CConstaterende datMeierijstad
Koppel je AI →
Document · PDF

B20a Bijlage 1 Dashboard Sociaal Domein 2022

Raadsvergadering 28 september 2023, gemeente MeierijstadBij agendapunt: Stukken van het college van burgemeester en wethouders5.378 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kerncijfers Sociaal Domein – 2022 1. Inleiding Bij elke Bestuursrapportage en de Jaarrekening wordt de dashboardrapportage Kerncijfers Sociaal Domein aangeboden. Het dashboard is een integrale rapportage over de uitvoering van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning, de Jeugdwet en de Participatiewet. De rapportage bevat drie elementen: kwantitatieve gegevens, financiële gegevens en een korte tekstuele toelichting en analyse. De dashboardrapportage is een groeimodel, de komende jaren worden in het kader van de doorontwikkeling zo nodig onderwerpen toegevoegd. Daarmee komt meer en betere sturingsinformatie beschikbaar. Door enkele uitdagingen rondom het nieuwe registratiesysteem X-works was het eerder niet mogelijk om een beeld te genereren over 2022. Sinds kort hebben we bij het regiesysteem de beschikking over een rapportagetool die moet zorgen voor het kunnen ontsluiten van de juiste cijfers. Ten aanzien van de monitoring en de uit X-works gegenereerde cijfers blijven er enkele aandachtspunten. Dit beïnvloedt o.a. de rapportage en de betrouwbaarheid van de cijfers en moeten daarom een voorbehoud maken t.a.v. cijfers. Naast deze dashboard rapportage wordt vanaf 2020 elke twee jaar een meer strategisch en tactisch stuurinstrument aangeboden, de 4G monitor.

Op basis van (zoveel mogelijk) beschikbare informatie wordt in deze monitor een beeld geschetst en een analyse gemaakt van vier belangrijke indicatoren over de leefsituatie van de inwoners van Meierijstad. De monitor geeft een beeld over (positieve) gezondheid, geluk, gezin (thuissituatie) en geld (financiële situatie) van onze inwoners in relatie tot de onderwerpen vanuit het sociaal domein. De beschikbare informatie wordt afhankelijk van de mogelijkheden afgezet tegen de rest van Nederland, vergelijkbare gemeenten of de regio (Noordoost Brabant). Op basis hiervan kan de Raad vaststellen of het goed gaat met onze inwoners, of het gewenst is bij te sturen of dat het gewenst is de ambities bij te stellen. Op basis van ervaringen en input van de Raad zal de 4G-monitor de komende jaren verder worden doorontwikkeld.

2. Wet maatschappelijke ondersteuning 2.1 Kerncijfers Onderstaande tabel geeft een overzicht van het aantal uitstaande voorzieningen op 31 december van het betreffende. In deze tabel zijn zorg in natura (ZIN) en een persoonsgebonden budget (PGB) meegenomen. Sommige klanten maken gebruik van meerdere voorzieningen. Begeleiding en Dagbesteding zijn in onderstaande tabel meegenomen, maar zijn door de nieuwe inkoopsystematiek in 2022 niet te vergelijken met voorgaande jaren. We lichten de producten individuele begeleiding en groepsbegeleiding separaat toe. Aantal uitstaande voorzieningen (ZIN en PGB) Aantal indicaties Wmo Beschermd Wonen Collectief Vervoer Huishoudelijke verzorging Rolstoelvoorziening Vervoersvoorziening Woonvoorziening Parkeerkaart Individuele begeleiding

Dec 2019 133 1783 1904 825 689 529 809 712

Dec 2020 129 1703 2033 740 725 555 961 713

Dec 2021 72 1705 2161 711 768 594 1087 789

Dec 2022 76 1732 2313 612 903 668 1177 853

Groepsbegeleiding

212

174

197

206

Zaaknummer

Pagina 2 van 18

datum Maart 2023

Wmo indicaties 2500 2000 1500 1000 500 in g

g

id

id in

el e eg sb

e el

G

du

ro ep

be ge

le

ka ar t er ke

In di

vi

Ve r

W

Pa r

zi en

in

g

ng oo r

rz ie

sv er vo

oo nv

oo

oo lv

oe st ol R

dec-19

ni

en i rz i

de l ou sh

ui

ng

ijk e. ..

r vo e fV er H

ol C

Be s

ch

le

ct

ie

er m

d

W

on en

0

dec-20

dec-21

Dec 2022

Bovenstaande tabel laat van een aantal hoofdgroepen de ontwikkeling van deze producten meer over de tijd zien. Wat valt op? Zoals voorspeld is voor voorzieningen waar het abonnementstarief van toepassing is een grote stijging te zien. Bij de invoering bleek dit al een aanzuigende werking te hebben. Deze lijn is doorgezet. Dit zien we met name bij het product huishoudelijke verzorging met een verdere toename. De cijfers worden hiervan gemonitord, de daadwerkelijke redenen van inwoners om aanspraak te maken op een voorziening zijn niet altijd evident. Echter wijzen alle signalen (vanuit werkatelier Toegang en regionaal) erop dat het invoeren van het abonnementstarief hier de grootste oorzaak van is. Dit beeld wordt landelijk bevestigd. Hierbij speelt naast het abonnementstarief uiteraard ook andere ontwikkelingen mee waaronder de vergrijzing, langer zelfstandig thuis wonen en een personeelstekort in de huishoudelijke verzorging. Op het gebied van vervoersvoorzieningen en woonvoorzieningen zien we ook een stijging. Deze stijging lift mee op de aanzuigende werking van het abonnementstarief. Ten aanzien van het abonnementstarief volgen we de landelijke ontwikkelingen en mogelijke wijzigingen op de voet. Daarnaast zien we ook een stijging in het aantal gehandicaptenparkeerkaarten. Deze stijgende lijn in de vraag naar deze voorziening zet zich door vanuit 2020.

Dit houdt verband met de toenemende vergrijzing, die in Meierijstad bovengemiddeld aanwezig is. De daling in indicaties rolstoelen kunnen we niet direct verklaren, maar kan verband houden met het stijgen van andere vervoersvoorzieningen. We zagen een sterke daling van beschermd wonen in 2021. Eerder is al de trend ingezet om zo min mogelijk inwoners in zware hulp, waaronder (zware) vormen van beschermd wonen, te hebben. Deze eerdere daling is in 2021 versterkt doordat sinds januari 2021 mensen die hun leven lang intensieve geestelijke zorg (GGZ) nodig hebben toegang hebben tot de Wet Langdurige Zorg. Veel inwoners met een zware beschermd wonen indicatie zijn aangemeld bij het CIZ voor een Wlz indicatie. Een groot deel van hen heeft ook een Wlz indicatie toegekend gekregen. Het beeld na deze omzetting is stabiel te noemen.

Zaaknummer

Pagina 3 van 18

datum Maart 2023

Begeleiding en dagbesteding 2022 Voor begeleiding en dagbesteding kennen we per 2022 een nieuwe inkoop op basis van PxQsystematiek. Ingezette zorg wordt zuiver afgerekend: op basis van werkelijk gebruik. Met de inkoop zijn ook de producten en productindelingen herzien en aangepast op basis van ervaringen, jurisprudentie en advies. Dit houdt in dat er hiervoor ook nieuwe producten/productcodes zijn ontwikkeld waarop geregistreerd wordt. Dit betekent dat de cijfers voor begeleiding en dagbesteding “oude stijl” tot en met 2021 zich niet zonder meer laten vergelijken met begeleiding en dagbesteding “nieuwe stijl” met ingang van 2022. De cijfers over 2022 laten zien dat er 835 indicaties individuele begeleiding en 206 indicaties groepsbegeleiding uitstaan. Deze cijfers zijn zowel Zin als PBG. Een eerste beeld is dat de investering waartoe besloten is bij de implementatie rondom de inkoop, namelijk het vooraf opnieuw beoordelen van cliënten o.b.v. de nieuwe producten, loont. Er is voorafgaand aan ingangsjaar 2022 door onze Toegang goed gekeken naar hoe de passende zorg voor elke inwoner/cliënt past bij de nieuwe producten. Deze investering en het juist inschalen van zorg/zorgzwaarte zal effect hebben op de passende ondersteuning voor de inwoner zelf maar ook op het gebruik van zorg in algemene zin en uiteindelijk in de kosten. M.b.t.

begeleiding en dagbesteding maken we binnen de producten onderscheid in basis en extra. Basis is het “basis-product”, bij een indicatie voor extra is er meer/aanvullende ondersteuning nodig. Bij het omzetten van de oude naar de nieuwe inkoopproducten hebben we aan de voorkant geïnvesteerd om te zorgen dat inwoners de juiste nieuwe producten zouden ontvangen, passend bij hun indicatie en hun zorgbehoefte. Dit heeft zich uitbetaald. Uit nadere analyse blijkt dat 92% van de klanten met individuele begeleiding qua zorgzwaarte in het basis-product zitten. Hiervan krijgt 70% van klanten maximaal 3 uur per week individuele begeleiding en 21% van de klanten maximaal 1 uur per week begeleiding. Voor groepsbegeleiding is de verdeling dat 94% van de klanten in basis zitten, de lichtste vorm van groepsbegeleiding. Hiervan gaat 38% 2 dagdelen, 49% 4 dagdelen en 7% 6 dagdelen naar groepsbegeleiding. Ontwikkelingen 2022 Vanaf invoering van het abonnementstarief zien wij een aanzuigende werking, met name bij huishoudelijke hulp. Deze ontwikkeling heeft ook financiële consequenties en is nog altijd zichtbaar. Het Rijk is voornemens de eigen bijdrage voor huishoudelijke verzorging en begeleiding per 2025 te wijzigen. Wij zijn aangesloten bij de overleggen met de VNG over de implementatie van deze wijziging.

De regiovisie ‘Beschermd wonen en maatschappelijke opvang’ vastgesteld in 2019 gaat uit van de herstelvisie. Vanaf 2022 zijn de nieuwe contracten met aanbieders ingegaan en werken we met de nieuwe beschermd wonen producten, die passen bij deze visie en het regionale uitvoeringsprogramma. In 2022 is voor de lokale implementatie van de doordecentralisatie een uitvoeringsprogramma vastgesteld met diverse lokale projecten en thema's. Denk hierbij aan toegankelijker maken van de arbeidsmarkt, laagdrempelige hulp voor psychische- en verslavingsproblematiek en een vergroting van draagkracht en acceptatie in de wijk. Aan verschillende van die thema's wordt op dit moment gewerkt, beoogd wordt om eind 2023 voor 2024 een vervolg van dit plan te hebben. Hierbij is de ambitie om een uitvoeringsprogramma voor

Zaaknummer

Pagina 4 van 18

datum Maart 2023

2024/2025 te maken, gezien na 2025 de doordecentralisatie juridisch voltooid is. In voorbereiding daarop werken we ook toe naar de implementatie van het woonplaatsbeginsel en de landelijke financieringsmethodiek. Voor het jaar 2022 is een kwantitatief cliëntervaringsonderzoek uitgevoerd. De resultaten zijn middels een raadsinformatiebrief gedeeld. De resultaten voor het jaar 2022 zijn over het algemeen goed en verschillen weinig met vorig jaar. De manier waarop de gemeente heeft geholpen bij de aanvraag werd gewaardeerd met een 7,8 en cliënten geven de gemeente een gemiddeld cijfer van 7,8 voor de kwaliteit van ondersteuning. Opvallend is dat de bekendheid van de onafhankelijke cliëntondersteuner (OCO) is gedaald ten opzichte van vorig jaar. Zo is 32% bekend met de OCO en vorig jaar was dat 36%. We pakken dit op via het koploperproject OCO en gaan inzetten op o.a. de uitvoering van (lokale) communicatie-acties om de bekendheid van de OCO en waar inwoners terecht kunnen met hun hulpvraag te vergroten. In de loop van 2021 is landelijk een personeelstekort ontstaan binnen de huishoudelijke verzorging. Inmiddels merken we breder dat er problemen zijn rondom het verkrijgen en behouden van persooneel. Ook binnen Meierijstad is dit personeelstekort in 2022 nog steeds zichtbaar, waardoor er wachtlijsten en klantenstops bij verschillende aanbieders zijn ontstaan.

De meest urgente casussen worden direct opgepakt, maar een aantal klanten heeft ook langere tijd moeten wachten voordat de ondersteuning opgestart kon worden. We blijven regionaal en met aanbieders in gesprek over oplossingsrichtingen. We hebben aandacht voor de wachtlijst en proberen op alternatieve manier te zorgen dat klanten geholpen worden, zo zijn we inmiddels gestart met een pilot algemene voorzieningen. Daarnaast is voor dit onderwerp ook specifiek aandacht in de voorbereidingen van de nieuwe inkoop van hulp bij het huishouden per 2024.

Zaaknummer

Pagina 5 van 18

datum Maart 2023

Financieel

WMO

Begeleiding/tijdelijk verblijf/dagbesteding

Realisatie 2022 (peildatum 31 december)

(Gewijzigde) begroting 2022

Verschil

PGB

1.325.000

659.453

665.547

ZIN

6.306.929

5.116.268

1.190.661

834.727

640.891

193.836

Collectief vervoer PGB

300.000

230.339

69.661

ZIN

7.083.387

7.257.729

-/- 174.342

1.309.723

1.283.284

26.439

Vervoersvoorzieningen

74.000

169.356

-/- 95.356

Woonvoorzieningen

510.000

634.639

-/- 124.639

ZIN

n.v.t.

1.632.884

PGB

n.v.t.

136.272

Huishoudelijke verzorging Hulpmiddelen WMO

Beschermd wonen

De budgetten voor begeleiding/tijdelijk verblijf/dagbesteding, collectief vervoer, huishoudelijke verzorging, hulpmiddelen en woonvoorzieningen zijn open eind regelingen en worden vooraf zo goed mogelijk geraamd. Voor begeleiding en dagbesteding kennen we per 2022 een nieuwe inkoop op basis van PxQsystematiek. De facturen en declaraties van de geleverde zorg worden achteraf ingediend en verwerkt op basis van het werkelijke verbruik. De cijfers laten een positief resultaat zien over 2022 mede als gevolg van deze nieuwe inkoopsystematiek. Hierbij moet wel worden opgemerkt dat dit pas het eerste jaar is waarmee we op deze manier inkopen. Financiering van beschermd wonen loopt via de centrumgemeente ‘s-Hertogenbosch. Deze financiering wijzigt in de toekomst. Met de decentralisatie beschermd wonen ontvangt elke gemeenten op termijn zelf middelen voor beschermd wonen. De doordecentralisatie van beschermd wonen is inmiddels uitgesteld naar (verwachting) 2024 waarbij de huidige manier van financieren dus met een jaar verlengd zal worden. Dit houdt in dat we in 2022 en 2023 vanuit de centrumgemeente budget krijgen voor de lokale uitvoering van het beschermd wonen.

Zaaknummer

Pagina 6 van 18

datum Maart 2023

3.

Jeugdwet

3.1 Kerncijfers Vanaf 2019 is het GGK, het systeem voor berichtenverkeer tussen verwijzers en aanbieders van jeugdhulp, volledig in gebruik waardoor het mogelijk is om naast de verwijzingen van de gemeentelijke toegang ook de aantallen van andere verwijzers zoals huisartsen en gecertificeerde instellingen zoals Jeugdbescherming Brabant inzichtelijk te maken. In 2021 zijn we gestart met het toekennen van jeugdhulp op basis van het nieuwe productenboek. Onderstaande tabel gaat uit van de nieuwe producten. De informatie uit voorgaande jaren is omgezet naar de nieuwe tabel zodat we de ontwikkelingen ten aanzien van de aantallen kunnen blijven volgen en vergelijken. Een aantal producten zijn nieuw per 2021, zoals consultatie en advies, medicatie consultatie, vaktherapie, verblijf basis en gezinsopname. Om die reden zijn er van voorgaande jaren geen aantallen beschikbaar ten aanzien van deze producten. Categorie Consultatie en advies Respijtzorg Begeleiding

Daghulp

Behandeling GGZ Medicatie consultatie Vaktherapie Netwerk intensief spec. Dyslexie Pleegzorg Gezinsvervangend Verblijf basis Verblijf specialistisch Verblijf GGZ

Zaaknummer

Product

2018

2019

2020

2021

Consultatie en advies Respijtzorg Begeleiding basis Begeleiding specialistisch Daghulp basis Daghulp specialistisch Daghulp intensief Orthoped. Beh. Basis Orthoped. Beh. Specialistisch Basis GGZ Specialistische GGZ

36

34

41

349

353

320

146

143

131

0 26 131 193 19 50 45 9

55 214 639

80 175 469

50 134 385

40 121 517

Medicatie consultatie Vaktherapie

-

-

-

1 28

MST, FACT Dyslexie diagnose en behandeling

77

63

57

71

124

139

140

150

41 18 36

56 12 18

48 10 15

49 7 1 13

1

2

2

2

Pleegzorg Gezinshuis Woonbegeleiding/leefgroep Verblijf incl. behandeling Verblijf ggz spec en intensief

Pagina 7 van 18

datum Maart 2023

Verblijf intensief Gezinsopname Crisis Jeugdreclassering

Jeugdbescherming Landelijke arrangementen Maatwerk Totaal

LVB en driemilieuvoorziening Gesloten jeugdzorg Gezinsopname Crisis ambulant en verblijf Jeugdreclassering OTS tot 1 jaar OTS meerjarig Voogdij Landelijk Transitie Arrangementen Maatwerk zonder verblijf Maatwerk met verblijf

14 1 nb

9 2 nb

9 2 nb

10 4 0 9

22 42 60 30

11 41 44 31

10 38 66 27

18 33 61 28

56 24 1

62 15 4

49 14 3

26 4 3 1669

RIOZ cijfers 2022

83 1 Begeleiding basis: Persoonlijke verzorging 204 Begeleiding Specialistisch 9 Daghulp Basis 57 Daghulp Specialistisch 116 Dyslexie onderzoek en/of diagnostiek Dyslexie onderzoek, diagnostiek en behandeling 141 201 (generalistische) Basis GGZ 262 SGGZ Hoog specialistisch 509 Specialistische GGZ 1 42 Specialistische GGZ 2 2 Medicatie consultatie 4 Orthopedagogische Behandeling Basis Orthopedagogische Behandeling Specialistisch 96 4 Pleegzorg Deeltijd (weekendpleegzorg) 57 Pleegzorg Voltijd 26 Respijtzorg (etmaal) 8 Respijtzorg dagbesteding 25 Vaktherapie 26 Daghulp intensief 1 11 Daghulp intensief 2 10 Daghulp Intensief 3 10 Gezinsvervangend gezinsgericht - Zwaar 9 Netwerk intensief specialistisch - FACT 15 Netwerk intensief specialistisch - MST Begeleiding basis

Zaaknummer

Pagina 8 van 18

datum Maart 2023

Netwerk intensief specialistisch begeleiding en/of behandeling (waaronder IAG)

76 Klinische jeugdverslavingszorg (gesloten groep) 4 1 Klinische jeugdverslavingszorg (open groep) Verblijf intensief - 4/5 LVG / Driemilieuvoorzieningen

7

Verblijf intensief - GGZ verblijfprestatie F Verblijf intensief - GGZ verblijfprestatie G Verblijf intensief - oud provinciale jeugdzorg/ Driemilieuvoorzieningen Verblijf specialistisch - behandelgroep (zwaar) Verblijf specialistisch - GGZ verblijfprestatie E Verblijf specialistisch - leefgroep (zwaar) Verblijf specialistisch - ZZP 3 LVG Vervoer C1 Vervoer C2 Vervoer C3 Vervoer C4 Activiteiten in het preventief justitieel kader

2 2 14 3 4 6 4 3 18 3 3

ITB-Criem Jeugdreclassering Ondertoezichtstelling jaar 1 Ondertoezichtstelling jaar 2 en verder Overig: Begeleiding toeleiding gesloten jeugdzorg Samenloop

24 48 78 1 1

Toezicht en begeleiding

23 27

Voogdij: outputgericht A-specifiek Deelprestatie verblijf GGZ F (Extra intensieve verzorgingsgraad) Diagnostiek, Observatie en Exploratieve Behandeling

2

Jeugd ggz behandeling specialistisch

1 Specialistische begeleiding jeugdhulp ambulant 1 1.604 JSGLVG

Zaaknummer

Pagina 9 van 18

datum Maart 2023

Cijfers Voor 2022 hebben we de cijfers van RIOZ gebruikt. De cijfers die wij uit ons eigen systeem, xworks, kregen waren niet betrouwbaar. Met de overgang naar dit systeem is er waarschijnlijk data niet helemaal goed verwerkt. De cijfers uit xworks liet op enkele producten een exponentiële groei zien die wij niet herkennen. Deze hebben wij naast de cijfers van RIOZ gelegd en daar is deze groei niet in die mate te zien. Om geen verkeerd beeld te geven hebben wij ervoor gekozen de cijfers van het RIOZ voor 2022 te delen. In de tussentijd zullen we de gegevens uit xworks verder verbeteren zodat we intern met deze bron van informatie verder kunnen werken. Over het algemeen zien wij een lichte verschuiving van lichte inzet naar zwaardere hulpvormen. We zien meer inzet begeleiding specialistisch en een afname in begeleiding basis. Daarnaast neemt de vraag naar GGZ, zowel basis als specialistisch, toe. De mentale klachten (stress, eenzaamheid) onder jongeren neemt toe. Dit is een landelijke trend die ook gezien en herkend wordt door de consulenten van de toegang en aanbieders.

De komende jaren zullen we nog meer in moeten zetten op collectief preventief aanbod, de aanwezigheid van jongerenwerkers en jeugdprofessionals (aansluitfunctionarissen) op de scholen en samenwerking met andere domeinen. Het belang van een integrale, domein overstijgende aanpak wordt steeds belangrijker. Niet elke hulpvraag is een jeugdhulp vraag. Daarnaast zullen de er gesprekken gevoerd blijven worden met de huisartsen, poh ggz jeugd en het onderwijs over de-medicaliseren en normaliseren. We proberen hiermee de stijgende lijn te doorbreken. Het aantal jeugdigen dat dyslexiehulp ontvangt is licht gedaald. Binnen de gemeente Meierijstad is de inzet van dyslexiezorg belegd bij het dyslexieteam. Het team beoordeelt de aanvragen dyslexie die zij van de scholen ontvangen. Onderdeel van deze beoordeling is in hoeverre er voldoende inzet is geweest vanuit het onderwijs en in hoeverre er sprake is van andere problematiek. Op basis van deze beoordeling wordt een deel van de aanvragen teruggelegd bij school, een deel van de vragen wordt doorverwezen naar andere hulpverlening. Het merendeel van de aanvragen wordt positief beoordeeld en wordt verwezen naar dyslexiezorg.

3.2 PGB PGB

2017

2018

2019

2020

2021

heel 2022

Aantal cliënten

184

168

178

128

176

185

€

€ 1.217.062

€ 1.118.576

€ 1.060.232

€ 1.198.196

Totaal toegekend budget

€ 1.289.089

1.209.51 5 Totaal benut door cliënt

€

€ 831.393

€ 833.541

€ 736.838

862.035

Zaaknummer

Pagina 10 van 18

datum Maart 2023

€ 910.550

€ 983.679

We zien in 2022 een lichte toename van het aantal cliënten dat een PGB heeft aangevraagd in. Ook zien we een lichte stijging in de kosten PGB. De stijging in de kosten komt, naast de lichte stijging van cliënten, ook door een paar grote, dure PGB’s die overgenomen zijn als gevolg van de wijziging van het woonplaatsbeginsel.

3.3 Financieel

Jeugd

(Gewijzigde)

Realisatie

begroting 2022

2022

Verschil

PGB - Uitvoering door SVB

875.500

983.679

-108.179

Deeltaxivervoer (PGB en ZIN)

103.000

105.869

-2.869

Jeugdzorg in Natura (ZIN) - maatwerkdienstverlening - ZIN - Landelijke transitie-arrangementen

1.411.683

1.445.376

-33.693

- ZIN (pxq) – Uitvoering lokaal

11.980.083

12.681.320

-701.327

484.249

329.228

155.021

0

-11.047

11.047

811.369

1.282.737

1.939.286

1.598.705

354.732

372.961

-18.299

- Regionale ZIN - Uitvoer door Centrumgemeente Den Bosch/RIOZ* - Terugbetaling ivm correctie woonplaatsbeginsel (inkomst) Jeugdzorg in Natura (ZIN) - geëscaleerde zorg - Jeugdbescherming (JB) en Jeugdreclassering (JR) – Uitvoering lokaal - Regionale ZIN - Uitvoer door Centrumgemeente Den Bosch/RIOZ* Jeugdzorg - lokaal maatwerk Jeugdzorg – deeltaxivervoer

-471.368 340.581

0

57.501

-57.501

Uitvoeringskosten centrumgemeente Den Bosch/RIOZ

312.479

223.682

88.798

Stelpost

564.257

0

564.257

18.836.638

19.070.010

-233.372

621.085

210.310

410.775

19.457.723

19.280.320

177.403

Totaal exclusief transformatiebudget Transformatiebudget Jeugdzorg (incidenteel)

Totaal inclusief transformatiebudget

Met ingang van 1 januari 2022 is voor de Zorg in Nature (ZIN) de oude lumpsum-financiering gestopt en wordt er voortaan gefinancierd op basis van PxQ. Hierdoor betaalt iedere gemeente voortaan lokaal haar eigen zorgverbruik. Enkele budgetten zijn nog opgenomen in het regionaal budgettair kader. Deze budgetten zijn met name bedoeld voor het in stand houden c.q. beschikbaar houden van voorzieningen en/of het naar verhouding spreiden van overhead- en excessieve zorgkosten over de deelnemende gemeenten. Voor deze budgetten zijn we regionaal solidair volgens een in de centrumregeling vastgelegde verdeelsleutel. Ook voor de regionale uitvoeringskosten zijn we nog steeds solidair. Als gevolg van deze nieuwe inkoopsystematiek maken we in bovenstaande tabel voortaan onderscheid tussen de ZIN – uitvoering lokaal en de ZIN - uitvoering regionaal door de Regionale inkooporganisatie (RIOZ).

Zaaknummer

Pagina 11 van 18

datum Maart 2023

We zien in 2022 veel hogere lasten dan geraamd. - Als gevolg van corona hebben meer jongeren gebruik gemaakt van jeugdhulp. Nu corona voorbij is lijkt het aantal kinderen met jeugdhulp lijkt zich weer redelijk te gaan stabiliseren. - De kosten/prijzen van de aanbieders zijn gestegen. De toegepaste indexering van de budgetten in de begroting 2022 bleek hiervoor niet volledig toereikend te zijn. - Daarnaast wordt het verschil ook veroorzaakt door het RBO-besluit van 10 november 2022 tot aanvullende extra indexatie van de tarieven jeugdhulp over het tweede half jaar van 2022. - De verdeling tussen het lokale deel en regionale deel valt anders uit dan vooraf ingeschat op basis van de regionale cijfers. De gemeente is voor de stijgende kosten, inclusief de stijgende lasten in verband met de wijziging van het woonplaatsbeginsel, structureel gecompenseerd. Deze compensatie is als stelpost op het budget voor jeugdzorg opgenomen. Deze post is weliswaar niet toereikend, maar dekt nu wel een deel van de hogere lasten af. Verder is er sprake van incidentele meevallers uit de regionale afrekeningen van het RIOZ over de jaren 2021 en 2022 tot een totaalbedrag van € 786.616, die het uiteindelijke resultaat dus incidenteel gunstig beïnvloeden. Per saldo is de totale overschrijding van de uitgaven jeugdzorg 2022 beperkt gebleven tot een bedrag van € 233.373 nadelig.

In de 1e BERAP 2023 is voor de begroting 2023 e.v. rekening gehouden met de structurele hogere lasten voor jeugdzorg. Het transformatiebudget (eenmalig budget) geeft een incidenteel voordeel van € 410.775. Deze middelen worden bij de jaarrekening overgeheveld naar 2023 en worden in 2023 en 2024 alsnog ingezet voor de afronding van het transformatietraject. .

Zaaknummer

Pagina 12 van 18

datum Maart 2023

4. WERK EN INKOMEN 4.1 Ontwikkelingen klantenbestand 2022 In vergelijking met de rest van Nederland heeft het klantenbestand voor uitkeringen voor levensonderhoud in Meierijstad historisch gezien altijd relatief laag gelegen. Deze lage mate van bijstandsaanvragen is te danken aan de gunstige werkgelegenheid in Meierijstad. Echter, als gevolg van de Corona-crisis en de maatregelen van het Rijk hebben we in 2020 een lichte stijging waargenomen in het aantal klanten ten opzichte van eind 2019. In 2021 zijn de aantallen in het klantenbestand weer gedaald en deze daling heeft zich voortgezet in 2022. Dit kan worden toegeschreven aan gunstige ontwikkelingen op de arbeidsmarkt.

Ontwikkeling klantenbestand gemeente Meierijstad 820 810 800 790 780 770 760 750 740 730

813 799 790

761

2019

2020

2021

2022

Ontwikkeling klantenbestand gemeente Meierijstad

Grafiek 1 : Ontwikkeling klantenbestand gemeente Meierijstad 4.2 Opbouw klantenbestand In de onderstaande drie grafieken geven we een weergave van hoe het klantenbestand is opgebouwd. We maken hierin onderscheid in leeftijd, leefvorm en uitkeringsduur. We zien geen grote verschuivingen in het klantenbestand.

Zaaknummer

Pagina 13 van 18

datum Maart 2023

121

329

395

2022 466

399

2021

334

492

442

2020

97

144

126

455

2019

0- 26 JAAR

27- 49 JAAR

50+

Tabel 1: Leeftijdsverdeling klantenbestand (2020 en 2021 = inclusief TOZO) 2020

2021

2022

ALLEENSTAANDE

ALLEENSTAANDE OUDER

150

153

208

168

125

125

130

140

485

507

692

504

2019

GEHUWD/SAMENWON END

Tabel 2: Leefvorm klantenbestand (2020 en 2021 = inclusief TOZO)

0-12 MAANDEN

467

178

162

165

12- 36 MAANDEN

481

2022 505

2021

504

2020

201

115

142

108

432

2019

36+ MAANDEN

Tabel 3: Uitkeringsduur klantenbestand (2020 en 2021 = inclusief TOZO) 4.3 Re-integratie Het re-integratiebeleid is erop gericht klanten te ondersteunen bij het verbeteren van hun vaardigheden en werknemers kwaliteiten, waardoor hun kansen op het vinden van werk worden vergroot. 4.3.1 Poortwachtersfunctie We zetten sterk in op de zogeheten Poortwachtersfunctie om de instroom te beperken. Dit doen we door te sturen op voorliggende voorzieningen. Daarnaast wijzen we mensen, die een uitkering aanvragen, op de kansen op de arbeidsmarkt. Dit doen we door ze allerlei vacatures aan te bieden waar ze op kunnen solliciteren. In 2021 is ongeveer 43% van de aanvragen niet in de uitkering gekomen. Deze groep is doorverwezen naar werk of een voorliggende voorziening. In 2022 is dit percentage gestegen naar 52%. Dit heeft mede te maken met de gunstige arbeidsmarkt, waardoor kandidaten sneller bemiddeld kunnen worden. We constateren echter wel dat de groep die instroomt in de uitkering een aanzienlijke afstand tot de arbeidsmarkt heeft, waardoor bemiddeling naar werk op korte en middellange termijn niet mogelijk is.

Zaaknummer

Pagina 14 van 18

datum Maart 2023

4.3.2 Instroom / uitstroom De instroom in de bijstand is ten opzichte van 2021 gedaald met 22%. Wat opvalt in de cijfers is dat het aantal mensen dat instroomt vanwege het beëindigen van een studie is gedaald met 25% ten opzichte van 2022. Daarnaast is ook de groep mensen die instroomt vanwege het einde van hun WW-uitkering gedaald met 47%. De redenen uitstroom kunnen worden verdeeld in door de gemeente beïnvloedbare factoren, te weten werkaanvaarding in loondienst of zelfstandige en het weer gaan studeren met studiefinanciering, en niet-beïnvloedbare factoren zoals verhuizing en bereiken pensioengerechtigde leeftijd. In de onderstaande tabel wordt weergegeven dat in 2022 42% van onze uitstroom toe te schrijven is aan beïnvloedbare factoren, terwijl 58% van de uitstroom te wijten is aan niet-beïnvloedbare factoren. In totaal zijn er in 2022 153 mensen uitgestroomd. We constateren dat het percentage beïnvloedbare factoren stijgt, terwijl het percentage nietbeïnvloedbare factoren daalt.

uitstroom

beïnvloedbaar

niet-beïnvloedbaar

2019

228

102

45%

126

55%

2020

191

92

48%

99

52%

2021

207

81

39%

126

61%

2022

153

64

42%

89

58%

Tabel 4: Uitstroomfactoren

4.3.3 PIM Werkt Oekraïense vluchtelingen De oorlog tussen Rusland en Oekraïne zorgt voor een enorme vluchtelingenstroom vanuit Oekraïne. Gemeente Meierijstad biedt opvang aan Oekraïense vluchtelingen. In 2022 zijn er 145 Oekraïense vluchtelingen bemiddeld naar werk. 4.3.4 Ondersteuning ondernemers In 2022 is de dienstverlening voor ondernemers in Meierijstad doorgezet. De dienstverlening is erop gericht om te kijken of men na het aflopen van de coronasteunpakketten nog extra hulp nodig heeft. De coronasteun heeft veel bedrijven op de been gehouden. Veel schuldeisers zijn ook coulant geweest, en hebben uitstel van betalingsverplichtingen verleend, waardoor ernstige financiële problemen zijn voorkomen. In 2022 hebben 40 ondernemers gebruikt gemaakt van deze dienstverlening.

4.4 Taakstelling Beschut werk

Zaaknummer

Pagina 15 van 18

datum Maart 2023

Beschut werk is bedoeld voor mensen met een lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking, die alleen kunnen werken in een ‘beschutte’ omgeving, onder aangepaste omstandigheden. Elke gemeente krijgt een wettelijke doelstelling opgelegd. De taakstelling voor Meierijstad was in 2022 2108 uur (cumulatief). Uitgaande van een gemiddelde dienstbetrekking van 31 uur per week, zouden er voor eind 2022, 68 personen moeten zijn geplaatst. In 2021 hadden we 26% van de taakstelling behaald. Taakstelling Beschut werk Taakstelling in uren Gerealiseerd Aantal trajecten voortraject/ on hold / uitval Tabel 5: Cijfers Beschut werk

68 beschutte werkplekken 2108 (100%) 1026 (49%) – 40 personen 11

In de gemeente Meierijstad zijn momenteel 11 mensen met een indicatie voor beschut werk, niet geplaatst. Deze personen kunnen door diverse omstandigheden zoals medische of psychische klachten niet geplaatst worden. Ook zijn er een aantal personen die in een voortraject beschut werk zitten. Indien deze mensen op termijn met een dienstverband van 31 uur geplaats zouden worden zitten we op 64,8% van de taakstelling. 4.5 Energietoeslag Eind 2021 besloot het kabinet een eenmalige energietoeslag voor huishoudens met een laag inkomen mogelijk te maken. In april 2022 was het voor inwoners mogelijk om een aanvraag in te dienen. In 2022 hebben 3787 huishoudens de energietoeslag ontvangen. Bij de energietoeslag is een inkomenstoets gehanteerd van 130%. Hierdoor hebben we ruim 400 huishoudens meer kunnen helpen. 4.6 Minimabeleid - voorzieningen en ondersteuning Het aantal ingediende aanvragen is vergelijkbaar met 2021. Er werden 2700 aanvragen voor bijzondere bijstand en/of een minimaregeling ingediend, exclusief de aanvragen energietoeslag. Dat waren er 21 meer dan in 2021 (toen 2679). Bijzondere bijstand 2021

1417

Gecombineerde aanvraag bijzondere bijstand 620

2022

1568

609

Individuele inkomenstoeslag

Maatschappelijke Participatie

Pcregeling

Schoolkosten

272

279

62

28

2678

245

199

48

31

2700

Tabel 6: overzicht bijzondere bijstand en minimabeleid

4.7 Schuldhulpverlening

Zaaknummer

Pagina 16 van 18

datum Maart 2023

Totaal

In 2022 werd er vaker een beroep gedaan op schuldhulp en om advies gevraagd i.v.m. geldzaken. Tot en met september werden 183 aanvragen gedaan, een stijging van 20 aanvragen ten opzichte van dezelfde periode in 2021.Het aantal aanvragen Voedselbank nam ook toe, namelijk met 36 over dezelfde periode. Dat aantal bedroeg 131 en was in 2021 nog 95 over hetzelfde tijdvak. Oorzaken hiervan zijn voornamelijk de energiecrisis en koopkrachtverlies. Door de overgang naar X Works op 1 oktober beschikken we nog niet over exacte gegevens over Q4. In overleg met de uitvoering en kwaliteit zien we in Q4 geen grote veranderingen en ontwikkelingen. 4.8 Individuele studietoeslag Aan de Raad is de toezegging gedaan om de voortgang van de individuele studietoeslag mee te nemen in het Dashboard Sociaal Domein. Via verschillende kanalen is aandacht besteed aan de individuele studietoeslag. In het tweede helft van 2022 zien we een enorme toename van aanvragen individuele studietoeslag.

Aantallen Individuele studietoeslag 35

31

30 25 20 15 10

7

5 0

2021

2022

Tabel 8: Aantallen individuele studietoeslag

Zaaknummer

Pagina 17 van 18

datum Maart 2023

4.9 Financieel

begroting na 2e berap 2022 Uitkeringen levensonderhoud Participatiewet

realisatie 2022

Verschil

10.443.159

9.918.792

524.367

IOAW

540.047

548.972

-8.925

IOAZ

25.815

21.040

4.775

Loonkostensubsidie

2.398.409

2.520.478

-122.069

Totaal inkomensvoorz. BUIG

13.407.430

13.009.281

398.149

Budget BUIG (Inkomsten)

13.609.941

13.542.683

-67.258

TOZO

0

Participatiewet – re-integratie Kapitaalverstrekking Bbz Voorzieningen en ondersteuning Schuldhulpverlening

-

1.338.757

1.793.472

-454.715

-25.832

-10.696

-15.136

5.474.113

7.916.093

-2.441.980

335.801

199.969

135.832

Tabel 9: Financieel overzicht Elk jaar ontvangt de gemeente een budget van het Rijk, bekend als het Buig-budget, om de kosten van de Participatiewet te dekken. Dit budget wordt jaarlijks vastgesteld op basis van een verdeelmodel dat rekening houdt met verschillende interne en externe factoren die de hoogte ervan bepalen. Op het budget voor inkomensvoorzieningen is er een positief eindresultaat van €398.149,-. Binnen dit budget constateren we echter een tekort op de uitgaven voor loonkostensubsidie in 2022. Vanaf 1 januari 2023 zal de financieringsstroom voor loonkostensubsidie (LKS) veranderen. Eerder ontvingen gemeenten een bedrag op basis van de bestandsgrootte voor de uitvoering, ongeacht of ze wel of geen actief LKS-beleid voerden. Dit bedrag werd toegevoegd aan het gemeentefonds. Vanaf 1 januari 2023 wordt de financiering gebaseerd op de daadwerkelijk geplaatste aantallen. De loonkostensubsidie is een belangrijk instrument waarmee mensen met een arbeidsbeperking en verminderde productiviteit (30-80% van de loonwaarde) aan het werk kunnen bij een reguliere werkgever of bij IBN en WSD. De gemeente compenseert de werkgever voor de lagere productiviteit door loonkostensubsidie te betalen. We verwachten dat de gemeente in 2023 een positief resultaat zal laten zien op deze inkomstenbron.

Het landelijke gemiddelde van het percentage werknemers dat met loonkostensubsidie werkt, ligt op 6,6%. In Meierijstad ligt dit percentage op 33%. Wat betreft de re-integratiemiddelen, deze worden ingezet om inwoners te activeren en te begeleiden naar het hoogst haalbare niveau van participatie. In voorgaande jaren hadden we overschotten, maar we zien nu dat er in 2022 een tekort van €454.715 is ontstaan. Dit tekort zal naar verwachting ook in 2023 aanhouden. In het verleden konden tekorten binnen de beschikbare middelen worden gecompenseerd. Als er minder uitkeringen werden verstrekt, werden deze middelen gebruikt om het tekort op het gebied van re-integratie te compenseren. We constateren dat dit niet langer van toepassing is voor 2022 en 2023.

Zaaknummer

Pagina 18 van 18

0

datum Maart 2023

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meierijstad&id=cb0f4712-161b-4654-9440-79c73c1f62d3