14 EXTERN Pilot Erfmolens
Tekst van het document
EIGEN ENERGIE UIT ZON EN WIND
DE BESTE ENERGIEOPLOSSING voor
uw
agrarisch bedrijf
Onze visie is om u als agrariër te helpen de overstap te maken naar 100% duurzame energie. Het is dan ook onze
uitdaging om het hele jaar door een stabiele energievoorziening te garanderen, zelfs als de zon niet
schijnt of de wind niet waait. Daarom hebben we een oplossing bedacht: het overschot aan opgewekte energie opslaan in accu’s, zodat het beschikbaar is wanneer nodig. Het overschot aan opgewekte energie wordt ook omgezet in waterstof. Deze waterstof kan worden gebruikt om
energie op te wekken, waarbij warmte vrijkomt. Deze warmte kan op een milieuvriendelijke manier worden
gebruikt voor het verwarmen van uw gebouwen. Maakt u zich geen zorgen over de complexiteit van dit proces,
want alles verloopt volledig automatisch. Bovendien kunt u alle energieproductie en -verbruik blijven
monitoren met behulp van onze geavanceerde software. Kies nu voor BestWatt en geniet van uw eigen duurzame energievoorziening! Zo dragen we samen bij aan een groenere
toekomst.
TECHNISCHE GEGEVENS
ACCUSYSTEMEN de energieopslag
BESTWATT
BW10
BW45
BW80
Rotordiameter
10 meter
15, 9 meter
15, 9 meter
90 m²
Rotoroppervlak Aansluitwaarde
199 m²
10kW
Remsysteem
Hydraulische tippen
In een wereld waar duurzaamheid steeds belangrijker wordt,
199 m²
45kW
hebben een
Hydraulische tippen
Ashoogte
15, 20, 25, 30 Meter
15, 20, 25, 30 Meter
15, 20, 25, 30 Meter
Uitschakel windsnelheid
25 m/s
25 m/s
25 m/s
streven
energiebronnen
80kW
Hydraulische tippen
de toekomst
van
deze
windmolen
bedrijven te
stap
ernaar
Sommige
omarmen.
al gezet
en/of
om
en
groene
bedrijven
zijn voorzien
zonnepanelen.
groene
energiebronnen
zijn een
ontbreekt
iets essentieels: energieopslag
nog
geweldige
Deze
van
start, maar
er
door
middel van een accu.
Euro
Tarief per uur
0, 12 0, 10 0, 08 0, 06
DE KRACHT VAN DE NATUUR energie uit zon en wind
0, 04 0, 02 0 -0, 02 -0, 04
BestWatt biedt een totaaloplossing met duurzame energie voor agrarische bedrijven. Een combinatie van windenergie,
-0, 06
zonne-energie en opslag. Zo wekt u voor 100% uw eigen, duurzame energie op. Hiermee bent u in staat om volledig
-0, 08
energieneutraal te worden. Door opwekking, verbruik en opslag op elkaar af te stemmen maakt, u maximaal gebruik van de
-0, 10
natuur. Verduurzaming in de praktijk!
-0, 12
Theorie
Jaarpoductie duurzame energie h
Windenergie
Zonne-energie
Als de zon schijnt, waait het
90
nauwelijks. En als het waait,
80
schijnt de zon nauwelijks.
70
Voor 92% van de tijd
60
overdag is deze stelregel van toepassing. Vandaar
50
dat we praktisch altijd een
40
combinatie adviseren van
30
zon- en windenergie.
20
En “s nachts? Dan waait de wind. Of halen we energie uit het eigen
jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
aug
sep
okt
nov
dec
opslagsysteem.
en
praktijk.
De weergave vanuit de monitoringsapp. Realtime, per dag, week, maand en jaar. Helder inzicht in opwekking en verbruik. Zo stemt u opwekking en gebruik van energie op elkaar af. Ideaal om het salderen maximaal te beperken.
„Ons doel is om te maken.
(geanoimse(rgd)ano im se rd)
(geanoimserd()geanoimserd)
bedrijf in stappen
ons
Melken
op de wind
zo
mogelijk
duurzaam
is dan ook
motto”
ons
Melken
“Op
op de wind
onze
de beste
loods konden
geen
keuze. Via
bekende
onderzoeken
stappen
welke
gedurfde stap.
hoort
hoe
Jelmer
onderneming: je
met
hen
en
drive
voor
is
niets
te
Janneke
en
gesprek
gaat
het
en
vak
veel
gezegd
gestart
volwaardig
een
in
Dat
een
je
koeien.
Dat is
hun
het veel
inspanning gekost,
Wanneer
geweest.
Zelfs
met
zijn
boerenbedrijf. ontdek
als
al
snel
passie
duidelijke
visie
op
je
mee
“In
zijn
we
gestart
destijds
nog
in
een
hoofdbedrijf ruimte
geen om
groeien heel
kleine
kwam de
60
naar
te
stal.
koop
melken
maatschap ook
op
met
en
volledige bedrijf koeien.
De
molken
boerderij
inclusief
mogelijkheid
We
om
de
waar
plek.
we
konden
nu
door te
groeien
met
waard
BestWatt
was
Lokaal
er
al snel
geval
een
bood 140
wordt
ook en
Zelf zit ik
daarom
windenergie
van
innemen.
We
krijgen
stoppen regelmatig nemen
ook
en
helpen
“Kees,
van
de
naar
ze
eerste
instantie
gaat.
molen
werd
windmolens, zeker
Recent
gemeenteraad.We
bijzonder
mensen
bij
dat
we
voorbeeldfunctie
complimenten de
boerderij
windmolen, vertelt Janneke.
in het
nu
kunnen
over om
en
er
foto's te
het
om
gekomen
helpen.
Melken
daarop zijn we
en
doel
Ons
op
de wind
een
jaar
is
om
is dan
bedrijf
ons
ook
gaan in
motto”,
ons
mochten
BW45,
al heeft
het
ijdens om
de
te zien
waarin
beste
oplossing
hier
geen
optie is, was
rendement
hij
voor
voor
een
vooral
zo
geleden
voor
het
eerst
luisterde, heeft
hij
vooral
maar
ook
op
de
maken
van
de
juiste
keuze
goed mogelijk
in te
schatten.
nu,
het
investering
versus
getekend
we
we
toch
er
de zwaardere
voortraject
snel
erg
gesprek,
we
de
over
hadden
hebben
BW10,
de
maar
(geanonimise rd) Jelmer
van
de werf
lange termijn.
vergunning
extra In
voor
die
voor
de
FACTS
ingetrokken destijds.
nieuwe
heel
eerste
zonenergie
waarop
extra
al veel
omdat
manier
naartoe
konden
te maken.
bij BestWatt,
een
nagedacht
ons
belangrijk
ook in de
een
Vanuit
ter
energie
mogelijk
adviseur
onze
plekken
hier
ook er
de
de
waar
positief gekeken
varianten. het
door
hierbij
ons
op het idee
zwaarder type windmolen
een
best
zijn
veel
op
we
was
uit.
op
gesproken.
zonneparken
name
worden
vinden
naar
enthousiast
zijn
wel
Juist
staan
gerealiseerd
eigenaar
dat
nu
ontvangen
Het
gevestigd zijn en
dat is het
zijn
daarom
heeft
boerderij’, vertelt Jelmer.
discussie,
deze
we
afgelopen jaren
De
maar
kinderen
onze
Friesland
aanleiding
liter in
660.000 we
Daar
de
zijn
fosfaatrechten
verder
ouders.
mijn
dat werd
en
koeien,
25
van
andere
een
Op datzelfde moment
het
van
het
uit te breiden
om
te verhuizen.
geworden
ons
stond
met
staan.
nu
met Positief
2007
we
de
toekomst.
“In
op de
waar
partijen
duurzaam
zo
legt Janneke Een
een
zonnepanelen,
gegaan.
bouw
op
hoe
soepel
onze
het
niet, daar
is de windmolen
egoed”,
aldus Jelmer.
mee
variant
hier We
weer
wat
werden
boerderij
die
verder
en
konden
perfect past bij
langer geduurd,
op
de
heel
lijnen
bouwproces verliep. Cijfers nog
is de
maar
te kort
voor
in
werking.
de
direct
kiezen
energiebehoefte.
onze
tussentijds goed waren
we
realisatie
daarentegen
uit de
Het
was
praktijk
Dat houden
en
gewoon
ook
BW45
(ashoogte
Al met
hoogte gehouden
korf.
Windmolen
15
m)
Energiebehoefte 55.000
KWH
Oosterzee
(Fr.)
mooi
hebben
we
nog
jullie nog
van
ons
9
Windmolen
BW45
(ashoogte
m})
30
(geano i(mgesaneordi)m se rd)
Energiebehoefte 88.000
KWH
Ede, Gelderland
2x Windmolen
Windmolen
BW10
(ashoogte15 m)
Zonnepanelen
Zonnepanelen
90
265
Energiebehoefte
Energiebehoefte
KWH
Dalfsen, Overijssel
(geanoimserd)
210.000
(ashoogte
m})
25
Zonnepanelen 265
Energiebehoefte 70.000
KWH
Putten, Gelderland
KWH
Sexbierum, Friesland
Windmolen (ashoogte
(geanoimser(dg)eanoimserd)
BW10
BW80
(ashoogte15 m)
75.000
Windmolen
15
BW80 m)
Energiebehoefte 105.000
St.
Advies
KWH
Jacobiparochie,
Friesland
Elke al
situatie de
maat op anders.
is
windsnelheid,
de
vergunningsbeleid.
(geanoims(grde)ano im(gesanoirmse(rgd)ano im(gsaenorimd)s (rgde)anoimserd)
altijd
langs
inventariseren
locatie
energiebehoefte
energieprofiel zorgvuldig. Op andere
factoren
combinatie
adviseren
van
wind-
we
adviesgesprek.
een
de
basis
we
en
u
van
over
de
op
maat, met de keuze
eigen
investering
of
financiering.
installatie.
Uw
spaarpot
en
juiste
zonne-energie.
voorstel
nieuwe
he
deze
een
als
We
en
krijgt
energierekening fungeert
he
en
komen
Daarom
voor
alleen
Neem
U
voor
huidige voor
uw
„Accus zijn
het antwoord
verspilling
van
groene
naar
„‚l; RENGINEERS
RENGINEERS
‚
.
E
.
.
.
Bouwhuis,
uit
Witteveen, besloot
voorzien
echter
1.200
van
een
in 2020
met
zich
het
van
werd
geconfronteerd
niet
konden
van
met
de
mee:
pluimveehouder Kippenstal
nieuwe
bracht
netcongestie,
oftewel
het feit dat aan
het
te
beslissing
Deze
elektriciteitsnetwerk.
terugleveren
profiteren
zijn
zonnepanelen.
probleem
overbelasting
kon
vooruitstrevende
een
Bouwhuis
zijn zonnepanelen
net, waardoor
salderingsregeling
en
.
Â
VN
Reinier
(geanoimserd()geanoimserd)
op
stroom
geen
hij
niet
ideale
situatie had.
te
energie
op
het
bedrijf
levert,
evenals
is
en
software.
telefoon,
zijn
De
hij
de
kan
zien
en
overtollige deze
windmolens
hoeveel
en
installatie
efficiënt
geregeld.
het
energie zijn
aan
hij
elk
Bouwhuis
moment
opgeslagen
‘s nachts
kan
in
worden
gebruikt.
te
accu,
houden
te
oplossen
“Ik
van
zonnig
is dat
er
meer
stroom
verbruik, kan ik de overtollige stroom opslaan
gebruiken
wanneer
mijn
opbrengst
verbruik de
van
hoger
is dan
zonnepanelen.”
het
en
weer
de
Bouwhuis
de
over
exacte
hij
geweldig
om
netcongestie.”
van
de
van
te
BestWatt
van
dragen
investering
de
investering
in
gaven
terugverdientijd
ontwikkeling dat
alles
probleem
berekeningen
het
het
wordt
bij
de
de
software vind
Yi
Onafhankelijk
Yi
Efficiënt
Yi
Maatwerkoplossingen
van
gebruik
grijze van
stroom
opgewekte energie voor
elk
bedrijf
energieproductie,
tegelijkertijd
en
getwijfeld
Hoewel
verwacht
Bouwhuis:
heeft
maar
zijn
onze
zijn
vertrouwen. van
met
Dankzij
prijzen.
zelfvoorzienend
hoeveel op
te kunnen
om
ik
zo
Reinier Bouwhuis
verbruik
zijn
dan
vandaag
(geanonimise rd)
accu's
op
geproduceerd
het zoals
de
bezig
en
wanneer
in de accu,
constant
BestWatt-app
elektriciteit wordt
bijvoorbeeld
wordt
BestWatt
BestWatt.
vergunningen,
heeft
precies
leveren
zodat
accu,
benodigde
Bouwhuis
zonnepanelen verbruikt.
zonnepanelen, de
waar
ontdekte
Hij
slaan. dat
“Overdag,
vijf
Accu
Lithium-lon
Vermogen
558
kWH
een
hem
Energiebehoefte 300.000
kWH
afhangt
stroomprijzen, in
FACTS
tot
Aantal
zonnepanelen 1200
zes
jaar zal terugverdienen. Om
dit
zoeken
probleem naar
een
aan
te
oplossing
pakken, om
begon
Bouwhuis
te
overtollig geproduceerde
Het
mooie
volledig
van
BestWatt's
automatisch
energieoplossing
verloopt.
Bouwhuis
is
dat
alles
hoeft
zich
niet
Witteveen
(Dr.)
(geano im se rd) ENERGIEOPSLAG Steeds een
weinig een
bedrijven
meer
KLEINE
windmolen.
ruimte
ín
beslag
aantrekkelijk
kiezen
voor
Neemt en
biedt
rendement.
Zonnekracht Moderne
hoog Zo
ís
onuitputtelijk.
zonnepanelen
rendement
haalt
u
het
tegen lage
beste
Soms
hebben een
uit de
op
kosten. zon.
Rengineers service in
en
energie
Met onze
benut
energie
het u uitkomt.
is de
wanneer
u
deze
specialist in monitoring,
onderhoud
van
grote windmolens scherm
enorm
in
gemonitord.
is
Daarnaast
BestWatt. Een
wat
prachtige zorgt
dealer
Rengineers
combinatie
energieoplossingen
optimalisatie
van
met technische
het beste
voor
rendement.
Barneveld
(MMevestwatt.nl geanonimise rd)
www.bestwatt.nl
nodig
meer
alle installaties live
MEER
(0342) 406464,
heeft.
opslagoplossing
West-Europa. Op een
duurzame
Amerikalaan 5, 3771 MC
u
het datacenter worden
van
El BEST
wekt de natuur
dan
INFORMATIE
Duurzame
energievoorziening
De voordelen
voor
klimaat
energierekening
stimuleren
met
passie
u
over
onze
en
is
onze
passie.
uw ons
om
te spreken.
graag
en
Naar grotere kleine windturbines? Verkenning naar de landschappelijke effecten voor
van
hogere ashoogten
kleine windturbines in vier voorbeeldgebieden
(Rn: Opdrachtgever Provincie
Zuid-Holland
| Contactpersoon: (geanonimiseerd) Uitvoering (geanonimiseerd) ins EN (geanonimiseerd) | ins NN | Wing
(geanonimiseerd) MN
|
ese
Ontwerp en vormgeving rapport (geanonimiseerd) ID april
2023
P
U ad
WING
en
ontwikkeling
_Irom
|
provincie Zuid-Holland rene ms omw
Samenvatting In het huidig e beleid van de provincie Zuid-Holland
is het mogelijk om overal in het buitengebied kleine windturbines met een ashoogte tot 15 meter te plaatsen, mits de ruimtelijke kwaliteit dat toelaat. Het
Hillegom-Lisse (bollenlandschap) . Met 3Dv-isualisaties in het programma WIN3Dis onderzocht of verschillende hoogte en typen windturbines passend zijn bij het erf, wat de plaats ten opzichte van het erf
aantal kleine windturbines dat is geplaatst is echter relatief beperkt. D e provincie heeft Wing gevraagd te onderzoeken wat daar de achterliggende redenen van
betekent en wat het effect is in het landschap als er meerdere kleine windmolens worden geplaatst.
zijn en wat er nodig om dit om te buigen. D e provincie overweegt de vrijstellingshoogte te verruimen, als blijkt dat het voor agrariërs dan interessanter wordt een kleine windturbine te plaatsen.
Uit de verkenningkomt als advies naar voren dat: » Gemeenten een belangrijke rol spelen in het faciliteren van plaatsingvan kleine windturbines. Wanneer in het omgevingsplan ruimte voor deze
In deze verkenningis onderzocht of het vanuit
landschap gezien passend en wenselijk is voor kleine windturbines bij agrarische bedrijven de vrijstellingshoogte van 15m te verhogen. En als dat kan onder welke voorwaarden dat zou kunnen. Via ontwerpend landschappelijk onderzoek is in beeld gebracht wat de ruimtelijke effecten zijn van plaatsing
»
»
kleinere windturbines met ashoogten tussen 15 en 45 meter. Via interviews en werksessies met relevante stakeholders is de wenselijkheid verkend en ook onder
Er is in vier typisch Zuid-Hollandse landschapstypen
de hand van een casus met een voorbeelderf gewerkt in Hoekse waard (deltalandschap) , Alblasserwaard (veenontgniningslandschap) , Vierambachtspolder (droogmakerijenlandschap) en aan
uitgewerkte voorbeelden. D e vrijstellingshoogte voor kleine windturbines bij agrarische erven hoger bepaald kan worden dan de
Vanuit de belevingvan het landschap het gewenst kan zijn om één bepaald type windturbine voor te schrijven, bijvoorbeeld alleen windturbines met drie wieken in een bepaalde kleurstelling. Flexibiliteit wat betreft masthoogte en rotordiameter is mogelijk, zolangdit onder de toegestane hoogte blijft.
»
»
Nader onderzoek kan uitwijzen op welke manier, via welk instrumentarium gemeenten invulling geven aan met maatwerk. D enk aan een kwaliteitsof een gebiedscommissie. D e Bollenstreek een complex vraagstuk heeft voor windenergei. Maat en schaal van het landschap en de hoge energeibehoefte van veel bedrijven maakt dat kleine windturbines maar beperkt aan de vraag kunnen voldoen. Het landschap verdraagt hogere windturbines slecht. D at vraagt maatwerk.
huidige 15 meter ashoogte. Er komt naar voren dat 25 meter ashoogte (en 30 meter tiphoogte) in veel situaties passend is, en dat 30 meter ashoogte in specifieke gevallen kan.
van
welke randvoorwaarden een verhognigmogelijk is.
ontwikkelingis vastgelegd, is de drempel voor plaatsingvoor agrariërs lager. D e provincie de gemeenten kan ondersteunen door bijvoorbeeld een handreikingop te stellen met
»
»
D e windturbine bij voorkeur op het erf wordt
geplaatst. Plaatsingbuiten het erf is maatwerk. Bij een aanvraagvoor plaatsingvan een windturbine het gehele erfensemble wordt betrokken via een totaalplan voor een samenhangende erfinrichting. D e erfbeplanting speelt een belangrijke rol bij het creëren van eenheid.
3
Inhoud Samenvatting 1.
2.
3
4
Inleiding
3 5
1. 1
Doel van de verkenning
5
1. 2
Leeswijzer
5
Inventarisatie
7
2. 1
Wat speelt er in de praktijk?
7
2. 2
Kleine (re) windturbines
11
Ruimtelijke verkenning in vier voorbeeldgebieden
20
3. 1
Voorbeeld Hoekse Waard (Rivierdeltalandschap)
21
3. 2
Voorbeeld Alblasserwaard (Veenweidelandschap)
31
3. 3
Voorbeeld Polder Vierambacht (Droogmakerijenlandschap)
42
3. 4
Voorbeeld Hillegom - Lisse (Bollenlandschap)
52
Conclusies en aanbevelingen
61
4. 1
Conclusies
61
4. 2
Aanbevelingen
64
4
1. Inleiding D eze verkenning is het resultaat van ontwerpend
1. 1
onderzoek naar de ruimtelijke effecten van
In deze verkenningwordt onderzocht of het vanuit
kleinere windturbines in het buiteng ebied van Zuid-Holland. Volg ens het huidig e provinciaal beleid is het mog elijk om overal in het buiteng ebied kleine windturbines met een ashoogte tot 15 meter te plaatsen, mits de ruimtelijke kwaliteit dat toelaat. Het aantal kleine windturbines dat is g eplaatst, is echter nog beperkt. D e recente stijging van de energieprijzen en
de steeds sterker g evoelde urg entie om
te verduurzamen, maken dat steeds meer
agrarische ondernemers interesse hebben in het plaatsen van een windturbine op hun erf. Om energeineutraal te worden als agrarisch bedrijf, is echter vaak behoefte aan windturbines die een grotere opbrengst bieden en die zijn vaak hog er
dan 15 meter Hog ere windturbines hebben wel .
meer
Doel van de verkenning
landschap gezien passend en/ of wenselijk zou zijn de vrijstellingshoogte van 15 meter voor kleinere
Waarom willen agrarisch ondernemers een
windturbine of juist niet? Is er een verschil tussen typen landbouwbedrijven? Welke factoren spelen een rol en tot welke implicaties leidt dat voor plaatsingvan
windturbines te verhogen. En als dat kan, onder welke voorwaarden dat dan mogelijk zou zijn.
kleine windturbines in de verschillende landschappen? En wat speelt volgens de gemeenten een rol bij het vraagstuk van de kleine windturbines? Welke
Het huidigprovinciaal omgevingsbeleid stelt dat
ontwikkelingen zien zij in hun gemeenten en waaraan hebben zij behoefte als het gaat om de vormingvan nieuw beleid?
windturbines tot 15 meter ashoogte in het buitengebied geplaatst mogen worden, mits dat passend is bij de ruimtelijke kwaliteit ter plaatse. D e
Leeswijzer
gemeenten beoordelen dit, en houden daarbij rekening
1. 2
met de landschappelijke en cultuurhistorische
Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 allereerst
waarden die zij in hun beleid hebben beschreven.
ingegaan op de huidige situatie rondom kleine windturbines in de provincie Zuid-Holland. Aan de
In deze verkenningis via ontwerpend landschappelijk
onderzoek in beeld gebracht wat de ruimtelijke effecten zijn van kleinere windturbines in het buitengebied.
hand van interviews met gemeenten en LTO-noord is verkend in hoeverre er al kleine windturbines zijn geplaatst en welke factoren daar volgens de
Onderzocht is de range tussen 15 en 45 meter ashoogte. D e verkenning richt zich op de plaatsing van windturbines op of nabij agrarische erven 1 . In verschillende landschappen is in beeld gebracht wat de
geïnterviewden een rol bij spelen. En wat is er volgens hen nodigom plaatsingvan meer kleine windturbines mogelijk te maken? Welke randvoorwaarden zouden volgens de geïnterviewden een rol moeten spelen als
effecten zijn, en tot welke keuzes en randvoorwaarden dit leidt.
de vrijstellingshoogte meer wordt dan de 15 meter uit de huidige situatie?
impact op het landschap. Voor de provincie
is dit aanleidingg eweest voor dit ontwerpend onderzoek naar de landschappelijke effecten van kleine windturbines tussen 15 en 45 meter.
Een ander doel van deze verkenning is meer
inzicht te krijgen in de overwegnigen van de stakeholders. Waar ligt de behoefte van agrarische ondernemers?
1 | Plaatsing van
windturbines bij andere bedrijven in het buitengebied is niet meegenomen in deze studie. Hiervoor gelden dezelfde landschappelijke uitgangspunten als voor agrarische erven.
5
In een intermezzo wordt ingezoomd op de specifieke
behoeften die er bij agrarische ondernemers zijn. Wat maakt dat agrariërs een windturbine op hun erf willen plaatsen? Er worden een aantal vaak voorkomende situaties beschreven over de energeibehoefte van verschillende typen agrarische bedrijven. Hiermee wordt meer realisme en nuance aang ebracht, in wat te verwachten is aan gewenste grootte van de
windturbines vanuit de agrarische sector. In dit hoofdstuk worden vervolgens verschillende typen kleinere windturbines beschreven en wordt geduid welke aspecten een rol spelen bij de ervaringvan deze windturbines. Het hoofdstuk sluit af met een aantal basisprincipes over de relatie tussen een erf en de hoogte en positie van een windturbine. D eze basisprincipes fungeren als werkhypothesen voor de ruimtelijke verkenning. In hoofdstuk 3 wordt in vier typisch Zuid-Hollandse
landschappen met behulp van 3Dv-isualisaties onderzocht wat de effecten zijn van verschillend typen, hoogten en aantallen windturbines op het landschap. Voor voorbeeldgebieden in het rivierdelta-, veenweide-, droogmakerijen- en bollenlandschap zijn visualisaties gemaakt, en samen met de begeleidingscommissie van deze verkenning
besproken. Per gebied zijn de bevinding en beschreven. In hoofdstuk 4 tenslotte worden alle bevindingen sameng ebracht tot conclusies en
aanbevelingen.
6
2. Inventarisatie 2. 1
Wat speelt er in de praktijk?
Om erachter te komen wat er in de praktijk speelt
zijn een aantal Zuid-Hollandse g emeenten en LTO Noord bevraag d op het onderwerp kleine
windturbines. D e gemeenten Hoekse Waard, Molenlanden en Teyling en zijn op dit moment bezigom beleid over kleine windturbines op te stellen of hun beleid te verruimen. LTO Noord adviseert over verduurzamingvan agrarische bedrijven, zowel in de praktijk aan bedrijven zelf, als naar overheden.
kleine windturbines g eplaatst. In deze regoi zijn er initiatieven voor collectieve windprojecten van agrariërs geweest, maar dit betrof windturbines van ca. 60 meter hoog.
Welke factoren spelen daarbij een rol? »
Laat het bestemmingsplan plaatsing van kleine
windturbines al toe? Of het huidig e bestemmingsplan ruimte biedt voor kleine windturbines blijkt een belangrijke rol te spelen bij plaatsing. D e gemeente Molenlanden is een recente samenvoegnigvan vijf gemeenten. Twee daarvan hadden al beleid voor kleine windturbines en juist daar zijn recent veel kleine windturbines neergezet. In de HTL-gemeenten is noggeen beleid kleine windturbines. Ook in de Hoekse Waard is nog geen beleid. D e toename van het aanvragen is voor de gemeenten aanleidingte starten met
plekken, zoals bij de oudere bebouwingslinten, kleine windturbines wil toelaten en onder welke voorwaarden dan zou kunnen. D e cultuurhistorische waarde van de oudere bebouwingslinten speelt meer
hierbij een rol. Ook de gemeente Hoekse Waard is bezigmet de voorbereiding en voor beleid voor kleine windturbines. In Hoekse Waard wil men daarbij nadrukkelijke de landschappelijke en cultuurhistorische waarden van de verschillende polders betrekken in wat men aan ruimte wil bieden en eventuele randvoorwaarden die men wil hanteren. In de gemeenten in de bollenstreek speelt de toeristisch-recreatieve waarde van het bollenlandschap een belangrijke rol in de overwegnig en kleine windturbines toe te staan.
voor
Zijn er al windturbines geplaatst en zijn er aanvragen? Of er al veel kleine windturbines zijn geplaatst, verschilt per gemeente. In de Hoekse Waard zijn er nog relatief weinig geplaatst (3-5) , maar zijn er recent meerdere initiatieven binnengekomen bij de gemeente. D e initiatieven lopen uiteen van een enkele windturbine van 15 meter tot een initiatief van een 30 meter hoge windturbine. In de gemeente Molenlanden zijn er recent zo’n 20 (tot 15 meter tiphoogte) EAZ-molens geplaatst, en zijn recent ook meer aanvragen binnengekomen. In Hilleg om-Teyling en-Lisse (HTL Samen) zijn nauwelijks
de beleidsvoorbereidingen de beoordelingvan aanvragen te pauzeren.
Landschappelijke overwegingen Naast het feit of er al beleid is voor kleine windturbines, is ook van belangwáár er ruimte wordt geboden. D e gemeente Molenlanden heeft in het
Actieve werving onder agrariërs In de gemeente Molenlanden blijkt een extern adviseur actief te werven onder boeren en ook dat »
maakt dat er recent veel kleine windturbines (vooral van het type EAZ) zijn geplaatst.
»
huidige beleid alleen aan agrarische bedrijven in de nieuwe ruilverkavelingslinten ruimte geboden en daar zijn recent veel nieuwe windturbines geplaatst. D e gemeente onderzoekt of ze in het nieuwe beleid op
»
De stijging van de energieprijzen
Als reden dat er recent veel kleine windturbines zijn geplaatst gelden de hoge energieprijzen. D e behoefte van agrarisch overnemers om zelfvoorzienend te worden voor energei neemt toe om daarmee meer financiële zekerheid te hebben. Ook het naderend einde van de salderingsregelingspeelt een rol.
7
Moeten/willen verduurzamen Veel ondernemers willen verduurzamen, omdat ze hiertoe intrinsiek gemotiveerd zijn, of omdat bijvoorbeeld een afnemer of de overheid dat vraagt. »
Ook kan er noodzaak zijn vanuit het bedrijfsproces: voor grotere bedrijven kan waterstofproductie interessant zijn, ofwel om energei te kunnen opslaan, ofwel omdat hun machinepark niet of heel lastig geëlektrificeerd kan worden. Waterstofproductie vraagt veel elektriciteit. D at kan een reden zijn om (eventueel naast opwek uit zonne-energei) een windturbine op het bedrijf te
Wat is er nodigom meer kleine windturbines te kunnen plaatsen? Flexibiliteit » Zoals geschetst in het intermezzo loopt de behoefte van verschillende typen agrarische bedrijven uiteen. Ondernemers zullen willen kiezen voor een windturbine die het beste past bij de energeibehoefte en die ook de gunstigste rentabiliteit heeft. Het is voor agrariërs dus van belangdat het beleid ruimte biedt om de juiste molen te kunnen kiezen. Windturbines die te weinig stroom leveren of juist veel te veel zijn financieel ongunstigen zullen dan ook niet worden geplaatst.
willen plaatsen. » »
Vol elektriciteitsnetwerk, wel ruimte voor
Hogere ashoogte
»
D e gemeenten die voor deze verkenning zijn
geïnterviewd, onderzoeken op welke manier zij zelf (meer) ruimte kunnen bieden voor kleinere windturbines. In afwachtingvan een eventuele verhognigvan de vrijstellingshoogte zijn gemeenten nu beleid voor windturbines tot 15 meter tiphoogte aan het op-/ bijstellen.
Onder welke voorwaarden kan de vrijstellingshoogte omhoog? In de interviews zijn de volgende voorwaarden
die een rol zouden kunnen spelen naar voren gebracht.
In de praktijk blijken de windturbines tot 15 meter
windturbines Op veel plekken in het elektriciteitsnetwerk is sprake van netcongestie en is geen ruimte voor
tiphoogte last te kunnen hebben van productieverlies door bomen of bebouwingin de nabijheid. Met een hogere windturbine van 20 of 25 meter is dat minder
»
extra zonne-energie aansluitingen. Energie uit
problematisch. Hogere windturbines leveren meer vermogen hebben en bieden een hogere opbrengst.
van
wind kan meestal wel worden aangesloten, omdat dit aanvullend is en juist zorgt voor stabiliseren van het elektriciteitsnet. Meer ruimte bieden in
Meer beleidsruimte van provincie
»
Op meer locaties ruimte bieden
het provinciaal en gemeentelijk beleid voor opwek met kleine windturbines kan ondernemers die niet kunnen uitbreiden met zonne-energei ten goede
Voortschrijdend inzicht en gewenningkunnen aanleidingzijn om andere afwegnigen te maken over het toelaten van kleine windturbines op plekken waar
komen.
men
Relatie met erf (beplanting) , landschap en bebouwing D e vrijstellingshoogte zou mede moeten afhangen de verhoudingvan de windturbine in relatie tot het erf, de bebouwingen de erfbeplanting . In de gemeente Hoekse Waard speelt men met de g edachte om het plaatsen van kleine windturbines te koppelen aan een eis om bijvoorbeeld
erfbeplantingte versterken. Ook HTL Samen denkt hieraan.
dat eerder niet wenselijk achtte.
8
»
Maatwerk per landschapstype/ landschappelijke waarden of juist eenvoud in regelgeving/ weinig werkdruk voor ambtenaren
Gemeenten kijken anders aan tegen het bieden
maatwerk of juist kiezen voor eenduidigheid in hun beleid. D e Hoekse Waard geeft aan dat in van
het beleid maatwerk mogelijk zou moeten zijn wat betreft de vrijstellingshoogte in verschillende landschapstypen. In de Hoekske Waard speelt men met de gedachte om het al dan niet toelaten van windturbines te laten afhang en van bijvoorbeeld de uniciteit van de oudste opwaspolders. In de gemeente Molenlanden hecht men veel waarde aan de cultuurhistorisch waardevolle lintbebouwing , en dat zou een reden kunnen zijn beperktere hoogten toe te staan. In Molenlanden streeft men er tegelijkertijd naar een eenduidig beleid neer te legg en, dat voor zoveel mogelijk situaties van toepassing is. Dti om de werkdruk bij ambtenaren zo beperkt mogelijk te laten.
9
Intermezzo | specifieke behoeften van verschillende agrarische ondernemingen D e energiebehoefte van agrarische ondernemingen
Afhankelijk van de uitgangssituatie op het bedrijf wat
loopt sterk uiteen, afhankelijk van: Het type bedrijf (akkerbouw, melkveehouderij, » bollenteelt, etc. ) .
betreft energeibehoefte, type aansluiting (klein- of grootverbruik) , het aantal zonnepanelen dat al is aang esloten en de situatie op het elektriciteitsnet,
»
D e omvang.
»
D e mate van mechanisering en automatisering.
»
Specifieke activiteiten met veel energieverbruik (drogen of koelen oogst, melkmachines) .
»
Het moment waarop de energei nodigis
»
(piekmomenten of juist continue) . Mate van elektrificatie van de voertuigen/
» »
trekkers. In de toekomst mogelijk eigen waterstofproductie. D e gemiddelde windsnelheid in het gebied.
wordt er een type windturbine uitgezocht. Soms is het dak voor zonne-energei verhuurd aan een energeicoöperatie en is uitbreidingvan met zonnepanelen niet meer mogelijk. Een ondernemer kan dan wel een windturbine plaatsen om in zijn eigen energeivoorzieningte voorzien. Het is in de huidig e wetgevingniet toegestaan voor agrariërs energeiproducent te zijn, dus zij zullen voor de meest optimale investeringkiezen om de eig en energiebehoefte te dekken. Een grotere (duurdere) windmolen die meer vermogen levert dan nodigis, om
Agrarische ondernemers die (meer) in de eig en energeibehoefte willen voorzien, kunnen daarvoor (o. a. ) zonne- of windenergei toepassen.
zal dan ook niet snel worden g ekozen.
Zonne-energei is de meest rendabele oplossing , maar dat is niet altijd mogelijk vanwege de dakconstructie, het ontbreken van de juiste aansluiting , brandgevaar (rieten dak) of een vol elektriciteitsnet. Bij veel
het net vol, wel wind bij worden aangesloten. D e combinatie zon-wind werkt namelijk stabiliserend op het net. Voor de ondernemer heeft dit als voordeel dat de energeiproductie door het jaar heen stabieler wordt (zie figuur 2. 1a) .
agrarische bedrijven ligg en al zonnepanelen op de daken of op het bouwblok, en die leveren overdag stroom. Om te voorzien in stroom in de nacht voor
Figuur 2. 1a | Verdeling van de opwek uit zonne- en windenergie over het jaar (bron: website www. energieopwek. nl) .
Als er al zonnepanelen liggen, kan daar , ook al is
bijvoorbeeld melkmachines op een melkveehouderij, of voor het intensieve en constante proces van het drogen van bloembollen is windenenergei een aanvulling.
10
Intermezzo
voorbeelden van agrarische bedrijven t. a. v. energiebehoefte en keuze windturbine
Bij de keuze voor zonne-energei en/of windenergei speelt, naast de grootte van de energeivraag , de verdelingover de dagen het jaar een rol: »
Een melkveebedrijf met een melkstal heeft een
piek in de energeivraagin de ochtend en in de middag . Met een melkrobot is er een constante
Melkveehouderijbedrijf Groene Hart regio Gemiddelde energiebehoefte: ca. 70. 000 kWh. Als er een kleingebruikersaansluiting (max. 3 x 80 Ampère) is: Helft uit zonne-energei, maximaal 200 – 250 »
de hele dag . Via slim apparatenbeheer kan een deel van het verbruik naar midden op de dagworden verschoven en kan de zonneenergei goed worden benut. Met een relatief laag
zonnepanelen (meest rendabele optie) en 20 – 30 kW uit windenergie. Dti kan met kleine windturbine tot 15 meter tiphoogte (bijv. EAZ Twaalf, 15 meter ashoogte) .
vraagover
»
energeiverbruik dat dan in de winter resteert, past een kleine windturbine. Een akkerbouwbedrijf verbruikt relatief veel energei in het najaar als wordt geoogst en gekoeld. Bij dat verbruik past een windenergieprofiel beter, en het hogere energeiverbruik vraagt een grotere windturbine.
»
Bollenteeltbedrijven hebben een hoge energeivraagin de zomer en dan wordt zonneenergie dus optimaal benut. D oor het enorm hoge verbruik (van 100. 000 tot wel 1. 000. 000 kWh) is windenergei veelal noodzakelijk.
»
Als er geen ruimte op het elektriciteitsnet is of men wil/kan geen zonnepanelen leggen: alleen een windturbine met hoger vermogen en/of hogere ashoogte (bijv. BW45, 25 meter
Een groter Melkveehouderijbedrijf Gemiddelde energiebehoefte: ca. 90. 000 kWh. » D eel uit zonnepanelen en een windturbine met groter vermogen en hogere ashoogte (bijv. WES50, 24 meter ashoogte) . Met een grootverbruikersaansluitingkunnen er maximaal 1. 000 - 1. 200 zonnepanelen op een dak van een stal worden gelegd (meer passen er niet op) . Of alleen een windturbine met groter » vermogen en hogere ashoogte (bijv. BW80, 25 meter ashoogte) .
ashoogte) .
Akkerbouwbedrijf in de Hoekse Waard
Bollenteeltbedrijf
Gemiddelde energiebehoefte: ca. 100. 000 kWh. D e situatie is vergelijkbaar met een groot melkveehouderijbedrijf.
Gemiddelde energiebehoefte: ca. 125. 000 kWh. Om in de grote eigen energeibehoefte te voorzien is naast zonne-energei windenergei nodig (bijv. WES100 39 ashoogte) .
11
2. 2. Kleine (re) windturbines In deze verkenningwordt gesproken over kleine windturbines, maar wat wordt daar mee bedoeld? Als over kleine windturbines wordt gesproken, worden daar over het alg emeen de kleine windturbines mee aang eduid, die op boerenerven worden gezien. Ze worden ook wel erfmolens of boerderijmolens genoemd. Ze zijn niet hoger dan 15 meter ashoogte en maken deel uit van het boerenerf. D e tiphoogte is ongeveer 20 meter. Ze komen niet of nauwelijks boven de bomen uit. D eze kleine windturbines hebben een vermogen van ca. 10- 15 kW en kunnen gemiddeld 33. 000 kWh aan elektriciteit leveren in windrijke g ebieden. Voor veel agrarische bedrijven is deze kleine windturbine geschikt om in een deel van de eig en energeibehoefte te voorzien, maar voor andere bedrijven levert deze windturbine te weinig op. Bij deze bedrijven zou een hogere windturbine beter passen, omdat deze meer wind vangt én meer vermogen kan leveren. In deze verkenningwordt onderzocht of windturbines met een ashoogte van 15 tot 45 meter passend zijn
in het landschap en tegelijkertijd noglogsich deel uitmaken van het agrarisch erf. Is er een grens aan de hoogte om een kleine windturbine nogeen erfmolen
2. 2 Overzicht van kleine (re) windturbines In Nederland is een groot aantal kleine windturbines beschikbaar en leverbaar. In tabel 2. 2 zijn een aantal verschillende typen/ merken weerg egeven met ashoogte, tiphoogte en vermogen, om de diversiteit te duiden. Dti overzicht is niet compleet. Een aantal innovatieve windturbines blijkt in de praktijk nog steeds niet te zijn geplaatst, die worden buiten beschouwing.
het kleur- en materiaalg ebruik makkelijk in het agrarisch landschap lijkt te voegen. D e EAZ heeft een slanke lichtgroene mast, houten wieken en windvaan en een onopvallende generator. D e molen en
lijkt geïnspireerd op de kleine poldermolen, het zgn. Bosman-molentje dat werd (en wordt) gebruikt om het waterpeil in sloten te reg elen. D e andere typen windturbines lijken op kleine
In figuur 2. 2a op de volgende pagina zijn
uitvoering en van de grote windturbines met drie wieken, met een lichte grijze mast, drie grijze wieken
afbeelding en van de windturbines opgenomen.
en een
duidelijke zichtbare, verticale generator. En zijn ook typen die juist afwijken, doordat ze twee wieken, een afwijkende kleur of een opvallende mast hebben.
D e kleine windturbine EAZ Twaalf (tot 15 meter
ashoogte) is populair bij melkveehouderijbedrijven. Het is een molen die zich door de beperkte hoogte
Naam windturbine
Ashoogte (m)
Rotor diameter (m)
Tiphoogte (m)
Vermogen (kW)
EAZ Twaalf
15
12
21
15
BW 10, BW 45, BW 80
20/25/30
10/16
22/38
10/45/80
WES 50
18/24/30
20
28/34/40
50
WES 34/100
39
34
56
100
D W54
40
54
67
900
Tabel 2. 2 | Overzicht van windturbines tussen 15 en 40 m ashoogte.
te kunnen noemen? Welke typen kleine windturbines
zijn er op de markt? Als er in deze studie wordt g esproken over kleine windturbines gaat het over windturbines tot maximaal 45 meter ashoogte.
12
EAZ
WES
BestWatt
D W54
Figuur 2. 2a | Foto’s van de verschillende windturbines met verschillende hoogten (vlnr EAZ, WES, BestWatt, DW54) .
Filmpje over type erfmolens
13
In figuur 2. 2b zijn de windturbines die in deze
verkenningzijn meegenomen gerangschikt naar hoogte. Als referentie zijn een traditionele windmolen
moderne grotere windturbine in het beeld meegenomen. Ook de gemiddelde kerktoren van een dorp dient als referentiebeeld. en een
Ruimtelijk technische aspecten bij plaatsing 2. 2. 2
Net als bij grote windturbines moet bij de kleinere
windturbines bij plaatsingrekeningg ehouden worden met hinder die veroorzaakt kan worden door geluid of slagschaduw. Dti geldt ook voor veiligheidsaspecten, zoals aanwezigheid van leidingen en een veilige afstand tot bijvoorbeeld woning en. Bij iedere aanvraagvoor een omgevingsvergunningzal hierop worden getoetst, naast de andere aspecten (zoals bijvoorbeeld landschappelijke, ecologsiche archeologsiche waarde) die een rol spelen bij het verlenen van een omgevingsvergunning. en
Voor kleine windturbines die op erven worden
geplaatst zijn de normen voor geluid en slagschaduw niet van toepassingvoor de woningvan de ondernemer zelf (als die woningonderdeel uitmaakt van dit erf) . D eze woning geldt dan als een zgn. molenaarswoning. D e eisen zijn echter wel van toepassingop nabijgelegen woning en van derden. D eze normen zullen over het algemeen voor vrij liggende agrarische bedrijven geen belemmering en opleveren. Voor agrarische bedrijven die dichtbij elkaar in een bebouwingslint ligg en is dit echter wel een factor om rekeningmee te houden.
Figuur 2. 2b | Kleinere windturbines, gerangschikt naar hoogte.
14
Geluid Op 30 juni 2021 heeft de Raad van State besloten dat de landelijk geldende wettelijke normen voor het geluid van windmolens niet meer gelden. D e
Slagschaduw
gemeenten moeten nu zelf vaststellen hoeveel geluid
hinderlijk worden ervaren wanneer deze via de ramen een woningbinnenkomt. Met name bij laagstaande zon reikt de slagschaduw ver en kan dit enig e tijd,
zij toestaan bij windmolens, tot er nieuwe landelijke normen zijn. Als een gemeente noggeen eigen normen heeft vastgesteld worden de normen van het D eense model als richtlijn gebruikt bij het uitgeven van vergunningen rondom windturbines op land 2 . Het D eense model houdt grofweg in dat er: én een afstandsnorm is (minimaal 4 x de » » »
Als een draaiende windturbine door de zon wordt beschenen ontstaat daardoor een slagschaduw (zie figuur 2. 2. c) . D eze bewegende schaduw kan als zeer
bij een bepaalde zonnestand, voor overlast zorg en. Slagschaduw wordt vooral als een probleem ervaren bij de grote windturbines met lange wieken en een lag e omwentelingssnelheid.
tiphoogte) ; én een g eluidsnorm (37 tot max. 44 dB (A) ; én een norm voor laagfrequent g eluid (LFG) .
2. 2. 3 Ruimtelijk landschappelijke aspecten In het rapport “Kansen voor kleine windturbines bij waterschappen” 3 wordt een overzicht gegeven van de landschappelijke aspecten die bij windturbines een rol spelen. In deze verkenninggebruiken we de uitgangspunten die in dit rapport zijn beschreven. In het rapport wordt stilg estaan bij de subjectiviteit
die bij de waarderingvan windturbines aan de orde is: “Windturbines in het landschap roepen reacties op als ze geïntroduceerd worden. D e aard van de reacties kan uiteenlopen. Dti is afhankelijk van de overtuigingen van waarnemers ten aanzien van
duurzame energei en de opvattingen ten aanzien van de veranderbaarheid of conserveringvan landschapskarakteristiek (D ubbelhuis, 2009) 4 . Reacties op een windturbine
Voor de kleine windturbines betekent dit -ter
indicatie- dat de EAZ (tiphoogte 21 meter) tenminste 84 meter, vanaf een woning van derden moet worden
hangen onder meer af van de omvangen uitstraling van een windturbine. Hierover zijn met name bij grote windturbines verschillende studies g edaan en zijn er
geplaatst en dat een WES50 (bij tiphoogte 34 meter) op ten minste 136 meter van een woning van derden moet worden geplaatst, uitgaande van 4x tiphoogte.
criteria die in welstandskringen worden toegepast (Terra Incognita, 2017) ”. Voor kleine windturbines zijn daar de volgende kenmerken uit afgeleid, waarmee iets
Het kan zijn dat het g eluid een grotere afstand
g ezegd
vraagt. Een grotere windturbine zoals de D W54 zou
tenminste 268 meter tot woningen van derden moeten staan. In deze verkenningvolgen we deze richtlijn bij het bepalen van de windturbines posities in de 3Dv-isualisaties. op
Figuur 2. 2c | Filmpje van een kleine windturbine bij een agrarisch erf onder verschillende weersomstandigheden door de tijd en de seizoenen heen.
kan worden over de uitstralingvan windturbines of over de mate waarin ze in een landschap passen (zie figuur 2. 2d) . 2 |
Tweede Kamer motie 32813-985. 3 | Kansen voor kleine windturbines bij waterschappen. STOWA 2020-40. 4 | Voor de literatuurverwijzingen zie het STWOA-rapport.
15
D eze drie kenmerken zijn met name van belang voor
Hoogte wordt vaak aang eduid met tiphoogte (mast +
De windturbine in het ensemble
deze verkenningnaar een hogere vrijstellingshoogte: Hoogte van de mast. » Omvangvan de rotor , tiphoogte en tiplaagte. »
wieklengte) . Een grote rotor op een relatief lage mast leidt tot een lag e tiplaagte. Bij grote windturbines kan bij een verhouding 1: 1, 3 (waarbij de rotordiameter 1, 3 x
Het STOWA-rapport over de kleine windturbines
»
D e windturbine in het ensemble.
D e overige kenmerken zoals kleur , mastdikte en
inrichtinggeven handvatten voor mate waarin de windturbine op het erf en in het landschap als passend wordt ervaren.
de masthoogte is) de nabijheid van een grote wiek bij het maaiveld als intimiderend ervaren worden 5 . Dti is met name een aandachtspunt bij hoge windturbines, waarbij een beperkingvoor de masthoogte geldt en men daarom voor een grote rotor kiest. Over het alg emeen heeft een grotere rotor meer vermogen.
Hoogte van de mast D e hoogte van de mast bepaalt naast de omvang
g eeft handvatten voor
de windturbine in de
omgeving. “D e verhouding tussen een windturbine en de omliggende objecten in het landschap heeft invloed op de belevingvan de windturbine. Agrarische zijn op te vatten als een ensemble: ‘’een aaneengesloten ruimte die beleidsmatigals een landschappelijk geheel wordt beschouwd. Een ensemble bestaat uit verschillende fragmenten (zoals gebouwen, infrastructuur , reliëf, open ruimte erven
van
de rotor de zichtbaarheid van een windturbine. Een masthoogte van 15 meter is landschappelijk eenvoudiger inpasbaar dan een windturbine van
en
vegetatie) die door hun onderlinge relatie een zekere ruimtelijke samenhang vertonen. D ankzij deze ruimtelijke samenhangzijn ensembles
150 meter. D e hoogte van 15 - 20 meter
Omvang van de rotor, tiphoogte en tiplaagte
herkenbaar en hebben ze als (potentieel) harmonisch geheel een zekere landschappelijke waarde’’. Hoe omvangrijk een ensemble is, is dus afhankelijk van zijn liggnigen omliggende objecten”.
Omvangvan de rotor, tiphoogte en tiplaagte bepalen
In principe wordt het ensemble, in het kader van
hoe g oed de windturbine zichtbaar is. Voor velen geldt, hoe beter zichtbaar de windturbine, hoe
deze verkenning , gevormd door het bebouwde en beplante erf van de agrarische ondernemingdie ook
groter de impact op het landschap is. Onderzoek
de energei ontvangt die door een windturbine kan worden opgewekt.
komt namelijk grofwegovereen met de hoogte van bomen.
toont geen duidelijke correlatie tussen hoogte van
de windturbine en de reactie van de beschouwer. Er is wel een correlatie tussen wel of geen zicht op een windturbine. Een hogere windturbine is vaker en vanaf een grotere afstand zichtbaar.
Figuur 2. 2d | Een aantal aspecten die een rol spelen bij de ruimtelijke beleving van een kleinere windturbine (bron STOWA-rapport) .
5 | Bron: CoP
Windenergie en Landschapskwaliteit, april 2021. Windturbines in een levend landschap.
16
Aandachtpunt: erf en bouwblok Hoewel het erf en het bouwblok in de praktijk vaak dezelfde zijn, is het in het kader van deze verkenningg oed om het onderscheid wel bewust te maken. ‘Erf’ is een aanduiding die vanuit een
cultuurhistorische of landschappelijke referentie wordt g ebruikt. ‘Bouwblok’ is een juridische term die in het bestemmings- of omg evingsplan wordt g ebruikt. Het kan zijn dat een bouwblok is aang eduid en dat dit (deels) nogniet is bebouwd of beplant. En strikt genomen maakt het daarmee ook (nog ) g een deel uit van het (zichtbare) agrarisch erf , of het agrarisch ensemble zoals we hierboven hebben beschreven. Figuur 2. 2e | Basisprincipe 1
Ter bevorderingvan de landschappelijke
inpassingwordt g esteld dat een windturbine altijd onderdeel dient te zijn van het ensemble. Om dit te waarborg en zijn 3 basisprincipes opg esteld voor
de verhoudingtussen de windturbine en zijn
Basisprincipe 1: Tiphoogte maximaal 2x de hoogte van
het hoogste object
Basisprincipe 1 gaat over de tiphoogte in relatie tot de objecten in de omgeving . Bij agrarisch erven zijn de hoogste objecten van een ensemble veelal de
Als het groter is dan twee keer de hoogte van het hoogste object, dan komt deze ‘los’ van het ensemble. D e windturbine wordt dan ervaren als solitair object in plaats van de windturbine als onderdeel van het ensemble. D e maat van de windturbine is dan te groot voor de schaal van
deze verkenningworden deze drie basisprincipes
bomen of gebouwen op of rond het ensemble. Als de tiphoogte van de windturbine niet veel afwijkt van het hoogste object is er meestal sprake van
als ‘werkhypotheses’ g ebruikt.
passendheid.
basisprincipe 1.
omg eving . Hieronder
worden ze nader g eduid. In
het erf. Er is dus een maximale maat voor de windturbine, gezien de maat van de bebouwingen erfbeplanting. Dti is zichtbaar in het afgebeelde
17
Figuur 2. 2f | Basisprincipe 2
Basisprincipe 2: Des te breder het ensemble, des te hoger de windturbine kan zijn (maatwerk) Op basisprincipe 1 voor maatvoering is ook een uitzondering . Op een groot ensemble, bijvoorbeeld van een groot akkerbouwbedrijf, kan de hoogte windturbine soms worden afgeleid van de breedtemaat van het ensemble. Als er bijvoorbeeld sprake is van een groot erf met hoge bomen en van een
gebouwen dat als massa in het landschap zichtbaar is, dan kan een grotere hoogte dan 2x het hoogste object nogsteeds een passende verhoudingopleveren.
Dti is altijd maatwerk. Dti is zichtbaar in het afgebeelde basisprincipe 2.
(Sweco, Laos, 2019) . Als het ensemble bestaat uit
gebouw met een (beplant) erf, dan past één windturbine daar beter bij (zie ook Laos, 2020) ”. een
In het STOWA-rapport staat ook het principe dat
sprake moet zijn van niet meer dan één windturbine in een ensemble. “Bij plaatsingvan meerdere windturbines op erven wordt het maximale laadvermogen veel sneller bereikt. Dti geldt voor alle landschapstypen. Bij meerdere windturbines op één erf gaan deze windturbines een eigen structuur de windturbines zich minder makkelijk naar de landschappelijke structuur vormen en voegen
18
In deze verkenningworden deze drie
basisprincipes als werkhypotheses gebruikt om uit te vinden in hoeverre een hogere ashoogte nogpassend is bij het ensemble in het omliggende landschap. Naast deze drie principes willen we verkennen in hoeverre het ‘laadvermogen van en
het landschap’ een rol speelt bij het bepalen van de acceptabele hoogte van kleine windturbines in verschillende landschapstypen. Hoe wordt het effect op het landschap ervaren als op meerdere erven in de (nabije) omgevingeen kleinere windturbine wordt geplaatst. Wat is het effect als de windturbines allemaal een
Figuur 2. 2g | Basisprincipe 3
Basisprincipe 3: Voorkeur voor plaatsing op ensemble óf maximale afstand van 1x tiphoogte tot ensemble
plaatsingbuiten het ensemble, omdat daar minder ‘windverstorende’ objecten aanwezigzijn (bomen,
Ook de afstand tussen de windturbine en het ensemble heeft effect op de ruimtebeleving. In de meeste gevallen, zal de windturbine op het ensemble
gebouwen etc. ) . Mocht er voor plaatsingbuiten het ensemble gekozen worden, dan dient de windturbine zo dicht mogelijk bij het ensemble geplaatst worden en niet verder dan één keer de tiphoogte. Als de
geplaatst worden. Dti heeft met name te maken met eigendomsrechten of, in het geval van een erf, met het bouwblok. Het plaatsen van een windturbine
windturbine verder dan één keer de tiphoogte van het ensemble geplaatst wordt, dan komt deze ‘los’ van het ensemble.
binnen het ensemble geniet vanuit landschappelijk oogpunt de voorkeur . Echter zal vanuit windefficiëntie
D e windturbine wordt dan ervaren als solitair object
de
voorkeur
sneller
uitgaan
voor
gelijke uitstralingen hoogte hebben en wat als dit verschilt. In hoofdstuk 3 wordt dit aan de hand van
visualisaties in WIN3Duitgevoerd.
in plaats van de windturbine als onderdeel van het ensemble. Dti is zichtbaar in basisprincipe 3.
19
3.
Ruimtelijke verkenningin vier voorbeeldgebieden
In dit hoofdstuk wordt onderzocht of en hoe
verschillende kleine windturbines zich voeg en in vier typisch Zuid-Hollandse landschappen. Vier voorbeeldg ebieden die deel uitmaken van de Rivierdeltalandschappen, de Veen (weide) landschappen, de Dorogmakerijenlandschappen en
de Strandwal- en Bollenlandschappen.
Per landschap en per voorbeeldg ebied worden
de belangrijkste ruimtelijke en landschappelijke kenmerken 6 de specifieke cultuurhistorische ,
waarden en het type agrarische onderneming en beschreven. Aan de hand van schetsen en 3-dimensionale beelden wordt vervolg ens onderzocht in hoeverre verschillende hoogten en opstelling en met kleinere windturbines passend zijn in dit landschap en welke factoren daarbij een rol spelen. 6 | Voor deze beschrijvingen maken we gebruik van de gebiedsprofielen die Provincie Zuid-Holland voor deze gebieden heeft laten samenstellen.
20
3. 1
Voorbeeld Hoekse Waard | Rivierdeltalandschap
3. 1. 1. Kenmerken van de Hoekse Waard Landschappelijke waarden Kenmerkend voor de Hoeksche Waard is de structuur van opwas- en aanwaspolders (zie figuur 3. 1a) . D e opwaspolders hebben een min of meer ronde vorm met grillig e dijken. Ze hebben een zeer open karakter en zijn grotendeels in g ebruik als akkerland. Bebouwingbuiten de kernen ligt teg en de dijken aan en is spaarzaam in de polder zelf. Beplantingkomt in de polders nauwelijks voor . D e aanwaspolders zijn vaak zeer groot en hebben een onregelmatig e vorm en een onregelmatige verkaveling . Ze zijn voornamelijk als akkerland in gebruik. Bebouwingin het buitengebied concentreert zich op en langs de dijken, met op een aantal plaatsen aaneeng esloten, langgerekte dijkdorpen. Karakteristiek voor een groot aantal polders is het regelmatige wegenpatroon. Langs de wegen liggen verspreid, beplante erven.
D e dijken zijn zeer kenmerkend voor het landschap
de Hoeksche Waard. Minder opvallend zichtbaar , maar wel belangrijk is de grillig e krekenstructuur in de hele polder, die met name in de verkavelingsrichtingen zichtbaar is. van
Historische windmolens, kerktorens en watertorens vormen oriëntatiepunten in het open landschap. Langs de randen van de Hoekse waard staan op meerdere plekken rijen grote, moderne windturbines.
D e structuur van op- en aanwaspolders is duidelijk
afleesbaar door de dijken. In de noordelijke aanwaspolders zijn deze slechts gedeeltelijk beplant. D e zuidelijke aanwaspolders zijn vaak door
monumentale dijkbeplanting en omzoomd.
Figuur 3. 1a | Kenmerkende landschappelijke structuren in de Hoekse Waard (het voorbeeldgebied is omcirkeld)
21
Agrarische erven Merendeel van de agrarische bedrijven ligt vrij in de polders: aan een dijk of langs de wegen die de polders doorsnijden (zie figuur 3. 1b) . D e erven liggen elkaar en zijn als groene eilanden in de open ruimte herkenbaar . D e akkers zijn (zeer) grootschalig , net als de agrarische erven. Het is een ‘grofkorrelig’ landschap. D e mate op ongeveer 200
–
500 meter van
waarin verschilt per polder; de oudste polders zijn iets minder grootschalig. In de Hoekse Waard zijn de agrarische bedrijven
voornamelijk akkerbouwbedrijven. Op het erf staan een woonhuis en één of meerdere schuren. Het woonhuis is vaak met een verdieping, zo’n 7 meter hoog, de schuren zijn maximaal 9 tot 11 meter hoog. D e meeste erven zijn gedeeltelijk omzoomd met erfbeplanting. D e hoogte van de beplanting hangt de aanwezigheid van grotere bomen en varieert van 6 tot 15 meter hoog. samen met
Figuur 3. 1b | Vrijliggende boerderijen aan de Ringpolderweg (boven) en een erf in deze polder (rechts) (bron: Google Streetview)
22
3. 1. 2.
Bevindingen – beeldverhaal
Erfensemble voorbeelderf Om te onderzoeken wat verschillende soorten en hoogtes
windturbines doen in relatie tot een ‘gemiddeld’ boerenerf in Hoekse waard is een voorbeelderf geanalyseerd. (zie figuur 3. 1 c t/m e) . Het is van een akkerbouwbedrijf, geleg en aan de ringdijk oude opwaspolder, die landschappelijk en cultuurhistorisch gezien van grote waarde is. van een
Figuur 3. 1d | (linksboven) Locatie van het voorbeelderf, streepje duidt de locatie van de doorsnede. Figuur 3. 1e | (rechtsboven) Schets van het voorbeelderf met daarin de hoogten van bebouwing en beplanting.
Figuur 3. 1c | Foto van het voorbeelderf (bron: Google Streetview)
23
Uitwerking basisprincipes Als we de drie basisprincipes (werkhypotheses) voor dit erf uitwerken, dan we kunnen op basis daarvan het volgende zeggen: »
Basisprincipe 1: windturbine maximaal 2x de tiphoogte van het hoogste object. Voor dit erf betekent dat de hoogte van de beplanting
Basisprincipe 1
maatgevend. D e hoogste bomen zijn zo’n 15 meter , de hoogste bebouwingis 11 meter hoog . Maximale tiphoogte is dan 2 x 15 meter = 30 meter. »
»
Basisprincipe 2: hoe breder het ensemble, hoe hoger de windturbine kan zijn. D at is maatwerk. Basisprincipe 3: gaat over de maximale afstand waarop de windturbine nogals onderdeel van het ensemble wordt opgevat (maximaal op 1x de tiphoogte) .
Basisprincipe 2
Basisprincipe 3
Figuur 3. 1g | De drie basisprincipes toegepast op dit voorbeelderf.
24
Visualisaties in WIN3D Verschillende typen en hoogte van de windturbines In WIN3Dis de windturbine op de noordoosthoek van het erf g eplaatst op voldoende afstand van de woning. D e afbeeldingen in figuur 3. 1g laten de WIN3D -
visualisaties zien van verschillende typen windturbines met verschillende hoogtes bij dit voorbeelderf. Basisprincipe/ werkhypothese 1 en 2 worden hiermee verkend.
EAZ - 15 m ashoogte, 21 m tiphoogte
WES - 24 m ashoogte, 34 m tiphoogte
BestWatt - 25 m ashoogte, 30 m tiphoogte
25
WES - 30 m ashoogte, 40 m tiphoogte
BestWatt - 30 m ashoogte, 38 m tiphoogte
Figuur 3. 1g | Verschillende typen windturbines met verschillende hoogtes bij het voorbeelderf.
DW54
- 40
m
ashoogte, 67 m tiphoogte.
26
Positie ten opzichte van het erf D e afbeeldingen in figuur 3. 1h laten een windturbine van 25 metereter ashoogte (30 meter tip) en een 30 meter hoge (tip 38 meter) zien op maximaal 1x de tiphoogte vanaf het erf, en op noggrotere afstand (resp. 50 en 60 meter) .
BestWatt – 25 ashoogte, 30 m tiphoogte op 30 meter afstand
BestWatt – 25 ashoogte, 30 m tiphoogte op 50 meter afstand
BestWatt – 30 ashoogte, 38 m tiphoogte op 38 meter afstand
Figuur 3. 1h | Verschillende windturbines op afstand van het erf. BestWatt – 30 ashoogte, 38 m tiphoogte op 50 meter afstand
27
Meerdere erven met een kleine windturbine op het erf In deze polder liggen meerdere agrarische bedrijven. D e bedrijven liggen op ruime afstand van elkaar en eventuele van woningen van derden. In figuur 3. 1i geeft een uitsnede van de bestemmingsplankaart dat duidelijk weer . Stel dat meerdere bedrijven een kleine windturbine hebben (zie figuur 3. 1j) , hoe ziet dat eruit in het landschap? In figuur 3. 1k staan de afbeeldingen wanneer op ieder erf dezelfde type windturbine staat.
Figuur 3. 1i | Uitsnede bestemmingsplankaart waarop te zien is, dat in deze polder hoofdzakelijk agrarische activiteit plaatsvindt (mat lichtgroen) , en weinig ‘wonen’ is (geel) . Paars is bedrijvigheid (bron: ruimelijkeplannen. nl) .
Figuur 3. 1j | Locaties van de gevisualiseerde windturbines. De grote rode stippen geven de grote windturbines weer , die er in werkelijkheid ook staan. De kleine rode stippen zijn de locaties van de gevisualiseerde kleine windturbines bij de agrarische erven.
28
EAZ - 15 m ashoogte, 21 m tiphoogte
Filmpje over BestWatt windturbines met een ashoogte van 25 m. BestWatt - 25 m ashoogte, 33 m tiphoogte
Filmpje over verschillende windturbines. Verschillende typen en hoogten turbines Figuur 3. 1k | De situatie waarbij op meerdere erven hetzelfde type windturbine van dezelfde hoogte staat.
29
Bevindingen n. a. v de WIN3D-visualisaties
»
ervaren
Over de hoogte en type van de windturbine »
D e 15 meter referentieturbine EAZ is laag ten
»
opzichte van de beplanting (en dat gaat ten koste van de opbrengst) Een windturbine van meer dan 25 meter
»
»
ashoogte wordt als te groot ervaren bij dit voorbeelderf. Turbines van 30 meter steken fors boven landschappelijke structuren zoals
van »
in het ensemble als deze op het erf
Bij het erf lijkt ook een windturbine van 30 meter ashoogte nogpassend (en is qua opbrengst interessanter) . D at hangt samen met de grote schaal van de polder , die dat lijkt te kunnen dragen. Een forse erfbeplanting bij een groot erf
»
is. Hoe hog er de kleine windturbines hoe meer ze
»
onderdeel uit lijken te zijn van de groep (en) grote windturbines in de omgeving. Turbines met twee wieken zijn afwijkend van
kan ook een 30 meter windturbines ‘dragen’. Bij een vergelijking : een hogere windturbine (30 meter ashoogte) op het erf is meer passend
»
staat. »
»
dijkbeplantingen uit. windturbines van 25 meter komen er ook bovenuit, maar lijken toch nogte passen qua schaal en maat. Ze passen nogbij deze grote structuren.
in dit landschap dan een lagere windturbine (25 meter ashoogte) die los staat van het erf. Een windturbine die buiten het groene erf (de groen mantel) staat, kan visueel deel uitmaken
Turbines met twee wieken geven een onrustig er beeld doordat ze sneller (lijken te) draaien dan windturbines met drie wieken.
van
Over de positie van de windturbine ten opzichte
het erf/ bouwblok Als de windturbine binnen de contouren van
vorm en hebben
»
deze wisselwerkingniet. Turbines van hetzelfde type maar met verschillende hoogtes worden als minder storend ervaren dan verschillende typen windturbines. In deze polder is de schaal zo groot, dat er niet snel te veel kleinere windturbines worden ervaren.
het erfensemble, maar toch minder goed passen bij de groene eilandstructuur van de erven in de open polder. Over windturbines bij meerdere erven in relatie tot landschap en grote windturbines »
Er lijkt een verschil te zijn in de ervaring van
het beplante erf (de groene mantel) staat, maakt deze duidelijk onderdeel uit van het erfensemble. Buiten het erf geplaatst levert het
meerdere windturbines van 25 meter ashoogte en windturbines van 30 meter en hoger in het landschap. Hoe hoger de windturbines, hoe
onduidelijk, vervreemdend beeld. In Hoekse Waard zijn de structuren van de groene erven als ‘groene eilanden’ ergbepalend.
meer
een
Dti wordt zo ervaren als niet meer ingeschat kan worden wat de locatie van de kleine windturbine
D e 25 meter windturbine wordt als passend
schaalloos deze lijken te worden, en hoe meer ze onderdeel lijken uit te maken van de groep grote windturbines in de verte.
30
3. 2.
Voorbeeld Alblasserwaard | Veenweidelandschap
3. 2. 1. Kenmerken van de Alblasserwaard Landschappelijke waarden Het landschap in de Alblasserwaard (zie figuur 3. 2a) is een landschap dat zich kenmerkt door grote openheid. Het is een typisch veenweidegebied met langgerechte percelen en smalle perceelsloten. D oor ruilverkaveling zijn veel sloten gedempt en zijn bredere kavels ontstaan. D e oorspronkelijke cope-verkaveling, met percelen van vaak maar 30 meter breed, is grotendeels verdwenen. Het gebied heeft een kamerstructuur met een duidelijke oost-west oriëntatie, die voortkomt uit de ontgniningsstructuur. Het g ebied is ontgonnen vanaf de hogere oevers van de veenstromen D e Giessen en de Alblas, en vanuit daar zijn bebouwingslinten ontstaan. Alle linten zijn organisch gegroeid, kennen een afwisselende bebouwingen variëren in dichtheid en daarmee ook in doorzichten naar het achterland. D e linten in de Alblasserwaard zijn veelal compact en begrensd door het water. D aarbij zijn er zowel enkele linten, met de bebouwingaan één zijde van het water , als dubbele linten, waarbij de bebouwingaan beide zijden van het water staat. In de linten zijn zowel woonbebouwingals (voormalig e) boerderijen te vinden. Ruimtelijk gezien zijn de linten fijnkorrelig van structuur en afwisselend door
de gevarieerde bebouwing en (erf) beplanting. D e dijk, de kades en wetering en zijn bepalend voor de structuur van het gebied. D e boezems en (oude) bebouwingslinten liggen wat hoger dan het omliggende landschap. Nieuwe
agrarische bedrijven liggen aan ruilverkavelings-linten (boerenervenlinten) en vormen visuele eilanden in het veenweidelandschap door stevige erfbeplantingen een liggnigop ruime afstand van elkaar.
Figuur 3. 2a | Kenmerkende landschappelijke structuren in de Alblasserwaard (het voorbeeldgebied omvat de omcirkelde gebieden)
31
Verspreid
door
het
gebied
staan
windmolens, vaak grondzeilers,
hoog. Kinderdijk,
meter
19 molens met
het
en
met
boezemvaarten
uit
van
zo’n
van
het
complex
waterstaatskundig
het Groene
polder zijn stiltegebied
en
een
Delen
van
deel
van
bedrijven grondgebonden melkveehouderijen.
maakt de
daarvan
en
van
de Oude
het
gebied zijn
vaak
nog gave
beplant zijn.
Verspreid
tiendwegen
te
in de oudere
de woonfunctie
ruilverkavelingslinten, is
Nieuwpoort liggen vestingwerken waterlinie.
inmiddels
door
vinden, die
alle
waar
ze
agrarische
naar
vrij in de
de
liggen
Er
vaak is vorm.
daarbij
zijn wisselend
de smalle
Uitbreidingen
waardoor sloten
erven
smalle
Veel
een
nieuwe
en
ruimte
liggen
formaat,
verkaveling bepalend
kunnen
lange
van
vaak alleen
erven
naar
zijn ontstaan,
is
erven
erfgrens De
aan
de
voorzijde
en
voor
bebouwing
de
op de
en
nieuwe
achteren,
vaak door
veel
nieuwere
van
de schuren
hoog.
De
hoogte
tot 15 meter
langs
Op
het erf
een
hoog,
woonhuis
met
meerdere
van
de
soms
Of in de
woonhuis
een
het erf.
hoogte
staat
stallen erachter.
er
Op
er
is divers.
erven
stal. Vaak staan
De
of
oorspronkelijke boerderij oude
vaak wat
houtsingel.
een
ruilverkavelinglinten,
(zie figuur 3.2b).