Beantwoording technische vragen raadsvoorstellen 4 november 2021.docx
Tekst van het document
Technische vragen raadsvergadering 4 november 2021 Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan ‘herontwikkeling voormalig gemeentehuis Schijndel' Fractie
Vragen
Antwoorden
Hart
1. Voor welke locaties in Schijndel zijn principeverzoeken ingediend tot opheffing van horecagelegenheden?
Samen met ‘t Zuid en “den Bras” spreken we over een 6-tal locaties in het centrum van Schijndel.
Instemming openen grondexploitatie complex Sint-Oedenrode – Zwembadweg Fractie
Vragen
Antwoorden
Lokaal
1. Hoeveel particuliere bouwkavels kan de gemeente Meierijstad in dit complex uitgeven en in welk tempo/tijdstraject?
SP
1. In het raadsvoorstel wordt gesproken over verschillende prijsklassen. Aan welke prijzen moeten we denken als het gaat over goedkope koopwoningen, middeldure vrije sector huur,- en koopwoningen?
Totaal 8 vrije kavels. De planning is dat de eerste woningen verkocht gaan worden in Q4 2023 en dat de laatste woningen in 2025 opgeleverd worden. - Goedkope koop: o Tussenw.: max. € 225.000 VON o Hoekw.: max. € 250.000 VON - Middeldure vrije sector huur: o Tussenw.: max. € 950,- / mnd o Hoekw.: max. €1.050,- / mnd
-
2. Hoeveel kavels kan de gemeente nog uitgeven? Krijgt de raad de keuze welke soort woningen hier gebouwd kunnen worden?
Middeldure koopwoningen: o Tussenw.: max. € 350.000 VON o Hoekw.: max. € 350.000 VON
Alle genoemde prijzen hebben prijspeil 1 jan. 2020 Totaal worden er circa 104 kavels uitgegeven, waarvan 8 vrije kavels. De planning is dat eerste woningen verkocht gaan worden in Q4 2023 en dat de laatste woningen in 2025 opgeleverd worden. De raad zal niet betrokken worden bij de keuze van de te ontwikkelen woningen op deze vrije kavels. Het betreffende woonprogramma is samengesteld op basis van het huidige woonbeleid. Daarnaast zijn de woningbouw regisseurs nauw betrokken geweest bij het samenstellen van het woonprogramma voor dit complex. Verder is het woningbouwprogramma voor dit complex reeds contractueel vastgelegd en verwerkt in een stedenbouwkundig ontwerp. Wijziging hiervan is niet gewenst en zal de nodige tijd in beslag nemen, wat niet ten goede komt aan de doorlooptijd van dit complex. Het is dus niet wenselijk om nu nog wijzigingen door te voeren.
Vaststelling Integraal HuisvestingsPlan (IHP) primair en voortgezet onderwijs 2022 - 2037 Fractie
Vragen
Zaaknummer 1948409721
Antwoorden
Pagina 2 van 19
datum 18 oktober 2021
HIER
1. Er wordt gesproken op blz 5 over een nieuwbouwkostenconfigurator 2021. Wat is dit voor een instrument? Wordt dit landelijk gebruikt en alleen voor onderwijshuisvesting of ook breder?
Zaaknummer 1948409721
Pagina 3 van 19
datum 18 oktober 2021
De HEVO nieuwbouwkostenconfigurator hanteren we al vanaf de start van Meierijstad bij afzonderlijke investeringsbudgetten en sinds enkele jaren bij iedere begroting om de benodigde investeringshoogte te bepalen. De aan de nieuwbouwkostenconfigurator ten grondslag liggende formules en kostenindicaties komen voort uit de uitgebreide praktijkervaringen van HEVO met betrekking tot kosten voor nieuwbouw, renovatie, beheer en exploitatie. Het HEVO Expertisecentrum is gespecialiseerd in het beheer van deze kosten en past dezelfde cijfers toe in de eigen (risicodragende) projecten. De genoemde kosten in de kostenconfigurator zijn investeringskosten inclusief BTW met prijspeil 1 januari 2021. Als prijsniveau is regio ’sHertogenbosch gehanteerd; de prijs per regio kan verschillen. In de investeringskosten zijn honoraria, leges, verzekeringen, gemiddelde loon- & prijsstijgingen en schoonmaakkosten opgenomen. Niet opgenomen zijn kosten voor (grond)verwerving, bouwrijp maken, onvoorzien, rentekosten, startkosten, losse inrichting e.d.. Er is landelijk geen voorgeschreven model voor het berekenen van onderwijshuisvestingsinvesteringen. Er kan gebruik gemaakt worden van de bedragen zoals opgenomen in modelverordening van de VNG, maar onze ervaring leert dat deze bedragen minder goed aansluiten op de praktijk; vandaar onze keuze van de nieuwbouwkostenconfigurator van HEVO.
De nieuwbouwkostenconfigurator is specifiek ontwikkeld voor onderwijshuisvesting, maar wordt door ons ook ingezet bij MFA-ontwikkelingen.
2. Op blz 11 staat dat bij investeringen in andere functies in een MFA de kosten in een apart voorstel worden voorgelegd aan de raad. Betekent dit dat dit dan ook niet betaald wordt uit onderwijshuisvesting maar uit andere posten? 3. Wat houdt het inpassingsverlies van 10 % bij renovatie in? Waarom is er dit verlies?
4. In bijlage 1staat op blz 13 het parkeerbeleid. Wordt hier er ook voor gezorgd dat kinderen veilig de school kunnen verlaten en niet tussen geparkeerde auto’s moeten oversteken?
Lokaal
1. Er wordt nu een onderzoek gedaan naar de mogelijkheid voor nieuwbouw van een school in Veghels Buiten; is overwogen het nieuw te ontwikkelen gebied in Veghels Buiten Noord Oost hierin mee te nemen, ook betreffende de evt. locatie? 2. En wordt ook overwogen om meer voorzieningen voor deze wijk in dit gebouw te huisvesten?
Zaaknummer 1948409721
Pagina 4 van 19
datum 18 oktober 2021
De vraag suggereert dat er een aparte post onderwijshuisvesting is. Dat is niet het geval. De kapitaallasten van investeringen in andere functies worden gedekt uit kostprijsdekkende huur, die voor deze functies is berekend. Het inzetten van een bestaand gebouw betekent ook dat de bestaande ruimtelijke structuur en opbouw van het gebouw leidend is/een vaststaand gegeven. Dit betekent in de praktijk dat niet alle gewenste ruimte qua omvang 1-op-1 in een bestaande situatie ingepast kunnen worden. Dit leidt tot minder efficiënt ruimtegebruik. Dat wordt inpassingsverlies genoemd. Daarmee is rekening gehouden. Jazeker. Niet alleen in nieuwbouwsituaties wordt bij de inrichting rondom de school met de verkeersveiligheid rekening gehouden (zie aanpassing buitenruimte Uilenbrink), ook in bestaande situaties staat verkeersveiligheid hoog in het vaandel (zie project ‘Prettig Verkeer’). In het onderzoek naar de mogelijkheid van een onderwijsvoorziening in Veghels Buiten wordt het gehele gebied ‘Veghels Buiten’ betrokken, dus ook het nieuw te ontwikkelen gebied Veghels Buiten Noordoost. In de ‘Mijlpalen van Meierijstad’ is opgenomen dat “bij investeringen in onderwijshuisvesting is een multifunctionele accommodatie uitgangspunt is”. Dit betekent dat ook naar mogelijk andere voorzieningen gekeken wordt. Vanuit het perspectief van een
VVD
3. Worden de extra kosten voor de kleine scholen toeslag vergoed door het rijk? 1. Waarom wordt het voorbehoud gemaakt dat scholen die in het huidige IHP al voorzieningen hebben toegekend gekregen, door dit IHP aanspraak maken op aanvullende voorzieningen?
2. Waarom is zo zwaar ingezet op gelijkwaardigheid van huisvesting van onderwijs als kinderopvang? Waarom kiezen we niet voor prioriteit geven aan datgene waarvoor we als gemeente de wettelijke verplichting hebben? Kinderopvang is immers in veel gevallen ook prima privaat gehuisvest.
Zaaknummer 1948409721
Pagina 5 van 19
datum 18 oktober 2021
onderwijsvoorziening en de visie zoals vastgelegd in het IHP is uitbreiding met kinderopvang voorstelbaar. Nee, dit is eigen beleid van de gemeente Meierijstad Er wordt hierbij gedoeld op het voorstel om scholen met minder dan 145 leerlingen bij onder meer vervangende nieuwbouw 50 m² extra toe te kennen in het kader van passend en inclusief onderwijs. Dit wordt verankerd in de gemeentelijke onderwijshuisvestingsverordening. Dat betekent dat alle scholen met minder dan 145 leerlingen, dus ook de scholen die in het huidige IHP al vervangende nieuwbouw hebben toegekend gekregen, daar aanspraak op kunnen maken. Gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties hebben een gezamenlijke visie ontwikkeld waarbij ingezet wordt op doorgaande ontwikkel- en leerlijnen voor kinderen en jongeren in de leeftijd van 0 tot 19 jaar. In dat kader wordt er mede naar gestreefd om een bereikbaar aanbod van kindvoorzieningen in IKC’s te realiseren en te behouden, ook bij uitbreidingsbehoefte van de school. Vanuit dat streven hebben gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties er baat bij dat de betrokken partijen langdurig met elkaar kunnen samenwerken in een gebouw. Door uit te gaan van gelijkwaardigheid van huisvesting en onderwijs en kinderopvang is dit te bewerkstelligen.
Overigens zij opgemerkt, dat schoolbesturen en kinderopvangorganisaties verwachten dat het een kwestie van tijd is dat kinderopvang onderdeel gaat
3. Welke redenen zitten achter de doordecentralisatie in Veghel? Is dit een succesvol model gebleken? Is het denkbaar dat de gemeente met het Elde College een vergelijkbare doordecentralisatie aangaat?
Zaaknummer 1948409721
Pagina 6 van 19
datum 18 oktober 2021
uitmaken van onderwijs. In dat geval zal gelijkwaardigheid van huisvesting een feit zijn. Als gekeken wordt naar de huisvesting van kinderopvang in Meierijstad, dan kan worden vastgesteld, dat het overgrote deel van de kinderopvangorganisaties in gemeentelijk accommodaties, scholen en sportaccommodaties is gehuisvest. Dat er in 2002 een doordecentralisatieovereenkomst voor het VO in Veghel tot stand is gekomen, is vooral ingegeven door de uitdrukkelijke wens van het schoolbestuur (vereniging Ons Middelbaar Onderwijs) om tot doordecentralisatie over te gaan en de bereidheid van de gemeente om binnen de kaders van budgettaire neutraliteit en onder bepaalde voorwaarden aan dit verzoek gehoor te geven. Als ‘succesvol’ afgezet wordt tegen de wijze waarop het schoolbestuur voorziet in de huisvesting van het VO in Veghel, dan kan gesteld worden dat doordecentralisatie een succesvol model is gebleken. Maar er mag niet uit het oog verloren worden, dat de gemeente altijd verantwoordelijk blijft voor de wettelijke zorgplicht; deze is namelijk niet overdaagbaar.. Als het fout gaat met de doordecentralisatie, en het schoolbestuur is niet meer in staat om in de huisvesting van de scholen te voorzien, dan is de gemeente gehouden daarin onvoorwaardelijk te voorzien.
Hoewel gemeente en schoolbestuur de bereidheid hebben om over doordecentralisatie het gesprek aan te gaan, is het maar de vraag of het tot een
4. Hoe realistisch is het dat we rekenen op de levensduur van 65 jaar van een schoolgebouw? We zien nu al dat scholen zoals de Springplank en Kienehoef eerder aan nieuwbouw toe zijn.
Zaaknummer 1948409721
Pagina 7 van 19
datum 18 oktober 2021
doordecentralisatieovereenkomst gaat komen. Om doorcentralisatie succesvol te maken is een aantal factoren bepalend zoals onder meer grootte van het schoolbestuur c.q. aantal onder het bestuur ressorterende scholen, financiële armslag om risico’s te kunnen afwentelen en expertise. Voor de gemeente is de budgettaire neutraliteit een belangrijke factor. De verwachting is dat in het geval van doordecentralisatie van het VO in Schijndel het gemeentelijke uitgangspunt van budgettaire neutraliteit op gespannen voet zal staan met de noodzaak van het schoolbestuur om extra financiële middelen ter afdekking van financiële risico’s. Wat betreft de levensduur van 65 jaar wordt uitgegaan van de basisgedachte dat nieuwbouw voor een gebruiksduur van 40 jaar wordt gerealiseerd. Na 40 jaar kan een levensduurverlengende renovatie plaatsvinden waardoor het gebouw nog 25 jaar gebruikt kan worden. Deze afweging om levensduur-verlengend te renoveren of nieuw te bouwen wordt gemaakt via een businesscase. Nadat een gebouw eerst 40 jaar in gebruik is geweest en vervolgens 25 jaar verlengd is, wordt na 65 jaar nieuwbouw gepleegd (tenzij er beargumenteerd van afgeweken wordt).
Dat er in Meierijstad dus scholen zijn die na 40 jaar al voor vervangende nieuwbouw in aanmerking komen, betekent dus dat renovatie niet mogelijk is (slechte bouwkundige staat) of kostbaarder is dan vervangende nieuwbouw of niet wenselijk is vanwege een
5. We juichen multifunctioneel gebruik van gebouwen toe (MFA’s), maar het moet geen noodzakelijk doel worden, wat onderwijshuisvesting in de weg zit of vertraagt. Blijft de mogelijkheid met dit IHP bestaan dat we in de nabije toekomst toch kiezen voor een ‘eenvoudige schoolgebouw’ als dat volstaat in een lokale situatie? 6. De eerste 4 jaar rekenen we met een indexatie van 5% (gem. 2,5%) om rekening te houden met eventuele prijsstijgingen. Is dat risico op prijsstijgingen op de langere termijn juist niet nog onzekerder?
SP
1. Leegstand wordt ingevuld met onderwijs gerelateerde activiteiten en kindfuncties. Wat moeten we daaronder verstaan? Hoe “breed” mogen we dat zien? Welke inhoudelijke doelen worden daarmee behaald? Tot welke omvang mag dit gelden? ’t Heibosch, ooit grootste school van Veghel met 14 groepen, nu nog 115 leerlingen, maar geen leegstand. Ra ra hoe kan dit?
Zaaknummer 1948409721
Pagina 8 van 19
datum 18 oktober 2021
herschikkingsoperatie of ontwikkelingen in de ruimtelijke ordening. Ja, een stand-alone schoolgebouw blijft mogelijk, maar combinatie met kinderopvang zal altijd worden nagestreefd, indien daar door betrokken partijen op wordt ingezet. Gedurende de gehele looptijd van het IHP wordt gerekend met een indexering van 2.5%. Deze indexering ligt in lijn met het indexcijfer dat de gemeente momenteel ten behoeve van de gemeentelijke financiën hanteert. Daarnaast worden de noodzakelijke investeringen in onderwijshuisvesting jaarlijks geactualiseerd aan de hand van de nieuwbouwkostenconfigurator, waarin ook de actuele loon- en prijsstijgingen per 1 januari van ieder jaar zijn verwerkt (zie ook vraag 1 van HIER). In het raadsvoorstel zijn abusievelijk de ‘haakjes’ in het woord onderwijs (-gerelateerde) komen te vervallen. De juiste zin is: In de praktijk blijkt echter dat de schoolbesturen en -directies deze leegstand inzetten ten behoeve van onderwijs(-gerelateerde) activiteiten zodat de leegstand wordt benut om inhoudelijke doelen te behalen. Hieronder worden de volgende activiteiten verstaan: • het werken met groepen kinderen in het kader van NPO plannen; • het splitsen van groepen in verband met passend/inclusiever onderwijs; • werken met een VVE tutor;
2. Onderzoek naar locatie in Veghels Buiten. Wordt hierin heel Veghels Buiten meegenomen of alleen het deel dat aansluit op Veghel zuid? Wordt
Zaaknummer 1948409721
Pagina 9 van 19
datum 18 oktober 2021
• kinderopvang; • peuterspeelzaal / peuteropvang; • BSO. Hiermee worden de volgende inhoudelijke doelen bereikt: • Afstemming op individuele ondersteuningsbehoeften van (groepjes) kinderen; • Samenwerking kinderopvang – basisonderwijs in het kader van de doorlopende leerlijn 0-6 jaar = ontwikkeling IKC. Ten aanzien van de situatie van basisschool “t Heibosch merken wij het volgende op. Het gebouw van deze school heeft 12 groepslokalen: • 6 groepslokalen zijn in gebruik voor het onderwijs; op 1 oktober 2021 zaten er 128 leerlingen en dat loopt gedurende het jaar steeds verder op; • 2 groepslokalen zijn in gebruik bij de Peuterspeelzaal / Peuteropvang; • 4 groepslokalen zijn in gebruik bij de kinderopvang / BSO. Op de momenten dat BSO / peuterspeelzaal de lokalen niet zelf gebruiken, maken andere partijen gebruik van deze ruimtes voor de hierboven genoemde onderwijs en onderwijsgerelateerde activiteiten. Ook de leerpleinen s worden door de gebruikers gezamenlijk gebruikt om het spelend leren binnen het IKC vorm te geven. Ja, heel Veghels Buiten (zie ook antwoord op vraag 1 Lokaal).
meegnomen of ouders hun kinderen dan naar die locatie zouden sturen, of dat ze de school die ze nu gekozen hebben handhaven?
3. Geen leegstand nu, maar toch herbestemming op termijn. Over welke school gaat dat en welke herbestemming is dan in beeld?
Hart
1. Bij 1.6 van het raadsvoorstel staat dat de raad een wijziging van de onderwijshuisvestigingverordening tegemoet kan zien ihkv spelregels leegstand. Wanneer kan de raad dit verwachten? 2. Bij het kopje Participatie van het raadsvoorstel wordt aangegeven dat er met betrokken partijen, waaronder dorpsraden is of wordt afgestemd. Graag een overzicht van met wie is afgestemd en wie nog niet?
3. Blz 10 1.4: Er wordt een onderzoek ingesteld naar de mogelijkheden van onderwijsvoorzieningen in welke vorm dan ook in Veghels Buiten. Wat zijn de consequenties voor De Uilenbrink, die juist extra capaciteit kreeg omdat er in dit uitbreidingsgebied geen school zou komen? En voor De Vijfmaster en De Ark, die ook leerlingen uit Veghels Buiten zouden opvangen?
Zaaknummer 1948409721
Pagina 10 van 19
datum 18 oktober 2021
Op zich kan dit aspect in samenspraak met de betrokkenschoolbesturen (SKIPOV en SAAMscholen) in de nadere analyse c.q. het haalbaarheidsonderzoek meegenomen worden, maar de vraag is of dit aspect voldoende ‘valide’ is als het op een onderwijsvoorziening in de zin van de stichting van een nieuwe school aankomt. De nieuwe wet- en regelgeving daaromtrent is daar niet duidelijk over. Aspect zou wel meegenomen kunnen worden in geval voor een andere onderwijsvoorziening dan stichting van een nieuwe school wordt gekozen. Het betreft basisschool “’t Ven” te Veghel. Welke herbestemming het gaat worden staat nog open; dat zal in ieder geval in overleg met de gemeente moeten plaatsvinden De wijziging van de onderwijshuisvestingsverordening staat voor het 2e/3e kwartaal van 2022 gepland Er worden 3 situaties (Boerdonk, Wijbosch en Boskant) genoemd in het raadsvoorstel. In alle drie de gevallen is het haalbaarheidsonderzoek met elke dorpsraad afgestemd en zijn ook afspraken gemaakt over de betrokkenheid en inbreng van de dorpsraden in het vervolgtraject. Het nadere onderzoek, dat wordt ingesteld, zal juist uitsluitsel moeten geven over de consequenties voor deze scholen; omdat er meerdere scenario’s onderzocht worden, kunnen er per scenario’s andere consequenties per school uit voortkomen.
4. Blz 10 1.5/1.6: U stelt dat twee scholen in één gebouw zorgt voor flexibiliteit bij het verdelen van ruimten. Heeft deze vaststelling consequenties voor de plannen voor nieuwbouw of renovatie van schoolgebouwen? 5. Blz 28: SKIPOV geeft aan dat het zich niet herkent in de stabilisatie van het leerlingaantal van ’t Heibosch. Waarop is deze uitspraak gebaseerd?
6. Blz 31: Wat is de reden dat De Ieme bij groei geen gebruik kan of mag maken van de leegstand bij ’t Heibosch?
7. Blz 39: U geeft aan dat de bestaande capaciteit voor bewegingsonderwijs ruimschoots voldoende is. Geldt dit ook voor de kwaliteit van de accommodaties? Zijn er plannen voor renovatie of vervanging van gymzalen?
Zaaknummer 1948409721
Pagina 11 van 19
datum 18 oktober 2021
Neen
Deze uitspraak is gebaseerd op het zittende aantal leerlingen en het aantal aanmeldingen. Op basis daarvan worden op 1 oktober 2022 tussen de 138 en 141 leerlingen verwacht. Om IKC-vorming op basisschool ’t Heibosch meerjarig c.q. langdurig te kunnen garanderen, is in 2019 tussen de gemeente, SKIPOV en SAAMscholen overeengekomen, dat ’t Heibosch langdurig als mogelijke inwoningslocatie voor scholen met een ruimte-tekort buiten beschouwing blijft. Voor zover nu bekend is er op termijn alleen sprake van een mogelijk ruimte-tekort op openbare basisschool “de Ieme”. In dat kader is overeengekomen, dat medegebruik van basisschool “’t Heibosch gedurende een periode van ten minste 15 jaar (van 1 augustus 2019 tot 1 augustus 2034) niet aan orde is om te voorzien in eventuele groei van “de Ieme”. In het kader van het IHP is ook een aantal accommodaties voor bewegingsonderwijs aan een nadere analyse onderworpen. Op basis van deze analyse zijn de volgende voorzieningen in het IHP opgenomen: • Gymzaal de Leest te Veghel: vervangende nieuwbouw in 2029; • Gymzaal Boskant: vervangende nieuwbouw in 2030;
8. Blz 9: U schrijft dat waar kinderen tussen onderwijsvoorziening en buslijnen maximaal 10 minuten moeten kunnen lopen. Is dit voor alle scholen, met name die van voortgezet onderwijs, gerealiseerd? 9. Blz 10: Welke rol speelt de gemeente bij het verkenningsproces van de tienerschool? 10. Blz 16: U geeft aan dat er gekeken kan worden naar vergroening van de schoolpleinen. Kan ‘kijken’ nader worden gespecificeerd?
11. In wijk de Beemd staan vlak naast elkaar de basisscholen de Kring en de Beemd ook jeugdgebouw de Zwengel en het Scoutinggebouw. Is er gekeken waarin de gebouwen en dus ook de gebruikers elkaar kunnen versterken waardoor mogelijk [tijdelijke] uitbreiding van de Beemd mogelijk niet nodig is?
D66
12. Blz 40: Is bij de leerlingprognose voor Kwekkeveld en Vossenberg rekening gehouden met uitbreiding van de wijk richting Schijndel Noord? Zo nee, waarom niet? 1. In de documenten wordt soms gesproken over ‘kern’ soms over ‘kern of wijk’ en soms over ‘kern/wijk’. Wordt daar waar ‘kern’ staat, overal bedoeld
Zaaknummer 1948409721
Pagina 12 van 19
datum 18 oktober 2021
• Gymzaal EBC Icarus: renovatie in 2032; Gymzaal bs. Eerschot: renovatie in 2033. Zowel in Schijndel als in Veghel is een bushalte op maximaal 10 minuten lopen van de VO-locatie gelegen. Het initiatief voor het verkennen van een tienerschool ligt bij de schoolbesturen. Zij kunnen de resultaten van de verkenning terugkoppelen in het LEA overleg. Daar waar mogelijk wil de gemeente meedenken bij het vergroenen van speelpleinen, met name in die situaties waar schoolpleinen naadloos grenzen aan de openbare ruimte en gebruik kan worden gemaakt van deze openbare ruimte. Maar de primaire verantwoordelijkheid voor het inrichten van de ‘eigen’ schoolpleinen en het bekostigen daarvan ligt bij het schoolbestuur, tenzij het schoolpleinen betreft die in bruikleen zijn gegeven aan het schoolbestuur. Dan is er sprake van een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Deze suggestie zal worden meegenomen als het verzoek om tijdelijke uitbreiding van de Beemd wordt ingediend. De onderwijshuisvestingsverordening geeft immers aan dat uitbreiding niet nodig is als middels gebruik vaneen bestaand en geschikt of geschikt te maken gebouw kan worden voorzien in de extra (tijdelijke) ruimtebehoefte van ‘De Beemd’ Ja, er is in de periode 2021-2030 rekening gehouden met een uitbreiding met de woningvoorraad van ruim 600 woningen.
Daar waar ’kern’ staat wordt gedoeld op dorp (zoals bijvoorbeeld kern Eerde) of een grotere kern met
‘kern of wijk’? Zo nee, in welke situaties of uitgangspunten wordt uitsluitend kern bedoeld? 2. Ten behoeve van het opstellen van het IHP is met kinderopvangorganisaties overleg geweest. a. Met welke organisaties is overleg gevoerd? b. Zijn dit alle kinderopvangorganisaties in Meierijstad? Zo nee, met welke organisaties is geen overleg gevoerd? En als niet met alle organisaties overleg is gevoerd, wat waren de criteria voor wel of niet uitnodigen voor overleg? c. Welke kinderopvangorganisaties zijn gehuisvest in hetzelfde gebouw als een basisschool?
Zaaknummer 1948409721
Pagina 13 van 19
datum 18 oktober 2021
daarbinnen wijken (zoals kern Schijndel, Veghel of Sint-Oedenrode). Met de volgende kinderopvangorganisaties is overleg gevoerd: • Kinderopvang Humankind, landelijke organisatie actief in Veghel en Sint-Oedenrode; • Kinderopvang Smallsteps, landelijke organisatie actief in Veghel; • Stichting Peuterspeelzalen Veghel, plaatselijke organisatie in Veghel en kleine kernen Veghel; • SKS de Plu, plaatselijke organisatie actief in Schijndel, Wijbosch en Zijtaart; • Kinderopvang De Verbinding, plaatselijke organisatie actief in Sint Oedenrode, Nijnsel, Boskant en Olland; • Kinderopvang ’t Kroontje, plaatselijke organisatie actief in Veghel en Eerde; • Kindercentrum Bambino, plaatselijke organisatie actief in Erp; • Kinderopvang ’t Egeltje, plaatselijke organisatie actief in Keldonk; • UnIK, regionale organisatie actief in SintOedenrode en Veghel. Nee, dit zijn niet alle kinderopvangorganisaties. Er is uitsluitend overleg gevoerd met de organisaties, die nu al samenwerken met een school en ook met een school in één gebouw zijn gehuisvest.
3. Er staat dat het IHP een product is van de gemeente, schoolbesturen én kinderopvangorganisaties. Hoe is de instemming van (welke) kinderopvangorganisaties vastgelegd?
4. Vanuit VNG, PO- en VO-Raad wordt voorgesteld om het IHP het tweede jaar van iedere bestuursperiode te actualiseren, wat een herijking/actualisering in 2023/2024 zou betekenen. Volgt Meierijstad dit voorstel? Zo nee, waarom niet? 5. De PO-Raad heeft een toolbox waarmee berekend kan worden wat de normbedragen zijn waar de rijksoverheid van uitgaat, bij het bepalen van noodzakelijke onderwijshuisvestingslasten binnen de lump sum toekenning. Maakt Meierijstad gebruik van deze toolbox? Zo ja, wat zijn de bevindingen? Zo nee, is er benchmark informatie over de onderwijshuisvestingsinvesteringen van Meierijstad? 6. Voorstel is extra 50 m2 toe te kennen voor passend, inclusief en gepersonaliseerd onderwijs bij nieuwbouw of renovatie van kleine scholen. d. Is met de schoolbesturen overleg geweest over wat passend, inclusief en gepersonaliseerd onderwijs inhoudt en hoe dit invulling en vorm krijgt? Zo ja, wat waren de bevindingen? Zo nee, wat verstaat het College hieronder? e. Bij een kleine school in een bestaand gebouw met overmaat kan leegstand ingezet worden. Betekent dit dat bij de berekening van de leegstand bij deze scholen, voortaan 50 m2 minder wordt gerekend? Zo ja, wat zijn de financiële consequenties,
Zaaknummer 1948409721
Pagina 14 van 19
datum 18 oktober 2021
De kinderopvangorganisaties zijn gekend in de visie en zijn daar actief in betrokken. Er hebben twee digitale bijeenkomsten plaatsgevonden, waarbij in de laatste bijeenkomst is gevraagd of de organisaties konden instemmen met de aspecten in het IHP, die op de huisvesting van de kinderopvang betrekking hebben. Hierop werd bevestigend gereageerd. De instemming vanuit de schoolbesturen over het gehele IHP (incl. aspecten huisvesting kinderopvang) is vanuit de (wettelijke) verantwoordelijkheden tussen gemeente en schoolbesturen schriftelijk vastgelegd. Vooralsnog volgen we, in afwachting van wat er mogelijk wettelijk wordt vastgelegd, dit voorstel.
Neen Er is geen benchmark informatie over de onderwijshuisvestingsinvesteringen van Meierijstad.
Ja, dit is met de schoolbesturen besproken. Op basis van deze bespreking en de constatering dat er behoefte is aan extra ruimte bij scholen met minder dan 145 leerlingen, is de extra toekenning van 50 m² voor deze scholen tot stand gekomen. Per situatie zal een op maat invulling van deze extra 50 m² door schoolbestuur (en kindpartners) aan de orde zijn.
f.
bijvoorbeeld omdat er minder ruimte is voor bijvoorbeeld kinderopvang? Wat betekent dit beleid voor een kleine school in een bestaand gebouw zonder overmaat?
7. Er is een doordecentralisatie-overeenkomst met OMO voor het Fioretti College en Zwijsen College. Zijn hieraan financiële lasten voor Meierijstad aan verbonden? Zo ja, hoe komen deze in de financiële stukken tot uiting?
Zaaknummer 1948409721
Pagina 15 van 19
datum 18 oktober 2021
Ja, dit betekent dat er voortaan 50 m² minder leegstand wordt gerekend. Andersom geredeneerd: de ruimtebehoefte neemt met 50 m² toe. Allereerst is het uitgangspunt dat onderwijs en opvang gelijkwaardige partners zijn, ook qua huisvesting. Opvang wijkt dan ook niet voor onderwijs. Er zal in dit geval dus geen sprake zijn van minder ruimte voor de kinderopvang, maar geen of niet genoeg ruimte om de school der benodigde extra 50 m² te kunnen toedelen. In dat geval is een extra investering door de gemeente nodig. De kapitaallasten van deze extra investering worden verrekend via een kostprijdekkende huur, die door de kinderopvang opgebracht en aan de gemeente betaald moet worden. Een kleine school in een bestaand gebouw zonder overmaat wordt (eenmalig) uitgebreid met 50 m². Een dergelijke situatie is echter niet aan de orde in Meierijstad. Ja, er zijn financiële lasten aan verbonden. De gemeente Meierijstad betaalt een bedrag per leerling aan OMO. Bij de jaarlijkse bijdrage aan OMO is in principe sprake van ‘bestaand beleid’. Bestaand beleid wordt niet toegelicht in de financiële stukken zolang er geen afwijkingen zijn. In de financiële stukken maken deze onderdeel uit van de totale lasten zoals die zijn opgenomen onder programma 4 Onderwijs. Als er specifieke financiële ontwikkelingen zijn, dan wordt
hierover gerapporteerd in de tussentijdse bestuursrapportges (beraps).
Vaststelling regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen, Regio Meierij en Bommelerwaard 2022-2025 Fractie
Vragen
Antwoorden
VVD
1. Bij argument 1.3 staat integraliteit centraal waarin het uitgangspunt is dat iedereen ongeacht woonplaats dezelfde zorg en ondersteuning ontvangt. Waarom moeten we dan het principe van een centrumgemeente loslaten en doordecentraliseren?
Met de doordecentralisatie wordt elke gemeente verantwoordelijk in plaats van dat alles via een centrumgemeente loopt. Dit geeft meer ruimte om naar behoefte een aantal zaken specifiek in te kleuren en aan te laten sluiten bij de lokale situatie. Vooralsnog is er voor gekozen om te blijven samenwerken middels een centrumregeling, in de toekomst zal dat mogelijk veranderen maar zal er nog steeds regionale samenwerking nodig zijn. De bestaande bestemmingsreserve sociaal domein wordt niet meer gevoed. Het meest recente bestedingsplan voor deze bestemmingsreserve is bij de begroting 2022 gepresenteerd. Als we niet kiezen voor een aparte bestemmingsreserve voor Beschermd wonen, zullen we administratief bij moeten houden welk deel van de reserve ingezet kan worden voor bestedingen in het totale sociaal domein en welk deel, conform de regionale afspraken, gereserveerd is voor Beschermd wonen.
2. Volgens de nota ‘reserves en voorzieningen’ willen we als Meierijstad een ‘nee, tenzij’-principe hanteren als het gaat om het creëren van verschillende reserves. Wat zijn de consequenties als we niet kiezen voor een bestemmingsreserve beschermd wonen, maar blijven bij een totaal reserve voor het gehele sociaal domein?
Zaaknummer 1948409721
Pagina 16 van 19
datum 18 oktober 2021
3. Hoe is de krapte op de woningmarkt op dit moment van invloed voor het beschermd wonen aanbod in Meierijstad? 4. De vorm waarin we de basisvoorzieningen aanbieden is voor elke gemeente vrij. Betekent dit dat elke basisvoorziening in principe wel – ongeacht de vorm – in de gemeente beschikbaar moet zijn? Moet bijv. 24uurs opvang in elke gemeente ‘afgevinkt’ worden, of gaat het erom dat elke inwoner van de regio ergens 24-uurs opvang beschikbaar heeft? 5. Een deel van de lokale basisvoorzieningen waar we ‘nee’ op scoren zijn niet SMART geformuleerd, maar van een aantal dingen kunnen we ons niet voorstellen dat het er nog niet is, of dat er geen aandacht voor is (o.a. samenwerking, informatie en advies, kennisontwikkeling). Hoe is bepaald wanneer het wel of niet voldoende is?
Hart
1. (pag 11) “Voor de opgave ‘Beschermd Thuis’ is een goede spreiding van de voorzieningen van groot belang”. Is er zicht op de spreiding voor wat betreft onze gemeente? En zijn er problemen wat dat betreft te voorzien? 2. (pag 16) “ De inwoners stromen spoedig uit naar een passende woning waarbij extra aandacht wordt besteed aan de overgang naar zelfstandig wonen in de wijk.” Zien Woonmeij en Area dit met vertrouwen tegemoet? Of zijn er problemen te voorzien?
Zaaknummer 1948409721
Pagina 17 van 19
datum 18 oktober 2021
De raad zal dan moeten besluiten om de bestaande bestemmingsreserve sociaal domein weer te gaan voeden met niet bestede gelden voor Beschermd wonen. De situatie op de woningmarkt is onder andere van invloed op de doorstroom en uitstroom uit beschermd wonen. Elke gemeente dient invulling te geven aan basisvoorzieningen. Dit betekent niet dat elke voorziening of aanbod voor alle doelgroepen in elke gemeente aanwezig moeten zijn. Op basis van een inventarisatie is dit beeld bepaald. Hierin speelt o.a. mee dat op sommige delen een nee staat omdat er wel een dergelijke voorziening is maar die er niet altijd is voor deze specifieke doelgroep. Het is dan een relatief kleine stap om dat door te ontwikkelen en invulling te geven aan deze basisvoorziening. Er is door de regio inzichtelijk gemaakt welke voorzieningen nu waar zitten. We weten dus welke voorzieningen in Meierijstad aanwezig zijn. We verwachten hier geen problemen. Rondom thema’s als wonen, welzijn en zorg en leefbaarheid zijn de lijnen met betrokken corporaties kort. Hierin wordt ook gesproken over instroom, uitstroom, doorstroom etc. Zoals bekend is het in de huidige situatie niet eenvoudig om dergelijke zaken te kunnen garanderen. Daarnaast is samenwerking tussen gemeente – corporatie – zorgaanbieder
3. (pag 24) “Inwoners leren hoe ze kunnen omgaan met mensen met verward gedrag, weten waar ze met signalen van verward gedrag terecht kunnen en verward gedrag wordt genormaliseerd” In hoeverre gebeurt dit al? 4. Op de factsheet (pag 50) wordt in het overzicht duidelijk wat we nog niet hebben geregeld in Meierijstad. Is er een plan van aanpak te verwachten waarin duidelijk wordt hoe we zaken gaan organiseren? Wanneer kan de raad deze verwachten? 5. (Pag 48, bijlage 10.1) De informatie over de realisatie van woonzorgvoorzieningen voor kwetsbare personen met verward gedrag komt niet overeen met de factsheet behorende bij het agendapunt Regioplan Doordecentralisatie Beschermd Wonen is gepubliceerd. In het eerste stuk is te lezen dat de realisatie van de voorzieningen is ‘gerealiseerd volgens plan’, in het tweede stuk staat dat het nog ontbreekt aan deze voorzieningen. Graag uitsluitsel.
onderwerp van gesprek om hier op een goede manier invulling aan te geven. Dit gebeurt nu nog te weinig. Dit is ook één van de aandachtspunten op het lijstje van Meierijstad (pag 50) In het lokale uitvoeringsprogramma gaan we hier ook actie op formuleren en uitzetten. Jaarlijks wordt een uitvoeringsprogramma door het college vastgesteld. Dit jaar zal er ook een lokaal uitvoeringsprogramma aan worden toegevoegd die o.a. ingaat op deze zaken. Eind dit jaar zal daar besluitvorming over plaatsvinden. Uit de regionale ambities (regievisie – uitvoeringsplan) hebben we een aantal dingen gerealiseerd. Zoals te zien is in de factsheet hebben we lokaal nog een opdracht om dergelijke voorzieningen te realiseren in Meierijstad in het kader van het programma Weer Thuis: zo veel mogelijk thuis in de wijk wonen.
Vaststelling 'Behoefteonderzoek bedrijventerreinen Meierijstad', inclusief de keuzes en de ontwikkelrichting, als bouwsteen voor de omgevingsvisie Fractie
Vragen
Antwoorden
HIER
1. We willen ruimte voor onze MKB om door te groeien. Worden er eisen gesteld aan nieuwe gebruikers van de oude locaties die vrijkomen op het gebied van duurzaamheid? 1. Is er afstemming geweest met de “regio”? Mogelijk zijn er in de buurgemeentes, al bedrijventerreinen gerealiseerd of al in ontwikkeling, die nog plaats bieden aan ondernemers (uit Meierijstad).
Nee, we stellen hieraan op dit moment geen eisen
SP
Zaaknummer 1948409721
Pagina 18 van 19
datum 18 oktober 2021
Er is een structureel afstemmingsoverleg met de regio, het zogenaamde 1-loket. Hierin worden ruimtevragen van meer dan 1 ha sowieso afgestemd. Ook lokale
Lijst Blanco
1. Een van de knoppen waar een keuze wordt gemaakt is de volgende: ‘Ruimte geschikt voor bedrijven met een hogere milieucategorie’. Er wordt in de het onderzoek gesproken over categorie 4.1 en hoger. Worden hier alle milieucategorieën mee bedoelt? 2. Een van de knoppen waar een keuze wordt gemaakt betreft de (boven)regionaal georiënteerde vraag. Er wordt daar gesproken over de voorwaarde dat het past binnen het profiel van Meierijstad. Wat wordt er precies verstaan onder het profiel van Meierijstad? 3. Wat zijn de mogelijkheden van de gemeente om aan het ene bedrijf de grond wel te verkopen (bijv. omdat die veel werkgelegenheid meebrengt en past binnen het profiel van Meierijstad) en aan een ander bedrijf niet (bijv. grote oppervlakte in relatie tot aantal werknemers) ? 4. Zijn de aantal hectare die worden genoemd op pagina 26 voor Schijndel, Sint-Oedenrode/Nijnsel en Erp de uitgangspunten van de ontwikkelrichting die we vaststellen?
Zaaknummer 1948409721
Pagina 19 van 19
datum 18 oktober 2021
knelpunten en vraagstukken voor terreinen van minder dan 1 ha worden hier besproken Hiermee wordt bedoeld categorie 4.1 tot en met 6, de situatie is uiteraard ook afhankelijk van andere externe factoren We sluiten aan bij de sociaal economische bouwsteen die aangeeft dat de kracht in onze gemeente vooral ligt in de maakindustrie en agrifood. Minstens zo belangrijk is de bijdrage aan ons lokale ecosysteem, bijvoorbeeld op het gebied van werkgelegenheid of leefbaarheid. Dit borgen we in een gemeentelijk uitgiftebeleid/protocol. Bij het verder uitwerken van de ontwikkelrichting die nu voorligt, kunnen we hier vorm aan geven. Ja, we zien deze aantallen als uitgangspunt voor de behoefte voor uitbreiding voor lokaal MKB. De uiteindelijke aantallen zijn ook afhankelijk van beschikbare ruimte en keuzes tav verplaatsing solitaire bedrijvigheid, een duurzaam uitgifteprotocol en keuzes tav herontwikkelings-ambities