Bijlage 3: Zienswijze Bp Buitengebied Sint-Oedenrode herziening Hoogeind 7
Tekst van het document
Brabantlaan 1 Postbus 90151 5200 MC ’s-Hertogenbosch Telefoon (073) 681 28 12
Gemeente Meierijstad Postbus 10001 5460 DA VEGHEL
Fax (073) 680 76 80 www.brabant.nl IBAN NL86INGB0674560043
Bereikbaarheid openbaar vervoer en fiets: www.brabant.nl/route
Datum
29 maart 2023 Ons kenmerk Onderwerp
Zienswijze ontwerp-bestemmingsplan ‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogeind 7’
C2311734/5245922 Uw kenmerk
Contactpersoon
A.M.W. (Annemarie) Schellekens Telefoon Email
Geachte raad,
ASchellekens@brabant.nl Bijlage(n)
Het ontwerp-bestemmingsplan ‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogeind 7‘ ligt tot en met 29 maart 2023 ter inzage. Op grond van artikel 3.8, van de Wet ruimtelijke ordening, dienen wij hierbij zienswijzen in tegen dit bestemmingsplan. Planbeschrijving
Het ontwerp Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogeind 7 voorziet in de beëindiging van tuinbouwbedrijf, waarbij de bedrijfswoning wordt omgeschakeld naar de bestemming ‘Wonen’ en 300 m 2 aan bijgebouwen wordt toegestaan. Vooroverleg
Het plan is niet aan voorgelegd voor vooroverleg. Vanuit de provincie kon dus nog niet eerder gereageerd worden op dit plan. Provinciaal beleidskader
Het provinciaal ruimtelijk beleid is vastgelegd in de Brabantse Omgevingsvisie en de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (IOV). Op 11maart 2022 hebben Provinciale Staten de Omgevingsverordening Noord-Brabant vastgesteld die gelijktijdig met de Omgevingswet inwerking zal treden. Daarnaast is op 15 april 2022 de wijziging Interim omgevingsverordening – actualisatie april 2022 in werking getreden. Hierin zijn een aantal thema’s opgenomen en wijzigingen
-
aangebracht ten opzichte van de geldende Interim omgevingsverordening. De omgevingsvisie en omgevingsverordening zijn te raadplegen via www.brabant.nl/interimomgevingsverordening.
Datum
29 maart 2023 Ons kenmerk
C2311734/5245922 Inhoudelijk standpunt
Wij zijn van mening dat het plan nog niet voldoet aan de Interim omgevingsverordening. Hieronder geven wij aan op welke onderdelen nog een nadere onderbouwing en aanpassing nodig is.
Kwaliteitsverbetering landschap De keuze voor de wijze waarop landschappelijke inpassing wordt ontworpen, dient te worden gemotiveerd vanuit een landschappelijke visie op het gebied. Hiervoor kan gemeentelijk beleid gebruikt worden. Het dient echter logisch en helder te zijn wat de inhoud is van de landschappelijke inpassing. Die dient bovendien te worden geborgd in de regels. Tevens zal de landschappelijke inpassing concreet benoemd dienen te worden met soorten, plantomvang, oppervlakten, lengtes en breedtes. Een inpassingsplan dient duidelijk en handhaafbaar te zijn. Wij constateren dat een landschapsanalyse ontbreekt bij de landschappelijke inpassing. Daarnaast is een landschappelijke inpassing opgesteld, waarbij uitgegaan wordt van de bestaande structuren/erfinrichting en geen nieuwe inpassing wordt toegevoegd. Op de verbeelding wordt een deel van de inpassing tot ‘Groen’ bestemd en een ander deel niet. Onduidelijk is waarom gekozen wordt het ene deel binnen de groenbestemming en het andere deel binnen de woonbestemming te leggen. In de bestemming ‘Groen’ ontbreekt daarnaast de voorwaardelijke verplichting om de landschappelijke inpassing als zodanig in te richten maar ook vooral duurzaam in stand te houden. Gelet op bovenstaande verzoeken wij u de landschappelijke inpassing aan te passen en aan te vullen.
Ook willen wij u vragen de regels aan te passen en aan te vullen om de landschappelijke inpassing toereikend te beschermen.
Cultuurhistorische waarden De gronden zijn gelegen in het cultuurhistorisch waardevol gebied. Dit wordt in de toelichting uitgebreid beschreven. De bescherming in de regels is daarentegen ontoereikend. Vooral de bescherming voor het uitvoeren van werkzaamheden wordt gemist. Om die reden vragen wij u de regels betrekking tot de cultuurhistorische waarden nog aan te vullen.
2/3
Datum
Conclusie
29 maart 2023
Wij verzoeken u om de onderdelen van het plan die nog niet in overeenstemming zijn met de Interim-Omgevingsverordening aan te passen. Mocht onze reactie aanleiding geven tot vragen of opmerkingen dan zijn wij graag bereid tot nader overleg.
Ons kenmerk
C2311734/5245922
Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant, namens deze,
P.M.A. van Beek, projectleider Uitvoering Wro
In verband met geautomatiseerd verwerken is dit document digitaal ondertekend.
3/3