21-043 Technische vraag en antwoord GBM - wijziging GR ODBN.pdf
Tekst van het document
Technische vraag
Door
P. Verkuijlen (GBM)
Kopie aan
Raad (via griffie)
Volgnummer
21-043
Zaaknummer
1948382631
Datum
Datum antwoord
26 april 2021
28 april 2021
Onderwerp
Portefeuillehouder
C. van Rooij
Bijlage(n)
Wijziging gemeenschappelijke regeling ODBN
Beste heer Verkuijlen, Uw vragen van 22 april 2021 kunnen wij als volgt beantwoorden: Vragen: 1. Kan uitleg worden gegeven of de voorgestelde wijziging van artikel 5a het budgetrecht van de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten niet aantasten in die zin dat een (gekwalificeerde) meerderheid van het bestuur van de GR de raden van de deelnemende gemeenten bindt. Dit bezien vanuit een politiek oogpunt en vanuit een juridisch oogpunt. 2. Wordt met het aantal deelnemers bedoeld het aantal leden van het algemeen bestuur of het aantal deelnemende gemeenten? Antwoord: 1. Kan uitleg worden gegeven of de voorgestelde wijziging van artikel 5a het budgetrecht van de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten niet aantasten in die zin dat een (gekwalificeerde) meerderheid van het bestuur van de GR de raden van de deelnemende gemeenten bindt. Dit bezien vanuit een politiek oogpunt en vanuit een juridisch oogpunt. Artikel 5a brengt geen verandering in het budgetrecht van de gemeenteraad. Bij collectieve taken gaat het niet om basis- of verzoektaken die worden gefinancierd via de jaarlijkse werkprogramma’s, en waarop een deelnemer dus zelf invloed heeft, maar om dat deel van de basis- en verzoektaken waarbij sprake is van collectief opdrachtgeverschap.
Zoals vermeld in de concept-programmabegroting 2022 van de ODBN gaat het om werkzaamheden die gericht zijn op “productinnovatie- en ontwikkeling, kwaliteitsverbetering en efficiencyverbetering” van de VTHtaken die de ODBN uitvoert. Voor de financiering van deze collectieve taken geldt een vaste verdeelsleutel op basis van het inwoneraantal.
Voor 2022 is in de ontwerpbegroting geen stijging voorzien van het budget dat beschikbaar is voor collectieve taken. Mocht dit budget in de toekomst wel stijgen, dan was het voorheen zo dat het Algemeen Bestuur daartoe bij gewone meerderheid kon besluiten. Door de wijziging van artikel 5a is voortaan echter een gekwalificeerde meerderheid nodig in het algemeen bestuur, bestaande uit minimaal 75% van de leden van het Algemeen Bestuur. Geconcludeerd kan worden dat de positie van een individuele deelnemer wordt versterkt, omdat voor een verhoging van het budget voor collectieve taken voortaan een gekwalificeerde meerderheid nodig is. Voor de positie en het budgetrecht van de raad heeft deze GR-wijziging geen gevolgen. De raad heeft nog steeds de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen over de ontwerpbegroting van de ODBN, desgewenst ook over het onderdeel collectieve taken. 2. Wordt met het aantal deelnemers bedoeld het aantal leden van het algemeen bestuur of het aantal deelnemende gemeenten? Het algemeen bestuur stelt jaarlijks de begroting van de ODBN vast. Het gaat dus om het aantal leden van het algemeen bestuur, waarbij elk AB-lid één van de deelnemers vertegenwoordigt.
Met vriendelijke groet, C. van Rooij
Zaaknummer 1948382631
Pagina 2 van 2
datum 28 april 2021