatse geïnventariseerd, om te onderzoeken of het plangebied een zodanig belangrijke status heeft dat een aanvullend veldonderzoek noodzakelijk is. Op het moment van inventarisatie was het 6 graden Celsius en zwaar bewolkt. Ook was er vrij veel wind. Op basis van terreinkenmerken is beoordeeld of het terrein geschikt is voor de, in de regio voorkomende, beschermde soorten.

Doelstelling Om een indicatie te krijgen van de effecten die de sloop- en bouwwerkzaamheden hebben op de natuurwaarden binnen het plangebied, dienen de volgende vragen te worden beantwoord: 1. Welke wettelijk beschermde soorten komen in het plangebied voor? Welke status hebben deze soorten? 2. Welke invloed heeft de geplande ingreep in het betreffende gebied op de beschermde soorten en komt daarmee de staat van instandhouding in gevaar? 3. Hoe dient omgegaan te worden met eventuele negatieve effecten van het plan op wettelijk beschermde planten- en diersoorten, en welke vervolgstappen zijn nodig?

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Hoofdstuk 1

1 Toetsingskader Wet natuurbescherming De bescherming van natuur is in Nederland vastgelegd in nationale wetgeving. De nationale wetgeving is een Nederlandse implementatie van de belangrijkste Europese wetgevingselementen. Per 1 januari 2017 zijn de Flora- en Faunawet, de Boswet en de Natuurbeschermingswet 1998 vervangen door de Wet natuurbescherming. De uitvoering van deze nieuwe wet is grotendeels in handen van de provincies gekomen.

1.1

Gebiedsbescherming De Wet natuurbescherming noemt bekende maar ook enkele nieuwe soorten natuurgebieden die bescherming behoeven: de Natura 2000-gebieden, het natuurnetwerk Nederland (NNN), bijzondere provinciale natuurgebieden en landschappen, bijzondere nationale natuurgebieden en de nationale parken. Bij ontwikkelingen met name in het buitengebied moet rekening worden gehouden met het al dan niet van toepassing zijn van de beschermingsregimes van deze natuurgebieden. Ieder gebied kent een eigen beschermingsregime dat afzonderlijk gewogen dient te worden in relatie tot plannen, projecten en andere handelingen met mogelijk nadelige effecten voor de beschermde natuurwaarden. Natura 2000-gebieden De bekendste natuurgebieden zijn de Natura 2000-gebieden, zij kennen tevens het meest strikte beschermingsregime. De basis voor Natura 2000 zijn de Europese Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn. In Nederland zijn 164 gebieden als Natura 2000gebied aangewezen. Voor ieder gebied zijn instandhoudingsdoelstellingen bepaald die betrekking kunnen hebben op de bescherming van specifieke flora en fauna alsook leefgebieden van soorten. Alle projecten en handelingen binnen of buiten de gebiedsgrenzen mogen geen verstorend of verslechterend effect hebben op de instandhoudingsdoelstellingen. Voor de voorgenomen ontwikkeling is hier, voor zover van toepassing, separaat aan getoetst.

In deze rapportage wordt hier verder niet op ingegaan. Natuurnetwerk Nederland Het Natuurnetwerk Nederland (voorheen EHS) is het Nederlands netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. Het netwerk moet natuurgebieden beter verbinden met elkaar en met het omringende agrarisch gebied. De provincies zijn belast met de taak een dergelijk netwerk tot stand te laten te komen en in stand te laten. De uitvoering hiervan is hoofdzakelijk gestuurd vanuit de ruimtelijke ordening (provinciale Verordeningen). Binnen het natuurnetwerk geldt een “nee, tenzij”- benadering. Overige gebieden Naast de bovengenoemde gebieden kunnen gebieden aangewezen worden als ‘bijzondere provinciale natuurgebieden’, ‘bijzondere provinciale landschappen’ of ‘nationaal park’. De bescherming van deze gebieden vind net als bij het NNN plaats via het ruimtelijk spoor. Daarnaast kan een gebied aangewezen worden als ‘bijzonder nationaal gebied’, een soort voorloper van de aanwijzing als Natura 2000-gebied. De bescherming van deze gebieden stemt dan ook overeen met de bescherming van Natura 2000-gebieden.

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

1.2

Soortenbescherming De Wet natuurbescherming deelt soorten in drie beschermingsregimes in. Daarnaast zijn er vrijgestelde soorten en jaarrond beschermde vogelnesten. 1) Beschermingsregime soorten vogelrichtlijn 2) Beschermingsregime soorten habitatrichtlijn 3) Beschermingsregime ander soorten 4) Vrijgestelde soorten 5) Jaarrond beschermde vogelnesten Vogelrichtlijn Onder de soorten van de Vogelrichtlijn vallen alle van nature in Nederland in het wild levende volgens. Het is verboden om: • Opzettelijk vogels te doden of te vangen; • Opzettelijk vogelnesten, -rustplaatsen en – eieren te vernielen of te beschadigen of vogelnesten weg te nemen; • Eieren van vogels te rapen en deze onder zich te hebben; • Opzettelijk vogels te storen, tenzij de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort. Habitatrichtlijn Onder de soorten van de Habitatrichtlijn vallen soorten die genoemd zijn in Bijlage IV van de Habitatrichtlijn, Bijlage I en II van het Verdrag van Bern en Bijlage I van het Verdrag van Bonn. In de Bijlagen van de Verdragen van Bern en Bonn worden ook vogels genoemd.

Wat betreft deze soorten is het verboden om: • Opzettelijk dieren te doden of te vangen; • Opzettelijk dieren te verstoren; • Opzettelijk eieren van dieren te vernielen of te rapen; • Voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren te beschadigen of te vernielen; • Opzettelijk planten in hun natuurlijke verspreidingsgebied te plukken, te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. Ook is het verboden deze soorten te verkopen, te vervoeren voor verkoop, te verhandelen, te ruilen of te kopen, tenzij het gaat om gefokte of gekweekte dieren of planten. Andere soorten Onder het beschermingsregime andere soorten vallen soorten waarvan er geen Europese verplichting tot bescherming is. Dit zijn soorten die vanuit nationaal belang extra bescherming behoeven. Het beschermingsniveau van deze soorten kan per provincie verschillen. Het is verboden om: 1) Opzettelijk dieren te doden of te vangen; 2) Voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren te beschadigen of te vernielen; 3) Opzettelijk (vaat)planten in hun natuurlijke verspreidingsgebied te plukken te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. Provincies hebben de bevoegdheid om bij provinciale verordening vrijstelling te verlenen voor nationaal beschermde soorten.

Vrijgestelde soorten De verboden zijn niet van toepassing op de bosmuis, de huisspitsmuis en de veldmuis voor zover deze dieren zich in of op gebouwen of daarbij behorende erven of roerende zaken bevinden. Ook vallen de zwarte rat, bruine rat, huismuis, de mol en exoten niet onder beschermingsregime van de Wet natuurbescherming en mogen opzettelijk gedood en gevangen worden. Daarnaast geldt, zoals hierboven reeds aangegeven, dat provincies de bevoegdheid hebben vrijstelling te verlenen voor bepaalde soorten.

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Jaarrond beschermde vogelnesten De opgestelde lijst met jaarrond beschermde nesten voor vogels is een beleidsdocument dat voortvloeit uit de voormalige Flora- en faunawet en meegenomen is onder de Wet natuurbescherming. De nesten zijn ingedeeld in categorieën (1 t/m 5) waarvan de categorie 1 t/m 4 jaarrond beschermd zijn . Nesten in categorie 5 zijn enkel beschermd bij afwezigheid van voldoende alternatieven. 1) Nesten die, behalve gedurende het broedseizoen als nest, buiten het broedseizoen in gebruik zijn als vaste rust- en verblijfplaats 2) Nesten van koloniebroeders die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing of biotoop. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar. 3) Nesten van vogels, zijnde geen koloniebroeders, die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar. 4) Vogels die jaar in jaar uit gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn een nest te bouwen.

5) Nesten van vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen.

1.3

Houtopstanden De regels van de Boswet zijn grotendeels onveranderd opgenomen in de Wet natuurbescherming. Een houtopstand is een zelfstandige eenheid van bomen, boomvormers, struiken, hakhout of griend, die een oppervlakte van 10 are of meer beslaat ofwel een rijbeplanting die meer dan twintig bomen omvat. Buiten de bescherming vallen: • houtopstanden binnen de bij besluit van de gemeenteraad vastgestelde grenzen van de bebouwde kom (voor deze wet); • houtopstanden op erven of in tuinen • fruitbomen en windschermen om boomgaarden; • naaldbomen bedoeld als kerstbomen en niet ouder dan twintig jaar • kweekgoed; o uit populieren of wilgen bestaande wegbeplantingen, o beplantingen langs waterwegen, en o eenrijige beplantingen langs landbouwgronden; • Het dunnen van een houtopstand; • uit populieren, wilgen, essen of elzen bestaande beplantingen die zijn bedoeld voor de productie van houtige biomassa indien zij: o ten minste eens per tien jaar worden geoogst; o bestaan uit minstens tienduizend per hectare per beplantingseenheid o bestaande uit een aaneengesloten beplanting die niet wordt doorsneden door onbeplante stroken breder dan twee meter; o zijn aangelegd na 1 januari 2013.

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Hoofdstuk 2

2 Onderzoeksresultaten 2.1

Bronnenonderzoek In de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) zijn waarnemingen van flora en fauna in Nederland gebundeld. De Gegevensautoriteit Natuur staat ervoor in dat alleen gevalideerde waarneming worden opgenomen. Gegevens uit meer dan 100 databanken zijn gebundeld, waaronder die van de particuliere gegevens beherende organisaties (Zoogdiervereniging, Vlinderstichting, etc.), provincies en terrein beherende organisaties. De NDFF wordt dagelijks aangevuld met recente waarnemingen. De gegevens uit deze nationale databank geven een overzicht van alle in de nabijheid van het plangebied waargenomen beschermde planten- en dierensoorten. Exacte locaties of datering van de waarnemingen zijn daarbij niet bekend. Het overzicht geeft een indicatie op welke soorten in het bijzonder gelet moet worden bij het veldbezoek. Daarnaast zijn gegevens van websites als www.waarneming.nl geraadpleegd voor achtergrondinformatie. Deze gegevens zijn niet inhoudelijk voor deze QuickScan gebruikt. Een groot aantal amateurs en professionals publiceert op deze bekende websites zijn natuurwaarnemingen, die worden gecontroleerd door een validatiecommissie. Zodoende zijn de waarnemingen uit deze bronnen redelijk betrouwbaar, maar moeilijk te verifiëren. De waarnemingen geven eventueel wel een indicatie van soorten waar tijdens het veldonderzoek extra aandacht aan besteed dient te worden.

Natuurnetwerk Nederland Het natuurbeheerplan is een beleidskader om het Europese, rijks- en provinciale natuur- en landschapbeleid te realiseren. Het gaat hier om bestaande natuurgebieden, gebieden waar nieuwe natuur aangelegd wordt, landbouwgebieden worden ingericht en beheerd volgens agrarisch natuurbeheer en de Natura 2000-gebieden. Het plangebied ligt buiten het Natuur Netwerk Nederland en buiten andere natuurgebieden zoals Natura 2000. Het Natuurnetwerk Brabant is onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland. Het is een netwerk van deels bestaande en deels nieuwe natuurgebieden die door ecologische verbindingszones met elkaar verbonden zijn. Hierdoor kunnen dieren zich makkelijker verplaatsen tussen verschillende natuurgebieden. Zo wordt de biodiversiteit (het totaal aan planten en dieren) bevorderd. Ongeveer 90% van het Natuurnetwerk Brabant wordt gevormd door bestaande natuurgebieden zoals bijvoorbeeld de Biesbosch en de Maashorst. Maar het netwerk is nog niet compleet. Er ontbreken nog veel gebieden en verbindingen die belangrijk zijn dieren en planten. Vanwege de klimaatverandering veranderen hun leefomstandigheden en wordt dat nog urgenter. Zij moeten zich kunnen verplaatsen om genoeg voedsel te kunnen blijven vinden en zich voort te planten. Maar het Natuurnetwerk is er niet alleen voor planten en dieren, maar ook voor mensen.

Mensen genieten, recreëren en ontspannen in de natuur en voelen zich gelukkiger. Natuur schept kansen voor ondernemers die natuur en hun bedrijf willen combineren en helpt tegen de gevolgen van klimaatverandering. De provincie Noord-Brabant heeft een natuurbeheerplan opgesteld. Het natuurbeheerplan is een beleidskader om het Europese, rijks- en provinciale natuur- en landschapsbeleid te realiseren. Het gaat daarbij om bestaande natuurgebieden, gebieden waar nieuwe natuur aangelegd wordt, landbouwgebieden worden ingericht en beheerd volgens agrarisch natuurbeheer en de Natura 2000-gebieden. Het Natuurbeheerplan beschrijft per (deel)gebied welke natuur- en landschapsdoelen nagestreefd worden. Het plan bevat de begrenzing van de natuur- en agrarische natuurgebieden, met name toegespitst op de internationale biodiversiteitsdoelen en de internationale natuurgerichte agromilieu, water en klimaat doelen.

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Het plan is het beleidskader voor het provinciale natuurbeleid en ook voor de implementatie van artikel 28 van het Plattelandsontwikkelingsprogramma (POP3). Het plan is verankerd in de SVNL en SKNL en daarmee kaderstellend voor de SNL-subsidies.

•

Afbeelding 2: ligging Natuurnetwerk Nederland (NNN) en Natura 2000

(bron:

www.geoportaaloverijssel.nl, geraadpleegd op 27/01/2020).

•

Afbeelding 3: ligging plangebied (bron: ruimtelijkeplannen.nl, geraadpleegd op 27/01/2020)

De planlocatie is bestemd als enkelbestemming landschapswaarden’. Er is een bouwvlak aanwezig.

Quickscan soortenbescherming

‘agrarisch

met

waarden

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

-

2.2

Veldonderzoek Op verschillende punten in het plangebied zijn waarnemingen verricht. Tijdens het veldbezoek is het gebied beoordeeld op de aanwezigheid van beschermde soorten en de habitatgeschiktheid voor beschermde soorten. Er is extra aandacht besteed aan de mogelijke aanwezigheid van vleermuizen en vogel(nesten). De ecologische factoren in de omgeving zijn met behulp van een digitale fotocamera vastgelegd. Om de flora en fauna te kunnen determineren, is gebruik gemaakt van eigen kennis en literatuur. •

Quickscan soortenbescherming

Afbeelding 4: straatzijde met houtwal naast stal

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

•

Afbeelding 5: bossages in nabijheid projectlocatie

•

Afbeelding 6: laan met zomereiken

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

•

Afbeelding 7: laan met bossages

•

Afbeelding 8: te splitsen woning

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

•

Afbeelding 9: binnenzijde te splitsen woning

•

Afbeelding 10: ongeïsoleerde zolder te splitsen woning

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

•

Afbeelding 11: binnenzijde te slopen vleeskuikenstal

•

Afbeelding 12: sporen ratten/muizen in lege stal

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

•

Afbeelding 13 en 14: binnenzijde te slopen vleeskuikenstal

•

Afbeelding 15: zijaanzicht te slopen bedrijfsgebouwen

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

•

Afbeelding 16: voor- en zijaanzicht te slopen stallen

•

Afbeelding 17: achtererf

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

•

Afbeelding 18: opening nok te slopen bedrijfsgebouw locatie kerkuil

verblijfplaats kerkuil

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

•

Afbeelding 19: rooster te slopen bedrijfsgebouw

•

Afbeelding 20: uilenballen

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

•

Afbeelding 21: buitenzijde voormalige varkensstal

•

Afbeelding 22: binnenzijde voormalige varkensstal

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

•

Afbeelding 23: te behouden schuur

•

Afbeelding 24: binnenzijde garage (blijft bestaan)

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

•

Afbeelding 25: caravanstalling in bestaande schuur

•

Afbeelding 26: caravanstalling in bestaande schuur

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

•

Afbeelding 27: houtopslag in voormalige varkensstal

•

Afbeelding 28: binnenzijde voormalige varkensstal

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

•

Afbeelding 29: dak van voormalige varkensstal

Flora algemeen Rondom het perceel zijn woningen aangetroffen. Het gebied rondom de planlocatie bevat veel wisselende bossages. In de directe nabijheid van de planlocatie bevinden zich de Zomereik, Klimop, de Zwarte Els, de Berk, de Vlier en de Braam. Grondgebonden zoogdieren Binnen het plangebied zijn geen grondgebonden zoogdieren aangetroffen. Wel zijn er diverse sporen van ratten, muizen en katten gezien. Vleermuizen Het plangebied is zeer nauwkeurig beoordeeld op de mogelijke waarde voor vleermuizen. Hierbij is gelet op de geschiktheid van de aanwezige bebouwing als verblijfplaats voor deze dieren: aanwezigheid van spouwgaten en andere openingen in muren en daken, vetstrepen, uitwerpselen en prooiresten bij gevelopeningen. Verblijfsruimte voor vleermuizen hebben specifieke voorwaarden zoals een stabiele temperatuur en het tochtvrij zijn. Bij vleermuizen worden drie verblijfplaatsen onderscheiden; winterverblijven, zomerverblijven en paarverblijven. Aan de winterverblijven worden de hoogste eisen gesteld, daarna de zomerverblijven en tenslotte de paarverblijven, waarbij de vleermuizen een zeer korte tijd op een bepaalde locatie kunnen verblijven. Er zijn in en om de stallen geen sporen (vetstrepen, uitwerpselen, prooiresten) aangetroffen. De te slopen bebouwing is niet geïsoleerd en is daardoor geen geschikte verblijfsplaats voor vleermuizen.

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Vogels Tijdens het bezoek is met name gelet op de aanwezigheid van nesten en rustplaatsen voor vogels. Er zijn vogels gezien en gehoord, namelijk Koolmezen, Merels, Vinken, Houtduiven, Kraaien en Grauwe ganzen. •

Tabel 1: overzicht waargenomen vogels

Soort Koolmees Merel Vink Kauwen Kraaien Houtduif Grauwe gans

In het te slopen bedrijfsgebouw (pluimveestal, zie afbeelding 18) zijn sporen van een kerkuil aangetroffen. Hier en daar rondom de verblijfsplaats van de kerkuil liggen uilenballen. Ook zijn er krijtsporen aangetroffen. Daarnaast zijn er in de te slopen bedrijfsgebouwen spreeuwennesten aanwezig. Er zijn geen (nesten van) mussen aangetroffen. •

Tabel 2: overzicht waargenomen vogelnesten

Soort Kerkuil (categorie indeling nestbescherming: 3) Spreeuw (categorie indeling nestbescherming: 5) Uitleg bij tabel: Categorie 1:

Jaarrond gebruikte nesten (steenuil)

Categorie 2:

Zeer honkvaste koloniebroeders of afhankelijk bebouwing

Categorie 3:

Zeer honkvaste broeders of afhankelijk bebouwing (geen kolonie)

Categorie 4:

Vogels die ieder jaar terugkeren naar specifiek nest

Categorie 5:

Honkvaste broeders, maar voldoende flexibel

Reptielen, amfibieën en vissen Er zijn tijdens het terreinbezoek geen reptielen, amfibieën en/of vissen waargenomen. Overige Van de overige soortgroepen, zoals dagvlinders, insecten en libellen, kan zoals te zien in bijlage 1, worden aangenomen dat deze soorten gedurende het jaar in het plangebied aanwezig kunnen zijn of dit gebied in de migratieroute hebben liggen. Afhankelijk van het seizoen zijn mogelijk algemene soorten te vinden op/of binnen de planlocatie. Specifieke beschermende soorten zijn voornamelijk afhankelijk van specifieke terreinkenmerken met specifieke biotopen. Binnen het plangebied is een dergelijk biotoop niet aanwezig.

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

2.3

Effecten van de ingreep De effecten op beschermde soorten zijn onderzocht op basis van het voornemen binnen het plangebied. Flora algemeen Er is geen bijzondere flora aangetroffen binnen het plangebied, negatieve effecten zijn uitgesloten. Grondgebonden zoogdieren Verstoring van algemene zoogdieren vindt niet plaats. Verblijfplaatsen van beschermde zoogdiersoorten zijn ter plaatse niet aangetroffen. Vleermuizen Er zijn geen sporen van vleermuizen aangetroffen waaruit blijkt dat de gebouwen als verblijfplaats worden gebruikt. Nader onderzoek in het kader van de soortenbescherming is niet noodzakelijk. Vogels Door de voorgenomen ingreep worden de Spreeuwennesten en het nest van de Kerkuil aangetast. Het nest van de kerkuil valt onder nestbeschermingscategorie 3, waardoor er mogelijk een ontheffing moet worden aangevraagd volgens artikel 3.1 en 3.3 van de Wet natuurbescherming bij het bevoegd gezag. In het plan van aanpak (bijlage 3) zijn de richtlijnen volgens het kennisdocument kerkuil van Bij 12 toegepast. Reptielen, amfibieën en vissen Er zijn geen reptielen, amfibieën en/of instandhoudingsdoelstellingen komen niet in het gedrang.

vissen

waargenomen.

De

Overige Omdat er geen geschikt biotoop is waargenomen voor overige beschermde soorten, zijn negatieve effecten uitgesloten. Nader onderzoek is niet noodzakelijk.

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Hoofdstuk 3

3 Conclusie en aanbevelingen Het natuuronderzoek is gebaseerd op inventarisatiegegevens van derden, literatuuronderzoek en een verkennend veldbezoek aan het plangebied. Het beeld dat uit het onderzoek naar voren is gekomen vormt voldoende basis om gefundeerd uitspraken te doen over de gevolgen van de voorgenomen werkzaamheden voor beschermde soorten en gebieden.

3.1

Conclusie Voor de bepaling van de effecten en voor de beantwoording van de vraag of men in strijd komt met de Wet natuurbescherming, wordt de relatie gelegd tussen het initiatief met deze wet door waar mogelijk antwoord te geven op de volgende vragen: 1. Welke wettelijk beschermde soorten komen in het plangebied voor? Welke status hebben deze soorten? 2. Welke invloed heeft de geplande ingreep in het betreffende gebied op de beschermde soorten en de staat van instandhouding? 3. Hoe dient omgegaan te worden met eventuele negatieve effecten van het plan op wettelijk beschermde planten- en diersoorten, en welke vervolgstappen zijn nodig? Het voornemen zoals opgenomen in de inleiding opgenomen en de daarbij behorende werkzaamheden, zal naar verwachting geen negatief effect hebben op staat van instandhouding van beschermde soorten. Binnen het plangebied zijn geen (verblijfplaatsen van) strikt beschermde soorten aangetroffen die door de werkzaamheden worden beïnvloed. Uit de effectenbeschrijving blijkt dat er nagenoeg geen onevenredige directe of indirecte gevolgen zijn van de voorgenomen activiteiten op de voortplanting en instandhouding van beschermde dier- en/of plantsoorten. Lokaal zullen mogelijk algemene soorten uit het plangebied trekken op zoek naar een vervangende biotoop.

De verblijfsplaats van de kerkuil en de nesten van de Spreeuwen bevinden zich in de te slopen bebouwing. De nestkast ten behoeve van de kerkuil is voor het broedseizoen opgehangen. De nestkast is geplaatst op de in het plan van aanpak (bijlage 4) weergegeven locatie. De gebouwen worden buiten het broedseizoen gesloopt. Voor aanvang van de werkzaamheden, dient derhalve geen aanvullende onderzoek plaats te vinden. Een ontheffing met betrekking tot aantasting van beschermde soorten is mogelijk niet nodig. Er wordt namelijk een nestkast ten behoeve van de kerkuil voor het broedseizoen opgehangen. De werkzaamheden kunnen leiden tot een beschadiging of vernietiging van mogelijke verblijfplaatsen en/of verstoring van eventueel aanwezige algemene soorten. Een algehele vrijstelling op basis van de Verordening natuurbescherming voor ruimtelijke ontwikkelingen is hierop van toepassing. De algemene zorgplicht blijft onverminderd van toepassing.

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Literatuur • • • • • •

• • • • • • • • • • • • • • • •

Broekhuizen, S., Hoekstra, B., Laar, van, V., Smeenk, C. & Thissen, J.B.M., 1992 Atlas van de Nederlandse zoogdieren. Stichting uitgeverij van de KNNV, Utrecht. Europese Gemeenschappen, Richtlijn no 92/409 inzake het behoud van de vogelstand. Brussel, 1979. Europese Gemeenschappen, Richtlijn no 92/43 inzake instandhouding van de natuurlijke habitat en de wilde flora en fauna. Brussel, 1992. Wet natuurbescherming Provinciale Verordening (Wet) natuurbescherming Vastgesteld d.d. 25 mei 1998 Staatsblad d.d. 14 juli 1998, nr. 402. Hollander, H., & Geest, van der, P., 1994. Rode-Lijst van bedreigde zoogdieren in Nederland. Red data book of threatened mammals in the Netherlands. Vereniging voor Zoogkunde en Zoogdierbescherming, Utrecht. Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, Ministerie van Volkshuisvesting. Ruimtelijke Ordening en milieu, 2004. Nota Ruimte. Bij12 Kennisdocument kerkuil versie 1.0 juli 2017 De Nederlandse libellen, Nederlandse Fauna, deel 4 Nationaal historisch museum, KNNV uitgeverij (2002) Vereniging voor Zoogdierkunde en Zoogdierbescherming (VZZ) Vleermuizen en planologie, Zoogdiervereniging (2010) Beleidsregels ten behoeve van passieve soortenbescherming Wnb Limburg Wet natuurbescherming. Vastgesteld d.d.

1 januari 2017 www.waarneming.nl www.synbiosys.alterra.nl www.ravon.nl www.sovon.nl www.google.nl www.ndff.nl www.floron.nl www.effectenindicator-soorten.nl www.ecologica.eu

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Bijlage

1 Waarnemingen

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Bijlage

2 Effecten indicator soorten

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Bijlage

3 Bestaande en beoogde situatie

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Bijlage

4 Verblijfsplaats kerkuil; plan van aanpak locatie nestkast

verblijfsplaats kerkuil

afstand verblijfsplaats kerkuil en bestaande nestkast Damianenweg 12 te Sint-Oedenrode (+/- 400 meter)

locatie bestaande nestkast Damianenweg 12 te Sint-Oedenrode

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

Aanleiding en resultaten ecologische inventarisatie Op dinsdag 28 januari 2020 is de locatie (Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode) tussen 9:00 en 10:00 uur ter plaatse geïnventariseerd en zijn de resultaten van het veldonderzoek beschreven in de Quickscan Flora & Fauna. Het veldonderzoek was noodzakelijk om te voorkomen dat als gevolg van de voorgenomen ingreep beschermde dier- en plantensoorten zouden verdwijnen. De plannen omvatten (in het kader van ruimte-voor-ruimte) de sloop van bedrijfsgebouwen, behalve de schuur achter het woonhuis en de bouw/splitsing van woningen. Tijdens het veldonderzoek is in een van de te slopen stallen een verblijfsplaats aangetroffen van de kerkuil (Tyto alba). Onderstaande afbeeldingen zijn foto’s gemaakt tijdens het veldonderzoek. Hieruit blijkt dat het voormalige bedrijfsgebouw als verblijfsplaats dient voor de kerkuil. Er zijn namelijk krijtsporen en uilenballen gevonden.

Probleemstelling Tijdens het veldonderzoek is in een van de te slopen stallen een verblijfsplaats aangetroffen van de kerkuil (Tyto alba). Een nest van de kerkuil is opgenomen op de lijst van beschermde nesten. Voor het verstoren van de verblijfsplaats van de kerkuil dient mogelijk een ontheffing aangevraagd te worden zoals beschreven in artikel 3.1 en 3.3 van de Wet natuurbescherming. Maatregelen In de nabijheid van de projectlocatie (zie afbeelding 1) is op 15 februari 2020 een nestkast opgehangen. Het kerkuilennest in de te slopen stal wordt direct in augustus, na het broedseizoen verwijderd, waarna een aantal maanden later het gebouw gesloopt wordt. Deze gewenningsperiode moet voldoende zijn. Wanneer het nest wordt verwijderd, wordt ook direct het isolatiemateriaal verwijderd. Dit maakt het gebouw ongeschikt als verblijfsplaats voor de kerkuil. Op Damianenweg 12 hangt tevens een nestkast voor kerkuilen. De nestkast hangt in een half open loods (zie afbeelding 2). De afstand van de projectlocatie tot Damiamenweg 12 is ongeveer 400 meter.

Algemeen belang De te slopen stal is vervuild met asbest. Het is van belang voor de volksgezondheid dat op korte termijn het gehele perceel asbestvrij wordt gemaakt. Effecten habitat De huidige locatie biedt goede mogelijkheden voor het voorkomen van muizen binnen de inrichting, er zijn immers veel schuilmogelijkheden en voldoende voedsel in de bossages in de nabijheid van de projectlocatie. Er is veel erfbeplanting aanwezig binnen de inrichting. Deze beplanting levert een prima

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

habitat op voor diverse muissoorten die als voedsel kunnen dienen voor de kerkuilen. Daarnaast wordt het gebied rondom de inrichting niet aangetast.

1: Locatie nestkast binnenzijde te behouden schuur

2: Locatie nestkast Daminanenweg 12

3: Voorbeeld geplaatste kerkuilenkast

Quickscan soortenbescherming

Damianenweg 24 te Sint-Oedenrode

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meierijstad&id=4339d57a-6d44-45d8-8637-f4fdd3bee04b