B18 RIB meicirculaire gemeentefonds 2026
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Datum
23 juni 2026
Onderwerp
Meicirculaire 2026
Zaaknummer Portefeuille
3131526
Werk en inkomen, financiën en bedrijfsvoering L.A.J. van den Tillaart
Behandeling in commissie Niet van toepassing Kennisnemen van: Bijstelling van de geraamde algemene uitkering uit het gemeentefonds op basis van de Meicirculaire 2026. Aanleiding In de kaderbrief 2027 is de actuele financiële situatie van de gemeente Meierijstad geschetst, zonder dat de financiële effecten van de meicirculaire algemene uitkering 2026 bekend waren. Op basis van de voorjaarsnota van het Rijk zijn toen enkele inschattingen gemaakt, welke van invloed zouden zijn op de financiële situatie. De meicirculaire 2026 is doorgerekend en de effecten voor onze gemeente zijn bekend. In dit voorstel wordt duidelijkheid verschaft over de verschillen tussen de meicirculaire 2026 van de algemene uitkering voor de jaren 2026 tot en met 2030 ten opzichte van de decembercirculaire 2025
Kernboodschap Om het debat over de kaderbrief 2027 goed te kunnen voeren is het daarnaast nodig om de uitkomsten van de meicirculaire 2026 hierin te betrekken. In de volgende tabel is het geraamd resultaat zoals opgenomen in de kaderbrief 2027 aangevuld met de Rijksontwikkelingen uit de meicirculaire 2026. Er ontstaat dan het volgende beeld: Actueel financieel perspectief inclusief meicirculaire verwacht saldo conform kaderbrief 2027 budgettair resultaat meicirculaire 2026 Ingerekend in kaderbrief (BCF) * Verwacht saldo
Begroting Begroting Begroting Begroting 2027 2028 2029 2030 117 -5.641 -4.372 -4.156 1.978 2.377 2.064 2.604 425 425 425 425 2.520 -2.839 -1.883 -1.127
*Op basis van de Voorjaarsnota van het Rijk was een inschatting gemaakt van de onderuitputting Btw Compensatiefonds (BCF) (nadeel € 425K) en is deze verwerkt in het verwachte resultaat. Nu maakt de onderuitputting onderdeel uit van de uitwerking van de meicirculaire 2026 en vervalt de eerdere inschatting.
Waar is nog geen rekening mee gehouden in het financieel beeld. In het gepresenteerde geraamde resultaat is nog geen rekening gehouden met een aantal ontwikkelingen die in de komende maanden verder worden uitgewerkt en die een financiële impact op de begroting hebben. Daarbij gaat het onder andere om de doorrekening van personeelslasten en kapitaallasten, de ontwikkelingen bij gemeenschappelijke regelingen, indexeringen, financiële consequenties welke voortvloeien uit het coalitieakkoord en welke zullen worden verwerkt in het collegewerkprogramma 2027-2030. Daarnaast bestaat er door het opnemen van taakstellingen en ombuigingen een verhoogd risico dat de toezichthouder tot een ander oordeel komt. Dit kan leiden tot het bijstellen van het geraamd resultaat. Kennis te nemen van de meicirculaire 2026 De meicirculaire is de belangrijkste circulaire van het gemeentefonds. In de meicirculaire wordt inzicht gegeven in de nieuwe accresontwikkelingen, loon- en prijsontwikkelingen en overige meldingen. Uitgangspunten oormerken van middelen uit algemene uitkering Wij hanteren de volgende uitgangspunten voor taakmutaties in het gemeentefonds: - Nieuwe middelen voor een bepaald taakveld reserveren we binnen het Algemene Uitkering tot de eerstvolgende kadernota/programmabegroting. - Op basis van een apart voorstel vindt onderbouwing plaats waarom het geld nodig is binnen dat beleidsveld.
- Bij de kadernota/programmabegroting vindt integrale afweging plaats. Op basis van de integrale afweging zetten we middelen in voor het betreffende beleidsveld of voegen dit toe aan de algemene middelen. - Als bestaande middelen geoormerkt zijn, dan oormerken we ook de verhoging/verlaging uit taakmutaties. In onderstaande tabel zijn de mutaties van de meicirculaire verwerkt voor Meierijstad. Vervolgens worden per onderdeel de mutaties toegelicht:
Zaaknummer
Pagina 2 van 10
Datum 23 juni 2026
Mutaties meicirculaire 2026 Volume accres (historisch Bbp) LPO accres Bbp Ontwikkeling uitkeringsbasis in meicirculaire 2026 Afrekening ruimte onder BCF-plafond 2025 Verlagen stelpost onderuitputting BCF Incidentele compensatie (uitstel vervanging abonnementstarief Wmo) Uitstel vervanging abonnementstarief Overige ontwikklingen uitkeringsfactor (o.a. afronding) WOZ-waarden en aanpassing rekentarieven Wet handhaving sociale zekerheid Wet op de lijkbezorging Capaciteit decentrale overheden klimaat- en energiebeleid Gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen Aanpak overlast asielzoekers Alleenverdienersproblematiek Aanvullende ondersteuning lokale energiehulp IBO Prolematische schulden Re-integratiedienstverlening gericht op jongeren Huishoudelijke hulp uit de Wmo met vangnet Vangnetregeling huishoudelijke hulp uit de Wmo Ondersteuning lokale politieke partijen Ketensystemen jeugd Compensatieregeling niet-beoogde kosten Jeugdzorg Weeffout Jeugdzorg BRP: centralisering inschrijving vergunninghouders Kinderopvang pleegouders Suppletie-uitkering Bommenregeling Voorschoolse voorziening peuters Armoedebeschrijding kinderen Participatie Jeugdhulp kinderen in een AZC Wet betaalbare huur Overheidsbrede Dienstverlening Hoeveelheidsverschillen Totaal toename algemene uitkering meicirculaire 2026 Te oormerken middelen LPO accres Bbp Uitstel vervanging abonnementsatarief Wet handhaving
sociale zekerheid Wet op de lijkbezorging Capaciteit decentrale overheden klimaat- en energiebeleid Gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen Aanpak overlast asielzoekers Alleenverdienersproblematiek Aanvullende ondersteuning lokale energiehulp IBO Prolematische schulden Re-integratiedienstverlening gericht op jongeren Huishoudelijke hulp uit de Wmo met vangnet Vangnetregeling huishoudelijke hulp uit de Wmo Ondersteuning lokale politieke partijen Ketensystemen jeugd Compensatieregeling niet-beoogde kosten Jeugdzorg Weeffout Jeugdzorg Kinderopvang pleegouders Suppletie-uitkering Bommenregeling Voorschoolse voorziening peuters Armoedebeschrijding kinderen Participatie Jeugdhulp kinderen in een AZC Wet betaalbare huur Overheidsbrede Dienstverlening Totaal te oormerken middelen netto-resultaat meicirculaire 2026
Zaaknummer
2026
2027 126.988 761.925 761.925
2028 245.842 1.106.289 1.106.289
2029 -120.755 845.282 1.086.791
2030 -121.101 1.211.008 1.332.108
-418.000 126.988 958.592 126.988 303.050 5.227 14.712 2.951.072 11.737
-418.000
-418.000
-418.000
321.539 5.417
341.363 5.572
363.668 5.748
41.821
41.821
41.821 -5.965.375 1.780.949
52.276 -6.129.117 1.829.833
-2.575
-2.635
-44.629
-45.697
-46.948
-48.368
546.800 -9.078 3.015 8.257 1.622.703 2.819.022
271 -7.126 426.389 -9.078 2.894 8.257 950.111 7.148.947
271 -7.126 437.345 -9.078 3.015 8.257 1.121.630 3.915.180
271 -7.126 147.091 -9.078 1.254 8.257 1.174.819 -1.133.812
271 -7.126 238.176 -9.078 0 8.257 1.448.052 -243.393
756.406 0 18.486 -15.490 0 0 50.000 65.856 50.015 64.445 41.821 0 0 27.454 -2.481 -255.967 -43.052 49.969 594.587 271 0 546.800 -9.078 3.015 8.257 1.951.314
761.925 958.592 5.227 14.712 2.951.072 11.737 0 0 0 0 41.821 0 0 0 -2.575 0 -44.629 51.410 0 271 -7.126 426.389 -9.078 2.894 8.257 5.170.898
1.106.289 0 5.417 0 0 0 0 0 0 0 41.821 0 0 0 -2.635 0 -45.697 0 0 271 -7.126 437.345 -9.078 3.015 8.257 1.537.879
845.282 0 5.572 0 0 0 0 0 0 0 41.821 -5.965.375 1.780.949 0 0 0 -46.948 0 0 271 -7.126 147.091 -9.078 1.254 8.257 -3.198.029
1.211.008 0 5.748 0 0 0 0 0 0 0 52.276 -6.129.117 1.829.833 0 0 0 -48.368 0 0 271 -7.126 238.176 -9.078 0 8.257 -2.848.121
867.708
1.978.049
2.377.300
2.064.218
2.604.728
756.406 252.135 -882.474
-126.068 18.486 -15.490
50.000 65.856 50.015 64.445 41.821
27.454 -2.481 -255.967 -43.052 1.411 49.969 594.587 271
Pagina 3 van 10
51.410
Datum 23 juni 2026
Volume accres ontwikkeling historisch bbp Het gemeentefonds wordt aangepast op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (Bbp). Uitgangspunt is dat het gemeentefonds meerjarig de ontwikkeling van het nominaal bruto binnenlands product volgt. De volumeontwikkeling van de fondsen wordt gebaseerd op een 8-jaars (t-9 t/m t-2) historisch gemiddelde van het bbp, waardoor het gemeentefonds minder schommelt. Loon Prijs Ontwikkeling (LPO) -acres prijs bbp Het LPO-accres wordt bepaald op basis van de ontwikkeling van het prijs Bbp van het lopende jaar, waardoor het gemeentefonds op een reëel niveau blijft. De tranche van het lopende jaar wordt telkens bij de Voorjaarsnota definitief bepaald. De prijs-Bbp is gebaseerd op de CEP-raming van het CPB. In de CEP-raming 2026 is een hogere prijsontwikkeling voorzien, waardoor de prijscompensatie hoger uitpakt ten opzichte van december 2025. Ontwikkeling uitkeringsbasis De uitkeringsbasis stijgt als gevolg van de ontwikkeling van de volumina van maatstaven, taakmutaties en OZB. Actualisatie van maatstaven hebben een effect van 3 punten in 2027 tot 7 punten in 2030. De stijging van de raming van het aantal bijstandsontvangers heeft via de uitkeringsbasis een negatief effect op de uitkeringsfactor. De omvang van dit effect is nihil in 2026 en oplopend tot min 3 punten in 2031.
De aanpassing van de belastingcapaciteit heeft een opwaarts effect van ongeveer 7 punten in de gehele periode 2027-2030. Hiervan is 4 punten als gevolg van aanpassing aan de werkelijke OZB-tarieven. Dit is voor hetzelfde bedrag verevend met de overige eigen middelen. Afrekening ruimte onder BCF-plafond 2025 Jaarlijks wordt bij de septembercirculaire een inschatting gemaakt van de declaraties door gemeenten bij het BTW Compensatiefonds. Op basis van deze inschatting is in de septembercirculaire 2025 de ruimte onder het plafond uitgekeerd (landelijk € 428 miljoen). Bij het opmaken van de definitieve afrekening 2025 bleek de ruimte onder het plafond lager (€ 216 miljoen). Daarom wordt het verschil (€ 213 miljoen) in 2026 in mindering gebracht als mutatie op de uitkeringsfactor. Voor Meierijstad betekent dit een eenmalig nadeel van € 882.474. Verlagen stelpost onderuitputting BCF (VJN) In de begroting mag (provinciaal toezicht) een structurele stelpost ter grootte van de ruimte onder het plafond van het jaar 2025 worden opgenomen van landelijk € 215 miljoen. Voor Meierijstad betekent dat er een stelpost mag worden opgenomen van € 0,882 miljoen. De huidige stelpost van € 1,3 miljoen dient te worden verlaagd met € 418.000.
Uitstel vervanging abonnementstarief Wmo (inclusief eenmalige compensatie) De invoering van de inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage Wmo schuift op van 1 januari 2027 naar 1 januari 2028, Daarom wordt van de VWS- begroting in 2027 landelijk € 225 miljoen overgeheveld naar het gemeentefonds. Omdat deze besparing was ingeboekt (meicirculaire 2023), is hierover geen accres opgebouwd.
Zaaknummer
Pagina 4 van 10
Datum 23 juni 2026
Het accres wordt daarom incidenteel landelijk met € 40,7 miljoen bijgesteld in 2027. De geraamde eigen bijdrage kan in 2027 komen te vervallen. Overige mutaties uitkeringsfactor en afrondingsverschillen Het betreft mutaties die betrekking hebben op uitnamen t.b.v. mutaties in de maatstaven en afrondingsverschillen. Woz waardering en aanpassing rekentarieven De aanpassing van de rekentarieven van de verdeelmaatstaf ozb is afgestemd op de WOZtijdvakken. Op 1 januari 2026 begint een nieuw WOZ-tijdvak met waarde peildatum 1 januari 2025. Bij de aanpassing van de rekentarieven is de vaste werkwijze toegepast: het rekentarief wordt naar beneden (of naar boven) bijgesteld om de stijging (of daling) van de ozb maatstaf als gevolg van stijging (of daling) van de WOZ-waarde van woningen en niet-woningen ongedaan te maken. De maatstaf groeit alleen met de inflatie mee (prijs Nationale Bestedingen, pNB). Wet handhaving sociale zekerheid De nieuwe Wet handhaving sociale zekerheid gaat in op 1 januari 2027. De uitvoeringsconsequenties zijn inzichtelijk gemaakt met twee artikel 2 (fvw 1997) onderzoeken. Het ene onderzoek richtte zich op nieuwe of gewijzigde taken in het wetsvoorstel handhaving sociale zekerheid en onderliggende besluiten. Het andere onderzoek richtte zich specifiek op wijzigingen voor het (tussentijds) maatregelenbesluit.
Mede op basis van deze uitkomsten van deze onderzoeken ontvangen gemeenten een bijdrage in de uitvoeringskosten van het wetsvoorstel handhaving sociale zekerheid. Het betreft landelijk een incidenteel bijdrage van landelijk € 6,6 miljoen en structurele jaarlijkse bijdrage van € 1,8 miljoen vanaf 2027. Wet op de lijkbezorging De beoogde invoering van de Wet op de lijkbezorging (Wlb) is vertraagd, is nu voorzien op 1 januari 2028 en het bijbehorende implementatietraject is verschoven van 2026 naar 2027. Het gaat om een bedrag van landelijk € 3,2 miljoen. Capaciteit decentrale overheden klimaat- en energiebeleid (CDOKE) Voor 2027 is landelijk € 671 miljoen beschikbaar gesteld aan gemeenten om uitvoering te kunnen geven aan hun taken op het gebied van klimaat- en energiebeleid. Hiervan wordt € 583 miljoen verdeeld door middel van een verdeelsleutel die op het verzoek van de VNG is opgesteld door Andersson Elffers Felix (AEF). Deze verdeelsleutel is gebaseerd op de verschillende taken die gemeenten hebben en bijbehorende indicatoren zoals het aantal inwoner van een gemeente. Dezelfde verdeelsleutel is ook voor 2026 toegepast. Op voorstel van de VNG, in samenwerking met de RVO, wordt landelijk € 85,9 miljoen van het totaalbudget toegekend voor plannen die gemeenten hebben op gebied van aardgas vrijmaken van wijken, aanleg windparken of zonneweiden of een zero-missie-zone.
De verwachting is dat in september 2026 meer duidelijkheid komt over een structureel toekenning van het budget. Bij de begroting 2026 is door de provincie toegestaan dat gemeenten de middelen structureel mochten opnemen. Nu wordt er geen melding van gemaakt. Bij de provincie zal hiervoor navraag worden gedaan.
Zaaknummer
Pagina 5 van 10
Datum 23 juni 2026
Gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen Gemeenten en hun antidiscriminatievoorzieningen (ADV’s) werken samen als het gaat om de preventie van discriminatie op lokaal niveau. Voor de kerntaken van de ADV’s krijgen gemeenten sinds 2029 structureel geld via de algemene uitkering van het gemeentefonds. Gemeenten krijgen in 2027 (net als in 2024, 2025 en 2026) middelen om meer aan preventie te kunnen. Hiervoor is in 2027 landelijk € 2,5 miljoen beschikbaar. Aanpak overlast asielzoekers. Overlast en crimineel gedrag van asielzoekers heeft grote impact op de betrokkenen, de omgeving en het draagvlak voor opvang. Aanvullen op de nationale aanpak is lokaal maat werk cruciaal omdat overlast binnen de gemeentegrenzen wordt ervaren. Om deze lokale aanpak binnen de gemeenten te ondersteunen wordt landelijk € 12,9 beschikbaar gesteld in 2026. Gemeente konden hiervoor een aanvraag doen. Gemeente Meierijstad ontvangt € 50.000. Alleenverdienersproblematiek Gemeenten kunnen huishoudens die getroffen zijn door alleenverdienersproblematiek individuele bijzondere bijstand bieden. Er is voor 2026 landelijk € 33,5 miljoen (2026 € 27,5 miljoen, nabetaling 2024 € 6 miljoen). Aanvullende ondersteuning lokale energiehulp Het doel van deze decentralisatie-uitkering is om gemeenten de mogelijkheid te bieden om de bestaande lokale aanpak van energiearmoede te intensiveren.
Om gemeenten te helpen, hebben het ministerie van SZW, de Stichting Tijdelijk Noodfonds Energie (TNE) en de VNG samengewerkt aan een portaal dat op een zorgvuldige en veilige wijze contactgegevens van aanvragers bij het THE, die hiervoor toestemming hebben gegeven, beschikbaar stelt aan gemeenten. In combinatie met de ontvangen data maakt dit mogelijk huishoudens met een hoge energierekening en een laag inkomen gericht te benaderen, passende ondersteuning te beiden en daarbij gebruik, maken van het bestaande lokaal hulpaanbod. IBO Problematische schulden Het kabinet heeft een pakket aan maatregelen ingevoerd om problematische schulden fundamenteel aan te pakken. In 2026 wordt beoogd bestuurlijke afspraken te tekenen tussen alle branches van vastelastenpartners, Divosa, Nederlandse Vereniging voor Veiligheidskunde en de VNG en het ministerie van SZW. Deze afspraken hebben tot doel om de vroegsignalering van schuldenproblematiek een impuls te geven. Partijen voeren tot en met 2029 verbetermaatregelen door met als doel het bereik van de doelgroep te verdubbelen en de ongewenste uitval van de deelnemende groep te halveren. Re-integratiedienstverlening gericht op jongeren Er wordt structureel extra budget beschikbaar gesteld gericht op de arbeidsinschakeling van jongeren tot 27 jaar.
In totaal gaat het landelijk om € 12,5 miljoen in 2026 oplopend tot € 44,3 miljoen structureel vanaf 2033. De eerste twee hierna genoemde onderwerpen zijn in het kader van de nieuwe Wet van school naar duurzaam werk. Individuele gemeenten ontvangen vanaf 2026 in totaal € 9,9 miljoen extra voor het ondersteunen van jongeren bij of gericht op arbeidsinschakeling. Dit is een aanvulling op het bestaande re-integratiebudget.
Zaaknummer
Pagina 6 van 10
Datum 23 juni 2026
Centrumgemeenten ontvangen in totaal € 2,6 miljoen voor hun coördinerende rol op grond van artikel 7a van de Participatiewet. Per 2027 komen extra financiële middelen beschikbar voor re-integratiedienstverlening aan jongeren die door het UWV zijn afgewezen voor de Wajong op basis van duurzaamheidscriterium. Bij deze jongeren is vastgesteld dat zij op dit moment geen arbeidsvermogen hebben, maar niet zeker is dat dit arbeidsvermogen ook duurzaam ontbreekt. Huishoudelijke hulp uit de WMO met vangnet Het nieuwe kabinet maakte in het regeerakkoord bekend dat de huishoudelijke hulp als voorziening uit de Wmo wordt gehaald. Een concreet voorstel voor de huishoudelijke hulp in de Wmo is er nog niet. Het kabinet heeft de maatregelen nog niet verder geconcretiseerd. Daardoor is nog niet duidelijk hoe de plannen in de praktijk zullen uitwerken en wat ze betekenen voor gemeenten, en voor inwoners die nu huishoudelijke hulp ontvangen via de Wmo. Maar het kabinet heeft de bezuiniging nu wel alvast ingeboekt. Er is nog geen duidelijkheid over hoe het kabinetsplan om de huishoudelijke hulp uit de Wmo te halen, er in de praktijk uitziet. Maar het kabinet haalt in de meicirculaire vanaf 2029 wel alvast landelijk een miljard euro (netto) weg uit het gemeentefonds. Gemeenten moeten zich vanaf 2029 opmaken op een flinke bezuiniging in de Wmo.
De maatregel werd al eerder aangekondigd, en is nu daadwerkelijk in het gemeentefonds opgenomen, zonder dat nog duidelijk is hoe de regeling eruit komt te zien. Het kabinet heeft besloten dat huishoudelijke hulp niet langer via de Wmo wordt vergoed voor mensen die dit zelf kunnen betalen. Deze maatregel gaat in op 1 januari 2029. Hierdoor stopt huishoudelijke hulp als maatwerkvoorziening binnen de Wmo. Het gevolg is dat gemeenten minder kosten hebben voor deze voorziening. Omdat gemeenten minder hoeven uit te geven, wordt er juist geld uit het gemeentefonds gehaald. Vangnetregeling huishoudelijke hulp uit de Wmo Hoewel huishoudelijke hulp grotendeels uit de Wmo verdwijnt, blijft de gemeente verantwoordelijk voor de mensen die niet in staat zijn dit zelf te betalen. Hierdoor ontvangen gemeenten vanaf 2030 landelijk jaarlijks € 430 miljoen extra via het gemeentefonds. Bovenstaande uitname en vangnetregeling zijn vooralsnog budgettair neutraal verwerkt in de uitwerking van de meicirculaire (zie bovenstaande tabel). Of dit daadwerkelijk wordt toegestaan zal er overleg met de provincie moeten plaatsvinden. Ondersteuning lokale politieke partijen Op de huidige begroting van het ministerie van BZK is landelijk € 8,2 miljoen in 2026 beschikbaar voor de subsidiëring van decentrale politieke partijen. Dit is onderdeel van het wetsvoorstel Wet op de politieke partijen.
Omdat deze wet nog niet in werking is getreden, ontbreekt momenteel de vereiste wettelijke grondslag om deze middelen uit te keren. Er wordt nu op basis van een amendement een incidentele overboeking van de begroting BZK naar het gemeentefonds van € 5,5 miljoen in 2026. Met verstrekking van deze middelen aan gemeenten middels een decentralisatie uitkering, worden gemeenten in de gelegenheid gesteld om politiek partijen die een zetel hebben in de gemeenteraad te ondersteunen.
Zaaknummer
Pagina 7 van 10
Datum 23 juni 2026
Ketensystemen jeugd In het coördinerend beraad Jeugd, Justitie en Veiligheid van 2 november 2017 hebben alle betrokken ketenpartners ingestemd met een verdeelsleutel voor de kosten van het operationeel, tactisch en strategisch beheer van ketensystemen. De structurele bijdrage aan de ketensystemen van landelijk € 950.000 is verhoogd met € 258.000 in verband met prijsbijstelling. Als gevolg van de (herijkte) verdeelsleutel gaan gemeenten in de jaren 2026 gaan gemeente in de jaren 2026 tot en met 2028 jaarlijks € 652.000 meer bijdragen voor het gebruik van de ketensystemen. Compensatieregeling niet beoogde kosten Jeugdzorg Op 16 juni 2025 is de SPUK “Niet beoogde jeugdzorgkosten vanwege verblijf” verlengd voor de zorgkosten over de jaren 2024 en 2025, met een aanpassing die op 24 november 2025 is gepubliceerd. Ten behoeve van deze regeling is in 2026 een bedrag van € 60 miljoen beschikbaar gesteld op de begroting van het ministerie van VWS, afkomstig uit de algemene uitkering van het gemeentefonds. In het derde kwartaal van 2026 zal de beoordeling van de aanvragen plaatsvinden. Na beoordeling van de aanvragen over de jaren 2024 en 2025 zal het eventuele restant terugvloeien naar de algemene uitkering van het gemeentefonds. Weeffout Jeugdzorg Bij de decentralisatie van de jeugdzorg in 2015 is geld overgeheveld van het provinciefonds naar het gemeentefonds.
Daarbij is een fout gemaakt, er is toen structureel te veel naar gemeenten gegaan. Dit kwam doordat geen rekening werd gehouden met het feit dat grote steden zoals Amsterdam, Rotterdam en Den Haag al zelf verantwoordelijk waren voor jeugdzorg. Deze fout wordt nu hersteld. Vanaf 2026 wordt deze correctie structureel doorgezet. BRP: centralisering inschrijving vergunninghouders Een aantal gemeenten krijgt geld voor het inrichten en in stand houden van een zogeheten BRPstraat. Omdat het aantal inschrijvingen en de kosten zijn veranderd sinds de start van deze regeling, wordt er in 2026 een bedrag van € 265.000 ten laste van de decentralisatie-uitkering toegevoegd aan de algemene uitkering. Kinderopvang pleegouders De Rijksoverheid stelt extra geld beschikbaar om pleegouders te helpen bij de kosten van kinderopvang en buitenschoolse opvang voor hun pleegkinderen. Deze regeling geldt voor alle pleegouders, ook als de plaatsing vrijwillig is. Pleegouders betalen nu vaak een eigen bijdrage nadat zij kinderopvangtoeslag hebben ontvangen. De extra middelen zijn bedoeld om deze resterende kosten te verlagen. Bij de decembercirculaire 2025 is voor 2025 landelijk eenmalig € 10,7 miljoen toegevoegd aan de algemene uitkering van het gemeentefonds. In de meicirculaire zijn deze middelen ook aan het gemeentefonds toegevoegd.
Suppletie uitkering bommenregeling De gemeente heeft in de periode 2020 tot en met februari 2025 kosten gemaakt inzake het opsporen en ruimen van conventionele explosieven uit de Tweede Wereldoorlog. Via de zogeheten "Bommenregeling" van het Gemeentefonds kunnen gemeenten een suppletie-uitkering aanvragen van het Rijk.
Zaaknummer
Pagina 8 van 10
Datum 23 juni 2026
Gemeente Meijerijstad heeft een aanvraag ingediend op basis van een raadsbesluit in mei 2025. In deze circulaire is de uitkering verwerkt. De uitkering € 594.587 komt ten gunste van de complexen grondexploitatie waar de kosten verantwoord zijn. Voorschoolse voorzieningen peuters De decentralisatie-uitkering voorschoolse voorzieningen is voor 2026 geactualiseerd met de voluminastanden van uitkeringsjaar 2025. Voor Meierijstad betekent dit een structurele verhoging vanaf 2026 met € 271. Armoedebestrijding kinderen Jaarlijks vindt in de meicirculaire plaats van de verdeling t+1 en verder. De middelen worden verdeeld op basis van CBS-gegevens over kinderen met een kans op armoede. Voor Meierijstad betekent dit een structurele verlaging vanaf 2027 met € 7.126. Participatie (Integratieuitkering) De integratie-uitkeringen participatie zijn geïndexeerd. De uitgekeerde loon- en prijsbijstelling 2026 bedraagt landelijk € 84,1 miljoen voor Participatie en € 66,5 miljoen voor Beschermd wonen. Jeugdhulp kinderen in een AZC Het betreft hier een mutatie van de decentralisatie uitkering Jeugdhulp kinderen in AZC van € 9.078. De definitieve cijfers van 2025 zijn voorlopig gehanteerd voor 2026 en verder. Voor Meierijstad betekent dit een structurele verlaging van € 9.078.
Wet betaalbare huur De wet maximering huurprijsverhogingen geliberaseerde huurovereenkomsten, stelt een maximum aan de huur de jaarlijkse huurverhogingen voor geliberaliseerde huurovereenkomsten. Gemeenten hebben sinds 1 juli 2024 handhavende bevoegdheden ten aanzien van verhuurders die zich niet aan deze maximering houden. De wet loopt tot 1 mei 2029. In 2024 en 2025 zijn er middelen uitgekeerd voor de implementatie van de wet en de daaropvolgende toezicht- handhavingskosten. In deze circulaire wordt een bijdrage verwerkt van landelijk in totaal € 3,4 miljoen. Overheidsbrede Dienstverlening De Spuk Informatiepunten Digitale overheid (IDO) is vanaf 2026 omgezet naar de decentralisatie uitkering Overheidsbrede Dienstverlening. Via deze uitkering worden gemeenten gefaciliteerd om laagdrempelige en empathische ondersteuning te bieden bij regelzaken met de (digitale) overheid en om hun regierol in het lokale netwerk in te vullen. Op 3 juli 2025 is de gewijzigde motie van het lid Kathmann over structurele extra middelen voor de gemeenten voor de uitvoering van de uitvoering IDO aangenomen. Het kabinet heeft naar aanleiding van deze motie destijds toegezegd de eerder doorgevoerde 10% budgetkorting te compenseren. Daartoe wordt vanaf 2026 landelijk structureel jaarlijks € 1,7 miljoen toegevoegd.
Hoeveelheidsverschillen Naast de mutaties in de algemene uitkering die worden veroorzaakt door wijziging in maatstafgewichten en de wegingsfactoren als gevolg van beleidsmatige maatregelen,
Zaaknummer
Pagina 9 van 10
Datum 23 juni 2026
wordt een deel van de mutatie veroorzaakt door mutaties in de door de gebruiker ingebrachte basisgegevens. Het betreft o.a. wijzigingen in de OZB waarde woningen en niet-woningen, aantal bijstandsontvangers, aantal inwoners inclusief inwoners 75+, leerlingen en huishoudens met een laag inkomen. Communicate N.v.t. Participatie N.v.t. Relatie met Toekomstvisie Meierijstad 2040 N.v.t. Financiën Zie bovenstaand Planning Na besluitvorming in college (23 juni 2026) de RIB dezelfde dag in Ibabs plaatsen i.v.m. gezamenlijke commissie waarin kaderbrief 2027 wordt besproken. Ter inzage documenten N.v.t.
Met vriendelijke groet,
Zaaknummer
Pagina 10 van 10
Datum 23 juni 2026