B11b Bijlage 1 haalbaarheidsonderzoek locaties EBC de Regenboog Wijbosch
Tekst van het document
Haalbaarheidsonderzoek locaties EBC De Regenboog - Wijbosch Gemeente Meierijstad 2306051534R2C-EvW, d.d. 23-1-2024
Inhoudsopgave 1
Inleiding
1
5
Advies projectgroep / besluitvorming
27
1.1
Achtergrond en vraagstelling
1
5.1
Inleiding
27
1.2
Werkwijze
3
5.2
Aandachtspunten EBC in Wij-Hoven
27
1.3
Leeswijzer
3
5.3
Proces en besluitvorming
29
1.4
Noot aan de lezer
3
6
Stand van zaken / vervolg
31
2
Visie en programma onderwijs
5
2.1
SKOPOS en EBC’s
5
2.2
Visie BS De Regenboog
5
2.3
Programma van eisen EBC voor het onderzoek
7
Bijlagen:
2.4
Ruimtebehoefte en ruimteprogramma
7
1. Projectgremia / betrokkenen
2.5
Gebouwconcept
11
2.6
Eisen en wensen (speel-)terrein
11
2.7
Minimaal benodigde grootte en overige eisen aan locatie
13
2.8
Gemeentelijk beleid sport en bewegen
15
3
Beschrijving locaties
17
3.1
Inleiding
17
3.2
Locatie 1 – huidige locatie
17
3.3
Locatie 2 – Wij-Hoven
19
3.4
Locatie 3 – sportterrein
21
4
Beoordeling locaties
23
4.1
Overwegingen bij de beoordeling
23
4.2
Beoordelingscriteria
23
4.3
Conclusie
23
1 Inleiding 1.1
Achtergrond en vraagstelling
Wijbosch is een kerkdorp nabij Schijndel en maakt deel uit van de gemeente Meierijstad. In Wijbosch is één basisschool aanwezig: RK basisschool De Regenboog. Het huidige gebouw aan de Schoolstraat in Wijbosch stamt uit de jaren ’50 en is aan vervanging toe. Ook is het gebouw normatief te klein voor het aantal leerlingen. Deels is hiervoor een oplossing gevonden in medegebruik van ruimtes in het aangrenzende pand van dorpscentrum De Schakel. Verder is gekozen voor een open schoolterrein naar de straat toe; het kruispunt waaraan de school is gelegen is een ‘shared space’. In de praktijk kent deze situatie toch wel wat nadelen met betrekking tot veiligheid van de kinderen. In het in 2021 geactualiseerde IHP (Integraal Huisvestingsplan) is vervangende nieuwbouw geadviseerd en aandacht gevraagd voor de bestaande integratie tussen school, kinderopvang, dorpshuis en gymzaal. Er leven echter verdergaande ambities. Zorginstelling Laverhof, die het verpleeghuis St. Barbara bestuurt dat naast de bovengenoemde voorzieningen en gebouwen aan de Eerdsebaan is gelegen, is voornemens samen met woningcorporatie Woonmeij het bestaande kloostercomplex te
In aanvulling op de plannen voor het toevoegen van woningen naast St. Barbara wordt ook gedacht aan het opnemen van maatschappelijke functies, waaronder de school. Een school is immers bij uitstek betekenisvol voor een gemeenschap. Ook in de huidige situatie is er al samenwerking bij activiteiten tussen Laverhof en De Regenboog: kinderen helpen bijvoorbeeld de ouderen in de moestuin en de kinderen spelen in de tuin van St. Barbara. Vanuit het gemeentelijk onderwijsbeleid worden doorgaande leerlijnen tussen kinderopvang en onderwijs hoog gewaardeerd. Het gemeentelijk sociaal domeinbeleid ambieert het ontstaan van LeefGoedconcepten. Aan Team Sygma is gevraagd drie scenario’s voor de huisvesting van school en kinderopvang uit te werken en te beoordelen op haalbaarheid en zo mogelijk tot een voorkeursscenario te komen. De gemeente en SKOPOS willen de samenwerking met Laverhof behouden en zo mogelijk uitbreiden. Dat zou kunnen op de huidige plek van de school (1), maar dat zou ook kunnen aan de andere kant van de gebouwen van Laverhof, als onderdeel van het woningbouwplan (2). Tot slot biedt ook een locatie nabij de sportvelden in Wijbosch kansen (3).
herontwikkelen waarbij onderzocht wordt of op het naastgelegen weiland woningbouw toegevoegd kan worden. In dat kader zou de gemeente graag zien dat de bestaande leefgemeenschap wordt doorontwikkeld naar analogie van de LeefGoed-gedachte zoals die in het Kloosterkwartier in Veghel wordt vormgegeven.
1
1.2
Werkwijze
1.4
Noot aan de lezer
Na een inventarisatie in de vorm van bezichtigen van de locaties en de
Tussen de start van het onderzoek en gedragen schetsen en vertrouwen
huidige school heeft een aantal inventariserende gesprekken
over de mogelijkheden bij de locatie Wij-Hoven is tijd verstreken. In
plaatsgevonden. Er zijn gesprekken gevoerd met de locatiedirecteur van De
voorliggend rapport is het proces beschreven vanaf de start: het bepalen
Regenboog en de bestuurder van SKOPOS, het schoolbestuur, maar ook
van de behoefte, het onderzoeken van potentiële locaties en het komen tot
met vertegenwoordigers van Woonmeij en Laverhof. Eveneens is
een voorkeurslocatie, met weliswaar nog een aantal aandachtspunten,
telefonisch contact geweest met vertegenwoordigers van de
worden beschreven in de hoofdstukken 1 tot en met 4. Deze stappen
sportverenigingen: de voetbalvereniging en de lopersgroep.
hebben plaatsgevonden voor de zomer van 2023.
Er zijn twee projectgremia ingericht: een stuurgroep en een projectgroep.
Hoofdstuk 5 vormt de overgang naar de volgende fase. In de tweede helft
De uitwerking van het onderzoek vond plaats in de projectgroep. In de
van 2023 is namelijk in overleg tussen participanten de locatie Wij-Hoven
stuurgroep zijn de kaders uitgezet en (tussen-)resultaten besproken. De
verder uitgewerkt. In hoofdstuk 5 en 6 wordt hierop ingegaan. De
samenstelling van beide groepen is opgenomen in bijlage 1.
beschrijvingen in hoofdstuk 6 zijn daarom een stapje verder dan beschrijvingen van de betreffende locatie in de hoofdstukken daarvoor,
1.3
Leeswijzer
In het volgende hoofdstuk wordt allereerst ingegaan op de behoefte van het kindcentrum, tevens de basis onder het onderzoeken van de haalbaarheid per locatie. In hoofdstuk 3 volgt een beschrijving van de drie onderzochte locaties. Daarna is in hoofdstuk 4 de beoordeling van deze locaties, inclusief de gehanteerde criteria, opgenomen. Conclusies hiervan en wijze van besluitvorming over de locaties worden beschreven in
waarin de beoordeling en aandachtspunten zijn genoemd. Voor de volledigheid is toch besloten om zowel terug te kijken naar het proces van locatiekeuze als kort de stand van zaken te beschrijven die daarna tot stand is gekomen in goede overleg tussen betrokkenen. Voorliggend rapport geeft daarmee een ontwikkeling in de planvorming van afgelopen jaar weer, inclusief behoefte en aandachtspunten vanuit het EBC en de besluitvorming over de locatie.
hoofdstuk 5. Tenslotte wordt in hoofdstuk 6 een korte blik op de stand van zaken van de planvorming najaar 2023 gegeven.
3
2 Visie en programma onderwijs 2.1
SKOPOS en EBC’s
Onderstaande teksten komen van de website van SKOPOS: www.skoposschijndel.nl
2.2
Visie BS De Regenboog
Onderstaande teksten komen uit de schoolgids en de website van de school: www.bs-deregenboog.nl
Alle basisscholen in Schijndel zijn onderdeel van SKOPOS. SKOPOS staat voor Samenwerkend Katholiek Openbaar Primair Onderwijs Schijndel. Elke
“Basisschool De Regenboog staat voor leren in geuren en kleuren. Bij De
school is ondergebracht in een Educatief Basiscentrum (EBC). De Stichting
Regenboog vinden we het onze taak die natuurlijke nieuwsgierigheid zoveel
SKOPOS bestaat uit vier EBC’s met samen acht schoollocaties, naast een
mogelijk te prikkelen. Door kinderen een krachtige leeromgeving aan te
stafkantoor, binnen de kernen Schijndel en Wijbosch. In een EBC zijn
bieden, waarbinnen ze op hun eigen manier de wereld kunnen ontdekken.
scholen, opvang en andere voorzieningen zoals kinderopvang nauw met
Of dat nu binnen is of buiten, in theorie of praktijk, uit een boek of middels
elkaar verbonden. Basisschool De Regenboog in Wijbosch vormt samen
een workshop. Een veelzijdig aanbod aan vernieuwende
met de hoofdlocatie van De Regenboog in Schijndel en kinderopvang De
onderwijsmethoden, afgestemd op het niveau, het tempo én de voorkeuren
Plu een EBC.
van elk kind. Een kleurrijke leeromgeving, waarin kinderen worden geprikkeld om hun talenten optimaal te ontwikkelen. Deze visie houdt
‘SKOPOS staat voor meesterlijk onderwijs’ en ‘in Schijndel zit je altijd goed
onder meer in dat we de kinderen niet alleen uit boeken willen laten leren,
op school’: twee motto’s van SKOPOS. Beiden gaan over het ontwikkelen
maar zo veel mogelijk door ‘doen’ willen laten werken én dat ze veel eigen
van kinderen, ieder op zijn of haar eigen manier. De basisscholen bieden
keuzes mogen maken. Deze visie hebben we samengevat in de slogan
elk duidelijk herkenbare en onderscheidende onderwijsconcepten aan,
‘leren in geuren en kleuren’.”
aansluitend bij de visie van het bestuur. Aansluitend bij deze waaier aan kleuren en geuren hecht de school veel belang aan leren buiten het ‘klaslokaal’ en met anderen: op het leerplein binnen het gebouw, op het eigen speelterrein en in de (groene) omgeving, in voorzieningen van buren en partners, met andere kinderen, volwassenen, ouderen. Andersom zijn partners ook welkom in het EBC.
5
2.3
Programma van eisen EBC voor het onderzoek
Deze daling werd niet herkend door de school. De meest recente prognose
Met de bestuurder, (adjunct-)directeur en huisvestingsmanager is een
(op basis van de leerlingentelling van oktober 2023) geeft inderdaad een
sessie gehouden om te komen tot een globaal Programma van Eisen (PvE), bestaande uit de onderdelen ruimteprogramma en gebouwconcept (zie de
constant leerlingenaantal van 144 leerlingen, met een korte piek tot 154 leerlingen. De planvorming mag dan ook worden gebaseerd op 144
volgende paragrafen).
leerlingen. Verder geldt dat de gemeente Meierijstad 50 m² BVO (bruto
Alhoewel dit nog geen volledig en samen met het team samengesteld PvE
dan 145 leerlingen. Deze wordt hier ook toegekend. Een en ander leidt tot
is, geeft het toch al meer inzicht in keuzes en speerpunten dan enkel de normatieve oppervlakte. Zo kunnen de locaties beter beoordeeld worden
vloeroppervlakte) toe aan de normatieve oppervlakte voor scholen kleiner een normatieve ruimtebehoefte van 200 + 144 * 5,03 +50 = 974 m² BVO.
ten aanzien van de mogelijkheden om het programma te kunnen realiseren.
Voor voorliggend onderzoek is uitgegaan van een behoefte ter grootte van
Bij de samenstelling is de kinderopvang niet betrokken, maar er is wel
vloeroppervlak). Dat komt overeen met de ruimtebehoefte van 129
zes groepen met een totale ruimtebehoefte van 900 m² BVO (bruto
uitgegaan van de ruimtebehoefte voor twee groepen kinder(dag)opvang.
leerlingen inclusief 50 m² extra ruimte die de gemeente toevoegt aan de
Bij de uitwerking, alvorens een architect wordt gekozen, dient het PvE te
Hierop is het voorlopige ruimteprogramma zoals gepresenteerd in
worden besproken en aangepast c.q. aangevuld in een bredere vertegenwoordiging van het EBC.
reguliere norm wanneer het leerlingenaantal kleiner is dan 145 leerlingen. voorliggende rapportage gebaseerd. In het ruimteprogramma is ook 2*115 m² = 230 m² BVO voor kinderopvang opgenomen in de vorm van een voorlopig (roze gearceerd) programma (zie Figuur 1 op de volgende pagina’s).
2.4
Ruimtebehoefte en ruimteprogramma
Het ruimteprogramma mag door de school worden ingevuld binnen een
De leerlingontwikkeling zal in het kader van de plannen goed gemonitord
normatief kader. Dit kader wordt bepaald door het aantal leerlingen en
moeten worden. Omdat de prognose tijdens de eerste planvorming al aan
hiervoor wordt op basis van een prognose ook de leerlingontwikkeling in
de lage kant leek, is voor de locatiestudie uitgegaan van zeven groepen
ogenschouw genomen opdat het gebouw passend is voor de toekomst. In
met 115 m² extra bovenop het ruimteprogramma. Indien er sprake is van
eerste instantie werd uitgegaan van planvorming voor circa 145 leerlingen,
een zevende groep, dankomt deze bij het cluster midden- en bovenbouw
maar de destijds recente prognose die gebruikt is voor de planvorming liet
(het ruimteprogramma en het relatiefiguur gaan nog uit van 6 groepen).
een daling zien tot circa 130 leerlingen.
7
Figuur 1
ruimteprogramma EBC De Regenboog te Wijbosch
9
Figuur 2
Gebouwconcept EBC Wijbosch (clusters en relaties)
2.5
Gebouwconcept
In Figuur 2 is het gebouwconcept weergegeven. Hierin zijn de clusters van ruimtes en de relaties daartussen visueel weergegeven. Het betreft geen ontwerp noch een plattegrond. Het ontwerp mag anders (gedraaid,
Het gebouw kent zo drie ‘huiskamers’, waar de verschillende doelgroepen en team (en bezoekers) een eigen plek met eigen identiteit mogen inkleuren.
gewisseld, gespiegeld) worden weergegeven mits de relaties worden
2.6
Eisen en wensen (speel-)terrein
gehandhaafd. In beginsel kunnen relaties en clusters ook gegarandeerd
Het PvE is tijdens de haalbaarheid aangevuld met eisen aan het terrein
worden in verdiepingsbouw.
opdat elke locatie ook hierop kon worden beoordeeld. Onderstaand zijn de gehanteerde uitgangspunten opgenomen.
Hiervan is echter gesteld dat gezien de omvang van de school (kleine school) een verdeling over twee bouwlagen niet wenselijk is. In een kern
De minimale afmetingen van een speelterrein voor basisonderwijs bedragen
als Wijbosch wordt verdiepingsbouw ook niet als noodzakelijk beschouwd
3 m² per leerling; ook voor kinderopvang geldt deze eis (per kindplaats). 1
door de stakeholders vanuit het onderwijs: het is geen stedelijke en
Deze afmetingen betreffen de minimale oppervlakte om te spelen, zonder
beperkte omgeving. Om de school een duurzame en passende uitstraling te
aanvullend groen, buitenbergingen, plek voor containers, fietsen en
geven en de kern Wijbosch een herkenbare onderwijsvoorziening, in
dergelijke. Afhankelijk van de locatie kan mogelijk extra ruimte worden
combinatie met voornoemde argumenten voor wat betreft de
gecreëerd in de overgang van het eigen speelterrein naar bijvoorbeeld een
kleinschaligheid van de school (c.q. het EBC) en gewenste relaties binnen
plein, park, sportveld of andere buitenruimte in de directe omgeving.
het EBC, is een eenlaags gebouw het uitgangspunt. Op dat moment kunnen de twee ‘vleugels’ van het gebouw, bestaande uit kinderdagopvang
De fietsen van leerlingen en personeel nemen veel ruimte in en er dient
en de onderbouw enerzijds, en de midden- en bovenbouw anderzijds, aan
zowel met de afmetingen als de plek hiervan rekening gehouden te
weerszijden van de entree en algemene ruimte liggen. Elke ‘vleugel’ heeft
worden. Toezicht op de stallingen vanuit onderwijsruimten is gewenst (in
een eigen leerplein en omdat de lokalen op de Begane Grond liggen, is een
verband met diefstal). Voor personeel is vaak een afgesloten of tenminste
rechtstreekse verbinding met buiten mogelijk (en het uitgangspunt).
overdekte stalling gewenst (nader te bepalen).
1
Het landelijk kenniscentrum Ruimte-OK heeft een kwaliteitskader ontwikkeld. In het kwaliteitskader wordt uitgegaan van 5 m² per kind, zonder maximering op aantal kinderen. Dit betreft circa 3 m² verharde buitenruimte en ca. 2 m² onverharde buiten(speel-)ruimte, maar is ook exclusief aanvullend groen, buitenbergingen etc. Dit kwaliteitskader betreft een advies en is geen eis,
11
Figuur 3
overzicht minimale grootte locatie
2.7
Minimaal benodigde grootte en overige eisen aan locatie
Het ruimteprogramma vormt de basis voor het bepalen van de benodigde terreinoppervlakte. Hierbij wordt uitgegaan van enige marge op de minimale benodigde gebouwoppervlakte, het aantal bouwlagen en natuurlijk benodigd terrein voor diverse functies rondom het gebouw. Omwille van flexibiliteit voor het gehele EBC in de toekomst dient de locatie plek te bieden aan 7 groepen onderwijs +2 groepen kinderopvang + 1 extra groepsruimte ten behoeve van mogelijke groei van het geheel = 8
In totaal wordt uitgegaan van een minimale afmeting van de locatie, bij goede indeelbaarheid, van minimaal 2.500 m², zie Figuur 3. Dit is te klein om alle ambities vorm te geven3, maar wel voldoende om ruimte te geven aan groen en bewegen rondom de school. Als (maar) circa 600 m² wordt gerealiseerd, dient in de directe omgeving extra groen / speelruimte in de vorm van dubbelgebruik (met de bewoners van Wij-Hoven en/of het dorp in het algemeen) mogelijk te zijn. Op dit moment spelen de kinderen ook (extra) bij Laverhof; dit is zeker een
groepen c.q. groepsslokalen. Dit komt overeen met 1.360 m² BVO.
optie en zelfs een wens in de toekomst, maar neemt niet weg dat ook een
Hierbij wordt uitgegaan van eenlaags bouwen; dus de footprint van het
zal verhard speelterrein dienen te zijn voor spelen met rijdend materieel,
gebouw bedraagt (maximaal) 1.360 m² BVO. Het eigen speelterrein bedraagt minimaal 600 m² voor de school en kinderopvang samen 2. Dit is exclusief aanvullende ruimte voor groen / tuin, parkeren, fietsen, berging en containers.
eigen speelterrein nodig blijft. Een groot deel van het (eigen speelt-)terrein ballen en springtouwen. Overlast hiervan voor aan- en omwonenden dient voorkomen te worden4. Voor scholen is een afscheiding (hek) niet vereist, maar voor kinder(dag)opvang wel (wettelijke eis). Voor de kinderopvang geldt dat speelruimte direct aan de groepsruimte dient te grenzen (eis). De school heeft uitgesproken dat eveneens bij voorkeur vanuit elke groep direct naar buiten kan worden gegaan, liefst direct uitkomend op het speelterrein; zeker voor de onderbouw.
2 3
144 leerlingen en (max.) 2*16 kindplaatsen * 3 m² = 176 * 3 = 528 m². Ook hier is rekening gehouden met een klein beetje marge. Aanvankelijk werd ervan uitgegaan dat een Mixx-veldje maar circa 240 m² zou bedragen (zie Figuur 3 versus § 0).
4
In het algemeen dient voldaan te worden aan een minimale afstand van 30 meter van geluidsbronnen onderwijs en kinderopvang (-speelterreinen) tot woningen (publicatie Bedrijven en milieuzonering | VNG).
13
2.8
Gemeentelijk beleid sport en bewegen
Wijbosch maakte voor de fusie tot Meierijstad deel uit van de gemeente Schijndel. Bij ieder EBC in Schijndel heeft de stichting Mixx een kunstgrasveld geschonken, dat vervolgens is aangelegd door de gemeente (Schijndel), behalve in Wijbosch, omdat daar geen geschikte locatie nabij de school voor is gevonden. Stichting Mixx heeft bevestigd aan de gemeente Meierijstad dat het geld voor Wijbosch is gereserveerd. De school zou dit graag alsnog realiseren. De realisatie hangt met name af van een geschikt terrein van voldoende omvang op een geschikte plek, liefst dicht bij de school. De minimale afmetingen voor het Mixx-veld, inclusief het hekwerk eromheen, zijn 23 x 33 meter. De gemeente Meierijstad kent ook het concept beweegtuin. Een beweegtuin is een buitenruimte waarin een aantal toestellen staan opgesteld, alsmede een kleine loze ruimte, waar de meest essentiële beweegoefeningen voor jong en oud kunnen worden gedaan. Dit is gebaseerd op het ASM (Athletic Skills Model)-principe. De minimale afmetingen van de beweegruimte zijn 14 x 12 meter. Het zou mooi zijn als het Mixx-veld en de beweegtuin in een ruime natuurlijke omgeving (parkachtige uitstraling) ingepast kunnen worden. Wij-Hoven zou hierbij qua concept erg goed aansluiten. Het Mixx-veld kan echter ook elders in Wijbosch landen indien dit niet mogelijk blijkt te zijn.
15
Figuur 4
overzicht locaties
3 Beschrijving locaties 3.1
Inleiding
3.2
Locatie 1 – huidige locatie
Zoals aangegeven dienen de volgende drie locaties te worden beoordeeld
Het huidige gebouw aan de Schoolstraat in Wijbosch stamt grotendeels uit
op haalbaarheid en wenselijkheid voor wat betreft het realiseren van een
de jaren ’50. De school is uitgebreid met twee groepslokalen tegelijk met
nieuw EBC:
de bouw van het aangrenzende pand van dorpscentrum De Schakel.
1. De huidige locatie van de school (en gym en kinderopvang); 2. Een locatie in het plan Wij-Hoven;
Op het terrein staat ook het gymlokaal, met daaraan ruimtes voor
3. Een locatie bij de sportvelden.
kinderopvang.
In Figuur 4 zijn de eerste zoekvlekken weergegeven voor de drie locaties: blauw voor de huidige locatie, groen voor Laverhof // Wij-Hoven, en oranje
De kavel is vrij vol gebouwd en kent een schoolterrein tussen de
voor het sportterrein. De groene en oranje vlek zijn later verder
gebouwvleugels aan de achterkant. Maar er is ook een schoolterrein naar
aangescherpt, zie de paragrafen 3.3 en 3.4.
de straat toe; het kruispunt waaraan de school is gelegen is een ‘shared space’. In de praktijk kent deze situatie toch wel wat nadelen met
In de volgende paragrafen wordt een beschrijving van de betreffende
betrekking tot veiligheid van de kinderen.
locaties gegeven. Perceel 7848 heeft een oppervlakte van 2.262 m². Perceel 7849 is 486 m² groot (zie Figuur 6 op de volgende bladzijde).
17
7549 7548
Figuur 6
huidige locatie
Figuur 5 huidig schoolgebouw
3.3
Locatie 2 – Wij-Hoven
De locatie Wij-Hoven ligt aan de Eerdsebaan en betreft zowel het onbebouwde terrein naast Laverhof als een terrein waarop de bestaande bebouwing van Laverhof wordt gesloopt.
Figuur 7
Het terrein wordt herontwikkeld tot een sociaal leefbare wijk en het realiseren van een leefgemeenschap waarbij ‘samen leven, samen zorgen’ de basis vormt. Hiervoor hebben Woonmeij en Laverhof met een groot aantal participanten een masterplan ontwikkeld. (www.woonmeij.nl/nieuwbouwprojecten/wij-hoven-wijbosch)
locatie Wij-Hoven
19
Figuur 8
locatie sportterrein – omvang hoek bij huidige indeling
3.4
Locatie 3 – sportterrein
Tenslotte is een mogelijke optie het sportterrein bij de voetbalvelden aan de rand van het dorp. Op basis van de huidige indeling van het sportveld is te weinig ruimte aanwezig aan de zijde van het dorp (zie . Echter, er zijn plannen om het sportterrein te herinrichten en/of te verplaatsen.
In het masterplan buitensport van de gemeente Meijerijstad, dat door de Raad is vastgesteld op 2 november 2023, staat: “Sportpark De Glorie in Wijbosch kampt al jaren met parkeerproblemen. Op relatief korte termijn (8 jaren) moeten alle voorzieningen op dit sportpark worden vervangen. Aanbevolen wordt om herontwikkeling resp. verplaatsing van het sportpark binnen een periode van max. 8 jaren te onderzoeken waarbij tevens de parkeerproblemen worden opgelost.”
Figuur 9
sportterrein Wijbosch – hoek Eerdsebaan / Veghelsedijk
21
ALGEMENE VOORKEUR LOCATIE QUA INHOUD
ALGEMENE VOORKEUR LOCATIE QUA STEDENBOUW EN LIGGING
1 - HUIDIGE LOCATIE
2 – LOCATIE WIJ-HOVEN
3 – LOCATIE SPORTTERREIN
Niet de voorkeurslocatie vanwege beperkingen kavel, incl. aansluiting op shared space.
Meest wenselijke locatie. Er worden veel kansen en mogelijkheden gezien, maar ook aandachtspunten (eenlaags vs. tweelaags, ligging, autonomie, grootte schoolterrein en aansluiting op groen).
Minst wenselijke locatie van de projectgroep.
De ligging binnen het dorp en bij andere voorzieningen is goed, maar met name de verkeeronveilige shared space – en in stedenbouwkundig opzicht ook het verlies van het huidige beeld bij nieuwbouw - zijn minpunten.
Ligging binnen het dorp is goed, gezamenlijk gebruik voorzieningen ook goed mogelijk. Verkeerveiligheid en stedenbouwkundige kwaliteit blijken uit het nog verder te ontwikkelen plan: er zijn zeker veel kansen, maar ook aandachtspunten – met name vanuit het programma / de visie / samenwerking.
Minst wenselijke locatie: aan rand van dorp richting buitengebied. Verkeersveiligheid aandachtspunt.
De meeste kansen, en qua ontwikkeling de minste risico’s in tijd en bestemming. Geld n.t.b. Aandachtspunt in plek school binnen geheel; borging afspraken.
Minst wenselijke locatie: aan rand van dorp richting buitengebied. Verkeersveiligheid aandachtspunt.
ALGEMENE VOORKEUR Aantal beperkingen op de locatie die risico’s LOCATIE O.B.V. AFWEGING kunnen inhouden voor herontwikkeling voor KANSEN EN RISICO’S onderwijs / kinderopvang. Tijdelijke huisvesting nodig. Figuur 10
Samenvatting beoordeling locaties door de projectgroep
4 Beoordeling locaties 4.1
Overwegingen bij de beoordeling
4.3
Conclusie
In principe dienen de benoemde locaties zo eenduidig en transparant
Locatie 2 – Wij-Hoven, scoort op bijna alle onderdelen het beste en op de
mogelijk te worden beoordeeld. Het is echter zo dat op twee van de drie
samenvatting in hoofditems is dit ook duidelijk te zien. Er is echter vooral
locaties (2 en 3) geen duidelijk kavel aangeduid is noch (bij de start van
ook geconstateerd dat deze locatie de potentie heeft om op bijna alle
het haalbaarheidsonderzoek) concrete plannen voor herontwikkeling en/of
onderdelen zeer goed te scoren, maar dat er veel aandachtspunten zijn
herindeling. Dit wil zeggen dat de locaties 2 en 3 kansen bieden, waarvan
voor de verdere uitwerking. Indien in de uitwerking voor keuzes wordt
nog niet zeker is (was) of nog te ontwikkelen plannen hiervoor
gegaan die niet aansluiten bij de behoefte van het EBC, zal de score
daadwerkelijk de ruimte bieden. En dat de huidige locatie beperkingen
volledig anders uitvallen. Omdat in eerste instantie enkel voorlopige
kent, waarvan net zo min duidelijk is of deze wellicht deels kunnen worden
schetsen ter beschikking waren, was het voorbehoud van de projectgroep
opgelost. Andersom kunnen vanuit de eisen en wensen voor het EBC ook
dat locatie 2 de voorkeurslocatie betreft met afstand tot de andere locaties,
voorwaarden aan de locatie gesteld worden, die vervolgens in de plannen
maar dat in de uitwerking van de plannen ruimte moet zijn voor de
al dan niet kunnen worden uitgewerkt (zie ook hoofdstuk 6, stand van
voorwaarden vanuit de gebruikers.
zaken / vervolg).
4.2
Beoordelingscriteria
De locaties zijn op diverse criteria beoordeeld. De criteria zijn in drie groepen ingedeeld: •
Programma / inhoud / synergie;
•
Locatie / stedenbouw / leefbaarheid (kern);
•
Risico’s en kansen.
De algehele score met toelichting is opgenomen in de samenvatting van Figuur 10. Op de volgende bladzijdes worden de scores, inclusief argumenten, op alle subcriteria weergegeven (Figuur 11).
23
Figuur 11
matrix beoordeling alle criteria
25
5 Advies projectgroep / besluitvorming 5.1
Inleiding
Locatie 2 – Wij-Hoven – wordt door alle leden van de projectgroep tot de meest kansrijke locatie gezien en ook als gewenste locatie voor het EBC en de beoogde synergie tussen gebruikers. In paragraaf 5.2 zijn de argumenten gegeven die namens de gebruikers zijn ingebracht voor verdere planvorming binnen het project Wij-Hoven. Indien hieraan voldaan kan worden is locatie Wij-Hoven de voorkeurslocatie.
5.2
Aandachtspunten EBC in Wij-Hoven
In de derde bijeenkomst van de projectgroep, in november 2022, is door Team Sygma namens de gebruikers aandacht gevraagd voor het (speel-) terrein van het nieuw te bouwen EBC voor basisschool De Regenboog en
1. Grootte schoolterrein
De minimale afmetingen van een speelterrein voor basisonderwijs bedraagt 3 m² per leerling; ook voor kinderopvang geldt deze eis (per kindplaats). Deze afmetingen betreffen de minimale oppervlakte om te spelen, zonder aanvullend groen, buitenbergingen, plek voor containers, fietsen en dergelijke. Voor Wijbosch is het uitgangspunt de norm in de vorm van eigen speelterrein te realiseren, en is de wens aanvullend daarop buitenruimte in de directe omgeving in te zetten als extra beweeg- en leerruimte.
2. Afscheiding schoolterrein
Voor scholen is een afscheiding (hek) niet vereist, maar voor
kinderopvang in Wijbosch, en met name om kaders mee te geven voor de
kinder(dag)opvang wel (wettelijke eis). Voor de school is dit nader te
verdere ontwikkeling van plannen hiertoe op de locatie Wij-Hoven. De
bepalen, afhankelijk van de (veiligheid van de) omgeving, overzichtelijkheid
aandachtspunten zijn gebaseerd op de (verschillende) stedenbouwkundige
en beslotenheid van het terrein. Voor kinderopvang geldt ook dat het
schetsen van voorlopige plannen die tot dat moment beschikbaar waren.
speelterrein direct vanuit de groep toegankelijk moet zijn. Vaak wordt
Deels zijn deze kaders reeds beschreven in hoofdstuk 2. Voor de
expliciet gevraagd om zon en schaduw op het speelterrein; beschutting
volledigheid worden ze hier nogmaals integraal met de andere
tegen felle zon is vereist voor de jonge kinderen. NB. In een versteende
aandachtspunten voor verdere ontwikkeling van de locatie Wij-Hoven voor
omgeving is aandacht voor de opwarming in de zomermaanden vereist.
het EBC weergegeven.
27
3. Akoestiek / geluid
Ondanks het plan om groene binnenplaatsen te maken, zal een groot deel van de omgeving toch versteend zijn door gebouwen, terrasjes en paden.
Aangeraden wordt om rond de 40-jarige leeftijd te bezien of er renovatie nodig is danwel nieuwbouw gewenst is. Normaliter wordt financieel op 40 jaar afgeschreven. Het gebouw dient zo ontworpen worden dat het
Er is dan ook een gevaar dat een speelterrein op een binnenplaats / in een
tenminste 60 jaar zouden kunnen blijven bestaan (technische afschrijving).
hofje een klankkast wordt met geluidsoverlast. Dit kan leiden tot onprettige
In een gezamenlijk ontwerp in een bepaalde stedenbouwkundige opzet en
buitenomgeving voor kinderen en teamleden, maar ook tot geluidsoverlast (of aanvullende akoestische maatregelen) van alle functies die grenzen aan
samenhang met omliggende gebouwen dient het gebruik voor deze periode gegarandeerd te zijn en een bepaalde mate van flexibiliteit te kunnen
het terrein.
bieden (uitbreiding / aanpassing, gebruik terrein).
4. Schaduw / bouwhoogtes
7. Bouwhoogte / aantal lagen / footprint
Hoge gebouwen rondom het schoolterrein zullen schaduwen werpen op het
De school wil een eenlaags gebouw. Het plan lijkt hier geen ruimte voor te
terrein. Bij een te grote dichtheid en hoogte rondom dreigt het
bieden. Enerzijds omdat het stedenbouwkundig is opgezet op basis van de
schoolterrein grotendeels in de schaduw te komen liggen. (NB. de zon staat
kloosterhofgedachte met twee lagen, anderzijds omdat een bepaald volume
in het noorden op laatste ontvangen tekeningen).
5. Fietsparkeren
Zoals aangegeven onder punt 1 nemen de fietsen van leerlingen en personeel veel ruimte in en dient zowel met de afmetingen als de plek hiervan rekening gehouden te worden. Toezicht op de stallingen vanuit onderwijsruimten is gewenst (in verband met diefstal). Voor personeel is vaak een afgesloten of tenminste overdekte stalling gewenst (nader te bepalen).
6. Flexibiliteit / veranderingen 40-60 jaar
Een schoolgebouw wordt in principe gebouwd voor 60 jaar; waarbij wordt uitgegaan van een 40-jarige periode van relatief weinig ingrepen (behalve eventuele benodigde uitbreidingen).
in de wijk gerealiseerd dient te worden. Voor de school is een combinatie met appartementen (bovenop het EBC) ongewenst. Los van voornoemde is de bouwhoogte van een school / EBC in het algemeen groter dan die van een woning in verband met de minimale hoogtes van verblijfsruimten voor het onderwijs en 60 à 80 cm installatiehoogte boven verlaagde plafonds. Indien op de school appartementen worden geprojecteerd, kunnen deze mogelijk niet aansluiten op de bouwhoogte van appartementen van de omliggende woongebouwen.
Tenslotte dient ingeval van tweelaags bouwen uitgegaan te worden van een footprint die groter is dan 50%. Het programma van een school / kinderopvang heeft altijd een hoge druk op de begane grond vanwege voorzieningen voor de jongste kinderen en algemene voorzieningen die vanuit relaties en clusters hier wenselijk zijn. De laatste opmerkingen zijn slechts opgenomen ter duiding; er wordt zoals aangegeven, tot het tegendeel blijkt, uitgegaan van eenlaags bouwen.
5.3
Proces en besluitvorming
In de besprekingen en nieuwe plannen voor Wij-Hoven is ruimte gegeven aan de eisen vanuit de gebruikers. Hiermee is voldoende ruimte en vertrouwen ontstaan om de plannen voor het EBC binnen Wij-Hoven – de voorkeurslocatie – verder vorm te geven. In hoofdstuk 6 wordt een eerste indruk geschetst van de plannen.
29
Figuur 12
stedenbouwkundige impressie plan Wij-Hoven (bovenaanzicht vanuit kant Eerdsebaan), inclusief duiding ligging school (in rood).
6 Stand van zaken / vervolg In dit hoofdstuk vermelde teksten en plaatjes zijn afkomstig van de website van Woonmeij (www.woonmeij.nl/nieuwbouwprojecten/wij-hovenwijbosch)
De grond voor de school zal nog dienen te worden aangekocht door de gemeente en een architect zal nog dienen te worden geselecteerd.
Woonmeij en Laverhof hebben samen met een groot aantal participanten
De globale planning voor de ontwikkeling van Wij-hoven in het algemeen
een masterplan ontwikkeld voor de locatie Wij-Hoven in Wijbosch. Op 30
en de school in het bijzonder ziet er als volgt uit:
november 2023 is het plan gepresenteerd aan omwonenden.
•
Op gebouwniveau dienen de gebouwen nog te worden ontworpen. Wel is al
2024- 2025 : voorbereiding: -
Wij-hoven: o.a. planologische procedure, sloopwerkzaamheden
-
School: opstellen aanbestedingsgereed bouwplan
een mogelijke impressie van de school op de beoogde plek (zie Figuur 12,
•
Medio 2025: start realisatie fase 1 (waaronder ook de school valt)
Figuur 13, Figuur 14) gegeven.
•
2026: oplevering fase 1 (waaronder ingebruikname school)
•
2029-2030: heel plan Wij-Hoven is opgeleverd.
Figuur 13
impressie voorzijde school
Figuur 14
impressie achterzijde school
31
Bijlage 1 – Projectgremia / betrokkenen Projectgroep: Geert van Etten
Aanvullend overleg experts: beleidsadviseur onderwijshuisvesting gemeente
Ludo van den Broek
verkeerskundige gemeente Meijerijstad
Meierijstad
Mark Creemers
stedenbouwkundige gemeente Meierijstad
Gernard van Uden
huisvestingsmanager Dommelgroep (voor SKOPOS)
Henri van Boxmeer
namens Laverhof
Telefonisch overleg:
Kees Goos
namens de dorpsraad
Arian Broeren
secretaris loopgroep Wijbosch
Miranda Eekman
gebiedsregisseur gemeente Meierijstad; deels
Hans Peeters
secretaris R.K.S.V. W.E.C. (voetbal)
Rob Zwijgers-Kooi
adjunct-directeur EBC De Regenboog
Mari Rovers
beleidsmedewerker sport gemeente Meierijstad
Tom Ter Bekke
projectleider Wij-Hoven (gemeente); deels
Bert Fransen
Team Sygma
Ester van Winkel
Team Sygma
Stuurgroep: Annemieke Pepping
directeur-bestuurder SKOPOS
Geert van Etten
beleidsadviseur onderwijshuisvesting gemeente Meierijstad
Gernard van Uden
huisvestingsmanager Dommelgroep (voor SKOPOS)
Johan van Gerwen
wethouder sport, onderwijs, recreatie en toerisme gemeente Meierijstad
Colofon Project Haalbaarheidsstudie locaties BS De Regenboog Projectnummer 17706A Opdrachtgever Gemeente Meierijstad Referentienummer 2306051543R2C-EvW Datum 23 januari 2024 Status Definitief Auteur(s) Bert Fransen Ester van Winkel Projectleider Ester van Winkel
Team Sygma BV Kastanjelaan 500 5616 LZ Eindhoven T +31 (0)40 258 7788 post@sygma.nl www.sygma.nl
Auteursrecht Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze rapportage mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door print-outs, kopieën of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Team Sygma BV.