B3b Bijlage 1 Lokaal Educatieve Agenda Meierijstad 2026-2030
Tekst van het document
Lokaal Educatieve Agenda Meierijstad 2026-2030 Gemeente Meierijstad
1
Inhoud 1. Inleiding ............................................................................................... 3 2. De uitgangspunten ............................................................................... 4 3. Het kader ............................................................................................. 5 4. Ons programma ................................................................................... 7 5. Betrokken partners ............................................................................. 17 6. Organisatiestructuur en werkwijze ...................................................... 19 7. Bekostiging......................................................................................... 21 8. Bijlagen .............................................................................................. 25 Pijler 1 Focus op taal ........................................................................... 25 Pijler 2 Gezonde groei .......................................................................... 27 Pijler 3 Samen ruimte bieden aan talent ............................................... 29
2
1. Inleiding In gemeente Meierijstad geloven wij in gelijke kansen voor iedereen en vinden wij dat alle jeugdigen hun talenten volledig moeten kunnen ontwikkelen. Dit lukt alleen als we samenwerken vanuit het netwerk rond het kind en de jongere: met ouders, scholen, kinderopvang, zorgpartners, welzijnsorganisaties én de gemeenschap. Door als gelijkwaardige partners de handen ineen te slaan, met openheid, vertrouwen en het besef dat ieder zijn eigen waardevolle expertise inbrengt, spelen we beter en sneller in op complexer wordende vraagstukken in gezinnen en in de samenleving. We zien kinderen en hun ouders als volwaardige gesprekspartners: we praten niet óver hen, maar mét hen. Ook het netwerk rond het kind – familie, buren, vrijwilligers en professionals – betrekken we actief, want: It takes a village to raise a child. We beseffen dat gelijke kansen nastreven ook ongelijk investeren betekent: daar waar achterstanden of kwetsbaarheden groter zijn, zetten we méér in. Dit doen we doelgericht, met oog voor de lokale situatie in buurten en wijken. We normaliseren ondersteuningsbehoeften waar mogelijk en zorgen dat kleine zorgen klein blijven. Preventie en vroegtijdige signalering vormen de basis van ons handelen, dicht bij de leefwereld van kinderen – al vanaf vóór de geboorte tot en met 23 jaar. Kort samengevat streven we het volgende na:
“Alle kinderen en jongeren in Meierijstad groeien in veiligheid op tot geschoolde, gezonde, zelfstandige en zelfbewuste volwassenen die maatschappelijk betrokken zijn.” We gaan uit van drie pijlers die leidend zijn in alles wat we doen:
1. Focus op taal 2. Aandacht voor gezonde groei 3. Samen ruimte bieden aan talent We sturen op de dingen die er écht toe doen en beleggen alle acties binnen een van de drie pijlers. We leggen eigenaarschap voor het realiseren van de ambities per pijler bij de mensen in het primaire proces. Zo vertalen we onze ambitie naar concrete acties en resultaten en bouwen we met elkaar aan een toekomst waarin alle kinderen en jongeren in Meierijstad tot hun recht komen. Samen maken we het verschil!
3
2. De uitgangspunten We streven naar een sterke basis voor een veilige, stabiele, brede én gezonde ontwikkeling van alle kinderen en jongeren. De volgende uitgangspunten liggen als belangrijke waarden onder onze ambitie, onder de drie pijlers en onder alles wat we doen.
Gelijkwaardig partnerschap Vanuit gelijkwaardig partnerschap werken we samen mét ouders aan het stimuleren en ondersteunen van de ontwikkeling van het kind. We zien de informatie en inzichten van ouders over hun kind als een toegevoegde waarde voor de begeleiding van het kind.
Normaliseren We normaliseren het gedrag van kinderen en jongeren of situaties en beschouwen dit in eerste instantie niet als problematisch of afwijkend. Passende hulp blijft beschikbaar voor degenen die dit nodig hebben.
Preventief vanuit een ketenaanpak Door samen met de partners de handen ineen te slaan, bereiken we ouders en jonge kinderen in kwetsbare situaties zo vroeg mogelijk. Zo werken we preventief vanuit een ketenaanpak, voorkomen we dat problemen escaleren en zware interventies of dure jeugdhulp nodig is.
4
3. Het kader Onze Lokaal Educatieve Agenda geeft sturing aan ons beleid rond voor- en vroegschoolse opvang, onderwijs en jeugd. Dit sluit aan bij de taken die op grond van de diverse landelijke wet- en regelgeving op ons rusten. Een korte toelichting op het kader.
Rechten van de mens In Meierijstad hechten we aan de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM). Deze beschrijft dat iedereen, overal ter wereld, dezelfde basisrechten heeft.
“Iedereen heeft recht op leven, vrijheid en veiligheid, en niemand mag worden mishandeld of gemarteld. Iedereen moet gelijk worden behandeld door de wet en recht hebben op een eerlijk proces. Mensen mogen hun mening vrijuit uiten, hun eigen geloof kiezen en stemmen in verkiezingen. Ook hebben mensen recht op onderwijs, werk, een eerlijk salaris, sociale zekerheid en vrije tijd.” Deze rechten gelden voor iedereen, altijd en als gemeente moeten we er samen voor zorgen dat deze rechten worden gerespecteerd. De rechten van de mens vormen dan ook de basis in deze LEA.
Rechten van het kind Op grond van internationale verdragen heeft ieder kind in Nederland recht op onderwijs in een inclusief onderwijssysteem. Alle kinderen moeten zich thuis en veilig voelen op opvang en school en waar mogelijk samen naar opvang of school kunnen gaan – ongeacht hun achtergrond of ondersteuningsbehoefte. Het belang van het kind en het recht op een zo volledig mogelijke ontwikkeling in een ononderbroken lijn en ontplooiing komt voorop te staan. We creëren passende ondersteuning voor alle kinderen en jongeren van 0 tot 23 jaar. Ieder kind kan zo thuisnabij mogelijk leren en zijn talenten ontwikkelen. Hiermee willen we de kinderen voorbereiden op het vinden van hun eigen zelfstandige en zinvolle plaats in de maatschappij, zodat ze vanuit goed burgerschap kunnen en willen bijdragen aan die maatschappij.
5
Wettelijk kader¹ Het hebben van een Lokaal Educatieve Agenda en het voeren van periodiek overleg met schoolbesturen en andere betrokken (onderwijs)partners is een wettelijke verplichting voor gemeenten. Vanuit de Wet op het Onderwijsachterstandenbeleid is wettelijk de dialoog verankerd tussen de LEA-partners. Mimimaal eenmaal per jaar moeten gemeenten een LEAoverleg organiseren met de houders van kinderopvangorganisaties, schoolbesturen po en vo en andere onderwijs- en opvoedingspartners. Dit LEA-overleg is gericht op afspraken maken en meetbare doelen formuleren over de volgende thema’s: • Bestrijden van onderwijsachterstanden • Voorkomen van segregatie • Bevorderen van integratie • Afstemming van toelatings- en inschrijvingsprocedures. Het vve-overleg is een bijzonder onderdeel van het LEA-overleg. Hierop is aanvullende regelgeving van toepassing. Gemeenten zijn, naast dit overleg, ook verplicht om afspraken te maken over de volgende onderwerpen: • De doelgroep definitie • De toeleiding • De doorgaande lijn • De resultaten van vroegschoolse educatie. Verder moeten gemeenten ervoor zorgen dat er in de gemeente voldoende voorschoolse voorzieningen zijn voor kinderen met een risico op een onderwijsachterstand.
Gemeentelijk kader Naast het wettelijk kader, ligt er ook gemeentelijk beleid ten grondslag aan de inhoud van deze LEA. De volgende beleidsstukken2 hebben een directe koppeling: • • • •
•
Document Thuis in Meierijstad – Mijlpalen 2023-2026 Programma Sociaal Domein Regionaal Beleidsprogramma jeugdhulp NOB 2024-2028 Sociaal Werk Meierijstad: o Deelopdracht 1 Centrum Jeugd en Gezin (CJG) (in ontwikkeling) o Deelopdracht 4 en 5 Gezinsaanpak, VVE en laaggeleterdheid o Deelopdracht 6, 7 en 13 Samen sterk – Krachtige wijken en buurten Toekomstvisie Meierijstad 2040
¹Er zijn verschillende wetten waar deze LEA betrekking op heeft. In bijlage 2 zijn de relevante passages uit de Wet OKE (ontwikkelingskansen door kwaliteit en educatie), Wet IKK, de Wet primair onderwijs, de Wet voortgezet onderwijs, de Wet passend onderwijs en de Jeugdwet opgenomen. ²Zie bijlagen.
6
4. Ons programma ³ Onze ambitie “In Meierijstad maken we ons samen hard voor een samenleving waarin iedereen zich welkom voelt, ertoe doet en mee kan doen. We streven naar gelijke kansen voor iedereen. Vanuit een doorlopende ontwikkellijn bereiken we gelijkwaardigheid en inclusie: ieder kind heeft gelijke toegang tot onderwijs en zorg en daarmee gelijke kansen en iedere jongere in Meierijstad verlaat het onderwijs met een startkwalificatie. Er is vanuit preventief oogpunt – reeds voor de zwangerschap - aandacht voor de leefomgeving van een gezin, ouder en kind: thuis in het gezin of in de wijk, in de kinderopvang of op school. We hebben vanuit vertrouwen in de eigen ontwikkelkracht van elk kind aandacht voor de cognitieve-, de sociaal-emotionele en voor de gezonde ontwikkeling.”
De pijlers Vanuit deze ambitie richten we ons op drie pijlers:
Pijler 1
Focus op taal
Pijler 2
Aandacht voor gezonde groei (jij als individu)
Pijler 3
Ruimte bieden aan talent (jij in de maatschappij)
³ Zie ook document Toekomstvisie Meierijstad.
7
Pijler 1
Focus op taal⁴
In Meierijstad willen we dat iedereen een leven lang mee kan doen. Goede taalvaardigheden zijn een belangrijke voorwaarde voor ‘meedoen’, zowel op school als in het dagelijkse leven. Daarom willen we dat iedereen de Nederlandse taal zo optimaal mogelijk gebruikt, zowel mondeling als schriftelijk. Hoe doen we dat? We bieden: • Taalontwikkeling in een doorgaande lijn • VVE van hoge kwaliteit • NT2 en Nieuwkomersonderwijs • Tutoring
Taalontwikkeling in een doorgaande lijn Reeds in de baarmoeder herkennen baby’s geluiden en stemmen en worden de eerste stappen rond taalontwikkeling gezet. Onze Focus op taal start daarom al vroeg: vanaf vóór de geboorte werken we structureel en in een ononderbroken, doorgaande lijn samen met ouders en ketenpartners aan de taalontwikkeling van kinderen en jongeren, zodat elke jongere op minimaal niveau 2F het onderwijs verlaat. Ouders zijn de bron van de taalontwikkeling van hun kind. Daarom zorgen we ervoor dat ook de taalontwikkeling van zoveel mogelijk anderstalige of taalzwakkere ouders gestimuleerd wordt, bijvoorbeeld via ‘het Taalhuis’.
VVE van hoge kwaliteit Voor- en vroegschoolse educatie van hoge kwaliteit is cruciaal voor de ontwikkeling van jonge kinderen en speelt een belangrijke rol in het doorbreken van de vicieuze cirkel van armoede en sociale uitsluiting. Kinderen die opgroeien in kwalitatief goede opvang ontwikkelen betere taal-, denk- en sociale vaardigheden, hebben een grotere kans op een goede start op de basisschool en bouwen een veilige band op met pedagogisch medewerkers, wat belangrijk is voor hun hechting. Daarnaast leren kinderen in de opvang omgaan met anderen, wat hun sociale ontwikkeling versterkt. Daarom streven we naar vve van hoge kwaliteit in een doorgaande lijn. Vier keer per jaar vindt er samen met de opvangen onderwijspartners een vve-overleg plaats, geïnitieerd door de gemeente. We stellen de volgende speerpunten centraal: • Een dekkend aanbod van voorschoolse voorzieningen • Een passende doelgroep definitie • Grip op toeleiding en bereik • Grip op kwaliteit en resultaat • Een duidelijke doorgaande lijn in voor-en vroegschoolse educatie
⁴Zie ook documenten: • Thuis in Meierijstad – Mijlpalen 2023-2026, hoofdstuk 4 • Sociaal Werk Meierijstad Deelopdracht 4 en 5
8
Omdat vve een belangrijke plaats inneemt in de LEA, volgt hierop een korte toelichting. • Een dekkend aanbod van voorschoolse voorzieningen De komende jaren doen we er alles aan om een dekkend aanbod van voorschoolse voorzieningen (zoals kinderopvang, peuteropvang en gastouderopvang), voldoende voorschoolse kindplaatsen én een evenredige spreiding ervan te realiseren. • Een passende doelgroep definitie Gemeenten hanteren een zogenoemde doelgroep definitie om te bepalen welke kinderen in aanmerking komen voor vve. Zo’n doeldefinitie gaat uit van achtergrondkenmerken van de ouders en/of de peuter, zoals opleidingsniveau van de ouder(s) of primaire verzorger(s). Dergelijke achtergrondkenmerken geven een indicatie over de risico’s op een onderwijsachterstand, waardoor extra inzet via vve te rechtvaardigen is. In Meierijstad geldt de volgende doelgroep definitie: • Er is sprake van een (dreigende) achterstand op sociaal-emotioneel gebied op basis van het balansmodel van Bakker; • Er is sprake van een (dreigende) ontwikkelachterstand bij het kind, gerelateerd aan een taal- en/of leerachterstand. De taalontwikkeling is nog niet voldoende volgens het van Wiechenschema; • Signalering van risicoleerlingen door pedagogisch medewerker op basis van KIJK!; • Er is sprake van schuldenproblematiek; • Kinderen zijn nieuwkomers.
• Grip op toeleiding en bereik⁵ We willen zoveel mogelijk jonge kinderen (en hun ouders) bereiken. Vanuit de doelgroep definitie hebben en houden we zo goed mogelijk inzicht in het bereik en non-bereik. Afstemming tussen de betrokken partijen is essentieel. De doelstelling in Meierijstad is om het bereik te verhogen naar 97 procent⁶, zodat zoveel mogelijk kinderen de ondersteuning ontvangen die ze nodig hebben. • Grip op resultaat Binnen de voor- en vroegscholen werken we resultaatgericht aan het ontwikkelen van de taal, waardoor er optimaal zicht is op de ontwikkeling(skansen) van de kinderen. Dit betekent dat we doelgericht, systematisch en cyclisch bezig zijn met de taalontwikkeling van het kind. Voor- en vroegschool: • Zijn geschoold voor en werken met een erkend VE-programma. • Gebruiken een passend kindvolgsysteem. • Zorgen samen voor een warme overdracht van voor- naar vroegschool.
⁴Bereik betreft het aantal kinderen dat daadwerkelijk deelneemt aan voorschoolse educatie, non-bereik het aantal kinderen dat niet deelneemt. ⁵Landelijk bereikcijfer is 80%.
9
• Een duidelijke doorgaande lijn in voor-en vroegschoolse educatie In hun ontwikkeling en groei krijgen kinderen en hun ouders te maken met verschillende overgangsmomenten, bijvoorbeeld de stap van kinderopvang naar groep 1 of de stap van groep 2 naar groep 3. Met een duidelijke doorgaande lijn in de voor- en vroegschoolse educatie laten we de ontwikkeling van jonge kinderen en de overgang van voor- naar vroegschool zo vloeiend mogelijk en zonder hiaten verlopen. Voor- en vroegschool maken zowel beleidsmatig als meer uitvoerend afspraken en zorgen ervoor dat alle partijen in een optimale samenwerking het pedagogisch klimaat en het educatief handelen op elkaar afstemmen en dat leerstof en resultaten goed op elkaar aansluiten. Zo bereiken we dat zoveel mogelijk kinderen zonder ontwikkelachterstand een sterke start kunnen maken in groep 3.
NT2 en Nieuwkomersonderwijs Ook Meierijstad heeft te maken met een gevarieerde populatie nieuwkomers, zoals statushouders, vluchtelingen, arbeidsmigranten en expats. Vanuit de huidige onrust in de wereld voelen we voor de lange termijn een opdracht om nieuwkomers te verwelkomen en hen een goede start te geven. Nieuwkomers hebben vaak een andere moedertaal en Nederlands als tweede taal. Meierijstad heeft vanuit kinderopvang en onderwijs aandacht voor tweetalig opvoeden en biedt expliciet via bijvoorbeeld tutoring en taal- en schakelklassen alle kinderen en jongeren de kans om zich de Nederlandse taal (en cultuur) eigen te maken. Wat bieden we?
10
0-4 jaar
4-6 jaar
Stromen in, in de kinderopvanglocati es in de gemeente, bij voorkeur in de ve-locaties.
Stromen in: • of in de kleutergroepen po, bij voorkeur op vroegscholen met ve-aanbod en tutoring; • of op een nieuwkomerslocati e
(4) -6-12 jaar
12-15 jaar en 15-18 jaar Twee locaties (De ISK bij Fioretti Horizon en ’t Talent) College (12-15 jaar) dompelen de en bij KWI College kinderen (40 (15-18 jaar). weken) onder in de Doelgroep leert in Nederlandse taal anderhalf tot twee en cultuur, zodat de jaar alles over groep kan Nederland; de taal instromen in (begrijpen, spreken, regulier onderwijs. lezen en schrijven) de cultuur en de maatschappij.
De kinderen die vanuit een nieuwkomerslocatie instromen in het reguliere onderwijs worden ambulant begeleid door de ‘mobiele brigade’.
Tutoring
Sinds enkele jaren draait op de groepen 1-2 van bijna alle basisscholen de tutoring. De tutoring geeft een impuls aan de taalontwikkeling van jonge kinderen met een taalachterstand in de kleuterklas en draagt vanuit een directe samenwerking tussen gemeenten, kinderopvang en onderwijs bij aan gelijke kansen voor alle kinderen in Meierijstad. Vanuit deze tutoring stimuleren we de taalontwikkeling van jonge, anderstalige of taalzwakke kinderen (van 4 tot 7 jaar) zodanig dat zij zonder of met zo min mogelijk taalachterstand kunnen starten in groep 3. In de praktijk krijgen de kinderen in kleine groepjes extra ondersteuning en uitdaging op het gebied van taal. Het opgestelde document Kwaliteitskader Tutoring biedt een overkoepelend raamwerk en schept duidelijkheid in proces, aanpak en invulling van de tutoring en geeft op die manier richting aan de kwaliteit en aan de missie om binnen Meierijstad zoveel mogelijk kinderen zonder taalachterstand te laten starten in groep 3.
11
Pijler 2
Aandacht voor gezonde groei⁷
Alle kinderen in Meierijstad moeten zich veilig én gezond kunnen ontwikkelen, zowel thuis als op opvang en school. Ze gaan zoveel mogelijk samen naar opvang of school, ongeacht hun ondersteuningsbehoefte of achtergrond. De omgeving waarin een kind wordt geboren en zich ontwikkelt, vormt het fundament voor de rest van zijn leven. Vroeg – al vóór de geboorte - signaleren waar ouders en kind kwetsbaar zijn, is belangrijk. Vooral dan kunnen we - door vroegtijdig betrokken te zijn - gezonde groei stimuleren en problemen voorkomen en bouwen we samen aan een gezonde generatie in de maatschappij van morgen. Hoe geven we deze pijler vorm? • Stevige lokale teams • Een gezonde, actieve toekomst voor iedereen • Stimuleren van schoolaanwezigheid • Inclusie
Stevige lokale teams Sinds de transitie van de jeugdzorg is het uitgangspunt: één gezin, één plan, één regisseur. Daarvoor zijn meetbare, gezamenlijke afspraken en een proactieve houding van alle betrokkenen nodig, altijd met het kind en diens behoeften centraal. Binnen Meierijstad willen we in eerste instantie voorkomen dat problemen ontstaan en zetten we sterk in op preventie. Als er toch hulp nodig is, willen we kinderen en jongeren zo thuisnabij mogelijk, met de juiste ondersteuning en goede zorg, onderwijs en kinderopvang bieden. Een deel van deze ondersteuning wordt door de school georganiseerd, in samenwerking met het samenwerkingsverband. Wanneer er ook sprake is van zorg of ondersteuning in de thuissituatie, of wanneer het gaat om niet-schoolse hulp (zoals gedragsproblematiek), dan is afstemming nodig met een sociaal team. Hierbij wordt ook gekeken naar de mogelijkheden zoals beschreven in het preventief jeugdbeleid, de inzet van het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG), jongerenwerk en/of andere betrokken partners. Daarnaast zijn bij deze samenwerking ook betrokken: • Jongerenwerk • CJG op school (voorheen: aansluitfunctionaris) • Jeugdgezondheidszorg • Schoolmaatschappelijk werk • Een flexibele schil via Verbinding Plus • Collectief aanbod op school • Individuele jeugdhulp • Zorgadviesteam
⁷Zie ook de documenten: Thuis in Meierijstad – Mijlpalen 2023-2026 (hoofdstuk 5 (punt Sport), hoofdstuk 6, hoofdstuk 7 (punt Gezondheid). Toekomstvisie Meierijstad (onderdeel 3.4) Regionaal Beleidsprogramma jeugdhulp.
12
De medewerkers van de gemeente gaan uit van de zogenaamde ‘Samenwerkwijze’⁸, een praktische werkwijze waarbij inwoners samen met hun eigen netwerk en met beroepskrachten oplossingen vinden voor hulpvragen.
Een gezonde, actieve toekomst voor iedereen⁹ Fysieke activiteit is cruciaal voor de ontwikkeling, gezondheid en het welzijn. Meierijstad zet daarom in op een gezonde, actieve toekomst voor alle inwoners. Door gezond gedrag en beweging op een aantrekkelijke, toegankelijke en integrale manier al vanaf jonge leeftijd te bevorderen, draagt de gemeente bij aan een duurzame fysieke, gezonde en sociale ontwikkeling van alle inwoners.
Stimuleren van schoolaanwezigheid Het verzuim onder leerlingen van 4 tot 23 jaar is niet alleen landelijk, maar ook binnen onze gemeente een belangrijk aandachtspunt. Landelijk maar ook binnen Meierijstad is de focus verlegd naar een positieve insteek: in plaats van de focus op verzuim, stimuleren we schoolaanwezigheid. Binnen onze regio’s zijn routekaarten ontwikkeld die nadruk leggen op het stimuleren van schoolaanwezigheid. Tevens is er een beweging ingezet om niet langer het onderscheid te maken tussen ongeoorloofd en geoorloofd verzuim, maar in beide gevallen zo snel mogelijk te signaleren (bij opvallend verzuim) en preventief te handelen. Samenwerking is cruciaal om de signalen vroegtijdig op te vangen en passende ondersteuning te kunnen bieden. Vanuit een hechte samenwerking tussen onderwijs, jeugdgezondheidszorg en leerplicht zorgen we ervoor dat de verzuimcijfers in beeld zijn, oorzaken van verzuim besproken worden en bedenken we acties om het verzuim te doen dalen.
Inclusie¹⁰
Binnen Meierijstad staan we ervoor dat alle kinderen, inclusief degenen met lichamelijke of verstandelijke beperkingen, ontwikkelingsachterstanden, gedrags- of emotionele problemen, of specifieke leerproblemen, thuisnabij en samen naar school kunnen gaan. Iedereen hoort erbij en voelt zich thuis in Meierijstad. We kennen en waarderen elkaar, ook buiten de eigen wijk, taal, cultuur of gewoonte. Dit is helaas niet altijd vanzelfsprekend. Om inclusie mogelijk te maken, is dan ook een sterke samenwerking tussen kinderopvang, schoolbesturen, samenwerkingsverbanden en de gemeente essentieel.
8 Meer informatie via https://samenwerkwijze.nl. 9 Zie ook document Toekomstvisie Meierijstad, onderdeel 3.9, 4.10. 10 Zie ook document Toekomstvisie Meierijstad, onderdeel 3.2, 4.2
13
Pijler 3
Samen ruimte bieden aan talent¹¹
Onderwijs, overheid, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties staan ten dienste van de ontwikkeling van talenten van kinderen en dienen de toekomstige behoeften van de arbeidsmarkt in onze gemeente. Alle kinderen en jongeren moeten zo thuisnabij mogelijk leren, hun talenten kunnen ontwikkelen, doorstromen naar het vervolgonderwijs en een passende plaats vinden in het arbeidsveld. Vanuit die gedachte willen we alle kinderen en jongeren voorbereiden op een zelfstandige en zinvolle plaats in de maatschappij. In Meierijstad bieden we op de volgende manieren ruimte aan talent: • Talentontwikkeling in een doorgaande lijn • Ons leren is betekenisvol • Beroepsgericht onderwijs staat hoog op de agenda • We stimuleren actief burgerschap
Talentontwikkeling in een doorgaande lijn¹² Een brede ontwikkeling van talenten is essentieel voor kinderen en jongeren, al vanaf jonge leeftijd tot aan de volwassenheid, maar ook nog daarna. Wij vinden dat ieder kind - naast het zich eigen maken van de basisvaardigheden reeds vanaf jonge leeftijd de ruimte moet krijgen om ‘een eigen leerweg’ te kunnen volgen. Ook praktische, creatieve, kritische, sociale en analytische talenten zijn belangrijk in onze maatschappij en in het latere leven van een mens. Door samen met de scholen aandacht te geven aan verschillende vormen van talent, willen we bereiken dat alle kinderen in Meierijstad zich gezien en gewaardeerd voelen en zich breed kunnen ontwikkelen. Dit versterkt hun zelfvertrouwen en motivatie om te leren. Een brede ontwikkeling helpt jongeren ook om hun eigen interesses en sterke kanten te ontdekken. Het vergroot hun kansen op een betekenisvolle plek in de samenleving. Zo bouwen we samen aan een toekomst waarin iedereen gezien wordt en mee kan doen op zijn eigen manier.
Ons leren is betekenisvol Betekenisvol leren betreft het leren op een manier en vanuit een context die voor kinderen en jongeren relevant en waardevol is. Er is sprake van een verbinding met de praktijk, en van actieve en maatschappelijke betrokkenheid in het leerproces. Leerlingen begrijpen waarom ze iets leren en hoe het in hun dagelijks leven van toepassing is. Betekenisvol leren stimuleert leerlingen om kritisch na te denken, problemen te analyseren en oplossingen te bedenken, waardoor dieper begrip kan ontstaan. In Meierijstad stimuleren we betekenisvol leren en werken de scholen en de praktijk samen met de leerlingen aan betekenisvolle opdrachten. Dit gebeurt vanuit een context die relevant en waardevol is en aansluit bij de praktijk van alledag, zodat de leerlingen begrijpen waarom ze iets leren en vanuit intrinsieke motivatie willen leren. Zo ontdekken ze wat er op de werkvloer speelt en gevraagd wordt, en tevens wat van belang is voor een realistische loopbaanoriëntatie. Dit biedt een goede voorbereiding op de toekomstige arbeidsmarkt en op een duurzame participatie in het arbeidsproces.
¹¹Zie ook documenten Thuis in Meierijstad – Mijlpalen 2023-2026, hoofdstuk 4. ¹²Zie ook document Toekomstvisie Meierijstad, onderdeel 3.5, 4.5.
14
Beroepsgericht onderwijs staat hoog op de agenda¹³
Als gemeente dragen we bij aan de leefbaarheid van Meierijstad, door het aantrekkelijk maken van het woon-, leef- en werkklimaat. Daarnaast ondersteunen we het geluk, welzijn en participatie van mensen in de arbeidscontext. Ons bedrijfsleven en organisaties in diverse sectoren hebben dringend goed geschoold en passend personeel nodig. In Meierijstad willen we vanuit een samenwerking tussen onderwijs, ondernemers en overheid (de drie o’s) leerlingen op een speelse en betekenisvolle manier kennis laten maken met diverse bedrijven en sectoren en hen helpen een bewuste keuze te maken voor het vervolgonderwijs en hun latere werkveld. Daarnaast willen we hen vanuit onderwijs en ontwikkeling toerusten op een wereld die snel en onvoorspelbaar verandert, want: de banen van de toekomst vragen om de medewerker van de toekomst.
¹³Zie ook document Thuis in Meierijstad – Mijlpalen 2023-2026, hoofdstuk 4.
15
We stimuleren actief burgerschap¹⁴ Goed burgerschap omschrijven wij als actief meedoen aan de samenleving. Je respecteert de wetten en regels die er gelden en behandelt anderen met respect, ongeacht hun afkomst, geloof of mening. Ook verantwoordelijkheid nemen voor je eigen gedrag en een bijdrage leveren aan een prettige en veilige leefomgeving voor iedereen hoort hierbij. Je bent betrokken bij maatschappelijke kwesties, helpt anderen en houdt rekening met het milieu. Ook sta je open voor verschillende meningen en culturen. De kinderopvang en school zijn volgens ons belangrijke oefenplaatsen waar kinderen en jongeren ontdekken dat samenleven zich op allerlei niveaus en in allerlei gemeenschappen afspeelt: fysiek en digitaal, lokaal, nationaal en mondiaal. Onder andere hier kunnen ze leren ze hoe zij zich verhouden tot mensen met andere opvattingen dan zij en hoe ze op een respectvolle wijze omgaan met verschillen tussen mensen. Door te reflecteren op wat hen drijft als persoon en wat hun normen en waarden zijn, verkennen leerlingen hoe ze zelf willen en kunnen bijdragen aan de samenleving.
¹⁴Zie ook document Toekomstvisie Meierijstad, onderdeel 4.3.
16
5.Betrokken partners De komende jaren kiezen wij ervoor om vanuit een hechte ketensamenwerking met alle onderstaande partners onze LEA-agenda vorm te geven en uit te voeren. SECTOR OVERHEID ONDERWIJS
ORGANISATIE Gemeente Meierijstad Regionaal Bureau Leerplicht Primair onderwijs • SKOPOS • SAAM • Verdi Onderwijs Voortgezet onderwijs • Schijndel: Elde College, sector VMBO/PRO en sector (T)VWO/HAVO • Veghel: Fioretti College en Zwijsen College Overige onderwijspartners • HUB Noord-Brabant locatie Veghel • Koning Willem I College Samenwerkingsverbanden • 30.05 De Meierij po en vo • 30.06 Brabant Noordoost po en vo
KINDEROPVANG/ VVE
Aanbieders VVE • Verdi Start • ’t Kroontje • De Verbinding • De Plu Aanbieders kinderopvang VVE coördinator
17
PARTNERS GEZONDHEIDSZORG/ WELZIJN
Consulenten Jeugd/ Sociaal team • Veghel • Schijndel • Sint-Oedenrode GGD Hart voor Brabant Centrum Jeugd en Gezin • Veghel • Schijndel • Sint-Oedenrode Maatschappelijke partners • Sociaal Werk Meierijstad • Farent • Lumens • MEE
OVERIGE PARTNERS
Bibliotheek Kennisgroep jeugd en onderwijs (Adviesraad Sociaal Domein) Aanbieders van jeugdhulp
18
6. Organisatiestructuur en werkwijze
Stuurgroep
De stuurgroep stuurt in grote lijnen de ontwikkeling en uitvoering van de LEA aan. De stuurgroep stuurt de werkgroepen aan en beoordeelt de projectdoelstelling en het projectresultaat. De projectleider coördineert het project, plant afspraken, monitort de voortgang et cetera. In de stuurgroep zitten circa 5 tot 6 personen, vanuit elke partnerorganisatie één persoon: • 1 bestuurder vanuit kov • 1 bestuurder vanuit po • 1 bestuurder vanuit vo/ mbo • 1 bestuurder vanuit GGD • 1 bestuurder vanuit NOBB en Sociaal Werk Meierijstad • Wethouder Onderwijs en Wethouder Jeugd • 1 projectleider vanuit gemeente
Werkgroepen In elke werkgroep zitten mensen vanuit verschillende partnerorganisaties, en met name de mensen die dagelijks in de praktijk staan. Op deze manier kunnen we in elke werkgroep vanuit een ketensamenwerking aandacht besteden aan de betreffende pijler. Per pijler bekijken we wie er in welke werkgroep zitting heeft. Het is mogelijk dat enkele personen in meerdere werkgroepen zitting hebben. In de werkgroepen zullen per pijler en per deelonderwerp doelen, resultaten en acties opgesteld worden, welke na goedkeuring door de stuurgroep gefaseerd over de komende LEA-periode uitgevoerd worden.
19
Doelstellingen en verantwoording De werkgroepen werken onder supervisie van de stuurgroep de betreffende pijler verder uit, zodanig dat er per pijler concrete onderwerpen benoemd en beschreven zijn, er per onderwerp meetbare en haalbare doelstellingen geformuleerd worden en er concrete acties gekoppeld worden aan de onderwerpen en de doelstellingen.
Klankbordgroep
De klankbordgroep geeft (via beleidsmedewerkers onderwijs) advies en feedback aan de stuurgroep. Ook de klankbordgroep bestaat uit personen die vanuit verschillende disciplines samen met elkaar de uitwerkingen bekijken, suggesties geven, kritische vragen stellen en reflecteren op de plannen.
Frequentie organisatie bijeenkomsten
De groepen komen meerdere keren per jaar bijeen. In onderstaand schema is weergegeven hoe de frequentie van de bijeenkomsten eruitzien. Wie
Frequentie
Werkgroepen
1 keer per kwartaal
Stuurgroep
1 keer per kwartaal
Klankbordgroep
1 keer per half jaar
Groot LEA bijeenkomst
1 keer per jaar
20
7. Bekostiging De bekostiging van ons beleid gebeurt vanuit verschillende geldstromen. • Middelen voor het Onderwijsachterstandenbeleid • Middelen voor Peuteropvang gelden (Asscher middelen) • Middelen vanuit SPUK/GALA • Rijksmiddelen
Middelen Onderwijsachterstandenbeleid (OAB)
Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) biedt gemeenten en schoolbesturen jaarlijks financiële middelen (een geoormerkte subsidie) om onderwijsachterstanden te bestrijden en te voorkomen. Over deze geoormerkte bedragen leggen we verantwoording af. Gemeente Meierijstad ontvangt jaarlijks middelen vanuit het Rijk voor de bestrijding van onderwijsachterstanden. De verdeling van de middelen was afgelopen jaren tot nu als volgt: Meierijstad
Achterstandsscore
OAB-Budget
2023
2.695,03
€ 1.767.696
2024
2.756,28
€ 1.828.372
2025
2.808,35
€ 1.757.639 (voorlopig)
2026
2.779.680 (voorlopig, gemiddelde van 2024-2025)
€ 1.721.904
Bron CBS: Achterstandsscores per gemeente
21
Bekostiging Pijler 1 Binnen pijler 1 lopen op dit moment de volgende projecten: Project Kansrijke start Deelopdracht 4 Sociaal werk (Toeleiding VE en Voorlees/doorleesexpress Sint-Oedenrode en Schijndel Voorschoolse educatie
Doelgroep -9 mnd tot 2 jaar 1,5 tot 4 jaar
Budget € 86.190 € 87.507
Bekostigingswijze SPUK/GALA OAB-gelden – deelopdracht 4
2,5 tot 4 jaar
€ 1003.286
Tutoring Voorleesexpress Veghel Doorleesexpress Veghel Nieuwkomersonderwijs
4 t/m 6 jaar 2 tot 8 jaar 8 t/m 12 jaar 7 t/m 12 jaar
€ 160.100 € 32.663 € 4.209 € 451.000 (totaal voor twee voorzieningen)
OABgelden/Peutergelden OAB-gelden OAB-gelden OAB-gelden OAB-gelden
ISK
12 tot 15 jaar
ISK
15 t/m 18 jaar
Jongerenwerk (deelopdracht 3 SWM)
12 t/m 23 jaar
TOP klassen Nederlands NT2 klassen Nederlands Dyslexie begeleiding TOP Klassen Nederlands Zwijssen Uitbreiding leesonderwijs NT2 begeleiding Inzet excellentieprogramma’s Realiseren 2 leeslokalen Realiseren van leesclubs in de school Samenwerking met bibliotheek Dyslexiebegeleidng
VO VO VO VO
Rijksbekostiging € 1.243.862,11* complete budget jongerenwerk, niet alleen voor onderwijs bedoeld. € 6.500 € 40.000 € 40.000 € 6.500
VO VO VO
€ 10.000 € 16.000 € 18.000
Onderwijsmiddelen Onderwijsmiddelen Onderwijsmiddelen
VO VO
€ 15.000 € 4.600
Onderwijsmiddelen Onderwijsmiddelen
VO
Ntb
Rijksmiddelen
VO
€ 2.700
Onderwijsmiddelen
Rijksbekostiging
Rijksbekostiging Rijksbekostiging Structurele middelen
Onderwijsmiddelen Onderwijsmiddelen Onderwijsmiddelen Onderwijsmiddelen
22
Bekostiging Pijler 2 Project CJG op school
Doelgroep Budget 4-18 jaar € 242.660
Bekostigingswijze Structurele middelen
12-23 jaar 1.243.862,11* Structurele middelen complete budget voor al Jongerenwerk op school het jongerenwerk 4-12 jaar € 30.000 SKOPOS Gemeente € 30.000 Verdi (st. Oedenrode) Verbinding plus in de 3 € 60.000 (SAAM en kernen Verdi) max bedragen* Onderwijszorgarrangementen 4-12 jaar € 110.000 Rijksmiddelen zoals zorg in de klas (ind trajecten) Schoolmaatschappelijk werk 12-18 jaar € 92.515 Gemeente 3 vo scholen Schoolmaatschappelijk werk 4-12 jaar € 46.258 Gemeente op ebc noord 0-18 jaar Totaal is €427.632,Combinatiefunctie hierin zitten ook regeling. Nu opgenomen cultuurcoaches, in brede spuk (gala) sportcoaches senioren, Sport: volwassenen, uniek, combinatiefunctionarissen leefstijl, beleid 4-12 jaar Inzet coördinator Activiteiten budget is Daarnaast incidentele structureel middelen uit rijksregelingen en activiteiten budget sportstimulering (€ Sport: 2+1+2 10.000, -)
Transformatieve school, VO veilig klimaat, normatief kader Training sociale vaardigheden VO leerlingen Training Krachtgericht VO didactisch coachen Training Psych VO Faalangstreducatietraining/ VO over de streep
€110.000
Middelen vanuit school
€10.000
Middelen vanuit school
€15.000
Middelen vanuit school
€ 10.000 € 5.000
Middelen vanuit school Middelen vanuit school
23
Bekostiging Pijler 3 Project Verdi Avontuur Let’s play and learn
Doelgroep 4-12 jaar 4-12 jaar
Budget € 90.000 n.b.
Talentlessen Fioretti Brugklas Maak er werk van cursus PrO Talentklas groep 7/8
12-14 jaar
€ 80.000
Bekostigingswijze Verdi SKOPOS/ Gemeente incidenteel in 2024 Fioretti
VO
€ 25.000
ESF+ en subsidie rijk
Groep 7-8
€ 8.000
Talent ontwikkeling
4-12
€ 15.000
Klassenverkleining Verdi Meer begaafdheid Verdi TriO
4-12 jaar
€ 490.000
Middelen vanuit school Middelen vanuit school OAB-rijksmiddelen
4-12 jaar
€ 65.000
OAB-rijksmiddelen
VO-PO
n.b.
Rijksmiddelen
24
8. Bijlagen Pijler 1 Focus op taal
25
26
Pijler 2 Gezonde groei
27
28
Pijler 3 Samen ruimte bieden aan talent
29
30
BIJLAGE 2 Wettelijk kader Wet OKE
De Wet OKE (ontwikkelingskansen door kwaliteit en educatie) is ingegaan per 1 augustus 2010. De wet kent een aantal belangrijke onderdelen: • De verplichting voor gemeenten om een hoogwaardig voorschools aanbod te hebben voor alle peuters (tussen 2,5 en 4 jaar) met een risico op onderwijsachterstand. • De gemeente is verantwoordelijk voor de kwaliteit van de voorschoolse educatie. • Het voeren van jaarlijks overleg binnen de gemeente en het maken van afspraken over onderwijsachterstandenbeleid, waaronder voor- en vroegschoolse educatie. In de meeste gemeenten gebeurt dit tijdens het LEA-overleg (Lokale Educatieve Agenda-overleg). • Het toezicht en handhaving op de kwaliteit voorschoolse educatie.
Wet IKK
Sinds 1 januari 2018 is de Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang (IKK) van kracht. Het doel van deze wet is om de kwaliteit van de kinderopvang te verbeteren. De pijlers van de Wet IKK zijn: 1. De ontwikkeling van het kind staat centraal 2. Veiligheid en gezondheid 3. Stabiliteit en meer ruimte voor pedagogisch maatwerk 4. Kinderopvang is een vak
Wet primair onderwijs Gemeente Meierijstad ontvangt vanuit het Rijk middelen voor het bestrijden van onderwijsachterstanden. Deze middelen dienen besteed te worden aan activiteiten die de doelstellingen in de artikelen 165 en 166 én 167 van de Wet primair onderwijs bevorderen. Artikel 165 Indien burgemeester en wethouders in samenwerking met de bevoegde gezagsorganen van de scholen, activiteiten ter bevordering van de beheersing van de Nederlandse taal op scholen willen verrichten met het oog op het voorkomen en bestrijden van onderwijsachterstanden, wordt het onderwijs zodanig ingericht dat deze activiteiten plaatsvinden geheel of gedeeltelijk gedurende dan wel buiten het aantal uren onderwijs dat leerlingen op grond van artikel 8 tenminste ontvangen. Een leerling neemt slechts deel aan deze activiteiten als nadat de ouders van de leerling hun instemming schriftelijk kenbaar hebben gemaakt aan het bevoegd gezag. Artikel 166 Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor dat er in een gemeente voldoende voorzieningen in aantal en spreiding zijn waar kinderen met een risico op een achterstand in de Nederlandse taal, als bedoeld in artikel 167, eerste lid, deel kunnen nemen aan voorschoolse educatie die voldoet aan de bij of krachtens artikel 1.50b van de Wet kinderopvang vastgestelde bepalingen.
Artikel 167 en 167a van de Wet primair onderwijs en 118a van de Wet voortgezet onderwijs vormen de wettelijk basis voor het jaarlijks overleg.
31
Artikel 167 Burgemeester en wethouders voeren ten minste jaarlijks overleg en dragen zorg voor het maken van afspraken over: a) met het oog op een zo groot mogelijke deelname van het aantal kinderen aan voorschoolse educatie: b) het vaststellen welke kinderen met een risico op een achterstand in de Nederlandse taal in aanmerking komen voor voorschoolse educatie, c) de wijze waarop die kinderen worden toegeleid naar voorschoolse en vroegschoolse educatie, en d) de organisatie van een doorlopende leerlijn van voorschoolse naar vroegschoolse educatie, en e) resultaten van vroegschoolse educatie. 2. Burgemeester en wethouders voeren overleg en maken de afspraken, bedoeld in het eerste lid, met de volgende partijen: a. voor het eerste lid, onderdeel a: met de bevoegde gezagsorganen van scholen en de houders van kindercentra of peuterspeelzalen als bedoeld in de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen in de gemeente b. voor het eerste lid, onderdeel b: met de bevoegde gezagsorganen van scholen. Alle partijen werken mee aan de totstandkoming van de afspraken 3. Een houder van een kindercentrum verwerkt persoonsgegevens met als doel de bevordering van een goede doorstroom naar het basisonderwijs.
De gegevens die een houder van een kindercentrum of peuterspeelzaal verplicht overdraagt aan het bevoegd gezag van een basisschool over leerlingen die op de basisschool zijn ingeschreven, zijn het programma van voorschoolse educatie dat een leerling heeft gevolgd en de duur van het programma dat is gevolgd. Houders van kindercentra of peuterspeelzalen maken afspraken met de basisscholen binnen een gemeente over de wijze van gegevenslevering. De bewaartermijn voor de overgedragen gegevens is twee jaar nadat het kind het kindercentrum heeft verlaten. Artikel 167a 1. Burgemeester en wethouders en de bevoegde gezagsorganen van de scholen en de kinderopvang, bedoeld in de Wet kinderopvang in de gemeente voeren tenminste jaarlijks overleg over het voorkomen van segregatie, het bevorderen van integratie en het bestrijden van onderwijsachterstanden, de afstemming over inschrijvings- en toelatingsprocedures en het uit het overleg voortvloeiende voorstel van het bevoegd gezag van in de gemeente gevestigde scholen om tot een evenwichtige verdeling van leerlingen met een onderwijsachterstand over de scholen te komen. Het overleg is gericht op het maken van afspraken over de in de eerste volzin bedoelde onderwerpen. Deze afspraken hebben zoveel mogelijk het karakter van meetbare doelen. De inspectie rapporteert jaarlijks over de mate waarin die doelen worden bereikt.
32
Wet voortgezet onderwijs Artikel 118a 1. Burgemeester en wethouders, de bevoegde gezagsorganen van de scholen in de gemeente, en de bevoegde gezagsorganen van de in de gemeente gelegen agrarische opleidingscentra als bedoeld in artikel 1.3.3. van de Wet educatie en beroepsonderwijs, voor zover het betreft het daarin verzorgde voorbereidend beroepsonderwijs, voeren tenminste jaarlijks overleg over het voorkomen van segregatie, het bevorderen van integratie en het bestrijden van onderwijsachterstanden, de afstemming over inschrijvings- en toelatingsprocedures en het uit het overleg voortvloeiende voorstel van het bevoegd gezag van in de gemeente gevestigde scholen om tot een evenwichtige verdeling van leerlingen met een onderwijsachterstand over de scholen te komen. Het overleg is gericht op het maken van afspraken over de in de eerste volzin bedoelde onderwerpen. Deze afspraken hebben zoveel mogelijk het karakter van meetbare doelen. De inspectie rapporteert jaarlijks over de mate waarin die doelen worden bereikt.
Wet passend onderwijs
Het doel van de Wet passend onderwijs is dat alle kinderen een plek krijgen op een school die past bij hun kwaliteiten en mogelijkheden. Ook als zij extra ondersteuning nodig hebben. Scholen in dezelfde regio werken samen in een samenwerkingsverband. In de Wet passend onderwijs staat dat deze samenwerkingsverbanden verplicht een ondersteuningsplan op moeten stellen. In dit ondersteuningsplan staan onder meer afspraken over: • Het niveau van de basisondersteuning op de scholen; • De manier waarop een samenhangend geheel van voorzieningen voor extra ondersteuning binnen en tussen de scholen wordt georganiseerd; • De verdeling van de middelen.
Jeugdwet
Gemeenten zijn verantwoordelijk voor alle vormen van jeugdhulp. Bijvoorbeeld hulp aan huis bij problemen in het gezin. Gemeenten hebben ook de plicht om jeugdhulp en ondersteuning te bieden. Bijvoorbeeld aan jongeren met een beperking, stoornis, aandoening of opgroeiproblemen. Door die verplichting, de jeugdhulpplicht, moeten gemeenten in ieder geval: • De jongere adviseren welke hulp het beste past; • Samen met de jongere de goede vorm van jeugdhulp kiezen; • Zorgen dat de gekozen jeugdhulp ook echt beschikbaar is. In de Jeugdwet en de Wet passend onderwijs is bepaald dat gemeenten en samenwerkingsverbanden van schoolbesturen een plan moeten maken waarin ze beschrijven hoe ze de jeugdhulp en het passend onderwijs willen organiseren. Beide partijen hebben de verplichting om deze plannen met elkaar te bespreken.
33
Enkele doelen van de Jeugdwet zijn: • Gebruik maken van de eigen kracht van jongeren, ouders en hun sociale netwerk. Het is belangrijk dat zij de regie blijven houden over hun leven. En dat ze samen met hun eigen omgeving en professionele hulpverleners naar oplossingen zoeken; • Minder snel medicijnen voorschrijven en de zorgvraag terugbrengen; • Eerder (jeugd)hulp bieden op maat voor kwetsbare kinderen; • Samenhangende hulp voor gezinnen bieden: 1 gezin krijgt 1 plan met 1 regisseur; • Meer ruimte voor jeugdprofessionals en minder regeldruk bij hun werk. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor alle vormen van jeugdhulp. Bijvoorbeeld hulp aan huis bij problemen in het gezin. Gemeenten hebben ook de plicht om jeugdhulp en ondersteuning te bieden. Bijvoorbeeld aan jongeren met een beperking, stoornis, aandoening of opgroeiproblemen. Door die verplichting, de jeugdhulpplicht, moeten gemeenten in ieder geval: • De jongere adviseren welke hulp het beste past; • Samen met de jongere de goede vorm van jeugdhulp kiezen; • Zorgen dat de gekozen jeugdhulp ook echt beschikbaar is. In de Jeugdwet en de Wet passend onderwijs is bepaald dat gemeenten en samenwerkingsverbanden van schoolbesturen een plan moeten maken waarin ze beschrijven hoe ze de jeugdhulp en het passend onderwijs willen organiseren. Beide partijen hebben de verplichting om deze plannen met elkaar te bespreken.
34
Wet op de Expertisecentra
Deze wet is bedoeld voor scholen in het (voortgezet) speciaal onderwijs. Het speciaal (s.o.) en voortgezet speciaal onderwijs (v.s.o.) richt zich op kinderen die een orthopedagogische en orthodidactische benadering nodig hebben. Deze scholen zijn georganiseerd in vier clusters: • Cluster 1: visueel gehandicapte kinderen. • Cluster 2: dove/slechthorende kinderen en kinderen met ernstige spraakmoeilijkheden. • Cluster 3: lichamelijk gehandicapte en langdurig zieke kinderen, zeer moeilijk lerende kinderen. • Cluster 4: zeer moeilijk opvoedbare kinderen en kinderen in pedologische instituten.
Uitgangspunten Onderwijs sluit aan bij de ontwikkelingsmogelijkheden van de leerling en streeft naar een ononderbroken ontwikkelingsproces. • Waar mogelijk wordt doorstroom naar regulier onderwijs bevorderd. • Scholen besteden aandacht aan: o Emotionele en verstandelijke ontwikkeling. o Creativiteit, kennis en sociale vaardigheden. o Actief burgerschap en sociale cohesie. o Veiligheid is een speerpunt: beleid, monitoring en een anti-pestcoördinator zijn verplicht. Onderwijsinhoud en profielen Speciaal onderwijs werkt met kerndoelen voor taal, rekenen, sociale redzaamheid en gezond gedrag. • Voortgezet speciaal onderwijs kent drie uitstroomprofielen: • Vervolgonderwijs (doorstroom naar regulier VO of MBO). o Arbeidsmarktgericht (voorbereiding op werk). o Dagbesteding (voor leerlingen die niet naar werk of vervolgonderwijs gaan). Samenwerking en zorgplicht • Toelating verloopt via samenwerkingsverbanden passend onderwijs. • Gemeente zorgt voor leerlingenvervoer en huisvesting. • Scholen werken samen met gemeente, jeugdgezondheidszorg en maatschappelijke ondersteuning. • Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling is verplicht. Kwaliteit en verantwoording • Scholen stellen een schoolplan (4-jaarlijks) en schoolgids (jaarlijks) op. • Inspectie ziet toe op kwaliteit en veiligheid. • Gemeente draagt bij aan een inclusieve samenleving door samenwerking en ondersteuning.
35
36