A14c Provincie Noord-Brabant - Provinciaal verslag asielopgave - Brief aan Minister van Asiel en Migratie (geanonimiseerd)
Tekst van het document
(geanonimiseerd) Commissaris
van
de Koning
in
de provincie Noord-Brabant
ister v
i
n_Miar
(geanonimiseerd) Postbus 20301 2500
‘s-Hertogenbosch, 31
EH
Den
Haag
oktober 2024
(geanonimiseerd) Middels deze
gezamenlijke brief van alle commissarissen van de Koning bied ik u zoals van mij gevraagd wordt in de Wet gemeentelijke taak mijn verslag mogelijk maken asielopvangvoorzieningen. Zoals deze wet voorschrijft doe ik dit in mijn rol als Rijksorgaan en na het voeren van vele gesprekken met de gemeenten. Conform de wet slaat u bij het nemen van uw verdeelbesluit acht op dit verslag en streeft v naar een zo evenwichtig mogelijke verdeling van de opvang van asielzoekers over het grondgebied van Nederland. In aansluitend bericht wordt de specifieke provinciale opgave ingekleurd. Ik spreek mij niet kwalitatief uit over de gesprekken en de inzet van alle gemeenten, wel over de omstandigheden waar zowel gemeenten als provincies mee te maken hebben (gehad) bij de invulling van deze nieuwe wettelijke taak. aan
Effect van de Spreidingswet Alle commissarissen van de Koning staan onverkort achter de Spreidingswet die beoogt, door een evenwichtige spreiding van opvanglocaties, rust en stabiliteit te brengen in de asielopvang. We kunnen constateren dat de Spreidingswet nu al effect sorteert: de gemeentelijke plannen laten zien dat de komende twee jaren meer gemeenten dan voorheen asielopvang bieden en we zien óók een beweging van noodopvang naar duurzame opvang. Vanuit mijn bestuurlijke verantwoordelijkheid doe ik dan ook nogmaals een beroep op de minister om de Spreidingswet in de volle breedte uit te blijven voeren. Daarbij adviseer ik geen besluiten tot intrekking van de Spreidingswet aan de Kamers voor te leggen tot er een deugdelijk alternatief voor voldoende asielopvangplekken ligt.
Uitdagingen bij invullen taakstelling Ondanks dat de Spreidingswet zeker al effect heeft, tellen de provinciale plannen helaas nog niet voldoende op tot de totaal gevraagde capaciteit. Dit kent een aantal redenen. Zo zorgde de aankondiging tot het voornemen van intrekking van de wet, kort na de inwerkingtreding, voor onduidelijkheid en vertraging. Dit heeft in zijn algemeenheid een wissel getrokken op politieke-bestuurlijke bereidheid te voldoen aan de Spreidingswet. Lokale bestuurders kwamen hierdoor regelmatig in een lastig parket bij het geven van uitleg over beoogde opvanglocaties aan omwonenden.
besluitvormings- en ruimtelijke procedures met vaak lange doorlooptijden zijn ongewijzigd gebleven. De invoering van de Spreidingswet is niet vergezeld gegaan van nieuwe wettelijke mogelijkheden tot versnelling. Dit moeten wij ons terdege realiseren. De laat verschafte duidelijkheid over kaders heeft ook niet bijgedragen aan de bereidheid van gemeenten om zelf opvangvoorzieningen te (laten) exploiteren. Ik zie ook dat het bij het COA in de uitvoering geregeld ontbreekt aan voldoende capaciteit en slagvaardigheid, waardoor projecten (extra) vertragen of soms zelfs geen doorgang kunnen vinden. Daarnaast zie ik in de miljoenennota ook dat de vitvoeringsorganisaties in de gehele keten te maken krijgen met een forse daling van budget. Dit leidt bij mij tot zorgen over vitvoeringskracht en haalbaarheid. De
bestaande
leveren voor 5 jaar. De financiering van het COA daalt echter na 2027 drastisch. Dit maakt de businesscases voor nieuwe locaties zeer onzeker. We vragen veel van onze gemeenten zowel als het gaat om opgaven en taken alsook als het gaat om druk op de ruimte. Kan het Rijk zelf nog meer bijdragen als het gaat om Rijksvastgoed en/of Gemeenten
zijn bijvoorbeeld gevraagd duurzame plekken
te
gronden? asielopvangplekken en huisvesting van statushouders het hele land nog beperkt van de grond gekomen. Ik constateer dat met spijt omdat ik de achterliggende gedachte van regionale samenwerking waar dat kan, zeer ondersteun. Daarom vraag ik v om met de opgedane ervaringen te onderzoeken hoe regionale samenwerking kan worden bevorderd, en hierbij een eerste evaluatie van hoe de wet, en met name de bonussystematiek, (uit)werkt, te betrekken. De
gewenste uitruil tussen gemeenten is in
tussen
zeer
Tot slot
Ik zie dat de systematiek van overleg aan de PRT's en de LRT een goed instrument is alle opgaven (van opvang tot huisvesting) in samenhang te bezien en tot resultaten te komen. Rust in het opvanglandschap en in de wet- en regelgeving hieromtrent zijn daarbij van groot belang. om
deze weergave van feiten en omstandigheden die een rol hebben gespeeld tijdens de overlegfase van de Spreidingswet tot slot nog een tweeledig verzoek: Alles wat in vw vermogen ligt eraan bij te dragen om de voorwaarden voor het totstandbrengen van stabiele opvangvoorzieningen te verbeteren; Bovenstaande feiten en omstandigheden mee te wegen bij het nemen van uw verdeelbesluit en het inzetten van handhaving. Ik koppel
aan
Ik vertrouw
er
op
u
hiermee voldoende
te
hebben
geïnformeerd.
(geanonimiseerd)