3. zienswijze provincie
Tekst van het document
Brabantlaan 1 Postbus 90151 5200 MC ’s-Hertogenbosch Telefoon (073) 681 28 12
Gemeente Meierijstad Postbus 10001 5460 DA VEGHEL
Fax (073) 680 76 80 www.brabant.nl IBAN NL86INGB0674560043
Bereikbaarheid openbaar vervoer en fiets: www.brabant.nl/route
Datum
28 juni 2021 Ons kenmerk Onderwerp
C2281285/4914551
Zienswijze ontwerp-bestemmingsplan ‘Eerschotsestraat-Zuid’
Uw kenmerk
Contactpersoon
W. Burger Telefoon
Geachte raad,
(073) 681 28 12 Email
Het ontwerp-bestemmingsplan ‘Eerschotsestraat-Zuid‘ ligt tot en met 30 juni 2021 ter inzage. Op grond van artikel 3.8, van de Wet ruimtelijke ordening, dienen wij hierbij zienswijzen in tegen dit bestemmingsplan. Planbeschrijving
Het ontwerp Eerschotsestraat-Zuid voorziet in de herontwikkeling van het HAVSterrein (het aangezicht van Sint-Oedenrode). In totaal worden circa 60 woningen mogelijk gemaakt op deze locatie. De huidige bedrijvenbestemming op deze locatie maakt grotendeels plaats voor een woonbestemming; slecht een gedeelte van de bedrijfsbestemming blijft behouden. Ook zullen 2 bedrijfswoningen verdwijnen. Vooroverleg
Bij brief van 25 juli 2018, kenmerk C2226353/4375841, heeft onze Eenheid Ruimtelijke Ontwikkeling gereageerd op het voorontwerp. Deze brief en uw reactie hierop liggen mede aan onze zienswijze ten grondslag. Daarnaast is er in de periode tussen onze reactie op het voorontwerp en het opstellen van de zienswijze ambtelijk contact geweest omtrent de planvorming.
wburger@brabant.nl Bijlage(n)
-
Provinciaal beleidskader
Datum
Het provinciaal ruimtelijk beleid is vastgelegd in de Brabantse Omgevingsvisie. De te beschermen provinciaal ruimtelijke belangen zijn vertaald in de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (IOV) die op 5 november 2019 in werking is getreden. Onze reactie is gebaseerd op deze documenten. Zowel de omgevingsvisie als de IOV zijn te raadplegen via www.omgevingswetinbrabant.nl
28 juni 2021 Ons kenmerk
C2281285/4914551
Inhoudelijk standpunt
In principe kunnen wij ons wij ons vinden in de voorgenomen ontwikkeling. Ten aanzien van het aspect water hebben wij echter nog enkele opmerkingen. Inhoudelijk voldoet het plan ten aanzien van het aspect water. Naar onze mening is het echter niet noodzakelijk om het werkingsgebied ‘Behoud en herstel van watersystemen’ (artikel 3.27 IOV) te verwijderen. Te meer omdat er dan nog steeds een groot deel van het werkingsgebied (buiten het plangebied) resteert, waar dan een niet logisch gedeelte van ontbreekt. Er ontstaat een inconsistent kaartbeeld in onze IOV wanneer dit gedeelte van het werkingsgebied verwijderd zou worden. Consequentie is vervolgens wel dat er een vergunningstelsel opgenomen moet worden voor verharden e.d.; maar dat is op dit moment ook al het geval en niet strijdig met de voorgenomen woningbouw (artikel 3. 27 IOV). Overigens wijzen we u erop dat binnen het plangebied ook een deel van het werkingsgebied ‘Regionale waterberging’ is gelegen (artikel 3.35 IOV). Wij dringen er bij u op aan de hierboven genoemde onderdelen op te nemen in het plan (artikel 3.72 IOV); waardoor er naar onze mening geen herbegrenzing (meer) noodzakelijk is.
2/3
Datum
Conclusie
28 juni 2021
Wij verzoeken u om de onderdelen van het plan die nog niet in overeenstemming zijn met de Interim-Omgevingsverordening aan te passen. Mocht onze reactie aanleiding geven tot vragen of opmerkingen dan zijn wij graag bereid tot nader overleg.
Ons kenmerk
C2281285/4914551
Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant, namens deze,
P.M.A. van Beek, projectleider Uitvoering Wro In verband met geautomatiseerd verwerken is dit document digitaal ondertekend.
3/3