Beantwoording technische vragen raad 30 sept 2021.docx
Tekst van het document
Technische vragen raadsvergadering 30 september 2021 Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan ‘Sint-Oedenrode, verplaatsing AH’ en vaststelling beeldkwaliteitsplan ‘Albert Heijn Borchmolendijk te Sint-Oedenrode’ Fractie
Vragen
Antwoorden
HIER
1. Komt er in het nieuw te realiseren pand alleen een Albert Heijn, of wordt het een shop-in-shop supermarkt. Dus met naast Albert Heijn ook aan Albert Heijn gelieerde bedrijven als bijvoorbeeld Etos, Gall&Gall enz.? 2. De bevoorradingsroute gaat over de Hertog Hendrikstraat, de Heuvel en de Markt. Welke andere bevoorradingsroutes zijn nog meer onderzocht ?
Er komt alleen een Albert Heijn in het nieuw te realiseren pand.
3. Welke bestemming ligt op de hal ? Kan, indien Albert Heijn over enkele decennia zou stoppen, een bedrijf als bijvoorbeeld Cranenbroek zich daar automatisch vestigen ?
In een eerder stadium was sprake van een bevoorradingsroute via het Sluisplein, maar dat werd door de (toenmalige) raad niet akkoord bevonden. Bij dat raadsbesluit (d.d. 1 december 2016) zijn kaders meegegeven voor verder onderzoek , waarbij is aangegeven dat de ontsluiting, waaronder laden en lossen, via de Borchmolendijk dient plaats te vinden. Voor het herziene plan is de benoemde bevoorradingsroute daarom veruit de meest logische . Er is uitsluitend een supermarkt met bijbehorende voorzieningen toegestaan binnen de toekomstige bestemming van de hal, tot max. 1.900 m² bruto
Hart
4. Zijn er al plannen bekend voor de locatie waar Albert Heijn nu is gevestigd?
PvdA
1. Bent u met ons eens dat er een andere groep inwoners meer last zal gaan ondervinden als gevolg van de verplaatsing en dat de hinder (toename geluidhinder, afname luchtkwaliteit) daarom niet “gesaldeerd” kan worden”?
2. Is er nader onderzoek gedaan naar de mogelijkheden om de extra hinder tot nul te beperken? zo nee, waarom niet? zo ja, welke opties zijn beoordeeld en wat waren de bevindingen?
Zaaknummer 1948406357
Pagina 2 van 15
datum 13 september 2021
vloeroppervlak en met verkoopruimte uitsluitend op de begane grond. Dit betekent dat het gestelde voorbeeld niet mogelijk is en er in een dergelijk geval altijd een afwegingsmoment met een ruimtelijke procedure is. De term ‘supermarkt’ is als volgt ingekaderd: een zelfbedieningszaak in dagelijkse goederen met hoofdzakelijk een grote verscheidenheid aan levensen genotsmiddelen. Er is nog niks concreet. Eigenaar kan pas stappen zetten hierin indien de verplaatsing van de AH zekerheid heeft. Vraagstelling niet geheel duidelijk. In het vigerende bestemmingsplan ‘Centrum, herziening 2013’ worden binnen het plangebied Borchmolendijk/Passtraat bedrijven/inrichtingen in zowel milieucategorie 1 als 2 toegestaan. In het nieuwe bestemmingsplan wordt dit teruggebracht naar enkel categorie 1, dus de planologische situatie wordt juist verbeterd ten opzichte van nu. In de praktijk kan binnen het plangebied momenteel een ‘zwaarder’ bedrijf gevestigd worden met bijbehorende milieu-effecten. Daarnaast zijn de milieu-effecten van de toekomstige functie op zichzelf onderzocht, afgewogen en aanvaardbaar gebleken. Dat in feitelijke zin veranderingen (kunnen) optreden in verschillende milieu-effecten is overigens evident in dynamische gebieden. Vraag is wat met extra hinder bedoeld wordt.
Het realiseren van een supermarkt in een dynamisch verstedelijkt gebied gaat per definitie gepaard met enige mate van hinder. In het bestemmingsplan zijn
3. Door BRO wordt gesteld dat, rekening houdend met de uitbreiding van het vloeroppervlak (circa 660 m² wvo), de toekomstige gemiddelde vloerproductiviteit in Sint-Oedenrode daarmee naar verwachting stabiel blijft op € 6.275 per m² wvo. Echter, in de analyse voor de centrumvisie wordt dit gesteld op €7.793,- in de bestaande situatie en op €5.964,- per m2 wvo voor 2027. Kunt u aangeven waarop de gesignaleerde discrepantie is gebaseerd?
Zaaknummer 1948406357
Pagina 3 van 15
datum 13 september 2021
uitvoerig alle (milieu)aspecten onderzocht en beoordeeld. Hieruit is gebleken dat er geen dusdanig negatieve gevolgen zijn dat dit onaanvaardbaar zou zijn. Daar waar noodzakelijk zijn met diverse juridische waarborgen nadere maatregelen ter beperking van hinder verplicht gesteld, bijvoorbeeld ten aanzien van hinder door winkelkarren en het laden en lossen. Hierdoor is de (extra) hinder binnen de reële mogelijkheden en de wettelijke kaders beperkt. Daarnaast is er sprake van een belangenafweging, waarin meerdere aspecten een rol spelen, naast de milieu-effecten en hinder. Concreet gaat het hierbij in ieder geval om waarborging van de karakteristiek van het beschermd dorpsgezicht. Het verschil is voor het grootste deel te verklaren door de toename van het winkelaanbod. In 2017 was Lidl nog niet gevestigd in Sint-Oedenrode. Op het moment van opstellen van de berekening voor de centrumvisie (2017) was er 5.500 m2 aan dagelijkse winkelvloeroppervlak (wvo). Vervolgens is ingeschat dat de toekomstige omvang van het dagelijks wvo zou toenamen tot ca. 7.400 m2 door komst van Lidl en uitbreiding AH. Met het openen van Lidl en enkele kleinere veranderingen in het aanbod was het dagelijks wvo in 2019 toegenomen tot 7.213 m2. De gemiddelde vloerproductiviteit is daardoor gedaald naar €6.275 en niet meer op het hogere niveau zoals aangegeven in 2017.
Daarnaast vallen de bevolkingscijfers anders uit. In 2030 is het uitgangspunt 18.740 inwoners in plaats van het uitgangspunt van 18.200 in 2027. Ook vallen de gemiddelde (landelijke) bestedingscijfers gunstiger uit.
4. Kunt u aangeven wat er in het proces verbeterd had kunnen worden om de conclusie van sommige omwonenden, dat het verloop van de omgevingsdialoog niet goed was verlopen, te voorkomen? Is er bijvoorbeeld sprake geweest van een verwachtingenmanagement?
Zaaknummer 1948406357
Pagina 4 van 15
datum 13 september 2021
Bovendien wordt in de berekening in 2019 een andere aanname gedaan ten opzichte van het effect van online boodschappen doen. De afgelopen jaren zijn de bestedingen in de dagelijkse sector meestal met ca. 2% gestegen. De verwachting is dat de groei ook de komende jaren gestaag door zal zetten. BRO heeft in de berekeningen de toekomstige bestedingen in de dagelijkse sector daarom gelijk gehouden aan de huidige bestedingen om de toename van de online aankopen in deze sector te verdisconteren. In de centrumvisie worden de bestedingen naar de toekomst toe juist negatief bijgesteld, dit komt echter niet overeen met het feitelijke trendbeeld. In het Raadsbesluit van 01-12-2016 over de verplaatsing van de AH is besloten dat er een klankbordgroep gevormd moest worden. Op basis hiervan is een klankbordgroep gevormd, bestaande uit vertegenwoordigers van de omwonenden/bedrijven uit omliggende straten, een onafhankelijke voorzitter, gemeente en initiatiefnemer en diens adviseurs. Dit traject is afgerond met een door alle deelnemers, m.u.v. 1 persoon, gedragen verslag. Resultaat van de klankbordgroep is de keuze van een voorkeursmodel, welke vervolgens is uitgewerkt tot het bestemmingsplan zoals dat er nu ligt. Ons is niet
bekend dat er signalen zijn dat de omgevingsdialoog niet goed is verlopen. Integendeel. Wellicht is niet iedereen het eens met de uitkomst, maar dat is een ander verhaal.
Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan ‘Buitengebied Sint-Oedenrode, Lieshoutsedijk 13’ Fractie
Vragen
Antwoorden
PvdA
In het raadsvoorstel valt te lezen: Er verdwijnt een perceel met de aanduiding ‘intensieve veehouderij’. Dit heeft positieve milieueffecten op de omgeving van de planlocatie. Nieuwe bebouwing zal moeten voldoen aan de geldende duurzaamheidseisen. 1. Hoe verklaart u dat “een aanduiding” een positief effect kan hebben op de duurzaamheid in de omgeving en in algemene zin?
Door het verdwijnen van de aanduiding is het (planologisch-juridisch) niet meer mogelijk om op deze plek een intensieve veehouderij te vestigen. Het verwijderen van de aanduiding heeft hiermee een significante invloed op de milieuaspecten cq waarden van het gebied, waaronder bodem, fijnstof, geur en duurzaamheid. De nieuw te bouwen woning heeft nog geen concrete EPC berekening omdat de initiatiefnemer in dit stadium nog bezig is met het uitwerken van de (concept) bouwvergunningsaanvraag. Het verschil in energieverbruik tussen de huidige woning en de nieuwe woning niet hiermee nog niet kwantitatief te maken. Uiteraard zal de nieuwbouw volgens de huidige normen uit het bouwbesluit worden gebouwd. Daarnaast wordt de woning verwarmt met een waterwater warmtepomp (WKO/aardwarmte) en zijn reeds 60 PV zonnepanelen geplaatst.
2. In hoeverre dragen de duurzaamheidseisen voor de nieuw te bouwen bedrijfswoning ter vervanging van een bestaande bedrijfswoning, inclusief sloop, materiaalgebruik, energieverbruik, ruimte beslag etc., per saldo bij aan de duurzaamheid. Kunt daarvoor een kwantitatieve analyse aanleveren?
Kijkende naar het duurzaamheidsaspect van het volledige initiatief, kan het volgende gezegd worden:
Zaaknummer 1948406357
Pagina 5 van 15
datum 13 september 2021
-
-
-
-
Zaaknummer 1948406357
Pagina 6 van 15
datum 13 september 2021
Er wordt een milieuvergunning ingetrokken met totaal 1672 kg / jr NH 3 emissie. Hiervoor in de plaats komen 8 paarden met een emissie van ca. 40 kg / jr NH3. Er wordt dus 1632 kg / jr NH3 emissie onttrokken. Dit levert dus een besparing van 1632 * 2,11 = 3443 kg CO2 uitstoot per jaar op. De varkensstallen werden in de winter met gas verwarmt met een ketel van 30 KW. De paardenstal wordt niet verwarmt. Jaarrond houden we 50% aan = 360 kWh gemiddeld per dag warmte. Met 1 m3 gas = 9,7 kWh per kW warmte voor aardgas is dit een besparing van ca. 37 m3 aardgas / stookdag. Uitgaande van 100 stookdagen is het een minimale besparing van 3700 m3 gas. Met 1,89 kg CO2 per m3 gas is di teen besparing van ca. 7.000 kg CO2. Er was een elektriciteitsverbruik voor mechanische ventilatie en verlichting van ca. 20.000 kWh. Dit is nu nog ongeveer 1.000 kWh vanwege installatie LED verlichting en het geringe aantal dieren wat veelal buiten loopt. Besparing 19.000 kwh elektriciteit. 0,65 kg CO2 per kWh = 12.350 kg CO2 besparing. De huidige bedrijfswoning heeft een gasverbruik van ca. 1.600 m3 / jaar. De nieuwe woning wordt rondom geïsoleerd met een RC > 7.0 en een water-water warmtepomp installatie op elektriciteit. De elektriciteit hiervoor wordt opgewekt door de reeds geplaatste 60 zonnepanelen. Deze wekken ca. 17.000 kWh per jaar op wat ruimschoots
voldoende is voor het eigen verbruik van deze woning, de stallen en de werktuigenloods. Er kan gesteld worden dat er ongeveer 1.600 m3 / jaar aan gas wordt bespaard. Dit is 3.000 kg CO2 besparing. Kortom, er wordt per jaar minimaal een besparing in CO2 uitstoot gerealiseerd van 25.793 kg. Dit is gelijk te stellen aan gemiddeld 5 – 6 huishoudens als deze stroom en gas afnemen van grijze, niet-duurzame energieleveranciers. De eenmalige CO2 uitstoot die gepaard gaat met de omschakeling en bouwactiviteiten kan men niet zo eenvoudig berekenen, maar gesteld kan worden dat deze vrijwel in het niet valt bij de grote besparing die jaarrond wordt gerealiseerd. Daarnaast is er nog het stikstof voordeel van het verkleinen van de veehouderij. Het aanleggen van de paddenpoel en het stuk natuurgebied dragen bij aan de biodiversiteit van het gebied.
Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan ‘Buitengebied Sint-Oedenrode Koeveringsedijk ongenummerd’ Fractie
Vragen
Zaaknummer 1948406357
Antwoorden
Pagina 7 van 15
datum 13 september 2021
PvdA
Onder het kopje Duurzaamheid wordt een sterk afwijkende visualisering van een vermoedelijke duurzaamheidsscan gepresenteerd en dan ook nog zonder nadere onderbouwing. 1. Waarom wijken de beoordeling en de visualisering inhoudelijk en qua vorm af van de doorgaans gebruikte duurzaamheidsscan van Telos?” 2. Staat het de opsteller van het raadsvoorstel vrij om te kiezen voor vorm en inhoud van de duurzaamheidsscan?
De visualisering, zoals opgenomen in het raadsvoorstel, is het eindresultaat van de doorlopen duurzaamheidscan van Telos. In het raadsvoorstel is een korte motivatie opgenomen. Het betreft een kleinschalig initiatief. De duurzaamheidsscan is als bijlage bij de technische vragen gevoegd. De duurzaamheidscan wordt gedaan via Telos (telosduurzaamheidscan.nl), geheel vormvrij is dit dus niet. De woordelijke motivering is maatwerk.
Vaststelling bestemmingsplan ‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Damianenweg 24’ Fractie
Vragen
Antwoorden
PvdA
In het raadsvoorstel onder Duurzaamheid wordt het volgende gesteld: Het initiatief scoort goed op gebied van duurzaamheid. De bedrijfsvoering dient te voldoen aan geldende wetgeving en normen, waardoor negatieve effecten op het milieu worden beperkt. Nieuwbouw biedt mogelijkheden voor het gebruik van herbruikbare materialen. Aangezien de intensieve veehouderij verdwijnt, hebben wij de volgende vragen: 1. Waarom spreekt u van de bedrijfsvoering? 2. Waarom wordt in de duurzaamheidsscan de gevolgen voor de luchtkwaliteit en de gezondheid niet beoordeeld (ammoniak, fijnstof, stank)? 3. Waarom worden in de duurzaamheidsscan de risico’s voor bodem en waterkwaliteit niet beoordeeld? 4. Waarom wordt er geen oordeel gegeven over de economische gevolgen?
Zie hiervoor de aangepaste paragraaf Duurzaamheid zoals opgenomen in het raadsvoorstel.
Zaaknummer 1948406357
Pagina 8 van 15
datum 13 september 2021
Deze is opgenomen in de aangepaste paragraaf Duurzaamheid. Deze is opgenomen in de aangepaste paragraaf Duurzaamheid. Deze is opgenomen in de aangepaste paragraaf Duurzaamheid.
5. Als, zoals u aangeeft, nieuwbouw de mogelijkheid biedt voor hergebruik van materialen, waarom zijn er dan geen concrete acties dienaangaande opgenomen?
Het bestemmingsplan is voor het stellen van eisen aan hergebruik van materialen niet het aangewezen instrument.
Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan ‘Zijtaart-Zuid’ Fractie
Vragen
Antwoorden
Hart
1. Is er, los van de genoemde overleggen, ook een omgevingsdialoog gehouden?
Nee, er is geen Omgevingsdialoog gehouden met omwonenden. De Dorpsraad is betrokken bij de ontwikkeling van Zijtaart-Zuid. Verder zijn er geen zienswijzen ingekomen van omwonenden. Aangezien de grond al geruime tijd in eigendom van de gemeente is en het bekend is in het dorp dat dit een bouwlocatie is, is er geen dialoog gehouden. De locatie ligt ook in de Structuurvisie vast als ontwikkelingslocatie.
Gewijzigde vaststelling Bestemmingsplan “Vlas en Graan – Stadhuisplein, deelgebied 1” Veghel Fractie
Vragen
Antwoorden
SP
1. Plannen voor de brug zijn nog niet uitgewerkt, maar wel meegenomen in dit bestemmingsplan. Geldt dat ook voor de financiering ervan en maakt dit onderdeel uit van het totaalbudget? 2. We lezen dat er mogelijk voetpaden komen langs de Aa. Loopt dat dan ook voor het daar aanwezige appartementsgebouw door en zo ja, is dat dan geen inbreuk op de privacy van de bewoners van dit complex? 3. Er wordt in het stuk gesproken over “een eventueel parkeerdek”. En dat er sprake moet zijn van een sluitende parkeerbalans. Op grond van welke gegevens wordt “eventueel” geen of wel een parkeerdek?
De herinrichtingsplannen voor het deelgebied worden op dit moment uitgewerkt. Alle onderdelen maken deel uit van het totaalbudget. Hierover zijn we nog in gesprek met de bewoners.
Zaaknummer 1948406357
Pagina 9 van 15
datum 13 september 2021
De parkeerbalans in het betreffende gebied kan op meerdere manieren worden bereikt. Naast het voorzien in voldoende parkeerplaatsen willen we vooral het Stadhuisplein en Vlas en Graan vergroenen. Dat zou
bijvoorbeeld kunnen door het realiseren van een parkeerdek. Bepalend hiervoor is onder andere of de investeringskosten passen in het beschikbare budget.
D66
4. Veel informatie over parkeren. Maar in alle berekeningen is het parkeerterrein achter het gemeentehuis niet meegenomen. Biedt een toenemend aantal thuiswerkende ambtenaren wellicht ruimte op het gebied van parkeren op die locatie? 1. Is er al bekend wie het nieuwe zwembad gaat exploiteren? Zo nee wanneer wordt dat bekend en heeft de raad daar invloed op?
2. Wanneer is het overige gedeelte van dit plan (het huidige zwembad en sporthal) klaar om voor de raad te komen.
3. Onder het kopje planning staat “De werkzaamheden voor het nieuwe zwembad zijn gepland om aan te vangen begin november 2021.” Maar ook dat de er tot begin november een beroeps mogelijkheid is. Stel er wordt van die beroepsmogelijkheid gebruik gemaakt heeft dit dan consequenties voor de start van de werkzaamheden? Correctie college
In de notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen zijn op blz. 15 onder het kopje verkeer in de voorlaatste alinea abusievelijk twee foutieve getallen genoemd. De juiste tekst van deze alinea is in de kolom hiernaast opgenomen. In Ibabs is inmiddels ook de juiste versie van de notitie opgenomen.
Zaaknummer 1948406357
Pagina 10 van 15
datum 13 september 2021
Jazeker.
Wij zijn voornemens om naast de zwembaden in Schijndel en Sint-Oedenrode ook het overdekte zwembad in Veghel zelf te exploiteren. Exploitatieberekeningen van Drijver en Partners geven aan dat dit de goedkoopste optie is Het huidige sportcomplex De Beemd (zwembad en sporthal) zijn eigendom van Laco. Laco heeft inmiddels een koopovereenkomst gesloten met Aldi Vastgoed. Zodra Aldi Vastgoed haar plannen heeft uitgewerkt wordt dit deel van bestemmingsplan voor vaststelling aan de raad voorgelegd. Ja, dat is mogelijk.
Via de ontsluiting aan de voorzijde (Stadhuisplein) van het beoogde zwembad, zijn in de huidige situatie in totaal 168 parkeerplaatsen die bereikt worden via deze ontsluiting. Bij een turnover van 3 parkerende voertuigen per etmaal betekent dit dat er 1.008
verkeersbewegingen per etmaal plaatsvinden. Wanneer daar de volledige verkeersgeneratie van het toekomstige zwembad bij wordt opgeteld resulteert dit in een verkeersgeneratie van in totaal 1.163,69 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Verkeerskundig past dit in een verblijfsgebied met lichte verkeersfunctie of een erftoegangsweg. Deze intensiteiten zijn op de bestaande aanwezige infrastructuur en de beoogde infrastructuur vanuit verkeerskundig oogpunt geen probleem. Dit betekent dat op het gebied van verkeersintensiteit wordt voldaan aan het criterium een goede ruimtelijke ordening.
Vaststelling verordening Bedrijveninvesteringzones Sint-Oedenrode 2022-2026 Fractie
Vragen
Antwoorden
Lijst Blanco
1. Wat is het gevolg indien er niet aan de voorwaarden van de draagvlakmeting wordt voldaan? Blijft de reclamebelasting dan nog van toepassing?
Dat zal een bestuurlijke keuze worden. Fiscaal juridisch is dit wel mogelijk. Conform het Convenant reclamebelasting gemeente Meierijstad 2019-2021 (getekend op 6 december 2018) eindigen met ingang van 2022 alle reclamebelastingen binnen Meierijstad. Voor Veghel is deze reclamebelasting – na een succesvolle invoering van de BIZ aldaar – met ingang van 2021 al afgeschaft. Voor Schijndel wordt op verzoek van het centrummanagement daar de Schijndelse reclamebelasting nog voor één belastingjaar (2022) geprolongeerd. Dit in afwachting van de invoering van BIZ-en voor het winkelcentrum van Schijndel.
Zaaknummer 1948406357
Pagina 11 van 15
datum 13 september 2021
PvdA
In het plan van aanpak BIZ ondernemers en vastgoedeigenaren is een flink aantal (sub)doelstellingen opgenomen. Deze hebben vooral een kwalitatief karakter. Over 5 jaar moet draagvlakmeting opnieuw plaatsvinden waarbij, naar wij aannemen, de behaalde resultaten een belangrijke graadmeter zullen zijn voor de beoordeling door ondernemers en vastgoedeigenaren en het draagvlak. 1. Worden er nog kwantitatieve criteria vastgesteld op basis waarvan de resultaten in de eerste 5 jaar kunnen worden beoordeeld?
Zaaknummer 1948406357
Pagina 12 van 15
datum 13 september 2021
Het presteren van een centrum is afhankelijk van vele variabelen. Met een BIZ is de doelstelling om de levendigheid en aantrekkelijkheid van het centrum te versterken. Maar de initiatiefnemers beseffen zich dat ook externe variabelen van invloed zijn, waarop de BIZ geen invloed heeft. Neem als voorbeeld de coronapandemie. Deze negatieve periode heeft ervoor gezorgd dat mooie ambities tijdelijk 'on hold' zijn gezet. Maar ook in positieve zin is bijvoorbeeld een afname van leegstand over enkele jaren waarschijnlijk niet enkel toe te schrijven aan de inzet van de BIZ. Het macro-economische effect van de stand van het consumentenvertrouwen heeft een niet geringe invloed. Vandaar dat de BIZ geen kwantitatieve doelstellingen introduceert. De beste graadmeter is de nieuwe draagvlakmeting die uiterlijk in het najaar van 2026 moet worden uitgevoerd. Stemmen ondernemers en vastgoedeigenaren dan opnieuw voor een BIZ dan is dat hét beste bewijs dat de eerste periode een succes is geweest. Dan is er immers vertrouwen van de bijdrageplichtigen. Natuurlijk zijn er wel zaken die direct zijn toe te schrijven aan de BIZ, zoals de hoeveelheid evenementen in het centrum (organiserend vermogen) en het oordeel van de bezoeker over de aankleding. De BIZ stelt zich tot doel deze zaken objectief/kwantitatief inzichtelijk te maken.
D66
1. Dit betreft een voorstel voor Sint-Oedenrode. Zijn er plannen voor een dergelijke verordening in Schijndel, Veghel of Erp? Zo ja, wanneer worden die ontwikkeld? Zo nee, waarom niet?
D66
2. Is er een peiling geweest bij de ondernemers? Zo ja, welke en waren de reacties? Zo nee, waarom niet?
D66
3. Het komt over als een complexe organisatie waarvan de lasten worden doorbelast. Wat zijn de kosten van de reclamebelasting en hoe worden deze gedekt?
D66
4. Wat levert deze nieuwe regeling voor Sint-Oedenrode netto op, ten opzichte van de huidige reclamebelasting?
Zaaknummer 1948406357
Pagina 13 van 15
datum 13 september 2021
Voor belastingjaar 2023 zijn er initiatieven voor een BIZ vastgoedeigenaren en ondernemers voor het winkelcentrum van Schijndel en is via het POM een initiatief voor een BIZ gebruikers voor de Schijndelse bedrijventerreinen Duin I en II De formele draagvlakmeting (georganiseerd en onder verantwoordelijkheid van de gemeente en onder toezicht van een notaris) vindt eerst plaats nadat de raad de BIZ-verordeningen formeel heeft vastgesteld. De gemeentelijke perceptiekosten (kosten voor het heffen en innen) van de BIZ-en komen met vaste bedragen (met een eventuele opslag voorkosten van bezwaar en beroep) ten laste van de bruto-opbrengst van deze heffingen en worden zo in mindering gebracht op de BIZ-subsidies. Dit gelijk aan de perceptiekosten bij de reclamebelastingen (waarbij een percentage van 5% van de bruto-opbrengst in rekening wordt gebracht. Bedenk hierbij dat deze BIZen praktisch worden geëffectueerd via de gemeentelijke belastingapplicatie en met het gecombineerde aanslagbiljet gemeentelijke belastingen. De reclamebelasting SOR (uitsluitend opgelegd aan de ondernemer/gebruikers en niet aan de vastgoedeigenaren)) staat in de begroting voor € 50K. De BIZ ondernemers wordt begroot op € 60K en die van de vastgoedeigenaren op € 24K. Met de komst van de BIZ ondernemers vervalt dan tevens de reclamebelastingen (geen samenloop van deze gemeentelijke belastingen).
Belangrijk is hierbij wel het besef dat de BIZstichtingen zelf (en dus niet de gemeente) de hoogte van hun gewenste BIZ-opbrengsten en de daarbij behorende tarieven bepalen.
Beschikbaarstelling resterend bedrag uitvoeringskrediet van € 2.000.000 voor versterking robuuste groenblauwe structuren Fractie
Vragen
Antwoorden
HIER
1. We stellen nu het restant krediet beschikbaar. Hadden de projecten sneller voorbereid en opgestart kunnen worden als we in een eerder stadium al het geld beschikbaar hadden gesteld?
Hart
1. Zijn de projecten A (onderdeel waterbuffer Erp) en E (Vlagheide) losstaande projecten in de groenblauwe structuur? Met andere woorden: zijn de ontwikkelingen daar noodzakelijk, los van ontwikkeling Omnipark Erp en toeristische invulling Vlagheide?
Het voorbereidings- en ontwikkeltempo van de diverse projecten loopt nogal uiteen. Dat maakt een fasering in uitgaven makkelijker. Het nu ter beschikking te stellen restant krediet zal de komende jaren worden ingezet. Eerdere beschikking daarover zou niet geleid hebben tot een versnelling van projecten. Het Meerjarenprogramma Groenblauwe Gebiedsontwikkelingen 2020-2027 is gericht op de totstandkoming van diverse projecten die onderdeel uitmaken van verschillende groenblauwe gebiedsontwikkelingen. Daarbij is een indeling gemaakt in gebieden c.q. gebiedsopgaven (A t/m F) en projecten gelegen binnen die gebieden. Bij de projecten waterbuffer Erp en Vlagheide is de groenblauwe ontwikkeling een onlosmakelijk onderdeel van het totale project. Zonder het groenblauw deel kunnen deze projecten niet worden gerealiseerd. Cofinanciering voor EVZ Beeksche waterloop is toegezegd. Daarnaast lopen er op dit moment een aantal aanvragen bij het Groenontwikkelfonds Brabant.
2. Welke cofinanciering is al zeker en/of toegezegd?
Zaaknummer 1948406357
Pagina 14 van 15
datum 13 september 2021
Lijst Blanco
PvdA
1. Er wordt gevraagd om een krediet van 2.000.000 euro vast te stellen. In bijlage 2 worden verschillende projecten genoemd. Bij sommige projecten staat duidelijk aangegeven welk deel wordt betaald uit het budget ‘groenblauw’, maar dat is niet bij alle projecten al bekend. Hoe wordt de 2 miljoen euro die wij nu beschikbaar stellen verdeeld over deze projecten? Is deze uitsplitsing te maken? Zo ja, dan ontvangen wij graag de uitsplitsing. In het raadsvoorstel lezen wij dat bij alle projecten binnen het meerjarenprogramma duurzaamheid een belangrijke rol speelt. Er wordt ingezet op klimaatbestendigheid, reductie van hittestress, afkoppelen van regenwater, versterken beekdynamiek, beekherstel, realisatie waterbergingslocaties en toename van biodiversiteit. Dit is in overeenstemming met de duurzaamheidsvisie van de gemeente Meierijstad. 1. Kunt u aangeven of en in hoeverre bovengenoemd duurzaamheidsthema’s nader worden gekwantificeerd?
2. Is het mogelijk om de thema’s en de uitvoering daarvan te koppelen aan de uitvoeringsprogramma’s in het kader van de duurzaamheidsvisie?
Zaaknummer 1948406357
Pagina 15 van 15
datum 13 september 2021
Daar waar al duidelijkheid bestaat over het aandeel groenblauw binnen concrete projecten, is dit benoemd. Er zijn echter ook projecten waarvoor dit nog niet bekend is. Een uitsplitsing van de nu ter beschikking te stellen 2 miljoen over de afzonderlijke projecten is op dit moment niet te geven. Die verdeling hangt mede samen met de cofinanciering door derden.
1. Het verder invulling geven aan de genoemde duurzaamheidsthema’s is inderdaad een belangrijke doelstelling en een wezenlijk onderdeel van de diverse groenblauwe projecten in Meierijstad. Daarbij is wel sprake van accentverschillen tussen de projecten, samenhangend met de locatie en de specifieke opgave ter plaatse. Het is echter niet mogelijk om daarbij een kwantificering te geven van de diverse duurzaamheidsthema’s. 2. In deel 2 van het meerjarenprogramma is per project een directe relatie gelegd met de Duurzame ontwikkelingsdoelen, ofwel Global Goals, van de VN. In de volgende update van deel 2 van het meerjarenprogramma zou aanvullend hierop ook de relatie met de uitvoeringsprogramma’s uit de duurzaamheidsvisie kunnen worden opgenomen.