CConstaterende datMeierijstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Rapport Beleid en Beheerplan Civieltechnische kunstwerken

Raadsvergadering 5 maart 2026, gemeente MeierijstadBij agendapunt: Vaststelling beleid- en beheerplan civieltechnische kunstwerken 2026-20302.674 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beleid- en Beheerplan Civieltechnische kunstwerken 2026-2030 GEMEENTE MEIERIJSTAD

Ondertekend op: 21-01-2026 11:47 Ondertekend door: Sander Verhagen Locatie: UNKNOWN Reden: UNKNOWN

INHOUD BELEID EN BEHEERPLAN BELEID EN BEHEERPLAN CIVIELTECHNISCHE KUNSTWERKEN 2026-2030 ____________________________________1 1.

INLEIDING EN AANLEIDING ______________________________________________________________________________3

DEEL A. BELEIDSUITGANGSPUNTEN ____________________________________________________________________4 2. 3.

AMBITIES __________________________________________________________________________________________4 BEHEERSTRATEGIE EN BEHEERUITGANGSPUNTEN _____________________________________________________________5

DEEL B. BEHEERPLAN ________________________________________________________________________________7 4. TERUGBLIK VOORGAANDE JAREN _________________________________________________________________________7 5. AREAAL ___________________________________________________________________________________________7 6. FINANCIËN _________________________________________________________________________________________8 BIJLAGE 1: WETTELIJK EN GEMEENTELIJK KADER ________________________________________________________________11

1. Inleiding en aanleiding 1.1 Aanleiding De gemeente Meijerijstad heeft een Beheerstrategie Civiele Kunstwerken uit 2019. Op basis van de meest recente inspecties is dit Beleid- en Beheerplan opgesteld met een looptijd van 2026-2030.

1.2 Doelstelling De doelstelling van dit rapport is het ontwikkelen van een Beleid- en Beheerplan voor civieltechnische kunstwerken voor de periode 2026-2030, inclusief de bijbehorende beleidsuitgangspunten. Deze strategie beschrijft de ambitie van de gemeente Meierijstad voor het beleid en beheer van civiele kunstwerken en legt eenduidige uitgangspunten vast voor inrichting, onderhoud en financiële systematiek. Het plan sluit aan bij het IVOR (Integrale Visie Openbare Ruimte) en het IBOR (Integraal Beheerplan Openbare Ruimte), waarbij ook de beleidskaders rond participatie, leefbaarheid, duurzaamheid en gezondheid worden meegenomen. In dit plan worden de kaders vastgelegd en vervolgens uitgewerkt op tactisch niveau.

1.3 Leeswijzer Het plan valt uiteen in een beleids- en een beheerdeel. Het beleidsdeel gaat over ambitie (hoofdstuk 2) en beheerstrategie en beheeruitgangspunten. Het beheerdeel blikt terug (hoofdstuk 4), beschrijft in hoofdstuk 5 het areaal, en in hoofdstuk 6 worden de financiën uitgewerkt.

Deel A. Beleidsuitgangspunten De beleidsuitgangspunten voor civiele kunstwerken geven de richting aan waarop het beheer gebaseerd wordt. De beleidsuitgangspunten vallen in twee delen uit een: hoofdstuk 2 gemeentelijke ambities en Hoofstuk 3 Beheerstrategie en beheeruitgangspunten. Alle beleidsuitgangspunten zijn gebaseerd op landelijk en gemeentelijk beleid.

2. Ambities De ambities zijn in lijn met het Duurzaamheidsbeleid, de Toekomstvisie Meierijstad, het IVOR en het IBOR van de gemeente Meierijstad. In het IVOR zijn de bouwstenen: Participatie, Leefbaarheid, Duurzaamheid en Gezondheid beschreven, hierop hebben wij de ambities voor het beleid civiele kunstwerken gebaseerd. In bijlage 1 is het wettelijke en gemeentelijk kader opgenomen. Het doel is een duurzaam en kostenefficiënt beheer van civieltechnische kunstwerken realiseren, gericht op het voorkomen van onveilige situaties en kapitaalvernietiging, en tegelijkertijd inzicht verschaffen in de onderhoudstoestand en -kosten van het areaal met een toekomstgerichte benadering.

2.1 Participatie en meldingen De openbare ruimte is van en voor iedereen. Het is dan ook vanzelfsprekend dat we onze inwoners de mogelijkheid bieden mee te denken en mee te doen bij de inrichting en het onderhouden van de openbare ruimte. Hiermee willen we bereiken dat iedere inwoner maximaal betrokken wordt en zich betrokken en medeverantwoordelijk voelt. Daarbij hanteren wij een proactieve informatievoorziening via de website, sociale media, persberichten, de nieuwspagina in de lokale kranten en waar nodig via persoonlijke brieven of gesprekken.

2.2 Leefbaarheid, gebruikskwaliteit en veiligheid Wij streven naar een veilige, bruikbare en leefbare openbare ruimte. Alle civieltechnische kunstwerken en objecten in de buitenruimte zijn functioneel, goed onderhouden en voldoen aan de geldende normen. Daarbij maken we geen onderscheid in onderhoudskwaliteit: elke buurt telt en wordt gelijkwaardig behandeld. Goede verlichting en tijdig onderhoud vergroten de gebruikskwaliteit en versterken de sociale veiligheid van de openbare ruimte. Op basis van de Wegenwet, Woningwet, het Bouwbesluit en het Burgerlijk Wetboek hebben wij als beheerder de plicht om kunstwerken in stand te houden, zodat ze geen risico vormen voor de gezondheid en veiligheid van gebruikers. Met de komst van de Omgevingswet en het Besluit Bouwwerken Leefomgeving blijven deze zorgplichten geborgd, met extra aandacht voor een gezonde leefomgeving voor iedereen.

2.3 Duurzaamheid en klimaatadaptatie Bij het beheer van civiele kunstwerken houden we actief rekening met duurzaamheid en klimaatadaptatie. We zetten in op hergebruik, circulaire materialen en IFD-bouwen (Integraal, Flexibel en Demontabel) om grondstoffen te besparen en de milieubelasting te verminderen. Klimaatadaptatie vraagt om slimme en gebiedsgerichte oplossingen. Denk aan het toepassen van natuurvriendelijke oevers, vergroening rond kunstwerken en het verminderen van verharding om hittestress en wateroverlast te beperken. We benutten kansen bij vervanging en herinrichting om klimaatbestendig te bouwen en de biodiversiteit te versterken. Zo dragen civiele kunstwerken bij aan een gezonde, toekomstbestendige leefomgeving.

2.4 Gezondheid en toegankelijkheid Civieltechnische kunstwerken dragen bij aan een gezonde en toegankelijke leefomgeving. We zorgen ervoor dat kunstwerken onderdeel uitmaken van een openbare ruimte die uitnodigt tot bewegen, ontmoeten en verblijven. Bijvoorbeeld door routes geschikt te maken voor wandelen met een rollator, fietsen of rolstoelgebruik. Bij het ontwerp en beheer letten we op obstakelvrije doorgangen, logische aansluitingen op wandel- en fietspaden en een comfortabele inrichting van de omgeving. Groene elementen rond kunstwerken verbeteren niet alleen de uitstraling, maar dragen ook bij aan een betere luchtkwaliteit en het welzijn van gebruikers. Bij aanleg of aanpassing van kunstwerken maken we een zorgvuldige afweging tussen functies zoals verkeer, groen, verlichting en toegankelijkheid. Zo zorgen we dat de openbare ruimte bruikbaar is voor iedereen, ongeacht leeftijd of mobiliteit. Hierbij wordt samen op getrokken met Stichting Toegankelijk Meierijstad (STM).

3. Beheerstrategie en beheeruitgangspunten Een zorgvuldig ingericht beheer draagt bij aan veilige en goed functionerende civiele kunstwerken, zowel nu als in de toekomst. Hiervoor is een heldere strategie opgesteld, gericht op efficiënt onderhoud en het beperken van risico’s binnen de beschikbare budgetten. Deze strategie wordt in de praktijk gebracht aan de hand van vijf uitgangspunten die samen de basis vormen voor een doelgerichte en duurzame beheeraanpak.

3.1 Beheerstrategie De gemeente Meierijstad richt het beheer van civiele kunstwerken primair op veiligheid, functionaliteit en kostenefficiëntie. Door gericht onderhoud wordt de levensduur van objecten gemaximaliseerd en worden risico’s op schade of uitval beperkt. Om deze aanpak effectief uit te voeren, is gekozen voor kwaliteitsniveau 'Basis' (B): voldoende onderhoud om veiligheid te garanderen en functioneren te waarborgen, zonder onnodige esthetische ingrepen. Deze strategie zorgt voor een duurzame en doelmatige inzet van middelen binnen het gemeentelijk netwerk. Het B-niveau zorgt voor een goede instandhouding. Een alternatief is de keuze voor een minimaal onderhoudsniveau (C-niveau). De gevolgen hiervan zijn onder andere later ingrijpen, het tijdelijk afsluiten van kunstwerken en/of het stoppen met schoonmaakactiviteiten. Nadelen van een minimaal onderhoudsniveau zijn verhoogde risico’s, een verloederd beeld en soms hogere investeringskosten op de lange termijn. Een andere strategie kan zijn om het aantal kunstwerken te verminderen. Hiermee ontstaan langere aanrij-tijden en ongemak voor inwoners. Langere aanrij-tijden kunnen voor hulpdiensten grotere risico’s betekenen.

3.2 Beheeruitgangspunten De gemeente beheert civiele kunstwerken op basis van een strategie die veiligheid, functionaliteit en kostenefficiëntie centraal stelt. De uitvoering hiervan is gebaseerd op enkele kernuitgangspunten. In de volgende alinea’s worden deze uitgangspunten toegelicht. Inspectie en onderhoud De gemeente voert systematische inspecties uit om de veiligheid en functionaliteit van civiele kunstwerken te waarborgen en onderhoudskosten te beheersen. Elke vier jaar vindt een visuele technische inspectie plaats, met aanvullend onderzoek indien noodzakelijk. Vroegtijdige signalering van gebreken voorkomt grotere schades en ondersteunt duurzame ontwerpverbetering. De inspectiegegevens vormen de basis voor een actuele en risico gestuurde onderhoudsplanning.

Verzorgend onderhoud Verzorgend onderhoud richt zich op het in stand houden van de functionaliteit en het ondersteunen van het gewenste onderhoudsniveau. Binnen kwaliteitsniveau ‘Basis’ omvat dit onder andere het reinigen van objecten, jaarlijks onderhoud aan beweegbare onderdelen, conservering van leuningen en kleinschalig esthetisch herstel. Deze werkzaamheden dragen bij aan duurzaamheid, bruikbaarheid en een verzorgde uitstraling van civiele kunstwerken. Technisch onderhoud Technisch onderhoud is gericht op het veilig en functioneel houden van kunstwerken op de lange termijn. Het omvat grootschalige maatregelen die de duurzaamheid van constructieonderdelen waarborgen, zoals betonreparaties, onderhoud aan slijtlagen en conservering. Door tijdig technisch onderhoud uit te voeren, worden vroegtijdige gebreken voorkomen en blijft de technische levensduur van de kunstwerken behouden. Vervanging Wanneer regulier onderhoud niet meer volstaat om de veiligheid, functionaliteit of kostenefficiëntie van een kunstwerk te waarborgen, wordt gekozen voor renovatie of volledige vervanging. Deze keuze wordt gemaakt op basis van zowel technische als financiële overwegingen, waarbij het vervangen van een object altijd wordt afgewogen tegen grootschalig herstel. Reparaties en calamiteitenonderhoud Reparaties bij schades of calamiteiten vormen een onvoorziene maar essentiële onderhoudsvorm.

Deze ad-hoc maatregelen zijn nodig na bijvoorbeeld vandalisme of externe incidenten en worden niet vooraf gepland. Bij de begroting wordt rekening gehouden met deze onverwachte kosten. Indien de veroorzaker bekend is, worden de herstelkosten op deze partij verhaald. Informatie Voor inwoners kan groot onderhoud aan of vervanging van een kunstwerk soms erg hinderlijk zijn. We starten vroegtijdig met de communicatie over de omleidingen om zo de overlast te beperken. Duurzaamheid Bij nieuwe aanleg wordt duurzaamheid van materialen meegewogen. Hier speelt (net als bij wegbeheer) een lastig evenwicht tussen circulaire materialen en levensduur (en daarmee CO2 belasting). In pilots zullen we MKI (milieu kwaliteits-indicatoren) berekeningen laten maken om meer grip te krijgen op goede toepassingen. SROI (social return on investment) Voor de inzet van dagelijks onderhoud (reinigen) wordt nu gebruikt gemaakt van medewerkers met een arbeidsparticipatie-indicatie. Deze aanpak willen we zoveel mogelijk blijven doorzetten.

Deel B. Beheerplan

4. Terugblik voorgaande jaren De voorgaande jaren is vooral ingezet op klein onderhoud (schoonmaken) en groot onderhoud (kleine vervangingen en constructieve verbeteringen). Er zijn relatief weinig kunstwerken vervangen (hier was op basis van het vorige plan ook geen aanleiding voor). Op dit moment worden de volgende kunstwerken vervangen.

5. Areaal Het beheerplan is gebaseerd op het volledige areaal van civieltechnische kunstwerken binnen Meierijstad. Dit betreft onder andere bruggen, tunnels, geluidschermen en oeverconstructies die in eigendom en beheer zijn van de gemeente. In totaal beheert de gemeente 199 civieltechnische kunstwerken. Deze zijn in najaar 2025 geïnspecteerd, en de data zijn opgenomen in het beheersysteem OBSURV. De objecten zijn voorzien van paspoorten met informatie over afmetingen, materiaal, constructietype en conditie. Op de kaart in figuur 4.1 is de locatie van deze kunstwerken weergegeven.

Figuur 5.1 Overzicht locaties civieltechnische kunstwerken gemeente Meierijstad

De verdeling per type kunstwerk wordt in tabel 4.1 weergegeven. Type Aantal Tunnels Tunnels 5 Trappen Trappen 1 Bruggen en viaducten Betonnen fiets-/voetgangersbrug 10 Betonnen verkeersbrug 40 Stalen fiets-/voetgangersbrug 30 Stalen verkeersbrug 1 Houten fiets-/voetgangersbrug 79 Duikers Duikers 7 Geluidsvoorzieningen Geluidsschermen (incl. grondwallen) 17 Grondwallen 4 Oeverconstructies Keermuren en damwanden 4 Vlonders Vlonders 1 Totaal 199 Tabel 5.1 Overzicht van alle kunstwerken binnen de gemeente

6. Financiën 6.1 Klein onderhoud / Reiniging Onder klein onderhoud wordt verstaan: het regelmatig reinigen van de kunstwerken. Op dit moment wordt dit uitgevoerd door IBN/WSD voor de houten bruggen. We gaan het reinigen uitbreiden naar de andere kunstwerken.

Tabel 6.1 Beschikbaar en benodigd dagelijks onderhoud

Voor het klein onderhoud is in de exploitatiebegroting jaarlijks een bedrag van € 51.601,- beschikbaar. Totaal benodigd is € 71.400,-. Hiermee komen we € 19.799,- tekort. Met het opheffen van dit tekort kunnen alle kunstwerken regelmatig gereinigd worden, dus niet alleen de houten kunstwerken.

6.2 Groot onderhoud Het groot onderhoud van bruggen bestaat uit: • • • • •

Betonreparaties uitvoeren; Conserveringsmaatregelen aanbrengen; Slijtlagen vervangen; Inspecties uitvoeren; Onderdelen vervangen.

De prognose van het groot onderhoud is tot en met 2030:

Tabel 6.2 Benodigd groot onderhoud 2026-2030

Voor de periode 2027 t/m 2030 is dit gemiddeld per jaar € 351.000,-. De huidige voorziening wordt jaarlijks gevoed met € 189.193,-. Het gemiddelde jaarlijkse te kort is: € 161.807,-.

In 2026 ontstaat een eenmalig tekort van € 554.602,- (zie onderstaande tabel) doordat de geplande grootonderhoud-maatregelen aanzienlijk meer kosten met zich meebrengen dan nu jaarlijks in de onderhoudsvoorziening wordt gestort. De meer kosten zijn vooral te verklaren uit - De leeftijd van het areaal kunstwerken. Veel kunstwerken zijn langer geleden aangelegd (vanaf de jaren 70) en komen op een leeftijd dat er schades door leeftijd ontstaan. - De sterk gestegen marktprijzen van de afgelopen jaren. Dit tekort benadrukt de noodzaak om structurele keuzes te maken over de hoogte van de jaarlijkse bijdrage. Het verloop van de voorziening op basis van de huidige voeding is het volgende: Verloop voorziening 2025 2026 2027 2028 2029 2030 Beginstand € 285.816 € 241.194 € -554.602 € -610.475 € -747.246 € -662.844 Storting € 189.193 € 189.193 € 189.193 € 189.193 € 189.193 € 189.193 Onttrekking € 233.815 € 984.989 € 245.067 € 325.963 € 104.792 € 728.303 Eindstand € 241.194 € -554.602 € -610.475 € -747.246 € -662.844 € -1.201.955 Tabel 6.3 Verloop voorziening groot onderhoud 2025-2030

6.3 Vervangingen Uit de rapportage van de gebiedsdekkende inspectie (bureau Westenberg) en een separate (gedetailleerde) inspectie (bureau Wagenmakers) in 2025 komt een lijst met kunstwerken die vervangen moeten worden in de komende jaren. De vervangingsprojecten vragen om de volgende investeringen:

Tabel 6.4 Financiële doorrekening vervanging 2026-2030

De basis voor de vervangingen is de inspectie van Ingenieursbureau Westenberg (najaar 2025), op basis van deze inspectie en ondersteunende waarnemingen is een meer gedetailleerde inspectie door het Advies- en Ingenieursbureau Wagemaker uitgevoerd voor objecten die op korte termijn (2026) op gepakt moeten worden. Ter toelichting -

De uitvoeringskosten zijn een inschatting (gemiddeld 20%) van de door de aannemer doorberekende kosten.

-

De VAT kosten betreffen: (werk)Voorbereiding, Administratie tijdens uitvoering en Toezicht op de uitvoering. Dit is een gemiddeld percentage voor dergelijke werkzaamheden.

De objecten die in 2026 op de planning staan, zijn de volgende: Te vervangen objecten 2026 Brugnummer locatie BR154 Gerard van den Berkpad BR136 Laan ten Bogaerde. Plan Dotterbloem BR127 Knoptoren VL017 Klaverpad. Plan Dotterbloem BR022 Patrijsdonk (Natuurtuin) BR040 De Aa-Broeken BR040 De Aa-Broeken

plaats Sint-Oedenrode Sint-Oedenrode Sint-Oedenrode Sint-Oedenrode Veghel Veghel Veghel

functie Brug naar kasteel Henkeshage recreatieve vlonder fiets-voetbrug over de dommel vlonder met kunstwerk de Dommel in verwerkt educatief voetbrug (knuppelbrug) voetgangersbrug door nat gebied (knuppelbrug) voetgangersbrug door nat gebied (knuppelbrug)

materiaal hout met ijzeren leuning hout hout hout met ijzeren leuning en kunstwerk hout hout hout

Geschatte kosten € 100.000,00 € 25.000,00 € 150.000,00 € 75.000,00 € 40.000,00 € 70.000,00 € 20.000,00

Totaal: €

480.000,00

6.4 Financieel Meerjarenperspectief 2031-2035 Dit plan is op basis van de inspectie Q4 2025. Uit deze inspectie is een eerste doorkijk voor de jaren 2031-2035 te maken. Deze doorkijk is niet volledig en zal op basis van een volgende inspectie tot nieuwe (ook financiële) inzichten kunnen leiden. Groot onderhoud: de omvang van het groot onderhoud 2027-2030 is € 351.000,-. De verwachting is dat het onderhoud vanaf 2031 stijgt tot € 623.000,-. Vervangingen

Bijlage 1: Wettelijk en gemeentelijk kader Het beheer van civieltechnische kunstwerken is gebonden aan wet- en regelgeving en gemeentelijk beleid. Deze vormen samen het kader voor onderhoud en investeringen.

1. Wettelijk kader Wegenwet (1930): Gemeenten zijn verplicht om wegen en bruggen in goede staat te houden. Er is geen vast kwaliteitsniveau voorgeschreven; de gemeente heeft beleidsvrijheid zolang het object functioneel blijft. Het vereiste beheer vanuit de wegenwet is: • Preventief onderhoud • Periodieke inspecties • Klachtenregistratie • Actueel beheersysteem Woningwet & Bouwbesluit (tot 2024): Civiele kunstwerken vallen onder ‘bouwwerken’. Ze moeten veilig, bruikbaar en milieuvriendelijk zijn. Eisen staan in het Bouwbesluit. Omgevingswet & BBL (sinds 2024): De Woningwet en het Bouwbesluit zijn vervangen door het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BBL). Regels voor bestaande kunstwerken blijven grotendeels ongewijzigd. Burgerlijk Wetboek: De gemeente is aansprakelijk voor schade door onveilige kunstwerken: • Art. 6:162 BW – Schuldaansprakelijkheid • Art. 6:174 BW – Risicoaansprakelijkheid BBV (Besluit Begroting en Verantwoording): De gemeente moet inzicht geven in het onderhoud van kapitaalgoederen, waaronder kunstwerken. Toezicht vindt plaats vanuit het Rijk. Overige relevante wetten • Wegenverkeerswet – Ontwerp en gebruik • Wet Milieubeheer – Duurzaam bouwen • Arbowet – Veilig werken • Flora- en faunawet – Bescherming bij werkzaamheden • WABO – Vergunningplicht bouwwerkzaamheden

2 Gemeentelijk beleid Het beleid richt zich op vier kernwaarden: kwaliteit, veiligheid, duurzaamheid en aanzien. Deze zijn vertaald naar concrete ambities voor het beheer. Kwaliteit: De gemeente hanteert kwaliteitsniveau B voor kunstwerken, gelijk aan het wegennet. Beheer ontwikkelt zich richting risico gestuurd assetmanagement (volgens CROW). Veiligheid: Kunstwerken moeten gedurende hun levensduur veilig blijven, ook bij veranderend gebruik. Sinds 2012 moeten gemeenten weten wat de draagkracht van hun bruggen is. Duurzaamheid: Sturing op circulair materiaalgebruik, IFD-bouwen en klimaatadaptatie (zoals natuurvriendelijke oevers). Inzicht in hergebruik en CO₂-reductie wordt steeds belangrijker. Aanzien: Esthetiek beïnvloedt de levensduur. Vervuiling leidt sneller tot slijtage, vooral bij hout. Beeldkwaliteit is meetbaar en stuurbaar.

Meierijstad zijn we samen!

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meierijstad&id=51be05bb-0e31-49ea-8bb2-ca13d720c08a