CConstaterende datMedemblik
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Raadscommissie 20 oktober 2022, gemeente Medemblik28.871 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

We zijn bezig met het uitvoeren van de actualisatie en leggen dit in december 2022 aan de raad ter goedkeuring voor. De ratio van het weerstandsvermogen komt afgerond per 1 januari 2023 uit op 1,0. De raad heeft bepaald dat deze ratio tussen de 1,0 en 1,4 moet liggen. Dit houdt in dat de beschikbare weerstandscapaciteit voldoende zou moeten zijn om de financiële risico’s op te kunnen vangen. In onderstaande tabel zien we de ontwikkeling van het weerstandsvermogen. Bedragen * € 1.000,2018

2019

2020

2021

2022

2023

Beschikbare weerstandscapaciteit

31.161

29.297

31.192

26.156

21.475

19.376

Benodigde weerstandscapaciteit

19.336

22.813

28.363

29.795

28.091

20.162

1,6

1,3

1,1

0,9

0,8

1,0

Weerstandvermogen 3.2.2 Beschikbare weerstandscapaciteit

De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de volgende bestanddelen: Bedragen * € 1.000,2018

2019

2020

2021

2022

2023

Algemene reserve

27.810

25.760

27.582

22.960

17.584

18.437

Onbenutte belastingcapaciteit

3.351

3.537

3.610

3.196

3.891

939

31.161

29.297

31.192

26.156

21.475

19.376

Beschikbare weerstandscapaciteit Onbenutte belastingcapaciteit

De onbenutte belastingcapaciteit is het verschil tussen de belastingcapaciteit en de opbrengsten OZB die we begroten. De belastingcapaciteit wordt jaarlijks door het CBS vastgesteld op basis van de WOZ waarde van de woningen en niet-woningen in de gemeente. In 2023 begroten we flink hogere OZB opbrengsten waardoor de onbenutte belastingcapaciteit fors daalt. Per saldo daalt de beschikbare weerstandscapaciteit naar verwachting verder, ondanks dat we geen verdere daling van de algemene reserve zien. De daling van de beschikbare weerstandscapaciteit is een trend die al langere tijd zichtbaar is. PAGINA 28

3.2.3 Benodigde weerstandscapaciteit We inventariseerden alle risico’s. Met behulp van een risicosimulatie maken we een berekening van de mogelijke financiële gevolgen van deze risico’s. Uit deze berekening blijkt dat het totale risico € 20,1 miljoen is, dit is de benodigde weerstandscapaciteit. 3.2.4 Overzicht risico's In onderstaande tabel wordt de risico top 10 weergegeven en kort toegelicht. Wanneer er dekking is voor deze risico's dan geven we dit aan. In de berekening van de weerstandsvermogen nemen we alleen de risico’s mee, die ten laste komen van de algemene reserve. Bedragen * € 1.000,-

Kans

Minimale Maximale Reserve omvang omvang

A. Verhoogde eisen basisregistraties

Hoog

500

3.000

Algemeen

De kwaliteit van het beheer van de basisregistraties is onvoldoende. De eisen gaan omhoog. Hierdoor voldoen we wellicht niet aan de wettelijke eisen en negatieve oordelen van inspecties en audits van externe toezichthouders. B. Informatieveiligheid

Hoog

500

2.500

Algemeen

Midden

500

1.100

Algemeen

Laag

500

10.000

Algemeen

Hoog

250

500

Algemeen

Hoog

250

500

Algemeen

Midden

250

500

Algemeen

Laag

500

3.000

Algemeen

Ongewenste toegang van buiten in de informatiesystemen van onze organisatie. C. Blijvende toename van zorgkosten/WMO De uitgaven in het sociaal domein kennen landelijk en in Medemblik een stijgende lijn. Er is een risico dat de stijging van de uitgaven hoger is dan begroot. D. Garantstelling HVC Aandeelhouders van HVC staan garant voor leningen die HVC is aangegaan. E. Inflatie / CAO correctie In de begroting is rekening gehouden met 3% prijs indexatie en 3,3% loonindexatie. De werkelijke inflatie lijkt veel hoger. F. Verblijfsbelasting arbeidsmigranten We hebben nog niet alle bedden in beeld. Hierdoor kunnen we niet alle bedden aanslaan waarop de begrote ontvangsten zijn gebaseerd. G. Faciliterend grondbeleid Risico op hogere kosten om afgesproken werkzaamheden voor lopende projecten te verrichten. H. Onverbindende belastingverordeningen Door verkeerde ingangsdatum of geen (tijdig) besluit raad.

PAGINA 29

I. Krapte op de arbeidsmarkt

Hoog

100

250

Algemeen

Hoog

100

250

Algemeen

We kunnen niet voor alle functies de juiste kwaliteit vinden. Hierdoor risico op grotere belasting huidige formatie, vertraging van werkzaamheden of beperkte dienstverlening. J. Informatiehuishouding niet op orde Documenten en andere informatie worden niet altijd goed herleidbaar vastgelegd waardoor wellicht niet altijd wordt voldaan aan de wet. De risico’s van de verbonden partijen maken onderdeel uit van onze risico inventarisatie. Deze risico’s zijn niet binnen deze opsomming zichtbaar maar wel terug te vinden in de paragraaf Verbonden partijen. Toelichting Ten opzichte van de jaarrekening 2021 zijn er nieuwe risico’s opgenomen. Hieronder een toelichting van de risico’s die wij bij u onder de aandacht willen brengen. Inflatie / CAO correctie Zoals aangekondigd in de kadernota 2023 die door u is vastgesteld op 14 juli 2022 anticiperen wij met het opnemen van dit risico op de ontwikkelingen in de wereld die ook van invloed kunnen zijn op de gemeentelijke begroting. U kunt denken aan geplande investeringen en inkopen die door prijsstijgingen hoger kunnen uitvallen en aan toekomstige financieringen die we wellicht niet meer tegen de gunstige rentes van de afgelopen jaren kunnen afsluiten. In de begroting is rekening gehouden met 3% prijs indexatie en 3,3% loonindexatie. Dit is gebaseerd op de index die we jaarlijks gebruiken.

De werkelijke inflatie lijkt zich op een hoger niveau te ontwikkelen. We kunnen niet voorspellen of deze trend doorzet of niet. Zodoende kunnen we nu niet beoordelen hoe realistisch de genoemde opgenomen indexatie percentages hierboven zijn. Niet realiseren bezuiniging personeelskosten In de begroting is, conform het coalitieakkoord, een forse investering in de organisatie verwerkt. De verwachting is dat de middelen niet direct vanaf de start van het boekjaar volledig besteed worden, onder meer door de moeilijke arbeidsmarkt. Voor 2023 is daarom een incidentele besparing op de groei van het personeelsbudget opgenomen. Het risico bestaat dat we deze niet geheel realiseren, bijvoorbeeld omdat we succesvoller zijn met het vervullen van vacatures dan verwacht. Huisvesting – gemeentehuis We hebben een verkenning uitgevoerd van de verschillende huisvestingsscenario’s. We voeren in 2023 een haalbaarheidsonderzoek hiervoor uit. We verwachten na het haalbaarheidsonderzoek in 2023 specifieker inzicht te hebben in de benodigde aanpassingen en middelen die hiervoor nodig zijn. Stijging ratio weerstandvermogen De raad heeft bepaald dat de ratio weerstandsvermogen, de verhouding tussen de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit tussen de 1,0 en 1,4 moet liggen. Dit doen we door enerzijds risico’s te beheersen en te beperken en anderzijds door de reserve positie op peil te houden.

Dit laatste kan door ongebruikte bestemmingsreserves op te heffen en door positieve jaarresultaten in de algemene reserve te storten. Het weerstandsvermogen is gestegen tot de afgesproken bodem van 1,0. De stijging wordt voornamelijk veroorzaakt door een daling van de benodigde weerstandscapaciteit. Dit wordt onder andere veroorzaakt door:

PAGINA 30

  

Het risico Corona is niet meer opgenomen. In de afgelopen jaren hebben we gezien we dat het Rijk de gemaakte kosten bijna volledig heeft gecompenseerd. Voor eventuele toekomstige situaties gaan we hier ook vanuit; De uitgaven van de zorgkosten/WMO worden steeds beter ingeschat. Er zijn extra middelen opgenomen in de begroting en het risico is naar beneden bijgesteld; Het risico dat we lopen in verband met de garantstelling voor HVC hebben we lager ingeschat.

Stille reserves Bij de totstandkoming van de programmabegroting 2023 en de meerjarenraming 2024-2026 stellen we vast dat er onderzoek nodig is ten aanzien van de waardering van de stille reserves om de aanbeveling van de rekenkamercommissie te kunnen uitvoeren. Wij zijn er zonder onderzoek niet van overtuigd dat er materiële stille reserves zijn die moeten worden meegenomen. Deze moeten binnen redelijke termijn liquide kunnen worden gemaakt om dit mee te nemen. Dit onderzoek plannen we in 2023. 3.2.5 Financiële kengetallen

Norm

werkelijk 2021

begroot 2022

2023

2024

2025

2026

15%

18%

13%

16%

14%

14%

11%

15%

11%

14%

12%

11%

Netto schuldquote Gecorrigeerde netto schuldquote

90-130% 90-130%

Solvabiliteitsratio

20-50%

38%

39%

43%

43%

46%

45%

Grondexploitatie

20-35%

3%

5%

3%

3%

3%

3%

Structurele exploitatieruimte

Begr = 0%

3%

0%

1%

3%

5%

0%

Belastingcapaciteit

95-105%

99%

105%

113%

113%

113%

113%

Beoordeling van de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie We beoordeelden de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot onze financiële positie. Daarnaast zetten we de kengetallen af tegen de normen die de raad hiervoor heeft vastgesteld. Netto schuldquote en gecorrigeerde netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van onze schuldenlast ten opzichte van het totaal van de baten. We ontvangen in 2022 een bijdrage van de netto-ontvangende gemeenten in verband met de overdracht van de wegen van het Hoogheemraadschap Hollands-Noorderkwartier (HHNK). Hiermee stijgt ons saldo van liquide middelen. Met dit geld kunnen we de komende jaren in onze financieringsbehoefte voorzien. Daarnaast nemen onze langlopende schulden de komende jaren af door de aflossing van leningen. Hierdoor zal onze netto schuldquote na 2024 geleidelijk afnemen. We berekenen de gecorrigeerde netto schuldquote door onze schuldenlast te verminderen met alle door ons verstrekte leningen. We lenen een steeds kleiner deel van onze opgenomen geldleningen door aan derden. Dit verkleint het verschil met de netto schuldquote. De waarde van beide de netto schuldquotes blijft ruimschoots onder onze norm. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin we in staat zijn aan onze financiële verplichtingen te voldoen.

We voegen de bijdrage die we in 2022 ontvangen van de nettoontvangende gemeenten in verband met de overdracht van de wegen van het HHNK toe aan onze (bestemmings)reserves. Hierdoor stijgt ons eigen vermogen. Daarnaast wordt ons eigen vermogen tot 2026 versterkt door positieve begrotingsresultaten. Dit heeft een positief effect op onze solvabiliteit. We zetten onze reserves de komende jaren echter ook weer in om een deel van onze lasten te dekken. De solvabiliteitsratio bevindt zich nog steeds binnen onze norm. Dit laat zien dat we een gemeente zijn met een gezonde solvabiliteit. PAGINA 31

Grondexploitatie Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot onze grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale baten. De verhouding tussen de boekwaarde van de bouwgronden in exploitatie en het totaal saldo van baten blijft ruimschoots onder onze norm. Onze afhankelijkheid van de opbrengsten van onze bouwgronden blijft beperkt. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht in hoe de woonlasten voor een gezin bij een gemiddelde WOZwaarde in onze gemeente zich verhouden tot de landelijk gemiddelde woonlasten van een gezin. De onroerende zaakbelasting stijgt in 2023 in verband met de overdracht van de wegen van het HHNK. Dit gaat gepaard met een verlaging van de wegenheffing als onderdeel van de waterschapsbelasting. Ook zijn er bij de vaststelling van de begroting 2022 twee amendementen aangenomen die leiden tot een verhoging van de onroerende zaakbelasting en zijn er in het coalitieakkoord afspraken gemaakt om de onroerende zaakbelasting verder te verhogen. Daarnaast is bij de vaststelling van de begroting 2022 besloten dat de afvalstoffenheffing en de rioolheffing 100% kostendekkend moeten zijn. Dit heeft gevolgen voor de hoogte van de belastingcapaciteit van onze gemeente. De belastingcapaciteit komt hierdoor hoger uit dan onze norm. Een toelichting op de hoogte van de lokale heffingen is te vinden in de paragraaf Lokale heffingen.

Structurele exploitatieruimte In de structurele exploitatieruimte komt tot uitdrukking of we over voldoende structurele baten beschikken om onze structurele lasten te dekken. Tot 2026 is onze structurele exploitatieruimte positief. De structurele baten zijn dan dus hoger dan de structurele lasten. In 2026 komt de structurele exploitatieruimte uit op (afgerond) -0,5%. Onderstaande tabel toont de cijfermatige ontwikkeling van het structureel resultaat in de jaren 2023 tot en met 2026. De tabel laat zien dat het structureel resultaat tot 2026 verbetert. In 2026 daalt het structureel resultaat tot -€ 591.000. De totstandkoming van het begrotingsresultaat is terug te vinden in het hoofdstuk Financiële begroting.

Bedragen * € 1.000,-

Norm

werkelijk 2021

begroot 2022

2023

2024

2025

2026

Lasten (exclusief reserves): Structureel

-117.844 -109.145 -123.239 -122.542 -121.540 -121.351

Incidenteel

-5.437

-833

-2.119

-1.022

-655

-497

Structureel

120.304

108.879

122.815

124.942

126.370

119.451

Incidenteel

558

13.516

500

-

-

-

Structureel

-55

-42

-294

-381

-381

-381

Incidenteel

-3.067

-13.516

-

-

-

-

Structureel

1.015

743

1.797

1.763

1.725

1.690

Incidenteel

7.958

206

555

147

63

133

3.420

435

1.078

3.782

6.174

-591

Baten (exclusief reserves):

Toevoegingen aan reserves:

Onttrekkingen aan reserves:

Structureel resultaat

Begr = € 0

PAGINA 32

PAGINA 33

3.3 Onderhoud kapitaalgoederen Kapitaalgoederen is een verzamelnaam voor investeringen die we hebben gedaan, onder meer in de openbare ruimte. Denk daarbij aan wegen, groen, bruggen, riolering en waterwegen. Na aanleg is het belangrijk dat we deze kapitaalgoederen onderhouden en dat kost geld. Het beheer en onderhoud is belangrijk omdat dit direct van invloed is op de aantrekkelijkheid, de bruikbaarheid en de veiligheid van de leef- en werkomgeving. Ook is het belangrijk vanuit financieel oogpunt. Slecht onderhoud leidt op termijn tot extra kosten. Dan zijn eerder dure reconstructies, groot onderhoud of vervangingen nodig. De prijsstijging van Grond-, Weg-, en Waterbouw, energie en materiaal is niet meegenomen in de begroting. Onze werkwijze voor de aanpak van het beheer hebben we vastgelegd in de 'Nota Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR)'. 3.3.1 Wegen We zorgen voor veilige en bereikbare wegen. Om dit te bereiken beheren we de wegen, bermen, verhardingen en het straatmeubilair: We beheren ruim 200 km wegen. Dit is ruim 2,0 miljoen m2 verharding, bestaande uit ongeveer 75 km asfalt en 125 km elementenverharding. We beheren 2.679 verkeersborden, 2.103 straatnaamborden, 42 komborden, 563 onderborden, 154 bushalteborden, 47 laadpaal borden, 2.438 verkeerspalen, 32 bewegwijzeringsmasten en 43 objectpalen. Ook beheren we 80.163 m1 belijning en 3.903 m2 figuratie.

Daarnaast voorzien we ook in parkeervoorzieningen. Deze beheren we niet alleen maar hieraan stellen we ook eisen bij nieuwe ontwikkelingen. Zo worden de benodigde parkeervoorzieningen vastgesteld door middel van de nota 'Parkeernormen Medemblik'. Bij groot onderhoud en de aanleg van nieuwe wegen wordt bekeken of de inrichting aan de eisen van Duurzaam Veilig voldoet. Dit zijn eisen die landelijk gelden, door hier aan te voldoen ontstaat er een eenduidige inrichting. In de raad van 10 juni 2021 is besloten om per 1 januari 2023 de wegen van het Hoogheemraadschap over te nemen. Op dit moment worden er stappen ondernomen om de organisatie klaar te maken voor het beheer van deze wegen. 3.3.2 Groen Openbaar groen is onder meer belangrijk voor wateropslag, klimaat, ecologie en recreatie. We maken in ons groenbeheer onderscheid in de groene omgeving en de bomen. We onderhouden het groen volgens het Nota Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR). Dat betekent dat we:  390 hectare groen beheren. Dat groen bestaat uit heesters, rozen, vaste planten, bos, bosplantsoen, gazons en bermen;  23.728 bomen beheren. We hebben deze ingedeeld in lei-, knot en normale bomen. We maken onderscheid in standplaatsen: bomen in verharding, in beplanting of in gras.

3.3.3 Meubilair In de openbare ruimte onderscheiden we verschillende soorten meubilair: openbare verlichting, straatmeubilair, parkmeubilair en speeltoestellen. We beheren:  Ruim 12.500 lantaarnpalen. Ruim 30% daarvan is voorzien van LED verlichting. Ongeveer de helft van de lantaarnpalen is aangesloten op een eigen kabelnetwerk dat bestaat uit 110 voedingskasten en ruim 250 km kabel. De andere helft van de verlichting is rechtstreeks aangesloten op laagspanningskabels van netbeheerder Liander en wordt eveneens gevoed door 110 voedingspunten;  483 banken, 33 picknicksets, 624 afvalbakken, 19 slimme afvalbakken, 99 bloembakken, 46 dispensers en 28 aanplakportalen;  904 speeltoestellen, 8.551m2 valondergrond en 10.339m2 speelondergrond.

PAGINA 34

3.3.4 Kunstwerken Onder kunstwerken verstaan we civieltechnische bouwwerken, zoals vaste en beweegbare bruggen, schutsluizen, havens, duikers, kade- / oeverconstructies, steigers en stuwen / boot inlaatplaatsen. We hebben:      

291 bruggen in beheer, waarvan 3 beweegbare bruggen. Daarnaast beheren we "de Westerhavensluis", dit is één van de twee schutsluizen in de vaarweg tussen het IJsselmeer en de Wieringermeer; 330 duikers in beheer. Het onderhoud voeren we gelijktijdig uit met het baggeren van de watergangen; 2.700 m1 kademuur en 5.400 m1 damwand in beheer; 30 steigers; 26 stuwen; per 01-01-2023 worden de stuwen overgedragen aan het Hoogheemraadschap in het kader van Overdracht Stedelijk Water; 11 botenhellingen.

3.3.5 Water Onder water verstaan we sloten, vaarten, kanalen en havens. Voor het onderhoud maken we onderscheid in watergangen en havens. We hebben:  90 km watergangen met een oppervlakte van 50 ha in onderhoud volgens de eisen van het Hoogheemraadschap. Ook verwerken we verplicht de bagger uit 43 km waterschapssloten; Per 01-01-2023 worden ca. 85 km sloot overgedragen aan het Hoogheemraadschap. Er blijft dan 5 km watergang bij de gemeente. Dit in het kader van Overdracht Stedelijk Water. Het Hoogheemraadschap is vanaf 01-01-2023 verantwoordelijk voor het onderhoud van deze sloten. Tegelijkertijd krijgt de gemeente zo’n 180 km aan wegsloten van het Hoogheemraadschap. Dit in het kader van Overdracht Wegen. In totaal heeft de gemeente dan ca. 185 km aan sloten te onderhouden vanaf 01-01-2023.  de vaarweg die bestaat uit de havens van Medemblik en het Overlekerkanaal in beheer. Deze vaarweg vormt de verbinding tussen het IJsselmeer en de Wieringermeer. Het totale wateroppervlak van de havens is 15 ha;  45 km beschoeiing en circa 65 km natuurlijke oevers in onderhoud. 3.3.6 Riolering We beheren en onderhouden circa 360 km riolering, 125 rioolgemalen, 560 minigemalen, 18.500 straatkolken en 18.500 huisaansluitingen. De belangrijkste functies van de riolering zijn zorgen voor volksgezondheid, droge voeten en de bescherming van het milieu.

Het beleid is vastgelegd in het 'Gemeentelijk Rioleringsplan'. Klimaatadaptatie - aanpassen van de bebouwde omgeving aan een veranderend klimaat – heeft een toenemende invloed op de riolering. We maken binnen de riolering grofweg onderscheid tussen:  Vrijverval riolering. Deze bestaat uit stelsels van buizen en putten waarin het afvalwater wordt opgevangen. Rioolgemalen zorgen voor transport van afvalwater richting de rioolwaterzuivering. Stelsels die voor schoon hemelwater zijn aangelegd transporteren dit meestal direct naar open water;  Mechanische riolering. Deze bestaat uit stelsels van kleine gemaaltjes en leidingen onder druk. Het ligt in gebieden waar aanleg van vrijverval riolering niet doelmatig is. De gemaaltjes transporteren het afvalwater richting de rioolwaterzuivering;  Drainage. Deze bestaat uit een stelsel van waterdoorlatende buizen. Het ligt op plaatsen waar de grondwaterstand anders te dicht bij de oppervlakte komt. De buizen vangen overtollig grondwater op en transporteren dit naar open water.

PAGINA 35

3.3.7 Gebouwen We zijn eigenaar van 106 gebouwen. Daaronder bevinden zich:  9 kerktorens;  3 multifunctionele accommodaties;  23 scholen. Het beheer is vastgesteld in het 'Onderhoudsplan gemeentelijke gebouwen 2017 - 2025'. 3.3.8 Sportvelden We stellen sportcomplexen beschikbaar aan verschillende verenigingen. De sportvelden bestaan uit 26 natuurgrasvoetbalvelden, 10 kunstgrasvoetbalvelden, 7 handbalvelden en 1 korfbalveld. Het onderhoud voeren we uit volgens het Beheer- en Onderhoudsplan Gemeentelijke Sportvelden. 3.3.9 GRIP op Ruimtelijke Projecten De herinrichting en het beheren van de openbare ruimte doen we niet alleen. Zo houden we rekening met de wensen van onze inwoners. We stemmen onze plannen ook af met andere partijen. Dit is noodzakelijk omdat er veel meer partijen zijn met ambities in onze Openbare Ruimte die werkzaamheden plannen in onze gemeente, zoals netbeheerders, de provincie, het Hoogheemraadschap en de woningcorporaties. Door gezamenlijk te programmeren bereiken we dat we zoveel mogelijk werkzaamheden gelijktijdig uitvoeren, alle partijen vanuit de eigen verantwoordelijkheid.

Daarmee willen we het volgende bereiken:  een duurzame inrichting van de bovengrondse Openbare Ruimte;  een transitie van de ondergrond, die steeds meer onder druk komt;  een efficiënte inzet van middelen, maatschappelijke kosten drukken;  het beperken van hinder en overlast voor de inwoners. In het strategisch planningsoverleg stemmen de organisaties de strategische meerjarenplannen af. Het vertrouwen tussen de partijen en de betrouwbaarheid van hun plannen vormen de zuurstof voor de goede samenwerking. De naderende Omgevingswet zal nog sterker beroep doen op de betrouwbaarheid en transparantie door de omslag naar van buiten naar binnen denken, vroegtijdig met plannen naar buiten treden en gelijke informatieposities te borgen voor burgers en ondernemer. Strategisch vooruitkijken is niet vrijblijvend. Het doel is om samen verantwoordelijkheid te delen voor een gezamenlijk beeld van het volledige portfolio aan lopende projecten van alle deelnemers binnen de Openbare Ruimte van gemeente Medemblik. Grip op de lopende projecten vraagt actieve regie op de eigen projecten van alle afdelingen en disciplines daarbinnen, naast de projecten van externen. Dit noemen we het coördinatieproces op de lopende projecten en dat is dit jaar grotendeels gerealiseerd.

Essentieel is binnen het coördinatieproces op de lopende projecten:  het tijdig in beeld krijgen van deze projecten;  focus leggen op het afstemmen van eenduidige tijdslijnen in de fasering;  met afgestemde koppelmomenten om het tijdig aanhaken van alle partijen te borgen. Dit alleen is niet voldoende, ook het monitoren of in de opvolging ook daadwerkelijk ‘werk met werk gemaakt’ wordt. Het gaat hier niet om één beoogd eindresultaat maar een continu proces, waar alle partijen elkaar bij de les houden met het oog op onderling afgesproken voor hen belangrijke succes indicatoren.

PAGINA 36

3.3.10 Totaaloverzicht Bedragen * € 1.000,Wegen

Groen

Water

Kunst- Meubilair werken

IBOR totaal

Riolering Gebouwen

Jaar vaststelling beheerplan

2020

2020

2020

2020

2020

2020

2016

2017

Beheerplan loopt tot Onderdeel Integraal Beheerplan Kapitaalgoederen

2025

2025

2025

2025

2025

2025

2021 (*)

2021 (**)

ja

ja

ja

ja

ja

ja

nee

nee

Kwaliteitsniveau

C (CROW) Begraaf- Keur Conditie C (CROW) B BRL Conditie 3 plaatsen (HHNK) 3 NEN (CROW) K14020 NEN 2767 en 2767 NEN 3399 rotondes BasisA, overig B kwaliteit (CROW) samenwerkingsregio WestFriesland

Financiële vertaling beheerplan

-1.973

-2.484

-701

-865

-580

-6.603

-677

-708

Opgenomen in de begroting 2023

-3.412

-3.323

-803

-767

-676

-8.980

-697

-733

Vervangingsinvesteringen in beheerplan opgenomen?

nee

nee

n.v.t.

ja

ja

ja

ja

ja

Is er sprake van uitgesteld onderhoud?

ja

ja

ja

ja

ja

ja

ja

ja

Is er een reserve aanwezig?

ja

ja

ja

ja

ja

ja

nee

nee

Zo ja, is de omvang van de reserve op niveau?

ja

ja

ja

ja

ja

ja

n.v.t.

n.v.t.

Is er een voorziening aanwezig?

nee

nee

nee

nee

nee

nee

ja

ja

Zo ja, is de voorziening op niveau?

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

ja

ja

PAGINA 37

(*) In 2022 wordt een nieuw GRP aangeboden aan de raad. (**) Bij de vaststelling van de begroting 2022 heeft de raad de geldigheidsduur van het huidige gebouwbeheerplan verlengd. De budgetten opgenomen in de begroting 2023 zijn hoger dan de financiële vertaling van het beheerplan. Dit komt doordat de gemeente in 2023 extra kosten maakt om onderhoud te verrichten aan wegen die worden overgenomen van het hoogheemraadschap. Uitgesteld onderhoud Uit de tabel blijkt dat voor een aantal kapitaalgoederen sprake is van uitgesteld onderhoud. In onze nieuwe werkwijze IBOR stemmen we voor de kapitaalgoederen integraal het onderhoud af. Dit proces vraagt meer tijd en afstemming. Daar waar het technisch mogelijk is, stellen we het onderhoud daarom uit. We streven ernaar om met de beschikbare middelen de achterstanden in te lopen. De voortgang monitoren we met periodieke inspecties. Actuele beheerplannen Het BBV bepaalt dat een beheerplan niet ouder mag zijn dan 5 jaar. Dit betekent dat voor deze begroting een beheerplan niet ouder mag zijn dan 2018. De beheerplannen voldoen allen aan deze norm.

PAGINA 38

PAGINA 39

3.4 Financiering Als we voldoende geld op onze bankrekening hebben staan maakt dat de uitvoering van onze taken mogelijk. Om te zorgen voor voldoende geld zijn snelle beslissingen op de geld- en kapitaalmarkt nodig. Hier zijn strenge regels aan verbonden. Aan de beslissingen hangen financiële gevolgen. Dus besteden we tijd aan het op het juiste moment onder de juiste voorwaarden aantrekken van geld. Daarmee kunnen we onze ambities realiseren. In deze paragraaf geven we inzicht in ons financieringsbeleid. 3.4.1 Doelstelling Ons financieringsbeleid is voorzichtig en risicomijdend. De belangrijkste doelstellingen zijn:  ons verzekeren van duurzame toegang tot de financiële markten bij banken en financiële instellingen met een hoge kredietwaardigheid;  beheersen van financiële risico’s zoals renterisico, liquiditeitsrisico en kredietrisico;  minimaliseren van de te betalen rentekosten en bankkosten. Ons financieringsbeleid hebben we vastgelegd in het 'Treasurystatuut'. 3.4.2 Rente- en financieringsbeleid Per 1 juli 2022 is de ECB gestopt met het opkopen van obligaties en heeft zowel in juli als in september de rente verhoogd. Het tijdperk van de negatieve rente is daarmee ten einde gekomen. Per 1 januari 2023 gaan de wegen van het Hoogheemraadschap over naar gemeente Medemblik. We ontvangen hiervoor een eenmalige ondersteuning van € 13,5 miljoen die is bedoeld voor 12 jaar.

Deze ondersteuning wordt toegevoegd aan de reserve kapitaalgoederen. Vanuit deze reserve worden de uitgaven voor de jaren 2023 tot en met 2034 gedekt. Door deze eenmalige ontvangst verwachten we geen financieringsbehoefte in 2023. 3.4.3 Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is door het Rijk ingevoerd om risico’s te beperken bij het aantrekken van geld. De limiet bepaalt in hoeverre we tekorten op de bank mogen aanvullen met kortlopend geld. Dit percentage is 8,5%. Uitgaande van een begrotingssaldo (exclusief reserves) van € 123.315.000 is de kasgeldlimiet in 2023 € 10.482.000. 3.4.4 Renterisiconorm Deze norm is door het Rijk ingevoerd. Het voorkomt dat gemeenten gelijktijdig teveel leningen gaan herfinancieren. Vooral bij een stijgende rente loopt de gemeente dan risico. De renterisiconorm berekenen we als percentage van het begrotingstotaal. Dit percentage is 20%. De renterisiconorm komt in 2023 uit op € 24.663.000.

PAGINA 40

Het volgende overzicht laat zien hoe de renterisiconorm uitwerkt binnen de huidige leningportefeuille van onze gemeente: Bedragen * € 1.000,Stand leningen per 1 januari¹

2023

2024

2025

2026

23.806

21.656

21.478

19.447

-

1.900

-

693

-2.150

-2.078

-2.031

-2.034

-

-

-

-

21.656

21.478

19.447

18.106

Nieuwe leningen Reguliere aflossingen Vervroegde aflossingen Stand leningen per 31 december

¹Op januari 2023 hebben we van onze leningenportefeuille € 1.252.000 doorgeleend. Het gaat om € 460.000 aan Het Grootslag en € 792.000 aan De Omring. Op deze laatste lening zit een hypothecaire zekerheidstelling. In het volgende overzicht wordt het risico van renteherzieningen en herfinanciering van onze geldleningen berekend. Bedragen * € 1.000,2023

2024

2025

2026

Renteherziening op vaste schuld

-328

-450

-

-

Te betalen reguliere aflossingen

-2.150

-2.078

-2.031

-2.034

Te ontvangen reguliere aflossingen

174

175

176

177

-2.304

-2.353

-1.855

-1.857

Totaal renterisico

Het renterisico van € 2.304.000 in 2023 blijft ruim binnen de maximale norm van € 24.663.000. We verwachten dat dit de komende jaren zo blijft. Om de ontwikkeling van de schulden per inwoner inzichtelijk te maken berekenen we de netto schuld per inwoner. Hierbij gaan we uit van 45.464 inwoners op peildatum 1 januari 2023.* Bedragen * € 1,2023

2024

2025

2026

476

472

428

398

Netto schuld per inwoner *Bron: Meicirculaire 2022 3.4.5 Renteberekening

Het Besluit begroting en verantwoording stelt ons verplicht om een renteberekening op te nemen. Het volgende overzicht geeft inzicht in de rentelasten, de wijze van toerekening en het renteresultaat. Bedragen * € 1.000,2023 Externe rentelasten over de korte en lange financiering

-221

Externe rentebaten

157 -64

Subtotaal Rente doorberekend aan grondexploitatie Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

39 -25

Werkelijk aan taakvelden toegerekende rente

377

Renteresultaat op taakveld Treasury

352 PAGINA 41

3.5 Bedrijfsvoering

3.5.1 Inleiding In deze paragraaf geven we inzicht in de ontwikkelingen van de gemeentelijke organisatie. Veranderingen in het primair proces vragen om aanpassingen in de bedrijfsvoering. We ervaren steeds meer de gevolgen van ontwikkelingen in wetgeving, digitalisering, besluitvorming raad en rijk. Wij informeerden u hierover in de kadernota en in de aanbiedingsbrief. 3.5.2 Organisatieontwikkeling Er wordt in deze begroting fors geïnvesteerd in de organisatie en in de ontwikkeling van de medewerkers. Met als doel een sterke en toekomstgerichte organisatie met een flexibele en betrouwbare dienstverlening naar inwoners, ondernemers en bestuur. Dit vraagt een structuuraanpassing waarbij meer ruimte en verantwoordelijkheid wordt gegeven aan de teamleiders en medewerkers. Een kleiner MT dat zich richt op de strategische vraagstukken op de midden- en met name lange termijn én programma’s aanstuurt. De motivatie om de structuur aan te passen is onderdeel van een veel bredere investering in de organisatie. De veranderingen in de samenleving maken het noodzakelijk dat de overheid adequaat, flexibel en professioneel inspeelt op alle veranderingen. Op landelijk niveau wordt onder meer gesproken over de “grote verbouwing”, de noodzaak weer vertrouwen te kweken bij de bevolking en de verscherping van de sociale vraagstukken.

Die vraagstukken geven aanleiding om te investeren in een sterkere organisatie; ook in Medemblik. We hebben daarom niet alleen het voornemen om de structuur van de ambtelijke top aan te passen, maar ook te investeren in extra menskracht (zie begrotingsaanvragen 2023) en arbeidsvoorwaarden. Maar ook door aandacht te geven aan de samenwerkingscultuur tussen ambtelijke organisatie en College & Raad en de wervings- en opleidingskracht voor nieuw personeel (gezien de arbeidsmarkt). De aanpassing van de structuur vinden wij het beste antwoord op een ontwikkeling van de organisatie met minder hiërarchie, minder management en meer uitdaging en verantwoordelijkheid bij medewerkers. In de begroting 2023 is in grote lijnen voor de organisatie drie verbeterslagen opgenomen:  Een aantal minimaal noodzakelijke versterkingen om de basis weer op orde te krijgen  Uitbreidingen op het terrein van “Omgevingsrecht” zodat we weer voldoen aan de minimale voorwaarden zoals de provinciaal toezichthouder die heeft geformuleerd.  Een aantal minimale verbeteringen op het terrein van informatieveiligheid en het tegengaan van cybercriminaliteit. 3.5.3 Personeel Cao Gemeenten Op 1 januari 2023 loopt de Cao Gemeenten af. De onderhandelingen voor de nieuwe Cao Gemeenten 2023 starten half september met als doel voor het einde van 2022 een nieuwe Cao af te sluiten.

Actualisatie functiehuis Er is sinds 2011 geen algehele onderhoudsronde van het functiehuis geweest. Functiebeschrijvingen en –waarderingen zijn niet up-to-date, wat mede van invloed is op onze positie op de arbeidsmarkt. Een actualisatie van het functiehuis is noodzakelijk; we hebben een budget voor actualisatie van het functiehuis aangevraagd in de begroting 2023. De verwachting is dat we dit in het eerste half jaar afronden.

PAGINA 42

Werving Het aantal vacatures binnen de decentrale overheid stijgt nog steeds. De gemeente Medemblik heeft, rekening houdend met natuurlijk verloop, pensionering én de arbeidsmarkt doorlopend te maken met (moeilijk invulbare) vacatures. Het is belangrijk om Medemblik als aantrekkelijke werkgever in de markt te zetten om zo kwalitatief goede respons op vacatures te genereren. Daarnaast is het noodzakelijk dat bij interesse in Medemblik de arbeidsvoorwaarden concurrerend zijn. En dat instrumenten om medewerkers te binden aan onze organisatie worden ontwikkeld. In 2022 is de werkenbij-pagina gelanceerd en hebben we een recruiter die andere, effectievere, wervingsstrategieën toepast. Hier gaan we in 2023 mee door. We starten een gerichte professionele wervingscampagne met twee pijlers, namelijk; omzetten externe inhuur naar vast en naast de reguliere werving invullen van extra aangevraagde capaciteit binnen onze organisatie. Ziekteverzuim Het ziekteverzuimpercentage voor onze organisatie ligt rond de 5%. Het landelijk gemiddelde van gemeenten van gelijke grootte was in 2021 4,5%. Van het verzuim is ongeveer 4% langer verzuim dat vanwege continuïteit van bedrijfsvoering vervangen moet worden. Het ziektevervangingsbudget is nu 3,8% van de loonsom door een incidentele verhoging die is vastgesteld in de lentenota 2022.

Voorheen beschikte wij over 1,9% van de loonsom voor het ziektevervangingsbudget. In de begroting die nu voorligt wordt de incidentele verhoging gevraagd om te zetten naar een structurele verhoging. Voor volledige vervanging van langer verzuim is nu onvoldoende budget beschikbaar. Het effect dat inhuur duurder is dan vaste invullen vergroot dit verschil. De aanbesteding arbodienst is gestart met als doel het aangaan van een raamovereenkomst met één partij in het kader van Arbodienstverlenging voor de periode 1 januari 2023 t/m 31 december 2024 (met optie tot verlenging van het contract voor twee maal 1 jaar). Uitgangspunt voor de dienstverlening is een intensieve en vertrouwelijke samenwerking waarbij in geval van verzuim vanaf dag 1 de re-integratie een zichtbare vorm heeft. Gesprekken en advies gaan over ‘wat er nog wel kan’. 3.5.4 Indicatoren Op een aantal manieren meten we de kwaliteit van onze bedrijfsvoering:  we doen mee met de landelijke benchmark Vensters voor Bedrijfsvoering (VVB). Met deze benchmark vergelijken we onze bedrijfsvoering met andere overheden. Daaruit halen we onze leerpunten. Ons doel is om het beter te doen dan de benchmark;  we meten onze telefonische bereikbaarheid.

Niet alleen van het algemene nummer maar ook van de diensten waar het meest over wordt gebeld;  we doen tevredenheidsonderzoek naar de dienstverlening aan de balie;  we meten de effectiviteit van onze dienstverlening en klantloyaliteit. We verwijzen u verder naar de beleidsindicatoren van programma 1. Hier zijn enkele indicatoren uit de VVB opgenomen. 3.5.5 Externe factoren Wet Rechtmatigheid Met ingang van 1 januari 2023 wordt de rechtmatigheidsverantwoording van kracht. Dit betekent dat het college aan de raad verantwoordt in welke mate er financieel rechtmatig gehandeld is. Een toelichting bij de rechtmatigheidsverantwoording wordt opgenomen bij de jaarstukken in deze paragraaf. De financiële verordening schrijft voor dat de volgende toelichtingen, voor zover van toepassing, opgenomen worden in deze paragraaf bij de jaarstukken:  Een toelichting op alle afwijkingen die in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen en welke maatregelen worden genomen om deze afwijkingen in de toekomst te voorkomen.  Een toelichting op begrotingsoverschrijdingen als bedoeld in artikel 5.4 van de financiële verordening. PAGINA 43

  

Indien de normen uit de gids proportionaliteit (inzake inkoop- en aanbestedingen) veelvuldig niet nageleefd worden of slecht gedocumenteerd en/of gemotiveerd zijn een toelichting op de onderliggende oorzaken en ingezette verbetermogelijkheden. Niet-financiële onrechtmatigheden in verband met het niet naleven van bepalingen in de wet Fido en bijbehorende Regelingen worden toegelicht. Een toelichting op geconstateerde fraude door eigen medewerkers.

Corona De dreiging van de coronapandemie lijkt ver weg bij het schrijven van deze paragraaf. In tegenstelling tot de jaren 2020 en 2021 gaan wij er vooralsnog vanuit dat corona geen grote impact meer zal hebben op onze dienstverlening of organisatie. Wij zijn beter toegerust op een mogelijke consequenties bij een grote uitbraak. Oorlog in Oekraïne Na de uitbraak van de oorlog in Oekraïne op 24 februari 2022 vingen wij binnen de gemeente Medemblik op 2 maart 2022 de eerste Oekraïense vluchtelingen op. Wij stelden een crisisorganisatie in met externe expertise om uitvoering te geven aan de opdracht om tijdelijke opvang te realiseren voor Oekraïense vluchtelingen. Dit deden wij door twee gemeentelijke opvanglocaties te realiseren, benodigde spullen te verkrijgen via acties onder onze inwoners en ondernemers, een betaalpassen systeem te implementeren én vooral door onze inwoners die particuliere opvang wilde bieden te informeren en te ondersteunen via ons meldpunt Oekraïne. Wij huisvesten ten tijde van het schrijven van deze programmabegroting 357 vluchtelingen, waarvan 219 in de particuliere opvang en 138 in de gemeentelijke opvanglocaties.

De oorlog is nog niet voorbij en ondanks dat wij inmiddels de crisessituatie organisatorisch hebben weten om te zetten naar een beheerssituatie en een deel van de vluchtelingen weer zijn teruggekeerd, zijn de gevolgen qua drukbelasting op de organisatie nog merkbaar. Wij gaan ervan uit dat de maatschappelijke gevolgen en de noodzaak tot externe inhuur mogelijk nog in 2023 merkbaar zijn en daarmee van invloed zijn op de begroting. Naar aanleiding van diverse kamerbrieven gaan wij er vanuit dat de kosten die wij maken om de opvangcapaciteit te realiseren, integraal worden vergoed zoals is toegezegd door het rijk. 3.5.6 Samenwerking Informatieveiligheid Informatieveiligheid krijgt in 2023 extra aandacht. Zoals uit onderzoek is gebleken is cybercriminaliteit en cybersecurity iets waar elke (overheids-) organisatie extra op moet inzetten. Uit het rapport van de rekenkamer is gebleken dat wij ook nog sterk moeten verbeteren op dit onderwerp. Naast technische maatregelen is bewustwording zeer belangrijk. Hier zal extra op worden ingezet. Gelijktijdig geven we verdere invulling aan de Baseline Informatieveiligheid Overheid en de eisen die daaruit volgen voor zowel onze leveranciers als interne organisatie. ICT In DeSom-verband maken we een zogenoemde roadmap (welke projecten gaan we wel/niet doen) die aansluit op informatieplannen uit de organisatie.

Ook werken we verder aan de doorontwikkeling van de Digitale Werk Omgeving. In 2023 zullen we de Informatie-poot van de organisatie steviger neerzetten om zowel de kwaliteit hiervan verder te verbeteren als de dienstverlening richting de organisatie duidelijker vorm te geven. Informatievoorziening is de basis van goede digitale dienstverlening en het goed kunnen werken van de organisatie.

PAGINA 44

3.5.7 Privacy Gemeente Medemblik heeft in haar dienstverlening rekening te houden met strenge regelgeving op het gebied van privacy en informatiebeveiliging. Alles wat de gemeente met persoonlijke gegevens doet moet bijvoorbeeld aantoonbaar voldoen aan de regels van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Voor de omgang met politiegegevens is daar dit jaar ook de naleving van Wet politiegegevens aan toegevoegd. De gemeente heeft in 2022 geconstateerd dat er in de afgelopen jaren een achterstand is ontstaan in de naleving van Avg. De beperkende maatregelen COVID-19 in samenhang met beperkte arbeidscapaciteit zijn hierbij debet aan de ontstane achterstand. Zodoende is – met extra capaciteit – ingezet op het inlopen van deze achterstand. Ook is gestart met de implementatie van de Wet politiegegevens. Dit ronden we in 2023 af. De gemeente heeft met het vaststellen van het ‘Privacybeleid Medemblik’ uitgesproken hoe zij op organisatorisch niveau de AVG wil waarborgen. Dit doet zij door een functionaris gegevensbescherming en privacy officer aan te stellen en per afdeling een privacy medewerker aan te wijzen. Het is een uitdaging gebleken om continuïteit te borgen voor de rol van privacy officer alsmede die van de privacy medewerkers. Geëvalueerd wordt of deze structuur toekomstbestendig is. Bij iedere organisatie komen er datalekken voor.

Bij Medemblik hebben zich ook datalekken en beveiligingsincidenten voorgedaan. Ieder incident is conform wetgeving behandeld en opgelost. Voor 2023 zet de gemeente in op het continueren van de dienstverlening op het gebied van privacy en informatiebeveiliging. Tevens wordt ingezet om het privacy bewustzijn van medewerkers aanzienlijk te verhogen. Ook geeft de gemeente prioriteit aan het juist en correct uitvoeren van de (nieuwe) Wet politiegegevens.

PAGINA 45

3.6 Verbonden partijen Een verbonden partij is een organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Verbonden partijen voeren een publieke taak voor ons uit. In een aantal gevallen heeft het Rijk zelfs verplicht gesteld dat een verbonden partij deze taak voor ons uitvoert. Nota verbonden partijen Op 6 maart 2014 stelde de raad de visie over de verbonden partij vast in de 'Nota Verbonden Partijen'. Deze nota bevat ook een lijst van de verbonden partijen. De raad stelde op 9 maart 2017 de notitie 'Toezicht op verbonden partijen' vast. In 2019 is deze verder uitgewerkt in de notitie 'inrichting toezicht houden op verbonden partijen (inrichten governance)'. 3.6.1 Gemeenschappelijke regelingen

1

Ondersteuning Bestuurlijke Samenwerking Westfriesland

Vestigingsplaats: Hoorn

www.regiowestfriesland.nl

De kerntaken van het OBS zijn: • het periodiek organiseren, faciliteren en coördineren van bestuurlijke overleggen: o Madivosa (Maatschappelijke Dienstverlening, Volksgezondheid en Sociale Aangelegenheden); o VVRE (Verkeer en Vervoer, Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening, Economie); o ABZ (Algemeen Bestuurlijke Zaken). • het uitvoeren van een aantal daarvan afgeleide taken, zoals organisatie leerlingenvervoer en urgentiecommissie woningtoewijzing. Onder deze regeling valt ook de samenwerking op basis van het Pact van Westfriesland. Voor 2023 zetten we ons regionaal in ieder geval in op energie (specifiek geothermie), versnellen woningbouw en innovatie van de zorg.

2

Westfries Archief

Vestigingsplaats: Hoorn

www.westfriesarchief.nl

Het Westfries Archief is het regionaal historisch centrum voor Westfriesland. Inwoners en instellingen kunnen hier terecht met historische vragen. Het belang van het Westfries Archief is een goede (digitale) informatievoorziening, het bewaren van het cultuur erfgoed en het borgen van digitale duurzaamheid. Hiermee voldoen we aan de Archiefwet. De kerntaken van het Westfries Archief zijn:  het beheren, bewaren en ter beschikking stellen van de historische archieven en collecties van de aangesloten Westfriese gemeenten;  het opbouwen en beheren van een zo breed mogelijke collectie en deze collectie beschikbaar te stellen voor een breed publiek;  het adviseren en inspecteren van de aangesloten gemeenten op het gebied van (digitaal) duurzaam archiefbeheer;  een kennis- en informatiecentrum zijn op het gebied van de lokale en regionale geschiedenis.

PAGINA 46

3

SSC DeSom

Vestigingsplaats: Wognum

www.sscdesom.nl

Het is een samenwerkingsverband op gebied van ICT beheer. De deelnemende gemeenten zijn Drechterland, Enkhuizen, Stede Broec, Opmeer, Medemblik en Koggenland. Ook WerkSaam neemt ICT-diensten van DeSom af.

4

GGD Hollands Noorden

Vestigingsplaats: Alkmaar

www.ggdhollandsnoorden.nl

De GGD bewaakt, beschermt en bevordert de gezondheid en veiligheid van inwoners. Concreet betekent dit dat de GGD de volgende doelstellingen heeft:  ondersteuning van gemeenten bij de realisatie en uitvoering van het lokaal gezondheidsbeleid;  uitvoering van de wettelijke taken op het gebied van:  jeugd;  infectieziektebestrijding;  kwetsbare inwoner;  onderzoek, beleid en preventie.

5

WerkSaam Westfriesland

Vestigingsplaats: Hoorn

www.werksaamwf.nl

WerkSaam Westfriesland voert voor de zeven Westfriese gemeenten de Participatiewet uit. Daarnaast behandelt WerkSaam de aanvragen voor inkomensvoorziening oudere arbeidsongeschikte werknemers en zelfstandigen en voor bijstandsverlening zelfstandigen. Ook pakt zij laaggeletterdheid aan. WerkSaam wil iedereen die in Westfriesland kan participeren mee laten doen, waar mogelijk, in betaald werk. De talenten van mensen en de wensen van de werkgever staan daarbij centraal. Het doel van WerkSaam is vooral passend werk te vinden voor mensen. Regulier werk waar dat kan en beschut werk waar het nodig is. En uitkeringen verstrekken aan diegenen die dat nodig hebben.

6

Veiligheidsregio Noord-Holland Noord

Vestigingsplaats: Alkmaar

www.vrnhn.nl

De Veiligheidsregio is een samenwerkingsverband van zestien gemeenten en hulpverleningsdiensten in Noord-Holland Noord. De Veiligheidsregio zorgt voor: • verkleining van de risico's op een crisissituatie; • goede voorbereiding op het bestrijden van incidenten; • een vlotte en adequate aansturing van de hulpverlening bij een ramp. Alle inzet wordt gecoördineerd vanuit een centrale organisatie waar onder andere het ambulancevervoer en de meldkamer zijn ondergebracht. Op dit moment loopt er een landelijk project om de meldkamerorganisaties te professionaliseren.

PAGINA 47

7

Omgevingsdienst Noord-Holland Noord

Vestigingsplaats: Hoorn

www.odnhn.nl

De OD NHN voert de wettelijke milieutaken uit. Zij doet dit voor alle aangesloten gemeenten en de provincie Noord-Holland. Voor onze gemeente voert de OD NHN ook de bovenwettelijke taken uit.

8

Afvalbeheer Westfriesland

Vestigingsplaats: Bovenkarspel De Westfriese gemeenten richtten het CAW op om beleid vast te stellen over huishoudelijke en overige afvalstoffen. En om deze uit te laten voeren. Eind 2019 is de gemeenschappelijke regeling gewijzigd: de bevoegdheid op het gebied van beleid, afvalverordening en de dienstverleningsovereenkomst met HVC ligt nu weer bij de individuele gemeenten zelf. In 2021 is de naam gewijzigd in Afvalbeheer Westfriesland (ABWF). Alle aandelen van het HVC zijn in 2021 over gegaan naar de zeven Westfriese gemeenten. Hiermee blijft alleen de voormalige stortplaats in Westwoud als formele taak bij het ABWF. Verder zal het ABWF functioneren als het afstemmingsoverleg voor beleidszaken op het gebied van afval en aandeelhouderschap HVC.

9

Recreatieschap Westfriesland

Vestigingsplaats: Stede Broec

www.recreatieschapwestfriesland.nl

Het Recreatieschap Westfriesland (RSW) behartigt de gemeentelijke belangen op het gebied van de openluchtrecreatie, natuur en landschap. Het RSW zet zich in voor een rijkere, gevarieerdere natuur. En ook voor het ontwikkelen en beheren van diverse recreatiemogelijkheden en -gebieden.

10

Archeologie West-Friesland

Vestigingsplaats: Hoorn

www.archeologiewestfriesland.nl

De archeologiedienst behartigt de Westfriese belangen op het gebied van archeologie. Deze gemeenschappelijke regeling kent een centrumgemeenteconstructie. De gemeente Hoorn verricht de opgravingen zoals bedoeld in de Monumentenwet voor alle gemeenten. In 2018 is de regeling gewijzigd om deze in lijn te brengen met de Erfgoedwet. De gemeenten Schagen en Texel zijn hierdoor ook toegetreden. 3.6.2 Vennootschappen en coöperaties

11

Bank Nederlandse Gemeenten

Vestigingsplaats: Den Haag

www.bngbank.nl

De BNG functioneert als huisbankier van de Nederlandse gemeenten. De BNG verstrekt de gemeente tegen gunstige voorwaarden geld. De bank heeft een AA+ rating. Dat is de op een na hoogste rating qua zekerheid.

PAGINA 48

12

Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord

Vestigingsplaats: Alkmaar

www.nhn.nl

Het Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord (ONHN) is de uitvoeringsorganisatie van het bestuurlijk afstemmingsoverleg (BAO). Dit is een overleg tussen de gemeenten in Noord-Holland Noord en de provincie Noord Holland. OHNH bevordert de economie in Noord-Holland Noord.

13

Stadshavens Medemblik B.V.

Vestigingsplaats: Medemblik

www.stadshavensmedemblik.nl

Stadshavens B.V. beheert en exploiteert de stadshavens in de kern Medemblik. Zij draagt bij aan een goede kwaliteit van het toeristisch product en het economisch belang van de gemeente. De gemeente is enige aandeelhouder van deze B.V.

14

Alliander N.V.

Vestigingsplaats: Arnhem

www.alliander.com/nl

Medemblik heeft aandelen Alliander. De wet bepaalt dat de aandelen van netwerkbedrijven in handen van de overheid blijven. Alliander beheert het regionaal netwerk voor gas en elektriciteit. Zij levert ook de complexe energie infrastructuur. Wij ontvangen eenmaal per jaar dividend.

PAGINA 49

3.6.3 Overzichten Totaaloverzicht Dit overzicht geeft het bestuurlijke en financiële belang weer van de gemeente in de verbonden partijen. Ook geeft het een totaaloverzicht van de gemeentelijke bijdragen in de verbonden partijen. Bedragen * € 1.000,Programma Verbonden partij Belang

Eigen vermogen 31-12-2021

Vreemd Resultaat vermogen 2021 31-12-2021

Bijdrage 2023

1

OBS

Centrumgemeente (Hoorn)

n.v.t.

n.v.t.

84

130

1

Westfries Archief Vertegenwoordiging in het AB

469

387

66

388

1

DeSom

Vertegenwoordiging in het AB

344

4.761

150

2.038

2

GGD

Vertegenwoordiging in het AB

1.659

26.601

90

1.805

2

WerkSaam

Vertegenwoordiging in het AB

11.399

18.106

1.981

1.979

3

Veiligheidsregio

Vertegenwoordiging in het AB

7.988

38.246

3.145

2.946

3

Omgevingsdienst Vertegenwoordiging NHN in het AB

5.978

5.326

2.112

1.444

3

Afvalbeheer Westfriesland

Vertegenwoordiging in het AB

1

2.313

-48

11

3

RSW

Vertegenwoordiging in het AB

1.860

1.669

-

285

3

Archeologie West- Centrumgemeente Friesland (Hoorn)

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

40

Subtotaal bijdrage gemeenschappelijke regelingen

11.066

1

BNG

Aandeelhouder (0,025%)

3

ONHN

Aandeelhouder (3,54%)

1.239

3

Stadshavens

Aandeelhouder (100%)

3

Alliander

Aandeelhouder (0,209%)

Subtotaal bijdragen vennootschappen en coöperaties Totale bijdragen verbonden partijen

4.329.000 144.721.000

236.000

-

2.748

70

142

516

921

90

-

4.470.000

5.730.000

242.000

133 11.199

PAGINA 50

Risico's Dit overzicht laat de risico’s zien die niet zijn gedekt in de begrotingen van de verbonden partijen. Deze risico’s hebben we meegenomen in de berekening van het weerstandsvermogen. We verwijzen u verder naar de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Bedragen * € 1.000,Programma Verbonden partij

Risico's

3

Garantstelling HVC

CAW

Totale ongedekte risico's

Risico gemeente Medemblik 15.000 15.000

PAGINA 51

3.7 Grondbeleid Met ons grondbeleid leveren we een bijdrage aan de programma’s en onze vier thema’s in de begroting:  we vergroten de leefbaarheid in onze kernen;  door financiële bijdragen uit de grondopbrengsten leveren we een bijdrage aan de instandhouding van gemeentelijke gebouwen en huisvesting en daarmee de leefbaarheid in onze kernen;  we richten de grond die we ontwikkelen duurzaam in en we stellen eisen aan de duurzaamheid van nieuwbouwwoningen;  omwonenden en toekomstige bewoners participeren bij de inrichting van het woongebied en de samenstelling van het type woningen;  we werken samen met ontwikkelaars en bedrijven om de inrichting van het gebied vorm te geven. In deze paragraaf nemen we u mee in onze uitgangspunten van het grondbeleid. Ook laten we zien welke bouwgronden en bedrijventerreinen we nu exploiteren. Tenslotte geven we inzicht in de belangrijkste risico’s die we lopen bij het exploiteren van de grondexploitaties. 3.7.1 Inleiding De gemeente voert zowel actief grondbeleid als faciliterend grondbeleid. Het actieve grondbeleid is ondersteunend aan het behalen van gestelde doelen:   

Het mogelijk maken van de realisatie van (duurzame en betaalbare) woningen; Het duurzaam inrichten van de openbare ruimte; Gezamenlijk met omwonenden en toekomstige bewoners participeren bij de inrichting van het woongebied en de samenstelling van het type woningen.

De grote vraag naar woningen houdt aan. De vraag overtreft het aanbod ruimschoots. De verwachting is dat dit de komende jaren zo zal blijven. In 2014 is de Nota Grondbeleid door de raad vastgesteld. Daarin zijn de hoofdlijnen van het te voeren grondbeleid vastgelegd. Het grondbeleid heeft betrekking op de wijze waarop de gemeente haar instrumenten van grondbeleid zo optimaal mogelijk kan inzetten, om de beleidsdoelstellingen binnen de gemeentelijke programma’s te verwezenlijken. Het betreft onder andere beleidsdoeleinden op het gebied van wonen, planologie, economie, infrastructuur, natuur en recreatie. In 2022 is begonnen met een nieuwe Nota Grondbeleid. Deze zal naar verwachting in 2023 door de raad kunnen worden vastgesteld. Hierbij worden onderstaande doelen nagestreefd:  De raad kaders voor het te voeren grondbeleid vast laten stellen;  Het te voeren grondbeleid aanpassen aan de actuele wet- en regelgeving;  De uitvoeringsplannen baseren op het vastgestelde grondbeleid;  Het creëren van duidelijkheid over grondverwerving en de uitgifte van gronden;  Het bieden van inzicht in de wijze waarop grondprijzen tot stand komen. Op basis van het huidige grondbeleid wordt per ontwikkelgebied bepaald wat de beste aanpak is, actief grondbeleid of facilitair grondbeleid.

Deze keuze van zelf actief een project oppakken of dit aan de markt overlaten, hangt af van factoren als grondpositie, gewenste mate van sturing op de ontwikkeling, het verwachte (financiële) resultaat en de omvang van de financiële risico’s. Onze grondprijzen worden getoetst aan de lokale en regionale marktontwikkelingen. Vervolgens worden de actuele grondprijzen verwerkt in de exploitatiebegrotingen van alle plannen. Uitgangspunt is marktconform maatwerk per kern. Bij nieuwe locaties wordt de prijs van de grond door een onafhankelijke taxateur bepaald.

PAGINA 52

3.7.2 Prognose resultaten grondexploitatiecomplexen In 2023 zullen 11 actieve grondexploitaties gevoerd worden. Er worden geen grondexploitaties afgesloten in 2023. Indien er nieuwe grondexploitaties worden geopend is de gemeenteraad als enige bevoegd daarover een besluit te nemen. Thans staan er geen nieuw te openen grondexploitaties op de rol. In onderstaande tabel wordt per complex het verwachte jaar van afsluiting en het resultaat op eindwaarde weergegeven. Ook is weergegeven hoeveel winst is genomen en welke omvang de verliesvoorziening heeft (tot en met 2021). De verliesvoorzieningen zijn voorlopige reserveringen die gedaan worden om een verwacht negatief resultaat van een grondexploitatie af te dekken. Bedragen * € 1,Project

Einddatum

Resultaat

Genomen winst

Verliesvoorziening

Gemeentewerf/ijsbaan, Abbekerk

31-12-2025

-763.878

n.v.t.

763.878

De Linten, Andijk

31-12-2027

35.055

-

n.v.t.

Asonia, Andijk

31-12-2026

466.656

-

n.v.t.

DEK terrein, Medemblik

31-12-2025

-416.506

n.v.t.

416.506

Molenblik, Medemblik

31-12-2026

-295.267

n.v.t.

294.049

Tripkouw Oost II en III, Midwoud

31-12-2024

-1.888.352

n.v.t.

1.888.352

SEW terrein, Nibbixwoud

31-12-2024

1.236.393

939.324

n.v.t.

Wilgenrak, Sijbekarspel

31-12-2026

-28.829

n.v.t.

28.829

De Tegel, Wervershoof

31-12-2025

3.080.796

-

n.v.t.

TV De Kaag, Wervershoof

31-12-2025

414.406

-

n.v.t.

Noordzijde Bloesemgaerde, Wognum

31-12-2026

-110.380

n.v.t.

109.651

1.730.094

939.324

3.501.265

Totaal

Het te verwachten resultaat van de grondexploitatiecomplexen tezamen bedraagt na actualisatie op basis van de eindwaarde € 1.730.094 (positief; meer winst dan verlies). Er is in totaal reeds € 939.324 aan winst genomen en daarnaast is er in totaal € 3.501.265 aan verliesvoorzieningen getroffen. 3.7.3 Onderbouwing verliesvoorzieningen De verliesvoorzieningen zijn de voorlopige reserveringen die worden gedaan om een verwacht negatief resultaat van een grondexploitatie af te dekken. Bij de actualisatie van het Meerjaren Perspectief Grondexploitaties (MPG) bij de jaarrekening wordt deze verliesvoorziening aangepast aan het te verwachten negatieve resultaat van de betreffende grondexploitatie. Op het moment van afsluiten van de grondexploitatie wordt de verliesvoorziening omgezet in een verliesneming. De resterende boekwaarde van een complex wordt op deze manier afgeboekt. Per 1 januari 2022 bedraagt de totale verliesvoorziening € 1.778.765. In de tabel op de volgende pagina is de opbouw van de verliesvoorziening weergegeven.

PAGINA 53

Bedragen * € 1,Project

Eindwaarde

Afboekingen

Verliesvoorziening

Datum

Resultaat

Gemeentewerf/ijsbaan, Abbekerk

31-12-2026

-763.878

-

763.878

DEK, Medemblik

31-12-2025

-416.506

-

416.506

Molenblik, Medemblik

31-12-2026

-295.267

-

294.049

Tripkouw Oost II en III, Nibbixwoud

31-12-2024

-1.888.352

1.722.500

165.852

Wilgenrak, Sijbekarspel

31-12-2026

-28.829

-

28.829

Bloesemgaerde-Noord, Wognum

31-12-2026

-110.380

-

109.651

-3.503.212

1.722.500

1.778.765

Totaal

per 1-1-2022

Door aanpassingen in de fasering zijn de eindwaarden van de grondexploitaties Molenblik en Bloesemgaerde-Noord gewijzigd. Bij het MPG 2023 worden de resultaten per complex uitgebreid beschreven en uitgebreider geactualiseerd, met onder andere de aanpassingen van de parameters. Het MPG wordt gelijktijdig met de jaarrekening ter vaststelling aangeboden. 3.7.4 Onderbouwing winstnemingen Op grond van Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) dient de gemeente bij grondexploitatiecomplexen tussentijds winst te nemen conform de Percentage of Completionmethode (POC-methode). Het uitgangspunt van de POC-methode is de realisatie van de kosten en opbrengsten tot en met het huidige boekjaar, ten opzichte van de totale kosten en opbrengsten. In onderstaande tabel is de totale winstneming op basis van de POC-methode na actualisatie per grondexploitatiecomplex gespecificeerd. Bedragen * € 1,Project

Eindwaarde Datum

Winstneming poc-methode

Resultaat Reeds genomen

Nog te nemen

De Linten, Andijk

31-12-2027

35.055

-

35.055

Asonia, Andijk

31-12-2026

466.656

-

466.656

SEW terrein, Nibbixwoud

31-12-2021

1.236.393

939.324

297.069

De Tegel, Wervershoof

31-12-2025

3.080.796

-

3.080.796

TV De Kaag, Wervershoof

31-12-2025

414.406

-

414.406

5.233.306

939.324

4.293.982

Totaal

De totale winstneming in 2023 wordt begroot op € 256.774. In onderstaande tabel wordt per grondexploitatie weergegeven in welk jaar welke winst kan worden genomen op basis van de eerder genoemde PoC-methode. Bedragen * € 1,Project

Resultaat

T/m 2021

2022

2023

2024

2025

2026

De Linten, Andijk

35.055

-

4.170

1.057

5.614

7.566

9.194

Asonia, Andijk

466.656

-

-

-

367.090

49.783

49.783

SEW terrein, Nibbixwoud

1.236.393

939.324

156.459

140.609

-

-

-

De Tegel, Wervershoof

3.080.796

-

-

135

726.127

1.603.828

750.705

TV De Kaag, Wervershoof

414.406

-

-

114.971

205.705

93.729

-

5.233.306

939.324

160.629

256.772

1.304.536

1.754.906

809.682

Totaal

PAGINA 54

3.7.5 Risico's Jaarlijks worden de mogelijke risico’s geïnventariseerd en gekwalificeerd. Het betreft onder andere de risico’s van kostenstijging en rentestijging. Tevens worden er specifieke risico’s aan de grondexploitatiecomplexen toegekend. Het beleid van de Provincie vormt een risico. De Provincie schrijft voor dat er geen woningen mogen worden gebouwd buiten bestaand stedelijk gebied. Alleen als kan worden aangetoond dat niet in bestaand stedelijk gebied gebouwd kan worden, maakt de Provincie een uitzondering. De Nota Grondbeleid en het kostenverhaal dient te worden geactualiseerd, mede in het kader van de Omgevingswet. Op basis van de geactualiseerde nota’s heeft de gemeente de volle beschikking over de instrumenten om het grondbeleid zo goed mogelijk tegen de laagste kosten uit te kunnen voeren. Vanwege de hoge inflatie kunnen mogelijk niet alle winstverwachtingen worden behaald. Bij het MPG worden de grondexploitaties op basis van actuele parameters geraamd. Eind 2021 heeft De Hoge Raad in het zogenoemde Didam-arrest bepaald dat een overheidslichaam dat een onroerende zaak (waaronder ook grond) wil verkopen, gelegenheid moet bieden aan potentiële gegadigden om mee te dingen naar deze onroerende zaak als er meerdere gegadigden zijn voor de aankoop van de desbetreffende onroerende zaak of als er redelijkerwijs te verwachten is dat er meerdere gegadigden zullen zijn.

Deze verplichting vloeit voort uit het gelijkheidsbeginsel. Dit arrest heeft in meerdere grondexploitaties voor vertraging gezorgd. Mogelijk dat deze vertraging langer doorwerkt dan thans voorzien. 3.7.6 Stand reserve grondbedrijf Om de risico’s binnen de grondexploitatiecomplexen op te kunnen vangen heeft de gemeente een reserve grondbedrijf. In het verleden heeft de raad besloten dat de omvang van de reserve minimaal 20% van de totale boekwaarde moet bedragen. De totale boekwaarde per 31-12-21 bedraagt € 3.507.034. De stand van de reserve zou dan per 31-12-2021 minimaal € 701.407 moeten zijn. De stand van de reserve grondbedrijf per 1-1-2022 bedraagt € 1.742.567. De stand van de reserve per 1-1-2022 is ruim voldoende ten opzicht van de minimale omvang die de Raad in het verleden heeft vastgesteld.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Medemblik&id=57e11c78-21d3-485b-a2fd-6641aa03857a