Bijlage 2 aangepaste noodzakelijkheidstoelichting
Tekst van het document
Bijlage 2 bij raadsvoorstel (zaaknr. 2505324) inzake het beschikbaar stellen van een krediet voor (de realisatie van) de (ver-) nieuwbouw en uitbreiding van basisschool “Bernadette” te Veghel
Notitie inzake geactualiseerde noodzakelijkheidstoetsing (ver-)(vangende) nieuwbouw en uitbreiding basisschool “Bernadette” te Veghel In het kader van de beschikbaarstelling van een voorbereidingskrediet voor de vervangende nieuwbouw en uitbreiding van basisschool ”Bernadette” (zie B&W-besluiten van 6 december 2022 en 16 mei 2023), zaaknummer 2238751), heeft er in een eerder stadium al een toetsing van de noodzaak van de vervangende nieuwbouw plaatsgevonden. Voor de beschikbaarstelling van het realisatie-krediet is deze noodzakelijkheidstoetsing nog onverminderd van kracht, zij het dat deze op onderdelen is geactualiseerd. De geactualiseerde passages zijn in rood weergegeven 1. Inleiding Basisschool “Bernadette” is gehuisvest in een gebouw uit 1954 met uitbreidingen in 1987 en 1998. Dit gebouw kent een brutovloeroppervlakte (bvo) van 1.680 m², waarvan 124 m² in gebruik is bij peuterspeelzaal “de Speelbal” door enkel ruimtegebruik. Er is derhalve 1.556 m² aan capaciteit voor basisschool “Bernadette” aanwezig. Op de Bernadetteschool waren op 1 oktober 2022 en 2023 respectievelijk 285 en 299 leerlingen aanwezig, hetgeen neerkomt op een ruimtebehoefte van 1.634 m² excl. m² voor achterstandsscore.
Uit de leerlingenprognose van december 2023 komt naar voren, dat het leerlingenaantal verder oploopt naar een maximum van 374 leerlingen in 2040 om vervolgens in 2044 op 366 leerlingen uit te komen. De met deze aantallen corresponderende ruimtebehoefte bedraagt resp. 2.081 m² en 2.041 m² (excl. extra m² als gevolg van achterstandsscore). De groei van het leerlingenaantal heeft tot gevolg dat de huidige en toekomstige schoolbevolking niet in het schoolgebouw gehuisvest kan worden; immers met 1.556 m² is het gebouw te klein om in de huidige (= 1.634 m²) en de toekomstige stabiele ruimtebehoefte (= 2.040 m² op basis van 362 leerlingen en incl. 20 m² achterstandsscore) te kunnen voorzien. Uit een nadere analyse, uitgevoerd door ICS Adviseurs in het kader van het IHP 2022-2037 is voorts komen vast te staan, dat het schoolgebouw in technische, ruimtelijke en functionele zin niet meer voldoet aan de hedendaagse eisen, die aan het geven van onderwijs en aan een schoolgebouw worden gesteld; het gebouw laat vooral op het gebied van functionele en ruimtelijke kwaliteit nogal wat te wensen over. Het schoolbestuur heeft altijd naar behoren het schoolgebouw onderhouden. Kortom, een uitbreiding van 484 m² in combinatie met vervangende nieuwbouw van 1.556 m² is noodzakelijk om te komen tot een toekomstbestendige huisvestingssituatie (= 2.040 m²) voor basisschool “Bernadette”.
Integraal HuisvestingsPlan (IHP) In november 2021 is het IHP Onderwijs 2022-2037 door de raad vastgesteld. Ook basisschool “Bernadette” maakt onderdeel uit van dit plan, waarbij op basis van een stabiel leerlingenaantal van 3621 leerlingen wordt ingestoken op vervangende nieuwbouw voor 1.556 m² en uitbreiding met 484 m² in het jaar 2024; in totaal is dus 2.040 m² nodig om in de toekomstige huisvesting te voorzien, Conform de gemaakte afspraken omtrent splitsing tussen voorbereidings- en realisatiekrediet is in het IHP voor het uitvoeringsjaar 2022 een voorbereidingskrediet van € 504.000,00 opgenomen voor de uitbreiding en vervangende nieuwbouw van basisschool "Bernadette" te Veghel opgenomen. Vervolgens wordt in 2024 op basis van een aanbestedingsgereed bouwplan via de gemeenteraad en het college een realisatiekrediet aan het schoolbestuur beschikbaar gesteld, opdat met de realisatie van de uitbreiding en vervangende nieuwbouw kan worden gestart.
Aanvankelijk was dit stabiel leerlingenaantal 345, hetgeen een ruimtebehoefte van 1.955 m² betekende (1.556 m² (ver-)nieuwbouw en 399 m² uitbreiding). 1
Gewijzigde inzichten Werd op basis van het IHP nog ingestoken op uitbreiding in combinatie met volledige vervangende nieuwbouw, gaandeweg werd ingezet op behoud c.q. renovatie van de oudbouw uit 1954/1959, in combinatie met vervangende nieuwbouw voor overige gebouwdelen uit 1987, 1998 en 2006 en uitbreiding. Maar uiteindelijk heeft het schoolbestuur met instemming van de gemeente er voor gekozen om de oudbouw uit 1954/1959 in stand te houden c.q. vernieuwbouwen2 in plaats van te renoveren. Over deze uiteindelijke keuze kan het volgende toegelicht worden. De gemeente en schoolbestuur overwogen in eerste instantie om de oudbouw uit 1954/1959 te renoveren in plaats van vervangende nieuwbouw toe te passen. Ter onderbouwing daarvan werd gebruikt gemaakt van het ‘afwegingskader renovatie – nieuwbouw’ van de PO-raad. Dit instrument geeft aan de hand van objectieve en meetbare criteria geeft inzicht in de afwegingen die een rol spelen bij de keuze voor renovatie of (ver-)nieuwbouw. De uitkomst kan mede dienen als onderbouwing voor een keuze. Het afwegingskader is ook toegepast bij de overige gebouwdelen uit 1987, 1998 en 2006 om op deze wijze de keuze voor vervangende nieuwbouw voor deze gebouwdelen te onderbouwen. Uit het afwegingskader voor de oudbouw kwam naar voren, dat vervangende nieuwbouw (201,5 punten) en renovatie (202,3 punten) nagenoeg gelijk scoren.
De uitslag was dus neutraal, op basis waarvan het schoolbestuur ervoor heeft gekozen om de functionele mogelijkheden en kosten van beide opties in beeld te brengen en aan de hand van een businesscase een uiteindelijke keuze te maken. Dat heeft er gaandeweg het vervolgverzoek toe geleid dat ‘renovatie’ is omgezet naar ‘vernieuwbouw’ vanwege het feit, dat ‘vernieuwbouw’ tot een langere levensduurverlenging leidt (40 à 50 jaar in plaats van 25 jaar bij renovatie). Op basis van een beoordelingsmatrix is vervolgens ‘vernieuwbouw’ met ‘vervangende nieuwbouw’ vergeleken. In deze matrix, die deels ontleend is aan voormeld afwegingskader, zijn de mogelijk van invloed zijnde factoren3 voor vernieuwbouw en vervangende nieuwbouw tegen elkaar afgewogen. Uit deze beoordelingsmatrix komt naar voren dat er sprake is van nagenoeg gelijkwaardige varianten c.q. minimale verschillen. De factoren ‘omgeving’ en ‘ontwerp van het gebouw’ zijn doorslaggevend om te kiezen voor behoud c.q. vernieuwbouw van de oudbouw. Het behoud c.q. vernieuwbouw van de oudbouw is qua kosten gelijk aan vervangende nieuwbouw van de oudbouw Daarnaast vinden gemeente en schoolbestuur het in het kader van duurzaamheid/circulariteit belangrijk om de oudbouw te behouden. Voorts wordt er vanuit diverse geledingen (team, leerlingen/ouders, buurt en gemeente) ook waarde gehecht aan het behoud van de karakteristieke c.q.
markante oudbouw. Ook sluit behoud van de oudbouw, aldus de collega’s van werkatelier GOEP, aan bij de lijn die is ingezet voor het behoud van de schil van o.a. de voormalige LTS (Spoorlaan), voormaligeLambertusschool (Stationsstraat), voormalige gebouw Zwijsen College (Burg. De Kuyperlaan) en de voormalige Don Boscoschool (Beatrixsingel); het doorzetten van die lijn wordt logisch en waardevol geacht. Tenslotte laat het ‘afwegingskader renovatie – vervangende nieuwbouw’ zien dat met vernieuwbouw dezelfde score wordt bereikt als met vervangende nieuwbouw; met andere woorden beide opties zijn in zekere zin gelijkwaardig (zie ook apart kopje over afwegingskader). Het afwegingskader voor de resterende bouwdelen uit 1987 en 1998 laat zien dat vervangende nieuwbouw (247,8) duidelijk de voorkeur geniet boven renovatie (157,8 punten). Op 4 van de 8 wegingsfactoren scoort vervangende nieuwbouw beduidend hoger; daarbij vallen de factoren ‘ruimtelijk’, onderwijs/-samenwerkingsconcept’, ‘gebouw’, en ‘planning en risico’s’ vooral op. 2. Inhoudelijke beoordeling aanvraag Door het schoolbestuur is een realisatiekrediet gevraagd voor de uitbreiding en vervangende nieuwbouw in combinatie met vernieuwbouw van de uit 1954/1959 daterende oudbouw van basisschool “Bernadette”. Bij de beoordeling c.q.
toetsing van de ingediende aanvraag voor de betreffende huisvestingsvoorzieningen, komt het er dus op neer dat deze aanvraag wordt getoetst aan de criteria zoals opgenomen in de onderwijshuisvestingsverordening met betrekking tot de voorziening ‘uitbreiding’ en ‘vervangende nieuwbouw’. Aangezien ‘vernieuwbouw’ meer neigt naar ‘nieuwbouw’ dan naar Vernieuwbouw kun je het beste zien als nieuwbouw op basis van een bestaande structuur; een pand wordt gestript en teruggebracht naar de casco-basis en vervolgens opnieuw opgebouwd. Vernieuwbouw gaat verder dan renovatie; namelijk dat na vernieuwbouw een pand ook als ‘nieuwbouw’ wordt aangemerkt. 3 Het gaat om de volgende factoren: bestemmingsplan, omgeving, verkeerssituatie, ontwerp school, aanpasbaarheid/ flexibiliteit, tijd, (bestaande)n constructie, tijdelijke huisvesting, exploitatiekosten en onderhoudskosten (duurzaamheid),. bouwkosten (kostenraming). 2
Notitie geactualiseerde noodzakelijkheidstoetsing (ver-)nieuwbouw en uitbreiding bs. “Bernadette” (2505324)
Pagina 2
‘renovatie’, wordt ‘vernieuwbouw’ in het geval van basisschool “Bernadette” getoetst aan de criteria van ‘nieuwbouw’. In concreto komt het er op neer, dat het college op basis van het verzoek van het schoolbestuur en aan de hand van vigerende onderwijshuisvestingsverordening zal moeten vaststellen: - of er sprake is van een voorziening in de huisvesting; - of er een noodzaak is; - zo ja, welk vergoedingsbedrag dan zal worden uitgekeerd. 3.1 Is er sprake van een voorziening in de huisvesting? Ingevolge de onderwijshuisvestingsverordening is de gemeente verantwoordelijk voor de bekostiging van een voor tijdelijke dan wel permanent gebruik bestemde huisvestingsvoorziening. Conform de onderwijshuisvestingsverordening kunnen de door het schoolbestuur aangevraagde voorzieningen i.c. uitbreiding en (ver-)(vangende) nieuwbouw van een schoolgebouw worden aangemerkt als voorzieningen in de huisvesting, die voor bekostiging door de gemeente in aanmerking komt (artikel 2, sub a2). 3.2
Is er een noodzaak?
3.2.1 Vervangende nieuwbouw (1.556 m²) De noodzaak van vervangende nieuwbouw is aanwezig als: a. op basis van een onderzoek naar de bouwkundige, ruimtelijke en functionele staat van de huisvesting, wordt vastgesteld dat met het bestaande gebouw niet meer kan worden voldaan aan de redelijke eisen die het onderwijs aan de huisvesting van de school stelt; b. dit het gevolg is van een herschikkingsoperatie; c. dit het gevolg is van ontwikkelingen in de ruimtelijke ordening en: 1. als het een voor blijvend gebruik bestemde voorziening betreft een overeenkomstig bijlage ll opgestelde prognose aantoont dat dit aantal leerlingen gedurende ten minste 15 jaar aanwezig zijn of kunnen worden verwacht, of 2. als het een voor tijdelijk gebruík bestemde voorziening betreft een overeenkomstig bijlage ll opgestelde prognose aantoont dat dit aantal leerlingen gedurende ten minste 4 jaar aanwezig zijn of kunnen worden verwacht, en d. geen gebouw beschikbaar is of komt dat geschikt is of geschikt te maken is als passende huisvesting voor de school, en e. het onmogelijk is om door medegebruik een passende huisvesting voor de school te realiseren.
Ad a: het bestaande gebouw kan niet meer voldoen aan de redelijke eisen Het vaststellen of met een bestaand gebouw niet meer voldaan kan worden aan de redelijke eisen, die het onderwijs aan de huisvesting van de school stelt, dient te geschieden op basis van een onderzoek naar de bouwkundige, ruimtelijke en functionele staat van het schoolgebouw. Onderzoek bouwkundige, ruimtelijke en functionele staat In het kader van het IHP 2022-2037 is door ICS Adviseurs een nadere analyse uitgevoerd naar de bouwkundige, ruimtelijke en functionele staat van basisschool “Bernadette”. Op basis van een nadere objectieve analyse zijn daarbij de volgende punten van het schoolgebouw onderzocht: technische staat, functionaliteit, binnenklimaat, veiligheid en duurzaamheid. Uit de rapportage van ICS komt naar voren, dat de basisschool “Bernadette” op een 6-puntsschaal (1 = goede conditie en 6 = slechte conditie) op functionaliteit, binnenklimaat en veiligheid een 5 (= slecht) scoort en op technische staat een 4 (= redelijk). In algemene zin kan feitelijk worden gesteld, dat veel gebouwdelen verouderd en/of aan het eind van hun levensduur zijn. Om te voldoen aan het kwaliteitskader zullen de nodige maatregelen genomen moeten worden om de gewenste isolatiewaarden te behalen. Eenzelfde situatie ten aanzien van isolatiewaarden doet zich voor bij de kozijnen/beglazing.
Voorts voldoet de huidige ventilatie niet aan het kwaliteitskader c.q. Frisse Scholen klasse B. Daarbij is het nog maar de vraag of bij vervanging van deze installatie het kwaliteitskader überhaupt haalbaar is. Mede op basis van de door ICS uitgevoerde nadere analyse kan worden vastgesteld, dat het schoolgebouw in bouwkundige, functionele en ruimtelijke zin niet voldoet aan de redelijke eisen, die het onderwijs aan de huisvesting van de school stelt.
Notitie geactualiseerde noodzakelijkheidstoetsing (ver-)nieuwbouw en uitbreiding bs. “Bernadette” (2505324)
Pagina 3
Volledigheidshalve zij opgemerkt, dat het schoolbestuur tot voor kort altijd het onderhoud aan het pand conform planning heeft uitgevoerd. Het oordeel dat ICS aan deze nadere analyse verbindt is dat basisschool “Bernadette” is aanmerking komt vervangende nieuwbouw. Ad b: Herschikkingsoperatie Niet van toepassing Ad c: ontwikkelingen ruimtelijke ordening Niet van toepassing Ad 1: Prognose In opdracht van de gemeente Meierijstad heeft Pronexus in december 2023 een nieuwe c.q. geactualiseerde leerlingenprognose opgesteld. Uit deze prognose (zie bijlage) komt naar voren dat basisschool “Bernadette” nog een groei zal doormaken van 285 in 2023 naar een top van 374 leerlingen in 2040. In 2044 (=einde prognoseperiode) komt de prognose uit op 366 leerlingen. In samenspraak met het schoolbestuur Verdi Onderwijs is vastgesteld, dat voor wat de onderwijshuisvesting i.c. het IHP 2022-2037 uitgegaan wordt van een stabiel leerlingenaantal van 362 leerlingen. Er kan derhalve gesteld worden, dat de prognose aantoont, dat een leerlingenaantal van 362 gedurende tenminste 13 à 15 jaar verwacht kan worden. Een school met 362 leerlingen heeft een ruimtebehoefte van 2.040 m² (incl. 20 m² aan achterstandsscore). De aanvraag van het schoolbestuur gaat uit van een vervangende nieuwbouw met een omvang van 1.556 m² in combinatie met uitbreiding van 484 m².
Geconcludeerd kan worden dat de omvang van vervangende nieuwbouw (1.556 m²) op grond van de ontwikkeling van het leerlingenaantal derhalve gerechtvaardigd is. Ad d: Beschikbaar gebouw Er zijn geen gebouwen beschikbaar die geschikt zijn of geschikt te maken zijn als passende huisvesting van de school. Ad d: Medegebruik Bepalend bij het beoordelen van beschikbaarheid van medegebruik is de afstand tussen de school, waarvoor inwoning aan de orde is, en het gebouw, waar de inwoning plaatsvindt. In de onderwijshuisvestingsverordening is vastgelegd, dat deze afstand ten hoogste 2 km is, gemeten langs de kortste weg volgens de ANWB-planner. Daarnaast is bepaald dat medegebruik tot één gebouw beperkt blijft. Gemeten vanaf de locatie van basisschool “Bernadette” aan de Vondelstraat 1 te Veghel voldoen de volgende schoolgebouwen aan het afstandscriterium: • so/vso HUB Noord-Brabant: 100 meter (vanaf 2025 maximaal ± 230 m² leegstand, die verder terugloopt naar ± 195 m² e.v.); • basisschool “de Ark”: 950 meter (vanaf 2025 tot 2029 ± 230 à 275 m² leegstand, daarna vervangende nieuwbouw) • basisschool “Kompas”: 950 meter (vanaf 2025 geen leegstand) • sbo “de Wissel”: 1.000 meter (vanaf 2025 max. max.
342 m² leegstand, die naar 0 terugloopt in 2032, daarna ruimtetekort); overigens heeft deze school al medegebruik, dus blijft buiten toepassing; • basisschool “de Uilenbrink”: 1.500 meter (vanaf 2025 249 m² leegstand); • basisschool “de Vijfmaster”: 1.500 meter (vanaf 2025 35 m² leegstand); • basisschool “de Bunders”: 2.000 meter (vanaf 2025 51 m² leegstand). Bij een aantal van bovenstaande scholen is in 2024/2025 (=jaar geplande realisering vervangende nieuwbouw basisschool “Bernadette) in enige mate sprake van ruimtelijke leegstand4. Echter op geen enkele school is de leegstand meer dan 1.556 m², waardoor het onmogelijk is om – in plaats van vervangende nieuwbouw - door medegebruik op één enkele school een passende huisvesting voor de school te realiseren. 4
Ruimtelijke leegstand is het verschil tussen de berekende capaciteit van een gebouw en de berekende ruimtebehoefte.
Notitie geactualiseerde noodzakelijkheidstoetsing (ver-)nieuwbouw en uitbreiding bs. “Bernadette” (2505324)
Pagina 4
Overigens zij opgemerkt uit onderzoek in het kader van het IHP naar voren is gekomen, dat er weliswaar ruimtelijke c.q. berekende leegstand op een aantal van bovenstaande scholen is, maar dat er geen feitelijke leegstand is; alle aanwezige onderwijscapaciteit wordt namelijk gebruikt voor/door onderwijs en/of kindfuncties. Conclusie: is er geen medegebruik mogelijk ter vervanging van vervangende nieuwbouw Resumé In zijn algemeenheid kan derhalve geconcludeerd worden dat de noodzaak van de vervangende nieuwbouw van in totaal 1.556 m² (= geschikt voor 270 leerlingen) is aangetoond, omdat: • het gebouw zowel in bouwkundig, ruimtelijk als functioneel opzicht niet voldoet aan de redelijke eisen die het onderwijs aan de huisvesting van de school stelt. • een prognose aantoont dat het voor deze vervangende nieuwbouw noodzakelijke aantal van 270 leerlingen ten minste 15 jaar kan worden verwacht; • geen gebouw beschikbaar is of komt dat geschikt is of geschikt te maken is als passende huisvesting voor de school; • het onmogelijk is om - ter vervanging van vervangende nieuwbouw - door medegebruik een passende huisvesting voor de school te realiseren. 3.2.2 Uitbreiding (484 m²) Om 362 leerlingen te kunnen huisvesten is een gebouw met een bruto vloeroppervlakte bvo) van 2.040 m² incl. 20 m² aan achterstandsscore nodig (= ruimtebehoefte).
Omdat de school in het kader van vervangende nieuwbouw straks de beschikking heeft over een gebouw met een 1.556 m², is een uitbreiding van 484 m² noodzakelijk (2.040 m² minus 1.556 m²). De noodzaak van het uitbreiden van een schoolgebouw is aanwezig als: a. de vastgestelde capaciteit van een schoolgebouw kleiner is dan de vastgestelde ruimtebehoefte en het verschil tussen de capaciteit en de ruimtebehoefte gelijk of groter is dan de drempelwaarde van 55 m²; b. een prognose aantoont dat het aantal leerlingen, op basis waarvan de uitbreiding wordt aangevraagd, ten minste 4 jaar (bij een tijdelijke voorziening) of tenminste 15 jaar (bij een permanente voorziening) aanwezig is of kan worden verwacht en dit aantal leerlingen niet voor ten hoogste 4 jaar binnen het gebouw kan worden gehuisvest. c. geen gebouw beschikbaar is of komt dat geschikt is of geschikt te maken is als passende huisvesting voor de school, en d. het onmogelijk is om door medegebruik een passende huisvesting voor de school te realiseren. Ad a: Capaciteit is kleiner dan behoefte Op basis van het gegeven, dat op basisschool “Bernadette” een stabiel leerlingenaantal van 345 wordt verwacht, kan de ruimtebehoefte worden vastgesteld op 2.040 m² (200 m² vaste voet + 362 ll. x 5,03 m² + 20 m² aan achterstandsscore). De capaciteit van het te vervangen gebouw is 1.556 m².
Geconcludeerd kan worden dat de capaciteit kleiner is dan de ruimtebehoefte en dat het verschil tussen beide groter is dan 55 m². Op dit punt is er dus sprake van een noodzaak tot uitbreiding. Ad b: Prognose In opdracht van de gemeente Meierijstad heeft Pronexus in december 2023 een nieuwe c.q. geactualiseerde leerlingenprognose opgesteld. Uit deze prognose (zie bijlage) komt naar voren dat basisschool “Bernadette” nog een groei zal doormaken van 285 in 2023 naar een top van 374 leerlingen in 2040. In 2044 (=einde prognoseperiode) komt de prognose uit op 366 leerlingen. In samenspraak met het schoolbestuur Verdi Onderwijs is vastgesteld, dat voor wat de onderwijshuisvesting i.c. het IHP 2022-2037 uitgegaan wordt van een stabiel leerlingenaantal van 362 leerlingen. Er kan derhalve gesteld worden, dat de prognose aantoont, dat een leerlingenaantal van 362 gedurende tenminste 13 à 15 jaar verwacht kan worden. Op grond van de ontwikkeling van het leerlingenaantal is de omvang van de uitbreiding derhalve gerechtvaardigd. Ad c: Beschikbaar gebouw Er zijn geen gebouwen beschikbaar die geschikt zijn of geschikt te maken zijn als passende huisvesting van de school. Notitie geactualiseerde noodzakelijkheidstoetsing (ver-)nieuwbouw en uitbreiding bs. “Bernadette” (2505324)
Pagina 5
Ad d: Medegebruik Bepalend bij het beoordelen van beschikbaarheid van medegebruik ten behoeve van de uitbreiding met 484 m² is de afstand tussen de school, waarvoor inwoning aan de orde is, en het gebouw, waar de inwoning plaatsvindt. In de onderwijshuisvestingsverordening is vastgelegd, dat deze afstand ten hoogste 2 km is, gemeten langs de kortste weg volgens de ANWB-planner. Daarnaast is bepaald dat medegebruik tot één gebouw beperkt blijft. Gemeten vanaf de locatie van basisschool “Bernadette” aan de Vondelstraat 1 te Veghel voldoen de volgende schoolgebouwen aan het afstandscriterium: • so/vso HUB Noord-Brabant: 100 meter (vanaf 2025 maximaal ± 230 m² leegstand, die verder terugloopt naar ± 195 m² e.v.); • basisschool “de Ark”: 950 meter (vanaf 2025 tot 2029 ± 230 à 275 m² leegstand, daarna vervangende nieuwbouw) • basisschool “Kompas”: 950 meter (vanaf 2025 geen leegstand) • sbo “de Wissel”: 1.000 meter (vanaf 2025 maximaal 342 m² leegstand, die naar 0 terugloopt in 2032, daarna ruimtetekort); overigens heeft deze school al medegebruik, dus blijft buiten toepassing; • basisschool “de Uilenbrink”: 1.500 meter (vanaf 2025 249 m² leegstand); • basisschool “de Vijfmaster”: 1.500 meter (vanaf 2025 35 m² leegstand); • basisschool “de Bunders”: 2.000 meter (vanaf 2025 51 m² leegstand).
Bij een aantal van bovenstaande basisscholen scholen is in 2025/2026 (= jaar geplande realisering vervangende nieuwbouw basisschool “Bernadette”) in enige mate sprake van ruimtelijke leegstand. Echter, uit onderzoek in het kader van het IHP is naar voren gekomen, dat geen enkele basisschool feitelijke leegstand heeft. Alle aanwezige onderwijscapaciteit wordt ingezet c.q. gebruikt voor/door onderwijs en/of kindfuncties. Bij deze scholen is dus geen leegstand aanwezig omvang om daar de ruimtebehoefte van basisschool “Bernadette” ad 484 m² geheel dan gedeeltelijk in te (kunnen) huisvesten. Datzelfde geldt ook voor het gebouw van vso “Hub Noord-Brabant”; deze school heeft geen feitelijke leegstand, omdat alle onderwijscapaciteit door/voor de school wordt gebruikt. Daarbij komt ook nog, dat binnen Hub Noord-Brabant momenteel nagedacht over de toekomst van het VSO in de regio. Daarbij is het niet uit te sluiten, dat dit om een andere invulling van onderwijsruimten vraagt en mogelijk ook tot een grotere ruimtebehoefte leidt.
Voorts wordt het vanuit onderwijskundig en organisatorisch oogpunt niet wenselijk geacht om basisonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs samen in één bestaand gebouw te huisvesten, zonder dat het mogelijk is de groepen van de ene school van de andere school te scheiden; de samenstelling, leeftijd en het onderwijsniveau van de groepen van beide onderwijsinstellingen zijn namelijk te verschillend. Conclusie: is er geen medegebruik mogelijk om in de uitbreiding van basisschool “Bernadette” te voorzien; het ontbreekt simpelweg aan feitelijke leegstand. Resumé In zijn algemeenheid kan derhalve geconcludeerd worden dat de noodzaak van de uitbreiding van 399 m² is aangetoond, omdat: • de vastgestelde capaciteit van het gebouw (= 1.556 m²) kleiner is dan de huidige (= 1.654 m² incl. 20 m² aan achterstandsscore) en toekomstige (= 2.040 m² incl. 20 m² aan achterstandsscore) vastgestelde ruimtebehoefte en het verschil tussen beide meer is dan 55 m²; • een prognose aantoont dat uitgegaan kan worden van een stabiel leerlingenaantal van 362 leerlingen gedurende 13 à 15 jaar en dat daarmee de omvang van de uitbreiding gerechtvaardigd is. • geen gebouw beschikbaar is of komt dat geschikt is of geschikt te maken is als passende huisvesting voor de school; • het onmogelijk c.q. niet wenselijk is om door medegebruik een passende huisvesting voor de school te realiseren.
3.3 Welk vergoedingsbedrag? In artikel 4 van de onderwijshuisvestingsverordening is bepaald, dat de vergoeding voor (ver-) (vangende) nieuwbouw en uitbreiding wordt vastgesteld op feitelijke kosten. Notitie geactualiseerde noodzakelijkheidstoetsing (ver-)nieuwbouw en uitbreiding bs. “Bernadette” (2505324)
Pagina 6
In dat kader heeft het schoolbestuur met in achtneming van het gemeentelijk Inkoop- en aanbestedingsbeleid een aanbestedingsprocedure uitgevoerd met betrekking tot (ver-)nieuwbouw en uitbreiding van basisschool “Bernadette”. Op basis daarvan en een daaraan gekoppelde stichtingskostenopzet is vast komen te staan, dat ten behoeve van de vervangende nieuwbouw voor voormelde basisschool een realisatiekrediet van € 6.602.047,00 (incl. BTW en sloopkosten) noodzakelijk is. Werkatelier Vastgoedbeheer,
Geert van Etten Bijlagen: A. Afwegingskader renovatie – vervangende nieuwbouw basisschool “Bernadette” te Veghel, voor zowel de oudbouw uit 1954 als ook de overige gebouwdelen; B. Rapportage inzake schouw basisschool “Bernadette” in het kader van het IHP 2022-2037 (= beoordeling technische, functionele en ruimtelijke staat van het gebouw), d.d. 22 maart 2021; C. Beoordelingsmatrix nieuwbouw-vernieuwbouw Bernadetteschool d.d. 21 maart 2023 incl. kostenraming; D. Leerlingenprognoses 2023-2044 basisschool “Bernadette” incl. ruimtebehoefteberekening.
Notitie geactualiseerde noodzakelijkheidstoetsing (ver-)nieuwbouw en uitbreiding bs. “Bernadette” (2505324)
Pagina 7