CConstaterende datMeierijstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 - Beeldkwaliteitsplan BP Bolst Noord

Raadsvergadering 18 september 2025, gemeente MeierijstadBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan ‘Bolst Noord’ en vaststelling beeldkwaliteitsplan 'Bolst Noord' Erp11.469 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Beeldkwaliteitsplan De Bolst Noord

39

Referentiebeelden | Wonen aan het lint Wilbert Kerkhofstraat Luchtfoto De Bolst (Slagboom en Peeters luchtfotografie, 2024).

Eenvoudige kapvorm en variatie in kleurgebruik. Kleur is afgestemd en verwant aan bestaande bebouwing langs het lint.

Dorpse bebouwing, subtiele verbijzonderingen (dakkapel)

Tweekapper met lage goot

40

Beeldkwaliteitsplan De Bolst Noord

Baksteen als hoofdmateriaal, riet/pannen als dakbedekking.

Dorpse bebouwing, variatie in dakrichtingen

Eenvoudige kapvorm en hoofdbouwmassa.

Referentiebeeld Wilbert Kerkhofstraat dorpslint.

Wilbert Kerkhofstraat

Beeldkwaliteitsplan De Bolst Noord

41

3.3.3 Wonen in het park Verhaal en sfeer

P

Met de voeten in het park, dát is wat ‘Wonen in het park’ betekent. Wie de voordeur uitstapt staat direct in het park. De private ruimte voor de woning beperkt zich dan ook tot een stoepje of een annex bij de woning . Aan de voorzijde worden de woningen ontsloten via gebundelde doorsteekjes die aansluiten op het primaire pad. Dat betekent dat er nooit een auto voor de deur staat die het uitzicht belemmerd. P

Fase 5

P

Eenduidig kleurgebruik binnen het opgegeven kleurenpallet is noodzakelijk, waardoor de individualiteit van de verschillende woningen niet wordt benadrukt. Er mag geen totaal afwijkende woning gerealiseerd worden. Wel is er incidenteel ruimte voor een afwijking bij wijze van accent, maar dan wel binnen het kleurenpallet1.

Fase 4

Fase 3

Situering en massa

De toekomstige bebouwing bestaat hoofdzakelijk uit aaneengebouwde woningen en enkele twee-aaneengebouwde woningen. Belangrijk is dat deze een strakke, duidelijke parkwand vormen. De rooilijn is dan ook de begrenzing van het park en begeleidt daarmee de ruimte. De woningen staan allemaal op 1 meter uit de perceelsgrens en richten zich primair richting het park. De zone tussen woning en park wordt voorzien van een uniforme ‘bies’, bijvoorbeeld in de vorm van een stoepje, of glazenwassersstrook die de woningen met elkaar verbindt en voor extra samenhang zorgt. De woningen mogen niet als losse doosjes vormgegeven worden, maar hebben een eenvoudig hoofdvolume dat leest als één geheel. Hoekpercelen kennen een tweezijdige oriëntatie; primair op het park en secundair op de overige openbare ruimte. De bebouwing bestaat uit maximaal twee bouwlagen en is altijd voorzien van een kap. De kapvorm is eenvoudig, zoals een zadeldak. Variatie in de kaprichting is mogelijk, om afwisseling in de bebouwingswand te creëren. Bij rijwoningen zijn dwarskappen als accent mogelijk en - bij rijen langer dan 4 aaneengebouwde woningen - zelfs wenselijk om de lengte van het bouwblok te doorbreken. Ook de toepassing van architectonische accenten, zoals mee-ontworpen dakkapellen of overkapte buitenruimtes aan de parkzijde, kunnen hieraan bijdragen. Verspringingen in de gevels zijn niet toegestaan.

Verder moeten de voordeuren gebundeld worden ten behoeve van het minimaliseren van het aantal doorsteekjes die het groen doorbreken.

Architectonische uitwerking

De samenhang in de parkwand wordt voor een belangrijk deel gewaarborgd door het consequent toepassen van één hoofdmateriaal voor de gevels en keramische pannen als dakbedekking. Het hoofdmateriaal voor de gevels mag ofwel baksteen of hout zijn. Hierdoor ontstaat eenheid in de parkwand, wat bijdraagt aan het idee van een strakke parkwand en samenhang binnen de woonsfeer. 42

Beeldkwaliteitsplan De Bolst Noord

Parkeren

Omdat de woningen aan de parkzijde worden ontsloten via het primaire pad, wordt parkeren aan de achterzijde opgelost. Dat kan in parkeerkoffers achter of tussen de woningen, maar ook op eigen terrein in de achtertuin. De auto wordt daarmee zoveel mogelijk aan het directe zicht onttrokken. Bij de twee-aaneengebouwde woningen aan de noordrand wordt gebruik gemaakt van parkeerplaatsen in de achtertuin die via een inrit aan het lint van de Wilbert Kerkhofstraat zijn te bereiken.

Erfafscheiding

Voor zover aan de voorzijde van de woning sprake is van een erfafscheiding, bestaat deze uit een voorruimte van 1m op eigen terrein, bijv. een strook voor glazenwassers, verbindend stoepje of pottenstrook. Bij de overige overgangen tussen openbaar en privé is het noodzakelijk dat de erfafscheiding wordt meeontworpen. Verder is de achterzijde vaak ook belangrijk voor de ontsluiting van de woning aangezien er aan deze zijde geparkeerd wordt. Vandaar dat het cruciaal is dat de erfafscheidingen aan de achterzijde worden mee-ontworpen. Voorbeelden hiervan zijn het toepassen van een pergolaconstructie, kastanje houten hekwerk met begroeiing of een robuuste haag. Zie hiervoor ook de algemene richtlijnen die zijn omschreven in hoofdstuk 2, paragraaf “Erfafscheidingen” op pagina 15. Wanneer er een zijdelingse erfafscheiding grenst aan het park of lint dan moet dit robuust groen zijn, dus een haag die eventueel versterkt wordt door hekwerk aan de binnenzijde. Hierbij mag het hekwerk niet zichtbaar zijn vanuit de openbare ruimte. In paragraaf 3.1 wordt nader ingegaan op de algemene eisen aan de erfafscheidingen. Ook is aandacht nodig voor de beeldkwaliteit van de koppen. Hier kan bijvoorbeeld een mee-ontworpen muur gerealiseerd worden die het idee van de parkwand versterkt. Dit kan de samenhang in het park versterken.

1 Zie paragraaf “Materialisering en kleurgebruik” op pagina 14 voor het geldende kleurenpalet.

Beeldkwaliteitsplan De Bolst Noord

43

Tabel | Wonen in het park

Beeldkwaliteitscriteria

Toelichting criteria

Situering Rooilijn

• De rooilijn volgt het park en is strak.

Afstanden

• Afstand woning tot voorste perceelsgrens: 1m. • Afstand hoofdbouwmassa rijwoningen tot zijdelingse perceelsgrens: min. 1,5m. • Afstand hoofdbouwmassa twee-aaneenwoningen tot zijdelingse perceelsgrens: min. 5m. • Verspringingen tussen woningen onderling: 0m.

Oriëntatie

• De woningen zijn primair op het park en het primaire pad van het park georiënteerd. • Woningen op hoekpercelen kennen een meerzijdige oriëntatie: primair richting het park, secundair richting de overige openbare ruimte. • Geen blinde gevels.

Positionering

• Woningen begeleiden de groene ruimte en vormen een heldere begrenzing van het park.

Massa Bouwmassa

• Eigentijdse bebouwing, overwegend bestaande uit rijen aaneengebouwde woningen. Kan afgewisseld worden door vrijstaande en/of twee-aaneengebouwde woningen.

Bouwhoogte

Gewenste uitstraling: • Maximaal twee bouwlagen, altijd voorzien van een kap. • Goothoogte op max. 6,5m. • Nokhoogte op max. 12m.

Kapvorm en -richting

• Eenvoudige kapvorm. Alleen langskappen worden toegepast, zoals een (assymetrische) zadeldak. Schilddaken zijn niet toegestaan. • Bij rijwoningen zijn dwarskappen als accent mogelijk en bij rijen langer dan 4 aaneengebouwde woningen zelfs wenselijk. • Op hoeken en beeldbepalende plekken moet gekozen worden voor een zadeldak en een sterke kopgevel. Dit geeft richting en markeert een plek. • De kaprichting mag variëren. • De kaphelling bedraagt minimaal 35° en maximaal 55°.

Architectonische uitwerking

44

Gevelindeling

• Gevelbeeld waarbij de woningen familie van elkaar zijn. • Het hoofdvolume is dominant en leest als één geheel. • Er is een mee-ontworpen (overdekte) buitenruimte aan de parkzijde.

Plasticiteit

• Voor het realiseren van de harde parkwand en het voorkomen van restruimtes is het niet toegestaan verspringingen in de voorgevels aan te brengen. Ook niet om de lengte van rijwoningen te doorbreken. • Bij twee-aaneengebouwde woningen is wel variatie en plasticiteit in gevelsteenverband mogelijk. Echter moet het lezen als een eenvoudig bouwvolume. • Toepassing van architectonische accenten mogelijk, zoals topgevels (bij rijwoningen), mee-ontworpen buitenruimte en verspringingen in de goothoogte (tot max. 1m verschil).

Beeldkwaliteitsplan De Bolst Noord

Tabel | Wonen in het park

Beeldkwaliteitscriteria

Toelichting criteria

Detaillering

• Aandacht voor subtiele accenten is mogelijk wanneer de accenten geen afbreuk doen aan de architectonische samenhang.

Materilisering en kleurgebruik Materiaalgebruik

• Er moet samenhang in de harde parkwand zijn. Dit wordt bereikt door gebruik van één hoofdmateriaal voor de gevels en keramische pannen als dakbedekking. Het hoofdmateriaal voor de gevels mag ofwel baksteen of hout zijn. Zo wordt één gecreëerd.

Kleurgebruik

• Eenduidig kleurgebruik, uit het kleurenpallet, waarbij per parkwand een duidelijke basiskleur aanwezig is. Er mag geen totaal afwijkende woning gerealiseerd worden. Wel is er incidenteel ruimte voor een afwijking bij wijze van accent, maar dan wel binnen het kleurenpallet.

Overig Erfafscheiding

• Het park loopt door tot de voorgevel, waar het door de harde parkwand onderbroken wordt. Om dit effect te versterken is de erfafscheiding aan de voorzijde een een verbindend stoepje of een pottenstrook. • Overige overgangen tussen openbaar en privé hebben een mee-ontworpen erfafscheiding, tot max. 2m hoog. Voorbeelden hiervan zijn het toepassen van een pergolaconstructie, kastanje houten hekwerk met begroeiing of een robuuste haag. • Wanneer er een zijdelingse erfafscheiding grenst aan het park of lint dan moet dit robuust groen zijn, dus een haag (die eventueel versterkt wordt door hekwerk aan de binnenzijde). Hierbij mag het hekwerk niet zichtbaar zijn vanuit de openbare ruimte. • Aandacht nodig voor de beeldkwaliteit van de koppen. Hier kan bijv. een mee-ontworpen muur gerealiseerd worden die het idee van de parkwand versterkt. Dit kan de samenhang in het park versterken.

Bergingen

• Voor twee-aaneengebouwde woningen losstaand van bebouwing of opgenomen in de hoofdmassa. • Voor rijwoningen moeten de bergingen mee-ontworpen worden met de erfafscheiding en afstand berging tot achterste perceelsgrens: min. 1m, zodat de erfascheiding door kan lopen of berging onderdeel laten zijn van het ensemble aan erfafcheidingen.

Parkeren

• Aan de achterzijde: op eigen terrein of in parkeerkoffers.

Openbare ruimte

• Voor de inrichting van het park geldt dat de bestaande beeldkwaliteit uit fases 3, 4 en 5 wordt doorgezet • Algemene eisen die worden gesteld aan de openbare ruimte van het park staan beschreven in hoofdstuk 2, paragraaf “Park” op pagina 23

Duurzaamheid

• De duurzaamheidseisen en -ambities staan beschreven in hoofdstuk 2, paragraaf 2.3 “Duurzaamheids ambities” op pagina 25

Beeldkwaliteitsplan De Bolst Noord

45

Referentiebeelden | Wonen in het park

46

De woningen worden aan de voorzijde ontsloten door een pad.

Bebouwing in twee bouwlagen, altijd met een kap.

De woningen staan met de voeten in het park.

Beperkte private ruimte aan parkzijde.

Wonen aan een grote groene ruimte. Het park biedt ruimte voor sport, spel en bewegen

Mee-ontworpen buitenruimte aan het park.

Sterke kopgevel op markante hoeken met een mee-ontworpen erfafscheiding.

Dwarskap als accent om de lengte te doorbreken.

De bebouwing begeleidt de groene ruimte.

Beeldkwaliteitsplan De Bolst Noord

Beeldkwaliteitsplan De Bolst Noord

47

3.3.4 Wonen aan het landschap Verhaal en sfeer

P

De woonsfeer ‘Wonen aan het landschap’ heeft betrekking op de twee vrijstaande woningen in de overgang van Bolst Noord naar Oudveld (het buitengebied). Voor nieuwe ontwikkelingen wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de bestaande karakteristieken van Oudveld. Oudveld heeft een overwegend groen karakter, met karakteristieke laanbeplanting aan weerszijden van de weg. De bebouwing bestaat overwegend uit vrijstaande woningen en (langgevel)boerderijen, die op gepaste afstand van de weg zijn gesitueerd en veel ruimte laten voor groene voortuinen. De woningen zijn overwegend op het omliggende buitengebied georiënteerd. P

Fase 5

P

Fase 4

Erfafscheiding

De erfafscheiding aan de voorzijde van de woning is laag en robuust groen, bijvoorbeeld in de vorm van een haag. Dit versterkt het karakteristieke straatbeeld van een groene berm met bomen. Overige erfafscheidingen voldoen aan de algemene eisen, zoals omschreven in hoofdstuk 2, paragraaf “Erfafscheidingen” op pagina 15.

Fase 3

Situering en massa

De twee nieuwe vrijstaande woningen binnen de woonsfeer ‘Wonen aan het landschap’ bestaan uitsluitend uit vrijstaande woningen en/of boerderijwoningen, waarvan er één zich primair op Oudveld en secundair op het park oriënteert, en de ander een tweezijdige oriëntatie op het park heeft. De woningen worden minimaal 5 en maximaal 8 meter uit de voorste erfgrens gesitueerd. Hierdoor ontstaat ruimte voor een groene voortuin. Zo blijft Oudveld landelijk van karakter en ontstaat er een zachte overgang van het dorpslint (Achterbolst) naar het agrarisch lint (Oudveld). Woningen bestaat uit maximaal één laag en zijn altijd voorzien van een kap. De kapvorm is eenvoudig en sluit aan bij de karakteristiek van het lint. Daarbij moet gedacht worden aan zadeldaken (al dan niet met wolfseind) en schilddaken.

Architectonische uitwerking

In architectuur, kleur- en materiaalgebruik wordt aangesloten bij de reeds aanwezige bebouwing. Baksteen, riet en/of keramische pannen vormen de hoofdmaterialen. Het kleurgebruik is terughoudend en dient verwant te zijn aan de bestaande bebouwing in het lint. Incidenteel is er ruimte voor afwijking van deze architectonische stijl in de vorm van houtbouw en/of houten gevelbekleding.

48

Beeldkwaliteitsplan De Bolst Noord

Parkeren Parkeren wordt ten allen tijde op eigen terrein opgelost. Bezoekers hebben de mogelijkheid te parkeren in de openbare ruimte of in de berm.

Beeldkwaliteitsplan De Bolst Noord

49

Tabel | Wonen aan het landschap

Beeldkwaliteitscriteria

Toelichting criteria

Situering Rooilijn

• Voorgevel is evenwijdig aan de voorste perceelgrens.

Afstanden

• Afstand woning tot voorste perceelsgrens: min.5m, max. 8m. • Afstand hoofdbouwmassa tot zijdelingse perceelsgrens: min. 3m.

Oriëntatie

• De woning aan Oudveld is primair op het agrarische lint geroriënteerd en secundair op het park • De woning aan het park is primair georiënteerd op het park (de wadi) en secundair op de Achterbolst

Positionering

• De woning aan Oudveld begeleidt het agrarisch lint en markeert de entree van De Bolst . • De woning aan het park vormt een heldere begrenzing van het park en begeleidt de overgang naar het buitengebied.

Massa Bouwmassa

• Dorpse bebouwing, bestaande uit vrijstaande of boerderijwoningen. In maat, schaal en korrel aansluitend bij de karakteristiek van Oudveld.

Bouwhoogte

Gewenste uitstraling: • Eén bouwlaag voorzien van een kap. • Goothoogte op 4m. • Nokhoogte op 9m.

Kapvorm en -richting

• Kapvorm is eenvoudig en sluit aan bij de karakteristiek van het lint, bijv. een zadeldak (al dan niet met wolfseind) of een schilddak. • Kaprichting mag variëren. • Kaphelling bedraagt min. 35° en max. 50°.

Architectonische uitwerking Gevelindeling

• Wisselend gevelbeeld, waarbij woningen nooit exact gelijk zijn aan de naastgelegen woningen. Elke woning is uniek. • Verbijzondering van de 'hoekwoningen' met subtiele accenten, zoals erkers, dakranden en uitkragingen.

Plasticiteit

• Geen sterke verspringingen in de voorgevels. In gevelsteenverband is wel variatie en plasticiteit mogelijk.

Detaillering

• Extra aandacht voor subtiele accenten zoals erker, dakkapelen en de afwerking van de dakranden.

Materilisering en kleurgebruik Materiaalgebruik

• Natuurlijke materialen • Baksteen of hout (natuurlijk of zwart) als hoofdmateriaal voor de gevel. • Riet en/of keramische pannen als dakbedekking.

Kleurgebruik

• Terughoudend kleurgebruik. Nadrukkelijk afgestemd en verwant aan de bestaande bebouwing langs het lint.

Overig

50

Erfafscheiding

• Voor zover grenzend aan openbaar gebied: uitsluitend robuuste groene erfafscheidingen, bijv. een haag. Eventueel kan de groene erfafscheiding gecombineerd worden met een hekwerk of gemetselde muur aan de binnenzijde van de erfafscheiding. Dit dient puur ter versterking, vanaf de openbaar toegankelijke ruimte gezien is de erfafscheiding groen. • Erfafscheiding aan de voortuin is max. 1m hoog. • Erfafscheiding aan de zij- en achterkant is max. 2m hoog.

Bergingen

• Los staand van bebouwing of opgenomen in de hoofdmassa. • Bergingen en overige bijgebouwen zijn ondergeschikt aan de hoofdbouwmassa.

Parkeren

• Op eigen terrein. De minimumeis hiervoor is een brede oprit, waarop 2 auto’s naast elkaar kunnen parkeren. • Bezoekers kunnen parkeren in de berm of in parkeervakken.

Openbare ruimte

• Algemene eisen die worden gesteld aan de openbare ruimte van het park staan beschreven in hoofdstuk 2, paragraaf “Park” op pagina 23

Duurzaamheid

• De duurzaamheidseisen en -ambities staan beschreven in hoofdstuk 2, paragraaf 2.3 “Duurzaamheids ambities” op pagina 25

Beeldkwaliteitsplan De Bolst Noord

Referentiebeelden | Wonen aan het landschap

Referentiefoto van een agrarisch dorpslint.

Eén of twee bouwlagen, altijd voorzien van een kap.

Wisselend gevelbeeld, waarbij woningen nooit exact gelijk zijn aan de naastgelegen woningen. Elke woning is uniek.

Kapvorm is eenvoudig en sluit aan bij de karakteristiek van het lint, bijv. een zadeldak of een schilddak.

Extra aandacht voor subtiele accenten zoals erker, dakkapelen en de afwerking van de dakranden.

Robuust groene erfafscheidingen.

Luchtfoto van het dorpslint Voorbolst in Erp. Elke woning is uniek. Nieuwe bebouwing moet in maat, schaal en korrel aansluiten bij deze karakteristiek (Slagboom en Peeters luchtfotografie, 2022).

Beeldkwaliteitsplan De Bolst Noord

51

Afbeelding 8. Luchtfoto De Bolst (Slagboom en Peeters luchtfotografie, 2024).

52

Beeldkwaliteitsplan De Bolst Noord

4

Begrippenlijst

Annex Mee-ontworpen buitenruimte bij de woning die vaak overdekt is. Deze buitenruimte is een stoepje/vlonder onder een kap of mee-ontworpen afdakje. Levensloopbestendige woning Een woning met een volledig woonprogramma op de begane grond en maximaal een extra slaapkamer op de eerste verdieping. Vaste planten Vaste planten zijn een niet-houtige, overblijvende planten, die meer dan eenmaal tijdens hun levensduur kunnen bloeien en langer dan twee jaar leven. Sommige planten blijven groen, maar meestal sterven ze in het najaar bovengronds af en trekken ze zich ondergronds terug voor hun winterslaap. Vaste planten vormen boven de grond ieder jaar nieuwe stengels, bladeren, bloemen en zaden. In het voorjaar komen ze groter en krachtiger terug, zo zorgen ze ieder jaar voor lang tuinplezier. Bron: https://www.homeandgarden.nl/vaste-planten-wat-zijn-dat/

Voorgevelrooilijn De denkbeeldige lijn die strak loopt langs de voorgevel van een gebouw tot aan de perceelsgrenzen. De voorgevelrooilijn ligt in lijn met de naastgelegen bebouwing en wordt door de gemeente vooraf bepaald. In het geval van ‘wonen aan het lint’ betekend dit concreet dat de voorgevel de gevel is die op het lint georiënteerd is. Wanneer de voordeur zich bijvoorbeeld in de zijgevel bevindt, veranderd dit hieraan niets. Voortuin Tuingedeelte dat zich tussen de voorgevel en de openbare ruimte bevindt, met uitzondering van het gedeelte tussen de openbare weg en de garage/berging. Hierbij wordt aangesloten op de begrippen achtererfgebied en voorerfgebied uit het geldende bestemmingsplan.

Beeldkwaliteitsplan De Bolst Noord

53

BEELDKWALITEITSPLAN

De Bolst Noord Juli 2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meierijstad&id=29dff029-8d63-4661-bf9f-063de0bb9f0e