03 DOC-22-586541 - Bijlage 3: Toelichting Verordening fysieke leefomgeving 2e tranche
Tekst van het document
Aansluiten op gemeentelijke riolering
Artikel 5.18
Doel van de regels in deze afdeling
Het doel van de regels in deze paragraaf is het behouden en beschermen van de gemeentelijke voorzieningen voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater en daarmee het beschermen van bodem en water. Dit draagt bij aan een veilige en gezonde fysieke leefomgeving voor mens, dier en plant. De (huidige) Wet milieubeheer heeft het over afvalwater waarvan de houder zich moet of wil ontdoen. De rol van de gemeente bij het ‘ontdoen’ is de houder daarin tegemoet te komen. Dat gebeurt door het water in te zamelen en te transporteren, op voorwaarde dat de houder zich daar op eigen perceel niet van mag ontdoen of redelijkerwijs niet van kan ontdoen. Stedelijk afvalwater is de juiste verzamelnaam voor de combinatie van huishoudelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. Het is ook juister om het over hemelwater te hebben. Het noemen van regenwater dekt de lading niet: het gaat ook om bv. water uit (smeltende) sneeuw en hagel. Onder stedelijk afvalwater valt ook bedrijfsafvalwater als dat naar zijn aard huishoudelijk afvalwater is. Artikel 5.19
Aanleggen rioolaansluiting
De gemeente legt de rioolaansluiting aan tot maximaal een halve meter voorbij de perceelgrens. Het aanleggen van de rioolaansluiting en het herstel van de openbare ruimte gebeurt op kosten van de eigenaar of een andere rechthebbende op het perceel. In beginsel legt de gemeente de rioolaansluiting aan tot net voorbij de perceelgrens en beëindigt deze aansluiting met een zogenaamd ontstoppingsstuk. Dit vormt dan de scheiding tussen openbaar en particulier eigendom. Meestal wordt het ontstoppingsstuk vormgegeven als een controleput. Bij 22
eventuele toekomstige verstoppingen kan de perceeleigenaar dan zelf eerst op eigen terrein controleren waar de verstopping zit: in het gemeentelijke of in het particuliere deel. Dat bepaalt wie er in actie moet komen: de gemeente of de eigenaar. Als de gevel samenvalt met de perceelgrens legt de gemeente (noodgedwongen) tot (vlak bij) de perceelgrens aan; vandaar dat er ‘maximaal’ staat. Als de rioolaansluiting niet onder vrijverval kan worden aangebracht dan kan het nodig zijn om een rioolwaterpomp in de rioolaansluiting op te nemen. Een voorbeeld van zo’n situatie is de kruising van de rioolaansluiting met een watergang of een duiker. Veelal zal dan een passende plaats op het perceel gevonden moeten worden, rekening houdend met technische eisen en de (toekomstige) inrichting van het perceel. Artikel 5.20
Eigendom rioolaansluiting
Doorgaans heeft de gemeente de rioolwaterpomp in eigendom en beheer. Voor wat betreft het eigendom van de rioolaansluiting wordt (bij afwezigheid van een ontstoppingsstuk) de perceelgrens aangehouden. Artikel 5.21
Kosten aanleggen rioolaansluitingen
in Medemblik werken we op basis van werkelijke kosten. Een tarievenlijst levert in de praktijk wel eens problemen op omdat je situaties tegenkomt die niet in de tarievenlijst staan. Artikel 5.22
Verwijderen septic tanks
Een septic tank hoeft niet verplicht te worden verwijderd. Kortsluiten is ook een mogelijkheid Artikel 5.22a Planning aanleggen rioolaansluiting De gemeente heeft graag zekerheid dat zij kosten die zij voorschiet van de aanvrager terug ontvangt.
Afdeling 5.5
Hemel- en grondwater
Artikel 5.23 Plicht tot afkoppelen Dit artikel biedt de mogelijkheid om een eigenaar van een bouwwerk, die niet uit vrije wil meewerkt aan de uitvoering van een rioleringsplan of programma stedelijk water en riolering, te dwingen de hemelwaterafvoer los te koppelen van het vuilwaterriool. Een dergelijke verplichting voor bestaande bouwwerken is enkel mogelijk indien een andere wijze van afvoeren of verwerken van hemelwater redelijk is. Een afweging tussen de kosten van het afkoppelen en het treffen van voorzieningen die daarmee verband houden in relatie tot de voordelen die hiervan worden verwacht (o.a. het milieurendement en mogelijke reductie van wateroverlast) en de relatie met de ouderdom van het bouwwerk waarin of waaraan de voorzieningen worden getroffen, dient plaats te vinden en inzichtelijk te worden gemaakt bij het effectief maken van de bedoelde verplichting. Voor grondwater dat vrijkomt bij drainage, oppompen of andere vormen van onttrekkingen of ontwateren geldt een gelijke situatie. Ook hier kan het wenselijk zijn dat het water op een andere wijze wordt afgevoerd dan via het vuilwaterriool. Het6 nieuwe gemeentelijke rioleringsplan is vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Omgevingswet als een programma geschreven. 23
Afdeling 5.6
Afvalstoffen
Artikel 5.24
Aanwijzing van de inzameldienst
In het eerste lid geeft de raad aan het college de opdracht om [een onderdeel van de gemeentelijke inzameldienst of een onderneming] aan te wijzen, die met de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen is belast. De zorg voor deze inzameling berust ingevolge de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer op de raad en het college. De aangewezen inzameldienst zal aan die zorg praktische uitvoering geven. In het derde lid wordt een grondslag gegeven om nadere regels te stellen over de wijze waarop de inzameldienst huishoudelijke afvalstoffen inzamelt. Redenen van algemeen belang van milieu en gezondheid die met de aanwijzing van inzameldiensten zijn gemoeid, dwingen ertoe geen regeling op te nemen voor het van rechtswege nemen van aanwijzingsbesluiten in gevallen waarin niet tijdig op een daartoe strekkende aanvraag zou worden beslist. De regeling van paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is daarom niet van toepassing. Zo nodig kunnen bij het aanwijzingsbesluit beperkingen of voorschriften worden verbonden aan de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen. Het ligt in de rede dat dit alleen aan de orde is wanneer er ten aanzien van de aan te wijzen instantie bijzondere voorschriften of beperkingen moeten gelden. Artikel 5.25
Regulering van andere inzamelaars
Dit artikel regelt de mate waarin het voor anderen dan de inzameldienst mogelijk is huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. In beginsel is dit verboden. Er zijn echter drie categorieën van andere inzamelaars dan de inzameldienst, die bepaalde bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen mogen inzamelen. Ten eerste als een inzamelaar is aangewezen. Het gaat dan om een beschikking, waaraan op grond van het tweede lid voorschriften en beperkingen kunnen worden verbonden. Een aanwijzing wordt niet van rechtswege verleend als sprake zou zijn van niet tijdig beslissen. Ten tweede kan het college bepaalde personen of organisaties vrijstellen bij nadere regels. In het eerste lid, onder b, is mogelijk gemaakt dat er met generieke vrijstellingen kan worden gewerkt voor bijvoorbeeld scholen die papier inzamelen of voor andere organisaties of personen die bestanddelen huishoudelijke afvalstoffen inzamelen als inzamelaar. Ten derde zijn er producenten van bijvoorbeeld witgoed voor wie op grond van de Wet milieubeheer in algemene maatregelen van bestuur verplichtingen bestaan tot inname van afgedankte producten. Het gaat dan om de producentenverantwoordelijkheid. Vanzelfsprekend kan daarvoor geen verbod gelden. De aanwijzing van inzamelaars verschilt qua karakter van de aanwijzing van de inzameldienst.
Het gaat bij de inzamelaars om personen of organisaties die om verschillende redenen behulpzaam willen zijn bij de taak om huishoudelijk afval in te zamelen. Deze aanwijzing heeft – anders dan de aanwijzing van de inzameldienst – het karakter van een vergunning en gaat niet gepaard met een uitvoeringsplicht. Artikel 5.26
Aanwijzing van inzamelplaats 24
Op deze plaats wordt afzonderlijk geregeld dat op ten minste een plaats ook buiten kantooruren of in het weekend (in voldoende mate dus) gelegenheid wordt geboden om huishoudelijke afvalstoffen achter te laten. Hiertoe is het gemeentebestuur verplicht in verband met de in artikel 7 geboden mogelijkheid om niet telkens per week en bij elk perceel in te zamelen. Ingevolge artikel 10.26, tweede lid, van de Wet milieubeheer is dit verplicht. Het gaat hier om een daartoe ter beschikking gestelde plaats, waar alle bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen kunnen worden achtergelaten. Artikel 5.27
Algemene verboden
Dit artikel regelt dat het aanbieden, overdragen of achterlaten van huishoudelijke afvalstoffen alleen mag geschieden via de kanalen die daarvoor in de artikelen 5.25 en 5.26 zijn aangewezen. Dit verbod is de keerzijde van de bij of krachtens die artikelen tot de inzameldienst en andere inzamelaars gerichte gebod om het afval in te zamelen en het in artikel 5.25, eerste lid, opgenomen verbod voor anderen om afval in te zamelen.
25
Artikel 5.28
Gescheiden afvalinzameling
Dit artikel regelt welke bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen afzonderlijk moeten worden ingezameld, met welke frequentie en op welke locatie. Deze locatie kan zijn bij elk perceel, nabij elk perceel of een van deze met uitzondering van bepaalde gebieden van de gemeente. Het Besluit GIHA bevat ook voorschriften over de gescheiden inzameling van afvalstoffen. Deze verordening vult de verplichting tot gescheiden inzameling aan door nader te bepalen welke bestanddelen gescheiden worden ingezameld. Deze verordening maakt een fijnmaziger onderscheid dan artikel 1 van het Besluit GIHA, dat voorschrijft dat ‘ten minste’ bepaalde bestanddelen gescheiden worden ingezameld. De raad kan volgens artikel 10.21, vierde lid, van de Wet milieubeheer besluiten tot het afzonderlijk inzamelen van andere bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen. De raad kan tevens een onderscheid maken binnen de genoemde bestanddelen. Artikel 10.21 van de Wet milieubeheer schrijft voor dat het gemeentebestuur, al dan niet samen met het gemeentebestuur van andere gemeenten, ervoor zorgt dat ten minste eenmaal per week de huishoudelijke afvalstoffen worden ingezameld bij elk binnen haar grondgebied gelegen perceel waar zodanige afvalstoffen geregeld kunnen ontstaan. Grove huishoudelijke afvalstoffen zijn daarvan uitgezonderd.
De raad kan volgens artikel 10.21, vierde lid, van de Wet milieubeheer besluiten tot het afzonderlijk inzamelen van andere bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen. Op grond van artikel 10.26 van de Wet milieubeheer kan de raad in het belang van een doelmatig beheer van huishoudelijke afvalstoffen bij deze Verordening afwijken: a. b. c.
van de inzameling bij elk perceel (bepaald mag worden nabij elk perceel); van de frequentie van eenmaal per week (bepaald mag worden met welke regelmaat bij de verordening); van de inzameling in het gehele grondgebied (bepaald mag worden dat in een gedeelte van het grondgebied geen huishoudelijke afvalstoffen worden ingezameld);
Artikel 2, eerste lid, van het Besluit GIHA bepaalt verder dat onder voorwaarden voor de volgende bestanddelen afgezien kan worden van de gescheiden inzameling voor: d. e.
bioafval (wanneer gescheiden inzameling technisch niet mogelijk is of buitensporig duur); metaal, kunststof of glas (als de kwaliteit voor hergebruik of recycling gelijk blijft).
Deze Verordening die een van deze mogelijkheden benut, dient te worden voorbereid met toepassing van de Inspraakverordening die op grond van artikel 150 van de Gemeentewet is vastgesteld (artikel 10.26 van de Wet milieubeheer). Indien toepassing wordt gegeven aan de onderdelen b of c, dan moet de gemeente zorgen voor een daartoe ter beschikking gestelde plaats voor het achterlaten van huishoudelijke afvalstoffen. Dat laatste is geregeld in artikel 5.26 Het regelen van de frequentie en locatie van de inzameling wordt in beginsel overgelaten aan het college. De raad bepaalt wel welke bestanddelen in ieder geval afzonderlijk ingezameld dienen te worden. Dit is onder meer van belang omdat artikel 2.29 aan burgers het verbod oplegt om die bestanddelen ongescheiden ter inzameling aan te bieden.
26
27
Artikel 5.29
Gescheiden aanbieding
Dit artikel regelt de keerzijde van artikel 5.28. Wat gescheiden moet worden ingezameld, moet ook gescheiden worden aangeboden. Voor de bestanddelen die niet gescheiden worden ingezameld, geldt dat het tweede lid regelt dat niet-afzonderlijke aanbieding is toegestaan. Concrete omschrijvingen van de bestanddelen kunnen door het college in de nadere regels op grond van artikel 5.29 worden gegeven om discussies te slechten en om in het kader van de handhaving houvast te bieden (‘welles/nieteslijst’).
Ook kan van de vrijstellingsmogelijkheid gebruik worden gemaakt om te regelen dat bepaalde hoeveelheden (fracties) van de bestanddelen mogen voorkomen bij de inzameling van andere bestanddelen. Zo zal het niet verboden hoeven te zijn als er eens een papiertje tussen het gft-afval voorkomt. Het is niet mogelijk om bij nadere regels af te wijken van de verplichting om gescheiden in te zamelen en aan te bieden, voor zover die verplichting voortvloeit uit artikel 1 van het Besluit GIHA. Artikel 5.30
Tijdstip van aanbieding
De tijdstippen voor de inzameling van huishoudelijk afval worden door het college bepaald. Het gaat hier om een besluit van algemene strekking, niet zijnde een algemeen verbindend voorschrift. Het besluit is daarom vatbaar voor bezwaar en beroep. Artikel 5.31
Wijze en plaats van aanbieding
Er is een onderscheid tussen inzamelmiddelen en inzamelvoorzieningen. Inzamelmiddelen dienen het ter inzameling aanbieden door een huishouden, zoals een minicontainer, afvalemmer, plastic afvalzak. Inzamelvoorzieningen, dienen het collectief ter inzameling aanbieden door meerdere huishoudens, zoals een verzamelcontainer of een wijkcontainer, voor het inzamelen daarvan. Op grond van dit artikel kunnen inzamelmiddelen worden voorgeschreven. Ook kunnen hier regels worden gesteld over het gebruik van inzamelvoorzieningen. De regels over het gebruik van de inzamelmiddelen en inzamelvoorzieningen zijn in beginsel algemeen verbindende voorschriften. Het college kan in deze regels ook concreet locaties aanwijzen voor de inzamelvoorzieningen. Een dergelijk onderdeel van de regels is geen algemeen verbindend voorschrift dus daartegen staat bezwaar en beroep open. Het tweede lid bevat een verbod om de inzamelmiddelen buiten het perceel te laten staan na afloop de bepaalde dag en tijden. Gebruikers van een perceel zijn gehouden de inzamelmiddelen binnen het perceel te bewaren. Het verbod geldt ook voor afval dat op de ophaaldag is buitengezet, maar om wat voor reden dan ook, niet is opgehaald. Het derde lid bevat een grondslag voor nadere regels over de wijze van gebruik van inzamelmiddelen en inzamelvoorzieningen voor categorieën van percelen.
Te denken valt aan een onderscheid dat gemaakt kan worden tussen hoogbouw en laagbouw. De regels kunnen een vrijstelling van het verbod in het eerste lid [of het verbod in het tweede lid] inhouden. Deze vrijstelling blijkt dan uit de nadere regels van het college.
28
Artikel 5.32
Inzameling bedrijfsafvalstoffen door inzameldienst
De inzameldienst kan ook bepaalde bestanddelen van bedrijfsafvalstoffen inzamelen. Anders dan bij huishoudelijke afvalstoffen geldt voor bedrijfsafvalstoffen echter geen zorgplicht voor de gemeente. Inzameling van bedrijfsafvalstoffen door de inzameldienst is daarom een daarvan te onderscheiden activiteit waarbij de inzameldienst tegen vergoeding afval inzamelt bij bedrijven. In de praktijk gaat het daarbij veelal om afval uit de KWD-sector of bouw- en sloopafval (voor zover dit niet wordt gerekend tot het huishoudelijk afval).
Artikel 5.33
Aanbieding ter inzameling van bedrijfsafvalstoffen
Alleen die bedrijven die betalen voor de gemeentelijke inzamelvoorzieningen mogen hun bedrijfsafvalstoffen aanbieden aan de inzameldienst. Artikel 5.34
Regeling van inzameling van bedrijfsafvalstoffen
Het college kan, net als bij huishoudelijke afvalstoffen, regels stellen over de wijze waarop de bedrijfsafvalstoffen ter inzameling moeten worden aangeboden. De basis voor het stellen van regels over de inzameling van bedrijfsafvalstoffen kan worden gevonden in artikel 10.23, derde lid, van de Wet milieubeheer. De memorie van toelichting zegt hierover: “Ten aanzien van de inzameling van bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke afvalstoffen mogen ook in het belang van de bescherming van het milieuregels worden gesteld. Blijkens het derde lid mogen deze regels geen vergunningstelsel inhouden. Dit is krachtens artikel 10.48 van de Wet milieubeheer voorbehouden aan de minister. Vanzelfsprekend mogen de gemeenten hun bevoegdheid evenmin benutten ter bevoordeling van de eigen inzameldienst en ten nadele van andere aanbieders op de markt.” (Kamerstukken, 26 638, nu. 3, blz. 48). Het is dus mogelijk om in het belang van het milieu bepaalde dagen te kunnen aanwijzen waarop bedrijfsafvalstoffen mogen worden ingezameld. Bijvoorbeeld ter beperking of voorkoming van geluidhinder of aanzuigende werking of om ritten zoveel mogelijk te combineren. Dit artikel kan met name van belang zijn voor de inzameling van bedrijfsafvalstoffen in een (historisch) centrum. Uiteraard kunnen deze regels gelden voor alle betrokken inzamelaars die bedrijfsafvalstoffen ophalen. Artikel 5.35
Dumpingsverbod
Dit artikel heeft primair een milieubeschermende functie en beoogt de gemeenten een instrument te geven om illegale dumpingen, voor zover geen hogere wet- of regelgeving van toepassing is, of het ontstaan van zwerfafval tegen te gaan. Uiteraard zal in een aantal gevallen het brengen van stoffen op of in de bodem zodanig kunnen gebeuren dat een hogere wet, zoals de Wet bodembescherming, de Waterwet of het Besluit bodemkwaliteit van toepassing is. In het eerste lid worden bewust de termen stof en voorwerp gebruikt en niet alleen de term afvalstof, omdat niet altijd duidelijk is of de desbetreffende stoffen of voorwerpen afvalstoffen zijn. Artikel 10.25, onder a, van de Wet milieubeheer is de grondslag voor het opnemen van een dergelijk artikel in deze verordening. 29
Artikel 5.36
Zwerfafval in de openbare ruimte
Op grond van artikel 10.25, onder a en b, van de Wet milieubeheer kunnen gemeenten in de Afvalstoffenverordening de zwerfafvalproblematiek regelen. Er is sprake van facultatief medebewind. Gemeenten hebben hiertoe de bevoegdheid, maar geen wettelijke plicht. Het eerste lid gaat over straatafval. Dat is afval dat onderweg ontstaat, buiten een perceel, dat niet als zwerfafval op straat of in het plantsoen terecht dient te komen en waarvoor afvalbakken of voorzieningen zijn om zich daarvan ter plekke te ontdoen (voor zover van zeer beperkte omvang en gewicht). Klein chemisch afval is uitdrukkelijk uitgesloten van de omschrijving. Dit afval dient in alle gevallen via de daartoe opgezette inzamelstructuur te worden verwijderd. Het gaat hier per definitie om afvalstoffen die "buiten een perceel ontstaan". Een huishoudelijke afvalstof, ontstaan op of binnen het perceel, moet worden aangeboden volgens de bepalingen uit de artikelen 5.24 t/m 5.31 van deze Verordening. In het derde lid behoeft het begrip zwerfafval zelf geen verdere definitie. Uit de redactie blijkt dat van zwerfafval sprake is wanneer ter inzameling gereedstaand afval wordt verspreid, omgestoten of omgeschopt, enz. De redactie brengt ook mee dat doorzoeken op een manier die geen zwerfafval veroorzaakt, bijvoorbeeld door morgensterren of stadsjutters, niet onder het verbod valt. Artikel 5.36a
Ongeadresseerd drukwerk
Artikel 5.36a heeft als doel om de verspreiding van ongewenst drukwerk, en daarmee uiteindelijk afval, te voorkomen. De grondslag voor dit artikel is artikel 10.23 van de Wet milieubeheer. In het eerste lid zijn de definities opgenomen met het onderscheid tussen ongeadresseerd reclamedrukwerk voor commerciële doeleinden en huis-aan-huisbladen of drukwerk van niet commerciële organisaties, waaronder ook politieke partijen. Met ongeadresseerd reclamedrukwerk wordt in deze Verordening bedoeld al het reclamedrukwerk dat zonder adres wordt aangeboden. Onder deze definitie vallen alle aanduidingen zonder toevoeging van een feitelijk adres, zoals bijvoorbeeld “aan de bewoners van dit pand of gebouw”. De gemeente kiest voor dit onderscheid omdat huis-aan-huisbladen en pamfletten een belangrijke functie vervullen voor onder meer de nieuwsverspreiding op lokaal niveau en de sociale cohesie in de buurt. Daarbij hebben deze bladen een lage frequentie. [In de definitie van huis-aan-huisblad is aangesloten bij de landelijke norm van de Stichting Reclamecode van 10% aan buurtgerichte redactionele inhoud.] In het tweede lid is bepaald dat huis-aan-huisbladen bezorgd mogen worden bij een perceel (een woning, bedrijf of woonschip), tenzij de ontvanger onmiskenbaar duidelijk heeft gemaakt deze bladen niet te willen ontvangen.
Met de komst van nee-nee-, ja-ja- en nee-ja-brievenbusstickers kunnen bewoners hun voorkeur ten aanzien van de ontvangst van commercieel reclamedrukwerk en/of de huis-aan-huisbladen kenbaar maken (zie Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 25 februari 2020, ECLI:NL: GHARL:2020:1528).
30
Artikel 5.37
Zwerfafval rondom inrichtingen
Dit sluit aan bij artikel 2.13 van het Activiteitenbesluit milieubeheer, maar heeft het meer toegespitst op de problematiek van zwerfafval en wijkt daarom op een aantal punten van dat artikel af. Dit is een toegestane aanvulling van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Artikel 5.38
Afval en verontreiniging op de weg
Het gaat in dit artikel met name over laden, lossen en vervoeren. Het artikel bevat een gebod om de veroorzaakte verontreiniging op te ruimen. Mocht aan dit gebod geen gehoor gegeven worden, dan is sprake van een overtreding die strafbaar is gesteld. Daarnaast is er de mogelijkheid om door middel van bestuursdwang tot opruiming te dwingen. Dit kan inhouden dat de gemeente de verontreiniging zelf opruimt en de kosten daarvoor op de overtreder verhaalt. Artikel 5.39.
Geen opslag van afval in de open lucht
Kern van dit artikel is opslag van huishoudelijke afvalstoffen, het gaat niet op het bewaren van afvalstoffen voor aanbieding tijdens de eerstvolgende inzameling daarvan. [Er is geen behoefte aan een mogelijkheid van ontheffing, nu een vrijstelling kan worden verleend op grond van artikel 8, bijvoorbeeld voor gebieden waar vanwege de bouw uit de jaren 1970 geen ruimte is voor het houden van minicontainers.] Waarneembaar gaat in de eerste plaats om zicht. Daarnaast kan sprake zijn van reukoverlast. Artikel 5.40
Ontdoen van autowrakken
In dit artikel is de afgifte van autowrakken door huishoudens geregeld. Op grond van artikel 6 van het Besluit beheer autowrakken (hierna: BBA) moeten gemeenten in een verordening bepalen dat een autowrak, zijnde een huishoudelijk afvalstof, slechts mag worden afgegeven aan autodemontagebedrijven, garages en autoschadeherstelbedrijven of aan een persoon die in een ander land dan Nederland is gevestigd (onder strikte voorwaarden). Op grond van artikel 7 van het BBA worden autowrakken, afkomstig van huishoudens uitdrukkelijk uitgezonderd van de gemeentelijke zorgplicht voor de inzameling van huishoudelijk afval. Hoofdstuk 6
Omgevingshinder
Afdeling 6.1
Geurhinder (veehouderijen)
Artikel 6.1 Aanwijzing gebieden In de gemeente Medemblik is geurhinder vooral van belang vanwege de aanwezigheid van melkrundveehouderijen. De Wet geurhinder en veehouderij bepaalt de afstand tussen een geurgevoelig object (meestal een particuliere woning) en de dierenverblijven. Deze bepalingen worden straks opgenomen in de Bruidsschat, waarna het aan de gemeente Medemblik is om deze te verwerken in het Omgevingsplan. Op de bij dit artikel behorende kaart is aangegeven wat moet worden aangemerkt als “bebouwde kom” (deelgebied A). Een deel daarvan is aangemerkt als “bebouwde kom met een landelijk karakter (deelgebied A2). Het overige deel van de bebouwde kom heeft een meer stedelijk karakter (deelgebied A1). Het gebied buiten de bebouwde kom wordt deelgebied B genoemd.
31
Artikel 6.2 Andere waarden voor de afstand Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 6.3 Aanwijzing collectieve festiviteiten Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 6.4 Incidentele festiviteiten Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 6.5 Geluidsplafond Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 6.6 Het ten gehore brengen van onversterkte muziek Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 6.7 Geluidhinder door geluidsapparaat, machine of handelingen in de open lucht Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 6.7a Geluidhinder van knalapparaten Dit artikel is opgenomen in de Vfl 2e tranche om de handhavingstaken van de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord, te vergemakkelijken (meldingsplicht). Artikel 6.8 Geluidhinder door motorvoertuigen en bromfietsen Geen toelichting noodzakelijk. Afdeling 6.3
Lichthinder (Gereserveerd)
Afdeling 6.4
Vuur(werk)
Artikel 6.9 Ter beschikking stellen van consumentenvuurwerk tijdens de verkoopdagen Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 6.10 Gebruik van consumentenvuurwerk tijdens de jaarwisseling Voor wat betreft de tijden dat vuurwerk mag worden afgestoken wordt nu verwezen naar het Vuurwerkbesluit. Consumentenvuurwerk: vuurwerk waarop het Vuurwerkbesluit van toepassing is Artikel 6.11 Verbod carbidschieten Carbidschieten: het in een (melk)bus op explosieve wijze verbranden van acetyleengas afkomstig van een reactie tussen calciumacetylide (carbid) en water of gasmengsels met vergelijkbare eigenschappen; Artikel 6.12 Verbod afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur te stoken Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 6.13 Plakken en kladden Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 6.14 Houden of voeren van hinderlijke of schadelijke dieren Vervallen. In verband met deregulering niet meer opgenomen in Vfl 2e tranche.
32
Artikel 6.15 Verbod hinderlijke of gevaarlijke reclame Opnieuw opgenomen vanwege aanhoudende meldingen van overlast. Artikel 6.16 Gevelreiniging en –werkzaamheden Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 6.17 Natuurlijke behoefte doen Geen toelichting noodzakelijk. Hoofdstuk 7
Buitenruimte
Afdeling 7.1
Wegen
Artikel 7.1 Voorwerpen op of aan een openbare plaats In plaats van een vergunningsplicht is een meldingsverplichting opgenomen. Dit sluit beter aan bij de praktijk. Artikel 7.2 Hinderlijke beplanting of gevaarlijk voorwerp Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 7.3 Aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 7.4 Maken of veranderen van een uitweg Geen toelichting noodzakelijk. Afdeling 7.2 Water Artikel 7.7 Recreatie in open water Artikel vervalt. Feitelijk werden recreanten verplicht alleen met een elektrisch vaartuig te varen, gemotoriseerde vaartuigen waren verboden. Voorzieningen voor elektrisch varen zijn er nog onvoldoende. Het varen is heel populair in Medemblik. Handhaving is zal enorm veel weerstand opwekken en is niet haalbaar/realistisch Afdeling 7.3 Het bewaren houtopstanden De artikelen zijn niet gewijzigd, geen toelichting noodzakelijk. Afdeling 7.4
Evenementen (Gereserveerd)
Afdeling 7.5 Markten en standplaatsen De artikelen zijn niet gewijzigd, geen toelichting noodzakelijk. Afdeling 7.6 Standplaatsen buiten de markt De artikelen zijn niet gewijzigd, geen toelichting noodzakelijk. Afdeling 7.7
Begraafplaatsen
Artikel 7.29 Grafkelder Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 7.30 Vergunning grafbedekking Geen toelichting noodzakelijk. 33
Artikel 7.31 Grafbeplanting Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 7.32 Onderhoud door rechthebbende De aard en de afmetingen van de grafbedekkingen op particuliere graven en de termijn van uitgifte van deze graven met het recht om deze termijn telkenmale te verlengen, maken dat bij deze grafbedekkingen niet kan worden volstaan met een beperkt onderhoud door de gemeente. Daarom zijn de rechthebbenden op particuliere graven verplicht de grafbedekking behoorlijk te onderhouden en zo nodig te herstellen. Afdeling 7.8
Kamperen
Artikel 7.33 Recreatief nachtverblijf kampeerterreinen Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 7.34 Slapen op openbare plaatsen Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 7.35 Aanwijzing kampeerplaatsen Geen toelichting noodzakelijk. Afdeling 7.9
Crossen
Artikel 7.36 Crossterreinen Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 7.37 Beperking verkeer in natuurgebieden Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 7.38 Loslopende honden Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 7.39 Verontreiniging door honden en paarden Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 7.40 Bijen Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 7.41 Opslag voertuigen, vaartuigen, mest, afvalstoffen en dergelijke Dit artikel is gebaseerd op artikel 7.37 van de Vfl 1e tranche met een tekstuele wijziging in lid 1: Het woord “opheffing” is vervangen door het woord “beëindiging”. Hoofdstuk 8
Overige bepalingen
34
Artikel 8.1
Herziening en vervanging van aangewezen normen, andere voorschriften en weten regelgeving Geen toelichting noodzakelijk. Hoofdstuk 9
Sanctie, overgangs- en slotbepalingen
Artikel 9.1 Sanctiebepaling Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 9.2 Toezichthouders Geen toelichting noodzakelijk. Artikel 9.3 Binnentreden woningen Het binnentreden van een woning zonder toestemming van de bewoner kan alleen met een machtiging van de burgemeester. Dit is aangepast in deze verordening. Artikel 9.4 Grondslag nadere regels en aanwijzingsbesluiten Dit artikel is nieuw. In deze verordening worden enkele bevoegdheden van de raad gedelegeerd aan burgemeester en wethouders. In een aantal artikelen is de mogelijkheid opgenomen nadere regels te stellen of aanwijzingsbesluiten te nemen. De gedelegeerde bevoegdheden zijn gelijk aan wat is vastgesteld in de huidige verordeningen. Er komen dus niet meer delegatiebepalingen bij. Om te zorgen dat het huidige uitvoeringsbeleid ongewijzigd kan worden voortgezet, worden de huidige nadere regels en aanwijzingsbesluiten gekoppeld aan het juiste artikel in de Verordening fysieke leefomgeving. Dit betekent dat deze van kracht blijven. Artikel 9.5 Overgangsbepaling Dit artikel is opgenomen om besluiten die vóór de inwerkingtreding van deze verordening zijn genomen- maar waarvoor deze verordening overeenkomstige besluiten kent- te laten gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening.
Artikel 9.6 Inwerkingtreding nieuwe verordening De datum waarop de oude regelingen vervallen of wijzigen en de nieuwe verordening in werking treedt. Artikel 9.7 Citeertitel De naam waaronder deze verordening wordt aangehaald.
35
TRANSPONERINGSTABEL Onderwerp
Vfl 2e tranche 1.1
Toepassingsbereik Doel van de verordening Doel van de regels Algemene zorgplicht voor de fysieke leefomgeving (Specifieke) zorgplicht bij activiteit met nadelige gevolgen (Specifieke) zorgplicht voor toestand op openbare plaats (Specifieke) zorgplicht staat bestaande gebouwen (Specifieke) zorgplicht gebruik gebouwen
1.2 1.3 2.1 2.2
Gebaseerd op/ter vervanging van/vernummerd naar De begripsbepalingen zijn opgenomen in de bijlage bij Vfl 2e tranche Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Nieuw 2.2 Vfl 2e tranche
2.3
Nieuw 2.3 Vfl 2e tranche
2.4
(Specifieke) zorgplicht bouw- en sloopwerkzaamheden
2.7
(Specifieke) zorgplicht staat en gebruik open erven en terreinen (Specifieke) zorgplicht erfgoed (monumenten en archeologie) (Specifieke) zorgplicht voor toestand onroerend cultureel erfgoed (Specifieke) zorgplicht toestand van sloten en wateren (Specifieke) zorgplicht voor toestand niet openbare riolen en putten buiten gebouwen (Specifieke) zorgplicht brandveilig gebruik van bouwwerken (Specifieke) zorgplicht voorkomen van de verspreiding van moeilijk te bestrijden planten Meldplicht bij brand en broei
2.8
Van artikel 2.3 Vfl 1e tranche naar 2.4 Vfl 2e tranche Van artikel 2.4 Vfl 1e tranche naar 2.5 Vfl 2e tranche Van artikel 2.5 Vfl 1e tranche naar 2.6 Vfl 2e tranche Van artikel 2.6 Vfl 1e tranche naar 2.7 Vfl 2e tranche Lid 2 toegevoegd Van artikel 2.7 Vfl 1e tranche naar 2.8 Vfl 2e tranche Van artikel 2.8 Vfl 1e tranche naar 2.9 Vfl 2e tranche Van artikel 2.9 Vfl 1e tranche naar 2.10 Vfl 2e tranche Van artikel 2.10 Vfl 1e tranche naar 2.11 Vfl 2e tranche Van artikel 2.11 Vfl 1e tranche naar 2.12 Vfl 2e tranche Van artikel 2.12 Vfl 1e tranche naar 2.13 Vfl 2e tranche Van artikel 2.13 Vfl 1e tranche naar 2.14 Vfl 2e tranche Van artikel 2.14 Vfl 1e tranche naar 2.15 Vfl 2e tranche Van artikel 2.15 Vfl 1e tranche naar 2.16 Vfl 2e tranche Van artikel 2.16 Vfl 1e tranche naar 2.17 Vfl 2e tranche Gewijzigd: nu alleen verbod op wensballonnen in plaats van
Begripsbepalingen
2.5 2.6
2.9 2.10 2.11 2.12 2.13 2.14 2.15
Gedoogplicht voorzieningen voor verkeer en verlichting Verbod op gebruik wensballonnen
2.16 2.17
36
algeheel verbod oplaten ballonnen 2.18 5.19 Van artikel Artikel 2.17 2:22 Vfl Apv1e tranche e naar 2.18 Vfl 2 tranche Nieuw in Vfl 2e tranche: Proces, procedure en adviescommissie
Verbod houtopstanden of objecten onder hoogspanningslijn Hoofdstuk 3
Verhouding tot de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Beslis)termijnen
3.1
Nieuw
3.2
Voorschriften en beperkingen
3.3
Algemene weigeringsgronden
3.4
Algemene wijzigings- en intrekkingsgronden
3.5
Gemeentelijke adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Gemeentelijk erfgoedregister Nadere regels en aanwijzingsbesluiten
3.6
Van artikel 1.4 Vfl 1e tranche naar 3.2 Vfl 2e tranche Van artikel 1.5 Vfl 1e tranche naar 3.3 Vfl 2e tranche Van artikel 1.6 Vfl 1e tranche naar 3.4 Vfl 2e tranche Van artikel 1.7 Vfl 1e tranche naar 3.5 Vfl 2e tranche Nieuw 3.6 Vfl 2e tranche
3.7 3.8
Nieuw 3.7 Vfl 2e tranche Van artikel 1.9 Vfl 1e tranche naar 3.8 Vfl 2e tranche
Doel van aanwijzen gemeentelijk cultureel erfgoed Aanwijzing als beschermd gemeentelijke cultuurgoed of beschermde gemeentelijke verzameling Wijziging, intrekking en vervallen van de aanwijzing als beschermd gemeentelijke cultuurgoed of beschermde gemeentelijke verzameling Aanwijzing als gemeentelijk monument Voorbescherming Beslistermijn en inhoud aanwijzingsbesluit Bekendmaking aanwijzingsbesluit en inschrijving erfgoedregister Voorlopige aanwijzing als gemeentelijk monument Wijziging, intrekking en vervallen van de aanwijzing als gemeentelijk monument Aanwijzing als beschermd gemeentelijk stadsen/of dorpsgezicht Wijziging, intrekking en vervallen van de aanwijzing als beschermd gemeentelijk stadsen/of dorpsgezicht Afdeling 4.2 Onroerend cultureel erfgoed Doel en grondslag van deze afdeling Wijzigen of slopen gemeentelijk monument
4.1
Ongewijzigd
4.1a
Nieuw artikel in Vfl 2e tranche
4.1b
Nieuw artikel in Vfl 2e tranche
4.2 4.3 4.4 4.5
Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd
4.6
Ongewijzigd
4.7
Ongewijzigd
4.8
Ongewijzigd
4.9
Ongewijzigd Nieuw in Vfl 2e tranche.
4.10 4.11 37
Advies omgevingsvergunning gemeentelijk, provinciaal of rijksmonument Voorbescherming gemeentelijk beschermd stads- en dorpsgezicht Slopen in gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht Vangnet archeologie
4.12
Op wie van toepassing Verbod tot bouwen op verontreinigde grond Bodemonderzoek Aanwijsbevoegdheid Interferentiegebieden
5.1 5.2 5.3 5.4
Toepasselijkheid kabels en leidingen
5.5
Nadere regels
5.6
Instemmingsvereiste
5.7
Aanvragen en melden
5.8
Gegevensverstrekking
5.9
Voorschriften bij instemmingsbesluit
5.10
(Mede)gebruik van voorzieningen
5.11
Termijnen
5.12
Het nemen van maatregelen en nadeelcompensatie Overleg
5.13
Niet openbaar netwerk
5.15
Informatieplicht
5.16
Toezicht en handhaving
5.17
Afdeling 5.4 Aansluiten op gemeentelijke riolering Doel van deze regels in deze afdeling Aanleggen rioolaansluiting Eigendom rioolaansluiting Kosten rioolaansluitingen Verwijderen septic tanks Artikel 5.22a Planning aanleggen rioolaansluiting Hemel- en grondwater
5.18 5.19 5.20 5.21 5.22 5.22a
4.13 4.14 4.15
5.14
Afdeling 5.5 38
Van artikel 5.4 Vfl 1e tranche naar 4.15 Vfl 2e tranche Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Van artikel 5.5 Vfl 1e tranche naar 5.4 Vfl 2e tranche Van artikel 5.6 Vfl 1e tranche naar 5.5 Vfl 2e tranche Van artikel 5.7 Vfl 1e tranche naar 5.6 Vfl 2e tranche Van artikel 5.8 Vfl 1e tranche naar 5.7 Vfl 2e tranche Van artikel 5.9 Vfl 1e tranche naar 5.8 Vfl 2e tranche Van artikel 5.10 Vfl 1e tranche naar 5.9 Vfl 2e trache Van artikel 5.11 Vfl 1e tranche naar 5.10 Vfl 2e tranche Van artikel 5.12 Vfl 1e tranche naar 5.11 Vfl 2e tranche Van artikel 5.13 Vfl 1e tranche naar 5.12 Vfl 2e tranche Van artikel 5.14 Vfl 1e tranche naar 5.13 Vfl 2e tranche Van artikel 5.15 Vfl 1e tranche naar 5.14 Vfl 2e tranche Van artikel 5.16 Vfl 1e tranche naar 5.15 Vfl 2e tranche Van artikel 5.17 Vfl 1e tranche naar 5.16 Vfl 2e tranche Van artikel 5.18 Vfl 1e tranche naar 5.17 Vfl 2e tranche Nieuw in Vfl 2e tranche, zie toelichting.
Van afdeling 5.4 Vfl 1e tranche naar 5.5 Vfl 2e tranche
Plicht tot afkoppelen
5.23
Afdeling 5.6 Afvalstoffen
Aanwijzing van de inzameldienst Regulering van andere inzamelaars Aanwijzing van inzamelplaats Algemene verboden Gescheiden afvalinzameling Gescheiden aanbieding Tijdstip van aanbieding Wijze en plaats van aanbieding Inzameling bedrijfsafvalstoffen door inzameldienst Aanbieden ter inzameling van bedrijfsafvalstoffen Regeling van inzameling van bedrijfsafvalstoffen Dumpingsverbod Zwerfafval in de openbare ruimte Ongeadresseerd drukwerk Zwerfafval rondom inrichtingen Afval en verontreiniging op de weg Geen opslag van afval in de open lucht Ontdoen van autowrakken Aanwijzing gebieden Andere waarden voor de afstand Aanwijzing collectieve festiviteiten Aanwijzing Incidentele festiviteiten Geluidsplafond Het ten gehore brengen van onversterkte muziek Geluidhinder door geluidsapparaat, machine of handelingen in de openlucht Geluidhinder van knalapparaten Geluidhinder door motorvoertuigen en bromfietsen Overige geluidhinder
Van artikel 5.19 Vfl 1e tranche naar 5.23 Vfl 2e tranche Nieuw in Vfl 2e tranche: Volledig overgenomen vanuit Afvalstoffenverordening gemeente Medemblik 2022, zie toelichting.
5.24 5.25 5.26 5.27 5.28 5.29 5.30 5.31 5.32 5.33 5.34 5.35 5.36 5.36a 5.37 5.38 5.39 5.40 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 6.6
Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd
6.7
Ongewijzigd
6.7a 6.8
Ongewijzigd Ongewijzigd
Vervallen
Ter beschikking stellen van consumentenvuurwerk tijdens de verkoopdagen Gebruik van consumentenvuurwerk tijdens de jaarwisseling Verbod carbidschieten
6.9 6.10 6.11
Verbod afvalstoffen te verbranden buiten
6.12 39
Artikel 6.9 Vfl 1e tranche is vervallen in Vfl 2e tranche Van artikel 6.10 Vfl 1e tranche naar 6.9 Vfl 2e tranche Van artikel 6.11 Vfl 1e tranche naar 6.10 Vfl 2e tranche Van artikel 6.12 Vfl 1e tranche naar 6.11 Vfl 2e tranche Van artikel 6.13 Vfl 1e tranche
inrichtingen of anderszins vuur te stoken Plakken en kladden
6.13
naar 6.12 Vfl 2e tranche Van artikel 6.14 Vfl 1e tranche naar 6.13 Vfl 2e tranche Vervallen (deregulering)
Houden of voeren van hinderlijke of schadelijke dieren Verbod hinderlijke of gevaarlijke reclame
6.14
Gevelreiniging en -werkzaamheden Natuurlijke behoefte doen
6.16 6.17
Voorwerpen op of aan een openbare plaats
7.1
Hinderlijke beplanting of gevaarlijk voorwerp Aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg Maken of veranderen van een uitweg Voorwerpen op, in of boven openbaar water Ligplaats voor vaartuigen, niet zijnde woonschepen Recreatie in open water Reddingsmiddelen Veiligheid op het water Motoren, jetski’s en waterscooters Overlast van vaartuigen Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden Acuut gevaar, spoedeisend belang
7.2 7.3
Artikelnummer ongewijzigd. In Vfl 2e tranche meldingsplicht in plaats van vergunningplicht Ongewijzigd Ongewijzigd
7.4 7.5 7.6
Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd
7.7 7.8 7.9 7.10 7.11 7.12
Vervallen (zie toelichting) Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd
7.12a
Ongewijzigd
Bijzondere voorschriften Herplant- en instandhoudingsplicht Bestrijding van boomziekten Bescherming publieke houtopstand Afstand van de erfgrenslijn Toezicht Inrichting van de markt; branche-indeling Nadere regels Standplaatsvergunning Vereisten Intrekken vaste standplaatsvergunning Intrekking en schorsing vaste standplaatsvergunning Uitsluiting dagplaatshouder of standwerker Onmiddellijke verwijdering Toezicht markt Voorschriften en beperkingen Toestemming rechthebbende Afdeling 7.6 Standplaatsen buiten de markt
7.12b 7.12c 7.13 7.13a 7.13b 7.13c 7.14 7.15 7.16 7.17 7.18 7.19
Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd
7.20 7.21 7.22 7.23 7.24
Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd Nieuw: Afdeling 7.6: Standplaatsen buiten de markt
Definitie Standplaatsvergunning en weigeringsgronden
7.25 7.26
6.15
40
Van artikel 6.16 Vfl 1e tranche naar 6.15 Vfl 2e tranche Nieuw Nieuw
Toestemming rechthebbende Afbakeningsbepalingen Afdeling 7.7
7.27 7.28
Grafkelder
7.29
Vergunning grafbedekking
7.30
Grafbeplanting
7.31
Onderhoud door rechthebbende
7.32
Afdeling 7.8 Kamperen Recreatief nachtverblijf buiten kampeerterreinen Slapen op openbare plaatsen
7.33
Aanwijzing kampeerplaatsen
7.35
7.34
Afdeling 7.9 Crossen
Afdeling 7.6 Vfl 1e tranche wordt 7.7 Vfl 2e tranche Van artikel 7.25 Vfl 1e tranche naar 7.29 Vfl 2e tranche Van artikel 7.26 Vfl 1e tranche naar 7.30 Vfl 2e tranche Van artikel 7.27 Vfl 1e tranche naar 7.31 Vfl 2e tranche Van artikel 7.28 Vfl 1e tranche naar 7.32 Vfl 2e tranche Afdeling 7.7 Vfl 1e tranche wordt 7.8 Vfl 2e tranche Van artikel 7.29 Vfl 1e tranche naar 7.33 Vfl 2e tranche Van artikel 7.30 Vfl 1e tranche naar 7.34 Vfl 2e tranche Van artikel 7.31 Vfl 1e tranche naar 7.35 Vfl 2e tranche Afdeling 7.8 Vfl 1e tranche wordt 7.9 Vfl 2e tranche: Crossen Van artikel 7.32 Vfl 1e tranche naar 7.36 Vfl 2e tranche Van artikel 7.33 Vfl 1e tranche naar 7.37 Vfl 2e tranche Van artikel 7.34 Vfl 1e tranche naar 7.38 Vfl 2 tranche Van artikel 7.35 Vfl 1e tranche naar 7.39 Vfl 2e tranche Van artikel 7.36 Vfl 1e tranche naar 7.40 Vfl 2e tranche Van artikel 7.37 Vfl 1e tranche naar 7.41 Vfl 2e tranche Ongewijzigd
Crossterreinen
7.36
Beperking verkeer in natuurgebieden
7.37
Loslopende honden
7.38
Verontreiniging door honden en paarden
7.39
Bijen
7.40
Opslag voertuigen, vaartuigen, mest, afvalstoffen en dergelijke Herziening en vervanging van aangewezen normen, andere voorschriften en wet- en regelgeving Sanctiebepaling Toezichthouder Binnentreden woningen
7.41
Grondslag nadere regels en aanwijzingsbesluiten Overgangsbepalingen Inwerkingtreding nieuwe verordening Citeertitel
9.4
Ongewijzigd Ongewijzigd Artikelnummer ongewijzigd, tekst aangevuld. Nieuw
9.5 9.6 9.7
Ongewijzigd Ongewijzigd Ongewijzigd
8.1 9.1 9.2 9.3
41
42