B15c bijlage 2 startnotitie startgesprek participatie mobiliteitsvisie.pdf
Tekst van het document
Startnotitie startgesprek participatie bij beleids- en besluitvorming Duurzame Mobiliteitsvisie Meierijstad 8 oktober 2019
Ter inleiding: over de pilot Op initiatief van de gemeenteraad (agendacommissie) starten we dit jaar met zogenaamde ‘participatie startgesprekken’. Op enkele door de agendacommissie gekozen beleidsthema’s bespreekt de gemeenteraad - voorafgaand aan de start van de beleidsontwikkeling - hoe inwoners en organisaties bij de beleids- en besluitvorming worden betrokken. Mobiliteit is een van deze thema’s. Een startgesprek vindt plaats op een beeldvormende avond van de raad. Anders dan bij andere beeldvormende sessies gaat het hier (nog) niet over de inhoud van het thema, maar over het vormgeven van het participatietraject. Bij dit gesprek zijn, naast raadsleden, ook de betrokken ambtenaren en portefeuillehouder aanwezig. Ook zijn geïnteresseerde stakeholders welkom om deel te nemen aan het gesprek. Deze startnotitie is een voorbereiding op het startgesprek en wordt een week van te voren op de gemeentelijke website (ibabs) geplaatst - al dan niet met relevante achtergrondstukken.
Introductie in het onderwerp Meierijstad floreert met toonaangevende (inter)nationale bedrijven in logistiek, maakindustrie, Agrifood en het MKB. Vanwege de strategische ligging in Agrifood Capital, tussen Health Valley Nijmegen en Brainport Eindhoven, is Meierijstad uitgegroeid tot een van de trekkers van de Brabants economie. Technologische, economische en klimatologische ontwikkelingen volgen zich in een rap tempo op. Dit heeft een grote impact op de werkgelegenheid en de kwaliteit van lucht, bodem en water. Tegelijkertijd heeft de stad 80.000 inwoners in 13 kernen met veel groen, levendigheid, dorpse kwaliteiten en recreatie. In de gemeente waar de auto de dominante vervoerswijze is, vraagt dit om een duurzamer mobiliteitssysteem waar tevens aandacht is voor leefbaarheid. Onderwerpen die in de Duurzame Mobiliteitsvisie Meierijstad aan bod komen zijn bereikbaarheid auto, fiets, voetgangers, parkeren, openbaar vervoer, knooppunten, leefbaarheid, verkeersveiligheid, positieve gezondheid, duurzame mobiliteit, slimme mobiliteit, toegankelijkheid en mensgerichte maatregelen ter verbetering van de verkeersveiligheid, duurzame mobiliteit en toegankelijkheid.
Het huidig mobiliteitsbeleid is vastgelegd in: o Gemeentelijk verkeers- en vervoerplan Schijndel (2010-2011) o Gemeentelijk verkeers- en vervoerplan Sint-Oedenrode (2009) o Nota Hoofdwegenstructuur Veghel 2020 (2008), Fietsplan Veghel (2012), Parkeernota Veghel-centrum (2010) o Notitie “N279 Strategie en aanpak” (2017) die in het kader van de besluitvorming over het voorkeursalternatief N279 Veghel-Asten is opgesteld o Propositie bereikbaarheid bedrijventerreinen Meierijstad (2018) die samen met het bedrijfsleven is opgesteld voor de provinciale statenverkiezingen. Mobiliteit – verkeer en vervoer – is van essentieel belang voor de aantrekkelijkheid van de gemeente Meierijstad. Uitstekende auto-, fiets- en busverbindingen spelen een belangrijke rol in de relatie met nabijgelegen steden, zoals Eindhoven en Den Bosch, maar ook met de nabijgelegen kleinere kernen. Verbetering van de bereikbaarheid moet altijd in pas lopen met bescherming van het aantrekkelijk leefgebied. Omdat er nog geen Mobiliteitsvisie is voor de gehele gemeente Meierijstad en omdat ontwikkelingen steeds sneller gaan, is er behoefte aan actualisering van het mobiliteitsbeleid. Er is behoefte aan een eenduidige visie met draagvlak vanuit de hogere overheden. Het bereikbaar houden van met name de bedrijventerreinen, ook in
---------------------------------------------Pagina 1
regionale context, is een complexe opgave. Ook het nieuwe coalitieakkoord van de provincie onderschrijft dit, “De mobiliteitsopgaven van Veghel vragen om een integraal pakket van maatregelen met gemeente en bedrijfsleven”. Verder vormt de fusie van de voormalige gemeenten naar de nieuwe gemeente Meierijstad een aanleiding om de huidige beleidsdocumenten te integreren in een Duurzame Mobiliteitsvisie voor de gemeente Meierijstad. Ook zijn er verschillende ontwikkelingen die vragen om een herijking van het bestaande beleid, zoals: o Andere keuzen die gemaakt zijn in de hoofdwegenstructuur voor N279 Veghel-Asten en voor Erp (en Keldonk) o Projecten A50 en N279 o Actuele accenten in de beleidsdoelstellingen (zie Mijlpalen van Meierijstad) o Trends en ontwikkelingen zoals werkgeversaanpak en slimme mobiliteit o Ruimtelijke plannen voor uitbreiding bedrijventerrein Veghel-west Het doel van de Duurzame Mobiliteitsvisie Meierijstad is het hebben van een stip op de horizon (met de kaders) waar we gezamenlijk aan willen werken inclusief een uitvoeringsprogramma om naar die stip aan de horizon te kunnen werken.
Wat zijn de inhoudelijke kaders van het participatieproces? Kijkend naar de Mijlpalen van Meierijstad zijn de ambities voor het mobiliteitsbeleid: o Bereikbaar Meierijstad “werken aan economisch vitale stad” o Leefbaar Meierijstad “zorg dragen voor een prettige en veilige leefomgeving” o Duurzaam en gezond Meierijstad “transitie naar duurzame, gezonde en slimme mobiliteit” o Actief Meierijstad “ruimte bieden aan lokale mobiliteitsinitiatieven” Deze ambities worden uitgewerkt naar opgaven, oplossingsrichtingen en maatregelen. Dit resulteert in: o Koersnotitie waarin de mobiliteitsdoelen zijn beschreven en vertaald in subdoelen, strategie en opgaven o Multimodale netwerkvisie (auto, fiets, openbaar vervoer) o Uitvoeringsprogramma met een actieplan infra en niet-infra voor de komende 2 jaar en een programma voor de middellange (2025) en lange termijn (2030) Zoals aangegeven geeft de Duurzame Mobiliteitsvisie Meierijstad een stip op de horizon voor het jaar 2030 (met kaders) waar we gezamenlijk aan willen werken. Het plan geeft richting aan de uitwerking. Dit zegt iets over het detailniveau van de oplossingsrichtingen en over het vervolg. Voor maatregelen met ruimtelijke consequenties geldt dat bij de uitwerking ruimtelijke procedures (moeten) worden gevolgd zoals bijvoorbeeld bestemmingsplanprocedure, omgevingsvergunning of verkeersbesluit.
In dat kader vindt ook afstemming met de omgeving plaats en is er een formele bezwaar- en beroepsmogelijkheid. Maatregelen worden op hoofdlijnen uitgewerkt. Het gaat dus niet om een drempel in een straat. In het uitvoeringsprogramma wordt bijvoorbeeld opgenomen dat in buurt X een 30 km-zone komt. Bij de uitwerking van deze maatregel, na vaststelling van de Duurzame Mobiliteitsvisie en het beschikbaar stellen van krediet voor de uitvoering, wordt in overleg met de buurt en andere betrokkenen de concrete maatregelen bepaald. Op basis daarvan wordt vervolgens een verkeersbesluit genomen voor het instellen van 30 km/uur waartegen een beroeps- en bezwaarmogelijkheid is.
---------------------------------------------Pagina 2
Mobiliteit is geen doel op zich. Voor gebruikers is mobiliteit een middel om plekken te kunnen bereiken en activiteiten te kunnen ontplooien. Mobiliteitsbeleid staat niet op zichzelf en mobiliteit houdt niet op bij de gemeentegrens. Daarom vindt afstemming plaats met en wordt getoetst op samenhang met: o Ander gemeentelijk beleid zoals de omgevingsvisie, beleid op de thema’s duurzaamheid, economie, gezondheid, toerisme & recreatie, natuur en landschap, leefbaarheid en welzijn o Beleid, projecten en opgaven van rijk, provincie en regio-/buurgemeenten Verder geldt dat verkeer net als water is. Als het op de ene plek belemmerd wordt of juist een betere doorstroming krijgt, heeft dat gevolgen elders. Mobiliteit is een complexe opgave. De verwachting is dat er compromissen moeten worden gevonden.
Zijn er nog aanvullende kaders? / omstandigheden waarmee rekening gehouden moet worden? Het beschikbare budget voor het opstellen van de Duurzame Mobiliteitsvisie Meierijstad is € 100.000. Mobiliteitsbeleid is onderdeel van het overkoepelende beleid wat vastgelegd wordt in de omgevingsvisie Meierijstad. Dit betekent dat het tijdspad afgestemd is (en moet blijven) op het tijdspad van de Omgevingsvisie Meierijstad.
Wat is de verwachte meerwaarde van participatie in dit proces? Het gezamenlijk ontwikkelen van plannen vinden we belangrijk in Meierijstad. Directe betrokkenheid van de samenleving - inwoners/belanghebbenden, organisaties (en experts) - is waardevol vanuit de Meierijstadse filosofie. Daarnaast verwachten we dat participatie ook zorgt voor verrijking van de kwaliteit van het uiteindelijke plan – verschillende stakeholders en expert voegen andere perspectieven en inzichten toe. We hopen ook dat het de gedragenheid van het plan vergroot. Zo kunnen bereikbaarheidsmaatregelen soms botsen met bijvoorbeeld leefbaarheidsvraagstukken, en voorliggende keuzes op mobiliteit zijn per definitie complex en ingewikkeld. Doordat stakeholders zelf actief meedoen ontstaat naar verwachting begrip voor de complexiteit van de opgave en kunnen ze zelf ook meedenken over mogelijke compromissen. Als laatste hopen we met de participatieve aanpak ook het eigenaarschap voor maatregelen te vergroten en kunnen we op basis van de input van betrokkenen ook beter ruimte bieden aan lokale mobiliteitsinitiatieven.
Wat is de inschatting van betrokkenen over welke maatregelen naar verwachting zullen werken, wat kan eigen initiatief daarbij betekenen, hoe willen inwoners of organisaties wellicht zaken zelf invullen of oppakken, en welke vorm van ondersteuning is daarbij handig en passend? Dit zijn vragen die aan de orde komen in het participatietraject
Wie worden betrokken en hoe worden ze betrokken? In figuur 1.1 is overzichtelijk gemaakt wie de belangrijke stakeholders zijn en op welke wijze zij betrokken zijn bij het proces. Bij iedere bijeenkomst wordt het doel aangegeven en welke beïnvloedingsruimte er is. De interne specialisten (bijvoorbeeld thema’s mobiliteit, economie, duurzaamheid, gezondheid, leefbaarheid, gebiedsontwikkeling) maken onderdeel uit van het kernteam. De externe experts, bedrijven, belangenorganisaties, scholen en personen uit de dorps- en wijkraden nemen deel aan de focusgesprekken en ateliers. Andere inwoners en gebruikers van het gebied participeren bij de totstandkoming van de Duurzame Mobiliteitsvisie door de digitale enquête in te vullen. Verder wordt de concept visie voorgelegd aan bewoners en gebruikers (en anderen). Zo krijgt iedereen de mogelijkheid om een zienswijze te geven voordat de visie naar de raad gaat.
---------------------------------------------Pagina 3
Figuur 1.1: Overzicht stappen participatieproces Digitale enquête Het doel van de digitale enquête is informatie ophalen voor de Duurzame Mobiliteitsvisie. Op basis van de resultaten van de digitale enquête ontstaat een beeld wat goed gaat en wat beter kan op het gebied van verschillende mobiliteitsaspecten binnen de gemeente Meierijstad. De enquête wordt via verschillende platformen (o.a social media, website, contactpersonen) verspreid. De digitale enquête bestaat op hoofdlijnen uit twee onderdelen: de spidergraph en de hittestress kaart. De spidergraph maakt in één oogopslag duidelijk op welke deelaspecten volgens de respondenten de belangrijke opgaven liggen. De hittestresskaart geeft inzicht in knelpunten en ligging knelpunten. Focusgesprekken Tijdens de focusgesprekken wordt ingegaan op de waardering die specifieke doelgroepen hebben voor de bestaande situatie en de ambitie die zij hebben voor de toekomst in de gemeente Meierijstad. Het doel van de focusgesprekken is om scherpte te krijgen waar de mobiliteitsvisie over moet gaan en wat de specifieke doelgroepen belangrijk vinden. De focusgesprekken vormen een belangrijke aanzet om te komen tot de opgaven. De belangrijkste (georganiseerde) stakeholders worden in vier gesprekken van maximaal 10 stakeholders bevraagd: 1.
Experts op het gebied van mobiliteit in Nederland, namelijk: Rijkswaterstaat, provincie NoordBrabant, regio Noordoost Brabant, Vervoerder Arriva, ReizigersOverleg Brabant, Hulpdiensten, buurgemeenten, rijksbouwmeester, wetenschappelijk/onderwijs 2. Bedrijven: POM, ZLTO, Cumula, Evofenedex, VNO/NCW 3. Belangenorganisaties en scholen: Fietsersbond, Seniorenraad, natuurorganisaties, Stichting Toegankelijkheid, schoolbesturen basisonderwijs, voortgezet onderwijs, ROC, jongeren(gemeente)raad, sportraad, adviesraad sociaal domein 4. Dorps en wijkraden: Er zijn 18 dorps- en wijkraden. Aan de dorps- en wijkraden wordt gevraagd zich te laten vertegenwoordigen door 10 personen die gericht interesse en affiniteit met verkeer hebben. Als meer mensen interesse hebben om input te leveren, kunnen ze dit doen via de digitale enquête of door deel te nemen aan het atelier. ---------------------------------------------Pagina 4
De focusgesprekken worden ingepland tussen eind september en eind december. Een focusgroep duurt 2 tot 3 uur. Elk van de gesprekspartners krijgt voorafgaand aan het focusgesprek een korte (digitale) vragenlijst, waarin zij rapportcijfers geven aan deelaspecten. De kracht van de mini-enquête is dat er niet zozeer een beeld verkregen wordt van huidige problemen, maar vooral achterhaald wordt wat belangrijk gevonden wordt. Het resultaat van de enquête is een figuur waarin voor elk deelaspect de waardering en het belang wordt weergegeven. Deze figuur wordt als leidraad van het focusgesprek gebruikt. Na de voorstelronde worden de uitkomsten van de enquête van de groep gepresenteerd. Vervolgens wordt gereflecteerd op de uitkomsten van de enquête door de groep: worden de uitkomsten van de enquête herkend en waarom wel/niet? Ateliers Het doel van de ateliers is het verkrijgen van optimale input en het creëren van draagvlak. Deelnemers komen uit de deelnemers van de focusgesprekken, te weten: 1. Experts op het gebied van mobiliteit in Nederland 2. Bedrijven 3. Belangenorganisaties en scholen 4. Dorps en wijkraden Er wordt nog nader bepaald of nog meer mensen aansluiten bij de ateliers. Dit kunnen bijvoorbeeld vertegenwoordigers namens de bewoners zijn. Er worden 4 ateliers georganiseerd van circa 30 tot 50 personen.
De ateliers worden gehouden tussen december 2019 en oktober 2020: - Atelier 1, visie en gebiedsfoto - Atelier 2, beeld van de koers - Atelier 3, bedenken van oplossingen - Atelier 4, prioriteren van oplossingen - Atelier 5, concept visie (en zienswijzen) Tijdens ieder atelier wordt een vast format gevolgd, waarbij steeds plenair wordt ingeleid en daarna uiteengegaan aan 3 tot 5 gesprekstafels met maximaal 10 personen. Deze opzet biedt telkens weer de ruimte om en iedereen te bereiken en daarna persoonlijker in contact te gaan. Hieronder is de invulling per atelier nader toegelicht. Atelier 1: Starten met visie en gebiedsfoto Iedere deelnemer die nog niet de vragenlijst ingevuld heeft, krijgt de digitale enquête toegestuurd. De ingevulde vragenlijsten dienen als startpunt voor het eerste atelier. We presenteren de bevindingen en informeren over het proces. Participanten kunnen vragen stellen over het proces en hebben ruimschoots de gelegenheid (aan gesprekstafels) mee te geven wat zij belangrijk achten. Het resultaat is een overzicht van belangrijke thema’s en concrete situaties die om aandacht vragen. Vragen /onderwerpen die tijdens het eerste atelier aan bod komen, zijn: - Thema’s toetsen die uit focusgesprekken/bureauanalyse naar voren zijn gekomen. Missen er nog belangrijke onderwerpen? - Opgaven voor de mobiliteitsvisie definiëren.
Wat zijn de beleidsdoelen en waarom? - Eventueel scheiding voor doelen op korte en lange termijn. - Waar speelt dat/gebiedsgerichte benadering (op de kaart aangeven)? - Wat zijn sterktes en zwaktes mobiliteit Meierijstad? Waar liggen kansen en wat zijn bedreigingen?
---------------------------------------------Pagina 5
Atelier 2: Beeld van de koers Nadat de concept Mobiliteitsvisie opgesteld is (in presentatievorm), haken de participanten aan in het tweede atelier. Aan de hand van atelier 1 en de modelscenario’s wordt de koers toegelicht. Aan gesprekstafels kunnen participanten inhoudelijk reageren en aanvullen. Na dit atelier ontstaat een goed beeld van het draagvlak voor de visie en de inhoudelijke reflectie daarop vanuit de gemeente. Atelier 3: Bedenken van oplossingen In het derde atelier wordt ingegaan op de mogelijke oplossingen. Goudappel doet op basis van de belangrijke thema’s en de visie een voorzet voor een maatregelenkaart. Deze kaart is bewust incompleet, en dient vooral om participanten op het juiste been te zetten. Goudappel presenteert deze aan de deelnemers aan het atelier en vraagt hen om zo veel mogelijk ideeën aan te vullen. Het resultaat van dit atelier is een longlist aan maatregelen. Goudappel vult waar nodig aan en beoordeelt de maatregelen op haalbaarheid en kosteneffectiviteit. De oogst -een set met haalbare en effectieve maatregelen- zal input zijn voor het volgende atelier. Atelier 4: Prioriteren van oplossingen In dit atelier wordt aan de participanten gevraagd om, in een spelvorm, maatregelen te prioriteren op basis van een fictief budget. Dat betekent dat zij echt keuzes moeten maken. Ook dit gebeurt aan gesprekstafels.
Het resultaat is een prioritering per tafel, die Goudappel na afloop kan aggregeren naar de groep. Dat is een draagvlakmeting van mogelijke projecten, wat belangrijke beslisinformatie is richting de uitvoeringsagenda. De uitkomsten van dit atelier geven sturing aan het opstellen van de uitvoeringsagenda. Atelier 5: Concept visie (en zienswijzen) In het laatste atelier wordt samen nagegaan hoe we omgaan met de zienswijzen op de concept visie.
Eindafweging In de werksessies en de gesprekken verwachten we dat partijen (meer) begrip voor elkaars perspectieven en belangen ontwikkelen. Dat leidt wellicht tot nieuwe ideeën, alternatieven en/of coproducties. We zijn ons ervan bewust dat sommige belangen van stakeholders wellicht uiteen lopen of botsen, of dat er belangen spelen waaraan vanuit (eventueel bovenliggende) wetten of beleidskaders niet aan tegemoet kan worden gekomen. Daarom is het essentieel dat in het participatietraject – zeker op die punten waar belangen en perspectieven uiteen lopen – alle relevante perspectieven en belangen expliciet worden gemaakt. De (eind)afweging zal door het college worden gemaakt – dit doet zij op basis van alle input, en zij maakt de afweging ook transparant en beargumenteerd in het collegevoorstel. Zodat participanten én de gemeenteraad hun oordeel kunnen vormen over het gelopen proces en de gezette stappen in de eindafweging.
Communicatie Tijdens de looptijd van dit project richten we een projectpagina in op de website van de gemeente Meierijstad. Op deze projectpagina vindt men bijvoorbeeld informatie over het doel van het project, stand van zaken, verslagen van bijeenkomsten, een link naar de enquête en resultaten van de enquête. Via een digitale nieuwsbrief wordt informatie gedeeld met diegenen die zich voor deze nieuwsbrief opgeven. Uitnodigingen voor de focusgroepen en werkateliers worden rechtstreeks gestuurd naar betrokkenen. De digitale enquête wordt via social media en onze communicatiekanalen verspreid.
---------------------------------------------Pagina 6
Wat is de rol van de raad? Het is de bevoegdheid van de raad om de duurzame mobiliteitsvisie Meierijstad vast te stellen. Afstemming met de vindt tussentijds op 3 momenten plaats, namelijk: o 5 september 2019: startgesprek over participatie in de duurzame mobiliteitsvisie Meierijstad o Voorjaar 2020: beeldvormende avond met de raad. Deze sessie is gericht op het proces en de inhoud. Hoe loopt het proces? Zitten we nog op de goede koers? Welke dilemma’s spelen er? Moet het proces worden bijgesteld? Wat vinden we van de koers oftewel de kaders voor het vervolg (opgaven, ambities)? o Najaar 2020: beeldvormende avond met de raad.
---------------------------------------------Pagina 7