4.4 Zienswijze 4 (geanonimiseerd)
Tekst van het document
Aan: Gemeenteraad van de Postbus 10.001 5460 DA Veghel
gemeente Meierijstad
Gemeente Meierijstad
Informatiebeheer 1
Van:
ij DEC 2025
(geanonimiseerd) Olland,
16-12-2025
Betreft:
Zienswijze tegen het ontwerp wijziging omgevingsplan vierde wijzigingsronde Meierijstad. Gebiedsontwikkeling Locht Olland te Sint-Oedenrode. —
Geachte leden
van
de
gemeenteraad,
eigenaar en exploitant van de geitenhouderij aan de Schootsedijk 47 te Olland. Met de vierde wijzigingsronde van het omgevingsplan maakt de gemeente onder meer de ontwikkeling van 21 woningen in het gebied De Locht mogelijk. Ik ben
Mijn bedrijf betreft een reguliere melkgeitenhouderij, die volledig voldoet aan de geldende wet- en regelgeving en aan het provinciale beleid van Noord-Brabant. Er zijn geen besluiten genomen die mij verplichten op korte termijn extra investeringen te doen. Mijn bedrijf opereert binnen de toegestane kaders. De nieuwe woningen, in het gebied De Locht, zijn volgens de planverbeelding en onderliggende stukken voorzien op zeer korte afstand van mijn bedrijf, namelijk tussen ongeveer 136 en 264 meter, daarom ruimschoots binnen 500 meter en 1.000 meter van de geitenhouderij. De voorgenomen ontwikkeling raakt mij rechtstreeks als ondernemer (bedrijfscontinuïteit, milieuruimte, klachtenrisico).
Hierbij dien ik mijn zienswijze in tegen het ontwerpbesluit, voor zover dit betrekking heeft op de woningbouwontwikkeling De Locht (21 woningen) in de nabijheid van mijn bedrijf aan de Schootsedijk 47.
Tegen
deze
achtergrond breng
ik de
volgende zienswijzen
naar
voren.
Juridisch en beleidsmatig kader (gezondheid en kwetsbare functies) 1. Omgevingswet De Omgevingswet formuleert als maatschappelijk doel onder meer het bereiken
én in stand houden
veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. De gemeenteraad moet bij het vaststellen van het omgevingsplan zorgen voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Gezondheid is daarbij expliciet een belang dat moet worden meegewogen. van
een
Dat betekent dat de raad moet beslissen op basis van de actuele stand van de kennis (onder meer de nieuwste adviezen van Gezondheidsraad, RIVM en GGD) en dat deze kennis herkenbaar in de motivering van het plan tot uitdrukking moet komen. 2. Gezondheidsrisico’s rond geïtenhouderijen (VGO-III en Gezondheidsraad) Uit het onderzoeksprogramma Veehouderij en Gezondheid Omwonenden (VGO-IIT) volgt dat mensen die binnen 2 kilometer van een geitenhouderij wonen een verhoogd risico op longontsteking hebben, waarbij het risico toeneemt naarmate de afstand kleiner wordt. Dat beeld is in 2024 opnieuw bevestigd in het eindrapport over de periode 2014-2019.
De aten
heeft in december 2025 geconcludeerd dat: Mensen die binnen 500 meter van een geitenhouderij wonen gemiddeld ongeveer 73% meer kans hebben op longontsteking dan andere Nederlanders; Mensen die binnen 1 kilometer wonen nog steeds een ongeveer 19% hoger risico hebben; -_Dit een aanzienlijk gezondheidsrisico is in vergelijking met andere milieufactoren; Omwonenden beschermd moeten worden door stalmaatregelen én afstandsnormen voor nieuwe geitenhouderijen én nieuwe woningen nabij geitenstallen. -
-__
(adviseren op basis van VGO-III en de Gezondheidsraad om afstand in te bouwen geitenhouderijen en gevoelige bestemmingen (zoals woningen, scholen, zorginstellingen) en ieder geval zeer terughoudend te zijn met nieuwe woningbouw binnen 2 km van geitenhouderijen. Diverse GGD's
tussen
in
Kwetsbare gebouwen (woningen) onder het Besluit kwaliteit leefomgeving 3. Onder de Omgevingswet worden gebouwen met een woonfunctie in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) en in bijbehorende handreikingen aangemerkt als kwetsbare gebouwen of gebouwen met een
gevoelige (geluids- en omgevings)functie. Dat betekent dat gewone woningen, ongeacht of zij bestemd zijn voor starters, gezinnen of ouderen, in de juridische systematiek worden gezien als beschermingswaardige functies. De gezondheid van bewoners is dus rechtstreeks een relevant en te beschermen belang. 4. Gemeentelijk beoordelingskader bij woningbouw nabij geïtenhouderijen In de stukken (gemeentelijk beleid) lees ik dat de gemeente bij nieuwe woningbouwinitiatieven in de buurt van geitenhouderijen let op vier beoordelingsfactoren: 1.
2.
3.
Aantal woningen op één locatie Positieve grondhouding bij kleinschalige woningen of meer.
projecten,
maar
terughoudend bij projecten van
Afstand van de woningbouwlocatie tot de geitenhouderij In principe geen medewerking aan plannen die de bestaande afstand geitenhouderij verkleinen.
van
woningen tot een
Cumulatie
Terughoudendheid bij plannen binnen 2 km van meer dan één geitenhouderij geitenhouderij in combinatie met andere overlast gevende bedrijven. 4.
12
of van
een
Kwetsbare groepen In principe geen medewerking aan ontwikkelingen gericht op voorzieningen voor grote groepen meer kwetsbare mensen (bijvoorbeeld verzorgingshuis, school, kinderopvang).
punten vormen samen het gemeentelijke uitgangskader voor woningbouw nabij geïtenhouderijen. De gemeente zegt de ontwikkeling De Locht hieraan te hebben getoetst en daar maatwerk bij te hebben geleverd. Deze vier
Inhoudelijke zienswijze 1. Volksgezondheid: ontwikkeling binnen 136 tot 264 meter, zonder GGD-advies De ontwikkeling De Locht voorziet in 21 woningen binnen 136 tot 264 meter van mijn geitenhouderij. Daarmee vallen alle nieuwe woningen binnen 500 m en binnen 1 km van het bedrijf. de conclusies van de Gezondheidsraad 73% hoger risico binnen 500 m en 19% hoger deze binnen 1 km betekent dit dat de gemeente met ontwikkeling een substantieel aantal nieuwe de huishoudens bewust plaatst in hoogste risicocategorie.
Gegeven
—
—
Daarbij komt dat: =__Er‚ voor zover uit het dossier blijkt, geen schriftelijk GGD-advies is ingewonnen aanvaardbaarheid van woningbouw op deze afstand van mijn geitenhouderij;
over
de
juist uitgaan van het inbouwen van afstand tussen geitenhouderijen en adviseren om nieuwe of hogere gezondheidsrisico’s te voorkomen door woningen terughoudend te zijn met woningbouw binnen 2 km. _GGD-adviezen
=
en
In het licht van deze kennis acht ik het onvoldoende zorgvuldig dat de gemeente zonder GGD-advies en zonder expliciete gezondheidskundige motivering tot deze locatiekeuze komt. 2. Niet kleinschalige ontwikkeling, maar wél als zodanig benaderd In het beleid van de gemeente staat dat zij terughoudend is bij woningbouwlocaties van 12 woningen of meer. In de Notitie volksgezondheid en veehouderijen is een onderdeel maatwerk opgenomen, waarbij wordt aangegeven dat het hier gaat om 21 woningen en dat de ontwikkeling dus niet als kleinschalig wordt gezien en een terughoudende houding vraagt. Die terughoudendheid wordt echter niet vertaald in concrete beperkingen of voorwaarden: Er wordt geen ondergrens gesteld aan de afstand tot mijn geitenhouderij; Er wordt geen aanvullende gezondheidskundige onderbouwing geleverd; -
=
Sterker nog: in de algemene toelichting wordt het plan richting omgeving gepresenteerd als een “kleine” locatie, terwijl het volgens het eigen beleid van de gemeente juist in de categorie van grotere, kritisch te beoordelen ontwikkelingen valt. het aantal woningen én de locatie binnen 500 m van een geitenhouderij is hier geen sprake “kleine ontwikkeling” in de zin van de gezondheidsrisico’s. In één keer wordt voor 21 huishoudens een aanzienlijk verhoogd risico op longontsteking gecreëerd. Gezien van
een
3. Onjuiste en misleidende kwalificatie “kleine In de stukken wordt mijn bedrijf aangeduid als een “kleine
het ir
melkgeitenhouderij” melkgeitenhouderij”. Daartegen breng
ik
in:
kwalificatie “klein” is feitelijk en juridisch onduidelijk. Nergens wordt onderbouwd waar de grens ligt tussen “kleine” en “grote” geïtenhouderijen, noch waarom dit in dit concrete geval relevant zou zijn voor de risico-inschatting. Voor de gezondheidsrisico’s is deze kwalificatie niet doorslaggevend. De onderzoeken van RIVM en de Gezondheidsraad gaan uit van geïtenhouderijen in het algemeen en laten zien dat het verhoogde risico op longontsteking al optreedt bij het wonen in de omgeving van een geitenbedrijf. Mijn bedrijf voldoet aan wet- en regelgeving en provinciaal beleid. Het gaat om een volwaardig agrarisch bedrijf dat binnen alle geldende kaders functioneert en waarvoor niet is bepaald dat op korte termijn extra investeringen noodzakelijk zijn om aan nieuwe eisen te voldoen. De
-
_
=
Door mijn bedrijf als “klein” te kwalificeren, lijkt de gemeente vooral de indruk te willen wekken dat de risico’s beperkt zijn, zonder dit inhoudelijk te onderbouwen. Dat acht ik misleidend en onzorgvuldig in de context van een besluit dat juist over gezondheid en omgeving gaat.
Toetsing aan eigen beoordelingscriteria en kritiek op “maatwerk”-paragraaf in de Notitie volksgezondheid en veehouderijen In de opgevraagde bijlage “Maatwerk in relatie tot het initiatief” wordt het plan De Locht expliciet getoetst aan de vier gemeentelijke beoordelingsfactoren (a-d). Mijn reactie daarop: 4.
De ‘bijlage stelt heek dat 21 wangen meer dan 12i kleinschalig
wordt
gezien.
De
is en
dat het initiatief daarom niet als
gemeente zegt in dat verband “terughoudend”
te zijn.
Die terughoudendheid blijft echter louter verbaal. Er wordt niet aangegeven welke aanvullende eisen uit die terughoudendheid volgen en er wordt ook niet onderbouwd waarom 21 woningen op deze locatie, ondanks het verhoogde gezondheidsrisico, toch acceptabel zouden zijn. De term
“terughoudend”
wordt
zo een
lege formule
zonder
inhoudelijke betekenis
in de
planafweging. 8
De ‘bijlage vermeld dat de aten tot de tweepe otheroudertjen in Olland 126
en
680 meter
bedragen en dat de kortste afstand van een geitenhouderij tot een bestaande woning 30 meter is (Schootsedijk 44). Op basis daarvan wordt geconcludeerd dat de afstand tot de nieuwe woningen “groter is dan de bestaande afstand tot burgerwoningen”. mijn mening onjuist am redenering Het gemeentelijk criterium is dat is naar
en
onzorgvuldig:
in principe geen medewerking verleent aan plannen die de bestaande afstand verkleinen. Dat criterium gaat over het voorkomen van nieuwe blootstelling dichtbij geïtenhouderijen, niet over het rechtvaardigen van extra risico’s door te wijzen op een historisch gegroeid, extreem knelpunt op 30 meter. -__Beleidsmatig ligt het voor de hand om te redeneren vanuit een gezondheidskundig wenselijke afstand (gezien de 73% en 19% risicoverschillen) en niet vanuit de slechtste bestaande men
situatie. -_Dat er ooit een woning op 30 meter is toegestaan, maakt niet dat het nu verantwoord is om voor 21 extra huishoudens een verhoogd risico binnen 136 tot 264 meter te creëren, zeker niet nu de gezondheidsrisico’s sindsdien veel beter in beeld zijn gebracht.
plaats van het bestaande knelpunt als referentie-norm te gebruiken, juist als ongewenst moeten zien en daar lering uit moeten trekken. In
De bijlage pen
dat nahe is
zou de
gemeente die situatie
cumulatie. Het phamgelded ot binnen
van 2 km van twee wordt dat de gesteld gemeente “terughoudend, maar niet per definitie geitenhouderijen. Tegelijk zal en dat een definitief afwijzend” zijn, afwijzende houding zou betekenen dat er in Olland geen meer is. woningbouw mogelijk
Deze
redenering
schuift de vraag is níet of
kernvraag terzijde:
“anders niets meer kan” in Olland, maar of deze locatie, gegeven afstand, cumulatie en onderzoeksresultaten, verantwoord is vanuit gezondheidsperspectief. =__Dat bijna het hele dorp in de 2-km-zone ligt, benadrukt juist dat het verstandig is om zeer kritisch te zijn met extra woningbouw in die zone en eerst structurele oplossingen (bijvoorbeeld sanering, verplaatsing, andere locaties) te verkennen. -_De
er
inhoudelijk
niets” is begrijpelijk vanuit de woningbouwopgave, maar is geen gezondheidsargument en kan niet zonder meer dienen als dragende motivering.
De bijlage
stelt dk de bouwen woningen
Het argument “anders
kan
er
an ossen
te zijn die gericht zijn op kwetsbare “geen groepen”, omdat het woningen voor starters en jonge gezinnen zouden zijn, en geen scholen, kinderopvang of verzorgingshuizen. Daarmee wordt voorbijgegaan aan: =De juridische werkelijkheid. Onder het Bkl en bijbehorende handreikingen worden juist gebouwen met een woonfunctie aangemerkt als kwetsbare gebouwen. Wonen is dus wél een kwetsbare functie. =De
praktische werkelijkheid.
gemeente heeft feitelijk geen invloed op wie er in deze woningen komt te wonen. Ook in “starterswoningen” en gezinswoningen kunnen kinderen met astma, mensen met longziekten, De
zwangere vrouwen of later juist ouderen en andere kwetsbare personen gaan wonen. Het is niet mogelijk en juridisch niet toelaatbaar om “kwetsbare mensen” uit een nieuwe
wijk
te weren.
suggestie dat criterium d geen rol zou spelen omdat het “geen voorzieningen voor kwetsbare groepen” betreft, is daarom onjuist en misleidend. In de gezondheidskundig relevante terminologie zijn woningen juist wél een kwetsbare bestemming. De
De
5. Spanningsveld met mijn agrarisch bedrijf toevoeging van 21 woningen op zeer korte afstand van mijn geitenhouderij heeft bovendien gevolgen voor mijn bedrijf: De kans op klachten en handhavingsverzoeken over geur, stof, gezondheid en beleving neemt aanzienlijk toe. =_Dit kan ertoe leiden dat mijn geldende milieuruimte in de praktijk steeds moeilijker benutbaar wordt, terwijl de provincie tegelijkertijd een zeer restrictief beleid voert ten aanzien van geitenhouderijen. -__Door nieuwe gevoelige functies in de directe nabijheid toe te voegen, schuift de gemeente de spanning tussen woningbouw en agrarische bedrijfsvoering in feite naar de ondernemer, in plaats van deze via een zorgvuldige locatiekeuze en maatwerk op te lossen.
des
planmotivering wordt dit spanningsveld belangenafweging ontbreekt. In de
slechts summier benoemd.
Een
overtuigende
Niet alle stukken liggen ter inzage van de uniforme openbare voorbereidingsprocedure moeten het ontwerpbesluit én de onderliggende stukken gedurende zes weken ter inzage liggen, zodat belanghebbenden zich daarover een volledig beeld kunnen vormen en gericht zienswijzen kunnen indienen. 6.
Op grond
In dit
geval
heb ik vastgesteld
dat niet alle stukken ter
Ik behoud mij nadrukkelijk het recht voor om mijn stukken alsnog volledig ter inzage zijn gelegd.
inzage hebben gelegen.
zienswijze aan te vullen zodra alle relevante
7. Niet betrokken in de omgevingsdialoog De Omgevingswet hecht groot belang aan participatie en omgevingsdialoog, juist bij ontwikkelingen met potentieel grote impact op de leefomgeving en op bestaande functies. In gemeentelijke communicatie wordt aangegeven dat bij nieuwe ontwikkelingen een omgevingsdialoog wordt gevoerd met direct belanghebbenden. Ondanks het feit dat mijn geitenhouderij direct grenst aan het plangebied, alle 21 woningen binnen 500 meter van mijn bedrijf worden voorzien en de ontwikkeling grote gevolgen kan hebben voor zowel mijn bedrijfsvoering als de gezondheidsbeleving van toekomstige bewoners ben ik niet benaderd of betrokken bij enige vorm van omgevingsdialoog over het plan De Locht. Gelet op de omvang van de ontwikkeling en de directe relatie met mijn bedrijf is dit onbegrijpelijk en in strijd met de geest van de Omgevingswet en het gemeentelijke participatiebeleid. Hierdoor heb ik niet in een vroegtijdig stadium mijn zorgen en aandachtspunten kunnen inbrengen, noch is zichtbaar gemaakt op welke wijze met de belangen van mijn bedrijf rekening is gehouden.
Conclusie en verzoek Op basis van het bovenstaande kom ik tot de volgende conclusies: -_De voorgenomen ontwikkeling van 21 woningen op 136 tot 264 meter van mijn geitenhouderij plaatst toekomstige bewoners midden in een gebied met een aantoonbaar verhoogd gezondheidsrisico (geitenhouderij en longontsteking), zonder dat een GGD-advies is
ingewonnen.
kwalificatie van mijn bedrijf als “kleine melkgeitenhouderij” is onduidelijk, niet relevant voor de gezondheidsrisico’s en schept een verkeerd beeld van de situatie, terwijl het bedrijf gewoon voldoet aan alle wettelijke en provinciale kaders. -_De procedurele eisen van zorgvuldige voorbereiding en volledige terinzagelegging zijn niet of onvoldoende nageleefd, waardoor ik word belemmerd in het volledig onderbouwen van mijn -_De
zienswijze. -__Ik ben, ondanks mijn directe belang, niet betrokken bij de omgevingsdialoog, wat strijdig is met het uitgangspunt van vroegtijdige participatie en een integrale belangenafweging. Ik verzoek u daarom om het onderdeel van de vierde wijzigingsronde van het omgevingsplan dat ziet op de woningbouwontwikkeling De Locht (21 woningen) niet vast te stellen, althans de besluitvorming 5
aan te houden totdat een deugdelijke gezondheidskundige onderbouwing (inclusief GGDis opgesteld, alle relevante stukken volledig ter inzage zijn gelegd en de belangen van mijn advies) geitenhouderij als bestaande functie volwaardig zijn meegewogen.
hierover
Als
desondanks besluit de
u
planwijziging (geheel of gedeeltelijk) door te zetten,
verzoek ik u in ieder
geval: waarborgen dat geen woningen binnen een afstand van 500 meter van mijn geitenhouderij planologisch mogelijk worden gemaakt, dan wel -__In de planregels specifieke beschermings- en afstandsregels op te nemen die de gezondheid van bewoners borgen én mijn bedrijfsvoering niet onevenredig beperken, en =__In de motivering expliciet in te gaan op de hierboven genoemde punten (volksgezondheid, karakter van het bedrijf, volledigheid van de stukken en het ontbreken van omgevingsdialoog) en aan te geven hoe deze alsnog worden ondervangen. -_Te
Ik verzoek
u
wijze waarop besluit.
Met
zienswijze bij de verdere besluitvorming te betrekken en mij te informeren over de mijn opmerkingen worden verwerkt in de nota van zienswijzen en in het definitieve
deze
vriendelijke groet,
(geanonimiseerd)
R
BRIEF AANGETEKEND NL Frankering betaald €11,8
NL
D PostNL
161284
38 gr
_ 17-12-2025
14:24
NL
3SRPKS617441323
Gemeente Pe skhus 5 4 éo DA
5460DA
10001
Raad
vel.
Gem
lo.ool
Ve
ahel.
oen
le Meier rd